Bijlage 7 Stikstofrapportage Schalm 9
Tekst van het document
Rapportage Beoordeling Stikstofeffecten ten behoeve van de beoogde functieverandering aan de Schalm 9 te Renswoude
Initiatiefnemer:
Dhr. J.J. Boonzaaijer
Initiatieflocatie:
Schalm 9 3927 EH RENSWOUDE
Datum:
19 maart 2026
Rapportage:
Definitief, versie 1
Kenmerk:
LZ//004522
INHOUDSOPGAVE Rapportage beoordeling stikstofeffecten ten behoeve van de beoogde functieverandering aan de Schalm 9 te Renswoude. 1.
ALGEMENE GEGEVENS INITIATIEFNEMER ........................................................................... 3
2.
INLEIDING.......................................................................................................................... 5
3.
LIGGING BOUWLOCATIE T.O.V. NATURA 2000- GEBIEDEN................................................... 6
4.
TOEGEPASTE METHODE ..................................................................................................... 7
5.
REALISATIEFASE................................................................................................................. 8 5.1. 5.2. 5.3. 5.4. 5.5. 5.6.
VERVOERSBEWEGINGEN................................................................................................................. 8 EXTERNE VERVOERSBEWEGINGEN, STATIONAIR DRAAIEN ..................................................................... 9 EXTERNE VERVOERSBEWEGINGEN, KOUDE STARTS ............................................................................ 10 EXTERNE VERVOERSBEWEGINGEN, RIJRICHTINGEN............................................................................ 11 INTERNE VERVOERSBEWEGINGEN .................................................................................................. 12 AERIUS REALISATIEFASE ............................................................................................................. 13 GEBRUIKSFASE................................................................................................................. 14
6. 6.1. 6.2. 6.3. 6.4. 6.5. 6.6. 6.7.
VERVOERSBEWEGINGEN............................................................................................................... 14 EXTERNE VERVOERSBEWEGINGEN, STATIONAIR DRAAIEN ................................................................... 14 EXTERNE VERVOERSBEWEGINGEN, KOUDE STARTS ............................................................................ 15 EXTERNE VERVOERSBEWEGINGEN, RIJRICHTINGEN............................................................................ 15 INTERNE VERVOERSBEWEGINGEN .................................................................................................. 16 OVERIGE BRONNEN..................................................................................................................... 16 AERIUS GEBRUIKSFASE............................................................................................................... 17
7.
REALISATIEFASE + GEBRUIKSFASE..................................................................................... 18
8.
CONCLUSIE ...................................................................................................................... 19
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 2 van 22
1. ALGEMENE GEGEVENS INITIATIEFNEMER Initiatiefnemer:
Dhr. J.J. Boonzaaijer Schalm 9 3927 EH RENSWOUDE
Initiatieflocatie:
Schalm 9 3927 EH RENSWOUDE
Kadastraal: Activiteit: KvK:
kad. gem. Renswoude (RWD01), sectie G, nummer 865 en 1255 Functiewijziging van ‘agrarisch’ naar ‘bedrijf’ Boonzaaijer Minkfarm BV // 32102671 // 000020182279
Adviseur:
VanWestreenen B.V. Varsseveldseweg 65 d 7131 JA LICHTENVOORDE Tel.: 0544-379737 Mail: omgevingsloket@vanwestreenen.nl
Projectleider:
Mevrouw W. Schotsman Tel.: 06-23044667 E: schotsman@vanwestreenen.nl
Auteur:
De heer L.W. Zandbelt Tel.: 06-45070414 E: zandbelt@vanwestreenen.nl
Rapportage:
Definitief, versie 1 19 maart 2026
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 3 van 22
Een luchtfoto en topografische kaart met daarop de ligging van de locatie is in navolgende figuren weergegeven.
Figuur 1: Luchtfoto perceel Schalm 9 te Renswoude (bron: Streetsmart.cyclomedia.com)
Figuur 2: Topografische ligging Schalm 9 te Renswoude (bron: Streetsmart.cyclomedia.com)
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 4 van 22
2.
INLEIDING
In opdracht van dhr. J.J. Boonzaaijer is door VanWestreenen Adviseurs een onderzoek naar mogelijke significante stikstofeffecten uitgevoerd. Dit in verband met het voornemen van initiatiefnemer aan de Schalm 9 te Renswoude. Het voornemen betreft een functieverandering waarbij de functie ‘agrarisch’ wordt omgezet naar de functie ‘bedrijf’. Daarbij zijn er meerdere activiteiten op het perceel die zullen wijzigen ten opzichte van de huidige situatie:
Realisatiefase:
Het slopen van: o de bestaande nertsensheds (10 st. van 8,6 x 110 m. =) 9.460 m2 o een gedeelte van de bestaande veldschuur Het oprichten van: o een nieuw bedrijfsgebouw t.b.v. statische opslag o zonnepanelen op grondopstelling
Gebruiksfase
Het in gebruik nemen van: o een nieuw bedrijfsgebouw t.b.v. statische opslag Het ongewijzigd in stand houden van: o de bestaande bedrijfswoning + bijgebouw o de bestaande loods t.b.v. statische opslag
In onderhavige rapportage is naast de realisatiefase (sloop en bouw) tevens de gebruiksfase inzichtelijk gemaakt. Daar beide situaties niet gelijktijdig plaats vinden zijn voor beide fases afzonderlijke berekeningen gemaakt. Hiertoe dienen AERIUS-berekeningen worden overlegd om aan te tonen dat er zowel in de realisatie- als de gebruiksfase geen significant negatieve invloed zijn op stikstofgevoelige habitattypen in Natura 2000gebieden.
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 5 van 22
3.
LIGGING BOUWLOCATIE T.O.V. NATURA 2000- GEBIEDEN
Projectlocatie
Figuur 3: Ligging beoogde locatie t.o.v. Natura 2000- gebieden (bron: calculator.aerius.nl)
De betreffende locatie is gelegen aan de Schalm 9 te Renswoude, op een afstand van ca. 4.423 meter van het meest dichtbij gelegen Natura 2000-gebied, betreffende ‘Binnenveld’. Overige Natura 2000-gebieden in de verdere omgeving betreffen onder andere: Veluwe Rijntakken Kolland & Overlangbroek
gelegen op circa 6.290 meter gelegen op circa 8.270 meter gelegen op circa 10.200 meter
Gelet op de forse afstand tot het eerste beschermde Natura 2000-gebied (circa 4.423 meter) is reëel te veronderstellen dat uitsluitend het aspect stikstof relevant is. Er zal geen sprake zijn van overige effecten. Activiteiten met betrekking tot geluid, trillingen, licht, enzovoorts, hebben een verwaarloosbare invloed op het Natura 2000-gebied.
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 6 van 22
4.
TOEGEPASTE METHODE
De stikstofdepositie op stikstofgevoelige habitattypen in Natura 2000-gebieden is berekend met het programma AERIUS® Calculator. Hierbij is de meest recente versie gebruikt. AERIUS Calculator dient gebruikt te worden om de stikstofdepositie van een bouwplan of project te bepalen op stikstofgevoelige habitats in Natura 2000-gebieden. Het toepassingsbereik van het programma erkend het gebruik van het programma voor onderhavige situatie. De AERIUS-berekeningen kunnen als worst case-situaties beschouwd worden. De ingevoerde emissies zijn namelijk ruim aangehouden en zullen in de praktijk derhalve naar verwachting lager uitvallen.
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 7 van 22
5.
REALISATIEFASE
In de realisatiefase zal de bouw/aanleg van het bedrijfsgebouw ten behoeve van statische opslag plaatsvinden. Daar op de beoogde bouwlocatie momenteel nog nertsensheds staan dienen deze alvorens de oprichting kan starten te worden gesloopt/weggehaald. Deze ‘sloopfase’ is tevens opgenomen in voorliggende rapportage. Naast de sloopfase zijn grondwerkzaamheden opgenomen welke nodig zijn voor o.a. de fundering van het bedrijfsgebouw. Nadien kan de bouwfase starten waarmee het bedrijfsgebouw worden gerealiseerd. Gedurende alle fases zal er vervoer van personen plaatsvinden (o.a. bouwvakkers, elektriciens) alsmede aanvoer van bouwmaterialen (o.a. staal, prefab elementen, kozijnen etc.) en werktuigen (o.a. hijskranen, graafmachines). De rijroute van het verkeer is opgenomen vanaf de projectlocatie tot waar het verkeer opgaat in het heersende verkeersbeeld, dit over een ruimte afstand van meer dan 250 meter. Op dit punt is het namelijk aannemelijk dat het verkeer qua aantal en patroon van optrekken en afremmen niet meer te onderscheiden is van het overige verkeer ter plaatse. In onderhavige notitie zijn zowel de bouw/aanlegfase, als de gebruiksfase inzichtelijk gemaakt. Zowel de vervoersbewegingen alsmede de mobiele bronnen op het terrein zijn qua hoeveelheden en draaitijd zeer ruim als zijnde ‘worst-case’ aangehouden.
5.1.
Vervoersbewegingen
Conform de Instructie gegevensinvoer voor de AERIUS Calculator dienen de emissies met betrekking tot wegvoertuigen uitgesplitst te worden in vier categorieën. Deze worden navolgend beschreven en geïllustreerd aan de hand van een vrachtauto: I: II: III: IV:
Externe vervoersbewegingen/ heen- en terugrit (Vrachtauto rijdt naar het terrein) Manoeuvreren op terrein (Vrachtauto rijdt naar de plaats waar lading gelost dient te worden) Stationair draaien wegvoertuig (Vrachtauto staat stil, motor draait en chauffeur is bezig met de administratie) Interne vervoersbewegingen (Vrachtauto is aan het lossen m.b.t. motor en dient op dat moment gemodelleerd te worden middels de categorie mobiele werktuigen.)
Alle overige mobiele werktuigen (o.a. graafmachine, laadschop etc.) welke op het terrein gebruikt worden voor werkzaamheden, vallen ook onder categorie IV: interne vervoersbewegingen.
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 8 van 22
5.2.
Externe vervoersbewegingen, stationair draaien
Ten aanzien van de externe vervoersbewegingen geldt dat één voertuig gelijk staat aan twee bewegingen, er is namelijk telkens een heenrit en een terugrit. In navolgende tabel zijn de externe vervoersbewegingen verband houdende met de realisatiefase weergegeven. Deze zijn uitgesplist naar type transport. Tabel 1: Externe vervoersbewegingen, stationair draaien Externe vervoersbewegingen · Realisatiefase Type Licht wegverkeer
(personenauto's, bestelbusjes, etc.)
Middelzwaar wegverkeer Zwaar wegverkeer
(bakwagens, etc.)
(tractoren, vrachtauto's, etc.)
Bewegingen per jaar
Draaitijd stationair (u/j)
572 60 92
Emissiefactoren stationair
Emissie stationair draaien
NOx (g/u)
NH3 (g/u)
NOx (kg/j)
NH3 (kg/j)
24
4,24
0,17
0,10
0,00
3
64,65
0,71
0,19
0,00
15
92,49
0,90
1,39
0,01
Totaal:
1,68
0,02
Een voertuig veroorzaakt twee vervoersbewegingen, er is steeds sprake van een heenrit en terugrit. Echter, niet elke dag is er een beweging van ieder type voertuig. Het verkeer rijdt vanuit twee richtingen naar de inrichting. Stationaire tijd: licht verkeer: 5 minuten per voertuig; zwaar verkeer: 20 minuten per voertuig
Sloop bedrijfsgebouwen Tijdens de sloopfase worden drie bedrijfsgebouwen gesloopt. sloopperiode gedurende ca. twee weken (10 werkdagen) o vier personen per werkdag aanwezig op het terrein (vier personenauto’s) totaal 40 lichte voertuigen – 80 bewegingen o één graafmachine t.b.v. het uitgraven van de funderingspoeren o één laadschop t.b.v. het opscheppen van sloopafval o één verreiker t.b.v. het saneren sheds, voornamelijk damwand platen o vijftien vrachtauto’s t.b.v. afvoer sloopafval totaal 18 zware voertuigen – 36 bewegingen Grondwerkzaamheden De grondwerkzaamheden betreffen voornamelijk de werkzaamheden met betrekking tot het uitgraven van het bouwterrein (bedrijfsgebouw). De grondwerkzaamheden zullen slechts twee dagen in beslag nemen. Aan de hand van de werkplanningen van vergelijkbare projecten is er een worst-case aantal uren gehanteerd, gezien de beperkte oppervlakte is hiermee voldoende geborgd dat er niet meer emissies plaatsvinden. o drie personen per werkdag aanwezig (drie personenauto’s) totaal zes lichte voertuigen – 12 bewegingen o één graafmachine t.b.v. het uitgraven van het terrein o één laadschop voor het afvoeren van de vrijgekomen grond totaal twee zware voertuigen – 4 bewegingen
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 9 van 22
Bouwwerkzaamheden Tijdens de bouwfase wordt het bedrijfsgebouw gerealiseerd. De bouwwerkzaamheden zullen circa acht weken in beslag nemen (8*5 = 40 dgn.) o zes personen per etmaal aanwezig t.b.v. de bouwwerkzaamheden (zes personenauto’s) totaal 240 lichte voertuigen – 480 bewegingen o 30 voertuigen aanvoer materialen d.m.v. ‘middelzwaar’ wegverkeer (60 bewegingen) totaal 30 middelzware voertuigen – 60 bewegingen o één laadschop t.b.v. aanvullen terrein en overige werkzaamheden o één verreiker t.b.v. o.a. monteren dakplaten, plaatsen damwand e.d. o één trilplaat voor het aantrillen van het buitenterrein o één betonstorter t.b.v. het storten dan wel verpompen van het beton o één hijskraan t.b.v. het plaatsen van de wanden/hijsen spanten o één hoogwerker voor het aansluiten van o.a. lampen en het monteren van dakplaten o worst-case twintig vrachtauto’s voor de levering van bouwmaterialen totaal 26 voertuigen zwaar wegverkeer – 52 voertuigen
5.3.
Externe vervoersbewegingen, koude starts
Sinds de lancering van AERIUS Calculator versie 2024 dienen naast emissies voor stationair draaien, tevens emissies te worden toegekend aan het koud starten van een voertuig. Tijdens de realisatiefase zullen naar verwachting de helft van de aanwezige personenauto’s een koude start realiseren. Worstcase is echter gekozen om voor alle lichte werktuigen een koude start in te voeren. Navolgend is dit in tabelvorm weergegeven. Tabel 2: Externe vervoersbewegingen, koude starts Koude Start realisatiefase Type Licht wegverkeer
(personenauto's, bestelbusjes, etc.)
Middelzwaar wegverkeer Zwaar wegverkeer
(bakwagens, etc.)
(tractoren, vrachtauto's, etc.)
Aantal Koude starts (KS)/j
emissiefactor/KS
emissie KS
Nox (g/KS)
NH3 (g/KS)
NOx (kg/jr)
NH3 (kg/j)
286
0,27
0,04
0,08
0,01
10
18,77
0,21
0,19
0,00
10
23,83
0,29
0,24
0,00
Totaal
0,50
0,02
Voor het middelzware en zware wegverkeer zijn worst-case tien koude starts per type voertuig ingevoerd. In de praktijk zullen dergelijke voertuigen niet leiden tot koude starts maar zekerheidshalve zijn dergelijke aantallen ingevoerd.
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 10 van 22
5.4.
Externe vervoersbewegingen, rijrichtingen
Het verkeer zal naar verwachting voor 100% over de Schalm rijden. De rijrichting betreft linksaf- en rechtsaf slaand wegverkeer. De rijrichtingen zijn dan ook aan de hand van deze verdeelsleutel gemodelleerd. Voor de rijroute van het aan- en afrijdende verkeer is een afstand van 250 meter gemodelleerd, hierna is, mede door de snelheid en het rij- en stopgedrag, het verkeer niet meer te onderscheiden van het overige verkeer dat zich op de betrokken wegen bevindt.
Wegverkeer rechtsaf slaand (50%)
Wegverkeer linksaf slaand (50%) Projectlocatie
Figuur 4: Rijrichtingen extern wegverkeer
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 11 van 22
5.5.
Interne vervoersbewegingen
Naast de transportbewegingen naar de bouwplaats toe, zullen er ook mobiele werktuigen op de locatie zelf in gebruik zijn. De inzet van de mobiele werktuigen alsmede de verkeersbewegingen van het bouwverkeer zijn berekend conform navolgende waarden: Tabel 3: Interne vervoersbewegingen Interne vervoersbewegingen, Realisatiefase Werktuig
Totale emissie per jaar (in kg):
Brandstof
STAGEklasse
AUBtype
Draaitijd totaal (u/j)
Brandstofverbruik (l/j)
AdBlue verbruik (l/jaar)
34,84
0,83
NOx-emissie (kg/j)
NH3-emissie (kg/j)
verreiker 100 kW, bouwjaar 2015
Diesel
Stage-IV
D
50
502
30,00
3,02
0,12
laadschoppen op banden 70 kW, bouwjaar 2012
Diesel
Stage-IIIB
A
15
108
n.v.t.
2,24
0,00
graafmachine 100 kW, bouwjaar 2015
Diesel
Stage-IV
D
20
201
12,00
1,21
0,05
graafmachine 100 kW, bouwjaar 2015
Diesel
Stage-IV
D
15
151
9,00
0,92
0,04
laadschoppen op banden 70 kW, bouwjaar 2012
Diesel Diesel
Stage-IIIB
A D
36 1172
n.v.t.
Stage-IV
5 60
70,00
0,75 6,78
0,00 0,28
laadschoppen op banden 200 kW, bouwjaar 2014
Diesel
Stage-IIIB
B
70
703
n.v.t.
10,90
0,01
enzine (2-Takt
n.v.t.
E
20
30
n.v.t.
0,12
0,00
betonstorter 200 kW, bouwjaar 2014
Diesel
Stage-IV
D
20
391
23,00
2,42
0,09
hijskranen 100 kW, bouwjaar 2015
Diesel
Stage-IV
D
40
402
24,00
2,43
0,10
hoogwerker 60 kW, bouwjaar 2015
Diesel
Stage-IV
D
100 415
624 4320
37,00
4,07 34,84
0,15 0,83
verreiker 100 kW, bouwjaar 2012 trilplaten 10 kW, bouwjaar 2019
Tabel berekend m.b.v. de AUB-methode, conform de AERIUS factsheet m.b.t. de emissie van mobiele werktuigen. Zie ook: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/mobiele-werktuigen-stage-klassecategorieën/
Totaal:
205,0
De werktuigen behorend bij de sloopfase zijn oranje gearceerd. De werktuigen ten behoeve van de grondwerkzaamheden zijn blauw gearceerd. De overige werktuigen behoren tot de realisatiefase.
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 12 van 22
5.6.
AERIUS Realisatiefase
Navolgend zijn de belangrijkste resultaten uit de uitvoer van de AERIUS-calculatie van de realisatiefase weergegeven:
Figuur 5: Resultaten AERIUS berekening Realisatiefase
De volledige AERIUS-berekening is weergegeven in bijlage 1. Uit de berekening van de realisatiefase blijkt dat er geen rekenresultaten boven de 0,00 mol/ha/j verkregen worden op stikstofgevoelige habitattypen in Natura 2000-gebieden. De verkeersbewegingen en mobiele werktuigen verband houdende met de realisatiefase zullen dan ook geen significante toename van stikstofgevoelige habitattypen in Natura 2000-gebieden tot gevolg hebben. Negatieve significante effecten op Natura 2000-gebieden als gevolg van de realisatiefase zijn dan ook uitgesloten.
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 13 van 22
6.
GEBRUIKSFASE
De beoogde situatie ziet toe op de ingebruikname van het bedrijfsgebouw met daarin statische opslag. In de gebruiksfase is naast het aan- en afrijden van voertuigen sprake van Cv-ketel op de bestaande bedrijfswoning. Zowel de vervoersbewegingen behorend bij de bedrijfswoning als de vervoersbewegingen behorend bij de statische opslag worden in beeld gebracht. 6.1.
Vervoersbewegingen
Conform de Instructie gegevensinvoer voor de AERIUS Calculator dienen de emissies met betrekking tot wegvoertuigen uitgesplitst te worden in vier categorieën. I: II: III:
Externe vervoersbewegingen/ heen- en terugrit Manoeuvreren op terrein Stationair draaien wegvoertuig
6.2.
Externe vervoersbewegingen, stationair draaien
Om de verkeersgeneratie van de woningen met voornoemde uitgangspunten in de gebruiksfase inzichtelijk te maken, is aansluiting gezocht bij de CROW-normen. Middels deze normen kan de verkeersgeneratie van een breed scala panden worden berekend. In deze specifieke situatie kunnen woningen worden geschaard onder de categorie “Wonen”, subcategorie “Koop, huis, vrijstaand”. Op grond van de CBS-tabel ‘Gebieden in Nederland 2022’ kan de gemeente Renswoude, waarin de projectlocatie is gelegen, gekenmerkt worden als ‘Weinig stedelijk’. De directe omgeving kan worden gekenmerkt als ‘Buitengebied”. Op grond van de CROW-normen betreft de verkeersgeneratie van een woning in het buitengebied worst-case 8,6 vervoersbewegingen per etmaal per woning. Deze hoeveelheid resulteert op jaarbasis in 3.139 vervoersbewegingen per jaar voor de woning. Daarnaast wordt uitgegaan dat in het op te richten bedrijfsgebouw circa 300 objecten zullen worden geplaatst. Uitgaande van 2 keer per jaar halen en brengen, verspreid over het hele jaar. Over een geheel jaar betreft dit 600 transacties. Dit betekent 1.200 vervoersbewegingen (van en naar de caravanopslag). Conform paragraaf 2.2 van de notitie verkeer en afwikkeling wordt tevens uitgegaan van een statische opslag. Hierbij wordt uitgegaan van circa 1.800 vervoersbewegingen vanuit zwaar wegverkeer.
Deze zijn dan ook als zodanig opgevoerd in de AEIRUS-berekening Bovenstaande resulteert in een totaal aantal vervoersbewegingen van (1.200 + 3.139 =) 4.339 vervoersbewegingen per jaar voortkomend uit ‘licht’ wegverkeer. Naast de hierboven beschreven verkeersgeneratie wordt gerekend met een aantrekkende werking van 0,5% middelzwaar en 0,5% zwaar vrachtverkeer van de totale verkeersgeneratie per woning. In onderhavige situatie betreft dit gemiddeld 16 vrachtbewegingen per jaar (3.139 * 0,5%). Resumé:
3.139 (woning) + 1.200 (brengen en halen objecten) = 4.339 bewegingen uit licht wegverkeer 16 bewegingen uit middelzwaar wegverkeer 16 (woning) + 1.800 (statische goederen) bewegingen uit zwaar wegverkeer = 1.816 bewegingen uit zwaar wegverkeer
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 14 van 22
Als zijnde worst-case situatie zijn alle bovenstaande vervoersbewegingen in één situatie gemodelleerd in AERIUS Calculator. Hierbij is dus een fictieve situatie in beeld gebracht alsof beide situaties tegelijk plaatsvinden. In de praktijk zal dit echter nooit voorkomen. Tabel 4: Externe vervoersbewegingen, stationair draaien Externe vervoersbewegingen · beoogde situatie Type
Bewegingen per jaar
Draaitijd stationair (u/j)
Emissiefactoren stationair
Emissie stationair draaien
NOx (g/u)
NH3 (g/u)
NOx (kg/j)
NH3 (kg/j)
Licht wegverkeer (pers onena uto's , bes tel bus jes , etc.)
4339
181
4,46
0,17
0,81
0,03
Middelzwaar wegverkeer (ba kwa gens , etc.)
16
1
58,53
0,73
0,06
0,00
Zwaar wegverkeer (tra ctoren, vrachta uto's , etc.)
1816
303
74,06
0,99
22,44
0,30
Totaal:
23,305
0,332
Een voertuig veroorzaakt twee vervoersbewegingen, er is steeds sprake van een heenrit en terugrit. Echter, niet elke dag is er een beweging van ieder type voertuig. Het verkeer rijdt vanuit twee richtingen naar de inrichting. Stationaire tijd: licht verkeer: 5 minuten per voertuig; zwaar verkeer: 20 minuten per voertuig
6.3.
Externe vervoersbewegingen, koude starts
Naast rijdend verkeer dient ook de emissie van opstartend verkeer te worden meegenomen. Wanneer een voertuig twee uur of langer stil heeft gestaan, is de motor dusdanig afgekoeld dat sprake is van extra emissies. Deze emissies worden aangeduid als ‘koude starts’. Voor bewoners wordt uitgegaan van één hoofdauto per woning, die twee koude starts per etmaal veroorzaakt. Deze auto wordt gebruikt voor woon-werkverkeer en privégebruik. Daarnaast kan in sommige gevallen sprake zijn van een tweede auto of voertuigen van bezoekers. Voor deze voertuigen is uitgegaan van maximaal één koude start per etmaal per woning. Bovenstaande uitgangspunten zijn uitsluitend van toepassing op licht wegverkeer. Middelzwaar en zwaar wegverkeer zal in de praktijk doorgaans met een warme motor aankomen en vertrekken, aangezien deze voertuigen slechts kortstondig op het erf aanwezig zijn. In onderstaande tabel is het aantal koude starts weergegeven. Hierbij is voor de bedrijfswoning uitgegaan van in totaal drie koude starts per etmaal. Daarnaast is worst-case één koude start per voertuig aangehouden voor voertuigen die een caravan brengen of ophalen. Tevens zijn, eveneens worst-case, vijf koude starts toegekend aan middelzwaar verkeer en één koude start per voertuig voor verkeer ten behoeve van de statische opslag. Tabel 5: Externe vervoersbewegingen, koude starts
6.4.
Externe vervoersbewegingen, rijrichtingen
De rijrichtingen van het externe wegverkeer zullen in de gebruiksfase niet afwijken van hetgeen ingevoerd in de realisatiefase. Hiervoor verwijs ik u dan ook graag door naar paragraaf 5.4.
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 15 van 22
6.5.
Interne vervoersbewegingen
De gebruiksfase ziet niet toe op relevante interne vervoersbewegingen daar geen sprake is van verdere bedrijfsactiviteiten. 6.6.
Overige bronnen
Naast vervoersbewegingen is er op het bedrijf nog een NOx-bron aanwezig, namelijk de Cv-ketel van de bedrijfswoning. De CBS-NOx-emissienorm voor een vrijstaande, oudere woning betreft 3,59 kg NOx per jaar, zoals blijkt uit navolgende tabel. Deze norm is dan ook gehanteerd in de AERIUS-berekening. Tabel 6: Overige bronnen
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 16 van 22
6.7.
AERIUS Gebruiksfase
Navolgend zijn de belangrijkste resultaten uit de uitvoer van de AERIUS-calculatie van de gebruiksfase weergegeven:
Figuur 6: Resultaten AERIUS berekening Gebruiksfase
De volledige AERIUS-berekening is weergegeven in bijlage 2. Uit de berekening van de realisatiefase blijkt dat er geen rekenresultaten boven de 0,00 mol/ha/j verkregen worden op stikstofgevoelige habitattypen in Natura 2000-gebieden. De verkeersbewegingen verband houdende met de gebruiksfase zullen dan ook geen significante toename van stikstofgevoelige habitattypen in Natura 2000-gebieden tot gevolg hebben. Negatieve significante effecten op Natura 2000-gebieden als gevolg van de gebruiksfase van de functieverandering zijn dan ook uitgesloten.
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 17 van 22
7.
REALISATIEFASE + GEBRUIKSFASE
Voor de volledigheid is eveneens een AERIUS-berekening gemaakt waarin zowel de realisatiefase als de gebruiksfase zijn opgenomen. Aangezien de realisatie van het project binnen twaalf maanden plaats zal vinden is gedurende dat jaar ook sprake van een aantal maanden ‘gebruik’. Worst-case zijn dan ook beide situaties ingevoerd hiermee worden de resultaten berekend alsof deze tegelijkertijd plaats zullen vinden.
Figuur 7: Resultaten AERIUS-berekening Realisatiefase + Gebruiksfase
In onderstaande afbeelding is een uitsnede te zien van de resultaten van bovenstaande berekening
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 18 van 22
8.
CONCLUSIE
In opdracht van dhr. J.J. Boonzaaijer is door VanWestreenen Adviseurs een onderzoek naar mogelijke significante stikstofeffecten uitgevoerd. Dit in verband met het voornemen van initiatiefnemer aan de Schalm 9 te Renswoude. Onderhavig voornemen betreft werkzaamheden en gebruik naar doorvoering van een functieverandering op een voormalig agrarisch perceel. Gelet op de forse afstand van ca. 4.344 meter zijn er geen factoren die leiden tot een negatief effect op het dichtstbijzijnde, en daarmee maatgevende, Natura 2000-gebied. Uit de calculaties uit hoofdstuk 5, 6 en 7 en de bijbehorende AERIUS-berekeningen blijkt dat in de toegepaste ‘worst-case’ benadering de stikstofdepositie niet leidt tot significant negatieve effecten op stikstofgevoelige habitattypen in Natura 2000-gebieden. Dit geldt voor zowel de realisatie- als gebruiksfase. Derhalve kan op voorhand worden uitgesloten dat er bij onderhavig bouwproject sprake zal zijn van significant negatieve effecten.
Bijlagen Bijlage 1: AERIUS-berekening Realisatiefase Bijlage 2: AERIUSberekening Gebruiksfase Bijlage 3: AERIUSberekening Realisatiefase + Gebruiksfase
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 19 van 22
Bijlage 1:
AERIUS-berekening Realisatiefase
Tevens separaat toegevoegd i.v.m. inlezen berekening.
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 20 van 22
Bijlage 2:
AERIUS-berekening Gebruiksfase
Tevens separaat toegevoegd i.v.m. inlezen berekening.
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 21 van 22
Bijlage 3:
AERIUS-berekening Realisatiefase + Gebruiksfase
Tevens separaat toegevoegd i.v.m. inlezen berekening.
Rapportage beoordeling stikstofeffecten – Dhr. J.J. Boonzaaijer – Schalm 9, 3927EH Renswoude Pagina 22 van 22