Bijlage 4 Aanvullende quickscan ecologie d.d. 11 november 2025
Tekst van het document
Aanvullende notitie – Ecologische QuickScan Schalm 3, Renswoude (P2500481) Ten behoeve van ODRU – verduidelijking beoordeling bijgebouwen Aanleiding Naar aanleiding van de opmerking van de Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU) over de ecologische quickscan is aanvullend fotomateriaal verzameld van de oude varkensschuur, garage en twee tuinhuisjes op het erf aan Schalm 3 in Renswoude. Deze aanvulling dient ter verduidelijking van de visuele beoordeling van de buitenzijde van de opstallen. De oorspronkelijke veldinspectie vond plaats op 16 september 2025. Op 11 november 2025 is de locatie opnieuw bezocht om aanvullende foto’s te maken en de eerder getrokken conclusies visueel verder te onderbouwen en bevestigen. Onderzoeksaanpak Tijdens het veldbezoek zijn zowel de buiten- als binnenzijden van de opstallen beoordeeld op geschiktheid voor gebouwbewonende soorten, waaronder de huismus (Passer domesticus) en vleermuizen (Chiroptera). Er is gelet op: • Invliegopeningen, kieren, stootvoegen, dakranden, nokken en goten; • Sporen van verblijf of gebruik zoals keutels, prooiresten, urinesporen of nestmateriaal; • Het microklimaat (tocht, lichtinval, beschutting) en de constructieve kenmerken van de gebouwen. Oude varkensschuur De oude varkensschuur is een open, doorluchtige constructie met diverse ventilatieopeningen.
Het dak is opgebouwd uit gesloten dakpannen die strak aansluiten, met een nokaansluiting waarbij de bovenste pan aansluit op de volgende, zodat geen openingen of kieren aanwezig zijn die toegang bieden tot de onderliggende kapconstructie. De zijkanten van het gebouw zijn volledig aangesloten en dicht afgewerkt, waardoor er geen invliegopeningen of holtes aanwezig zijn. De dakgoten zijn deels volgelopen met modder, mos en begroeiing, wat duidt op langdurige stilstand en beperkte afwatering, maar niet op gebruik door dieren. De binnenzijde van de schuur is licht, open en tochtig, met een zichtbaar doorlatende kap en ventilatieopeningen in de gevels. Er zijn geen sporen, keutels, nestmateriaal of andere aanwijzingen voor gebruik door vleermuizen of huismussen aangetroffen. De foto’s tonen duidelijk dat de binnenzijde onbeschut en instabiel van microklimaat is, waardoor het gebouw ecologisch ongeschikt is als vaste verblijfplaats of nestlocatie.
Overzicht foto Oude Vakenschuur
Gesloten dakpannen sluiten aan doormiddel van nok onderzijde pan en gemetselde nokpakken
Geen opening onder dakpannen en zijkant
Dakgoten dicht
Garage De te slopen garage is eerder gesaneerd van asbest en daarna tijdelijk voorzien van een golfplaten dakbedekking. De huidige dakconstructie vertoont enkele openingen tussen de platen, maar deze staan direct in verbinding met het open binnenvolume en bieden geen beschutte of afgesloten ruimten waar vleermuizen of huismussen gebruik van zouden kunnen maken. De binnenzijde is conform de quickscan licht, tochtig en open van karakter, zonder spouwruimtes of afgeschermde zones. Er zijn geen sporen aangetroffen die wijzen op verblijfplaatsen of nestactiviteit, zoals keutels, nestmateriaal of invliegopeningen onder de dakrand. Het tijdelijke golfplaten dak zorgt bovendien voor een instabiel microklimaat — met sterke temperatuurschommelingen en luchtstroming — wat het gebouw onvoldoende geschikt maakt als vaste verblijfplaats. Gezien de constructie, de open verbinding met de buitenlucht en het ontbreken van beschermende structuren, wordt de aanwezigheid van gebouwbewonende soorten uitgesloten. Dit sluit volledig aan bij de beoordeling in de oorspronkelijke quickscan, waarin reeds is vastgesteld dat de garage geen ecologisch relevante functies vervult voor vleermuizen of huismussen.
Tuinhuis 1 en 2 De twee tuinhuisjes zijn beoordeeld op zowel de buiten- als binnenzijde. De buitenzijde bestaat uit gesloten houten wanden en goed aansluitende dakranden, waardoor geen invliegopeningen of kieren aanwezig zijn. Het dak is opgebouwd uit gesloten pannen of golfplaten die strak aansluiten tegen de nok en elkaar, zonder spleten of doorgangen naar de kapruimte. De foto’s tonen duidelijk dat de constructie droog, licht en regelmatig onderhouden is. De binnenzijde is eveneens licht en open, zonder sporen van dierlijk gebruik — er zijn geen keutels, nestmateriaal, veertjes of andere aanwijzingen voor verblijfplaatsen aangetroffen. Door de aard van de constructie, het regelmatige gebruik en het ontbreken van beschutte zones zijn de tuinhuisjes ecologisch ongeschikt als vaste verblijfplaats voor vleermuizen of nestlocatie voor huismus of andere gebouwbewonende vogelsoorten. Deze beoordeling sluit volledig aan bij de bevindingen in de quickscan, waarin is vastgesteld dat binnen het plangebied geen geschikte structuren of openingen aanwezig zijn voor beschermde soorten, en dat negatieve effecten uitgesloten kunnen worden.
Ecologische beoordeling en uitsluiting beschermde soorten De oude varkensschuur, garage en beide tuinhuisjes zijn afzonderlijk en integraal beoordeeld op hun geschiktheid als verblijfplaats of nestlocatie voor gebouwbewonende soorten. Tijdens de inspectie zijn geen sporen aangetroffen die wijzen op het huidige of recente gebruik door beschermde soorten. Tevens ontbreken structurele eigenschappen die noodzakelijk zijn voor vaste verblijfplaatsen van vleermuizen of broedgelegenheden van huismus of gierzwaluw. De binnenruimten kenmerken zich door een open, tochtig en licht microklimaat, terwijl de buitenzijde geen toegankelijke kieren, spleten of spouwruimten biedt. De dakgoten zijn deels volgelopen met modder en begroeiing, wat gebruik door dieren uitsluit. Gezien de aard, staat en het gebruik van de opstallen wordt geconcludeerd dat de gebouwen geen functionele betekenis hebben als verblijf-, broed- of rustplaats voor beschermde soorten. Op grond hiervan wordt de aanwezigheid van beschermde soorten uitgesloten en zijn negatieve effecten als gevolg van de voorgenomen sloop niet te verwachten. De conclusie uit de ecologische quickscan blijft daarmee volledig in stand en is met deze notitie visueel en ecologisch onderbouwd.
Conclusie De oude varkensschuur, garage en beide tuinhuisjes zijn afzonderlijk en integraal beoordeeld op hun geschiktheid als verblijfplaats of nestlocatie voor gebouwbewonende soorten. Tijdens de inspecties zijn geen sporen of aanwijzingen aangetroffen die duiden op huidig of recent gebruik door beschermde soorten. Conform de Kennisdocumenten van BIJ12 (Gewone dwergvleermuis, versie 2.0; Huismus, 2023) en het Soortinventarisatieprotocol van het Netwerk Groene Bureaus (2023) geldt dat vaste verblijfplaatsen van vleermuizen en nestlocaties van gebouwbewonende vogels alleen voorkomen op plekken met: • • • •
een beschut, tochtvrij en stabiel microklimaat, donkere ruimten met beperkte lichtinval, kleine toegankelijke openingen naar afgesloten holtes of spouwen, en afwezigheid van sterke luchtstroming of directe blootstelling.
De beoordeelde opstallen voldoen aan geen van deze voorwaarden. De binnenruimten zijn licht, open en tochtig, en de buitenzijde vertoont geen kieren, spleten of spouwruimten. De daken zijn voorzien van gesloten dakpannen of tijdelijk golfplaten, zonder toegang tot beschutte zones. De dakgoten zijn deels volgelopen met modder en begroeiing, wat gebruik door dieren uitsluit. Daarmee wordt op grond van zowel bouwkundige beoordeling als de ecologische criteria van BIJ12 en het NGB-protocol geconcludeerd dat de gebouwen geen geschikte leefomgeving vormen voor gebouwbewonende soorten.
De aanwezigheid van vaste verblijfplaatsen of nestlocaties wordt uitgesloten, en de voorgenomen sloop zal geen negatieve effecten hebben op beschermde soorten. De oorspronkelijke conclusie uit de ecologische quickscan blijft derhalve volledig in stand en is met deze notitie visueel, feitelijk en ecologisch onderbouwd.