CConstaterende datRenswoude
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 - Duurzame opwek mogelijkheden - SDG trainees

Raadscommissie 22 februari 2022, gemeente RenswoudeBij agendapunt: Presentatie en bespreking van de Routekaart Duurzaamheid Renswoude16.084 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

ENERGIE IN EEN DUURZAAM RENSWOUDE SHIRLEY BRUIJNZEEL

EMILE KUIJT

MYRTHE MULLIÉ

1

Inhoudsopgave

● Executive summary

2

● Introductie

3

● Hoofdstuk 1: Zonne-energie

4

● Hoofdstuk 2: Thermische energie en restwarmte

14

● Hoofdstuk 3: Windenergie

26

● Hoofdstuk 4: Monomestvergisting

36

● Hoofdstuk 5: Energieopslag

39

● Conclusie

44

2

Executive Summary

Dit rapport is geschreven in opdracht van de gemeente Renswoude in het kader van het SDG Traineeship van TheRockGroup en SDG House. In 2030 wil de gemeente Renswoude klimaatneutraal zijn, maar de weg er naartoe is nog niet helemaal uitgestippeld. Een belangrijk doel van de gemeente is om burgerparticipatie te bereiken in de energietransitie. Dit rapport bevat een verkennend onderzoek naar de verschillende vormen van duurzame energieopwekking en de mogelijkheden voor Renswoude waarbij SDG 7, 11 en 13 in acht worden genomen. De volgende manieren van duurzame energieopwekking worden behandeld: 1. 2. 3. 4. 5.

Zonne-energie Thermische energie en restwarmte Windenergie Monomestvergisting Energieopslag

Uit het onderzoek blijkt dat windenergie en zonne-energie het meeste kunnen bijdragen in de energietransitie van de Gemeente Renswoude. Conventionele windturbines zullen op de korte termijn vooralsnog de grootste hoeveelheid duurzame energie opwekken. Bovendien zou de realisatie van een horizontaal zonnepark in combinatie met een opslagbatterij ook een significante bijdrage kunnen leveren. Grootschalige thermische energieprojecten zijn nog geen optie, maar in de toekomst kan veel worden verwacht. Verder zijn er mogelijkheden bij particulieren en bedrijven in de gemeente. De toepassing van monomestvergisting zou bijvoorbeeld kunnen worden onderzocht bij lokale veehouderijen. Zo zou ook bij bedrijven onderzoek kunnen worden gedaan naar het onttrekken van restwarmte. Bovendien is het van belang om particulieren te stimuleren om zonnepanelen en een warmtepomp aan te schaffen vanwege de aantrekkelijke subsidies. Het belangrijkste advies is om breed te denken in de weg naar een klimaatneutraal Renswoude. Daarbij is de participatie en betrokkenheid van inwoners van groot belang waarbij een proactieve houding vanuit de gemeente een belangrijk vereiste is (zie document 2: Burgerparticipatie in een duurzaam Renswoude). Emile Kuijt Myrthe Mullié Shirley Bruijnzeel

3

INTRODUCTIE

In de afgelopen jaren hebben meer mensen dan ooit tevoren aan klimaat protesten deelgenomen: tussen de zes en acht miljoen1 - dat is het meeste in de wereldgeschiedenis. Steeds meer mensen zien dus in dat er wat moet gebeuren om klimaatverandering te beperken. Meer mensen letten op hun individuele duurzaamheid, en gemeenten kijken naar duurzame energiebronnen. Helaas blijkt al snel dat ‘NIMBY’ een steeds populairdere term wordt: duurzaamheid ja, maar ‘Not In My Back Yard’. Zo ook in Renswoude bij de plannen van het plaatsen van windmolens. Zonder een of meerdere bronnen van hernieuwbare energie zal het moeilijk zijn voor Renswoude om in 2035 ook echt klimaatneutraal te zijn. Alle alternatieve vormen van duurzame energie dienen dan ook overwogen te worden. Dit document is een oriënterend onderzoek naar de verschillende opties en mogelijkheden voor nu en in de toekomst met betrekking tot hernieuwbare energie. Ook zijn er vergelijkingstabellen voor de verschillende soorten hernieuwbare energieopwekking toegevoegd aan dit document. Hierbij wordt er ingegaan op zonne-energie, thermische energie (geothermie, aquathermie, restwarmte), wind energie en mestvergisting. Tot slot worden de mogelijkheden voor energieopslag bekeken.

Het doel van dit rapport is om de gemeente Renswoude te ondersteunen en inspireren in het zetten van de volgende stappen in het verduurzamen en het betrekken van haar inwoners. Door informatie en kennis kan de gemeente doordachte keuzes maken, en inwoners informeren en wellicht inspireren in welke mogelijkheden er zijn, en hoe geschikt deze zijn in Renswoude.

1

https://www.theguardian.com/environment/2019/sep/27/climate-crisis-6-million-people-join-latest-wave-of-worldwide-prote sts

4

HOOFDSTUK 1: ZONNE-ENERGIE 1.1: Zonnepanelen op daken Zonnepanelen worden steeds populairder omdat het voor steeds meer mensen op de lange termijn financieel aantrekkelijk wordt om zonnepanelen te nemen; de investering wordt in minder dan 10 jaar terugverdiend (gemiddeld 7 jaar). Hoewel in veel gemeenten subsidie aanvragen voor zonnepanelen niet langer mogelijk is, zijn er verschillende andere opties. Zo kan men onder bepaalde voorwaarden de BTW over de investering terugvragen bij de Belastingdienst2. Daarnaast kan er tot 2023 gebruik worden gemaakt van de salderingsregeling. Deze salderingsregeling houdt in dat het overschot aan zonnestroom (kWh) dat een huishouden niet gebruikt terug worden geleverd aan het elektriciteitsnet3. Voor dat terugleveren krijgt een huishouden geld terug op de energienota. Het verschilt wel per netbeheerder hoe hoog de vergoedingen zijn: dit kan variëren van 4 tot wel 11 cent per kWh. Overigens is de salderingsregeling per 2023 niet helemaal verdwenen: deze wordt stapsgewijs afgebouwd met 9% per jaar4. Er is dus behoorlijk wat tijd om de investering terug te verdienen. En hoewel er vaak wordt gedacht dat zonnepanelen maar 25 jaar mee gaan, kunnen ze door goed onderhoud tot wel 40 jaar meegaan, al wordt het rendement door de jaren heen wel iets lager5.

Het is dus van belang dat wanneer er door de gemeente wordt ingezet op zonnepanelen de juiste informatie ook wordt gepromoot: maak men bewust van de vergoedingsmogelijkheden – en dat deze met de jaren minder zullen worden. Voor de eigen portemonnee is het dus voordelig zonnepanelen in ieder geval vóór 2023 aan te schaffen. Zorg dat inwoners in ieder geval bekend zijn met websites met informatie over vergoedingen en opbrengsten van zonnepanelen; maak het een doel dat elke Renswoudenaar dergelijke websites bezocht heeft. Voorbeelden van bruikbare websites zijn in ieder geval www.energiesubsidiewijzer.nl (waarop de mogelijkheden voor vergoedingen per gemeente worden weergegeven) en www.zonatlas.nl of https://www.milieucentraal.nl/energie-besparen/zonnepanelen/salderingsregeling -voor-zonnepanelen/ waarop de postcode van een huis kan worden ingevuld om zo te zien of het dak potentie heeft voor zonnepanelen, en waarop een schatting zien van de potentiële opbrengst van een installatie wordt weergegeven. Ook kan er gekeken worden naar deelnemen aan de huurdakrevolutie6. Andere mogelijkheden zijn bijvoorbeeld oriënteren of schuren, kantines en dergelijke daken kunnen deelnemen aan een postcoderoosproject. Tot slot dient de gemeente inwoners bewust te maken van het belang van zonnepanelen onderhoud en eventuele check-ups.

2

https://www.verbeterjehuis.nl/energiesubsidiewijzer/overig/btw-op-zonnepanelen-terugvragen/

3

https://www.milieucentraal.nl/energie-besparen/zonnepanelen/salderingsregeling-voor-zonnepanelen/

4

https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2020/10/08/wetsvoorstel-afbouw-salderingsregeling-naar-de-kamer https://www.zonneplan.nl/kenniscentrum/zonnepanelen/levensduur 6 https://huurdakrevolutie.nl/ 5

5 Naast particulieren die zonnepanelen kunnen nemen, kan een gemeente natuurlijk ook inspelen op het grootschalig gebruik van zonnepanelen op daken van bijvoorbeeld stallen, bedrijventerreinen, sportverenigingen, scholen7 etc. Een veel voorkomende verwerping tegen grootschalig zon op dak is dat het kan zorgen voor een overbelasting van het energienetwerk. Hier zijn tegenwoordig echter innovatieve oplossingen voor te vinden: zo kan een overschot aan energie worden opgeslagen in grote batterijen, waar in hoofdstuk 5 meer informatie over gegeven wordt.

1.2: Horizontaal zonnepark Naast zonnepanelen op daken komen grootschalige zonneparken ontwikkeld door gemeenten ook steeds vaker voor. Bij het ontwikkelen van een zonnepark zijn er verschillende afwegingen die gemaakt moeten worden. Onder andere Rijkswaterstaat, Universiteit Wageningen, en Naturalis publiceerden onderzoeken waarin de afwegingen voor de optimale omstandigheden van een zonnepark uit een zijn gezet. Hierbij is onderzoek gedaan in al bestaande Nederlandse zonneparken. Zo schrijft Naturalis dat een zonnepark voor een forse toename aan verschillende insecten kan zorgen – mits het op de juiste manier wordt ingericht (zoals geconstateerd bij Zonnepark Moerwijk en Zonnepark Vierverlaten in Groningen).8 Ook Universiteit Wageningen prijst verschillende zonneparken over de toenemende biodiversiteit, in het bijzonder Solarpark de Kwekerij in Hengelo. In het volgende rapport zullen we er vanuit gaan dat gemeente Renswoude voor een zo biodivers mogelijk zonnepark gaat. De volgende kopjes geven een samenvatting van de afwegingen om een zo biodivers mogelijk zonnepark te maken, gebaseerd op de voorheen genoemde onderzoeken en kennis van verschillende andere bodem- en zonnepanelen experts. Locatie Op grond met een hoge natuurwaarde heeft een zonnepark naar verwachting vooral negatieve effecten, blijkt uit onderzoek van Rijkswaterstaat.

Bodem experts roepen dan ook op om zonnepanelen vooral te plaatsen op daken (denk niet alleen aan woningen maar ook aan sportverenigingen, industrieterreinen, winkels, en het gemeentehuis), of op percelen met een lage natuurwaarde die voor geen ander doel gebruikt kunnen worden9. Denk hierbij aan bedrijventerreinen, vuilnisbelten, of langs snelwegen10. Indien toch gekozen wordt voormalige landbouwgronden beschikbaar te stellen voor een zonnepark, zal de gemeente met verschillende factoren (zie landschap/planten) rekening moeten houden om zo de negatieve effecten op de biodiversiteit van de bodem te beperken11. En hoewel bodem experts oproepen landbouwgrond niet voor zonneparken te gebruiken, schrijft onder andere Rijkswaterstaat12 en Naturalis13 dat een zonnepark, mits deze er op ingericht wordt, wel degelijk voor een hogere 7

https://schooldakrevolutie.nl/ https://www.hieropgewekt.nl/kennisdossiers/biodiversiteit-stimuleren-met-een-zonnepark; 9 https://grunnegerpower.nl/zonnepark-vierverlaten-paradijs-voor-insecten/ 10 htt https://www.trouw.nl/nieuws/ecologen-zonneparken-zijn-funest-voor-de-natuur~bf9edb6b/ 11 https://www.louisbolk.org/downloads/3270.pdf 12 https://rwsinnoveert.nl/innovaties/@206831/zon-natuur/ 8

13

https://www.naturalis.nl/persberichten/zonnepark-veilige-haven-voor-biodiversiteit

6 biodiversiteit kan zorgen dan de meeste (intensief gebruikte) landbouwgrond14. Landschap/planten Ook ecoloog en hoogleraar Natuurlijk Kapitaal Koos Biesmeijer stelt dat een zonnepark onder de juiste omstandigheden voor hogere biodiversiteit kan zorgen dan de meeste landbouwgrond. Bij het gebruik van voormalige landbouwgrond dient bij de aanleg van een zonnepark de toplaag te worden afgegraven; de voormalig bemeste bodem zal een biodivers zonnepark tegenwerken. Mocht dit niet gedaan worden, dan geeft Universiteit Wageningen het essentiële advies gedurende minimaal de eerste vijf jaar het gras te maaien en afvoeren15. De richtlijn is hierbij bij kleigrond drie keer per jaar, en bij zandgrond twee keer per jaar16. Verder is het belangrijk ook het landschap van een park in acht te nemen. Universiteit Wageningen stuurt aan op het creëren van verschillende gradiënten om zo de biodiversiteit te bevorderen – denk hierbij aan hagen en houtwallen, natuurvriendelijke oevers en water-en moeras partijen17 Verder kan de gemeente het beheer van een zonnepark zo regelen dat er schaduwrijke vegetatie geplant wordt zodat de schaduw van een zonnepaneel geen belemmering vormt. Aangeraden wordt “bij de aanleg van het park een passend bloemrijk mengsel in te zaaien en de vegetaties vanaf dat moment extensief te beheren (maaien en afvoeren in de nazomer, evt.

in combinatie met zeer extensieve begrazing)” (Bloemberg et. al, 2016)18. Tot slot dient men vanzelfsprekend geen bestrijdingsmiddelen en/of kunstmest te gebruiken, iets wat bij landbouwgrond veelal wel gebruikelijk is. Alleen deze factor kan de bodem al een boost geven. Plaats richting Bij het plaatsen van de zonnepanelen is het van belang om lichtval op de bodem in acht te nemen. Onderzoek wijst uit dat panelen in oost-west opstelling nadelig zijn voor de biodiversiteit omdat er minder licht onder de panelen komt, waardoor plantengroei belemmerd wordt en bodemdegradatie dreigt. Daarom wordt het aangeraden zonnepanelen georiënteerd op het zuiden te plaatsen19. Verder is het optimaal om de panelen in rijen te plaatsen. Dit voorkomt schaduw op de naburige rij panelen en het meeste directe zonlicht wordt zo opgevangen.20. Ruimte tussen de panelen 14

https://www.hieropgewekt.nl/kennisdossiers/biodiversiteit-stimuleren-met-een-zonnepark

15

https://stadszaken.nl/artikel/3350/kansen-biodiversiteit-op-zonneparken-niet-voldoende-benut Verkenning van bodem en vegetatie in 25 zonneparken in Nederland, Wageningen University Research https://edepot.wur.nl/541057 17 https://www.naturalis.nl/persberichten/zonnepark-veilige-haven-voor-biodiversiteit 16

18

https://solar-ew.nl/wp-content/uploads/2019/11/161012-Rapport-Effecten-van-zonneparken-op-de-omgeving-en-voorbeelden -v-meervoudig-ruimtegebruik.pdf 19 https://edepot.wur.nl/541057 20

https://stadszaken.nl/artikel/3350/kansen-biodiversiteit-op-zonneparken-niet-voldoende-benut

7 De ruimtelijke afweging staat direct in relatie met de biodiversiteit: zoveel mogelijk zonnepanelen op elkaar zetten kost logischerwijze het minste ruimte. Voor de biodiversiteit van het zonnepark is dat echter minder goed; hoe ruimer de panelen opgesteld staan, hoe meer licht en regenwater er naar de bodem kan gaan – en dus hoe hoger de biodiversiteit zal zijn. Ook voor de vestiging van vogels lijkt ruimte tussen panelen essentieel. Universiteit Wageningen heeft in een onderzoek naar de biodiversiteit van 25 zonneparken in Nederland al vanaf 200 centimeter ruimte tussen de panelen relatief hoge soorten aantallen gevonden. Belangrijk is bij de ruimte afweging echter ook een tractor voor het maaien (zie landschap/planten) mee in het ontwerp te nemen. Hiervoor is 250-300 cm tussen de panelen voldoende21. Verder maakt het een verschil op welke hoogte zonnepanelen staan: als ze hoger staan krijgen planten de kans om onder de panelen te groeien. Beheer “Ontwikkelaars van zonneparken profileren zich al snel als groen en goed voor de biodiversiteit. Maar die biodiversiteit komt niet vanzelf” – aldus van der Zee (2021), expert op het gebied van zonneparken en biodiversiteit. Gemeenten kunnen er op toezien dat voorheen beschreven optimale omstandigheden voor een zonnepark worden nageleefd. Zo kan de gemeente eisen stellen aan de projectontwikkelaar en het beheer.

Denk hierbij aan de eis dat de ontwikkelaar een natuurplan opstelt, het ontwerp van het zonnepark door een deskundige ecoloog wordt gedaan, en de natuurwaarden in het zonnepark laten monitoren22. Belangrijk is, mocht de gemeente Renswoude ervoor kiezen een zonnepark te beginnen, het adviesrapport van Universiteit Wageningen goed te bestuderen. Op deze manier weet de gemeente welke eisen in ieder geval gesteld moeten worden qua ontwerp en beheer. Natuurlijk hebben voorgaande kopjes een globaal overzicht gegeven, maar het rapport bevat een overzichtelijke meer gedetailleerde handleiding voor het opzetten van een biodivers zonnepark. Dit is te vinden in hoofdstuk 7 (blz 77 t/m 80) van het rapport, die in de bronnenlijst te vinden is onder “Verkenning van bodem en vegetatie in 25 zonneparken in Nederland, Wageningen University Research (M. Schotman, F. van der Zee, G. Hazeu, J. Bloem, J. Sluijsmans, M. Vittek). https://edepot.wur.nl/541057”.

1.3: Verticale zonnepanelen De voorgaande paragraaf is gebaseerd op een horizontale plaatsing van de zonnepanelen. Het is echter ook mogelijk zonnepanelen verticaal te plaatsen, bijvoorbeeld om een combinatie met landbouwgrond te maken. Een groot voordeel van verticale panelen is dat, mits er voldoende ruimte tussen de panelen wordt gelaten (niet de 200-300 centimeter zoals bij horizontale panelen, maar eerder 1000-12000 centimeter), de landbouwgrond in gebruik kan blijven23. De 21

https://edepot.wur.nl/541057

22

https://www.wur.nl/nl/Onderzoek-Resultaten/Onderzoeksinstituten/Environmental-Research/show-wenr/Zonneparken-en-bio diversiteit-ruimte-voor-verbetering.htm 23 https://sunvest.nl/zon-en-agro/

8 grond blijft dan dus beschikbaar voor veehouderij of landbouw, waardoor men een extra inkomen bovenop het normale inkomen genereert. Bovendien is er bij verticale panelen de mogelijkheid zogenaamde ‘bifacial’ panelen te gebruiken: panelen die aan twee zijden energie opwekken en daarmee tot wel 25% meer opleveren.24 Gemeente Renswoude zou dus bijvoorbeeld op een groter stuk beschikbare grond een verticaal zonnepark kunnen maken om zo grootschalig energie te kunnen opwekken. Door dubbel gebruik te maken van de ruimte, kan grond zowel voor agrarische doeleinden gebruikt (blijven) worden en duurzame energie opwekken. Een nadeel van verticale panelen is echter dat het rendement tot 30% lager kan zijn dan dat van horizontale panelen. Hiervoor kan weer gecompenseerd worden door de mogelijkheid verticale panelen dubbelzijdig te maken.

Verticale zonnepanelen langs snelwegen en spoorwegen: zonnewal Een andere mogelijkheid is verticale panelen plaatsen naast spoor-of snelwegen. Een groot voordeel hiervan is dat de panelen zo multifunctionele doeleinden kunnen dienen: ze leveren niet alleen energie op maar dienen ook als geluidswal. Langs snel-en spoorwegen staan nu vaak al speciale geluidswanden om geluidsoverlast voor omwonenden tegen te gaan, veelal gemaakt van glas. Bij deze wanden kunnen zonnepanelen voordelig bovenop of tegen de wand aan geplaatst worden (ook wel zonnescherm met PV genoemd)25. Men kan echter ook kiezen een nieuwe zonnewal te ontwerpen om zo de hele wand optimaal te kunnen gebruiken, zoals al succesvol gedaan is aan de A32 in Friesland26 en de A50 bij Uden27. Een bijkomend voordeel aan het plaatsen van verticale panelen langs snelwegen of spoorwegen is dat de kans op weerstand door omwonenden kleiner is: over het algemeen vinden inwoners een snelweg of spoorweg geen mooi uitzicht dat behouden moet worden. Een nadeel aan een zonnewal is echter dat hoe hoger de wand wordt gemaakt, hoe meer de zonnewal ook in breedte toeneemt28. Onderstaande afbeeldingen illustreren hoe een dergelijke zonnewal er uit zou kunnen zien.

Dit ontwerp door Rooftop Energy is gebruikt voor de zonnewal aan de A32 in Heerenveen, en werd in een uitnodiging voor een informatie- en feedback avond voor omwonenden bijgevoegd.29 Het uiteindelijke resultaat wordt weergegeven in onderstaande foto30. 24

https://www.agro-nrg.nl/nieuws/verticale-zonnepanelen-oplossing-voor-agrarische-grond-1 https://duurzaamheiloo.nl/wp-content/uploads/2020/01/Zon-op-Snelweg_rapportage_final-2.pdf 26 https://www.oranjewoud-dorp.nl/wp-content/uploads/2018/06/rooftop_energy_zonnewal_a32_heerenveen_informatiebijee nkomst_final.pdf 27 https://www.solarhighways.eu/ 28 https://duurzaamheiloo.nl/wp-content/uploads/2020/01/Zon-op-Snelweg_rapportage_final-2.pdf 25

29

https://www.oranjewoud-dorp.nl/wp-content/uploads/2018/06/rooftop_energy_zonnewal_a32_heerenveen_informatiebijeenk omst_final.pdf 30 Zonnewal A32 ter hoogte van Oudeschoot. - Hostcontrol https://in05.hostcontrol.com ›

9

Mogelijkheden multifunctionele horizontale en verticale zonneparken Veehouden Waar een combinatie met het houden van kleinvee zoals schapen, kippen en ganzen bij een horizontaal zonnepark een optie is, wordt groter vee juist afgeraden31. Bij verticale panelen is dit wel mogelijk. Verder wordt het plaatsen van bijenkasten veel gezien; zo ook in Solarpark de Kwekerij in Hengelo.32 De geproduceerde honing is ook te koop voor de Hengeloërs, een mooie manier van het dorp betrekken bij het zonnepark.

In de praktijk: Vee/landbouw en zonnepanelen Een succesverhaal van horizontale panelen en pluimvee is Yeowood Solar Farm: een bestaand kippenbedrijf waar zonnepanelen bij zijn ingepast in de landschappelijke setting. Onderstaande afbeeldingen geven een impressie van dit vrije uitloop zonnepark.

31

Gemeente Arnhem: https://solar-ew.nl/wp-content/uploads/2019/11/161012-Rapport-Effecten-van-zonneparken-op-de-omgeving-en-voorbeelden -v-meervoudig-ruimtegebruik.pdf 32 https://nlsolarparkdekwekerij.nl/honing-uit-de-kwekerij/

10 https://www.lightsourcebp.com/uk/landowners/

Deze bron geeft meer details over het combineren van een zonnepark en vee houden. Onderstaande afbeelding geeft een impressie van de creatieve manieren waarop zonnepanelen ingezet kunnen worden.

Onderstaande afbeelding geeft een impressie van de ruimte die bespaard wordt door de panelen verticaal te plaatsen. Via contact met experts van Wageningen Universiteit blijkt dat Vattenfall al bezig is met een project dat zon en landbouw combineert. Verder is TNO ver met verticale panelen. Het contact zoeken met deze bedrijven heeft geen resultaat gehad, dus voor meer informatie is het het best om zelf direct contact met deze bedrijven op te nemen.

Recreatie Naast het opwekken van energie kan men ook ruimer denken over de mogelijkheden van een zonnepark. Bloemrijke zonnevelden zijn bijvoorbeeld aantrekkelijk als onderdeel van recreatieve routes. Verder kan een zonnepark als educatief schooluitje met het thema duurzaamheid bezocht worden. Solarpark de Kwekerij gaat een stapje verder, en stelt het zonnepark open voor publiek.

In de praktijk: Solarpark de Kwekerij (Hengelo) Solarpark de Kwekerij in Hengelo werd door Wageningen Universiteit, die onderzoek deed naar de biodiversiteit in 25 verschillende zonneparken in Nederland, als meest biodiverse zonnepark van Nederland uitgeroepen. Waar het gemiddelde aantal plantensoorten in de parken op 68 plantensoorten lag, heeft zonnepark de Kwekerij er 118. En dat terwijl dit het enige park is dat open is gesteld voor publiek. Het terrein van 7 ha is dan ook ingericht op een biodivers-vriendelijke manier; aan alle bovengenoemde optimale

11 omstandigheden wordt voldaan33. Het openstellen van het zonnepark geeft het een tweede functie: natuurpark. Bezoekers kunnen er wandelen en lunchen aan de picknicktafels, kinderen en honden kunnen er vrij spelen. Het maakt dat omwonenden betrokken worden bij het park. Zo beschrijft de Gelderlander het diverse landschap van het park: “Als die [omwonenden] het park inlopen, passeren ze eerst een insectenhotel. Daarnaast ligt een van de vele wadi’s om regenwater op te vangen en behalve op de paden is het gras er niet strak gemaaid. Tussen de panelen is volop ruimte voor kinderen om te ravotten. Honden kunnen er naar hertlust rennen en volwassenen een stukje door de natuur wandelen” (Penris, de Gelderlander, 2021)34. Recent zijn er ook bijenkasten geplaatst, waarvan de geproduceerde honing te koop is. Verder is er een stichting opgericht die naast het onderhoud van het park een educatieve taak biedt op het gebied van duurzaamheid door rondleidingen te verzorgen en lezingen te geven35. _________________________________________________________________________________ Tijdens het schrijven van dit rapport zijn we in gesprek geweest met een initiatiefnemer die open staat met de gemeente in overleg te gaan over een vergelijkbaar plan op zo’n zes hectare grond.

Om overbelasting van het net te voorkomen én om een uniek zonnepark met voorbeeldfunctie in Nederland te creëren zou in ideale situatie het zonnepark een combinatie met batterijen voor opslag van zonne energie hebben. Openstelling van het biodiverse zonnepark zou dan zoals in Hengelo enthousiasme onder Renswoudenaren kunnen vergroten door ze erbij te betrekken. In plaats van ‘een zwart veld’ wordt het zonnepark dan een attractie; een dagje uit met mogelijkheden voor educatieve uitjes, toerisme, en een ontmoetingsplek voor Renswoudenaren in een innovatief natuurpark. Het zou de duurzaamste plek van Renswoude kunnen worden. Belangrijk is dat het beheer van het zonnepark in Hengelo aangeeft op deze manier meer participatie en enthousiasme rondom het zonnepark te ontvangen. Om meer participatie te krijgen moet de algemene mindset van de gemeente veranderen; in plaats van een ‘lelijk zwart veld’ kan een zonnepark dus óók als leuk en iets om trots op te zijn ervaren worden. Onderschat niet hoe belangrijk dit kan zijn in het realiseren van een grootschalig zonnepark.

1.4: Vergelijkingstabel Voor de berekeningen is uitgegaan van een gemiddeld vermogen per 33

https://edepot.wur.nl/541057

34

https://www.gelderlander.nl/bronckhorst/zee-van-zonnepanelen-kan-wel-leuk-zijn-voor-omwonenden-het-bewijs-staat-in-he ngelo~a97737ac/ 35 https://nlsolarparkdekwekerij.nl/over-ons/

12 zonnepaneel van 300 Wattpiek. Om te corrigeren voor niet-ideale omstandigheden voor de panelen wordt het vermogen vermenigvuldigt met een rekenfactor van 0,9. Gemiddelde jaaropbrengst in kWh van 1 paneel: 300 Wp * 0,9 = 270 kWh per jaar

Benodigd aantal panelen voor 1 GWh/jaar

Zonnepanelen op dak

Horizontaal zonnepark

Geluidswal (verticale panelen)

1 GWh = 1000 000 kWh. 1000 000 kWh / 270 = 3703,7 panelen nodig

Ruimte beschikbaar: 7 ha. Voor een optimaal biodivers zonnepark uitgaande van 300 cm tussen de panelen.

Gebaseerd op geluidswal aan de A32, die naar schatting 1 gWh per jaar zal opleveren, 3300 (extra grote) panelen36

1 ha= 100 000 000 cm2 7 ha = 700 000 000 cm2 Dus op 7 ha passen dan …. panelen Ruimte nodig

Tussen de 926 (klein dak, 4 panelen per dak) en 309 daken (groot dak, 12 panelen per dak).

Uitgaande van een paneel van 1x1,65 meter, gericht op het Zuiden, onder een hoek van 37 graden, geplaatst in rijen van 30, met 3 meter tussen de rijen.

600 meter lang, +14 meter breed (panelen geplaatst vanaf 2 m hoogte)37

Een rij van 30 panelen plus de 3 meter afstand neemt 129 m2 in beslag en levert 8100 kWh/jaar op. Voor 1 gWh is dus 15926 m2 of 1,6 hectare nodig.

Uiteraard zijn deze berekeningen gebaseerd op gemiddelden. De geluidswal is gebaseerd op de geluidswal aan de A32, de locatie kan een enorm verschil maken in opbrengst dus er moet rekening worden gehouden met een foutmarge. Verder

36

https://www.oranjewoud-dorp.nl/wp-content/uploads/2018/06/rooftop_energy_zonnewal_a32_heerenveen_informatiebijeenk omst_final.pdf 37

https://www.lc.nl/friesland/heerenveen/Zonnewal-langs-A32-bij-Oudeschoot-is-half-juli-af-plannen-voor-tweede-wal-25561 973.html#:~:text=De%20zonnewal%2C%20ten%20noorden%20van,zo'n%202%20meter%20hoog.

13 is er uitgegaan van dezelfde opbrengsten voor panelen op dak en zonnepark panelen. Voor verticale panelen is uitgegaan van het voorbeeld geluidswal.

14

HOOFDSTUK 2. THERMISCHE ENERGIE EN RESTWARMTE

Aquathermie, geothermie en restwarmte Dit hoofdstuk verkent de opties voor relatief nieuwe vormen van duurzame energie die een bijdrage kunnen leveren in de energietransitie. De mogelijkheden voor geothermie, aquathermie en restwarmte worden achtereenvolgens behandeld in dit hoofdstuk. Volgens de doorberekeningen die Telos voor Renswoude heeft gedaan is geothermie nog geen optie op de korte termijn, maar is er in de toekomst potentie. In dit hoofdstuk zal naar voren komen hoe geothermie in de toekomst een substantiële bijdrage kan leveren aan de energietransitie. Voor wat betreft aquathermie, restwarmte en warmtepompinstallaties voor huishoudens zijn er mogelijkheden op kortere termijn.

2.1: Hoe werkt geothermie ? Geothermie (aardwarmte) is een duurzame bron van energie die een forse CO₂.besparing op kan leveren. Het principe van geothermie is eenvoudig: hoe dieper in de bodem, hoe warmer het wordt. Door water van 70°C of hoger op te pompen, kan de warmte uit water in de bodem worden gebruikt voor verwarming38. Om geothermie te benutten, dient een puttendoublet te worden geboord. Eén put waar het warme water omhoog komt (de productieput) en een andere put waar koud water naar beneden komt (de injectieput). In Nederland gaat dit meestal om een diepte van 2 à 3 kilometer. Alvorens de putten geboord kunnen worden is een gedegen kennis van de ondergrond vereist, o.a. om te bepalen waar de poreuze aardlagen zich bevinden van waaruit warm water gemakkelijk omhoog kan worden gepompt. Voordat het opgepompte water gebruikt kan worden gaat het door een warmtewisselaar. De warmtewisselaar draagt de warmte over naar een ondergronds distributienet of warmtenet dat leidt naar woningen of bedrijven met een warmtepomp. Wanneer het water de warmte heeft afgestaan aan het distributienet en daardoor is afgekoeld, wordt het weer geïnjecteerd in de bodem. Op deze manier blijft de druk in de bodem op peil39. Waar kan geothermie worden toegepast? Geothermie is geschikt voor projecten die om veel warmte vragen.

Denk bijvoorbeeld aan woonwijken en grote bedrijven, maar ook aan een sector als de glastuinbouw. Zoals eerder vermeld, wordt de optimale locatie van een aardwarmtebron bepaald door de geschiktheid en diepte van de bodem. Bodemonderzoek vereist veel tijd, expertise en kennis. Het hangt van de dikte en 38

https://www.uvw.nl/thema/duurzaamheid/thermische-energie/ https://www.youtube.com/watch?v=I-i7MvqFsHo https://www.youtube.com/watch?v=JztI5xZHcGc&t=3s 39 https://geothermie.nl/index.php/nl/ https://www.deltares.nl/nl/issues/duurzame-energie-uit-water-en-ondergrond/thermische-energie-uit-oppervlaktewater/

15 doorlatendheid van de bodemlaag af of er voor langere periode voldoende warm water uit de grond kan worden gepompt. Daarnaast is het van belang dat er voldoende vraag is van warmte afnemers in de buurt. Hoewel de toepassing van geothermie in de gebouwde omgeving nog beperkt is, wordt in het programma aardgasvrije wijken (PAW) al voorzichtig geëxperimenteerd met geothermie40. Opgesomd zijn een aantal factoren belangrijk voor de haalbaarheid van geothermie projecten: ● ● ●

De geschiktheid en diepte van de bodem Voldoende warmte afnemers nabij de aardwarmtebron Nabijheid van het collectieve warmtenet

Wat levert geothermie op? Hoewel het nog niet helemaal duidelijk wat geothermie precies oplevert, wordt verwacht dat het in de toekomst veel potentie heeft. Bovendien is het lastig om cijfers te noemen over de opbrengst omdat het afhangt van het project. Naar schatting van Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) levert geothermie op lange termijn potentieel 70 PJ energie per jaar voor de verwarming van de bebouwde omgeving. Dat komt neer op 40% van de energiebehoefte. Volgens een schatting werd in 2016 2,8 PJ geothermie onttrokken en wordt er ingezet op 15 PJ in 2030. In Nederland zijn al enkele projecten en initiatieven gestart om ook warmtenetten op gebouwen aan te sluiten. Er bestaat dus al wat ervaring met boren, maar zoals eerder gesteld is toepassing in de gebouwde omgeving is nog beperkt. Door ervaringen in het buitenland is bekend dat installaties voor geothermie minstens 30 jaar meegaan41. Bij goed onderhoud en tijdige innovatie kunnen de installaties nog veel langer meegaan. Om het rendement hoog te houden is het van belang dat de productieput en de injectieput op afstand van elkaar liggen. Bij voorkeur liggen de putten zo’n 1 tot 2 kilometer uit elkaar, zodat het afgekoelde water niet gaat mengen met de warmtebron. Het rendement van de installatie kan verder worden verhoogd met aardgaswinning.

Het gas dat van nature aanwezig is op zulke dieptes kan worden gescheiden van het water en vervolgens worden gebruikt voor verwarming of het opwekken van elektriciteit42. Voor- en Nadelen van Geothermie Zoals eerder gesteld, is geothermie een duurzame en lokale bron van energie die bijna volledig CO₂ neutraal is. Daarnaast is energie uit aardwarmte “gratis” energie, maar de kosten van vooronderzoek, het boren en de installatie zijn hoog. Zonder subsidie is aardwarmte ook nog niet concurrerend vergeleken met fossiele brandstoffen. Een nadeel is dat er seismische risico’s verbonden zijn aan methodes van geothermie. Het gaat dan om risico’s die zich ook voordoen bij olie-en gaswinning, met het verschil dat risico’s bij warmtewinning ontstaan door het terugpompen van water, waardoor aardbreuken instabiel kunnen worden. De 40

https://www.stowa.nl/sites/default/files/assets/PROJECTEN/Projecten%202016/project449.003%20thermische%20energie/Portfolio%20T EO%20met%20beschrijving%20van%2013%20voorbeeldprojecten.pdf 41

https://www.zwolle.nl/wonen-en-leven/natuur-en-milieu/energie/geothermie https://expertisecentrumwarmte.nl/themas/technische+oplossingen/techniekfactsheets+energiebronnen/geothermie+nieuw/de fault.aspx 42

https://www.thermogis.nl/het-principe-van-geothermie

16 kans op aardbevingen is wel iets lager, omdat je niet alleen warmte uit de grond haalt, maar ook weer water in de bodem terug pompt waardoor minder kans op bodemverzakking43. De mogelijkheden voor Renswoude Voorlopig zijn geothermieprojecten nog beperkt te realiseren. De kosten zijn nog hoog zonder subsidies en het rendement is nog niet duidelijk. Bovendien zijn de seismische risico’s een mogelijke drempel voor draagvlak. De ontwikkeling van huidige geothermie projecten zullen bepalend zijn of geothermie voldoende toekomst heeft om significant bij te dragen aan de energietransitie.

2.2: Hoe werkt Aquathermie Aquathermie is het winnen van warmte en koude uit water dat gebruikt kan worden voor de verwarming of verkoeling van gebouwen. De vormen van aquathermie zijn onder te verdelen in energie uit oppervlaktewater (TEO), drinkwater (TED) of uit afvalwater (TEA). ● ● ●

TEO: thermische energie uit oppervlaktewater: kanalen, grachten, rivieren, plassen TEA: Thermische energie uit afvalwater: rioolwater, riolering TED: Thermische energie uit drinkwater44

Aquathermie werkt meestal samen in combinatie met bodemenergie. Gedurende de zomer wordt de warmte uit het oppervlaktewater opgeslagen in een bodemenergiesysteem. In de winter kan deze warmte worden gebruikt om met een warmtepomp gebouwen te verwarmen. Gedurende de winter kan juist koude worden opgeslagen. Aquathermie is dus interessant voor het verwarmen en verkoelen van gebouwen. Om gebouwen te verwarmen moet het water wel ergens op worden geslagen. Dit kan met een warmte-koudeopslag (WKO). De warmte die in de zomer uit het water is gehaald wordt in een ondergrondse WKO opgeslagen in een grondwaterlaag. In de winter kan de warmte uit de WKO worden gehaald als bron voor een warmtepomp. De warmtepomp zorgt ervoor dat het bronwater op een efficiënte manier van een lage naar een hoge temperatuur gaat. Om de warmte of koude te transporteren naar gebouwen moet een bronnet of warmtenet worden aangelegd. Een warmtenet bestaat uit geïsoleerde buizen in de grond die de warmte kunnen vervoeren. Een bronnet heeft geen geïsoleerde leidingen, maar heeft de temperatuur van de bron, waardoor de kosten voor de aanleg aanzienlijk lager zijn dan bij een warmtenet. Bij een bronnet is een warmtepomp aangesloten nabij het gebouw om het water te verwarmen naar de juiste temperatuur. Warmte kan overigens ook worden opgeslagen in grote buffers om de vraag naar water op te vangen tijdens pieken. 45 46

43

https://warmtebron.nu/risico-en-maatregelen/

44

https://stadszaken.nl/artikel/1647/vijf-misvattingen-over-geothermie

45

https://www.youtube.com/watch?v=TcT2JbhF6yU&t=284s

46

https://ce.nl/publicaties/nationaal-potentieel-van-aquathermie

17

Waar kan aquathermie worden toegepast? Aquathermie is voornamelijk een optie voor geïsoleerde gebouwen die met lage-temperatuur systemen kunnen worden verwarmd. Daarom is het ook vooral interessant bij nieuwbouw en in de nabijheid van open wateroppervlaktes. Daarnaast hebben gemalen en stuwen potentie voor aquathermie, omdat er al pompen aanwezig zijn in deze toepassingen. Dat laatste komt dan ook het rendement en de investeringen ten goede47. Aangezien de aanleg van buizen in de grond een hoge investering vereist, is het van belang dat de bron van aquathermie niet te ver van gebruikers af ligt48. Voor kleine projecten (zoals een kantoorpand) is dit maximaal een paar honderd meter, voor grote projecten (zoals een stadswijk) maximaal enkele kilometers. Wanneer gebruikt wordt gemaakt van een WKO, dan dient de bodem daarvoor geschikt te zijn. In de praktijk wordt aquathermie al op verschillende plekken in Nederland toegepast. De projecten zijn veelal kleinschalig (100-500 woningen). In een aantal steden worden al gebouwen verwarmd met energie gewonnen uit grachten, meren en rivieren49. Ook is steeds meer interesse bij de bestaande bouw. In een nieuwe ronde van het project Proeftuin Aardgasvrije Wijken (PAW) is vanuit het Rijk ook geld beschikbaar gesteld om aquathermie te realiseren in de bestaande bouw.

Op kleinschalig niveau wordt aquathermie zelfstandig toegepast doordat lokale netwerken tot ontwikkeling komen. De waterbeheerders dragen met uiteenlopende initiatieven al bij aan de energietransitie. Zij kunnen een belangrijke rol spelen bij TEO gezien het oppervlaktewater grotendeels in beheer is van de waterbeheerders. Door TEO te realiseren, leveren zij een maatschappelijke bijdrage aan de energietransitie en de eigen energiedoelen50. In 2019 werd een Green Deal Aquathermie gesloten mede omdat er nog geen enkele organisatie het potentieel van aquathermie goed in kaart had gebracht terwijl het wel van belang is dat zulke informatie wordt meegenomen in de gemeentelijke transitievisie warmte. Rijkswaterstaat en de Unie van Waterschappen de handen ineengeslagen om hiervoor een programma te ontwikkelen zodat meer kennis beschikbaar komt51. In de komende jaren is dus nog een hoop te verwachten rondom technieken van aquathermie. Wat levert het op? Aquathermieprojecten zijn altijd maatwerk en de technische en financiële haalbaarheid van een warmtenet met aquathermie hangt af van een aantal factoren: nabijheid en omvang van de warmtebron, de mogelijkheden van warmteopslag, de bebouwingsdichtheid en de isolatie van de gebouwen. De potentie van aquathermie is groot.

Met de kennis van nu wordt geschat dat thermische energie uit oppervlaktewater (TEO) de meeste toekomst heeft, maar op dit moment is nog geen enkele vorm van aquathermie rendabel52. Subsidies zouden aquathermie in de toekomst rendabel kunnen maken. Volgens het 47 48

https://www.tno.nl/nl/over-tno/nieuws/2020/12/geothermie-duurzame-energiebron/ https://expertisecentrumwarmte.nl/themas/technische+oplossingen/techniekfactsheets+energiebronnen/geothermie+nieuw/default.aspx

49

https://aquathermie.nl/praktijk/aquathermie+praktijkinitiatieven/default.aspx

50

https://www.rvo.nl/sites/default/files/bijlagen/Factsheet%20Verkenning%20restwarmtebenutting%202NECW1102.pdf

51

https://www.greendeals.nl/green-deals/green-deal-aquathermie

52

https://servicepuntduurzameenergie.nl/wp-content/uploads/2019/07/Geothermie-en-Aquathermie-een-introductie-in-potenti%C3%ABle-br onnen-voor-een-warmtenet-Servicepunt-Duurzame-Energie.pdf

18 kenniscentrum van regionale waterschappen STOWA, ligt de ontwikkeling van aquathermie op een kantelpunt. Op technisch, financieel, juridische en organisatorisch vlak zijn er vaak nog hobbels waardoor TEO nog niet van de grond is gekomen. Het succesvol opzetten van aquathermie projecten vergt de inzet van financiële middelen vanuit publieke en private partners, level-playing field, het nemen van eigenaarschap voor het proces, en samenwerking tussen verschillende partijen53. Opgesomd zijn de volgende factoren belangrijk voor de haalbaarheid van aquathermie projecten: ● ● ● ●

De bebouwingsdichtheid is voldoende De nabijheid van de warmtebron De opslagmogelijkheid De warmtevraag en isolatiegraad van het te verwarmen gebouw.

Voor- en nadelen van Aquathermie Aquathermie is een duurzaam alternatief voor aardgas. Het voordeel is dat aquathermie zowel een positief effect heeft op de waterkwaliteit als op de hittestress. Een ander voordeel is dat het toepasbaar is op relatief kleine schaal (vanaf 100 woningen). De grootste bottleneck voor aquathermie is de ontwikkeling van het warmtenet. De aanleg kost veel geld en er zijn verschillende partijen nodig bij de realisatie54. Een ander nadeel is dat aquathermie projecten veel duurzame elektriciteit vereisen. Dat betekent dat er meer zonnepanelen en windturbines nodig zijn om aquathermie projecten te kunnen realiseren. Daarnaast moet de ondergrond geschikt zijn voor warmteopslag, met name via de WKO.55 De mogelijkheden voor Renswoude Voor Renswoude zou kunnen worden onderzocht of aquathermie projecten mogelijk zijn voor nieuwbouwhuizen gelegen aan het slootwater. Ook zou kunnen worden onderzocht of TEO mogelijk is bij het kasteel*56. Aangezien aquathermieprojecten maatwerk zijn, is het moeilijk in te schatten wat precies mogelijk is. Op de aquathermie projectenkaart is te zien op welke manieren aquathermie wordt toegepast in Nederland.

53

54

https://www.stowa.nl/publicaties/handreiking-aquathermie

https://aquathermie.nl/bibliotheek/HandlerDownloadFiles.ashx?idnv=1482575&forcedownload=false https://www.youtube.com/watch?v=pZWYMtHp0TQ 56 Een kasteel in het Limburgse Swalmen genereert 288 GJ per jaar met TEO. 55

19

2.3: De Warmtepomp Sommige typen warmtepompen maken ook gebruik van thermische energie. Zo zijn er warmtepompen die energie halen uit de lucht en uit het grondwater. De warmte wordt vervolgens via een warmtewisselaar afgegeven aan het verwarmingssysteem in een gebouw of woonhuis. Er zijn twee soorten warmtepompen: ●

De volledig elektrische warmtepomp: deze vervangt de gasaansluiting volledig. Kosten: ca. € 6.500,- à € 8.500,- incl. BTW en installatie afhankelijk van het type en vermogen van de warmtepomp.

●

De hybride warmtepomp: deze combineert de warmtepomp met een HR CV-ketel Kosten: ca. €4 000,- incl. installatie, maar excl. cv-ketel.

Met een hybride warmtepomp wordt nog steeds gas verbruikt, maar is het verbruik wel aanzienlijk lager. De CV-ketel springt namelijk alleen aan wanneer het te koud is of voor warm kraanwater. Voor elk warmtepomp type geldt dat een gebouw voldoende geïsoleerd zijn om het goed te kunnen verwarmen, vooral tijdens de winter.57 Hoe werkt de warmtepomp? Er bestaan dus verschillende warmtepompen die ieder op een andere wijze werken. Over het algemeen bestaat de werking van de warmtepomp uit drie cyclussen: 1. Warmte onttrekken uit de omgeving De onttrokken warmte wordt vervoerd naar een buizensysteem waardoor een vorstvrije vloeistof stroomt. De vorstvrije vloeistof is doorgaans kouder dan de omgevingstemperatuur, waardoor warmte uit de lucht kan onttrekken. 2. De temperatuur verhogen De koelvloeistof absorbeert de warmte, kookt en verdampt. Een compressor zorgt ervoor dat de druk van de damp verhoogt, waardoor de temperatuur stijgt en gebruikt kan worden voor het verwarmingssysteem. Kortom, de koelvloeistof geeft zijn warmte af aan het verwarmingssysteem. 3. De warmte gebruiken in het gebouw Met de gewonnen warmte kan het gebouw worden verwarmd en warm water worden geproduceerd. Wanneer de vloeistof is afgekoeld, wordt deze weer gecondenseerd en opnieuw vloeibaar.

Aangezien de koelvloeistof nog onder hoge druk staat en te warm is om direct nieuwe warmte te ontrekken uit de omgeving, moet deze eerst afkoelen. Het expansieventiel zorgt ervoor dat de druk 57

https://www.consumentenbond.nl/warmtepomp

20 verminderd, zodat de temperatuur snel wordt verlaagd. Zodoende kan de koelvloeistof opnieuw warmte opnemen en kan de cyclus weer opnieuw beginnen58. Typen warmtepompen ●

●

●

Lucht-Lucht Warmtepomp Deze warmtepomp haalt warmte uit de buitenlucht en kan daarmee verwarmde lucht in huis maken. Het werkt eigenlijk als een omgekeerde airconditioning. Bodemwarmtepomp Deze warmtepomp haalt warmte uit de bodem en wordt via verwarmingsleidingen naar radiatoren of vloerverwarming getransporteerd. Lucht-water warmtepomp (Hybride) Deze warmtepomp haalt warmte (thermische energie) uit de buitenlucht of via afgevoerde ventilatielucht en verhoogt de temperatuur. Vervolgens wordt deze warmte via verwarmingsleidingen getransporteerd. De warmtepomp is te verkrijgen als monoblock of split-unit. Bij een monoblock zitten de belangrijkste onderdelen van de warmtepomp in een buitendeel. Deze staat via de warmwaterleiding in verbinding met de cv-ketel. Bij een split zijn de belangrijkste onderdelen verdeeld over het buiten-en het binnendeel die via koudemiddelleidingen in verbinding staan met elkaar. Vanwege de koudemiddelleiding mag alleen een gecertificeerde installateur de split installatie aanleggen. De split is kleiner in omvang dan de monoblock, waardoor deze ook kan worden opgehangen. De monoblock daarentegen is een stuk zwaarder en kan alleen op de grond staan. Over het algemeen is de monoblock wel een stuk stiller.

Waar kan een warmtepomp worden geïnstalleerd Niet elk huis of gebouw is geschikt voor een warmtepomp. Bodemwarmtepompen verwarmen het meest efficiënt en zijn vaak geïnstalleerd bij nieuwbouwhuizen. Lucht-water warmtepompen zijn geschikt voor bestaande woningen. Huizenbezitters kunnen zelf testen of hun huis geschikt is voor een warmtepomp door voor de vorstperiode de temperatuur van de cv-ketel een paar weken of 50°C te zetten en de verwarming niet meer dan 2°C lager te zetten en dan te checken of het lukt om de woning op temperatuur te houden. Wanneer dat niet lukt, dan zal het huis eerst beter geïsoleerd moeten worden. Verder is een warmtepomp vaak geschikt voor huizen voorzien van vloerverwarming en/of lage temperatuur radiatoren. Dit omdat de warmtepomp het meest rendabel is als hij tot een temperatuur van 35°C moet verwarmen. Bij het kiezen van een warmtepomp is het van belang de juiste capaciteit te kiezen. Daarnaast is het van belang om de keuze te laten vallen op een warmtepomp met een hoog seizoensrendement. Dit wordt aangeduid met de SCOP-waarde. Hoe hoger de SCOP-waarde, hoe meer kWh de warmtepomp op kan leveren. Bij de aanschaf 58

https://www.klimaatexpert.com/warmtepomp/technisch/hoe-werkt-een-warmtepomp

21 van een warmtepomp is het bovendien aan te raden om te kijken naar de geluidsoverlast. Zo kan de buitenunit van de installatie het beste op de grond worden geplaatst voor een optimale trillingsdemping. Er bestaan ook geluidswerende omkastingen die het geluid dempen. Sommige warmtepompen zijn ook uitgerust met een stille modus. De energieadviseur kan het beste helpen met een passend advies. De gemeente kan hierin een faciliterende rol spelen door een betrouwbare energieadviseur en een erkend installatiebedrijf aan te wijzen. Wat levert het op? De opbrengst van een warmtepomp hangt ervan af of het gaat om een volledig elektrische warmtepomp of om een hybride warmtepomp. Een andere factor is dat een warmtepomp minder zuinig is naarmate de buitenlucht kouder is. Bij een volledig elektrische pomp vallen de vaste lasten voor de gasaansluiting weg, tenzij wordt besloten om nog op gas te koken. De gemiddelde besparing met een hybride warmtepomp ligt gemiddeld rond de € 200,- per jaar t.o.v. een hr-ketel. Deze kan nog hoger worden met de installatie van zonnepanelen, omdat daarmee het extra stroomverbruik kan worden gecompenseerd. Bij de volledig elektrische warmtepomp gaat de besparing richting € 300,- per jaar59. Subsidies Voor de meeste warmtepompen is subsidie beschikbaar, maar deze kan pas worden aangevraagd na de installatie.

Dit betreft de Investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing (ISDE). Vanaf € 500,- is een subsidie beschikbaar voor bestaande woningen, afhankelijk van het type warmtepomp. Een voorwaarde is dat de subsidie binnen 12 maanden na de installatie moet worden aangevraagd60. Voor-en Nadelen van de warmtepomp De aanschaf van een warmtepomp is een goede stap in de richting om van het aardgas af te gaan. Aangezien een warmtepomp minder energie verbruikt dan een HR-ketel, verbetert het energielabel van een woning. Andere voordelen zijn de verminderde CO₂ uitstoot en dat een warmtepomp vrijwel onderhoudsarm is. Bovendien maakt een subsidie de aanschaf aantrekkelijk. Een van de nadelen is dat ondanks de subsidie de aanschafkosten hoog zijn. Een ander nadeel is dat de warmtepomp meer ruimte inneemnt dan een cv-ketel. Daarnaast vinden mensen de kast buiten vaak opzichtig en luid61. De mogelijkheden voor Renswoude Aangezien er verschillende soorten warmtepompen zijn is er voor elk koophuis dat voldoende geïsoleerd is wel een geschikte optie. De keuze voor een warmtepomp ligt echter bij de huizenbezitter. De gemeente kan een belangrijke faciliterende rol aannemen om bewoners te stimuleren om een warmtepomp aan te schaffen door goede informatie te verschaffen over de mogelijkheden en de subsidies. 59

https://www.consumentenbond.nl/warmtepomp https://www.rvo.nl/subsidie-en-financieringswijzer/isde/woningeigenaren/voorwaarden-woningeigenaren/warmtepomp 61 https://www.technischeunie.nl/categorie/voordelen-en-nadelen-warmtepomp 60

22

In de Praktijk: De eerste Haagse woonwijk van het gas af dankzij burgerparticipatie62? Bewonersinitiatief om de wijk te verduurzamen Een groep bewoners uit de Vruchtenbuurt in Den Haag startten enkele jaren geleden een projectgroep op om te verduurzamen. Een duurzame, energiezuinige en groene wijk was het doel. De projectgroep richtte het initiatief Warm in de Wijk op inclusief eigen coöperatie. Al 250 wijkbewoners zijn lid geworden van de coöperatie en er worden nu zo’n 700 mensen op de hoogte gehouden via social media, nieuwsbrieven en bewonersbijeenkomsten. Warm in de Wijk heeft in 2018 al een haalbaarheidsonderzoek laten uitvoeren naar potentiële bronnen om duurzaam te verwarmen. Twee van deze bronnen gebruiken aquathermie. De derde bron kan mogelijk warmte leveren van een geothermiecentrale. Op dit moment zit het initiatief om de tafel om een pilotproject te lopen waarin 500 woningen worden meegenomen en worden aangesloten op bovengenoemde bronnen. Participatie en Sociale Cohesie Om antwoord te krijgen op de vraag op welke geschikte temperatuur de woningen in de wijk verwarmd moeten worden is het proefproject Zet ‘m op 70! afgerond. 70 bewoners zetten tijdens het stookseizoen hun cv-ketel op 70 graden om te kijken of dit van invloed was op hun wooncomfort.

Door zo’n proefproject worden bewoners in staat gesteld zelf iets bij te doen en bij te dragen aan de energietransitie in hun wijk. Hierdoor wordt de betrokkenheid en bereidheid tot verdere participatie vergroot. Het project Zet ‘m op 70! is slechts een van de voorbeelden waarmee de buurt betrokken wordt bij Warm in de Wijk. De leden van het initiatief zetten ook ludieke acties op en faciliteren werkgroepen. Naast draagvlak wordt ook sociale cohesie in de wijk vergroot, omdat mensen elkaar leren kennen door deze duurzame projecten. De toekomst voor Warm in de Wijk De Vruchtenbuurt heeft de ambitie om de eerste Haagse wijk worden die van het gas af is. Het project waarbij de eerste 500 woningen van het gas af gaan is het begin. Daarnaast is Warm in de Wijk begonnen met het opleiden van Energiecoaches in de wijk, in samenwerking met HOOM De energiecoaches zijn wijkbewoners die niet alleen verstand hebben van de warmte-en energietransitie, maar ook van het verduurzamen van de woningen, en daarnaast het soort huizen en de wijk zelf goed kent. Aangezien de energiecoach gratis, lokaal en onafhankelijk is, is het ook een mooie manier om sociale cohesie en participatie in wijken te vergroten.

62

https://duurzaamdenhaag.nl/dit-zijn-we/blog/de-vruchtenbuurt-is-de-eerste-haagse-wijk-die-van-het-gas-af-is

23

2.4: Restwarmte: Hoe het werkt Restwarmte is warmte die dikwijls vrijkomt uit verbrandingsinstallaties en (industriële) processen. Deze warmte wordt niet altijd (optimaal) benut en wordt dan restwarmte genoemd. Vanuit bijvoorbeeld datacenters, crematoria, ziekenhuizen, en koel- en vrieshuizen, maar ook uit rioolwaterzuiveringsinstallaties komt veel warmte vrij. Zo kan een zwembad restwarmte van de rioolwaterzuiveringsinstallatie gebruiken om het badwater te verwarmen. Woon-of kantoorflats kunnen bijvoorbeeld restwarmte gebruiken van een supermarkt of ziekenhuis voor gebouwverwarming. Veel bedrijven lozen hun warmte op het oppervlaktewater en in de lucht via rookgassen of verdamping via koeltorens, maar deze restwarmte kan ook worden gebruikt om water in een warmtenet te verwarmen. Zo kan de overige warmte worden gebruikt om gebouwen, woningen en glastuinbouw te verwarmen. Dit zorgt ervoor dat warmte niet met fossiele brandstof of met andere bronnen hoeft te worden opgewekt. Zodoende kan restwarmte bijdragen aan een klimaatneutrale warmtevoorziening voor de gebouwde omgeving. Met gebruik van restwarmte kunnen gebouwen en huizen op een duurzame manier worden verwarmd of verkoeld waarbij nagenoeg geen CO₂ vrijkomt. De overheid wil bedrijven stimuleren om restwarmte in te zetten en warmtenetten aan te leggen.

Vaak kunnen meerdere bronnen van restwarmte worden gekoppeld aan één warmtenet. 63 Wat levert het op? Hoeveel restwarmte kan worden benut hangt af van de bron en daarom betreft het altijd maatwerk. De toepasbaarheid van restwarmte is afhankelijk van verschillende factoren, zoals bestaande infrastructuur en afstand. Voordat extern gebruik van restwarmte wordt ingezet is het nuttig om eerst te onderzoeken waardoor de overgebleven warmte ontstaat. Het is goed mogelijk dat restwarmte ontstaat door inefficiëntie. Wanneer blijkt dat restwarmte intern niet goed kan worden ingezet kunnen de opties worden verkend voor de toepassing van restwarmte. Aangezien de toepassing van restwarmte maatwerk vereist, kan het beste een installatieadviseur worden geraadpleegd om de mogelijkheden voor de overschotten aan restwarmte in te schatten en een indicatie te geven van de kosten. De grootste kostenpost voor het toepassen van restwarmte is de aanleg en het onderhoud van de infrastructuur tussen locaties. Daarnaast vraagt de inzet van restwarmte over het algemeen een forse investering bij het bedrijf waar de restwarmte vandaan komt. Door afstanden kort te houden worden kosten beperkt. Subsidies64 voor warmte-uitwisseling maken de toepassing van 63

64

https://www.milieucentraal.nl/energie-besparen/aardgasvrij-wonen/warmtenet-zonder-aardgas/

De Energie Investerings Aftrek ( EIA) en de Stimuleringsregeling Duurzame Energietransitie (SDE++) kunnen worden aangevraagd bij restwarmte projecten. Zie de website van RVO.

24 restwarmte echter rendabeler dan enkele jaren geleden. Vaak wordt gewezen op het belang van een eerlijke kostenverdeling tussen partijen bij restwarmte projecten. Wanneer een uitgebreid warmtenet wordt aangelegd waarop meerdere partijen zich aansluiten, zal ook een warmtebedrijf grote investeringskosten op zich nemen. De ontvanger zal ook deel voor rekening nemen via de aansluitkosten en de energieprijzen. De Autoriteit Consument en Markt (ACM) heeft regels opgesteld voor de maximale leverings-en aansluitkosten waaraan de leverancier zich dient te houden65. Voor-en nadelen van Restwarmte Hoewel het gebruik van restwarmte de CO2-uitstoot significant kan verminderen bij de afnemer, is restwarmte niet per definitie duurzaam. Wanneer de warmte afkomstig is van fossiele stook is de restwarmte niet duurzaam op de lange termijn, en is het beter om in de toekomst van fossiele brandstoffen over te gaan naar bijvoorbeeld groene stroom. Het is duurzamer als restwarmte komt van groene energieopwekking. Over het algemeen is restwarmte een goede stap richting klimaatneutraal, omdat energieleveranciers ook steeds meer schone energie aanbieden. Het is bekend dat de extra energie die nodig is voor het rondpompen van het water minimaal is t.o.v. het vermeden brandstofgebruik. Volgens bevindingen van de RVO is in Nederland 125 PJ beschikbaar aan restwarmte boven de 100 °C.

Wanneer dit wordt ingezet kan de besparing overeenkomen met het aardgasverbruik van de helft van alle huishoudens66. Bovendien is de realisatie van een warmtenet in de praktijk vaak lastig en duur67. De mogelijkheden voor Renswoude Het gebruik van restwarmte heeft mogelijk potentie in Renswoude. Zo zouden de COOP en het industrieterrein mogelijk restwarmte kunnen leveren. Aangezien restwarmte bij verschillende processen vrijkomt, is het aan te raden om te onderzoeken waar de mogelijkheden liggen binnen de gemeente. Zeker omdat er nog subsidies beschikbaar zijn. Het is belangrijk om eerst na te gaan of de restwarmte niet eerst kan worden geminimaliseerd door efficiëntere processen. Daarnaast is het op de lange termijn van belang of de restwarmte ook duurzaam geproduceerd is.

In de Praktijk: Restwarmte De energie-circulaire supermarkt in Woerden: Zonne-energie, Restwarmte, en Thermische energieopwekking.

Het filiaal van de Lidl in Woerden is energie-circulair. met 1.766 zonnepanelen en warmte-koude opslag met behulp van heipalen en restwarmte van koelingen. Daarmee verbruikt het filiaal niet meer energie dan het zelf opwekt. De heipalen zorgen er niet alleen voor dat het gebouw verzakt, maar dienen ook als WKO. Warmte en koude wordt opgeslagen in de heipalen, waardoor het 65

https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/duurzame-energie/overheid-stimuleert-nuttige-toepassingen-van-restwarmte https://www.stimular.nl/maatregelen/gebruik-restwarmte-van-een-nabijgelegen-bedrijf/

66 67

https://www.expertisecentrumwarmte.nl/themas/technische+oplossingen/techniekfactsheets+energiebronnen/restwarmte+nieuw/default.asp

x

25 systeem in de zomer voor koeling zorgt en in de winter voor koude. De restwarmte van de productkoeling van dubbel glas zorgt voor het juiste klimaat in de supermarkt68. Volgens Stichting Stimular voor Duurzaam ondernemen kan in een supermarkt met een centraal systeem met een koelcapaciteit van 200 kW 30% van de warmte nuttig gebruikt worden. Dit betekent een besparing van 216.000 MJ ofwel ca. 6.800 m3 aardgas per jaar. Dit komt overeen met € 2.040 per jaar.69

Industrieterrein Wavin in Hardenberg: Een combinatie van zonnepanelen en restwarmte Met circa 7000 zonnepanelen op de daken van het industrieterrein Wavin in Hardenberg wordt zo’n 2% van de energiebehoefte van het terrein voorzien. Met de restwarmte die kunstproducent Wavin op het industrieterrein produceert wordt een zwembad, een sporthal en een kantoorpand verwarmd70. Ook wordt er naar manieren gezocht of de restwarmte kan worden ingezet voor het lokale ziekenhuis en voor woningen. De gemeente Hardenberg heeft samen verschillende bedrijven op het terrein een warmtenetwerk gerealiseerd 71

2.6 Conclusie Thermische energie en restwarmte Zoals begin dit hoofdstuk is gesteld, staan methoden van duurzame energieopwekking via aardwarmte en aquathermie nog in de kinderschoenen. In de afgelopen jaren is kennis omtrent thermische energie enorm toegenomen en zijn de eerste projecten in Nederland van start gegaan. Het advies is dan ook om deze ontwikkelingen bij te houden, zodat bodemonderzoek, eventuele subsidies en vergunningen tijdig kunnen worden gerealiseerd. De mogelijkheden voor aquathermie in bijvoorbeeld de nieuwbouwwijken en het kasteel van Renswoude zouden bijvoorbeeld serieus kunnen worden overwogen. Op kortere termijn zou restwarmte van (industrie)bedrijven als bron voor een warmtenet weldegelijk een optie kunnen zijn, die later (wanneer de industrie energie zuinig is) kan worden vervangen door aardwarmte/geothermie, wat vervolgens wel via hetzelfde warmtenet kan worden geregeld. Daarnaast is het stimuleren van de aanschaf van warmtepompen ook aan te raden, zeker nu de subsidieregeling nog van kracht is.

68

https://www.change.inc/energie/lidl-zero-energie-32313 https://www.stimular.nl/maatregelen/gebruik-restwarmte-koel-of-vriesinstallatie/ 70 https://www.total-energie.nl/blog/energiebesparing-en-gasloos-in-de-industrie/ 71 https://dion.nl/verduurzaming-industrie/ 69

26

HOOFDSTUK 3: WINDENERGIE

Hoewel er veel weerstand is bij het plaatsen van windmolens in Renswoude en het plan om deze te plaatsen stil is gelegd, verkent dit hoofdstuk hoe draagvlak kan worden gevonden onder de inwoners. Grote windturbines zijn onmisbaar in de energietransitie en op dit moment zijn er nog weinig alternatieven die eenzelfde hoeveelheid duurzame energie opwekken. Sommige tegenstanders van windmolens geven aan dat - in plaats van in te zetten op windenergie- beter kan worden ingezet op nieuwe opties. In de praktijk zijn deze nieuwe opties voor windenergie nog kleinschalig, relatief duur en met beperkte subsidies te ondersteunen. Bovendien gaat er veel tijd overheen voordat een nieuwe duurzame energietechnologie de kraamkamer heeft ontgroeid en commercieel aantrekkelijk wordt.

3.1: Weerstand? Niet overal Goede groene bedoelingen stuiten in de praktijk vaak op bezwaren. Gemeenten die plannen hebben om windturbines te plaatsen kunnen bijna steevast rekenen op weerstand onder inwoners. Veel genoemde nadelen die worden genoemd door tegenstanders van windmolens zijn natuurbehoud, gezondheidsrisico’s en geluidsoverlast. Toch zijn er op verschillende plaatsen in het land succesverhalen. Het blijkt dat natuurschade beperkt kan blijven met ecologisch onderzoek en monitoring. Gezondheidsrisico’s zijn vaak te verwaarlozen wanneer windmolens op redelijke afstand van woonhuizen worden geplaatst. Daarnaast zijn een aantal windparken tot stand gekomen met betrokkenheid van omwonenden, zodat zij ook mee kunnen profiteren van de opbrengst72. Overlast en Gezondheidsrisico’s Tegenstanders van windmolens benoemen vaak het risico op gezondheidsschade bij omwonenden door laagfrequent geluid (LFG), oftewel ‘bromtonen’. LFG draagt veel verder dan ‘normaal’ geluid en onderweg wordt het nauwelijks afgestopt door de omgeving. Binnenshuis kan LFG trillingen veroorzaken. Zo worden klachten als stress, slapeloosheid, verhoogde bloeddruk en verergerde hartklachten als gevolg van draaiende turbines genoemd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11201987/1