Belangrijkste wijzigingen subsidieverordening, was wordt-tabel
Tekst van het document
Inhoudelijke wijzigingen Algemene Subsidieverordening gemeente Renswoude Vanwege de vele wijzigingen, zijn alleen de relevante inhoudelijke wijzigingen meegenomen in de was/wordt-tabel. De belangrijkste wijzigingen zijn geel gemarkeerd. Was Er werd onderscheid gemaakt tussen: - structurele en incidentele activiteiten, - beleidsgestuurde contractfinanciering (budgetsubsidie)
Wordt
Indientermijn (artikel 6, lid 1):
Er wordt onderscheid gemaakt tussen: - subsidies tot €2.500; - subsidies tussen €2.500 en €5.000; - subsidies tussen €5.000 en €50.000; - subsidies vanaf €50.000 Aanvraagtermijn (artikel 7, lid 1)
De aanvraag voor een structurele activiteitensubsidie moet uiterlijk 1 mei voorafgaande aan het jaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd, worden ingediend In te dienen stukken (artikel 7, lid 1):
Een aanvraag voor een jaarlijkse of meerjarige subsidie wordt uiterlijk 1 juli ingediend, voorafgaand aan het jaar of de jaren waarop de aanvraag betrekking heeft. Aanvraag (artikel 6, lid 2)
Bij aanvang voor een structurele activiteitensubsidie wordt overlegd: a. een exploitatiebegroting voor het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd; b. een werkplan; c. de rekening en een inhoudelijk verslag over het jaar dat vooraf gaat aan het jaar waarin subsidie wordt aangevraagd; d. de balans per 31 december van het jaar dat vooraf gaat aan het jaar waarin subsidie wordt aangevraagd; e. een overzicht van de contributies en tarieven.
Bij de aanvraag overlegt de aanvrager in ieder geval de volgende gegevens: a. de hoogte van de aangevraagde subsidie en motivering van aanvraag; b. een beschrijving van de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd; c. de doelen en resultaten die met die activiteiten worden nagestreefd, en hoe de activiteiten daaraan bijdragen; d. een sluitende begroting met inkomsten en uitgaven voor deze activiteiten. De begroting bevat ook een opgave van bij anderen aangevraagde subsidies of vergoedingen ten behoeve van dezelfde activiteiten, onder vermelding van de stand van zaken daarvan; e. als het een subsidie betreft die per boekjaar aan een rechtspersoon wordt verstrekt, inzicht in het vermogen op het moment van de aanvraag. f. als het een subsidieaanvraag boven de €50.000 betreft, een plan van aanpak waarin de aanvrager laat zien hoe de activiteiten bijdragen aan de gestelde doelen en de maatschappelijke doelstellingen van de gemeente Renswoude (bijvoorbeeld een jaarprogramma); g. een overzicht van de contributies, tarieven en aantal leden/ donateurs, indien dit van toepassing is; h. als de aanvrager een ondernemer is, een verklaring als bedoeld in de 1
In te dienen stukken (artikel 7, lid 2):
verordening met betrekking tot deminimissteun (de-minimisverklaring). Zie hierboven. Aanvraag (artikel 6, lid 2)
Bij de aanvraag voor een incidentele activiteitensubsidie wordt overlegd: a. een op de activiteiten betrekking hebbende begroting van inkomsten en uitgaven, met toelichting, voor het jaar dat vooraf gaat aan het jaar waarin subsidie wordt aangevraagd. b. Zo mogelijk: een op de activiteiten betrekking hebbende balans per 31 december van het jaar dat vooraf gaat aan het jaar waarin subsidie wordt aangevraagd. -
Aanvraag (artikel 6, lid 3) Bij subsidies tot €2.500 kan ambtelijk bepaald worden dat de aanvrager minder gegevens hoeft in te dienen dan genoemd in lid 2.
-
Weigeringsgronden (artikel 11)
Beslistermijn (artikel 8, lid 2) Het college streeft ernaar om binnen 13 weken na de uiterste indientermijn een beslissing te nemen over de aanvraag van een jaarlijkse of meerjarige subsidie. Weigerings-, intrekkings- en terugvorderingsgronden (artikel 10) (let op: alleen de extra weigeringsgronden zijn benoemd) De subsidietoekenning kan, naast worden geweigerd, indien gegronde redenen bestaan om aan te nemen dat: -
-
-
de aanvraag betrekking heeft op een activiteit die in het gemeentelijk beleid onvoldoende prioriteit heeft of niet past binnen het beleid van de gemeente Renswoude; de gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor de activiteiten en/of het doel waarvoor de subsidie beschikbaar wordt gesteld; de gevraagde subsidie hoger is dan passend voor de beoogde activiteiten; de aanvraag niet voldoet aan regels die zijn gesteld om voor subsidie in aanmerking te komen; 2
-
Indientermijn (Artikel 13, lid 1 en lid 2) 1. Bij een structurele activiteitensubsidie dient de instelling uiterlijk 1 mei van het jaar volgend op het jaar waarvoor subsidie is verleend bij het college in: a. een door het bestuur gemaakte balans en een rekening van baten en lasten, alsmede een toelichting op deze stukken. b. Een verslag van de in het rekeningverrichte activiteiten. 2. Bij een incidentele activiteitensubsidie dient de instelling binnen drie maanden na realisering van de activiteit waarvoor subsidie is verleend, een inhoudelijk en financieel verslag van de verrichte activiteiten in bij het college.
de aanvrager onjuiste en/of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van deze gegevens tot een onjuiste beschikking zou leiden.
Verantwoording subsidies tot €2.500 (Artikel 12, lid 1 en 2) 1. Subsidies tot en met €2.500 worden: a. direct ambtshalve vastgesteld of; b. bij een eenmalige subsidie, ambtshalve vastgesteld binnen 13 weken, vanaf de datum waarop de activiteiten uiterlijk moeten zijn verricht. c. bij een jaarlijkse of meerjarige subsidie, ambtshalve vastgesteld uiterlijk vóór 1 mei na afloop van het kalenderjaar waarvoor de subsidie is aangevraagd. 2. Bij een ambtshalve vaststelling als bedoeld in het eerste lid kan het college de aanvrager verplichten om op de door haar aangegeven wijze aan te tonen dat de activiteiten, waarvoor de subsidie wordt verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen. 4. Bij subsidies tot € 5.000 hoeft geen aanvraag tot subsidievaststelling ingediend te worden, met uitzondering van meerjarige subsidies. 5. Bij meerjarige subsidies wordt jaarlijks, uiterlijk vóór 1 mei, na afloop van het kalenderjaar een aanvraag tot subsidievaststelling bij het college ingediend.
Zie hierboven. Indientermijn (artikel 13, lid 1 en 2)
6. De aanvraag tot subsidievaststelling bevat: a. een inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend zijn verricht en aan de verplichtingen is voldaan; b. een financieel verslag, waaruit de aan de verrichte activiteiten verbonden inkomsten en uitgaven blijken. De subsidie van de gemeente is in het financieel verslag duidelijk weergegeven. Verantwoording subsidies vanaf €2.500 tot €5.000 (Artikel 13, lid 1 en 2)
3
1. Subsidies vanaf €2.500 tot en met € 5.000 stelt het college: a. direct vast of; b. bij een eenmalige subsidie, vastgesteld binnen 13 weken, vanaf de datum waarop de activiteiten uiterlijk moeten zijn verricht. c. bij een jaarlijkse of meerjarige subsidie, vastgesteld uiterlijk vóór 1 mei na afloop van het kalenderjaar waarvoor de subsidie is aangevraagd. 2. Bij directe vaststelling als bedoeld in het eerste lid kan het college de aanvrager verplichten om op de door haar aangegeven wijze aan te tonen dat de activiteiten, waarvoor de subsidie wordt verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen. 4. Bij subsidies tot € 5.000 hoeft geen aanvraag tot subsidievaststelling ingediend te worden, met uitzondering van meerjarige subsidies. 6. Bij meerjarige subsidies wordt jaarlijks, uiterlijk vóór 1 mei, na afloop van het kalenderjaar een aanvraag tot subsidievaststelling bij het college ingediend.
Zie hierboven. Indientermijn (artikel 13, lid 1 en 2)
7. De aanvraag tot subsidievaststelling bevat: a. een inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend zijn verricht en aan de verplichtingen is voldaan; b. een financieel verslag, waaruit de aan de verrichte activiteiten verbonden inkomsten en uitgaven blijken. De subsidie van de gemeente is in het financieel verslag duidelijk weergegeven. Verantwoording subsidies vanaf €5.000 tot €50.000 (Artikel 14, lid 1 en 3) 1. Bij subsidies vanaf € 5.000 tot € 50.000 dient de subsidieontvanger een aanvraag tot subsidievaststelling in bij het college: a. bij een eenmalige subsidie, uiterlijk 13 weken na het verricht zijn van de activiteiten; b. bij een jaarlijkse of meerjarige subsidie, uiterlijk vóór 1 mei na afloop van het 4
kalenderjaar waarvoor de subsidie is aangevraagd.
Zie hierboven. Indientermijn (artikel 13, lid 1 en 2)
2. De aanvraag tot subsidievaststelling bevat: a. een inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend zijn verricht en aan de verplichtingen is voldaan; b. een financieel verslag, waaruit de aan de verrichte activiteiten verbonden inkomsten en uitgaven blijken. De subsidie van de gemeente is in het financieel verslag duidelijk weergegeven. Verantwoording subsidies vanaf €50.000 (Artikel 15, lid 1 en 3) 1. Bij subsidies vanaf € 50.000 of meer dient de subsidieontvanger een aanvraag tot subsidievaststelling in bij het college: a. bij een eenmalige subsidie, uiterlijk 13 weken na het verricht zijn van de activiteiten; b. bij een jaarlijkse of meerjarige subsidie, uiterlijk vóór 1 mei in het jaar na afloop van het kalenderjaar.
Beslistermijn (Artikel 14) Indien een subsidie is toegekend door middel van een beschikking tot het verlenen van een subsidie stellen het college binnen zes maanden na indiening van de verantwoording de subsidie vast.
3. De aanvraag tot vaststelling bevat: a. een inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht en aan de verplichtingen is voldaan; b. een overzicht van de gesubsidieerde activiteiten en de hieraan verbonden uitgaven en inkomsten (financieel verslag of jaarrekening; c. een balans op de slotdatum van het afgelopen subsidietijdvak met een toelichting daarop; d. een controleverklaring, opgesteld door een onafhankelijk accountant . Vaststelling subsidie (Artikel 16, lid 1) Het college stelt een subsidie van meer dan € 5.000 vast binnen 13 weken na de ontvangst van een aanvraag tot subsidievaststelling, tenzij bij subsidieregeling anders is bepaald. Indien geen aanvraag tot subsidievaststelling vereist is, worden subsidies vastgesteld binnen 13 weken nadat de verantwoording is ingediend.
5
Uitvoeringsovereenkomst (Artikel 25, lid 1 en 2) (geldt alleen voor budgetsubsidie)
Verlening subsidie (Artikel 11, lid 5 en 6)
1. De resultaten van het overleg zoals bedoeld in artikel 24 van deze verordening worden vastgelegd in een uitvoeringsovereenkomst en is een onderdeel van de beschikking tot subsidieverlening.
1. Bij beschikkingen tot verlening van subsidies van € 50.000 of meer wordt tevens een uitvoeringsovereenkomst afgesloten, tenzij het college het aangaan van een uitvoeringsovereenkomst niet noodzakelijk of zinvol acht.
2. Het college kan het afsluiten van een uitvoeringsovereenkomst als voorwaarde opnemen in de beschikking tot subsidieverlening. -
2. Ten aanzien van beschikkingen tot verlening van subsidies tussen de €5.000 en € 50.000 kan het college besluiten een uitvoeringsovereenkomst af te sluiten. Meldingsplicht (Artikel 17, lid 1 en 2) 1. De subsidieontvanger doet direct een schriftelijke melding aan het college, zodra aannemelijk is dat de activiteiten waarvoor de subsidie verleend is niet, niet tijdig of niet geheel zullen worden verricht of dat niet, niet tijdig of niet geheel aan de subsidieverlening verbonden verplichtingen zal worden voldaan. 2. De subsidieontvanger betaalt het niet, dan wel deels niet benutte subsidiebedrag direct op de voorgeschreven wijze terug op eerste aanzegging van het college.
6