CConstaterende datRenswoude
Koppel je AI →
Document · PDF

Begroting GR 2023 IW4

Raadscommissie 31 mei 2022, gemeente RenswoudeBij agendapunt: Voorstel tot instemming met de zienswijze op de ontwerpbegroting 2023 GR IW4 en kennis te nemen van jaarverslag en jaarrekening van 2021 GR IW4 en 2021 IW4 Beheer N.V.7.472 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

B e g r o t i n g 2023 Gemeenschappelijke Regeling INSTITUUT VOOR WERKVOORZIENING ZUID-OOST UTRECHT

(GR IW4)

APRIL 2022

INHOUDSOPGAVE INLEIDING 1

INLEIDING EN SAMENVATTING 1.1 Inleiding 1.2 Samenvatting

3 3

BELEIDSBEGROTING PROGRAMMAPLAN 2

PROGRAMMA 2.1 Participatiewet 2.2 Toekomst IW4 2.3 Governance-structuur 2.4 Speerpunten 2.5 Overzicht van de kosten van overhead 2.6 Bedrag voor onvoorzien

3

5 5 6 6 7 7

ORGANISATIE EN STRUCTUUR 3.1 Doelstelling sociale werkvoorziening 3.2 Organisatieontwikkeling 3.3 Personeelsmanagement 3.4 Controle en rapportage over de uitvoering Wsw 3.5 Informatievoorziening

7 8 9 9 9

PARAGRAFEN 4

BELEID EN BESTUUR 4.1 Verbonden partijen 4.2 Bestuursorganen 4.3 Ontwikkelingen bestuur en SW branche 4.4 Financiering 4.5 Reserves en voorzieningen 4.6 Bedrijfsvoering 4.7 Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Begroting 2023 GR pagina 1

10 10 10 11 11 12 12

FINANCIËLE BEGROTING HET OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN 5

HET OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN EN DE TOELICHTING 5.1 Overzicht van baten en lasten van de GR 2023 5.2 Samengevoegd overzicht van baten en lasten 2023 GR en NV 5.3 Cijfermatige toelichting op het overzicht van baten en lasten van de GR 5.4 Tekstuele toelichting op het overzicht van baten en lasten 5.5 Grondslagen van resultaatbepaling

13 14 15 16 17

UITEENZETTING VAN DE FINANCIËLE POSITIE EN DE TOELICHTING 6 UITEENZETTING VAN DE FINANCIËLE POSITIE 6.1 Treasurystatuut en risicobeheer 6.2 Kasstroom en renterisico 6.3 Renteschema 6.4 Meerjarenramingen 6.5 Gemeentelijke bijdragen

19 19 22 23 26

7 BIJLAGEN 7.1 Het overzicht van de geraamde baten en lasten per taakveld 8 VASTSTELLINGSBESLUIT ALGEMEEN BESTUUR GR

Begroting 2023 GR pagina 2

27 28

INLEIDING 1. Inleiding en samenvatting 1.1 Inleiding begroting Hierbij bieden wij u de programmabegroting 2023 van de Gemeenschappelijke Regeling Instituut voor Werkvoorziening Zuid-Oost Utrecht (GR IW4) aan. Het jaar 2021 is afgesloten met een negatief (geconsolideerd) resultaat van € 1.197.000. Dit negatieve resultaat wordt grotendeels veroorzaakt door een afwaardering van ons pand i.v.m. de gedeeltelijke sloop. Per 1 januari 2004 werd het Besluit Begroting en Verantwoording 2004 (BBV 2004) van kracht. Het BBV 2004 bevat de bepalingen waaraan de begroting en de rekening van o.a. gemeenten en gemeenschappelijke regelingen moeten voldoen. In 2016 is het BBV op diverse onderdelen gewijzigd, de gevolgen hiervan dienen vanaf het begrotingsjaar 2018 door Gemeenschappelijke Regelingen te zijn geïmplementeerd. Tevens zijn in 2004 twee nieuwe hiermee verband houdende verordeningen (artikel 212 en 213 gemeentewet) door het Algemeen Bestuur ondertekend en ingevoerd. Het betreft: 1. Verordening financieel beleid en beheer en inrichting financiële organisatie van de Gemeenschappelijke Regeling. (artikel 212 Gemeentewet). 2. Verordening voor de controle op het financieel beheer en de inrichting van de financiële organisatie van de Gemeenschappelijke Regeling (artikel 213 Gemeentewet).

Deze verordeningen waarborgen dat aan de eisen van rechtmatigheid, verantwoording en controle wordt voldaan. De accountant controleert en toetst de GR op rechtmatigheidsaspecten Het BBV schrijft ten aanzien van de begroting voor dat deze bestaat uit: De beleidsbegroting, die weer tenminste bevat: • het programmaplan • de paragrafen met daarin opgenomen een aantal voorgeschreven kengetallen en het schema van rentetoerekening. De financiële begroting, die weer tenminste bevat; • het overzicht van de baten en lasten en de toelichting hier op • de uiteenzetting van de financiële positie en de toelichting hier op • een geprognosticeerde balans • een overzicht waarin baten en lasten worden verdeeld naar voorgeschreven taakvelden • relevante beleidsindicatoren

1.2 Samenvatting Het begrote resultaat van de Gemeenschappelijke Regeling en IW4 Beheer NV voor 2023 bedraagt geconsolideerd € 337.000 negatief. Het begrote resultaat van de Gemeenschappelijke Regeling is nihil, terwijl bij IW4 Beheer N.V. het laatste deel van het oude pand gesloopt wordt en weer voor een

Begroting 2023 GR pagina 3

boekverlies zorgt. In deze begroting is weer rekening gehouden met bijdragen van de deelnemende gemeenten, zoals in het najaar van 2018 overeengekomen.

Samenstelling resultaat GR (bedragen x € 1.000)

Het resultaat van de GR kan als volgt worden gespecificeerd: Beheerskosten GR (controle en advieskosten) Kosten ambtelijk secretariaat

€ 8 € 40 € 48

Rentelasten van de langlopende lening Rentelasten rekening-courant met NV

€ -3 € 12

Ontrekking aan Bestemmingsreserve

€ 57

Totaal resultaat GR

€

Begroting 2023 GR pagina 4

0

BELEIDSBEGROTING PROGRAMMAPLAN Volgens het BBV dient er in het programmaplan ingegaan te worden op de maatschappelijke effecten en de wijze waarop er naar gestreefd zal worden die effecten te verwezenlijken. Dit wordt gedaan aan de hand van de volgende drie vragen: wat willen we bereiken? wat gaan we ervoor doen? en wat gaat het kosten? Een programma is een geheel van activiteiten om de beoogde maatschappelijke effecten te bereiken. Naast de programma’s bevat het programmaplan: • Een overzicht van algemene dekkingsmiddelen (inkomsten waarvoor geen bestedingsdoel is bepaald) • Een overzicht van de kosten van de overhead • Het bedrag voor de heffing van de vennootschapsbelasting • Het bedrag voor onvoorzien

2. PROGRAMMA 2.1 Participatiewet Op de verschillende aspecten van de Participatiewet wordt in dit verband verder niet ingegaan. Wel moet worden genoemd dat vanaf 1 januari 2015 geen nieuwe instroom in de Wsw meer plaats vindt. De Sw-ers die op dat moment een dienstverband in het kader van de Wsw hadden, behouden hun rechten. Deze groep personen zal door natuurlijk verloop geleidelijk in omvang afnemen, wat grote gevolgen heeft voor de bedrijfsvoering en de financiële resultaten van IW4 Beheer NV. Er is voorzien dat er een groep personen aangewezen zal zijn op nieuw beschut werken. Deze groep zou uiteindelijk een omvang moeten hebben van ca eenderde van de omvang van de huidige groep Sw-ers (of Sw-geïndiceerden). In 2021 waren gemideld 19,4 fte beschut werkenden in dienst. We gaan we ervan uit dat deze groep met ca. 5 fte per jaar groeit, hoewel deze groei in het jaar 2021 maar 1,2 fte bedroeg.

2.2 Toekomst IW4 In het najaar van 2018 besloten de gemeenteraden van Renswoude, Rhenen en Veenendaal te kiezen voor de zogenoemde ‘variant 1+’ voor de doorontwikkeling van IW4. Met het besluit van de drie gemeenten kwam een einde aan een meerjarig en intensief traject naar de toekomst van IW4 in de uitvoering van de Participatiewet. Met het genomen besluit is het nu aan ons als IW4 om met vertrouwen en veel energie de nieuwe toekomst van ons mooie bedrijf vorm en inhoud te geven. Zoals gezegd gaat het om het realiseren van ‘variant 1+’. De kern van deze variant is dat zowel IW4 als de afdeling Economie & Werk van de gemeente Veenendaal zich vanuit de bestaande expertise en kracht richten op hun kerncompetenties en voor beide een ontwikkelopdracht wordt gevolgd, waarbij IW4 zich richt op de grote opgave om te komen tot een effectieve ondersteuning van de inclusieve arbeidsmarkt (expertise en facilitering), in combinatie met een zo licht mogelijke eigen infrastructuur voor de doelgroep.

Begroting 2023 GR pagina 5

2.3 Governance-structuur De gehele uitvoering van de Wsw is door de gemeenschappelijke regeling (GR) overgedragen aan IW4 Beheer NV. Bestuurlijk is afgesproken dat de subsidie en de loonkosten Wsw worden doorgeschoven naar de NV, evenals de overige Wsw-kosten. Hierdoor valt het subsidietekort in de NV en worden in de GR uitsluitend de rentelasten/-opbrengsten van de lening o/g geboekt, evenals de kosten van het ambtelijk secretariaat, controle en advieskosten betreffende GR. Naast de GR-begroting is een geconsolideerde begroting van GR en NV samen opgenomen. Het is immers wettelijk verplicht om inzicht te geven in de uitkomsten van 100% deelnemingen. De NV-begroting is gebaseerd op het vernieuwde meerjarenbeleid IW4 (Transitieplan) en de meest actuele informatie over rijksbijdrage (als – geoormerkt - onderdeel van het toegekende participatiebudget), CAO-afspraken en eventuele nieuwe regelgeving. Door de huidige crisis rondom het Covid19 virus zijn de toekomstige ontwikkelingen echter onzeker.

2.4 Speerpunten De uitwerking van de zogenoemde ‘variant 1+’ voor de doorontwikkeling van IW4 is bepalend voor de organisatie, functie en activiteiten van IW4 onder de Participatiewet. Onderstaande speerpunten gelden onder voorbehoud van deze verdere uitwerking: IW4 algemeen: - Behoud karakter IW4 als professioneel leerwerk- en plaatsingsbedrijf. - Verhogen van de effectiviteit van de externe plaatsingen. - Verkenning mogelijkheden intensivering van de inzet voor andere doelgroepen, waaronder Wajongers en mensen in de arbeidsmatige dagbesteding. - Voortzetten en initiëren van nieuwe activiteiten in relatie met andere beleidsterreinen van de gemeenten, zoals onderwijs en mogelijk wijkgericht werken. - Behoud- en verder uitbouwen van de goede relatie met de eigen gemeenten. - Bevorderen continuïteit en zo mogelijk uitbreiding opdrachten van de eigen gemeenten, dit laatste bijvoorbeeld op het terrein van schoonmaak. - Stimuleren van het gebruik van de mogelijkheden van Social Return On Investment (SROI) door gemeenten en andere publieke en maatschappelijke organisaties. - Versterken verbindingen met ondernemersorganisaties en werkgevers. - Bevorderen en ondersteunen van maatschappelijk verantwoord ondernemen door bedrijven in de regio.

- Intensief volgen van de ontwikkelingen elders in de sector, zodat geleerd kan worden van good practices bij de implementatie van de Participatiewet. IW4 en de arbeidsmarktregio FoodValley: - Intensief participeren in de verschillende overlegstructuren van de arbeidsmarktregio. - Uitbouwen samenwerking gericht op de werkgeversbenadering. - Ontwikkeling en aanbieden van nieuwe diensten aan gemeenten en werkgevers in de regio.

Begroting 2023 GR pagina 6

2.5 Overzicht van de kosten van overhead Kosten van de overhead (bedragen x € 1.000)

2020

2021

2022

2023

Afschrijvingskosten

0

0

0

0

Beheerskosten GR: Advies- en controlekosten Kosten ambtelijk secretariaat

12

12

12

8

40

40

40

40

Totaal kosten overhead

52

52

52

48

3. ORGANISATIE EN STRUCTUUR 3.1

Doelstelling Sociale Werkvoorziening

Het doel van de Gemeenschappelijke Regeling is ‘het handhaven, vergroten of herstellen van de arbeidsgeschiktheid van personen die tot arbeid in staat zijn, maar voor wie, in belangrijke mate, tengevolge van bij hen gelegen factoren, gelegenheid om onder normale omstandigheden arbeid te verrichten niet of nu niet aanwezig is (artikel 3.1 GR). De GR IW4 heeft tevens tot doel ‘het handhaven van en zorgdragen voor voorzieningen die sociale activering en een zelfstandige bestaansvoorziening bevorderen van in het rechtsgebied als bedoeld in artikel 2 woonachtige langdurige werklozen, uitkeringsgerechtigden en jongeren’ (artikel 3.2 GR). Het Instituut kan de in de leden 1 en 2 genoemde delen uitbesteden op contractbasis. Ter uitvoering van het in artikel 3 genoemde dragen de deelnemende gemeenten hun bevoegdheden en verplichtingen uit de Wsw over aan de GR. De GR wijst daartoe als feitelijk met de uitvoering belast orgaan aan: IW4 Beheer NV. (artikel 4 GR). Het statutaire doel van IW4 Beheer NV luidt als volgt: “De vennootschap heeft ten doel met het oog op de werkverschaffing aan mensen die geïndiceerd zijn voor de Sociale Werkvoorziening het hiertoe voeren van ondernemingen door de vennootschap dan wel afhankelijke maatschappijen van de vennootschap.

Binnen haar doel kan de vennootschap al datgene verrichten wat met haar doel in de ruimste zin verband houdt zowel voor eigen rekening als voor rekening van derden.” Hierbij staat voorop zoveel mogelijk mensen die geïndiceerd zijn voor de Sociale Werkvoorziening als in de bedrijfsvoering verantwoord is van werk te voorzien. Bij het streven van bovengenoemde doelstelling zal de NV binnen het kader van een maatschappelijk verantwoord beleid, zonder dat het winstoogmerk voorop staat, op een evenwichtige wijze rekening houden met het algemeen belang, de belangen van de aandeelhouders en de medewerkers en het gezamenlijk belang bij haar continuïteit.

Begroting 2023 GR pagina 7

In 2019 zijn de statuten van IW4 Beheer NV en regeling van de GR IW4 aangepast aan de actuele regelgeving. De verwachting is dat de kern van deze doelstelling voor 2023 ongewijzigd blijft voor de dan in dienst zijnde Sw-medewerkers. De GR blijft voor hen immers verantwoordelijk, maar er zal geen nieuwe instroom plaatsvinden.

3.2 Organisatieontwikkeling Op 22 januari 1998 werd IW4 Beheer NV opgericht, met als doel een meer bedrijfsmatige omgeving te creëren. Door de grotere afstand tot de politiek kan er slagvaardiger en bedrijfsmatiger aan het economisch verkeer worden deelgenomen. De aandelen van de vennootschap berusten bij de Gemeenschappelijke Regeling. De uitgangspunten voor het sociale beleid worden als onderdeel van het algemeen meerjarig beleid bepaald door het Algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling, terwijl de verantwoordelijkheid voor de bedrijfsvoering in handen ligt van de directie en de Raad van Commissarissen van IW4 Beheer NV. De leden van de Raad van Commissarissen worden op voordracht van de RvC benoemd door de Algemene vergadering. De ondernemingsraad kan voor één van de commissarissen een voordracht doen. De gemeenten Renswoude, Rhenen en Veenendaal zijn lid van de Gemeenschappelijke Regeling. De gemeente Utrechtse Heuvelrug is uitgetreden per 01-01-2018. De SW medewerkers van de gemeente Utrechtse Heuvelrug (Amerongen en Leersum) blijven in dienst van de GR. De gemeente Utrechtse Heuvelrug vergoedt het subsidietekort van deze medewerkers aan IW4 (hier valt immers het subsidietekort). Wsw personeel Het Wsw-personeel is in dienst van de Gemeenschappelijke Regeling en wordt door de Gemeenschappelijke Regeling gedetacheerd bij IW4 Beheer NV.

De Gemeenschappelijke Regeling treedt op als formeel werkgever van het Wsw-personeel en heeft door middel van een Aanwijzingsbesluit IW4 Beheer NV aangewezen als rechtspersoon voor de uitvoering van de Wet Sociale Werkvoorziening (Wsw). In een jaarlijks overeen te komen Sociaal Economisch Contract (SEC) wordt vervolgens de detachering van het Wsw-personeel bij de NV geregeld. In de SEC dient overeenstemming te worden bereikt over het aantal te plaatsen SW-FTE’s, het aantal te realiseren plaatsen begeleid werken, evenals over de uitgangspunten voor het sociaal beleid. De directie en de Raad van Commissarissen van IW4 Beheer NV zijn verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering en de uitvoering van het geformuleerde sociaal en economisch beleid.

3.2.2 Organisatie De GR voert namens de deelnemende gemeenten de Wet Sociale Werkvoorziening uit. Voor de GR is een aparte financiële, personeels- en loonadministratie ingericht. In 2018 heeft IW4 na een offerteprocedure besloten om vanaf verslagjaar 2018 te kiezen voor HZW Accountants & Belastingadviseurs als accountant voor zowel de NV als de GR.

Begroting 2023 GR pagina 8

Het bedrijf heeft zich, in nauwe samenwerking met de gemeente(n), ontwikkeld als professioneel leerwerk- en plaatsingsbedrijf in participatie-trajecten.

3.3 Personeelsmanagement Gebruikmakend van het systeem Afas kan de afdeling Arbeidsontwikkeling de beweging ‘van binnen naar buiten’ ondersteunen en begeleiden, evenals de verzorging van de daarvoor noodzakelijke informatievoorziening over de uitvoering van de Wsw en Participatie-trajecten. Aantal AJ

Wsw

Subsidiabel Aantal

Wsw

Prognose

Begroot

2018

2019

2020

2021

2022

2023

336

320

302

285

273

255

Vanaf 2015 geldt vanuit het Ministerie geen aparte taakstelling meer voor de Wsw doelgroep i.v.m. de Participatiewet. Wel zal naar verwachting bij de vaststelling van het deel van het aan gemeenten toe te kennen participatiebudget voor de Sw-ers rekening worden gehouden met de realisatie in het afgelopen jaar (en het landelijk geprognosticeerde natuurlijk verloop).

3.4 Controle en rapportage over uitvoering Wsw Een formeel intern controleprotocol over de uitvoering van de Wsw is opgesteld door het bestuur. Hierin wordt op onderdelen de interne controle in detail geregeld en het normenkader. Dit protocol is in 2009 vastgesteld door het bestuur en in 2011 geactualiseerd. Jaarlijks heeft het GR- bestuur verantwoording afgelegd over de uitvoering van de Wsw. Deze verantwoording was grotendeels gebaseerd op de informatie en rapportage van de NV over de uitvoering van de Wsw. De NV maakt gebruik van managementinformatie uit AFAS Profit. Binnen de NV vindt controle plaats op de uitvoering van de Wsw.

Begroting 2023 GR pagina 9

3.5 Informatievoorziening Afas wordt bedrijfsbreed gebruikt als personeelsinformatie- en clientvolgsysteem. Ook voor de salarisverwerking wordt Afas gebruikt. Maandelijks wordt een financiële maandrapportage (MARAP) gemaakt ten behoeve van het managementteam. Elk kwartaal volgt een rapportage aan Raad van Commissarissen en Algemeen Bestuur. Voorts is er een rapportagelijn opgezet voor de projecten voor de gemeente Veenendaal in het kader van de Participatiewet en de uitvoering van de Wsw door IW4. Het betreft o.a. de volgende informatie: • Formatie en kosten van Wsw, andere doelgroepen en regulier personeel. • Bedrijfskosten per kostensoort • Ziekteverzuim • Trajectoverzicht FTE alle doelgroepen (in- en uitstroom) • Subsidieoverzicht (te ontvangen en door te betalen subsidie) • Overzichten per woongemeente en afdeling • Trajecten, in- en uitstroom en plaatsingen.

Begroting 2023 GR pagina 10

PARAGRAFEN In de paragrafen worden onderwerpen behandeld, die van belang zijn voor het inzicht in de financiele positie. De voorgeschreven paragrafen betreffen: • Onderhoud kapitaalgoederen • Verbonden partijen • Grondbeleid • Financiering • Bedrijfsvoering • Weerstandsvermogen en risicobeheersing • Lokale heffingen

4. BELEID EN BESTUUR 4.1 Verbonden partijen Verbonden partijen zijn derde rechtspersonen waarmee de Gemeenschappelijke Regeling (GR) van IW4 een bestuurlijke en financiële band heeft. De GR IW4 is daarom als GR een verbonden partij voor de deelnemende gemeenten. Gezien vanuit de perceptie van de GR gelden de deelnemende gemeenten niet als een verbonden partij, omdat de GR geen samenwerkingsverbanden met een beslissingsbevoegdheid heeft met derde partijen of verantwoordelijkheid in een bestuur, buiten IW4 Beheer NV.

4.2 Bestuursorganen De algemeen directeur van IW4 Beheer NV treedt sinds 2008 tevens op als adviseur van de Gemeenschappelijke Regeling. Tot 2008 was de algemeen directeur van de NV ook directeur van de GR. Het bestuur laat zich ondersteunen door een ambtelijk secretaris van de gemeente Veenendaal. In de begroting is een bedrag opgenomen voor het salaris e.d. van de ambtelijk secretaris en overige kosten van dit secretariaat, in totaal € 40.000. De bestuursorganen van de GR zijn (artikel 5 GR): a. het Algemeen Bestuur b. het Dagelijks Bestuur c. de voorzitter.

4.3 Ontwikkelingen bestuur en Sw-branche Bestuur In maart 2016 is de GR-regeling geactualiseerd naar aanleding van de gewijzigde Wet op de gemeenschappelijke regelingen (WGR) en in 2018 en 2019 is de GR-regeling nogmaals geactualiseerd. Het Algemeen Bestuur bestaat uit 7 leden (3 Veenendaal, 2 Rhenen en 2 Renswoude); het Dagelijks Bestuur bestaat uit 3 leden (van elke gemeente 1: voorzitter Veenendaal, plaatsvervangend Rhenen en secretaris Renswoude)

Begroting 2023 GR pagina 11

SW-sector IW4 neemt actief deel aan activiteiten en voorzieningen binnen de Sw-sector. Daarbij gaat het onder meer om gezamenlijk afgesloten inkoopcontracten, ondersteunende activiteiten van Cedris en SBCM op het terrein van bijvoorbeeld de werkladdderscan, Arbo en veiligheid, etc. Intensivering van de contacten met andere Sw-bedrijven, in het bijzonder in de eigen regio, is van belang om goed gebruik te maken van kennis en producten van collega-bedrijven. Waar samenwerking bij activiteiten tot voordelen voor IW4 kan leiden zal worden samengewerkt.

4.4 Financiering De GR heeft de langlopende aflossingsvrije lening op 12 maart 2020 omgezet naar een 5-jarige aflossingsvrije lening, het rente percentage bedraagt -0,10%.

4.5 Reserves en voorzieningen Het financiële weerstandsvermogen van de GR kan gedefinieerd worden als het vermogen om tegenvallers op te vangen, zonder dat dit leidt tot een onverwacht verlies of een ombuiging van bestaand beleid. In dit vermogen om tegenvallers op te vangen is een gradatie aan te brengen. Het betreft een onderverdeling in middelen die geheel vrij beschikbaar zijn en in middelen die deels beschikbaar zijn. De weerstandscapaciteit binnen de GR bestaat uit een vrij aanwendbaar deel van de algemene reserve en een bestemmingsreserve. Met de gemeenten en de provincie zijn afspraken gemaakt om het weerstandsvermogen op peil te houden.

4.5.1 Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit: 1. Egalisatiereserve voor algemene bufferfunctie en onverwachte tekorten. 2. Bestemmingsreserve voor personeelsgerelateerde verplichtingen.

4.5.2 Voorzieningen Voorzieningen worden gevormd door: • Verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op balansdatum onzeker is doch redelijkerwijs is in te schatten. • Bestaande risico’s op balansdatum terzake van verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs te schatten is. • Kosten die in een volgend begrotingsjaar worden gemaakt maar hun oorsprong hebben in het begrotingsjaar of een eerder begrotingsjaar en de voorziening strekt tot kostenegalisatie. • Van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden. • Voor aan arbeidskosten gerelateerde verplichtingen wordt met ingang van 2004 in de GR geen voorziening getroffen, volgens BBV 2004. Deze posten zijn opgenomen onder Bestemmingsreserve personeelsgerelateerde verplichtingen. Vanaf ultimo 2009 heeft de GR geen voorzieningen in de balans. Wel zijn er voorzieningen opgenomen op de balans van IW4 Beheer NV.

Begroting 2023 GR pagina 12

4.6 Bedrijfsvoering In het najaar van 2018 besloten de gemeenteraden van Renswoude, Rhenen en Veenendaal te kiezen voor de zogenoemde ‘variant 1+’ voor de doorontwikkeling van IW4. Met het besluit van de drie gemeenten kwam een einde aan een meerjarig en intensief traject naar de toekomst van IW4 in de uitvoering van de Participatiewet. IW4 richt zich hierbij op de grote opgave om te komen tot een effectieve ondersteuning van de inclusieve arbeidsmarkt (expertise en facilitering), in combinatie met een zo licht mogelijke eigen infrastructuur voor de doelgroep. IW4 richt zich hierbij op vier kernactiviteiten, dit zijn de ‘pijlers’ onder de toekomst van IW4: 1. het deels zelf en deels in samenwerking met ondernemers invullen van beschutte werkplekken (op basis van de Wsw zolang als nodig en op basis van ‘beschut werk’ van de Participatiewet); 2. het ontwikkelen en bemiddelen van kandidaat-werknemers met een afstand tot de arbeidsmarkt naar betaald werk bij reguliere werkgevers; 3. het (mede) vormgeven van de inclusieve arbeidsmarkt in de arbeidsmarktregio. 4. Het bieden van werkgeversdienstverlening op het gebied van duurzame inzetbaarheid.

4.7 Weerstandsvermogen en risicobeheersing De risico’s voortvloeiende uit de bedrijfsvoering van IW4 liggen binnen IW4 Beheer NV. Dit geldt sinds 2008 ook voor het subsidierisico, het verschil tussen de rijkssubsidie en de personele kosten van Sw-medewerkers. Binnen de NV is echter slechts een beperkte algemene risicoreserve opgebouwd. Dit betekent dat wanneer risico’s daadwerkelijk (ernstige) negatieve gevolgen voor het financieel resultaat binnen de NV hebben dit zal leiden tot een beroep op de middelen binnen de GR. Het betreft hierisico’s als gevolg van de economie en bedrijfsvoering en andere externe factoren. Een aantal risico’s wordt hieronder genoemd. Risico’s bedrijfsvoering - De corona-crisis: op het moment van schrijven van deze begroting heeft dit nog steeds een grote impact op ons leven, hoewel deze afneemt. Het effect hiervan op de bedrijfsvoering 2023 is nog niet te kwantificeren. Indien nodig zal in het najaar zal een herziene begroting opgesteld worden, waarin het geschatte effect hiervan meegenomen is. - Enkele afdelingen, in het bijzonder Schoonmaak, zijn sterk afhankelijk van de opdrachten van de eigen gemeenten. Continuïteit van dit werk tegen kostendekkende tarieven is van groot belang. Doordat nieuwe contracten zijn afgesloten is dit risico sterk gereduceerd. - Het aantal Sw-medewerkers neemt de komende jaren af.

Een andere belangrijke ontwikkeling voor de bedrijfsvoering is de afnemende kwaliteit (vakmatig, productiviteit) van de Swmedewerker door vergrjizing. Risico’s i.v.m. gewijzigde wetgeving Met ingang van 2016 is de Vennootschapsbelasting plicht voor overheidsorganisaties ingevoerd. De belastingdienst heeft aangegeven dat de GR geen aangifte hoeft te doen. Jaarlijks dient echter bekeken te worden of nog steeds aan de voorwaarden hiervoor voldaan wordt.

Begroting 2023 GR pagina 13

Kengetallen Kengetallen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

2020 -24% -24% 33% 0%

2021 -26% -26% 35% 0%

2022 -27% -27% 35% 0%

2023 -27% -27% 35% 0%

Netto schuldquote Door de afnemende baten zien we dat ook de netto schuldquote verder afneemt. Omdat er geen leningen verstrekt zijn, is de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen gelijk aan de netto schuldquote. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio blijft stabiel rond de 35%. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten. Deze worden moeten in ons geval in evenwicht zijn, dus 0.

Begroting 2023 GR pagina 14

FINANCIËLE BEGROTING 5. HET OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN 5.1 Het overzicht van baten en lasten van de GR 2021 Bedragen x € 1.000,--

Wsw-kosten 1. Gemeentelijke (Wsw) subsidie 2. Bijdrage aan NV inzake Wsw

Begroting 2023

Begroting 2022

Realisatie 2021

Realisatie 2020

Realisatie 2019

Apr 22

Apr 21

April 22

April 21

April 20

7.500 -7.500

7.800 -7.800

8.353 -8.353

8.887 -8.887

8.382 -8.382

0 -7.668 7.668 0

0 -8.127 8.127 0

0 -8.380 8.380 0

0 -8.767 8.767 0

0 -9.106 9.106 0

0

0

0

0

0

7. Beheerskosten GR 8. Rente lening o/g Totaal overige kosten

-60 3

-64 3

-59 3

-52 3

-56 4

-57

-61

-56

-49

-52

Resultaat Wsw-dienstverband

-57

-61

-56

-49

-52

9. Bijzondere baten en lasten Exploitatieresultaat GR

0

0

0

0

0

-57

-61

-56

-49

-52

10a. Bijdrage subsidietekort aan NV 10b. Bijdrage transitiekosten 11. Resultaat deelneming in NV

-90 0 0

-203 0 0

-214 -100 0

-451 -300 0

-652 -200 0

Resultaat voor winstverdeling

-147

-264

-370

-799

-904

12. Van/naar bestemmingsreserve 13. Van/naar egalisatiereserve

57 0

61 0

56 0

49 0

52 0

14a. Gemeentelijke bijdrage 14b. Bijdrage transitiekosten

90 0

203 0

214 100

451 300

652 200

Resultaat GR na winstverdeling

0

0

0

0

0

3. Overige bijdragen, opbrengsten 4. Loonkosten Wsw-personeel 5. Inleenvergoeding Wsw-personeel 6. Overige Wsw-kosten Totaal Wsw-kosten

Begroting 2023 GR pagina 15

5.2 Samengevoegd overzicht van baten en lasten GR en NV

x € 1.000

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

Realisatie

Realisatie

2023 NV

2023 GR

2023

2022

2021

2020

NV en GR

NV en GR

NV en GR

NV en GR

Opbrengsten Rijksbijdrage Wsw

0

7.500

7.500

7.889

8.357

8.887

Bijdrage GR

7.500

-7.500

0

0

0

0

Inleenvergoeding Wsw NV

-7.584

7.584

0

0

0

0

Brutomarge omzet

4.713

4.713

4.950

4.950

4.596

Bijdrage UHR in subsidietekort

14

14

15

18

47

Overige opbrengsten

200

200

200

240

226

Gemeentelijke bijdrage

90

0

90

255

214

451

4.933

7.584

12.517

13.309

13.779

14.207

Kosten Loonkosten Wsw

0

-7.584

-7.584

-8.136

-8.380

-8.767

Loonkosten regulier

-3.294

0

-3.294

-3.182

-3.370

-2.627

Loonkosten Beschut

-231

-231

-220

-142

-199

Overige personeelskosten regulier

-88

0

-88

-445

-112

-1.225

Overige personeelskosten Wsw

-327

0

-327

-350

-376

-471

Huisvestingkosten

-260

0

-260

-365

-468

-341

Afschrijvingen

-400

0

-400

-330

-323

-340

Rente lening o/g

0

3

3

3

3

3

Kosten automatisering

-153

0

-153

-165

-225

-137

In-en verkoopkosten

-145

0

-145

-150

-175

-184

Overige bedrijfskosten

-200

-57

-257

-252

-291

-375

-5.097

-7.725

-12.738

-13.592

-13.859

-14.341

Resultaat

-164

-57

-221

-283

-80

-134

Boekwinst/-verlies huisvesting

-173

0

-173

0

-1.125

0

Vrijval voorzieningen

0

0

0

0

0

0

Transformatie Participatiewet

0

0

0

0

-48

96

Ten laste van eigen vermogen

0

57

57

49

56

49

-337

0

-337

-234

-1.197

11

Resultaat

Begroting 2023 GR pagina 16

5.3 Cijfermatige toelichting op het overzicht van baten en lasten van de GR Bedragen x € 1.000

Begroting 2023

Begroting 2022

Realisatie 2021

Realisatie 2020

apr-22

apr-21

apr-22

apr-20

7.500

7.800

8.353

8.294

-6.190 -1.116 84 -446 -7.668

-6.489 -1.183 96 -551 -8.127

-6.717 -1.142 95 -616 -8.380

-7.058 -1.229 128 -608 -8.767

7.668 -7.500 168

8.127 -7.800 327

8.380 -8.353 27

8.767 -8.294 473

90

203

314

852

3 -12 -48 -90 -147

3 -12 -52 -203 -264

3 -19 -40 -314 -370

4 0 -56 -852 -704

-48 0 0 -48

-52 0 0 -52

-40 0 0 -40

-62 0 2 -52

Subsidieresultaat Wsw Rijksbijdrage

Loonkosten Wsw Brutoloon Sociale lasten Lage-inkomensvoordeel (LIV) Pensioenpremie

Doorboeking naar IW4 Beheer NV Inleenvergoeding (opbrengst GR) Subsidie Wsw

Gemeentelijke bijdrage Hieruit wordt betaald: Rente aflossingsvrije lening o/g Rente rekening-courant met NV Kosten GR en secretariaat Bijdrage van GR aan NV

Kosten GR Advies-en controlekosten Afschrijving immateriële vaste activa Overige kosten

Begroting 2023 GR pagina 17

5.4 Tekstuele toelichting op het overzicht van baten en lasten 5.4.1 Subsidie uitvoering Wsw De SW-populatie is gebaseerd op de aantallen en blijf-kansen zoals gepubliceerd in de septembercirculaire gemeentefonds 2021. Raming aantal AJ (arbeidsjaren) 2023: Totaal 255,3 AJ (arbeidsjaren) waarvan 234,3 werkzaam bij IW4 en 21,0 werkzaam elders onder begeleid werken.

Begroot aantal AJ bij IW4 in 2023 Begroot 2023

Werkgemeente Veenendaal Rhenen Renswoude Totaal

Begroot 2022

Realisatie 2021

205,1 42,5 7,7 255,3

225,6 43,4 8,1 277,1

228,5 47,9 7,9 284,3

6.025.936 1.249.016 225.388 7.500.340

6.349.895 1.221.163 229.142 7.800.200

6.680.809 1.334.999 230.566 8.246.374

29.378

28.146

27.017

Berekening Rijkssubsidie voor 2023 (volgens septembercirculaire 2021)

Subsidie Veenendaal Subsidie Rhenen Subsidie Renswoude Totaal Subsidie per AJ

De subsidie 2023 is begroot op € 29.378 per AJ, totaal € 7.500.340. De daadwerkelijke hoogte van de subsidie voor 2023 wordt gebaseerd op het aantal AJ in 2022 en zal wellicht anders uitvallen. Met ingang van 2017 wordt de subsidie gebaseerd op het aantal AJ werkzaam in de betreffende Gemeenten, t/m 2016 was de subsidie gebaseerd op de woongemeente.

5.4.2 Loonkosten Wsw personeel (GR) In deze begroting 2023 wordt geen rekening gehouden met stijging van de loonkosten, in de daaropvolgende jaren is ook geen stijging toegepast. Volgens de vigerende CAO wordt de LPO (loonprijsontwikkeling) compensatie verrekend met de subsidie. Uitgangspunt is dat toekomstige CAO verhogingen gecompenseerd worden in het subsidiebedrag. De loonkosten Wsw bestaan uit de aan de Sw-medewerkers uitbetaalde brutolonen, eindejaarsuitkering, periodieke verhogingen en vakantiegelden, vermeerderd met sociale lasten, pensioenpremie e.d. Begroting 2023 GR pagina 18

5.4.3 Subsidieresultaat Het Wsw-personeel is in dienst van de Gemeenschappelijke Regeling (GR). Alle loonkosten van het Wsw-personeel komen ten laste van de GR, maar worden doorberekend aan de NV via de inleenvergoeding voor Wsw personeel. De gemeenten ontvangen van het ministerie SZW- een rijkssubsidie. Het nadelig subsidieresultaat, het verschil tussen van de gemeenten ontvangen subsidie en Wsw-loonkosten, evenals de overige Wsw-kosten komen derhalve ten laste van de NV. Met ingang van 2017 wordt structureel de LIV (lage inkomensvoordeel) verstrekt, deze is onderdeel van de sociale lasten.

5.4.4 Loonkosten regulier personeel (NV) De salariskosten voor regulier personeel zijn berekend rekening houdend met een indexatie van 2%. Ook zijn de gebruikelijke schaaltredeverhogingen in de begroting doorgevoerd. Er werd gerekend met de sociale- en pensioenpremiepercentages van 2022.

5.5 Grondslagen van resultaatbepaling 5.5.1 Inleiding Onderstaande samenvatting van de grondslagen, waarop de begroting is gebaseerd, is bedoeld als leidraad voor een juiste interpretatie van de financiële overzichten. De begroting voldoet aan het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV 2004) en de wijzigingen in 2016. Deze begroting heeft betrekking op de periode 1 januari tot en met 31 december 2023.

5.5.2 Algemeen Voor zover het BBV niet anders voorschrijft, zijn de baten en lasten toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de begroting bekend zijn geworden.

5.5.3 Resultaat deelneming in NV De deelneming wordt gewaardeerd tegen verkrijgingprijs of lagere marktwaarde. Het resultaat uit de deelneming wordt verantwoord onder Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening van de Programmarekening/Begroting.

5.5.4 Dotaties aan voorzieningen Voorzieningen worden gevormd door: • verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op balansdatum onzeker is doch redelijkerwijs te schatten • bestaande risico’s op balansdatum terzake van verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs te schatten is Begroting 2023 GR pagina 19

• kosten die in een volgend begrotingsjaar worden gemaakt maar hun oorsprong hebben in het begrotingsjaar of een eerder begrotingsjaar en de voorziening strekt tot kostenegalisatie • van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden • voor aan arbeidskosten gerelateerde verplichtingen wordt met ingang van 2004 in de GR geen voorziening getroffen, volgens BBV 2004. Deze posten zijn opgenomen onder de Bestemmingsreserve. Voor deze kosten wordt in de NV ten behoeve van het reguliere personeel, nog wel een voorziening aangehouden.

5.5.5 Lonen en sociale lasten Wsw-personeel Hieronder zijn begrepen de aan Sw-medewerk(st)ers uitbetaalde brutolonen en vakantiegeld, vermeerderd met sociale lasten en pensioenpremie.

5.5.6 Rente langlopende lening o/g De rente betreffende de langlopende aflossingsvrije lening o/g wordt vanaf 2008 ten laste van de exploitatie van de GR geboekt. Op 12 maart 2020 is deze lening omgezet in een aflossingsvrije lening met dezelfde hoofdsom, een looptijd van vijf jaar en een negatieve rente van 0,10%.

5.5.7 Overige bedrijfskosten Alle begrote kosten zijn in de begroting opgenomen voor de geschatte aanschafprijs, dan wel de historische kostprijs van de gerealiseerde uitgaven, vermeerderd met een prijsopslag.

5.5.8 Algemene dekkingsmiddelen De algemene dekkingsmiddelen bestaan in hoofdzaak uit het saldo van de financiële baten en lasten en het resultaat uit deelnemingen. De rentebaten betreffen onder meer de geraamde opbrengsten uit deposito’s en andere uitzettingen, indien van toepassing. De geraamde rentelasten bestaan uit de rentelast van de bankrekening-courant bij debetsaldi.

Begroting 2023 GR pagina 20

6. UITEENZETTING VAN DE FINANCIËLE POSITIE 6.1 Treasurystatuut en risicobeheer Ultimo 2000 is door het Algemeen Bestuur van de GR een treasurystatuut getekend, dat is opgemaakt volgens de voorschriften van de provincie Utrecht en de door het ministerie opgestelde ‘Handreiking Treasury’, rekeninghoudend met wettelijke kaders. Hierin worden organisatorische randvoorwaarden van de treasuryfunctie weergegeven, met het accent op de helderheid over de verdeling van taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden. Het statuut is in 2011 gewijzigd en opnieuw vastgesteld door het AB.

6.1.1 Risicobeheer IW4 Beheer NV heeft geen eigen bankkrediet en maakt hierom gebruik van de kredietfaciliteiten van de GR. Doordat de NV voldoende cashflow genereert onttrekt de NV tot dusverre geen geldmiddelen aan de GR. Risico’s worden uitgesloten door in de jaarbegroting een eventuele kredietbehoefte op te nemen. De onderlinge geldstromen lopen via een rekening-courantverhouding GR/NV, waarover geen rentevergoeding berekend wordt. In feite draagt de NV bij aan het terugdringen van het tekort aan geldmiddelen binnen de GR. Rapportage over eventuele afwijkingen van de wettelijke norm (wet FIDO) vindt periodiek plaats. De diverse risico’s worden gecomprimeerd in beeld gebracht middels kentallen, t.w. de Kasgeldlimiet, zie onder Liquiditeitsplanning, de Renterisiconorm en kredietrisico op verstrekte gelden. Vanaf 2009 is de rapportage aan de Provincie wettelijk afgeschaft.

6.2 Kasstroom en renterisico IW4 voldoet vanaf het verslagjaar 2003 aan de wettelijke norm voor liquiditeit. Uit het overzicht Meerjarenraming Liquiditeitsplanning 6.4.5 blijkt of volgens de wettelijke norm (wet FIDO) een tekort ontstaat aan liquide middelen. De financiering van investeringen van de NV geschiedt uit eigen middelen van de NV, dat wil zeggen er wordt hiervoor geen extra krediet aan de GR onttrokken. Indien de NV behoefte heeft aan geldmiddelen van de GR dan wordt dit in de begroting aangegeven en vindt renteverrekening plaats, rekening houdend met kredietruimte binnen de GR en terugverdienperiode. Hiertoe wordt een liquiditeitsbegroting opgesteld.

Begroting 2023 GR pagina 21

6.2.1 Kasstroomoverzicht 2023 Raming kasstroom 2023 (bedragen x € 1.000)

IW4 Beheer NV en Instituut voor Werkvoorziening Zuid-Oost Utrecht (GR)

Herkomst van middelen Netto exploitatieresultaat Afschrijvingen Dotatie aan voorzieningen

-221 400 0 179

Besteding van middelen Investeringen (stelpost) Onttrekkingen voorzieningen Investeringen

100 0 100

Mutatie werkkapitaal

79

Activa Voorraden Vorderingen Liquide middelen

0 0 0 0

Passiva Kortlopende schulden (bankier)

0

Mutatie werkkapitaal

79

Begroting 2023 GR pagina 22

6.2.2 Renterisico vaste schuld 2023

(bedragen x € 1.000)

Tabel renterisiconorm en renterisico's vaste schuld

Berekening renterisico op vaste schuld

2023

Renteherziening op vaste schuld o/g Renteherziening op vaste schuld u/g 1. Netto renteherziening op vaste schuld

0 0 0

Nieuw aan te trekken vaste schuld Nieuw te verstrekken lange leningen 2. Netto nieuw aan te trekken vaste schuld

0 0 0

3. Te betalen aflossingen

0

4. Herfinanciering (laagste van 2 en 3)

0

A. Renterisico op vaste schuld (1 + 4)

0

Berekening renterisiconorm 1. Begrotingstotaal per 1 januari (=grondslag) 2. Bij ministeriële regeling vastgesteld percentage B. Renterisiconorm

7.725 20% 1.545

Toets renterisiconorm Renterisiconorm (B) Renterisico op de vaste schuld (A) Ruimte (+) = geen risico

1.545 0 1.545

Begroting 2023 GR pagina 23

6.3 Renteschema 2023 a. De externe rentelasten over de korte en lange financiering b. De externe rentebaten (idem) Saldo rentelasten en rentebaten

€ € €

-2.650 -2.650

€

-

Aan taakvelden toe te rekenen externe rente

€

-2.650

d1. Rente over eigen vermogen d2. Rente over voorzieningen

€ €

-

Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente

€

-2.650

e. De aan taakvelden toegerekende rente (rente omslag)

€

-

f. Renteresultaat op het taakveld Treasury

€

-2.650

c1. De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend c2. De rente van projectfinanciering c3. De rentebaat van doorverstrekte leningen indien van toepassing

Begroting 2023 GR pagina 24

€ € €

-

6.4 MEERJARENRAMINGEN Geprognosticeerde balans GR IW4 (bedragen x € 1.000) 31/12/2026 31/12/2025 31/12/2024 31/12/2023 31/12/2022 31/12/2021 ACTIVA Vaste activa Financiële vaste activa Deelneming

5.342

5.342

5.342

5.342

5.342

5.342

500 3 0 82 0 0 585

500 3 0 82 0 0 585

500 3 0 86 0 0 589

550 3 0 90 0 0 643

600 4 0 96 0 0 700

300 0 0 95 0 0 395

Liquide middelen Banksaldi

60

54

60

60

99

1.221

Totaal activa

5.987

5.981

5.991

6.045

6.141

6.958

Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Schatkistbankieren Vorderingen op deelnemende gemeenten Vorderingen op niet-deelnemende gemeenten Te vorderen Lage-inkomensvoordeel (LIV) Vordering op Pensioenuitvoerder Te vorderen netto loon

PASSIVA 31/12/2026 31/12/2025 31/12/2024 31/12/2023 31/12/2022 31/12/2021 Vaste passiva Eigen vermogen Egalisatiereserve Bestemmingsreserve Gerealiseerd resultaat

1.195 689 0 1.884

1.195 749 0 1.944

1.195 809 0 2.004

1.195 869 0 2.064

1.195 926 0 2.121

1.195 975 0 2.170

Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar Onderhandse lening binnenlandse bank

2.650

2.650

2.650

2.650

2.650

2.650

Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd < 1 jaar Schulden aan niet-deelnemende gemeenten

0

0

0

0

0

0

Overlopende passiva

1.453

1.387

1.337

1.331

1.370

2.138

Totaal passiva

5.987

5.981

5.991

6.045

6.141

6.958

Begroting 2023 GR pagina 25

6.4.3 Meerjarenraming IW4 Beheer NV 2022 t/m 2026 Bedragen in 1.000 €

Realisatie Realisatie Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026

SUBSIDIERESULTAAT Rijkssubsidie Loonkosten Wsw Overige Wsw kosten Bijdrage Utrechtse Heuvelrug LIV (Lage inkomens voordeel) (A) Subsidietekort

8.247 8.896 471 47 128 -945

8.151 8.475 376 18 95 -587

7.889 8.226 350 15 90 -582

7.500 7.668 327 14 84 -397

7.276 7.279 312 13 80 -221

7.085 6.882 295 13 76 -3

6.672 6.251 270 12 69 232

OPERATIONEEL RESULTAAT: OPBRENGSTEN Omzet Interne omzet Inkoop, materialen e.d. (B) Brutomarge omzet

5.064 85 242 4.907

5.374 92 276 5.190

5.225 85 160 5.150

4.985 81 153 4.913

4.839 79 148 4.769

4.680 76 143 4.613

4.515 71 134 4.452

2.656 791 3.447 199 87 340

2.986 384 3.370 142 112 323

3.155 350 3.505 220 50 330

3.000 334 3.334 231 48 400

2.924 324 3.248 243 46 400

2.910 313 3.223 255 45 400

2.860 292 3.152 267 42 400

183 131 423 328 5.138

175 225 468 230 5.045

150 150 345 200 4.950

145 153 175 200 4.686

145 156 175 200 4.613

140 159 175 200 4.597

130 160 175 200 4.526

OPERATIONEEL RESULTAAT (B-C)

-231

145

200

227

156

16

-74

EXPLOITATIERESULTAAT (A+B-C)

-1.176

-442

-382

-169

-65

12

158

Bijdrage Gemeenten Bijdrage in transitie- en frictiekosten Extra subsidie i.v.m. corona Kosten transitie- en frictie Boekwinst/-verlies huisvesting

451 300 640 204 0

214 100 206 148 -1125

255 0 0 0 681

90 0 0 0 -173

0 0 0 0 0

0 0 0 0 0

0 0 0 0 0

TOTAAL

11

-1197

447

-337

-65

12

158

313,93 28.338 26.270

285,02 29.737 28.467

272,98 30.134 28.900

255,31 30.034 29.377

242,97 29.871 29.947

230,38 29.871 30.754

210,68 29.871 31.667

OPERATIONEEL RESULTAAT: KOSTEN Loonkosten regulier in dienst Inhuur Personeel Totaal kosten regulier personeel Loonkosten Beschut Overige personeelskosten Afschrijvingskosten Indirecte productie- en verkoopkosten Kosten automatisering Huisvestingskosten Overige algemene bedrijfskosten (C) Totaal bedrijfskosten

KENTALLEN Gemiddeld aantal AJ Gemiddelde loonkosten per AJ Subsidie per AJ

Begroting 2023 GR pagina 26

6.4.4 MEERJARENRAMING • • • •

De rijkssubsidie is opgenomen volgens de septembercirculaire 2021, evenals de blijfkansen voor berekening van het aantal AJ in 2021 en volgende jaren. Geen CAO-verhogingen berekend voor de SW, verwacht wordt dat dit gecompenseerd wordt met rijkssubsidie. Voor regulier personeel is voor de jaren 2022 en verder rekening gehouden met een salarisaanpassing van 2% per jaar. De afschrijvingskosten zijn voor de jaren 2022 en volgende berekend op basis van de bestaande activa, aangevuld met geplande investeringen.

Meerjarenraming liquiditeit Vanuit de meerjarenraming van het resultaat is een meerjarenraming liquiditeit opgesteld voor de GR en de NV geconsolideerd.

6.4.5 Liquiditeitsplanning Realisatie

Realisatie

Begroting

Raming

Raming

Raming

Raming

Kasstroom GR + NV netto resultaat + afschrijvingen Investeringen Extra bijdrage deelnemende Gemeenten Geconsolideerde bankstand ultimo

2020 344 -150 0 1.471

2021 191 -134 0 1.552

2022 143 -150 0 1.500

2023 171 -100 0 1.550

2024 275 -100 0 1.102

2025 352 -100 0 1.350

2026 498 -100 0 1.650

Maximale bankkredietlimiet

2.269

2.269

2.269

2.269

2.269

2.269

2.269

Kostenbegroting GR + NV Kasgeldlimiet wet FIDO 8,2%

-14.414 1.182

-13.896 1.139

2.653

2.691

Kasgeldruimte

Begroting 2023 GR pagina 27

-13.526 -12.681 -12.204 -11.774 -11.047 1.109 1.040 1.001 965 906 2.609

2.590

2.103

2.315

2.556

6.5 GEMEENTELIJKE BIJDRAGEN

VERDELING 2023 SISA 2021 (ind A) Veenendaal (228,51 - UHR 7,25) Rhenen Renswoude Totaal

221,26 47,95 7,89 277,10

Bedrag 71.863 15.574 2.563 90.000

Verdeling conform stand SISA 2021 (indicator A) geïndiceerde inwoners werkzaam bij IW4. Betreft bijdrage in subsidietekort (€ 90.000). De verdeling betreft een indicatie, omdat de daadwerkelijke verdeling op basis van stand SISA 2023 plaats zal vinden.

Begroting 2023 GR pagina 28

7. BIJLAGEN 7.1 Het overzicht van de geraamde baten en lasten per taakveld Vanaf begrotingsjaar 2018 zijn gemeenschappelijke regelingen op grond van het BBV verplicht om een overzicht op te nemen waarin de lasten en de baten van de GR verdeeld worden naar de taakvelden. Deze taakvelden zijn door het Rijk vastgesteld. Via dit overzicht kunnen GR’s makkelijker met elkaar worden vergeleken.

Het overzicht van de geraamde baten en lasten per taakveld (bedragen x € 1.000)

Begroting 2023

Begroting 2022

LASTEN

0.1 Bestuur 001 Bestuursorganen

48

52

0.5 Treasury 911 Geldleningen en uitzettingen korter dan een jaar 914 Geldleningen en uitzettingen langer of gelijk aan 1 jaar

12 0

12 0

0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds 921 Uitkeringen Gemeentefonds naar NV

90

203

6.4 Begeleide Participatie 611 Sociale Werkvoorziening naar NV 611 Sociale Werkvoorziening

7.500 7.668

7.800 8.031

TOTAAL LASTEN

15.318

16.098

0.5 Treasury 914 Geldleningen en uitzettingen langer of gelijk aan 1 jaar

3

3

0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds 921 Uitkeringen Gemeentefonds

90

203

0,8 Overige baten en lasten 980 Mutaties reserves

57

61

6.4 Begeleide Participatie 611 Sociale Werkvoorziening 611 Sociale Werkvoorziening naar NV

7.500 7.668

7.800 8.031

TOTAAL BATEN

15.318

16.098

BATEN

Begroting 2023 GR pagina 29

7.2 Overzicht incidentele baten en lasten In de onderstaande tabel geven we een overzicht van de incidentele baten en lasten. Incidenteel houdt in dat het gaat om baten en lasten die een tijdelijk karakter hebben. Deze zitten slechts één of enkele jaren in de begroting.

Incidentele baten Incidentele lasten Saldo

2022 0 0 0

2023 0 0 0

2024 0 0 0

2025 0 0 0

Begroting 2023 GR pagina 30

8. VASTSTELLINGSBESLUIT AB

Begroting 2023 GR pagina 31

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11504428/1