Begroting GR 2022
Tekst van het document
B e g r o t i n g 2022 Gemeenschappelijke Regeling INSTITUUT VOOR WERKVOORZIENING ZUID-OOST UTRECHT
(GR IW4)
APRIL 2021
INHOUDSOPGAVE INLEIDING 1
INLEIDING EN SAMENVATTING 1.1 Inleiding 1.2 Samenvatting
3 3
BELEIDSBEGROTING PROGRAMMAPLAN 2
PROGRAMMA 2.1 Participatiewet 2.2 Toekomst IW4 2.3 Governance-structuur 2.4 Speerpunten 2.5 Overzicht van de kosten van overhead 2.6 Bedrag voor onvoorzien
3
5 5 6 6 7 7
ORGANISATIE EN STRUCTUUR 3.1 Doelstelling sociale werkvoorziening 3.2 Organisatieontwikkeling 3.3 Personeelsmanagement 3.4 Controle en rapportage over de uitvoering Wsw 3.5 Informatievoorziening
7 8 9 9 9
PARAGRAFEN 4
BELEID EN BESTUUR 4.1 Verbonden partijen 4.2 Bestuursorganen 4.3 Ontwikkelingen bestuur en SW branche 4.4 Financiering 4.5 Reserves en voorzieningen 4.6 Bedrijfsvoering 4.7 Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Begroting 2022 GR pagina 1
10 10 10 11 11 12 12
FINANCIËLE BEGROTING HET OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN 5
HET OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN EN DE TOELICHTING 5.1 Overzicht van baten en lasten van de GR 2022 5.2 Samengevoegd overzicht van baten en lasten 2022 GR en NV 5.3 Cijfermatige toelichting op het overzicht van baten en lasten van de GR 5.4 Tekstuele toelichting op het overzicht van baten en lasten 5.5 Grondslagen van resultaatbepaling
13 14 15 16 17
UITEENZETTING VAN DE FINANCIËLE POSITIE EN DE TOELICHTING 6 UITEENZETTING VAN DE FINANCIËLE POSITIE 6.1 Treasurystatuut en risicobeheer 6.2 Kasstroom en renterisico 6.3 Renteschema 6.4 Meerjarenramingen 6.5 Gemeentelijke bijdragen
19 19 22 23 26
7 BIJLAGEN 7.1 Het overzicht van de geraamde baten en lasten per taakveld 8 VASTSTELLINGSBESLUIT ALGEMEEN BESTUUR GR
Begroting 2022 GR pagina 2
27 28
INLEIDING 1. Inleiding en samenvatting 1.1 Inleiding begroting Hierbij bieden wij u de bijgestelde programmabegroting 2022 van de Gemeenschappelijke Regeling Instituut voor Werkvoorziening Zuid-Oost Utrecht (GR IW4) aan. Het jaar 2020 is afgesloten met een positief (geconsolideerd) resultaat van € 11.000. Per 1 januari 2004 werd het Besluit Begroting en Verantwoording 2004 (BBV 2004) van kracht. Het BBV 2004 bevat de bepalingen waaraan de begroting en de rekening van o.a. gemeenten en gemeenschappelijke regelingen moeten voldoen. In 2016 is het BBV op diverse onderdelen gewijzigd, de gevolgen hiervan dienen vanaf het begrotingsjaar 2018 door Gemeenschappelijke Regelingen te zijn geïmplementeerd. Tevens zijn in 2004 twee nieuwe hiermee verband houdende verordeningen (artikel 212 en 213 gemeentewet) door het Algemeen Bestuur ondertekend en ingevoerd. Het betreft: 1. Verordening financieel beleid en beheer en inrichting financiële organisatie van de Gemeenschappelijke Regeling. (artikel 212 Gemeentewet). 2. Verordening voor de controle op het financieel beheer en de inrichting van de financiële organisatie van de Gemeenschappelijke Regeling (artikel 213 Gemeentewet). Deze verordeningen waarborgen dat aan de eisen van rechtmatigheid, verantwoording en controle wordt voldaan.
De accountant controleert en toetst de GR op rechtmatigheidsaspecten Het BBV schrijft ten aanzien van de begroting voor dat deze bestaat uit: De beleidsbegroting, die weer tenminste bevat: • het programmaplan • de paragrafen met daarin opgenomen een aantal voorgeschreven kengetallen en het schema van rentetoerekening. De financiële begroting, die weer tenminste bevat; • het overzicht van de baten en lasten en de toelichting hier op • de uiteenzetting van de financiële positie en de toelichting hier op • een geprognosticeerde balans • een overzicht waarin baten en lasten worden verdeeld naar voorgeschreven taakvelden • relevante beleidsindicatoren
1.2 Samenvatting Het begrote resultaat van de Gemeenschappelijke Regeling en IW4 Beheer NV voor 2022 bedraagt geconsolideerd € 116.000 negatief. Het begrote resultaat van de Gemeenschappelijke Regeling is nihil. De berekeningen zijn gemaakt rekening houdende met de effecten van het transitieplan. In deze begroting is weer rekening gehouden met bijdragen van de deelnemende gemeenten, zoals in het najaar van 2018 overeengekomen. Begroting 2022 GR pagina 3
Samenstelling resultaat GR (bedragen x € 1.000)
Het resultaat van de GR kan als volgt worden gespecificeerd: Beheerskosten GR (controle en advieskosten) Kosten ambtelijk secretariaat
€ 12 € 40 € 52
Rentelasten van de langlopende lening Rentelasten rekening-courant met NV
€ -3 € 12
Ontrekking aan Bestemmingsreserve
€ 61
Totaal resultaat GR
€
Begroting 2022 GR pagina 4
0
BELEIDSBEGROTING PROGRAMMAPLAN Volgens het BBV dient er in het programmaplan ingegaan te worden op de maatschappelijke effecten en de wijze waarop er naar gestreefd zal worden die effecten te verwezenlijken. Dit wordt gedaan aan de hand van de volgende drie vragen: wat willen we bereiken? wat gaan we ervoor doen? en wat gaat het kosten? Een programma is een geheel van activiteiten om de beoogde maatschappelijke effecten te bereiken. Naast de programma’s bevat het programmaplan: • Een overzicht van algemene dekkingsmiddelen (inkomsten waarvoor geen bestedingsdoel is bepaald) • Een overzicht van de kosten van de overhead • Het bedrag voor de heffing van de vennootschapsbelasting • Het bedrag voor onvoorzien
2. PROGRAMMA 2.1 Participatiewet Op de verschillende aspecten van de Participatiewet wordt in dit verband verder niet ingegaan. Wel moet worden genoemd dat vanaf 1 januari 2015 geen nieuwe instroom in de Wsw meer plaats vindt. De Sw-ers die op dat moment een dienstverband in het kader van de Wsw hadden, behouden hun rechten. Deze groep personen zal door natuurlijk verloop geleidelijk in omvang afnemen, wat grote gevolgen heeft voor de bedrijfsvoering en de financiële resultaten van IW4 Beheer NV. Er is voorzien dat er een groep personen aangewezen zal zijn op nieuw beschut werken. Deze groep zou uiteindelijk een omvang moeten hebben van ca eenderde van de omvang van de huidige groep Sw-ers (of Sw-geïndiceerden). In 2020 waren gemideld 15,5 fte beschut werkenden in dienst. We gaan we ervan uit dat deze groep met ca. 5 fte per jaar groeit, hoewel deze groei in het jaar 2020 nog geen 2 fte bedroeg. De gemeenten zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van de Participatiewet en beschikken over een ontschot participatiebudget, echter wel met een forse bezuiniging ten opzichte van de budgetten in het verleden. De bezuinigingen op de Wsw blijven in omvang gelijk met eerdere voornemens, maar de periode waarin de subsidie wordt teruggebracht, is verlengd.
2.2 Toekomst IW4 In het najaar van 2018 besloten de gemeenteraden van Renswoude, Rhenen en Veenendaal te kiezen voor de zogenoemde ‘variant 1+’ voor de doorontwikkeling van IW4. Met het besluit van de drie gemeenten kwam een einde aan een meerjarig en intensief traject naar de toekomst van IW4 in de uitvoering van de Participatiewet. Met het genomen besluit is het nu aan ons als IW4 om met vertrouwen en veel energie de nieuwe toekomst van ons mooie bedrijf vorm en inhoud te geven. Zoals gezegd gaat het om het realiseren van ‘variant 1+’. De kern van deze variant is dat zowel IW4 als de afdeling Economie & Werk van de gemeente Veenendaal zich vanuit de bestaande expertise en kracht richten op hun kerncompetenties en voor beide een ontwikkelopdracht wordt gevolgd, waarbij IW4 zich richt op de grote opgave Begroting 2022 GR pagina 5
om te komen tot een effectieve ondersteuning van de inclusieve arbeidsmarkt (expertise en facilitering), in combinatie met een zo licht mogelijke eigen infrastructuur voor de doelgroep.
2.3 Governance-structuur De gehele uitvoering van de Wsw is door de gemeenschappelijke regeling (GR) overgedragen aan IW4 Beheer NV. Bestuurlijk is afgesproken dat de subsidie en de loonkosten Wsw worden doorgeschoven naar de NV, evenals de overige Wsw-kosten. Hierdoor valt het subsidietekort in de NV en worden in de GR uitsluitend de rentelasten/-opbrengsten van de lening o/g geboekt, evenals de kosten van het ambtelijk secretariaat, controle en advieskosten betreffende GR. Naast de GR-begroting is een geconsolideerde begroting van GR en NV samen opgenomen. Het is immers wettelijk verplicht om inzicht te geven in de uitkomsten van 100% deelnemingen. De NV-begroting is gebaseerd op het vernieuwde meerjarenbeleid IW4 (Transitieplan) en de meest actuele informatie over rijksbijdrage (als – geoormerkt - onderdeel van het toegekende participatiebudget), CAO-afspraken en eventuele nieuwe regelgeving. Door de huidige crisis rondom het Covid19 virus zijn de toekomstige ontwikkelingen echter onzeker.
2.4 Speerpunten De uitwerking van de zogenoemde ‘variant 1+’ voor de doorontwikkeling van IW4 is bepalend voor de organisatie, functie en activiteiten van IW4 onder de Participatiewet. Onderstaande speerpunten gelden onder voorbehoud van deze verdere uitwerking: IW4 algemeen: - Behoud karakter IW4 als professioneel leerwerk- en plaatsingsbedrijf. - Verhogen van de effectiviteit van de externe plaatsingen. - Verkenning mogelijkheden intensivering van de inzet voor andere doelgroepen, waaronder Wajongers en mensen in de arbeidsmatige dagbesteding. - Voortzetten en initiëren van nieuwe activiteiten in relatie met andere beleidsterreinen van de gemeenten, zoals onderwijs en mogelijk wijkgericht werken. - Behoud- en verder uitbouwen van de goede relatie met de eigen gemeenten. - Bevorderen continuïteit en zo mogelijk uitbreiding opdrachten van de eigen gemeenten, dit laatste bijvoorbeeld op het terrein van schoonmaak. - Stimuleren van het gebruik van de mogelijkheden van Social Return On Investment (SROI) door gemeenten en andere publieke en maatschappelijke organisaties. - Versterken verbindingen met ondernemersorganisaties en werkgevers. - Bevorderen en ondersteunen van maatschappelijk verantwoord ondernemen door bedrijven in de regio.
- Intensief volgen van de ontwikkelingen elders in de sector, zodat geleerd kan worden van good practices bij de implementatie van de Participatiewet. IW4 en de arbeidsmarktregio FoodValley: - Intensief participeren in de verschillende overlegstructuren van de arbeidsmarktregio. - Uitbouwen samenwerking gericht op de werkgeversbenadering. - Ontwikkeling en aanbieden van nieuwe diensten aan gemeenten en werkgevers in de regio.
Begroting 2022 GR pagina 6
2.5 Overzicht van de kosten van overhead Kosten van de overhead (bedragen x € 1.000)
2019
2020
2021
2022
Afschrijvingskosten
0
0
0
0
Beheerskosten GR: Advies- en controlekosten Kosten ambtelijk secretariaat
12
12
12
12
40
40
40
40
Totaal kosten overhead
52
52
52
52
3. ORGANISATIE EN STRUCTUUR 3.1
Doelstelling Sociale Werkvoorziening
Het doel van de Gemeenschappelijke Regeling is ‘het handhaven, vergroten of herstellen van de arbeidsgeschiktheid van personen die tot arbeid in staat zijn, maar voor wie, in belangrijke mate, tengevolge van bij hen gelegen factoren, gelegenheid om onder normale omstandigheden arbeid te verrichten niet of nu niet aanwezig is (artikel 3.1 GR). De GR IW4 heeft tevens tot doel ‘het handhaven van en zorgdragen voor voorzieningen die sociale activering en een zelfstandige bestaansvoorziening bevorderen van in het rechtsgebied als bedoeld in artikel 2 woonachtige langdurige werklozen, uitkeringsgerechtigden en jongeren’ (artikel 3.2 GR). Het Instituut kan de in de leden 1 en 2 genoemde delen uitbesteden op contractbasis. Ter uitvoering van het in artikel 3 genoemde dragen de deelnemende gemeenten hun bevoegdheden en verplichtingen uit de Wsw over aan de GR. De GR wijst daartoe als feitelijk met de uitvoering belast orgaan aan: IW4 Beheer NV. (artikel 4 GR). Het statutaire doel van IW4 Beheer NV luidt als volgt: “De vennootschap heeft ten doel met het oog op de werkverschaffing aan mensen die geïndiceerd zijn voor de Sociale Werkvoorziening het hiertoe voeren van ondernemingen door de vennootschap dan wel afhankelijke maatschappijen van de vennootschap.
Binnen haar doel kan de vennootschap al datgene verrichten wat met haar doel in de ruimste zin verband houdt zowel voor eigen rekening als voor rekening van derden.” Hierbij staat voorop zoveel mogelijk mensen die geïndiceerd zijn voor de Sociale Werkvoorziening als in de bedrijfsvoering verantwoord is van werk te voorzien. Bij het streven van bovengenoemde doelstelling zal de NV binnen het kader van een maatschappelijk verantwoord beleid, zonder dat het winstoogmerk voorop staat, op een evenwichtige wijze rekening houden met het algemeen belang, de belangen van de aandeelhouders en de medewerkers en het gezamenlijk belang bij haar continuïteit.
Begroting 2022 GR pagina 7
In 2019 zijn de statuten van IW4 Beheer NV en regeling van de GR IW4 aangepast aan de actuele regelgeving. De verwachting is dat de kern van deze doelstelling voor 2022 ongewijzigd blijft voor de dan in dienst zijnde Sw-medewerkers. De GR blijft voor hen immers verantwoordelijk, maar er zal geen nieuwe instroom plaatsvinden.
3.2 Organisatieontwikkeling Op 22 januari 1998 werd IW4 Beheer NV opgericht, met als doel een meer bedrijfsmatige omgeving te creëren. Door de grotere afstand tot de politiek kan er slagvaardiger en bedrijfsmatiger aan het economisch verkeer worden deelgenomen. De aandelen van de vennootschap berusten bij de Gemeenschappelijke Regeling. De uitgangspunten voor het sociale beleid worden als onderdeel van het algemeen meerjarig beleid bepaald door het Algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling, terwijl de verantwoordelijkheid voor de bedrijfsvoering in handen ligt van de directie en de Raad van Commissarissen van IW4 Beheer NV. De leden van de Raad van Commissarissen worden op voordracht van de RvC benoemd door de Algemene vergadering. De ondernemingsraad kan voor één van de commissarissen een voordracht doen. De gemeenten Renswoude, Rhenen en Veenendaal zijn lid van de Gemeenschappelijke Regeling. De gemeente Utrechtse Heuvelrug is uitgetreden per 01-01-2018. De SW medewerkers van de gemeente Utrechtse Heuvelrug (Amerongen en Leersum) blijven in dienst van de GR. De gemeente Utrechtse Heuvelrug vergoedt het subsidietekort van deze medewerkers aan IW4 (hier valt immers het subsidietekort). Ook heeft Utrechtse Heuvelrug de groenomzet voor de komende tien jaar gegarandeerd.
Wsw personeel Het Wsw-personeel is in dienst van de Gemeenschappelijke Regeling en wordt door de Gemeenschappelijke Regeling gedetacheerd bij IW4 Beheer NV. De Gemeenschappelijke Regeling treedt op als formeel werkgever van het Wsw-personeel en heeft door middel van een Aanwijzingsbesluit IW4 Beheer NV aangewezen als rechtspersoon voor de uitvoering van de Wet Sociale Werkvoorziening (Wsw). In een jaarlijks overeen te komen Sociaal Economisch Contract (SEC) wordt vervolgens de detachering van het Wsw-personeel bij de NV geregeld. In de SEC dient overeenstemming te worden bereikt over het aantal te plaatsen SW-FTE’s, het aantal te realiseren plaatsen begeleid werken, evenals over de uitgangspunten voor het sociaal beleid. De directie en de Raad van Commissarissen van IW4 Beheer NV zijn verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering en de uitvoering van het geformuleerde sociaal en economisch beleid.
3.2.2 Organisatie De GR voert namens de deelnemende gemeenten de Wet Sociale Werkvoorziening uit. Voor de GR is een aparte financiële, personeels- en loonadministratie ingericht. In 2018 heeft IW4 na een offerteprocedure besloten om vanaf verslagjaar 2018 te kiezen voor HZW Accountants & Belastingadviseurs als accountant voor zowel de NV als de GR. Begroting 2022 GR pagina 8
Het bedrijf heeft zich, in nauwe samenwerking met de gemeente(n), ontwikkeld als professioneel leerwerk- en plaatsingsbedrijf in participatie-trajecten.
3.3 Personeelsmanagement Gebruikmakend van het systeem Afas kan de afdeling Arbeidsontwikkeling de beweging ‘van binnen naar buiten’ ondersteunen en begeleiden, evenals de verzorging van de daarvoor noodzakelijke informatievoorziening over de uitvoering van de Wsw en Participatie-trajecten. Aantal AJ
Wsw
Subsidiabel Aantal
Wsw
Prognose
Begroot
2017
2018
2019
2020
2021
2022
354
336
320
302
290
277
Vanaf 2015 geldt vanuit het Ministerie geen aparte taakstelling meer voor de Wsw doelgroep i.v.m. de Participatiewet. Wel zal naar verwachting bij de vaststelling van het deel van het aan gemeenten toe te kennen participatiebudget voor de Sw-ers rekening worden gehouden met de realisatie in het afgelopen jaar (en het landelijk geprognosticeerde natuurlijk verloop).
3.4 Controle en rapportage over uitvoering Wsw Een formeel intern controleprotocol over de uitvoering van de Wsw is opgesteld door het bestuur. Hierin wordt op onderdelen de interne controle in detail geregeld en het normenkader. Dit protocol is in 2009 vastgesteld door het bestuur en in 2011 geactualiseerd. Hoewel vanaf 2015 de SISA-procedure niet meer bestaat, heeft de accountant op verzoek van de deelnemende gemeenten de nog bestaande (SISA-)indicatoren over 2020 gecontroleerd en hiervoor een controlerapport afgegeven. Afgelopen jaren zijn de statuten, het sociaal-economisch contract, het Treasurystatuut, de GRregeling en de verordeningen 212 en 213 aangepast aan nieuwe wetgeving (intern en extern). Jaarlijks heeft het GR- bestuur verantwoording afgelegd over de uitvoering van de Wsw. Deze verantwoording was grotendeels gebaseerd op de informatie en rapportage van de NV over de uitvoering van de Wsw. Deze verantwoording over 2020 kan wederom plaatsvinden mede op basis van het accountantsrapport dat op verzoek van de deelnemende gemeenten opgesteld is. De NV maakt gebruik van managementinformatie uit AFAS Profit. Binnen de NV vindt controle plaats op de uitvoering van de Wsw. De accountant geeft elk jaar een accountantsverklaring af op basis van het interne controlerapport van de NV. De accountantsverklaring wordt verstrekt aan de gemeenten.
De gemeenten dienden het accountantsverslag als bijlage bij de jaarrekening te verantwoorden, rekening houdend met de jaarlijkse wijzigingen en instructies hieromtrent.
Begroting 2022 GR pagina 9
3.5 Informatievoorziening Afas wordt bedrijfsbreed gebruikt als personeelsinformatie- en clientvolgsysteem. Ook voor de salarisverwerking wordt Afas gebruikt. Maandelijks wordt een financiële maandrapportage (MARAP) gemaakt ten behoeve van het managementteam. Elk kwartaal volgt een rapportage aan Raad van Commissarissen en Algemeen Bestuur. Voorts is er een rapportagelijn opgezet voor de projecten voor de gemeente Veenendaal in het kader van de Participatiewet en de uitvoering van de Wsw door IW4. Het betreft o.a. de volgende informatie: • Formatie en kosten van Wsw, andere doelgroepen en regulier personeel. • Bedrijfskosten per kostensoort • Ziekteverzuim • Trajectoverzicht FTE alle doelgroepen (in- en uitstroom) • Subsidieoverzicht (te ontvangen en door te betalen subsidie) • Overzichten per woongemeente en afdeling • Trajecten, in- en uitstroom en plaatsingen.
Begroting 2022 GR pagina 10
PARAGRAFEN In de paragrafen worden onderwerpen behandeld, die van belang zijn voor het inzicht in de financiele positie. De voorgeschreven paragrafen betreffen: • Onderhoud kapitaalgoederen • Verbonden partijen • Grondbeleid • Financiering • Bedrijfsvoering • Weerstandsvermogen en risicobeheersing • Lokale heffingen
4. BELEID EN BESTUUR 4.1 Verbonden partijen Verbonden partijen zijn derde rechtspersonen waarmee de Gemeenschappelijke Regeling (GR) van IW4 een bestuurlijke en financiële band heeft. De GR IW4 is daarom als GR een verbonden partij voor de deelnemende gemeenten. Gezien vanuit de perceptie van de GR gelden de deelnemende gemeenten niet als een verbonden partij, omdat de GR geen samenwerkingsverbanden met een beslissingsbevoegdheid heeft met derde partijen of verantwoordelijkheid in een bestuur, buiten IW4 Beheer NV.
4.2 Bestuursorganen De algemeen directeur van IW4 Beheer NV treedt sinds 2008 tevens op als adviseur van de Gemeenschappelijke Regeling. Tot 2008 was de algemeen directeur van de NV ook directeur van de GR. Het bestuur laat zich ondersteunen door een ambtelijk secretaris van de gemeente Veenendaal. In de begroting is een bedrag opgenomen voor het salaris e.d. van de ambtelijk secretaris en overige kosten van dit secretariaat, in totaal € 40.000. De bestuursorganen van de GR zijn (artikel 5 GR): a. het Algemeen Bestuur b. het Dagelijks Bestuur c. de voorzitter.
4.3 Ontwikkelingen bestuur en Sw-branche Bestuur In maart 2016 is de GR-regeling geactualiseerd naar aanleding van de gewijzigde Wet op de gemeenschappelijke regelingen (WGR) en in 2018 en 2019 is de GR-regeling nogmaals geactualiseerd. Het Algemeen Bestuur bestaat uit 7 leden (3 Veenendaal, 2 Rhenen en 2 Renswoude); het Dagelijks Bestuur bestaat uit 3 leden (van elke gemeente 1: voorzitter Veenendaal, plaatsvervangend Rhenen en secretaris Renswoude)
Begroting 2022 GR pagina 11
SW-sector IW4 neemt actief deel aan activiteiten en voorzieningen binnen de Sw-sector. Daarbij gaat het onder meer om gezamenlijk afgesloten inkoopcontracten, ondersteunende activiteiten van Cedris en SBCM op het terrein van bijvoorbeeld de werkladdderscan, Arbo en veiligheid, etc. Intensivering van de contacten met andere Sw-bedrijven, in het bijzonder in de eigen regio, is van belang om goed gebruik te maken van kennis en producten van collega-bedrijven. Waar samenwerking bij activiteiten tot voordelen voor IW4 kan leiden zal worden samengewerkt.
4.4 Financiering De GR heeft de langlopende aflossingsvrije lening op 12 maart 2020 omgezet naar een 5-jarige aflossingsvrije lening, het rente percentage bedraagt -0,10%.
4.5 Reserves en voorzieningen Het financiële weerstandsvermogen van de GR kan gedefinieerd worden als het vermogen om tegenvallers op te vangen, zonder dat dit leidt tot een onverwacht verlies of een ombuiging van bestaand beleid. In dit vermogen om tegenvallers op te vangen is een gradatie aan te brengen. Het betreft een onderverdeling in middelen die geheel vrij beschikbaar zijn en in middelen die deels beschikbaar zijn. De weerstandscapaciteit binnen de GR bestaat uit een vrij aanwendbaar deel van de algemene reserve en een bestemmingsreserve. Met de gemeenten en de provincie zijn afspraken gemaakt om het weerstandsvermogen op peil te houden.
4.5.1 Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit: 1. Egalisatiereserve voor algemene bufferfunctie en onverwachte tekorten. 2. Bestemmingsreserve voor personeelsgerelateerde verplichtingen.
4.5.2 Voorzieningen Voorzieningen worden gevormd door: • Verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op balansdatum onzeker is doch redelijkerwijs is in te schatten. • Bestaande risico’s op balansdatum terzake van verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs te schatten is. • Kosten die in een volgend begrotingsjaar worden gemaakt maar hun oorsprong hebben in het begrotingsjaar of een eerder begrotingsjaar en de voorziening strekt tot kostenegalisatie. • Van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden. • Voor aan arbeidskosten gerelateerde verplichtingen wordt met ingang van 2004 in de GR geen voorziening getroffen, volgens BBV 2004. Deze posten zijn opgenomen onder Bestemmingsreserve personeelsgerelateerde verplichtingen. Vanaf ultimo 2009 heeft de GR geen voorzieningen in de balans. Wel zijn er voorzieningen opgenomen op de balans van IW4 Beheer NV.
Begroting 2022 GR pagina 12
4.6 Bedrijfsvoering In het najaar van 2018 besloten de gemeenteraden van Renswoude, Rhenen en Veenendaal te kiezen voor de zogenoemde ‘variant 1+’ voor de doorontwikkeling van IW4. Met het besluit van de drie gemeenten kwam een einde aan een meerjarig en intensief traject naar de toekomst van IW4 in de uitvoering van de Participatiewet. IW4 richt zich hierbij op de grote opgave om te komen tot een effectieve ondersteuning van de inclusieve arbeidsmarkt (expertise en facilitering), in combinatie met een zo licht mogelijke eigen infrastructuur voor de doelgroep. IW4 richt zich hierbij op vier kernactiviteiten, dit zijn de ‘pijlers’ onder de toekomst van IW4: 1. het deels zelf en deels in samenwerking met ondernemers invullen van beschutte werkplekken (op basis van de Wsw zolang als nodig en op basis van ‘beschut werk’ van de Participatiewet); 2. het ontwikkelen en bemiddelen van kandidaat-werknemers met een afstand tot de arbeidsmarkt naar betaald werk bij reguliere werkgevers; 3. het (mede) vormgeven van de inclusieve arbeidsmarkt in de arbeidsmarktregio. 4. Het bieden van werkgeversdienstverlening op het gebied van duurzame inzetbaarheid.
4.7 Weerstandsvermogen en risicobeheersing De risico’s voortvloeiende uit de bedrijfsvoering van IW4 liggen binnen IW4 Beheer NV. Dit geldt sinds 2008 ook voor het subsidierisico, het verschil tussen de rijkssubsidie en de personele kosten van Sw-medewerkers. Binnen de NV is echter slechts een beperkte algemene risicoreserve opgebouwd. Dit betekent dat wanneer risico’s daadwerkelijk (ernstige) negatieve gevolgen voor het financieel resultaat binnen de NV hebben dit zal leiden tot een beroep op de middelen binnen de GR. Het betreft hierisico’s als gevolg van de economie en bedrijfsvoering en andere externe factoren. Een aantal risico’s wordt hieronder genoemd. Risico’s bedrijfsvoering - De corona-crisis: op het moment van schrijven van deze begroting heeft dit een grote impact op ons leven. Het effect hiervan op de bedrijfsvoering 2022 is nog niet te kwantificeren. Indien nodig zal in het najaar zal een herziene begroting opgesteld worden, waarin het geschatte effect hiervan meegenomen is. - Enkele afdelingen, in het bijzonder Schoonmaak, zijn sterk afhankelijk van de opdrachten van de eigen gemeenten. Continuïteit van dit werk tegen kostendekkende tarieven is van groot belang. Doordat nieuwe contracten zijn afgesloten is dit risico sterk gereduceerd. - Het aantal Sw-medewerkers neemt de komende jaren af.
Een andere belangrijke ontwikkeling voor de bedrijfsvoering is de afnemende kwaliteit (vakmatig, productiviteit) van de Swmedewerker door vergrjizing. Risico’s i.v.m. gewijzigde wetgeving Met ingang van 2016 is de Vennootschapsbelasting plicht voor overheidsorganisaties ingevoerd. De belastingdienst heeft aangegeven dat de GR geen aangifte hoeft te doen. Jaarlijks dient echter bekeken te worden of nog steeds aan de voorwaarden hiervoor voldaan wordt.
Begroting 2022 GR pagina 13
Kengetallen Kengetallen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte
2019 -23% -23% 35% 0%
2020 -24% -24% 33% 0%
2021 -26% -26% 35% 0%
2022 -27% -27% 35% 0%
Netto schuldquote Door de afnemende baten zien we dat ook de netto schuldquote verder afneemt. Omdat er geen leningen verstrekt zijn, is de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen gelijk aan de netto schuldquote. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio blijft stabiel rond de 35%. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten. Deze worden moeten in ons geval in evenwicht zijn, dus 0.
Begroting 2022 GR pagina 14
FINANCIËLE BEGROTING 5. HET OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN 5.1 Het overzicht van baten en lasten van de GR 2021 Bedragen x € 1.000,--
Wsw-kosten 1. Gemeentelijke (Wsw) subsidie 2. Bijdrage aan NV inzake Wsw
Begroting 2022
Begroting 2021
Realisatie 2020
Realisatie 2019
Realisatie 2018
Apr 21
Nov 20
April 21
April 20
April 19
7.800 -7.800
8.024 -8.024
8.887 -8.887
8.382 -8.382
8.747 -8.747
0 -8.127 8.127 0
0 -8.391 8.391 0
0 -8.767 8.767 0
0 -9.106 9.106 0
0 -9.539 9.539 0
-0
-0
0
0
0
7. Beheerskosten GR 8. Rente lening o/g Totaal overige kosten
-64 3
-52 3
-52 3
-56 4
-53 -26
-61
-49
-49
-52
-79
Resultaat Wsw-dienstverband
-61
-49
-49
-52
-79
9. Bijzondere baten en lasten Exploitatieresultaat GR
0
0
0
0
0
-61
-49
-49
-52
-79
10a. Bijdrage subsidietekort aan NV 10b. Bijdrage transitiekosten 11. Resultaat deelneming in NV
-203 0 0
-336 -100 0
-451 -300 0
-652 -200 0
-349 0 0
Resultaat voor winstverdeling
-264
-485
-799
-904
-428
12. Van/naar bestemmingsreserve 13. Van/naar egalisatiereserve
61 0
49 0
49 0
52 0
0 0
14a. Gemeentelijke bijdrage 14b. Bijdrage transitiekosten
203 0
336 100
451 300
652 200
428 0
0
0
0
0
0
3. Overige bijdragen, opbrengsten 4. Loonkosten Wsw-personeel 5. Inleenvergoeding Wsw-personeel 6. Overige Wsw-kosten Totaal Wsw-kosten
Resultaat GR na winstverdeling
Begroting 2022 GR pagina 15
5.2 Samengevoegd overzicht van baten en lasten GR en NV
x € 1.000
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Realisatie
Realisatie
2022 NV
2022 GR
2022
2021
2020
2019
NV en GR
NV en GR
NV en GR
NV en GR
Opbrengsten Rijksbijdrage Wsw
0
7.800
7.800
8.024
8.887
8.384
Bijdrage GR
7.800
-7.800
0
0
0
0
Inleenvergoeding Wsw NV
-8.031
8.031
0
0
0
0
Brutomarge omzet
4.932
4.932
4.462
4.596
5.144
Bijdrage UHR in subsidietekort
16
16
18
47
37
Overige opbrengsten
125
125
125
226
190
Gemeentelijke bijdrage
203
0
203
336
451
652
5.045
8.031
13.076
12.965
14.207
14.407
Kosten Loonkosten Wsw
0
-8.031
-8.031
-8.391
-8.767
-9.106
Loonkosten regulier
-3.000
0
-3.000
-2.884
-2.627
-2.576
Loonkosten Beschut
-180
-180
-164
-199
Overige personeelskosten regulier
-487
0
-487
-480
-902
-1.225
Overige personeelskosten Wsw
-321
0
-321
-335
-471
-350
Huisvestingkosten
-345
0
-345
-345
-341
-399
Afschrijvingen
-281
0
-281
-350
-340
-172
Rente lening o/g
0
3
3
3
3
4
Kosten automatisering
-153
0
-153
-150
-137
-108
In-en verkoopkosten
-169
0
-169
-153
-184
-167
Overige bedrijfskosten
-225
-64
-287
-287
-375
-286
-5.161
-8.092
-13.251
-13.536
-14.341
-14.385
-116
-61
-177
-571
-134
22
Bijzondere baten
0
0
0
0
0
0
Vrijval voorzieningen
0
0
0
0
0
0
Transformatie Participatiewet
0
0
0
0
96
-246
Ten laste van eigen vermogen
0
61
61
49
49
172
-116
0
-116
-522
11
-52
Resultaat
Resultaat
Begroting 2022 GR pagina 16
5.3 Cijfermatige toelichting op het overzicht van baten en lasten van de GR Bedragen x € 1.000
Begroting 2022
Begroting 2021
Realisatie 2020
Realisatie 2019
apr-21
nov-20
apr-21
apr-20
7.800
8.024
8.294
8.421
-6.489 -1.183 96 -551 -8.127
-6.852 -1.058 100 -581 -8.391
-7.058 -1.229 128 -608 -8.767
-7.273 -1.352 147 -628 -9.106
8.127 -7.800 327
8.656 -8.024 367
8.767 -8.294 473
9.106 -8.421 685
203
336
451
852
3 -12 -52 -203 -264
3 0 -52 -336 -385
4 -12 -40 -451 -499
4 0 -56 -852 -704
-52 0 0 -52
-52 0 0 -52
-40 0 0 -40
-62 0 2 -52
Subsidieresultaat Wsw Rijksbijdrage
Loonkosten Wsw Brutoloon Sociale lasten Lage-inkomensvoordeel (LIV) Pensioenpremie
Doorboeking naar IW4 Beheer NV Inleenvergoeding (opbrengst GR) Subsidie Wsw
Gemeentelijke bijdrage Hieruit wordt betaald: Rente aflossingsvrije lening o/g Rente rekening-courant met NV Kosten GR en secretariaat Bijdrage van GR aan NV
Kosten GR Advies-en controlekosten Afschrijving immateriële vaste activa Overige kosten
Begroting 2022 GR pagina 17
5.4 Tekstuele toelichting op het overzicht van baten en lasten 5.4.1 Subsidie uitvoering Wsw De SW-populatie is gebaseerd op de aantallen en blijf-kansen zoals gepubliceerd in de septembercirculaire gemeentefonds 2020. Raming aantal AJ (arbeidsjaren) 2022: Totaal 277,1 AJ (arbeidsjaren) waarvan 256,1 werkzaam bij IW4 en 21,0 werkzaam elders onder begeleid werken.
Begroot aantal AJ bij IW4 in 2022 Begroot 2022
Werkgemeente Veenendaal Rhenen Renswoude Totaal
Begroot 2021
Realisatie 2020
225,6 43,4 8,1 277,1
234,9 46,3 8,3 289,5
242,9 50,7 8,2 301,8
6.349.895 1.221.163 229.142 7.800.200
6.509.875 1.283.143 229.142 8.024.031
6.680.809 1.334.999 230.566 8.246.374
28.146
27.712
27.017
Berekening Rijkssubsidie voor 2022 (volgens septembercirculaire 2020)
Subsidie Veenendaal Subsidie Rhenen Subsidie Renswoude Totaal Subsidie per AJ
De subsidie 2022 is begroot op € 28.146 per AJ, totaal € 7.800.200. De daadwerkelijke hoogte van de subsidie voor 2022 wordt gebaseerd op het aantal AJ in 2021 en zal wellicht anders uitvallen. Met ingang van 2017 wordt de subsidie gebaseerd op het aantal AJ werkzaam in de betreffende Gemeenten, t/m 2016 was de subsidie gebaseerd op de woongemeente.
5.4.2 Loonkosten Wsw personeel (GR) In deze begroting 2022 wordt geen rekening gehouden met stijging van de loonkosten, in de daaropvolgende jaren is ook geen stijging toegepast. Volgens de vigerende CAO wordt de LPO (loonprijsontwikkeling) compensatie verrekend met de subsidie. Uitgangspunt is dat toekomstige CAO verhogingen gecompenseerd worden in het subsidiebedrag. De loonkosten Wsw bestaan uit de aan de Sw-medewerkers uitbetaalde brutolonen, eindejaarsuitkering, periodieke verhogingen en vakantiegelden, vermeerderd met sociale lasten, pensioenpremie e.d. Begroting 2022 GR pagina 18
5.4.3 Subsidieresultaat Het Wsw-personeel is in dienst van de Gemeenschappelijke Regeling (GR). Alle loonkosten van het Wsw-personeel komen ten laste van de GR, maar worden doorberekend aan de NV via de inleenvergoeding voor Wsw personeel. De gemeenten ontvangen van het ministerie SZW- een rijkssubsidie. Het nadelig subsidieresultaat, het verschil tussen van de gemeenten ontvangen subsidie en Wsw-loonkosten, evenals de overige Wsw-kosten komen derhalve ten laste van de NV. Met ingang van 2017 wordt structureel de LIV (lage inkomensvoordeel) verstrekt, deze is onderdeel van de sociale lasten.
5.4.4 Loonkosten regulier personeel (NV) De salariskosten voor regulier personeel zijn berekend rekening houdend met een indexatie van 1%. Ook zijn de gebruikelijke schaaltredeverhogingen in de begroting doorgevoerd. Er werd gerekend met de sociale- en pensioenpremiepercentages van 2021.
5.5 Grondslagen van resultaatbepaling 5.5.1 Inleiding Onderstaande samenvatting van de grondslagen, waarop de begroting is gebaseerd, is bedoeld als leidraad voor een juiste interpretatie van de financiële overzichten. De begroting voldoet aan het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV 2004) en de wijzigingen in 2016. Deze begroting heeft betrekking op de periode 1 januari tot en met 31 december 2022.
5.5.2 Algemeen Voor zover het BBV niet anders voorschrijft, zijn de baten en lasten toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de begroting bekend zijn geworden.
5.5.3 Resultaat deelneming in NV De deelneming wordt gewaardeerd tegen verkrijgingprijs of lagere marktwaarde. Het resultaat uit de deelneming wordt verantwoord onder Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening van de Programmarekening/Begroting.
5.5.4 Dotaties aan voorzieningen Voorzieningen worden gevormd door: • verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op balansdatum onzeker is doch redelijkerwijs te schatten • bestaande risico’s op balansdatum terzake van verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs te schatten is Begroting 2022 GR pagina 19
• kosten die in een volgend begrotingsjaar worden gemaakt maar hun oorsprong hebben in het begrotingsjaar of een eerder begrotingsjaar en de voorziening strekt tot kostenegalisatie • van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden • voor aan arbeidskosten gerelateerde verplichtingen wordt met ingang van 2004 in de GR geen voorziening getroffen, volgens BBV 2004. Deze posten zijn opgenomen onder de Bestemmingsreserve. Voor deze kosten wordt in de NV ten behoeve van het reguliere personeel, nog wel een voorziening aangehouden.
5.5.5 Lonen en sociale lasten Wsw-personeel Hieronder zijn begrepen de aan Sw-medewerk(st)ers uitbetaalde brutolonen en vakantiegeld, vermeerderd met sociale lasten en pensioenpremie.
5.5.6 Rente langlopende lening o/g De rente betreffende de langlopende aflossingsvrije lening o/g wordt vanaf 2008 ten laste van de exploitatie van de GR geboekt. Op 12 maart 2020 is deze lening omgezet in een aflossingsvrije lening met dezelfde hoofdsom, een looptijd van vijf jaar en een negatieve rente van 0,12%.
5.5.7 Overige bedrijfskosten Alle begrote kosten zijn in de begroting opgenomen voor de geschatte aanschafprijs, dan wel de historische kostprijs van de gerealiseerde uitgaven, vermeerderd met een prijsopslag.
5.5.8 Algemene dekkingsmiddelen De algemene dekkingsmiddelen bestaan in hoofdzaak uit het saldo van de financiële baten en lasten en het resultaat uit deelnemingen. De rentebaten betreffen onder meer de geraamde opbrengsten uit deposito’s en andere uitzettingen, indien van toepassing. De geraamde rentelasten bestaan uit de rentelast van de bankrekening-courant bij debetsaldi.
Begroting 2022 GR pagina 20
6. UITEENZETTING VAN DE FINANCIËLE POSITIE 6.1 Treasurystatuut en risicobeheer Ultimo 2000 is door het Algemeen Bestuur van de GR een treasurystatuut getekend, dat is opgemaakt volgens de voorschriften van de provincie Utrecht en de door het ministerie opgestelde ‘Handreiking Treasury’, rekeninghoudend met wettelijke kaders. Hierin worden organisatorische randvoorwaarden van de treasuryfunctie weergegeven, met het accent op de helderheid over de verdeling van taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden. Het statuut is in 2011 gewijzigd en opnieuw vastgesteld door het AB.
6.1.1 Risicobeheer IW4 Beheer NV heeft geen eigen bankkrediet en maakt hierom gebruik van de kredietfaciliteiten van de GR. Doordat de NV voldoende cashflow genereert onttrekt de NV tot dusverre geen geldmiddelen aan de GR. Risico’s worden uitgesloten door in de jaarbegroting een eventuele kredietbehoefte op te nemen. De onderlinge geldstromen lopen via een rekening-courantverhouding GR/NV, waarover geen rentevergoeding berekend wordt. In feite draagt de NV bij aan het terugdringen van het tekort aan geldmiddelen binnen de GR. Rapportage over eventuele afwijkingen van de wettelijke norm (wet FIDO) vindt periodiek plaats. De diverse risico’s worden gecomprimeerd in beeld gebracht middels kentallen, t.w. de Kasgeldlimiet, zie onder Liquiditeitsplanning, de Renterisiconorm en kredietrisico op verstrekte gelden. Vanaf 2009 is de rapportage aan de Provincie wettelijk afgeschaft.
6.2 Kasstroom en renterisico IW4 voldoet vanaf het verslagjaar 2003 aan de wettelijke norm voor liquiditeit. Uit het overzicht Meerjarenraming Liquiditeitsplanning 6.4.5 blijkt of volgens de wettelijke norm (wet FIDO) een tekort ontstaat aan liquide middelen. De financiering van investeringen van de NV geschiedt uit eigen middelen van de NV, dat wil zeggen er wordt hiervoor geen extra krediet aan de GR onttrokken. Indien de NV behoefte heeft aan geldmiddelen van de GR dan wordt dit in de begroting aangegeven en vindt renteverrekening plaats, rekening houdend met kredietruimte binnen de GR en terugverdienperiode. Hiertoe wordt een liquiditeitsbegroting opgesteld.
Begroting 2022 GR pagina 21
6.2.1 Kasstroomoverzicht 2022 Raming kasstroom 2022 (bedragen x € 1.000)
IW4 Beheer NV en Instituut voor Werkvoorziening Zuid-Oost Utrecht (GR)
Herkomst van middelen Netto exploitatieresultaat Afschrijvingen Dotatie aan voorzieningen
-116 281 0 165
Besteding van middelen Investeringen (stelpost) Onttrekkingen voorzieningen Investeringen
100 0 100
Mutatie werkkapitaal
65
Activa Voorraden Vorderingen Liquide middelen
0 0 0 0
Passiva Kortlopende schulden (bankier)
0
Mutatie werkkapitaal
65
Begroting 2022 GR pagina 22
6.2.2 Renterisico vaste schuld 2021
(bedragen x € 1.000)
Tabel renterisiconorm en renterisico's vaste schuld
Berekening renterisico op vaste schuld
2022
Renteherziening op vaste schuld o/g Renteherziening op vaste schuld u/g 1. Netto renteherziening op vaste schuld
0 0 0
Nieuw aan te trekken vaste schuld Nieuw te verstrekken lange leningen 2. Netto nieuw aan te trekken vaste schuld
0 0 0
3. Te betalen aflossingen
0
4. Herfinanciering (laagste van 2 en 3)
0
A. Renterisico op vaste schuld (1 + 4)
0
Berekening renterisiconorm 1. Begrotingstotaal per 1 januari (=grondslag) 2. Bij ministeriële regeling vastgesteld percentage B. Renterisiconorm
8.656 20% 1.731
Toets renterisiconorm Renterisiconorm (B) Renterisico op de vaste schuld (A) Ruimte (+) = geen risico
1.731 0 1.731
Begroting 2022 GR pagina 23
6.3 Renteschema 2021 a. De externe rentelasten over de korte en lange financiering b. De externe rentebaten (idem) Saldo rentelasten en rentebaten
€ € €
-3.180 -3.180
€
-
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente
€
-3.180
d1. Rente over eigen vermogen d2. Rente over voorzieningen
€ €
-
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente
€
-3.180
e. De aan taakvelden toegerekende rente (rente omslag)
€
-
f. Renteresultaat op het taakveld Treasury
€
-3.180
c1. De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend c2. De rente van projectfinanciering c3. De rentebaat van doorverstrekte leningen indien van toepassing
Begroting 2022 GR pagina 24
€ € €
-
6.4 MEERJARENRAMINGEN Geprognosticeerde balans GR IW4 (bedragen x € 1.000) 31/12/2025 31/12/2024 31/12/2023 31/12/2022 31/12/2021 31/12/2020 ACTIVA Vaste activa Financiële vaste activa Deelneming
5.342
5.342
5.342
5.342
5.342
5.342
500 3 0 82 0 0 585
500 3 0 86 0 0 589
550 3 0 90 0 0 643
600 4 0 96 0 0 700
700 0 0 100 0 0 800
100 0 0 128 0 0 228
54
60
60
99
110
1.234
5.981
5.991
6.045
6.141
6.252
6.804
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Schatkistbankieren Vorderingen op deelnemende gemeenten Vorderingen op niet-deelnemende gemeenten Te vorderen Lage-inkomensvoordeel (LIV) Vordering op Pensioenuitvoerder Te vorderen netto loon
Liquide middelen Banksaldi Totaal activa
PASSIVA 31/12/2025 31/12/2024 31/12/2023 31/12/2022 31/12/2021 31/12/2020 Vaste passiva Eigen vermogen Egalisatiereserve Bestemmingsreserve Gerealiseerd resultaat
1.195 763 0 1.958
1.195 824 0 2.019
1.195 885 0 2.080
1.195 946 0 2.141
1.195 1.007 0 2.202
1.195 1.056 0 2.251
Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar Onderhandse lening binnenlandse bank
2.650
2.650
2.650
2.650
2.650
2.650
Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd < 1 jaar Schulden aan niet-deelnemende gemeenten
0
0
0
0
0
0
Overlopende passiva
1.373
1.322
1.315
1.350
1.400
1.903
Totaal passiva
5.981
5.991
6.045
6.141
6.252
6.804
Begroting 2022 GR pagina 25
6.4.3 Meerjarenraming IW4 Beheer NV 2021 t/m 2025 Bedragen in 1.000 €
Realisatie Realisatie Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2021 2022 2023 2024 2025 2019 2020
SUBSIDIERESULTAAT Rijkssubsidie Loonkosten Wsw Overige Wsw kosten Bijdrage Utrechtse Heuvelrug LIV (Lage inkomens voordeel) (A) Subsidietekort
8.382 9.253 350 39 147 -1.035
8.247 8.896 471 47 128 -945
8.024 8.491 335 18 100 -684
7.800 8.127 321 16 96 -536
7.448 7.632 301 15 90 -380
7.234 7.268 287 14 86 -221
7.071 6.914 273 13 82 -21
OPERATIONEEL RESULTAAT: OPBRENGSTEN Omzet Interne omzet Inkoop, materialen e.d. (B) Brutomarge omzet
5.597 85 348 5.334
5.064 85 242 4.907
4.688 85 186 4.587
5.172 81 196 5.057
5.075 82 178 4.979
4.950 80 173 4.857
4.850 70 165 4.755
2.431 1.224 3.655 145 1 172
2.656 791 3.447 199 87 340
2.869 430 3.299 165 50 350
3.000 438 3.438 180 49 281
2.924 447 3.371 198 48 240
2.910 455 3.365 218 47 240
2.870 465 3.335 230 45 240
167 108 398 231 4.877
183 131 423 328 5.138
153 150 345 249 4.761
169 153 345 225 4.840
166 156 345 225 4.749
162 159 345 220 4.756
155 162 345 215 4.727
OPERATIONEEL RESULTAAT (B-C)
457
-231
-174
217
230
101
28
EXPLOITATIERESULTAAT (A+B-C)
-578
-1.176
-858
-319
-150
-120
7
Bijdrage Gemeenten Bijdrage in transitie- en frictiekosten Extra subsidie i.v.m. corona Kosten transitie- en frictie
652 200
337 100
203 0
68 0
0 0
0 0
446
451 300 640 204
100
0
0
0
0
TOTAAL
-172
11
-521
-116
-82
-120
7
319,78 28.936 25.831
313,93 28.338 26.270
289,55 29.325 27.712
277,13 29.326 28.146
260,26 29.325 28.618
247,86 29.323 29.186
235,78 29.323 29.990
OPERATIONEEL RESULTAAT: KOSTEN Loonkosten regulier in dienst Inhuur Personeel Totaal kosten regulier personeel Loonkosten Beschut Overige personeelskosten Afschrijvingskosten Indirecte productie- en verkoopkosten Kosten automatisering Huisvestingskosten Overige algemene bedrijfskosten (C) Totaal bedrijfskosten
KENTALLEN Gemiddeld aantal AJ Gemiddelde loonkosten per AJ Subsidie per AJ
Begroting 2022 GR pagina 26
6.4.4 MEERJARENRAMING • • • • •
De rijkssubsidie is opgenomen volgens de septembercirculaire 2020, evenals de blijfkansen voor berekening van het aantal AJ in 2020 en volgende jaren. Geen CAO-verhogingen berekend voor de SW, verwacht wordt dat dit gecompenseerd wordt met rijkssubsidie. Voor regulier personeel is voor de jaren 2021 en verder rekening gehouden met een sala-risaanpassing van 2% per jaar. De afschrijvingskosten zijn voor de jaren 2021 en volgende berekend op basis van de bestaande activa, aangevuld met geplande investeringen. De huisvestingskosten zijn stabiel gehouden, in afwachting van verdere plannen en besl
Meerjarenraming liquiditeit Vanuit de meerjarenraming van het resultaat is een meerjarenraming liquiditeit opgesteld voor de GR en de NV geconsolideerd.
6.4.5 Liquiditeitsplanning Realisatie
Realisatie
Begroting
Raming
Raming
Raming
Raming
Maximale bankkredietlimiet
2019 -52 -150 0 1.277 0 2.269
2020 344 -150 0 1.471 0 2.269
2021 -220 -150 0 1.101 0 2.269
2022 104 -100 0 1.105 0 2.269
2023 97 -100 0 1.102 0 2.269
2024 59 -100 0 1.064 0 2.269
2025 186 -100 0 1.188 0 2.269
Kostenbegroting GR + NV Kasgeldlimiet wet FIDO 8,2%
-14.428 1.183
-14.414 1.182
-13.538 -13.227 -12.621 -12.250 -11.853 1.110 1.085 1.035 1.005 972
2.460
2.653
Kasstroom GR + NV netto resultaat + afschrijvingen Investeringen Extra bijdrage deelnemende Gemeenten Geconsolideerde bankstand ultimo
Kasgeldruimte
Begroting 2022 GR pagina 27
2.211
2.190
2.137
2.068
2.160
6.5 GEMEENTELIJKE BIJDRAGEN
VERDELING 2022 SISA 2020 (ind A) Veenendaal (242,92 - UHR 8,86) Rhenen Renswoude Totaal
234,06 50,66 8,24 292,96
Bedrag 162.187 35.104 5.709 203.000
Verdeling conform stand SISA 2020 (indicator A) geïndiceerde inwoners werkzaam bij IW4. Betreft bijdrage in subsidietekort (€ 203.000). De verdeling betreft een indicatie, omdat de daadwerkelijke verdeling op basis van stand SISA 2022 plaats zal vinden.
Begroting 2022 GR pagina 28
7. BIJLAGEN 7.1 Het overzicht van de geraamde baten en lasten per taakveld Vanaf begrotingsjaar 2018 zijn gemeenschappelijke regelingen op grond van het BBV verplicht om een overzicht op te nemen waarin de lasten en de baten van de GR verdeeld worden naar de taakvelden. Deze taakvelden zijn door het Rijk vastgesteld. Via dit overzicht kunnen GR’s makkelijker met elkaar worden vergeleken.
Het overzicht van de geraamde baten en lasten per taakveld Bijgestelde
(bedragen x € 1.000)
Begroting 2022
Begroting 2021
LASTEN
0.1 Bestuur 001 Bestuursorganen
52
52
0.5 Treasury 911 Geldleningen en uitzettingen korter dan een jaar 914 Geldleningen en uitzettingen langer of gelijk aan 1 jaar
12 0
0 0
0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds 921 Uitkeringen Gemeentefonds naar NV
203
336
6.4 Begeleide Participatie 611 Sociale Werkvoorziening naar NV 611 Sociale Werkvoorziening
7.800 8.031
8.024 8.391
TOTAAL LASTEN
16.098
16.803
0.5 Treasury 914 Geldleningen en uitzettingen langer of gelijk aan 1 jaar
3
3
0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds 921 Uitkeringen Gemeentefonds
203
336
0,8 Overige baten en lasten 980 Mutaties reserves
61
49
6.4 Begeleide Participatie 611 Sociale Werkvoorziening 611 Sociale Werkvoorziening naar NV
7.800 8.031
8.024 8.391
TOTAAL BATEN
16.098
16.803
BATEN
Begroting 2022 GR pagina 29
7.2 Overzicht incidentele baten en lasten In de onderstaande tabel geven we een overzicht van de incidentele baten en lasten. Incidenteel houdt in dat het gaat om baten en lasten die een tijdelijk karakter hebben. Deze zitten slechts één of enkele jaren in de begroting.
Incidentele baten Incidentele lasten Saldo
2022 0 0 0
2023 0 0 0
2024 0 0 0
2025 0 0 0
Begroting 2022 GR pagina 30
8. VASTSTELLINGSBESLUIT AB
Begroting 2022 GR pagina 31