Beantwoording technische vragen belastingverordeningen 2023
Tekst van het document
Nr. Fractie 1 CDA
Steller Jorn van Voorthuizen
Programma Lokale heffingen
Onderwerp Belastingverordeningen
Doelstelling OZB
Vraag Portefeuillehouder Antwoord Is de 24,8% hoeveel de totale WOZ-waarde gestegen is H. van der Schoor De waarde-ontwikkeling van 24,8% is de gemiddelde procentuele (inclusief toename door nieuwbouw) of gemiddeld per verhoging van de woningen waarbij uitgegaan kan worden van woning (zonder nieuwbouw)? In de tabel op pagina 1 identieke omstandigheden. Het object is niet gewijzigd als gevolg van het raadsvoorstel lijkt het om het eerste te gaan, van verbouw/nieuwbouw of andere fysieke wijzigingen. Een maar op pagina 2 om het tweede. nieuw gebouwde woning wordt niet meegerekend met de waarde-ontwikkeling. Immers het uitgangspunt is de marktontwikkeling van een woning tussen de periode 1 januari 2021 en 1 januari 2022. Objectieve wijzigingen beinvloeden de waarde op een andere manier dan de marktontwikkeling.
2
CDA
Jorn van Voorthuizen
Lokale heffingen
Belastingverordeningen
OZB
Hoe is deze 24,8% opgebouwd? Graag een volledige toelichting/berekening inclusief bronnen van de gebruikte cijfers.
H. van der Schoor
Om de waarde-ontwikkeling te kunnen beoordelen zijn de verkopen in de periode maart 2021 tot en met mei 2022 uitvoering geanalyseerd. De verkoopwaarde is afgezet tegen de op dat moment geldende WOZ-waarde van het verkochte object. Deze waardeontwikkeling is een gemiddelde, per type woning (vrijstaand, 2^1 kap, appartementen etc)is er een verschil in de trend. Om een beeld te krijgen van de werkwijze verwijzen wij naar de waarderingskamer: https://www.waarderingskamer.nl/klopt-mijn-wozwaarde/totstandkoming-woz-waarde/
3
VVD
Bart Bisschop
Lokale heffingen
Belastingverordeningen
OZB
Hoe kan de (totale) WOZ waarde in Renswoude in 2021 H. van der Schoor met 24,8% zijn gestegen? Volgens CBS is de gemiddelde WOZ waarde van woningen in Renswoude in van 01-01-2021 naar 01-01-2022 met maar 6.2% gestegen. Dit totaalbedrag kan dus bijna niet kloppen, of de woningvoorraad moet gigantisch zijn gestegen… (met ca 18-19%?)?
Bestaande koopwoningen waren in januari 2022 21,1 procent duurder dan januari 2021. Dat is de grootste prijsstijging sinds de start van de statistiek in 1995. Dit blijkt uit onderzoek naar de prijsontwikkeling van bestaande particuliere koopwoningen in Nederland van het CBS en het Kadaster. https://www.cbs.nl/nlnl/nieuws/2022/08/prijsstijging-koopwoningen-loopt-op-naar-211-procent-in-januari. De waardepeildatum is 1 januari 2022. Deze waarde wordt gebruikt voor de aanslag/WOZ beschikking in 2023. Een toename van de woonvoorraad is geen onderdeel van de waardeontwikkeling.
4
VVD
Bart Bisschop
Lokale heffingen
Belastingverordeningen
OZB
Al zou het te maken hebben met een inhaalslag, dan lijkt het nog veel teveel ? Het risico is dat we nu op basis van deze informatie wel het OZB tarief relatief gezien fors gaan laten dalen dus we moeten hier echt wel zeker over zijn....
De wet WOZ schrijft een taxatie voor die marktconform is. Wanneer we toch kiezen voor een matigiging in de waardeontwikkeling lopen we het risico dat onze toezichthouder, de waarderingskamer, geen toestemming geeft voor het nemen van de WOZ -beschikking. Er zou sprake kunnen zijn van een 'voorzichtige' taxatie naar waardepeildatum 1 januari 2021. De Waarderingskamer heeft het afgelopen jaar in een landelijke richtlijn geconstateerd dat bij de herwaardering van woningen een betere aansluiting bij het marktniveau moet worden gezocht.
5
SGP
Henk Don
Belastingverordeningen
OZB
SGP
Henk Don
Belastingverordeningen
OZB
geraamde waarde is exact gelijk aan werkelijke waarde. H. van der Schoor Is dat niet een beetje toevallig? Waardestijging in 2021 ipv 2022. H. van der Schoor
Hier is sprake van een vergissing. Is aangepast
6
Lokale heffingen Lokale heffingen
7
SGP
Henk Don
Lokale heffingen
Belastingverordeningen
OZB
Hoe komt dat percentage van 24,8 procent tot stand? Is dat niet heel erg hoog?
Zie beantwoording vraag 1 t/m 4.
H. van der Schoor
H. van der Schoor
Dit is correct. De waardeontwikkeling heeft plaatsgevonden tussen 1 januari 2021 en 1 januari 2022. De waarde per 1 januari 2022 wordt gebruikt voor de gemeentelijke aanslagen in 2023. Is aangepast in het voorstel.
8
SGP
Henk Don
Lokale heffingen
Belastingverordeningen
OZB
9
SGP
Henk Don
Lokale heffingen
Belastingverordeningen
OZB
10 SGP
Henk Don
Belastingverordeningen
OZB
11 SGP
Henk Don
Lokale heffingen Lokale heffingen
Belastingverordeningen
OZB
12 Dorpsbelang
Kees Eskes
Lokale heffingen
Belastingverordeningen
OZB
Is die 24,8% inclusief aanwas door nieuwbouw of H. van der Schoor exclusief? Het voorstel is hier niet duidelijk over. Bijvoorbeeld onderaan de eerste pagina staat dat de stijging van de waarde ook het gevolg is van aanwas door nieuwbouw, dus dan is die 24,8% inclusief aanwas. Maar op pagina 2 in de rekenvoor beelden gaat het steeds over ´e´en woning, waarvan de waarde met 24,8% toeneemt, dus dan is die 24,8% exclusief aanwas. Eerste alinea pag 2 is volgens mij onjuist. Er staat dat in H. van der Schoor veel gemeenten de opbrengst meegroeit als het aantal woningen toeneemt. Dat is ook de manier om het te doen. Maar vervolgens lees ik dat dit in Renswoude niet gedaan wordt. Volgens mij klopt dat niet, en wordt het al zeker een jaar of 7 wel gedaan. Ook het rekenvoorbeeld laat zien dat we dat wel doen. Want voor elke woning stijgt de belasting met 1,4% en daar bovenop komt nog de opbrengst door nieuwe woningen.
Nieuwe objecten kennen een eerste taxatie maar geen waardeontwikkeling. Alleen bestaande bouw kent een waardeontwikkeling. Zie hiervoor ook beantwoording vraag 1.
Berekening tarieven is wel correct (aangenomen dat de H. van der Schoor waardestijgingen exclusief aanwas zijn). We zouden eventueel nog kunnen overwegen om H. van der Schoor onderscheid te maken tussen stijging woningen en nietwoningen. Dat hebben we een aantal jaren gedaan, door het tarief voor niet-woningen iets minder hard te laten stijgen dan het tarief voor woningen. Maar eigenlijk kun je die categorieen niet goed met elkaar vergelijken. Je ziet nu bijvoorbeeld ook dat de waardeontwikkeling in de categorieen heel erg verschillend is. Die waardeontwikkeling werkt weer door in de tarieven, waardoor het vergelijken van tarieven ook iets is met appels en peren. Ziet het college mogelijkheden om hier toch een soort visie op te hebben? Bijvoorbeeld: zijn er normtarieven van de VNG die we als richtlijn zouden kunnen ne men?
Is een constatering geen vraag.
“Waardetoename woningen is enorm met 24,5%. Dit is H. van der Schoor volgens ons niet kostenverhogend voor gemeentelijke lasten, omdat de percentages aangepast worden. Maar voor de waterschapslasten en de belastingaanslag 2022 heeft deze verhoging wel consequenties, omdat de stijging in Renswoude veel sterker is dan in andere plaatsen; In Renswoude gaan we daardoor relatief meer betalen dan in plaatsen waar de verhoging lager is. We voorzien een enorme toename van het aantal bezwaarschriften met als gevolg voor de gemeente hoge kosten van afhandelen bezwaarschriften en rechtszaken. Wij vragen om de waardetoename nog eens kritisch te bekijken. Zie ook onderstaand artikel, waarin de waardestijging woningen in Renswoude gemiddeld 8,5% is (periode 1-1-2021 t/m 1-1-2022)”.
Voor zover bekend hanteren de waterschappen ook een tariefsaanpassing door de WOZ waardeontwikkeling. De belastingdienst niet, daar is inderdaad sprake van een hoger eigen woning forfait. De conclusie dat Renswoude meer stijgt dan andere gemeente is niet onderbouwd. Informatie hierover komt pas in februari beschikbaar (Waarderingskamer en COELO). Of de stijging van de WOZ waarden gaat leiden tot een enorme toename van bezwaar en beroep is op dit moment niet te voorspellen. Dit is afhankelijk van de beleving van de gemiddelde Renswoudenaar. Hierbij is niet alleen de vastgestelde waarde van invloed maar ook de laagdrempeligheid van commerciele partijen die diensten aanbieden voor bezwaar en beroep (de verdienmodellen van de No cure No pay bureaus). Zoals bij de beantwoording van vraag 4 is aangegeven zijn er veel externe voorschrften hoe een WOZ object gewaardeerd moet worden. Deze voorwaarden worden zo objectief mogelijk toegepast en getoets aan marktontwikkelingen. Een bezwaar en een beroep zal op dezelfde voorwaarden getoetst worden.
Dit is een juiste constatering. Overigens werken heel veel gemeenten op dezelfde wijze als Renswoude.
De redenering is juist, er is inderdaad geen verband tussen de tarieven woningen en niet-woningen. Dat is gelegen in de wens om gedurende meerdere jaren de belastingdruk voor de inwoners en bedrijven slechts te laten wijzigen door de gehanteerde indexatie. Deze indexatie loopt niet evenredig met de waardeontwikkelingen van de diverse categorien. De VNG heeft geen normtarieven, omdat de tarieven slechts een uitvloeisel zijn van de WOZ-waarden in de gemeente en de beoogde opbrengst.