CConstaterende datRenswoude
Koppel je AI →
Document · PDF

B3. Notitie Richting Regionaal Energieperspectief - Deel II

Raadscommissie 6 januari 2026, gemeente RenswoudeBij agendapunt: Raadsinformatiebrief Foodvalley Energieperspectief Regio Foodvalley 204017.666 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

73

BIJLAGE 3A

kleiner aandeel heeft dan zon. Ook het gebruik van hernieuwbare warmte verdubbelde, bijvoorbeeld door de inzet van biomassa, bodemenergie en andere duurzame bronnen, waardoor de energiemix in de regio steeds groener wordt. Toekomstig energie-aanbod De Regio Foodvalley heeft de ambitie om energieneutraal (en klimaatneutraal) te worden17. Energieneutraliteit wil zeggen dat er op jaarbasis in de regio net zoveel energie duurzaam wordt opgewekt als er energie wordt verbruikt. Hierbij wordt aangenomen dat op momenten dat er onvoldoende energie in de regio wordt opgewekt, deze via energie-infrastructuren naar de regio toegebracht kan worden. Dat is niet mogelijk vanwege netcongestie. Als ontwikkelingen netneutraal worden gerealiseerd komt energieneutraliteit meer in beeld. Hoewel in 2040 meer duurzame energie wordt gebruikt, zal ook nog steeds fossiele energie worden gebruikt. Het aanbod van duurzaam opgewekte energie in de regio zal in 2040 nog niet gelijk zijn aan het totale energieverbruik in de regio. Energieneutraliteit in de Regio gaat (nog) niet lukken in 2040. •

Elektriciteit: zon en wind

In de Regio is ruimte voor groei van zonne-energie, zowel op objecten als in veldopstellingen, mits passend binnen het beleid. Ook is er, zij het relatief beperkt en onder voorwaarden, 17. Verschillende gemeenten werken aan beleid om klimaatneutraal te worden. 18. Zie hiervoor de planMER Windenergie Provincie Utrecht en planMER Windenergie Provincie Gelderland. NB: planMER’en gaan over windparken en bevatten geen objectieve milieu-informatie over mogelijke solitaire windturbines.

← INHOUD

mogelijkheden voor meer windenergie18. Voor windparken (drie of meer windturbines) is in het Gelderse deel heel weinig ruimte, zeker wanneer nationaal of provinciaal beleid een afstandsnorm van twee keer de tiphoogte stelt. Voor solitaire windturbines is waarschijnlijk meer ruimte. In het geval van solitaire windturbines

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

74

BIJLAGE 3A

kan – afhankelijk van de elektriciteitsvraag in de nabijheid – gekeken worden welke windturbines qua elektriciteitsaanbod en ruimtelijke inpassing zouden kunnen passen bij dat gebied. Met de invoering van de nieuwe Energiewet per 1 januari 2026 vindt er een verschuiving plaats in het bevoegd gezag voor windenergie. Vanaf dat moment wordt de gemeente bevoegd gezag voor windturbines en -parken met een opgesteld vermogen tot 15 MW. Op dit moment ligt die grens nog bij 5 MW. Naast zonne- en windenergie zijn er nog andere duurzame bronnen die kunnen bijdragen aan de opwek van elektriciteit. Zo kan biomassa en biogas via verbranding of vergisting worden ingezet in installaties die zowel warmte als stroom produceren. Andere niet-duurzame bronnen voor elektriciteit (al dan niet mogelijk) In theorie bestaan er ook andere duurzame bronnen voor elektriciteitsopwekking, maar die zijn in de context van de Regio Foodvalley niet mogelijk. Denk hierbij aan hoge temperatuur geothermie (>150° Celsius), die in combinatie met turbines ook elektriciteit kan leveren. In de Regio Foodvalley zijn wel mogelijkheden voor geothermie, maar de temperatuur van die mogelijke bronnen is niet hoog genoeg voor het opwekken van elektriciteit. De temperatuur is wel geschikt om warmtenetten in de gebouwde omgeving mee te voeden.

In Regio Foodvalley zijn er geen mogelijkheden voor waterkracht, via bijvoorbeeld stuwen in de Rijn. Gezien het kleine hoogteverschil in Nederland is waterkracht hier niet rendabel. Ook afvalverbrandingsinstallaties kunnen elektriciteit opwekken, waarbij alleen het biogene deel van het afval als hernieuwbaar wordt aangemerkt. In de Regio Foodvalley zijn geen afvalverbrandingsinstallaties.

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

75

BIJLAGE 3A

Door verbranding van biogas kan elektriciteit worden opgewekt. In lijn met het NPE en provinciale kaders is het logischer om biogas te gebruiken in sectoren waar elektrificatie geen optie is. Zie onder kopje ‘duurzame gassen’. Small Modular Reactors (SMR’s) worden internationaal gezien als een potentiële aanvulling op het energiesysteem (zie kader SMR). Het gaat om relatief compacte kernreactoren die in een fabriek worden gebouwd en modulair kunnen worden ingezet. Hun kracht ligt in de mogelijkheid om grote hoeveelheden CO2-arme elektriciteit en warmte te leveren, onafhankelijk van weersomstandigheden, en daarmee een stabiele basis te vormen naast zonne- en windenergie. Of SMR’s in Nederland en de Regio Foodvalley een rol kunnen spelen hangt echter af van een aantal voorwaarden: ruimtelijk en energetisch (zowel elektrisch als warmte) moet de SMR inpasbaar zijn (aanbod bij lokale vraag), er moet aan strenge eisen aan veiligheid en afvalbeheer worden voldaan, de maatschappelijke en politieke acceptatie moet voldoende zijn en de kosten moeten concurrerend worden ten opzichte van andere duurzame alternatieven. Ontwikkelingen gaan hard, dus wellicht kan een SMR een serieuze optie worden in het toekomstige regionale energiesysteem. NB: SMRs zijn hier onder de kop ‘andere duurzame bronnen’ geplaatst. Het primaire proces van kernsplijting levert geen CO2-uitstoot op.

Het splijtingsproces levert wel kernafval op dat langdurig opgeslagen moet worden. Daarom is het discutabel om kernenergie te zien als duurzame energie.

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

76

BIJLAGE 3A

Als gevolg van netcongestie is het op MOGELIJKE TOEPASSING VAN SMRS Kleine modulaire kernreactoren (SMRs) zijn in ontwikkeling als mogelijke aanvulling op het

verschillende plaatsen niet mogelijk om elektriciteit naar plek te transporteren waar de elektriciteitsvraag zit. Eén van de

energiesysteem. Ze kunnen stabiele elektriciteit en warmte leveren, ook op momenten dat zon

technische mogelijkheden is om in dat

en wind minder beschikbaar zijn. Afhankelijk van het type kan een SMR tot ongeveer 500 MWe

gebied19 dan stuurbare elektriciteitsproductie

leveren. SMRs zijn te categoriseren op basis van het elektrisch vermogen (MWe). Categorie 1:

toe te voegen. Dit kan bijvoorbeeld via een

300-500 MWe. Categorie 2: 67-300 MWe. Categorie 3: <67 MWe. Categorie 1 en 2 hebben koelwater nodig. Categorie 3 kan ook luchtgekoeld zijn.

WKK (Warmtekrachtkoppeling) die tegelijkertijd elektriciteit en warmte opwekt uit

Het rendement van een SMR is minder dan 30%. Dit betekent dat er heel veel energie – in dit

één brandstof, zoals aardgas of biogas. Een

geval warmte – wordt geproduceerd. Het is niet logisch om die warmte onbenut te laten. De

verbrandingsmotor drijft een generator aan

warmteproductie van een SMR is bijna drie keer groter dan het elektrisch vermogen. De warmte

voor elektriciteit, en de daarbij vrijkomende

heeft een temperatuur van 200-300º Celsius. Aandachtspunt is dus de toepassing van de restwarmte (gedurende het hele jaar).

warmte wordt opgevangen en gebruikt voor verwarming van gebouwen of processen. Dit

SMRs zijn complexe installaties met centrale eigenschappen: Hoge investeringskosten en streng

verhoogt de efficiëntie van energieopwekking,

gereguleerde veiligheidsvoorwaarden. SMRs zouden potentieel kunnen passen binnen een

omdat de restwarmte niet verloren gaat maar

hybride decentraal systeem, mits goed ingepast qua locatie, elektriciteitsbenutting,

nuttig wordt gebruikt.

warmtebenutting, veiligheid en maatschappelijke acceptatie. Bronnen:

Hoewel het tekort aan elektriciteit in een

https://www.tno.nl/nl/newsroom/2024/11/kleine-kernreactoren-rol-energiesysteem

gebied technisch kan worden opgelost, kleven

https://www.oecd-nea.org/jcms/pl_83555/the-nea-small-modular-reactor-dashboard-volume-ii

hier praktisch wel nadelen aan. Denk

https://gelderland.stateninformatie.nl/document/15152537/1?connection_type=16&connection_ id=1018526 19. Dit gebied kan bijvoorbeeld een nieuwe woonwijk of bedrijventerrein zijn, maar het gebied kan ook groter zijn zoals bijvoorbeeld het voedingsgebied van een onderstation.

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

77

BIJLAGE 3A

bijvoorbeeld aan stikstof- en CO2-uitstoot, de GEOTHERMIE IN REGIO FOODVALLEY In 2025 heeft er een proefboring plaatsgevonden in het gebied tussen Ede en Veenendaal. Nog

mogelijkheid om een WKK aan te sluiten op het aardgasnetwerk.

niet alle resultaten zijn bekend, maar het lijkt kansrijk dat warmte uit de ondergrond kan worden

Warmte: omgevingswarmte (hernieuwbaar)

gewonnen. De bodemlagen zijn heel goed. Uit vervolgonderzoek moet blijken hoeveel warmte

Het aanbod duurzame warmte gaat naar

er valt te winnen en wanneer warmte ook daadwerkelijk geleverd kan worden.

verwachting stijgen. Nadruk ligt op het benutten van omgevingswarmte: warmte uit bodem, water of lucht. In de Regio zijn mogelijkheden voor bodemenergie (diepe geothermie), aquathermie (Thermische

THERMISCHE ENERGIE UIT OPPERVLAKTEWATER (TEO) IN REGIO FOODVALLEY Regio Foodvalley heeft onderzoek gedaan naar mogelijkheden om TEO te benutten uit het Valleikanaal dat door de regio loopt. Het Valleikanaal is een bovenlokale warmtebron die

Energie uit Oppervlaktewater (TEO) zoals het Valleikanaal en Thermische Energie uit Afvalwater (TEA)).

interessant is voor gemeenten Rhenen, Veenendaal en Scherpenzeel in Regio Foodvalley, maar

Warmte wordt bij voorkeur collectief

ook voor gemeenten Woudenberg, Leusden en Amersfoort en in mindere mate voor gemeente

gedistribueerd via (lage of midden

Utrechtse Heuvelrug. Het onderzoek biedt inzicht in hoeveel warmte er uit het Valleikanaal kan

temperatuur) warmtenetten, al dan niet met

worden onttrokken. Om te zorgen dat in principe elke gemeente aan het kanaal warmte kan onttrekken is er een principe-verdeling gemaakt. Gemeenten weten hoeveel warmte ze mogen

seizoensopslag.

onttrekken (zonder dat ze andere gemeenten in de weg zitten). Juridisch moet die verdeling nog wel worden vastgelegd. We moeten borgen dat we het ook echt kunnen benutten als

Duurzame gassen

warmtebron. Als gemeente geen warmte wil onttrekken dan kan die warmte mogelijk worden

Richting 2040 zullen duurzame gassen, zoals

gebruikt door andere gemeenten, maar daar zijn nog geen afspraken over gemaakt.

biogas uit vergisting of rioolwaterzuiveringsinstallaties (RWZI’s), opgewerkt groen gas en

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

78

BIJLAGE 3A

waterstof, slechts een beperkt aandeel van de totale energievraag kunnen dekken. De beschikbare volumes zijn relatief klein in vergelijking met de omvang van de vraag in gebouwde omgeving, mobiliteit en industrie. Toch is hun betekenis strategisch groot. Duurzame gassen zijn immers goed inzetbaar in sectoren waar alternatieven zoals directe elektrificatie of warmtenetten minder haalbaar zijn, bijvoorbeeld bij hoge temperatuurprocessen in de industrie, in de zware mobiliteit of in bestaande bebouwing waar warmtepompen geen optie zijn. Daarnaast kunnen waterstof en groen gas een waardevolle rol spelen als flexibele schakel voor het balanceren (piekvermogen20) en (seizoens-)opslag in het energiesysteem. Daarmee geldt: hoewel de rol van duurzame gassen kwantitatief beperkt blijft, is hun bijdrage kwalitatief en strategisch van groot belang voor een betrouwbaar en toekomstbestendig energiesysteem. 3

ENERGIESYSTEEM REGIO FOODVALLEY - MODELDOORREKENING

Het is van groot belang om op regionaal niveau inzicht te hebben in de kwantitatieve ontwikkeling van energievraag en -aanbod, zodat duidelijk wordt welke richting de energietransitie opgaat en welke opgaven daarbij horen. Met behulp van het Energie Transitie Model heeft de Regio onderzocht hoe het energiesysteem in de regio er in de toekomst uit zou kunnen zien, rekening houdend met verschillende keuzes en technologieën. Regio Foodvalley heeft gekozen om te vertrekken vanuit het Koersvaste Middenweg-scenario waarin wordt ingezet op snelle elektrificatie én aanvullende energiedragers om de 20. Bij grote vraagpieken (bijvoorbeeld op koude winteravonden of windstille dagen) kan er snel extra vermogen nodig zijn. Waterstof en groen gas kunnen dan in flexibele centrales (WKK’s) of brandstofcellen worden ingezet om tijdelijk extra elektriciteit te produceren. Daarmee helpen ze het elektriciteitsnet stabiel te houden en wordt uitval voorkomen.

← INHOUD

energievraag in balans te houden. Dit betekent dat er veel gebruik gemaakt moet gaan worden van flexibiliteit in het elektriciteitssysteem. Nationale Koersvaste Middenweg-scenario is ‘geregionaliseerd’, wat wil zeggen dat voor elke

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

79

BIJLAGE 3A

gemeente in beeld is gebracht wat dit nationale Koersvaste Middenweg-scenario betekent. De lokale uitwerkingen van het nationale scenario zijn met elke gemeente ENERGIEVERBRUIK IN 2023 IN TJ FOODVALLEY PER SECTOR

besproken en gevalideerd. Vervolgens zijn de gemeentelijke scenario’s opgeteld tot een regionaal scenario. Deze analyse biedt het

2.706 391

volgende inzicht over de totale verwachte energievraag en het totale verwachte

4.469 Gebouwen (18%)

6.079

energieaanbod van de regio in 2040:

Huishoudens (26%)

De afgelopen jaren is het energieverbruik in de

Binnenlands transport (38%)

regio gedaald. In 2023 lag het totale

Landbouw (1%) Industrie (17%)

energieverbruik in de regio op 26.180 TJ. In 2040 ligt het totale energieverbruik naar verwachting rond de 22.031 TJ. Dat komt door

12.535

besparing, meer efficiënte technieken en gedragsverandering. Met name bij het binnenlands transport liggen de grootste kansen op besparing. Landelijk beleid heeft daarop de grootste invloed. Een heel groot deel van de energie die in de

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

80

BIJLAGE 3A

regio wordt verbruikt, komt uit fossiele bronnen zoals aardgas en brandstoffen. Het aanbod van duurzaam opgewekte AANBOD DUURZAME ENERGIE IN TJ IN FOODVALLEY

energie in de regio lag in 2023 op 6.213 TJ. Dit is vooral opwek van windenergie (44 TJ) en zonne-energie op kleine en grote daken en op land (1.740 TJ), duurzame warmte uit biomassa

244

en omgevingswarmte (509 TJ).

506 Windenergie

Het huidige, maar ook het toekomstige,

Zonne-energie

energiesysteem in de regio heeft last van

Warmte uit biomassa

onbalans. Gedurende het jaar zijn er

Omgevingswarmte

momenten dat er meer duurzame energie in gemeenten wordt opgewekt dan er op dat moment in de gemeenten wordt gebruikt. Dan wordt opgewekte energie ingevoed in het elektriciteitsnet. Ook zijn er momenten dat er

1.740

in gemeenten meer energieverbruik is, dan er energie in die gemeenten wordt opgewekt. Dan wordt energie via het elektriciteitsnet van buiten de regio afgenomen.

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

81

BIJLAGE 3A

In 2023 werd 3.920 TJ aan elektriciteit geïmporteerd van buiten de regio. In 2040 is naar verwachting de elektriciteitsvraag groter. Dit komt door elektrificatie. De hoeveelheid duurzaam opgewekte elektriciteit zal groeien, maar kan de groei in de vraag niet bijhouden. Verwacht wordt daarom dat in 2040 ongeveer 81% van de elektriciteit geïmporteerd zal moeten worden. Dit legt druk op het regionale elektriciteitsnetwerk. Hoewel het van groot belang is om op regionaal niveau inzicht te hebben in de ontwikkeling van energievraag en -aanbod op regionaal niveau (zie hierboven) is het niet genoeg voor de ontwikkeling van het regionale energiesysteem. De ontwikkeling van een toekomstig energiesysteem – deels centralistisch georganiseerd, deels decentraal georganiseerd – in combinatie met de bestaande en toekomstige structuur van de elektriciteitsnetwerken (nettopologie) vraagt om een veel gedetailleerdere gebiedsgerichte benadering. Regionale cijfers geven een nuttig overzicht en een gevoel voor de schaal van de opgave, maar voor de daadwerkelijke uitvoering zijn uitwerkingen en doorrekeningen op lokaal en technisch detailniveau noodzakelijk. Alleen dan kan goed worden bepaald waar ruimte is voor nieuwe opwek, waar en wanneer de infrastructuur verzwaard moet worden en welke gebieden juist beperkt worden door netcapaciteit.

Regio Foodvalley is voornemens om voor de gehele regio een Digital Twin te (laten) ontwikkelen. Hiermee kan per deelgebied worden gesimuleerd welke maatregelen genomen kunnen worden en welke impact die maatregelen hebben op het elektriciteitsnetwerk. Zo kan op gebiedsniveau (bijvoorbeeld een woonwijk of bedrijventerrein) inzichtelijk worden gemaakt hoe bestaande, maar ook toekomstige, elektriciteits-infrastructuur zo optimaal mogelijk gebruikt kan worden. Per gebied wordt dan duidelijk wat de opgave is. ← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

82

BIJLAGE 3A

Omdat er verschillende schaalniveaus van gebieden zijn, is het belangrijk dat continu gekeken wordt op maatregelen op een laag niveau goed optellen op hogere gebiedsniveaus. Eén onderstations voedt meerdere dorpen (buurten/wijken/bedrijventerreinen). Uiteindelijk moet ook op het niveau van een onderstation alles kloppen. De Digital Twin gaat inzicht geven over de verschillende gebiedsniveaus heen. De detailanalyse die hiervoor nodig is, moet onderdeel worden van het opstellen van het Regionaal Programma Energiesysteem. Het is de bedoeling dat de Digital Twin niet eenmalig wordt gebruikt, maar juist wordt ingezet om de komende jaren inzicht te blijven houden in de impact van maatregelen op verschillende gebiedsniveaus. 4

ENERGIE-INFRASTRUCTUUR IN REGIO FOODVALLEY

Huidige en historische energie-infrastructuur Tussen 2010 en 2022 zijn de energie-infrastructuren in Nederland en Regio Foodvalley sterk veranderd. Het elektriciteitsnet werd – zeker in de laatste jaren - in hoog tempo verzwaard en uitgebreid om de groei van zonne- en windenergie en de toenemende elektrificatie van mobiliteit en verwarming te kunnen verwerken, terwijl het gasnet minder aardgas transporteerde. Ook warmtenetten namen in omvang en belang toe, met name in stedelijke gebieden (Ede en Veenendaal). Parallel hieraan kwam de ontwikkeling van infrastructuren voor energieopslag in beweging: batterijen verschenen voor het eerst op wijk- en systeemniveau, warmteopslag groeide vooral via seizoensgebonden WKO-systemen, en bestaande ondergrondse gasopslag bleef cruciaal voor leveringszekerheid. Tot slot deden ook infrastructuren voor energie-omzetting hun intrede: warmtepompen werden op grote schaal toegepast in de gebouwde omgeving. Ook elektrolyse heeft in deze periode een eerste opmars gemaakt, met pilotprojecten en demonstraties waarin duurzame elektriciteit wordt omgezet in

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

83

BIJLAGE 3A

waterstof, al is grootschalige toepassing nog beperkt (zie kader: Waterstofproductie). Power-

WATERSTOFPRODUCTIE IN KOOTWIJKERBROEK

to-heat – het rechtstreeks omzetten van

Naast het zonnepark Branderwal (20 hectare) staat een innovatieve elektrolyser van het bedrijf

elektriciteit in warmte – vond zijn weg in de

XiNTC die zonne-energie omzet naar waterstof. Een van de unieke eigenschappen van deze

industrie. Deze trends laten zien dat energie-

elektrolyser is dat deze kan omgaan met flexibele toevoer van elektriciteit uit het zonnepark.

omzetting steeds meer een praktische rol krijgt

Daarnaast is de elektrolyser in staat de gelijkstroom (geproduceerd door de zonnepanelen) direct

in de verduurzaming en flexibilisering van het

om te zetten naar waterstof, waardoor omzettingsverliezen zeer beperkt zijn. De geproduceerde waterstof wordt tijdelijk opgeslagen en wordt geleverd aan waterstof-tankstations. Transport van de waterstof vindt plaats via tube-trailers.

energiesysteem, ook al zijn veel toepassingen nog in de beginfase of in ontwikkeling. Belangrijkste trends 2010 - 2022 Tussen 2010 en 2022 waren de eerste stappen

te zien van een ontwikkeling van het energiesysteem in Regio Foodvalley van een grotendeels centraal georganiseerd systeem naar een meer divers en verbonden netwerk van transport-, opslag- en conversieinfrastructuren in de regio Foodvalley. Toekomstig energie-infrastructuur De energie-infrastructuren in de regio staan de komende decennia voor ingrijpende veranderingen. De ontwikkeling van een centraal georganiseerd energiesysteem naar een hybride energiesysteem waarin ook veel meer decentrale onderdelen zitten zet door. Het elektriciteitsnet wordt fors uitgebreid en verzwaard om de sterke groei van zonne- en windenergie, de elektrificatie van mobiliteit en de

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

84

BIJLAGE 3A

inzet van warmtepompen op te vangen. Tegelijkertijd blijft de gasinfrastructuur van belang: het gebruik van aardgas neemt weliswaar af, maar de bestaande netten kunnen – afhankelijk van

“Ons huidige stroomnet is eigenlijk gebouwd als lichtnet.” (Warmold ten Zijthoff, regiodirecteur Stedin)

de situatie - worden benut voor duurzame gassen zoals groen gas en waterstof. Daarnaast groeit de behoefte aan infrastructuur voor opslag en conversie, variërend van grootschalige batterijen en waterstofopslag tot elektrolyse-installaties die duurzame elektriciteit omzetten in waterstof. Deze ontwikkelingen laten zien dat het energiesysteem steeds meer een samenhangend netwerk wordt, waarin elektriciteit, gassen en opslag elkaar aanvullen om flexibiliteit en leveringszekerheid te garanderen. Energie-infrastructuur voor elektriciteitstransport In Nederland loopt het elektriciteitsnet snel tegen grenzen aan door de snelle elektrificatie van

“We gaan het niet redden met alleen het elektriciteitsnet uitbreiden. Gelukkig zijn er slimmere routes die minder ruimte, geld en tijd kosten.” (Warmold ten Zijthoff, regiodirecteur Stedin)

vraag en aanbod. Decennialang kon veel eindgebruik via het gasnet (verwarmen, koken) en vloeibare brandstoffen (mobiliteit) plaatsvinden, waardoor het elektriciteitsnet lichter kon blijven. Nu verschuift die vraag in korte tijd naar het stroomnet, terwijl uitbreiding complex en tijdrovend is. Efficiënt gebruik, lokale balancering en flexibiliteit zijn daarom randvoorwaarden. Netbeheerders, zoals TenneT voor het hoogspanningsnet en Liander en Stedin voor de regionale midden- en laagspanningsnetten werken hard aan uitbreiding/versterking van hun elektriciteitsnetten. De nettopologie, ofwel de manier waarop het elektriciteitsnet is opgebouwd en met elkaar is verbonden verandert. Dit is nodig omdat de nettopologie in hoge mate bepaalt hoe robuust en flexibel het netwerk is. Het beïnvloedt bovendien de mogelijkheden om duurzame opwek lokaal aan te sluiten en te verdelen. Het heeft direct gevolgen voor de beschikbaarheid van energie op specifieke locaties, iets wat in de energietransitie steeds meer sturend wordt voor ruimtelijke en economische keuzes.

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

85

BIJLAGE 3A

OPSPLITSEN FGU-NETWERK DOOR TENNET

TenneT werkt aan het opsplitsen van het FGU-netwerk in vier segmenten, ook wel pockets genoemd. Elke pocket krijgt slechts één koppeling met

TenneT beheert het hoogspanningsnet in Nederland. Dit netwerk is

het 220kV- en 380kV-net. Dit helpt netcongestie in de toekomst beperken,

opgebouwd uit 14 deelnetten. Het FGU-netwerk is het grootste 150kV-

omdat elektriciteit niet meer ongewenst via het 150kV-netwerk wordt

deelnet van Nederland, dat Flevoland, Gelderland en Utrecht bedient. De

getransporteerd, zoals dat nu wel het geval is. De opsplitsing in pockets is

opbouw van het netwerk wordt aangepast, omdat vraag naar een

randvoorwaardelijk om weer netcapaciteit te kunnen bieden aan Stedin

aanbod van elektriciteit verandert. Dit leidt tot toenemende belasting van

en Liander. Op basis van huidige inzichten is de verwachting dat het FGU-

het netwerk. Op dit moment is er sprake van netcongestie op het gehele

netwerk in 2033 – en mogelijkerwijs in 2035 – is aangepast.

FGU-netwerk. Dit heeft grote impact op de energietransitie en de economische ontwikkelingen in het gehele gebied, dus ook de Regio

Als TenneT haar netwerk heeft opgeknipt in een groter aantal pockets,

Foodvalley.

vallen verschillende delen van de Foodvalley in andere pockets: •

Gemeente Nijkerk wordt op termijn gevoed vanuit een nieuw onderstation Amersfoort-West dat weer wordt gevoed vanuit koppelstation Breukelen-Kortrijk (Breukelen-Kortrijk wordt straks een eigen pocket). Op dit moment wordt Nijkerk nog gevoed vanuit onderstation Harderwijk dat wordt gevoed vanuit koppelstation Lelystad.

•

Gemeente Barneveld, Scherpenzeel en een deel van Ede worden nu, maar ook straks gevoed vanuit station Harselaar dat wordt gevoed vanuit koppelstation Lelystad (Lelystad wordt straks een eigen pocket).

•

Gemeenten Wageningen, Rhenen, Veenendaal, Renswoude en een deel van Ede, worden nu, maar ook straks gevoed vanuit station Dodewaard (Dodewaard wordt straks een eigen pocket).

Deelnettenstructuur FGU-netwerk na 2033-2035

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

86

BIJLAGE 3A

AANPASSING NETTOPOLOGIE DOOR STEDIN EN LIANDER De regionale netbeheerders Stedin en Liander werken aan het toekomstbestendig maken van hun elektriciteitsnetwerken. Zo worden er nieuwe onderstations ontwikkeld, nieuwe kabeltracés aangelegd en nieuwe transformatorhuisjes geplaatst. In de periode tot 2040 zal de nettopologie wijzigen. Dit bepaalt waar, op welk moment, netcapaciteit beschikbaar is voor nieuwe economische ontwikkelingen en verduurzamingsprojecten.

Deelnettenstructuur Stedin-netwerk 2025 – Utrechtse deel van Regio Foodvalley

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

87

BIJLAGE 3A

Deelnettenstructuur Noordelijke deel regio Foodvalley -netwerk 2035. Nijkerk en deel van Barneveld is in 2035 niet meer verbonden met onderstation Harderwijk. Het nieuwe station Amersfoort Noord is onderdeel van de nieuwe pocket-structuur van TenneT in 2035.

← INHOUD

Deelnettenstructuur Liander-stations in overige deel regio Foodvalley -netwerk 2025.

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

88

BIJLAGE 3A

Grenzen aan maakbaarheid vraagt om scherpe keuzes Omdat duurzame elektriciteit de ruggengraat van ons energiesysteem wordt21, gaat het qua

Netbeheerders geven aan dat er grenzen zijn aan de maakbaarheid. Netcongestie blijft de komende decennia een belangrijk vraagstuk.

energie-infrastructuur vooral over het elektriciteitsnet. De regio benut het elektriciteitsnet nog niet optimaal. De realiteit is dat vraag en aanbod in pieken plaatsvindt en het huidige elektriciteitsnet die niet aankan. Netcongestie wordt onterecht vaak nog beschouwd als een tijdelijk probleem, of maakbare uitdaging binnen de langetermijn verstedelijkingsopgave. Uitbreiding en versterking van elektriciteitsnetten kost veel tijd, is kostbaar en heeft grote ruimtelijke impact. Met het oog op de betaalbaarheid van het energiesysteem, is het belangrijk dat investeringen op de juiste plaats en in de juiste omvang gebeuren. Infrastructuuroptimalisatie gaat over het vinden van de beste balans tussen uitbreiden, vernieuwen en slim gebruiken van de infrastructuur, met als doel een betrouwbaar en betaalbaar energiesysteem. In provinciale Meerjaren Investeringsprogamma’s Energie en Klimaat (pMIEK) maken provincies en netbeheerders afspraken over de aanleg en versterking van energie-infrastructuur die nodig is voor de energietransitie. Provincies maken een pMIEK om te bepalen welke energieinfrastructuurprojecten in hun gebied prioriteit krijgen, en om dit af te stemmen met landelijke plannen. De pMIEK’s van Gelderland en Utrecht helpen dus om de landelijke koers te verbinden met de regionale praktijk en zorgt dat investeringen in energie-infrastructuur goed op elkaar zijn afgestemd.

21. Nationaal Plan Energiesysteem. Op dit moment is ongeveer 25% elektrisch, op termijn wordt dit naar verwachting 70-95% in combinatie met veel gratis omgevingsenergie (uit lucht, water, bodem).

← INHOUD

Om grip te houden op de realisatie, de ruimtelijke impact en economische ontwikkeling en ook op de betaalbaarheid van de energievoorziening is het van belang dat scherpe keuzes worden

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

89

BIJLAGE 3A

gemaakt. De provincie Gelderland kiest er daarom voor om energie-intensieve bedrijvigheid te clusteren, zodat de benodigde investeringen in energie-infrastructuren gericht kunnen plaatsvinden. In Regio Foodvalley zijn geen energieclusters voorzien. Dit betekent dat energieintensieve bedrijven zich niet kunnen vestigen in de Regio, tenzij zij zelf voorzien in hun energiebehoefte. Energie-infrastructuur voor elektriciteitsopslag De overgang naar een energiesysteem dat in hoge mate steunt op zonne- en windenergie vraagt om nieuwe manieren om vraag en aanbod van elektriciteit in balans te houden. Zon en wind leveren immers niet altijd wanneer de vraag het grootst is. Opslag van elektriciteit speelt hierbij een cruciale rol. Door overschotten tijdelijk op te slaan – bijvoorbeeld in batterijen, waterstof of via warmteopslag – kan de energie later worden ingezet wanneer er juist een tekort is. Dit vergroot de flexibiliteit van het systeem en helpt pieken en dalen in productie en verbruik op te vangen. Opslag draagt zo bij aan een stabielere netspanning, voorkomt overbelasting van het elektriciteitsnet en maakt het mogelijk meer duurzame opwek lokaal in te passen. Daarmee is elektriciteitsopslag in batterijen een onmisbare schakel voor de toekomstige balancering van het totale energiesysteem.

Het is de verwachting dat in de toekomst een steeds groter deel van de finale elektriciteitsvraag, eerst door een vorm van buffering in batterijen gaat. Elektriciteitsopslag in batterijen Batterijen nemen een steeds belangrijkere plaats in binnen het energiesysteem, omdat ze helpen om duurzame elektriciteit op te slaan en te gebruiken op het moment dat het nodig is. Batterijen kunnen op verschillende schaalniveaus worden ingezet.

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

90

BIJLAGE 3A

• Systeembatterijen zijn grote installaties die worden aangesloten op het hoogspanningsnet en vooral worden gebruikt voor het balanceren van vraag en aanbod in heel Nederland of zelfs internationaal. • Buurt- of bedrijventerreinbatterijen hebben een kleinere schaal en worden ingezet in woonwijken of bedrijventerreinen. Ze zorgen ervoor dat lokaal opgewekte zonnestroom beter benut kan worden en verminderen de druk op het regionale elektriciteitsnet. • Thuisbatterijen zijn bedoeld voor individuele huishoudens. Zij slaan zonnestroom op die overdag wordt opgewekt, zodat deze in de avond of nacht gebruikt kan worden. Grootschalige batterij-installatie van Lion Storage in de haven van Vlissingen (met een tijdsduurgebonden contract met TenneT

← INHOUD

• Elektrische voertuigen, waarvan de batterij naast vervoer ook een rol kan spelen als tijdelijke opslag (vehicle-to-grid).

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

91

BIJLAGE 3A

Grootschalige batterij-installatie van Lion Storage in de haven van Vlissingen (met een tijdsduurgebonden contract met TenneT. Samen vormen deze verschillende typen batterijen een belangrijk instrument om flexibiliteit en betrouwbaarheid in het energiesysteem te waarborgen. Cruciaal is dat de batterijen zo worden ingezet dat ze de balans in het systeem ook op lokaal, regionaal en landelijk niveau helpen. Batterijen kunnen ook de elektriciteitsinfrastructuur juist overbelasten. In het toekomstige energiesysteem in de Regio Foodvalley speelt batterij-opslag een belangrijke rol. De inzet van batterijen voor energieopslag heeft niet alleen technische, maar ook ruimtelijke gevolgen. Grote systeembatterijen nemen vaak de vorm aan van containers of gebouwen vol accu’s en transformatoren, die samen een terrein van enkele hectares kunnen beslaan. Ze vragen bovendien om een goede inpassing in de omgeving, met aandacht voor veiligheid, geluid en landschappelijke uitstraling. Buurtbatterijen zijn kleinschaliger, maar moeten wel in woonwijken of bij bedrijventerreinen een plek krijgen, wat kan leiden tot vragen over ruimtebeslag en acceptatie door omwonenden.

Thuisbatterijen hebben nauwelijks ruimtelijke impact, omdat ze binnen of naast de woning geplaatst worden, maar hun grootschalige toepassing kan het elektriciteitsnet wel ontlasten en zo indirect ruimteclaims op grotere schaal beperken. Belangrijk is dat bij de ruimtelijke afweging rondom batterijen niet alleen naar de fysieke ruimte wordt gekeken, maar ook naar de mogelijkheden om bestaande infrastructuur slim te benutten, bijvoorbeeld door batterij-opslag te realiseren nabij energieaanbod (clusteren bij zonne- of windparken), energievraag (woningen of bedrijven) of nabij knooppunten in het elektriciteitsnetwerk (onderstations of transformatorhuisjes).

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

92

BIJLAGE 3A

Elektriciteitsopslag in waterstof Een veelbelovende manier om elektriciteit op te slaan is het omzetten ervan in waterstof. Wanneer er een overschot aan duurzame stroom is – bijvoorbeeld op zonnige of winderige dagen – kan deze elektriciteit via elektrolyse worden gebruikt om water te splitsen in waterstof en zuurstof. De geproduceerde waterstof kan vervolgens worden opgeslagen in tanks of ondergrondse zoutcavernes22, en later weer worden ingezet als energiedrager. Dat kan direct in de industrie en mobiliteit, maar ook terug worden omgezet in elektriciteit met behulp van brandstofcellen of gasturbines. Het grote voordeel van waterstof is dat het, in tegenstelling tot batterijen, geschikt is voor grootschalige en langdurige opslag, waardoor seizoensverschillen in vraag en aanbod beter kunnen worden overbrugd. Daarmee vormt waterstof een belangrijke schakel in het toekomstig energiesysteem: niet alleen als opslagtechnologie, maar ook als veelzijdige brandstof voor sectoren waar elektrificatie lastig is. Energie-infrastructuur voor warmtetransport In Regio Foodvalley is duurzame warmte beschikbaar. Een deel van de warmte wordt opgewekt op de plek waar de warmte ook wordt gebruikt. Op andere plekken is er sprake van een collectieve bron waarvan de warmte moet worden getransporteerd naar eindgebruikers. Warmtenetten zijn hiervoor geschikt.

We onderscheiden: • Hoge temperatuur netten (70–90°C): vaak gevoed door industriële restwarmte. Hogetemperatuur-netten hebben relatief weinig invloed op het stroomnet. • Midden temperatuur netten (55–75°C): o.a. geothermie, grote warmtepompen of biomassa/ WKK. Midden-temperatuur-netten kunnen substantiële elektrische aansluiting vragen bij 22. Dit speelt niet in regio Foodvalley.

← INHOUD

warmtepompen.

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

93

BIJLAGE 3A

• Lage temperatuur netten (30-55°C): o.a. aquathermie/WKO/grote warmtepompen; efficiënt en toekomstbestendig, maar met hogere elektrische ondersteuningsvraag. • Zeer-lage temperatuur (ZLT) bron-net (10-30°C): omgevingswarmte. Een bron-net, een variant op een warmtenet, levert water met zeer lage temperatuur (bijvoorbeeld 16°C in koudere periodes, of 10°C in warme periodes) aan woningen. Efficiënt en toekomstbestendig, maar met nog hogere elektrische ondersteuningsvraag, omdat in elke woning d.m.v. een individuele warmtepomp het water nog verder moet worden opgewarmd. Met ZLT-bron-net kan de woning ook worden gekoeld in de zomer. Bij diepe geothermie zijn midden- of hoge-temperatuur-warmtenetten logisch; lage temperatuur netten passen goed bij aquathermie. Energie-infrastructuur voor warmte-opslag Bij aquathermie wordt warmte onttrokken aan oppervlaktewater (zoals meren, rivieren of kanalen) of afvalwater. Deze warmte heeft meestal een relatief lage temperatuur (tussen de 10–25 °C). Om deze warmte efficiënt te kunnen benutten in de gebouwde omgeving, is vaak een buffer en temperatuursturing nodig. Hier komt warmte-koudeopslag (WKO) in beeld. Door middel van een WKO wordt warmte (of koude) tijdelijk opgeslagen in de bodem, zodat deze later – bijvoorbeeld in een ander seizoen – gebruikt kan worden.

Een WKO helpt om de temperatuur stabiel te houden, omdat de watertemperatuur van oppervlaktewater sterk kan variëren per seizoen. Doordat de WKO fungeert als een thermische batterij die helpt om de pieken en dalen in de warmtevoorziening te balanceren, helpt een WKO efficiënt om te gaan met energievraag en -aanbod.

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

94

BIJLAGE 3A

Voorbeeld: in de zomer wordt warmte uit het Valleikanaal onttrokken via TEO (thermische energie uit oppervlaktewater) en opgeslagen in een WKO. In de winter wordt die warmte dan opgepompt, met een warmtepomp op de juiste temperatuur gebracht, en gebruikt voor verwarming van gebouwen. Zo werkt aquathermie met WKO als een seizoensopslag voor duurzame warmte. ONDERGROND VEENENDAAL EN WKO

In delen van Veenendaal, maar ook in Rhenen en Wageningen is sprake van een relatief ongeschikte ondergrond voor WKO. Andere delen van deze gemeenten zijn wel geschikt voor WKO. Daar wordt soms ook al gebruik gemaakt van WKO’s.

De ondergrond in het centrum van Veenendaal is minder geschikt voor warmte-koudeopslag (WKO), omdat er

Energie-infrastructuur voor gastransport

drinkwater wordt gewonnen. Het is

Ook richting 2040 blijft de aardgasinfrastructuur een belangrijke rol spelen in de energievoorziening.

daarom niet mogelijk om dieper dan 30

Hoewel het gebruik van aardgas de komende decennia sterk zal afnemen, zal het nog niet

meter te boren, omdat anders klei- en

volledig verdwenen zijn. Voor delen van de gebouwde omgeving en bepaalde industriële

leemlagen die het grondwater beschermen, doorboord worden.

processen blijft aardgas voorlopig noodzakelijk, omdat alternatieve oplossingen daar technisch of economisch nog onvoldoende haalbaar zijn. Het behoud en beheer van de bestaande leidingen en aansluitingen is daarom essentieel om leveringszekerheid en veiligheid van gastransport te waarborgen. Een deel van de infrastructuur in de toekomst worden benut voor de distributie van duurzame gassen, zoals groen gas en waterstof. Lokale productie van biogas kan bijvoorbeeld worden opgewerkt tot groen gas en in bestaande aardgasnetten worden ingevoerd. Groen gas kan vrijwel direct worden ingevoed in het huidige aardgasnet, omdat de eigenschappen sterk overeenkomen met aardgas. Het kan daardoor zonder ingrijpende aanpassingen worden benut door woningen, bedrijven en glastuinbouw die

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

95

BIJLAGE 3A

nu nog aardgas gebruiken. Waterstof stelt meer technische eisen, omdat de moleculen kleiner zijn en de energiedichtheid lager is. Toch kan een groot deel van de huidige infrastructuur – leidingen, compressorstations en opslag – na aanpassing geschikt worden gemaakt voor waterstoftransport. Daarmee verandert het gasnet van een netwerk voor een eindige fossiele brandstof naar een flexibel energienet dat ook in een klimaatneutraal energiesysteem van strategische waarde blijft. Het zorgvuldig in stand houden van het gasnet biedt dus niet alleen zekerheid voor de overgangsfase, maar kan ook een strategische investering zijn in de flexibiliteit en veerkracht van het energiesysteem op lange termijn. Naast aanpassing van bestaande gasnetwerken kunnen ook nieuwe lokale – en mogelijk regionale - netwerken voor gastransport worden ontwikkeld. Transport van gassen gebeurt vaak via buisleidingen. Het gebruik van tube-trailers (tankwagens) kan ook, mits het gaat over relatief beperkte hoeveelheden. Dit gebeurt ook nu al. Energie-infrastructuur voor gasopslag Gasopslag speelt een cruciale rol in de energievoorziening, zowel nu als in de toekomst. Voor aardgas is grootschalige ondergrondse opslag in zoutcavernes of lege gasvelden al decennialang een beproefde methode om seizoensverschillen in vraag en aanbod op te vangen en leveringszekerheid te garanderen.

Richting 2040 wordt verwacht dat deze opslagcapaciteit steeds meer wordt benut voor duurzame gassen, met name waterstof. Ook waterstof kan namelijk grootschalig in ondergrondse structuren worden opgeslagen, waardoor het mogelijk wordt om overschotten aan duurzame elektriciteit uit zon en wind om te zetten in waterstof en voor langere tijd vast te houden. Op die manier biedt gasopslag niet alleen een

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

96

BIJLAGE 3A

buffer voor de huidige aardgasvoorziening, maar ook een strategische BETROUWBAARHEID VAN HET ENERGIESYSTEEM Het huidige Nederlandse energiesysteem is zeer betrouwbaar.

flexibiliteitsfunctie in het toekomstige klimaatneutrale energiesysteem. Naast grootschalige ondergrondse opslag zijn er ook mogelijkheden voor

Maar door de energietransitie neemt de kans op

lokale opslag van waterstof, bijvoorbeeld in gastanks. Hierbij gaat het om

stroomstoringen toe. Meer decentraal opgewekte energie,

kleinere installaties die bijvoorbeeld bij een bedrijventerrein, energyhub of

meer afhankelijkheid van het weer, en piekbelasting van het net

tankstation worden geplaatst. Lokale waterstofopslag kan – ook in Regio

maken het systeem kwetsbaarder. Storingen kunnen vaker voorkomen en langer duren. Daarom is het belangrijk om te investeren in flexibiliteit, opslag en een robuuste infrastructuur.

Foodvalley - bijdragen aan het ontlasten van het elektriciteitsnet, doordat overschotten aan zonnestroom of windstroom direct ter plaatse worden omgezet in waterstof en tijdelijk worden bewaard. De opgeslagen waterstof kan vervolgens worden gebruikt voor lokale toepassingen, zoals bevoorrading van waterstofvoertuigen, inzet in industriële processen of teruglevering via brandstofcellen op momenten dat de elektriciteitsvraag

BETAALBAARHEID VAN HET ENERGIESYSTEEM De energierekening van huishoudens en bedrijven is opgebouwd uit drie delen: kosten voor energie (kWh of m³), netwerkkosten en

hoog is. Daarmee kan lokale waterstofopslag een flexibele schakel vormen in het energiesysteem, zeker in gebieden waar netcapaciteit schaars is en waar veel duurzame elektriciteit wordt opgewekt.

belastingen. Door energie lokaal of regionaal op te wekken en te gebruiken – al dan niet na opslag – kunnen transportkosten en

Energie-infrastructuur voor energie-omzetting (conversie)

netverzwaring deels worden beperkt. Dit helpt om de

Naast netwerken voor transport en opslag van elektriciteit, warmte en

energierekening beheersbaar te houden. Ook op landelijk niveau geldt: hoe efficiënter we bestaande en toekomstige energie-infrastructuren benutten, hoe minder verzwaring nodig

gassen zijn ook energie-infrastructuren voor omzetting onmisbaar in het toekomstige energiesysteem. Dit zijn de installaties en voorzieningen die

is en hoe beheersbaarder de kosten blijven voor inwoners en

het mogelijk maken om energie van de ene vorm in de andere om te

bedrijven.

zetten. Voorbeelden zijn elektrolysers, die duurzame elektriciteit omzetten in waterstof voor direct gebruik, of opslag voor gebruik op een later

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

97

BIJLAGE 3A

moment, brandstofcellen die waterstof omzetten in elektriciteit en warmtepompen, die elektriciteit gebruiken om warmte te onttrekken aan lucht, bodem of water en zo een efficiënt alternatief vormen voor aardgasgestookte verwarming. Ook installaties voor WKO en power-toheat of power-to-gas vallen in deze categorie. Deze technologieën zorgen ervoor dat duurzame opwek flexibel kan worden ingezet en beter aansluit bij de vraag, en dat er koppelingen ontstaan tussen de verschillende energiedragers. Daarmee vormen infrastructuren voor energie-omzetting een cruciale schakel in het balanceren, verduurzamen en betrouwbaar houden van het totale energiesysteem. Energie-omzetting speelt een belangrijke rol in de energietransitie, maar gaat ook gepaard met duidelijke nadelen. Allereerst treedt er bij omzetting vaak rendementsverlies op: bij fossiel aangedreven voertuigen gaat een deel van de energie gaat verloren in de vorm van warmte (zie kader Energie-efficiëntie van elektrische voertuigen en warmtepompen). Wanneer waterstof wordt geproduceerd met behulp van elektriciteit, gaat er energie verloren. Wanneer vervolgens waterstof wordt omgezet in elektriciteit treedt er weer energieverlies op. Daarnaast zijn omzettingsinstallaties zoals elektrolysers, brandstofcellen of grootschalige warmtepompen technisch complex en daardoor kostbaar in aanleg en gebruik.

Ook vragen ze om ruimte en nieuwe infrastructuur, wat kan leiden tot uitdagingen bij de ruimtelijke inpassing. Bovendien maken extra schakels in de keten het energiesysteem complexer, waardoor er meer afhankelijkheden ontstaan en de regie belangrijker wordt. Tot slot brengt de bouw van deze installaties vaak een aanzienlijk grondstof- en materiaalgebruik met zich mee, bijvoorbeeld van schaarse metalen. Daarmee is energie-omzetting weliswaar een cruciale bouwsteen voor flexibiliteit en verduurzaming, maar geen oplossing zonder keerzijden.

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

98

BIJLAGE 3B

Bijlage 3B. De holon-benadering: gebiedsgericht werken aan een veerkrachtig energiesysteem ACHTERGRONDINFORMATIE BIJ PARAGRAAF 3.5 VAN DIT DOCUMENT

1

INLEIDING

De energietransitie is niet overal hetzelfde. Wat in een stedelijke wijk werkt, past niet automatisch in een dorp of agrarisch gebied. Daarom kiest Regio Foodvalley voor een gebiedsgerichte benadering: oplossingen worden ontworpen vanuit de kenmerken, kansen en samenwerkingen in elk gebied. De holon-benadering helpt om die gebiedsgerichte aanpak te structureren. Ze verbindt lokale zelfvoorziening met regionale samenhang en vormt zo een praktisch denk- en werkmodel voor de ontwikkeling van het energiesysteem van de toekomst. 2

WAT IS EEN HOLON?

Het begrip holon komt uit de systeemleer. Een holon is iets wat tegelijk een geheel en een onderdeel van een groter systeem is. In de context van energie betekent dit dat een wijk, dorp, bedrijventerrein of cluster van voorzieningen zoveel mogelijk zelfvoorzienend is in energie, maar ook onderdeel van het regionale energiesysteem blijft.

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

99

BIJLAGE 3B

Een holon kan: • zelf energie opwekken (bijv. zon, wind of warmte); • energie gebruiken, opslaan en delen; • en in verbinding staan met andere holonen via regionale infrastructuur. Zo ontstaat een netwerk van holonen die samen een robuust en flexibel energiesysteem vormen. Een holon is geen eiland, maar een knooppunt in een levend netwerk. 3

PRINCIPES VAN DE HOLON-BENADERING

De holon-benadering rust op vier samenhangende principes: 1. Lokale autonomie: elke holon streeft naar maximale zelfvoorziening en slimme afstemming van vraag en aanbod. 2. Regionale verbondenheid: holonen wisselen energie, kennis en middelen uit via een gezamenlijke infrastructuur. 3. Meervoudige waarde-creatie: energieoplossingen dragen ook bij aan andere doelen, zoals leefbaarheid, economie en natuur. 4. Adaptiviteit: het systeem kan meegroeien en meebewegen met technologische, maatschappelijke en klimatologische veranderingen.

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

100

BIJLAGE 3B

4

TOEPASSING IN REGIO FOODVALLEY

Binnen de regio onderscheiden we grofweg vier typen holonen: Type holon

Kenmerken

Voorbeelden van oplossingen

Stedelijke kernen

Hoge dichtheid, veel warmte- en stroomvraag

Warmtenetten, wijkbatterijen, collectieve WKO-systemen

Dorpskernen

Gemengde functies, beperkt netcapaciteit

Zon-op-dak, hybride warmtepompen, buurtbatterijen

Bedrijventerreinen

Grote pieken, eigen opwek

Smart Energy Hubs, restwarmteuitwisseling, waterstofproductie

Buitengebied / landbouwzones

Ruimte en biomassa-potentie

Zon-op-dak, kleine windmolens, biogas- en vergistinginstallaties

Elk gebied krijgt een eigen “energie-profiel” met specifieke strategieën voor opwek, opslag en infrastructuur. Door deze profielen te koppelen in één regionaal netwerk ontstaat stap voor stap een gedistribueerd energiesysteem waarin lokale en centrale onderdelen elkaar versterken. 5

VOORDELEN VAN DE HOLON-BENADERING • Betrouwbaarheid: minder afhankelijk van één centrale bron; storingen blijven lokaal beperkt. • Betaalbaarheid: efficiënter gebruik van bestaande netten en infrastructuur. • Draagvlak: oplossingen sluiten beter aan bij lokale omstandigheden en initiatieven. • Ruimtelijke kwaliteit: energie- en gebiedsontwikkeling worden geïntegreerd. • Leren en opschalen: succesvolle lokale projecten kunnen als bouwstenen dienen voor andere gebieden.

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

101

BIJLAGE 3B

6

SAMENWERKING EN GOVERNANCE

De holon-benadering vraagt om een andere manier van samenwerken: • Gemeenten coördineren de lokale energievraag en koppelen deze aan ruimtelijke plannen. • Provincies en netbeheerders zorgen voor verbinding tussen de holonen en de regionale infrastructuur. • Energiegemeenschappen van bedrijven en/of inwoners nemen eigenaarschap in de uitvoering en participeren als mede-producenten en beslissers. Deze gelaagde samenwerking zorgt dat elke schaal bijdraagt aan de betrouwbaarheid en rechtvaardigheid van het geheel. 7

DE HOLON-BENADERING ALS LEREND SYSTEEM

De energietransitie is dynamisch; kennis en technologie ontwikkelen zich snel. Daarom is de holon-benadering geen vast model, maar een lerend systeem: elk project levert inzichten op die elders kunnen worden toegepast. Met behulp van data, monitoring en gezamenlijke evaluatie wordt continu bijgestuurd. Door te leren in de praktijk groeit de regio stap voor stap naar een veerkrachtig en samenhangend energiesysteem. 8

CONCLUSIE

De holon-benadering verbindt lokaal initiatief met regionale samenhang. Ze maakt het mogelijk om energievoorzieningen gebiedsgericht te ontwikkelen, zonder het

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

102

BIJLAGE 3B

grotere geheel uit het oog te verliezen. Zo ontstaat een energielandschap waarin elk deel bijdraagt aan het geheel – flexibel, eerlijk en toekomstbestendig. De kracht van de Regio ligt in het geheel van haar delen: samen vormen de holonen het hart van het energiesysteem van morgen.

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

103

BIJLAGE 3C

Bijlage 3C. De principes van De Wereld van B ACHTERGRONDINFORMATIE BIJ PARAGRAAF 3.6 VAN DIT DOCUMENT

1

INLEIDING

De energietransitie is meer dan een technische verandering – het is een maatschappelijke en culturele omslag. Duurzaam opgewekte energie heeft andere eigenschappen dan fossiele energie: ze is lokaal, wisselend en niet onbeperkt beschikbaar. Dat vraagt om een ander ontwerp van het energiesysteem én om een andere manier van denken over energie. De ontwerpprincipes van De Wereld van B geven richting aan deze verandering. Ze zijn ontwikkeld als inspiratiebron en denkkader voor overheden, bedrijven, maatschappelijke organisaties en inwoners die samen bouwen aan het energiesysteem van de toekomst. Deze principes sluiten naadloos aan bij de koers van Regio Foodvalley: een rechtvaardig, veerkrachtig en samenhangend energiesysteem dat werkt voor mens, natuur en economie. 2

VAN DE WERELD VAN A NAAR DE WERELD VAN B

De Wereld van A is het energiesysteem dat we kennen: centraal, fossiel en gericht op productie en distributie.

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

104

BIJLAGE 3C

De Wereld van B staat voor het systeem dat we willen creëren: hernieuwbaar, lokaal verbonden en sociaal ingebed. Aspect

Wereld van A

Wereld van B

Energiebron

Fossiel, eindig

Hernieuwbaar, circulair

Structuur

Centraal en hiërarchisch

Gedistribueerd en netwerkgericht

Rol gebruiker

Passieve afnemer

Actieve deelnemer / producent

Sturing

Landelijk en top-down

Gebiedsgericht en samenwerkend

Waarden

Efficiëntie en winst

Balans, samenwerking en rechtvaardigheid

De overgang van A naar B vraagt niet alleen om nieuwe technologie, maar ook om nieuwe verhoudingen tussen overheid, markt en samenleving. 3

DE ONTWERPPRINCIPES VAN DE WERELD VAN B

De ontwerpprincipes beschrijven hoe een toekomstbestendig energiesysteem eruitziet als we vertrekken vanuit de eigenschappen van duurzame energie. In De Wereld van B: 1. Wordt alles aangedreven door hernieuwbare energie. Zon, wind, warmte, water en duurzame gassen vormen de motor van economie en samenleving. Fossiele energie verdwijnt stap voor stap uit het systeem. 2. Is energie toegankelijk voor iedereen. Toegang tot betaalbare, schone energie is een basisvoorwaarde voor brede welvaart. Ongelijkheid in energiearmoede wordt actief bestreden. ← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

105

BIJLAGE 3C

3. Is het energiesysteem verbonden met de leefomgeving. Energieprojecten worden ruimtelijk zorgvuldig ingepast, versterken natuur, landschap en gemeenschap, en dragen bij aan de kwaliteit van de leefomgeving. 4. Is er lokaal eigenaarschap en samenwerking. Inwoners, bedrijven en overheden werken samen aan lokale oplossingen en delen de opbrengsten. Energiegemeenschappen en coöperaties krijgen een stevige rol. 5. Is de infrastructuur gedistribueerd in plaats van gecentraliseerd. Energie wordt zoveel mogelijk lokaal geproduceerd, opgeslagen en uitgewisseld, binnen een regionaal verbonden netwerk. Zo ontstaat veerkracht en onafhankelijkheid. 6. Is er lokale balans tussen vraag en aanbod. Slimme technologie, opslag en gedragsverandering zorgen dat de energie die we lokaal opwekken ook lokaal kan worden gebruikt. De Wereld van B is geen eindpunt, maar een richting: een manier van kijken en handelen die helpt om elke lokale keuze in te bedden in het grotere geheel. 4

TOEPASSING BINNEN REGIO FOODVALLEY

De principes van De Wereld van B vormen een inspirerend toetsingskader voor het regionale energiesysteem. Ze worden vertaald naar concrete keuzes op drie niveaus: • Ruimtelijk – energie wordt vanaf het begin meegenomen in gebiedsontwikkeling, met aandacht voor landschap en leefkwaliteit. • Sociaal – bewoners en bedrijven krijgen zeggenschap en delen in de opbrengsten. • Technisch – systemen worden ontworpen voor flexibiliteit, opslag en lokale afstemming.

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

106

BIJLAGE 3C

Regio Foodvalley past deze principes toe in haar programma’s voor duurzame warmte, energiehubs en ruimtelijke ordening. In de gebiedsgerichte uitwerking fungeren ze als ontwerpkompas: elk project draagt bij aan het grotere geheel, in lijn met de waarden van de regio. 5

WAARDEN ALS FUNDAMENT ONDER HET OP TE STELLEN REGIONALE ENERGIEPERSPECTIEF 2040

De principes van De Wereld van B versterken de kernwaarden als fundament onder het op te stellen Regionale Energieperspectief:

← INHOUD

Waarde

Versterking door De Wereld van B

Betrouwbaarheid

Lokale productie en opslag maken het systeem robuuster

Betaalbaarheid

Lokale samenwerking verlaagt kosten en spreidt investeringen

Duurzaamheid

Hernieuwbare bronnen vormen de basis

Rechtvaardigheid

Iedereen kan meedoen en profiteren

Flexibiliteit

Slimme sturing en opslag maken het systeem wendbaar

Zeggenschap

Eigenaarschap en participatie staan centraal

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

107

BIJLAGE 3C

6

CONCLUSIE

De Wereld van B helpt de regio om de energietransitie te zien als een samenlevingsopgave, niet alleen als technische uitdaging. De principes nodigen uit tot samenwerking, creativiteit en het zoeken van balans tussen lokaal initiatief en regionaal verband. Door te werken volgens de principes van De Wereld van B bouwt Regio Foodvalley aan een energiesysteem dat niet alleen duurzaam is, maar ook menselijk, eerlijk en veerkrachtig.

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

108

BIJLAGE 4

Bijlage 4. Flexibiliteit in het energiesysteem ACHTERGRONDINFORMATIE BIJ HOOFDSTUK 4 VAN DIT DOCUMENT

1

INLEIDING

In het toekomstige energiesysteem wordt flexibiliteit steeds belangrijker. Dat komt doordat een groot deel van de elektriciteit zal worden opgewekt uit zon en wind, bronnen die variabel zijn en zich niet laten sturen. Er zullen momenten zijn met een overvloed aan duurzame stroom en andere momenten waarin de productie beperkt is ten opzichte van de vraag. Zonder flexibiliteit leidt dit tot piekbelastingen op het net, onbalans tussen vraag en aanbod en hogere kosten voor het hele systeem. Het is de verwachting dat in de toekomst een steeds groter deel van de finale energievraag, eerst door een vorm van buffering gaat. Flexibiliteit kan worden bereikt door: • het sturen van de vraag eventueel in combinatie met opslag van energie in batterijen, warmte of waterstof, • het toevoegen van flexibel aanbod, en door • infrastructuuroptimalisatie. Met meer flexibiliteit blijft het energiesysteem in balans, robuust, betrouwbaar en betaalbaar, ook als het aandeel hernieuwbare energie verder groeit.

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

109

BIJLAGE 4

Sturen van vraag kan door energiegebruik te verlagen, pieken te verminderen door energiegebruik te spreiden en het energiegebruik te sturen (verschuiven) naar gunstige momenten (bijv. ’s nachts of naar momenten dat er veel zonne-/windenergie beschikbaar is).

Energiegebruikers of -producenten kunnen flexibiliteitscontracten afsluiten met de netbeheerder waarin zij (tegen betaling) energieverbruik (of productie) tijdelijk aanpassen als dat nodig is om het elektriciteitsnet in balans en betrouwbaar te houden. De mogelijkheden hiervoor gaan naar verwachting de komende jaren groeien. Kostbare netuitbreidingen kunnen zo worden beperkt.

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

110

BIJLAGE 4

Flexibel aanbod kan worden geleverd door middel van stuurbare bronnen zoals biogascentrales en warmtekrachtkoppelingen (WKK). Flexibel aanbod is ook mogelijk vanuit batterijen (thuis, buurt, terrein, systeem), thermische opslag (WKO/boilers) en waterstof (seizoensflex). Infrastructuuroptimalisatie, ofwel het zo efficiënt mogelijk in zetten en ontwikkelende van bestaande en nieuwe infrastructuren zodat deze aansluit bij de veranderende vraag naar en aanbod van energie, kan via capaciteitsmanagement (congestiemanagement), spitsmijden,

VERSCHIL VRAAGSTURING EN FLEXIBILITEIT

energyhubs op bedrijventerreinen Vraagsturing richt zich op gebruikersgedrag en timing van de vraag; flexibiliteit is de brede systeemrespons (vraag, aanbod, opslag én infra) om het elektriciteitsnet in balans te houden. Samen maken ze efficiënter gebruik van infrastructuur en beperken ze investeringen en doorlooptijden.

(combineren van functies, vraag en aanbod) en gerichte netverzwaring waar maatschappelijk waarde het grootst is.

Vraagsturing en flexibiliteit zijn deels technisch, maar vereisen ook gedrag

Infrastructuuroptimalisatie gaat over het

en sturing, zoals tariefprikkels, regelgeving en samenwerking tussen

vinden van de beste balans tussen

overheden, netbeheerders en gebruikers.

uitbreiden, vernieuwen en slim gebruiken van de infrastructuur, met als doel een

Vraagsturing speelt een belangrijke rol bij het beter benutten van bestaande en en nieuwe infrastructuur. Door de totale energievraag te

betrouwbaar en betaalbaar

verlagen, de piekvraag te verminderen en vraag te verschuiven naar

energiesysteem.

momenten met veel aanbod of netruimte, wordt de druk op het elektriciteitsnet verlicht. Voorbeelden zijn het slim (ont)laden van voertuigen, het plannen van industriële processen op gunstige momenten, of het gebruik van thuisbatterijen. Thuisbatterij

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

111

BIJLAGE 4

2

CONCLUSIE

Flexibiliteit is de zuurstof van het energiesysteem: onzichtbaar, maar essentieel voor de balans. Flexibiliteit vormt de sleutel tot een toekomstbestendig energiesysteem. Door slim te sturen op vraag en aanbod, energie tijdelijk op te slaan en infrastructuren optimaal te benutten, kan de regio ook bij een groeiend aandeel zon- en windenergie zorgen voor een betrouwbaar, robuust en betaalbaar systeem. Flexibiliteit maakt het mogelijk om kansen te benutten op momenten van overvloedige duurzame productie, pieken en tekorten op te vangen, en zo het energiesysteem efficiënt en veerkrachtig te houden. Daarmee wordt niet alleen de leveringszekerheid versterkt, maar ook de basis gelegd voor een duurzame, innovatieve en goed samenwerkende energievoorziening in de toekomst.

← INHOUD

Regionaal Energieperspectief Regio Foodvalley 2040 | oktober 2025

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16375332/1