CConstaterende datRenkum
Koppel je AI →
Document · PDF

117471-20-014.477-rapd02-PFAS actualisatie Bkk MRA (1).pdf

Gemeenteraad 30 juni 2021, gemeente RenkumBij agendapunt: 11: Vaststellen wijziging bodemkwaliteitskaart.14.835 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Bodemkwaliteitskaart MRA PFAS Actualisatie

Gemeente Arnhem 28 september 2020

Project Opdrachtgever

Document Status Datum Referentie

Projectcode Projectleider Projectdirecteur

Auteur(s) Gecontroleerd door Goedgekeurd door

Bodemkwaliteitskaart MRA Gemeente Arnhem

PFAS Actualisatie Definitief 02 28 september 2020 117471/20-014.477

117471 dr. D.S. Rits ing. M. Kraneveld

dr. D.S. Rits mevrouw C. Koot Msc dr. D.S. Rits

Paraaf

Adres

Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. Leeuwenbrug 8 Postbus 233 7400 AE Deventer +31 (0)570 69 79 11 www.witteveenbos.com KvK 38020751

Het kwaliteitsmanagementsysteem van Witteveen+Bos is gecertificeerd op basis van ISO 9001. © Witteveen+Bos Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt in enige vorm zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Witteveen+Bos noch mag het zonder dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Witteveen+Bos aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enigerlei schade die voortvloeit uit of verband houdt met het wijzigen van de inhoud van het door Witteveen+Bos geleverde document.

INHOUDSOPGAVE

1

INLEIDING

5

2

POTENTIËLE BRONLOCATIES

6

2.1

Inleiding

6

2.2

Bodembedreigende activiteiten

6

2.3

Verspreidingsroutes

8

2.4

Potentiële bronlocaties MRA

10

3

ACTUALISATIE BODEMKWALITEITSKAART

12

3.1

Inleiding

12

3.2

Stap 1: Programma van eisen

12

3.3

Stap 2 en 4: Vaststellen onderscheidende gebiedskenmerken en opdeling in deelgebieden

13

3.4

Stap 3: Gegevensverzameling en gegevensbewerking

13

3.5

Stap 6: Verzamelen aanvullende informatie

13

3.6

Stap 5 en 7 - Vaststellen bodemkwaliteitszones en controle indeling van het bodembeheergebied

17

3.6.1 3.6.2 3.6.3 3.6.4 3.6.5

17 17 17 20 21

Data-analyse Uitbijteranalyse Statistiek PFAS Clustering Spreiding per zone

3.7

Stap 8 - Bodemkwaliteitskaart

22

4

SAMENVATTING

24

5

REFERENTIES

26

Laatste pagina

26

Bijlage(n)

Aantal pagina's

I

Overzicht PFAS klassen

1

II

Potentiële bronlocaties

11

III

Data potentiële bronlocaties

IV

Aanvullend bodemonderzoek PFAS a

Kwaliteitsborging

b

Boorplan

c

Fotoreportage

d

Boorprofielen

e

Analysecertificaten

separaat 9 2 1 15 34 27

V

Toetsing PFAS

14

VI

Geactualiseerde bodemkwaliteitskaarten

6

1 INLEIDING Sinds de jaren ‘60 van de vorige eeuw zijn veel nieuwe stoffen ontwikkeld en op grote schaal toegepast in uiteenlopende industriële en huishoudelijke producten. Een voorbeeld is de stofgroep van de Poly- en perFluor Alkyl Stoffen (PFAS). PFAS zijn chemische stoffen die van nature niet in het milieu voorkomen. Deze stofgroep bestaat uit ruim 6000 stoffen. PFAS werden/worden onder meer gebruikt vanwege de unieke oppervlakte-actieve eigenschappen die deze stoffen bezitten. Door het wijdverbreide gebruik en door emissies en incidenten worden PFAS inmiddels in Nederland - en breder in Europa - als diffuse verontreiniging in bodem, grondwater en oppervlaktewater aangetroffen. Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat PFAS persistent, bioaccumulatief en toxisch zijn, waardoor momenteel beleid en regelgeving rondom deze stofgroep volop in beweging is. Aanleiding en doel Op 29 november 2019 heeft het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat een aangepast Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie gepubliceerd [ref. 1], welke op 2 juli 2020 is geactualiseerd [ref. 7]. In het Tijdelijk handelingskader is aangegeven dat de kwaliteit van de grond ten aanzien van PFAS inzichtelijk moet zijn alvorens grondverzet op of in de landbodem of in het oppervlaktewater mag plaatsvinden.

Het aangepaste handelingskader definieert voorlopige landelijke achtergrondwaarden voor PFAS-gehalten, maar biedt tevens de mogelijkheid om hier met lokaal beleid en binnen bepaalde bandbreedte van af te wijken. De Milieuregio Arnhem (MRA) heeft - mede op basis van aangepaste Tijdelijk handelingskader - besloten om een PFAS actualisatie uit te voeren op de bodemkwaliteitskaart. De actualisatie van BKK is uitgevoerd om de gebiedseigen PFAS kwaliteit voor de boven- en ondergrond te bepalen, zodat de kaart weer kan worden gebruikt zonder aanvullend PFAS onderzoek. Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op potentiële bronlocaties in het algemeen en staan we stil bij activiteiten/locaties, waarbij PFAS mogelijk is gebruikt of verwerkt in de MRA. Hoofdstuk 3 heeft betrekking op de actualisatie van de bodemkwaliteitskaart MRA, waarbij de Richtlijn bodemkwaliteitskaarten als basis is gebruikt. Hoofdstuk 4 betreft een synthese van de actualisatie en gaat in op de mogelijke beleidsmatige consequenties van de geactualiseerde bodemkwaliteitskaart.

5 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

2 POTENTIËLE BRONLOCATIES 2.1

Inleiding

Als onderdeel van het actualiseren van de bodemkwaliteitskaart in de MRA, wil de regio meer inzicht hebben in potentiële bronlocaties van PFAS. Aan de hand van een analyse van potentiële PFAS bronnen is een overzicht met mogelijke bronlocaties in de MRA gemaakt. Dit overzicht biedt een belangrijke basis om beleid te kunnen uitwerken ten aanzien van grondverzet van PFAS houdende grond. Daarnaast toont het de locaties waar in het kader van de actualisatie van de bodemkwaliteitskaart niet mag worden geboord en waar eventuele causale verbanden liggen met resultaten uit een (water)bodemonderzoek. Het doel van het in beeld brengen van potentiële bronlocaties is om aan de hand van duidelijke (voor de regio MRA specifieke) criteria, een selectie te maken van locaties, waar activiteiten hebben plaatsgevonden die mogelijk tot uitstoot van PFAS in het milieu hebben geleid. In voorliggend hoofdstuk wordt daarom met behulp van conceptuele modellen en kennis over het gebruik van PFAS in diverse producten en processen, een beeld geschetst van het voorkomen van PFAS in de fysieke leefomgeving, in relatie tot bepaalde bodembedreigende activiteiten. Gebruik van de potentiële risicokaart PFAS Op basis van het historisch bodembestand is het niet mogelijk om een waardeoordeel te geven met betrekking tot de risico op het vrijkomen van PFAS.

Daarvoor is aanvullende informatie noodzakelijk, zoals details met betrekking tot het productie/verwerkingsproces van een bepaald bedrijf of de aan- of afwezigheid van bodem-beschermende maatregelen. Deze informatie is niet voorhanden in het historisch bodembestand van de betrokken gemeenten. Daarom is het niet zinvol om een prioritering aan te brengen in de bronlocaties of te bepalen of een bepaalde activiteit een hoger risico heeft op het voorkomen van PFAS in de bodem dan een andere. Leeswijzer In paragraaf 2.2 wordt ingegaan op potentiële bronlocaties in het algemeen en staan we stil bij activiteiten/locaties, waarbij PFAS mogelijk is gebruikt of verwerkt. Paragraaf 2.3 gaat op globale wijze in op de mogelijke verspreidingsroutes van de stof in het milieu. Tot slot richt paragraaf 2.4 zich op de mogelijke bronlocaties in de MRA, die op basis van de aangeleverde bodeminformatie zijn uiteengezet.

2.2

Bodembedreigende activiteiten

Aangezien de verontreiniging met PFAS een zogenaamde ‘nieuwe verontreiniging’ betreft, was men zich tot voor kort veelal niet bewust dat het gebruik van deze stof tot risico’s op verontreiniging kon leiden. Er zijn diverse activiteiten die een risico met zich mee brachten of nog steeds brengen met betrekking tot PFAS verontreinigingen in de fysieke leefomgeving. Het risico dat een activiteit vormt voor de bodem en het watersysteem houdt verband met de hoeveelheid PFAS verwerkende activiteiten, de hoeveelheid PFAS die wordt gebruikt in productieprocessen en de kans dat (een deel van) deze hoeveelheid het bodem- en watersysteem bereikt.

6 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

Bodembeschermende voorzieningen, zoals vloeistofdichte vloeren, kunnen (deels) verhinderen dat PFAS ook daadwerkelijk de bodem bereikt. In geval van een calamiteit is er geen sprake van voorzieningen en kunnen grote hoeveelheden PFAS in relatief korte tijd in de ondergrond terecht komen. De verwerking van PFOS (of later 6:2 FTS) in blusschuim en het gebruik ervan tijdens een brandcalamiteit zorgt bijvoorbeeld voor plaatselijk sterk verhoogde concentraties aan deze stoffen in de bodem. Historische activiteiten zijn ook een belangrijk aandachtspunt, omdat in het verleden bij het gebruik van PFAS geen adequate bodembeschermende voorzieningen zijn getroffen. Locaties die het meest verdacht zijn op het voorkomen van PFAS in de bodem zijn locaties waar PFAS worden geproduceerd en de brandweeroefenplaatsen (met beperkte of ontbrekende bodembeschermende voorzieningen en/of opvangbassins) waar met grote regelmaat brandblusschuim is toegepast. Daarnaast zijn PFAS ook gebruikt in de galvanische industrie, papier- en textielindustrie, grafische industrie en zijn PFAS vermoedelijk ook aanwezig bij de eindontvangers van afvalproducten zoals stortplaatsen en afvalwaterzuiveringsinstallaties.

In onderstaande tabel zijn voor diverse bodembedreigende activiteiten/locaties globaal aangegeven welke vormen van PFAS worden gebruikt en hoe groot de kans is op het in het indringen van PFAS in de bodem.

Tabel 2.1 Toepassingen van PFAS en de kans dat daarbij PFAS in de bodem terecht komt/is gekomen Type locatie

Activiteit

Kans op vrijkomen in het milieu

PFAS producerende industrie (Productie PFOS/PFOA, telomeren) Productie van gefluoreerde polymeren

Productie van o.a. PFOS, PFOA, telomeren en ander PFAS verbindingen

Groot

Productie Teflon en andere gefluoreerde polymeren

PFOA/GenX gebruikt tijdens productie

Groot

Verwerking van Teflon en andere gefluoreerde polymeren

PFOA/GenX mogelijk aanwezig in halffabricaat

Groot

Galvanische industrie

Mist-surpressant (vernevelen, chroombaden), vooral in chroom verwerkende industrie (maar ook andere metalen)

Groot

Textiel industrie

Behandelen textiel, leer, waterafstotend maken, vernevelen: o.a. van tapijten, meubelstoffering, outdoor kleding, schoenen

Matig tot groot 1

Halfgeleider industrie

Gebruik van PFAS in printplaatproductie (verdachte producten/chemicaliën: fotozuur, antireflectie coating, fotolak en ontwikkelvloeistof)

Beperkt

Foto industrie

In de foto industrie werden ook producten als oplosmiddel, pigmenten, ontwikkelvloeistof gebruikt

Beperkt

Papier verwerkende industrie (inclusief verpakkingen)

PFAS werd/wordt toegevoegd aan de samenstelling van het papier om het water en vetafstotend te maken (zoals ook bij levensmiddelen verpakkingen, bakpapier etc.)

Matig tot groot 1

Lak- en verfindustrie

Productie van lak en verf waarin PFAS wordt verwerkt

Beperkt

Hydraulische vloeistoffen

Sinds 1970 is PFAS als toevoeging gebruikt aan specifieke hydraulische vloeistoffen. Voornaamste gebruik bij motoren van vliegtuigen (bouw en onderhoud) of generatoren (van bijvoorbeeld windmolens)

Beperkt

Fabricage van cosmetica en reinigingsmiddelen

Voornamelijk gebruikt om de oppervlaktespanning te verlagen of de levensduur van (cosmetische) producten te verlengen

Beperkt

Verwerkende industrie

7 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

Type locatie

Activiteit

Kans op vrijkomen in het milieu

Landbouw/tuinbouw

Mogelijk is PFAS toegevoegd aan bestrijdingsmiddelen

Vermoeden

Inzet brandblusschuim (AFFF schuim - klasse B voor brandbare vloeistoffen) Brand blussen

Calamiteit/incidentbestrijding

Groot

Brandweeroefenplaatsen (gemeenten)

Regelmatig, langdurig gebruik PFOS houdend schuim

Groot

Brandpreventie voorzieningen (industrie) met schuimblusinstallaties

Tijdens calamiteiten en/of testen. Chemische industrie, op- en overslaglocaties, auto-industrie, kunststofindustrie, afval- en schrootverwerkingsbedrijven, chemicaliëngroothandel

Kans is klein, effect is beperkt als opvang van blusstof plaatsvindt. Als opvang ontbreekt, dan is kans/effect groot

Militaire brandweeroefenplaatsen en vliegvelden

Tijdens calamiteiten en/of testen

Groot

Brandweeroefenplaatsen op vliegvelden (burgerluchtvaart)

Tijdens calamiteiten en/of testen

Groot

Stortplaatsen

Storten van PFAS-houdende materialen zoals tapijten, meubels, teflon pannen etc.2

Vermoeden

Waterzuiveringsinstallaties

Zuivering van afvalstromen van huishoudens, industrieën en stedelijk water.3

Vermoeden

Afvalverbrandingsinstallaties

Afvalverwerking doormiddel van verbranding.4

Vermoeden

Secundaire bronnen

Toelichting: 1

Op basis van recentelijk opgedane ervaringen en kennis gaat er vanuit het Expertisecentrum PFAS ook significante aandacht uit naar geïmpregneerd textiel en papier. Perfluoracrylaatverbindingen zijn als impregneermiddel veelvuldig gebruikt voor de behandeling van textiel, leer en papier. Emissie via het afvalwater is daarbij aannemelijk [ref. 2]. De groepen: (geïmpregneerd) textiel, lederwaren en papier worden daarom als relevant beschouwd.

2

Bij onderzoek dient aandacht te worden gegeven aan het percolaat en het grondwater. Zuivering van het percolaat op PFAS vindt doorgaans nog niet plaats. Dit is technisch wel mogelijk.

3

De afvalstromen van huishoudens, industrieën of stedelijk water (met bijvoorbeeld restanten van blusactiviteiten) worden op dergelijke locaties opgevangen en gezuiverd. Zuivering van PFAS vindt echter nog niet plaats. Bij onderzoek naar PFAS dient aandacht te worden geschonken aan water, waterbodem, slibfractie en reststromen zoals zuiveringsslib.

4

Doorgaans is de temperatuur van de verbrandingsoven niet toereikend om de PFAS volledig af te breken. Hierdoor komt PFAS vrij via de rookgassen, die doorgaans niet gereinigd worden op PFAS. Bij onderzoek naar PFAS dient aandacht te worden gegeven aan de effecten van atmosferische depositie naar de bodem.

2.3

Verspreidingsroutes

De mate van verspreiding van PFAS in de fysieke leefomgeving is momenteel nog niet eenduidig vast te stellen. Wel is duidelijk dat de persistente eigenschappen van PFAS ervoor zorgen dat deze verbindingen zich over relatief grote afstanden kunnen verspreiden in het milieu. Met name de perfluorverbindingen zijn resistent tegen hydrolyse, fotolyse, biologische afbraak en metabolisme. PFAS kunnen zich via de volgende verspreidings- en afbraakroutes verspreiden in het milieu 1 Directe lekkage/storten door PFAS verwerkende industrie of brandweer. 2 Uitloging van grond naar grondwater, en vervolgens verspreiding via het grondwater. 3 Verspreiding via de lucht (en depositie in bodem of oppervlaktewater). 4 Verspreiding door (verontreinigd) slib, grondverzet of baggeren. 5 Afbraak van precursors naar PFAA’s1 in het milieu.

1

Perfluoralkylzuur (zie bijlage I voor de relatie tot andere typen PFAS).

8 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

Ad 1 - Directe lekkage/storten door PFAS verwerkende industrie of brandweer De meeste directe vorm, waarbij PFAS vrijkomt in het milieu is door lekkages, lozingen en het gebruik van blusschuim bij calamiteiten. Dit zijn allemaal fysieke vormen van verspreiding bij de bron zelf, waarbij PFAS houdend materiaal (veelal verwerkt in proceswater en blusschuim) direct op de bodem wordt gebracht om vervolgens via uiteenlopende processen te verspreiden in het milieu. Ad 2 - Uitloging van grond naar grondwater, en vervolgens verspreiding via grondwater Door de relatief goede oplosbaarheid en de lage adsorptie van PFAS aan de bodem, kunnen PFAS zich in het milieu ver verspreiden. Doordat er (nagenoeg) geen afbraak plaatsvindt van PFAA’s1 kunnen PFAS verontreinigingen zeer grote pluimen vormen, tot meerdere kilometers lang. Naast primaire bronnen, kunnen dergelijke pluimen ook worden veroorzaakt als gevolg van secundaire bronnen. Uit literatuur en op basis van ervaring in projecten is gebleken dat de zwaardere verbindingen en de PFSA’s 1 zich sterker aan de grond binden en dat de PFAA’s1 en de lichtere verbindingen meer in de waterfase aanwezig zijn. PFOA is een meer mobiele verbinding dan PFOS.

De invloed van eventuele andere verontreinigingen op de mobiliteit van PFAS verschilt en is mede afhankelijk van de PFAS-ketenlengte, PFASconcentraties en de eigenschappen van de andere verontreinigingen. Een belangrijke eigenschap van PFAS is daarnaast dat de meeste PFAS een hydrofobe staart en een hydrofiele kop hebben. Hierdoor gedragen de PFAS zich als zepen en kunnen ze accumuleren op het grensvlak tussen water en (bodem)lucht. Ad 3 - Verspreiding via de lucht (en depositie in bodem of oppervlaktewater) Verspreiding via de lucht kan geschieden wanneer de stoffen via het productieproces in de lucht worden uitgestoten. PFOA coaguleert dan bijvoorbeeld en vormt dan aerosolen (kleine luchtdeeltjes). Ook bij de inzet op grote en heftig brandende vloeistofoppervlakken zal door de hoge temperaturen en de thermiek een deel van het ingezette brandblusschuim (en de daarin opgeloste PFAS) met de rook mee verspreid worden. Voor precursors (zie punt 5 voor toelichting) is verdamping en verspreiding via de lucht ook relevant. Precursors met een hoge vluchtigheid zoals FTOH’s2, gefluoreerde sulfonamides (FOSAs) en sulfonamido ethanolen (FOSEs) kunnen via de lucht verspreiden. In de lucht zijn ze onderhevig aan atmosferische oxidatie, waarbij PFAA’s3 worden gevormd, welke vervolgens via atmosferische depositie neerslaan op de grond en het water.

Ad 4 - Verspreiding door gebruik van (verontreinigd) slib, grondverzet of baggeren Verspreiding van PFAS in het milieu kan ongemerkt ook fysiek plaatsvinden. Omdat PFAS zeer wijdverspreid zijn en nog steeds worden toegepast zijn er meerdere routes bekend via welke PFAS onbedoeld zijn verspreid. Voorbeelden hiervan zijn het verspreiden van verontreiniging tijdens baggeren, maar ook het verplaatsen van grond zonder dat bekend is dat deze verontreinigd is. Eén van de grootste PFAS verontreinigingsgevallen in Duitsland is het toepassen van verontreinigd slib van de papierindustrie als bodemverbeteraar op landbouwpercelen. Het papierslib is gedurende meerdere jaren op landbouwpercelen toegepast totdat in 2006 ontdekt werd dat deze landbouwarealen de bron waren van de verhoogde PFAS concentraties in de omliggende rivieren. Het gebruik van slib van waterzuiveringen in Decatur, Alabama, USA (nabij een PTFE fabriek) heeft geleid tot PFAS concentraties in de grond tot enkele milligrammen per kg.

1

Perfluorsulfonzuur (zie bijlage I voor de relatie tot andere typen PFAS).

2

Fluortelomeeralcohol (zie bijlage I voor de relatie tot andere typen PFAS).

3

Perfluoralkylzuur (zie bijlage I voor de relatie tot andere typen PFAS).

9 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

Ad 5 - Afbraak van precursors naar PFAA’s1 in het milieu Biologische en chemische afbraak in het milieu is alleen relevant voor de PFAS precursors. PFAS precursors zijn stoffen die in het milieu af kunnen breken naar PFSA’s1 en PFCA’s2 zoals PFOS en PFOA. Het gaat om een grote groep van veelal onbekende en niet of moeilijk te analyseren verbindingen. In het proces kunnen de niet gefluoreerde delen van de precursors worden afgebroken, waarna de geperfluoreerde PFSA’s en PFCA’s overblijven. PFSA’s en PFCA’s zijn niet bio-afbreekbaar. De biologische afbraak van precursors gebeurt voornamelijk onder aerobe omstandigheden (aanwezigheid van zuurstof), maar kan ook onder anaerobe omstandigheden plaatsvinden. De afbraak verloopt dan wel veel langzamer dan onder aerobe omstandigheden, en niet volledig tot PFAA’s. Tijdens de anaerobe afbraak worden andere gepolyfluoreerde tussenproducten gevormd.

2.4

Potentiële bronlocaties MRA

Voor de MRA is per gemeente een kaart opgesteld met potentiële bronlocaties op het voorkomen van PFAS in het milieu (zie bijlage II). Deze kaarten zijn opgesteld op basis van de informatie uit het historisch bodembestand van de 10 verschillende gemeenten in de MRA. Opgemerkt dient te worden dat de gegevens in het historisch bodembestand helaas niet altijd volledig of eenduidig zijn ingevuld, of activiteiten op locatie meerdere keren voorkomen. Via onderstaande tabel is beknopt samengevat welke locatiegegevens bekend zijn en daarmee ook de basis vormen voor bijgevoegd kaartmateriaal (bijlage II). Een volledig overzicht van de potentiële bronlocaties met aanvullende informatie over ligging en soort activiteit is terug te vinden in bijlage III.

Tabel 2.2 Aantal potentiële PFAS bronlocaties per gemeente *, geordend naar categorie Categorie

Ar

Do

Du

Li

Ov

Re

Rh

Ro

We

Ze

Totaal

(geïmpregneerd) textiel

364

4

4

5

4

5

5

-

-

8

399

afval

30

4

90

27

11

11

9

-

1

18

201

brandbestrijding

9

1

-

1

1

1

2

-

-

2

17

brandweerkazerne

4

1

1

4

4

4

3

-

-

3

24

chemie

34

2

-

1

2

4

6

-

-

7

56

coating boten

13

5

-

6

1

-

1

-

-

7

33

coating metalen

162

3

3

11

14

8

19

1

13

234

defensie

3

-

-

-

-

-

-

-

-

1

4

foto industrie

8

-

-

-

-

-

-

-

-

-

8

galvanoindustrie

26

-

-

2

4

2

4

-

1

-

39

landbouw/ tuinbouw

3

-

-

-

-

-

-

-

-

-

3

lederwaren

30

2

-

1

-

1

7

-

-

1

42

overige

9

-

2

1

-

-

-

-

1

13

110

-

-

13

20

10

2

-

-

13

168

verchromen

8

-

-

-

-

-

-

-

-

verfindustrie

199

6

3

12

20

12

7

-

-

papier- en verfwarenindustrie

1

Perfluorsulfonzuur (zie bijlage I voor de relatie tot andere typen PFAS).

2

Perfluorcarbonzuur (zie bijlage I voor de relatie tot andere typen PFAS).

10 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

8 29

288

Categorie

Ar

Do

Du

Li

Ov

Re

Rh

Ro

We

Ze

Totaal

vliegveld

1

-

-

-

-

-

-

-

-

-

1

1.013

28

101

85

82

58

65

-

3

103

1.538

Totaal * Toelichting:

Ar = Arnhem; Do = Doesburg; Du = Duiven; Li = Lingewaard; Ov = Overbetuwe; Re = Renkum; Rh = Rheden; Ro = Rozendaal; We = Westervoort; Ze = Zevenaar

Voor de regio MRA zijn in totaal 1.538 locaties op kaart gezet die als potentiële bron zijn aangemerkt voor het voorkomen van PFAS in het milieu. Opgemerkt dient te worden dat dit een overschatting van het totale aantal betreft. In diverse gemeente zijn er namelijk veel activiteiten met een minimale afwijking in het adres (bijvoorbeeld 4, 6, 8 etc.) als uniek bestempeld, terwijl deze vermoedelijk als één kunnen worden beschouwd. Brandweerkazernes De informatie uit het historisch bodembestand is aangevuld met brandweerkazernes. Deze zijn verdacht op het voorkomen van PFAS (met name PFOS) doordat er op dergelijke locaties materieel van de brandweer wordt gereinigd en mogelijk vinden er op deze locaties ook blusoefeningen plaats. Onderzoek heeft aangetoond dat er rond brandweerkazernes significant hogere waarden aan PFOS worden gemeten [ref. 3]. De MRA kent is totaal 24 brandweerkazernes (bron: www.brandweer.nl). De kaart wordt gebruikt als aanvullende informatie bij (het actualiseren van) de bodemkwaliteitskaart, waarbij meetpunten ten behoeve van het bepalen van gebiedseigen bodemkwaliteit ten aanzien van PFAS niet in de omgeving van een potentiële bron worden geplaatst.

Aangezien puntbronnen en verdachte locaties uitgesloten dienen te worden bij het opstellen van (geactualiseerde) bodemkwaliteitskaarten kan op basis van de potentiële risicokaarten worden nagegaan of de gekozen boorpunten verantwoord zijn. Daarnaast kunnen de kaarten worden gebruikt bij het leggen van eventuele verbanden tussen gemeten gehalten/concentraties aan PFAS en eventuele bronnen. Eventueel verhoogde gehalten/concentraties aan PFAS kunnen mogelijk worden verklaard met behulp van de potentiële risicokaarten. Zo kunnen verhoogde waarden mogelijk worden gelinkt aan bepaalde (concentraties van) activiteiten.

11 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

3 ACTUALISATIE BODEMKWALITEITSKAART

3.1

Inleiding

De PFAS actualisatie van de BKK is opgesteld conform de Richtlijn bodemkwaliteitskaarten en het Tijdelijk handelingskader PFAS. In de richtlijn zijn acht stappen opgenomen, welke in dit hoofdstuk nader zijn toegelicht. Het gaat om de volgende stappen: - stap 1: opstellen programma van eisen; - stap 2: vaststellen onderscheidende gebiedskenmerken; - stap 3: gegevensverzameling en gegevensbewerking; - stap 4: indelen bodembeheergebied in deelgebieden; - stap 5: controle indeling van het bodembeheergebied; - stap 6: verzamelen aanvullende informatie; - stap 7: vaststellen bodemkwaliteitszones; - stap 8: bodemkwaliteitskaart (ontgravingskaart en toepassingskaart).

3.2

Stap 1: Programma van eisen

De actualisatie van de BKK heeft betrekking op de landbodem van de MRA, welke is opgedeeld in een bovenen ondergrond. De bovengrond betreft de laag tussen het maaiveld en 0,5 m-mv en de ondergrond is de laag tussen 0,5 - 2,0 m-mv. De MRA bestaat uit de volgende gemeenten: - Arnhem; - Doesburg; - Duiven; - Lingewaard; - Overbetuwe; - Renkum; - Rheden; - Rozendaal; - Westervoort; - Zevenaar. In afwijking op de reguliere eisen uit het Richtlijn bodemkwaliteitskaarten is het voor de PFAS actualisatie niet noodzakelijk om 20 meetpunten per bodemlaag per zone te verzamelen. Ten behoeve van de PFAS actualisatie volstaan minimaal 30 meetpunten per bodemlaag per beheergebied. Potentieel verdachte locaties (zie hoofdstuk 2) zijn uitgesloten van de actualisatie. Hetzelfde geldt voor locaties met een reeds bekende verontreiniging of waar sanering reeds heeft plaatsgevonden. Ten aanzien van PFAS is daar vooralsnog geen informatie over beschikbaar, waardoor er vanuit is gegaan dat een dergelijke sanering niet heeft plaatsgevonden. Voor de actualisatie van de BKK wordt gebruikgemaakt van het 30 PFAS pakket zoals voorgeschreven in het Tijdelijk handelingskader PFAS [ref. 4]. Het 30 PFAS pakket is nader omschreven in stap 6.

12 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

3.3

Stap 2 en 4: Vaststellen onderscheidende gebiedskenmerken en opdeling in deelgebieden

Op voorhand is het niet de verwachting dat er bepaalde gebieden aanwezig zijn binnen de MRA die - op basis van de bodemopbouw, gebruikshistorie, geomorfologie of huidig gebruik - significant afwijkende PFAS gehalten bevatten. De gebiedseigen bodemkwaliteit van PFAS wordt veelal bepaald door atmosferische depositie, en aangezien er geen grootschalige PFAS producerende of PFAS verwerkende industrieën in de nabijheid aanwezig zijn, is het derhalve verantwoord om de MRA in het horizontale vlak als één zone te beschouwen met betrekking tot PFAS. In het verticale vlak worden twee bodemlagen onderscheiden, de bovengrond van 0 - 0,5 m-mv en de ondergrond van 0,5 - 2,0 m-mv. Hiermee is dezelfde indeling aangehouden als gebruikelijk voor overige stoffen van de huidige BKK. De diffuse belasting van PFAS is met name van invloed is op de bovengrond (0 - 0,5 m-mv), vanwege de grote rol van atmosferische depositie bij de verspreiding van PFAS. Opgemerkt dient te worden dat door uitspoeling en grondroerende activiteiten contaminatie van ondergrond kan optreden. Op basis van de analyse van potentieel verdachte locaties valt op dat de meeste van deze locaties zich bevinden in de zones die in de klassen Wonen en Industrie zijn ingedeeld.

Bij het bepalen van de actuele bodemkwaliteit (stap 7) wordt stilgestaan of er op basis van de onderzoeksresultaten aanleiding is om alsnog een aparte zonering aan te wijzen.

3.4

Stap 3: Gegevensverzameling en gegevensbewerking

PFAS behoren tot de groep van zeer zorgwekkende stoffen en sinds het uitbrengen van het eerste tijdelijk handelingskader (juli 2019) is er steeds meer aandacht van de stofgroep. Desondanks zijn de meeste onderzoeken naar PFAS beschikbaar in het westen van Nederland, waar zich ook de grote PFAS verwerkende industrieën bevinden. Vorig jaar heeft de provincie Gelderland een grootschalig achtergrondwaarde-onderzoek laten uitvoeren, waarbij informatie is verzameld uit verschillende onderzoeken [Witteveen+Bos, 2019; ref: 117439/19-018.550]. Ook de MRA heeft data aangeleverd. Het betreffen 117 datapunten verdeeld over 26 unieke locaties (veelal Arnhem). Ten behoeve van de actualisatie van de bodemkwaliteitskaart in de MRA is uitgezocht in hoeverre deze data bruikbaar is voor het actualiseren van de BKK. Helaas bleek de data in zijn geheel niet bruikbaar doordat locatiegegevens onvolledig waren aangeleverd, vaak geen onderscheid tussen boven- en ondergrond kon worden gemaakt en specifieke data ontbrak van de afzonderlijke PFAS verbindingen. Los van PFOA en PFOS is maar in vier van de 117 datapunten gegevens aangaande de overige PFAS aangeleverd. Hierbij zijn de afzonderlijke overige PFAS verbindingen niet onderscheiden, waardoor geen uitspraak kan worden gedaan over specifieke PFAS verbindingen.

Naast de analyse op bruikbaarheid van het voornoemde provinciale achtergrondwaarde-onderzoek is ook aan de gemeenten in de MRA gevraagd om data aangaande PFAS aan te leveren. Eén onderzoek uit Zevenaar bleek bruikbaar voor wat betreft de bovengrond. Om aan het vereiste aantal meetpunten te komen is aanvullend onderzoek noodzakelijk, omdat de aangeleverde data van de gemeenten onvoldoende toereikend is om een adequate data-analyse op uit te voeren (zie stap 6).

3.5

Stap 6: Verzamelen aanvullende informatie

In overleg met het kernteam van de MRA is gekozen om 32 PFAS-meetpunten toe te voegen doormiddel van aanvullende boringen. Op deze wijze is er voldoende data om eventuele uitbijters te kunnen verwijderen, zonder dat daarmee direct niet meer kon worden voldaan aan de eis van 30 meetpunten per bodemlaag per beheergebied. In bijlage IV is ingegaan op het aanvullend bodemonderzoek. Analyseresultaten Met het uitgevoerde veld- en chemisch onderzoek (zie bijlage IV) zijn aanvullende PFAS gegevens verzameld. De resultaten zijn navolgend samengevat. De analyseresultaten van de PFAS monsters zijn weergegeven in tabel 3.1 (bovengrond) en tabel 3.2 (ondergrond).

13 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

Bijlage V toont de toetsing aan het Tijdelijk handelingskader. In onderstaande tekst zijn de opvallendste zaken toegelicht, waarbij de gemeten gehalten zijn vergeleken met generieke toepassingsnormen, zoals gesteld in het Tijdelijk handelingskader PFAS. Bovengrond Voor de bovengrond heeft één analyse (Du1-BG), in geval van PFOS, een ruime overschrijding van de norm Wonen/Industrie (26 µg/kg d.s.). Het gaat om een monster dat is genomen uit de bovengrond van Duiven, in de functieklasse AW2000. Hetzelfde monster heeft ook een overschrijding van de toepassingsnorm Landbouw/Natuur voor PFOA. Daarnaast zijn verscheidene overige PFAS gemeten boven de detectiegrens, maar geen van die stoffen heeft een overschrijding van de toepassingsnorm voor Landbouw/Natuur. PFOA bevat bij twee van 32 metingen een overschrijding van de landelijk gestelde norm voor Landbouw/Natuur à 1,9 µg/kg d.s. Voor PFOS is vier keer een dergelijke overschrijding gemeten, waarbij de norm voor Landobuw/Natuur voor PFOS op 1,4 µg/kg d.s ligt (waarvan in één monster ook de norm voor Wonen/Industrie wordt overschreden, zoals beschreven in bovenstaande tekst). PFBA wordt - naast PFOA en PFOS - ook regelmatig boven de detectiegrens gemeten, en ook een aantal andere PFAS komen in een aantal monster voor in gehalten boven de detectielimiet.

Echter, voor de overige PFAS - niet zijnde PFOA en PFOS -ligt geen van de gemeten waarden boven de norm voor Landbouw/Natuur uit het Tijdelijk handelingskaders (1,4 µg/kg d.s.).

Tabel 3.1 Meetresultaten PFAS bovengrond Monster

Traject (cm-mv)

Organisch stof (%)

PFOA (µg/kg d.s.)

PFOS (µg/kg d.s.)

Ar1-BG

0-50

5,2

0,4

1,8

PFBA: 0,1

Ar2-BG

0-50

5,3

1,1

0,3

PFBA: 0,3

Ar3-BG

0-50

1,4

0,3

0,2

-

Ar4-BG

0-30

3,4

0,3

0,4

-

Ar5-BG

0-30

10,9

2,6

2,3

PFBA: 0,9 PFPeA: 0,3 PFHxA: 0,4 PFHpA: 0,2 PFNA: 0,18 PFDA: 0,18 PFBS: 0,37 PFHxS: 0,18

Ar6-BG

0-50

2,8

0,3

1,5

PFBA: 0,2

Do1-BG

0-50

3,6

0,4

0,5

-

Do2-BG

0-50

1,0

0,2

0,3

-

Du1-BG

0-50

4,3

3,6

26,0

PFBA: 0,2 PFHxA: 0,1 PFHpA: 0,2 PFNA: 0,1 PFDA: 0,1 PFHpS: 0,1 N-EtPOSAA: 0,6 PFOSA: 0,5

Du2-BG

0-30

5,0

0,5

0,3

PFBA: 0,2

Du3-BG

0-50

3,4

0,4

0,4

PFBA: 0,1

Du4-BG

0-50

3,5

0,4

0,7

-

Li1-BG

0-50

2,4

0,4

0,2

PFBA: 0,2

14 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

Overige PFAS (µg/kg d.s.)1

Monster

Traject (cm-mv)

Organisch stof (%)

PFOA (µg/kg d.s.)

PFOS (µg/kg d.s.)

Li2-BG

Overige PFAS (µg/kg d.s.)1

0-50

3,7

0,5

0,4

PFBA: 0,40N-MeFOSAA: 0,2 N-EtPOSAA: 0,1

Ov1-BG

0-50

4,4

0,7

0,4

PFBA: 0,3

Ov2-BG

0-50

3,7

0,7

0,6

PFBA: 0,3

Ov3-BG

0-50

2,3

0,9

0,7

PFBA: 0,3

Ov4-BG

0-50

6,1

0,8

1,1

PFBA: 0,2

Ov5-BG

0-30

1,9

0,6

0,3

PFBA: 0,2

Ov6-BG

0-50

9,9

0,7

0,3

PFBA: 0,2

Re1-BG

0-50

2,7

0,3

0,5

-

Re2-BG

0-50

2,9

0,5

0,2

PFHpA: 0,2

Re3-BG

0-50

2,6

0,6

1,4

PFBA: 0,1

Rh1-BG

0-50

3,4

1,2

0,6

PFBA: 0,4 PFHpA: 0,1

Rh2-BG

0-50

2,8

0,6

0,9

PFBA: 0,3 PFHpA: 0,1

Rh3-BG

0-50

4,4

0,2

1,3

PFBA: 0,1 PFPeA: 0,3

Ro1-BG

0-50

1,4

0,1

0,2

-

We1-BG

0-50

2,8

0,6

0,6

PFBA: 0,1

Ze1-BG

0-50

10,7

0,7

0,8

PFBA: 0,2

Ze2-BG

0-30

3,0

0,5

0,4

PFBA: 0,3

Ze3-BG

0-50

2,3

0,4

0,3

-

Ze4-BG

0-30

2,8

0,1

0,2

-

Toelichting 1

In de tabel zijn alleen de PFAS opgenomen met een gemeten overschrijding van de detectielimiet.

Ondergrond Voor de ondergrond geldt dat geen van de geanalyseerde PFAS de toepassingsnorm voor Landbouw/Natuur uit het Tijdelijk handelingskader PFAS overschrijden.

Tabel 3.2 Meetresultaten PFAS ondergrond Monster

Traject (cm-mv)

Organisch stof (%)

PFOA (µg/kg d.s.)

PFOS (µg/kg d.s.)

Ar1-OG

50-200

0,7

0,2

0,3

-

Ar2-OG

50-200

0,8

0,1

0,1

-

Ar3-OG

50-200

-0,7

0,1

0,1

-

Ar4-OG

50-180

1,8

0,1

0,1

-

Ar5-OG

50-150

3,4

0,1

0,1

-

Ar6-OG

50-150

-0,7

0,1

0,3

-

Do1-OG

50-130

1,4

0,2

0,4

-

Do2-OG

50-200

-0,7

0,1

0,1

-

15 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

Overige PFAS (µg/kg d.s.)1

Monster

Traject (cm-mv)

Organisch stof (%)

PFOA (µg/kg d.s.)

PFOS (µg/kg d.s.)

Du1-OG

100-170

2,4

0,2

0,8

-

Du2-OG

50-170

4,0

0,4

0,2

-

Du3-OG

60-150

3,2

0,2

0,1

-

Du4-OG

50-130

1,2

0,1

0,2

-

Li1-OG

50-200

0,9

0,1

0,1

N-EtPOSAA: 0,2

Li2-OG

50-200

4,8

0,7

0,4

PFBA: 0,2

Ov1-OG

50-200

1,9

0,3

0,2

PFBA: 0,1

Ov2-OG

50-150

1,9

0,3

0,2

PFBA: 0,2

Ov3-OG

50-100

1,3

0,2

0,1

-

Ov4-OG

50-200

3,1

0,3

0,2

-

Ov5-OG

50-180

1,3

0,1

0,1

-

Ov6-OG

50-200

2,4

0,1

0,1

-

Re1-OG

50-200

-0,7

0,2

0,1

-

Re2-OG

50-200

1,0

0,1

0,1

-

Re3-OG

50-200

1,4

0,5

0,9

-

Rh1-OG

50-200

1,2

0,3

0,1

-

Rh2-OG

50-150

1,7

0,2

0,1

-

Rh3-OG

50-200

3,9

0,2

0,3

-

Ro1-OG

50-200

0,4

0,1

0,1

-

We1-OG

80-130

2,2

0,1

0,1

N-MeFOSA: 0,2

Ze1-OG

50-130

4,7

0,3

1,3

PFBA: 0,1 PFPeA: 1,1 PFHxA: 1,1 PFHpA: 0,3 PFDA: 0,1

Ze2-OG

50-100

0,8

0,2

0,1

-

Ze3-OG

80-200

2,8

0,2

0,1

-

Ze4-OG

50-130

1,3

0,1

0,1

-

Toelichting 1

In de tabel zijn alleen de PFAS opgenomen met een gemeten overschrijding van de detectielimiet.

16 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

Overige PFAS (µg/kg d.s.)1

3.6

Stap 5 en 7 - Vaststellen bodemkwaliteitszones en controle indeling van het bodembeheergebied

3.6.1

Data-analyse

Ten behoeve van het bepalen van de bodemkwaliteitszones heeft data-analyse plaatsgevonden. Dit is in navolgende paragrafen toegelicht. Gehalten beneden de detectielimiet Door de beperkingen van de analyseapparatuur bestaat de kans dat een bepaalde stof niet kan worden gemeten, terwijl deze wel (in geringe mate) aanwezig is. De detectielimiet van de een bepaalde stof geeft aan vanaf welk gehalten de analyseapparatuur de stof kan meten. Indien de detectielimiet niet wordt overschreden kan de aanwezigheid van de stof variëren van 0 (niet aanwezig) tot aan de detectielimiet. Analyses, waarbij de detectielimiet niet wordt overschreden leveren - net als de overige data - waardevolle informatie op aangaande de gebiedseigen bodemkwaliteit. Om te kunnen rekenen met deze analyseresultaten is, conform de Richtlijn bodemkwaliteitskaarten, een rekenkundige bewerking uitgevoerd. Deze bewerking houdt in dat de gerapporteerde detectielimieten worden vermenigvuldigd met 0,7 wordt gedaan, zodat een rekenwaarde voor data-analyse tot stand komt. In geval van PFAS is de gangbare detectielimiet veelal 0,1 µg/kg d.s., wat inhoudt dat de rekenwaarde op 0,1*0,7=0,07 µg/kg d.s. komt te liggen. De detectielimiet van een bepaalde stof kan echter verschillen per rapport.

3.6.2

Uitbijteranalyse

Als onderdeel van de data-analyse heeft een uitbijteranalyse plaatsgevonden, waarbij niet representatieve waarnemingen van de dataset zijn verwijderd. Hiervoor is alle data verwijderd, waarbij de meetwaarde een overschrijding bevat van het gemiddelde + 3 maal de standaard deviatie. Deze exercitie heeft geresulteerd in verwijdering van twee meetresultaten per PFAS. Het gaat om de meetpunten Ar5 en Du1 (zie bijlage IVb voor de geografische ligging van de meetpunten). Na het verwijderen van de twee aangewezen uitbijters zijn in het gehele beheergebied in de bovengrond 31 meetgegevens voor PFAS beschikbaar en voor de ondergrond zijn 32 meetgegevens beschikbaar. Hiermee is voldaan aan de systematiek van de Richtlijn bodemkwaliteitskaarten voor het uitbreiden van de bestaande bodemkwaliteitskaart. Behoudens de stoffen PFOA en PFOS heeft het verwijderen van de aangewezen uitbijters geen effect op de P-80 waarden. In geval van PFOA en PFOS betreft het verwijderde meetpunt een duidelijke uitschieter in de bovengrond met waarden van respectievelijk 3,6 en 26 µg/kg ds. Het betreffende meetpunt (Du1) is een zandig monster, gelegen in de gemeente Duiven in de zone AW2000. Vooralsnog is geen duidelijke oorzaak aan te wijzen voor de verhoogde meetresultaten op deze locatie.

Wel is duidelijk dat de resultaten sterk afwijken ten opzichte van andere meetpunten en dat deze geen representatief gehalte betreft voor de achtergrondwaarde van de regio. Om meer inzicht te verkrijgen in de ernst en omvang van de verhoogde PFAS waarden en een eventuele oorzaak aan te wijzen is aanvullend onderzoek wenselijk met enkele strategisch gekozen meetpunten. In aanvulling op de verwijdering van het meetpunt in Duiven is op basis van een statistische benadering tevens een meetpunt in Arnhem (bovengrond) uit te dataset verwijderd. De gemeten gehalten aan PFOA en PFOS betreffen voor dit meetpunt respectievelijk 2,6 en 2,3 µg/kg ds en het gaat om de een meetpunt in de bodemfunctieklasse Wonen.

3.6.3

Statistiek PFAS

Bovengrond Binnen de MRA wordt doorgaans gebruik gemaakt van de 80-percentiel waarde om de gebiedseigen bodemkwaliteit te bepalen. Na het verwijderden van uitbijters uit de database blijkt geen van de geanalyseerde PFAS verbindingen de generiek gestelde toepassingsnormen voor de bodemfunctieklasse

17 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

Landbouw/Natuur te overschrijden. De meeste verbindingen tonen bij geen van de meetpunten een overschrijding van de detectielimiet. Tabel 3.3 toont statistische parameters voor alle geanalyseerde PFAS verbindingen. Het valt op dat alleen PFBA, PFOA en PFOS verhoogde P-80 waarden (ten opzichte van de detectielimiet) tonen van respectievelijk 0,30, 0,70 en 0,84 µg/kg d.s. Deze waarden liggen allemaal ruim onder de generieke toepassingsnormen voor de bodemfunctieklasse Landbouw/Natuur ligt (1,9 µg/kg d.s voor PFOA, 1,4 µg/kg d.s. voor overige PFAS).

Tabel 3.3 Statistiek PFAS verbindingen bovengrond1,2,3 stof

gem.

SD

var.co

min

max

P-50

P-75

P-804

P-90

P-95

PFBA

0,17

0,11

0,63

0,07

0,40

0,10

0,25

0,30

0,30

0,35

PFPeA

0,08

0,04

0,53

0,07

0,30

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFHxA

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFHpA

0,08

0,02

0,32

0,07

0,20

0,07

0,07

0,07

0,07

0,10

PFOA

0,51

0,26

0,51

0,10

1,20

0,50

0,65

0,70

0,80

1,00

PFNA

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFDA

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFUnA

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFDoA

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFTDA

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFTeDA

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFHxDA

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFODA

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFBS

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFPeS

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFHxS

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFHpS

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFOS

0,59

0,43

0,73

0,20

1,80

0,40

0,70

0,84

1,30

1,45

PFDS

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

4:2 FTS

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

6:2 FTS

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

8:2 FTS

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

10:2 FTS

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

N-MeFOSAA

0,07

0,02

0,31

0,07

0,20

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

N-EtPOSAA

0,07

0,01

0,08

0,07

0,10

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFOSA

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

N-MeFOSA

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

8:2 diPAP

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

Toelichting 1

Alle PFAS gehalten in µg/kg ds.

2

De statistische parameters zijn gebaseerd op 31 waarnemingen.

3

Data bevat geen uitbijters (twee meetpunten zijn verwijderd).

4

De 80 percentiel waarde wordt doorgaans gehanteerd als kengetal om de gebiedseigen bodemkwaliteit te bepalen in de MRA.

18 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

Verdeling PFOA en PFOS Op basis van de data is duidelijk dat PFOA en PFOS de meest voorkomende PFAS verbindingen in de MRA zijn. Afbeelding 3.1 toont de verdeling van de data van deze twee stoffen. Dit geeft een indicatie van de te verwachten verdeling over het beheergebied van de MRA. Beide verbindingen tonen een (scheve) normaalverdeling met de kern en een groot deel van de staart ruim onder de toepassingsnorm voor Landbouw/Natuur. Op basis van deze informatie is het verantwoord om aan te geven dat ook PFOA en PFOS een achtergrondwaarde hebben in de klasse Landbouw/Natuur en dat geen van de PFAS een klasse bepalende parameter is voor de bovengrond.

Afbeelding 3.1 Verdelingen PFOA en PFOS bovengrond (in onderstaande afbeelding is nog de ‘oude’ norm opgenomen, de nieuwe norm per 2 juli 2020 ligt voor PFOA op 1,9 µg/kg d.s en voor PFOS op 1,4 µg/kg d.s)

Ondergrond Net als voor de bovengrond geldt dat er voor de ondergrond geen PFAS verbinding is die met de P-80 waarde de generiek gestelde toepassingsnormen voor de bodemfunctieklasse Landbouw/Natuur overschrijdt. Enkel de stoffen PFOA en PFOS hebben verhoogde P-80 waarde (verhoogd ten opzichte van de detectielimiet). Tabel 3.4 toont de statistische parameters voor alle PFAS verbindingen.

Tabel 3.4 Statistiek PFAS verbindingen ondergrond1,2,3 stof

gem

SD

var.co

min

max

P-50

P-75

P-804

P-90

P-95

PFBA

0,08

0,03

0,40

0,07

0,20

0,07

0,07

0,07

0,10

0,15

PFPeA

0,10

0,18

1,78

0,07

1,10

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFHxA

0,10

0,18

1,78

0,07

1,10

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFHpA

0,08

0,04

0,53

0,07

0,30

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFOA

0,20

0,14

0,67

0,10

0,70

0,20

0,23

0,30

0,30

0,45

PFNA

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFDA

0,07

0,01

0,07

0,07

0,10

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFUnA

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFDoA

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFTDA

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFTeDA

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFHxDA

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFODA

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFBS

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFPeS

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFHxS

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

19 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

stof

gem

SD

var.co

min

max

P-50

P-75

P-804

P-90

P-95

PFHpS

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFOS

0,24

0,27

1,15

0,10

1,30

0,10

0,23

0,30

0,40

0,85

PFDS

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

4:2 FTS

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

6:2 FTS

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

8:2 FTS

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

10:2 FTS

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

N-MeFOSAA

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

N-EtPOSAA

0,07

0,02

0,31

0,07

0,20

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFOSA

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

N-MeFOSA

0,07

0,02

0,31

0,07

0,20

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

8:2 diPAP

0,07

0,00

0,00

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

Toelichting: 1

alle PFAS gehalten in µg/kg ds.

2

de statistische parameters zijn gebaseerd op 32 waarnemingen.

3

data bevat geen uitbijters (geen van de meetpunten is verwijderd).

4

de 80 percentiel waarde wordt doorgaans gehanteerd als kengetal om de gebiedseigen bodemkwaliteit te bepalen in de MRA.

Verdeling PFOA en PFOS Net als voor de bovengrond geldt dat PFOA en PFOS de meest voorkomende PFAS verbindingen in de MRA zijn in de ondergrond. De gehalten liggen daarentegen wel significant lager dan bij de bovengrond. Afbeelding 3.2 toont de verdeling van de data van deze twee stoffen over de ondergrond. Dit geeft een indicatie van de te verwachten verdeling over het beheergebied van de MRA. Het valt op dat beide verdelingen het alle waarden ruim onder de (nieuwe) toepassingsnormen voor Landbouw/Natuur liggen. Hiermee is ook voor de ondergrond aangetoond dat de PFOA en PFOS voldoen aan de klasse Landbouw/Natuur.

Afbeelding 3.2 Verdelingen PFOA en PFOS ondergrond (in onderstaande afbeelding is nog de ‘oude’ norm opgenomen, de nieuwe norm per 2 juli 2020 ligt voor PFOA op 1,9 µg/kg d.s en voor PFOS op 1,4 µg/kg d.s)

3.6.4

Clustering

Een hoge variatiecoëfficiënt is een indicatie van ruimtelijke clustering van data. Opgemerkt dient te worden dat deze parameter meer waarde krijgt naarmate de dataset groter is. Voor PFAS-verbindingen is de ruimtelijke clustering onderzocht vanaf een relatief lage variatiecoëfficiënt: 1,5.

20 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

Voor de bovengrond wordt deze waarde geen enkele keer overschreden, hetgeen erop wijst dat er geen clustering van hoge of lage waarde aanwezig is in de data. De hoogste variatiecoëfficiënten zijn gerelateerd aan de stoffen PFBA (0,65), PFOA (0,51) en PFOS (0,73). Voor de ondergrond is de waarde van 1,5 twee keer overschreden. Het gaat om de PFAS-verbindingen PFPeA (1,78) en PFPxA (1,78). Dit heeft te maken met het feit dat in één meting voor beide stoffen een significant afwijkende waarneming is gedaan, terwijl de overige analyses allemaal geen overschrijding van de detectielimiet tonen. Derhalve kan met zekerheid worden gesteld dat er geen sprake is van clustering van de data met betrekking tot deze twee stoffen. PFOA en PFOS heeft een variatiecoëfficiënt van respectievelijk 0,67 en 1,15, wat eveneens niet duidt op een clustering van de data. Alle overige PFAS-verbindingen hebben een lagere variatiecoëfficiënt.

3.6.5

Spreiding per zone

Op basis van de verspreidingsroutes van PFAS in het milieu is er geen aanleiding om aan te nemen dat stedelijke (wonen) of industriële gebieden een afwijkende diffuse bodemkwaliteit met betrekking tot PFAS verbindingen bevat. Het is de verwachting dat er geen clustering van hogere of lagere PFAS-gehalten voorkomt in de gemeenten buiten de bronlocaties. Om deze verwachting te staven zijn naast de zone AW2000 een aantal meetpunten geplaatst in zones wonen en industrie. Tabel 3.5 toont de gemiddelde waarden per bodemlaag per zone. Hierbij wordt opgemerkt dat de informatie uitsluitend indicatief is bedoeld en verder geen bindende status heeft.

Tabel 3.5 Gemiddelde waarden per zone per bodemlaag1,2,3 Stof

AW2000-BG (n = 19)

W-BG (n = 7)

I-BG (n = 5)

AW2000-OG (n = 20)

W-BG (n = 8)

I-OG (n = 4)

PFBA

0,21

0,09

0,15

0,09

0,07

0,07

PFPeA

0,07

0,10

0,07

0,12

0,07

0,07

PFHxA

0,07

0,07

0,07

0,12

0,07

0,07

PFHpA

0,08

0,07

0,07

0,08

0,07

0,07

PFOA

0,58

0,34

0,49

0,24

0,18

0,10

PFNA

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFDA

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFUnA

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFDoA

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFTDA

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFTeDA

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFHxDA

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFODA

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFBS

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFPeS

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFHxS

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFHpS

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

PFOS

0,55

0,66

0,62

0,26

0,23

0,18

PFDS

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

4:2 FTS

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

6:2 FTS

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

8:2 FTS

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

21 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

Stof

AW2000-BG (n = 19)

W-BG (n = 7)

I-BG (n = 5)

AW2000-OG (n = 20)

W-BG (n = 8)

I-OG (n = 4)

10:2 FTS

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

N-MeFOSAA

0,08

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

N-EtPOSAA

0,07

0,07

0,07

0,08

0,07

0,07

PFOSA

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

N-MeFOSA

0,07

0,07

0,07

0,07

0,09

0,07

8:2 diPAP

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

0,07

Toelichting: 1

alle PFAS gehalten in µg/kg ds;

2

BG = Bovengrond; OG = Ondergrond;

3

W = Wonen; I = Industrie;

Uit tabel 4.3 is af te leiden dat voor de meeste PFAS geen significant verschil bestaat tussen de zones AW2000, Wonen en Industrie. Dit geldt voor zowel de boven- als ondergrond. Voor PFOS blijkt dat het gemiddelde over acht waarnemingen uit de zone Wonen hoger uitvallen dan voor de overige zones. Desondanks ligt de gemiddelde waarde onder de generiek gestelde toepassingsnormen voor Landbouw/Natuur. Hoewel op basis van acht waarnemingen geen harde conclusies kunnen worden getroffen vormt de lichte afwijking geen aanleiding om nader te onderzoeken of stedelijke gebieden in de zone Wonen daadwerkelijk een hoger gehalte aan PFOS bevatten. Voor het vaststellen van de gebiedseigen bodemkwaliteit volstaat het om de PFAS analyses over de verschillende zones samen te voegen en zo één deelgebied te hanteren voor PFAS verbindingen.

3.7

Stap 8 - Bodemkwaliteitskaart

De bestaande bodemkwaliteitskaart van de MRA is aangevuld met het 30-PFAS pakket (zie bijlage VI). De aanvulling heeft betrekking op zowel de ontgravingskaart als de toepassingskaart, welke beide zijn onderverdeeld in boven- en ondergrond. De ontgravingskaart toont de te verwachte kwaliteit binnen het beheergebied en kan onder voorwaarde worden gebruikt als bewijsmiddel voor grondverzet. De kaart mag alleen worden gebruikt in gebieden die niet verdacht zijn op de een bodemverontreiniging. De ontgravingskwaliteit in de MRA is gebaseerd op de 80 percentiel waarde (P-80) en is getoetst aan de generieke toepassingsnormen uit het Tijdelijk handelingskader PFAS, zoals opgesteld door het Ministerie van IenW [ref. 7]. Tabel 3.6 vat het generieke toetsingskader voor grond samen.

Tabel 3.6 Generiek toetsingskader PFAS voor grond in µg/kg ds in standaard bodem

landbouw/natuur 1 wonen

1

industrie

1

onder grondwaterniveau in grondwaterbeschermingsgebied 2 ad-hoc Interventiewaarde in grond

3 3

ad-hoc Interventiewaarde in grondwater (in µg/L)

PFOS

PFOA

GenX

overige PFAS

1,4

1,9

1,4

1,4

3

7

3

3

3

7

3

3

1,4

1,9

1,4

1,4

0,1

0,1

0,1

0,1

110

1.100

100

-

0,2

0,39

0,66

-

Toelichting: 1

Toepassingsnormen voor het toepassen van grond en baggerspecie boven grondwaterniveau, afhankelijk van de bodemfunctieklasse [ref. 1].

22 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

2

Toepassingsnormen voor het toepassen van grond en baggerspecie onder grondwaterniveau [ref. 1].

3

Afgeleide risicogrenswaarden voor PFOS, PFOA en GenX op interventiewaardeniveau [ref. 5] Deze waarde komen overeen met de indicatieve niveaus voor ernstige verontreiniging (INEV’s), zoals afgeleid door het RIVM [ref. 6].

Op basis van uitgevoerd (aanvullend) onderzoek is vastgesteld dat de P-80 waarde bij geen van de onderzochte PFAS-verbindingen een overschrijding toont van de generiek gestelde toepassingsnormen uit het Tijdelijk handelingskader [ref. 7]. Dit geldt voor zowel de boven- als ondergrond. Aangaande PFAS is derhalve geconcludeerd dat de gebiedseigen bodemkwaliteit in de klasse Landbouw/Natuur valt (overeenkomstig met Achtergrondwaarde (AW2000)). Hierdoor is PFAS geen klassebepalende parameter voor het grootste deel van het beheergebied. Voor grondwaterbeschermingsgebieden gelden echter wel strengere normen. Dit is onderstaande paragraaf toegelicht. Hoewel de boven- en ondergrond beide in deze klasse zijn ingedeeld (op basis van P-80 waarde), is er wel een onderscheid te maken tussen beide bodemlagen. De bovengrond (0 - 0,5 m-mv) heeft hogere gehalten aan PFAS (met name PFOA en PFOS) dan de ondergrond (0,5 - 2,0 m-mv). Dit houdt verband met de dominante wijze van verspreiding van PFAS (atmosferische depositie). De data toont geen clustering van hoge of lage waarden, waardoor het verantwoord is om het gehele beheergebied van de MRA - op het grondwaterbeschermingsgebied Arnhem-Lingewaard na - als één zone te beschouwen ten aanzien van PFAS.

Grondwaterbeschermingsgebied Het aanvullend onderzoek heeft aangetoond dat PFBA (alleen bovengrond), PFOA en PFOS op basis van de P-80 een achtergrondwaarde hebben die de generieke norm voor toepassing in een grondwaterbeschermingsgebied (0,1 µg/kg ds) overschrijden. In Gelderland is op provinciaal niveau afgesproken dat in grondwaterbeschermingsgebieden grond met een PFAS gehalte van 0,5 µg/kg ds mag worden toegepast. Er vindt momenteel nog afstemming plaats tussen de provincie Gelderland en de regio MRA over de exacte invulling van de toepassingseisen in grondwaterbeschermingsgebieden.

23 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

4 SAMENVATTING Met voorliggende rapportage is invulling gegeven aan de actualisatie van de bestaande bodemkwaliteitskaart met verschillende PFAS-verbindingen uit het 30 PFAS pakket. Het geeft een goed beeld van de gebiedseigen bodemkwaliteit en vormt derhalve - samen met de overige stoffen - de basis voor grondverzet binnen de MRA. Bodemkwaliteit Op basis van de aanvullende PFAS data is bepaald dat de achtergrondwaarden van de verschillende PFASverbindingen voor zowel de boven- als ondergrond gelegen is beneden de landelijke gestelde toepassingsnormen voor Landbouw/Natuur [ref. 7]. Op basis van de data-analyse is er geen aanleiding voor een nadere onderverdeling in verschillende zones. Consequenties grondverzet Op basis van onderhavig onderzoek is bepaald dat PFAS geen klassebepalende parameter betreft in het kader van grondverzet. Voor de toepassing van grond hoeft voor PFAS - behoudens niet gezoneerde zones, grondwaterbeschermingsgebieden, verdachte deellocaties en buitendijkse gronden - geen partijkeuring plaats te vinden voor grond afkomstig uit de MRA. De functieklasse is hiermee leidend gesteld als toepassingseis. Er vindt momenteel nog nadere afstemming plaats tussen de provincie Gelderland en de regio MRA over de exacte toepassingseisen en eventueel benodigd onderzoek bij toepassing van grond in grondwaterbeschermingsgebieden.

Bestuurlijke vaststelling Iedere gemeente is afzonderlijk verantwoordelijk voor de bestuurlijke vaststelling van de geactualiseerde bodemkwaliteitskaart. Hiervoor is de procedure uit de Algemene wet Bestuursrecht, Afdeling 3.4 (artikel 3.10) van toepassing. In het kader van de gewenste versnelling van de totstandkomingsprocedure voor het vaststellen van gebiedsspecifiek beleid voor PFAS houdende grond zijn de volgende afwijkingen van toepassing ten opzichte van de reguliere procedure: - gebiedsspecifiek beleid dat betrekking heeft op PFAS kan ook worden vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders in plaats van de gemeenteraad; - de openbare voorbereidingsprocedure uit de Algemene wet bestuursrecht, Afdeling 3.4 (Art. 3:10), is niet van toepassing. Hierbij dient te worden opgemerkt dat de versnellingsprocedure geldig is tot 1 januari 2021. Omgang met uitbijter in Duiven In één bovengrondmonster in Duiven is een gehalte aan PFOS waargenomen die de toepassingsnormen voor Wonen/Industrie ruim overschrijden. Naast PFOS zijn ook andere PFAS verhoogd gemeten. De betreffende waarneming is als uitbijter aangewezen en is verder niet opgenomen in de dataset t.b.v. het bepalen van de achtergrondwaarde in de MRA. Op het moment van rapportage zijn nog geen interventiewaarden voor PFAS vastgesteld.

Wel zijn door het Expertisecentrum PFAS ad-hoc Interventiewaarden voor PFOA, PFOS en GenX afgeleid [ref. 5]. Deze ad-hoc Interventiewaarden hebben geen formele status, maar hiermee geeft het Expertisecentrum een indicatie van de te verwachten formele waarden. De waarden zijn middels de gebruikelijke systematiek (NOBO 2008) afgeleid en gebaseerd op de meest recent afgeleide risicogrenswaarden.

24 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

Het RIVM is later bij het bepalen van de indicatieve niveaus voor ernstige verontreiniging (INEV’s) [ref. 6] conform dezelfde methodiek - op dezelfde waarden uitgekomen. De waarden zijn weergegeven in tabel 3.7. De uitbijter in Duiven bevat een gehalte aan PFOS van 26 µg/kg ds. Dit gehalte ligt ruim beneden de ad-hoc interventiewaarden of INEV voor de betreffende stof (110 µg/kg ds). Derhalve is er naar verwachting geen directe bedreiging voor mens en milieu. De oorzaak voor de uitbijter is op basis van de huidige informatie niet te achterhalen. Aanvullend onderzoek met strategische gekozen meetpunten kan informatie bieden aangaande de omvang en ernst van de PFOS verontreiniging ter plaatse. Hier wordt een separaat voorstel voor gedaan.

25 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

5 REFERENTIES 1 2 3 4

5 6 7

Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie (Geactualiseerde versie 2 juli 2020), Ministerie van Infrastructuur en Milieu, 2 juli 2020. Ketenanalyse impregneermiddelen, RIVM briefrapport met kenmerk 300003002/2013, d.d. 2013. Nader onderzoek PFAS verontreiniging Zuidergasfabriek, te Amsterdam; kenmerk: ASD1620-1/17011.704, d.d. 18 augustus 2017. Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie, Ministerie van Infrastructuur en Milieu, 8 juli 2019: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2019/07/08/tijdelijk-handelingskader-voorhergebruik-van-pfas-houdende-grond-en-baggerspecie. Expertisecentrum PFAS, Notitie interventiewaarden PFOS, PFOA, GenX, versie 1, 17 oktober 2019. Toelichting op Indicatieve Niveaus voor Ernstige Verontreiniging (INEV) PFAS voor grond en grondwater, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, 20200302v10, d.d. 5 maart 2020. Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie (Geactualiseerde versie), Ministerie van Infrastructuur en Milieu, 2 juli 2020.

26 | 26

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Definitief 02

Bijlage(n)

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Bijlage I | Definitief 02

I BIJLAGE: OVERZICHT PFAS KLASSEN

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Bijlage I | Definitief 02

II BIJLAGE: POTENTIËLE BRONLOCATIES

Witteveen+Bos | 117471/20-014.477 | Bijlage II | Definitief 02

´

! !

!

! !

!

!

! !

!

!

!

! !

!

! !!

! ! ! !! !! ! !

!

! ! ! ! !! ! ! !!

! ! !

! !!! ! ! ! !! ! ! !! ! !!

!

!

! ! !!! !! !! ! ! ! !!! ! !! !! ! ! ! ! !! !! !! !! ! !! ! ! !! !! ! ! ! ! ! !

! !

!

! !! !

! ! ! !! ! ! ! ! ! ! ! !

!

!

! ! !

!

!!

!

! ! !! !

!

! ! ! ! !!! ! ! !! ! !

!

! !

!! ! !

! !

!

!

!

!

! !!

!

! !! !

! !

! !

! !

!

! !

! ! !! !

! ! ! !!

!

!! !! !

! !

! ! ! !! ! ! !

! ! !

!

!

! ! !

!

! !

! !

!

! !

! !

!!

!

!

! ! ! ! !

!

!

! ! ! ! ! ! ! ! !!! ! ! !!! !! !! ! !! ! ! !

! ! ! ! !! !! !

! !! ! ! ! !! !! ! ! !

!

!

! !

!!! !

!

! ! ! ! !

!

!! ! ! !! !!

!

!

! !

! !

!

!

!

!

!

!

!

!

! !

! ! ! ! ! ! !!

! ! !

!

!

!!!

! ! ! ! !

!

!

! !

! !

!

! ! ! ! ! ! ! ! ! !

!

! ! !

!

!

!

!

!

!

!

!

!

!

! !

!

!!

!

! ! ! !!!! ! ! ! !! ! !!!!!! ! ! ! ! ! !! ! ! ! ! ! !!!! !! ! ! ! !!! ! ! ! !! !! ! ! ! ! ! ! !! ! ! !! ! !! ! ! !! ! ! ! ! !! ! ! ! ! ! ! ! !

!

!

!

!

!

!

!

!

!

!

!

!

!!

!

! !

! !

!

!

!

!

! !! ! !

!

!

!

! !

! ! !! !

!

!

!! !!

! !

!

!

! !

! !

!

!

! ! ! !!! ! ! ! ! !! ! ! ! !!! ! ! ! ! ! ! !! ! ! ! ! ! ! ! ! !! !! ! ! !!! ! !! ! !!! ! ! ! ! ! ! !! !! ! ! ! !!! ! ! ! ! !!! ! ! ! !! ! !! ! !!!!! !! ! !!!! ! !! ! ! ! ! ! ! !! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! !! ! !! !!! ! ! ! ! !! ! ! !! ! ! ! ! ! ! ! !! !!!! ! !!! ! !! ! ! ! ! !! ! ! ! ! !! ! ! !! ! ! ! ! !! ! ! !! !! ! ! !! ! ! ! !! ! ! ! ! ! ! ! ! ! !!!! ! !! ! ! ! ! !

!

!!

!!

!

!

! ! ! !

!

! !! ! ! ! ! ! ! ! ! !

! !

! ! !

!

!

! !

!!

!

!

! !

! ! !!

!! !! !

!

!

! !

! ! !!

!

!

! ! Esri Nederland, Community Map Contributors

!

Potentiele bronlocaties PFAS

Functieklasse Industrie Wonen

Landbouw / natuur Landbouw / industrie

getekend: ing. C.Y. Vredevoort

gecontroleerd: dr. D.S. Rits

goedgekeurd: C. Koot MSc versie: concept 1 datum: 10-06-2020 tekeningnr: 0

Witteveen+Bos

Buitendijks gebied / water gemeentegrenzen milieu regio Arnhem

E:\PROJECTS\117471_PFAS_Gelderland\117471_PFAS_Gelderland_Bodemfunctieklassenkaart.mxd 10-6-2020 14:34:51

0

schaal: 1:55000 1

2

Ligging potentiele bronlocaties PFAS opdrachtgever: Gemeente Arnhem

PFAS aanvulling Bkk MRA projectcode: 117471

projectnaam:

formaat: A1 liggend

Overig

PFAS aanvulling Bkk MRA

3 km

´

X!

!

! !

! X

!

! !

!!

! !!

! !

! !! !

! !!

!!

!!! ! !!!!! !! !

!

! !

! ! ! !

! ! !! ! ! ! ! ! !!! ! ! ! !!! ! !! ! ! !! ! ! !! !! !!! ! ! ! !! ! ! ! !! ! !! !! !! !!!! ! !! ! ! !! ! ! !!!! !! ! !! ! !! ! ! ! ! ! ! ! ! !! ! !! !! ! !! !!! !!! ! !! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! !!! ! ! ! !!! !! !!! !! ! !! ! ! ! ! ! !!!! ! ! ! !! !! !!!! !! !! ! !! !!! ! ! ! ! ! !! !X !! ! ! !! ! !! ! ! ! ! ! !! !! !! !!! !! !! ! ! ! !! ! ! !!

!

!!

!

! !

! !

! !! ! !! !!

! !!

! !!!! ! !

! ! !!!! ! ! ! ! ! !! !! !

! !!

!

! !

! ! ! !!! ! ! !! ! ! ! ! !! !

! !

! !! X

!

! !

!

!

!

!!

! X

!!

! ! ! ! ! !

Esri Nederland, Community Map Contributors

Witteveen+Bos

Categoriën

!

galvano-industrie

!

(geimpregneerd) textiel

!

lederwaren

!

afvalverwerkende industrie / stort

!

papier verwerkende industrie

!

brandbestrijding

!

verchromen

!

chemie

!

verfindustrie

!

coating boten

!

overige

!

coating metalen

X

brandweerkazerne

!

defensie

X

vliegveld

E:\PROJECTS\117471_PFAS_Gelderland\117471_PFAS_Gelderland_200610.mxd 10-6-2020 13:29:18

getekend: ing. C.Y. Vredevoort

gecontroleerd: dr. D.S. Rits

goedgekeurd: C. Koot MSc versie: concept 1 datum: 10-06-2020 tekeningnr: 0 formaat: A1 liggend schaal: 1:35000

0 250 500 750 m

PFAS aanvulling Bkk MRA

Potentiele bronlocaties PFAS Gemeente Arnhem opdrachtgever: Gemeente Arnhem

PFAS aanvulling Bkk MRA projectcode: 117471

projectnaam:

´

!

! ! !

! !

!

!

!

! ! !! !

! !

! !

!

! ! !

! !

! ! ! !

!

!

Esri Nederland, Community Map Contributors

Witteveen+Bos

Categorieën !

(geimpregneerd) textiel

!

afvalverwerkende industrie / stort

!

brandbestrijding

!

chemie

!

coating boten

!

coating metalen

!

lederwaren

E:\PROJECTS\117471_PFAS_Gelderland\117471_PFAS_Gelderland.mxd 31-3-2020 16:22:22

!

verfindustrie

getekend: ing. C.Y. Vredevoort

gecontroleerd: dr. D.S. Rits

goedgekeurd: C. Koot MSc versie: concept 1 datum: 31-03-2020 tekeningnr: 0

0

200

400

Potentiele bronlocaties PFAS Gemeente Doesburg opdrachtgever: Gemeente Arnhem

PFAS aanvulling Bkk MRA projectcode: 117471

projectnaam:

formaat: A1 liggend schaal: 1:11000

PFAS aanvulling Bkk MRA

600 m

´

!

! !

!

! ! !

!

! !

!

! ! !

!

! !

!

! !

!

!

!

! !! !

!

! !

! ! !

!

!

! !

! !

!

!

!

!

! ! ! !

!

! !

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.renkum.nl/api/v1/meetings/1648/documents/18140