Strategische raadsagenda Raalte versie oktober 2023
Tekst van het document
STRATEGISCHE RAADSAGENDA RAALTE Datum
9 oktober 2023
Onderwerp
Strategische raadsagenda - toelichting
Inleiding De raad werkt aan een strategische raadsagenda om vorm te geven aan hun kaderstellende rol. In 2 bijeenkomsten, op 6 april en op 1 juni, heeft de raad besproken wat een strategische raadsagenda is, het doel ervan en zijn er afspraken gemaakt over de werkwijze. In de bijeenkomst op 6 juni hebben fracties een onderwerp ingebracht voor de strategische raadsagenda en in een pitch toegelicht. In totaal zijn er 5 onderwerpen ingebracht. In een gezamenlijk overleg op 4 juli zijn de onderwerpen in een ambtelijk overleg besproken en aangegeven waar meer aanscherping nodig was van de raad(sfracties). In het zomerreces hebben de beleidsmedewerkers elk voor hun eigen onderwerp een reactie opgesteld. Dat is, op verzoek van de agendacommissie, gebundeld en begin september naar de fracties gestuurd. Fracties hebben deze feedback gebruikt om de door hen ingebrachte onderwerpen aan te scherpen.
Wat is de strategische raadsagenda Raalte? Wat is het doel ervan? Gedurende de afgelopen maanden heeft de raad invulling gegeven aan wat een strategische raadsagenda is, het doel en de werkwijze. Hieronder is dat samengevat.
Focus & prioriteren - Strategische onderwerpen - Kaderstellende rol aan de voorkant Een strategische raadsagenda: • Verbetert ons bestuurlijk samenspel door want helpt ons als raad bij het prioriteren van grote opgaven: groot Prioriteren van opgaven klein • Biedt mogelijkheden om de verbinding met de samenleving te verbeteren door de samenleving te betrekken bij onderwerpen. • Verbetert onze positie als raad door aan de voorkant te bepalen. Een sterke raad doet ertoe. • Geeft de raad meer invloed door bepalen van proces. • Is niet alleen een tool om het proces te bewaken, maar gaat ons ook helpen om als raad nader tot elkaar te komen. • Kan helpen om de werkdruk voor ons als raad te verminderen, doordat we minder ad hoc werken en beter inplannen. • Gaan we lerende weg ontwikkelen en is dynamisch en niet statisch.
Onderwerpen selecteren Als raad bepalen we wat we belangrijk vinden, dus kiezen we zelf onderwerpen. De onderwerpen plannen we in in deze raadsperiode plus voegen we een processchema toe hoe in de beschikbare tijd het onderwerp voor te bereiden. Hebben we een groot onderwerp over twee jaar? Dan kan de raad in die tijd de samenleving in en de organisatie bijvoorbeeld onderzoeken doen. • Onderwerpen duiden plannen opdracht (ook voor de raad zelf). Iedere fractie (duurzaamheidscoalitie als één fractie) draagt één onderwerp aan. Precies 5 onderwerpen uit, mooie verdeling van de taart qua onderwerpen in relatie tot de huidige verhoudingen:
• • •
Coalitiepartijen kunnen 3 onderwerpen aandragen, oppositie 2. Iedere fractie kan een onderwerp op de agenda zetten die die zelf belangrijk vindt, daardoor een eigen geluid kan laten horen richting de eigen achterban. De raadsagenda krijgt daarmee echt een smoel van wat de partijen willen, i.p.v. een consensusstuk waar iedereen zich voor een gedeelte in kan vinden, maar niemand veel energie van krijgt. Scheelt ook veel afstemming.
Aandachtspunten Samenhang Lange termijn agenda (LTA): LTA werkt in de praktijk onvoldoende voor prioritering en werkdruk. LTA komt om in uitvoeringszaken, praktische dingen, brengt alle onderwerpen in beeld. Raadsagenda is bedoeld voor de grotere, strategische onderwerpen, helpt voor prioritering en timing en daarmee zorgt het voor meer invloed van raad én samenleving. Focus op inhoud & ook op proces (extern met samenleving, intern met college en organisatie) verbinding samenleving Nader tot elkaar komen werkdruk verminderen (minder ad hoc, meer inplannen op lange termijn) Een strategische raadsagenda is dynamisch. Het proces van een strategische raadsagenda is een lerende weg.
Werkwijze/ afspraken proces De raad heeft tot dusver afgesproken om de volgende werkwijze voor een onderwerp op de strategische raadsagenda toe te passen: • Bepalen en afbakenen van het onderwerp met daarbij op welk moment de raad hierover met elkaar inhoudelijk in discussie gaat: In de agendacommissie is de volgende planning afgesproken: RdT 5 oktober bespreken welk onderwerp als eerste aan bod komt en op welke termijn het wordt geagendeerd en dit in de raad van 19 oktober vaststellen; • Ongeveer 7 tot 8 maanden vooraf aan de inhoudelijke behandeling een startmoment inplannen met de vraag hoe de raad het proces tot aan de inhoudelijke discussie voor zich ziet. De raad heeft dan tijd om zich te verdiepen, de ambtelijke organisatie kan informatie verzamelen of metingen doen, of enquête uitzetten, etc.; • Afhankelijk van het onderwerp, kunnen de inwoners hun standpunten duidelijk maken. Ook kan de raad kan een expert raadplegen in een Rond de Tafel, een werkbezoek organiseren, etc.; • Besluitvorming als normaal in de raad. De voordelen van deze wijze is dat zowel wij als raad maar ook de hele organisatie weet wanneer er zo’n onderwerp aan komt. Dit geeft rust, want beter te plannen. Ook wanneer er op een onderwerp eerder vragen oid komen, kun je verwijzen naar deze planning.
Als we dit goed doen en het pakt naar verwachting uit, zou je dit een paar raadsperiodes kunnen volhouden waarmee je dus een heel aantal onderwerpen echt grondig aan pakt. Dit hoeft geen extra druk te leggen op de organisatie omdat het onderwerpen zijn die anders ook een keer aan de orde komen, maar dan meer omdat er een aanleiding voor is. Dan is het soms ad-hoc en onder tijdsdruk, wat ten koste kan gaan van de grondigheid/zorgvuldigheid.
Voorbeeld met fictieve data en methodes • • • • •
Datum prikken, wanneer willen we hierover beslissen? <raadsvergadering van april 2024> Doel van beslissing? <Beter aansluiten van het beleid op de praktijk> Wanneer start moment? <september 2023 met RdT> Ambtelijk wordt voorbereid hoe het huidige beleid is en waar men ambtelijk tegen aanloopt. Ambtelijk wordt aangegeven welke partijen belanghebbend zijn.
2
•
• • •
Tijdens de RdT bepalen we als raad hoe we de komende maanden het traject voor ons zien, zoals een bijeenkomt voor verenigingen plannen, enquête uitzetten, andere gemeentes raadplegen voor succesvol beleid…. Periode tussen startmoment en besluit kunnen raadsleden informatie inwinnen en kan de organisatie de informatie boven water halen. Raadsvoorstel opstellen. Rond februari/maart een RdT plannen waarin wordt besproken waar het uiteindelijke raadsvoorstel aan moet voldoen, college gaat hiermee aan de slag en legt het in april voor.
De Strategische raadsagenda De strategische raadsagenda bevat 5 onderwerpen, op hoofdlijnen, met aandacht voor inhoudelijke afbakening van het onderwerp, ontwikkelingen in de nabije toekomst en de rol van de raad:
a. b. c. d. e.
Eenvoudig geregeld Werkagenda voor klimaat- en biodiversiteitsdoelen Toekomstbestendig vrijwilligersbeleid Leefbaarheid in alle kernen – dorpsambitieplannen Doelmatigheid onderzoek in deel van sociaal domein (door extern bureau)
Toelichting per onderwerp a.
Eenvoudig geregeld – lef hebben om te vertrouwen (ingebracht door BurgerBelangen)
We zouden graag eens ontdekken wat er makkelijker kan. Al het nieuwe beleid, en ontwikkelingen die op de gemeente afkomen, zorgen ervoor dat ambtenaren het druk hebben. En dan specifiek de dingen ontdekken die het ook voor inwoners ‘minder stroperig’ maken. Onze fractie is heel benieuwd of we niet juist in het nieuwe, maar in ‘het bestaande’ nog wat kunnen winnen. Bijvoorbeeld door regels te schrappen, en bijvoorbeeld achteraf op basis van steekproef te controleren. Of door te kijken of er wellicht niet wat veel subsidies en regelingen zijn, waarvan het één en ander kan worden samengevoegd (en daarmee makkelijker gemaakt voor inwoners, ondernemers en verenigingen). Ons doel van dit onderwerp op de raadsagenda is te starten met een onderzoek, om in kaart te brengen óf en hoe er dit soort punten kan worden gewonnen. Bijvoorbeeld door een onderzoek onder de medewerkers van de gemeente: zij weten immers zelf vast goed wat zij vanwege beleid moeten doen, wat tijd kost (en misschien frustraties bij hen of inwoners) maar wat ook anders zou kunnen als wij als raad anders zouden besluiten. Dat kunnen we combineren met inventarisatie onder inwoners: waar lopen zij tegenaan, en wat zou volgens hen eenvoudiger kunnen? Voorbeelden die tijdens de pitch voor de raadsagenda zijn genoemd volgen hieronder.
Dit zijn slechts denkrichtingen ter illustratie van wat we bedoelen - los van de details of dat het ook punten zijn die anders kunnen of moeten. Puur illustratief dus: • Versimpeling subsidies: voorbeeld – sport: Voor sport zijn er de volgende subsidies (o.a.). Misschien kan hier wel wat in versimpeld worden. Niet omdat twee subsidies hetzelfde zijn, maar door integraal naar al deze subsidies te kijken kan er misschien wel naar één à twee regelingen worden gewerkt. Daarmee maken we het misschien ook makkelijker voor buurtsportcoaches, om zicht te houden op wat er allemaal mogelijk is. - Subsidie jeugdsportactiviteiten - Schoolsportsubsidie - Subsidie sportstimulering - Subsidie deskundigheidsbevordering Sport - Raalte sportief & gezond! - Meedoen 18+ - Er wordt onderzocht wat mogelijkheden voor OZB-vrijstelling er zijn. • Belastingen: Kijk naar belastingen die heel weinig opbrengen. Het administreren ervan kost wel geld en capaciteit. Wellicht dat sommigen gedateerd zijn en geschrapt kunnen worden. Voorbeeld: de baatbelasting. Dat is een belasting waar in de gehele gemeente Raalte 194 euro mee wordt binnengehaald. 3
•
Digitalisering: Kijk of er meer processen digitaal kunnen plaatsvinden. Bijvoorbeeld: aangifte van geboorte kan in Zwolle digitaal, maar in Raalte moet je ervoor naar het gemeentehuis. Misschien zijn er nog wel meer projecten waarbij de mogelijkheid wordt geboden het digitaal te doen voor hen die dat willen, waarbij de optie om het fysiek te regelen moet blijven bestaan voor hen die het niet willen of kunnen. WIllekeurig voorbeeld (niet 100% gerelateerd, maar gaat wel over ‘versimpelen): Raalte doet mee met het NK Tegelwippen. Daarnaast is er een Tegelophaalservice. En is Raalte ook partner van de Stichting Steenbreek. En vanuit de duurzaamheidssubsidie kun je ook nog een subsidie aanvragen wanneer je stenen uit je tuin haalt om te ‘vergroenen’. Misschien is het wat véél, en kan één actie om tegels in de tuin te verminderen ook volstaan. Dat kan ruimte scheppen bij de ambtenaren die zich met al deze initiatieven bezig (moeten) houden.
Ambtelijke reactie: Wij zijn blij met uw voornemen om een actieve rol te pakken bij de uitdaging om stroperigheid in de gemeente Raalte te verminderen. Uit uw pitch maken wij op dat het verminderen van stroperigheid kan bijdragen aan efficiënter werken door medewerkers van de gemeente Raalte. U wil graag met een onderzoek verkennen tegen welke frustraties medewerkers aanlopen en op welke terreinen zij mogelijkheden voor efficiency zien. Met de opbrengsten van het onderzoek hoopt u eraan bij te dragen dat we op een slimmere manier ons werk doen in Raalte en dat inwoners minder stroperigheid ervaren. Vanuit operationeel oogpunt zien wij hierin de nodige raakvlakken met het programma Dienstverlening en kansen om hierbij aan te haken. Bijvoorbeeld op gebied van digitalisering en subsidieverlening. De looptijd van het programma Dienstverlening is tot en met 2027, maar enkele onderdelen worden nu al geïmplementeerd. We willen u aanmoedigen om te verkennen wat we kunnen winnen in het bestaande. Dat is ook leidend in het programma Dienstverlening. We willen u aanmoedigen om de opzet van uw onderzoek goed uit te denken en daarbij heldere kaders te stellen. Daarnaast raden wij u aan om u op creatieve manieren te laten inspireren, denk aan gastlezingen, werkbezoeken, kijken bij andere gemeenten. Informatie ophalen kost tijd, maar veel nieuwe inzichten opleveren.
b. Werkagenda voor klimaat- en biodiversiteitsdoelen (ingebracht door GroenLinks, D66, PvdA) Er is een grote landelijke opgave om in 2030 en 2050 klimaat- en biodiversiteitsdoelen te halen. Ook de gemeente Raalte wil en kan een bijdrage leveren aan deze doelen. Een werkplanning voor 2024 - 2027 maakt inzichtelijk hoe we in Raalte deze landelijke opgaven op gemeenteniveau gaan invullen. Hoever zijn we in Raalte, waar gaan we naar toe, wat zijn de prioriteiten? We maken hier in Raalte beleid op door een strategische werkagenda/ planning te maken die tot doel heeft de landelijke klimaat- en biodiversiteitsdoelen van 2030 en 2050 te halen. In de planning staat welke stappen/ beleid we maken naar 2030 toe om die doelen te halen, en hetzelfde geldt voor naar 2050 toe. Om mensen mee te krijgen, moeten we ruim op tijd beginnen en niet een jaar van tevoren ofzo nog bedenken dat we een jaar later de doelen gehaald moeten hebben. Door ruim op tijd te beginnen met beleid voor te bereiden om doelen te halen, kun je dat ook samen met inwoners oppakken. Voorbeeld: afkoppelen regenwater oppakken: hoe ziet dan de planning eruit om dat doel gerealiseerd te hebben? Daar kan je dan een agenda aan hangen. Een planning geeft ook meer overzicht door het scheiden van grote opgaven naast laaghangend fruit. Ook kun je kleine stapjes definiëren die haalbaar zijn.
Een Raalter duurzaamheidsagenda, waarbij je aan de voorkant zit, biedt ook kansen voor regionale samenwerking.
Ambtelijke reactie: Het behalen de gemeentelijke ambities rondom klimaatadaptatie doen wij aan de hand van de Nota Klimaatadaptatie 2022-2025 en het GRP 2021-2030. Hierbij werken we nauw samen met andere gemeenten, waterschap en provincie (werkregio RIVUS). Overeenkomstig de afspraken in het Deltaprogramma is het streven dat de huidige en verwachte knelpunten in 2050 zijn opgelost. Binnen het gemeentelijk beleid en o.a. het meerjareninvesteringsprogramma worden nu met name de aanpak van knelpunten vanuit water geborgd. Vooral voor het omgaan met hitte en vergroenen zijn nu duidelijke strategische 4
doelen en kaders nodig. Het nu op te stellen beleid rondom biodiversiteit zal hier een eerste stap in zijn. De operationele uitvoering in relatie tot een werkagenda ligt daarna bij het college en de ambtelijke organisatie. Het ontwikkelen van nieuw beleid biodiversiteit is gestart, hiervoor worden we begeleid door een deskundig bureau. Naar verwachting kan de raad begin 2024 worden aangehaakt. Naast het ontwikkelen van beleid zal een uitvoeringsprogramma voor de korte en lange termijn worden voorgesteld (een soort werkagenda). Wij zien kansen om uw raad in de toekomst nauwer aan te haken bij ontwikkelingen en tussentijdse voortgang van klimaatadaptatie binnen de gemeente. Kan uw raad verder toelichten wat u onder een werkagenda verstaat en wat de raad met deze agenda wil bereiken, ook in relatie tot de bovengenoemde bestaande initiatieven?
c.
Toekomstbestendig Vrijwilligersbeleid (ingebracht door fractie CDA)
Met name deze zinnen verwoorden hetgeen wij wensen:
Ons doel is een toekomstbestendig vrijwilligersbeleid te realiseren. We realiseren ook dat maatwerk aan de orde kan zijn en de behoefte per organisatie en kern kan verschillen. Voorbeelden waar we aan denken is helpen bij het vormen van omni-verenigingen en/of op andere manieren kennis en krachten bundelen. Ook willen we inzoomen op generaties vrijwilligers. Want ook daar zitten verschillen. Kortom: we willen een beleid waarmee we onze samenleving kunnen bedienen en faciliteren. Wij zijn heel blij met het onderzoek naar de inzet en het versterken van de inzet van vrijwilligers. Deze komt ook uit de motie welke wij geïnitieerd hebben voor de begroting 2023. Dit onderzoek komt voort uit het signaal dat verenigingen in sport en cultuur het lastig hebben doordat het aantal vrijwilligers terugloopt, lastig nieuw te vinden is of op een veel maar afgebakende manier vrijwilligers werk wil doen. De gemeente heeft daartoe een goed onderzoek gedaan en acties benoemd en uitgezet. Dat waarderen wij enorm. Met verdieping bedoelen wij niet nog verder onderzoek of het oplossen van het tekort aan vrijwilligers. Wij wensen dat er een visie en beleid komt voor vrijwilligerswerk voor de gemeente Raalte.
Een visie van de gemeente waarin ze kijkt naar huidige ontwikkelingen en trends in het verenigings- en vrijwilligersleven en waarin ze vooruitkijkt hoe organisaties hun strategie kunnen gaan opmaken. Een beleid waarmee de verenigingen een stuk hebben dat hen handvatten biedt, dat hen handvatten geeft voor hun strategie en plan over hoe te besturen en samen te werken, welke wetten en regels gelden en waar ze deze kunnen vinden, hoe zij met verschillende generaties kunnen werken. Een beleid dat vrijwilligers handvatten geeft hun vrijwilligerswerk goed te doen. Een beleid dat integraal en toekomstbestendig is. Vrijwilligers doen hun werk uit liefde en passie voor de vereniging en de gemeenschap. Wat is er mooier dan dat de gemeente die kan waarderen en faciliteren. Onderstaande link verwijst naar een pagina van Movisie. Deze verwoordt precies wat wij bedoelen met een toekomstig (en integraal) vrijwilligersbeleid en welke rol de gemeente daarin kan pakken: https://www.movisie.nl/artikel/hoe-werken-vooruitstrevende-gemeenten-aan-vrijwilligerswerkbeleid
5
Ook deze pagina van de VNG geeft aan dat de gemeente een rol op zich kan nemen in het bieden van een vrijwilligersbeleid: https://vng.nl/nieuws/vrijwilligerswerkbeleid-leeft-maar-wat-kan-er-beter Dit zijn twee voorbeelden van gemeenten die een vrijwilligersbeleid bieden: https://denhaag.raadsinformatie.nl/document/9760068/1/RIS307795_Bijlage https://www.rijssen-holten.nl/vrijwilligersbeleid/ Onderstaand zijn de aanbevelingen en het vervolg op het onderzoek Behoud en Versterking vrijwilligers dd. 29 juni 2023 opgenomen. Wij hebben aangegeven waar wat ons betreft de prioriteiten liggen als het gaat om het maken van het toekomstbestendig en integraal vrijwilligersbeleid (in geel gearceerd). Aanbevelingen en vervolgonderzoek Behoud en Versterking Vrijwilligers juni 2023 • De resultaten van deze verkenning worden als aan te pakken verbeterpunten opgenomen in de opgave leefbare en toekomstbestendige dorpen en wijken. is ook onderwerp voor de raadsagenda. Deze daarin meenemen • Het kan helpend zijn voor de maatschappelijke organisaties om meer vrijwilligerswerk aan te bieden die voldoet aan de behoefte van de jonge vrijwilligers. Daarnaast kan het helpen als er wordt onderzocht waar de mismatch tussen vraag en aanbod vandaan komt.
actie vanuit het onderzoek 2023 agenderen • De gemeente gaat uitzoeken met maatschappelijke organisaties wat de mogelijkheden zijn om aan te sluiten bij het programma MDT (maatschappelijke diensttijd). Op deze manier kunnen jongeren tussen de 12-30 jaar kennis maken met vrijwilligerswerk. Het doel is om jongeren voor langere tijd te verbinden aan een maatschappelijke organisatie actie vanuit het onderzoek 2023 agenderen • Het zou goed zijn als de maatschappelijke organisaties nadenken en openstaan voor andere organisatievormen. Dit kunnen bijvoorbeeld kleinere besturen zijn, met daarom heen meerdere werkgroepen. De gemeente kan in dit proces een faciliterende rol hebben. • Maatschappelijke organisaties moeten zich kritisch afvragen of alles nog wel haalbaar is. Het is belangrijk dat ze keuzes hierin durven te maken. • Het zou helpend zijn voor veel verenigingen en organisaties om een plan te maken voor de toekomst waarin staat hoe je de vrijwilligers kunt binden en boeien voor de langere termijn. De gemeente kan (waarbij nodig) ondersteuning bieden voor dit proces.
De bovenstaande vier bullets prioriteit om mee te nemen in toekomstbestendig visie en beleid vrijwilligersorganisaties • De gemeente gaat in gesprek met de maatschappelijke partners om te bespreken wat zij (extra) kunnen betekenen in de ondersteuning van organisaties/verenigingen bij het versterken, behouden en aantrekken van nieuwe vrijwilligers. actie vanuit het onderzoek 2023 agenderen • De gemeente gaat onderzoeken of de subsidie- en vergunningsaanvragen makkelijker gemaakt kunnen worden. Waar kan wil de gemeente de ondersteuning versoepelen en verbeteren om op die manier het voor de vrijwilligers makkelijker te maken, om minder bureaucratie te hebben. Dit geldt voor het cultuurbeleid, evenementenbeleid en ook het subsidiebeleid. actie vanuit het onderzoek 2023 agenderen. Wij hopen dat wij met bovenstaande meer duidelijkheid hebben gegeven over wat wij wensen en waar voor ons de prioriteit ligt. En dat we de vragen vanuit de ambtelijke organisatie beantwoord hebben (zie hieronder de vragen uit de ambtelijke organisatie).
Ambtelijke reactie: Vragen uit ambtelijke organisatie nav presentatie onderwerp Raadsagenda: Naar aanleiding van een eerdere motie, heeft er dit voorjaar een verkennend onderzoek plaats gevonden naar de inzet en het versterken van de inzet van vrijwilligers bij maatschappelijke organisaties in de gemeente Raalte. De resultaten van dit onderzoek zijn op 29 juni 2023 met uw raad gedeeld. Uw toelichting op de het thema ‘Toekomstbestendig vrijwilligersbeleid’ roept een aantal vragen op. Zo geeft u aan dat er een verdiepingsslag moet komen van dit verkennende onderzoek en dat we verder gaan in het meedenken, faciliteren en monitoren. In deze rollen staat de gemeente niet op de voorgrond. Daarnaast geeft u aan dat er vrijwilligersbeleid moet komen. Dit suggereert dat de gemeente hierin een regierol heeft en dus op de 6
voorgrond staat. Dit is tegenstrijdig aan elkaar. Welke rol vindt uw raad dat de gemeente moet innemen op het gebied van het vrijwilligersbeleid? Ook willen wij u vragen om het doel van vrijwilligersbeleid te specificeren. Vrijwilligersbeleid is namelijk niet per definitie de oplossing voor de tekorten aan vrijwilligers. In de aanbevelingen van het verkennende onderzoek zijn ook een aantal vervolgstappen beschreven waarvan sommigen op dit moment al in gang zijn gezet. Graag horen we welke stappen volgens u raad de prioriteit hebben. Uiteraard zijn we bereid om over deze vragen mee te denken.
d. Leefbaarheid in alle kernen - dorpsambitieplannen (ingebracht door GemeenteBelangen) Hoe wordt onze gemeente beleefd? Dit is een brede vraag die door eenieder op een andere manier beantwoord zal worden. Je vindt het terug in evenementen, fiets- en wandelroutes, winkelcentra, recreatieve locaties, maar ook in leefbaarheid. In hoeverre is het prettig om in mijn dorp te wonen? Zijn er voldoende voorzieningen, is de openbare ruimte aantrekkelijk en ‘leeft’ het dorp echt? Toerisme en recreatie zijn dus onderdelen van dit thema, maar ook de leefbaarheid van alle kernen.
Wat is het? Goed voorzieningenniveau. Buurthuizen en sportvoorzieningen en vitaal verenigingsleven, hoe gaan we om met vrijwilligersbeleid. Het niveau van voorzieningen zoals een supermarkt, dorpsevenementen, evenals de bereikbaarheid met het openbaar vervoer (buurtbus). Elk dorp in de gemeente Raalte moet meer beleving en leefbaarheid krijgen/houden. De dorpen bieden heel veel mogelijkheden op landschappelijk en soms ook cultuurhistorisch gebied en hebben vaak een eigen identiteit. Versterk dit door bij de ingangen van de kernen het dorp te presenteren. Deze ‘kernenmarketing’ kan heel gevarieerd zijn: van een kunstwerk met een dorpssymbool tot een aangeplante rotonde die iets kenmerkends weergeeft van een dorp. Een mooi initiatief is het kunstwerk dat ontwikkeld wordt voor de rotonde in Heeten. Vanuit het verleden bestaat er een aantal ‘kuierroutes’, die gerevitaliseerd kunnen worden. Voor elk dorp moet er een route gerevitaliseerd of ontwikkeld worden. In samenwerking met plaatselijke verenigingen kan dit opgepakt worden. Goede verbindingen met onder andere het openbaar vervoer zijn daarbij van belang.
Wat is het niet? Het gaat niet om top - down, maar bottom up beleid maken. Laat de inwoners aangeven waar behoefte aan is. Het gaat over de kernen, dus niet over de ruimte buiten de bebouwde kom. We sluiten die niet uit, maar willen het hebben over de leefbaarheid binnen deze kern.
Waarom willen we dit samen met de kernen oppakken? Dit gaat om de beleving van de inwoner. Woont men nog wel prettig? Zijn de voorzieningen er wel? Of komt het dorp leeg te staan en vereenzaamt men? Een dorpsambitieplan geeft uitstekend weer hoe men de toekomst van hun kern ziet. Kijk naar de identiteit van het dorp en geef die vorm.
Aanvulling: Ambtenaren maken samen met de dorpen dorpsplannen. Die willen we als raad meer benutten en zorgen dat dit in beleid wordt omgezet vanuit de vraagstelling ‘hoe jou je kernen leefbaar en toekomstbestendig’. Voor een doorkijkje naar de toekomst toe, willen we dorpsambitieplannen agenderen voor de raadsagenda, om van daaruit de vraag te beantwoorden wat willen wij met dorpsambitieplannen en wat vinden wij dat er vanuit die ambitieplannen in een dorp moet zijn. “Leefbaar in alle kernen- Dorpsambitieplan”, input GemeenteBelangen n.a.v. ambtelijke reactie GemeenteBelangen vindt belangrijk dat een Dorpsambitieplan door mensen uit het dorp zelf wordt opgesteld. De bottum up benadering centraal staat. Draagvlak is van groot belang en we denken ook dat die het grootst is als de plannen door de mensen uit het dorp zelf worden gemaakt. Belangrijk is daarbij een goede ondersteuning door de ambtelijke organisatie eventueel aangevuld met een externe deskundige. Daarnaast hebben we in de pitch aandacht gevraagd om met ondersteuning van de ambtelijke organisatie (contactambtenaren) aan de slag te gaan om het dorp beter te promoten en op de kaart te zetten. We hebben hierbij een aantal concrete voorbeelden gegeven die we in de praktijk zijn tegengekomen en waar andere dorpen hun voordeel mee kunnen doen in pr-campagnes om hun dorp te promoten.
7
Tot nu toe maakten dorpen een D.A.P. en werd de raad niet of nauwelijks betrokken bij het realiseren van doelen uit dit plan. We zouden graag zien dat de raad een rol krijgt bij het realiseren van de ambities in deze plannen. Dit zou kunnen door het gemaakte plan in een bijeenkomst met de raad te delen en samen te kijken hoe we de doelen uit het plan waar kunnen maken. Waar kunnen we helpen en (financieel) ondersteuning bieden.
Ambtelijke reactie: We onderschrijven het belang van aandacht voor dit thema. Niet voor niets is ‘leefbare en toekomstbestendige dorpen en wijken’ één van de belangrijkste opgaven waar we de komende jaren prioriteit aan geven. We pakken deze opgave direct na de zomer actief op en gaan er graag met uw raad over in gesprek. Aangezien uw thema overlap laat zien met deze opgave zijn wij benieuwd of u uw thema als onderdeel van de opgave ziet, of dat u hier een apart traject voor wilt opzetten. In het kader van integraal werken en aansluiten bij onze inwoners pleiten wij voor het eerste. We hebben kennisgenomen van uw toelichting op het thema en lezen daarin eigenlijk twee boodschappen. Daardoor kunnen we lastig duiden wat uw bedoeling is met dit thema. Enerzijds lezen we dat u bottom up met de kernen wilt werken aan het versterken van leefbaarheid. U benoemt dat u inwoners wilt laten aangeven waar behoefte aan is en dat de beleving van de inwoner centraal staat. Anderzijds geeft u in uw toelichting juist al heel duidelijk richting hoe u de invulling van dit thema voor u ziet. Denk bijvoorbeeld aan het inzetten op kernenmarketing en het ‘presenteren van het dorp’ bij de ingangen van de kernen of de kuierroutes die in elk dorp gerevitaliseerd moeten worden.
Ook de uitspraak dat dit traject moet uitmonden in een dorpsambitieplan voor iedere kern geeft al veel richting mee, waarbij het onduidelijk is of dit ook aansluit bij de behoeften vanuit de kernen zelf. Onze dorpen zijn namelijk bekend met het maken van dorpsplannen. In 2013 hebben verschillende dorpen gewerkt aan een dorpsplanplus; een wensenlijst met daaraan gekoppeld een uitvoeringsplan. Nu, tien jaar, later zijn er een aantal dorpen die werken aan een nieuw plan. Het dorpsambitieplan van Heeten is in april 2023 opgeleverd. Ook zijn Broekland en Laag Zuthem bezig met een nieuw plan. Als gemeente kunnen we het ontwikkelen van een dorpsambitieplan faciliteren, maar we kiezen er op dit moment bewust voor niet de trekkersrol op ons te nemen. De bottom up benadering staat hierin centraal. Het draagvlak binnen een dorp is namelijk groter als de behoefte en het realiseren van een plan uit het dorp zelf komt, met eventuele externe procesondersteuning. Wij zien de Plaatselijk Belangen in deze als eerste gesprekspartner. Voordat we concreet antwoord kunnen geven op uw vragen rondom o.a. planning, stand van zaken en stakeholders, hebben we behoefte aan een scherper beeld van wat u met dit thema voor ogen heeft en hoe u de rol van de raad ziet. Beide aanpakken impliceren namelijk ook een andere rol van de raad.
Natuurlijk zijn we bereid om daarover mee te denken vanuit onze kennis en expertise.
e.
Extern onderzoek/ benchmark in deel van Sociaal domein (ingebracht door VVD)
Toelichting onderwerp: VVD wil vooral beeld krijgen van de knoppen waar we als raad aan kunnen draaien. Doelmatigheid (in deel van) sociaal domein: wat is te beïnvloeden door de raad, aan welke knoppen kun je draaien. Vorm: een extern onderzoek/ benchmark, zie beantwoording van de ambtelijke reactie. Externe deskundigheid in te huren, benchmark zou een gedachte kunnen zijn. En uit het onderzoek komen dan aanbevelingen aan het college. In de pitch is dit aangevuld: ‘Sociaal domein’ is heel breed en beter in te perken tot ‘in een deel van het Sociaal domein’. In een startgesprek zou dan de raad samen kunnen kijken wat het concrete onderwerp wordt. Als voorbeeld is genoemd ‘Weerbaarheid jeugd’. In de pitch gaf de fractie aan vooral ervaring op te willen doen met een onderzoek door de raad via het instrument ‘onderzoekscommissie’ (zie ook Gemeentewet, artikel 155a). Dit is nav de reacties van de andere fracties tijdens de pitch en de reactie ambtelijk, zie hieronder, gewijzigd in extern onderzoek/ benchmark.
Ambtelijke reactie (cursief) met per vraag/opmerking het antwoord van de VVD fractie: We zijn blij met het initiatief van de raad om meer in te zetten op een doelmatigheidsonderzoek naar (een deel van) het sociaal domein. We vinden het namelijk belangrijk dat onze beleidskeuzes goed onderbouwd zijn en 8
regelmatig geëvalueerd worden, zodat we met ons beleid de juiste effecten bereiken en gemeenschapsgeld zorgvuldig inzetten. Antwoord: Prima, dat is inderdaad onze bedoeling.
Wel merken we dat de korte toelichting die nu voorligt nog verschillende vragen oproept. Zo wordt ons onvoldoende duidelijk wat de context is voor de keuze voor dit thema. Heeft uw raad behoefte aan meer informatie, zodat u uw positie beter kan innemen (en zo ja, welke gegevens mist de raad op dit moment), wordt verondersteld dat aan bepaalde knoppen nog onvoldoende wordt gedraaid? En wat maakt dat uw raad voorkeur heeft voor het thema Jeugd, ten opzichte van andere thema’s binnen het sociaal domein? Antwoord: De VVD zelf heeft geen voorkeur voor thema jeugd, maar wil het in principe breder trekken (WMO, participatie en jeugd).
Dit thema benoemt twee specifieke bestanddelen: het onderzoeken van de doelmatigheid in een deel van het sociaal domein en de inzet van een onderzoekscommissie. Hierdoor worden doel en instrument automatisch aan elkaar gekoppeld. Antwoord: Inderdaad, de VVD noemde een onderzoekscommissie als voorbeeld van een instrument. Hiervoor bleek in de raad niet direct onverdeeld enthousiasme. Het is voor de VVD dan ook geen probleem dit instrument terzijde te leggen.
Wij willen u erop wijzen dat het instellen van een onderzoekscommissie een relatief zwaar instrument is dat niet alleen veel vraagt van de raad, maar naar verwachting ook een druk op de ambtelijke organisatie en onze partners legt. Gezien de hoge druk die op dit moment al op onze medewerkers en partners ligt, vinden we een zorgvuldige afweging van belang. Antwoord: Dat vinden wij ook.
We willen uw raad daarom oproepen om inzicht te geven in wat het hoofddoel is. Afhankelijk van welk hoofddoel uw raad bij dit thema aanmerkt, adviseren wij u om een diepere analyse te doen, waaruit blijkt in hoeverre een ‘onderzoekscommissie’ het aangewezen instrument is om deze onderzoeksvraag te beantwoorden. Als deze analyse nog onvoldoende is gedaan, is onze aanbeveling om hier een verdiepende analyse op te doen, waarbij een verdieping van de aanleiding en vraagstelling het startpunt vormt. Antwoord: Vergeet de suggestie onderzoekscommissie. Graag wil de VVD eerst nader in gesprek over het vormgeven van het (gezamenlijk) formuleren voor een extern onderzoek. Resultaten van een dergelijk onderzoek (liefst benchmark) kan eveneens helpend zijn bij de discussie Oud voor Nieuw of voor een verdere optimalisatie van de allocatie van middelen voor de verschillende doelgroepen binnen het sociaal domein.
Uiteraard zijn wij bereid om vanuit onze kennis en ervaring mee te denken in dit proces, zodat we op een constructieve manier samenwerken aan een sterk sociaal domein. Als we (na ontvangst van een reactie op bovengenoemde vragen) beter beeld hebben bij het gewenste onderzoek, zijn we uiteraard bereid om mee te denken over het best passende tijdspad.
9