Raadsvoorstel definitief GRP 2021-2030
Tekst van het document
PROCEDUREBLAD BEHANDELING RAADSVOORSTEL Het college verzoekt u dit raadsvoorstel te behandelen Onderwerp
Vaststellen Gemeentelijk Rioleringsplan 2021-2030
Zaaknummer
41896-2021
B&W vergadering
8 juni 2021
Agendacommissie
14 juni 2021
Raadsvergadering
6 juli 2021
Portefeuillehouder
dhr. J. (Jacques) van Loevezijn
Behandelend ambtenaar
Leander Ernst telefoon: 0572-347687 e-mail: leander.ernst@raalte.nl
Fatale termijn(en)
Bijlage(n):
(beslisdocumenten die meegezonden moeten worden) 1. 2.
Gemeentelijk Rioleringsplan 2021-2030 Overzichten exploitatiebudgetten en investeringen GRP
RAADSVOORSTEL Raadsvergadering
6 juli 2021
Zaaknummer
41896-2021
Onderwerp
Vaststellen Gemeentelijk Rioleringsplan 2021-2030
Portefeuillehouder
dhr. J. (Jacques) van Loevezijn
Voor informatie
Leander Ernst telefoon: 0572-347687 e-mail: leander.ernst@raalte.nl
Samenvatting
Er is een nieuw Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) opgesteld voor de planperiode 2021-2030. Dit plan geeft weer hoe de gemeente invulling geeft aan haar 3 zorgplichten ten aanzien van afvalwater, hemelwater en grondwater. Het GRP geeft beleidsmatig, uitvoerend en financieel weer welke koers we varen binnen het werkveld water&riolering. Op 28 mei 2020 zijn de kaders ten behoeve van het GRP vastgesteld door de gemeenteraad. Dit GRP is binnen die kaders uitgewerkt. De raad wordt voorgesteld het GRP vast te stellen.
Beslispunten 1. 2. 3.
Het Gemeentelijk Rioleringsplan 2021-2030 vast te stellen. De exploitatiebudgetten en kredieten voor 2021 te ramen conform bijlage 2. Een budget van € 102.000 over te hevelen van personeel derden naar het loonsombudget, vanwege de inbesteding van werkzaamheden binnen het taakveld water&riolering.
Inleiding
Het GRP is uitgewerkt binnen de kaders die de Raad op 28 mei 2020 heeft vastgesteld: ‘Het oplossen van knelpunten bij extreme neerslag krijgt prioriteit, kosteneffectieve bovengrondse maatregelen hebben de voorkeur. Waar nuttig en nodig worden die opgaven gecombineerd met vervanging van riolering en het ontvlechten van hemelwater en afvalwater. Bij zulke projecten kunnen andere thema's aanhaken om een toekomstbestendige inrichting te realiseren. Om wateropgaven op te lossen wordt ook bijgedragen aan projecten vanuit andere opgaven, particuliere initiatieven en maatschappelijke ontwikkelingen. Waar nodig worden sectorale projecten uitgevoerd. Afkoppelen van particulier oppervlak wordt gestimuleerd en zo nodig verplicht. Met risico-gestuurde vernieuwing worden kosten bespaard, maar de risico's blijven beperkt. De investeringen zijn lager dan de kosten door wateroverlast die anders mogelijk zouden ontstaan.’ De uitwerking van deze kaders is als volgt: 1. We hebben de potentiële locaties voor wateroverlast in de gemeente bepaald. De definitie voor wateroverlast is in het vorige GRP al vastgesteld: geen afvalwater op straat, geen water in woningen, hoofdwegen niet langer dan twee uur onbegaanbaar, overige wegen niet langer dan vier uur onbegaanbaar. Er is gekeken waar niet wordt voldaan aan deze eisen bij extreme neerslag van 90 mm in 1 uur. 2.
We hebben circa 120 locatiespecifieke projecten geformuleerd voor het voorkomen van wateroverlast in openbaar gebied en voor wateroverlast op particulier terrein die wordt veroorzaakt door afstroming vanuit openbaar gebied. In deze projecten worden waar mogelijk bovengrondse waterberging, 2
vergroten van de afvoercapaciteit, afkoppelen van verhard oppervlak en vervangen van het vuilwaterriool gecombineerd. Deze projecten voeren we voor 2050 uit. 3. We hebben de projecten voor het GRP 2021-2030 bepaald door zowel te kijken naar de omvang van de potentiële wateroverlast, als naar de potentiële meerwaarde voor andere opgaven. Zo vormen de GRP projecten de basis voor integrale projecten die zijn gericht op toekomstbestendigheid. De GRP projecten voor de periode 2022-2025 zijn ingebracht in het eerste meerjaren investeringsprogramma van gemeente Raalte (MJIP 2022-2025). De projecten in de jaren erna zullen ook worden ingebracht in de MJIP’s. 4. De doelen voor ontvlechten en verminderen van wateroverlast kunnen we niet halen zonder anderen. Daarom komt er een stimuleringsregeling om particulieren te stimuleren en te ondersteunen bij het afkoppelen van hemelwater (indicatie bijdrage: € 6,00/m2). Hiervoor wordt binnen het GRP budget gereserveerd. Vanuit dit budget kan ook meegedaan (meegekoppeld) worden met projecten vanuit andere opgaven of met particuliere initiatieven en maatschappelijke ontwikkelingen. Bij onze GRP projecten gebruiken we de hemelwaterverordening om naast het openbaar gebied ook particulier terrein af te koppelen. Op die wijze werken we samen aan een toekomstbestendige omgeving. Ook hiervoor zal de stimuleringsregeling worden benut. 5.
Om zowel integraal als risico-gestuurd te kunnen werken en een goed functionerend afvalwater-, grondwater- en hemelwaterstelsel te houden, breiden we de formatie ten laste van het GRP uit met 1,1 fte. We gaan structureel gegevens verzamelen, analyseren en monitoren en we gaan ons werk anders organiseren. We blijven regionaal kennis uitwisselen, onderzoek doen en samenwerken in Rivus en DOWR verband. 6. Specifiek voor drukriolering geldt dat we de benodigde vervangingen van pompen en gemalen die in het vorige GRP al waren vastgesteld benutten om het stelsel te optimaliseren. Dit zal leiden tot minder storingen en lagere exploitatiekosten. In de planperiode stellen we samen met Waterschap Drents Overijsselse Delta een visie op over hoe we op lange termijn om willen gaan met afvalwater in het buitengebied.
Beoogd effect
Het GRP is een uitwerking van de omgevingsvisie Horizon gemeente Raalte 2040 en geeft waterrobuust, omgevingsbewust, participatief, datagedreven en doelmatig invulling aan de zorgplichten voor afvalwater, grondwater en hemelwater.
Argumenten 1.1
Het GRP 2021-2030 geeft binnen de door de Raad gestelde inhoudelijke kaders invulling aan de wettelijke verplichtingen en beleidsmatige opgaven voor afvalwater, grondwater en hemelwater. In het GRP geven we aan hoe we onze zorgplichten voor afvalwater, hemelwater en grondwater invullen. We werken aan het voorkomen van de klimaatopgaven wateroverlast en verdroging. We benutten onze projecten om samen met anderen integraal te werken aan toekomstbestendigheid. Daarmee leveren we een bijdrage aan het realiseren van de ambities in de omgevingsvisie.
1.2
Uitvoering van het GRP past binnen de financiële kaders zoals die door de Raad zijn vastgesteld. Het geheel van de exploitatiekosten, investeringen en bijbehorende ontwikkeling van de rioolheffing past binnen het financiële beeld dat is opgenomen in de kaderstelling. We voorzien een geleidelijke stijging van de rioolheffing van € 33,- per basisaansluiting (excl. inflatiecorrectie) aan het einde van de komende planperiode (2030). In de kaderstelling werd uitgegaan van een stijging van circa € 35,-.
1.3
Provincie en waterschap zijn akkoord met dit GRP. De Wet Milieubeheer stelt dat de provincie en het waterschap betrokken moeten worden bij het opstellen van een GRP. Nadat het ontwerp GRP was vastgesteld, zijn provincie en waterschap gevraagd een reactie te geven hierop. Zowel provincie als waterschap kunnen zich vinden in het GRP.
3
Reactie provincie Provincie stemt in met dit GRP. Het GRP geeft een goed beeld van beleid en uitvoering ten aanzien van afvalwater, hemelwater en grondwater en de financiële dekking. Daarnaast wordt geanticipeerd op klimaatontwikkeling. De provincie deed één kleine inhoudelijke aanvulling ten aanzien van de ligging van een grondwaterwingebied ten opzichte van de gemeentegrens. Deze aanvulling is overgenomen in het voorliggende GRP. Reactie waterschap Het waterschap spreekt haar vertrouwen uit in het GRP. De ambities spreken aan en sluiten goed aan bij de visie en programma’s van het waterschap. Het waterschap vindt een goede samenwerking van belang en ziet dit onder andere terugkomen in het samenwerkingsverband RIVUS waarin wij deelnemer zijn. Het waterschap ziet in het GRP veel aanknopingspunten om de samenwerking verder te verstevigen en vraagt aandacht voor het integreren van gezamenlijke opgaven bij ruimtelijke ontwikkelingen. De reactie van het waterschap gaf geen aanleiding tot aanpassingen ten opzichte van het ontwerp GRP. 2.1
De exploitatiebudgetten zijn geactualiseerd en kunnen nu definitief opgenomen worden in de begroting 2021. In de begroting 2021 waren de exploitatiebudgetten als voorlopige cijfers geraamd vooruitlopend op het opstellen van het nieuwe GRP. De exploitatiebudgetten zijn nu tegen het licht gehouden en geactualiseerd. Het totaal van de nu voorziene exploitatiekosten (2,96 miljoen euro) is nagenoeg gelijk aan de exploitatiebudgetten die opgenomen zijn in de begroting 2021 (2,95 miljoen euro). Daarnaast wordt een nieuwe indeling voorgesteld die beter aansluit op de verschillende onderdelen binnen het werkveld water&riolering. Dit maakt bewaken, analyseren en rapporteren beter mogelijk. De voorgestelde exploitatiebudgetten en de nieuwe indeling zijn weergegeven in bijlage 2 in de vorm van een was-wordt overzicht. Voorgesteld wordt dit te verwerken in de begroting 2021.
2.2
De investeringskredieten zijn geactualiseerd en kunnen nu definitief opgenomen worden in de begroting 2021. In de begroting 2021 waren de investeringskredieten als voorlopige cijfers geraamd vooruitlopend op het opstellen van het nieuwe GRP. De investeringskredieten voor 2021 zijn geactualiseerd op basis van dit nieuwe GRP en afgestemd op andere opgaven in de openbare ruimte (met het oog op het uitvoeren van integrale projecten). De voorgestelde investeringskredieten zijn weergegeven in bijlage 2 in de vorm van een was-wordt overzicht. Voorgesteld wordt dit te verwerken in de begroting 2021. De nu voorgestelde investeringskredieten voor 2021 liggen lager dan is opgenomen in de begroting 2021. Dit jaar zal voornamelijk ingezet worden op voorbereiding van integrale projecten die de komende jaren uitgevoerd moeten worden. Derhalve liggen de investeringen nu nog lager. Er is alvast een doorkijk gemaakt naar de investeringen voor het jaar 2022. Daarin zien we juist een toename van de investeringen ten opzichte van wat geprognosticeerd is.
3.1 Voor een adequate, efficiënte uitvoering van de taken op het gebied van water&riolering is extra formatie benodigd. Uit de benchmark riolering en een rekentool van Rioned blijkt dat we een lage formatie hebben op het taakveld water&riolering. In de afgelopen planperiode van het GRP is dit deels ondervangen door inhuur van derden en er is voornamelijk ingezet op uitvoerende taken. Aan ontwikkeling van beleid en strategie is minder gedaan dan de bedoeling was. Voor de komende planperiode is extra formatie nodig. Het verder doorontwikkelen en goed uitvoeren van risicogestuurd beheer vraagt meer databeheer en -analyse. Daarnaast vraagt het anticiperen op klimaatontwikkeling meer inzet op beleidsontwikkeling, strategische planning en afstemming met andere werkvelden (MJIP) en communicatie/participatie. Ingezet wordt op extra formatie voor de functie Beheerder riolering (mechanisch en vrijverval). De beheerders riolering focussen zich met name op databeheer, analyse en risicogestuurd beheer. Hierdoor kan de regisseur water focussen op beleidsontwikkeling, strategie en het MJIP.
4
3.2 De lasten van de extra formatie kunnen vrijwel geheel binnen de exploitatie opgevangen worden. Het tekort aan formatie werd in de afgelopen jaren opgevangen door inhuur van derden. Met de uitbreiding van de formatie kan de inhuur van derden sterk gereduceerd worden binnen de exploitatie. De lasten van de extra formatie worden daardoor grotendeels gecompenseerd. De voorgestelde extra formatie is reeds opgenomen in de exploitatiebudgetten zoals die onder beslispunt 2 worden voorgesteld. 3.3 Enkele kleine mutaties in formatie worden voorgesteld, zodat deze beter aansluit op de feitelijke besteding van de uren. Uren besteed aan water&riolering behoren deels tot de exploitatiekosten en zijn deels ten behoeve van investeringen (projecturen). Op basis van de werkelijke besteding van uren van diverse functies/medewerkers wordt voorgesteld om enkele kleine mutaties door te voeren voor het toerekenen van uren aan de exploitatie en projecten. Diverse uren worden uit de exploitatie gehaald en ten laste gebracht van (riolerings)projecten.
Duurzaamheid
Het GRP draagt bij aan een duurzame inrichting van het openbaar gebied door 1) afvalwater op zo’n wijze in te zamelen en te transporteren dat inwoners er niet mee in aanraking komen; 2) hemelwater steeds minder te vermengen met afvalwater, waardoor het milieu minder wordt belast door lozingen op oppervlaktewater en minder energie wordt verbruikt voor transport en reiniging van afvalwater; 3) hemelwater steeds meer te infiltreren in de bodem, waardoor verdroging wordt tegengegaan.
Kanttekeningen 1.
De kapitaallasten ten gevolge van de investeringen lopen op en een hogere rioolheffing is op termijn nodig. Op basis van het afschrijvingsbeleid wordt 25% van de investeringen direct afgeboekt en 75% geactiveerd. Dit heeft tot gevolg dat de boekwaarde van de riolering toeneemt en de kapitaallasten op de lange termijn oplopen. In dit GRP wordt een rioolheffing voorgesteld die de komende 10 jaar geleidelijk verhoogd wordt met € 33,- (excl. inflatiecorrectie). Na 2040 zal een verdere stijging van de rioolheffing nodig zijn om kostendekkend te blijven. Het is een optie om de rioolheffing in de komende planperiode sneller te laten stijgen en de investeringen voor een groter deel direct af te schrijven. Op de lange termijn is dat financieel gezien gunstiger. Overigens werd de trend van stijgende kapitaallasten en een verdere stijging van de rioolheffing in het vorige GRP ook al voorzien. Het beeld in het nieuwe GRP is daarin niet anders.
2.
Voor een integrale aanpak is financiering vanuit andere werkvelden nodig. Vanuit het GRP kan er behoorlijk geïnvesteerd worden in rioolvervanging, afkoppelen hemelwater en het voorkomen van wateroverlast. Het heeft de voorkeur om in de buurten te kiezen voor een integrale aanpak waarbij ook opgaven vanuit andere werkvelden meegenomen worden. Op die manier kunnen we adequaat werken aan een toekomstbestendige inrichting van de openbare ruimte. Hiervoor is dan wel voldoende aanvullende financiering nodig vanuit andere werkvelden. De kosten kunnen en mogen niet allemaal ten laste van het GRP gebracht worden. Vanuit de andere werkvelden moet ook meerjarig vooruitgekeken worden en financiering georganiseerd worden.
Financiën Exploitatiebudgetten Vooruitlopend op het nieuwe GRP waren de exploitatiebudgetten in de begroting 2021 opgenomen op basis van de ramingen uit het vorige GRP. De exploitatiebudgetten zijn nu geactualiseerd en opnieuw ingedeeld / geordend. In bijlage 2 wordt dit inzichtelijk gemaakt aan de hand van een was-wordt overzicht. De nieuwe indeling sluit beter aan op de verschillende onderdelen binnen het werkveld en maakt bewaken, analyseren en rapporteren op die onderdelen beter mogelijk. Het totaalbeeld van de exploitatiebudgetten is als volgt: Exploitatiebudget in begroting 2021: € 2.951.851 Voorgesteld exploitatiebudget 2021: € 2.961.316 5
Investeringskredieten Het gemiddelde investeringsbedrag uit de kaderstelling voor het GRP was als investering in de begroting van 2021 opgenomen. De investeringskredieten zijn bij het opstellen van het nieuwe GRP geactualiseerd en zijn weergegeven in bijlage 2. Met betrekking tot de investeringen staat 2021 voornamelijk in het teken van voorbereiding van integrale projecten. De uitvoering volgt dan de komende jaren. Er is daarom ook al een doorkijk gemaakt naar het jaar 2022. Het beeld van de investeringskredieten is als volgt: Investeringskredieten in begroting 2021: € 2.615.855 Voorgestelde investeringskredieten 2021: € 1.285.033 Doorkijk investeringskredieten 2022: € 2.665.538 De nu voorgestelde investeringskredieten voor 2021 bestaan ook deels uit overgehevelde kredieten vanuit 2020. Toekomstige investeringen willen we zoveel mogelijk doen in de vorm van integrale projecten waarbij meerdere opgaven in de openbare ruimte worden aangepakt. De feitelijke programmering van de investeringsprojecten verloopt via het meerjaren investeringsprogramma (toelichting zie Vervolg). In dit GRP gaan we uit van een gemiddeld jaarlijks investeringsbedrag van € 1.771.000. Hierin is een bedrag van € 150.000 per jaar inbegrepen voor een stimuleringsregeling afkoppelen hemelwater (toelichting zie Vervolg).
Loonsom en personeel van derden Door meer taken in eigen beheer te doen en minder taken uit te besteden binnen het taakveld water & riolering wordt voorgesteld een budget van € 102.000 over te hevelen van personeel derden naar het loonsombudget Deze mutatie is al verwerkt in het voorliggende GRP en bijlage 2. Kostendekkingsmodel De exploitatiekosten en benodigde investeringen zijn ingevoerd in een kostendekkingsmodel. In dit model worden alle kosten en investeringen meerjarig doorgerekend. Hierbij wordt rekening gehouden met veel factoren. Bijvoorbeeld: vervangingen op basis van levensduurverwachting, ontwikkeling van kapitaallasten ten gevolge van gedane en nieuwe investeringen, toename exploitatiekosten ten gevolge van areaaluitbreiding en toename aansluitingen vanwege toename woningen en bedrijven. Via dit kostendekkingsmodel wordt berekend wat de ontwikkeling van de rioolheffing moet worden om kostendekkend te blijven. Heffing Op dit moment (2021) bedraagt de rioolheffing afgerond € 233 per basisaansluiting. Gegeven de financiële uitgangspunten, de exploitatiekosten en benodigde investeringen is de verwachting dat de heffing moet stijgen tot € 266 per basisaansluiting aan het einde van de planperiode (het jaar 2030). Deze stijging is exclusief inflatiecorrectie.
In de door de Raad vastgestelde kaders werd uitgegaan van een benodigde verhoging van de rioolheffing van circa € 35,- (op te bouwen in 10 jaar gedurende de planperiode) naast de jaarlijkse inflatiecorrectie. De nu voorziene stijging past dus binnen die kaders.
Vervolg Kader voor werkzaamheden Na vaststelling van het GRP vormt dit document het inhoudelijke en financiële kader voor onze werkzaamheden binnen het werkveld water&riolering. Begrotingswijziging De voorgestelde nieuwe exploitatiebudgetten en investeringskredieten zullen na deze besluitvorming in de begroting 2021 worden verwerkt middels een begrotingswijziging. Meerjaren investeringsprogramma (MJIP)
6
Het programma water&riolering staat niet op zichzelf. De opgaven (investeringen) vanuit dit programma worden ingebracht in het meerjaren investeringsprogramma (MJIP) voor de openbare ruimte. Via de bestuurlijke vaststelling van het MJIP worden de investeringen vanuit het programma water&riolering definitief gemaakt. Dit GRP geeft op buurtniveau weer welke investeringen verwacht worden. De feitelijke ‘projectenlijst’ volgt vanuit het MJIP. Het werken met een MJIP voor de openbare ruimte is een manier van werken die in ontwikkeling is. We kiezen hiermee voor een planmatige, integrale aanpak. De ambitie is om projecten uit te voeren die op doelmatige wijze zo veel mogelijk bijdragen aan het toekomstbestendig maken van wijken/buurten. Met dit instrument willen we verder vooruitkijken, technische, beleidsmatige en maatschappelijke opgaven in buurten op een slimme manier combineren, tijdig starten met projectvoorbereidingen en heldere keuzes maken ten aanzien van prioriteiten en besteding van middelen. Uitwerken projecten Ten behoeve van het GRP zijn voor de wateroverlastlocaties op basis van de huidige situatie en de huidige inzichten maatregelen geformuleerd en op kosten gezet. In de voorbereiding van een project zal verder worden onderzocht wat de beste, meest kosteneffectieve oplossingen zijn.
Hierbij wordt de verbinding gezocht met opgaven uit andere werkvelden en met wensen vanuit de omgeving. Bij de verdere uitwerking op projectniveau wordt getoetst of de bedachte maatregelen voldoende effect hebben om wateroverlast in de toekomst te voorkomen. Opstellen stimuleringsregeling afkoppelen hemelwater Op diverse onderdelen binnen het werkveld water&riolering zullen beleid en instrumenten opgesteld en/of doorontwikkeld worden. In het bijzonder wordt vermeld dat er dit jaar een stimuleringsregeling wordt opgesteld waarmee we initiatieven vanuit de samenleving op het vlak van afkoppelen hemelwater en voorkomen van wateroverlast willen aanjagen en ondersteunen. In projecten waar we voorzieningen aanleggen om hemelwater gescheiden te kunnen verwerken, maken we gebruik van de ‘Verordening op de afvoer van hemelwater en grondwater in de gemeente Raalte’ (01-01-2015 in werking getreden). Dit houdt in dat we in deze gebieden verbieden om hemelwaterafvoer aan te sluiten of aangesloten te houden op het openbaar vuilwaterriool. De mogelijkheden voor afkoppelen zullen per project worden bekeken. Indien redelijkerwijs geen andere wijze van afvoer van het hemelwater kan worden gevergd, zal ontheffing worden verleend van de verplichting tot afkoppelen. Omdat we meerjarig programmeren kunnen we de bewoners ruim van tevoren laten weten dat we in hun straat aan de slag gaan.
Ze zullen worden ondersteund met advies en kunnen gebruik maken van de afkoppelsubsidie. Omgevingswet De Omgevingswet treedt naar verwachting in 2022 in werking. Daarmee vervalt het GRP als verplicht instrument. Onderdelen van het GRP worden op termijn vertaald in de instrumenten omgevingsplan en omgevingsprogramma. De uitgangspunten van het voorliggende GRP geven invulling aan de reeds opgestelde omgevingsvisie Horizon 2040. Monitoren en evalueren Gedurende de planperiode zal de voortgang van het GRP gerapporteerd worden conform de reguliere planning&control cyclus. Daarnaast is het de bedoeling een dashboard te ontwikkelen waarin de voortgang van het GRP digitaal zichtbaar wordt gemaakt. Een grote evaluatie van het GRP is voorzien halverwege de planperiode, over 5 jaar.
Communicatie
We gaan sterker inzetten op communicatie en het betrekken van inwoners, ondernemers en organisaties. Klimaatadaptatie, het afkoppelen van hemelwater en het voorkomen van wateroverlast kunnen we niet volledig als gemeente oppakken. Om de samenleving meer te betrekken bij de opgaven wordt de communicatie over deze onderwerpen geïntensiveerd. Daarbij sluiten we aan bij communicatie over klimaatadaptatie in gemeente Raalte en regionaal (Rivus).
7
Bijlagen 1. 2.
Gemeentelijk Rioleringsplan 2021-2030
Overzichten exploitatiebudgetten en investeringen GRP
Burgemeester en wethouders van Raalte,
de secretaris Karin Cornelissen
de burgemeester Martijn Dadema
8
RAADSBESLUIT 41896-2021
Zaaknummer
De raad van de gemeente Raalte, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 8 juni 2021
Besluit: 1. 2. 3.
Het Gemeentelijk Rioleringsplan 2021-2030 vast te stellen. De exploitatiebudgetten en kredieten voor 2021 te ramen conform bijlage 2. Een budget van € 102.000 over te hevelen van personeel derden naar het loonsombudget, vanwege de inbesteding van werkzaamheden binnen het taakveld water&riolering.
Aldus besloten in de vergadering van 6 juli 2021.
de griffier Jan Bouke Zijlstra
de voorzitter Martijn Dadema
9