Raadsinformatienotitie sociaal domein juni 2023
Tekst van het document
Informatienotitie Sociaal Domein Juni 2023
Voor u ligt de eerste informatienotitie Sociaal domein. In het verleden ontving u elk kwartaal een informatienotitie met de ontwikkelingen voor de Jeugdwet. Vanaf nu ontvangt u drie keer per jaar een informatienotitie waarin naast de Jeugdwet ook informatie over de Wmo, Participatiewet en schulddienstverlening is opgenomen. In de rapportage aan het begin van het jaar worden kerncijfers uit het sociaal domein gepresenteerd, waarmee de context duidelijk wordt waarin het sociaal domein de diverse wetten uitvoert. In de voorjaar- en najaarsrapportage wordt verdiepende informatie gegeven en de ontwikkeling geduid. Omdat dit de eerste rapportage van dit jaar betreft worden zowel kerncijfers geboden als verdiepende informatie per wet. Op de website waarstaatjegemeente.nl zijn nog meer cijfers te vinden over het sociaal domein.
Algemeen
Algemeen
Het aantal huishoudens zonder zorg en ondersteuning ten opzichte van het totaal aantal huishoudens wordt getoond. Onder zorg en ondersteuning wordt verstaan de individuele voorzieningen op grond van de Wmo 2015, de Jeugdwet en/of de Participatiewet.
Wmo In de gemeente Raalte ligt het beroep op ondersteuning vanuit de Wmo relatief iets hoger dan gemiddeld in Nederland. We zien dat het beroep op begeleiding, hulp bij het huishouden, vervoersvoorzieningen en woonvoorzieningen de afgelopen jaren gestegen is. Het aantal cliënten wat een beroep doet op Wmo-ondersteuning neemt toe als gevolg van de toenemende vergrijzing en het feit dat inwoners langer zelfstandig (met ondersteuning vanuit de Wmo) thuis wonen. Voorzieningen die we toekennen aan deze vergrijzende doelgroep zijn onder andere huishoudelijke hulp, dagbesteding en woon-, rolstoel- en vervoersvoorzieningen. Ook de invoering van het abonnementstarief Wmo heeft invloed op de toegenomen zorgvraag. Het abonnementstarief, een vast tarief voor de eigen bijdrage voor Wmo-ondersteuning, is sinds 1 januari 2020 van kracht. De wetswijziging heeft tot gevolg gehad dat meer cliënten een beroep doen om ondersteuning vanuit de Wmo. Alle gemeenten in Nederland worstelen hiermee. Vanaf 1 januari 2026 zal weer een inkomensafhankelijke bijdrage worden ingevoerd door het Rijk. De vraag naar dagbesteding is als gevolg van Corona afgenomen. Ook zien we dat steeds meer ouderen gebruik maken van de laagdrempelige ontmoeting in OED (ontmoeten in eigen dorp), hiervoor is geen Wmo-indicatie nodig.
Vergrijzing Het percentage ouderen in de gemeente Raalte stijgt van 22% in 2020 naar 32% in 2040 en is hoger dan gemiddeld in Nederland het geval is. Dit is van invloed op de toekomstige zorgvraag, beschikbaarheid van mantelzorgers en zorgpersoneel.
Aantal individuele cliënten per 1ste van de maand Wmo 1-1-19
1-1-20
1-1-21
1-1-22
1-1-23
1-4-23
Begeleiding
325
364
356
386
364
367
Dagbesteding
245
239
215
222
197
197
Hulp bij huishouding
830
927
957
995
1057
1040
Rolstoelen
321
335
327
293
276
264
Vervoersdiensten (vv dagbesteding)
599
593
540
519
531
535
Vervoersvoorzieningen
1189
1225
1247
1239
1256
1268
Woonvoorziening
250
289
337
370
368
363
Wmo Aantal unieke cliënten naar herkomstgemeente
Bron: Monitor beschermd wonen & maatschappelijke opvang
Percentage 65 jaar en ouder Aantal unieke cliënten beschermd wonen op peildatum door de tijd heen
Bron: Wmo voorspelmodel
Bron: Monitor beschermd wonen & maatschappelijke opvang
Jeugdhulp Uit de Kindermonitor van GGD IJsselland blijkt dat een vijfde van de ouders/verzorgers behoefte heeft aan ondersteuning bij de opvoeding van hun kind(eren). Het aandeel jongeren met specialistische jeugdhulp ligt relatief laag ten opzichte van het gemiddelde in Nederland. Echter het beroep op zware jeugdhulp, waarbij jeugdigen in een instelling, gezinshuis of pleeggezin verblijven en/of een jeugdbeschermingsmaatregel hebben, ligt ruim boven het landelijk gemiddelde. Het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) biedt laagdrempelige jeugdhulp zonder indicatie. We zien dat het aantal jeugdigen dat ondersteund wordt door het CJG toeneemt en er een daling zichtbaar is van het aantal jeugdigen dat specialistische jeugdhulp ontvangt.
CBS Jeugd | tweede halfjaar 2022
Participatiewet Het aantal personen dat een bijstandsuitkering ontvangt ligt in de gemeente Raalte relatief laag ten opzichte van gemiddeld in Nederland. Een derde van de redenen om een bijstandsuitkering aan te vragen betreft het verkrijgen van een verblijfsstatus. We zien een lichte stijging in het aantal verstrekte participatiewet uitkeringen en de bijzondere bijstand. In de afgelopen jaren hebben we een stijging gezien van het beroep op de bijzondere bijstand en minimaregelingen. Het convenant Raalte Armoedevrij en het ingezette communicatie traject om de bekendheid van de regelingen te vergroten heeft geleid tot meer aanvragen minimaregelingen, in 2023 loopt dit voor de minimaregeling iets terug. Vanaf 2022 moet de studietoeslag ook uit de BUIG uitkering betaald moet worden (voorheen uit het participatiebudget).
Verloop aantal PW-uitkeringen (analyse uitkeringsbestand zie bijlage 1 en 2) Beginstand 1-1-2020
Beginstand 1-1-2021
Beginstand 1-1-2022
PW
353
366
363
Beginstan d 1-1-2023 374
IOAW/ IOAZ
22
24
17
16
BBZ
1
2
5
Studietoeslag
0
0
Totaal
376
392
Omschrijving
CBS | 2021
CBS| 2018-2022
Aantallen bijzondere bijstand/minimabeleid Bijzondere bijstand Minimaregeling (Meedoen 18+) Totaal unieke klanten
Aantal gestarte en beëindigde uitkeringen vanaf 1-1-2023 tot heden
Meer info
Instroom
Uitstroom
Stand 1-5
22
22
374
0
0
16
1
0
1
0
0
12
0
2
10
385
403
81
66
400
Unieke klanten t/m april 2022 218 202
Unieke klanten t/m april 2023 237 186
+19 -16
329
339
+10
Schulden Per 1 januari 2020 is het deel van de uitvoering van schulddienstverlening overgegaan van de Gemeentelijke Kredietbank (GKB) naar de gemeente. Het aandeel huishoudens met problematische schulden ligt relatief iets lager dan gemiddeld in Nederland. Het aantal achterstandsmeldingen wisselt per maand. Wij zien op structurele basis geen toename van het aantal achterstandsmeldingen. De stijging van het aantal energiemeldingen met ingang van februari 2023 valt te verklaren door een wijziging van de termijnen in onze afspraken met energiebedrijven, waardoor achterstanden eerder worden gedeeld.