CConstaterende datRaalte
Koppel je AI →
Document · PDF

Programma wonen definitieve versie

Raadsvergadering 20 mei 2021, gemeente RaalteBij agendapunt: Vaststellen programma wonen (bespreekstuk)5.257 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

•

•

•

•

•

•

•

•

•

•

o o o

o

o

o

o

•

•

•

•

•

•

4 5

Ook particuliere verhuurders hebben een opgave De initiatieven: groen samen doen en de biodiversiteitskaart zijn hier mooie voorbeelden van.

•

•

•

o

o

o

o

o

o

o

o

o

o

•

•

•

•

•

•

•

•

✓

✓

✓

✓ ✓

•

•

• • • •

•

•

•

•

7

Voor sommige kernen is een participatief locatie onderzoek gedaan. Daarbij kan een afwijkende volgorde zijn vastgesteld.

✓

✓ ✓ ✓

✓

✓ ✓

✓

✓

✓

✓

✓ ✓

✓

8

Op dit moment zien we een vraag naar kleinere woningen. Deze moeten worden toegevoegd in de woningbouwprogrammering. Om echter nog enige kwaliteit te kunnen borgen (en ook verkoop/verhuurbaarheid in de toekomst) stellen we voor zelfstandige appartementen een ondergrens van 50 m2.

✓

✓

✓ ✓ ✓ ✓

✓

✓ ✓

Bijlage 4

Woonzorgvisie ’21-‘25 Visie en uitgangspunten rond wonen en zorg

Onze inwoners leven langer en men woont vaker en langer zelfstandig, ook als er zorg nodig is. Dit vraagt om geschikte woningen, een geschikte woonomgeving en passende zorg. In deze woonzorgvisie leest u onze visie en belangrijkste uitgangspunten rond het thema wonen en zorg: informatie in 1 document samengebracht uit diverse onderzoeken, ons eigen beleidsplan sociaal domein (’20-’24), het transformatieplan ‘Doen wat nodig is!’ en het programma Wonen. Dit document zien wij als onze visie op wonen en zorg, zoals geadviseerd wordt door het landelijk taskforce Wonen & Zorg. Tevens dient de woonzorgvisie als start voor het actualiseren van ons actieplan zelfstandig thuis wonen samen met onze partners. In deze woonzorgvisie beantwoorden we de volgende vragen: 1.

Wat is de woonzorgopgave?

2.

Wat zijn de behoeften en wensen?

3.

Wat willen we bereiken?

4.

Hoe gaan we dit bereiken?

1. Wat is de woonzorgopgave? In de afgelopen jaren zijn er diverse rapporten (gemeentelijk, regionaal en landelijk niveau) opgeleverd met analyses van de huidige situatie en de ontwikkelingen die op ons afkomen. Een overzicht van deze benutte rapporten vindt u aan het einde van de woonzorgvisie. In dit hoofdstuk worden de belangrijkste punten samengebracht. Voor meer achtergrondinformatie verwijzen wij graag door naar deze rapporten. •

Algemene trends

Er is sprake van een de dubbele vergrijzing, het aantal ouderen in de samenleving stijgt en we worden gemiddeld steeds ouder. Daarnaast is er een beweging gaande in de gehele zorgsector waarbij de inwoner niet langer toegeleid wordt naar bepaalde zorg in een instelling, maar andersom: de zorg wordt toegeleid naar de inwoner in zijn/haar eigen omgeving. Een concreet voorbeeld is dat mensen met een lichte zorgvraag niet meer in aanmerking komen voor een verblijf in een zorginstelling (intramurale zorg). Dit wordt ook wel ambulantisering of extramuralisering genoemd. Dit heeft als gevolg dat de vraag naar zorggeschikte woningen de aankomende jaren verder zal stijgen. Op deze landelijke trend is onze gemeente geen uitzondering. De uitdagingen die hieruit voortvloeien gaan we graag in samenspraak met onze inwoners en samenwerkingspartners aan. Het is zaak om goed te onderzoeken waar de behoeften liggen en om elkaar vervolgens samen, vanuit de eigen kracht en noaberschap, te versterken. Op deze manier werken we aan een gemeente waarin we op een veilige en prettige manier zelfstandig thuis kunnen wonen, ook als er zorg nodig is. Iedere inwoner kan te maken krijgen met een bepaalde beperking of kwetsbaarheid.

Voorbeelden zijn oudere inwoners, inwoners met dementie, inwoners met een psychische kwetsbaarheid, inwoners met niet aangeboren hersenletsel (NAH), inwoners met een (licht) verstandelijke beperking (LVB) of inwoners met lichamelijke beperking. Zorg en ondersteuning aan deze inwoners wordt georganiseerd en gefinancierd vanuit verschillende wetgeving. Voor de leesbaarheid spreken we in dit document over doelgroepen. Hieronder staat beschreven welke ontwikkelingen er spelen voor deze doelgroepen, rond het thema wonen en zorg. •

Ouderen in de gemeente Raalte Opgave: De vergrijzing in de gemeente Raalte is, net als in andere delen van het land, volop gaande. De prognoses zijn op dit moment dat het aantal 65+’ers de komende 20 jaar stijgt met ongeveer 47%. Het aantal 75+’ers zal over de komende 10 jaar naar verwachting zelfs met 54% stijgen. Ook het aantal inwoners met dementie zal naar verwachting de aankomende jaren fors stijgen: 710 personen in 2020, naar 1300 personen in 2040. Een geschatte stijging van 590 inwoners in een periode van 20 jaar. Naast de toenemende vergrijzing en de toename van dementie neemt ook het aantal mantelzorgers in de gemeente de aankomende jaren af; waar er nu nog 15 tot 20 mantelzorgers beschikbaar zijn per zorgvrager, is dit in 2040 naar verwachting nog slechts 5 of 10.

Woning aanpassen Het bovenstaande, in combinatie met het beleid gericht op extramuralisering, zal het aantal ouderen dat langer thuis blijft wonen in de nabije toekomst beduidend doen stijgen. Dit heeft direct een impact op de woonzorgsituatie in de gemeente Raalte. Uit het woningmarktonderzoek in onze gemeente blijkt dat de meeste woningen in de verschillende kernen van de gemeente geschikt zijn om te blijven wonen, ook als er 2

zorg nodig is (of geschikt te maken bij maximale bedrag van €10.000). Er zijn nauwelijks kernen waar meer dan 20% van de woningvoorraad ongeschikt is om aan te passen. Dat de aankomende generaties ouderen steeds vaker in een ruime grondgebonden (koop)woning wonen, draagt hieraan bij. Dit totaalbeeld geeft onze gemeente een positieve uitgangspositie; er zijn veel woningen waarin het goed mogelijk is (al dan niet na een investering) om zelfstandig oud te worden. Verhuizen naar een prettige en passende woning Een ander deel van de oudere inwoners zal de stap gaan zetten om te verhuizen. Niet noodzakelijk omdat de woning ongeschikt is, maar wel omdat men andere kwalitatieve woonwensen heeft. Zo zal een deel op zoek gaan naar een kleinere, gelijkvloerse woning. Een andere beweegreden kan zijn om dichterbij voorzieningen te wonen. Als deze stap wordt gezet is het vaak (van een koopwoning) naar een (sociale of particuliere) huurwoning. Wensverhuizers zijn niet te verleiden met de oudere, kleinere seniorenwoningen. Vaak wordt de prijs-kwaliteit verhouding als negatief beoordeeld: er is behoefte aan nieuw voor oud. Naast de categorie wensverhuizers bij ouderen, zijn er ook noodverhuizers. De noodverhuizer, vaak 85-plus, heeft vaak haast en behoefte aan geschikte woning, zorgzekerheid, full-service, met andere woorden; ‘woonzorg’. Dit raakt aan een derde groep ouderen.

Voor hen is het lastig om zelfstandig thuis te blijven wonen. Er is behoefte aan een bepaalde veiligheid en voorzieningen in de nabijheid. Deze groep heeft een relatief lichte zorgvraag en verblijft als gevolg van de extramuralisering niet in een verpleeghuis. Het is geen hele grote groep, maar gegeven de kwetsbaarheid van deze inwoners vormt het wel een belangrijke groep. Volgens woningmarktonderzoek zal er in totaal in 2030 in de gemeente Raalte een behoefte zijn aan ongeveer 140 geclusterde woonvormen (zelfstandig ‘samen’ wonen met zorg in de buurt) voor deze groep (op dit moment is er behoefte aan rond de 95 van dit soort woonvormen, tot 2030 neemt de behoefte dus toe met nog eens 45 woningen). Het gaat hier alleen om de groep waarvoor geldt dat vanwege intredende beperkingen clustering min of meer noodzakelijk is, daarnaast kan geclusterd wonen ook een wens van ouderen zijn. De zogeheten tussenvormen (tussen volledig zelfstandig wonen en verpleeghuis) bieden hierin een belangrijke uitkomst. Intramurale woonzorgvraag Tot slot zal ook de intramurale vraag (24-uurs zorg) stijgen, zo blijkt uit het woningmarktonderzoek. In de afgelopen jaren is de behoefte aan intramurale woonvormen namelijk afgenomen in onze gemeente. Zo daalde het aantal inwoners in een dergelijke woonvorm van 440 in 2013, naar 365 in 2018. Na 2018 is er echter een stijging ingezet.

De verwachting is dat de behoefte in 2030 rond de 535 ouderen (met zwaardere beperkingen) zal bedragen. Uit ons woningmarktonderzoek blijkt dat er in de periode 2013-2019 ca. 70 plaatsen zijn vrijgekomen in de verzorgingshuizen in onze gemeente. Mogelijk kan een deel van deze plekken worden gebruikt om de toenemende behoefte deels op te vangen. Daarbij geldt wel de kanttekening dat niet al het vastgoed daarvoor geschikt is om te voldoen aan de kwalitatieve woonzorgeisen. Bij verpleeghuisplaatsen is beddentoegankelijkheid van belang en ook voor geclusterde woonvormen kunnen specifieke eisen gelden.

3

•

Specialistische jeugdhulp (wonen) in de gemeente Raalte: Opgave: Ook rond de behoefte aan wonen bij specialistische jeugdhulp zijn er ontwikkelingen die invloed hebben op de situatie in onze gemeente. Bij ‘wonen’ betreft het hier het bieden van 24-uurs hulpverlening, waarbij veiligheid, stabiliteit en ontwikkeling (leefomgeving) centraal staat, aan jeugdigen (tot 21 jaar) die niet meer bij biologische ouders kunnen wonen (vanwege ernstige problemen thuis of vanwege eigen gedag of beperkingen) of als de biologische ouders er niet (meer) zijn. Uit onderzoek van de regio IJsselland blijkt dat er nu een tekort is aan kwalitatief goede gezinsvormen die wonen met intensieve begeleiding bieden in de regio IJsselland.

Het is daarom van belang om deze vorm van jeugdhulp te stimuleren, zodat er voldoende aanbod is. Dit tekort geldt met name voor de groep ‘moeilijk plaatsbare jeugdigen’, voor hen zijn er onvoldoende woonplekken in de regio. Ten gevolge van dit tekort blijven jeugdigen langer dan nodig wonen op een tijdelijke verblijfsplek. Een ander gevolg kan zijn dat zij onnodig moeten verplaatsen van verblijfsplek naar verblijfsplek, in afwachting van een passende woonmogelijkheid. Voor onze gemeente is het belangrijk om scherp te zijn op de match tussen vraag en aanbod. De inkoop van specialistische jeugdhulp speelt vanaf 1 januari 2022 nadrukkelijker in op deze ontwikkelingen door de financiering van wonen en zorg te scheiden, waardoor de plek waar een jongere woont niet af hoeft te hangen van het aanbod van een zorgaanbieder en bij voorkeur zo dicht mogelijk bij zijn of haar oorspronkelijke leefomgeving is. Deze beweging wordt in de nieuwe regionale visie – welke in het derde kwartaal van 2021 naar verwachting wordt vastgesteld – nader uitgewerkt. Deze beweging, welke zich richt op het stimuleren van meer kleinschalige en gezinsgerichte woonvormen wordt in het volgende onderdeel van de tekst ‘wat willen we bereiken?’ verder toegelicht. Conclusie is al wel dat er meer kleinschalig gezinsgericht aanbod nodig is om aan te sluiten bij de vraag en visie van de regio. •

Overige doelgroepen met ondersteunings-/zorgbehoefte in de gemeente Raalte: Opgave: Een soortgelijke transitie als bij de jeugdzorg vindt ook plaats rond inwoners met psychische en psychiatrische problematiek (ggz) die op dit moment nog beschermd wonen (BW) of in een maatschappelijke opvang (MO) verblijven. In deze voorzieningen is 24/7 begeleiding aanwezig. We streven ernaar dat inwoners zo zelfstandig mogelijk kunnen wonen. Om dit mogelijk te maken wordt de focus op ambulante ondersteuning en zorg gelegd. BW en MO wordt alleen geboden wanneer ambulante hulp voor een inwoner (nog) niet toereikend en passend is (en 24/7 begeleiding vereist). Het uitgangspunt is dat BW een tijdelijke onderbreking van zelfstandigheid is. De opgave is een goede overgang/uitstroom van BW naar een beschermd thuis te regelen voor kwetsbare mensen zodat zij zelfstandig kunnen wonen met ambulante ondersteuning.

In samenwerking met gemeenten in de regio Deventer worden BW en MO georganiseerd. Met deze betrokkenen is daarom het volgende gezamenlijke doel geformuleerd: “Om mogelijk te maken dat meer inwoners zelfstandig (in plaats van in een instelling) kunnen wonen is een goede huisvestingsketen nodig. Een keten met passende zorg en ondersteuning én met aandacht voor omwonenden en buurten.” De verwachting is dat er in onze gemeente tot en met 2023 gemiddeld drie personen per jaar uitstromen vanuit beschermd wonen. Voor deze uitstromers zal gelden dat ze zich veelal zullen vestigen in de sociale huursector; verdeeld over woningen tot de eerste of tweede aftoppingsgrens. Met SallandWonen zijn er werkafspraken vastgelegd over de huisvesting van deze doelgroep 4

Ook het ‘beschut wonen’ voor inwoners met LVB (licht verstandelijke beperking), NAH (niet aangeboren hersenletsel) en een stoornis in het autisme spectrum zal de aankomende jaren binnen de gemeente Raalte met een onbekend aantal toenemen. De vraag bij ouderen naar nultredenwoningen/levensloopbestendige bouwen komt overeen met de woonbehoefte van deze doelgroepen. Het is daarbij wel zaak om te kijken wat er gevraagd wordt door de specifieke doelgroep, bijvoorbeeld aangaande prijsniveau, extra aandacht voor veilig wonen of betere geluidsisolatie. Breder dan zorg De zorg wordt geregeld vanuit verschillende wetten: Zorgverzekeringswet (Zvw), Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), Wet langdurige zorg (Wlz), Jeugdwet. Financiering van die zorg vindt ook op verschillende wijze plaats. In de basis maakt het in onze gemeente echter niet uit vanuit welke wet iemand zorg ontvangt, het zijn allemaal inwoners van onze gemeente. En daarmee gaat de woonzorgopgave over wet- en regelgeving en domeinen heen. In de Regiovisie Midden-IJssel hebben we mede daarom een gezamenlijke visie opgesteld op de toekomst van zorg en ondersteuning. De woonzorgopgave gaat daarbij niet enkel over ‘zorg’ in de enge zin van het woord: iedere inwoner kan te maken krijgen met een bepaalde beperking of kwetsbaarheid, waardoor de vraag naar wonen verandert.

Het gaat over het ondersteunen en omkijken naar je buurman en over het zorgen voor jouw naasten. In die zin krijgen we allemaal te maken met zorg en dragen we allemaal, op ons eigen manier, bij aan de zorg voor de mensen om ons heen. Het gaat dus niet alleen over de daadwerkelijke zorg door professionals, maar over het welzijn van inwoners. Dit sluit aan bij de benadering van gezondheid vanuit de invalshoek Positieve Gezondheid. Hierbij ligt het accent op de veerkracht en eigen regie van inwoners en niet op de ziekte en beperking. Deze woonzorgopgave benaderen we dan ook onder andere vanuit de invalshoek Positieve Gezondheid.

5

2. Wat zijn de behoeften en wensen? •

Woonbehoefte/-wensen ouderen in de gemeente Raalte

Om een goed beeld te krijgen van deze behoeften en woonwensen zijn we op verschillende manieren in gesprek gegaan met de inwoners. Zo hebben we een beeld opgehaald via de ‘luistervinken’, maar hebben we bijvoorbeeld ook een onderzoek gedaan naar de woonwensen van 50+’ers in de gemeente Raalte. Hiervoor hebben we 856 inwoners (50+) gesproken. Ook de gezamenlijk (met 115 inwoners) opgestelde omgevingsvisie geeft ons input voor de woonwensen/noden van ouderen. Belangrijk voor onze gemeente is om de uitdagingen in nauw samenspraak met de inwoners aan te gaan. Alleen op deze manier kunnen we de aanpak optimaal vormgeven. Voor ons is het belangrijk om aan te sluiten bij de behoefte/wensen van (toekomstige) ouderen in de gemeente. Uit de bovenstaand beschreven onderzoeken komen een aantal signalen rond de behoefte/wensen van toekomstige ouderen in onze gemeente naar voren. Deze willen we graag meenemen in onze visie op wonen en zorg. Belangrijke elementen zijn: -

Er is behoefte aan sociale steunpunten in de nabijheid en nadrukkelijk de behoefte om (bij eventuele verhuizing) het eigen sociale netwerk in stand te kunnen houden. Ook in relatie tot de afname van mantelzorgers is dit van belang. Nabijheid van zorg en mantelzorgers verhogen de mogelijkheden om zelfstandig thuis te wonen van ouderen beduidend. Ook bij intramuraal wonen blijft het behouden van sociale structuren belangrijk: het draagt bij aan het welzijn en zorgt voor extra ondersteuning voor de oudere.

-

Er is welwillendheid bij ouderen in de gemeente Raalte om geclusterd te wonen, maar graag wel bijvoorbeeld gemengd met jongeren. De behoefte is dus zeker niet het wonen in typische ‘ouderenwoningen’. Hierbij wordt ook het behoud van groen in de woonomgeving als belangrijk element genoemd.

-

Ongeveer de helft van de 50+’ers in de gemeente Raalte wil graag oud worden in de eigen/huidige woning. De redenen hiervoor zijn met name dat men tevreden is met de eigen woning, de buurt en met de nabijheid van voorzieningen. Ook is er een onderliggende veronderstelling die hierin mee speelt. Veel mensen gaan ervan uit dat aanpassen hoe dan ook goedkoper zal zijn dan verhuizen. Volgens deze groep zijn relevante aanpassingen onder andere: slaapkamer op de begane grond, traplift, aangepast badkamer en toilet en het verwijderen van drempels. Noemenswaardig is dat met name ouderen in het buitengebied minder bereid lijken te zijn om te verhuizen. Ook valt op dat hoe hoger de leeftijd van de inwoner, hoe lager de verhuisbereidheid. Hierin komt de noodzaak nog eens naar voren om preventief na te gaan denken over de mogelijkheden.

-

39% van de huidige 50+’ers is nog een keer van plan te verhuizen. Van deze groep geeft bijna 70% aan te willen verhuizen ‘ruim voordat ze niet meer voor zichzelf kunnen zorgen’. De woonwensen van deze groep richten zich met name op de nabijheid van voorzieningen, de locatie (wens om in het eigen dorp en nabij het sociale netwerk te blijven wonen) en het feit dat de woning gelijkvloers dient te zijn. De overige 10% weet nog niet of het in de toekomst wil verhuizen. Dit is volgens hen voor een groot deel afhankelijk van de gezondheid. 6

-

Ongeveer 4/5 deel van de bevraagde inwoners geeft aan nog niet bezig te zijn met aanpassingen van het huis. Onder andere onvoldoende kennis, ‘niet weten waar te beginnen’ en de verwachting dat het een te hoge investering vraagt spelen hierbij een belangrijke rol. Voor de gemeente is het zaak om zichtbaar te zijn en te ondersteunen/informeren in het geval van gebrekkige informatie bij de inwoners.

-

Tenslotte is in de enquête ook gevraagd wat de gemeente kan doen om ouderen langer zelfstandig thuis te kunnen laten wonen. Een belangrijk advies aan de gemeente is allereerst om te gaan bouwen of om ‘geschikte woningbouw’ mogelijk te maken. Hierin heeft de gemeente een rol als het gaat om het woningbouwprogramma, locaties en vergunningsverlening. Een tweede belangrijke aanbeveling betreft het tijdig informeren/adviseren van ouderen in de gemeente. Er is behoefte aan ondersteuning en advies als het gaat om het verkennen van de opties en het maken van een juiste, duurzame keuze.

•

Specialistische jeugdhulp (wonen) in de gemeente Raalte:

Rond de doelgroep specialistische jeugdhulp sluiten wij ons volledig aan bij het uitgangspunt van de regio IJsselland: elke jeugdige verdient het om gezond en veilig op te groeien; dit betekent voor elke jeugdige uit onze regio een liefdevolle en stabiele leefomgeving die perspectief biedt, zo kleinschalig (max. 6 kinderen) en gezinsgericht mogelijk en bij voorkeur in de buurt van de huidige leefomgeving. Het is dus zaak om bij wonen voor deze doelgroep te gaan kijken naar plaatsingen, zoveel als mogelijk binnen het bestaande netwerk van de jeugdige. Op deze manier kan het onderwijs en vrije tijd van de jeugdige zoveel mogelijk op dezelfde manier worden voortgezet. Hierom is er een belangrijke rol voor goede matching. Het uitgangspunt is dus om de jeugdige het liefst bij familie of bekenden van het gezin te plaatsen, om zo continuïteit zoveel als mogelijk te waarborgen. Indien dat geen optie is, dan wordt er gekeken naar een gezinsvorm. In deze matchingsfase worden de ouders en, afhankelijk van de leeftijd, de jeugdige zelf zoveel als mogelijk betrokken. Het huidige aanbod van gezinsgerichte kleinschalige woonvormen is te klein, er zijn niet voldoende plekken om jeugdigen in onze regio te laten verblijven. Het betekent dus ook dat we als gemeente open moeten staan voor (het creëren van) dergelijke woonvormen binnen onze gemeentegrenzen.

Naast specialistische jeugdhulp, zijn ook overige kwetsbare jongeren een belangrijke doelgroep. Dit zijn onder andere jongeren die uitstromen uit jeugdzorg en behoefte hebben aan een goedkope woonruimte. Ook betreft deze relatief goedkope huurwoningen is er krapte; er is behoefte aan meer goedkope huurwoningen voor deze doelgroep. •

Overige doelgroepen met ondersteunings-/zorgbehoefte in de gemeente Raalte:

Voor de doelgroepen rond uitstroom BW en MO, maar ook andere doelgroepen is het belangrijk dat zij fijn en veilig kunnen wonen in onze gemeente. Hierbij is het belangrijk dat er oog is voor draagkracht in de buurt: inclusiviteit en draagkracht dienen een vast onderdeel van gesprek te zijn bij het bouwen of herinrichten van wijken. Het is hierbij essentieel om het gesprek in alle openheid met de bewoners te voeren. Tenslotte is ook de juiste ondersteuning (dichtbij) voor hen zelf van groot belang. Maar ook om samen een inclusieve buurt te kunnen vormen: ken je buren, wellicht kan iemand geholpen worden met een klein gebaar. Bovendien is het belangrijk te weten waar je terecht kunt met signalen en vragen wanneer je je zorgen maakt, maar zelf niet weet wat te doen. Dit vormen de belangrijkste uitgangspunten voor deze doelgroepen. Een uitgebreide uitwerking van deze punten zijn te lezen in de volgende paragraaf ‘Wat willen we bereiken?’. 7

3. Wat willen we bereiken? We staan voor een inclusieve samenleving: we willen het mogelijk maken dat zoveel mogelijk inwoners op een veilige en verantwoorde manier zelfstandig thuis kunnen (blijven) wonen in onze gemeente. Ook als dit door een bepaalde beperking of kwetsbaarheid minder vanzelfsprekend is. Dat houdt in dat er in onze gemeente huisvestingsmogelijkheden zijn die zoveel mogelijk aansluiten op de woonwens van mensen uit kwetsbare doelgroepen en die passen bij de eigen mogelijkheden en zwaarte van de zorgvraag. Naast het sturen op het wonen en de woonomgeving, gaat het hierbij ook nadrukkelijk om andere thema’s die bijdragen aan het langer zelfstandig thuis kunnen wonen: meedoen, zelfredzaamheid en ondersteuning. Voor ons gaat het bij een inclusieve samenleving ook over omzien naar elkaar, ontmoetingen faciliteren en samenhang creëren in wijken. Zo hebben uitstromers van BW over het algemeen behoefte aan goedkope huurwoningen. Het risico hierbij is dat men veelal in ‘goedkope wijken’ komt te wonen, wat in veel gevallen zorgt voor een concentratie van sociaaleconomische problematiek. Dit vraagt om een tijdige analyse van de draaglast/kracht van wijken en buurten, en om in de bereidheid ook buiten de geijkte wijken op zoek te gaan naar geschikte woonruimte voor uitstromers.

Diversiteit van wijken is een uitgangpunt van het programma Wonen en ligt ook in het verlengde met een belangrijk speerpunt uit ons transformatieplan (sociaal domein). Hierin beschrijven we hoe we meer wijkgericht te werk willen gaan in onze gemeente. Voor de doelgroep is daarnaast een ‘zachte landing’ in de wijk essentieel. Voor een zachte landing is goede communicatie met inwoners en steunpunten in de nabijheid cruciaal. Woonlocaties voor langdurige zorg (Wlz) kunnen een voorbeeld zijn van een dergelijk steunpunt. Waar inwoners ook geholpen worden wanneer zij zorgen hebben over een buurtgenoot. Het kunnen behouden van het sociaal netwerk draagt bij aan een goede landing in de wijk. Een ander aandachtspunt bij toekomstig aanbod is om de kwaliteit van de omgeving (aanwezigheid vrijwilligers, bestaande voorzieningen, etc.) direct mee te nemen bij de plannen. Het versterken van de inclusieve samenleving doen we enerzijds door in te zetten op preventie en uit te gaan van positieve gezondheid. Steeds meer inwoners krijgen te maken met één of meer chronische aandoening(en). Een gezonde levensstijl kan een positieve bijdrage leveren aan het tegengaan van deze aandoeningen. Speciale aandacht gaat hier bijvoorbeeld uit naar leefstijl en overgewicht bij kwetsbare groepen.

Ook gerelateerde sociale thema’s speler hierbij een rol: het is belangrijk om in dit kader nog meer in te zetten op de aanpak van eenzaamheid, stress en schuldenproblematiek. Hierbij gaan we in onze gemeente uit van positieve gezondheid. Voor ons staat niet de aandoening centraal, maar plaatsen we een betekenisvol leven centraal. De nadruk ligt op de eigen veerkracht, regie en aanpassingsvermogen. Dit in tegenstelling tot een focus op de beperkingen die de aandoening/ziekte met zich meebrengt. In kader van preventie zijn een structurele aanpak, goede sociale netwerken (noaberschap), goede voorliggende voorzieningen en een verbindende rol voor sleutelfiguren in wijken en dorpen cruciaal. -

In het verlengde hiervan is het versterken van eigen regie en zelfstandigheid van onze inwoners belangrijk. Door inzet op eigen regie, sociale netwerken rond inwoners te versterken, mantelzorgers optimaal te ondersteunen en aandacht te hebben voor passende woonvoorzieningen willen we dit versterken. Belangrijk hierin is voor ons om goed te luisteren naar de behoeften en ideeën van inwoners (en mantelzorgers) en participatie in de wijken te stimuleren.

8

-

Ter bevordering van de zelfredzaamheid en voorkoming van eenzaamheid is ontmoeting van groot belang. Niet elke inwoner kan in of bij het centrum wonen, dat is ruimtelijk niet mogelijk. Het is daarom van belang dat er een centraal punt in de wijk of kern is en goede vervoersmogelijkheden. We houden de bestaande maatschappelijke voorzieningen (MFA’s) in stand voor het behoud van het “noaberschap”. Speciale aandacht gaat hierin uit naar het ‘dementievriendelijk’ maken van onze wijken.

Daarnaast gaat het bij het versterken van de inwoners om bewustwording: het is belangrijk voor inwoners om op tijd na te gaan denken over het ouderen worden. Het doel is dat inwoners zelf de juiste dingen, tijdig gaan ondernemen om zo zelfstandig te kunnen blijven wonen. Hierbij is er altijd een vangnet: de gemeente heeft een belangrijke rol in het bewustmaken, (laagdrempelig) ondersteunen en adviseren van inwoners die te maken krijgen met dit vraagstuk. - Dat deze behoefte er is, blijkt ook uit de enquête, afgenomen onder 50-plussers in onze gemeente. Hieruit wordt duidelijk dat inwoners die nadenken over aanpassingen aan het huis niet altijd weten waar ze moeten beginnen. Bij hen is er behoefte aan onafhankelijk advies. Ditzelfde geldt voor mensen die willen doorstromen naar geschiktere woning: zij hebben behoefte aan ontzorging en advies in de verhuiskeuze. Een mogelijkheid om hier vorm aan te geven is door de beschikbaarheid van een onafhankelijk wooncoach voor inwoners. Onze (kwetsbare) inwoners moeten een geschikte woning kunnen vinden. Dit kunnen appartementen zijn, maar nadrukkelijk ook grondgebonden levensloopbestendige woningen (1-2 persoonswoningen, betaalbaar). Onze ambitie is dat: 80% van de nieuwbouw op inbreidingslocaties levensloopbestendig is. Ook op locaties verder van het centrum gelegen bouwen we zo veel mogelijk levensloopbestendig.

Dit betekent niet dat er direct een senior gaat wonen, deze woningen kunnen ook geschikt zijn voor bijvoorbeeld starters of kwetsbare doelgroepen, maar dit draagt wel bij aan een meer levensloopbestendige woningvoorraad. Diversiteit en spreiding over de wijken geldt hierbij voor ons als belangrijk uitgangspunt. Er moet hierbij ruimte zijn voor kleinschalige wooninitiatieven door en voor onze inwoners. We zien een behoefte onder senioren aan zelfstandig maar meer geclusterd wonen (al dan niet met gezamenlijke voorzieningen). Initiatieven in bijvoorbeeld Collectief Particulier Opdrachtgeverschap voor en door senioren en initiatieven voor geclusterd wonen (al dan niet met gezamenlijke voorzieningen) ondersteunen we van harte. Geclusterde woonvoorzieningen zien we bij voorkeur in de nabijheid van, of in samenwerking met, zorgvoorzieningen ontstaan (in alle kernen). Tenslotte is het bieden van de goede, passende zorg en ondersteuning (dichtbij wonen) ook een belangrijk uitgangspunt voor onze gemeente. Doordat de zorgvraag zal groeien en er anderzijds een krapte ontstaat aan zorgkrachten op de arbeidsmarkt, kan de toegankelijkheid, kwaliteit en betaalbaarheid van zorg in het gedrang komen. Om deze reden is het extra belangrijk om de juiste zorg op de juiste plek aan te bieden.

Bijvoorbeeld door een betere doorstroom van patiënten/cliënten te realiseren en door zorg slim te verplaatsen. Naast het bieden van voldoende intramurale of beschutte woonvormen zijn ook de 9

zogenoemde tussenvormen voor ouderen zeer relevant. Het meer geclusterd wonen, in de nabijheid van zorg, biedt een antwoord op de uitdagingen rond schaarste van arbeidskrachten/zorg. Ook betreffende specialistische jeugdhulp is het van belang om passende ondersteuning te bieden. Hierbij komt ook nogmaals het belang naar voren om goed aan te sluiten bij het sociale netwerk en passende voorzieningen van de jeugdige. - Het streven is om, met speciale aandacht voor zorg en veiligheid, de zorgactiviteiten voor onze inwoners goed op elkaar te laten aansluiten. Dit moet breed georganiseerd worden, over de schotten van wet- en regelgeving heen. Extra aandacht hebben we daarin voor individuen bij wie de kwaliteit van zorg en ondersteuning in het gedrang komen doordat ze zich op het snijvlak bevinden van wetgeving, diagnoses en systemen. Conclusie Belangrijk bij alle doelgroepen is om goed te onderzoeken hoe de vraag en woonbehoefte zich de aankomende jaren gaat ontwikkelen, dit willen we in gezamenlijkheid doen met onze inwoners en partners. Op deze manier willen we zo goed als mogelijk aansluiten bij de woonbehoefte, zowel bij ouderen als bij andere (kwetsbare) doelgroepen. Zo valt in het huidige beeld op dat de huisvestingsbehoeften van de zorgdoelgroepen op veel vlakken overeenkomen met de behoefte van starters: zelfstandige 1-2 persoonsappartementen.

Vanuit alle kanten wordt ook duidelijk dat diversiteit in de wijken (en wooncomplexen) belangrijk is vanuit het oogpunt van leefbaarheid en om te kunnen meebewegen met de vraag in de markt. Dit vraagt om courante/gangbare woonoplossingen die aantrekkelijk en bruikbaar zijn voor meerdere doelgroepen. Dit gegeven maakt nog eens extra duidelijk hoe belangrijk het is om een goed beeld te hebben en houden van de woonbehoefte van de diverse (zorg)doelgroepen. Ook vraagt het om een gebiedsgerichte aanpak. Geen wijk of dorp is hetzelfde en er moet dus per wijk gekeken worden naar de passende invulling. De afname van het aantal mantelzorgers zorgt daarnaast voor een toenemend belang van nabijheid tussen van zorgvrager en mantelzorger. Ook bij intramuraal wonen is het belangrijk dat sociale structuren zoveel als mogelijk behouden blijven, voor het welzijn en extra ondersteuning rond de zorgvrager. Het noaberschap in onze gemeente is in dit kader een zeer helpende factor voor de zelfredzaamheid van onze inwoners. Hoe dan ook is het zaak om oog te hebben voor een goede verspreiding over de wijken, draagkracht in de buurt en om passende ondersteuning/voorzieningen dichtbij te organiseren. Dit kan alleen door intensief samen te werken met onze inwoners en samenwerkingspartners.

10

4. Hoe gaan we dit bereiken? In thema 1 van het Programma Wonen staan al diverse actiepunten beschreven om de ambitie van langer zelfstandig wonen in onze gemeente te bereiken. In dit hoofdstuk geven we aan hoe we dit gaan oppakken. Intensivering samenwerking Een goede samenwerking op het gebied van wonen, de omgeving, welzijn en zorg is cruciaal. Dit begint bij het voelen van de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de woonzorgopgave. En vervolgens uiteraard ook het pakken van die verantwoordelijkheid. Hierin zijn onze inwoners en samenwerkingspartners onmisbare schakels. Door niet de zorg centraal te stellen, maar de inwoner als vertrekpunt te nemen, kom je al snel op gedeelde belangen van diverse betrokkenen. En dan gaat er samenwerking plaatsvinden. Een mooi voorbeeld zijn de netwerkbijeenkomsten wonen, zorg en welzijn. Hier nemen zorg- en welzijnspartijen, woningcorporatie en gemeenten Raalte en Olst-Wijhe aan deel. Ook tijdens de presentatie van het rapport Wlz huisvestingsopgave bleek uit de hoge en diverse opkomst dat de uitdagingen en de urgentie breed worden gevoeld. Van ruimtelijk tot sociaal domein, van lokaal tot provinciaal niveau. Op regionaal niveau hebben gemeenten, zorgorganisaties, zorgverzekeraar gezamenlijk hun ambities vastgelegd in de Regiovisie Midden-IJssel. Meerdere ambities hebben raakvlakken met de woning en woonomgeving van inwoners.

Al deze samenwerkingen zijn geen doel op zich, maar wel noodzakelijk om uitvoering te geven aan de woonzorgopgave. De vaststelling van het Programma Wonen en daarmee ook de woonzorgvisie is een mooi moment om binnen de verschillende samenwerkingsverbanden te kijken naar doelstellingen en (uitvoerings)afspraken: waar ligt de focus; waar zit er overlap; wat ontbreekt er; waar liggen mogelijke verbindingen en kansen? We streven naar het benutten van bestaande samenwerkingen en zo min mogelijk realiseren van nieuwe overlegstructuren. Actualiseren actieplan zelfstandig thuis wonen In september 2017 is het actieplan zelfstandig thuis wonen vastgesteld. Bij de totstandkoming van het actieplan zijn diverse personen en organisaties betrokken geweest. Om uitvoering te geven aan deze woonzorgvisie hebben we een goede basis liggen in het actieplan. Dit plan gaan we actualiseren en aanvullen met hetgeen we ons hebben voorgenomen in hoofdstuk 3 van deze woonzorgvisie. Ook de acties die beschreven staan bij thema 1 van dit Programma Wonen zullen opgenomen worden in het actieplan. Deze actualisatie zullen we wederom in samenspraak doen met diverse betrokken personen en organisaties. We vinden het belangrijk om in de uitwerking van het te actualiseren actieplan nadrukkelijk de samenwerking te zoeken met onze inwoners.

11

Bronvermelding Aan de totstandkoming van de woonzorgvisie hebben de volgende bronnen ten grondslag gelegen: - Transformatieplan ‘Doen wat nodig is!’ - Beleidsplan sociaal domein (’20-’24) - Actieplan zelfstandig thuis wonen - Rapport: Woningmarktonderzoek Raalte - Rapport: Huisvestingsopgave opvang en bescherming centrumgemeente Deventer - Rapport: Wlz huisvestingsopgave 2040 (Salland) - Rapport: Regiovisie Midden-IJssel - Rapport: Eindrapportage Monitor Gezond Wonen (provincie Overijssel) - Uitvoeringsplan: doorontwikkeling inkoopmodel Regio IJsselland - Inkoopstrategie: doorontwikkeling inkoopmodel regio IJsselland - Resultaten enquête: ‘Enquête woonwensen 50-plussers in Raalte’ - Luistervinken Raalte

12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Raalte&id=7d7390c9-fcd3-4204-8129-7099d2c73ba0