CConstaterende datRaalte
Koppel je AI →
Document · PDF

Informatienotitie Raad vernieuwing regionale samenwerkingsafspraken BW-MO

Informatievoorziening raad 31 maart 2021, gemeente RaalteBij agendapunt: Informatienotitie Raad vernieuwing regionale samenwerkingsafspraken BW-MO1.956 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

INFORMATIENOTITIE RAAD Onderwerp

Vernieuwing regionale samenwerkingsafspraken beschermd wonen en maatschappelijke opvang

Zaaknummer

21872-2021

B&W vergadering

23 maart 2021

Portefeuillehouder

Mevr. G.H. (Gerria) Toeter

Behandelend ambtenaar

Ellen ten Hove telefoon: 06 53 59 21 45 e-mail: ellen.ten.hove@raalte.nl

Kennis te nemen van

Het concept samenwerkingsconvenant beschermd wonen, maatschappelijke opvang, openbare geestelijke gezondheidszorg (oggz) en verslavingszorg gemeenten Deventer, Lochem, Olst-Wijhe, Raalte en Zutphen 2023. Met daarin aangepaste afspraken rondom financiën ter voorbereiding op de voorgenomen doordecentralisatie rijksmiddelen beschermd wonen. Het college stelt de raad voor om geen zienswijze in te dienen en in te stemmen met voorgestelde reactiebrief.

Inleiding

De gemeenten Deventer, Olst-Wijhe, Lochem, Raalte en Zutphen werken sinds 1-1-2015 samen op het gebied van beschermd wonen en maatschappelijke opvang (op grond van de Wmo 2015). Dit met het oog op een doeltreffende en doelmatige uitvoering van de wettelijke opdracht om zorg te dragen voor de continuïteit en kwaliteit van beschermd wonen en maatschappelijke opvang (alsmede de toegang daartoe). In die samenwerking is de gemeente Deventer door het Rijk aangewezen als centrumgemeente. De centrumgemeente Deventer ontvangt sinds 1-1-2015 rijksuitkeringen voor enerzijds beschermd wonen en anderzijds maatschappelijke opvang ten behoeve van de hele regio. Om de bestaande samenwerkingsafspraken vast te leggen is eerder onderling een convenant aangegaan. Met het oog op de door het Rijk voorgenomen ‘doordecentralisatie rijksmiddelen beschermd wonen’ (inmiddels voorgenomen per 1-1-2023) beogen de gemeenten de regionale samenwerkingsafspraken te actualiseren en te vernieuwen. Hiertoe is het bestaande samenwerkingsconvenant geactualiseerd en vernieuwd. De belangrijkste wijziging betreft artikel 7.

De gemeenteraden zijn juist voor de start van de coronamaatregelen via een raadsinformatiebijeenkomst op 10 maart 2020 in de gelegenheid gesteld om zich te informeren over de huidige samenwerking en de veranderingen in verband met de landelijke aangekondigde doordecentralisatie rijksmiddelen beschermd wonen. Nu er een landelijk principebesluit is wordt middels deze informatienotitie aan de betrokken gemeenteraden tijdig de gelegenheid gegeven eventuele wensen en bedenkingen kenbaar te maken ten aanzien van de te vernieuwen samenwerkingsafspraken. Dit conform artikel 160 Gemeentewet.

Kernboodschap

Het college beoogt – in afstemming met de andere betrokken gemeenten – een gedegen en tijdige regionale voorbereiding op de door het Rijk voorgenomen doordecentralisatie rijksmiddelen beschermd wonen, waarbij uw raad tijdig betrokken is. Met een vernieuwd concept-convenant, die opnieuw in samenwerking tussen de gemeenten tot stand gekomen is, bereiden we ons regionaal reeds voor op de periode vanaf 1-1-2023, te weten de datum waarin gemeenten en Rijk beogen de doordecentralisatie rijksmiddelen beschermd wonen in te laten

gaan. De belangrijkste wijziging in het convenant is de financiële bijdrage die iedere gemeente zal leveren om de regiotaken gezamenlijk uit te kunnen blijven voeren. Daarnaast zijn er enkele tekstuele wijzigingen gedaan ter verduidelijking en bevordering van de leesbaarheid. In de samenwerking zelf zal er niets veranderen, deze wordt als positief ervaren. De gemeenteraad wordt daarom nu (dit voorjaar 2021) in staat gesteld om eventuele wensen en bedenkingen vroegtijdig ter kennis van het college te brengen met het oog op de voorgenomen vernieuwing van de regionale samenwerkingsafspraken. Deze kunnen door ons college dan tijdig ingebracht worden in de regionale samenwerking. Verzoek is dan ook om dit voorjaar 2021 eventuele wensen en bedenkingen kenbaar te maken. Eind 2021 wordt definitieve landelijke besluitvorming verwacht met betrekking tot de doordecentralisatie rijksmiddelen beschermd wonen en voor die tijd wensen de samenwerkende gemeenten gereed te zijn om ook daarna tijdig regionaal invulling te kunnen geven aan het landelijke besluit.

Nadere toelichting

Wat ging aan de zgn. doordecentralisatie rijksmiddelen beschermd wonen vooraf? In 2015 bracht de VNG-adviescommissie toekomst beschermd wonen (zgn. “commissie Dannenberg”) in opdracht van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) een advies uit over de toekomst van het beschermd wonen. De commissie schreef een toekomstvisie over beschermd wonen, inclusief uitgangspunten voor een financieel (objectief) verdeelmodel en samenwerking tussen gemeenten. In het rapport ‘Van beschermd wonen naar een beschermd thuis’ stelt de commissie de leefomgeving, behoeften en doelen van de cliënt zelf centraal. In het rapport worden randvoorwaarden en condities aangegeven om tot sociale inclusie te kunnen komen. Het rapport van de commissie mocht op veel positieve reacties rekenen en vormt de basis voor landelijk- en regionaal beleid. De beoogde transformatie is regionaal vervat in de door uw raad vastgestelde regionale visie en actieplan inzake beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Waarom dienen de samenwerkingsafspraken aangepast te worden? Vanuit de visie van de landelijke commissie transformatie beschermd wonen is recent (december 2020) landelijk in principe besloten vanaf 1-1-2023 de rijksmiddelen beschermd wonen objectief te verdelen van de centrumgemeente (t.b.v. de regio) naar iedere individuele gemeente (met daarbij een samenwerkingsplicht tussen gemeenten, dus ook t.b.v.

de regio). Omdat de budgetten daarmee anders zullen gaan lopen dan nu dienen de bestaande samenwerkingsafspraken ten aanzien van de financiële middelen in elk geval aangepast te worden. Het Rijk werkt in overleg met gemeenten (via de VNG) al enige tijd aan de voorbereiding van deze doordecentralisatie rijksmiddelen beschermd wonen. Met het oog op een zorgvuldige voorbereiding is de landelijke invoeringsdatum recent uitgesteld tot 1-1-2023. Achtergrond daarvan is de te hanteren objectieve verdeling over regio’s (en gemeenten) nog in consultatie gebracht moet worden. Landelijke besluitvorming wordt nu verwacht in het najaar 2021. Een belangrijke voorwaarde voor landelijke besluitvorming is en blijft een niet-vrijblijvende vorm van regionale samenwerking. Wat zijn de ervaringen met de bestaande regionale samenwerking? De bestaande regionale samenwerking is geëvalueerd. Hieruit komt naar voren dat de samenwerking:  Zorgt voor bundeling van regionale expertise;  Stabiel is, en goed werkt;  Een doelmatige inzet van gelden mogelijk maakt;  Leidt tot positieve resultaten. Kortom, er zijn goede ervaringen opgedaan met deze regionale samenwerking. De lichte vorm van samenwerking in de vorm van een convenant wordt positief gewaardeerd. Dit geldt eveneens voor de wijze waarop de regionale organisatie is vormgegeven.

Kernbegrippen zijn: gelijkwaardige inbreng, korte lijnen, solidariteit en samen optrekken. Gemeenten zitten ‘samen aan het stuur’. Welke keuze wordt nu gemaakt met dit vernieuwde convenant? Het vernieuwde convenant bouwt voort op de bestaande samenwerking. De vijf samenwerkende gemeenten – Deventer, Olst-Wijhe, Lochem, Raalte en Zutphen– geven voor beschermd wonen en maatschappelijke opvang samen vorm aan de contacten met cliëntvertegenwoordigers, dragen samen zorg voor regionale toegang, 2

subsidiering van aanbieders alsmede het accountmanagement (contacten met deze aanbieders), monitoring en beleidsvorming. De betreffende gemeenten wensen hier mee door te gaan. Ook is er de wens om de financiële onderlinge afspraken in de toekomst op vergelijkbare wijze (als nu) vorm te geven, maar daarbij wel rekening houdend met de doordecentralisatie van rijksmiddelen beschermd wonen, te verwachten per 1-1-2023. Met de bestaande samenwerking kan voldaan blijven worden aan de verplichte regionale samenwerking. Wat verandert er waardoor een vernieuwd convenant noodzakelijk is? De gemeente Deventer vervult de rol van centrumgemeente en ontvangt tot 1-1-2023 de rijksmiddelen voor de uitvoering van de taken ten behoeve van de regio als geheel. De verandering die met ingang van 1-1-2023 effect heeft, is dat de rijksmiddelen beschermd wonen niet meer naar de centrumgemeente Deventer als geheel gaan, maar naar iedere afzonderlijke gemeente. Alle vijf gemeenten krijgen (in een geleidelijke opbouw vanaf 1-1-2023) rechtstreeks middelen voor beschermd wonen. De rijksmiddelen voor maatschappelijke opvang blijven voorlopig wel bij de centrumgemeente. Deze verandering qua geldstromen vraagt aanpassing van het bestaande convenant.

Wat is de belangrijkste wijziging ten opzichte van het bestaande convenant? Het vernieuwde convenant betekent dat met ingang van 1-1-2023 de vanaf dat moment te ontvangen lokale ‘beschermd wonen’-middelen gaan bijdragen aan de regionale begroting en realisatie van de regionale samenwerking ten aanzien van beschermd wonen. De belangrijkste wijziging betreft dan ook artikel 7 van het convenant. Dit artikel gaat over de bijdrage vanuit de gemeenten Deventer, Lochem, Olst-Wijhe, Raalte en Zutphen aan de samenwerking. Omdat de rijksmiddelen vanaf 1-1-2023 stapsgewijs deels naar de vijf gemeenten gaan, is vanuit elke gemeente vanaf 1-1-2023 een bijdrage nodig om financiële continuïteit te creëren om de regiotaken (artikel 5 van het convenant) samen uit te kunnen blijven voeren, waardoor toegang tot en continuïteit en kwaliteit van beschermd wonen en maatschappelijke opvang gewaarborgd is. Een belangrijke wijziging gaat daarbij over het uitgangspunt om de door het Rijk toe te kennen financiële middelen beschermd wonen vanuit elke gemeente in te zetten ten behoeve van de uitvoering van de regionale samenwerking beschermd wonen en maatschappelijke opvang.

Wat zijn de verwachtingen ten aanzien van de herverdeling (objectivering) van rijksmiddelen beschermd wonen voor de regio? Met de doordecentralisatie van rijksmiddelen beschermd wonen (van centrumgemeenten naar alle gemeenten) worden deze rijksmiddelen gelijktijdig objectief landelijk herverdeeld tussen regio’s (van historische verdeling naar objectieve verdeling). De voorlopige uitkomsten zijn recent door het Rijk gepubliceerd en worden binnenkort (ook dit voorjaar 2021) in consultatie gebracht bij de gemeenten. Deze voorlopige objectieve verdeling leidt tot een stijging van de rijksmiddelen voor de samenwerkingsregio als geheel in vergelijking met de huidige historische verdeling van de rijksmiddelen beschermd wonen die de regio nu ontvangt. Tegelijkertijd is nog verre van zeker dat tot de voorliggende objectieve verdeling landelijk ook daadwerkelijke besloten zal worden. Mocht dit najaar 2021 landelijk besloten worden tot de doordecentralisatie van rijksmiddelen beschermd wonen per 1-1-2023 middels de nu gepubliceerde voorgenomen landelijke objectieve verdeling dan betekent dit voor de gemeenten die deze samenwerkingsregio vormen dat hiermee in elk geval een positief financieel effect zal ontstaan.

Alhoewel door de waarborgen die opgenomen zijn in het convenant de financiële risico’s goed zijn afgedekt, zouden daarmee de financiële risico’s met het voortzetten van de samenwerking nog verder verminderd worden.

Vervolg

Het college geeft de raad het advies om kennis te nemen van het concept convenant. De aanpassingen zijn noodzakelijk gezien de landelijke ontwikkelingen en tevens besproken met de financiële en juridische adviseurs van de betrokken gemeenten. Het college heeft een reactie voorbereid in een reactiebrief. De raad wordt gevraagd om binnen twee weken hierop te reageren. Indien er geen reactie komt, zal de brief ongewijzigd worden verstuurd. Nadat de raden van de vijf samenwerkende gemeenten de gelegenheid is gegeven hun zienswijze, en daarmee hun eventuele wensen en bedenkingen, kenbaar te maken aan het colleges, zullen de vertegenwoordigers van 3

de vijf colleges, deze zienswijzen bespreken in overeenstemming gericht overleg en besluiten op welke wijze de zienswijzen van de raden dienen te leiden tot aanpassingen van het voorgenomen vernieuwde convenant. Dit vindt plaats in het regionaal bestuurlijk overleg beschermd wonen en maatschappelijke opvang, zoals ook vastgelegd in het bestaande convenant. In beginsel zal dit plaatsvinden op 24 juni 2021. Resultaat hiervan is dat er voor het zomerreces 2021 een samenwerkingsconvenant gereed is voor de periode vanaf 1-1-2023, waarbij de zienswijzen van de vijf betrokken gemeenteraden zo maximaal mogelijk zijn betrokken. Vervolgens wordt in het najaar 2021 een landelijk besluit verwacht over de doordecentralisatie van rijksmiddelen per 1-1-2023. Wordt dit landelijke besluit inderdaad genomen dan wordt zo spoedig na dat landelijke besluit, een formeel instemmingsbesluit aan de betrokken gemeenteraden gevraagd. Dit met het oog op het budgetrecht van de raden en aangezien een belangrijke wijziging van de samenwerking het uitgangspunt is om de door het Rijk toe te kennen financiële middelen beschermd wonen vanuit elke gemeente in te zetten ten behoeve van de uitvoering van de regionale samenwerking beschermd wonen en maatschappelijke opvang.

Indien de vijf raden dit instemmingsbesluit nemen, zullen de colleges zo spoedig mogelijk daarna ook formeel overgaan tot het aangaan van het vernieuwde convenant, wat vervolgens als ingangsdatum 1-1-2023 zal kennen, met intrekking van het huidige convenant op dezelfde datum.

Bijlage 1.

2.

Concept-samenwerkingsconvenant beschermd wonen, maatschappelijke opvang, oggz en verslavingszorg gemeenten Deventer, Olst-Wijhe, Lochem, Raalte en Zutphen 2023. Reactiebrief

Communicatie N.v.t.

Burgemeester en wethouders van Raalte,

de secretaris Karin Cornelissen

de burgemeester Martijn Dadema

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Raalte&id=3aeb60d9-961a-4e36-b57d-cab31ad724a5