Bstuur DP- reactie op reden einde samenwerking directeur website
Tekst van het document
Bestuur De Productie p/a Zwolsestraat 16 8101 AC Raalte Raalte, 09 november 2021
Onderwerp: besluit beëindiging samenwerking Geacht bestuur van De Productie, Eind vorig jaar zijn jullie als nieuw bestuur van De Productie geïnstalleerd. De start van het nieuwe bestuur was moeizaam. Jullie interpretatie over het collegebesluit rondom de governance was volledig anders dan hetgeen door het vorige bestuur met mij als directeur en met de OR was afgesproken. Als we de interpretatie van het nieuwe bestuur hadden gevolgd, was het bestaansrecht van De Productie binnen 2 jaren in gevaar gekomen. Jullie interpretatie was immers de infrastructuur van beschut binnen alleen te mogen gebruiken voor de SW-medewerkers. Met het oog op de toenemende uitstroom en geen nieuwe instroom was het rendement binnen genoemde periode dusdanig negatief geworden dat het open houden van deze locatie serieus in gevaar was gekomen. Na enkele maanden, en meerdere (moeizame) gesprekken zijn jullie gelukkig tot dezelfde conclusie gekomen als De Productie / vorig bestuur, maar we kunnen denk ik spreken van een ‘valse’ start van het nieuwe bestuur. Bovenstaande heeft ertoe geleid dat we pas na deze ervaring zijn begonnen aan de samenwerking tussen bestuur en De Productie. Ik schat in dat we toen inmiddels in april beland waren. In juli heeft het bestuur van De Productie mij aangegeven de samenwerking met mij te willen beëindigen.
Het heeft mij verbaasd dat het nieuwe bestuur na zo’n korte periode tot zo’n ingrijpend besluit kwam. Ook de reden van beëindiging heeft mij verbaasd, namelijk dat ik mij te weinig pro-actief in de bestuurlijke overleggen had opgesteld. Toen ik aangaf dat niet te herkennen en vroeg naar een voorbeeld werd het proces rondom de begroting genoemd. Niet erg geloofwaardig, moest de voorzitter later zelf ook wel toegeven. Na het individuele gesprek met mij werd vervolgens door jullie in een later stadium naar de collega’s en de OR van De Productie een andere reden gecommuniceerd: het was mij in de afgelopen jaren niet gelukt een goede samenwerking tussen De Productie en de gemeente te realiseren. Bijzonder dat mij een andere reden van beëindiging van de samenwerking werd gemeld. Ook bijzonder dat jullie mij deze nieuwe reden nooit als verbeteractie hebben meegegeven in de periode van jullie nieuwe rol als bestuurder van De Productie. In weer een later stadium werd de OR om advies gevraagd rondom het voorgenomen besluit van het bestuur. In deze aanvraag werd vermeld dat in 2020 een onderzoek door Nautus was ingesteld om de samenwerking tussen gemeente en De Productie te onderzoeken. Alweer een nieuwe reden, en ook één die volstrekt niet juist is. Nautus was namelijk gevraagd om advies tav de governance van De Productie.
Dit in navolging op het eerdere advies van Brenschot over hetzelfde onderwerp. Het advies van de OR was erg duidelijk: beëindig de samenwerking niet, we zijn erg tevreden over de samenwerking met onze directeur. Ook vermeldt de OR dat zij nooit geïnformeerd is door het bestuur dat zij ontevreden was over de samenwerking tussen De Productie en de gemeente en daar de directeur voor verantwoordelijk hield. Het advies van de OR werd aangeboden met een petitie ondertekend door alle SW-medewerkers met het verzoek de samenwerking met de directeur te continueren. Ook kwam er een soortgelijke schriftelijke reactie van het voltallige kantoorpersoneel. Oftwel de gehele organisatie was het oneens met het voorgenomen besluit van een nieuw bestuur dat amper een half jaar was aangetreden en in de eerste maanden een visie had die zeer waarschijnlijk zou leiden tot het moeten opheffen van De Productie. Toch was het definitieve besluit van het bestuur de samenwerking met mij te beëindigen.
Ik ben inmiddels bijna 6 jaren verbonden aan De Productie, en heb gedurende die periode meerdere positieve reacties gehad op mijn functioneren van het vorige bestuur. En ik overigens niet alleen, ook de OR en het kantoorpersoneel van De Productie, hebben die signalen ontvangen. Er was sprake van een fijne samenwerking met het vorige bestuur en zij waren tevreden over de ontwikkelingen en de resultaten van De Productie. Opvallend dat een nieuw bestuur, amper een half jaar na hun installatie, tot het inzicht komt de samenwerking te willen beëindigen, en wat met name opvalt is de (uiteindelijke) reden van beëindiging van de samenwerking. In de afgelopen jaren is er namelijk nauwelijks samengewerkt tussen De Productie en gemeente. De Productie heeft in 2018 een poging gedaan een concept van Werkfit uit te rollen, waarbij uitkeringsgerechtigden de werknemersvaardigheden werden geleerd en zij werkervaring konden opdoen binnen de infrastructuur van De Productie. Om daarna uit te stromen naar werkplekken bij Raaltse werkgevers. Dit is nooit tot bloei gekomen omdat er simpelweg amper tot geen aanmeldingen kwamen van het Sociaal Domein. Na dit niet geslaagde project, zeer betreurd door De Productie, is er door het Sociaal Domein van de gemeente aangegeven geen taken rondom het activeren van uitkeringsgerechtigden bij De Productie te willen beleggen.
Dat is de status van de afgelopen jaren geweest. Kortom, een incidentele en zeer korte ervaring op het gebied van samenwerking tussen De Productie en de gemeente in de afgelopen jaren. Het nieuwe bestuur is in 2021 aangetreden, ca 3 jaren na de poging van samenwerking. Dat impliceert dat jullie zelf niet hebben kunnen ervaren dat het mij – volgens jullie mening – niet gelukt is een goede samenwerking met de gemeente op te zetten. Wat die samenwerking – en met wie – dan ook moge zijn, want daar is geen nadere inkleuring aan gegeven. Het kan niet anders dat het nieuwe bestuur de reden van beëindiging van de samenwerking van (een) derde(n) tot zich heeft gekregen en daar haar conclusie op heeft gebaseerd. Een logische derde zou zijn het vorige bestuur, maar dat is niet aan de orde, omdat de toenmalige voorzitter en penningmeester mij dit gedurende de samenwerkingsperiode nooit als verbeterpunt hebben aangereikt. Sterker nog, ik heb gedurende deze periode mn complimenten mogen ontvangen. In het definitieve besluit van het bestuur wordt in het kader van de samenwerking het volgende vermeld: ‘we hebben daarin afgelopen jaar niet de verbetering gezien die we gehoopt hadden en nodig vinden’. Mij is door het bestuur nooit, en ik herhaal, nooit aangegeven dat dit een verbeterpunt was dat door mij opgepakt diende te worden. Vreemd..
Ook wordt in het definitieve besluit vermeld: Wel zien we dat in de rapportage (van Nautus) de tekortschietende samenwerking genoemd wordt (“behoorlijke ruis in de samenwerking tussen de gemeente en de SWR”). In het rapport van Nautus wordt de ruis in de samenwerking als volgt toegelicht: Consulenten Wsw en Participatiewet werkten eerst nauw met elkaar samen binnen team LWO. Hun werk raakte steeds meer geïntegreerd. Sinds kort werkt een deel van de consulenten echter weer apart, bij de SWR. Dit heeft een direct effect op de samenwerking. Zijn de consulenten bijvoorbeeld zelfstandig bevoegd om te handelen of werkt de SWR uitsluitend in opdracht? Lijkt mij toch niet een toelichting die betrekking heeft op een tekortkoming van een directeur tav een samenwerking tussen gemeente en De Productie. Het komt op mij over dat er naar een reden gezocht wordt die niet onderbouwd kan worden. Vind het wel te betreuren en onzorgvuldig dat er zo naar de OR gecommuniceerd wordt. Wat het besluit ook bijzonder maakt is dat er ook in de komende periode nauwelijks met de gemeente samengewerkt gaat worden. Jullie hebben al laten doorschemeren, mocht de gemeente überhaupt openstaan trajecten ihkv re-integratie door De Productie te laten uitvoeren, dit om zeer bescheiden aantallen gaat. Volgens jullie informatie zijn er nauwelijks kandidaten die in aanmerking komen voor een dergelijk traject.
Kortom: het gehele besluitvormingsproces van het bestuur rondom de beëindiging van de samenwerking is ver onder de maat. Ik heb dit de afgelopen dagen bij mezelf laten indalen en kom tot de conclusie dat ik dit besluit niet kan accepteren. Ik ga dus niet akkoord met het besluit van het bestuur mij per 1 januari 2022 niet langer als directeur van De Productie te laten fungeren. Ik begrijp dat dit een extreem standpunt is. Maar dat is het besluit van het bestuur ook. Het uiteenhalen van een hechte samenwerking – door iedereen binnen De Productie erg gewaardeerd – heeft negatieve gevolgen voor onze doelgroep, het kantoorpersoneel en onze opdrachtgevers.
Collega’s geven het als volgt aan: ‘met dit besluit wordt de ziel uit de organisatie gehaald, dat is het gevolg ervan’. Helaas gaat het bestuur daar volstrekt aan voorbij, het begrip hiervoor naar de mensen toe ontbreekt. Dat maakt dat ik kom tot mijn standpunt. Voor alle duidelijkheid: het gaat niet om mij, maar om de medewerkers van De Productie. Dit bestuur heeft helaas laten zien het voltallige personeel niet serieus te nemen. Het is jullie niet gelukt te komen tot een verbinding met de organisatie. Daarnaast is er, zeer belangrijk voor De Productie, door jullie geen ondernemerschap getoond. Mijn oprechte zorg is dat dit besluit leidt tot schade in de relaties met ondernemers. Relaties die in de afgelopen jaren met veel zorg zijn opgebouwd. Jullie hebben laten zien vooral gericht te zijn op de relatie met de gemeente en daar naar te willen handelen. Dat geeft op zijn minst de indruk dat jullie bestuurders zijn die de belangen van de gemeente prefereert boven de belangen van De Productie. Er is geen vertrouwen dat dit bestuur in staat is de toekomst van De Productie te garanderen en dit op een goede manier vorm te geven. En daarmee wordt de toekomst van onze medewerkers er niet beter op. In het belang van De Productie en haar medewerkers kan ik het besluit dus niet accepteren.
Met vriendelijke groet,