brief DP naar raadsfracties website
Tekst van het document
Geachte fractievoorzitters, De brandbrief die we onlangs aan jullie gestuurd hebben, was voor ons een laatste strohalm. Een uiterste poging om verandering te brengen in de nijpende situatie van De Productie. Dus ook een poging eindelijk gehoord te worden. Het college kwam met een reactie. werd uitgenodigd voor een gesprek met, evenals het dagelijks bestuur van de OR. Er werd ook een uitnodiging gedaan aan - en de ondertekenaars van de brief, echter op een moment dat - en een andere collega niet in de gelegenheid waren dit gesprek te voeren. Het gesprek met -, die in een brief aan het bestuur te kennen heeft gegeven het besluit rondom de beëindiging van zijn samenwerking niet te kunnen accepteren, ging vooral over dat onderwerp. wilden graag met hem afspreken dat hij per 1 januari 2022 zou vertrekken. gaf aan zich coöperatief te willen opstellen, mits er goede afspraken over de toekomst van DP op papier waren gezet. Omdat er momenteel sprake is van een hachelijke situatie waarin DP verkeert, is het voor hem geen optie nu te vertrekken, mede gebaseerd op het opzeggen van het vertrouwen door de organisatie, incl. OR, in het nieuwe bestuur. In het gesprek met de OR is nogmaals herhaald wat zij ook in hun brief naar het bestuur hadden aangegeven: -
geen goede samenwerking met het bestuur; bestuur verschuilt zich achter het collegebesluit en komt op voor de belangen van de gemeente en niet voor onze doelgroep; we vinden dat het bedrijf zich verder moet ontwikkelen door infrastructuur te benutten voor bredere doelgroepen (toezegging van de wethouder); OR is formeel niet op de hoogte van de reden van beëindiging van samenwerking met de directeur; OR hecht aan een goede samenwerking met het bestuur; dit is niet als zodanig ervaren; het tegendeel was helaas het geval (grote afstand); ervaring was dat er constant een rookgordijn boven ons hing (geen duidelijkheid); is de wethouder de juiste persoon aan tafel gelet op zijn rol in het vorige bestuur en zijn beloften; geen toekomstvisie van het bestuur ontvangen.
Op de vraag hoe de rust kan terugkeren heeft de OR aangegeven: - het contract met de directeur te verlengen; - vervanging van het huidige bestuur door een bekwaam bestuur. Er heeft geen gesprek meer met - en collega’s plaatsgevonden. Nadat - heeft aangegeven het eerst genoemde datumvoorstel voor een gesprek niet zou lukken, is er niet meer een nieuw voorstel om in gesprek te komen gekomen. Na de twee gesprekken met en de OR volgde een radiostilte. Tot afgelopen dinsdag (7/12). Het college nodigde uit voor een gesprek om half 4. -, - -, - (management) samen met (DB OR) om kwart over 4. - en - besloten het gesprek samen te doen. - sloot daarna ook aan in het gesprek met de overige collega’s.
Het college liet zich vertegenwoordigen door. Het college stelt zich op het standpunt dat ze het volste vertrouwen hebben in het huidige bestuur. Het bestuur heeft naar de mening van het college conform collegebesluit n.a.v. het onderzoek van Nautus gehandeld, hen valt dus niets te verwijten. Het college wilde in het gesprek met - en - vooral afspraken maken over het vertrek van - per 1-1-22, bij voorkeur met instemming van beide partijen ("maar kan het niet goedschiks, dan maar op een andere manier"). Het gesprek met -, -, - - en OR verliep soortgelijk. U kunt zich wellicht onze teleurstelling en verbijstering voorstellen. Na alles wat er is gebeurd, na de noodkreet van -, de laatste wanhoop brief van - en de collega's van 6 kantjes, alle signalen van de OR, is dit de reactie van het college: Geen enkele inhoudelijke reactie op de uitgebreide brief van - en collega’s, geen gesprek met de collega's; Geen woord gesproken over de gevolgen voor de kwetsbare doelgroep van De Productie; Geen woord gesproken over oplossingen, geen enkele handreiking om te komen tot verbeteringen van de situatie; Geen enkele erkenning, begrip of empathie voor de situatie van De Productie. Alleen: het volste vertrouwen in het bestuur; van mening dat het collegebesluit n.a.v.
het onderzoek Nautus erg duidelijk was (‘geen ruimte voor misverstanden’); er werd niet gevraagd naar de toezeggingen van het toenmalige bestuur over de vrijheid van het gebruikmaken de infrastructuur van De Productie om deze open te stellen voor bredere kwetsbare doelgroepen om de daling van het P-bestand op te vangen; en moet weg per 1-122. Kortom: er wordt volledig voorbij gegaan aan alle signalen van de medewerkers, OR en management van De Productie. Dit voelt voor ons uiteraard uiterst onaangenaam en teleurstellend. Er is geen erkenning voor onze problemen en situatie. Er is niet geluisterd, niet inhoudelijk gereageerd op onze noodkreet, we zijn volstrekt niet serieus genomen, er is geen enkele handreiking gedaan om tot oplossingen c.q. verbeteringen te komen. De machthebbers bepalen geheel eenzijdig wat er gebeurt. En dat doen zij op basis van eenzijdige signalen, namelijk de signalen van ambtenaren. Op basis daarvan zijn mening en route reeds gevormd, al voordat er een gesprek met ons plaats vindt. Onze conclusie na de 2 gesprekken van dinsdag met het college: de directeur moet op woensdag aangeven of hij vrijwillig vertrekt, zo niet dan zal dat onvrijwillig gaan gebeuren. Er wordt al gesproken over het aantrekken van een interim directeur, het bestuur blijft aan en we gaan over tot de orde van de dag. Dit is de oplossing van het college.
Maar hoe moeten wij nu verder? Moeten we ons neerleggen, na zo onze nek uitgestoken te hebben, met deze conclusies van het college? Dan heeft onze noodkreet toch geen enkel effect gehad? En is er toch niets opgelost voor alle medewerkers en SW-collega’s van De Productie? Dan komt onze grote vrees dat De Productie binnen 1 a 2 jaar kopje onder gaat toch uit?
Het enige dat we kunnen doen is dit proces wederom onder jullie aandacht brengen, maar nu ook onder aandacht van de pers. We kunnen en willen het niet accepteren dat een dergelijke noodkreet, gebaseerd op feiten, niet gehoord wordt. Het voelt als minachting. We leggen er ons niet bij neer dat onze directeur geslachtofferd wordt en we blijven gezamenlijk strijden voor een goede toekomst van ons bedrijf met haar prachtige mensen. En het college moet weten, dat het invliegen van een nieuwe interimmer om zogenaamd, snel de zaak op orde te brengen geen oplossing is, en bovendien voor ons geen optie is. Hij/zij is niet welkom. Let wel, de kwestie wordt er niet beter op met dit verloop. Het bedrijf stilleggen om te staken sluiten we inmiddels niet meer uit. Dat zal gevolgen hebben voor onze doelgroep en opdrachtgevers (die ook bij ons informeren hoe we samen verder moeten als de doelgroep alleen maar krimpt en de uit te voeren werkzaamheden in gevaar komen) dus dat doen we bij voorkeur niet. Maar we beginnen ons steeds meer te voelen als een kat in het nauw…