Bijlagen toelichting_Bijlage 5 Quickscan flora en fauna
Tekst van het document
Quick Scan Wnb Nieuwe Twentseweg 3 Luttenberg
Quick Scan Wnb Nieuwe Twentseweg 3 Luttenberg
Titel
Quick Scan Wnb Nieuwe Twentseweg 3 Luttenberg
Uitvoering
Bureau Bleijerveld
Opdrachtgever
Groenadviesbureau H.A. ten Have Spanjaardsdijk 53 7433 PW Schalkhaar
Datum
18 november 2020
Status
1e versie
8451 KB Oudeschoot mob 06-40559568 bleijerveld@ruimtevooradvies.nl
www.ruimtevooradvies.nl
Schoterlandseweg 53
Inhoudsopgave 1
Inleiding 1.1 Aanleiding & doel 1.2 Methoden 1.3 Plangebied 1.4 Ingreep
1 1 2 2 4
2
Beschermde gebieden 2.1 Aanwezigheid beschermde gebieden 2.2 Effecten beschermde gebieden
5 5 5
3
NDFF-gegevens
6
4
Beschermde soorten 4.1 Planten 4.2 Zoogdieren 4.3 Vleermuizen 4.4 Vogels 4.5 Amfibieën 4.6 Reptielen 4.7 Vissen 4.8 Ongewervelden 4.9 Samenvatting
7 7 7 7 7 8 8 8 8 8
5
Conclusies 5.1 Beschermde gebieden 5.2 Beschermde soorten
9 9 9
Bronnen Bijlage I. Wettelijk kader en beleidsbeleid
10
1 1.1 Aanleiding & doel
Inleiding
Aan de Nieuwe Twentseweg 3 in het buitengebied ten noordoosten van Lutteberg is een camping gevestigd. Het voornemen bestaat om de camping uit te breiden. Onder meer bij ruimtelijke ingrepen dient rekening te worden gehouden met beschermde soorten en gebieden. Wet- en regelgeving omtrent deze soorten en gebieden is vastgelegd in de Wet Natuurbescherming (Wnb, 2017) en de provinciale omgevingsverordening (Nederlands Natuurnetwerk).
Figuur 1. Globale ligging plangebied (rood).
Het onderhavige rapport beschrijft de resultaten van de quick scan van beschermde natuurwaarden in en rond het plangebied. De rapportage kan dienstdoen als onderbouwing bij bestemmingsplanwijzigingen en ontheffings- of vergunningaanvragen in het kader van de Wet Natuurbescherming of omgevingsverordening. Een quick scan betreft een beoordeling van de aanwezige natuurwaarden in en rond het plangebied op basis van beschikbare gegevens, een terreinbezoek en ecologische kennis. De quick scan is een momentopname en geen standaard veldinventarisatie waarbij meerdere veldrondes in een seizoen worden uitgevoerd. Een quick scan geeft daardoor een beperkter beeld dan een standaard veldinventarisatie. Omdat het onderzoek een momentopname betreft kan geen rekening worden gehouden met de dynamische aspecten van natuur, zoals migratie en kolonisatie door soorten en veranderd terreingebruik en –beheer na afloop van het onderzoek.
Quick scan Wnb Nieuwe Twentseweg 53 Luttenberg
1
1.2 Methoden
Bij de beoordeling van het plangebied is een bronnenonderzoek verricht naar het voorkomen van beschermde soorten en de ligging van beschermde gebieden in de regio. Daarvoor zijn de gegevens van de Nederlandse Databank Flora en Fauna (NDFF) geraadpleegd. Voor de ligging van beschermde gebieden is gebruik gemaakt van de digitale atlas van provincie Overijssel. Op 5 november 2020 is het plangebied bezocht. Daarbij is gelet op de aanwezigheid van beschermde soorten en sporen (verblijfplaatsen, wissels, pootafdrukken en dergelijke). Verder is het terrein beoordeeld op de geschiktheid voor beschermde soorten (habitatbeoordeling).
1.3 Plangebied
Het plangebied (fig. 2-6) wordt gevormd door een weiland van circa 7000 m2 dat op het terrein van De Huttert ligt. Het betreft een voormalig agrarisch bedrijf dat is omgeschakeld naar een recreatiebedrijf met een kleinschalige camping, appartementen, een bed & breakfast en een theeschenkerij. De overige grond – waaronder het plangebied – is verpacht als agrarische grond. In het plangebied komt geen opgaande begroeiing voor maar op de rest van het terrein staan verschillende natuurlijke heggen. Langs de weg aan de zuidkant staan oude eiken en langs de westkant een vrij jonge groenstrook. Rond het terrein lopen greppels die meestal droogstaan. Het terrein ligt in een vrij open agrarisch gebied met grote percelen. De opgaande begroeiing is grotendeels beperkt tot laanbomen langs de wegen.
Figuur 2. Luchtfoto plangebied (rood) en omgeving.
Quick scan Wnb Nieuwe Twentseweg 53 Luttenberg
2
Figuur 3. Zuidzijde van het terrein in westelijke richting gezien.
Figuur 4. Westzijde van het terrein in noordelijke richting gezien.
Figuur 5. Noordzijde van het terrein in oostelijke richting gezien.
Figuur 6. Bestaande campingterrein ten oosten van het plangebied.
Quick scan Wnb Nieuwe Twentseweg 53 Luttenberg
3
1.4 Ingreep
Het voornemen bestaat om de bestaande camping uit te breiden ter plaatse van het plangebied. De inrichting wordt vergelijkbaar met het huidige kampeerterrein maar een gedetailleerd inrichtingsplan is nog niet beschikbaar. Voor de realisatie worden geen bomen gekapt of water gedempt. Wel wordt de groenstructuur uitgebreid. Hiervoor wordt gebruikgemaakt van inheemse soorten.
Quick scan Wnb Nieuwe Twentseweg 53 Luttenberg
4
2 2.1 Aanwezigheid beschermde gebieden
Beschermde gebieden
Het plangebied maakt geen deel uit van beschermde natuurgebieden. Ten oosten van de camping liggen diverse onderdelen van het Nederlands Natuurnetwerk (NNN). De afstand van de locatie tot deze gebieden bedraagt minimaal 800 meter. In de directe omgeving liggen geen Natura 2000-gebieden. De afstand tot het dichtstbijzijnde gebied (Vecht- en Beneden-Reggegebied) bedraagt minimaal 3,5 kilometer.
Figuur 7. Ligging plangebied (rood) t.o.v. beschermde natuurgebieden.
2.2 Effecten beschermde gebieden
Het project heeft geen oppervlakteverlies van beschermde gebieden tot gevolg terwijl de afstand tot beschermde gebieden in verhouding tot de schaal van het project groot is. Op grond hiervan zijn negatieve effecten op natuurgebieden in de omgeving op voorhand uit te sluiten. Een grensoverschrijdend effect door stikstofdepositie is niet geheel uit te sluiten. In dit verband zou een Aeriusberekening noodzakelijk kunnen zijn.
Quick scan Wnb Nieuwe Twentseweg 53 Luttenberg
5
3
NDFF-gegevens
In de databank zijn in de afgelopen tien jaar geen waarnemingen uit het plangebied bekend. In de omgeving zijn enkele tientallen waarnemingen gedaan. Het gaat met name om losse waarnemingen van vogels (Wnb – VR, art. 3.1). In totaal zijn 22 soorten waargenomen waarvan drie die in de provincie Overijssel over een vaste nestplaats beschikken te weten boerenzwaluw, boomvalk en steenuil. Van steenuil zijn op het terrein van De Huttert twee waarnemingen gedaan. Het gaat om een waarneming uit mei 2015 van twee vogels die nestindicerend gedrag vertoonden. De waarneming is gedaan bij de ingang tot het terrein ten zuidoosten van het plangebied. In april 2020 is steenuil op het terrein waargenomen. Op verschillende erven rond De Huttert zijn ook steenuilen waargenomen. Van de beschermde soorten zoogdieren is alleen de haas (Wnb – andere soorten, art. 3.10) waargenomen. Voor deze soort geldt in de provincie Overijssel een algemene vrijstelling van de Wnb in geval van ruimtelijke ingrepen.
Quick scan Wnb Nieuwe Twentseweg 53 Luttenberg
6
4
Beschermde soorten
4.1 Planten
Het terrein is begroeid met regulier, soortenarm grasland. Op beperkte schaal kwamen kruiden in de vegetatie voor, met name aan de randen. Het ging om soorten van voedselrijk grasland en om soorten van verstoorde grond zoals kruipende boterbloem, vogelmuur, madeliefje, rankende helmbloem, pitrus, grote brandnetel en braam. Er zijn geen beschermde soorten gevonden en het voorkomen daarvan is uit te sluiten op basis van de aanwezige vegetatie en het karakter van de locatie.
4.2 Zoogdieren
Alle inheemse soorten zoogdieren met uitzondering van de mol zijn in meer of mindere mate beschermd. In het plangebied is alleen een haas waargenomen. Verder waren sporen van mol voor in de vorm van molshopen. De locatie is verder vrijwel alleen geschikt voor veldmuis. De genoemde soorten zijn nationaal beschermde soorten waarvoor in geval van ruimtelijke ingrepen een algemene vrijstelling van de verbodsbepalingen van de Wnb geldt. De overige soorten zoogdieren die in de regio voorkomen zijn hoogstens als passant te verwachten.
4.3 Vleermuizen
Alle soorten vleermuizen zijn strikt beschermd in de Wnb volgens het beschermingsregime van de Habitatrichtlijn. Verblijfplaatsen van vleermuizen bevinden zich in holten van bomen en besloten of donkere ruimten van kunstwerken, zoals gebouwen. In het plangebied zijn geen bomen of gebouwen aanwezig zodat verblijfplaatsen zijn uit te sluiten. Vanwege de geringe oppervlakte en het ontbreken van opgaande begroeiing is een belang van het plangebied voor vlieg- en foerageerroutes uit te sluiten. Het is aannemelijk dat de opgaande begroeiing langs de randen tot het foerageergebied van vleermuizen behoren. De omvorming tot kampeerterrein is niet van invloed op deze functie.
4.4 Vogels
Alle inheemse broedvogels zijn beschermd. De Wnb maakt onderscheid tussen vogels zonder en met vaste broedplaatsen. Van vogels zonder vaste broedplaats zijn alleen de broedsels beschermd en niet het leefgebied. Van vogels met een vaste broedplaats is naast de broedplaats (jaarrond) ook het functionele leefgebied beschermd. In de heggen waren tientallen vogels aanwezig, met name vink, keep en ringmus. De locatie biedt in de huidige staat geen geschikte broedplaatsen voor vogels vanwege het ontbreken van opgaande begroeiing en de korte grasmat. In de heggen zijn allerlei broedvogels van struweel te verwachten. De omvorming tot kampeerterrein is hierop nauwelijks van invloed. Naar verwachting zal de uitbreiding van de groenstructuur ook tot een uitbreiding van de broedmogelijkheden leiden. Vaste nestplaatsen zijn uit te sluiten vanwege het ontbreken van gebouwen en bomen op de locatie. Op het oostelijke deel van het bedrijf – buiten het plangebied – is een bewoonde steenuilenkast in een boom langs de weg aanwezig. De omvorming tot kampeerterrein heeft geen negatief effect op het leefgebied van steenuil omdat foerageergebied in de omgeving niet beperkend is.
Quick scan Wnb Nieuwe Twentseweg 53 Luttenberg
7
4.5 Amfibieën
Alle soorten amfibieën zijn in meer of mindere mate beschermd. In en rond het plangebied liggen droge greppels die alleen in natte perioden watervoerend zijn. Daarnaast wordt de omgeving gekenmerkt door grootschalige landbouwpercelen. Voor de strikter beschermde soorten amfibieën voldoet dit niet als leefgebied. Het is aannemelijk dat de algemene, licht beschermde soorten amfibieën wel in het gebied voorkomen maar het plangebied vormt geen geschikt leefgebied voor amfibieën in het algemeen. Een negatief effect op deze soortgroep is uitgesloten.
4.6 Reptielen
Alle soorten reptielen zijn in meer of mindere mate beschermd. De locatie en de omgeving daarvan zijn niet geschikt als leefgebied voor reptielen op basis van het grootschalige agrarische karakter. Een belang van het plangebied voor reptielen is uit te sluiten.
4.7 Vissen
In en rond het plangebied is geen permanent oppervlaktewater aanwezig. Een negatief effect op vissen in het algemeen is uitgesloten.
4.8 Ongewervelden
De beschermde soorten ongewervelden zijn gebonden aan zeer specifieke habitats. Regulier agrarisch grasland komt voor geen van de beschermde soorten overeen met hun habitat. Deze soortgroep is daarom in zijn geheel uit te sluiten.
4.9 Samenvatting
In het plangebied zijn algemene, licht beschermde soorten zoogdieren te verwachten waarvoor een algemene vrijstelling geldt van de Wnb in geval van ruimtelijke ingrepen. Van de overige soortgroepen is de aanwezigheid groei- of verblijfplaatsen van beschermde soorten uit te sluiten. Tabel 1: Beschermde soorten die binnen de planlocatie worden verwacht op basis van bestaande gegevens en het veldbezoek. SOORTGROEP
TOELICHTING
BESCHERMDE SOORTEN GEEN
Planten
WNB
HR
VR
X
Zoogdieren
Algemene soorten
Alg. ontheffing
Vleermuizen
Verblijfplaatsen
X
Vleermuizen
Foerageergebied
X
Vleermuizen
Vliegroutes
X
Broedvogels
Zonder vaste nestplaats
X
Broedvogels
Met vaste nestplaats
X
Amfibieën
Algemene soorten
X
Reptielen
X
Vissen
X
Ongewervelden
X
Quick scan Wnb Nieuwe Twentseweg 53 Luttenberg
8
5
Conclusies
5.1 Beschermde gebieden
Het plangebied is geen onderdeel van beschermde gebieden en ook komen dergelijke gebieden niet in de directe omgeving voor. Op grond van de kleine schaal van het project en de grote afstand tussen de gebieden is een negatief effect op natuurgebieden uit te sluiten met uitzondering van stikstofdepositie. Om het effect hiervan uit te sluiten is mogelijk een Aeriusberekening vereist.
5.2 Beschermde soorten
Zoogdieren (nationale soorten Wnb, art. 3.10) Door een eventuele reconstructie van het terrein en de gebouwen kan verstoring van deze soorten optreden en ook sterfte van dieren. Voor een aantal van de nationaal beschermde soorten geldt afhankelijk van de provincie een vrijstelling bij ruimtelijke ingrepen. In provincie Overijssel geldt deze vrijstelling voor alle te verwachte soorten. Aanvullende maatregelen zijn voor deze soorten zijn niet noodzakelijk. Tabel 2. Maatregelen en vervolgacties n.a.v. quick scan Soortgroep
Soort
Maatregel/vervolgactie
Planten
Alle
¾
Vleermuizen
Alle
¾
Zoogdieren
Alle
¾
Vogels zonder vaste
Alle
¾
Vogels met vaste verblijfplaats
Alle
¾
Amfibieën
Alle
¾
Reptielen
Alle
¾
Vissen
Alle
¾
Ongewervelden
Alle
¾
verblijfplaats
Quick scan Wnb Nieuwe Twentseweg 53 Luttenberg
9
Bronnen www.ndff.nl www.overijssel.nl www.synbiosis.alterra.nl
Quick scan Wnb Nieuwe Twentseweg 53 Luttenberg
10
Bijlage I
Wettelijk kader en beleidskader
De toets is gericht op de aanwezigheid van beschermde soorten en beschermde gebieden. De bescherming is in de wet geregeld middels de Wet natuurbescherming. De gebiedsbescherming die voortkomt uit het beleid uit de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte en de provinciale structuurvisies en verordeningen (NNN/EHS) neemt een aparte positie in. Wet natuurbescherming
De Wet natuurbescherming (Wnb) verenigt of vervangt verschillende wetten en verdragen op het gebied van bos- en natuurbescherming, te weten: • • • •
Voormalige Flora- en Faunawet Europese Vogelrichtlijn Europese Habitatrichtlijn, Verdrag van Bonn en Verdrag van Bern Voormalige Boswet
Activiteiten mogen niet leiden tot een overtreding van de verbodsbepalingen. Om af te mogen wijken van de verbodsbepalingen via een ontheffing of vrijstelling moet aan drie criteria zijn voldaan: • •
•
Ten eerste mag alleen van de verbodsbepaling afgeweken worden als er geen andere bevredigende oplossing voor de handeling mogelijk is. Ten tweede moet tegenover de afwijking van het verbod een in de wet genoemd belang staan. De wet geen voor de verschillende beschermingsregimes aan wat die belangen zijn zoals volksgezondheid of openbare veiligheid. Tenslotte mag de ingreep geen afbreuk doen aan de staat van instandhouding van de soort.
De Wnb kent verschillende beschermingsregimes voor nationaal beschermde soorten, Vogelrichtlijnsoorten en Habitatrichtlijnsoorten. Elk van deze drie beschermingsregimes kent zijn eigen verbodsbepalingen en vereisten en belangen voor vrijstelling of ontheffing van de verboden. In onderstaande tabel is een overzicht gegeven van de verbodsbepalingen die relevant zijn bij ruimtelijke ontwikkelingen en dergelijke. Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn § 3.1 Wnb Art 3.1 lid 1 Het is verboden in het wild levende vogels opzettelijk te doden of te vangen.
Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn § 3.2 Wnb Art 3.5 lid 1 Het is verboden soorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te doden of te vangen. Art 3.1 lid 2 Art 3.5 lid 4 Het is verboden opzettelijk nesten, Het is verboden de rustplaatsen en eieren van vogels voortplantingsplaat- sen of te vernielen of te beschadigen, of rustplaatsen van dieren te nesten van vogels weg te nemen. beschadigen of te vernielen. Art 3.1 lid 3 Art 3.5 lid 3 Het is verboden eieren te rapen en Het is verboden eieren van
Beschermingsregime andere soorten § 3.3 Wnb Art 3.10 lid 1a Het is verboden soorten opzettelijk te doden of te vangen. Art 3.10 lid 1b Het is verboden de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren opzettelijk te beschadigen of te vernielen. Niet van toepassing
deze onder zich te hebben.
dieren in de natuur opzettelijk te vernielen of te rapen. Art 3.5 lid 2 Het is verboden dieren opzettelijk te verstoren.
Art 3.1 lid 4 en lid 5 Het is verboden vogels opzettelijk te storen, tenzij de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort. Niet van toepassing. Art 3.5 lid 5 Het is verboden plantensoorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen.
Niet van toepassing.
Art 3.10 lid 1c Het is verboden plantensoorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen.
Vrijstelling In sommige gevallen geldt voor een handeling die gevolgen heeft voor een soort een vrijstelling. Vormen van vrijstellingen zijn het toepassen van een gedragscode, een programmatische aanpak, een provinciale verordening en een ministeriele regeling. Zorgplicht De zorgplicht houdt in dat een ieder voldoende zorg in acht moet nemen voor de in het wild levende dieren en planten, alsmede voor hun directe leef- omgeving. Overtreding van de zorgplicht is niet strafbaar gesteld; de zorgplicht kan wel door toepassing van bestuursdwang worden gehandhaafd. Bevoegd gezag De provincie waarin een handeling plaatsvindt is in principe verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wnb. In een aantal gevallen is de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland namens het Rijk verantwoordelijk. Het gaat om zaken van nationaal of provincie-overschrijdend belang, zoals Rijkswegen, -wateren en militaire activiteiten. Rode lijst
Een Rode Lijst bevat een overzicht van soorten die uit Nederland zijn verdwenen of dreigen te verdwijnen. Dit wordt bepaald op basis van zeldzaamheid en/of negatieve trend. De lijsten worden periodiek vastgesteld door de minister van EZ. Rode lijsten hebben geen juridische status. Als een soort op de lijst komt, is deze niet automatisch beschermd. Daarvoor moet de soort worden aangewezen onder de Wnb. De Rode lijsten helpen daarbij. Deze lijsten worden ook gebruikt om te toetsen of de beleidsdoelen over biodiversiteit worden gehaald (www.rijksoverheid.nl).
NNN/EHS
Het Nationale Natuurnetwerk (NNN, voorheen de Ecologische Hoofdstructuur EHS) is een netwerk van bestaande en nog te ontwikkelen natuurgebieden in Nederland. De EHS is als beleidsdoel opgenomen in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR). De juridische borging van de nationale ruimtelijke belangen die in de SVIR worden aangewezen vindt plaats via het
Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). De rijkslijn zoals verwoord in het SVIR en Barro is dat er bij EHS geen sprake is van externe werking. De provincies zijn verantwoordelijk voor de begrenzing en de ontwikkeling van dit natuurnetwerk. Zij wijzen in hun structuurvisie of verordening de gebieden aan die onder het NNN vallen. In of in de nabijheid van een NNN-gebied geldt het 'nee, tenzij'-principe: nieuwe plannen of projecten zijn niet toegestaan als ze de wezenlijke (potentiële)waarden en kenmerken van het NNN-gebied significant aantasten, tenzij er sprake is van redenen van groot openbaar belang en er geen reële alternatieven zijn. De schade dient in dat geval door mitigerende maatregelen zoveel mogelijk beperkt te worden. De restschade dient te worden gecompenseerd. De planologische bescherming van het NNN vindt plaats in op basis van de Wet ruimtelijke ordening vast te stellen bestemmingsplannen.