CConstaterende datRaalte
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlagen toelichting

Raadsvergadering 14 maart 2024, gemeente RaalteBij agendapunt: Vaststellen Correctieve herziening bestemmingsplan De Huttert (hamerstuk)27.300 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

RTE00O 01124G0000

2

Be

a st

an

de

u ho

tw

al

RTE00O 00447G0000

Landbouw inrit

Kadastrale erfgrenzen

Br

a

w nd

eg

Be

st

n aa

de

h

t ou

wa

SCELTA opzetarmatuur; uitvoering LED;

l

Onze SCELTA opzetarmaturen zijn uitstekend geschikt voor parken, campings, buitengebieden etc. Door de louvre's welke in het armatuur geplaatst zijn is er geen/weinig directe lichtvervuiling. Het licht wordt d.m.v. een spiegel welke boven op de louvre's geplaatst is indirect uit het armatuur getransporteerd.

RTE00O 00448G0000

l, wa St u t tie o h a e itu nd e s a d a st an B e s ta be

t aa

sb

os

h be

ee

r

Bestaand en nieuwe wilgenstruweel Natuurlijke ontwikkeling

31

Eénzijdige afscherming te plaatsen op de armaturen nummer 2 t/m 5, welke niet-licht-doorlatend is (1/3-deel van het armatuur) Zijde erf Brandweg 2/2a.

30

32 VPL 4 (nieuw)

Verlichtingsplan

Kampeerveldjes 1 t/m 4 , aanduiding Kampeerterrein (KT) Maximaal: 40 plekken

29 28

Bestaande verlichting (verlichtingspunt VPL) Gebruik: automatisch op duisternis tot maximaal 10.30 uur Gevellamp LED 3x theeschenkerij en toiletgebouw, zie afbeelding VPL 1 = verlichting parkeerplaats op het erf, mast met armatuur en spiegelkap, masthoogte 280 cm. Lamp 16 Watt VPL 2 t/m 5 bestaande verlichting, mast met armatuur en spiegelkap, op bestaande kampeerplaats, masthoogte 280 cm. Lamp 16 watt

VPL 3 (nieuw)

33

27

37

Kampeerplek 4

34 St

36

VPL 5 (nieuw)

ru

i

ke

i ns

ng

el

26

Bestaande mast met armatuur VLP 1 t/m 5 19 st Salix alba Knotwilg (stokken)

38 18

36

VPL 2 (nieuw)

35 34

35

33

31 30

1 in

28

VPL 10 (nieuw)

27

4

St

ru

ik

e

el

15 20

25

6

24

7

10

36

pa

21

11

rk20e

12

36

k1k8

en

St

17

pa

15

rk e 16

16

er

p le

17

k1 k

en

in g

RTE00O 00675G0000

VLP 3

7

el

5

12

11

6

13

22

4

8

12

21

el

in g

13

20

ns

ns

VLP 2 10

0

ik e

ik e

14

19

ru

ru

15

8

St

14

0

14

21

50

13

er1 p9 le

VPL 1 t/m 6 (nieuw) Led padlamp, type Timberlab EYE, hoogte ca. 150 cm VPL 7 t/m 10 (nieuw) verlichting parkeerplaats Led padlamp, type Timberlb EYE, hoogte ca. 150 cm

VLP 5

0

22

9

30

8

Kampeerplek 2

23

23 VPL 9 (nieuw)

-

16

VLP 4

19

VPL 1 (nieuw)

40

26

5

60

rre te

3

er pe m ka it itr -/u r it In

24

29

2

ns

g in

VPL 6 verlichting op boomstam, hoogte 280 cm, led sierverlichting, 5 strengen totaal 50 Watt

Elsenhakhoutbosjes 6 stuks Per bosje aanplant van 25 st Alnus glutinosa Els (bosplantsoen 1+1)

17

25

Kampeerplek 3

39

32

-

Renvooi

9

22 23

8

VPL 8 (nieuw)

6

25

11

speelplek

0

5

50

26

Bestaand gebouw sanitair Oppervlakte 26 m2

4

27 28

25

Kampeerplek 1

Uitstortplek chemisch toilet 7

24

0

2

29

1

Bestaande bomen

1

30

Gevellamp

Opstelplek voor containers (papier, glas, grijsafval, plastic)

3

9

3 VPL 7 (nieuw)

Bomen, nieuwe aanplant

31 2

32

Gemengde inheemse haag, zonder doornen Lengte van de haag: 103 m1 Plantwijze: enkele 4 stuks/m1 Aantal planten 412 st Leveringskwaliteit plantmateriaal: bosplantsoen 80-120 cm (2+1)

Maat: stamomtrek 18/20 cm

3

33

10

Parkeren (bestaand)

VPL 6 (nieuw)

4

34

VLP 6

5

36

ke

Terras, bestaand Conform horecavergunning Oppervlakte: 270 m2

Opstelplaats voor fietsen ca. 30 stuks

Privetuin

0

Fi et sp

er pe am it k itr

ke

re

Gevellamp

n

Struiken singels, inheemse soorten Te beplanten oppervlakte: 1.500 m2 Plantafstand: 100x100 cm Aantal planten: st 1.500 st Plantverband: vrije keus Leveringskwaliteit plantmateriaal: bosplantsoen 80-120 cm (2+1)

3

Hoogte 80-120 cm

Ruwe haag, bestaand Hoogte 80-120 cm

Juglans regia Walnoot

Ruwe haag, nieuw Hoogte 80-120 cm

Gevellamp

in er

te

rre

RTE00O 00715G0000

Juglans regia Walnoot

pe

Graspaden op de camping, 1.882 m2

ur

g

Erfverharding, betonklinkers

Parkeerstrook voor auto's 7

we

hu

ts e

Sc

en

am

Tw

it k

we

itr

eu

-/u

Ni

Gras

r it

aantal 150 st 150 st 150 st 150 st 150 st 150 st 150 st 150 st 150 st 150 st

G a c ro e p co s m od a

tie

Juglans regia Walnoot

In

4

5

6

Halfverharding

2

3

Weideraster

RTE00O 00460G0000

Sloten/greppels

rit-

/u

itri

tk

am

pe

ert

err

ein

= 52,8 = 10,08 = 2,4 = 14 = 3,78 = 3,78

In

Aantal parkeerplekken Camping; 40 plekken x norm 1,32 Groepsaccomodatie 8 kamers; 0,8x12,6 plekken per 10 kamers Woning buitengebied; 1 x 2,4 Theehuis; 200 m2 x 7 plekken per 00m2 Bed en breakfast, 2 kamers; 12,6 plekken per 10 kamers, 0,3 x 12,6 Plattelandskamers, 3 kamers; 12,6 plekken per 10kamers. 0,3 x 12,6

1

RTE00O 00464G0000

Sortiment: 10% Crataegus leavigata Meidoorn 10% Capinus betulus Haagbeuk 10% Cornus mas Gele kornoelje 10% Cytisus scoparius Brem 10% Ilex aquifolium Hulst 10% Ligustrum vulgare Wilde liguster 10% Lonicera periclymenum Klimkamperfoelie 10% Rubus idaeus Framboos 10% Sambucus laciniata Peterselievlier 10% Sorbus aucuparius Lijsterbes

Erf

en Th 3 ees bo c er he de nk r ijk e r a m ij er s

VLP 1

RTE00O 00674G0000

Strakke tuinhaag, bestaand

Weiland

Zandbak (B)

r it In

W e n o n in Be g ( nB B)

Elsen hakhout

1

-/u

ar

Da

er

25

0

ple

m

6

kk

en

Houtsingel/houtwal bestaand

ar 6p 50

te

rre

in

Sortiment: 20% Acer campestre Veldesdoorn 85 st 20% Carpinus betulus Haagbeuk 85 st 20% Ligustrum vulgare Wilde 85 st 20% Cornus sanguinea Rode kornoelje 85 st 20% Fagus sylvatica Groene beuk 85 st

2

Bestaande boom

35

Totaal: 86 plekken Totaal beschikbaar: 93 plekken

Inrit-/uitrit kampeerterrein

Inrichtingsplan Nieuwe Twentseweg 3 Luttenberg, inclusief verlichtingsplan van 26 mei 2023 Nieuwe Twentseweg 3, 8105 SE Luttenberg

RTE00O 00714G0000

5

5

Schaal: 1: 500 A1: formaat Datum: 28 januari 2021; gewijz. 24 maart 2021, gewijz. 30 augustus 2021, 13 december 2021 21 maart 2022, 4 mei 2022, 8 december 2022, 26 mei 2023, 12 januari 2024 Onderleggers: kadastrale kaart in RD en BGT kaart Opdrachtgever: VOF De Huttert

Harry ten Have

Tuin- en Landschapsadviseur

Spanjaardsdijk 53 7433 PW SCHALKHAAR Tel. 0570 532 000 Fax 0570 532 465 Mobiel 0651 346 628

E-Mail info@harrytenhave.nl Internet www.harrytenhave.nl

Toelichting inrichting en landschapsplan De Huttert Nieuwe Twentseweg 3 Luttenberg (uitbreiding minicamping)

21 maart 2021

Opdrachtgever:

Gemachtigde:

De Huttert Familie Rensen Nieuwe Twentseweg 3 8105 SE Luttenberg Telefoon: 0572-301274 info@dehuttert.nl

Groenadviesbureau H.A. ten Have Spanjaardsdijk 53 7433 PW Schalkhaar info@harrytenhave.nl www.harrytenhave.nl Telefoon: 0570-532000 Telefoon: 06-51346628

1

Het landschapsplan is de basis voor het op te stellen ontwerp bestemmingsplan. In het principebesluit is aangegeven om goed aan te sluiten op de kenmerken van het ‘dekzand vlakte’ gebied. In deze toelichting wordt alle aspecten van het landschapsplan toegelicht en verantwoord. Op 29 september 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van gemeente Raalte besloten om medewerking te verlenen aan de uitbreiding van de camping van 25 naar 40 kampeerplaatsen en aan het omzetten van twee vergunde boerderijkamers naar een groepsaccomodatie. Voor deze ontwikkeling is wijziging van het bestemmingsplan noodzakelijk. De bestaande bestemming ‘Wonen’ en ‘Agrarisch’ blijven gehandhaafd en er worden gebiedsaanduidingen voor de recreatieve functies. Het principebesluit en het toetsingsdocument zijn als bijlagen bijgevoegd. Gemeente en provinciaal beleid Het conceptplan is getoetst door provincie en gemeente. De gemeente heeft op basis hiervan een principebesluit genomen. In het toetsingsdocument zijn conclusies samengevat en op basis hiervan heeft de gemeente een principebesluit genomen. De conclusies en aanbevelingen zijn verwerkt in het landschapsplan en worden opgenomen in het ontwerp bestemmingsplan.

Landschappelijke inpassing en inrichting van de camping Landschapsontwikkelingsplan (LOP) Het erf en bijbehorende aanliggende percelen/weilanden van De Huttert liggen volgens het LOP aan de rand van het gebied / landschapstype ‘dekzandlaagte’. De landschappelijke karakteristieken die bij dit gebied horen en die bij een nieuwe ontwikkeling moeten worden behouden en/of versterkt zijn: Open ruimtes omsloten door rechte wegen; - Erven met rationele opzet gekoppeld aan wegen; Bebouwing gericht op de weg; - Weg- en erfbeplantingen zijn belangrijkste ruimtevormende elementen; - Doorgaande structuren passen zich aan omgeving aan, variatie open / gesloten; Erfbeplantingen langs lanen zijn rationeel en kennen heldere overgang van erf naar landschap (d.m.v. bijvoorbeeld een haag); - Blokvormige verkaveling; - Erfbeplanting sluit aan bij natte karakter. Het landschap in de ruimere omgeving van de Huttert is in overeenstemming met deze beschrijving uit het LOP, die ook vergelijkbaar is met de gebiedskenmerken uit het provinciale beleid. Dit geldt met name voor het gebied/landschap ten zuiden van de Nieuwe Twentseweg en ten westen van de Brandweg. Zoomen we in op de locatie van De Huttert, dan valt op, dat de openheid op en direct rond deze percelen minder is.

De openheid wordt hier met name beperkt door een 12m brede dichte houtwal langs de Brandweg, in eigendom van en beheert door Staatsbosbeheer, ter hoogte van de beoogde uitbreiding van het kampeerterrein. Een ander verdichtend element is de houtsingel op de kavelgrens tussen Nieuwe Twentseweg 3 en 5. Ook de overgang van erf naar landschap is hier al minder helder, door het struweel dat de al aanwezige campingplaatsen afschermt van de omgeving. Eigenlijk sluit het gebied ten noorden van de Nieuwe Twentseweg en ten oosten van de Brandweg meer aan bij de karakteristieken van het (aangrenzende) landschapstype ‘dekzandvlakte’, waar in aanvulling op de weg- en erfbeplantingen ook kavelgrensbeplantingen belangrijke ruimtevormende elementen zijn. Dit zorgt echter ook wel vaak voor een kleinschaliger openheid. Kortom: de voor dit landschap typerende openheid en rationele inrichting van het gebied is ter plaatse van het terrein van De Huttert en de directe omgeving minder sterk aanwezig. Voor het gebied ‘dekzandlaagte’ pleit het LOP vooral voor het stimuleren van ontwikkelingen (en daarmee het benutten van kansen) op het gebied van de ‘wateropgave’ en ‘natuurontwikkeling’ (versterken natte karakterzones en aanleg van natuurvriendelijke oevers) en op het gebied van de ‘landbouw’ (m.n. schaalvergroting).

Dergelijke ontwikkelingen worden gezien als gewenste/geschikte ‘motoren’ voor de landschapsontwikkeling en -versterking in de (open) ‘dekzandlaagte’-gebieden. Ontwikkelingen zoals ‘recreatie’ en ‘landelijk wonen en werken’ zijn hier in zijn algemeenheid minder gewenst omdat deze minder snel de karakteristiek van dit landschapstype versterken. Het beleid uit het LOP is op

2

hoofdlijnen vergelijkbaar met het beleid in de provinciale Omgevingsvisie. Deze ontwikkeling zou betekenen dat het gebied verder wordt verdicht door toevoegen van beplanting. Dit sluit niet direct aan op de uitgangspunten uit het LOP voor dit gebiedstype, maar zou wel aansluiten bij de landschappelijke verdichting die in de directe omgeving van het bedrijf al aanwezig is en bij de kenmerken van het aanliggende ‘dekzandvlakte’-gebied en die ook kunnen versterken, o.a. door het terug planten van een historische kavelgrensbeplanting in oostwest-richting direct ten noorden van de beoogde nieuwe campingplaatsen. Landschap Het erf ligt in het overgangsgebied van agrarisch naar de bosgebieden Eelerberg/Hellendoornseberg. Door haar ligging is het erf geschikt te noemen voor recreatieve doeleinden. De Eelerberg is een heuvel gelegen in de gemeente Hellendoorn in de provincie Overijssel. De top van de heuvel ligt op 40 meter hoogte ten noordwesten van Hellendoorn en ten oosten van Luttenberg. De heuvel is gelegen in het Nationaal Park Sallandse Heuvelrug. De Eelerberg is in beheer bij Staatsbosbeheer. De Eelerberg is onderdeel van natuurgebied de Sallandse Figuur 1, topografische kaart, ligging De Huttert t.o.v. Heuvelrug (tussen Hellendoorn en Holten in Eelerberg Overijssel). Op de Sallandse Heuvelrug zijn stille heidevelden, mooie bossen en heuvels.

Er zijn bewoningsporen te vinden, waarvan de oudste zo’n vijfduizend jaar oud zijn. De huidige aanblik is vooral in de laatste eeuwen ontstaan. Zandverstuivingen, veroorzaakt door overbegrazing van heidevelden, werden begin vorige eeuw beteugeld door het aanplanten van bos. Op de hoge, droge zandgronden is tot aan het eind van de vorige eeuw vooral grove den aangeplant, en in de laatste tientallen jaren ook veel Lariks en Douglasspar. Landschapsanalyse Bron: www. topotijdreis.nl Het plangebied ligt in een jong ontginningslandschaps (na 1850 ontgonnen) Een dekzandlandschap. Het erf is een oud erf en bestond reeds in 1880. Het landschap rondom het kleine agrarisch bedrijf rond 1900 was een heide- bos landschap. Direct rondom de boerderij was rond 1900 al kleinschalige akkerbouw en veehouderij. De percelen werden begrenst door kavelgrens bomen/houtwallen.

Figuur 2, topografische kaart rond 1900

3

In de huidige situatie zijn nog enkele restanten van houtsingel en bos aanwezig. Het gebied wordt gebruikt door de veehouderij. De percelen worden gebruikt als weide en voor de teelt van mais. In de jaren zestig zeventig van de vorige eeuw zijn in het kader van ruilverkaveling nieuwe houtwallen toegevoegd aan het landschap. Waarschijnlijk zijn deze toevoeging aan het landschap gedaan ter compensatie van het weghalen van oude kavelgrens beplantingen ten gunste van een effectievere landbouw.

Figuur 3, topografisch kaart, anno 2018

Figuur 4, uitsnede subsidie kaart Natuurbeheer SNL

Landschapsplan Op basis van de toetsing en het principebesluit is een landschapsplan met hierop de inrichting van de camping gemaakt. Het plan is als bijlage bijgevoegd. Met het inpassingsplan wordt een bijdrage geleverd aan herstel van het oude landschap en wordt het bestaande landschap gerespecteerd en het recreatiebedrijf landschappelijk ingepast. De volgende landschappelijke elementen worden toegevoegd: - 300 m1 struikensingel met een breedte van 5 meter - Aanplant van 16 st knotwilgen en elsenhakhout bosjes - Aanplant van 3 solitaire erfbomen - Aanplant van 41 m11 gemengde heg, (heg van 4 soorten inheemse struiken) Parkeren Er is ruimschoots gelegenheid om de parkeeropgave, die uit deze ontwikkeling volgt, op eigen terrein op te vangen. De ingetekende parkeerruimte biedt voldoende ruimte hiervoor. Om te voldoen aan de parkeernorm, normen CROW vastgesteld door gemeente Raalte, worden aan de zijde van de Nieuwe Twentseweg drie parkeerplaatsen aangelegd. De parkeerplaats wordt landschappelijk ingepast met een houtsingel en heggen. De beplantingsoorten zijn inheems. De parkeerplaatsen worden aangelegd met halfverharding. Op het gehele terrein is parkeergelegenheid voor 86 auto’s. Voor bezoekers van het theehuis en de camping is een plek ingericht voor het parkeren van fietsen. Er is ruimte voor ongeveer 30 fietsen.

Berekening aantal parkeerplekken auto’s

4

Camping; 40 plekken x norm 1,32 Groepsaccomodatie 8 kamers; 0,8x12,6 plekken per 10 kamers Woning buitengebied; 1 x 2,4 Theehuis; 200 m2 x 7 plekken per 00m2 Bed en breakfast, 2 kamers; 12,6 plekken per 10 kamers, 0,3 x 12,6 Plattelandskamers, 3 kamers; 12,6 plekken per 10kamers. 0,3 x 12,6

= 52,8 = 10,08 = 2,4 = 14 = 3,78 = 3,78

Totaal: 86 plekken Aantal plekken volgens plan te 93 st Verkeer De toename van verkeer door deze ontwikkeling is verkeerskundig gezien beperkt. De omliggende wegen kunnen dit qua capaciteit goed aan. Het zijn ‘gemiddelde’ wegen zoals die veel voorkomen in het Sallandse buitengebied (en daarbuiten). Recreatief verkeer is een gebruikelijk onderdeel van het verkeer, zeker in een toeristisch aantrekkelijk buitengebied. De provincie heeft in haar toetsing aangegeven dat verkeerskundig gezien er geen bezwaren zijn tegen deze ontwikkeling. De volledige toets is als bijlage bijgevoegd. Milieu Conclusie milieu Brandweg 2 en Nieuwe Twentseweg 5 zijn de bepalende factoren voor aan te houden afstanden omdat op deze erven zowel de dichtstbijzijnde woningen als agrarische bedrijven liggen. Andere woningen en bedrijven liggen op grotere afstand. Voor zowel de interne als externe werking is 50m dus de minimaal aan te houden afstand. De afstand van de dichtstbijzijnde grens van het kampeerterrein tot de grens van het bouwvlak Brandweg 2 bedraagt ca 105m. Dit voldoet ruimschoots aan de richtafstand van 50m. Het meest zuidoostelijk gelegen gebouw, waarin ondersteunende recreatieve activiteiten gepland zijn, ligt op ca 48m afstand van de grens van het bouwvlak van de Nieuwe Twentseweg 5.

In het principe besluit van de gemeente is aangeven dat dit gebouw vanuit het milieuaspect niet ingezet kan worden voor ondersteunde activiteiten. Het plan gaat ervan uit dat de dit gebouw alleen ingezet kan worden voor opslag en berging (schuurfunctie).

Bijlagen: 1. Landschapsplan Nieuwe Twentseweg 3 Luttenberg 2. Overzicht gebouwen en hun functie 3. Overzicht bouwblokken bestaand en nieuw 4. Principe besluit gemeente Raalte 5. Toets uitbreidingsplan De Huttert aan gemeentelijk en provinciaal beleid

5

VERKEERSTELLING

NIEUWE TWENTSEWEG, LUTTENBERG

Motorvoertuigen

Tussen Achtermateweg en Brandweg

Meetlocatie Nieuwe Twentseweg Luttenberg

INTENSITEITEN

UURVERLOOP WERKDAG PER RIJRICHTING Doorsnede

Ri. Noordwest Ri. Zuidoost Werkdag Weekdag Werkdag Weekdag

90

Doorsnede

Tussen Achtermateweg en Brandweg

Etmaal (0-24u)

689

100%

616

100%

319

287

371

329

80

Ri. Noordwest

Ri. 1 = Ri. Noordwest (Brandweg) Ri. 2 = Ri. Zuidoost (Achtermateweg)

Dag (7-19u) Avond (19-23u)

564 77

81,9% 11,1%

505 71

81,9% 11,5%

245 37

223 34

319 40

281 37

70

Werkdag

Weekdag

Nacht (23-7u)

48

7,0%

41

6,6%

36

29

12

11

60

Meting Meetperiode: 14 juni t/m 4 juli 2022 Methodiek: Telslangen

Ochtendspits (7-9u) Avondspits (16-18u)

123 163

17,9% 23,6%

94 134

15,2% 21,8%

82 43

61 39

42 119

32 95

50

In opdracht van: Gemeente Raalte

UURCIJFERS

Uitgevoerd door: MetroCount

Ri. Zuidoost

40 30 Doorsnede

Ri. Noordwest

Weekdag 3 0,5% 1 0,2%

20

Ri. Zuidoost

00:00 01:00

-

01:00 02:00

Werkdag 2 0,3% 0 0,1%

Werkdag Weekdag Werkdag Weekdag 1 1 1 2 0u 0 1 0 1

02:00 03:00

-

03:00 04:00

0 0

0,0% 0,1%

0 0

0,1% 0,1%

0 0

0 0

0 0

0 0

2u

04:00 05:00

-

05:00 06:00

1 7

0,1% 1,0%

1 5

0,1% 0,8%

1 6

0 4

0 1

0 1

4u

06:00

-

07:00

32

4,7%

24

3,9%

27

20

6

4

6u

07:00 08:00

-

08:00 09:00

77 47

11,1% 6,8%

57 37

9,3% 6,0%

50 31

37 24

26 16

20 13

8u wo 15-jun

voertuigen 684

Gem. snelheid

09:00 10:00 11:00

-

10:00 11:00 12:00

27 32 33

4,0% 4,6% 4,8%

28 32 32

4,5% 5,3% 5,1%

15 15 16

14 15 17

13 17 17

14 17 15

do 16-jun 10uvr 17-jun za 18-jun

695 762 531

V85 < 30 km/u 30 - 40 km/u

12:00

-

13:00

31

4,5%

33

5,3%

15

15

16

18

12uzo 19-jun

312

40 - 50 km/u

8,5%

9%

8%

13:00 14:00 15:00 16:00

-

14:00 15:00 16:00 17:00

35 38 44 79

5,1% 5,6% 6,4% 11,4%

37 39 44 66

5,9% 6,3% 7,2% 10,8%

16 16 16 20

17 17 17 18

19 22 28 59

19 22 27 48

ma 20-jun 14udi 21-jun wo 22-jun 16udo 23-jun

666 739 715 708

50 - 60 km/u 60 - 70 km/u 70 - 80 km/u 80 - 90 km/u

20,8% 32,5% 22,3% 7,4%

21,7% 30,2% 21,4% 8,2%

20% 34,6% 23% 6,7%

-

18:00 19:00 20:00 21:00

84 37 28 21

12,2% 5,4% 4,1% 3,1%

68 33 27 19

11,0% 5,3% 4,4% 3,1%

24 12 13 11

21 11 13 10

60 26 15 10

47 22 14 9

vr 24-jun 18uza 25-jun zo 26-jun 20uma 27-jun

728 500 314 674

> 90 km/u

2,1%

2,5%

1,7%

Voertuigclassificatie Voertuigclassificatie op basis van ascombinaties

17:00 18:00 19:00 20:00

L = Licht verkeer (2 assen, asafstand < 3,7 m)

21:00

-

22:00

16

2,4%

14

2,3%

8

7

9

8

di 28-jun

661

M = Middelzwaar verkeer (2 assen, asafstand > 3,7 m) Z = Zwaar verkeer (3 of meer assen)

22:00 23:00

-

23:00 24:00

11 5

1,6% 0,8%

10 6

1,7% 0,9%

5 2

5 3

6 3

6 3

22uwo 29-jun do 30-jun

694 598

vr 1-jul

675

za 2-jul zo 3-jul

550 394

VOERTUIGVERDELING Doorsnede Werkdag Licht (L) Middelzwaar (M) Zwaar (Z)

1

640 24 25

92,9% 3,4% 3,7%

Ri. Noordwest Weekdag

577 19 21

93,6% 3,1% 3,3%

10 0 0u

2u

4u

ETMAALTOTALEN

6u

8u

10u

12u

14u

16u

18u

20u

22u

SNELHEID

Aantal Doorsnede Ri. Noordwest Ri. Zuidoost 63 63 63 78 3,1% 3,3%

78 3,3% 3,7%

77 3% 3%

Ri. Zuidoost

Werkdag Weekdag Werkdag Weekdag 92,6% 3,6% 3,8%

93,3% 3,2% 3,5%

93,1% 3,3% 3,5%

93,8% 3,0% 3,2%

METROCOUNT

2

METROCOUNT

Noordwest

3

METROCOUNT

4

METROCOUNT

Sigma Bouw & Milieu Phileas Foggstraat 153 7825 AW Emmen Tel. (0591) 65 91 28 Fax (0591) 65 93 25 www.sigma-bm.nl E-mail info@sigma-bm.nl

Onderwerp: Projectnummer: Opdrachtgever: Datum:

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740 Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg 15-M7423 BJZ.nu 21 oktober 2015

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740 Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg

onderwerp datum

verkennend milieukundig bodemonderzoek Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg 21 oktober 2015

projectnummer

15-M7423

in opdracht van

BJZ.nu Twentepoort Oost 16a 7609 RG Almelo

uitgevoerd door

Sigma Bouw & Milieu Phileas Foggstraat 153 7825 AW Emmen tel: (0591) 659128 fax:(0591) 659325

Sigma Bouw & Milieu is gecertificeerd volgens de norm NEN-EN-ISO 9001:2008, het uitvoeren van milieukundige bodemonderzoeken en geotechnische onderzoeken Sigma Bouw & Milieu is gecertificeerd volgens “Beoordelingsrichtlijn voor het procescertificaat Monsterneming Bouwstoffenbesluit SIKB 1000 protocol 1001: Monsterneming grond voor partijkeuringen” Sigma Bouw & Milieu is gecertificeerd volgens “Beoordelingsrichtlijn voor het procescertificaat Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek SIKB 2000 protocollen 2001, 2002 en 2018” Sigma Bouw & Milieu is gecertificeerd volgens “Beoordelingsrichtlijn voor het procescertificaat Milieukundige begeleiding (water)bodemsaneringen en nazorg SIKB 6000, protocol 6001: Milieukundige begeleiding landbodemsanering met conventionele methoden”

(het onderhavige onderzoek heeft uitsluitend betrekking op de beoordelingsrichtlijn BRL SIKB 2000, protocol 2001 en 2002) Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar worden gemaakt door middels van druk, fotokopie, microfilm of anderszins zonder voorafgaande, schriftelijke toestemming van de opdrachtgever of Sigma Bouw & Milieu.

oktober 2015

2

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740 Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg

INHOUD

1 INLEIDING...................................................................................................................................... 4 1.1 Algemeen............................................................................................................................. 4 1.2 Aanleiding van het verkennend milieukundig bodemonderzoek.......................................... 4 1.3 Doel van het onderzoek ....................................................................................................... 4 1.4 Referentiekader van het onderzoek..................................................................................... 4 1.5 Opbouw van het rapport....................................................................................................... 5 2 VOORONDERZOEK ...................................................................................................................... 6 2.1 Basisinformatie .................................................................................................................... 6 2.2 Keuze type vooronderzoek .................................................................................................. 8 2.3 Standaard vooronderzoek....................................................................................................

8 2.4 Hypothese .......................................................................................................................... 12 3 VELDONDERZOEK...................................................................................................................... 13 3.1 Uitvoering van het veldonderzoek...................................................................................... 13 3.2 Resultaten van het veldonderzoek..................................................................................... 14 4 CHEMISCH-ANALYTISCH ONDERZOEK................................................................................... 16 4.1 Onderzoeksprogramma chemisch-analytisch onderzoek.................................................. 16 4.2 Toetsingscriteria grond en grondwater .............................................................................. 17 4.3 Analyseresultaten en interpretatie...................................................................................... 18 4.3.1 Milieuhygiënische kwaliteit grond........................................................................................ 18 4.3.2 Milieuhygiënische kwaliteit grondwater .............................................................................. 21 5 CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN.........................................................................................

23 Aanbevelingen .............................................................................................................................. 24 LITERATUURLIJST...................................................................................................................... 26 COLOFON ......................................................................................................................................... 27 BIJLAGEN 1. Topografisch overzicht incl. oude topografische overzichten 2. Onderzoekslocatie met boorplan (1:1.000) 3. Boorbeschrijvingen 4. Analysecertificaten SGS BV 5. Onafhankelijkheidsverklaring

oktober 2015

3

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740 Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg

1

INLEIDING

1.1

Algemeen

In opdracht van BJZ.nu is in september/oktober 2015 door Sigma Bouw & Milieu een verkennend milieukundig bodemonderzoek uitgevoerd op een deel van de locatie gelegen aan de Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg (gemeente Raalte). De plaats en situering van de onderzoekslocatie is weergegeven in bijlage 1 en 2. In dit onderzoek worden allereerst de locatiegegevens, de historische gegevens ofwel het bodemgebruik in het verleden evenals de resultaten van eventuele voorgaande bodemonderzoeken besproken. Vervolgens wordt de bodemopbouw, geologie en geohydrologie besproken. Op basis van de resultaten van het vooronderzoek is een onderzoekshypothese opgesteld. Het verdere onderzoek is op basis van deze hypothese uitgevoerd. De onderzoeksresultaten worden geïnterpreteerd. Aan de hand van de interpretatie van de onderzoeksresultaten wordt een eindconclusie geformuleerd. kwaliteitsborging: Sigma Bouw & Milieu is gecertificeerd volgens de norm NEN-EN-ISO 9001:2008. Het verkennend milieukundig bodemonderzoek is uitgevoerd volgens de richtlijnen uit het besluit uitvoeringskwaliteit Bodembeheer (KWALIBO). Zo is de gehanteerde onderzoeksstrategie opgesteld volgens de normen NEN-5725 en NEN-5740 en zijn de veld- en laboratoriumwerkzaamheden uitgevoerd volgens geldende beoordelingsrichtlijnen en accreditatieschema’s.

De veldwerkzaamheden van Sigma Bouw & Milieu zijn verricht onder het procescertificaat BRL SIKB 2000 (Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek) waarvoor Sigma Bouw & Milieu is gecertificeerd en erkend door het ministerie van VROM. In het kader van het onderhavige onderzoek zijn de protocollen 2001 (plaatsen van handboringen en peilbuizen t.b.v. het nemen van grond- en grondwatermonsters) en 2002 (het nemen van grondwatermonsters) van toepassing. Sigma Bouw & Milieu verklaart bij deze volledig onafhankelijk te zijn in de uitvoering van het onderzoek en op geen enkele wijze gerelateerd te zijn aan de eigenaar van het te onderzoeken terrein.

1.2

Aanleiding van het verkennend milieukundig bodemonderzoek

Aanleiding tot de uitvoering van dit verkennend milieukundig bodemonderzoek vormt de wens inzicht te verkrijgen in de kwaliteit van de bodem in verband met de geplande bestemmingswijziging van de onderzoekslocatie.

1.3

Doel van het onderzoek

Dit onderzoek heeft tot doel inzicht te verkrijgen in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem en vast te stellen of er sprake is van bodemverontreiniging. Aan de hand van dit onderzoek wordt inzicht verkregen in hoeverre het bodemgebruik van de locatie heeft geleid tot verontreiniging. Op basis van de onderzoeksresultaten kan een milieuhygiënische beoordeling worden gegeven ten aanzien van de beoogde c.q. de toekomstige gebruiksmogelijkheden van de locatie. Indien uit de onderzoeksresultaten blijkt dat er sprake is van bodemverontreiniging zal worden beoordeeld of vervolgonderzoek noodzakelijk geacht wordt.

1.4

Referentiekader van het onderzoek

Teneinde de kwaliteit van de grond op de onderhavige locatie juist in te schatten is de onderzoeksopzet van het bodemonderzoek gebaseerd op de onderzoeksstrategie voor verkennend bodemonderzoek, onderzoeksnorm NEN 5740 (literatuur 1). oktober 2015

4

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740 Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg

1.5

Opbouw van het rapport

In het voorliggende rapport komen de volgende aspecten aan de orde: • vooronderzoek, (hoofdstuk 2) • veldonderzoek, (hoofdstuk 3) • chemisch-analytisch onderzoek, (hoofdstuk 4) • conclusies en aanbevelingen, (hoofdstuk 5).

oktober 2015

5

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740 Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg

2

VOORONDERZOEK

Het vooronderzoek wordt voorafgaand aan het feitelijke onderzoek (veld- en chemisch-analytisch onderzoek) uitgevoerd. Het vooronderzoek omvat het verzamelen van informatie over het vroegere en huidige gebruik van de onderzoekslocatie en de omgeving, onder meer gericht op het vinden van mogelijke bronnen van bodembelasting. Het vooronderzoek richt zich tevens op informatie betreffende de bodemgesteldheid en geohydrologie van de onderzoekslocatie. De uitwerking van het vooronderzoek is gebaseerd op de leidraad bij het uitvoeren van verkennend, oriënterend en nader bodemonderzoek, onderzoeksnorm NEN 5725 (literatuur 9). Afhankelijk van de aanleiding van het onderzoek en/of de initiële verdenking van een locatie wordt de diepgang van het vooronderzoek bepaald. De norm NEN 5725 onderscheidt hiermee drie verschillende typen vooronderzoek te weten: 1) een beperkt vooronderzoek, 2) een standaard vooronderzoek of 3) een uitgebreid vooronderzoek. Om te kunnen bepalen welk type vooronderzoek van toepassing is moet van de locatie eerst de basisinformatie worden verzameld, vervolgens wordt de aanleiding van het onderzoek vastgesteld en ten slotte wordt de mate van verdachtheid van de locatie bepaald.

2.1

Basisinformatie

In tabel 2.1 is een overzicht van de basisinformatie weergegeven. tabel 2.1 overzicht basisinformatie adres plaats gemeente topografisch overzicht coördinaten kadastrale aanduiding

Nieuwe Twentseweg nr. 3 Luttenberg Raalte Zie bijlage 1 X = 223,624 Y=492,365 gemeente Raalte sectie O nr. 675(ged.) 2 ca. 20.000 m camping weide weide/agrarische grond niet bekend

oppervlakte onderzoekslocatie (bouwblok) toekomstig bodemgebruik huidig bodemgebruik voormalig bodemgebruik ophogingen/dempingen/stortingen opvullingen en verhardingen toepassing van asbesthoudende bouw-, bodem- of niet bekend verhardingsmaterialen voorgaand ► Nieuwe Twentseweg nr. 3 (erf) bodemonderzoek ● verkennend onderzoek, Hoogveld, HA02822, 07-10-2005; op de onderzoekslocatie ● saneringsplan, RW051205\02, 21-02-2006 ● saneringsevaluatie, RW060504\03, 01-06-2006 betreft een brandstoftank buiten de onderzoekslocatie Voorgaand bodemonderzoek in de omgeving

► Nieuwe Twentseweg nr. 5 ● verkennend bodemonderzoek, MOS Grondmechanica B.V., R6012210RH_1, 10-03-2010 Beoordeling: niet ernstig licht tot matig verontreinigd.

De onderzoekslocatie is gelegen achter het erf van de Nieuwe Twentseweg nr. 3 buiten de bebouwde kom van Luttenberg (gemeente Raalte). De topografische ligging van de onderzoekslocatie is weergegeven in bijlage 1. De onderzoekslocatie betreft een deel van een weideperceel gelegen achter de Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg. oktober 2015

6

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740 Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg

Op de locatie Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg bevindt zich een minicamping (De Huttert) met woonhuis en bijgebouwen. De opdrachtgever is voornemens om de bestaande camping uit te breiden. De uitbreiding is noordelijk van het huidige campingterrein gepland. De onderzoekslocatie, het beoogde bouwblok, betreft het terrein t.p.v. de nieuw aan te leggen camping. De onderhavige onderzoekslocatie, het beoogde bouwblok, maakt thans nog deel uit van een weideperceel. Het onderhavige onderzoek, het geografisch besluitvormingsgebied, betreft het terreindeel t.p.v. het nieuw geplande campingterrein (bouwblok) zoals weergegeven in bijlage 2. 2 De onderzoekslocatie, het beoogde bouwblok, heeft een oppervlakte van ca. 20.000 m (zie bijlage 2). In de directe omgeving bevinden zich agrarische percelen en boerderijen buiten de bebouwde kom. Aan de zuidzijde grenst de onderzoekslocatie aan de achtergelegen minicamping. Aan de westzijde grenst de onderzoekslocatie aan de Brandweg en achtergelegen agrarische percelen. Aan de oostzijde grenst de onderzoekslocatie aan naastgelegen agrarische percelen. Aan de noordzijde grenst de onderzoekslocatie aan een naastgelegen agrarisch perceel/het perceel Brandweg 2.

oktober 2015

7

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740 Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg

2.2

Keuze type vooronderzoek

Het onderhavige bodemonderzoek betreft een verkennend bodemonderzoek in het kader van een geplande nieuwbouw van een dubbele woning op de onderzoekslocatie. Op basis van het stroomschema (figuur 1 blz.14) uit de NEN 5725 wordt in dit geval een standaard vooronderzoek volgens hoofdstuk 6 uit de NEN 5725 uitgevoerd.

2.3

Standaard vooronderzoek

Het standaard vooronderzoek omvat het verzamelen van informatie over vijf onderzoeksaspecten, te weten: 1) het voormalige bodemgebruik, 2) het huidige bodemgebruik, 3) het toekomstige bodemgebruik, 4) bodemopbouw en geohydrologie en 5) (financieel-) juridische situatie. De hieronder vermelde historische gegevens zijn ontleend aan gegevens die door de opdrachtgever zijn verstrekt alsmede gegevens uit het milieuarchief van de gemeente Raalte (verkregen via mevr. E. Jansen), de bodematlas van de provincie Overijssel (met historisch bodembestand), het bodemloket, topografische kaarten, WatWasWaar.nl en het handelsbestand van de Kamer van Koophandel. Het uitgevoerde vooronderzoek heeft betrekking tot de onderhavige onderzoekslocatie alsmede de aangrenzende percelen binnen een straal van 25 meter.

voormalige bodemgebruik bodemgebruik in het verleden tot heden: (bron: opdrachtgever/gemeente/topografische kaarten) • Op de locatie Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg bevindt zich een minicamping (De Huttert) met woonhuis en bijgebouwen. De opdrachtgever is voornemens om de bestaande camping uit te breiden. De uitbreiding is noordelijk van het huidige campingterrein gepland. De onderzoekslocatie, het beoogde bouwblok, betreft het terrein t.p.v. de nieuw aan te leggen camping. De onderhavige onderzoekslocatie, het beoogde bouwblok, maakt thans nog deel uit van een weideperceel. Het onderhavige onderzoek, het geografisch besluitvormingsgebied, betreft het terreindeel t.p.v. het nieuw geplande campingterrein (bouwblok) zoals weergegeven in bijlage 2. 2 De onderzoekslocatie, het beoogde bouwblok, heeft een oppervlakte van ca. 20.000 m (zie bijlage 2). • De onderhavige onderzoekslocatie, het beoogde uitbreiding, is geruime tijd onderdeel van een agrarisch perceel. • De bestaande bebouwing op de locatie Nieuwe Twentseweg nr. 3 dateert van ca. 1984 tot 2008. • Op basis van oude topografische kaarten vanaf 1890 is op de locatie, voor zover te beoordelen, reeds bebouwing aanwezig. De onderzoeklocatie wordt aangegeven als agrarisch perceel. • Ten behoeve van de bestaande bebouwing op de locatie en zijn bouwvergunningen verleend: • Ten behoeve van de locatie Nieuwe Twentseweg nr.

3 zijn door de gemeente Raalte milieuvergunningen verleend. • De onderzoekslocatie wordt in het handelsbestand van de Kamer van Koophandel vermeld onder: - De Huttert.

onder- of bovengrondse brandstoftanks: (bron: opdrachtgever/eigenaar/gemeente/provincie) • Op het erf van de Nieuwe Twentseweg nr. 3, buiten de invloedssfeer van de onderzoekslocatie, was in het verleden een ondergrondse tank gesitueerd. De tank is gesaneerd in 2006. Er is geen informatie omtrent de eventuele aanwezigheid of voormalige aanwezigheid van boven- of ondergrondse brandstoftanks op de onderzoekslocatie, t.p.v. het beoogde bouwblok. aanwezigheid van asbest (bron: opdrachtgever/gemeente) • Op basis van de provinciale asbestsignaleringskaart geldt voor het erf van de locatie Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg een grote kans op de aanwezigheid van asbesthoudend materiaal. Ter plaatse van de onderzoekslocatie, het beoogde bouwblok, geldt een kleine kans op de aanwezigheid van asbest. oktober 2015

8

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740 Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg

voormalige en huidige potentieel belastende agrarische en bedrijfsactiviteiten (bron: opdrachtgever/ eigenaar/ gemeente/ provincie) • Op de locatie Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg was in het verleden geruime tijd een agrarisch bedrijf gevestigd. Midden jaren ’90 van de vorige eeuw werd de bestemming gewijzigd naar camping. De onderhavige onderzoekslocatie, het beoogde bouwblok, betreft een deel van een weideperceel ten noorden van de bestaande camping. De onderhavige onderzoekslocatie, het beoogde bouwblok, is in het verleden voor zover bekend niet anders dan als agrarische grond in gebruik geweest. Voor zover bekend heeft zich op de onderzoekslocatie in het verleden geen bebouwing bevonden. • Er is geen informatie omtrent evt. (voormalige) (bedrijfs)matige activiteiten op de onderzoekslocatie, t.p.v. het beoogde bouwblok. • Er is geen informatie omtrent evt. andere (voormalige) potentieel bodembedreigende activiteiten (verbranding afval, opslag van gevaarlijke stoffen etc.) op de onderzoekslocatie, t.p.v. het beoogde bouwblok. • Er is geen informatie omtrent evt. (voormalige) potentieel bodembedreigende calamiteiten op de onderzoekslocatie. • In de directe omgeving van de onderzoekslocatie bevinden zich boerderijen en agrarische percelen binnen de bebouwde kom.

Het is op voorhand onbekend of activiteiten in de directe omgeving negatieve invloed hebben (gehad) op de bodemkwaliteit t.p.v. de onderhavige onderzoekslocatie. verrichte handelingen met grond, verhardingsmateriaal en/of afval: (bron: opdrachtgever/gemeente) • Er is geen informatie omtrent evt. met bodemvreemd materiaal gedempte watergangen/sloten t.p.v. de onderzoekslocatie. • Er is geen informatie omtrent evt. opgebrachte gebiedsvreemde grond (ophogingen), verhardingsmateriaal, puinmateriaal en/of afval op de locatie. ondergrondse infrastructuur in het heden verleden: • geen informatie

(bron: opdrachtgever)

archeologische waarden: (bron:gemeente/provincie) • De locatie heeft op basis van de archeologische waardenkaart (IKAW) van de provincie Overijssel een lage verwachting. Voor aanvullende archeologische informatie wordt verwezen naar de gemeente. niet gesprongen explosieven: (bron:gemeente/provincie) • In Nederland zijn er niet gesprongen explosieven (NGE) uit de Tweede Wereldoorlog in de grond achtergebleven. De (potentiële) aanwezigheid van niet gesprongen explosieven kan een bedreiging inhouden bij grondroerende werkzaamheden en kan tot vertraging leiden bij planvorming en uitvoering van werkzaamheden. NGE's worden met name aangetroffen ter plaatse van 'strategische doelen' zoals binnensteden, verbindingswegen, spoorwegen, bruggen en havens. De gemeente is op basis van regelgeving verantwoordelijk voor het opsporen en ruimen van niet gesprongen explosieven uit de Tweede Wereldoorlog. Voor aanvullende informatie wordt verwezen naar de gemeente.

huidige bodemgebruik huidige bodemgebruik van de locatie: (bron:opdrachtgever/terreininspectie) • De onderzoekslocatie, het beoogde bouwblok, betreft een deel van een weideperceel. De onderzoekslocatie is onbebouwd en begroeid met gras. aanwezigheid van asbest: (bron:opdrachtgever/terreininspectie) • Op basis van de provinciale asbestsignaleringskaart geldt voor het erf van de locatie Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg een grote kans op de aanwezigheid van asbesthoudend materiaal.

oktober 2015

9

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740 Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg

Ter plaatse van de onderzoekslocatie, het beoogde bouwblok, geldt een kleine kans op de aanwezigheid van asbest. huidige verdachte/bedrijfsmatige/bodembelastende activiteiten: (bron:opdrachtgever/gemeente) • Op de onderzoekslocatie vinden thans geen bodembedreigende activiteiten plaats. •

verhardingslagen: De onderzoekslocatie is onverhard.

(bron:opdrachtgever/terreininspectie)

toekomstige bodemgebruik geplande herinrichting/ bouwplannen: • uitbreiden camping.

(bron:opdrachtgever)

geplande bedrijfsactiviteiten: • camping

(bron:opdrachtgever)

geplande potentieel bodemverontreinigende activiteiten: • niet bekend

(bron:opdrachtgever)

oktober 2015

10

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740 Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg

geologie en bodemsamenstelling: De ondiepe geologie in het onderzoeksgebied is afgeleid van de Grondwaterkaart van Nederland, (TNO/DGV 1976). Hoewel de dikte van de verschillende lagen van plaats tot plaats kan variëren is de volgorde van de aangetroffen lagen in het onderzoeksgebied constant. De lithostratigrafie wordt in het onderstaande beschreven. De bovenste laag, de deklaag, (ca. 7.5 m+NAP) is in het boven Holoceen afgezet. De holocene veenafzettingen zijn in het gebied Emmen slechts plaatselijk aanwezig, alleen in beekdalen. De bovenste laag, het holocene pakket, is van plaats tot plaats zeer wisselend van opbouw. Het holocene-pakket bestaat voornamelijk uit afzettingen van de formatie van Drenthe en Twente. De formatie van Drenthe bestaat voornamelijk uit keileem alsmede uit fijne tot grove zanden. De formatie van Twente bestaat uit fluvioperiglaciale zanden en beekzanden, bestaande uit matig fijn tot matig grof, soms lemig, zand. Plaatselijk komen gyttalaagjes en grindafzetting (Scandinavisch materiaal) voor. Plaatselijk komen, door de wind afgezette, dekzanden voor, het betreft zeer fijne tot matig fijne, leemarme zanden. De deklaag heeft een dikte welke varieert van enkele decimeters tot ca. 20 meter (nabij het Hunzedal). Onder de deklaag bevindt zich een fijne tot matig fijne zandlaag bestaande uit afzettingen van de formaties van Peelo en Eindhoven.

Deze fijne zandlaag heeft een dikte van ca. 30 meter. De formatie van Peelo bestaat uit fijne soms sterk lemige zanden met weinig klei. De formatie van Eindhoven bestaat voornamelijk uit eolische fijne tot zeer fijne zanden met plaatselijk grind, leem en veen. Op grotere diepte, van ca. 20 m-NAP tot 60 m-NAP bevinden zich matig fijne tot grove zanden behorende tot de formatie van Urk. Plaatselijk is, met name in het oosten, in dit pakket Cromer-klei afgezet.

geohydrologie: Voor de beschrijving van de geohydrologie in het onderzoeksgebied is gebruik gemaakt van de Grondwaterkaart van Nederland, (TNO/DGV 1976). De geschematiseerde geohydrologische opbouw is gebaseerd op lithologische-, hydrochemische- en geofysische gegevens. Gezien de beperkte verbreiding van scheidende lagen en aaneensluiting van de scheidende lagen, bestaan regionaal grote verschillen in de samenstelling en de dikte van de aanwezige watervoerende pakketen. Het eerste watervoerend pakket is slechts plaatselijk als zelfstandig pakket te onderscheiden. In de meeste gevallen wordt het eerste watervoerende pakket tot h et bovenste deel van het tweede en soms derde watervoerend pakket gerekend. Het eerste watervoerend pakket bestaat voornamelijk uit fijne tot grove zand (formatie van Twente). Het eerste watervoerend pakket heeft een dikte van ca. 30 meter. Het tweede watervoerend pakket bestaat uit fijne tot matig fijne zanden (formaties Peelo en Eindhoven). In tabel 2.2 is de geohydrologische opbouw weergegeven. tabel 2.2 diepte m-mv 0-20

Geohydrologische opbouw beschrijving

formatie

Eenheid

slibhoudende fijne zanden, veen, keileem

Drenthe/Twente

Deklaag

20-115

fijn tot matig fijne zanden

1 +2 +3 watervoerend pakket

115-175

kleien en zanden

o.a. Peelo Eindhoven Urk /Harderwijk

e

e

e

e

3 scheidende laag

oktober 2015

11

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740 Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg

(financieel-) juridische situatie In tabel 2.3 zijn de financieel- juridische aspecten weergegeven. tabel 2.3 financieel/juridische aspecten kadastrale gegevens Gemeente Raalte, sectie O, nummer 675 (ged.) opdrachtgever/ belanghebbende rechtspersonen

2.4

Hypothese

Volgens de onderzoeksnorm NEN 5740 dient, m.b.t. de aanwezigheid van eventuele bodemverontreiniging, vooraf een onderzoekshypothese te worden opgesteld. De hypothese kan worden opgesteld op basis van bekende (historische) gegevens, uit de betrokken informatie kan blijken dat de onderzoekslocatie, vooraf, als “verdacht” of “onverdacht” wordt aangemerkt. Op basis van de historische informatie uit het vooronderzoek blijkt dat zich op de locatie Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg geruime tijd een agrarisch bedrijf gevestigd was. Midden jaren ’90 van de vorige eeuw kreeg de locatie de bestemming camping. De onderhavige onderzoekslocatie, de beoogde uitbreiding, betreft een deel van een weideperceel ten noorden van de bestaande camping. De onderhavige onderzoekslocatie, het beoogde bouwblok, is in het verleden voor zover bekend niet anders dan als agrarische grond in gebruik geweest. Voor zover bekend heeft zich op de onderzoekslocatie in het verleden geen bebouwing bevonden. Er is voor zover bekend geen informatie over (voormalige) potentieel verdachte deellocaties (bronnen) of (voormalige) bodembedreigende activiteiten t.p.v. het beoogde bouwblok (onderzoekslocatie). De onderzoekslocatie, het beoogde bouwblok, is in eerste aanleg als milieuhygiënisch "onverdacht" aangemerkt. Op basis van deze hypothese is het bodemonderzoek t.p.v.

het beoogde bouwblok uitgevoerd conform de bijbehorende onderzoeksstrategie, volgens NEN 5740, paragraaf 5.1, strategie voor onverdachte locaties (ONV) (literatuur 1). In tabel 2.4 is de gehanteerde onderzoeksstrategie weergegeven. tabel 2.4

gehanteerde onderzoeksstrategie mogelijke verontreiniging (deel)locatie grond grondwater bouwblok geen geen

onderzoeksstrategie ONV

Bij de toetsing van de hypothese wordt een enkele overschrijding van de achtergrondwaarde geïnterpreteerd als “onverdachte locatie”. Dit geldt vooral voor parameters welke van nature verhoogd aanwezig zijn en de achtergrondwaarde overschrijden. Op basis van voorgaand bodemonderzoek is bekend dat in het gebied verhoogde gehalten nikkel in het grondwater gemeten kunnen worden. Het opgeboorde monstermateriaal op de onderzoekslocatie is in dit onderzoek visueel beoordeeld op de aanwezigheid van asbesthoudend materiaal. Opgemerkt dient te worden dat asbestanalyses geen deel uitmaken van uitgevoerde analyses in het kader van de NEN-5740. Onderhavig onderzoek betreft geen asbest onderzoek in bodem /puin volgens NEN-5707 resp. NEN-5897. Tevens dient opgemerkt te worden dat eventueel aanwezig puinmateriaal en/of (half)verhardingsmaterialen niet chemisch-analytisch zijn onderzocht.

oktober 2015

12

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740 Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg

3

VELDONDERZOEK

In dit hoofdstuk wordt het uitgevoerde veldwerkonderzoeksprogramma beschreven. Daarnaast worden de resultaten van het veldonderzoek weergegeven.

3.1

Uitvoering van het veldonderzoek

Het veldonderzoek is uitgevoerd onder procescertificaat BRL SIKB 2000 en conform de eisen uit de protocollen 2001 en 2002. Het onderzoeksprogramma is ruimtelijk weergegeven in bijlage 2. In deze bijlage zijn alle geplaatste boringen geprojecteerd. plaatsen van boringen en peilbuis Het uitvoeren van boringen, het plaatsen van de peilbuis en het nemen van grondmonsters heeft plaatsgevonden op 09 september 2015. Het bemonsteren van het grondwater is conform NEN-5740 ruim een week na plaatsing van de peilbuis op 02 oktober 2015 uitgevoerd. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd door dhr. M. van Wuykhuyse erkende en geregistreerde veldwerkers van Sigma Bouw & Milieu te Emmen. Bedrijfs- en persoonerkenningen zijn weergegeven op de internetsite van Bodem+ (http//www.senternovem.nl/bodemplus/erkenningen). Een onafhankelijkheidsverklaring is opgenomen in bijlage 5. Voorafgaand aan het plaatsen van boringen is een locatie-inspectie gehouden. Op basis van de locatieinspectie zijn geen bijzonderheden aangetroffen. Alle geplaatste boringen zijn zodanig ruimtelijk verspreid over de onderzoekslocatie dat een zo representatief mogelijke indruk van de onderzoekslocatie wordt verkregen. Alle boringen zijn uitgevoerd met behulp van een edelmanboor en geplaatst conform de eisen uit het protocol 2001. De positionering van alle boringen is weergegeven in bijlage 2.

In totaal zijn, gelijkmatig verdeeld, op de onderzoekslocatie dertig boringen geplaatst. Alle boringen zijn doorgezet tot in de aanwezige deklaag (0.5 m-mv). Negen boringen zijn doorgezet 2.0 m-mv. Drie boringen zijn doorgezet tot in het freatisch grondwater, deze boring is ten behoeve van de bemonstering van het grondwater afgewerkt met een peilbuis, filtertraject van ca. 1.7-2.7 m-mv. De geplaatste peilbuis is opgebouwd uit 1 meter HDPE peilfilter omstort met filtergrind. Het filtergrind zorgt voor een goede instroming van het grondwater in het filter, daarnaast voorkomt het dat het filter dichtslibt. Het peilfilter bevindt zich 0.5 meter beneden het grondwaterniveau. Boven het peilfilter bevindt zich blinde HDPE opzetbuis, omstort met bentoniet (zwelklei). De zwelklei dient ervoor te zorgen dat toestroming vanuit de bovengrond wordt voorkomen. De peilbuis is geplaatst conform de eisen uit het -protocol 2001.

oktober 2015

13

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740 Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg

monstername grond Het vrijkomende bodemmateriaal is zintuiglijk beoordeeld op bodemkundige eigenschappen, o.a. de korrelgrootteverdeling (textuur), kleur en eventueel aanwezige verontreinigingskenmerken. Na de zintuiglijke beoordeling is het bodemmateriaal in trajecten van 0.5 meter of per afwijkende bodemlaag bemonsterd. Grondmonsters t.b.v. analyse op vluchtige aromaten zijn m.b.v. een steekbus bemonsterd. Grondmonsters zijn genomen conform de eisen uit het VBK-protocol 2001. monstername grondwater Om een representatief grondwatermonster te verkrijgen is de peilbuis, na plaatsing en voor monstername, grondig (3 maal de inhoud van het peilfilter) afgepompt. Voorafgaand aan de bemonstering is de grondwaterstand t.o.v. het maaiveld ingemeten. Grondwatermonsters zijn genomen conform de eisen uit het VBK-protocol 2002 en NEN-5744 (literatuur 11). Tijdens de monstername van het grondwater is in het veld de zuurgraad (pH) en de elektrische geleidbaarheid (EGV) bepaald.

3.2

Resultaten van het veldonderzoek

Bodemopbouw De boorprofielbeschrijvingen van alle verrichte boringen met bijbehorende zintuiglijke waarnemingen zijn grafisch uitgewerkt en opgenomen in bijlage 3. In tabel 3.1 is op basis van de waarnemingen de lokale bodemopbouw beschreven. tabel 3.1 lokale bodemopbouw bodemlaag hoofdbestanddeel m-mv 0.0-0.5 zand 0.5-1.1 zand 1.1-3.0 zand

Toevoeging

Kleur

zwak siltig zwak siltig zwak siltig

donkerbruin/grijs oranje/geel lichtgeel

Veldmetingen grondwater De resultaten van de veldwaarnemingen van het grondwater zijn in tabel 3.2 weergegeven. tabel 3.2 Peilbuis

veldwaarnemingen grondwater filtertraject grondwaterstand voorpompen pH m-mv m-mv liter

1 2 3

2.0-3.0 1.7-2.7 1.5-2.5

1.59 0.99 1.10

7 7 7

6.04 6.11 6.23

EGV geleidingsvermogen µS/cm 417 426 386

troebelheid (NTU) 9.75 10.85 11.65

In het genomen grondwatermonster is een hogere troebelheid gemeten dan voor natuurlijke troebelheid verwacht wordt (≥10 NTU). De peilbuis heeft voldoende rusttijd gehad na plaatsing (minimaal een week). Ook is de peilbuis zorgvuldig en met een voldoende laag debiet afgepompt zodat de grondwaterstand in de peilbuis slechts gering is gedaald tijdens afpompen (< 50 cm). Daarom wordt aangenomen dat er geen sprake is geweest van een verstoord bodemevenwicht tijdens monsterneming, en dat de gemeten waarde voor troebelheid een natuurlijke oorzaak hebben (zwevende stoffen als lutum of silt in het grondwater). Zwevende delen kunnen leiden tot verhoogde meetwaarden in het grondwater als gevolg van matrixstoringen bij de analyse en ab- en adsorptie organische verbindingen en zware metalen aan deze zwevende delen

oktober 2015

14

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740 Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg

Zintuiglijke waarnemingen grond Het bij de boringen vrijkomende bodemmateriaal is zintuiglijk beoordeeld op eventuele afwijkingen. De zintuiglijke waarnemingen zijn omschreven en grafisch weergegeven in bijlage 3. Op basis van zintuiglijke waarnemingen van het bodemmateriaal zijn geen bodemvreemde afwijkingen of bijmengingen waargenomen welke duiden op een vorm van bodemverontreiniging. grondwater Het bemonsterde grondwater bevatte geen zintuiglijk waarneembare afwijkingen. asbest Tijdens de locatie-inspectie is aandacht geschonken aan de aanwezigheid van asbest op het maaiveld, hierbij is op het maaiveld geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Het opgeboorde monstermateriaal (grond) is zintuiglijk beoordeeld op de aanwezigheid van asbesthoudend materiaal. Op basis van zintuiglijke waarnemingen van het opgeboorde monstermateriaal is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Hierbij wordt opgemerkt dat in dit onderzoek handboringen zijn uitgevoerd met een 7 cm edelman boor de trefkans op het aantreffen van asbesthoudend materiaal (t.g.v. verdringing van materiaal) is kleiner dan bij het graven van inspectiegaten volgens NEN-5707. Bij het graven van proefgaten of proefsleuven ontstaat een beter beeld van eventueel aanwezig bodemvreemd materiaal.

Met nadruk wordt vermeld dat onderzoek naar de aanwezigheid van asbest in de bodem/puin geen onderdeel uitmaakt van het onderhavige onderzoek dat volgens NEN-5740 is uitgevoerd. Het onderhavige onderzoek kan daarom geen uitspraak doen over de aan- of afwezigheid van asbest in de bodem op de onderhavige locatie. Opgemerkt dient te worden dat geen asbestanalyses van grond en/of puin e.d. hebben plaatsgevonden. Asbestanalyses maken geen deel uit van verkennend bodemonderzoek in het kader van de NEN-5740. Tevens wordt opgemerkt dat de zintuiglijke beoordeling op asbest en de locatie-inspectie niet opgevat dient te worden als een onderzoek uitgevoerd op basis van NEN-5707 (asbestonderzoek in grond) en/of NEN-5897 (monsterneming en analyse van asbest in onbewerkt bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat). Overigens wordt in algemene zin opgemerkt dat in de bodem aanwezig puinmateriaal asbest kan bevatten. Alleen een asbestonderzoek volgens NEN-5707 / NEN-5897 geeft meer zekerheid over de aanwezigheid van asbest in de bodem resp. puin. De chemische samenstelling van eventueel aanwezig verhardingsmateriaal is niet in dit onderzoek onderzocht.

oktober 2015

15

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740 Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg

4

CHEMISCH-ANALYTISCH ONDERZOEK

In dit hoofdstuk worden de uitvoering, het toetsingskader en de resultaten van de chemische analyses besproken. Vervolgens worden de resultaten van het chemisch-analytisch onderzoek geïnterpreteerd Het chemisch onderzoek van grond is uitgevoerd door het NEN-EN-ISO 17025 geaccrediteerde milieulaboratorium van SGS BV (certificaat L086). Alle analyses zijn geanalyseerd volgens het accreditatieschema AS3000 “laboratoriumanalyses voor milieuhygiënisch bodemonderzoek”, waarvoor SGS is geaccrediteerd en erken door het ministerie van VROM. De conservering van grond- en grondwatermonsters is uitgevoerd conform SIKB protocol 3001 “conserveringsmethoden en conserveringstermijnen voor milieumonsters”.

4.1

Onderzoeksprogramma chemisch-analytisch onderzoek

grond Teneinde in het kader van het verkennend bodemonderzoek een indruk te krijgen van de algemene kwaliteit van de grond zijn de grondmonsters, welke tijdens het veldonderzoek zijn genomen, in het laboratorium met elkaar gemengd tot grondmengmonsters. Van het totaal aantal genomen grondmonsters op de locatie zijn zeven grond(meng)monsters samengesteld en geanalyseerd. grondwater Uit de geplaatste peilbuis is een grondwatermonster genomen en geanalyseerd. In onderstaande tabel 4.1 wordt de samenstelling van de grondmengmonsters, grondwatermonsters, de monsternamediepte en de uitgevoerde analyses weergegeven. tabel 4.1 Analyse-schema Monstercode

boringnummer(s)

diepte (m-mv)

zintuiglijke waarnemingen

analysepakket

grond 1 (MM1) 2 (MM2) 3 (MM3) 4 (MM4) 5 (MM5) 6 (MM6) 7 (MM7)

1+4+5+10 t/m 14 2+6+15 t/m 19 7+8+21 t/m 25 3+9+26 t/m 30 1+4+5 2+6+7 3+8+9

0.0-0.5 m-mv 0.0-0.5 m-mv 0.0-0.5 m-mv 0.0-0.5 m-mv 0.5-2.0 m-mv 0.5-2.0 m-mv 0.4-2.0 m-mv

-

NEN-grond +AS3000 (*) NEN-grond +AS3000 (*) NEN-grond +AS3000 (*) NEN-grond +AS3000 (*) NEN-grond +AS3000 (*) NEN-grond +AS3000 (*) NEN-grond +AS3000

grondwater 1 (peilbuis) 2 (peilbuis) 3 (peilbuis)

1 2 3

2.0-3.0 m-mv 1.7-2.7 m-mv 1.5-2.5 m-mv

-

NEN-grondw. AS3000 (**)+ NEN-grondw. AS3000 (**)+ NEN-grondw. AS3000

verklaring van de gebruikte afkortingen en codes: * NEN-grond

=

**NEN-water

=

Zware metalen

=

Vluchtige aromaten

=

PCB PAK VOH Bromoform

= = = =

oktober 2015

(*)

(**)+

(1)

Standaard Pakket Grond omvat AS3000 voorbehandeling, 9 zware metalen, PAK (10-VROM), minerale olie (GC), PBC’s, droge stof, organische stof en lutum; Standaard Pakket Grondwater omvat AS3000 voorbehandeling zware metalen, vluchtige aromaten (incl. naftaleen), chloorhoudende oplosmiddelen, chloorbenzenen, minerale olie, styreen en bromoform; barium (Ba)/cadmium (Cd)/Cobalt(Co)/koper (Cu)/lood (Pb)/nikkel (Ni)/zink (Zn)/Molybdeen (Mo)/kwik(Hg); Benzeen (B), Tolueen (T), Ethylbenzeen (E), Xylenen (X), Naftaleen (N) Styreen (S) (BTEXNS); Polychloorbifenylen; Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen; Vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen. Tribroommethaan 16

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740 Nieuwe Twentseweg nr. 3 te Luttenberg

4.2

Toetsingscriteria grond en grondwater

Om de kwaliteit van de bodem en de mate van verontreiniging te kunnen beoordelen, zijn de analyseresultaten van grondmonsters getoetst aan de geldende toetsingswaarden; 1) de achtergrondwaarde (AW-2000) zoals opgenomen in bijlage B van “de Regeling Bodemkwaliteit” (Staatscourant 22335, 02 november 2012) (literatuur 5) 2) de interventiewaarde zoals opgenomen in tabel 1 van “de Circulaire Bodemsanering”, (Staatscourant 16675, 27 juni 2013) (literatuur 6) De toetsing van de meetresultaten is uitgevoerd middels BoToVa, de Bodem Toets Validatie Service van de overheid voor grond, grondwater en waterbodem. BoTova gaat uit van het wettelijk kader dat per 1 juli 2013 van kracht is. In de BoToVa toetsing worden de meetwaarden gecorrigeerd/teruggerekend voor de “standaard bodem” (humus=10% en lutum=25%). Generiek toetsingskader Voor de beoordeling van de analyseresultaten van de grond- en grondwatermonsters wordt gebruik gemaakt van de achtergrondwaarden grond zoals opgenomen in de Regeling bodemkwaliteit, de streefwaarden grondwater en interventiewaarden grond en grondwater zoals opgenomen in de Circulaire bodemsanering. Achtergrondwaarde (AW-2000): De achtergrondwaarde (AW-2000) geeft de kwaliteit weer die 'van nature' voorkomt in de bodem van natuur- en landbouwgronden waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen.

De achtergrondwaarden zijn opgenomen in het Besluit Bodemkwaliteit en zijn gebaseerd op het onderzoek ‘Achtergrondwaarden 2000’. Hierin zijn gehalten vastgesteld van een groot aantal stoffen in bodem van natuur- en landbouwgronden in Nederland. De achtergrondwaarde (AW-2000) geeft het niveau aan waarbij sprake is van duurzame bodemkwaliteit. Bij overschrijding van de achtergrondwaarde is er sprake van bodemverontreiniging. Tussenwaarde: De gemiddelde waarde van de achtergrondwaarde en de interventiewaarde (S+I)/2, hierna te noemen 'tussenwaarde'(T), wordt gehanteerd om aan te geven dat bij overschrijding de kans aanwezig is dat er sprake is van een ernstige verontreiniging, ofwel dat nader onderzoek noodzakelijk is. Een nader onderzoek wordt uitgevoerd indien er een vermoeden bestaat dat er sprake is van een ernstig geval van bodemverontreiniging. De tussenwaarde heeft geen wettelijke status maar is een indicatieniveau voor het uitvoeren van aanvullend onderzoek Interventiewaarde: De interventiewaarde (I) geeft aan dat bij overschrijding van deze waarde de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, plant en dier ernstig zijn verminderd of dreigen te worden verminderd. Is er sprake van een ernstige bodemverontreiniging en wordt de interventiewaarde in meer dan 3 3 25 m grond of 100 m grondwater (bodemvolume) overschreden, dan kan er noodzaak zijn tot sanering.

De saneringsurgentie wordt bepaald door blootstellingsrisico's van mens, dier en plant en de verspreidingsrisico's van de betreffende stoffen (actuele risico’s). De interventiewaarden zijn gebaseerd op de risico's voor de volksgezondheid en het milieu (onderzoek RIVM). Bij de beoordeling van bodemverontreiniging aan de hand van de genoemde toetsingswaarden spelen nog een aantal aspecten een rol. Rekening dient te worden gehouden met het feit dat de mobiliteit van stoffen in de bodem en daardoor de verspreiding van stoffen afhankelijk is van diverse bodemkenmerken. Daarnaast speelt de bestemming en het gebruik van de locatie in de huidige situatie alsmede de toekomstige situatie, een grote rol bij de beoordeling van de risico's voor het milieu. oktober 2015

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Raalte&id=da0206e5-897f-4254-a939-34ba67c285ca