CConstaterende datRaalte
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlagen bij de motivering 8 Stikstofdepositieberekening

Raadsvergadering 10 juli 2025, gemeente RaalteBij agendapunt: Vaststellen TAM-omgevingsplan 6 Lierderholthuis fase 3 (hamerstuk)3.361 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Stikstofdepositieberekening Uitbreiding fase 3, Lierderholthuis

Stikstofdepositieberekening Uitbreiding fase 3, Lierderholthuis Projectnummer: 2024-0841 Datum: 30-1-2025 Versie: 2.0 Opdrachtgever: Gemeente Raalte Chelsea van Zwieten

Ben ten Oever

Adviseur Ruimtelijke Ordening

Projectleider Ecologie

c.vanzwieten@lycens.nl

b.tenoever@lycens.nl

M 06 264 662 39

M 06 160 074 42

Lycens B.V.

Deventerstraat 10

7575 EM Oldenzaal

Schrevenweg 6

8024 HA Zwolle

0541-570730

info@lycens.nl

Inhoudsopgave 1. Inleiding .................................................................................................................................... 4 1.1. Het bouwplan ....................................................................................................................................................... 4 1.2. Ligging van de projectlocatie........................................................................................................................... 5 1.3. Relevante Natura 2000-gebieden ................................................................................................................... 5

2. Motivering input Aerius-calculator .................................................................................... 7 2.1. Rekeninput beoogde situatie, gebruiksfase ................................................................................................ 7 2.2. Rekeninput beoogde situatie, realisatiefase ............................................................................................... 8 2.3. Emissiereductieplicht ........................................................................................................................................ 9

3. Resultaten en conclusie ..................................................................................................... 10 3.1. Rekenresultaat beoogde situatie, gebruiksfase ....................................................................................... 10 3.2. Rekenresultaat beoogde situatie, realisatiefase ..................................................................................... 10 3.3. Conclusie ............................................................................................................................................................. 10

Bijlagen ......................................................................................................................................... 11 Bijlage 1: Algemeen .................................................................................................................................................... 12 Bijlage 2: Stikstofgegevensinvoer .......................................................................................................................... 15

3

Stikstofdepositieberekening Uitbreiding fase 3, Lierderholthuis

30-1-2025

1.

Inleiding

Initiatiefnemer is voornemens om een nieuwbouwwijk te realiseren tussen Molenerven en Lierderboek te Lierderholthuis. Gezien de huidige stikstofproblematiek is het noodzakelijk voorafgaand aan de te volgen procedures de gevolgen voor de stikstofdepositie in beeld te brengen. Voorliggende rapportage betreft een onderzoek naar stikstofdepositie in relatie tot Natura 2000 die de mogelijke depositie van het plan op de omliggende Natura 2000-gebieden inzichtelijk maakt. Bij een depositiewaarde gelijk aan 0,00 mol/ha/jaar zorgt het beoogde plan niet voor een significante toename van de stikstofdepositie en worden negatieve effecten uitgesloten. Onderhavige berekening wordt gecategoriseerd als een projectberekening. Uitgangspunt hierbij is dat de haalbaarheid van het project wordt aangetoond. Het project behoort gerealiseerd te worden conform de gegevens zoals vastgesteld in de berekening. Met de berekening is gebruik gemaakt van de Aerius calculator versie 2024.0.1.

1.1.

Het bouwplan

Het bouwplan bestaat uit het realiseren van 20 woningen, waaronder 4 vrijstaande woningen, 4 twee-ondereen kapwoningen en 12 rijwoning, waarvan 8 koop en 4 sociale huur. De woningen worden op een onbebouwde kavel gerealiseerd. De realisatie zal naar verwachting 1 jaar duren. Figuur 1.1 geeft de situatietekening van de beoogde situatie weer.

Figuur 1.1: Situatietekening beoogde situatie

4

Stikstofdepositieberekening Uitbreiding fase 3, Lierderholthuis

30-1-2025

1.2.

Ligging van de projectlocatie

De projectlocatie is gelegen aan de rand van de bebouwde kom van Lierderholthuis, grenzend aan het buitengebied tussen de Molenerven en het Liederboek te Lierderholthuis, op een ongenummerd adres en staat kadastraal bekend als (kadastrale) gemeente Heino, sectie G, nummer 1433 (deels). In figuur 1.2 wordt de ligging van de projectlocatie weergegeven.

Figuur 1.2: Ligging projectlocatie

1.3.

Relevante Natura 2000-gebieden

Onderstaand zijn de voor het onderhavige project relevante gebieden weergegeven. Daarnaast zijn per gebied de aanwijzingsdata weergegeven en de afstand tot het projectgebied. In figuur 1.3 zijn deze gebieden geografisch weergegeven ten opzichte van het projectgebied. Rijntakken: •

afstand: 3,96 kilometer;

•

aanwijzingsdata:

24

maart

2000

als

Vogelrichtlijngebied

en

7

december

2004

als

maart

2000

als

Vogelrichtlijngebied

en

7

december

2004

als

Habitatrichtlijngebied; Veluwe: •

afstand: 8,11 kilometer;

•

aanwijzingsdata:

24

Habitatrichtlijngebied; Boetelerveld:

5

•

afstand: 11,34 kilometer;

•

aanwijzingsdatum: 7 december 2004 als Habitatrichtlijngebied;

Stikstofdepositieberekening Uitbreiding fase 3, Lierderholthuis

30-1-2025

Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht: •

afstand: 9,01 kilometer;

•

aanwijzingsdata:

24

maart

2000

als

Vogelrichtlijngebied

en

7

Habitatrichtlijngebied.

Figuur 1.3: Natura 2000-gebieden in de omgeving

6

Stikstofdepositieberekening Uitbreiding fase 3, Lierderholthuis

30-1-2025

december

2004

als

2.

Motivering input Aerius-calculator

Conform de BIJ-12 publicatie ‘Instructie gegevensinvoer voor AERIUS-calculator 2024’ is het uitgangspunt van voorliggende stikstofdepositieberekening dat de stikstofbijdrage van onderhavig project inzichtelijk wordt gemaakt in mol per hectare per jaar en dat daarvoor de aaneengesloten 12 maanden worden gemodelleerd waarvoor de depositie het hoogst is. De voorgenomen ontwikkeling wordt naar verwachting circa 12 maanden duurt. Derhalve is in voorliggende rapportage rekening gehouden met een realisatiefase van 12 maanden. Daarnaast is ook een losse situatie met enkel de gebruiksfase van 12 maanden toegevoegd, dit om aan te tonen dat de beoogde activiteiten niet leiden tot een toename van de stikstofdepositie op omliggende Natura 2000-gebieden.

2.1.

Rekeninput beoogde situatie, gebruiksfase

Stikstofemissie in de gebruiksfase is afkomstig van het door het toekomstige plan gegenereerde verkeer op het moment dat de bebouwing in gebruik is genomen en mogelijkerwijs afkomstig uit bebouwing. Verkeersgeneratie Om de verkeersgeneratie te berekenen wordt gebruik gemaakt van kencijfers van de CROW-publicatie 744 ‘Parkeerkencijfers, basis voor parkeernormering’ (augustus 2024)’. In tabel 2.1 is de verkeersgeneratieberekening weergegeven. De typen woningen zijn gebaseerd op de door de opdrachtgever aangeleverde gegevens. Hieronder volgt een overzicht van het aantal woningen per categorie: 4 vrijstaande woningen 4 twee-onder-een kap woningen 12 rijwoningen, waarvan 8 koop en 4 sociale huur Tabel 2.1: verkeersgeneratie beoogde situatie, gebruiksfase (motorvoertuigbewegingen per etmaal)

Stedelijkheidsklasse weinig stedelijk, rest bebouwde kom Type woning

Gem. per eenheid

Aantal eenheden

Totale generatie

Koop, huis, vrijstaand

8,2

4

32,8

Koop, huis, twee-onder-een-

7,8

4

31,2

Koop, huis tussen/hoek

7,4

8

59,2

Sociale huur, huis tussen/hoek

4,8

4

kap 19,2 Totaal

142,4

100% van dit verkeer wordt in noordoostelijke richting via de Molenerven ontsloten. Vervolgens slaat het verkeer hier linksaf bij de Liederboek en rechtsaf bij de Wittemerslag. Het verkeer komt hier uit op een splitsing met de Lierderholthuisweg. Gezien de inrichting van deze weg als ontsluitingsweg, gaat dit verkeer op deze weg direct op in het heersende verkeersbeeld. Conform de CIMLK-Monitoringstool is geen sprake van congestie. Emissie koude start Een ‘koude start’ is het fenomeen dat voertuigen met een koude motor meer emissie uitstoten dan voertuigen met een warme motor. Indien een voertuig twee uur of langer heeft stilgestaan en vervolgens gestart wordt, dan is er sprake van emissies door koude starts. De koude starts van voertuigen worden in de AERIUSCalculator als losse bronnen ingevoerd. Aangenomen wordt dat voor elk voertuig licht verkeer dat het projectgebied aandoet sprake is van één koude start, op het moment dat het voertuig het projectgebied verlaat.

7

Stikstofdepositieberekening Uitbreiding fase 3, Lierderholthuis

30-1-2025

Dit komt neer op één koude start per twee verkeersbewegingen licht verkeer. In tabel 2.2 is een inschatting opgenomen van de koude starts in de gebruiksfase, gebaseerd op voornoemde uitgangspunten en de verkeersbewegingen zoals opgenomen in tabel 2.1. Tabel 2.2: Koude starts gebruiksfase (per etmaal)

Type

Aantal voertuigbewegingen (per

voertuig

etmaal)

Licht

Aantal voertuigen (per etmaal)

Aantal koude starts (per etmaal)

71,2

71,2

142,4

Emissie bebouwing De bebouwing wordt niet aangesloten op het gasnetwerk. Hierdoor is geen sprake van emissie van stikstof uit deze bebouwing.

2.2.

Rekeninput beoogde situatie, realisatiefase

Verkeersgeneratie De verkeersaantrekkende werking van de sloop en aanlegfase bestaat uit transport van materialen en personen (bouwvakkers, aannemers, uitvoerders). De realisatiefase neemt 12 maanden in beslag. In dit traject zijn er rustige periodes waarbij geen personeel aanwezig is en geen materiaal wordt aangevoerd. Daarnaast zijn er drukke periodes waarbij meer personeel aanwezig is en meer materiaal wordt aangevoerd. Er is een inschatting gemaakt van de verkeersbewegingen die nodig zijn voor dit project. De cijfers zijn echter gemiddelden (maar zijn ruim aangehouden). In tabel 2.3 is de verkeersgeneratieberekening weergegeven. Tabel 2.3: Verkeersgeneratie realisatiefase

Doel motorvoertuig-

Type

beweging

Gemiddeld aantal

Gemiddeld aantal

Totaal

voertuigen per

voertuigbewegingen per dag

voertuigbewegingen

dag Personeel

Licht

4

12

2.080

Aan-/afvoer materiaal

Zwaar

3

6

1.560

100% van dit verkeer wordt in noordoostelijke richting via de Liederbroek ontsloten. Vervolgens slaat het verkeer hier rechtsaf bij de Wittemerslag en komt uit op een splitsing met de Lierderholthuisweg. Gezien de inrichting van deze weg als ontsluitingsweg, gaat dit verkeer op deze weg direct op in het heersende verkeersbeeld. Conform de CIMLK-Monitoringstool is geen sprake van congestie.

Emissie koude start In de realisatiefase vinden ook koude starts van voertuigen plaats, zoals beschreven in hoofdstuk 2.1. Er wordt aangenomen dat koude start alleen voorkomen bij het lichte verkeer en niet van toepassing zijn op de zware verkeer. Het is aangenomen dat de vrachtwagens niet langdurig op de projectlocatie blijven staan. De vrachtwagens laden en lossen direct en vertrekken vervolgens weer met een warme start. In dit geval wordt gerekend met één koude start per twee voertuigbewegingen licht verkeer. Tabel 2.4 geeft een totaaloverzicht van de koude starts, voor nadere uitwerking zie het AERIUS-rekenbestand in de aparte bijlage.

8

Stikstofdepositieberekening Uitbreiding fase 3, Lierderholthuis

30-1-2025

Tabel 2.4: Koude starts realisatiefase

Type

Totaal verkeersbewegingen (per jaar)

Aantal voertuigen (per jaar)

Aantal koude starts (per jaar)

2.080

1.040

1.040

Licht

Emissie stationair draaien Tijdens de realisatiefase is er ook emissie afkomstig van het stationair draaien van motoren van vrachtverkeer tijdens het laden en lossen. Om de totale emissie van stationair gedraaide uren te berekenen wordt gebruik gemaakt van kencijfers in bijlage 1 van de BIJ12-publicatie 1. In tabel 2.5 staat een totaaloverzicht van de emissie weergegeven. Tabel 2.5: Totale emissie stationair draaien

Fase

Emissie NOx (kg/j)

Stationair draaien zwaar vrachtverkeer 2025 Totale emissie (kg/j)

Emissie NH3 (kg/j)

3,0

0,0

3,0

0,0

Emissie materieelinzet Tijdens de realisatiefase is materieelinzet noodzakelijk die een emissie van stikstof kent als gevolg van het gebruik van dieselmotoren. In tabel 2.6 staat een totaaloverzicht van de depositie, voor nadere uitwerking per fase zie bijlage 2. De emissiewaarden in bijlage 2 zijn berekend aan de hand van inschatting en ervaring met soortgelijke projecten en de TNO gegevensset “Mobiele werktuigen – stage klasse emissiefactoren”2, versie 13-01-2022. Met de invoering van de gegevens in AERIUS is de hoogst gebruikte kW klasse aangehouden. Het rekenjaar dat is gehanteerd voor de realisatiefase is 2025. Tabel 2.6: Totale emissie

Fase

Emissie NOx (kg/j)

Emissie NH3 (kg/j)

Bouwrijp maken & funderingsfase

30,9

1,3

Ruw- en afbouw

41,1

1,7

Terrein afwerken/infrastructuur

18,0

0,5

89,9

3,5

Totale emissie (kg/j)

2.3.

Emissiereductieplicht

De initiatiefnemer dient zich te allen tijde te houden aan artikel 7.19a Bbl: ‘Bij het verrichten van bouw- en sloopwerkzaamheden worden adequate maatregelen getroffen om de emissie van stikstofverbindingen naar de lucht te beperken’. Dit artikel is enkel van toepassing voor het bouwen van een bouwwerk waarvoor een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit of melding nodig is en op het slopen van een bouwwerk waarvoor een melding is vereist, omdat de hoeveel sloopafval naar redelijke inschatting meer dan 10 m 3 bedraagt. Maatregelen die getroffen kunnen worden om hieraan te voldoen zijn het inzetten van zo schoon mogelijk materieel en het niet onnodig stationair laten draaien van (vracht)verkeer.

1 2

9

https://www.bij12.nl/wp-content/uploads/2023/01/Instructie-gegevensinvoer-voor-AERIUS-Calculator-2022.pdf https://www.AERIUS.nl/nl/factsheets/mobiele-werktuigen-stage-klasse-emissiefactoren/13-01-2022

Stikstofdepositieberekening Uitbreiding fase 3, Lierderholthuis

30-1-2025

3. Resultaten en conclusie 3.1.

Rekenresultaat beoogde situatie, gebruiksfase

Uit de rekenresultaten blijkt dat in de ‘beoogde situatie, gebruiksfase’ geen rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j op omliggende Natura 2000-gebieden zijn berekend. Dat betekent dat het onderhavige project in de permanente gebruiksfase geen significant negatieve invloed uitoefent op de instandhoudingsdoelstellingen van omliggende Natura 2000-gebieden. Ten aanzien van de gebruiksfase zijn geen nadere stappen noodzakelijk. Het Aerius-rekenbestand is als aparte bijlage meegeleverd.

3.2.

Rekenresultaat beoogde situatie, realisatiefase

Uit de rekenresultaten blijkt dat ook in de ‘beoogde situatie, realisatiefase’ geen rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j op omliggende Natura 2000-gebieden zijn berekend. Dat betekent dat het onderhavige project ook

in

de

tijdelijke

realisatiefase

geen

significant

negatieve

invloed

uitoefent

op

de

instandhoudingsdoelstellingen van omliggende natura 2000-gebieden. Ten aanzien van de realisatiefase zijn geen nadere stappen noodzakelijk. Het Aerius-rekenbestand is als aparte bijlage meegeleverd.

3.3.

Conclusie

Uit de rekenresultaten van Aerius-calculator is gebleken dat als gevolg van onderhavig project zowel in de gebruiksfase als in de realisatiefase geen sprake is van stikstofdeposities op de omliggende Natura 2000gebieden hoger dan 0,00 mol/ha/j. Stikstofemissie afkomstig van onderhavig project heeft geen significant negatieve gevolgen voor de instandhoudingsdoelstellingen van de betreffende Natura 2000-gebieden. Het aspect stikstof in relatie tot Natura 2000 vormt geen belemmering voor de realisatie van het project. Daarnaast is geen (natuur)vergunning op grond van de Omgevingswet noodzakelijk omdat geen sprake is van een depositie hoger dan 0,00 mol/ha/j.

10

Stikstofdepositieberekening Uitbreiding fase 3, Lierderholthuis

30-1-2025

Bijlagen

Bijlage 1: Algemeen Bij nieuwe ontwikkelingen moet altijd een beoordeling worden gemaakt tussen de huidige c.q. bestaande situatie en de beoogde situatie. In het geval van stikstofberekeningen in relatie tot Natura 2000-gebieden wordt de onderstaande situatie berekend, deze situatie staat nader toegelicht in bijlage 1. Beoogde situatie: •

gebruiksfase;

•

realisatiefase;

Referentie situatie (ook wel vergund recht genoemd, deze berekening wordt uitsluitend uitgevoerd indien in de voorgaande berekeningen een hogere stikstofdepositie is berekend dan 0,00 mol/ha/j). Hieronder volgt een nadere toelichting op de methodiek achter het berekenen van beoogde situatie en de referentie situatie. Dit is allemaal gedaan conform de Aerius handleidingen, de bijbehorende factsheets en de meest recente versie van instructie gegevensinvoer voor AERIUS-calculator3 van Bij12.

Beoogde situatie In de eerste plaats dient een berekening te worden uitgevoerd van ‘alle’ stikstof emitterende activiteiten in de beoogde situatie ‘gebruiksfase’. In de beoogde situatie is sprake van emissie van stikstof in de gebruiksfase (op het moment dat het gebouw in gebruik is genomen). Hierbij is onderscheid te maken tussen verkeersgeneratie en het feitelijke gebruik van bouwwerken en gronden. Als eerst zal de verkeersgeneratie toegelicht worden. Daarna zal de gebruiksfase worden toegelicht. Verkeersgeneratie Gedurende de gebruiksfase is er mogelijk sprake van stikstofdepositie afkomstig van voertuigbewegingen. De stikstofemissie wordt gebaseerd op de motorvoertuigbewegingen die door de functies en werkzaamheden in het projectgebied worden gegenereerd. Hierbij gaat het hoofdzakelijk om stikstofdioxiden omdat voertuigen een zeer geringe hoeveelheid ammoniak uitstoten. De verkeersgeneratie die gehanteerd wordt voor de berekeningen wordt gebaseerd op de CROW-publicatie ‘Toekomstbestendig parkeren (381, december 2018)’ met indien aanvullingen op basis van de gemeentelijke norm. De uitstoot van stikstof door de voertuigbewegingen wordt gedaan aan de hand van de Aerius-database. In deze database zijn emissiefactoren vastgelegd die in de Aerius-calculator worden gehanteerd.

Voor de invoer van de verkeersgeneratie in de Aerius-calculator wordt de instructie gegevensinvoer voor AERIUS-calculator van Bij12 gehanteerd. Daarin staan de bepalingen voor onder andere de routing en de opname van verkeer in het heersende verkeersbeeld.

[3]

https://www.bij12.nl/wp-content/uploads/2022/01/Instructie-gegevensinvoer-voor-AERIUS-Calculator-2021.pdf

Gebruiksfase Naast de verkeersgeneratie is er gedurende de gebruiksfase mogelijk stikstofdepositie afkomstig van bebouwing veroorzaakt de verbranding van gas voor bijvoorbeeld de verwarming van de gebouwen, het gebruik van het gasfornuis, etc. Voor standaard functies zoals wonen wordt de Aerius-database gebruikt om de stikstofdepositie te bepalen. Voor niet standaard functies, waar geen kencijfers voor zijn, wordt gebruik gemaakt van statische onderzoeken van onder andere de Nederlandse Organisatie voor toegepastnatuurwetenschappelijk onderzoek. Daarbij moet meegenomen worden dat conform de Elektriciteitswet en Gaswet nieuwbouwwoningen en nieuwbouw voor kleinverbruikers (met een aansluitcapaciteit tot 40 m³/uur) niet meer standaard aangesloten mogen worden op het aardgasnetwerk door de gasnetbeheerder. Woningen zijn derhalve in principe aardgas vrij. Grootverbruikers kunnen nog net als voorheen op het aardgasnet worden aangesloten. Gemeenten kunnen gebruik maken van een uitzondering op dit verbod door de aansluitplicht voor woningen en kleinverbruikers toch in stand te houden. Gedurende de gebruiksfase kan er mogelijk ook sprake zijn van ammoniak (NH3) uitstoot bijvoorbeeld indien het project betrekking heeft op een veehouderij.

Realisatiefase Naast de verkeersgeneratie is er gedurende de realisatiefase mogelijk stikstofdepositie afkomstig van verbrandingsmotoren van materieel dat tijdens de realisatiefase wordt ingezet. Voor de input van materieel wordt het TNO-rapport 2020 R11528 “Onderbouwing AERIUS emissiefactoren voor wegverkeer, mobiele werktuigen, binnenvaart en zeevaart” met bijbehorende TNO gegevensset “Mobiele werktuigen – stage klasse emissiefactoren”4, versie 13-01-2022 gehanteerd. Indien elektrisch materieel wordt gebruikt is logischerwijs geen sprake van de emissie van stikstof.

Referentie situatie Voor de referentie situatie wordt er onderscheid gemaakt tussen projecten en plannen zoals gedefinieerd wordt in de Omgevingswet. Projecten Initiatiefnemers dienen bij het realiseren van een project in bezit te zijn van een Natuurvergunning, indien er een toename is van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden (>0,00 mol/ha/j). Om een dergelijke vergunning te verlenen, bepaalt het rekenprogramma Aerius of het effect van het project op een Natura 2000gebied niet een toename van stikstofdepositie hoger dan 0,00 mol/ha/jaar bevat. Bij projecten is de referentiesituatie de legale situatie (in de vorm van een natuurvergunning, toestemming voor de referentiedatum of toestemming in de zin van Art. 9.4, lid 8, Wnb), ongeacht of die feitelijk is gerealiseerd.

4

https://www.aerius.nl/nl/factsheets/mobiele-werktuigen-stage-klasse-emissiefactoren/13-01-2022

Salderen Indien uit de berekening ‘beoogde situatie’ blijkt dat sprake is van een overschrijding wordt beoordeeld of intern gesaldeerd kan worden. Hiervoor is het noodzakelijk om te beoordelen of de huidige functie beschouwd mag worden als ‘vergund recht’. Daarbij wordt gekeken naar de emissie van stikstofoxiden (NOx) en ammoniak (NH3). Deze emissie kan afkomstig zijn van verkeersgeneratie, bebouwing en/of bedrijvigheid (denk aan ammoniakemissie van veehouderijen). Wanneer intern salderen geen optie is, kan gekeken worden naar extern salderen. Hierbij wordt stikstofemissie van derden aangewend om de emissies bij deze derde partij te laten afnemen en bij de beoogde ontwikkeling te laten toenemen. In zijn totaliteit dient de emissie te af te nemen (wat in ieder geval wordt bereikt doordat bij externe saldering 30% wordt afgeroomd). Met het ingaan van de Omgevingswet is naast extern salderen ook intern salderen vergunningsplichtig. Wanneer hiervan gebruik wordt gemaakt, moet een omgevingsvergunning voor Natura 2000-activiteiten worden aangevraagd.

Bijlage 2: Stikstofgegevensinvoer Bouwrijp maken & funderingsfase motor-

Gemiddelde

Stageklasse

Bouwjaar

Vermogen (kW)

Draaiuren

Liters brandstof

AdBlue

Liters Belasting type

efficientie

belasting

Groep

grondwerkzaamheden

Stage-IV - kW 75-560

2016

120

80

992

60

Hydrauliek - wisselende inzet

0,9415

37%

D

graafmachine

graven bouwput

Stage-IV - kW 75-560

2016

100

80

834

50

Hydrauliek - wisselende inzet

0,9415

37%

D

hei_installatie

heien

Stage-IV - kW 75-560

2016

280

30

847

51

Hydrauliek - wisselende inzet

0,9415

37%

D

betonstorter

fundering storten

Stage-IV - kW 75-560

2016

200

80

1342

81

Transmissie - wisselende inzet

0,9415

30%

D

betonmixer

tijdens het storten

Stage-IV - kW 75-560

2016

200

80

1342

81

Transmissie - wisselende inzet

0,9415

30%

D

350

5357

321

Machine type

Werkzaamheden

shovel

Ruw- en afbouw motor-

Gemiddelde

Stageklasse

Bouwjaar

Vermogen (kW)

Draaiuren

Liters brandstof

AdBlue

Liters Belasting type

efficientie

belasting

Groep

hijsen kanaalvloerplaten

Stage-IV - kW 75-560

2016

150

80

1230

74

Hydrauliek - wisselende inzet

0,9415

37%

D

hijskraan

hijsen breedvloerplaten

Stage-IV - kW 75-560

2016

150

80

1230

74

Hydrauliek - wisselende inzet

0,9415

37%

D

betonstorter

fundering storten

Stage-IV - kW 75-560

2016

200

80

1342

81

Transmissie - wisselende inzet

0,9415

30%

D

betonmixer

tijdens het storten

Stage-IV - kW 75-560

2016

200

80

1342

81

Transmissie - wisselende inzet

0,9415

30%

D

hijskraan

hijsen dakdelen

Stage-IV - kW 75-560

2016

150

80

1230

74

Hydrauliek - wisselende inzet

0,9415

37%

D

cementdekvloermixer

afstorten vloeren

Stage-IV - kW 56-75

2016

60

110

734

44

Vaste as - wisselende inzet

0,9415

38%

D

510

7107

426

Machine type

Werkzaamheden

hijskraan

Terrein afwerken motor-

Gemiddelde

Machine type

Werkzaamheden

Stageklasse

Bouwjaar

Vermogen (kW)

Draaiuren

Liters brandstof

AdBlue

Liters Belasting type

efficientie

belasting

Groep

graafmachine

afwerken terrein

Stage-IV - kW 75-560

2016

100

100

1043

63

Hydrauliek - wisselende inzet

0,9415

37%

D

manitou_knikmops_verreiker

aanleg afwerking

Stage-IV - kW 56-75

2016

60

100

647

39

Hydrauliek - wisselende inzet

0,9415

37%

D

trilplaten_stampers

aanstampen afwerking

Stage-IV - kW 0-56

2016

40

50

225

0

Hydrauliek - wisselende inzet

0,9415

37%

A

250

1914

101

Stationair draaien vrachtwagens Machine type

Werkzaamheden

Invoerjaar

Draaiuren

Waarde stationair NOx (g/uur)

Waarde stationair NH3 (g/uur)

Totale uitstoot NOx stationair (kg)

Totale uitstoot NH3 stationair (kg)

vrachtwagens

Laden en lossen

2025

40

74,574

0,8964

2,98

0,04

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Raalte&id=3bf8f567-4b3d-4d94-9e74-94ccd08f06e1