Bijlagen bij de motivering 2 Verkennend en aanvullend bodemonderzoek
Tekst van het document
Gemeente Raalte Verkennend- en aanvullend bodemonderzoek ‘t Broeck fase 4 nabij de Nijboershof te Broekland Projectnummer: 230002/am/sh Versie: Definitief_01 Datum: 16 juni 2023
Opdrachtgever Gemeente Raalte Postbus 140 8100 AC RAALTE Hunneman Milieu-Advies Raalte BV Postbus 253 8100 AG RAALTE Tel: 0572-360998 E-mail: info@hunneman-milieu.nl
BRL-SIKB 2000
INHOUDSOPGAVE 1
INLEIDING............................................................................................................................. 1
2
VOORONDERZOEK ............................................................................................................ 2
2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7 3
VELD- EN LABORATORIUM ONDERZOEK .................................................................. 7
3.1 3.2 3.3 4
ONDERZOEKSAANLEIDING ................................................................................... 2 ACHTERGRONDINFORMATIE................................................................................. 2 HISTORISCHE INFORMATIE ................................................................................... 3 INSITU PARTIJKEURING ......................................................................................... 4 BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE ................................................................. 5 HYPOTHESE EN ONDERZOEKSSTRATEGIE ............................................................. 5 BETROUWBAARHEID ONDERZOEK ........................................................................ 6 VELDONDERZOEK ................................................................................................. 7 LABORATORIUM ONDERZOEK .............................................................................. 7 TOETSINGSCRITERIA EN ANALYSERESULTATEN NEN-PARAMETERS................... 8
INTERPRETATIE ONDERZOEKSRESULTATEN ....................................................... 11
4.1 4.2 4.3
VASTE BODEM EN GRONDWATER PERCEEL A, B, C EN E ................................... 11 VASTE BODEM EN GRONDWATER PERCEEL D (VOLKSTUINEN) .......................... 11 CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ...................................................................... 12
BIJLAGEN: 1 2 3 4
Kadastraal overzicht Boorbeschrijvingen Toetsingstabellen en analyserapporten vaste bodem en grondwater Historische informatie
TEKENING: 1-1 Situatie met boringen en peilbuizen
_______________________________________ Hunneman Milieu-Advies ______________
1
INLEIDING
In opdracht van de Gemeente Raalte is in februari en maart 2023, door Hunneman MilieuAdvies Raalte BV, een verkennend- en aanvullend bodemonderzoek uitgevoerd op de locatie ‘t Broeck fase 4 nabij de Nijboershof te Broekland. Voor een kadastraal overzicht van de onderzoekslocatie verwijzen wij naar bijlage 1. Het bodemonderzoek is uitgevoerd naar aanleiding van de voorgenomen verkaveling, het bouwrijp maken en de uitgifte van kavels. Het doel van het onderzoek is: het vastleggen van de actuele bodemkwaliteit op de verschillende deellocaties; het beoordelen van eventuele risico’s bij het aantonen van verhoogde gehalten aan arseen.
Het veldwerk, de grond- en/of grondwaterbemonstering en het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd conform de geldende beoordelingsrichtlijn “Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek” BRL-SIKB 2000. Voor deze richtlijn is Hunneman Milieu-Advies Raalte BV in het bezit van een procescertificaat, welke is afgegeven door KIWA. De van toepassing zijnde protocollen in dit onderzoek zijn: ☒ 2001: Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen ☒ 2002: Het nemen van grondwatermonsters ☐ 2003: Veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek ☐ 2018: Maaiveldinspectie en monsterneming van asbest in bodem Het procescertificaat van Hunneman Milieu-Advies Raalte BV (certificaatnummer K26828) en het hierbij behorende keurmerk zijn uitsluitend van toepassing op de activiteiten inzake “Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek”. Hunneman MilieuAdvies Raalte BV is geen eigenaar van de te onderzoeken percelen en is onafhankelijk van de opdrachtgever en/of terreineigenaar. Het rapport is als volgt ingedeeld: • Vooronderzoek • Veld- en laboratorium onderzoek • Interpretatie onderzoeksresultaten
Verkennend- en aanvullend bodemonderzoek, Nijboershof e.o. Broekland
(hoofdstuk 2); (hoofdstuk 3); (hoofdstuk 4).
1
_______________________________________ Hunneman Milieu-Advies ______________
2
VOORONDERZOEK
In de NEN-5725 zijn 7 aanleidingen tot vooronderzoek naar landbodems geformuleerd. Voor elke afzonderlijke aanleiding tot vooronderzoek dienen verschillende onderzoeksvragen te worden beantwoord. De verplicht te onderzoeken aspecten zijn per aanleiding omschreven in tabel 1. Tabel 1:
verschillende onderzoeksaspecten ONDERZOEKSASPECTEN
1. locatiegegevens
eigendomssituatie hoogteligging 2.bodemopbouw en bodemopbouw geohydrologie antropogene lagen in de bodem geohydrologie 3. verwachting t.a.v. de geval van ernstige bodemverontreiniging bodemkwaliteit kwaliteit o.b.v. BKK o.b.v. uitgevoerde bodemonderzoeken 4. gebruik/beïnvloeding van voormalig de locatie, verdachte huidig situatie, activiteiten, toekomst ongewoon voorval asbestverdacht 5. terreinverkenning voorafgaand aan de uitvoering
Aanleidingen tot vooronderzoek A
B
O
O
O O
C
D
E
F
G
O
A. bodemonderzoek, par. 6.2.1; E. opstellen/ actualiseren bodemkwaliteitskaart (Bbk), par. 6.2.5; F. gebruik bodemkwaliteitskaart (Bbk), par. 6.2.6; B. nul‐ en eindsituatieonderzoek, par. 6.2.2; G. inschatten van arbeidshygiënische risico’s, par. 6.2.7. C. bodemkwaliteitsklasse (Bbk), par. 6.2.3; D. partijkeuring, par. 6.2.4; Verplicht onderzoeksaspect. Indien niet van toepassing, wordt dit vermeld en gemotiveerd O Optioneel
2.1
Onderzoeksaanleiding
Het vooronderzoek is uitgevoerd conform paragraaf 6.2.1 “opstellen hypothese bodemkwaliteit ten behoeve van een bodemonderzoek” uit de NEN-5725. Voor het vooronderzoek zijn de volgende bronnen geraadpleegd: informatie verstrekt door de opdrachtgever; terreininspectie voorafgaand aan de veldwerkzaamheden; informatie Omgevingsdienst IJsselland; omgevingsrapportage provincie Overijssel; voorgaande bodemonderzoeken; Bodemloket; Kadaster; grondwaterkaart van Nederland. De onderzoeksvragen voor het opstellen van de onderzoekshypothese en de gekozen onderzoeksstrategie zijn, voor zover relevant, in de onderstaande paragrafen nader toegelicht. De relevante gegevens zijn opgenomen in bijlage 4. 2.2
Achtergrondinformatie
De onderzoekslocatie is gesitueerd ten oosten van de Nijboershof te Broekland en staat kadastraal bekend als: gemeente Raalte, sectie N, nummer 1050 gedeeltelijk. De onderzoekslocatie heeft een totale oppervlakte van circa 23.493 m2 en bestaat uit 5 onderdelen: A: perceel weiland (toekomstig kavels) met een oppervlakte van circa 3.877 m2; B: perceel weiland (toekomstig rijbaan en wadi) met een oppervlakte van circa 3.645 m2; C: perceel weiland (toekomstig uitbreiding plan) met een oppervlakte van circa 11.164 m2; D: perceel volkstuin/moestuin met een oppervlakte van circa 1.175 m2; E: perceel weiland/pluktuin met een oppervlakte van circa 3.632 m2. Voor de inrichting van het terrein verwijzen wij naar figuur 1 en tekening 1-1. Verkennend- en aanvullend bodemonderzoek, Nijboershof e.o. Broekland
2
_______________________________________ Hunneman Milieu-Advies ______________
Figuur 1:
overzicht onderzoekslocatie met onderdelen
Op basis van de aangetoonde gehalten aan arseen in de bovengrond vind beoordeling plaats van mogelijke risico’s. Hiervoor is gebruik worden gemaakt van de Handreiking voor de risicobeoordeling van arseen in de bodem voor de particuliere groenteteelt (RIVM 20170177). 2.3
Historische informatie
Voor zover bekend hebben op de locatie geen activiteiten/calamiteiten plaatsgevonden die de milieuhygiënische bodemkwaliteit nadelig kunnen hebben beïnvloed. De deellocaties A en B zijn in 2019 verkennend onderzocht door Arcadis (083911220A). Uit het uitgevoerde bodemonderzoek is het volgende geconcludeerd: de bovengrond op de noordzijde van de locatie bevat sterk verhoogde gehalten aan arseen; de overige boven- en ondergrond van de locatie bevatten geen of slechts licht verhoogde gehalten aan arseen; het zand op de locatie is geschikt als zand in ophoging of aanvulling, met uitzondering van de sterk leemhoudende/siltige laag ter plaatse van boring 024; de humeuse laag op 0,5-1,0 m-mv ter plaatse van boring 020, en de sterk leemhoudende/siltige laag ter plaatse van boring 024 zijn niet geschikt als zand in zandbed; de grindhoudende zandlaag van 1,5 m-mv en dieper is geschikt als draineerzand; Verkennend- en aanvullend bodemonderzoek, Nijboershof e.o. Broekland
3
_______________________________________ Hunneman Milieu-Advies ______________
het grondwater bevat licht verhoogde concentraties aan barium en plaatselijk nikkel; eventueel bemalingswater van de locatie mag, op basis van de gemeten concentraties in het grondwater uit de bemonsterde peilbuizen, worden geloosd op het oppervlaktewater of hemelwaterriool, met uitzondering van het grondwater ter hoogte van peilbuis 025; omdat er enkel sprake is van nature verhoogde gehalten en concentraties, is er vanuit de Wet bodembescherming geen noodzaak voor het uitvoeren van een nader onderzoek en/of het treffen van saneringsmaatregelen; de kwaliteit van de bodem is geschikt voor het huidige en/of toekomstige gebruik; de aangetoonde gehalten in de bodem vormen in milieu hygiënische zin geen belemmeringen voor het huidige en toekomstige gebruik van het terrein. op basis van de indicatieve toetsing aan het Besluit bodemkwaliteit is de bovengrond op de noordzijde van de locatie niet toepasbaar, vanwege de sterk verhoogde gehalten aan arseen. De bovengrond op het overige terreindeel en de humeuse bodemlaag ter plaatse van boring 020 worden beoordeeld als klasse Industrie. De zandondergrond wordt indicatief beoordeeld als vrij toepasbaar. afhankelijk van het bodembeleid van de gemeente waarin de grond wordt toegepast en de beoogde plaats van toepassing, dient mogelijk een partijkeuring uitgevoerd te worden om dit definitief vast te stellen.
Hierbij dient rekening te worden gehouden met de (van nature aanwezige) licht tot sterk verhoogde arseengehalten in de bodem.
Voor zover bekend is de locatie altijd in gebruik geweest als bouw-/weiland. Figuur 2: situatie in 2022 en 1962
De relevante gegevens van het vooronderzoek zijn opgenomen in bijlage 5. 2.4
Insitu partijkeuring
In combinatie met onderhavig verkennend bodemonderzoek is, in verband met de voorgenomen aanleg van een wadi en wegtracé, ter plaatse van deellocatie B een insitu AP04 partijkeuring uitgevoerd. De te ontgraven bodem vanaf 0,0 tot maximaal 0,7 m-mv is bemonsterd. De partij heeft een volume van 2.115 m3. Op basis van de analyseresultaten, voor de parameter arseen uit het verkennend bodemonderzoek, is de partij verdeeld in 2 deelpartijen (RE-01 en RE-02). De bemonsterde deelpartijen (RE-01 en RE-02) betreffen homogene partijen matig fijn, matig siltig, zwak humeus zand. Zintuiglijk zijn in RE-01 en RE-02 geen noemenswaardige bijmengingen aan bodemvreemde materialen waargenomen. Zintuiglijk zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen in de partij. Analytisch zijn in de onderzochte partij RE-01 verhoogde gehalten aan chroom en arseen aangetoond. Het aangetoonde gehalte aan arseen overschrijdt de maximale waarde voor Industrie. Analytisch is in de onderzochte partij RE-02 een verhoogd gehalte aan arseen aangetoond. Het aangetoonde gehalte aan arseen overschrijdt de maximale waarde voor Industrie. Verkennend- en aanvullend bodemonderzoek, Nijboershof e.o. Broekland
4
_______________________________________ Hunneman Milieu-Advies ______________
In de bemonsterde partijen zijn geen gehalten aan PFAS aangetoond boven de toetsingswaarden voor AW-grond. Bij toetsing aan het Besluit bodemkwaliteit (Bbk) zijn de onderzochte partijen RE-01 en RE-02, conform het Generiek beleid voor toepassing op land, Niet Toepasbaar 2.5
Bodemopbouw en geohydrologie
Regionale bodemopbouw: Voor de bodemgegevens en geohydrologische informatie is gebruik gemaakt van de grondwaterkaart van Nederland (het rapport 27 oost, 28 west (TNO-DGV, 1985)). Uit dit rapport zijn de volgende regionale gegevens samengevat. Grondwaterstroming: In het eerste watervoerende pakket stroomt het grondwater in noordwestelijke richting. Tabel 2:
regionale bodemopbouw
pakket
diepte [m-mv]
samenstelling
1e WVP form. van Twente en Kreftenheye
0 - 20
matig fijn tot matig grof zand
scheidende laag form. van Drenthe
20 - 40
klei
2e WVP form. van Urk, Enschede, Harderwijk
40 - 155
fijn tot matig grof zand, grind
basis form. van Breda
>155
klei
Toelichting: WVP = watervoerend pakket
2.6
Hypothese en onderzoeksstrategie
Op basis van de geïnventariseerde gegevens is de locatie onverdacht voor de aanwezigheid van asbest. Voor de bovengrond op van het weiland (perceel A, B, C en E) is grotendeels de onderzoeksstrategie “VED-HE” (verdachte locatie, diffuse bodembelasting) toegepast. Voor de ondergrond en het grondwater is uitgegaan van de onderzoeksstrategie bij een verkennend bodemonderzoek volgens de NEN-5740 “ONV” (onverdacht). Naar aanleiding van de analyseresultaten is aanvullend chemisch onderzoek uitgevoerd. De volkstuin (perceel D) is separaat onderzocht, waarbij de bovengrond is onderzocht conform de strategie VED-HE, met een laagdikte van maximaal 30 cm (0,0-0,3 m-mv). De bovengrondmengmonsters zijn aanvullend geanalyseerd op pH in grond. De aanwezige oerlaag is separaat bemonsterd voor analyse op arseen. Het uitgevoerde veld- en laboratoriumonderzoek is samengevat in tabel 3. Tabel 3:
veld- en laboratoriumonderzoek
sublocatie/onderdeel Perceel A+B+C+E circa 2,35 ha uitsplitsing arseen Perceel D circa 1.175 m2
boringen tot 0,5 m-mv*
veldonderzoek waarvan > 2 m-mv
laboratoriumonderzoek met peilbuis
vaste bodem
grondwater
40
10
3
15 x NEN-grond#
3 x NEN-water#
-
-
-
9
2
1
7 x arseen 5 x NEN-grond# 3 x pH-grond 4 x arseen
1 x NEN-water#
* : alle boringen worden doorgezet tot 0,2 m-mv in de ongeroerde laag # : inclusief arseen en chroom @ : pakket bestaat uit NEN-grond + organisch stof en lutum
De samenstelling van de in tabel 3 genoemde “NEN-pakketten” is samengevat in tabel 4. Tabel 4:
samenstelling NEN Pakketten
Verkennend- en aanvullend bodemonderzoek, Nijboershof e.o. Broekland
5
_______________________________________ Hunneman Milieu-Advies ______________
Parameters zware metalen barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink PCB’s PAK polycyclische aromatische koolwaterstoffen minerale olie vluchtige aromaten (incl. naftaleen en styreen) VCK (vluchtige chloorkoolwaterstoffen + bromoform)
2.7
NEN-grond
NEN-grondwater
X
X
X X X -
X X X
Betrouwbaarheid onderzoek
Onderhavig onderzoek beschrijft de actuele bodemkwaliteit en heeft alleen betrekking op de bodem van de terreindelen, welke zijn beschreven in het vooronderzoek van deze rapportage. De in het vooronderzoek geraadpleegde bronnen kunnen mogelijk onvolledig zijn. Het kan voorkomen dat niet alle bronnen zijn geraadpleegd, doordat ze niet voorhanden waren. Hierdoor kan informatie ontbreken. Dit onderzoek is op een zorgvuldige wijze uitgevoerd, conform de huidige richtlijnen en methoden op het gebied van bodemonderzoek. Het onderzoek is gebaseerd op het nemen van een, conform de geldende richtlijnen, representatief geacht aantal monsters. Bij het interpreteren van de onderzoeksresultaten moet rekening worden gehouden met het feit dat analyses mogelijk zijn uitgevoerd op basis van mengmonsters, waardoor lokaal hogere concentraties van de onderzochte stoffen niet zijn uit te sluiten. Tevens kan geen uitspraak worden gedaan omtrent de bodemkwaliteit van niet onderzochte (verdachte) deellocaties en blijft het mogelijk dat lokaal voorkomende verontreinigingen niet zijn ontdekt. Een bodemonderzoek betreft een momentopname. De resultaten van het onderzoek kunnen minder representatief worden naarmate de tijd verstrijkt. Eventuele toekomstige activiteiten, calamiteiten, sloopwerkzaamheden, bouwrijp maken en/of aanvoer van grond van elders, kunnen de bodemkwaliteit (sterk) beïnvloeden.
Tijdens werkzaamheden in de bodem dient men alert te blijven op waarneembare bijzonderheden, die kunnen duiden op eventuele verontreinigingen. Het onderzoek moet worden beoordeeld als één geheel, en betreft een inschatting van de bodemkwaliteit, op een bepaald moment. Het onderzoek is gebaseerd op informatie van derden en het verrichten van een beperkt aantal boringen en analyses, conform de geldende richtlijnen. Hierdoor is het mogelijk dat niet alle informatie is verkregen, dan wel dat niet alle afwijkingen in de bodem zijn geconstateerd. Voor eventueel hieruit voortvloeiende schade en/of gevolgen aanvaardt Hunneman Milieu-Advies Raalte BV op geen enkele wijze aansprakelijkheid.
Verkennend- en aanvullend bodemonderzoek, Nijboershof e.o. Broekland
6
_______________________________________ Hunneman Milieu-Advies ______________
3
VELD- EN LABORATORIUM ONDERZOEK
3.1
Veldonderzoek
Het veldonderzoek is uitgevoerd op 13 februari en 6 maart 2023 door de gecertificeerde medewerker dhr. J. Molenkamp van Hunneman Milieu-Advies Raalte BV. Voor het onderzoek zijn 49 handboringen uitgevoerd (1 t/m 49), waarvan 4 boringen zijn afgewerkt als peilbuis. De maximale boordiepte bedraagt 2,5 m-mv. Voor de situatie van de boringen en peilbuizen verwijzen wij naar tekening 1-1. Bodemopbouw In het veld zijn de fysische bodemeigenschappen per monsterpunt en bodemlaag beschreven. De beschrijvingen van de bodemprofielen zijn opgenomen in bijlage 2, en samengevat in tabel 5. Tabel 5:
samenvatting van het lokaal aangetroffen bodemprofiel
0,0 - 0,5
hoofdnaam
toevoeging
zand, matig fijn
matig siltig, zwak humeus
0,5 – 0,8
zand, matig fijn
zwak siltig, lokaal zwak humeus
0,8 - 2,5
zand, matig fijn
zwak siltig
grondwaterstand: circa 1,0 m-mv
Zintuiglijke waarnemingen Tijdens het veldonderzoek is de opgeboorde grond beoordeeld op zintuiglijk waarneembare verontreinigingsindicaties. Hierbij is gebruik gemaakt van de olie/water-test (O/W-test) en is gelet op afwijkende kleur of geur van de bodem. Zintuiglijk zijn in de vaste bodem geen noemenswaardige bijmengingen aan bodemvreemde materialen waargenomen. Zintuiglijk is geen asbestverdacht materiaal op en/of in de bodem aangetroffen. Ter plaatse van boringen 43 t/m 45 en 47 t/m 49 is op circa 0,6 m-mv een oerlaag aangetroffen. Eventuele bijzonderheden zijn weergegeven in de boorbeschrijvingen (bijlage 2). Monstername Voor het chemisch onderzoek zijn uit de boringen, van iedere 0,5 m, 0,3 m of onderscheiden bodemlaag, monsters genomen. Het grondwater uit de nieuw geplaatste peilbuizen is na een standtijd van minimaal 1 week bemonsterd. De zuurgraad (pH), de elektrische geleidbaarheid (EC) en de troebelheid (NTU) van het grondwater zijn in het veld gemeten. De meetresultaten zijn weergegeven in tabel 7. 3.2
Laboratorium onderzoek
Op basis van de gehanteerde onderzoeksstrategie en waarnemingen uit het veld zijn (meng)monsters samengesteld voor analyse. De samenstelling van de (meng)monsters is weergegeven in tabel 6. De analyses zijn uitgevoerd door een door de RvA geaccrediteerd laboratorium, welke door het Ministerie van Infrastructuur en Milieu is erkend om, in het kader van de Wet Bodembescherming (Wbb) en het Besluit bodemkwaliteit (Bbk), analyses uit te voeren conform AS-3000 en AP-04. De analyserapporten van het laboratorium zijn opgenomen in bijlage 3. De resultaten van de analyses zijn weergegeven in tabel 6 en 7.
Verkennend- en aanvullend bodemonderzoek, Nijboershof e.o. Broekland
7
_______________________________________ Hunneman Milieu-Advies ______________
3.3
Toetsingscriteria en analyseresultaten NEN-parameters
Het toetsingskader voor de vaste bodem en het grondwater is afkomstig uit de “Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013” (Staatscourant 27 juni 2013, nr. 16675). De toetsing van de analyseresultaten vindt plaats conform de door het Rijk beschikbaar gestelde Bodem Toets- en Validatieservice (BoToVa). De vaste bodem wordt getoetst aan de achtergrond- en interventiewaarden. Het grondwater wordt getoetst aan de streef- en interventiewaarden. De meetwaarden voor de vaste bodem zijn afhankelijk gesteld van de gemeten organische stof- en/of lutumgehalten van de bodem, die meestal afwijken van de gehalten van de Standaardbodem. De volgende toetsingswaarden worden onderscheiden: AW/S(•)1:De achtergrond- en/of streefwaarden geven het niveau aan waar beneden sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. De waarden hebben betrekking op de in de natuur voorkomende achtergrondgehalten of detectiegrenzen bij stoffen die niet in natuurlijke milieus voorkomen. T (••)1:
De tussenwaarde betreft het gemiddelde van de interventiewaarde + achtergrondwaarde of streefwaarde waarboven, in beginsel, een nader onderzoek noodzakelijk is.
I (•••)1 :
De interventiewaarden geven het concentratieniveau voor verontreinigende stoffen aan, waarboven sprake is van ernstige bodemverontreiniging. In bijzondere situaties kan ook bij gehaltes beneden de interventiewaarden sprake zijn van een geval van ernstige verontreiniging. De interventiewaarden zijn gebaseerd op de risico’s voor de volksgezondheid en het ecosysteem.
1
De symbolen tussen haakjes corresponderen met de “overschrijdingssymbolen” van tabel 6 en 7.
Van een geval van ernstige bodemverontreiniging is sprake indien de verontreiniging is ontstaan voor 1987, waarbij de gemiddelde concentratie van een verontreinigende stof in minimaal 25 m3 grond of 100 m3 grondwater hoger is dan de interventiewaarde. Bodemverontreiniging die is ontstaan na 1 januari 1987 (nieuwe verontreiniging) valt onder de zgn. zorgplicht en dient zo spoedig mogelijk te worden gesaneerd. Tabel 6.1:
analyseresultaten vaste bodem en toetsing
% H* = 10 % L*= 25
gestandaardiseerde resultaten en overschrijdingen toetsingswaarden [BoToVa-toetsing is opgenomen in de bijlage]
monster
MM-01
MM-02
MM-03
MM-04
MM-05
MM-06
boring traject (m-mv) arseen barium cadmium chroom kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink PAK (10)-tot. PCB’s min.olie
1 t/m 4 0,0-0,5 130••• @ < < < < < < < < < < < <
5 t/m 8 0,0-0,5 35• @ < < < < < < < < < < < <
9 t/m 11 0,0-0,5 140••• @ < 61• < < < < < < < < < <
12 t/m 14 0,0-0,5 110••• @ < 69• < < < 110• < < < < < <
15 t/m 18 0,0-0,5 25• @ < < < < < < < < < < < <
19 t/m 22 0,0-0,5 22• @ < < < < < < < < < < < <
Toelichting bij tabel: < : geen overschrijding van de achtergrondwaarde • : overschrijding van de achtergrondwaarde •• : overschrijding van de tussenwaarde ••• : overschrijding van de interventiewaarde
standaard bodem (mg/kg d.s.) AWwaarde 20 @ 0,6 55 15 40 0,15 50 2 35 140 1,5 0,02 190
½ (AW+I) 48 @ 6,8 117,5 102,5 115 18,08 290 96 67,5 430 20,8 0,51 2595
I-waarde 76 @ 13 180 190 190 36 530 190 100 720 40 1 5000
-: niet geanalyseerd @: geen toetsoordeel mogelijk *: lutum- en humusgehalten standaard bodem H : organisch stof L : lutum
Verkennend- en aanvullend bodemonderzoek, Nijboershof e.o. Broekland
8
_______________________________________ Hunneman Milieu-Advies ______________
Tabel 6.2: % H* = 10 % L*= 25
analyseresultaten vaste bodem en toetsing gestandaardiseerde resultaten en overschrijdingen toetsingswaarden [BoToVa-toetsing is opgenomen in de bijlage]
monster
MM-07
MM-08
MM-09
MM-10
MM-11
boring traject (m-mv) arseen barium cadmium chroom kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink PAK (10)-tot. PCB’s min.olie
23 t/m 26 0,0-0,5 < @ < < < < < < < < < < 0,042• <
27 t/m 30 0,0-0,5 90••• @ < < < < < < < < < < < <
31+32+40 0,0-0,5 24• @ < < < < < < < < < < < <
33 t/m 35 0,0-0,5 31• @ < < < < < < < < < < < <
36t/m39 0,0-0,5 < @ < < < < < < < < < < 0,031• <
Tabel 6.3: % H* = 10 % L*= 25 monster
MM-12
MM-13
MM-14
MM-15
3+11 0,5-2,0 < @ < < < < < < < < < < < <
6+17+26 0,5-2,0 < @ < < < < < < < < < < < <
24+29+30 0,5-2,0 < @ < < < < < < < < < < < <
36+39 0,5-2,0 < @ < < < < < < < < < < 0,11• <
% H* = 10 % L*= 25
AWwaarde 20 @ 0,6 55 15 40 0,15 50 2 35 140 1,5 0,02 190
½ (AW+I) 48 @ 6,8 117,5 102,5 115 18,08 290 96 67,5 430 20,8 0,51 2595
I-waarde 76 @ 13 180 190 190 36 530 190 100 720 40 1 5000
analyseresultaten vaste bodem en toetsing gestandaardiseerde resultaten en overschrijdingen toetsingswaarden [BoToVa-toetsing is opgenomen in de bijlage]
boring traject (m-mv) arseen barium cadmium chroom kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink PAK (10)-tot. PCB’s min.olie
Tabel 6.4:
standaard bodem (mg/kg d.s.)
standaard bodem (mg/kg d.s.) AWwaarde 20 @ 0,6 55 15 40 0,15 50 2 35 140 1,5 0,02 190
½ (AW+I) 48 @ 6,8 117,5 102,5 115 18,08 290 96 67,5 430 20,8 0,51 2595
I-waarde 76 @ 13 180 190 190 36 530 190 100 720 40 1 5000
analyseresultaten vaste bodem en toetsing gestandaardiseerde resultaten en overschrijdingen toetsingswaarden [BoToVa-toetsing is opgenomen in de bijlage]
monster
MM-16
MM-17
MM-18
MM-19
MM-20
boring traject (m-mv) arseen barium cadmium chroom kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink PAK (10)-tot. PCB’s min.olie
41 t/m 43 0,0-0,3 110••• @ < < < < < < < < < < 0,034• <
44 t/m 46 0,0-0,3 94••• @ < < < < < < < < < < < <
47 t/m 49 0,0-0,3 70•• @ < < < < < < < < < < 0,022• <
41 t/m 49 0,3-0,6 92••• @ < < < < < < < < < < < <
41+46 0,7-2,0 53•• @ < < < < < < < < < < < <
Toelichting bij tabel: < : geen overschrijding van de achtergrondwaarde • : overschrijding van de achtergrondwaarde •• : overschrijding van de tussenwaarde ••• : overschrijding van de interventiewaarde
standaard bodem (mg/kg d.s.) AWwaarde 20 @ 0,6 55 15 40 0,15 50 2 35 140 1,5 0,02 190
½ (AW+I) 48 @ 6,8 117,5 102,5 115 18,08 290 96 67,5 430 20,8 0,51 2595
I-waarde 76 @ 13 180 190 190 36 530 190 100 720 40 1 5000
-: niet geanalyseerd @: geen toetsoordeel mogelijk *: lutum- en humusgehalten standaard bodem H : organisch stof L : lutum
Verkennend- en aanvullend bodemonderzoek, Nijboershof e.o. Broekland
9
_______________________________________ Hunneman Milieu-Advies ______________
Tabel 6.5: % H* = 10 % L*= 25
analyseresultaten vaste bodem en toetsing gestandaardiseerde resultaten en overschrijdingen toetsingswaarden [BoToVa-toetsing is opgenomen in de bijlage]
monster
1-01
2-01
3-01
4-01
12-01
boring traject (m-mv) arseen
1 0,0-0,5 120•••
2 0,0-0,5 230•••
3 0,0-0,5 130•••
4 0,0-0,5 90•••
12 0,0-0,5 150•••
Tabel 6.6:
AWwaarde 20
½ (AW+I) 48
I-waarde 76
analyseresultaten vaste bodem en toetsing
% H* = 10 % L*= 25
gestandaardiseerde resultaten en overschrijdingen toetsingswaarden [BoToVa-toetsing is opgenomen in de bijlage]
monster
13-01
14-01
43a
45a
48a
49a
boring traject (m-mv) arseen
13 0,0-0,5 140•••
14 0,0-0,5 74••
43a 0,6-0,8 290•••
45a 0,6-0,8 83•••
48a 0,6-0,8 86•••
49a 0,6-0,8 150•••
Toelichting bij tabel: < : geen overschrijding van de achtergrondwaarde • : overschrijding van de achtergrondwaarde •• : overschrijding van de tussenwaarde ••• : overschrijding van de interventiewaarde
Tabel 7:
standaard bodem (mg/kg d.s.)
standaard bodem (mg/kg d.s.) AWwaarde 20
½ (AW+I) 48
I-waarde 76
-: niet geanalyseerd @: geen toetsoordeel mogelijk *: lutum- en humusgehalten standaard bodem H : organisch stof L : lutum
analyseresultaten grondwater
analyseresultaten (µg/l) peilbuis 3 26 filter (m-mv) 1,5-2,5 1,5-2,5 pH 8,0 8,1 EC (µs/cm) 702 541 troebelheid (NTU) 3,9 4,9 grondwater [m-mv] 0,95 0,96 zware metalen arseen < < barium 89• 140• cadmium < < chroom 1,3• 2• kobalt < < koper < < kwik < < lood < < molybdeen < < nikkel < 21• zink < < vluchtige aromaten benzeen < < tolueen < < ethylbenzeen < < xylenen (som) < < styreen < < naftaleen < < gechloreerde koolwaterstoffen 1,1-dichloorethaan < < 1,2-dichloorethaan < < 1,1-dichlooretheen < < som C+T 1,2-dichlooretheen < < dichloormethaan < < dichloorpropanen < < tetrachlooretheen (per) < < tetrachloormethaan (tetra) < < 1,1,1-trichloorethaan < < 1,1,2-trichloorethaan < < trichlooretheen (tri) < < trichloormethaan (chloroform) < < vinylchloride < < < < minerale olie < < bromoform Toelichting bij tabel: • : overschrijding van de streefwaarde •• : overschrijding van de tussenwaarde ••• : overschrijding interventiewaarde
toetsingswaarden (µg/l) 36 1,5-2,5 8,0 454 4,7 0,96
41 1,5-2,5 8,1 1023 3,6 0,98
< 180• < 4,3• < 17• < < < 23• <
Swaarde
½ (S+I)
Iwaarde
< 190• < < < < < < < 24• <
10 50 0,4 1 20 15 0,05 15 5 15 65
35 337,5 3,2 15,5 60 45 0,17 45 152,5 45 432,5
60 625 6 30 100 75 0,30 75 300 75 800
< < < < < <
< < < < < <
0,2 7 4 0,2 6 0,01
15,1 503,5 77 35,1 153 35
30 1000 150 70 300 70
< < < < < < < < < < < < < < <
< < < < < < < < < < < < < < <
7 7 0,01 0,01 0,01 0,8 0,01 0,01 0,01 0,01 24 6 0,01 50 #
453,5 203,5 5 10 500 40,4 20 5 150 65 262 203 2,5 325 315
900 400 10 20 1000 80 40 10 300 130 500 400 5 600 630
< : geen overschrijdingen detectiegrens en/of streefwaarde # : geen toetsingswaarden voor gegeven -: niet geanalyseerd
Verkennend- en aanvullend bodemonderzoek, Nijboershof e.o. Broekland
10
_______________________________________ Hunneman Milieu-Advies ______________
4
INTERPRETATIE ONDERZOEKSRESULTATEN
In opdracht van de Gemeente Raalte is in februari en maart 2023, door Hunneman MilieuAdvies Raalte BV, een verkennend- en aanvullend bodemonderzoek uitgevoerd op de locatie ‘t Broeck fase 4 nabij de Nijboershof te Broekland. Het bodemonderzoek is uitgevoerd naar aanleiding van de voorgenomen verkaveling, het bouwrijp maken en de uitgifte van kavels. Het doel van het onderzoek is: het vastleggen van de actuele bodemkwaliteit op de verschillende deellocaties; het beoordelen van eventuele risico’s bij het aantonen van verhoogde gehalten aan arseen. 4.1
Vaste bodem en grondwater perceel A, B, C en E
Zintuiglijk zijn in de vaste bodem geen noemenswaardige bijmengingen aan bodemvreemde materialen waargenomen. Zintuiglijk is geen asbestverdacht materiaal op en/of in de bodem aangetroffen. Analytisch zijn in de bovengrond mengmonsters MM-01, MM-03, MM-04 en MM-08 sterk verhoogd gehalten aan arseen en/of licht verhoogde gehalten aan chroom en lood aangetoond. De maximaal aangetoonde gehalten aan arseen overschrijden de interventiewaarde. De licht verhoogd aangetoonde gehalten aan chroom en lood overschrijden de achtergrondwaarden, maar blijven beneden de tussenwaarden. Naar aanleiding van de sterk verhoogd aangetoonde gehalten aan arseen zijn, ter vaststelling of de gehalten homogeen of heterogeen aanwezig zijn, de individuele monsters waaruit de mengmonsters MM-01 en MM-04 zijn samengesteld separaat geanalyseerd op arseen. In de separaat geanalyseerde monsters zijn, met uitzondering van een matig verhoogd gehalte aan arseen in monster 14-01, sterk verhoogde gehalten aan arseen aangetoond. Analytisch zijn in de bovengrond mengmonsters MM-02, MM-05 t/m MM-07 en MM-09 t/m MM-11, geen tot licht verhoogde gehalten aan arseen en/of PCB’s aangetoond. De licht verhoogd aangetoonde gehalten aan arseen en PCB’s overschrijden de achtergrondwaarden, maar blijven beneden de tussenwaarden.
Analytisch zijn in de ondergrond mengmonsters MM-12 t/m MM-15 geen gehalten aangetoond boven de achtergrondwaarden. In het grondwater (peilbuis 3, 26 en 36) zijn, met uitzondering van een licht verhoogd gehalte aan barium, chroom, koper en/of nikkel geen gehalten aangetoond boven de streefwaarden. De licht verhoogd aangetoonde gehalten aan barium, chroom, koper en nikkel overschrijden de streefwaarden, maar blijven beneden de tussenwaarden. 4.2
Vaste bodem en grondwater perceel D (volkstuinen)
Zintuiglijk zijn in de vaste bodem geen noemenswaardige bijmengingen aan bodemvreemde materialen waargenomen. Zintuiglijk is geen asbestverdacht materiaal op en/of in de bodem aangetroffen. Analytisch zijn in de mengmonsters MM-16 t/m MM-18 van de toplaag vanaf 0,0 tot 0,3 m-mv, matig tot sterk verhoogde gehalten aan arseen en/of licht verhoogde gehalten aan PCB’s aangetoond. De maximaal aangetoonde gehalten aan arseen overschrijden de interventiewaarde. De licht verhoogd aangetoonde gehalten aan PCB’s overschrijden de achtergrondwaarde, maar blijven beneden de tussenwaarde. Verkennend- en aanvullend bodemonderzoek, Nijboershof e.o. Broekland
11
_______________________________________ Hunneman Milieu-Advies ______________
In mengmonster MM-19 van de humeuse bodemlaag vanaf 0,3 tot 0,6 m-mv is een sterk verhoogd gehalte aan arseen aangetoond. Het aangetoonde gehalte overschrijdt de interventiewaarde. In mengmonster MM-20 van de ondergrond is een matig verhoogd gehalte aan arseen aangetoond. Het aangetoonde gehalte overschrijdt de tussenwaarde, maar blijft beneden de interventiewaarde. De in de boringen 43, 45, 48 en 49 aangetroffen oerlaag (circa 0,6-0,8 m-mv) is separaat bemonsterd en geanalyseerd op arseen. In de monsters van de oerlaag zijn sterk verhoogde gehalten aan arseen aangetoond. De aangetoonde gehalten overschrijden de interventiewaarde. In het grondwater (peilbuis 41) zijn, met uitzondering van licht verhoogde gehalten aan barium en nikkel, geen gehalten aangetoond boven de streefwaarden. De licht verhoogd aangetoonde gehalten aan barium en nikkel overschrijden de streefwaarden, maar blijven beneden de tussenwaarden. 4.3
Conclusies en aanbevelingen
In de bovengrond zijn sterk verhoogde gehalten aan arseen aangetoond. De maximaal aangetoonde gehalten aan arseen overschrijden de interventiewaarde. Van de overige onderzochte parameters zijn geen tot marginaal verhoogde gehalten aan chroom, lood en/of PCB’s aangetoond. In het grondwater zijn licht verhoogde gehalten aan zware metalen aangetoond. De aangetoonde gehalten vormen geen aanleiding tot nader onderzoek. De in de vaste bodem aangetoonde gehalten aan arseen betreffen naar verwachting van nature verhoogde achtergrondwaarden. Binnen de gemeente Raalte komen in de bodem vaker verhoogde gehalten aan arseen voor. De verhoogde natuurlijke gehalten zijn ontstaan door arseen houdend kwelwater, waarbij het arseen is ingebouwd of geadsorbeerd aan ijzerhydroxide. Bodems met natuurlijk arseen zijn te herkennen aan het voorkomen van roestvlekken aan gronddeeltjes en ijzeroer. Gezien de sterk verhoogd aangetoonde gehalten aan arseen tijdens het verkennend bodemonderzoek, kan de bovengrond niet zonder meer worden ontgraven en afgevoerd. Ontgraven, verwerking en/of hergebruik van de vrijkomende arseen houdende grond dient plaats te vinden in overleg met de Omgevingsdienst IJsselland, waarbij de toepassingsmogelijkheden van de arseen houdende grond, binnen het gebiedsspecifieke beleid, kunnen worden afgestemd.
De aanwezigheid van arseen in de bovengrond kan gezondheidsrisico’s opleveren. Wanneer mensen zelf groenten telen, kunnen zij tijdens het tuinieren ongemerkt bodemdeeltjes inslikken en hierdoor arseen binnen krijgen. Ook door de consumptie van groenten die op met arseen verontreinigde bodem zijn geteeld kunnen zij arseen binnen krijgen. Jonge kinderen kunnen arseen via het inslikken van bodemdeeltjes binnenkrijgen door het spelen op plaatsen waar arseen in de bovengrond aanwezig is. Door het RIVM is een handreiking opgesteld (RIVM-2017-0177) over de beoordeling van de gezondheidsrisico’s bij het eten en zelf telen van groenten op bodems die met arseen zijn verontreinigd. De handreiking geeft een indicatie van de arseenconcentratie in bodem die op dit moment het beste als ‘toelaatbare blootstelling’ voor arseen kan worden gebruikt. De concentratie is gebaseerd op de achtergrondblootstelling, waarbij als uitgangspunt is gehanteerd dat de hoeveelheid arseen die men binnenkrijgt door het zelf telen van groenten in dezelfde orde van grootte mag liggen als de hoeveelheid die men middels de achtergrondblootstelling binnen krijgt. Verkennend- en aanvullend bodemonderzoek, Nijboershof e.o. Broekland
12
_______________________________________ Hunneman Milieu-Advies ______________
De arseenconcentratie waarbij de blootstelling in dezelfde ordegrootte als de achtergrondblootstelling ligt verschilt per type bodemgebruik: wonen met tuin(1) 220 mg/kg d.s.; kleine moestuin(2) 140 mg/kg d.s.; (3) moestuin 50 mg/kg d.s. Wanneer ervan wordt uitgegaan dat er geen kinderen in de moestuin aanwezig zijn liggen de concentraties hoger: wonen met tuin(1) 410 mg/kg d.s.; kleine moestuin(2) 270 mg/kg d.s.; (3) moestuin 90 mg/kg d.s. (1) : 10% bijdrage van zelf geteelde groenten (2) : 25% bijdrage van zelf geteelde aardappelen / 50 % bijdrage van overige zelf geteelde groenten (3) : 50% bijdrage van zelf geteelde aardappelen / 100% bijdrage van overige zelf geteelde groenten
Op basis van de onderzoeksresultaten en de handreiking van het RIVM kan worden gesteld dat binnen het plangebied voor de functie “wonen met tuin” de arseenconcentratie, waarbij de blootstelling in dezelfde ordegrootte als de achtergrondblootstelling ligt, niet wordt overschreden. Voor perceel D (volkstuinen) blijven de gemiddelde aangetoonde gehalten beneden de arseenconcentraties voor een kleine moestuin. Wanneer wordt uitgegaan van de functie moestuin kan, op basis van het aangetoonde gehalte aan arseen, de blootstelling hoger zijn dan de achtergrondblootstelling en is mogelijk aanvullend (gewassen) onderzoek aan te bevelen. Indien de locaties van eventuele kinderspeelplaatsen definitief zijn vastgesteld adviseren wij op basis van de op die locatie aangetroffen gehalten aan arseen te bepalen of aanvullende maatregelen ter voorkoming van ingestie van grond noodzakelijk zijn.
Verkennend- en aanvullend bodemonderzoek, Nijboershof e.o. Broekland
13
BIJLAGE 1 Kadastraal overzicht
Kadastrale kaart
Uw referentie: 230002
Deze kaart is noordgericht
12345 25
Schaal 1: 2500
Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens
Kadastrale gemeente Sectie Perceel
Raalte N 1050
Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 9 februari 2023 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers
Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.
BIJLAGE 2 Boorbeschrijvingen
01
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
06 0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50
1 -50
-50
-70
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
02
weiland / cm t ov m aaiveld 1
0
-50
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an -70
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
4
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, zuigerboor
150
-150
200 t ype dat um boorm eest er
-200
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM weiland / cm t ov m aaiveld
0
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
1
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
2
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
50
4
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, zuigerboor
-80
t ype dat um boorm eest er
-100
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
08
-150
150
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
100 -100
100
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
-50
50
150
3
07
03
1
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal wit , ow: geen, edelm an -100
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50
t ype dat um boorm eest er
2 100
0
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an t ype dat um boorm eest er
weiland / cm t ov m aaiveld
0
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
200
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50 -80 250
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
-250
250
100 t ype dat um boorm eest er
p e ilb u is m e t 1 f ilt e r 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
04
t ype dat um boorm eest er
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
1
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
-50
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an t ype dat um boorm eest er
05
weiland / cm t ov m aaiveld 1
50
1 -50
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50
-50
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
-70 t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
weiland / cm t ov m aaiveld
0
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
-70
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
10
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50 -70
0
t ype dat um boorm eest er
weiland / cm t ov m aaiveld
0
-50
50
t ype dat um boorm eest er
09
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
-100
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
N EN /AP0 4 't Br oe ck f a se 4 , N ijb oe r sh of e . o. Br oe k la n d 230002 N EN 5 1 0 4
-70
11
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
weiland / cm t ov m aaiveld
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50 2
16 0
1 -50
50
-100
100
-150
t ype dat um boorm eest er
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal wit , ow: geen, edelm an
100 3
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
4
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, zuigerboor
150
-80
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an -100
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
17
weiland / cm t ov m aaiveld
0 200 t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
1
0
100
-50
150
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
3 -150
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
4
-70
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, bruin, ow: geen, sporen veen, zuigerboor
200
13
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
t ype dat um boorm eest er 0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
-200
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
18
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an -70
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
14
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
weiland / cm t ov m aaiveld
0 -50
50
1
-50
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an t ype dat um boorm eest er
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
-70
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
19
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1 -80
-50
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an -100
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
t ype dat um boorm eest er
15
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
-70
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
20 0
weiland / cm t ov m aaiveld
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
1
50
-50
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
-80
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
100
-100
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
-100
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50
100
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
100
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50
50
t ype dat um boorm eest er
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
-70
weiland / cm t ov m aaiveld
50
t ype dat um boorm eest er
2
0
50
0
t ype dat um boorm eest er
1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
-200
12
t ype dat um boorm eest er
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
N EN /AP0 4 't Br oe ck f a se 4 , N ijb oe r sh of e . o. Br oe k la n d 230002 N EN 5 1 0 4
-120
21
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
26
1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
1
50
-50
-80
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
2
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
4
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, zuigerboor
100
-100
-100
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
150
22
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50
100 t ype dat um boorm eest er
weiland / cm t ov m aaiveld
0
0
150
-150
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
200
50 250 -80
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
100 t ype dat um boorm eest er
-100
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
p e ilb u is m e t 1 f ilt e r 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
27
weiland / cm t ov m aaiveld
0
23
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
1 0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
-80
-100
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
-50
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
100
t ype dat um boorm eest er
-70
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
28
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
24
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
2
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
-50
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
0 t ype dat um boorm eest er
-70
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
29
-70
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
3
-50 2
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
-150 4
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, zuigerboor 100
200 t ype dat um boorm eest er
-100
-200
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
-150
150
25
4
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
200 t ype dat um boorm eest er
50 -60
-80
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, bruin, ow: geen, sporen veen, zuigerboor -200
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an t ype dat um boorm eest er
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50 150
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50
50
100
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50
50
t ype dat um boorm eest er
-250
250 t ype dat um boorm eest er
N EN /AP0 4 't Br oe ck f a se 4 , N ijb oe r sh of e . o. Br oe k la n d 230002 N EN 5 1 0 4
30
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
35
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50
1
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an t ype dat um boorm eest er
-100 3
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
4
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, zuigerboor
-150
200
1 -200
-50
50
1
150
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
4
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, zuigerboor
-150
200
250
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
-250
250 t ype dat um boorm eest er
p e ilb u is m e t 1 f ilt e r 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
37 -50
50
1
-70
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
weiland / cm t ov m aaiveld
0
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50
-50
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
33
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
100
weiland / cm t ov m aaiveld
-50
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
1
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50
-50
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an -70
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50
t ype dat um boorm eest er
34
weiland / cm t ov m aaiveld
0
-100
0
-70
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
1 -80
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
t ype dat um boorm eest er
38 -50
50
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
3
-70
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
32
t ype dat um boorm eest er
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
150
-50
50
t ype dat um boorm eest er
2
-100
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
100
weiland / cm t ov m aaiveld
0
t ype dat um boorm eest er
weiland / cm t ov m aaiveld
0
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
31
t ype dat um boorm eest er
-70
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
36
1 150
t ype dat um boorm eest er
-50
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
100
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50
-50 2
weiland / cm t ov m aaiveld
0
0
N EN /AP0 4 't Br oe ck f a se 4 , N ijb oe r sh of e . o. Br oe k la n d 230002 N EN 5 1 0 4
-70
39
weiland / cm t ov m aaiveld
0 1
1
-50
2 100
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
150
-70
-100
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, zuigerboor
200
100 t ype dat um boorm eest er
43a
m oest uin / cm t ov m aaiveld
-60
weiland / cm t ov m aaiveld
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
100
-50
t ype dat um boorm eest er
-70
0
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
41 1
m oest uin / cm t ov m aaiveld
-60
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, donker grijs, ow: geen, edelm an
t ype dat um boorm eest er
4
5
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, zuigerboor
-100
m oest uin / cm t ov m aaiveld
0 1 -150
150
-60
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, m at ig oer, edelm an
100
t ype dat um boorm eest er
-250
p e ilb u is m e t 1 f ilt e r 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
42 0 1
-60 1
-100
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
0
50
-70
100 t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 0 6 -0 3 -2 0 2 3 JM
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
m oest uin / cm t ov m aaiveld zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, donker grijs, ow: geen, edelm an
100
-100
45a zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
-80
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
2
50
t ype dat um boorm eest er
t ype dat um boorm eest er
0
m oest uin / cm t ov m aaiveld
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
2
50
200
250
-80
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
45
-100
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, m at ig oer, edelm an
100
-70 100
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
2
0
2
3
-80
-100
44
50
m oest uin / cm t ov m aaiveld
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, m at ig oer, edelm an zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
g r on d b or in g 0 6 -0 3 -2 0 2 3 JM
1
0
250
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
1
1
150
-100
50
50
50
-80
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
0
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
40
1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, m at ig oer, edelm an
-200
0
t ype dat um boorm eest er
2
50
-150 4
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an -60
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal beige, ow: geen, edelm an 3
m oest uin / cm t ov m aaiveld
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50
t ype dat um boorm eest er
43 0
N EN /AP0 4 't Br oe ck f a se 4 , N ijb oe r sh of e . o. Br oe k la n d 230002 N EN 5 1 0 4
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, m at ig oer, edelm an
-80
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an -100
46
m oest uin / cm t ov m aaiveld
0 1
49a 0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
2
50
m oest uin / cm t ov m aaiveld
0
50 -60 -70
3 100
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal wit , ow: geen, edelm an
4
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
5
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal grijs, ow: geen, zuigerboor
150
1
-100
100
-150
t ype dat um boorm eest er
-100
RE-0 1
weiland / cm t ov m aaiveld
-200 1 2
t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
-50
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
47
m oest uin / cm t ov m aaiveld 1
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
t ype dat um boorm eest er
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, m at ig oer, edelm an
100
50 -80
zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
100
48
m oest uin / cm t ov m aaiveld 1
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
2 -60
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, m at ig oer, edelm an
100 t ype dat um boorm eest er
-80
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
-100
48a
m oest uin / cm t ov m aaiveld
0
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an 50 -60 1 100 t ype dat um boorm eest er
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, m at ig oer, edelm an
-80
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
g r on d b or in g 0 6 -0 3 -2 0 2 3 JM
-100
49
m oest uin / cm t ov m aaiveld
0 1
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
2
50
-60
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, m at ig oer, edelm an
100 t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
-80
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an -100
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
-100
0
50
weiland / cm t ov m aaiveld
0
1 2 -80
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
-70
g r on d b or in g 1 3 -0 2 -2 0 2 3 JM
RE-0 2
2 -60
t ype dat um boorm eest er
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
50
0
50
-80
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
g r on d b or in g 0 6 -0 3 -2 0 2 3 JM
0 200
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, m at ig oer, edelm an
N EN /AP0 4 't Br oe ck f a se 4 , N ijb oe r sh of e . o. Br oe k la n d 230002 N EN 5 1 0 4
-100
PEILBUIS
BORIN G
OLIE OP W ATER REACTIE
num m er
bodem m onst er, geroerd
Geen casing
Zwak
Mat ig
St erk
Uit erst
bodem laag
GEUR IN TEN SITEIT
bent oniet
grondwat erst and t ijdens boren
bodem m onst er, ongeroerd
filt ergrind
Geen Zeer zwak
Zwak
Mat ig
St erk
bodem laag filt ert raject grondwat erst and
links= cm -m aaiveld recht s= cm + NAP
GRON D SOORTEN
M ATE V AN BIJM EN GIN G
GRIND, grindig (G,g)
zwak - (0-5%)
ZAND, zandig (Z,z)
m at ig - (5-15%)
LEEM, silt ig (L,s)
st erk - (15-50%)
KLEI, kleiig (K,k)
uit erst - (> 50%)
VEEN, hum eus (V,h)
slib
V ERH ARD IN GEN
GRAD ATIE Z AN D
asfalt , bet on, klinkers, t egels st elconplaat , ondoordringbare laag
uf = uit erst fijn (63-105 um ) zf = zeer fijn (105-150 um ) m f = m at ig fijn (150-210 um ) m g = m at ig grof (210-300 um ) zg = zeer grof (300-420 um ) ug = uit erst grof (420-2000 um )
OV ERIG
GRAD ATIE GRIN D
bodem vreem de best andsdelen aanwezig
f = fijn (2-5.6 m m ) m g = m at ig grof (5.6-16 m m ) zg = zeer grof (16-63 m m )
wat er
BESCH RIJV IN G BOD EM LAAG pid = fot o ionisat ie det ect or bv = bodem vocht ow = olie op wat er
Zeer st erk
BIJLAGE 3 Toetsingstabellen en analyserapporten vaste bodem en grondwater
Project
230002-NEN/AP04 t Broeck fase 4 Nijboershof e.o. Broekland
Certificaten
1493627
Toetsing
T.12 - Beoordeling kwaliteit van grond volgens Wbb
Toetsversie
BoToVa 3.1.0
Toetsdatum: 17 februari 2023 15:16
Monsterreferentie
7569739
Monsteromschrijving
MM-01, 01: 0-50, 02: 0-50, 03: 0-50, 04: 0-50
Analyse
Eenheid
Analyseres.
Gestand.Res. Toetsoordeel
AW
T
I
Lutum/Humus Organische stof
% (m/m ds)
7.9
10
Lutum
% (m/m ds)
5.7
25
%
71.9
71.9
@
Droogrest droge stof
Metalen ICP-AES arseen (As)
mg/kg ds
90
130
1.7 I
20
48
76
barium (Ba)
mg/kg ds
85
230
@
190
555
920
cadmium (Cd)
mg/kg ds
0.25
0.32
-
0.6
6.8
13
chroom (Cr)
mg/kg ds
26
42
-
55
117.5
180
kobalt (Co)
mg/kg ds
<3
< 5.3
-
15
102.5
190
koper (Cu)
mg/kg ds
14
22
-
40
115
190
kwik (Hg) (niet vluchtig)
mg/kg ds
0.09
0.12
-
0.15
18.075
36
lood (Pb)
mg/kg ds
15
20
-
50
290
530
molybdeen (Mo)
mg/kg ds
< 1.5
< 1.0
-
1.5
95.75
190
nikkel (Ni)
mg/kg ds
5
11
-
35
67.5
100
zink (Zn)
mg/kg ds
36
64
-
140
430
720
mg/kg ds
< 35
< 31
-
190
2595
5000
naftaleen
mg/kg ds
< 0.05
< 0.035
fenantreen
mg/kg ds
< 0.05
< 0.035
anthraceen
mg/kg ds
< 0.05
< 0.035
fluoranteen
mg/kg ds
< 0.05
< 0.035
benzo(a)antraceen
mg/kg ds
< 0.05
< 0.035
chryseen
mg/kg ds
< 0.05
< 0.035
benzo(k)fluoranteen
mg/kg ds
< 0.05
< 0.035
benzo(a)pyreen
mg/kg ds
< 0.05
< 0.035
benzo(ghi)peryleen
mg/kg ds
< 0.05
< 0.035
indeno(1,2,3-cd)pyreen
mg/kg ds
< 0.05
< 0.035
mg/kg ds
0.35
< 0.35
-
1.5
20.75
40
PCB - 28
mg/kg ds
< 0.001
< 0.00089
PCB - 52
mg/kg ds
< 0.001
< 0.00089
PCB - 101
mg/kg ds
< 0.001
< 0.00089
PCB - 118
mg/kg ds
< 0.001
< 0.00089
PCB - 138
mg/kg ds
< 0.001
< 0.00089
PCB - 153
mg/kg ds
< 0.001
< 0.00089
PCB - 180
mg/kg ds
< 0.001
< 0.00089
mg/kg ds
0.005
< 0.0062
-
0.02
0.51
1
Minerale olie minerale olie (florisil clean-up)
Polycyclische koolwaterstoffen
Sommaties som PAK (10)
Polychloorbifenylen
Sommaties som PCBs (7)
Pagina 1 van 20
Pagina 2 van 20 Monsterreferentie
7569740
Monsteromschrijving
MM-02, 05: 0-50, 06: 0-50, 07: 0-50, 08: 0-50
Analyse
Eenheid
Analyseres.
Gestand.Res. Toetsoordeel
AW
T
I
Lutum/Humus Organische stof
% (m/m ds)
4.4
10
Lutum
% (m/m ds)
1.5
25
%
87.2
87.2
@
Droogrest droge stof
Metalen ICP-AES arseen (As)
mg/kg ds
21
35
1.7 AW(IND)
20
48
76
barium (Ba)
mg/kg ds
21
81
@
190
555
920
cadmium (Cd)
mg/kg ds
< 0.2
< 0.22
-
0.6
6.8
13
chroom (Cr)
mg/kg ds
12
22
-
55
117.5
180
kobalt (Co)
mg/kg ds
<3
< 7.4
-
15
102.5
190
koper (Cu)
mg/kg ds
9.2
18
-
40
115
190
kwik (Hg) (niet vluchtig)
mg/kg ds
0.07
0.10
-
0.15
18.075
36
lood (Pb)
mg/kg ds
17
26
-
50
290
530
molybdeen (Mo)
mg/kg ds
< 1.5
< 1.0
-