Bijlage 4 Bodemonderzoek
Tekst van het document
Gemeente Raalte Verkennend bodem- en asbestonderzoek op de locatie aan de Hellendoornseweg 37 te Mariënheem projectnummer: 220706/am/sh datum: 17 augustus 2022
Opdrachtgever Gemeente Raalte Zwolsestraat 16 8101 AC RAALTE Hunneman Milieu-Advies Raalte BV Postbus 253 8100 AG RAALTE Tel: 0572-360998 E-mail: info@hunneman-milieu.nl
BRL-SIKB 2000
INHOUDSOPGAVE 1
INLEIDING............................................................................................................................. 1
2
VOORONDERZOEK ............................................................................................................ 2
2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 3
VELD- EN LABORATORIUM ONDERZOEK .................................................................. 8
3.1 3.2 3.3 3.4 4
ONDERZOEKSAANLEIDING ................................................................................... 2 ACHTERGRONDINFORMATIE................................................................................. 3 HISTORISCHE INFORMATIE ................................................................................... 3 BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE ................................................................. 5 ONDERZOEKSSTRATEGIE ...................................................................................... 5 BETROUWBAARHEID ONDERZOEK ........................................................................ 7 VELDONDERZOEK ................................................................................................. 8 LABORATORIUM ONDERZOEK .............................................................................. 9 TOETSINGSCRITERIA EN ANALYSERESULTATEN NEN-PARAMETERS................... 9 TOETSINGSCRITERIA EN ANALYSERESULTATEN ASBEST ................................... 12
INTERPRETATIE ONDERZOEKSRESULTATEN ....................................................... 14
4.1 4.2 4.3 4.4
ASBESTONDERZOEK ........................................................................................... 14 VASTE BODEM EN GRONDWATER LOCATIE A EN B ............................................ 14 VASTE BODEM EN GRONDWATER ERFLOCATIE (LOCATIE C) ............................. 15 SAMENVATTENDE CONCLUSIES .......................................................................... 15
BIJLAGEN: 1 Kadastraal overzicht 2 Boorbeschrijvingen 3 Toetsingstabellen en analyserapporten vaste bodem, grondwater en asbest 4 Monsternemingsplan en -formulieren asbest 5 Relevante historische informatie
TEKENING: 1-1 Situatie met monsterpunten en peilbuizen
_________________________________________________Hunneman Milieu-Advies__________________
1
INLEIDING
In opdracht van de Gemeente Raalte is in juli 2022, door Hunneman Milieu-Advies Raalte BV, een verkennend bodemonderzoek in combinatie met een verkennend asbestonderzoek uitgevoerd op locatie aan de Hellendoornseweg 37 te Mariënheem. Voor een kadastraal overzicht van de onderzoekslocatie verwijzen wij naar bijlage 1. Het bodemonderzoek is uitgevoerd naar aanleiding van de voorgenomen transactie en bestemmingswijziging van agrarisch naar wonen en de herontwikkeling van de locatie. Het doel van het onderzoek is het vastleggen van de actuele bodemkwaliteit van de locatie. Het veldwerk, de grond- en/of grondwaterbemonstering en het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd conform de geldende beoordelingsrichtlijn “Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek” BRL-SIKB 2000. Voor deze richtlijn is Hunneman Milieu-Advies Raalte BV in het bezit van een procescertificaat, welke is afgegeven door KIWA.
De van toepassing zijnde protocollen in dit onderzoek zijn: ☒ 2001: Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen ☒ 2002: Het nemen van grondwatermonsters ☐ 2003: Veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek ☒ 2018: Maaiveldinspectie en monsterneming van asbest in bodem Het procescertificaat van Hunneman Milieu-Advies Raalte BV (certificaatnummer K26828) en het hierbij behorende keurmerk zijn uitsluitend van toepassing op de activiteiten inzake “Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek”. Hunneman MilieuAdvies Raalte BV is geen eigenaar van de te onderzoeken percelen en is onafhankelijk van de opdrachtgever en/of terreineigenaar. Het rapport is als volgt ingedeeld: • Vooronderzoek • Veld- en laboratorium onderzoek • Interpretatie onderzoeksresultaten
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Hellendoornseweg 37 te Marienheem
(hoofdstuk 2); (hoofdstuk 3); (hoofdstuk 4).
1
_________________________________________________Hunneman Milieu-Advies__________________
2
VOORONDERZOEK
In de NEN-5725 zijn 7 aanleidingen tot vooronderzoek naar landbodems geformuleerd. Voor elke afzonderlijke aanleiding tot vooronderzoek dienen verschillende onderzoeksvragen te worden beantwoord. De verplicht te onderzoeken aspecten zijn per aanleiding omschreven in tabel 1. Tabel 1:
verschillende onderzoeksaspecten ONDERZOEKSASPECTEN
1.locatiegegevens 2.bodemopbouw en geohydrologie 3.verwachting t.a.v. de bodemkwaliteit 4.gebruik/beïnvloeding van de locatie, verdachte situatie, activiteiten, ongewoon voorval 5.terreinverkenning
eigendomssituatie hoogteligging bodemopbouw antropogene lagen in de bodem geohydrologie geval van ernstige bodemverontreiniging kwaliteit o.b.v. BKK o.b.v. uitgevoerde bodemonderzoeken voormalig huidig toekomst asbestverdacht voorafgaand aan de uitvoering
Aanleidingen tot vooronderzoek A
B
O
O
O O
C
D
E
F
O
G
A. bodemonderzoek, par. 6.2.1; E. opstellen/ actualiseren bodemkwaliteitskaart (Bbk), par. 6.2.5; F. gebruik bodemkwaliteitskaart (Bbk), par. 6.2.6; B. nul‐ en eindsituatieonderzoek, par. 6.2.2; G. inschatten van arbeidshygiënische risico’s, par. 6.2.7. C. bodemkwaliteitsklasse (Bbk), par. 6.2.3; D. partijkeuring, par. 6.2.4; Verplicht onderzoeksaspect. Indien niet van toepassing, wordt dit vermeld en gemotiveerd O Optioneel
2.1
Onderzoeksaanleiding
Het vooronderzoek is uitgevoerd conform de paragraaf 6.2.1 “opstellen hypothese bodemkwaliteit ten behoeve van een bodemonderzoek” uit de NEN-5725. Voor het vooronderzoek zijn de volgende bronnen geraadpleegd: informatie verstrekt door de opdrachtgever; terreininspectie voorafgaand aan de veldwerkzaamheden; informatie voorgaande bodemonderzoeken; informatie Gemeente Raalte; informatie Omgevingsdienst IJsselland; omgevingsrapportage Provincie Overijssel; www.bodemloket.nl; www.topotijdreis.nl; BagViewer; Kadaster; grondwaterkaart van Nederland. De onderzoeksvragen voor het opstellen van de onderzoekshypothese en de gekozen onderzoeksstrategie zijn, voor zover relevant, in de onderstaande paragrafen nader toegelicht. De relevante gegevens zijn opgenomen in bijlage 5.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Hellendoornseweg 37 te Marienheem
2
_________________________________________________Hunneman Milieu-Advies__________________
2.2
Achtergrondinformatie
De onderzoekslocatie is gesitueerd aan de Hellendoornseweg 37 te Mariënheem en staat kadastraal bekend als: gemeente Raalte, sectie P, nummers 2033 ged. en 637. Het onderzoeksgebied bestaat uit 3 deellocaties: A: perceel weiland met een oppervlakte van circa 31.548 m2; B: perceel weiland “zoekgebied kavels” met een oppervlakte van circa 2.000 m2; C: erfgedeelte perceel nr. 37 met een oppervlakte van circa 6.950 m2. Ad A: betreft een perceel weiland. Binnen het perceel bevinden zich een aantal gronddammen en een voormalige kuilvoeropslagplaats. In het verleden was een waterpartij aanwezig (zie figuur 1); Ad B: betreft een perceel weiland. In het verleden was een waterpartij aanwezig (zie figuur 1); Ad C: Op de locatie staat sinds 1979 een boerderij met diverse bijgebouwen. Voor de inrichting van het terrein verwijzen wij naar de tekening 1-1. 2.3
Historische informatie
Op basis van informatie van “www.topotijdreis.nl” (zie figuren 1 t/m 3) blijkt dat het erf in het verleden altijd op deze locatie was gesitueerd. Binnen het weilandperceel was in het verleden een waterpartij aanwezig. Tevens zijn een aantal gronddammen aanwezig. Op het zuidwestelijke deel van het weiland was eerder een kuilvoerplaat aanwezig. Figuur 1: situatie in 1952 en 1985
Figuur 2: situatie in 1986 en 2003
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Hellendoornseweg 37 te Marienheem
3
_________________________________________________Hunneman Milieu-Advies__________________
Figuur 3: situatie in 2020
Binnen het erfgedeelte is een werktuigenberging met een bovengrondse dieseltank gesitueerd. De dieseltank bevindt zich in het midden van de berging. Eerder was deze aan de oostzijde van de berging gesitueerd. Ten noorden van de stallen heeft een bovengrondse HBO-tank gestaan. Figuur 4:situatie erf met voormalige situering bovengrondse tanks
Op basis van de asbestdakenkaart van de Provincie Overijssel waren twee daken voorzien van een asbestdakbedekking. De daken zijn inmiddels gesaneerd. Figuur 5:asbestdakenkaart Provincie Overijssel
In 1996 is op het erfgedeelte, door Oranjewoud, een bodemonderzoek uitgevoerd ten behoeve van de voorgenomen nieuwbouw van de werktuigenberging. In 1999 is door De Bondt een bodemonderzoek uitgevoerd ten behoeve van de nieuwbouw van een schuur op het oostelijke deel van het erf. De resultaten uit deze bodemonderzoeken gaven geen aanleiding tot nader onderzoek.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Hellendoornseweg 37 te Marienheem
4
_________________________________________________Hunneman Milieu-Advies__________________
2.4
Bodemopbouw en geohydrologie
Voor de bodemgegevens en geohydrologische informatie is gebruik gemaakt van de grondwaterkaart van Nederland (het rapport 27 oost, 28 west (TNO-DGV, 1985)). De regionale bodemopbouw is weergegeven in tabel 2. Tabel 2:
schematische voorstelling van de regionale bodemopbouw
pakket
diepte (in m-mv)
samenstelling
1e watervoerend pakket (form. van Twente en Kreftenheye)
0 - 20
matig fijn tot matig grof zand
scheidende laag (form. van Drenthe)
20 - 40
klei
2e watervoerend pakket (form. van Urk, Enschede, Harderwijk)
40 - 155
fijn tot matig grof zand, grind
basis (form. van Breda)
>155
klei
Toelichting:
WVP = watervoerend pakket
Grondwaterstroming: In het eerste watervoerend pakket stroomt het grondwater ‘s zomers en ‘s winters in noordwestelijke richting. 2.5
Onderzoeksstrategie
De gehanteerde onderzoeksstrategie is in overleg met de Omgevingsdienst bepaald en sluit aan op de NEN-5740-5707 en betreft aanvullend maatwerk. A+B: Weiland Voor de onderzoeksopzet van het weiland (perceel A en B) is uitgegaan van de onderzoeksstrategie bij een verkennend bodemonderzoek volgens de NEN-5740 “ONV” (onverdacht). Ter plaatse van de dammen, de voormalige waterpartij en de voormalige kuilvoerplaat is aanvullend veld- en/of laboratoriumonderzoek uitgevoerd. Alle boringen zijn doorgezet tot 2,0 m-mv. Naar aanleiding van de analyseresultaten van het grondwater is aanvullend veld- en laboratoriumonderzoek uitgevoerd (herbemonstering en analyse). Ter plaatse van het weiland is in aanvulling op het verkennend bodemonderzoek een verkennend asbestonderzoek uitgevoerd conform de onderzoeksstrategie op grootschalige onverdachte locaties (strategie 6.4.3 uit de NEN-5707). C: Erf Ter plaatse van de potentieel verdachte locaties binnen het erfgedeelte is het onderzoek uitgevoerd volgens de onderzoeksstrategie bij een verkennend bodemonderzoek op verdachte locaties, met een plaatselijke bodembelasting met een duidelijke verontreinigingskern (strategie “VEP” uit de NEN 5740). De huidige en voormalige bovengrondse dieseltanks in de werktuigenberging en de voormalige bovengrondse HBOtank betreffen verdachte locaties.
Ter hoogte van de drupzones van de voormalige asbestdakbedekking op het erf is een verkennend asbestonderzoek uitgevoerd in aansluiting op de onderzoeksstrategie voor verdachte locaties (strategie 6.4.5 uit de NEN-5707). Het uitgevoerde veld- en laboratoriumonderzoek is weergegeven in tabel 3.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Hellendoornseweg 37 te Marienheem
5
_________________________________________________Hunneman Milieu-Advies__________________
Tabel 3:
veld- en laboratoriumonderzoek
sublocatie/onderdeel
boringen 0,5 m-mv
veldonderzoek waarvan met > 2 m-mv peilbuis
laboratoriumonderzoek vaste bodem
grondwater 5 x NEN-water
1 x nikkel,koper
1 x min.olie + BTEX 1 x min.olie + BTEX 1 x min.olie + BTEX -
Weiland
45 [30 x 30 x 50 cm]
-
5 x NEN-grond (bg) 4 x NEN-grond (og) 1 x NEN-grond (bg) 1 x NEN-grond (og) 2 x NEN-grond 2 x asbest grond 3 x asbest (grond)
2 2 2 2 2 2 10 [30x30x20 cm]
1 1 1 -
1 x min.olie + BTEX 1 x min.olie + BTEX 1 x min.olie + BTEX 3 x asbest (grond)
Perceel A: 31.548 m2 Perceel B: 2.000 m2 aanvullend dammen, vm. waterpartij, vm. kuilvoerplaat asbest perceel A+B Erf voormalige dieseltank huidige dieseltank voormalige HBO-tank asbest drupzones
45
45
5
-
-
1 her.
10
10
-
#
-
* : inclusief arseen en chroom # : in combinatie met perceel A
De samenstelling van de in tabel 3 genoemde “NEN-pakketten” is samengevat in tabel 4. Tabel 4:
samenstelling NEN Pakketten
Parameters zware metalen barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink PCB’s PAK polycyclische aromatische koolwaterstoffen minerale olie vluchtige aromaten (incl. naftaleen en styreen) VCK (vluchtige chloorkoolwaterstoffen) bromoform
NEN-grond
NEN-grondwater
X
X
X X X -
X X X X
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Hellendoornseweg 37 te Marienheem
6
_________________________________________________Hunneman Milieu-Advies__________________
2.6
Betrouwbaarheid onderzoek
Onderhavig onderzoek beschrijft de actuele bodemkwaliteit en heeft alleen betrekking op de bodem van de terreindelen, welke zijn beschreven in het vooronderzoek van deze rapportage. De in het vooronderzoek geraadpleegde bronnen kunnen mogelijk onvolledig zijn. Het kan voorkomen dat niet alle bronnen zijn geraadpleegd, doordat ze niet voorhanden waren. Hierdoor kan informatie ontbreken. Dit onderzoek is op een zorgvuldige wijze uitgevoerd, conform de huidige richtlijnen en methoden op het gebied van bodemonderzoek. Het onderzoek is gebaseerd op het nemen van een, conform de geldende richtlijnen, representatief geacht aantal monsters. Bij het interpreteren van de onderzoeksresultaten moet rekening worden gehouden met het feit dat analyses mogelijk zijn uitgevoerd op basis van mengmonsters, waardoor lokaal hogere concentraties van de onderzochte stoffen niet zijn uit te sluiten. Tevens kan geen uitspraak worden gedaan omtrent de bodemkwaliteit van niet onderzochte (verdachte) deellocaties en blijft het mogelijk dat lokaal voorkomende verontreinigingen niet zijn ontdekt. Een bodemonderzoek betreft een momentopname. De resultaten van het onderzoek kunnen minder representatief worden naarmate de tijd verstrijkt. Eventuele toekomstige activiteiten, calamiteiten, sloopwerkzaamheden, bouwrijp maken en/of aanvoer van grond van elders, kunnen de bodemkwaliteit (sterk) beïnvloeden.
Tijdens werkzaamheden in de bodem dient men alert te blijven op waarneembare bijzonderheden, die kunnen duiden op eventuele verontreinigingen. Het onderzoek moet worden beoordeeld als één geheel, en betreft een inschatting van de bodemkwaliteit, op een bepaald moment. Het onderzoek is gebaseerd op informatie van derden en het verrichten van een beperkt aantal boringen en analyses, conform de geldende richtlijnen. Hierdoor is het mogelijk dat niet alle informatie is verkregen, dan wel dat niet alle afwijkingen in de bodem zijn geconstateerd. Voor eventueel hieruit voortvloeiende schade en/of gevolgen aanvaardt Hunneman Milieu-Advies Raalte BV op geen enkele wijze aansprakelijkheid.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Hellendoornseweg 37 te Marienheem
7
_________________________________________________Hunneman Milieu-Advies__________________
3
VELD- EN LABORATORIUM ONDERZOEK
3.1
Veldonderzoek
Het veldonderzoek is uitgevoerd op 4, 5, 11 en 26 juli 2022. De milieutechnische veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd door de gecertificeerde medewerkers dhr. J. Molenkamp en dhr. J. Postma van Hunneman Milieu-Advies Raalte BV. Voor het verkennend bodemonderzoek zijn 71 boringen geplaatst (1 t/m 71), waarvan 8 boringen zijn afgewerkt als peilbuis. De maximale boordiepte bedraagt 3,1 m-mv. Met uitzondering van de boringen ten behoeve van de monstername van de “drupzone” zijn alle boringen doorgezet tot minimaal 2,0 m-mv. Voorafgaand aan het verkennend asbestonderzoek is een maaiveldinspectie uitgevoerd. Tijdens de maaiveldinspectie is op het maaiveld geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Voor het verkennend asbestonderzoek zijn 65 monsterpunten handmatig gegraven tot maximaal 0,5 m-mv, met een minimale oppervlakte van 0,09 m2 (30 x 30 cm). De monsterpunten zijn met behulp van een grondboor (diameter 12 cm) doorgezet tot de onderliggende/ongeroerde bodemlaag. De opgegraven grond is uitgespreid over een zeef, met een maaswijdte van 20 mm. Het achterblijvende residu op de zeef is geïnspecteerd op aanwezigheid van asbestverdacht materiaal en afval- en puinrestanten. Van de uitgezeefde grond zijn mengmonsters samengesteld van de drupzone (0,0-0,2 m-mv) en/of actuele contactzone (0,0-0,5 m-mv), voor de analytische bepaling van asbest in grond.
In bijlage 4 zijn de monsternameformulieren asbest opgenomen. Voor de situatie van de monsterpunten en peilbuizen verwijzen wij naar tekening 1-1. Bodemopbouw In het veld zijn de fysische bodemeigenschappen per boring en bodemlaag beschreven. De beschrijvingen van de bodemprofielen zijn opgenomen in bijlage 2, en samengevat in tabel 5. Tabel 5.1: traject (m-mv) 0,0 - 0,5 0,5 – 2,7
Tabel 5.2: traject (m-mv) 0,0 ~ 0,07 0,07 ~ 0,4 0,4 ~ 3,1
samenvatting van het lokaal aangetroffen bodemprofiel (weiland) hoofdnaam zand, matig fijn zand, matig fijn
toevoeging matig siltig, zwak humeus matig siltig grondwaterstand: circa 1,1 m-mv
samenvatting van het lokaal aangetroffen bodemprofiel (erf) hoofdnaam toevoeging klinker/gras zand, matig fijn matig siltig. lokaal zwak humeus zand, matig tot zeer fijn matig siltig grondwaterstand: circa 1,5 m-mv
Zintuiglijke waarnemingen Tijdens het veldonderzoek is de opgeboorde grond beoordeeld op zintuiglijke waarneembare verontreinigingsindicaties. Hierbij is gelet op afwijkende kleur of geur (passief) van de bodem. In de vaste bodem, ter plaatse van het weiland, zijn geen noemenswaardige bijmengingen met bodemvreemde materialen waargenomen. In de bovengrond, ter plaatse van de gronddammen (boring 48, 51 en 52), zijn zwakke bijmengingen met puin en baksteen waargenomen. In vaste bodem, ter plaatse van het erf, zijn geen noemenswaardige bijmengingen met bodemvreemde materialen waargenomen. Ter plaatse van de huidige en voormalige bovengrondse tanks zijn in de vaste bodem geen oliecomponenten waargenomen. Zintuiglijk zijn geen asbestverdachte materialen in of op de bodem/puin aangetroffen. Eventuele bijzonderheden zijn weergegeven in de boorbeschrijvingen (bijlage 2). Verkennend bodem- en asbestonderzoek Hellendoornseweg 37 te Marienheem
8
_________________________________________________Hunneman Milieu-Advies__________________
Monstername Voor het chemisch onderzoek zijn uit de boringen, van iedere 0,5 m (0,2 m bij monstername met steekbus) of onderscheiden bodemlaag, monsters genomen. Op de deellocaties, waar de vluchtige verbindingen de kritische parameters zijn, is de monstername, voor zover technisch mogelijk, verricht met een steekbus. Het grondwater uit de geplaatste peilbuizen is na een standtijd van minimaal een week bemonsterd. De zuurgraad (pH), de elektrische geleidbaarheid (EC) en de troebelheid (NTU) van het grondwater zijn in het veld gemeten. De meetresultaten zijn weergegeven in tabel 9 en 10. 3.2
Laboratorium onderzoek
Op basis van de gehanteerde onderzoeksstrategie en waarnemingen uit het veld zijn mengmonsters geselecteerd voor analyse. De samenstelling van de (meng)monsters is weergegeven in tabel 6 t/m 8 en 11. De analyses zijn uitgevoerd door een, door de RvA geaccrediteerd laboratorium, welke door het Ministerie van Infrastructuur en Milieu is erkend om, in het kader van de Wet Bodembescherming (Wbb) en het Besluit bodemkwaliteit (Bbk), analyses uit te voeren conform AS-3000 en AP-04. De resultaten van de analyses zijn weergegeven in tabel 6 t/m 11. 3.3
Toetsingscriteria en analyseresultaten NEN-parameters
Het toetsingskader voor de vaste bodem en het grondwater is afkomstig uit de “Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013” (Staatscourant 27 juni 2013, nr. 16675). De toetsing van de analyseresultaten vindt plaats conform de door het Rijk beschikbaar gestelde Bodem Toets- en Validatieservice (BoToVa). De vaste bodem wordt getoetst aan de achtergrond- en interventiewaarden. Het grondwater wordt getoetst aan de streef- en interventiewaarden. De meetwaarden voor de vaste bodem zijn afhankelijk gesteld van de gemeten organische stof- en/of lutumgehalten van de bodem, die meestal afwijken van de gehalten van de Standaardbodem. De volgende toetsingswaarden worden onderscheiden: AW/S(•)1:De achtergrond- en/of streefwaarden geven het niveau aan waar beneden sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. De waarden hebben betrekking op de in de natuur voorkomende achtergrondgehalten of detectiegrenzen bij stoffen die niet in natuurlijke milieus voorkomen. T (••)1:
De tussenwaarde betreft het gemiddelde van de interventiewaarde + achtergrondwaarde of streefwaarde waarboven, in beginsel, een nader onderzoek noodzakelijk is.
I (•••)1 :
De interventiewaarden geven het concentratieniveau voor verontreinigende stoffen aan, waarboven sprake is van ernstige bodemverontreiniging. In bijzondere situaties kan ook bij gehaltes beneden de interventiewaarden sprake zijn van een geval van ernstige verontreiniging. De interventiewaarden zijn gebaseerd op de risico’s voor de volksgezondheid en het ecosysteem.
1
De symbolen tussen haakjes corresponderen met de “overschrijdingssymbolen” van tabel 6 t/m 10.
Van een geval van ernstige bodemverontreiniging is sprake indien de verontreiniging is ontstaan voor 1987, waarbij de gemiddelde concentratie van een verontreinigende stof in minimaal 25 m3 grond of 100 m3 grondwater hoger is dan de interventiewaarde. Bodemverontreiniging die is ontstaan na 1 januari 1987 (nieuwe verontreiniging) valt onder de zgn. zorgplicht en dient zo spoedig mogelijk te worden gesaneerd.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Hellendoornseweg 37 te Marienheem
9
_________________________________________________Hunneman Milieu-Advies__________________
Tabel 6:
analyseresultaten vaste bodem en toetsing locatie A+B
% H* = 10 % L*= 25 monster
gestandaardiseerde resultaten en overschrijdingen toetsingswaarden [BoToVa-toetsing is opgenomen in de bijlage] MM-01 MM-02 MM-03 MM-04 MM-05 MM-06 MM-07
boring
1 t/m 8
9t/m16
17t/m25
26t/m33
34t/m41
1+4+6+10
13,15,18 +21
traject (m-mv) arseen barium cadmium chroom kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink PAK (10)-tot. PCB’s min.olie
0,0-0,5 < @ < < < < < < < < < < < <
0,0-0,5 < @ < < < < < < < < < < < <
0,0-0,5 < @ < < < < < < < < < < < <
0,0-0,5 29• @ < < < < < < < < < < < <
0,0-0,5 < @ < < < < < < < < < < < <
0,5~2,0 < @ < < < < < < < < < < < <
0,5~2,0 < @ < < < < < < < < < < < <
Tabel 7:
analyseresultaten vaste bodem en toetsing locatie A+B
% H* = 10 % L*= 25 monster
gestandaardiseerde resultaten en overschrijdingen toetsingswaarden [BoToVa-toetsing is opgenomen in de bijlage] MM-08 MM-09 MM-10 MM-11 MM-12 MM-13
boring
24+26+29+32
35+38+40
42 t/m 45
42+44+45 48+51+52
46+47+ 49+50
0,5~2,0 < @ < < < < < < < < < < < <
0,5~2,0 < @ < < < < < < < < < < < <
0,0-0,5 < @ < < < < < < < < < < < <
0,5~2,0 < @ < < < < < < < < < < < <
0,0-0,5 < @ < < < < < < < < < < < <
traject (m-mv) arseen barium cadmium chroom kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink PAK (10)-tot. PCB’s min.olie Toelichting: < • •• •••
Tabel 8:
: geen overschrijding van de achtergrondwaarde : overschrijding van de achtergrondwaarde : overschrijding van de tussenwaarde : overschrijding van de interventiewaarde
AWwaarde
½ (AW+I)
Iwaarde
20 @ 0,6 55 15 40 0,15 50 2 35 140 1,5 0,02 190
48 @ 6,8 117,5 118 115 18,08 290 96 67,5 430 20,8 0,51 2595
76 @ 13 180 180 190 36 530 190 100 720 40 1 5000
standaard bodem (mg/kg d.s.) AWwaarde
½ (AW+I)
Iwaarde
20 @ 0,6 55 15 40 0,15 50 2 35 140 1,5 0,02 190
48 @ 6,8 117,5 118 115 18,08 290 96 67,5 430 20,8 0,51 2595
76 @ 13 180 180 190 36 530 190 100 720 40 1 5000
-: niet geanalyseerd @: geen toetsoordeel mogelijk * : lutum- en humusgehalten standaard bodem H : organisch stof L : lutum
zintuiglijke waarnemingen en analyseresultaten vaste bodem (oliecomponenten)
Veldwaarnemingen en verklaring symbolen
gestandaardiseerde resultaten/overschrijding toetsingswaarden [mg/kg d.s.] [BoToVa-toetsing is opgenomen in de bijlage] AW-waarde 190 0,2 0,2 0,2 0,45 ½(AW+I)waarde 2595 0,65 16,1 55,1 8,7 I-waarde 5000 1,1 32 110 17 H* = 10%
O/W test: Aard: B= benzine d = detectiegrens 1= licht D = diesel Ol= olie h = humusstoring 2= matig Br = brandstof 3= sterk zintuiglijke waarnemingen monster max. boring Locatie boordiepte diepte diepte O/W Aard [nr.] [m-mv] [m-mv] [m-mv] Test
bg. tanks
0,0-0,5 < @ < < < < < < < < < < < <
standaard bodem (mg/kg d.s.)
61 62 63 64 67 68
1,7 3,1 2,0 3,0 2,0 3,0
gestuit
geen geen geen geen geen geen
Toelichting bij tabel: < : geen overschrijding van de achtergrondwaarde • : overschrijding van de achtergrondwaarde •• : overschrijding van de tussenwaarde ••• : overschrijding van de interventiewaarde
code
min. olie [GC]
benzeen
tolueen
ethylbenz.
xylenen
0,1-0,3
MM-14
<
<
<
<
<
0,1-0,3
MM-15
<
<
<
<
<
0,1-0,3
MM-16
<
<
<
<
<
-: niet bepaald * : lutum- en humusgehalten standaard bodem H : organisch stof L : lutum MM-14: 61+62-01 MM-16: 67+68-01 MM-15: 63+64-01
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Hellendoornseweg 37 te Marienheem
10
_________________________________________________Hunneman Milieu-Advies__________________
Tabel 9:
analyseresultaten grondwater en toetsing
analyseresultaten (µg/l) peilbuis 7 11 27 filter (m-mv) 1,7-2,7 1,6-2,6 1,6-2,6 pH 7,1 6,9 6,9 EC (µs/cm) 498 734 490 troebelheid [NTU] 5,4 3,8 4,4 grondwater [m-mv] 1,23 1,04 1,06 zware metalen arseen < < < barium 76• 150• 150• cadmium < < < chroom 2,1• 1,7• 1,7• kobalt < < < koper 18• < < kwik < < < lood < < < molybdeen < < < nikkel < < < zink < < < vluchtige aromaten benzeen < < < tolueen < < < ethylbenzeen < < < xylenen (som) < < < styreen < < < naftaleen < < < gechloreerde koolwaterstoffen 1,1-dichloorethaan < < < 1,2-dichloorethaan < < < 1,1-dichlooretheen < < < som C+T 1,2-dichlooretheen < < < dichloormethaan < < < dichloorpropanen < < < tetrachlooretheen (per) < < < tetrachloormethaan (tetra) < < < 1,1,1-trichloorethaan < < < 1,1,2-trichloorethaan < < < trichlooretheen (tri) < < < trichloormethaan (chloroform) < < < vinylchloride < < < < < < minerale olie < < < bromoform Toelichting bij tabel: • : overschrijding van de streefwaarde •• : overschrijding van de tussenwaarde ••• : overschrijding interventiewaarde
toetsingswaarden (µg/l) 34 1,6-2,6 7,1 582 9,0 1,16
Swaarde
½(S+I)
Iwaarde
< < < 3,5• < 23• < < 17• < <
10 50 0,4 1 20 15 0,05 15 5 15 65
35 337,5 3,2 15,5 60 45 0,17 45 152,5 45 432,5
60 625 6 30 100 75 0,30 75 300 75 800
< < < < < <
0,2 7 4 0,2 6 0,01
15,1 503,5 77 35,1 153 35
30 1000 150 70 300 70
< < < < < < < < < < < < < < <
7 7 0,01 0,01 0,01 0,8 0,01 0,01 0,01 0,01 24 6 0,01 50 @
453,5 203,5 5 10 500 40,4 20 5 150 65 262 203 2,5 325 @
900 400 10 20 1000 80 40 10 300 130 500 400 5 600 630
< : geen overschrijding detectiegrens en/of streefwaarde @ : geen toetsoordeel mogelijk -: niet bepaald
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Hellendoornseweg 37 te Marienheem
11
_________________________________________________Hunneman Milieu-Advies__________________
Tabel 10:
analyseresultaten grondwater en toetsing
analyseresultaten (µg/l) peilbuis 40 40her 62 filter (m-mv) 1,7-2,7 1,7-2,7 2,1-3,1 pH 7,0 7,0 6,6 EC (µs/cm) 532 520 812 troebelheid [NTU] 18,6 15 8,2 grondwater [m-mv] 1,24 1,23 1,61 zware metalen arseen < barium 53• cadmium < chroom 15• kobalt < koper 50•• 49•• kwik < lood < molybdeen < nikkel 56•• 57•• zink < vluchtige aromaten benzeen < < tolueen < < ethylbenzeen < < xylenen (som) < < styreen < naftaleen < < gechloreerde koolwaterstoffen 1,1-dichloorethaan < 1,2-dichloorethaan < 1,1-dichlooretheen < som C+T 1,2-dichlooretheen < dichloormethaan < dichloorpropanen < tetrachlooretheen (per) < tetrachloormethaan (tetra) < 1,1,1-trichloorethaan < 1,1,2-trichloorethaan < trichlooretheen (tri) < trichloormethaan (chloroform) < vinylchloride < < < minerale olie < bromoform Toelichting bij tabel: • : overschrijding van de streefwaarde •• : overschrijding van de tussenwaarde ••• : overschrijding interventiewaarde
3.4
64 2,0-3,0 6,6 842 8,6 1,52
toetsingswaarden (µg/l) 68 2,0-3,0 6,4 SI½(S+I) 916 waarde waarde 9,4 1,51
-
-
10 50 0,4 1 20 15 0,05 15 5 15 65
35 337,5 3,2 15,5 60 45 0,17 45 152,5 45 432,5
60 625 6 30 100 75 0,30 75 300 75 800
< < < < <
< < < 0,2 <
0,2 7 4 0,2 6 0,01
15,1 503,5 77 35,1 153 35
30 1000 150 70 300 70
< -
< -
7 7 0,01 0,01 0,01 0,8 0,01 0,01 0,01 0,01 24 6 0,01 50 @
453,5 203,5 5 10 500 40,4 20 5 150 65 262 203 2,5 325 @
900 400 10 20 1000 80 40 10 300 130 500 400 5 600 630
< : geen overschrijding detectiegrens en/of streefwaarde @ : geen toetsoordeel mogelijk -: niet bepaald
Toetsingscriteria en analyseresultaten asbest
Voor asbestonderzoek is de interventiewaarde uit de “Circulaire bodemsanering van 1 juli 2013” voor asbest in grond of puin (100 mg/kg d.s. gewogen) van toepassing. Conform de NEN 5707 wordt in een verkennend onderzoek asbest beoordeeld of sprake is van een verdachte of een onverdachte locatie op het voorkomen van asbest. Het resultaat van het verkennend onderzoek is een uitspraak over de mogelijke verontreiniging van de bodem op basis van verzamelde stukken asbesthoudend materiaal en (meng)monsters grond. Aan de hand van het verkregen indicatieve gehalte aan asbest wordt nagegaan of nader onderzoek al dan niet noodzakelijk is. Door de lagere onderzoeksintensiteit van het verkennend onderzoek kan in deze fase niet direct worden getoetst aan de interventiewaarde. In het verkennend onderzoek wordt het gehalte getoetst aan de interventiewaarde, gecorrigeerd met een factor 2. Deze correctiefactor is een maat voor de betrouwbaarheid van het verkennend onderzoek in relatie tot het nader onderzoek.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Hellendoornseweg 37 te Marienheem
12
_________________________________________________Hunneman Milieu-Advies__________________
Alleen indien in het verkennend onderzoek de onderzoeksintensiteit (hoeveelheid geïnspecteerde grond in de gaten en het aantal analyses) op hetzelfde niveau zit als in het nader onderzoek, dan is een directe toetsing aan de interventiewaarde mogelijk. Indien het asbestgehalte kleiner is dan de helft van de interventiewaarde is het statistisch aannemelijk dat ook in een nader onderzoekstraject de interventiewaarde niet zal worden overschreden. In deze gevallen geldt geen noodzaak tot het uitvoeren van een nader onderzoek asbest. Bij een asbestgehalte groter dan de helft van de interventiewaarde is een nader onderzoek asbest verplicht. De hoogste bepaalde waarde binnen een (deel)locatie is hiervoor bepalend. Toetsing van de concentratie aan respirabele vezels (<0,5 mm) vindt plaats door toetsing van de gemeten concentratie aan de maximale waarde van 10 mg/kg d.s. (gewogen). Bij overschrijding van deze waarde is sprake van ‘onaanvaardbare risico’s buiten’. Uit onderzoek dat TNO (RIVM rapport 711701034/2003) heeft uitgevoerd blijkt dat zelfs voor het meest ‘losse’ niet-hechtgebonden asbest het aandeel aan respirabele vezels nooit meer zal zijn dan 5~10%. Dit betekent dat bij een asbestconcentratie in de grond van 100 mg/kg d.s. de concentratie aan respirabele vezels nooit meer zal zijn dan 5~10 mg/kg d.s.
en derhalve geen sprake is van ‘onaanvaardbare risico’s’ Grond of puin waarin een (gewogen) concentratie asbest boven de interventiewaarde wordt aangetroffen wordt, ongeacht het volume, beschouwd als verontreinigd met asbest. Indien na uitvoering van een nader onderzoek asbest in de grond of puin, een (gewogen) concentratie asbest lager dan de interventiewaarde wordt aangetoond, wordt de bodem als niet verontreinigd aangemerkt. Tabel 11:
analyseresultaten asbest in grond (fase verkennend derhalve indicatieve gehalten)
monstergegevens Monster
Sleuf/MP
traject (m-mv)
Weiland locatie A+B RE-01 1 t/m 6 + 9 t/m 14 0,0-0,5 15 t/m 28 0,0-0,5 RE-02 29 t/m 45 0,0-0,5 RE-03 vm kuilvoerplaats weiland locatie A 7+8+46 t/m 50 0,0-0,5 RE-04 Dammen weiland locatie A 48+51+52 0,0-0,5 RE-08 Drupzones erfgedeelte locatie C 53+54+65+66 0,0-0,2 RE-05 55+56+57 0,0-0,2 RE-06 58+59+60 0,0-0,2 RE-07
analyseresultaten (mg of mg/kg d.s.) materiaalbodem/puin bodem/puin gewogen* monster(s) > 0,5< 20 mm < 0,5 mm asbestgehalte >20 mm (mg) in mg/kg ds. in mg/kg ds. in de bodem
asbesttype soort asbest
H/NH
-
< < <
n.a. n.a. n.a.
< < <
-
-
-
<
n.a.
<
-
-
-
<
n.a.
<
-
-
-
< < <
n.a. n.a. n.a.
< < <
-
-
Toelichting bij tabel: <: kleiner dan bepalingsgrens n.g.: niet geanalyseerd -: niet van toepassing n.a.: niet aangetoond S: serpentijn-asbest H: hechtgebonden asbest SL: sleuf A: amfibool NH: niet hechtgebonden asbest MP: monsterpunt *: gewogen concentratie asbest in de bodem of puin in mg/kg ds. wordt gevormd door de aangetoonde concentratie in het materiaal (verzamel)-monster aan asbestplaatjes in de gegraven monsterpunten en/of sleuven, vermeerderd met de aangetoonde concentratie aan asbest in het bodem/puin (meng)monster.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Hellendoornseweg 37 te Marienheem
13
_________________________________________________Hunneman Milieu-Advies__________________
4
INTERPRETATIE ONDERZOEKSRESULTATEN
In opdracht van de Gemeente Raalte is in juli 2022, door Hunneman Milieu-Advies Raalte BV, een verkennend bodemonderzoek in combinatie met een verkennend asbestonderzoek uitgevoerd op locatie aan de Hellendoornseweg 37 te Mariënheem. Het bodemonderzoek is uitgevoerd naar aanleiding van de voorgenomen transactie en bestemmingswijziging van agrarisch naar wonen en de herontwikkeling van de locatie. Het doel van het onderzoek is het vastleggen van de actuele bodemkwaliteit van de locatie. 4.1
Asbestonderzoek
In de vaste bodem, ter plaatse van het weiland en het erf, zijn geen noemenswaardige bijmengingen met bodemvreemde materialen waargenomen. In de bovengrond, ter plaatse van de gronddammen, zijn zwakke bijmengingen met puin en baksteen waargenomen. Zintuiglijk zijn geen asbestverdachte materialen in of op de bodem aangetroffen. Weiland: locatie A en B In de actuele contactzone binnen RE-01 t/m RE-03 [0,0-0,5 m-mv] is analytisch, in de fractie > 0,5 mm en < 20 mm, geen asbest aangetoond boven de bepalingsgrens. In de fractie < 0,5 mm zijn geen vrije vezels aangetroffen. Ter plaatse van de voormalige kuilvoerplaat (RE-04) en ter plaatse van de gronddammen (RE-08) is in de actuele contactzone [0,0~0,5 m-mv] analytisch, in de fractie > 0,5 mm en < 20 mm, geen asbest aangetoond boven de bepalingsgrens. In de fractie < 0,5 mm zijn geen vrije vezels aangetroffen. Drupzones: locatie C (erf) In de actuele contactzone [0,0-0,2 m-mv] onder de “drupzones” binnen RE-05 t/m RE-07 is, in de fractie > 0,5 mm en < 20 mm, geen asbest aangetoond boven de bepalingsgrens. In de fractie < 0,5 mm zijn geen vrije vezels aangetroffen. 4.2
Vaste bodem en grondwater locatie A en B
In de bovengrondmengmonsters van het weiland (MM-01 t/m MM-05 en MM-10) zijn, met uitzondering van een licht verhoogd gehalte aan arseen in MM-04, geen gehalten aangetoond boven de achtergrondwaarden. Het licht verhoogd aangetoonde gehalte aan arseen overschrijdt de achtergrondwaarde, maar blijven ruim beneden de tussenwaarde. In de bovengrondmengmonsters van de gronddammen (MM-12) en de voormalige kuilvoerplaat (MM-13) zijn, van de geanalyseerde parameters geen gehalten aangetoond boven de achtergrondwaarden. In de ondergrondmengmonsters van het weiland (MM-06 t/m MM-09) zijn, van de geanalyseerde parameters, geen gehalten aangetoond boven de achtergrondwaarden. In het grondwater (peilbuis 7, 11, 27, 34 en 40) zijn, met uitzondering van matig verhoogde gehalten aan koper en nikkel in peilbuis 40, geen tot licht verhoogde gehalten aan zware metalen aangetoond. De matig verhoogd aangetoonde gehalten aan koper en nikkel overschrijden de tussenwaarden, maar blijven beneden de interventiewaarden. De matig verhoogd aangetoonde gehalten zijn middels een herbemonstering bevestigd.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Hellendoornseweg 37 te Marienheem
14
_________________________________________________Hunneman Milieu-Advies__________________
4.3
Vaste bodem en grondwater erflocatie (locatie C)
Zintuiglijk zijn in de vaste bodem, ter plaatse van de huidige en voormalige bovengrondse tanks, geen oliecomponenten waargenomen. Analytisch zijn in de vaste bodem, ter plaatse van de huidige en voormalige bovengrondse tanks (boring 61 t/m 64 en 67 en 68), geen verhoogde gehalten aan minerale olie en vluchtige aromaten aangetoond. In het grondwater uit peilbuis 62, 64 en 68, ter plaatse van de huidige en voormalige bovengrondse tanks, zijn geen gehalten aan minerale olie en vluchtige aromaten aangetoond boven de streefwaarden. 4.4
Samenvattende conclusies
Weiland (locatie A+B) zintuiglijk en analytisch is in de actuele contactzone geen asbest aangetroffen; in de bovengrond zijn geen tot lokaal een licht verhoogd gehalte aan arseen aangetoond. Het aangetoonde gehalte vormt geen aanleiding tot nader onderzoek; in de ondergrond zijn geen gehalten aangetoond boven de achtergrondwaarden; in het grondwater zijn overwegend geen tot licht verhoogde gehalten aan zware metalen aangetoond. Lokaal zijn matig verhoogde gehalten aan koper en nikkel aangetoond. De matig verhoogd aangetoonde gehalten zijn middels een herbemonstering bevestigd en vormen geen aanleiding tot nader onderzoek. Erflocatie (locatie C) zintuiglijk en analytisch is ter plaatse van de drupzones geen asbest aangetroffen; zintuiglijk en analytisch zijn in de vaste bodem, ter plaatse van de huidige en voormalige bovengrondse tanks, geen oliecomponenten aangetroffen; in het grondwater zijn geen noemenswaardig verhoogde gehalten aan oliecomponenten aangetoond.
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Hellendoornseweg 37 te Marienheem
15
BIJLAGE 1 Kadastraal overzicht
Kadastrale kaart
Uw referentie: 220706
Deze kaart is noordgericht
12345 25
Schaal 1: 3000
Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens
Kadastrale gemeente Sectie Perceel
Raalte P 2033
Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 15 augustus 2022 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers
Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.
BIJLAGE 2 Boorbeschrijvingen
01
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
04 0
-50
50
-90
100
150
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
0
-50
-90
100
4 -200
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
02
gras / cm t ov m aaiveld 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
-90
100
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
05 0
-50
50
-200
200 t ype dat um boorm eest er
0
150
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, oranje, ow: geen, edelm an
0
-50
50
-90 100
150 4
4 -200
200
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
03
gras / cm t ov m aaiveld 1
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
06 0
-50 2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
-90
150
gras / cm t ov m aaiveld
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
50
100
-200
200 t ype dat um boorm eest er
0
1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, oranje, ow: geen, edelm an
0
-50
50
-90 100
150 4
4 -200
200 t ype dat um boorm eest er
2
50
4
t ype dat um boorm eest er
1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
150
200 t ype dat um boorm eest er
gras / cm t ov m aaiveld
0
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
-200
200 t ype dat um boorm eest er
N EN /V OA H e lle n d oor n se w e g 3 7 , M a r ie n h e e m . 220706 N EN 5 1 0 4
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
07
1
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, oranje, ow: geen, edelm an
10
-50
50
gras / cm t ov m aaiveld
0
0
1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, oranje, ow: geen, edelm an
-50
50
-90 100
0
-90 100
150
150
170
4
4 -200
200
-200
200
zand, zeer fijn, m at ig silt ig, neut raal crem e, grijs, ow: geen, zuigerboor handm at ig
t ype dat um boorm eest er
250
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
-270
270 t ype dat um boorm eest er
p e ilb u is m e t 1 f ilt e r 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
11
1
gras / cm t ov m aaiveld
0
08
1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
-50
50
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
50
-90
100 -50
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, oranje, ow: geen, edelm an
150 -90
100
160 4 -200
200
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal crem e, grijs, ow: geen, zuigerboor handm at ig
150 4
250 -260
260 200 t ype dat um boorm eest er
0
-200 t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
p e ilb u is m e t 1 f ilt e r 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
12
09
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, oranje, ow: geen, edelm an
50
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
0
50
-50
-50
-90 100
0
-90
100
150 150 4 4 200 200 t ype dat um boorm eest er
-200
-200 t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
N EN /V OA H e lle n d oor n se w e g 3 7 , M a r ie n h e e m . 220706 N EN 5 1 0 4
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
13
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
16 0
-50
50
-90
100
150
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
0
-50
-90
100
4 -200
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
14
gras / cm t ov m aaiveld 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
-90
100
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
17 0
-50
50
-200
200 t ype dat um boorm eest er
0
150
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
0
-50
50
-90
100
150 4
4 -200
200
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
15
gras / cm t ov m aaiveld 1
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
18 0
-50 2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
-90
150
gras / cm t ov m aaiveld
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
50
100
-200
200 t ype dat um boorm eest er
0
1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
0
-50
50
-90
100
150 4
4 -200
200 t ype dat um boorm eest er
2
50
4
t ype dat um boorm eest er
1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
150
200 t ype dat um boorm eest er
gras / cm t ov m aaiveld
0
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
-200
200 t ype dat um boorm eest er
N EN /V OA H e lle n d oor n se w e g 3 7 , M a r ie n h e e m . 220706 N EN 5 1 0 4
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
19
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, oranje, ow: geen, edelm an
22 0
-50
50
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, oranje, ow: geen, edelm an
-50
50
-90 100
-90 100
150
150 4
4 -200
200 t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
20
gras / cm t ov m aaiveld 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, oranje, ow: geen, edelm an
g r on d b or in g 0 5 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
23 0
-50
50
-200
200 t ype dat um boorm eest er
0
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, oranje, ow: geen, edelm an
-90 100
150
150 4
4 -200
200
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
21
gras / cm t ov m aaiveld 1
-200
200 t ype dat um boorm eest er
0
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
24 0
-50 2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, oranje, ow: geen, edelm an
gras / cm t ov m aaiveld
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
50
1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, oranje, ow: geen, edelm an
-90 100
150
0
-50
50
-90 100
150 4
4 -200
200 t ype dat um boorm eest er
0
-50
50
-90 100
t ype dat um boorm eest er
0
g r on d b or in g 0 5 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
-200
200 t ype dat um boorm eest er
N EN /V OA H e lle n d oor n se w e g 3 7 , M a r ie n h e e m . 220706 N EN 5 1 0 4
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
25
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
28 0
-50
50
-90
100
150
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
0
-50
-90
100
4 -200
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
26
gras / cm t ov m aaiveld 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
-90
100
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
29 0
-50
50
-200
200 t ype dat um boorm eest er
0
150
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
0
-50
50
-90
100
150 4
4 -200
200
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
g r on d b or in g 0 5 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
30 0
-50 2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
-90
150
gras / cm t ov m aaiveld
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
50
100
-200
200 t ype dat um boorm eest er
27
1
2
50
4
t ype dat um boorm eest er
1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
150
200 t ype dat um boorm eest er
gras / cm t ov m aaiveld
0
1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
0
-50
50
-90
100
150
160 4
4 -200
200
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, zuigerboor handm at ig 250 -260
260 t ype dat um boorm eest er
p e ilb u is m e t 1 f ilt e r 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
-200
200 t ype dat um boorm eest er
N EN /V OA H e lle n d oor n se w e g 3 7 , M a r ie n h e e m . 220706 N EN 5 1 0 4
g r on d b or in g 0 5 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
31
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, donker geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, geel, ow: geen, edelm an
gras / cm t ov m aaiveld
0
-50
50
34
1 0
1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, oranje, ow: geen, edelm an
-50
50
-90 100
0
-90 100
150
150 160 4
4 -200
200 t ype dat um boorm eest er
-200
200
zand, zeer fijn, m at ig silt ig, neut raal crem e, grijs, ow: geen, zuigerboor handm at ig
g r on d b or in g 0 5 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
250 -260
260 t ype dat um boorm eest er
32
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
0
35
-50
50
p e ilb u is m e t 1 f ilt e r 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
-90
100
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
50
0
-50
150
-90 100 4 -200
200
150 t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 0 5 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
4 200 t ype dat um boorm eest er
33
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
0
36
-50
50
-200
g r on d b or in g 0 5 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
-90 100 3
gras / cm t ov m aaiveld
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
50
0
-50
-90
150 100 4 -200
200
150 t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 0 5 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
4 200 t ype dat um boorm eest er
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
N EN /V OA H e lle n d oor n se w e g 3 7 , M a r ie n h e e m . 220706 N EN 5 1 0 4
-200
g r on d b or in g 0 5 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
37
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
gras / cm t ov m aaiveld
0
-50
50
40
1 0
1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
-50
50
-90 100
-90 100
150
150 170
4 -200
200 t ype dat um boorm eest er
0
4 -200
200
zand, zeer fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, zuigerboor handm at ig
g r on d b or in g 0 5 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
250 -270
270 t ype dat um boorm eest er
38
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
0
41
-50
50
p e ilb u is m e t 1 f ilt e r 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
-90 100 3
gras / cm t ov m aaiveld
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, donker geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, geel, ow: geen, edelm an
50
0
-50
150
-90 100
4 -200
200 t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 0 5 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
150 4 200 t ype dat um boorm eest er
39
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, grijs, ow: geen, edelm an
0
42
-50
50
-200
g r on d b or in g 0 5 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
-90
100 3
gras / cm t ov m aaiveld
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal oranje, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, wit , ow: geen, edelm an
50
-50
150
-200
200 t ype dat um boorm eest er
-90
100
4
0
g r on d b or in g 0 5 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
150 4 200 t ype dat um boorm eest er
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
N EN /V OA H e lle n d oor n se w e g 3 7 , M a r ie n h e e m . 220706 N EN 5 1 0 4
-200
g r on d b or in g 0 5 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
43
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal oranje, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, wit , ow: geen, edelm an
46 0
-50
50
-90
100
150
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, oranje, ow: geen, edelm an
0
-50
-90 100
4 -200
g r on d b or in g 0 5 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
44
gras / cm t ov m aaiveld 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal oranje, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, wit , ow: geen, edelm an
-90
100
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
47 0
-50
50
-200
200 t ype dat um boorm eest er
0
150
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, oranje, ow: geen, edelm an
0
-50
50
-90 100
150 4
4 -200
200
g r on d b or in g 0 5 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
45
gras / cm t ov m aaiveld 1
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
48 0
-50 2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal oranje, grijs, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, wit , ow: geen, edelm an
-90
gras / cm t ov m aaiveld
0
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep
50
100
-200
200 t ype dat um boorm eest er
0
1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, zwak puin, schep, bakst een
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
0
-50
50
100 3
150
-90
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
150 4
4 -200
200 t ype dat um boorm eest er
2
50
4
t ype dat um boorm eest er
1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
150
200 t ype dat um boorm eest er
gras / cm t ov m aaiveld
0
g r on d b or in g 0 5 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform
-200
200 t ype dat um boorm eest er
N EN /V OA H e lle n d oor n se w e g 3 7 , M a r ie n h e e m . 220706 N EN 5 1 0 4
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
49
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, oranje, ow: geen, edelm an
52 0
-50
50
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, zwak puin, schep, bakst een
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
-50
50
-90 100
100 3
150
-90
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal grijs, ow: geen, edelm an
150 4
4 -200
200 t ype dat um boorm eest er
0
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
t ype dat um boorm eest er
50
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, schep,
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
3
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, oranje, ow: geen, edelm an
klinker / cm t ov m aaiveld
0 1 50
0 -7
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, schep -50
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal bruin, ow: geen, edelm an -90
100
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
53 0
-50
50
-200
200
t ype dat um boorm eest er
-70
g r on d b or in g 0 5 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
150 4 -200
200 t ype dat um boorm eest er
54
klinker / cm t ov m aaiveld
0
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
1 50
0 -7
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, schep -50
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal bruin, ow: geen, edelm an
51
gras / cm t ov m aaiveld
0 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, donker bruin, ow: geen, zwak puin, schep, bakst een
2
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, zwak hum eus, neut raal bruin, geel, ow: geen, edelm an
t ype dat um boorm eest er 0
-50
50
100
55 1
zand, m at ig fijn, m at ig silt ig, neut raal geel, ow: geen, edelm an
50
150 t ype dat um boorm eest er
4 -200
200 t ype dat um boorm eest er
g r on d b or in g 0 4 -0 7 -2 0 2 2 J. Post m a
bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform