CConstaterende datRaalte
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 advies Het Oversticht

Raadsvergadering 17 juni 2021, gemeente RaalteBij agendapunt: Vaststellen verklaring van geen bedenkingen voor zonnepark Reko-plas (hamerstuk)1.916 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente Raalte t.a.v. mevrouw M. van der Veen Postbus 140 8100 AC Raalte Zwolle, 11 maart 2021 Kenmerk: 024.21/mve Betreft: ruimtelijk advies drijvend zonnepark op oude zandwinplas, Oude Twentseweg Inlichtingen bij: I. Nij Bijvank-van Herel Geachte mevrouw Van der Veen, In het kader van de aanvraag drijvend zonnepark op de oude zandwinplas, Oude Twentseweg, ook bekend als Reko plas, heeft u gevraagd een onafhankelijk ruimtelijk advies te geven. Door Sweco is voor deze locatie een plan opgesteld waarbij afstemming is gezocht met de omwonenden. U vraagt ons te beoordelen of de locatie passend is in het landschap, en waar mogelijk een positieve bijdrage kan leveren aan het landschap. In aanvulling hierop welke ruimtelijke randvoorwaarden aan de locatie gesteld moet worden. Deze voorwaarden zijn ingrediënten in de balans die wordt gevraagd vanuit het beleid Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving (KGO). De schaal van de ingreep op de locatie vraagt naast een basisinpassing om een extra investering in kwaliteit. Nieuwe ontwikkelingen in het landschap vragen om een integrale aanpak. De opgaven voor landschap, economie en een gezonde leefomgeving komen hierin samen. Deze opgaven kun je niet los van elkaar zien.

Een transformatie biedt ook kansen om landschappen een impuls te geven, de ontsluiting te verbeteren of de biodiversiteit te vergroten, in aansluiting op de historische kenmerken, of op vernieuwende wijze. Het gesprek over die meerwaarde moet breed worden gevoerd. Pas dan kan voor bewoners in de gemene deler een positief gevoel ontstaan over de transformatie. Voor deze ontwikkeling geldt naast de KGO het vastgestelde beleid van de ‘de zonneladder’. Hierin wordt gesteld dat binnen de doelstellingen van duurzaamheid de mogelijkheden van zon op de daken en de mogelijkheden van zon in combinatie met andere vergelijkbare functies en/of type gebieden optimaal moeten worden benut. Pas daarna kan verkend worden op agrarische gronden waarbij kwalitatief goede landbouwgronden moeten worden ontzien.

Aan de Stadsmuur 79-83 Postbus 531, 8000 AM Zwolle 038 – 4213257 mail@hetoversticht.nl www.hetoversticht.nl KvK BTW IBAN

40059486 NL0026.45.440.B01 NL47RABO0184885671

Conclusie advies Het initiatief met de zonnepanelen op de voormalige zandwinplas sluit aan bij de ‘zonneladder’ en bij ‘zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik’. De voormalige winningslocatie is te definiëren als een ‘bruikbare restruimte’ en kan een vervolgfunctie krijgen waarbij tevens positief aan kwaliteit van landschap en natuur kan worden bijgedragen. Het plan is omzoomd met een dichte landschappelijke aanplant. Het plan dat inzet op herstel van achterstallig onderhoud en vervolgens op een duurzaam beheer gericht op natuurontwikkeling zal voor de langere termijn landschappelijk en voor biodiversiteit een meerwaarde genereren. De panelen bedekken een groot gedeelte van het wateroppervlak wat mogelijk een negatief effect heeft op de waterkwaliteit voor de langere termijn. Ook ligt het zonneveld op sommige plekken dicht op de oever. Hierin moet een betere balans worden gevonden. Dit sluit niet aan bij de uitgangspunten van de Handreiking zonnevelden van de provincie. Vanuit de KGO kan worden ingezet op bijvoorbeeld een koppeling met het NNN, en de zone Ondernemen met natuur en water aan de noordzijde door aanplant van enkele perceelsgrenzen, voor de droge dooradering, en de aanleg van enkele natte laagtes of poelen.

Het initiatief sluit ook aan bij uw ambities waarin u ruimte vraagt voor een dialoog met de omwonenden met hierin afstemming over een goede verdeling van de lusten en lasten. Deze dialoog wordt ook gevoerd met de direct omwonenden en de wensen zijn verwerkt in het voorliggende plan. Zo komt er geen verdere recreatieve ontsluiting en zal de plas niet geheel worden verondiept met grond van elders. In samenspraak met de omwonenden wordt een beheerplan opgesteld voor het achterstallig onderhoud. Deze afstemming vergroot de betrokkenheid en het draagvlak van omwonenden bij de planontwikkeling van het gebied. De KGO kan ook worden ingezet op een evenwichtige verdeling van lusten en lasten door realisatie van maatschappelijke meerwaarde in bredere zin, in relatie met het dorp Lemelerveld, of het bedrijventerrein. Dit is in het plan niet uitgewerkt. Het is aan de gemeente hoever zij hierin wil gaan.

Pagina 2 van 10

Onderbouwing advies Beleid landschap Omgevingsvisie Het groene en agrarische karakter van het buitengebied is de kern van de identiteit. In de toekomst is het buitengebied een divers productie- en werklandschap met toekomstbestendige landbouw, maar waar ook gewoond wordt en aandacht is voor natuur- en landschapswaarden. Innovatie, technologie, klimaatdiensten en duurzame energieopwekking maken nadrukkelijk onderdeel uit van het nieuwe verdienmodel van het buitengebied. De energietransitie zal voor een groot deel in het buitengebied landen en een belangrijke veranderkracht vormen voor de toekomst van het landelijke gebied. LOP Salland In het landschapsontwikkelingsplan is het gebied ondergebracht in het zandlandschap; dekzandvlakte en dekzandlaagte. De locatie ligt in de dekzandvlakte waarin het accent ligt op de versterking van het landschappelijk raamwerk (open ruimtes met beplanting op erven, langs wegen, kavelgrenzen). In beide landschappen zijn de lanen belangrijke dragers.

Pagina 3 van 10

Beschrijving landschap De locatie ligt ten zuiden van de kern Lemelerveld, iets ten oosten van de N348. Het landschap wordt ook wel geduid als een jonge heide-ontginning. De waterplas is in fasen ontstaan. Eerst het zuidelijke deel in de jaren ’80 en daarna het noordelijke deel begin jaren ’90. Het landschap was voor de ontginning redelijk besloten door aanplant van perceelsgrenzen met singels en bomenrijen. Het Schanebroek ten noorden was meer open.

Afbeelding: situatie jaren ’30 met het natte open heidegebied het Schanebroek ten noorden (nu onderdeel van het NNN) en in de zone van de plas aanplant van perceelsgrenzen met singels en bomenrijen.

Pagina 4 van 10

Afbeelding: voormalige zandwinplas in de huidige situatie met landschappelijke inkadering, achterstallig in onderhoud (Het Oversticht). Pagina 5 van 10

Advies landschap Bij deze opgave is een stapsgewijze verkenning gedaan vanuit de ‘de zonneladder’. Er wordt ingezet op zorgvuldig ruimtegebruik en de ontwikkeling van meerwaarde. Het zonneveld ligt ingebed in een structuur van een ‘groene kamer’. Hierdoor zal het zonneveld vrijwel jaarrond aan het zicht onttrokken worden. Deze structuur draagt voor een groot deel bij aan de gevraagde basisinspanning. In de huidige staat is het onderhoud zeer achterstallig. Delen zijn overwoekerd door opslag van onder andere braam. Het plan zet in op herstel van een gevarieerde struik en boomlaag. Aanvullend wordt een beheerplan, gericht op inheemse soorten en ontwikkeling van biodiversiteit, opgesteld. Dit is een positieve ontwikkeling. Het draagt bij aan de inpassing van het drijvende veld, versterking van de landschappelijke kwaliteit en de biodiversiteit Wij vragen aanvullend voor de basisinspanning de volgende ruimtelijke randvoorwaarden: •

•

Een nadere uitwerking van de toegang van het zonneveld met de hekwerken (mogelijk moet het zonneveld als geheel omheind worden vanwege beveiliging), de positie van de transformatoren en het schakelhuis: o

De technische installaties moeten worden gesitueerd aan de binnenzijde van het terrein, de kleurstelling moet zorgvuldig worden gekozen. Landschappelijk gezien is een donkere, grijszwarte of groene tint het minst opvallend. De kleurkeuze is afhankelijk van de positie van de objecten en de technische vereisten van de ‘kasten’. De ‘kasten’ mogen niet te heet worden. In overleg moet worden gezocht naar een tint die functioneel is en goed past in de omgeving. De donkere grijstinten RAL 7016 of 7021 zijn neutraal.

o

Wanneer een hekwerk nodig is moet dit passeerbaar zijn voor kleinwild. Ook is het wenselijk aan de zijden van het hekwerk voldoende ruimte te behouden langs/in de bosschages voor de passage van het grootwild. Het hekwerk bij voorkeur van houten staanders met een schapengaas. Prikkeldraad is niet wenselijk.

De gekozen oppervlakte aan panelen, zoals in de afbeelding weergegeven, betreft meer dan de helft van het wateroppervlak. Ook liggen de panelen op enkele plekken dicht tegen de oeverlijn aan, daar waar het water mogelijk meer ondiep is. Dit sluit niet aan bij de voorwaarden die worden gesteld vanuit het provinciale beleid (Handreiking zonnepanelen, april 2020): o

Er moet een aanvullende onderbouwing komen voor het maximale oppervlak aan panelen waarbij een optimale waterkwaliteit gegarandeerd kan worden. Wij adviseren vervolgens de waterkwaliteit voor en na de aanleg te monitoren en wanneer nodig de maat van het veld aan te passen.

o

Aan de randen moet voldoende oeverruimte behouden blijven voor natuurontwikkeling. Zo kunnen enkele delen van de oever meer vlak worden aangelegd voor de ontwikkeling van een nieuw biotoop wat meerwaarde geeft voor de biodiversiteit (bij voorkeur gericht op het zuiden, enkele vlakke zandige delen). De grond hiervoor moet uit het gebied zelf beschikbaar komen, niet van elders. Pagina 6 van 10

Afbeelding: natuurnetwerk en Ondernemen met Natuur en Water, vrijwel aansluitend op het gebeid ten noorden (bron: Provincie Overijssel).

Pagina 7 van 10

Afbeelding: voorstel zonneveld op het water (bron Sweco ontwerpnotitie)

Pagina 8 van 10

Wij vragen aanvullend voor de KGO de volgende ruimtelijke randvoorwaarden: •

Ontwerpen in de koppeling van opgaven/kansen die er liggen in het gebied. Hierbij gaat het vooral over de kwaliteit die op de langere termijn wordt gegenereerd voor het gebied in relatie tot de omgeving. Het ontwerp moet landschappelijk robuust zijn en bijdragen aan een raamwerk, passend bij het deelgebied, dat na verwijdering van de panelen op zichzelf een waardevolle aanvulling is op het landschap. Deze ontwikkeling zou onderdeel kunnen uitmaken van andere ontwikkelingen in het gebied: o

Voor de invulling van de KGO kan ook navraag gedaan worden bij de gemeente en provincie of er opgaven liggen waarmee een koppeling kan worden gemaakt. Dit kan op een locatie nabij, of in de buurtschappen. Lemelerveld dorp en Lemelerveld bedrijventerrein liggen nabij ten noorden. Ook biedt een koppeling met zones zoals het NNN en de zone Ondernemen met natuur en water mogelijkheden voor het creëren van meerwaarde. Zo zou een robuuste koppeling gemaakt kunnen worden met het gebied ten noorden door aanplant van enkele perceelsgrenzen die liggen tussen de ontwikkellocatie en het NNN en de Zone ondernemen met natuur en water (grond van aanwonenden). Dit sluit ook aan bij de ambities provinciaal van een ‘droge dooradering’ (Natuurbeheerplan Overijssel). Ook zouden enkele natte laagtes of poelen als ‘stapstenen’ ontwikkeld kunnen worden in deze tussenzone.

•

De omwonenden hebben aangegeven dat zij ontsluiting van het gebied niet wenselijk vinden. Deze wens is begrijpelijk. De woningen liggen verspreid in de landschappelijke rand, de erven liggen tot aan de oever van de plas. Het gebied op zichzelf, als rustgebied, kan van positieve waarde zijn voor de ontwikkeling van natuurwaarden.

•

Het nieuwe beheer kan (deels) worden ingezet op een assortiment van ‘voedselbos’. Waarbij een grote mate van biodiversiteit wordt ontwikkeld (verschillende lagen van aanplant met het accent op bloeiwijze en vruchten dragen hieraan bij). Deze type van herontwikkeling van bosschages is nog in experimentele fase, maar her en der zijn al goede voorbeelden en ervaringen. Een deel van het groene raamwerk zou hiervoor specifiek benut kunnen worden.

•

Monitoring van de waterkwaliteit en de ontwikkeling van de biodiversiteit op het terrein na herstel van het achterstallig onderhoud en na de inzet van het nieuwe beheer. Deze ervaring kan worden gedeeld met derden en daarmee bijdragen aan de bredere discussie over de ontwikkeling van zonwinning in relatie tot andere waarden. Bewoners, vrijwilligers kunnen monitoren in nauwe samenwerking met partijen die kennis hebben op het vlak van natuurbeheer (flora en fauna).

Pagina 9 van 10

Landschap is continu in verandering, de transitie van energie zal daaraan bijdragen. Wij zijn ervan overtuigd dat een integrale aanpak voor de locatie op zichzelf en in relatie tot de aanliggende gronden en buurtschappen, op de langere termijn aan kwaliteit kan opleveren. De zoektocht en het ontwerp in een koppeling van kansen is een uitdagende opgave om samen voor te gaan, Met vriendelijke groet,

Ingrid Nij Bijvank-van Herel Ervenconsulent

Pagina 10 van 10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Raalte&id=d19947d1-3efb-45e3-9f88-2cf075c82bf1