Bijlage 18 Brieven reacties omgeving (geanonimiseerd)
Tekst van het document
Spoed informatie voor het college van burgemeester en wethouders Aan de gemeenteraad en aan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Raalte Postbus 140 8100 AC Raalte
Betreft: plan voor “energielandgoed” op landbouwgronden in coulisselandschap Datum: 19 mei 2025 spoed verzoek om afwijzing Geachte leden van de raad, geacht college, Aan het college verzoeken wij u om deze brief te betrekken bij uw vergadering van 20 mei as. Wij hebben u in maart 2025 naar aanleiding van verschillende adviezen van het Oversticht gevraagd om definitief af te zien van de plannen om grootschalige zonneparken te ontwikkelen in ons kleinschalige coulisselandschap. Bijgaand treft u deze brief nog eens aan (bijlage 1). Wij verzoeken u om hiervan kennis te nemen. Leest u deze brief aub zorgvuldig door. Nu hebben wij inmiddels begrepen dat het Oversticht in april 2025 een positief advies heeft uitgebracht. Het Oversticht is positief over de wijzigingen die zijn aangebracht in de loop van het participatie en ontwerpproces. Nu is het punt dat wij als omwonenden noch in 2024, noch in 2025 met de ontwikkelaar of de ontwerper van de ontwikkelaar hebben gesproken. Vanaf het moment dat de provincie Overijssel een voorbereidingsbesluit heeft genomen waarin staat dat er geen zonneparken in het buitengebied meer mogen worden ontwikkeld, hebben wij geen enkel contact meer gehad met de ontwikkelaar van de zonneparken. Die is op eigen houtje aan het lobbyen geslagen, buiten ons als omwonenden om.
De indruk wordt evenwel gewekt dat wij als omwonenden wél zouden hebben meegepraat over de landschappelijke aanpassingen en dat is evident onwaar. In het advies van Oversticht staat het volgende: Wij zijn positief over de aanpassingen die zijn gedaan vanuit de ingrediënten die zijn aangedragen vanuit de bewoners. Dat klopt dus niet. Voor het Oversticht is het essentieel dat wij als bewoners betrokken zouden worden bij de landschappelijke inpassing. Dat blijkt ook uit het advies van het Oversticht van december 2025, dat overigens ook niet met ons is gedeeld. Hiervoor moest een Woo-verzoek worden ingediend. In dit advies overwoog het Oversticht als volgt: “omdat wij als organisatie staan voor de kwaliteit van de leefomgeving in algemene zin gaan wij aanvullend op uw specifieke vragen graag in op het onderstaande. In het basisuitgangspunt “dialoog met de omgeving” wordt aandacht besteed aan “hoe het zonnepark zo goed mogelijk in het landschap past en de inpassing wordt samen met de omwonenden vormgegeven”. Dit uitgangspunt raakt direct aan de inpassing passend bij de omgeving. Waar zorg voor belevingskwaliteit onderdeel is van een kwalitatief goede en bij de locatie passende inrichting van het zonneveld. Vanuit de dialoog worden ingrediënten aangedragen die van invloed zijn op de ruimtelijke uitwerking die een initiatiefnemer vervolgens doet.
Het Oversticht kijkt enerzijds vanuit de kenmerken en waarden van (historische) landschappen en adviseert hoe nieuwe ontwikkelingen met respect hierin kunnen plaatsvinden op de schaal van het landschap als geheel, de plek in relatief tot de omgeving en de plek zelf. Dit betreft het fysieke landschap. Anderzijds staat het Oversticht ook voor de kwaliteit van de leefomgeving. Daarin staan de
Spoed informatie voor het college van burgemeester en wethouders burgers die het landschap beleven centraal. We werken voor hen dagelijks aan een aangename leefomgeving. De toets van een inrichtingsplan kan dan naar ons gevoel niet volledig zijn zonder kennis te nemen van de ingrediënten die ons worden aangedragen in de dialoog met de bewoners. De toets aan het tweede uitgangspunt is voor ons dan ook onlosmakelijk verbonden met de toets van het eerste uitgangspunt verbonden. Bij de beoordeling van het gewijzigde inrichtingsplan in een volgende fase van het planproces hebben wij dan ook graag inzicht in de ingrediënten die zijn aangedragen door de bewoners en de keuzes die daarop vervolgens ruimtelijk zijn gemaakt. Het gaat daarbij niet om het individuele maar de gezamenlijke waarden in beleving. Wij hebben in onze brief van maart 2025 erop gewezen dat er reeds anderhalf jaar geen enkele dialoog meer heeft plaatsgevonden. Ook nadien heeft geen enkele dialoog plaatsgevonden, terwijl bij het Oversticht kennelijk die suggestie wél is gedaan. Sterker nog, dát lijkt een belangrijke reden dat het advies ineens positief is geworden. Kennelijk denkt het Oversticht dat wij, met het geven van feedback, ervoor hebben gezorgd dat onze leefomgeving aangenaam blijft. Niets is minder waar.
Wij achten het zeer zorgelijk en ook onrechtmatig dat het Oversticht door de ontwikkelaar op het verkeerde been is gezet. Wij voelen ons als omwonenden niet alleen, niet serieus genomen, maar wij zijn nu ook ontzettend geschrokken omdat feiten kennelijk niet meer waarheidsgetrouw behoeven te zijn. Deze Amerikaanse toestanden passen niet in onze Nederlandse en Raaltense cultuur. Dat is ook de reden dat wij recent contact opgenomen hebben met het Oversticht. Wij willen graag aan het Oversticht, vanuit onze eigen leefsituatie, laten zien welke grote nadelige consequenties de komst van de grootschalige zonneparken heeft. Het Oversticht staat hiervoor open en heeft ook laten weten geen goed gevoel te hebben bij het verloop van dit proces en bij het laatste advies. Het Oversticht was in de veronderstelling dat wij als omwonenden hebben meegepraat. Wij kunnen u laten weten: wij hebben hierin geen enkele rol gespeeld. Nu heeft uw gemeente aan het Oversticht geen toestemming gegeven om keukentafel gesprekken te houden. Dit bevestigt ons wantrouwen. Wat is toch de reden dat de komst van deze zonneparken, ondanks drie negatieve adviezen van het Oversticht, er moeten komen. Het is een zeer onwenselijk en achterhaald verschijnsel dat ons prachtige landschap zal verzieken. Wij hebben ook geprobeerd om hierover met u in gesprek te komen.
U bent niet bereid om gespreksverslagen te maken omdat u stelt dat het wel duidelijk is dat omwonenden tegen de komst van de parken zijn. Punt is dat het ook duidelijk moet zijn waarom. In elk geval is het van belang om de feiten inzichtelijk te hebben én met elkaar vast te stellen. Gezien het voorgaande verzoeken wij u om pas op de plaats te maken en om het Oversticht het toe te staan om eerst contact met ons te zoeken. Dank voor uw aandacht in deze, Hoogachtend, Namens Werkgroep De Velner Vertegenwoordigers van de omwonenden namen bij de gemeente bekend.
Gemeente Raalte Aan: College van Burgemeester en Wethouders Zwolsestraat 16 8101 AB Raalte CC: aan de gemeenteraad. Betreft: Oneerlijke behandeling particuliere zonnepaneelbezitters t.o.v. gesubsidieerde zonneparken Geacht college, Met deze brief wil ik mijn zorgen uitspreken over een groeiende ongelijkheid binnen de energietransitie. Deze ongelijkheid ontstaat tussen burgers die zelf investeren in zonnepanelen en grootschalige zonneparken die met publieke middelen worden ondersteund via de SDE-subsidie. Ik richt me tot u als lokaal bestuur, omdat u mogelijk voornemens bent om een grootschalig zonnepark initiatief te vergunnen tussen Raalte en Heino. Voor mijn gevoel is dit niet de juiste maatschappelijke keuze. Hieronder ligt ik toe waarom dit het geval is. Tot voor kort vormde de salderingsregeling een belangrijke prikkel voor huishoudens om zelf duurzame stroom op te wekken. Deze regeling bood een eerlijke terugleververgoeding en maakte het mogelijk om te investeren in zonnepanelen met een redelijk terugverdienmodel. Inmiddels is echter aangekondigd dat de salderingsregeling wordt afgeschaft, en sommige energieleveranciers brengen zelfs terugleverkosten in rekening wanneer het net overbelast raakt of de stroomprijs negatief is. Tegelijkertijd worden grootschalige zonneparken nog steeds financieel ondersteund via de SDE-regeling.
Hierdoor ontvangen deze partijen een gegarandeerde vergoeding, ook op momenten waarop de stroomprijs laag of zelfs negatief is. Dit verschil in behandeling is in mijn ogen niet langer rechtvaardig. Particuliere opwekkers worden nu blootgesteld aan marktrisico’s waar zij geen invloed op hebben, zoals negatieve uurprijzen of netcongestie. Grootschalige aanbieders worden daarentegen beschermd door een vangnet dat met publieke middelen wordt gefinancierd. Dat voelt niet alleen onrechtvaardig, maar ondermijnt ook het draagvlak onder inwoners om te investeren in eigen opwek. Daarnaast wil ik uw aandacht vragen voor het ruimtebeslag van zonneparken op landbouwgrond. Juist in een tijd waarin boeren in onze regio onder druk staan om te extensiveren en duurzamer te werken, is vruchtbare grond hard nodig voor voedselproductie en natuurvriendelijker landbouw. Wanneer grote lappen grond worden gebruikt voor zonneparken, gaat deze mogelijkheid verloren. Dat is een gemiste kans, zeker
omdat diezelfde gronden ook ingezet kunnen worden voor het telen van gewassen die gebruikt worden als biobased grondstoffen – een sector die niet alleen bijdraagt aan klimaatdoelen, maar ook aan een circulaire economie. Door zonneparken op landbouwgrond toe te staan, raken we dubbel uit balans: duurzame energie wordt ongelijk ondersteund, en waardevolle gronden worden onttrokken aan landbouwkundige én maatschappelijke functies. Eventueel zou ook de keuze gemaakt kunnen worden om de gronden in te zetten voor de productie van brandstoffen die een energie centrale voorziet van biobased brandstoffen. Waarbij de warmte kan worden gebruik voor stadsverwarming. Ik roep u daarom op om het vergunnen van een dergelijk zonnenpark te heroverwegen en ook alle belangen van uw inwoners mee te wegen bij uw besluit. Daarnaast hoop ik dat u zich actief inzet voor het ondersteunen van particuliere opwek binnen onze gemeente. Denk hierbij aan lokale opslagoplossingen, slimme teruglevermodellen of gemeentelijke initiatieven om terugleverkosten eerlijker te verdelen. Een eerlijke energietransitie kan alleen bestaan als zowel grote als kleine opwekkers op een evenwichtige manier worden behandeld. Ik vertrouw erop dat u deze zorg deelt en deze kwestie serieus neemt. Met vriendelijke groet,
Aan de gemeenteraad van Raalte en aan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Raalte Postbus 140 8100 AC Raalte
Betreft: plan voor “energielandgoed” op landbouwgronden in coulisselandschap Datum: 18 maart 2025
Geachte leden van de raad, B&W gemeente Raalte,
Inleiding Al enkele jaren vragen wij uw dringende aandacht voor onze grote zorg in verband met de door Endona beoogde ontwikkeling van een grootschalig zonnepark, dat bestaat uit drie parken, die op korte afstand van elkaar zijn geprojecteerd, in ons kleinschalige coulisselandschap. Tot op heden heeft u niet de moeite genomen om inhoudelijk te reageren op onze brieven. Het zou gaan om de ontwikkeling van een energielandgoed. De bedenkelijke eer van de term landgoed komt vast en zeker voort uit het feit dat het gebied volledig wordt omringd door landgoederen, bestaande uit Landgoed de Velner, Landgoed het Reelaer, Landgoed Nijenhuis en Landgoed Wolthuys. Wij hebben goed kennisgenomen van het advies van het Oversticht van 15 mei 2024. Dit advies komt voor ons als omwonende niet als een verrassing. Het Oversticht is, met ons als omwonenden, van oordeel dat de verhouding met de schaal van de parken niet passend is bij de kenmerken van de specifieke deelgebieden. Bovendien is het Oversticht van oordeel dat de beleving, de sfeer van het landschap door drie zonneparken, dicht op elkaar, negatief wordt beïnvloed. Het Oversticht erkent dat de landgoederen De Velner en het Reelaer onlosmakelijk verbonden zijn met het Nijenhuis en het Rozendael. En dat zij op zichzelf en in relatie, historisch en landschappelijk van hoge waarden zijn.
Twee van de drie locaties liggen binnen dit cultuurhistorische landschap en zijn in hoge mate gevoelig.
Oversticht 17 maart 2021 En er is eerder advies gegeven door het Oversticht, namelijk op 17 maart 2021. Het Oversticht kwam in dit advies tot een duidelijke conclusies, namelijk dat locatie 4 geschikt zou zijn voor transformatie tot zonnepark. Locatie 4 maakt echter geen onderdeel van het plan van Endona. Daarmee is dus de facto meteen voorbijgegaan aan het advies van Oversticht. Van locatie 3 heeft het Oversticht destijds laten weten dat een kleinschalige opwek van energie eventueel mogelijk is, mits sprake zou zijn van een goede landschappelijke inpassing. Van locatie 2 heeft het Oversticht meteen laten weten dat een zonneveld afbreuk zou doen aan de huidige landschappelijke kwaliteit en aan de potentie van de plek. Tot slot was het Oversticht over de ontwikkeling van een zonnepark op locatie 1 ook kritisch.
Wat heeft Endona gedaan met advies Oversticht? Endona heeft het advies van het Oversticht terzijde geschoven en is op locatie 1, 2 en 3 een zonnepark gaan inkleuren met een totale grootschalige oppervlakte van maar liefst 20 ha. Op aanwijzing van de gemeente Raalte is een participatietraject op gang gebracht, maar dat is een
regelrechte farce gebleken. Wij zijn als omwonenden tegen dit grootschalige zonnepark. Hooguit hebben wij laten weten dat wij niet tegen de ontwikkeling van een zonnepark zijn van maximaal 2 a 3 hectare. Het Oversticht had op 17 maart 2021 geen enkele indicatie (dat blijkt ook uit het advies van 5 december 2025) dat werd beoogd om meerdere locaties tegelijk te ontwikkelen. Ook van de beoogde grootte had het Oversticht geen indicatie: hierbij heeft het Oversticht bovendien uitdrukkelijk laten weten dat aangrenzende, meer bebouwde en stedelijke locaties, mogelijke opties waren om in gezamenlijkheid op te pakken zodat de schaal van het park in het veld zou worden verkleind. Endona heeft dus niets met deze aanbeveling gedaan.
Beleid gemeente Richtlijnen 2.0 In de richtlijnen 2.0 van de gemeente Raalte staat opgenomen dat de gemeente vooraf meekijkt en adviseert over de landschappelijke inpassing en hierbij het advies van het Oversticht vraagt. Ook wordt de expertise van het Oversticht ingezet om de gemeente over de omvang en inpassing in het landschap in een vroeg stadium te adviseren. Dat is feitelijk ook gebeurd. Vanaf het begin was het duidelijk dat locatie 4 ontwikkeld kon worden als zonnepark. Ook maakt onderdeel uit van het gemeentelijke beleid dat als er al monofunctionele zonnevelden worden ontwikkeld dat goede landbouwgronden worden ontzien. Het gaat hier, bij dit project om goede landbouwgronden. Ook vereist het beleid dat sprake is van een goede inpassing van zonneparken in het landschap, waarbij sprake is van een schaal, die past bij de plek en bijdraagt aan specifieke kwaliteiten en opgaven in het gebied.
Principe-besluit 8 mei 2023 In uw positieve principe besluit heeft u als voorwaarde opgenomen dat er een goed onderbouwd inrichtingsplan voor de drie zonneveldlocaties komt, met name voor locatie 2, waarbij aantoonbaar rekening wordt gehouden met de landschappelijke waarden. U heeft geadviseerd om hiervoor een onafhankelijk deskundigen advies in te winnen.
Ingediende aanvraag Endona Bij de ingediende aanvraag om omgevingsvergunning (in december 2023) van Endona is geen onafhankelijk advies bijgevoegd. U heeft als gemeente, vervolgens onafhankelijk advies ingewonnen bij het Oversticht.
Aanvraag is in strijd met principe-besluit en met het gemeentelijke beleid De ingediende aanvraag dient te worden geweigerd, in elk geval om twee redenen: 1. de aanvraag is in strijd met het principebesluit: immers, uit onafhankelijk advies blijkt dat er geen goede onderbouwing is voor de landschappelijke inpassing van de drie locaties; 2. de aanvraag is in strijd met het gemeentelijke beleid: er is sprake van een negatief advies van het Oversticht. Daarbij komt dat sprake is van goede landbouwgronden en van een te grote schaal, die niet passend is bij de specifieke kwaliteiten en opgaven van het gebied. De omgevingsvergunning dient geweigerd te worden;
Aangepaste Verordening Overijssel
Duidelijk is dat de landelijke overheid, evenals de provinciale overheid geen zonnevelden in de groene omgeving meer wil toestaan. Hooguit staat de provincie Overijssel het toe om zonnevelden op agrarische gronden te realiseren met een maximum oppervlak van 2 hectare mits verzekerd is van landschappelijke inpassing. De provincie staat een uitzondering toe voor oude principebesluiten. Endona beroept zich op het principe besluit van het college van mei 2023. Punt is niet alleen dat dit principe besluit betrekking had op een ander plan, maar dat hierin duidelijk de voorwaarde is gesteld dat er een onafhankelijk advies ingewonnen dient te worden met betrekking tot landschappelijke inrichting. Daarbij komt dat de provincie Overijssel zélf ook strenge aanvullende voorwaarden stelt in haar instructieregels om nog gebruik te kunnen maken van een oud principebesluit. Duidelijk is dat het verlies aan ecologische en landschappelijke waarden dient te worden gecompenseerd door investeringen in de ruimtelijke kwaliteit van de omgeving. Endona acht het punt van de ruimtelijke en landschappelijke inpassing een ondergeschikt element van haar plannen. Dat blijkt uit haar brief aan uw college van 29 mei 2024.
Hierin laat zij weten dat het advies van het Oversticht zich met name focust op de ruimtelijke en landschappelijke inpassing en dat het meegaan in dit negatieve advies (van 15 mei 2024), wat haar betreft geen optie is. Deze houding is exemplarisch voor de communicatie die tot op heden is geweest tussen ons als omwonende en Endona. Endona wil gewoon een grootschalig zonnepark ontwikkelen en zij heeft drie agrariërs bereid gevonden om dit plan te ontwikkelen. Bij de ontwikkeling van dit plan is volledig voorbijgegaan aan de historische karakteristieken en de kleinschaligheid van het landschap. Bovendien laat Endona in haar brief van 29 mei 2024 weten dat de aanleg van een zonnepark in essentie vergelijkbaar is met infrastructurele werken, die functioneel noodzakelijk zijn, maar ruimtelijk en lokaal gezien vrijwel nooit wenselijk zijn. Daarmee is eigenlijk alles gezegd. Ook Endona erkent letterlijk in haar brief dat zij niet haar best heeft gedaan om te zoeken naar de minst slechte of naar een acceptabele plaats. Ook Endona erkent dat feitelijk sprake is van een infrastructureel, gebiedsvreemd werk dat niet passend is in het coulisselandschap. Essentieel is dat de vergunning juridisch niet rechtmatig kan worden verleend omdat niet aan de voorwaarden voor een ruimtelijke en landschappelijke inpassing kan worden voldaan.
Een dergelijk grootschalig project laat zich niet inpassen in de kleinschaligheid van het landschap. Dat Endona het niet eens is met het advies van het Oversticht zegt uiteraard niets. Endona is geen deskundige op dit gebied, laat staan dat zij onafhankelijk is.
Advies Oversticht 5 december 2025 Door de gemeente Raalte is bij het Oversticht om een aanvullend advies gevraagd, waarin het Oversticht concrete en richtinggevende vragen moet beantwoorden. Evident is dat het Oversticht achter het advies van 17 maart 2021 en het van 15 mei 2024 blijft staan: “Zoals eerder gesteld betreft dit advies een aanvulling, in de eerdere adviezen hebben wij voor de deelgebieden op drie schaalniveaus geadviseerd over de waarden en de ruimtelijke randvoorwaarden. Op de schaal van het landschap als geheel, de omzoming en de zonnevelden zelf. Destijds hebben wij impliciet voor de deelgebieden getoetst aan de uitgangspunten, die in de richtlijnen, de handreiking en uw landschapsontwikkelingsplan zijn vastgelegd. De eerdere adviezen zijn dan ook nog steeds richtinggevend bij verdere planuitwerkingen in de vervolgfase. De commissie adviseert of aan de getalsmatige voorwaarden is voldaan. Hierbij lijkt het zo te zijn dat aan de zogenaamde balans 80/20% wordt voldaan. De commissie stelt echter dat dit nog wel expliciet inzichtelijk gemaakt moet worden. Verder voldoet het plan aan de verhouding 2/3 en 1/3 in verband met de bodemkwaliteit. Hierbij adviseert de commissie om een meer open bedekking te realiseren.
Van belang is dat de commissie vervolgens heel duidelijk laat weten dat, ook al wordt aan deze getalsmatige voorwaarden voldaan, dit nog niet betekent dat aan de ruimtelijke voorwaarden dat de “omvang en inpassing passend is bij de omgeving” wordt voldaan. Feitelijk is sprake van de omgekeerde volgorde: immers, eerst dient te worden beoordeeld of zulke grootschalige zonneparken passend zijn in kleinschalig coulisselandschap en dan pas dient te worden gekeken naar de inrichting. Het Oversticht is met betrekking tot deelgebied 3 heel erg duidelijk. De omvang zoals deze nog steeds wordt voorgesteld is niet passend en dient teruggebracht te worden. Verder gaat het Oversticht, desgevraagd, in op de korte afstanden van de drie geprojecteerde grote zonneparken. Deze zou volgens de richtlijnen minimaal 500 meter dienen te bedragen. De huidige afstanden voldoen daar niet aan. Punt is hier ook dat het Oversticht vasthoudt aan het eerdere advies, namelijk dat de beleving en sfeer van het landschap door drie zonneparken, relatief dicht op elkaar, negatief worden beïnvloed. Daar veranderen algemene afstanden uit richtlijnen niets aan. Het Oversticht is bevoegd om daar een andere deskundige mening over te hebben binnen dit specifieke landschap. Dat is ook precies de rol van het Oversticht, namelijk om daarover een deskundig advies te hebben.
Het Oversticht reflecteert heel duidelijk op haar eerder uitgebrachte advies uit 2021. Hierbij laat het Oversticht weten dat zij de verschillende locaties destijds los heeft beoordeeld en dus zeker niet als een totaalpark. Het Oversticht heeft daarbij dus de voorkeur uitgesproken voor locatie 4, die juist niet wordt ontwikkeld, terwijl het Oversticht heeft laten weten dat locatie 3 niet geschikt is voor de ontwikkeling van een zonnepark. Het Oversticht is er dus hooguit vanuit gegaan dat er één enkel zonnepark ontwikkelt zou worden en dus niet drie! Op drie van de vier beoordeelde locaties. Het Oversticht wijst er in dit advies nog eens op dat er toen al is gewezen op het feit dat “de schaal van een zonnepark acceptabel is wanneer deze ruimtelijk gezien in balans gebracht moet worden met de bestaande of aan te passen omgeving. Energie moet onderdeel zijn van een landschap en niet bepalend, hetgeen in voorliggend plan, juist wél de bedoeling is. Duidelijk is dat het Oversticht voor locatie 3 voorstelt om dit zonnepark met minimaal de helft de verkleinen. Met betrekking tot de overige locaties zijn geen concrete vragen gesteld, terwijl het Oversticht in het advies van mei 2024 ook op die locaties heel concreet is ingegaan. Het lijkt erop dat Endona in elk geval aan deze onderdelen uit het advies voorbij is gegaan.
Bij locatie 1 heeft het Oversticht laten weten dat er sprake is van een aantasting in de overgang naar het meer besloten landschap. De aantasting ligt in het verdwijnen van de openheid en de verknoping van de bossage met de markante laan van De Velner. Op deze locatie is niet voldoende ontworpen op het hoogteverschil, de zichtlijnen en het oorspronkelijke landschap in de gradiënt van laag en hoog. Wij adviseren een verdere ruimtelijke verkenning vanuit de eigenheid van de plek met een stevige inzet van landschappelijke structuren in de randen en in aansluiting op het park. Hiermee zeggen wij geen ja op deze locatie op voorhand.” Tot op heden wordt geen aandacht besteed aan dit onderdeel van het advies. Het Oversticht laat uw college nog het volgende weten: “omdat wij als organisatie staan voor de kwaliteit van de leefomgeving in algemene zin gaan wij aanvullend op uw specifieke vragen graag in op het onderstaande. In het basisuitgangspunt “dialoog met de omgeving” wordt aandacht besteed aan “hoe het zonnepark zo goed mogelijk in het landschap past en de inpassing wordt samen met de omwonenden
vormgegeven”. Dit uitgangspunt raakt direct aan de inpassing passend bij de omgeving. Waar zorg voor belevingskwaliteit onderdeel is van een kwalitatief goede en bij de locatie passende inrichting van het zonneveld. Vanuit de dialoog worden ingrediënten aangedragen die van invloed zijn op de ruimtelijke uitwerking die een initiatiefnemer vervolgens doet. Het Oversticht kijkt enerzijds vanuit de kenmerken en waarden van (historische) landschappen en adviseert hoe nieuwe ontwikkelingen met respect hierin kunnen plaatsvinden op de schaal van het landschap als geheel, de plek in relatief tot de omgeving en de plek zelf. Dit betreft het fysieke landschap. Anderzijds staat het Oversticht ook voor de kwaliteit van de leefomgeving. Daarin staan de burgers die het landschap beleven centraal. We werken voor hen dagelijks aan een aangename leefomgeving. De toets van een inrichtingsplan kan dan naar ons gevoel niet volledig zijn zonder kennis te nemen van de ingrediënten die ons worden aangedragen in de dialoog met de bewoners. De toets aan het tweede uitgangspunt is voor ons dan ook onlosmakelijk verbonden met de toets van het eerste uitgangspunt verbonden.
Bij de beoordeling van het gewijzigde inrichtingsplan in een volgende fase van het planproces hebben wij dan ook graag inzicht in de ingrediënten die zijn aangedragen door de bewoners en de keuzes die daarop vervolgens ruimtelijk zijn gemaakt. Het gaat daarbij niet om het individuele maar de gezamenlijke waarden in beleving. Duidelijk is dat er al langere tijd geen enkele dialoog meer heeft plaatsgevonden. Het Oversticht staat voor kwaliteit van de leefomgeving en daar zijn wij als omwonenden heel blij mee. Wij verzoeken u om de adviezen van het Oversticht, die alle drie nog overeind staan, te respecteren. Grootschalige zonneparken op agrarische gronden zijn niet alleen meer achterhaald en onwenselijk: qua schaal, grootte en cultuurhistorie passen de parken ook niet in ons coulisselandschap. Er ligt opnieuw een negatief advies van het Oversticht, terwijl de voorwaarde voor vergunningverlening, namelijk een positief advies voorhanden moet zijn. Dat is er niet en gaat er, gezien de grootschaligheid van het plan, niet van komen. Kortom, weiger de ingediende aanvraag om omgevingsvergunning en sluit dit hoofdstuk definitief af.
Namens de Werkgroep de Velner. Vertegenwoordigers van de omwonenden, namen en adressen bekend bij de gemeente.