Bijlage 1 Ruimtelijk kwaliteitsplan
Tekst van het document
ruimtelijk kwaliteitsplan Witteveensweg 15 Heeten
Door:
Telefoonnummer E-mail Internet Project Auteur Datum laatst gewijzigd Bestandsnaam Aantal pagina’s
dé Erfontwikkelaar b.v. Radewijkerweg 9 7791 RJ Radewijk
www.erfontwikkelaar.nl 2000 3 sept. 2021 2000-RKP-01.indd 13
Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever en/of dé Erfontwikkelaar b.v.
INHOUDSOPGAVE 1 INTRODUCTIE
1
2 VIGEREND BELEID
4
2.1.
omgevingsvisie overijssel
4
2.2.
gemeente Raalte
4
3 B E S TA A N D E S I T U AT I E
6
4 RU I MT EL I J K K WA L I T EI T S P L A N
8
4.1.
ruimtelijk onderbouwing
8
4.2.
samenvatting maatregelen
9
4.3.
kwaliteitsimpuls groene omgeving
12
5 BEPLANTING
13
1 INTRODUCTIE dé Erfontwikkelaar is gevraagd een visie te geven op de inrichting als onderdeel van een ontwikkeling aan de Witteveensweg 15 te Raalte..Het gemengde agrarische bedrijf is gestopt. De vrijkomende stallen geen vervolgfunctie meer. Initiatiefnemers willen op deze locatie 949 m2 landschapsontsierende bebouwing slopen. Twee schuren blijven behouden en kennen een oppervlakte van 606 m2. In overleg met de gemeente Raalte kan één compensatiewoning ter plekke worden gerealiseerd. Van de schuren die blijven staan moet het asbest worden gesaneerd. Deze compensatiewoning zal aansluitend op het bestaande erf worden gepositioneerd waarmee het een logische aansluiting op de bestaande bebouwing wordt. De gemeente Raalte heeft op 2 maart aangegeven in principe mee te werken, mits de ruimtelijke kwaliteit versterkt wordt. Deels wordt dit bereikt door de sloop van landschapsontsierende bebouwing en deels door het landschappelijk goed inpassen van het erf. Ten grondslag van dit Ruimtelijk kwaliteitsplan ligt het landschapsontwikkelingsplan Raalte. Naast het beleid zijn ook de wensen en de randvoorwaarden van opdrachtgever verwerkt in een plan.
1
lo catie plangebie d en slo oplo catie
buren
zoekgebied compensatiewoning slopen
slopen slopen
te behouden schuren
Op het erf wordt ca. 949 m 2 aan te behouden boerderij
landschapsontburen
sierende b eb ouwing geslo opt . Twe e schuren blijven st aan. De comp ensatiewo ning komt aan de no ordzijde op de plek waar te slop en schuren
2
st aan.
plangebied en omgeving rond 1900
plangebied en omgeving rond 1950
plangebied en omgeving rond 2020
3
2 VIGEREND BELEID
schillen tussen hoog en laag en tussen droog en nat functioneel meer sturend en beleefbaar te maken. Dit kan bijvoorbeeld
2.1.
OMGEVINGSVISIE OVERIJSSEL
door een meer natuurlijk watersysteem, door beplanting met
De Provincie Overijssel heeft het Streekplan, het verkeer- en
‘natuurlijke’ soorten en door de (strekkings)richting van het
vervoerplan, het waterhuishoudingsplan en het milieube-
landschap te benutten in gebiedsontwerpen.
leidsplan samengevoegd tot de Omgevingsvisie. Het vormt het provinciale beleidsplan voor de fysieke leefomgeving van
Samenhangend systeem van open essen, kleinschalige flanken
Overijssel. De Provincie Overijssel stuurt op ruimtelijke kwali-
met erven en esdorpen, kleinschalige natte laagtes met beken
teit en duurzaamheid. Bestaande kwaliteiten moeten worden
en - voormalige - grote open heidevelden. De ordening van het
beschermd en er moeten verbindingen worden gelegd tussen
landschap volgt de natuurlijke ondergrond van hoog en laag
deze bestaande kwaliteiten en nieuwe ontwikkelingen. Dat wil
en nat en droog en is als een spinnenwebstructuur gegroeid
zeggen dat nieuwe ontwikkelingen moeten bijdragen aan de
vanuit de nederzettingen. De essen onderscheiden zich door
verbetering van de ruimtelijke kwaliteit. Voor het behoud en
de karakteristieke openheid, de bijzondere bodemkwaliteit met
het versterken van de ruimtelijke kwaliteit vormen essentiële
archeologische waarden en het huidige reliëf. Op de flanken ligt
gebiedskenmerken het uitgangspunt.
een kleinschalig landschappelijk raamwerk van landschapselementen zoals houtwallen, bosjes, zandpaden, karakteristieke
Gebiedskenmerken
erven en beeldbepalende open ruimte daartussen.
dekzand
natuurlijke laag
Middels een verdeling in 4 lagen zijn de gebiedskenmerken binnen de Omgevingsvisie toegelicht:
2.2.
De natuurlijke laag De laag van het agrarisch-cultuur landschap De stedelijke laag De laag van de beleving
Het erf aan de Witteveensweg valt binnen het landschapsont-
Toelichting: Dekzandvlakte en essenlandschap De dekzandgronden beslaan een groot gedeelte van de oppervlakte van de provincie. Na de ijstijden bleef er in grote delen een reliëfrijk – door de wind gevormd – zandlandschap achter, dat gekenmerkt wordt door relatief grote verschillen tussen hoog/droog en laag/ nat gebied. Soms vlak bij elkaar, soms verder van elkaar verwijdert. De ambitie is de natuurlijke ver4
GEMEENTE RAALTE
wikkelingsplan in het deelgebied: ‘Dekzandruggen’. De gekozen indeling in deelgebieden is enerzijds ontleend aan de ontginningsgeschiedenis van het gebied. Anderzijds is hierbij rekening gehouden met de beleving en het gebruik van het gebied. Visie op het deelgebied: De visueel-ruimtelijke kwaliteiten van de hogere gronden zijn voor een belangrijk deel gelegen in de sterke verwevenheid van
essen- en hoevenlandschap
diverse ruimtelijke elementen zoals bosjes, bebouwing, houtwallen en singels. Samen met reliëfverschillen (essen) en open ruimtes ontstaat hierdoor een gevarieerd landschapsbeeld van besloten tot half open landschap, ook wel kampen- of hoevenagrarisch cultuurlandschap
landschap genoemd.
wen hebben een grote museale kwaliteit.
erfgrenzen); Zandwegen; Kleinschalige grillige blokverkaveling deels omzoomd met houtwallen; Reliëf door essen en kampen, soms in de vorm van een steilrand;
Het landschapsbeleid is gericht op het versterken van de
Kader bij het toetsen van een erftransformatie:
karakteristiek door de hoger gelegen ruggen ruimtelijk te
Herstel van de relatie tussen erf en landschap door middel
verdichten. Nieuwe rode functies in het buitengebied (pas-
van passende beplantingsvormen, erfindeling en begren-
send binnen bestaand beleid) zijn landschappelijk gezien
zing en sortimentskeuze;
het meest wenselijk op de ruggen onder de voorwaarde
Handhaving of herstel van het onderscheid tussen voor- en
dat landschapselementen worden aangelegd. De wegen
achterzijde van de oorspronkelijke boerderij. Herstel van de
op de ruggen zijn beplant. Doorgaande structuren zoals
siertuin en/of moestuin aan de voorzijde van de boerderij;
het Overijssels Kanaal en de doorgaande wegen passen
Optimaal gebruik van de bekende oude indeling en inrich-
zich aan deze karakteristiek aan en zijn ter hoogte van de
ting. Handhaven, herstellen en benutten van de oude ele-
ruggen beplant.
menten: zowel de gebouwde elementen als de waardevolle
De historische ensembles die in het gebied voorkomen zijn van grote waarde. Monumentale bomen en oude gebou-
wensbeeld vanuit het landschapsontwikkelingsplan
bomen, struiken en tuinplanten; Karakteristiek van het landschap: Rug verdicht met landschapselementen als bosjes, landgoederen, houtwallen, hagen, singels en solitaire bomen (soorten van de hogere gronden zoals eik, beuk); Afwisseling van verdichte en open ruimtes; verrassende doorkijkjes; Essen onbeplant, omzoomd met houtwallen; Perceelsscheidingen worden minimaal en terughoudend toegepast, aansluitend aan open karakter; Wegen veelal kronkelend, zich voegend naar de erven, soms over erf; Wegen beplant, essen zoveel mogelijk onbeplant, tenzij er sprake is van doorgaande historische structuren; Doorgaande structuren (weg/kanaal) passen zich aan omgeving aan. Erven langs rand van de es, grote dakvlakken tegen groene achtergrond; Knooperven; Erven gaan vloeiend over in landschap (geen strakke 5
Onderscheid oude en jonge erven. In het kampen- en essenlandschap samenspel met het landschap: losse opbouw met open begrenzing. In veldontginningen strakke ordening van de bebouwing en beplanting, gesloten beplantingen op de erfgrenzen. De Rood voor Rood regeling biedt de mogelijkheid om landschapsontsierende stallen te slopen in ruil voor het bouwen van een woning. Doel van deze regeling is de ruimtelij-
De functieverandering op de erven – met de bijbehorende sloop, aanpassing, uitbreiding en nieuwbouw – heeft consequenties voor de inrichting van het
ke kwaliteit op het platteland te verbeteren. In de plannen
erf. Rood voor rood heeft als doel: ‘Een
die worden opgesteld moet dan ook beschreven worden op
verbetering van de ruimtelijke kwaliteit.’
welke wijze de ruimtelijke kwaliteit wordt verbeterd. LANDSCHAPSONTWIKKELINGSPLAN GEMEENTEN DEVENTER RAALTE OLST-WIJHE
3 B E S TA A N D E S I T U AT I E Het plangebied ligt op de overgang van de Sallandse
buren
Heuvelrug naar het nattere rivierenlandschap. Het is een relatief half open gebied. Langs de wegen en rondom erven bosjes
komt opgaande beplanting voor. Van oorsprong was het gebied nog kleinschaliger. Houtsingels zijn verdwenen waarmee het erf opener geworden is. Verspreid door het
openheid
gebied komen bosjes voor. De verkaveling is divers en ook de wegen kennen, overeenkomstig de landschapskenmer-
bosjes
ken, een slingerend patroon. Het erf aan de Witteveensweg was een gemengd agrarisch
erf op kop
bedrijf met koeien en varkens. Het is een oude erf dat begin 20e eeuw ontstaan is. Het bestaat uit een boerderij met daarnaast en achter diverse gebouwen. Het erf kent een compacte opzet en wordt aan de zuid- westzijde afgeschermd middels gebiedseigen groen. structuren van het landschap De erven in de omgeving zijn sober en functioneel ingericht. Er is een duidelijke scheiding tussen het ‘voor’ erf met bomen en enige sierbeplanting en het achtererf dat veel functioneler is ingericht met enkele schuren. De erven langs de Witteveensweg liggen half open in het landschap. Op de erven is veelal beplanting in de vorm van bomen en houtsingels aanwezig. Ook staan er in het gebied nog relatief veel houtsingels. Het erf wordt ontsloten door één inrit. Op het erf is ruimte om te keren/parkeren. 6
Belangrijkste ruimtelijke kenmerken: de erven vormen clusters in het landschap; de gebouwen staan niet uitgelijnd in het landschap de te slopen opstallen zijn landschapsontsierend door het gebrek aan gebruikwaarde; de boerderij verkeert in goede staat en blijft behouden; het erf dient een bepaalde maat van openheid te behouden het erf kent veel gebiedseigen beplanting, dit is waardevol en moet waar kan behouden blijven; het is passend op het erf om opgaand groen aan te planten, het is echter niet nodig om het gehele erf te verstoppen achter groen erven kennen een zichtbare grens van bomen of hagen; duidelijk onderscheid in een ‘voor-’ en een ‘achtererf’ dit uit zich in de beplanting en het gebruik van het erf.
te slopen opstallen
7
bestaande boerderij
te slopen wagenberging
te behouden schuur (dak wordt vervangen)
de te slopen opstallen
Praatplan Witteveensweg 15 Heeten 4 RUIMTELIJK K WA L I T EI T S P L A N Uitgangspunten initiatiefnemer: slopen 949 m2 landschapsontsierende bebouwing; realiseren één compensatiewoning; twee bestaande schuren behouden en het asbest saneren; behouden bestaande schuilhut in weiland; voldoende privacy tussen de tuinen; bestaande inrit gebruiken als ontsluiting;
deze zijde van het erf open houden zicht op het erf, enkel verzachten met bomen
solitaire boom Uitgangspunten gemeente:
Uitgangspunten provincie:
bomen rond schuur achtererf
schuurwoning n rooilij
sloop alle landschapsontsierende bebouwing; schuren die behouden blijven ontdoen van asbest dakbedekking; landschappelijk goed inpassen van het gehele erf; enkel gebruik streekeigen beplanting; aansluiten op de gebiedskenmerken van het Dekzandruggen zoals is omschreven in de Landschapsontwikkelingsplan;
boerderij blijft hoofdgebouw op het erf met tuin voor
bestaande schuren
voorerf
b
het erf moet aansluiten op de gebiedskenmerken (essenlandschap) volgens de Omgevingsvisie Overijssel; de Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving is van toepassing, deze wordt in hoofdstuk 4.2 nader toegelicht 4.1.
RUIMTELIJK ONDERBOUWING
Met de sloop van de landschapsontsierende stallen bestaat de mogelijkheid om op deze plek één nieuwe compensatiewoning te bouwen. Een belangrijke ruimtelijke voorwaarde is dat dit erf zich als eenheid in het landschap moet blijven
er groene oude rand als drag
erf buren
presenteren. Tevens moet het aansluiten op de gebiedskenmerken van de dekzandruggen. Dat wordt deels bereikt 8
door geen harde grenzen op het erf te maken in de vorm
concept erfinrichting
van hoge hagen/schuttingen of andere bouwkundige
Op het erf worden solitaire bomen aangeplant om de ver-
elementen. Middels een afgewogen positionering van de
schillende gebouwen te verzachten.
compensatiewoning op de plek waar nu schuren staan blijft het een passend ensemble, maar krijgt iedere wooneen-
Doordat de stallen worden opgeruimd ontstaat er de
heid wel een eigen plek. Kenmerkend is dat alle gebouwen
mogelijkheid om het erf grotendeels weer opnieuwe in te
gelijk staan aan de houtsingel aan de zuidzijde van het erf.
richten. Daarbij wordt er een centrale groene ruimte tussen
Daarom is gekozen om de woning gelijk aan de overige
de boerderij en de compensatiewoning gemaakt. Hier kun-
gebouwen te situeren.
nen enkele hoogstamfruitbomen aangeplant worden. De bestaande tuin voor de boerderij blijft behouden. Wel zal
De nieuwe compensatiewoning zal een modern landelijke
er een esdoornhaag aangeplant worden als accent op het
verschijning kennen dat past op een boerenerf.
voorerf. Deze haag zal ook rondom de compensatiewoning aangeplant worden waarmee een rustig en uniform beeld
Groenstructuur en inrichting erf:
ontstaat. Het erf blijft zicht hiermee als eenheid presente-
Uit het landschapsontwikkelingsplan zijn de volgende ken-
ren.
merken van toepassing op en rondom het plangebied: Aan de westzijde blijven twee grotere schuren staan. Hier Rug verdicht met landschapselementen als bosjes, landgoederen, houtwallen, hagen, singels en solitaire bomen (soorten van de hogere gronden zoals eik, beuk); Afwisseling van verdichte en open ruimtes; verrassende doorkijkjes; Perceelsscheidingen worden minimaal en terughoudend toegepast, aansluitend aan open karakter; Erven gaan vloeiend over in landschap (geen strakke erfgrenzen); Kleinschalige grillige blokverkaveling deels omzoomd met houtwallen;
is gekozen om middels opgaande beplanting de bouwvolumes af te schermen. De ruimte rondom de woningen blijven open. Vanuit het landschapsontwikkelingsplan is het niet wenselijk om het gehele erf middels hoge opgaande beplanting af te schermen. Enkele bomen en een lage haag passen beter in dit type landschap. De keuze voor de verharding op de erven moet in afstemming gemaakt worden met de materialisering van de architectuur. Verharding moet in een gedekte kleurstelling sober
Over het algemeen zijn de erven half open, al dan niet
toegepast worden. Schuttingen en hoge opgaande exoten
voorzien van enkele grote bomen en gesloten bosjes of sin-
moeten in het buitengebied voorkomen worden.
gels. Richting de weg zijn de tuinen open en er is zicht op de bebouwing. De erven kennen een duidelijke clustering en worden veelal ontsloten door één inrit. 9
4.2. SAMENVATTING MAATREGELEN sloop landschapsontsierende bebouwing één nieuwe compensatiewoning aansluitend op het bestaande erf; het erf blijft zich als eenheid in het landschap presenteren al het asbest wordt gesaneerd; op het erf is ruimte om te keren/parkeren; op het erf wordt middels streekeigen beplanting een passende landschappelijke inpassing gemaakt.
bestand
1. Bestaande boerderij
2000
project
Legenda
door
datum
3. Compensatiewoning
3 sep. 2021
2. Te slopen landschapsontsierende bebouwing
formaat
a3
schaal
1 (3)
versie
5. Bestaande wagenberging behouden
tekeningno
4. Bestaande ligboxenstal behouden
6. Tuin met haag 13
8. Hoogstam fruitbomen
6
9. Rij Ruwe Berk 10. Weiland
3 14
12. Houtsingel
14. Houtsingel aanvullen
7
2
11. Bestaande schuilhut
13. Bestaande walnoot
11 7
9
10
8
2
2
2
4
7
7
6
2
1
5
12
10
nieuwe erfindeling
Erfinrichtingsplan Witteveensweg 15 Heeten
7. Hollandse Linde
4.3.
KWALITEITSIMPULS GROENE OMGEVING
Met de kwaliteitsimpuls Groene Omgeving biedt de provincie Overijssel beleidsruimte aan gemeenten voor ontwikkelingen in de groene ruimte. Nieuwe ontwikkelingen moeten mogelijk zijn onder voorwaarde dat ze bijdragen aan de kwaliteit van de leefomgeving. In het buitengebied is ruimte voor grootschalige uitbreidingen en nieuwe ontwikkelingen mits die gelijk opgaan met verbeteringen van de ruimtelijke kwaliteit. Ruimtelijke kwaliteit wordt gerealiseerd door naast bescherming vooral in te zetten op het verbinden van bestaande gebiedskwaliteiten en nieuwe ontwikkelingen, waarbij bestaande kwaliteiten worden beschermd en versterkt en nieuwe kwaliteiten worden toegevoegd. De methodiek voor het bepalen van de balans tussen ontwikkelingsruimte en de gevraagde investering in de groene omgeving, is gericht op het volgende: hoe meer de ontwikkeling als gebiedsvreemd te beschouwen is en /of hoe groter de schaal en impact op de ruimtelijke kwaliteit is, des te zwaarder weegt dat aan de ontwikkelingskant van de balans en hoe hoger de aanvullende kwaliteitsprestaties dan dienen te zijn. Als het gaat om een gebiedsvreemde ontwikkeling van een grote schaal en met een grote impact op de omgeving, dan zal een forse investering in het landschap nodig zijn.
Om te beoordelen of medewerking kan worden verleend aan het verzoek, wordt het volgende model gevolgd: Gebiedseigen ontwikkeling Het ontwikkelingsperspectief voor het plangebied voorziet primair in het bieden van ruimte aan (verbrede) agrarische 11
bedrijven en wonen. In voorliggend geval is dan ook sprake van
Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving (KGO)
een gebiedseigen functie. Tevens draagt het initiatief bij aan het
saneren 949m2 landschapsontsierende bebouwing. saneren van 606 m2 asbestdak van de schuren die blijven staan.
sociaal en economisch vitaal houden van het buitengebied.. Schaal en impact op de omgeving Het bedrijf wordt gestaakt. Een vervolgfunctie ontbreekt waarmee sloop de enige oplossing is. Het totale bebouwde oppervlakte neemt fors af. De schaal van de ontwikkeling is klein, mede door de positionering van de compensatiewoning op de plek waar nu al bebouwing staat. De impact op de omgeving is hiermee beperkt en kan zelfs als positief ervaren worden door het opruimen van het grote oppervlakte landschapsontsierende bebouwing. Daarnaast is rekening gehouden met de omliggende agrarische bedrijven door min. 50 (m) uit het bouwvlak te blijven. Eigen belang en maatschappelijk belang Er is sprake van een eigen belang. Het vergroot het woongenot en er kunnen gelden gegenereerd worden voor de sloop van de kassen. Ook is er een maatschappelijk belang. Middels de sloop van het geheel en het opruimen van het erf zal de ruimtelijke kwaliteit van het gehele gebied verbeteren. Dit is goed voor de leefomgeving en het landschap. Tegenprestatie Al met al worden er boven op de basisinspanning aanvullende kwaliteitspretaties gevraagd, die bijdragen aan de versterking van de gebiedskenmerken uit het landschapsontwikkelingsplan en de ontwikkelingsrichting uit de ontwikkelingsvisie. Deze tegenprestatie zal bestaan door het slopen van ca. 949m2 landschapsontsierende bebouwing op eigen erf.
Daarnaast wordt het erf aan de Witteveensweg 15 een kwalitatief hoogwaardig erfensemble dat landschappelijk goed is ingepast.
5 BEPLANTING
Aanplant van een houtsingel bestaande uit de volgende soorten: Alnus glutinosa - Zwarte els 10% Quercus robur - Zomereik 10% Viburnum opulus - Geldersche roos 20% Corylus avalana - Hazelaar 10% Amelanchier lamarckii - Am. Krentenboompje 15% Crateagus monogyna - Eénst. Meidoorn 15% Sorbus aucuparia - Lijsterbes 10% Aanplantmaat 80-100 met 5 st/m2 Houtsingel minimaal 5 (m) breed
6.
7.
Aanplant ruwe berk - Betula pendula Aanplantmaat 12-14 met een onderlinge afstand van 6-8 (m) Totaal 4 stuks met als eindbeeld een bomenrij
4 7
2
2
4
5
6
3
3
1 2
2 4
Aanplant van een struweel bestaande uit de volgende soorten: Amelanchier lamarckii - Am. Krentenboompje 40% Crateagus monogyna - Eénst. Meidoorn 40% Sorbus aucuparia - Lijsterbes 20% Aanplantmaat 80-100 met als einbeeld struweel ter afscherming schuilhut
12
bestand
5.
2000
Aanplant esdoornhaag - Acer campestre Aanplantmaat 80-100 met 5 st/m1 Eindbeeld is een geschoren haag van max. 1 (m) hoog
landschapsmaatregelen
chapsmaatregelen Witteveensweg 15 Heeten
4.
3 sep. 2021
Aanplant hoogstam fruitbomen - Malus/Pyrus/Prunus Bij voorkeur oud Hollandse soorten Aanplantmaat 12-14 met een onderlinge afstand van 8 (m) Eindbeeld is een boomgroep op het erf
datum
3.
a3
Aanplant Hollandse linde - Tilia x vulgaris Aanplantmaat 12-14 Totaal 4 stuks Eindbeeld zijn solitaire bomen op het erf
formaat
2.
1 (3)
Aanplant wilde liguster - Ligustrum vulgaris Aanplantmaat 80-100 met 5 st/m1 Eindbeeld is een geschoren haag van max. 2 (m) hoog
tekeningno
1.
project
Legenda
2000-eip-1.vwx
bestand
1. Bestaande boerderij
2000
project
Legenda
herbert 1.0
www.erfontwikkelaar.nl telnr: 06 24 88 38 28
1 : 750
schaal
door
a3
versie
formaat
5. Bestaande wagenberging behouden
1 (3)
4. Bestaande ligboxenstal behouden
Erfinrichtingsplan Witteveensweg 15 Heeten
datum
3. Compensatiewoning
3 sep. 2021
2. Te slopen landschapsontsierende bebouwing
7. Hollandse Linde
tekeningno
6. Tuin met haag 13
8. Hoogstam fruitbomen
6
9. Rij Ruwe Berk
11
7
7
10. Weiland
3
11. Bestaande schuilhut 14
12. Houtsingel
9
2
4
14. Houtsingel aanvullen
10
8
2
2
13. Bestaande walnoot
2
7
7
6
1
5
12
laat je erf groeien!
2
7.
Aanplant ruwe berk - Betula pendula Aanplantmaat 12-14 met een onderlinge afstand van 6-8 (m) Totaal 4 stuks met als eindbeeld een bomenrij Aanplant van een struweel bestaande uit de volgende soorten: Amelanchier lamarckii - Am. Krentenboompje 40% Crateagus monogyna - Eénst. Meidoorn 40% Sorbus aucuparia - Lijsterbes 20% Aanplantmaat 80-100 met als einbeeld struweel ter afscherming schuilhut
laat je erf groeien!
2000-eip-1.vwx herbert
bestand
2000
1 : 750 1.0
6.
www.erfontwikkelaar.nl telnr: 06 24 88 38 28
Aanplantmaat 80-100 met 5 st/m2 Houtsingel minimaal 5 (m) breed
door
Aanplant van een houtsingel bestaande uit de volgende soorten: Alnus glutinosa - Zwarte els 10% Quercus robur - Zomereik 10% Viburnum opulus - Geldersche roos 20% Corylus avalana - Hazelaar 10% Amelanchier lamarckii - Am. Krentenboompje 15% Crateagus monogyna - Eénst. Meidoorn 15% Sorbus aucuparia - Lijsterbes 10%
3 sep. 2021
5.
schaal
Aanplant esdoornhaag - Acer campestre Aanplantmaat 80-100 met 5 st/m1 Eindbeeld is een geschoren haag van max. 1 (m) hoog
a3
4.
versie
Aanplant hoogstam fruitbomen - Malus/Pyrus/Prunus Bij voorkeur oud Hollandse soorten Aanplantmaat 12-14 met een onderlinge afstand van 8 (m) Eindbeeld is een boomgroep op het erf
1 (3)
3.
Landschapsmaatregelen Witteveensweg 15 Heeten
Aanplant Hollandse linde - Tilia x vulgaris Aanplantmaat 12-14 Totaal 4 stuks Eindbeeld zijn solitaire bomen op het erf
datum
2.
formaat
Aanplant wilde liguster - Ligustrum vulgaris Aanplantmaat 80-100 met 5 st/m1 Eindbeeld is een geschoren haag van max. 2 (m) hoog
tekeningno
1.
project
Legenda
4 7
2
2
4
5
6
3
3
1 2
2 4