CConstaterende datRaalte
Koppel je AI →
Document · PDF

Bespreken principeverzoek uitbreiding varkenshouderij Heetenseweg 9A-9C

Raadsvergadering 25 november 2021, gemeente RaalteBij agendapunt: Bespreken principeverzoek uitbreiding varkenshouderij Heetenseweg 9A-9C (bespreekstuk)2.481 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

PROCEDUREBLAD BEHANDELING RAADSVOORSTEL Het college verzoekt u dit raadsvoorstel te behandelen Onderwerp

Verzoek uitbreiding varkenshouderij Heetenseweg 9A- 9C Heeten

Zaaknummer

67586-2021

B&W vergadering

5 oktober 2021

Agendacommissie

11 oktober 2021

Rond de Tafel

28 oktober 2021

Portefeuillehouder

dhr. W.J.M. (Wout) Wagenmans

Behandelend ambtenaar

Leonie van Dam telefoon: , e-mail:

Fatale termijn(en)

Bijlage(n): (beslisdocumenten die meegezonden moeten worden) 1. 2. 3.

Verzoek uitbreiding varkenshouderij Heetenseweg 9A-9C Samenvatting (concept) MER uitbreiding varkenshouderij Heetenseweg 9A-9C Concept MER uitbreiding varkenshouderij Heetenseweg 9A-9C

OPINIEREND RAADSVOORSTEL Rond de Tafel

28 oktober 2021

Zaaknummer

67586-2021

Onderwerp

Verzoek uitbreiding varkenshouderij Heetenseweg 9A- 9C Heeten

Portefeuillehouder

dhr. W.J.M. (Wout) Wagenmans

Voor informatie

Leonie van Dam telefoon: , e-mail:

Samenvatting Het varkenshouderijbedrijf op het perceel Heetenseweg 9A/9C heeft een principe verzoek ingediend om uit te breiden naar een volledig gesloten varkensbedrijf. Hiervoor moeten twee nieuwe stallen worden gebouwd om ruim 10.000 vleesvarkens meer te kunnen houden op deze locatie. Het bouwvlak moet hiervoor worden vergroot van 2,1 hectare naar circa 3,5 hectare. Het geldende bestemmingsplan Buitengebied staat een uitbreiding van het bouwvlak groter dan 2 hectare op deze locatie niet toe. Er is een afwijking van het bestemmingsplan noodzakelijk. Gezien de maatschappelijke impact die een dergelijke uitbreiding kan hebben wordt de gemeenteraad gevraagd hierover zijn opinie te geven.

Doel U wordt gevraagd: 1. Kennis te nemen van het verzoek van de varkenshouderij op het perceel Heetenseweg 9A/9C om uit te breiden en deze te bespreken in een Rond de tafel gesprek. 2. In de Rond de tafel uw opinie te geven over dit verzoek

Inleiding Het varkenshouderijbedrijf op het perceel Heetenseweg 9A/9C wil uitbreiden naar een volledig gesloten varkensbedrijf. Dit betekent dat de biggen die nu worden vervoerd naar Duitsland op het bedrijf blijven. Hiervoor moeten twee nieuwe stallen worden gebouwd om ruim 10.000 vleesvarkens meer te kunnen houden op deze locatie. Het bouwvlak moet hiervoor worden vergroot van 2,1 hectare naar circa 3,5 hectare. Uit de aangeleverde informatie lijkt de uitbreiding met toepassing van technische maatregelen mogelijk binnen de geldende milieunormen. Daarnaast heeft de initiatiefnemer een aantal investeringen aangegeven die hij wil doen op het gebied van duurzaamheid, landschap en milieu (meer informatie hierover staat in de paragraaf voorgenomen kwaliteitsinvesteringen en duurzaamheid van dit voorstel). Ruimtelijk ontstaat er wel een groot intensief veehouderijbedrijf. Deze uitbreidingsvraag vraagt daarom om een zeer goed gemotiveerde afweging. Kernvraag is of de aangegeven investeringen op de vlakken duurzaamheid, landschap en milieu voldoende opweegt tegen de impact van de uitbreiding en een bouwvlak van deze omvang (3,5 ha). Het college is zich ervan bewust dat een uitwerking van onze Omgevingsvisie op het punt van ontwikkeling van (intensieve) veehouderij en landbouw nog moet plaatsvinden. Dit vraagt een zorgvuldig proces en daarmee tijd.

De initiatiefnemer is echter al geruime tijd bezig om zijn plannen vorm te geven en wil op korte termijn hierover een standpunt van de gemeente. De gemeenteraad is bevoegd om hierover ruimtelijke kaders te stellen. Het college vraagt daarom de opinie van de gemeenteraad over dit verzoek. 2

Initiatiefnemer wil deze ontwikkeling graag in goed overleg met de gemeente invulling geven en legt daarom in goed overleg dit verzoek nu voor. Als er geen standpunt wordt ingenomen gaat de initiatiefnemer een aanvraag voor een vergunning indienen. Op basis van de aanvraag moet er een besluit genomen worden door de gemeente.

Beoogd effect Op basis van de opinie van de gemeenteraad kan het college met initiatiefnemer verder in gesprek over een eventueel vervolg op basis van zijn verzoek. Initiatiefnemer kan daarmee verdere beslissingen nemen over de uitbreiding/ontwikkeling van zijn bedrijf en de benodigde stappen daarin. Als er een vergunning wordt aangevraagd voor de uitbreiding neemt het college de opinie van de gemeenteraad mee in het beoordelen daarvan.

Waarom dit opiniërende voorstel: De raad is bevoegd Het geldende bestemmingsplan Buitengebied staat de uitbreiding van het bouwvlak tot een omvang van 3,5 hectare niet toe. Het meewerken aan het verzoek vraagt een herziening van het bestemmingsplan, of een buitenplanse afwijking van het bestemmingsplan. Na invoering van de Omgevingswet vraagt dit een buitenplanse afwijking van het Omgevingsplan (BOPA). Het mogelijk maken van een uitbreiding van deze omvang is daarmee een bevoegdheid van de gemeenteraad. De gemeenteraad stelt een benodigde herziening van het bestemmingsplan vast of hij moet een verklaring van geen bedenkingen voor de afwijking van het bestemmingsplan afgeven. Na inwerkingtreding van de Omgevingswet vraagt een BOPA in dit soort gevallen (waarschijnlijk) een advies van de gemeenteraad.

De maatschappelijke dialoog over de toekomst van de intensieve veehouderij in de gemeente is nog niet gevoerd De uitwerking van deelaspecten, zoals op het punt van ontwikkeling van (intensieve) veehouderij en landbouw heeft samenhang met de gehele verdere uitwerking van de Omgevingsvisie Horizon 2040 door de gemeente. Het is één van de aspecten die nog nadere invulling vraagt, en kan niet los worden gezien van de integrale ruimtelijke ontwikkeling in het buitengebied en een eventuele (programmatische) aanpak daarvan. De nadere gesprekken met de samenleving hierover moeten op een goede en gestructureerde wijze plaatsvinden en er moet een goede afweging en prioritering in inzet van ambtelijke capaciteit en middelen gemaakt worden. De verwachting is dat er begin 2022 een analyse ligt hoe van Omgevingsvisie te komen naar programma’s. Pas daarna zal dit verder in (deel) processen of programma’s uitgewerkt kunnen worden. Voordat er verder beleidsvormende besluiten rondom de toekomst van intensieve veehouderij genomen worden is de verwachting dat dit nog wel meer dan 1 jaar nodig heeft. Dit ook gezien processen die regionaal (Gebiedsaanpak stikstof), provinciaal (Koersontwikkeling Landelijk Gebied in relatie tot het vernieuwen van de provinciale Omgevingsvisie) en landelijk (o.a. stikstof en klimaat) op dit moment lopen.

Dit individuele geval ligt echter op dit moment voor en vraagt een antwoord. Daarom is opiniërende bespreking van het verzoek in de gemeenteraad op dit moment wenselijk. Hoewel het gaat over het geven van een opinie over dit individuele geval is er wel kans dat deze uitspraken ook enige richting geven aan toekomstige gevallen. Er kan sprake zijn van enige doorwerking omdat er met het geven van een opinie wel een signaal wordt afgegeven richting de sector.

Beleid en regelgeving Bestemmingsplan buitengebied gemeente Raalte In het geldende bestemmingsplan buitengebied gemeente Raalte, dat is vastgesteld in 2012, is voorgesteld op deze locatie de bestaande intensieve veehouderij uit te breiden naar 2 hectare. Het bedrijf heeft inmiddels ook deze omvang. Het varkensbedrijf ligt niet in een landbouwontwikkelingsgebied zoals deze op basis van het reconstructieplan in het bestemmingsplan zijn opgenomen. De in het bestemmingsplan opgenomen wijzigingsbevoegdheid van het college om bouwblokken van bestaande bedrijven in een landbouwontwikkelingsgebied te vergroten naar 2,5 hectare is hier daarom niet van toepassing.

3

Ondanks dat het Reconstructieplan en de Reconstructiewet concentratiegebieden inmiddels niet meer in werking zijn, is de in het bestemmingsplan vastgelegde omvang nog wel het eerste toetsingskader voor dit verzoek. Afwijking van het bestemmingsplan vraagt zoals aangegeven een raadsbesluit.

De omgevingsvisie Horizon 2040 In de omgevingsvisie wordt, in de kernopgave Buitengebied, aangegeven hoe vorm en invulling kan worden gegeven aan de ontwikkelingen in het buitengebied, zodat het een prettige plek blijft om te wonen, werken, ondernemen en recreëren met als ambitie: Raalte als groen en innovatief productielandschap. Voor de landbouw is als ontwikkelingsrichting aangegeven:

Wij kiezen met technologie, innovatie en experiment voor een toekomstbestendige landbouw die meerwaarde oplevert voor de leefomgeving en het landschap; De visiemakers zien in een zoektocht naar nieuwe verdienmodellen voor de landbouw twee belangrijke richtingen: - het investeren in experiment en innovatie als een oplossingsrichting - een meer kleinschalige productie en natuur inclusieve landbouw, waarbij wordt uitgegaan van de natuurlijke

draagkracht van de bodem. Beide richtingen vragen ruimte - letterlijk en figuurlijk. We vinden het belangrijk dat deze ruimte er in onze gemeente is. Hierbij wordt opgemerkt dat er niet zonder meer ontwikkelruimte moet komen voor het enkel vergroten van de agrarische productie, maar dat er meer aandacht uit moet gaan naar de verbetering daarvan en verbetering van de integrale ruimtelijke kwaliteit. Er moet een balans zijn tussen verschillende belangen in het buitengebied en mogelijkheden voor verbreding van het verdienmodel. In dit geval wil het bedrijf toekomstbestendig worden door de productie te concentreren op één locatie. Met deels technische oplossingen (luchtwassers en aanpassing ventilatie) wordt de kwaliteit van lucht en de geur situatie voor de omgeving waarschijnlijk beter. Ook de stikstofdepositie wordt verder beperkt als het Meest milieuvriendelijke alternatief (MMA) uit het concept Milieueffectrapport (MER) wordt uitgevoerd. Er worden in dit geval bekende en beproefde technieken en stalsystemen gehanteerd. Daarnaast worden er investeringen in landschap en duurzaamheid gedaan.

Hieruit komt de vraag voort of in dit verzoek de investering op de vlakken duurzaamheid, landschap en milieu voldoende investeringen zijn in de verbetering van de ruimtelijke kwaliteit om in balans zijn ten opzichte van de impact van de uitbreiding van de agrarische productie en het bouwvlak van deze omvang (3,5 ha).

Provinciaal beleid In de huidige provinciale omgevingsvisie en -verordening is de maximale omvang van het bouwvlak niet voorgeschreven, maar worden kwaliteitsuitgangspunten gegeven (Ruimtelijk, duurzaam, sociaal). De zogenaamde Kwaliteitsimpuls Agro en Food (KAF). Zie voor meer informatie hierover de handreiking KAF provincie Overijssel. Het ruimtelijk beleid van de provincie geeft aan dat een agrarisch bedrijf in balans moet zijn met de andere functies in het perspectief van “wonen en werken in een mixlandschap”. Er moet bij een grootschalige ontwikkeling sprake zijn van een grote plus voor ruimtelijke, duurzame en sociale kwaliteit. Een koppeling tussen een uitbreiding en sloop elders wordt in het provinciale beleid genoemd als mogelijke verplichting bij een grootschalige uitbreiding van een agrarisch bedrijf.

Het beleid en de wet- en regelgeving over stikstof en veehouderij is volop in ontwikkeling Op het gebied van stikstof en ook de toepassing van (emissiearme) stalsystemen is de laatste tijd veel ontwikkeling in juristprudentie en wetgeving. Het is op dit moment nog niet geheel duidelijk welke richting dit op gaat en of hieruit nog aanvullende of nieuwe eisen komen. Daarnaast kan het ook zijn dat een verdere uitwerking van de omgevingsvisie, na het voeren van de dialoog met de samenleving, nog leidt tot nieuwe inzichten die van invloed kunnen zijn op de beoordeling van dit verzoek. Ook het provinciale beleid voor het landelijk gebied is, met het opstellen van een nieuwe provinciale Omgevingsvisie, nog in ontwikkeling. 4

Voorgenomen kwaliteitsinvesteringen en duurzaamheid Landschappelijke kwaliteit Voor de landschappelijke inpassing (basis inspanning) en verdere invulling van de ‘Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving” heeft de ervenconsulent van Het Oversticht advies uitgebracht. De initiatiefnemer neemt dit advies over in zijn plannen. Landschappelijk wordt het bedrijf ingepast met afschermende beplanting, het voorterrein wordt heringericht, waarbij ook aandacht is voor wateropvang. Daarnaast worden diverse maatregelen (natuurvriendelijke oevers, biodiversiteitsstroken en aanleg kleinschalige landschapselementen) gedaan op de naastgelegen gronden. Uitvoering van de plannen geeft een toename van bebouwing (steen) in het buitengebied. Dit terwijl er elders stallen leeg komen te staan en het wenselijk is deze her te gebruiken of te saneren vanuit ruimtelijke kwaliteit- en veiligheidsoverwegingen, zoals ook in het beleidskader Erven in Beweging is aangegeven.

Dierwelzijn Doordat het een gesloten bedrijf wordt hoeven de biggen niet meer getransporteerd te worden naar een andere locatie om afgemest te worden. Hiermee wordt stress voorkomen. De stal zal gebouwd worden volgens de Maatlat duurzame veehouderij. Ook komen er per saldo ook niet meer varkenseenheden (VE) binnen het gebied Oost (1 Varkenseenheid staat gelijk aan 1 vleesvarken). De voor deze aantallen benodigde varkensrechten zullen elders in het concentratiegebied oost moeten worden aangekocht en worden verplaatst naar deze locatie.

Milieueffecten Voor de gevraagde uitbreiding in deze omvang is een milieueffectrapport verplicht. Een startnotitie hiervoor is inmiddels ingediend en beoordeeld, op basis daarvan is het bijgevoegde concept MER opgesteld. Volgens de berekeningen zal de geurbelasting op omliggende woningen afnemen, en in het geval van uitvoering van het Meest Milieuvriendelijke Alternatief (MMA), zal ook de cumulatieve geurhinder op de omliggende woningen volgens de berekening afnemen. De uitstoot van fijnstof en ammoniak wordt lager. Als het bedrijf voor het ‘gewenste alternatief’ kiest is er wel sprake van een stikstof depositie toename en is uitvoering alleen mogelijk als er extern met stikstof gesaldeerd wordt. De stikstofdepositie op Natura 2000 gebieden mag daarbij nergens toenemen en van de stikstof waarmee gesaldeerd wordt mag slechts 70% weer ingezet worden (30% vervalt). Het concept MER zoals dat bij de stukken zit hebben is nog niet definitief getoetst door gemeente en Omgevingsdienst. Hiermee wachten we tot na de opiniërende behandeling. In dit geval zal uiteindelijk ook een toetsingsadvies van de commissie m.e.r. noodzakelijk zijn.

Duurzame energie Initiatiefnemer investeert met uitvoering van zijn plannen in de opwek van duurzame energie door de daken van de stallen te voorzien van zonnepanelen. Ook worden warmtepompen toegepast die door middel van een in de luchtwassers toegepaste warmtewisselaar verkregen warmte geschikt maken voor toepassing in het bedrijf. Hiermee wordt volgens de aanvrager het bedrijf wat betreft elektriciteit per saldo een energieleverancier en is de bedrijfsvoering niet meer afhankelijk van aardgas. In het concept MER wordt echter nog wel een aardgasverbruik aangegeven, voor de bedrijfswoningen en gebruik bij extreem koud weer.

Maatschappelijke investeringen Als actief deelnemer van Salland Boert en Eet Bewust wil initiatiefnemer het bedrijf openstellen voor belangstellenden en investeren in het meer zichtbaar maken van zijn bedrijf en de productie van voedsel. Daarnaast wordt een ontvangstruimte gerealiseerd voor educatie en voorlichting en mogelijkheden voor bezichtiging en excursies op het bedrijf.

Dialoog met de omgeving Over de uitbreiding heeft de initiatiefnemer contact gehad met zijn directe buren. In hoofdstuk 7 van de concept MER is aangegeven hoe deze gesprekken zijn verlopen. In maart 2020 heeft de ondernemer een ronde langs direct omwonenden gedaan. (Heetenseweg 9, 9b, 11 -13) 5

Hierbij zijn nog enkele kritische kanttekeningen gemaakt door enkele omwonenden. Het gaat daarbij met name over het aspect geurhinder en de landschappelijke inpassing. De plannen waren op dat moment nog niet geheel uitgewerkt en ondernemer zal dus zeker deze omwonenden nog goed bij de verdere planvorming moeten betrekken. Het bedrijf ligt tegen gronden van het landgoed Schoonheten aan. Hiermee is contact geweest over de plannen. Zij hebben aangegeven niet positief te staan tegenover (een uitbreiding van) de varkenshouderij op deze locatie.

Financiën Op dit moment zijn er voor de gemeente geen financiële gevolgen. Bij een eventuele verdere procedure zullen zoals gebruikelijk een planschade en anterieure overeenkomst met de initiatiefnemer worden gesloten.

Vervolg Naar aanleiding van de opinie van uw gemeenteraad gaat het college in gesprek met de initiatiefnemer over het vervolg en de eventuele kaders daarbij. De gemeenteraad wordt op de hoogte gehouden van het verdere vervolg.

Communicatie Direct omwonenden zijn op de hoogte van de behandeling van dit raadsvoorstel. De initiatiefnemer heeft hen hierover geïnformeerd en blijft hen hierover informeren.

Bijlagen 1. 2. 3.

Verzoek uitbreiding varkenshouderij Heetenseweg 9A-9C Samenvatting (concept) MER uitbreiding varkenshouderij Heetenseweg 9A-9C Concept MER uitbreiding varkenshouderij Heetenseweg 9A-9C

Burgemeester en wethouders van Raalte,

de secretaris Karin Cornelissen

de burgemeester Martijn Dadema

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Raalte&id=ca6adcb9-5dc1-46d7-a260-4034fff422c9