Beantwoording technische raadsvragen zomernota 2025
Tekst van het document
MEMO Datum
16 september 2025
Aan
De leden van de gemeenteraad
Kopie aan
Collegeleden
Van
College van burgemeester en wethouders
Informant
Jannie Lozeman 06-1276 6991
Onderwerp
Beantwoording technische vragen zomernota 2025
Inleiding Onderstaand treft u de beantwoording aan van de door Burger Belangen schriftelijk gestelde technische vragen over de zomernota 2025. Van de andere partijen zijn geen technische vragen ontvangen. Vraag 1 Pagina 17: Het onderhoud aan het gemeentehuis wordt nu naar voren gehaald. Eerder is de raad geïnformeerd over verschillende scenario's voor nieuwbouw en recent ook vernieuwbouw. In hoeverre heeft het nu naar voren halen van 900.000 euro aan onderhoud invloed op de scenario's die eerder zijn opgesteld? Antwoord Dit heeft geen invloed op de scenario's die eerder opgesteld zijn. Gelijktijdig met het besluit tot verkenning van de locatie voor nieuwbouw van het gemeentehuis is besloten om het oude gemeentehuis een opfrisbeurt te geven. Daarbij is als uitgangspunt genomen dat we nog minimaal 6 tot 8 jaar gebruik van dit gebouw maken. Uitgangspunt bij de uitvoering van de werkzaamheden is dus sober en doelmatig. Daarnaast hebben we ook gekeken naar de technische installaties. Die gaan geen 6 tot 8 jaar meer mee. Sterker nog, een van de verwarmingsketels is inmiddels uitgevallen en niet meer te repareren omdat er geen onderdelen meer verkrijgbaar zijn.
Vraag 2 Klopt de aanname, dat wanneer nieuwbouw van het gemeentehuis wordt doorgezet, en het onderhoud niet naar voren zou worden gehaald, er minder zou worden besteed? Immers: het voelt niet logisch om bijvoorbeeld een jaar voordat je start met nieuwbouw nog voor drie ton onderhoud aan het gemeentehuis uit te voeren. Graag een toelichting. Antwoord Een begrijpelijke vraag. Het besluit is genomen om een onderzoek op te starten naar een locatie voor nieuwbouw van het gemeentehuis. Het beschikbaar bedrag voor onderhoud van het gemeentehuis is fors verlaagd door een aantal zaken naar voren te halen en voor de opfrisbeurt van het gemeentehuis dekking te zoeken in bestaande budgetten. Het spreekt voor zich dat we, met het zicht op nieuwbouw, het onderhoud van het gemeentehuis tot echt het noodzakelijke zullen beperken.
Vraag 3 Daarnaast de vraag: betekent het, door nu onderhoud naar voren te halen, aanvullend aan de cosmetische aanpassingen die al in gang zijn gezet, dat een nieuwbouwscenario financieel ongunstiger wordt? Er is immers meer geïnvesteerd in het huidige gemeentehuis. Antwoord Onderhoud verhoogt de boekwaarde van het gemeentehuis niet, onderhoud wordt meteen als last genomen in de exploitatie. Er zijn geen grote bouwkundige aanpassingen aan het gemeentehuis uitgevoerd, die de boekwaarde van het gemeentehuis hebben verhoogd. De opfrisbeurt en het onderhoud van de technische installaties zorgt er niet voor dat het nieuwbouwscenario ongunstiger wordt. Vraag 4 De toelichting geeft aan dat door onderhoud naar voren te halen, de regeltechniek naar voren wordt gehaald. Daarmee wordt dus een wat grotere investering gedaan. Echter: we zouden aannemen dat de 'oude' 368.728/jaar niet zou dekken dat je op een later moment nog de regeltechniek zou kunnen vervangen. Gaat de investering in regeltechniek dan ten koste van ander onderhoud (omdat je nu bijv. in 2027 maar 200.000 te besteden hebt aan onderhoud, in plaats van 368.728)? Of zou de verwachting zijn dat er anders jaarlijks voor 168.728 euro aan onderhoud aan de regeltechniek zou plaatsvinden? Graag een toelichting.
Antwoord Het uitgangspunt is geweest om de geraamde kosten voor de opfrisbeurt en de vervanging van de technische installatie te dekken uit bestaande middelen. Vanuit de gedachte dat we nieuw gaan bouwen is het aannemelijk dat we de komende jaren gaan afschalen met groot onderhoud aan het gemeentehuis. We willen voorkomen dat we geld stoppen in een gebouw dat mogelijk na 6 tot 8 jaar niet meer gebruikt wordt. Maar de komende 6 tot 8 jaar hebben we als werkgever er wel voor te zorgen dat het personeel kan werken in een omgeving dat prettig is. Daarnaast willen we dat onze inwoners zich welkom blijven voelen in het gemeentehuis en het gebouw zijn goede uitstraling blijft behouden. Vraag 5 Pagina 6/8: Er wordt nu reëel begroot, en er wordt aangegeven dat er een TIO komt. Daarmee lijken de financiën dus rooskleuriger dan ze in werkelijkheid zullen zijn, omdat in deze zomernota veel investeringen niet te zien zijn. In hoeverre zegt het "doorkijk financieel perspectief" op pagina 8 dan werkelijk iets over hoe het financieel gaat? Antwoord In de zomernota 2025 wordt de tussentijdse balans opgemaakt over het eerst halfjaar 2025 met een doorkijk naar de meerjarenraming 2026-2028. In het kader van reëel begroten zijn investeringsbudgetten waar nog geen volledig plan van aanpak, inclusief capaciteitsplanning, onder lag in deze zomernota terug geraamd.
Door deze ‘systeemwijziging’ worden investeringskredieten in de begroting en meerjarenraming opgenomen zodra hiervoor een volledig plan van aanpak, inclusief capaciteitsraming beschikbaar is. Het klopt dat hiermee een aantal investeringen ‘buiten de planperiode 2025-2028’ vallen en derhalve niet in het voorliggend meerjarenperspectief zijn vertaald. Zoals ook in de zomernota 2025 is aangegeven worden voor deze uitgestelde investeringen wel middelen in de komende begroting 2026-2029 gereserveerd door de introductie van de stelpost ‘nieuw beleid Toekomstig Investerings Overzicht (TIO)’. Doordat we met het TIO een doorkijk willen geven voor de komende 10 jaar wordt de voorspelbaarheid van toekomstige investeringen, ook op middellange termijn, een stuk groter. Dit is al een lang gekoesterde wens van college en raad en krijgt op deze manier concrete invulling vanaf de (meerjaren) begroting 2026-2029. 2
Vraag 6 Vervolgvraag op de TIO: kunnen we een toelichting krijgen op het financieel perspectief waarbij (een geschatte) TIO-post is meegenomen, zodat wij een beter beeld van de werkelijke financiële situatie van de gemeente kunnen krijgen? Antwoord Vanaf de begroting 2026 en meerjarenbegroting 2027-2029 wordt een geschatte TIO-post in de begroting opgenomen gebaseerd op het Toekomstig Investerings Overzicht (TIO). Het TIO komt bij de begroting 2026 en meerjarenbegroting 2027-2029 beschikbaar zodat er dan ook een beeld geschetst kan worden van Investeringen die ‘in de pijplijn’ zitten en welke financiële bedragen hiermee indicatief gemoeid zijn. Vraag 7 Pagina 13: 4.1 Voorgesteld wordt voor uitwerking Ontwikkelkader Stationsgebied voor 2025 € 215.000 en voor 2026 € 110.000 beschikbaar te stellen. --> was het niet zo dat er personeelsgebrek speelde en er een vertraging voor de spoorzone opgelopen is? We zouden verwachten dat er eigenlijk nog geld in de pot moet zitten voor 2025. Kan dit worden toegelicht? Antwoord We hadden te maken met uitval door ziekte. We hebben voortvarend gehandeld en een nieuwe Kwartiermaker aangesteld. De Kwartiermaker heeft de Opdracht Ontwikkelkader uitgewerkt. Het proces om te komen tot een Ontwikkelkader is nu ingericht, inclusief de interne personeelscapaciteit.
Het budget van 2025 was een beperkt voorbereidingskrediet om de eerste stappen te zetten om het proces in te richten. Nu zetten we de vervolgstappen om het Ontwikkelkader te maken en hiervoor is budget nodig om deze te kunnen uitvoeren. De bedragen die zijn aangevraagd in de Zomernota zijn bedoeld ter dekking van de externe kosten en inschakelen van benodigde expertise. Dit is nodig om de gewenste voortgang in het proces te kunnen halen. Vraag 8 Pagina 14: Voor de herinrichting van de stations Heino en Raalte is € 3,2 miljoen eenmalig beschikbaar gesteld en gedekt uit de dynamische investeringsreserve. Uit een nadere analyse blijkt dat van de beschikbare middelen € 1,5 miljoen aangemerkt moet worden als een investering. Kan worden toegelicht waarom dat zo is? Antwoord Het betreft een administratieve wijziging, zonder effect op het begrotingssaldo. Een bijdrage (betaling aan Prorail) dient als een eenmalige uitgave verantwoord te worden. In het budget zijn ook middelen opgenomen voor aanpassingen van de gemeentelijke infrastructuur. Bij nadere analyse bleek dat deze infrastructurele aanpassingen geactiveerd moeten worden en afgeschreven. Tegenover de jaarlijkse kapitaallasten staat een onttrekking uit de gekoppelde reserve. Vraag 9 Pagina 22: vanwege meer vraag naar de meedoen-regeling, wordt het bedrag eenmalig verhoogd.
Maar als er dit jaar meer kinderen gebruik van maken, is het waarschijnlijk ook volgend jaar zo. Ondanks dat de verhoging nu als eenmalig wordt gepresenteerd, is het de verwachting dat een structurele verhoging nodig is?
3
Antwoord De meedoen-regeling voor volwassenen is verhoogd omdat er meer mensen gebruik van maken. We kennen de regeling automatisch toe aan inwoners die van ons een uitkering voor levensonderhoud ontvangen. Deze structurele verhoging is ook in de begroting 2026 doorgevoerd. Bijstelling van het budget van de meedoenregeling 18- is vooralsnog niet nodig. Deze regeling wordt uitgevoerd door Stichting Leergeld. Vraag 10 Pagina 26: Huishoudelijke hulp, kan er inzicht worden gegeven in hoeveel ouderen er extra huishoudelijke hulp hebben gekregen in 2024? Met nog meer vergrijzing in de toekomst, helpt ons dat een beeld te vormen van wat er nog op ons gaat afkomen. Kortom: hoeveel extra mensen krijgen huishoudelijke hulp, om tot dit extra bedrag van 400.000 te komen? Antwoord Die vraag is niet zo eenvoudig te beantwoorden, omdat de volumestijging niet alleen betrekking heeft op het aantal inwoners dat zorg ontvangt, maar ook op de omvang van de geleverde zorg. Op 1 juli 2023 hadden 1053 inwoners een indicatie voor hulp bij het huishouden, op 1 juli 2024 1114 en op 1 juli 2025 1126. Het totaal aantal geleverde uren hulp bij het huishoudens was in 2022 95.530, in2023 98.507 en in 2024 106.441. Er is dus in 2 jaar tijd 11.000 meer uur geleverd, terwijl het aantal indicaties gering is gestegen.
Niet elke inwoner nut zijn of haar indicatie volledig uit, bijvoorbeeld omdat er minder uren beschikbaar zijn, er sprake is van ziekte of een inwoner tijdelijk opgenomen is. Naast de toename van de geleverde uren is ook het uurtarief gesteging door hoge indexatiecijfers. We zijn als gemeente verplicht om een reëel tarief te betalen. Vraag 11 Pagina 29: hier staat bij actie 2.1: “We zetten stappen naar een duurzame manier van het verwarmen van gebouwen door groots in te zetten op energiebesparing door isolatie.”. Het vinkje staat op groen, maar kan een toelichting worden gegeven op het concrete resultaat van het groots inzetten op isoleren? Antwoord We zijn momenteel bezig om de inzet op isolatie op te zetten door een regeling in het leven te roepen. De uitvoering van deze subsidieregeling moet Europees aanbesteed worden, deze aanbesteding wordt nu voorbereid. De subsidieregeling zorgt ervoor dat woningeigenaren met een slecht geïsoleerde woning een flinke tegemoetkoming kunnen krijgen wanneer zij isolatiemaatregelen uitvoeren.
Vraag 12 Pagina 30: bijdrage zonneparken staat op een financieel plusje. Hoe zeker is het college van een financieel resultaat? En, indien de projectontwikkelaar kanaaldijk-Zuid een schadevergoeding eist: blijft de uitgave van 110.000 euro aan lokale gebiedsopgaven en duurzaamheidsambities dan staan? Antwoord Er staat een plusje omdat het een positieve afwijking is op de begroting. Het park aan de kanaaldijk-zuid is inmiddels (augustus) gereed gemeld zonder dat er overeenstemming is behaald over het lokale eigendom. Volgens de overeenkomst zou het bedrag daarom geïnd kunnen worden. Het betalen van een eventuele schadevergoeding is een separaat traject. Vraag 13 Pagina 30: duurzaamheid: op welke manier wordt de raad betrokken/in positie gebracht bij het vaststellen van initiatieven waar deze 110.000 euro aan besteed wordt? Graag een toelichting. 4
Antwoord Met het vaststellen van de zomernota beslist de raad dat de 110.000 euro besteed gaat worden aan initiatieven die bijdragen aan lokale gebiedsopgave en duurzaamheidsambities. Vraag 14 Pagina 38: Rohda hal: de hal blijft staan, maar blijft de voorwaarde ook dat het niet mag concurreren? Als we het goed begrijpen zitten de Tijenraan-sporthallen erg vol. Is het dan niet juist wenselijk dat de Rohda-hal ook breder ingezet mag worden? Graag een toelichting. Antwoord Deze voorwaarde blijft van kracht. Mocht sprake zijn van een structureel capaciteitstekort met betrekking tot de gemeentelijke binnensportaccommodaties, dan wordt bekeken welke stappen nodig zijn. De Rohda hal is eigendom van de voetbalvereniging en kan in elk geval niet zonder renovatie weer in gebruik worden genomen.
5