210630 Informatienotitie Raad windenergie
Tekst van het document
INFORMATIENOTITIE RAAD Onderwerp
Temporiseren windenergie
Zaaknummer
52002-2021
B&W vergadering
13 juli 2021
Portefeuillehouder
dhr. F. (Frank) Niens
Behandelend ambtenaar
Judy Janson en Mariosé Meijerink-Booijink telefoon: , e-mail:
Kennis te nemen van Het temporiseren van het proces om te komen tot richtlijnen voor windenergie.
Inleiding Het college is eind vorig jaar gestart met een proces om te komen tot richtlijnen voor windenergie. Na een consultatieronde onder inwoners en een informerende rond-de-tafel op 29 april heeft de raad op 27 mei opiniërend gesproken over de vraag hoeveel ruimte de raad in gemeente Raalte wil geven voor windenergie. Recente ontwikkelingen maken de onzekerheden rondom het dossier windenergie dusdanig groot, dat het college van mening is dat het verstandig is het proces nu te temporiseren. De aanleidingen hiervoor zijn RIVMonderzoeken naar gezondheidseffecten en onzekerheden rondom het nieuwe regeerakkoord. Daarbij komt een recente uitspraak van de Raad van State over de noodzaak van een milieubeoordeling op windturbinenormen. Voorliggende informatienotitie licht dit toe.
Kernboodschap Een aantal ontwikkelingen rondom windenergie geeft het college aanleiding om het proces om tot richtlijnen voor windenergie te komen, te temporiseren. 1. Onderzoek gezondheidseffecten RIVM In 2020 heeft het RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) samen met Mundonova sound research onderzoek gedaan naar wat bekend is over de gezondheidseffecten van windturbines. Dit is op basis van wetenschappelijke literatuur over het effect van windturbines op ervaren hinder, slaapverstoring, hart- en vaatziekten en stofwisseling. Ook werd bekeken wat bekend is over hinder door de visuele aspecten van windturbines en andere niet-akoestische factoren, zoals het besluitvormingsproces. Uit dat onderzoek blijkt dat er hinder optreedt als gevolg van geluid: hoe sterker het geluid (in dB decibel ) van windturbines, des te groter de hinder ervan. Uit dit literatuuronderzoek bleek niet dat het zogeheten ‘laagfrequent geluid’ (lage tonen) van windturbines voor extra hinder zorgt, vergeleken met ‘gewoon’ geluid. Voor andere gezondheidseffecten zijn de resultaten van wetenschappelijk onderzoek niet eenduidig: deze effecten hangen niet duidelijk samen met het geluidniveau, maar soms wel met de ervaren hinder. Tot slot liet het literatuuronderzoek duidelijk zien dat omwonenden minder hinder hebben van de windturbines als ze betrokken werden bij de plaatsing ervan.
Door mee te kunnen denken over de plaatsing en de balans tussen kosten en baten, ervaren omwonenden minder hinder. Het RIVM voert momenteel een vragenlijstonderzoek uit naar de manier waarop mensen risico’s waarnemen van hun leefomgeving, hun leefstijl en van infectieziekten. Daarvoor is ook een steekproef getrokken van 3500 adressen in de buurt van windmolenparken. De uitkomsten van dat onderzoek komen naar verwachting in de
loop van 2021 beschikbaar. Daarnaast is het RIVM in gesprek met betrokken ministeries en lokale en regionale overheden om aanvullende onderzoeksvragen op te halen als het gaat om gezondheidseffecten van geluid. Uit de opbrengst van de consultatie binnen ons eigen proces van richtlijnen voor windenergie, gesprekken met onze inwoners en vanuit insprekers zien we dat er vragen leveren en zorgen zijn over onder meer geluid, slagschaduw en gezondheidseffecten. Dit geeft voor het college des te meer aanleiding om de informatie uit lopende en eventuele vervolgonderzoeken te betrekken bij het vervolg. 2. Regeerakkoord Het maatschappelijke en politieke debat over wie de regie moet pakken op de energietransitie en op welke wijze, is een tweede factor die meespeelt in de overwegingen van het college om te temporiseren. Het is op dit moment nog niet duidelijk hoe het nieuwe kabinet en regeerakkoord eruit gaat zien. De keuzes die het nieuwe kabinet gaat maken kunnen invloed hebben op de wijze waarop de energietransitie verder vorm krijgt. Het planbureau voor de leefomgeving geeft hierover aan dat het nieuwe kabinet voor grote opgaven staat op het gebied van de leefomgeving. “In de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) worden deze opgaven benoemd en worden enkele
afwegingsprincipes voor ruimtelijke keuzes geschetst, alsmede de contouren van een vervolgproces (sectorale en gebiedsgerichte uitwerkingen). De NOVI laat evenwel veel inhoudelijke keuzes open en biedt volgens velen nog onvoldoende regie op de uitvoering van het voorgestane beleid. Het nieuwe kabinet staat voor de taak om – samen met decentrale overheden en hun maatschappelijke partners – een aantal wezenlijke ruimtelijke keuzes te maken en aan de langetermijnvisie van de NOVI concrete uitvoeringsmaatregelen te koppelen. (zie voor de publicatie van het PBL: Grote opgaven in een berperkte ruimte (pbl.nl) )” . De wijze waarop het Rijk haar rol wil pakken bij deze opgaven is van invloed op de aanpak van de energietransitie. Het college betrekt deze ontwikkelingen bij het voorstel voor het vervolg.
3. Milieubeoordeling op windturbinenormen Daarbij zorgt een recente uitspraak van de Raad van State voor meer onzekerheid op het winddossier. Als gevolg van een uitspraak van 30 juni jl. gaat de regering een milieubeoordeling maken voor windturbinenormen. Dit gaat over algemene normen voor geluid, slagschaduw en veiligheid. Het college wil de uitkomsten van de uit te voeren milieubeoordeling op de algemene normen afwachten en betrekken bij het vervolg. De uitspraak van de Raad van State houdt samengevat het volgende in: “Voor de algemene normen voor geluid, slagschaduw en veiligheid die in Nederland gelden voor de bouw en het
gebruik van windturbines moet op grond van het Europese recht een beoordeling worden gemaakt van de gevolgen voor het milieu. De regering zal nu zo’n milieubeoordeling moeten maken. Tot die tijd mogen deze algemene normen in het Activiteitenbesluit en de Activiteitenregeling niet worden gebruikt voor windturbineparken. “ Zie voor de uitspraak: Europees recht dwingt tot milieubeoordeling voor windturbinenormen - Raad van State De regels uit het Activiteitenbesluit en de Activiteitenregeling mogen wel gebruikt worden voor één of twee losse windmolens. Daarnaast is de gemeenteraad bij een bestemmingsplan niet verplicht om aan te sluiten bij de windturbinenormen uit het Activiteitenbesluit en de Activiteitenregeling. De gemeenteraad kan in een bestemmingsplan eigen normen stellen, als deze normen maar goed worden gemotiveerd voor het concrete bestemmingsplan. Ongeacht hoeveel ruimte de gemeenteraad uiteindelijk wil bieden aan windenergie, wil het college de uitkomsten van de uit te voeren milieubeoordeling op de algemene normen afwachten en nu niet inzetten op het ontwikkelen van eigen normen. Het college is van mening dat deze uitspraak samen met voorgenoemde factoren de onzekerheden op het winddossier dusdanig groot maakt, dat het verstandig is het proces te temporiseren. De algemene normen kunnen mogelijk wijzigen als gevolg van de te maken beoordeling door de regering.
2
Vervolg De regering gaat nu aan de slag met het maken van een milieubeoordeling. Mogelijk leidt dit ertoe dat de algemene normen voor windturbines wijzigen. Zodra er duidelijkheid is over het nieuwe regeerakkoord, de uitkomsten van deze milieubeoordelingen en de uitkomsten van het RIVM onderzoek beschikbaar zijn, komt het college met een voorstel bij de raad terug.
Communicatie Vanuit onze inwoners zijn er zorgen geuit en leven er vragen over geluid, slagschaduw en gezondheidseffecten. Anderzijds zijn er ook signalen vanuit inwoners dat windmolens als kans kunnen worden beschouwd. Maar gezien de recente ontwikkelingen die hierboven zijn beschreven, is het college van mening dat het temporiseren van het proces om te komen tot richtlijnen voor windenergie op zijn plaats is. Via een persbericht worden inwoners hiervan op de hoogte gesteld. Tevens worden inwoners, lokale initiatieven en geïnteresseerden die zich eerder hebben aangemeld om op de hoogte te willen blijven van ontwikkelingen, via een mailinglist op de hoogte gebracht.
Burgemeester en wethouders van Raalte,
de secretaris Karin Cornelissen
de burgemeester Martijn Dadema
3