Zienswijzennota (geanonimiseerde versie)
Tekst van het document
Zienswijzennota In deze nota staan de ingediende zienswijzen (die zo veel mogelijk woordelijk zijn overgenomen) met de reactie op de zienswijze.
1. ……………… (…………….) mede namens 25 omwonenden: 1.1 Zienswijze: Pagina 2: Aanvraag De productie-uren gaan van 12 naar 20,5 uur per etmaal (uitbreiding met 71%) Aantallen slachtingen van kuikens van 160.000 naar 260.000 kuikens (uitbreiding met 63%) De productie-uren gaan van maandag tot en met vrijdag van 12 naar 20,5 uur en op zaterdag van 8.5 naar 9 uur. Er staat “onveranderd” terwijl er wel degelijk een verandering is. Graag uw toelichting. Dus de productie-uren per week gaan van 68.5 naar 111.5 uur (gem. 63% toename) In de nacht van 01:00 tot 04:30 uur vinden alleen schoonmaakactiviteiten plaats. Gaan de schoonmaakactiviteiten gepaard zonder geluid en vervoersbewegingen? Vinden er op de zaterdag er geen schoonmaakactiviteiten plaats na de slachttijden? Reactie gemeente: Op pagina 2 staat onveranderd bij de beschrijving van de bedrijfsactiviteiten op zaterdag. Het betreft een uitbreiding van de openingstijden van de slachterij, waarbij de aard van de activiteiten onveranderd blijft. Mogelijk is het niet geheel juist om te stellen dat de zaterdag ‘onveranderd’ is. In de vigerende situatie waren de werktijden voorgeschreven in voorschrift 1.4.5. De beoogde tijden zijn verwoord in het aanvraagformulier (OLO nummer 5142937 d.d.: 12 juni 2020). Aangezien de aanvraag nu wordt geweigerd is deze vergelijking niet relevant.
Bij een eventuele aanpassing van de aanvraag of een nieuwe aanvraag kan nader ingegaan worden op de verschillen in bedrijfstijden per dag. De schoonmaakactiviteiten in de huidige situatie zijn reeds vergund. De aangevraagde uitbreiding in activiteiten met betrekking tot de schoonmaakactiviteiten vinden inpandig plaats. Deze gaan dus niet gepaard met relevant geluid, zoals ook aangegeven in het bij de aanvraag gevoegde geluidrapport. Er vinden hiervoor geen extra vervoersbewegingen plaats voor de schoonmaak activiteiten. Ook op de zaterdagochtend/nacht vinden er schoonmaakactiviteiten plaats. 1.2 Zienswijze: Pagina 3: PRTR-verslag PRTR-verslag: Wat wordt onder een elektronisch PRTR-verslag verstaan? Is deze al ingediend? Zo niet, wanneer moet dit verslag wel uiterlijk zijn ingediend?
Reactie gemeente: Dit is een verzoek om informatie en niet een zienswijzegrond. De gevraagde informatie wordt in een afzonderlijke brief beantwoord. 1.3 Zienswijze: Pagina 4: Wet natuurbescherming Een vvgb is niet nodig wanneer al toestemming op basis van de Wnb is verkregen of gevraagd. Wat betekent dit en is dat verkregen of aangevraagd? Is er een omgevingsvergunning van toepassing wanneer voor het voorgenomen project geen vergunning en ontheffing op grond van de Wnb nodig is? Er is een vergunning op 3 maart 2021 aangevraagd etc.… Wat betekent dat de Wnb niet aanhaakt in deze Wabo-procedure? Reactie gemeente: Zoals in het advies van de omgevingsdienst is verwoord onder het kopje “Wet natuurbescherming” is er afzonderlijk bij de provincie een aanvraag ingediend op grond van de Wet natuurbescherming. Het is de keuze van de aanvrager om deze aanvraag te laten “aanhaken” bij de aanvraag omgevingsvergunning die bij de gemeente is ingediend of de aanvraag Wet natuurbescherming afzonderlijk rechtstreeks bij de provincie aan te vragen. De aanvrager heeft voor het laatste gekozen. Voor eventuele vragen over genomen besluiten op de aanvraag om vergunning op grond van de Wet natuurbescherming wordt verwezen naar de provincie Gelderland.
Ook al zou er op grond van de Wet natuurbescherming geen vergunning nodig zijn, dan is nog steeds een omgevingsvergunning voor de onderdelen “veranderen van een inrichting” (milieu), “bouwen” en “afwijken bestemmingsplan” vereist. 1.4 Zienswijze: Pagina 5: Afvalstoffen Binnen de inrichting ontstaan afvalstoffen. Vergunninghouder heeft geen onderzoek gedaan naar besparings- en/of preventiemogelijkheden uitgevoerd. Waarom wordt dit toegestaan terwijl dit moet op grond van artikel 5.4 lid 3 onder a Besluit omgevingsrecht. Reactie gemeente: Aangezien de vergunningaanvraag is geweigerd, worden er geen voorschriften gesteld. Het opnemen van een afvalpreventieonderzoek is mogelijk voor te schrijven, maar hiervan is afgezien omdat dit aspect bij slachterijen grotendeels ontstaat vanuit het productieproces en daar niet te voorkomen is. Verwacht wordt dat het bedrijf ook zonder een dergelijke verplichting aandacht heeft voor afvalpreventie. Naast het onderhavige besluit geldt overigens ook een zorgplicht waarbij aandacht kan worden gevraagd, indien dat evident nodig is. Indien de aangevraagde situatie vergund gaat worden omdat de onvolkomenheden voldoende zijn ondervangen, zullen we overwegen welke voorschriften we voor dit onderwerp op moeten
2 van 18
nemen. Een voorschrift waarin een afvalpreventieonderzoek wordt gevraagd, zou daar mogelijk onderdeel van kunnen uitmaken. 1.5 Zienswijze: Pagina 5: Waterbesparing Toename van afvalwater van 1.500 m3 naar 2.100 m3 per dag (toename met 40%) Wordt de extra hoeveelheid water uit de grond opgepompt? Hoeveel extra water wordt er in totaal onttrokken uit de grond op jaarbasis? Of is dat drinkwater? Hoeveel extra water is dat op jaarbasis? En past de extra winning van grondwater nog binnen afgegeven vergunning? Heeft de gemeente Putten getoetst of het binnen de Waterwet past? Reactie gemeente: Mogelijk dat het bedrijf voor de beoogde productietoename meer water zal gaan verbruiken. Bij de aanvraag is een waterbesparingsplan d.d. 23 september 2022 gevoegd. Hieruit blijkt dat het waterverbruik per kuiken ongeveer 8,8 liter is. Voor een toename van 100.000 dieren/dag, betreft dat 880.000 liter, dus circa 800 tot 900 m3 extra per dag. Dus circa 200.000 tot 300.000 m3 per jaar. Het oppompen van grondwater, een grondwateronttrekking voor industriële toepassing, valt buiten de reikwijdte van de Wabo-vergunning. Het bedrijf heeft hiervoor een vergunning op grond van de Waterwet nodig. Indien men meer wil onttrekken dan vergund, dient men dat aan te vragen bij Gedeputeerde Staten van Gelderland. Het toetsen aan de Waterwet is geen aangelegenheid van de gemeente Putten.
De provincie Gelderland heeft op 23 januari 2008 vergunning verleend om maximaal 350.000 m3 grondwater per jaar te onttrekken. De revisievergunning van 29 mei 2012 is gebaseerd op een hoeveelheid onttrokken grondwater van 350.000 m3/jaar. Op 25 april 2013 heeft de provincie Gelderland vergunning verleend om maximaal 440.000 m3 grondwater per jaar te onttrekken. Hierin is ook een periodiek waterbesparingsonderzoek voorgeschreven in voorschrift 4.1. Uit dat onderzoek blijkt dat men reeds circa 430.000 m3 verbruikt. De provincie Gelderland heeft op 3 september 2020 een m.e.r.- beoordelingsbesluit genomen waarin staat dat Storteboom een milieueffectrapportage moet opstellen wanneer zij een vergunning willen aanvragen voor het uitbreiden van de grondwateronttrekking tot 650.000 m3 grondwater per jaar. Indien de toename niet door grondwater kan worden geleverd, zal dit gebeuren door leidingwater. Het huidige verbruik van leidingwater is volgens het waterbesparingsplan d.d. 23 september 2022 ca. 3.000 m3. Dit zal dan toenemen. 1.6 Zienswijze: Van het rioolbeheer van de gemeente Putten…ontstaan. Heeft de gemeente/provincie nu plannen om de riolering langs de Voorthuizerstraat, vanaf
3 van 18
de rotonde Van Geenstraat/Sprielderweg tot aan Storteboom, aan te gaan passen? De riooloverstort aan de Hoge Engweg laat nu wel eens een vloeibare slachtafvalfontein zien. Heeft het riool bij uitbreiding nog wel voldoende capaciteit? Reactie gemeente: Dit is een verzoek om informatie en niet een zienswijzegrond. De gevraagde informatie wordt in een afzonderlijke brief beantwoord. 1.7 Zienswijze: Pagina 6: Geluid Wie is opdrachtgever geweest van het akoestisch rapport Peutz? 11.000 motorvoertuigen per etmaal 2017. Enkele maanden geleden is er opnieuw onderzoek gedaan naar de verkeersintensiteit. Wat is daar de uitkomst van? Waaruit blijkt dat de omgeving niet relevant geluidsoverlast heeft tijdens de schoonmaakactiviteiten? Aanvoer van kuikens kan gedurende het gehele etmaal plaatsvinden. Betekent dat dan 7 dagen in de week en 24 uur per dag? (Zaterdag en zondag) Handreiking industrielawaai en vergunningverlening oktober 1998. Deze handreiking is 23 jaar oud. In hoeverre sluit dit aan met de nieuwe (komende) Omgevingswet? Reactie gemeente: Storteboom heeft naar aanleiding van een aanvullingsverzoek het akoestisch onderzoek moeten aanpassen. Deze is bijgevoegd bij het ontwerpbesluit. Zoals op het voorblad staat weergegeven, is de opdrachtgever 2 Sisters Storteboom B.V. Het is gebruikelijk dat het bedrijf dat een aanvraag indient zelf de daarvoor benodigde onderzoeken financiert.
In het akoestisch rapport van Peutz van 21 april 2021 (behorende bij de aanvraag) is uitgegaan van een bepaalde verkeersintensiteit. Zie pagina 8 en 9 van het rapport. Op moment van de aanvraag is van die bepaling van het referentieniveau van het omgevingsgeluid uitgegaan. Het onderzoek naar de verkeersintensiteit waar in de zienswijze naar wordt verwezen, staat los van deze procedure. Dit punt maakt geen onderdeel uit voor het beoordelingskader van deze aanvraag. Uw vraag kunnen wij in het kader van dit proces om deze reden niet beantwoorden. De schoonmaakactiviteiten vinden inpandig plaats, daarom is er geen relevante geluidsoverlast tijdens de schoonmaakactiviteiten. Dit is in het geluidonderzoek, behorende bij de aanvraag, aangetoond. De schoonmaakactiviteiten zullen niet veranderen, en daardoor ook de geluiduitstraling ervan niet. De toename in slachttijden, hebben in principe geen invloed op de schoonmaakduur en het watergebruik van de schoonmaakwerkzaamheden. Geluid onder de Omgevingswet is opgenomen in het Omgevingsplan (Bruidsschat). Hierin zijn standaardwaarden opgenomen. De onderhavige aanvraag is ingediend voor 1 januari 2024 en
4 van 18
is daarom op basis van oud recht beoordeeld. De status van de handreiking in het kader van de Omgevingswet is hiervoor niet relevant. 1.8 Zienswijze: (Pagina 8: Geluid indirecte hinder) De voorkeursgrenswaarde voor de geluidsbelasting…moet zo mogelijk worden voorkomen…. Waarom niet: moet worden voorkomen? Uit het akoestisch rapport blijkt dat er 35 vrachtwagens in en 35 (fout in aanvraag) vrachtwagens uitrijden. Is dat rapport beschikbaar? Is dat per etmaal? Is dat de huidige situatie of de situatie na productie-uitbreiding? En wie heeft dat verzoek laten opstellen? In de nieuwe situatie zijn het 70 vrachtwagen per etmaal. (Dit komt ook overeen met 260.000/7.428 kuikens per vrachtwagen). Is dit gelijk aan maximaal aantal toegestane vrachtwagens per etmaal? Het overige vrachtverkeer is blijkbaar vergeten! Kunt u gelet op het vorenstaande een nadere toelichting geven op het volgende: Een aanvraag (Provincie Gelderland Wet natuurbescherming - gebiedsbescherming 30-082021) voor 266 (was 144) voor vrachtwagens per etmaal en 460 (was 230) is aangevraagd. Reactie gemeente: Deze vraag gaat over het beoordelingskader van indirecte hinder zoals verwoord in de circulaire "Geluidhinder veroorzaakt door het wegverkeer van en naar de inrichting; beoordeling in het kader van de vergunningverlening op basis van de Wet milieubeheer" d.d. 29 februari 1996.
Het gaat hierbij om het wegverkeer ten gevolge van de bedrijfsactiviteiten. Deze zijn, met de bijbehorende hinder, niet altijd te voorkomen. Tegelijkertijd is verkeersoverlast inherent aan verkeersbewegingen, dat staat los van de bedrijfsactiviteiten. Ook zonder dat de aangevraagde uitbreiding wordt vergund zal het verkeer overlast blijven geven. Bij de aanvraag hoort een akoestisch onderzoek en dit rapport van Peutz van 21 april 2021 lag ook ter inzage. Hierin is de vergunde en aangevraagde situatie beschreven. Storteboom heeft naar aanleiding van een aanvullingsverzoek het akoestisch onderzoek moeten aanpassen. Deze is bijgevoegd bij het ontwerpbesluit. Zoals op het voorblad staat weergegeven, is de opdrachtgever 2 Sisters Storteboom B.V. Het is gebruikelijk dat het bedrijf dat een aanvraag indient zelf de daarvoor benodigde onderzoeken financiert. Aangenomen wordt dat ‘70 vrachtwagens per etmaal’ verwijst naar de overweging bij indirecte hinder. In het geluidrapport is een overzicht van diverse vrachtwagens met bronvermogens en rijroutes opgenomen. Of bij een aanvraag Wnb-vergunning van 30 augustus 2021 andere aantallen vrachtwagens is aangevraagd kan niet worden verklaard aan de hand van deze procedure. Uiteindelijk zal het zo
5 van 18
zijn dat er voor de activiteiten meerdere toestemmingen nodig zijn en deze naast elkaar gelden. De strengste normering zal dan maatgevend zijn. Overigens wordt bij geluid gerekend met een maatgevende dag, terwijl bij luchtemissies gerekend wordt met gemiddelde aantallen op jaarbasis. 1.9 Zienswijze: Pagina 9: Beoordeling geurhindersituatie Door technische onvolkomenheden in…is niet voldaan aan de indieningsvereisten. Kun u de technische onvolkomenheden verder toelichten? In het ontwerpbesluit vergunningaanvraag intern salderen. (Zaaknummer 2020-002991) Provincie Gelderland (dd. 30 augustus 2021) staat bij 4.2 Effecten stikstof: -Er vinden geen buitenstalling meer plaats van vrachtwagens op het terrein. -De vrachtwagens worden direct intern gelost. Wie gaat deze wijzigingen controleren? Reactie gemeente: De technische onvolkomenheden in het rapport betroffen een beschrijving van het biobed. Dit was reden van ons voornemen om een eerdere versie van de aanvraag te weigeren. Doordat het bedrijf met een zienswijze kwam met aangepast rapport hebben wij dat heroverwogen. In de aangepaste aanvraag is inzicht gegeven in de toegepaste ventilator, verblijftijd en dergelijke. Daarmee is de geuruitstoot met de beoogde aanvullende geurmaatregel beoordeeld. Deze beoordeling is niet langer relevant nu de aanvraag is geweigerd.
Mocht de situatie met het afvalwater worden opgelost, dan kan de aangevraagde situatie voor wat het aspect geur betreft worden vergund omdat de onvolkomenheden voldoende zijn ondervangen. Als een vergunning wordt verleend zal een ‘oplevercontrole’ plaats vinden, waarbij gekeken wordt of de bedrijfsvoering in overeenstemming is met de verleende vergunning. 1.10 Zienswijze: Overige vragen: 1. Wordt er nu ammoniak op het terrein van Storteboom opgeslagen? Zo ja, om welke hoeveelheid gaat dit en op welke wijze is de veiligheid van de omgeving gewaarborgd? Kunt u hier verder een toelichting op geven? 2. Als gevolg van de productietoename zijn er ook meer medewerkers nodig. Naar verwachting zullen hier ook veel extra arbeidsmigranten nodig zijn. Op welke wijze zullen zij op waardige wijze gehuisvest worden? Mede gelet op de grote schaarste aan woningen in Putten en omgeving. 3. Staan de uitbreidingsplannen en de gevraagde milieuvergunning van Storteboom niet haaks op de plannen van Wilma Wonen voor woningbouw op het voormalige Sligro-terrein? Het toekomstig woongenot van honderden mensen en het woongenot van de huidige omwonenden komt naar onze mening ernstig in het gedrang.
6 van 18
4. Het Sligro-terrein en een groot aantal omliggende woningen vallen binnen de geurcirkel. Worden de verwachte gevolgen beschreven in een milieueffectrapportage (MER)? - Mede gezien de forse uitbreiding van activiteiten op diverse vitale onderdelen door Storteboom (71% productiestijging, toename geuroverlast, 40% meer verbruik van water en een forse toename van geluidsoverlast door toenemende verkeersintensiteit) zijn wij als omwonenden het eens met uw voornemen om de gevraagde omgevingsvergunning voor het onderdeel “oprichten of veranderen van een inrichting” te weigeren, maar zijn het niet eens met de in de ontwerpbeschikking voorgestelde te verlenen vergunningen. Reactie gemeente: 1. Binnen het bedrijf wordt geen ammoniak opgeslagen. Wel is er een koelinstallatie gevuld met ammoniak als natuurlijk koudemiddel aanwezig. Hiervoor geeft de PGS 13 richtlijnen voor een veilig functioneren. Deze activiteit is geen overweging geweest bij het al dan niet vergunnen van de aangevraagde situatie. 2. Het bestemmingsplan laat “bij recht” de gevraagde bedrijfsvoering toe. De aanvraag ziet niet op toestemming voor de huisvesting van eventuele arbeidsmigranten. De huisvesting hoeft ook niet betrokken te worden bij de aanvraag omgevingsvergunning.
Nog daar gelaten of als gevolg van de gevraagde ontwikkeling het bedrijf extra arbeidsmigranten wil inzetten, hoort dat niet bij deze aanvraag beoordeeld te worden 3. Het bestemmingsplan laat “bij recht” de gevraagde bedrijfsvoering toe. In het bestemmingsplan is geen beperking opgenomen van de capaciteit van de bedrijfsvoering. Bij ontwikkelingen dient te allen tijde rekening te worden gehouden met bestaande rechten en bestaande situaties. Het plan voorziet in het realiseren van een hogere schoorsteen. Uit de ruimtelijke onderbouwing van Peutz, rapportnummer F 19155-63-RA d.d. 22 december 2022, blijkt dat deze hogere schoorsteen geen onevenredige negatieve gevolgen heeft. De beoogde ontwikkeling heeft voor het aspect geur zelfs een positief effect voor de omgeving. Plaatselijk is er sprake van een lagere geurbelasting, hetgeen het woon- en leefklimaat ten goede komt en daarmee ook bijdraagt aan de ontwikkeling van het voormalig Sligro terrein. In dat opzicht zou juist kunnen worden gesteld dat de doorgang van deze aanvraag maakt dat een groter gebied in aanmerking komt voor woningbouw doordat de hoger schoorsteen zorgt dat de geurcontour wordt teruggebracht. 4. Voorafgaande aan de aanvraag is er geen MER ingediend. Dit is ook niet noodzakelijk gelet op ons m.e.r.-beoordelingsbesluit.
In het m.e.r.-beoordelingsbesluit wordt genoemd dat er geen wijzigingen optreden in de hoeveelheid geur, met als onderbouwing het geuronderzoek wat bij de aanvraag is gevoegd. Deze beoordeling is niet langer relevant nu de aanvraag is geweigerd, en de geursituatie ongewijzigd blijft. Mocht de situatie met het afvalwater worden opgelost, dan kan de aangevraagde situatie voor wat het aspect geur betreft worden vergund omdat de onvolkomenheden voldoende zijn ondervangen. Mocht dit het geval zijn dan zullen daarbij ook voorschriften gesteld worden.
7 van 18
Bij de beoordeling in het geuronderzoek en geluidonderzoek bij de aanvraag is de woonwijk overigens wel meegewogen. Indien de MER wordt bedoeld die in het kader van de ruimtelijke ontwikkelingen van het voormalige Sligroterrein is opgesteld merken we op dat dit los staat van deze procedure. Uw vraag kunnen wij in het kader van dit proces om deze reden niet beantwoorden. - De weigering is niet het gevolg van de uitbreiding van activiteiten (71% productiestijging, 40% meer verbruik van water en toename van geluidsoverlast en verkeersintensiteit), maar vanwege het knelpunt bij de afvalwatersituatie. De geur- en geluidbelasting zijn beoordeeld als aanvaardbaar. Indien deze aanvraag op enig moment vergund zou gaan worden omdat het afvalwaterknelpunt voldoende wordt ondervangen, zal beoordeeld worden welke voorschriften daaraan verbonden moeten worden.
2. ……………………. (………………..) 2.1 Zienswijze: Huidige situatie veroorzaakt constante overlast Storteboom is uitgedijd tot het bedrijf met de omvang zoals het er nu staat. Woekerend met alle voorgeschreven grenzen en regels. En die op momenten overtredend. Daarmee is er een constante overlast voor omwonenden, zoals wij die ook ervaren. Er is, afhankelijk van de windrichting, herhaaldelijk stankoverlast. Het aantal verkeersbewegingen blijft onverminderd hoog. Nu al is er vrijwel permanent aanwezige geluidsoverlast van het bedrijf, ook ’s avonds en ’s nachts. De constante overlast als hierboven omschreven zou, mocht de vergunning op enig moment alsnog verleend worden, alleen nog maar meer toenemen waardoor ons woongenot nog meer wordt aangetast. Reactie gemeente: Dat in de huidige situatie overlast wordt vervaren, maakt de beoogde verandering niet anders. In het plan waarvoor vergunning is aangevraagd zijn maatregelen opgenomen, zoals verhoging van een geluidscherm en de hogeren schoorsteen, welke hinder beperken. De aanvraag is getoetst aan de wettelijke normen en uit de toetsing blijkt dat de aanvraag binnen de wettelijke normen blijft. 2.2 Zienswijze: Wat ons verschrikkelijk stoort is dat er alleen maar wordt gesproken om voor de nieuw te bouwen woonwijk tegenover Storteboom zoveel mogelijk aanpassingen te doen om overlast voor de nieuwe woonwijk te voorkomen.
Dat lijkt het enige belang van de gemeente Putten te zijn. Wij voelen ons als direct omwonende van Storteboom totaal niet gezien! Dit bedrijf is gewoon te
8 van 18
groot geworden en moet weg. Storteboom zal altijd overlast blijven bezorgen omdat dit bedrijf niet past binnen de bebouwde kom. Reactie gemeente: Bij de beoordeling van het plan is ook de bestaande omgeving betrokken. De nieuwbouwwijk is als nieuwe ontwikkeling benoemd. Aangezien het hier gaat om een nieuwe geurbelasting is dit specifiek benoemd, maar dat neemt niet weg dat dit in samenhang met de bestaande geursituatie in aanmerking is genomen. De schoorsteenverhoging heeft ook voor de bestaande omgeving positieve effecten. 2.3 Zienswijze: Lozing afvalwater in de huidige situatie In het advies van het Waterschap staan meer zorgwekkende berichten. Als bij een productietoename van circa 60 % de lozingsnormen van de huidige vergunning met gemiddeld een factor 3,75,4,5 en 7,5 a 9 worden overschreden (pagina 7), dan wordt duidelijk dat ook in de huidige situatie de normen sterk worden overschreden. Dit rapport is van juni 2023, ruim een jaar oud. Verwacht mag worden dat zowel bij het Waterschap als de ODVeluwe de alarmbellen zijn afgegaan. We vernemen graag met welke maatregelen door Storteboom een blijvende aanpassing tot aan vergunde normen is gerealiseerd. Reactie gemeente: Het bedrijf voldoet momenteel niet aan de vergunde lozingsnormen.
Het blijkt dat de normstelling uit de huidige vergunning hoort bij een ander type waterzuivering dan bij het bedrijf is aangevraagd en ook feitelijk aanwezig is. Deze omissie is destijds door het bedrijf opgemerkt, maar heeft niet tot een verwerking en aanpassing in die vergunning (en de daarbij behorende voorschriften) geleid. De onderhavige procedure gaat over een nieuwe aanvraag en staat daarom los van deze problematiek. 2.4 Zienswijze: Wij hebben in 2023 en 2024 aangifte gedaan bij de gemeente Putten en ODVeluwe omdat er vervuild water wordt geloosd door Storteboom in de sloot die langs de Hoge Engweg loopt. Het water kleurt zelfs af en toe rood (van bloed?). Daarnaast zit er ook een vieze zwarte olieachtige drab in de sloot. Foto's hiervan heb ik gestuurd aan de gemeente Putten en de ODVeluwe. Reactie gemeente: De incidenten in 2023 en 2024 staan los van de onderhavige aanvraag. We gaan in het kader van deze aanvraag daar niet op in. Dat er incidenten zijn (geweest) betekent niet dat een vergunning niet kan worden verleend. 2.5 Zienswijze: Ongedierte Daarnaast trekt Storteboom ongedierte zoals ratten aan. Regelmatig zien we ratten over de weg lopen bij Storteboom. Wij hebben rondom ons huis ook altijd last van ratten met bijvoorbeeld verzakkingen van bestrating rondom ons huis als gevolg.
9 van 18
Reactie gemeente: De vergunningaanvraag is voor diverse activiteiten ingediend (milieu, bouwen, afwijken bestemmingsplan). Per activiteit is er een toetsingskader vastgesteld. Bij de activiteit “bouwen” is sprake van een imperatief en limitatief stelsel, wat inhoudt dat als aan een bepaald kader van regels wordt voldaan, de aanvraag moet worden verleend. Ongedierte maakt daarvan geen deel uit. Voor zover de aanvraag ziet op het onderdeel “afwijken bestemmingsplan” moet afgewogen worden of de schoorsteen van 20 meter in plaats van 10 meter ruimtelijk acceptabel is. Wij zien geen relatie tussen eventueel overlast van ongedierte en een hogere schoorsteen. Uit de beoordeling van het onderdeel milieu is ook gekeken of aan het beoordelingskader is voldaan. Op het bindende negatieve advies van het waterschap is dat het geval. 2.6 Zienswijze: Toename van het oppompen van grondwater Bij circa 60 % productietoename zal niet alleen het afvalwater toenemen, maar mag verwacht worden dat het oppompen van grondwater in een zelfde mate toeneemt. In hun advies merkt de ODVeluwe summier op dat de Waterwet hierop toeziet en dat de ODVeluwe in dit kader geen eisen mag stellen. Maar waarom is de Provincie Gelderland als bevoegde instantie niet geraadpleegd? De Provincie meldt ons dat bij een uitbreiding van de pompcapaciteit een vergunningaanvraag dient te worden gedaan.
Vergezeld van een onderbouwend geohydrologisch rapport, waarin de effecten van de uitbreiding worden beschreven. Waarom is deze procedure nagelaten?? Reactie gemeente: Voor het oppompen van grondwater is apart een vergunning in het kader van de Waterwet nodig. Deze is niet aangevraagd. Het staat het bedrijf vrij om dat alsnog te doen indien dat nodig is. Er is in onderhavige aanvraag echter geen sprake van een toename van het oppompen van grondwater. 2.7 Zienswijze: Overlast drugs gebruikend personeel Storteboom Met grote regelmaat komen wij personeel tegen van Storteboom die jointjes staan te roken of andere drugs gebruiken. Dit gebeurt voor ons park op de Hoge Engweg achter het geluidsscherm en de Hoge Engweg zelf. Wij hebben hiervoor al diverse malen de heer E. Zaaijer van Storteboom benaderd maar het gebeurt iedere keer weer opnieuw. Wij willen niet iedere keer als een soort politieagent fungeren. Daarnaast is er ook veel zwerfafval rondom Storteboom zoals haarnetjes en blikjes. Uitbreiding van de werkzaamheden betekent ook uitbreiding van personeel met als logisch gevolg een toename van de hierboven beschreven overlast. Reactie gemeente: Inderdaad kan bij meer personeel de overlast toenemen, maar dat staat los van de aangevraagde activiteiten. Overlast van personeel is geen toetsingscriterium voor deze vergunningaanvraag.
10 van 18
2.8 Zienswijze: Rol gemeente Putten bij opnieuw afwijken van bestemmingsplan. In 2021 (vergunning W21/039) verleende de gemeente Putten aan Storteboom vergunning voor onder andere een verhoging van een groot deel van de bedrijfsgebouwen tot 10 meter. Daar waar in het bestemmingsplan een maximum van 8 meter geldt. Bovendien wordt vastgesteld dat met deze vergunning de oppervlakte van bouwwerken, geen gebouw zijnde, vele malen overschreden wordt. Nu wordt op 4 juli 2024 door de gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen afgegeven voor een schoorsteen van 20 meter hoog, waar 10 meter is toegestaan. Bij de inhoudelijke afweging van de vergunning wordt aangegeven dat het een rank (1,90 doorsnee!) bouwwerk is dat de omgeving niet verstoort. Zo kun je van een drol nog een delicatesse maken. Wij wensen niet tegen een schoorsteen aan te kijken welke vanaf ons huis ongetwijfeld zichtbaar wordt bij een hoogte van 20 meter! Waar 10 meter is toegestaan! Reactie gemeente: Uit de zienswijze maken wij op dat de indiener van mening is dat de schoorsteen wel een verstoring van de omgeving oplevert. Wij begrijpen dat het bouwwerk met een hoogte van 20 meter in plaats van 10 meter wel enige impact heeft op de omgeving.
Zoals in de overwegingen in het ontwerpbesluit is opgenomen over het onderdeel “het afwijken bestemmingsplan” vinden wij een hogere schoorsteen in dit geval wel ruimtelijk acceptabel. Tot dat oordeel zijn we gekomen waarbij we alle belangen van alle partijen hebben afgewogen. Natuurlijk is er zicht op de schoorsteen, maar we hebben ook de afstand tot de percelen van derden, de ligging ten opzichte van andere bebouwing op het perceel van de aanvrager zelf, de vorm van het bouwwerk en de effecten van de hogere schoorsteen meegenomen. Dit afwegende maakt dat wij meewerken aan de gevraagde afwijking. 2.9 Zienswijze: Grote maatschappelijke impact Een aantal belangrijke aspecten bij de gewenste productie-uitbreiding van het bedrijf zijn; 1. Een sterk toenemende continue overlast voor de tientallen woningen in de directe omgeving. 2. Een kippenslachterij aan de entree van de gemeente, met een beperkte meerwaarde voor de gemeente Putten. Bovendien met geluid-en stankoverlast. 3. Een enorme toename van het aantal arbeidsmigranten, waarvoor de gemeente Putten heeft toegezegd zich in te spannen voor huisvesting. 4. Een geplande woonwijk met ruim 200 woningen aan de overzijde van de weg. 5. Een aanzienlijke verkeerstoename, ook 's nachts. 6. Een sterke vermeerdering van opgepompt grondwater. 7. Een ontoelaatbare lozing 8.
Ongedierte Wil de gemeente Putten dit? En wil men dit op deze plaats? Hoort deze industrie niet op een industrieterrein? Moet verplaatsing niet onderzocht worden?
11 van 18
Wanneer nemen college en gemeenteraad zelf het initiatief in plaats van deelnemer te zijn aan een spel dat door anderen wordt gespeeld? Reactie gemeente: Op dit moment hebben wij te maken met een bestaande situatie waarbij op grond van het bestemmingsplan dit type bedrijf is toegestaan. Ook heeft het bedrijf de nodige vergunningen voor de huidige bedrijfsvoering. Op grond hiervan heeft het bedrijf bepaalde rechten. Van dit bedrijf hebben wij een aanvraag gekregen waarop wij een besluit moeten nemen. Deze aanvraag hebben wij beoordeeld op o.a. het gebied van geluid en geur. Daaruit is gebleken dat de situatie voldoet aan het beoordelingskader. Tevens bestaan er in de vergunde situatie reeds regels en voorschriften om de hinder van o.a. ongedierte te beperken. Dit betekent echter niet dat er geen hinder kan worden ervaren. Hiertoe worden normen gesteld waaraan moet worden voldaan. Bij de beoordeling van de aanvraag is de geplande woonwijk meegenomen. Er staat niets aan in de weg om ruimtelijke ontwikkelingen bij de beoordeling te betrekken. Uit deze beoordeling blijkt dat ook indien er een woonwijk wordt gebouwd op de beoogde locatie er geen sprake is van een overschrijding van de normen op die woningen. Door de hogere schoorsteen wordt juist een groter deel van het plangebied geschikt voor woningbouw. Het bedrijf heeft een positieve bestemming en vraagt een vergunning aan.
We hebben de aanvraag, net zoals wij met alle andere vergunningaanvragen doen, beoordeeld aan de hand van het daarvoor geldende wettelijke kader. De bedrijfsvoering past binnen het daarvoor geldende kader uit het bestemmingsplan. Met dat in ons hoofd hebben wij geen aanleiding gezien om op dit moment met het bedrijf in contact te treden om over eventuele verplaatsing te gaan praten.
3. ………………………………………. (……………………..) De zienswijze is inhoudelijk gelijk aan zienswijze 2. Voor de inhoudelijke reactie verwijzen wij naar de reactie op zienswijze 2.
4. …………………………. (………………………) De zienswijze is inhoudelijk gelijk aan zienswijze 2. Voor de inhoudelijke reactie verwijzen wij naar de reactie op zienswijze 2.
5. ………………………. (………………………) De zienswijze is inhoudelijk gelijk aan zienswijze 2. Voor de inhoudelijke reactie verwijzen wij naar de reactie op zienswijze 2.
12 van 18
6. ……………. (…………………….) De zienswijze is inhoudelijk gelijk aan zienswijze 2. Voor de inhoudelijke reactie verwijzen wij naar de reactie op zienswijze 2.
7. ………………………. (………………………) De zienswijze is inhoudelijk gelijk aan zienswijze 2. Voor de inhoudelijke reactie verwijzen wij naar de reactie op zienswijze 2.
8. ………………… (……………………) De zienswijze is inhoudelijk gelijk aan zienswijze 2. Voor de inhoudelijke reactie verwijzen wij naar de reactie op zienswijze 2.
9. ………………………… (……………………..) De zienswijze is inhoudelijk gelijk aan zienswijze 2. Voor de inhoudelijke reactie verwijzen wij naar de reactie op zienswijze 2.
10. ………………………… (……………………..) De zienswijze is inhoudelijk gelijk aan zienswijze 2. Voor de inhoudelijke reactie verwijzen wij naar de reactie op zienswijze 2.
11. …………….. (…………………..) De zienswijze is inhoudelijk gelijk aan zienswijze 2. Voor de inhoudelijke reactie verwijzen wij naar de reactie op zienswijze 2.
12. …………………………….. (……………………) De zienswijze is inhoudelijk gelijk aan zienswijze 2. Voor de inhoudelijke reactie verwijzen wij naar de reactie op zienswijze 2.
13 van 18
13. …………… (……………………..) 13.1 Zienswijze: Zoals eerder aangegeven in mijn zienswijze van 10 oktober 2011, zorgt Storteboom voor nogal wat overlast. Afhankelijk van de windrichting is er regelmatig sprake van stank en vrachtwagens rijden af en aan, met opstoppingen tot gevolg. Ook is er de vrijwel permanente aanwezige geluidsoverlast van het bedrijf. De constante overlast als hierboven beschreven zou, mocht de vergunning op enig moment alsnog verleend worden, zich uitbreiden tot de avond en nacht. Uren van relatieve rust verdwijnen en het woongenot van omwonenden wordt verder aangetast. Het is duidelijk dat de vergunning geweigerd is vanwege het bindend negatief advies van het Waterschap. In het advies wordt onomstotelijk vastgesteld dat bij de uitbreiding van de productie de rioolwaterzuivering wordt overbelast. Wat bovendien te verwachten valt is dat niet alleen de hoeveelheid afvalwater toeneemt, maar ook dat het oppompen van grondwater in een elfde mate toeneemt. Dat heeft gevolgen voor de tuinen van omwonenden, waar het grondwaterpeil gemiddeld genomen nu al erg laag is. De verdroging zet er een tandje bij. Reactie gemeente: Dat in de huidige situatie overlast wordt ervaren, maakt de beoogde verandering niet anders. In het plan zijn maatregelen opgenomen, zoals de schoorsteen en een verhoging van een deel van het geluidscherm om hinder te beperken.
De verkeersafwikkeling is deels aan de infrastructuur gelegen, en staat los van de bedrijfsactiviteiten. De doorgaande weg is druk, en de vrachtwagens geven verkeershinder. Dat een bedrijventerrein hinder geeft is te verwachten. Hiermee is met de ruimtelijke plannen rekening gehouden en staat niet ter beoordeling in deze aanvraag. Ook is te verwachten dat als de ruimere tijden worden aangehouden, de vrachtwagens ook buiten de spitstijden zullen aan- en afrijden. Dit is echter niet in strijd met de toepasselijke wet- en regelgeving. Voor onze reactie op het gedeelte dat gaat over het oppompen van grondwater verwijzen wij naar de reactie bij punt 1.5. 13.2 Zienswijze Een mogelijke uitbreiding van de productiecapaciteit heeft, los van gevolgen voor omwonenden, grote maatschappelijke gevolgen. Een bron van stank bij een entree van Putten; problemen met de geplande nieuwbouw op het voormalige Sligroterrein; nog meer verkeersbewegingen, ook ’s nachts; verdroging van de omgeving door het oppompen van grondwater; en uiteraard de veel te grote lozing van afvalwater. Reactie gemeente: De problemen van geluid en geur zijn in de besluitvorming beoordeeld. In het plan zijn maatregelen opgenomen, zoals verhoging van een geluidscherm en de schoorsteen om hinder te beperken.
De verkeersbewegingen vallen onder de infrastructuur, maar zoals gezegd is het verkeersbeeld op de doorgaande weg geen onderdeel van dit besluit. De toename van
14 van 18
vrachtwagenbewegingen zal ook buiten de spits zijn. Daarnaast is er geen grondwatervergunning aan de orde bij deze aanvraag. De problematiek met het afvalwater staat los van de nieuwe woonwijk. Mocht dit besluit geen stand houden en een nieuw besluit moeten worden genomen, dan kunnen deze aspecten nader verwoord worden met daarbij mogelijk specifieke voorschriften. 13.3 Zienswijze Storteboom is uit zijn jasje gegroeid. Beter te halve gekeerd, dan ten hele gedwaald. En verplaatsing zou het probleem oplossen, maar laat het vooral niet groter worden. Reactie gemeente: Het huidige bestemmingsplan laat de bedrijfsvoering van het bedrijf toe. Ook wordt op het bindend negatieve advies van het waterschap na, voldaan aan de eisen die gelden voor dit bedrijf.
14. ………………………….. (………………………….) 14.1 Zienswijze: Het gaat mij daarbij m.n. om het onvoldoende wegen van de belangen van de bewoners van de Voorthuizerstraat/Harderwijkerstraat. Aangezien ik een bewoner van de Harderwijkerstraat ben, raakt het ontwerp besluit mij. Uit het ontwerp besluit blijkt dat met de uitbreiding van de productiecapaciteit per etmaal er twee keer 35 vrachtwagens zullen gaan rijden. Momenteel ervaar ik als bewoner last van doorgaand vrachtverkeer dat geen bestemming heeft in het centrum van Putten. In het vastgestelde Gemeentelijke verkeers- en vervoerplan 2023 – 2033 (verder: GVVP), zie par. 6.2.2 GVVP en pa. 6.5, maatregel 2.3, is daaraan aandacht besteed. Een van de punten die daarin wordt genoemd is dat er een onderzoek komt naar het doorgaand vracht- en landbouwverkeer op een aantal wegen (waaronder de Harderwijkerstraat / Voorthuizerstraat). Dit onderzoek is uitgevoerd en ligt ook klaar, alleen is het rapport nog niet openbaar omdat uw college de verschillende onderzoeken m.b.t. de verkeerssituatie in Putten in de gemeenteraad van november a.s. wil presenteren (zie uw brief van 12 maart jl. met documentkenmerk: 1685468). Reactie gemeente: Er is sprake van een bestaande situatie, waar een bedrijf op een bepaalde locatie is gevestigd en waar het bestemmingsplan die bedrijfsvoering toelaat.
De afwijking ten opzichte van het bestemmingsplan gaat niet over de bedrijfsvoering (en het vergroten van de productiecapaciteit), maar om een hogere schoorsteen. Nu de bedrijfsvoering al “bij recht” is toegestaan volgens het bestemmingsplan is er geen ruimte om het GVVP te betrekken bij de beoordeling van de aanvraag omgevingsvergunning. Mocht er een vergunningaanvraag zijn voor een locatie waar nog geen bedrijf is toegestaan en overwogen wordt om medewerking te verlenen met een afwijking van de bestemmingsplanregels, kan het GVVP wel een rol spelen bij de ruimtelijke afweging.
15 van 18
14.2 Zienswijze: Uit het ontwerpbesluit blijkt dat op het onderdeel Geluid er geen beletselen zijn om de vergunning te verlenen. Echter in het ontwerpbesluit wordt niet meegewogen dat er al jaren sprake is van doorgaand vrachtverkeer door Putten dat overlast veroorzaakt. Met de uitbreiding van Storteboom zal de overlast van het bedrijf Storteboom toenemen. De vrachtwagens die de levende kuikens vervoeren maar ook de vrachtwagens met de geslachte/verwerkte kuikens rijden gewoon door het centrum (over de Voorthuizerstraat en Harderwijkerstraat en v.v.) terwijl het logischer is dat de vrachtwagens via de N 303/N 798 (over de Van Geenstraat/Nijkerkerkerstraat en Oude Rijksweg en v.v.) rijden nu de bestemming niet het centrum Putten is. Dit gebeurt waarschijnlijk niet omdat de reistijd twee keer zo lang is en de kortste route via de Voorthuizerstraat en Harderwijkerstraat is. Dit probleem is bij uw college bekend, ik verwijs naar het onderzoek Inmoves van een aantal jaren geleden dat als bijlage bij de notitie 1015035 aan de commissie EBOR op 17 december 2018 is bijgevoegd, zie ook p. 3 notitie en par. 6.2.2, tweede alinea, GVVP.
Naar mijn mening heeft uw college dit punt (overlast vrachtwagenverkeer op de Harderwijkerstraat en Voorthuizerstraat) onvoldoende meegewogen bij het onderdeel Geluid terwijl dit wel als probleem is onderkend in het GVVP; immers er is geld vrijgemaakt om onderzoek te doen naar het vrachtwagenverkeer. In het aangepaste advies van de Omgevingsdienst Veluwe van 15 mei jl., waarnaar het college in het ontwerpbesluit verwijst, wordt bij Indirecte hinder alleen de circulaire "Geluidhinder veroorzaakt door het wegverkeer van en naar de inrichting" van 29 februari 1996 aangehaald. Reactie gemeente: Niet is aangegeven waaruit zou blijken dat de belangen van de bewoners onvoldoende zijn meegewogen. De aanvraag is beoordeeld op de gangbare milieuaspecten. Doorgaand vrachtverkeer is geen onderdeel van de vergunning voor het bedrijf. Wel wordt indirecte hinder van het verkeer van en naar de inrichting beoordeeld. De hinder van de doorgaande weg is niet aan het bedrijf toe te rekenen. De indirecte hinder is beoordeeld als aanvaardbaar. Deze hinder is meegewogen conform de door het Ministerie van VROM uitgegeven Circulaire d.d. 29 februari 1996 'Geluidhinder veroorzaakt door het wegverkeer van en naar de inrichting; beoordeling in het kader van de vergunningverlening op basis van de Wet milieubeheer'.
Hieruit blijkt dat dergelijke geluidbelasting aanvaardbaar is, mits het binnenniveau van 35 dB(A) etmaalwaarde wordt gewaarborgd. Uitgaande van een standaard gevelopbouw bedraagt de gevelisolatie circa 25 dB(A). Met een dergelijke isolatie blijkt dat de situatie kan voldoen. Dit is beschreven in het bij de aanvraag gevoegde geluidrapport. Dat er al jaren overlast wordt ervaren staat los van de aangevraagde situatie. Het bedrijf dient te voldoen aan de vigerende vergunning. Ook indien het ontwerpbesluit om te weigeren wordt teruggedraaid en er besloten wordt om toch de aanvraag te verlenen, zal de overlast uit het verleden niet meewegen bij de beoordeling.
16 van 18
15. Storteboom (Voorthuizerstraat 148) 15.1 Zienswijze: Voor wat betreft het afvalwater heeft het Waterschap op 20 juni 2023 een negatief advies uitgebracht. Het Waterschap stelt zich op het standpunt dat de waterzuivering in Harderwijk op dit moment vol is en het hogere volume aan afvalwater niet zou kunnen verwerken. Wij kunnen ons niet vinden in dit advies. Al op 16 juli 2020 hebben wij een vergunningaanvraag ingediend voor de uitbreiding van de capaciteit van onze slachterij. Sindsdien zijn wij in nauw overleg met de gemeente en de omgevingsdienst over de relevante milieuaspecten. Op basis daarvan zijn onder meer aanpassingen gedaan ter voorkoming van geurhinder. Als gezegd, alle milieuaspecten zijn akkoord bevonden met uitzondering van het afvalwater. Wij zijn bijzonder onaangenaam verrast dat aan het einde van het vergunningtraject ons de onvoldoende verwerkingscapaciteit van de waterzuiveringsinstallatie van Harderwijk wordt tegengeworpen. Volgens het advies van het waterschap is volgens gegevens uit 2022 de huidige belasting van het afvalwater dat wordt geloosd op de rioolwaterzuivering Harderwijk groter dan de vuillast waarop de rioolwaterzuivering is ontworpen. Desondanks lezen wij in het advies dat in 2022 bijvoorbeeld nog een vergunning is verleend aan een vleesverwerkend bedrijf voor de uitbreiding van de productie en lozingswater.
Dat geeft ons het gevoel dat met twee maten worden gemeten. Waarom kan in 2022 wel een uitbreiding van (vergelijkbaar) afvalwater worden vergund, terwijl toen ook al de rioolwaterzuivering overbelast zou zijn geweest? Dat is in strijd met het gelijkheidsbeginsel. Bovendien hebben wij in 2020 al onze aanvraag ingediend en toen was vergunningverlening kennelijk nog wel mogelijk. Wij constateren verder dat aangezien de belasting groter is dan de vuillast waarop de rioolwaterzuivering is ontworpen, de huidige rioolwaterzuivering niet meer voldoet aan de eisen. Mede gezien de ook volgens het waterschap te verwachten autonome toename van het afvalwater, ligt het op de weg van de gemeente en/of het waterschap om die capaciteit te vergroten. Het is immers een wettelijke verplichting om zorg te dragen voor een voldoende werking van een rioolwaterzuivering. Het ligt zeer voor de hand dat deze uitbreiding, die dus toch al noodzakelijk is, voldoende is om ook aan de vraag uit het bedrijfsleven te kunnen voldoen. Als de capaciteit niet wordt uitgebreid zal dit betekenen dat alle uitbreidingen van welke bedrijfsactiviteit dan ook in de hele toeleveringsregio van de waterzuivering in Harderwijk zullen worden afgewezen voor onbepaalde tijd.
Dit beperkt de economische ontwikkeling van de regio en wij kunnen ons niet voorstellen dat er dan ook geen plannen zijn voor optimalisatie / uitbreiding van de voorziening in Harderwijk, danwel mogelijkheden om aansluiting te zoeken bij andere waterzuiveringsinstallaties in de regio. De aangevraagde uitbreiding van de capaciteit van onze slachterij kan worden afgestemd op een al dan niet gefaseerde uitbreiding van de capaciteit van de waterzuivering. Immers, de slachtcapaciteit op de vestiging zal niet van de een op de andere dag van 1 naar 2 ploegen gaan. Hier is tijd voor nodig. Vanuit Storteboom is aangegeven dat wij zeer bereid zijn om te kijken naar het gefaseerd vergroten van de hoeveelheid afvalwater. Die gefaseerde vergroting van het afvalwater kan in vergunningvoorschriften worden vastgelegd.
17 van 18
Een zorgvuldige voorbereiding van een beslissing op onze aanvraag vereist naar onze mening dat de mogelijke oplossingen om de toename van afvalwater te vergunnen, kunnen worden besproken tijdens een overleg met het waterschap. Graag gaan wij dat overleg alsnog aan. Reactie gemeente: Het waterschap heeft de wettelijke plicht om afvalwater afkomstig van huishoudens te zuiveren op een rioolwaterzuivering. Deze plicht geldt echter niet voor bedrijfsafvalwater. Het waterschap heeft vooralsnog geen concrete plannen om de capaciteit van rioolwaterzuivering Harderwijk dermate te vergoten dat er ruimte c.q. capaciteit beschikbaar komt om grote bedrijfsmatige lozingen te verwerken. Als er, na een eventuele toekomstige aanpassing van de rioolwaterzuivering Harderwijk, capaciteit beschikbaar komt wordt deze gebruikt ten behoeve van het verwerken van huishoudelijk afvalwater afkomstig van huishoudens. Kort samengevat is er voor uitbreiding van bedrijfsmatige lozingen voorlopig geen ruimte op rioolwaterzuivering Harderwijk. Er is door het Waterschap een bindend negatief advies gegeven. Op 31 januari 2024 is er een gesprek met het waterschap geweest. Hierbij is door het waterschap aangegeven wat de problematiek was bij RWZI Harderwijk. Destijds is er geen andere oplossing gevonden, waardoor wij nu een besluit nemen op de aanvraag zoals die is ingediend.
Het waterschap heeft overigens ook aangegeven in uw zienswijze geen aanleiding te zien om terug te komen op het eerder afgegeven bindende advies. Vanzelfsprekend staat het u wel vrij om op een later moment een nieuwe aanvraag in te dienen waarbij op een passende wijze het knelpunt dat het waterschap heeft aangedragen is of wordt weggenomen.
Conclusie De ingediende zienswijzen maken niet dat er tot een aanpassing is gekomen ten opzichte van het voorgenomen besluit zoals dat in ontwerp ter inzage heeft gelegen.
18 van 18