CConstaterende datPutten
Koppel je AI →
Document · PDF

Rapport externe veiligheid henslare Noord Putten

Gemeenteraad 1 februari 2024, gemeente PuttenBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare19.652 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Versie 2

Document referentie NL23-648800269-61768

33/43

8

Elementen verantwoording groepsrisico

8.1

Risicoscenario’s

Om na te kunnen gaan welke mogelijkheden tot voorbereiding van bestrijding en beperking van de omvang van een ramp of zwaar ongeval er zijn, dient allereerst inzicht te worden gegeven in de mogelijke rampen of zware ongevallen over de weg, dit zijn de zogenaamde risicoscenario’s. Bij Benegas worden brandbare gassen verhandeld. Over het spoor Amersfoort-Zwolle worden brandbare gassen (A), brandbare vloeistoffen (C3), toxische vloeistoffen (D3 en D4) en toxische gassen (B2) getransporteerd. Tenslotte liggen er een aantal hogedrukaardgasleidingen in de buurt. Tabel 8.1

Overzicht risicoscenario’s rondom Henslare

Risicoscenario’s

Benegas

Spoor Amersfoort Zwolle

Hogedruk aardgasleidingen A510/N-570-26

Giftige wolk Plasbrand

Fakkelbrand

Koude BLEVE

Warme BLEVE

Wolkbrand / Gaswolkexplosie

In onderstaande paragrafen wordt nader ingegaan op de risicoscenario’s. Waar nodig wordt gebruik gemaakt van het Scenarioboek Externe Veiligheid [9]. De scenario’s bij Benegas zijn gebaseerd op instantaan falen, lekkages van leidingwerk, afsluiters, losslangen/ -armen bij leidingwerk, tanks en tankauto’s waarbij propaan, N-butaan of LPG vrijkomt.

8.1.1

Giftige wolk

Een giftige plas ontstaat doordat de tank van een ketelwagen openscheurt of doordat de afsluiter van de ketelwagen afbreekt na bijvoorbeeld een botsing. Hierdoor stroomt een groot deel de toxische vloeistoffen of toxische gassen in korte tijd uit. Deze verspreiden zich over het spoorbed, dampen uit en vormen een giftige wolk. De wolk verspreidt zich snel met de wind mee. De vochtigheid van de ondergrond waarop de plas zich verspreidt heeft grote invloed op de mogelijke effecten. De Nederlandse ondergrond is overwegend voldoende vochtig waardoor met het meest conservatieve scenario rekening gehouden moet worden. De toxische wolk kan al bij lage concentraties worden geroken. Hogere concentraties veroorzaken vergiftiging. Hierdoor kunnen personen in de omgeving slachtoffer worden. De omvang van de giftige wolk is afhankelijk van de inrichting van de omgeving en de weersomstandigheden.

8.1.2

Plasbrand

Een plasbrand ontstaat doordat de tank van de ketelwagen openscheurt na bijvoorbeeld een botsing. Hierdoor stroomt een groot deel van de brandbare vloeistoffen in korte tijd uit.

Sweco | Rapport Externe Veiligheid ontwikkeling gebied Henslare Putten Projectnummer 51014331 Datum 17-10-2023

Versie 2

Document referentie NL23-648800269-61768

34/43

Deze verspreiden zich over de grond. Ontsteking van de plas ontvlambare vloeistof leidt tot een korte hevige brand. De effecten van een plasbrand zijn warmtestraling en rook. Hierdoor kunnen slachtoffers, schade en brand in de omgeving ontstaan.

8.1.3

Fakkelbrand

Een fakkelbrand wordt veroorzaakt doordat na een botsing een afsluiter afbreekt van een tank. Hierdoor stroomt LPG uit en ontsteekt direct. Er ontstaat een fakkel die blijft branden tot de tank leeg is. Het effect van een fakkelbrand is warmtestraling. Dit effect kan slachtoffers, schade en brand in de omgeving veroorzaken. Door bijvoorbeeld graafwerkzaamheden bij een hogedruk aardgasleiding kan een breuk in de hogedruk-aardgasleiding ontstaan. Het aardgas stroomt dan onder hoge druk uit de leiding en ontsteekt. De fakkel die ontstaat blijft branden tot de leiding afgesloten en leeg is. Een fakkelbrand veroorzaakt hittestraling en geluid. Hittestraling is in combinatie met de blootstellingsduur bepalend voor het slachtoffer- en het schadebeeld. Afhankelijk van de ongevalslocatie en de uitvoering van de gebouwen kan hittestraling leiden tot slachtoffers en schade aan de gebouwen.

8.1.4

Koude BLEVE

Een koude BLEVE kan veroorzaakt worden door een externe beschadiging, bijvoorbeeld een botsing. Hierdoor scheurt de tank open. Propaan, butaan of LPG (ook bij A transport) komt vrij en ontsteekt direct. Er ontstaat een vuurbal en een drukgolf. De effecten van een koude BLEVE zijn warmtestraling, overdruk en scherfwerking. Deze effecten kunnen slachtoffers, schade en brand in de omgeving veroorzaken.

8.1.5

Warme BLEVE

Een warme BLEVE wordt veroorzaakt doordat een aanwezige brand de druk in de propaan, N-butaan of LPG-tank (ook bij A transport) doet oplopen. Hierdoor verzwakt en bezwijkt de tankwand. Het gas komt vrij en ontsteekt. Er ontstaat een vuurbal en een drukgolf. De effecten van een warme BLEVE zijn warmtestraling, overdruk en scherfwerking. Deze effecten kunnen slachtoffers, schade en brand in de omgeving veroorzaken.

8.1.6

Wolkbrand/ gaswolkexplosie

Een wolkbrand wordt veroorzaakt doordat na een lekkage of botsing de afsluiter van de propaan, N-butaan of LPG-tank (ook bij A transport) afbreekt. Hierdoor ontstaat een gat waar propaan, N-butaan of LPG uit stroomt. Er wordt een wolk gevormd die zich over de grond verspreidt en eenvoudig kan worden ontstoken. Het ontsteken van de gaswolk, leidt tot een kortdurende vlammenzee. Als de wolk bij het ontbranden niet kan expanderen, ontstaat er een gaswolkexplosie. Het effect van een wolkbrand is een kortdurende vlammenzee. Wanneer de brandbare wolk ingesloten is en ontstoken raakt, kan naast warmtestraling ook een drukeffect ontstaan: een gaswolkexplosie. De effecten van een wolkbrand/gaswolkexplosie kunnen slachtoffers en schade in de omgeving veroorzaken.

8.2

Effectafstanden van de verschillende risicoscenario’s

In onderstaande tabel zijn de effectafstanden van de verschillende risicoscenario’s weergegeven. Hierbij is uitgegaan van ’stedelijk gebied’. Deze afstanden zijn terug te vinden in het Scenarioboek Externe Veiligheid [9] of gebaseerd op de effectafstanden van de Benegas QRA [4].

Sweco | Rapport Externe Veiligheid ontwikkeling gebied Henslare Putten Projectnummer 51014331 Datum 17-10-2023

Versie 2

Document referentie NL23-648800269-61768

35/43

Tabel 8.2 Effectafstanden risicoscenario’s Scenario

Specifieke stof

Letaliteit

Afstand tussen bron en projectlocatie Giftige wolk

Plasbrand

Fakkelbrand

Giftige vloeistof of gas

100% – 95%

Benegas

Spoor AmersfoortZwolle

Aardgasleiding (66 bar, 36 inch)

100

20

100

N.v.t.

0 m – 280 m

N.v.t.

95% – 50%

280 m – 460 m

50% - 5%

460 m – 750 m

Brandbare vloeistof

100% – 99%

N.v.t.

Propaan / N-butaan

1%

221 m

LPG

100% – 99%

N.v.t.

99% – 1%

Koude BLEVE

1e ring

N.v.t.

N.v.t.

0 m – 135 m

N.v.t.

135 m – 165 m N.v.t.

N.v.t.

0 – 190 m

2e ring

190 – 330 m

3e ring

330 – 500 m

Propaan / N-butaan

1%

233 m

N.v.t.

N.v.t.

LPG

100% – 99%

N.v.t.

0 m – 115 m

N.v.t.

99% – 1%

Warme BLEVE

N.v.t.

20 m – 40 m

99% – 1% Methaan

0 m – 20 m

115 m – 290 m

Propaan / N-butaan

1%

643 m

N.v.t.

N.v.t.

LPG

100% – 99%

N.v.t.

0 m – 140 m

N.v.t.

99% – 1%

140 m – 325 m

Propaan / N-butaan

1%

643 m

N.v.t.

N.v.t.

Wolkbrand

LPG

100%

N.v.t.

170 m

N.v.t.

Gaswolkexplosie

LPG

Totale verwoesting

N.v.t.

110 m

N.v.t.

Zware schade

110 m – 125 m

Gemiddelde schade

125 m – 150 m

Lichte schade 150 m - 355 m Propaan / Nbutaan

Totale verwoesting

0 – 14 m

Zware schade

14 – 16 m

Gemiddelde schade

16 – 20 m

N.v.t.

N.v.t.

Lichte schade 20 – 48 m

Sweco | Rapport Externe Veiligheid ontwikkeling gebied Henslare Putten Projectnummer 51014331 Datum 17-10-2023

Versie 2

Document referentie NL23-648800269-61768

36/43

8.3

Mogelijkheden tot voorbereiding van bestrijding en beperking van de omvang van een ramp of zwaar ongeval

In de toelichting van voorbereiding van bestrijding en beperking van de omvang van een ramp gaat het erom hoe de hulpverlening opgestart en ingezet wordt of kan worden, en wat de mogelijkheden daartoe zijn. De hulpverlening dient risicocommunicatie in te zetten ter bevordering van het juiste zelf reddend gedrag.

8.3.1

Giftige wolk

Een giftige gaswolk die is ontstaan nadat de tankwagen met giftig gas is doorboord is niet te voorkomen door de brandweer en zeer moeilijk te bestrijden. De brandweer zal zich met name richten op het veiligstellen van de omgeving en het neerslaan van de gaswolk met behulp van nevel (waterscherm). Een gaswolk die ontstaat door het verdampen van een plas vloeistof is makkelijker te bestrijden, door de vloeistofplas af te dekken.

8.3.2

Plasbrand

Bij een plasbrand kan de schade beperkt worden door het verminderen van het oppervlak van de plasbrand. Ook kan de schade beperkt worden door de verspreiding van brandbare vloeistof te beperken. De hulpverlening dient de mogelijkheid te hebben om het rampgebied goed te bereiken. De blusvoorzieningen dienen goed beschikbaar te zijn, daarnaast dienen de juiste blusvoorzieningen beschikbaar te zijn. Blussen met water is niet altijd de juiste optie. Daarnaast dienen vloeistofkerende voorzieningen beschikbaar te zijn.

8.3.3

Fakkelbrand

Een fakkelbrand zal vrijwel direct na het vrijkomen van de brandbare stof optreden. De brandweer heeft geen mogelijkheden tot effectieve bronbestrijding. Eventuele secundaire branden, die ontstaan zijn doordat het vuur is overgeslagen, zijn wel te bestrijden. De hulpverlening dient de mogelijkheid te hebben om het rampgebied snel en goed te kunnen betreden. Daarnaast dienen bluswatervoorzieningen goed beschikbaar te zijn.

8.3.4

BLEVE

Doordat bij een koude ’BLEVE’ de ketelwagen direct bij impact expandeert, is dit scenario niet te bestrijden. De secundaire branden, die ontstaan zijn doordat het vuur is overgeslagen, zijn wel te bestrijden. De hulpverlening dient de mogelijkheid te hebben om het rampgebied snel en goed te kunnen betreden. Daarnaast dienen bluswatervoorzieningen goed beschikbaar te zijn.

8.3.5

Gaswolkexplosie

Hulpdiensten kunnen bij een dreigende explosie proberen te voorkomen dat mensen dichter bij de plek van het ongeval kunnen komen.

8.4

Mogelijkheden voor personen om zich in veiligheid te brengen

Het uiteindelijke plan dient te worden voorzien van voldoende vluchtwegen. Daarnaast is het een mogelijkheid dat het bevoegd gezag de burgers, die binnen het invloedsgebied werkzaam zijn, informeren over de mogelijkheden en onmogelijkheden om zichzelf in veiligheid te brengen bij een eventuele calamiteit.

Sweco | Rapport Externe Veiligheid ontwikkeling gebied Henslare Putten Projectnummer 51014331 Datum 17-10-2023

Versie 2

Document referentie NL23-648800269-61768

37/43

Belangrijk is om na te gaan wat de mogelijkheden tot zelfredzaamheid zijn om slachtoffers bij de diverse scenario’s te voorkomen en om na te gaan of het gebied zodanig ingericht is dat de zelfredzaamheid wordt bevorderd. Het is van belang dat duidelijk is waarheen gevlucht moet worden. Er moeten (nood)uitgangen en vluchtroutes zijn van de risicobron af. Er wordt geadviseerd om een calamiteitenplan op te stellen. De mogelijkheden van de zelfredzaamheid hangen grotendeels af van het type scenario dat zich afspeelt en de ligging van de risicobronnen ten opzichte van de projectlocatie.

8.4.1

Giftige wolk

In het geval van een gaswolk kunnen personen in het plangebied zich het beste in veiligheid brengen door binnen te schuilen, ramen, roosters en deuren te sluiten en de mechanische ventilatie uit te schakelen.

8.4.2

Plasbrand

Indien bij een calamiteit met brandbare vloeistoffen personen betrokken zijn, dienen zij zich in veiligheid te brengen door zich van de bron af te wenden. Personen dienen minimaal 225 m te vluchten, dat is buiten het invloedsgebied van brandbare vloeistoffen. Het plangebied ligt buiten het plasbrandaandachtsgebied, daarom zijn additionele bouwkundige maatregelen niet noodzakelijk. Bij het ontwerp van de gebouwen wordt er rekening mee gehouden dat gevlucht kan worden van het spoor Amersfoort-Zwolle en Benegas af.

8.4.3

BLEVE

Bij secundaire branden dienen personen zich in veiligheid te brengen door het rampgebied te ontvluchten. Vluchten tot buiten het invloedsgebied is de beste optie.

8.4.4

Wolkbrand/ Gaswolkexplosie

Indien bij een calamiteit een wolkbrand ontstaat, dienen personen zich in veiligheid te brengen door te vluchten tot (ruim) buiten de zichtbare wolk. Indien mogelijk, dienen de personen haaks op de wind te vluchten.

8.5

Aanwezigheidsdichtheid binnen het invloedsgebied

In de huidige situatie is het gebied niet bebouwd. In onderstaande tabel is weergegeven wat de aanwezigheidsdichtheid zal zijn volgens het nieuwe plan. Het aantal aanwezigen in de nieuwe situatie neemt licht toe ten opzichte van het oude bestemmingsplan. Tabel 8.3 Programma Henslare (nieuw plan) Programma Kengetal HART

Bedrijvigheid

30.000 m2

40 personen per hectare

% aanwezig

Aanwezigen

Dag

Nacht

Dag

Nacht

100%

0%

180

0

De kengetallen voor de functies voor bedrijvigheid en wonen zijn afkomstig uit de Handleiding Risicoanalyse Transport (HART) [5]. Ook de aanwezigheidspercentages zijn afkomstig uit de HART. Sweco | Rapport Externe Veiligheid ontwikkeling gebied Henslare Putten Projectnummer 51014331 Datum 17-10-2023

Versie 2

Document referentie NL23-648800269-61768

38/43

In de toekomstige situatie is gerekend met een aanwezigheidsdichtheid van 40 personen per ha [8]. Het gebied is circa 4,5 ha. groot wat neer komt op 180 personen voor het plangebied. Voorts is ingeschat dat het percentage aanwezigen gedurende de dag 100% is en in de nacht 0%.

8.5.1

Zelfredzaamheid

In de eerste fase na een ongeval met gevaarlijke stoffen zijn personen op zichzelf en anderen aangewezen, totdat de hulpdiensten arriveren. Personen moeten snel handelen om zichzelf en anderen in veiligheid te kunnen brengen. Het merendeel van de personen is zich niet bewust van de mogelijke gevaren van een ongeval met gevaarlijke stoffen. Om de zelfredzaamheid te vergroten dient de mate van bewustzijn van de mogelijke gevaren vergroot te worden. Het herhaaldelijk informeren over de mogelijke gevaren vergroot de kans op juist handelen en daarmee de zelfredzaamheid.

8.6

Mogelijke maatregelen: alarmering en communicatie

Tijdige alarmering kan slachtoffers beperken. Daarbij dienen ze wel te weten hoe zij zichzelf in veiligheid kunnen brengen. Ongeacht het scenario kan men zich het beste in veiligheid brengen door te schuilen in gebouwen en ramen, roosters en deuren te sluiten, de mechanische ventilatie uit te zetten, uit de buurt van ramen en glazen puien te blijven en wachten tot de hulpverlening is gearriveerd en het sein ’veilig’ is gegeven. Expliciete communicatie vooraf, noodplannen en mogelijkheden om te schuilen vergroten de zelfredzaamheid. Het oprichten en in stand houden van een organisatie of het aansluiten bij een bestaande organisatie, die weet wat de risico’s in het gebied zijn en hoe er moet worden gehandeld tijdens een ramp waarbij een gevaarlijke stof betrokken is, kan het aantal slachtoffers beperken en daarmee de redzaamheid van personen vergroten. Los van tijdige alarmering en expliciete communicatie zijn er nog andere maatregelen mogelijk om de zelfredzaamheid te vergroten, de hulpverlening te bevorderen en de risico’s te verminderen. Het gebied dient zo te zijn ingericht dat hulpdiensten snel ter plaatse kunnen zijn en dat het gebied voor hen goed bereikbaar is. Dit bevordert de hulpverlening en vermindert de kans op extra slachtoffers in een tweede fase.

Gezien de afstand tussen het plan en de risicobronnen zijn er na het nemen van de standaard maatregelen uit het Bouwbesluit aanvullende (bouwkundige) maatregelen nodig die het groepsrisico verder beperken.

8.7

Nut en noodzaak van de ontwikkeling van het gebied

In het algemeen is er behoefte aan bedrijfskavels. Door de realisatie van een bedrijventerrein op het gebied Henslare ontstaat een lint van bebouwing, bestaande uit bedrijfsgebouwen, dat aansluit op de bestaande bebouwing (ten noorden) en nieuwe bebouwing (ten zuiden). Door het benutten van niet bebouwde grond ontstaat weliswaar een iets hoger groepsrisico, echter de meeste personen in het gebied zijn naar verwachting volledig zelfredzaam. Echter, eventuele ontwikkeling van het plangebied vereist de nodige bouwkundige/ organisatorische maatregelen. Een mogelijke maatregel is om de buitengevel uit te voeren in een dikke betonwand die alle genoemde scenario’s mitigeert. Door het nemen van deze maatregel worden de gevolgen voor de achterliggende woonwijken ook kleiner. Verdere uitwerking van deze maatregel staat in bijlage 4.

Sweco | Rapport Externe Veiligheid ontwikkeling gebied Henslare Putten Projectnummer 51014331 Datum 17-10-2023

Versie 2

Document referentie NL23-648800269-61768

39/43

8.8

Restrisico’s

Ondanks alle mogelijke voorbereidingen om rampen met gevaarlijke stoffen tijdens het transport te voorkomen, kan het risico nooit voor 100% worden beperkt. Het college van burgemeester en wethouders dient aan te geven of zij het restrisico acceptabel achten.

Sweco | Rapport Externe Veiligheid ontwikkeling gebied Henslare Putten Projectnummer 51014331 Datum 17-10-2023

Versie 2

Document referentie NL23-648800269-61768

40/43

9

Eindconclusie

De gemeenteraad van de gemeente Putten heeft het bedrijventerrein Henslare als voorkeurs-locatie opgenomen. Met de betrokken ambtenaren is afgestemd om het gevraagde onderzoek te laten uitvoeren door Sweco. In deze rapportage is door middel van een risico inventarisatie beschreven welke risico bronnen van invloed kunnen zijn op Henslare. Benegas Ten westen van Henslare ligt Bevi bedrijf Benegas B.V. Dit op- en overslagbedrijf voor propaan, LPG en andere gassen ligt op ca. 100 m van Henslare. De PR 10-6 contour van Benegas ligt voor het overgrote deel over het plangebied Henslare. Verder vindt er een toename plaats van het groepsrisico, wat leidt tot een overschrijding van de oriëntatiewaarde. Voorts hebben de gevolgen van optredende scenario’s bij Benegas een grote invloed op het gebied. De contouren van de 1% letale effecten als gevolg van een explosie, plasbrand, fakkelbrand of wolkbrand overlappen Henslare voor een groot deel of volledig. Er is gebruikgemaakt van Safeti-NL om dit inzichtelijk te maken. Spoortracé Amersfoort - Zwolle Ten zuidwesten van Henslare loopt het spoortracé Amersfoort-Zwolle. Over dit tracé worden gevaarlijke stoffen vervoerd. De PR 10-6 contour van dit tracé is zes meter en valt daardoor niet in het plangebied.

Omdat het plangebied binnen 200 m van het spoor Amersfoort-Zwolle ligt is het groepsrisico in de huidige situatie door middel van een RBM II analyse in kaart gebracht. Indien Henslare ontwikkeld wordt leidt dit tot een groepsrisico onder de 0,1 maal de oriëntatiewaarde. Het groepsrisico neemt met minder dan 10% toe. Hogedruk aardgasleidingen Gasunie Ten westen van Henslare liggen een aantal hogedruk aardgasleidingen van Gasunie. Het plaatsgebonden risico van deze leidingen vormen geen belemmering voor het plangebied. Met name de leiding A-510 heeft een invloedsgebied wat binnen het plangebied valt. Door middel van het programma Carola is het groepsrisico beoordeeld in de huidige en de toekomstige situatie waaruit blijkt dat de oriëntatiewaarde niet overschreden wordt voor beide. Tevens wordt de 10% van de oriëntatiewaarde van het groepsrisico voor al deze hogedruk aardgastransportleidingen niet overschreden. Nemen van maatregelen De brand- en explosiecontouren vallen deels of volledig over het plangebied. Eventuele ontwikkeling van het plangebied vereist de nodige bouwkundige/ organisatorische maatregelen. Een mogelijke maatregel is om de buitengevel richting de mogelijke brand- en explosiebronnen uit te voeren in een dikke betonwand die alle genoemde scenario’s (behalve een gifwolk) mitigeert.

Door het nemen van deze maatregel worden de gevolgen voor de achterliggende woonwijken ook kleiner. Een dergelijke betonwand is een combinatie van een blinde wand met aarden wal, regelmatig onderbroken door bomen/ bossages. Voor de bescherming tegen een mogelijke gifwolk zal voor de nieuwe bebouwing rekening gehouden moeten worden met een mechanische ventilatie die uitgeschakeld kan worden.

Sweco | Rapport Externe Veiligheid ontwikkeling gebied Henslare Putten Projectnummer 51014331 Datum 17-10-2023

Versie 2

Document referentie NL23-648800269-61768

41/43

Verantwoording Groepsrisico Voor alle risicobronnen is een verantwoording van het groepsrisico uitgevoerd waarbij alle risicoscenario’s zijn geëvalueerd. Uit de effectafstanden van de verschillende risicoscenario’s is gebleken dat alle risicobronnen het plangebied kunnen bereiken. Vanuit deze scenario’s is tenslotte beschreven wat voor mogelijkheden hulpverleners hebben om zich voor te bereiden op een gifwolk scenario en de omvang hiervan te beperken. Tevens zijn de benodigde mogelijkheden voor personen om zich in veiligheid te brengen beschreven. Ondanks de reductie van het risico is er altijd sprake van een restrisico. Over het restrisico dient de Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG) om advies gevraagd te worden over de bestrijdbaarheid en zelfredzaamheid.

Sweco | Rapport Externe Veiligheid ontwikkeling gebied Henslare Putten Projectnummer 51014331 Datum 17-10-2023

Versie 2

Document referentie NL23-648800269-61768

42/43

10

Referenties

1. Besluit externe veiligheid inrichtingen. (2004, 27 mei). Binnengehaald van http://wetten.overheid.nl/BWBR0016767/. 2. Besluit externe veiligheid transportroutes. (2013, 11 november). Binnengehaald van http://wetten.overheid.nl/BWBR0034233/. 3. Besluit externe veiligheid buisleidingen. (2010, 24 juli). Binnengehaald van http://wetten.overheid.nl/BWBR0028265/. 4. AnteaGroup Kwantitatieve risicoanalyse (QRA) Benegas, locatie Putten (18 november 2020) . 5. RIVM, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (1 januari 2021). Handleiding Risicoberekeningen Bevi, versie 4.3. 6. RIVM, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (11 januari 2017). Handleiding Risicoanalyse Transport. Bilthoven. Binnengehaald van http://www.rivm.nl/Onderwerpen/R/RBM_II/Documenten/Downloads/Beleid_en_HART/H andleiding_Risicoanalyse_Transport_HART. 7. Regeling basisnet. (2016, 01 december). Binnengehaald van http://wetten.overheid.nl/BWBR0035000/2016-12-01#Aanhef. 8. VROM, Handreiking verantwoordingsplicht groepsrisico, (november 2007), versie 1.0. 9. Scenarioboek Externe Veiligheid | Een handboek met beschrijvingen van ongevalsscenario's met gevaarlijke stoffen (scenarioboekev.nl).

Sweco | Rapport Externe Veiligheid ontwikkeling gebied Henslare Putten Projectnummer 51014331 Datum 17-10-2023

Versie 2

Document referentie NL23-648800269-61768

43/43

Bijlage 1 Effectafstand tot 1% kans op overlijden Onderdeel

Equipment

Scenario

D - 5.0 [m]

F – 1.5 [m]

Opslag

Tank 2 (propaan)

Instantaan met WB

402

456

Instantaan zonder WB

385

456

Continu 10 min.

271

250

Lekkage 10 mm. gat

20

24

Instantaan met WB

402

456

Instantaan zonder WB

385

456

Continu 10 min.

271

250

Lekkage 10 mm. gat

20

24

Instantaan met WB

426

490

Instantaan zonder WB

413

490

Continu 10 min.

292

268

Lekkage 10 mm. gat

20

24

Instantaan met WB

426

490

Instantaan zonder WB

413

490

Continu 10 min.

292

268

Lekkage 10 mm. gat

20

24

Instantaan met WB

359

359

Instantaan zonder WB

326

315

Continu 10 min.

262

419

Lekkage 10 mm. gat

15

18

Instantaan met WB

359

359

Instantaan zonder WB

326

315

Continu 10 min.

262

419

Lekkage 10 mm. gat

15

18

Instantaan met WB

316

358

Instantaan zonder WB

316

358

Continu 10 min.

193

184

Lekkage 10 mm. gat

20

24

Instantaan met WB

154

154

Instantaan zonder WB

141

128

Continu 10 min.

86

143

Lekkage 10 mm. gat

18

22

Instantaan met WB

154

154

Instantaan zonder WB

141

128

Continu 10 min.

86

143

Tank 3 (propaan)

Tank 4 (propaan)

Tank 5 (propaan)

Tank 6 (N-butaan)

Tank 7 (N-butaan)

Tank 8 (propaan)

Tank 9 (reukloos gas)

Tank 10 (reukloos gas)

Sweco | Rapport Externe Veiligheid ontwikkeling gebied Henslare Putten Projectnummer 51014331 Datum 17-10-2023

Versie 2

Document referentie NL23-648800269-61768

Onderdeel

Equipment

Tank 12 (N-butaan)

Tank 13 (N-butaan)

Parkeren / wachten

Reukloos tankauto

Reukloos tankauto 18 ton

Reukloos tankauto 22 ton

Propaan tankauto

Propaan tankauto 11 ton

Propaan tankauto 24 ton

Butaan tankauto

LPG tankauto

Overslag

Aanvoer butaan tankauto

Aanvoer propaan tankauto

Sweco | Rapport Externe Veiligheid ontwikkeling gebied Henslare Putten Projectnummer 51014331 Datum 17-10-2023

Versie 2

Document referentie NL23-648800269-61768

Scenario

D - 5.0 [m]

F – 1.5 [m]

Lekkage 10 mm. gat

18

22

Instantaan met WB

359

359

Instantaan zonder WB

326

315

Continu 10 min.

262

419

Lekkage 10 mm. gat

15

18

Instantaan met WB

359

359

Instantaan zonder WB

326

315

Continu 10 min.

262

419

Lekkage 10 mm. gat

15

18

Instantaan

211

211

Continu (grootste aansl.)

130

254

Instantaan

211

211

Continu (grootste aansl.)

130

254

Instantaan

229

229

Continu (grootste aansl.)

134

266

Instantaan

257

274

Continu (grootste aansl.)

182

175

Instantaan

184

186

Continu (grootste aansl.)

182

167

Instantaan

257

274

Continu (grootste aansl.)

182

175

Instantaan

238

238

Continu (grootste aansl.)

154

207

Instantaan

257

274

Continu (grootste aansl.)

154

207

Instantaan met WB

238

238

Instantaan zonder WB

225

214

Continu (grootste aansl.)

154

207

Breuk losslang begrenzer faalt

122

140

Lekkage losslang

12

14

Breuk losarm begrenzer faalt

122

140

Lekkage losarm

12

14

Breuk losslang begrenzer faalt niet

50

60

Breuk losarm begrenzer faalt niet

50

60

Instantaan met WB

257

274

Instantaan zonder WB

257

274

Onderdeel

Equipment

Afvoer propaan tankauto

Afvoer reukloos gas tankauto

Afvoer reukloos gas container

Sweco | Rapport Externe Veiligheid ontwikkeling gebied Henslare Putten Projectnummer 51014331 Datum 17-10-2023

Versie 2

Document referentie NL23-648800269-61768

Scenario

D - 5.0 [m]

F – 1.5 [m]

Continu (grootste aansl.)

182

175

Breuk losslang begrenzer faalt

85

89

Lekkage losslang

16

19

Breuk losarm begrenzer faalt

85

89

Lekkage losarm

16

19

Breuk losslang begrenzer faalt niet

69

69

Breuk losarm begrenzer faalt niet

69

69

Instantaan met WB

184

186

Instantaan zonder WB

185

186

Continu (grootste aansl.)

182

167

Breuk losslang begrenzer faalt

85

89

Lekkage losslang

16

19

Breuk losarm begrenzer faalt

85

89

Lekkage losarm

16

19

Breuk losslang begrenzer faalt niet

69

69

Breuk losarm begrenzer faalt niet

69

69

Instantaan met WB

229

229

Instantaan zonder WB

197

226

Continu (grootste aansl.)

134

266

Breuk losslang begrenzer faalt

71

117

Lekkage losslang

15

17

Breuk losarm begrenzer faalt

71

117

Lekkage losarm

15

17

Breuk losslang begrenzer faalt niet

47

57

Breuk losarm begrenzer faalt niet

47

57

Instantaan met WB

211

211

Instantaan zonder WB

185

203

Continu (grootste aansl.)

130

254

Breuk losslang begrenzer faalt

71

116

Lekkage losslang

15

17

Onderdeel

Equipment

Scenario

D - 5.0 [m]

F – 1.5 [m]

Breuk losarm begrenzer faalt

71

116

Lekkage losarm

15

17

Breuk losslang begrenzer faalt niet

47

57

Breuk losarm begrenzer faalt niet

47

57

Breuk losslang begrenzer faalt

71

116

Lekkage losslang

15

17

Breuk losslang begrenzer faalt niet

47

57

Breuk losslang begrenzer faalt

71

116

Lekkage losslang

15

17

Breuk losslang begrenzer faalt niet

47

57

Standalone Overslag-aanvoer butaan tankauto

152

149

Standalone Overslag-aanvoer propaan tankauto

202

199

Standalone Overslag-afvoer propaan tankauto

140

138

Standalone Overslag-afvoer reukloos gas tankauto

167

164

Standalone Overslag-afvoer reukloos gas container

152

149

Begrenzer sluit

50

60

Begrenzer sluit niet

122

139

Lek pomp

12

14

Begrenzer sluit

67

71

Begrenzer sluit niet

90

92

Lek pomp

16

19

Begrenzer sluit

47

57

Begrenzer sluit niet

71

117

Lek pomp

15

17

Begrenzer sluit

47

57

Begrenzer sluit niet

71

117

Lek pomp

15

17

Rondpompen reukloos tankauto

Rondpompen reukloos container

BLEVE

Pompen

Pomp butaan aanvoer

Pomp propaan aan en afvoer

Pomp reukloos aan en afvoer

Pomp rondpompen reukloos

Tabel B1 Effectafstand tot 1% kans op overlijden

Sweco | Rapport Externe Veiligheid ontwikkeling gebied Henslare Putten Projectnummer 51014331 Datum 17-10-2023

Versie 2

Document referentie NL23-648800269-61768

Bijlage 2a RBM II huidige situatie

Sweco | Rapport Externe Veiligheid ontwikkeling gebied Henslare Putten Projectnummer 51014331 Datum 17-10-2023

Versie 2

Document referentie NL23-648800269-61768

Rapportage Onderzoek ontwikkeling Henslare

Versie: 2.3.0 Build: 535 Releasedatum: 14-11-2013 Datum: 25-7-2023, tijd: 11:41:55

Project: Onderzoek ontwikkeling Henslare

2

1 Projectgegevens

1.1 Samenvatting Eigenschap

Waarde

Projectnaam Omschrijving Modaliteit Weerfile Totale lengte van de route Berekend Gemiddelde afstand tot de contouren

Onderzoek ontwikkeling Henslare Onderzoek ontwikkeling Henslare Spoor Soesterberg 2404 Plaatsgebonden- en groepsrisico's

Contour

Afstand

1/j

m

10-5

Niet aanwezig

10-6 10-7 10-8 Oppervlak onder de contouren

2 78 259

Contour

Oppervlak

1/j

m²

10-5

Niet aanwezig

10-6 10-7 10-8

10126 393938 1454253

Eenheid

m

1.2 Versies Onderdeel

Versie

Datum

RBM_II.exe Parameters Weer Scenariobestand Stoffenbestand Helpbestand Systeemdatum

2.3.0 Build: 535 1.3. 1.0 nvt Niet ingevuld 2.2 -

14/11/2013 14/11/2013 24-8-2012 24-8-2012 24-8-2012 24-8-2012 25-7-2023

Punt

X-waarde

Y-Waarde

Linksonder

166000

474050

1.3 Werkgebied

Project: Onderzoek ontwikkeling Henslare

3

Rechtsboven

169850

477900

1.4 Algemene gegegevens Eigenschap

Waarde

Projectnaam Omschrijving Extra informatie Projectcode Datum afronding Uitgevoerd door

Onderzoek ontwikkeling Henslare QRA Spoor Putten Geen informatie 51014331 28/07/2023

Analist

G. Brand

Telefoon E-mail Bedrijf Postadres Postcode Plaats In opdracht van Naam

06 -211 67 062 gaby.brand@sweco.nl Sweco Nederland B.V. De Holle Bilt 22 Niet ingevuld De Bilt

Telefoon E-mail Organisatie contactpersoon Postadres Postcode Plaats

Niet ingevuld Niet ingevuld Niet ingevuld Niet ingevuld Niet ingevuld Niet ingevuld

Bouwbedrijf J. Timmer B.V.

1.4.1 Weer: Soesterberg Eigenschap

Waarde

Weerstation Specificaties Aantal windrichtingen Aantal weersklassen Begin van de dag (hh:mm) Begin van de nacht (hh:mm) Meteo gegevens Meteo gegevens

Soesterberg CPR 18E pag. 4.34 12 6 08:00 18:30

Weerstabili

Eenheid

B

D

D

D

E

F

Windsnelh

m/s

3,0

1,5

5,0

9,0

5,0

1,5

6:0 0:1 1:1 1:2 2:2 2:3 3:3 3:4 4:4 4:5 5:5 5:6

o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o

2,000 3,700 2,200 2,300 1,600 1,300 1,500 1,700 1,400 1,500 1,600 1,000

1,500 1,700 1,200 1,100 1,000 1,300 2,000 2,500 1,600 1,600 1,300 1,100

2,600 2,900 1,700 1,600 1,400 1,800 3,000 5,400 4,700 3,800 4,000 2,200

1,500 1,400 1,000 1,200 0,500 0,600 1,200 3,500 5,200 4,800 2,700 1,600

0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000

0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000

Project: Onderzoek ontwikkeling Henslare

4

Meteo gegevens Weerstabili

B

D

D

D

E

F

Windsnelh

m/s

3,0

1,5

5,0

9,0

5,0

1,5

6:0 0:1 1:1 1:2 2:2 2:3 3:3 3:4 4:4 4:5 5:5 5:6

o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o

0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000

1,400 2,200 1,400 1,500 1,400 2,000 3,100 3,000 2,000 1,900 1,300 1,200

1,000 2,000 1,700 1,700 1,000 1,800 2,700 4,300 3,500 2,100 1,200 1,100

0,300 0,500 0,700 0,700 0,200 0,600 1,100 2,700 3,300 1,800 0,700 0,400

0,400 1,300 1,100 1,400 0,500 0,500 0,700 1,000 0,700 0,600 0,300 0,200

2,200 4,100 3,000 3,300 2,600 3,100 3,600 3,000 1,800 1,900 1,600 1,500

2 Situatie plot + PR-contouren

Figuur 1

3 Groepsrisico's

Project: Onderzoek ontwikkeling Henslare

5

3.1 Groepsrisicocurve

3.1.1 Kenmerken van het berekende groepsrisico

Eigenschap

Waarde

Naam GR-curve Normwaarde (N:F) Max. N (N:F) Max. F (N:F) Naam GR-curve

Groepsrisico van de totale route. 0,00095 (210 : 2,1E-008) 234 (234 : 1,1E-008) 4,5E-007 (11 : 4,5E-007) Hoogste groepsrisico per km. Deelroute 2, 849-1848 0,00095 (210 : 2,1E-008) 234 (234 : 1,1E-008) 2,8E-007 (11 : 2,8E-007)

Normwaarde (N:F) Max. N (N:F) Max. F (N:F)

4 Route en transportgegevens

Project: Onderzoek ontwikkeling Henslare

6

4.1 Spoorroute: Spoor Amersfoort Oost - Putten Eigenschap

Waarde

Omschrijving

360D

Type spoorwegtraject Breedte Frequentie (1/vtg.km) Beginpunt is eindpunt voorgaand traject Coordinaten Transport van voorgaand traject

Hoge snelheid 24 2,772E-008 Niet waar

Transport Stof

A (brandbare gassen) B2 (giftige gassen) C3 (zeer brandbare vloeistoffen) D3 (giftige vloeistoffen) D4 (zeer giftige vloeistoffen)

Aantal transp.

Unit

m

Niet waar

Transp. middel

Transp. overdag Transp. werkweek

Aantal C3 wagons

1/jaar

o/o

o/o

1430

SKW druk 33 (bonte trein) SKW druk (bont 33 trein) SKW vloeistof 33

71,4

2

71,4

2

71,4

NVT

SKW zeer giftige vloeistof SKW zeer giftige vloeistof

33

71,4

NVT

33

71,4

NVT

910 5620

1110 180

Wissels

Nee

Lengte

506

m

4.2 Spoorroute: Spoor Amersfoort Oost - Putten<1> Eigenschap

Waarde

Unit

Omschrijving

360E

Type spoorwegtraject Breedte Frequentie (1/vtg.km) Beginpunt is eindpunt voorgaand traject Coordinaten Transport van voorgaand traject

Hoge snelheid 24 6,072E-008 Niet waar

m

Waar

Transport Stof

A (brandbare gassen) B2 (giftige gassen) C3 (zeer brandbare vloeistoffen) D3 (giftige vloeistoffen) D4 (zeer giftige vloeistoffen)

Aantal transp.

Transp. middel

Transp. overdag Transp. werkweek

Aantal C3 wagons

1/jaar

o/o

o/o

1430

SKW druk 33 (bonte trein) SKW druk (bont 33 trein) SKW vloeistof 33

71,4

2

71,4

2

71,4

NVT

SKW zeer giftige vloeistof SKW zeer giftige vloeistof

33

71,4

NVT

33

71,4

NVT

910 5620

1110 180

Project: Onderzoek ontwikkeling Henslare

7

Wissels

Ja

Lengte

1898

m

Bijlage 2b RBM II toekomstige situatie

Sweco | Rapport Externe Veiligheid ontwikkeling gebied Henslare Putten Projectnummer 51014331 Datum 17-10-2023

Versie 2

Document referentie NL23-648800269-61768

Rapportage Onderzoek ontwikkeling Henslare

Versie: 2.3.0 Build: 535 Releasedatum: 14-11-2013 Datum: 25-7-2023, tijd: 11:52:36

Project: Onderzoek ontwikkeling Henslare

2

1 Projectgegevens

1.1 Samenvatting Eigenschap

Waarde

Projectnaam Omschrijving Modaliteit Weerfile Totale lengte van de route Berekend Gemiddelde afstand tot de contouren

Onderzoek ontwikkeling Henslare Onderzoek ontwikkeling Henslare Spoor Soesterberg 2404 Plaatsgebonden- en groepsrisico's

Contour

Afstand

1/j

m

10-5

Niet aanwezig

10-6 10-7 10-8 Oppervlak onder de contouren

2 78 259

Contour

Oppervlak

1/j

m²

10-5

Niet aanwezig

10-6 10-7 10-8

10126 393938 1454253

Eenheid

m

1.2 Versies Onderdeel

Versie

Datum

RBM_II.exe Parameters Weer Scenariobestand Stoffenbestand Helpbestand Systeemdatum

2.3.0 Build: 535 1.3. 1.0 nvt Niet ingevuld 2.2 -

14/11/2013 14/11/2013 24-8-2012 24-8-2012 24-8-2012 24-8-2012 25-7-2023

Punt

X-waarde

Y-Waarde

Linksonder

166000

474050

1.3 Werkgebied

Project: Onderzoek ontwikkeling Henslare

3

Rechtsboven

169850

477900

1.4 Algemene gegegevens Eigenschap

Waarde

Projectnaam Omschrijving Extra informatie Projectcode Datum afronding Uitgevoerd door

Onderzoek ontwikkeling Henslare QRA Spoor Putten Geen informatie 51014331 28/07/2023

Analist

G. Brand

Telefoon E-mail Bedrijf Postadres Postcode Plaats In opdracht van Naam

06 -211 67 062 gaby.brand@sweco.nl Sweco Nederland B.V. De Holle Bilt 22 Niet ingevuld De Bilt

Telefoon E-mail Organisatie contactpersoon Postadres Postcode Plaats

Niet ingevuld Niet ingevuld Niet ingevuld Niet ingevuld Niet ingevuld Niet ingevuld

Bouwbedrijf J. Timmer B.V.

1.4.1 Weer: Soesterberg Eigenschap

Waarde

Weerstation Specificaties Aantal windrichtingen Aantal weersklassen Begin van de dag (hh:mm) Begin van de nacht (hh:mm) Meteo gegevens Meteo gegevens

Soesterberg CPR 18E pag. 4.34 12 6 08:00 18:30

Weerstabili

Eenheid

B

D

D

D

E

F

Windsnelh

m/s

3,0

1,5

5,0

9,0

5,0

1,5

6:0 0:1 1:1 1:2 2:2 2:3 3:3 3:4 4:4 4:5 5:5 5:6

o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o

2,000 3,700 2,200 2,300 1,600 1,300 1,500 1,700 1,400 1,500 1,600 1,000

1,500 1,700 1,200 1,100 1,000 1,300 2,000 2,500 1,600 1,600 1,300 1,100

2,600 2,900 1,700 1,600 1,400 1,800 3,000 5,400 4,700 3,800 4,000 2,200

1,500 1,400 1,000 1,200 0,500 0,600 1,200 3,500 5,200 4,800 2,700 1,600

0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000

0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000

Project: Onderzoek ontwikkeling Henslare

4

Meteo gegevens Weerstabili

B

D

D

D

E

F

Windsnelh

m/s

3,0

1,5

5,0

9,0

5,0

1,5

6:0 0:1 1:1 1:2 2:2 2:3 3:3 3:4 4:4 4:5 5:5 5:6

o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o

0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000

1,400 2,200 1,400 1,500 1,400 2,000 3,100 3,000 2,000 1,900 1,300 1,200

1,000 2,000 1,700 1,700 1,000 1,800 2,700 4,300 3,500 2,100 1,200 1,100

0,300 0,500 0,700 0,700 0,200 0,600 1,100 2,700 3,300 1,800 0,700 0,400

0,400 1,300 1,100 1,400 0,500 0,500 0,700 1,000 0,700 0,600 0,300 0,200

2,200 4,100 3,000 3,300 2,600 3,100 3,600 3,000 1,800 1,900 1,600 1,500

2 Situatie plot + PR-contouren

Figuur 1

3 Groepsrisico's

Project: Onderzoek ontwikkeling Henslare

5

3.1 Groepsrisicocurve

3.1.1 Kenmerken van het berekende groepsrisico

Eigenschap

Waarde

Naam GR-curve Normwaarde (N:F) Max. N (N:F) Max. F (N:F) Naam GR-curve

Groepsrisico van de totale route. 0,00104 (189 : 2,9E-008) 248 (248 : 3,2E-009) 4,7E-007 (11 : 4,7E-007) Hoogste groepsrisico per km. Deelroute 2, 724-1723 0,00104 (189 : 2,9E-008) 248 (248 : 3,2E-009) 2,9E-007 (11 : 2,9E-007)

Normwaarde (N:F) Max. N (N:F) Max. F (N:F)

4 Route en transportgegevens

Project: Onderzoek ontwikkeling Henslare

6

4.1 Spoorroute: Spoor Amersfoort Oost - Putten Eigenschap

Waarde

Omschrijving

360D

Type spoorwegtraject Breedte Frequentie (1/vtg.km) Beginpunt is eindpunt voorgaand traject Coordinaten Transport van voorgaand traject

Hoge snelheid 24 2,772E-008 Niet waar

Transport Stof

A (brandbare gassen) B2 (giftige gassen) C3 (zeer brandbare vloeistoffen) D3 (giftige vloeistoffen) D4 (zeer giftige vloeistoffen)

Aantal transp.

Unit

m

Niet waar

Transp. middel

Transp. overdag Transp. werkweek

Aantal C3 wagons

1/jaar

o/o

o/o

1430

SKW druk 33 (bonte trein) SKW druk (bont 33 trein) SKW vloeistof 33

71,4

2

71,4

2

71,4

NVT

SKW zeer giftige vloeistof SKW zeer giftige vloeistof

33

71,4

NVT

33

71,4

NVT

910 5620

1110 180

Wissels

Nee

Lengte

506

m

4.2 Spoorroute: Spoor Amersfoort Oost - Putten<1> Eigenschap

Waarde

Unit

Omschrijving

360E

Type spoorwegtraject Breedte Frequentie (1/vtg.km) Beginpunt is eindpunt voorgaand traject Coordinaten Transport van voorgaand traject

Hoge snelheid 24 6,072E-008 Niet waar

m

Waar

Transport Stof

A (brandbare gassen) B2 (giftige gassen) C3 (zeer brandbare vloeistoffen) D3 (giftige vloeistoffen) D4 (zeer giftige vloeistoffen)

Aantal transp.

Transp. middel

Transp. overdag Transp. werkweek

Aantal C3 wagons

1/jaar

o/o

o/o

1430

SKW druk 33 (bonte trein) SKW druk (bont 33 trein) SKW vloeistof 33

71,4

2

71,4

2

71,4

NVT

SKW zeer giftige vloeistof SKW zeer giftige vloeistof

33

71,4

NVT

33

71,4

NVT

910 5620

1110 180

Project: Onderzoek ontwikkeling Henslare

7

Wissels

Ja

Lengte

1898

m

Eigenschap

Waarde

Eenheid

Naam

Bedrijven dagdienst

Omschrijving Aantal mensen Dag Nacht

Toekomstig plangebied

5 Bedrijven dagdienst

5.1 Bedrijven dagdienst

1/ha 40 dag: 40, nacht: 0

Fractie buitenshuis Dag Nacht

0,05 dag: 0,05, nacht: 0

--

Oppervlak Aantal verblijfplaatsen Complexiteit bouwvlak Herkomst data

44659,8 1 Ok RBM

m²

Bijlage 3a Carola huidige situatie

Sweco | Rapport Externe Veiligheid ontwikkeling gebied Henslare Putten Projectnummer 51014331 Datum 17-10-2023

Versie 2

Document referentie NL23-648800269-61768

Kwantitatieve Risicoanalyse Henslare Putten huidige situatie Door: NLGABB

Inhoud 1 Inleiding ................................................................................................................. 3 2 Invoergegevens ....................................................................................................... 5 2.1 Interessegebied ................................................................................................ 5 2.2 Relevante leidingen ........................................................................................... 5 2.3 Populatie.......................................................................................................... 7 3 Plaatsgebonden risico ............................................................................................. 10 3.1 Figuur 3.1 Plaatsgebonden risico voor 8985_leiding-A-510-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie ............................................................................................ 10 3.2 Figuur 3.2 Plaatsgebonden risico voor 8985_leiding-N-570-16-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie ............................................................................................ 11 3.3 Figuur 3.3 Plaatsgebonden risico voor 8985_leiding-N-570-18-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie ............................................................................................

11 3.4 Figuur 3.4 Plaatsgebonden risico voor 8985_leiding-N-570-20-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie ............................................................................................ 12 3.5 Figuur 3.5 Plaatsgebonden risico voor 8985_leiding-N-570-26-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie ............................................................................................ 12 4 Groepsrisico screening ............................................................................................ 14 4.1 Figuur 4.1 Groepsrisico screening voor 8985_leiding-A-510-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie ............................................................................................ 14 4.2 Figuur 4.2 Groepsrisico screening voor 8985_leiding-N-570-16-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie ............................................................................................ 15 4.3 Figuur 4.3 Groepsrisico screening voor 8985_leiding-N-570-18-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie ............................................................................................ 15 4.4 Figuur 4.4 Groepsrisico screening voor 8985_leiding-N-570-20-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie ............................................................................................ 16 4.5 Figuur 4.5 Groepsrisico screening voor 8985_leiding-N-570-26-deel-1 van N.V.

Nederlandse Gasunie ............................................................................................ 17 5 FN curves .............................................................................................................. 19 5.1 Figuur 5.1 FN curve voor 8985_leiding-A-510-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 2510.00 en stationing 3510.00 ............................ 19 5.2 Figuur 5.2 FN curve voor 8985_leiding-N-570-16-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 50.00 en stationing 620.00 ..................... 19 5.3 Figuur 5.3 FN curve voor 8985_leiding-N-570-18-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 0.00 en stationing 510.00 ....................... 20

5.4 Figuur 5.4 FN curve voor 8985_leiding-N-570-20-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 3450.00 en stationing 4450.00 ................ 20 5.5 Figuur 5.5 FN curve voor 8985_leiding-N-570-26-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 2290.00 en stationing 3290.00 ................ 20 6 Referenties ............................................................................................................ 21

Pagina 2 van 21

1 Inleiding In deze rapportage worden de gebruikte invoergegevens en de door CAROLA gegenereerde resultaten weergegeven. Deze gegevens vormen de basis voor een QRA-rapportage. Naast deze basisinvoergegevens en –resultaten wordt in de Handleiding Risicoberekeningen BevB aangegeven welke elementen ook in de QRA beschreven moeten worden. In onderstaand overzicht worden welke elementen beschreven moeten worden en of deze door CAROLA worden aangeleverd. Indien de elementen niet door CAROLA worden gegenereerd, moeten ze door de opsteller van de QRA-rapportage worden ingevuld. Het meest recente overzicht van de te beschrijven elementen wordt gegeven in de van kracht zijnde versie van de Handleiding Risicoberekeningen Bevb. In CAROLA berekeningen wordt gebruik gemaakt van de parameters conform de Handleiding Risicoberekeningen Bevb [1]. Achtergrondinformatie over de berekeningen kan worden gevonden in [2, 3, 4, 5].

Pagina 3 van 21

Overzicht van de elementen die in een QRA gerapporteerd moeten worden. Onderwerp

1

2

3

Algemene rapportgegevens Administratieve gegevens: • naam en adres van de leidingexploitant(en) (volgens Bevb) • naam en adres van de opsteller van de QRA Reden opstellen QRA Gevolgde methodiek • rekenpakket met versienummer • parameterbestand met versienummer Peildatum QRA • datum van de berekening • datum van aanmaak van de buisleidinggegevens Algemene beschrijving van de buisleiding(en) Gegevens buisleiding • naam buisleiding • diameter • druk • eventuele mitigerende maatregelen Ligging van de leiding, aan de hand van kaart(en) op schaal. • leiding • noordpijl en schaalindicatie Beschrijving omgeving Omgevingsbebouwing en gebiedsfuncties

Vertrouwelijk/

Aangeleverd

Openbaar

door CAROLA

Openbaar

Deels

Openbaar Openbaar

Nee Nee Ja

Openbaar Ja Nee Openbaar Ja Ja Ja Ja Openbaar

Openbaar

•

bestemmingsplannen al dan niet gedeeltelijk binnen de PR 10-6-contour en het invloedsgebied Actuele topografische kaart

4

Een beschrijving van de bevolking rond de buisleiding, onder opgave van de wijze waarop deze beschrijving tot stand is gekomen (o.a. incidentele bebouwing, lintbebouwing) Mogelijke gevaren van buiten de buisleiding die op de buisleiding effect kunnen hebben (risicoverhogende objecten, buurbedrijven/ activiteiten, vliegroutes, windturbines) Gebruikt weerstation Beschrijving per leiding van mogelijke risico’s voor de omgeving Samenvattend overzicht van de resultaten van de QRA, waarin tenminste is opgenomen: Kaart met het berekende plaatsgebonden risico, met contouren voor 10-4, 10-5, 10-6, 10-7 en 10-8 (indien aanwezig) FN-curve, voor zowel huidige als toekomstige situatie, met het groepsrisico voor de kilometer buisleiding met de grootste overschrijding van de oriënterende waarde. Op de horizontale as van de grafiek met de FN-curve wordt het aantal dodelijke slachtoffers uitgezet, op de verticale as de cumulatieve kans tot 10-9 per jaar FN-datapunt waarbij de maximale overschrijding van de oriëntatiewaarde optreedt, inclusief de factor van de overschrijding Grafiek met de screening van het groepsrisico Beschrijving of er kwetsbare bestemmingen en/of beperkt kwetsbare bestemmingen binnen de PR contour van 10 -6 per jaar zijn Voorgestelde preventieve en repressieve maatregelen die in de QRA zijn meegenomen

Ja Ja

Ja indien ingevoerd Openbaar Openbaar

Ja indien ingevoerd Nee

Openbaar

Nee

Openbaar

Ja

Openbaar

Ja

Openbaar

Ja

Openbaar

Ja

Openbaar

Ja

Openbaar Openbaar

Ja Nee

Openbaar

Ja

Pagina 4 van 21

2 Invoergegevens De risicoberekeningen die in dit rapport zijn beschreven zijn uitgevoerd met CAROLA versie 1.0.0.52. De gehanteerde parameterfile heeft versienummer 1.3. De berekeningen zijn uitgevoerd op 21-07-2023. Dit project is opgeslagen onder de C:\Users\nlgabb\Documents\51014331_J_Timmer_Advieswerk_EV_Putten\300

naam

Werkdocumenten\Carola\Henslare.crp en is laatstelijk bijgewerkt op 07-07-2023. Voor de berekeningen is gebruik gemaakt van de meteorologische gegevens van het weerstation Soesterberg. De gebruikte ruwheidslengte is 0,1 meter. In dit hoofdstuk worden de verschillende invoergegevens nader gespecificeerd in de navolgende secties. 2.1 Interessegebied Het interessegebied is weergegeven in figuur 2.1 Figuur 2.1 Interessegebied voor de uitgevoerde risicoberekeningen

2.2 Relevante leidingen Op basis van het gespecificeerde interessegebied zijn de volgende aardgastransportleidingen meegenomen. Eigenaar

Leidingnaam

Diameter [mm]

Druk [bar]

Datum aanleveren gegevens

Pagina 5 van 21

N.V.

8985_leiding-

Nederlandse Gasunie

A-510-deel-1

N.V.

8985_leiding-

Nederlandse Gasunie

N-570-16deel-1

N.V.

8985_leiding-

Nederlandse Gasunie

N-570-18deel-1

N.V.

8985_leiding-

Nederlandse Gasunie

N-570-20deel-1

N.V.

8985_leiding-

Nederlandse Gasunie

N-570-26deel-1

914.00

66.20

12-07-2023

114.30

40.00

12-07-2023

219.10

40.00

12-07-2023

316.00

40.00

12-07-2023

108.00

40.00

12-07-2023

De exploitant specifieke factoren voor casuïstiek (cluster 1b), actief rappel (cluster 1C) en mitigerende maatregelen corrosie staan beschreven in Tabel 11 van Module B van de Handleiding Risicoberekeningen Bevb [1]. De leidingen zijn gevisualiseerd in figuur 2.2. Figuur 2.2 Buisleidingen aanwezig in de omgeving van het interessegebied

Leidingen meegenomen in de risicoberekeningen Leidingen waarvoor de houdbaarheidsdatum van de gegevens verstreken is

Pagina 6 van 21

De volgende risicomitigerende maatregelen zijn meegewogen in de risicostudie: Leidingnaam

Mitigerende

Begin

maatregel

stationing

Eind stationing

8985_leidingN-570-20-

striktere begeleiding van

4736.680

4741.010

deel-1

werkzaamheden

8985_leidingN-570-20-

striktere begeleiding van

5460.250

5461.000

deel-1

werkzaamheden

8985_leidingN-570-20-

striktere begeleiding van

5778.700

5781.750

deel-1

werkzaamheden

8985_leidingN-570-20-

striktere begeleiding van

5785.930

5786.970

deel-1

werkzaamheden

8985_leidingN-570-26-

striktere begeleiding van

1367.300

1369.910

deel-1

werkzaamheden

8985_leidingN-570-26-

striktere begeleiding van

1976.010

2482.790

deel-1

werkzaamheden

Een deel van onderstaande leiding loopt bovengronds waardoor CAROLA voor dat leidingdeel geen correcte waarden geeft voor PR en GR. Neemt u contact op met de leidingexploitant voor het bepalen van de risico's van deze leiding Leidingnaam

Begin

Eind stationing

stationing 8985_leiding-N-570-20-deel-1

5462.240

5475.020

2.3 Populatie De ingevoerde populatie is weergegeven in figuur 2.3

Pagina 7 van 21

Figuur 2.3 Bevolking meegenomen in de risicoberekeningen

Populatietype

Polygoonpunten

Populatiepolygoon

Wonen Werken Evenement

Populatiepolygonen Label

Type

Aantal

Dichtheid

Vervangmodus

Percentage Personen

Populatiebestanden Pad

Type

Aa nta

Perce ntage

l

Perso nen

Henslare+Putten_geval+1_resultaten_resultaten\bijeen_sport_cel_

Even

43

zkh-dag100-nacht80.txt

emen t

53

Henslare+Putten_geval+1_resultaten_resultaten\hotel-

Wo

48

dag0-nacht100.txt

nen

8

Henslare+Putten_geval+1_resultaten_resultaten\industr ie-dag100-nacht30.txt

Wer ken

21 14 Pagina 8 van 21

Henslare+Putten_geval+1_resultaten_resultaten\

Wer

966

kantoor_kliniek_onderwijs_winkel-dag100nacht0.txt

ken

8

Henslare+Putten_geval+1_resultaten

Wo

17

_resultaten\wonend_vakantiehuisdag50-nacht100.txt

ne n

34 2

Pagina 9 van 21

3 Plaatsgebonden risico Voor de in voorgaande hoofdstuk genoemde leidingen is het plaatsgebonden risico bepaald. Voor elk van de leidingen wordt het plaatsgebonden risico weergegeven als iso-risicocontouren op een achtergrondkaart. 3.1 Figuur 3.1 Plaatsgebonden risico voor 8985_leiding-A-510-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

Pagina 10 van 21

3.2 Figuur 3.2 Plaatsgebonden risico voor 8985_leiding-N-570-16-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

3.3 Figuur 3.3 Plaatsgebonden risico voor 8985_leiding-N-570-18-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

Pagina 11 van 21

3.4 Figuur 3.4 Plaatsgebonden risico voor 8985_leiding-N-570-20-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

3.5 Figuur 3.5 Plaatsgebonden risico voor 8985_leiding-N-570-26-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

Pagina 12 van 21

1E-4 1E-5 1E-6 1E-7 1E-8

Pagina 13 van 21

4 Groepsrisico screening Om in één oogopslag een indruk te krijgen van het groepsrisico wordt het groepsrisico gescreend alvorens voor specifieke segmenten FN-curves te visualiseren. Voor elk van de leidingen wordt per stationing de overschrijdingsfactor van de oriëntatiewaarde van het groepsrisico weergegeven. Deze is berekend door rondom elk punt op de leiding één kilometer segment te kiezen die gecentreerd ligt ten opzichte van dit punt. Voor deze kilometer leiding is een FN-curve berekend en voor deze FN-curve de overschrijdingsfactor. De overschrijdingsfactor is de verhouding tussen de FN-curve en de oriëntatiewaarde. Daarmee is de overschrijdingsfactor een maat die aangeeft in hoeverre de oriëntatiewaarde wordt genaderd of overschreden. Een overschrijdingsfactor kleiner dan 1 geeft aan dat de FNcurve onder de oriëntatiewaarde blijft. Bij een waarde van 1 zal de FN-curve de oriëntatiewaarde raken. Bij een waarde groter dan 1 wordt de oriëntatiewaarde overschreden. 4.1 Figuur 4.1 Groepsrisico screening voor 8985_leiding-A-510-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

De maximale overschrijdingsfactor van deze kilometer leiding wordt gevonden bij 32 slachtoffers en een frequentie van 2.80E-008. De maximale overschrijdingsfactor voor dit tracé is gelijk aan 2.870E-003 en correspondeert met die kilometer leiding die gekarakteriseerd wordt door stationing 2510.00 en stationing 3510.00. Voor deze kilometer leiding is de FN-curve opgenomen in het volgende hoofdstuk. De betreffende kilometer leiding is gevisualiseerd in figuur 4.1 Figuur 4.1 Kilometer leiding behorende bij de maximale overschrijding van de FNcurve voor 8985_leiding-A-510-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

Pagina 14 van 21

4.2 Figuur 4.2 Groepsrisico screening voor 8985_leiding-N-570-16-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

De maximale overschrijdingsfactor van deze kilometer leiding wordt gevonden bij 0 slachtoffers en een frequentie van 0.00E+000. De maximale overschrijdingsfactor voor dit tracé is gelijk aan 0.000E+000 en correspondeert met die kilometer leiding die gekarakteriseerd wordt door stationing 50.00 en stationing 620.00. Voor deze kilometer leiding is de FN-curve opgenomen in het volgende hoofdstuk. De betreffende kilometer leiding is gevisualiseerd in figuur 4.2 Figuur 4.2 Kilometer leiding behorende bij de maximale overschrijding van de FNcurve voor 8985_leiding-N-570-16-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

4.3 Figuur 4.3 Groepsrisico screening voor 8985_leiding-N-570-18-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

De maximale overschrijdingsfactor van deze kilometer leiding wordt gevonden bij 0 slachtoffers en een frequentie van 0.00E+000. De maximale overschrijdingsfactor voor dit tracé is gelijk aan 0.000E+000 en correspondeert met die kilometer leiding die gekarakteriseerd wordt door stationing 0.00 en stationing 510.00. Voor deze kilometer leiding is de FN-curve opgenomen in het volgende hoofdstuk. De betreffende kilometer leiding is gevisualiseerd in figuur 4.3

Pagina 15 van 21

Figuur 4.3 Kilometer leiding behorende bij de maximale overschrijding van de FNcurve voor 8985_leiding-N-570-18-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

4.4 Figuur 4.4 Groepsrisico screening voor 8985_leiding-N-570-20-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

De maximale overschrijdingsfactor van deze kilometer leiding wordt gevonden bij 10 slachtoffers en een frequentie van 1.96E-009. De maximale overschrijdingsfactor voor dit tracé is gelijk aan 1.965E-005 en correspondeert met die kilometer leiding die gekarakteriseerd wordt door stationing 3450.00 en stationing 4450.00. Voor deze kilometer leiding is de FN-curve opgenomen in het volgende hoofdstuk. De betreffende kilometer leiding is gevisualiseerd in figuur 4.4

Pagina 16 van 21

Figuur 4.4 Kilometer leiding behorende bij de maximale overschrijding van de FNcurve voor 8985_leiding-N-570-20-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

4.5 Figuur 4.5 Groepsrisico screening voor 8985_leiding-N-570-26-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

De maximale overschrijdingsfactor van deze kilometer leiding wordt gevonden bij 10 slachtoffers en een frequentie van 1.12E-007. De maximale overschrijdingsfactor voor dit tracé is gelijk aan 1.122E-003 en correspondeert met die kilometer leiding die gekarakteriseerd wordt door stationing 2290.00 en stationing 3290.00. Voor deze kilometer leiding is de FN-curve opgenomen in het volgende hoofdstuk. De betreffende kilometer leiding is gevisualiseerd in figuur 4.5

Pagina 17 van 21

Figuur 4.5 Kilometer leiding behorende bij de maximale overschrijding van de FNcurve voor 8985_leiding-N-570-26-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie

Pagina 18 van 21

5 FN curves Voor elk van de eerder genoemde leidingen is het groepsrisico berekend. Een samenvatting van de resultaten hiervan is gegeven in het voorgaande hoofdstuk; in dit hoofdstuk wordt voor elk van de leidingen de daadwerkelijke FN-curve gegeven van de (in termen van groepsrisico) “slechtste” kilometer van het betreffende tracé. 5.1 Figuur 5.1 FN curve voor 8985_leiding-A-510-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 2510.00 en stationing 3510.00

5.2 Figuur 5.2 FN curve voor 8985_leiding-N-570-16-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 50.00 en stationing 620.00

Pagina 19 van 21

5.3 Figuur 5.3 FN curve voor 8985_leiding-N-570-18-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 0.00 en stationing 510.00

5.4 Figuur 5.4 FN curve voor 8985_leiding-N-570-20-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 3450.00 en stationing 4450.00

5.5 Figuur 5.5 FN curve voor 8985_leiding-N-570-26-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 2290.00 en stationing 3290.00

Pagina 20 van 21

6 Referenties [1]

Handleiding Risicoberekeningen Bevb. Versie 1.0. 20 december 2010.

[2]

Risicomethodiek aardgastransportleidingen. Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Brief 390/06 CEV Lah/pbz-1191. 6 november 2006.

[3]

Risicomethodiek aardgastransportleidingen. Ministerie van VROM. Brief 2006.334302. 7 december 2006.

[4]

Laheij GMH, Vliet AAC van, Kooi ES. Achtergronden bij de vervanging van zoneringafstanden hogedruk aardgastransportleidingen van de N.V. Nederlandse Gasunie. Rijksinstituut 620121001/2008. 2008.

[5]

voor

Volksgezondheid

en

Milieu.

RIVM-rapport

M. Gielisse, M.T. Dröge, G.R. Kuik. Risicoanalyse aardgastransportleidingen. N.V. Nederlandse Gasunie. DEI 2008.R.0939. 2008.

Pagina 21 van 21

Bijlage 3b Carola toekomstige situatie

Sweco | Rapport Externe Veiligheid ontwikkeling gebied Henslare Putten Projectnummer 51014331 Datum 17-10-2023

Versie 2

Document referentie NL23-648800269-61768

Kwantitatieve Risicoanalyse Henslare Putten toekomstige situatie Door: NLGABB

Inhoud 1 Inleiding ................................................................................................................. 3 2 Invoergegevens ....................................................................................................... 5 2.1 Interessegebied ................................................................................................ 5 2.2 Relevante leidingen ........................................................................................... 5 2.3 Populatie.......................................................................................................... 7 3 Plaatsgebonden risico ............................................................................................... 9 3.1 Figuur 3.1 Plaatsgebonden risico voor 8985_leiding-A-510-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie .............................................................................................. 9 3.2 Figuur 3.2 Plaatsgebonden risico voor 8985_leiding-N-570-16-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie .............................................................................................10 3.3 Figuur 3.3 Plaatsgebonden risico voor 8985_leiding-N-570-18-deel-1 van N.V.

Nederlandse Gasunie .............................................................................................10 3.4 Figuur 3.4 Plaatsgebonden risico voor 8985_leiding-N-570-20-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie .............................................................................................11 3.5 Figuur 3.5 Plaatsgebonden risico voor 8985_leiding-N-570-26-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie .............................................................................................11 4 Groepsrisico screening .............................................................................................13 4.1 Figuur 4.1 Groepsrisico screening voor 8985_leiding-A-510-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie .............................................................................................13 4.2 Figuur 4.2 Groepsrisico screening voor 8985_leiding-N-570-16-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie .............................................................................................14 4.3 Figuur 4.3 Groepsrisico screening voor 8985_leiding-N-570-18-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie .............................................................................................14 4.4 Figuur 4.4 Groepsrisico screening voor 8985_leiding-N-570-20-deel-1 van N.V.

Nederlandse Gasunie .............................................................................................15 4.5 Figuur 4.5 Groepsrisico screening voor 8985_leiding-N-570-26-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie .............................................................................................16 5 FN curves ...............................................................................................................18 5.1 Figuur 5.1 FN curve voor 8985_leiding-A-510-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 2510.00 en stationing 3510.00 .............................18 5.2 Figuur 5.2 FN curve voor 8985_leiding-N-570-16-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 50.00 en stationing 620.00 ......................18 5.3 Figuur 5.3 FN curve voor 8985_leiding-N-570-18-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 0.00 en stationing 510.00 ........................19 5.4 Figuur 5.4 FN curve voor 8985_leiding-N-570-20-deel-1 van N.V. Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 3450.00 en stationing 4450.00 .................19 5.5 Figuur 5.5 FN curve voor 8985_leiding-N-570-26-deel-1 van N.V.

Nederlandse Gasunie voor de kilometer tussen stationing 2290.00 en stationing 3290.00 .................19 6 Referenties .............................................................................................................20

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13739618/1