CConstaterende datPutten
Koppel je AI →
Document · PDF

Opiniërende notitie voor commissie - beleid kleinschalige energie opwek

Commissie Economie, Bestuur en Openbare Ruimte 21 februari 2022, gemeente PuttenBij agendapunt: Opiniërende notitie voor commissie - beleid kleinschalige energie opwek1.559 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zaaktype

:

Zaaknummer

:

1381626

Documentnummer

:

1381628

OPINIËRENDE NOTITIE VOOR DE COMMISSIE RUIMTE Onderwerp

Kleinschalige energie opwek buitengebied Inleiding De door u vastgestelde RES en het Beleidskader grootschalige energie opwek 2.0 geven kaders voor projecten voor grootschalige energie opwek. Echter komen er ook steeds meer initiatieven van particulieren en bedrijven voor éigen energie opwek. Het gaat bijvoorbeeld om microwindmolens bij een bedrijf of een zonnepaneelveldje bij een woning. De verzoeken komen met name voor in het buitengebied omdat hier meer ruimte is. Deze notitie gaat alleen in op het beleid voor het buitengebied. Hier is voor gekozen omdat de belangen in en het beleid voor het buitengebied wezenlijk anders zijn dan in de bebouwde kom. In deze notitie wordt onder kleinschalige energie opwek het volgende verstaan: Voorzieningen in de vorm van microwindmolens (maximaal 25 meter as-hoogte) of zonnepanelen in veldopstelling bij woningen, recreatieparken, bedrijven etc. om te kunnen voorzien in de eigen energievraag van het betreffende bedrijf / de betreffende woning. Bij zonnepanelen in veldopstelling geldt dat er een goede reden moet zijn waarom de panelen niet op de daken gelegd kunnen worden. Redenen hiervoor kunnen zijn teveel schaduw van bomen, een rieten dak, een monumentaal pand, veel dakkappelen. Algemeen kan gesteld worden dat voorzieningen voor (kleinschalige) energie opwek vanuit ruimtelijk beleid negatief zijn.

Micro-windmolens en zonnepanelen zijn niet-passende elementen en kunnen het landelijke groene (deels open) karakter van het buitengebied aantasten. Dit kan wel (sterk) verzacht worden door een goede landschappelijke inpassing. Algemeen kan gesteld worden dat voorzieningen voor (kleinschalige) energie opwek vanuit duurzaamheidsbeleid positief zijn. Bewoners / ondernemers wekken hun eigen energie op en verbruiken daarmee minder van de algemene energiereserves. Ook vanuit economisch en recreatiebeleid kan kleinschalige energie opwek als positief worden gezien; het helpt ondernemers kosten te besparen. Dit heeft wel een keerzijde; recreanten willen ook graag een beleving van een fraai en onaangetast natuur- en buitengebied.

Bestaande beleidskaders Beleidsregels zonnepanelen buitengebied (2016) Uitgangspunten: binnen (of aan rand) bouwvlak, maximaal 50m², maximaal 2 meter hoog. Als men een warmtepomp heeft maximaal 100m². Voor bedrijven geldt geen maximum oppervlakte (maatwerk). Bestemmingsplannen In de bestemmingsplannen (Westelijk Buitengebied, Oostelijk Buitengebied, Krachtighuizen) is geen specifiek beleid opgenomen voor de plaatsing van zonnepanelen. Voor microwindmolens is in Westelijk Buitengebied een afwijkingsmogelijkheid opgenomen voor een microwindmolen tot 25 meter (as-hoogte) bij een agrarisch bedrijf. Structuurvisie Putten (2015) Zonnepanelen: uitgangspunt op daken en gebouwen. In veldopstelling alleen binnen agrarisch bouwvlak. Microwindmolens: niet opgenomen. RES (2021) Geeft alleen kaders voor grootschalige energie opwek. Er staat wel algemeen omschrijvend dat vele kleine zonnevelden verspreid in het landschap veelal niet wenselijk is. Er ontstaat dan een energielandschap. Beleidskader grootschalige energie opwek 2.0 (2021) Geeft alleen kaders voor grootschalige energie opwek. Daarbij is vanuit de raad expliciet meegegeven dat zon-op-dak de voorkeur heeft en dat productieve landbouwgronden gespaard dienen te blijven. Omgevingsvisie Deze visie is nog niet opgesteld. Wel zijn enquêtes afgenomen bij bewoners. Er zat geen specifieke vraag bij over kleinschalige energie opwek.

Algemeen is men verdeeld over de mogelijkheden van (grootschalige) energie opwek. Men vindt behoud van ‘bos en heide, water en weide’ heel belangrijk. Verzoeken Er is de afgelopen jaren vergunning verleend voor: -microwindmolens bij agrarische bedrijven (circa 7 stuks) en -zonnepanelen bij met name woningen (circa 25 stuks). Deze aanvragen pasten binnen het beleid. Echter krijgen wij ook steeds vaker verzoeken die niet in het huidige beleid passen. Deze notitie leggen wij aan u voor naar aanleiding van onder andere vier concrete verzoeken die niet (zondermeer) in het beleid passen. In de bijlage vindt u een samenvatting van deze verzoeken. Voor twee van de vier verzoeken is een tijdelijke vergunning tot midden 2022 verleend omdat de bouwwerken al gerealiseerd waren.

2 van 5

Discussiepunten Graag willen wij in deze notitie met name de onderstaande punten bij u onder de aandacht brengen: 1. houden we bij woningen vast aan de maximale oppervlakte van 50m² voor zonnepanelen? 2. mogen zonnepanelen bij woningen alleen binnen / nabij het bouwvlak? 3. mogen zonnepanelen bij bedrijven alleen binnen / nabij het bouwvlak? 4. wilt u het beleid voor microwindmolens verruimen zodat ook niet-agrarische bedrijven en woningen microwindmolens kunnen bouwen? Hieronder zijn de discussiepunten per onderwerp nader uitgewerkt. Per onderwerp vindt u ook ons standpunt.

1. Oppervlakte zonnepanelen bij woningen In de beleidsregels geldt een maximum van 50m² voor zonnepanelen in veldopstelling (bij gebruik van een warmtepomp maximaal 100m²). De 50m² is opgesteld op basis van een gemiddeld energieverbruik. Particulieren geven soms aan dat dit niet voldoende is, dat zij bijvoorbeeld 2 elektrische auto’s hebben, ook een schuur van elektriciteit willen voorzien etc. Standpunt college Het lijkt ons goed om het beleid te verruimen naar maximaal 100m², mits landschappelijk verantwoord (inpasbaar).

2. Locatie zonnepanelen bij woningen Zoals u kunt zien in de voorbeeldverzoeken is de wens soms om de zonnepanelen niet direct bij het bouwvlak te plaatsen maar meer het weiland in of aan de rand van een bos o.i.d.. Soms worden de zonnepanelen daarmee ook aardig uit het zicht onttrokken vanaf de openbare weg, dit kan een voordeel zijn. Een reden kan zijn een klein bouwvlak, veel bomen rondom het huis, veel bebouwing aanwezig of zelf liever geen zicht op de zonnepanelen. Standpunt college Wij willen in principe vasthouden aan binnen bouwvlak of aan de rand van het bouwvlak. Dit om ver-rommeling van het buitengebied en versnippering van (landbouw)gronden tegen te gaan. Er kunnen bijzondere omstandigheden zijn dat een plek (ver) buiten het bouwvlak beter is, bijv. als het om een monument gaat of het bouwvlak nogal klein is en de panelen dan juist zouden opvallen etc. Als verder buiten het bouwvlak wordt gebouwd, geldt een maximale oppervlakte van 50m².

3. Locatie zonnepanelen bij bedrijven Het begrip bedrijf zien wij hierbij ruim; agrarisch bedrijf, niet-agrarisch bedrijf, maatschappelijke voorziening, vakantiepark, dagrecreatieve voorziening etc. Bij een bedrijf is de energievraag groter. In de beleidsregels is daarom opgenomen dat voor een bedrijf geen maximum oppervlakte geldt voor de zonnepanelen. Wel geldt in principe dat binnen de bedrijfsbestemming (bouwvlak) gebouwd dient te worden. Als zonnepanelen buiten de

3 van 5

bedrijfsbestemming worden gebouwd kan de ruimtelijke impact aanzienlijk zijn. Echter is niet altijd plek binnen de bedrijfsbestemming. Standpunt college Het lijkt ons goed het beleid te verruimen en zonnepanelen bij een bedrijf ook buiten het bouwvlak toe te staan, mits landschappelijk verantwoord (inpasbaar). Ook hierbij geldt uiteraard wel dat de energie opwek uitsluitend voor eigen verbruik is.

4. Microwindmolens Een microwindmolen heeft ruimtelijke impact. Om er voor te zorgen dat er in het buitengebied niet heel veel komen en om te zorgen dat zij zo min mogelijk opvallen is er in het bestemmingsplan tot nu toe bewust voor gekozen om de microwindmolens alleen toe te staan bij agrarische bedrijven. Bij een agrarisch bedrijf is vaak veel bebouwing aanwezig waardoor het bouwwerk meer wegvalt tussen / achter bebouwing. Daarnaast kan het de ondernemer een bedrijfseconomisch voordeel geven. In de huidige tijd waarin de landbouw het moeilijk heeft is dit extra positief. Bij een paar verleende vergunningen voor microwindmolens zijn reacties gegeven door omwonenden. Dit had met name te maken met geluid, slagschaduw, uitzicht, ecologie. Tot nu toe hebben de reacties geen aanleiding gegeven om vergunningen te herzien of het beleid aan te passen. Er wordt nu in principe wel standaard een ecologisch onderzoek gevraagd. Als richtafstand tot woningen wordt voor deze kleinere windmolens uitgegaan van 50 meter. Standpunt college Het lijkt ons goed om het beleid één stap te versoepelen en microwindmolens ook toe te staan bij niet-agrarische bedrijven. In dit geval bedoelen wij daarmee expliciet alleen de bedrijven die een bestemming “Bedrijf” hebben dus níet de maatschappelijke / dagrecreatieve voorzieningen en vakantieparken etc. Dus niet bij bijv.

de vakantieparken in Krachtighuizen. De impact wordt dan te groot. Bovendien liggen recreatieve bedrijven vaak in landschappelijk waardevolle gebieden. De reden van ons standpunt is dat wij de microwindmolens die de afgelopen jaren gebouwd zijn niet als zeer storend ervaren, zeker niet omdat zij bij bedrijfsgebouwen zijn gebouwd. In een recreatiecluster zijn meerdere microwindmolens minder gewenst, met name ook omdat de parken hier relatief dicht bij elkaar liggen. In het agrarisch buitengebied is meer ruimte tussen de diverse bedrijven. Vervolg proces Aanpassing van het beleid De beleidsregels voor zonnepanelen dienen aangepast te worden. Dit is een bevoegdheid van ons college. Het beleid zoals opgenomen in de bestemmingsplannen kan bij een eerstvolgende herziening van het bestemmingsplan aangepast worden. Dit is een bevoegdheid van de gemeenteraad.

4 van 5

Meewerken aan verzoeken Voor zonnepanelen kan in bepaalde gevallen een "simpele" vergunning worden verleend. Aan alle verzoeken kan meegewerkt worden door middel van het verlenen van tijdelijke vergunningen voor tien jaar. Dit is een bevoegdheid van ons college. Als de aanvrager een permanente vergunning wil, dan is in bepaalde gevallen een aparte bestemmingsplanwijziging nodig (via de gemeenteraad). Vragen aan de commissie Kunt u zich vinden in de door het college voorgestelde denkrichting? -

Zonnepanelen bij woningen in principe binnen bouwvlak en maximaal 100m². In uitzonderlijke gevallen buiten bouwvlak toestaan, dan maximaal 50m²;

-

Zonnepanelen bij bedrijven buiten bouwvlak toestaan;

-

Microwindmolens ook bij niet-agrarische bedrijven toestaan, echter niet bij recreatieparken en woningen.

Heeft u nog andere op- en aanmerkingen? Bijlagen 1.

samenvatting van de vier actuele verzoeken

Burgemeester en wethouders van Putten, de secretaris,

de burgemeester,

mr. F.E. Contant

H.A. Lambooij

Portefeuillehouder

E. 't Jong

Afdeling

Ruimte Beleid en Advies

Behandelend ambtenaar

I. Steunebrink

Telefoonnummer

9768

5 van 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11176136/1