CConstaterende datPutten
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota parkeernormen Putten 2024

Gemeenteraad 28 mei 2026, gemeente PuttenBij agendapunt: Herstelbesluit Gervenhof13.221 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

6. Overgangsregeling Voor bouwinitiatieven is een overgangsregeling van toepassing. Deze houdt in dat bouwinitiatieven die op het moment van publicatie van de eerste versie van deze Nota Parkeernormen bij de gemeente bekend waren, nog maximaal één jaar na publicatiedatum van deze nota een vergunningsverzoek kunnen indienen op basis van de oude gemeentelijke parkeernormen. Met bekende bouwinitiatieven wordt bedoeld initiatieven die bij vaststelling als principeverzoek of hoger bekend zijn bij de gemeente.

28 van 42

Bijlage A. Analyse passende parkeernorm Putten Voor het opstellen van de Nota parkeernormen voor de gemeente Putten is op basis van data een analyse gemaakt van het autobezit in deze gemeente, waaruit een parkeernorm is afgeleid. In deze bijlage is de betreffende analyse opgenomen.

A1. Onderzoeksverantwoording A1.1 Aanpak CBS-microdata Goudappel heeft de laatste jaren veel onderzoek gedaan naar parkeernormen in Nederland in relatie tot het autobezit. Om dit verder te onderzoeken heeft Goudappel de beschikking over niet-openbare microdata op basis van CBS-gegevens over autobezit, die gekoppeld zijn aan woningtypen. Zo kan voor heel Nederland op gemeente-, wijk- en buurtniveau het autobezit gericht geanalyseerd worden. Daarbij kan onderscheid gemaakt worden naar autobezit per categorie zoals: -

eigendomssituatie (koop, particuliere huur en sociale huur);

-

woningtype (vrijstaand huis, twee-onder-een-kap, rijwoning en appartement);

-

leeftijd (0-30 jaar, 30-65 jaar en 65+ jaar);

-

oppervlakte (tot 50 m² gbo, 50-75 m² gbo, 75-100 m² gbo, 100-125 m² gbo en groter dan 125 m² gbo).

Deze categorieën kunnen ook ‘gestapeld’ worden en zo inzichtelijk maken wat het autobezit is onder bijvoorbeeld kleine sociale huurappartementen (tot 50 m2 gbo) in buurt X in gemeente Y (bij voldoende waarnemingen). De microdata zorgt zodoende voor een cijfermatige onderbouwing om parkeernormen op te stellen die aansluiten bij het autobezit in een gemeente.

A1.2 Inhoud van de data De resultaten uit de data zijn gebaseerd op niet-openbare microdata van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) aangevuld met onderzoeksgegevens van Goudappel. De data gaan over autobezit, woningvoorraad, type woningen, eigendomssituatie en inkomen. Voor de duidelijkheid wordt vermeld dat CBS-microdata altijd binnen de volledig afgesloten netwerkomgeving van het CBS blijft, en alleen resultaten van bewerkingen/statistische gegevens die niet naar personen te herleiden is, worden geëxporteerd. En om in deze gegevens de laatste mogelijke vorm van onthullingsgevaar naar huishoudens te voorkomen, zijn alle gegevens die betrekking hebben op minder dan tien huishoudens verwijderd. Ook zijn de aantallen huishoudens afgerond op vijftallen en het gemiddelde aantal auto’s per huishouden is afgerond op 2 decimalen. De gebruikte indeling van gemeente, wijk en buurt is conform de CBS-indeling van 2022. De stedelijkheidsgraad (omgevingsadressendichtheid) van gemeenten, wijken en buurten komt uit ‘Kerncijfers wijken en buurten 2022’. De in de analyse gebruikte gegevens betreffende woningvoorraad, eigendomssituatie en RDW-gegevens hebben betrekking op het jaar 2022. Het 29 van 42

‘bezit’/gebruik van een leaseauto heeft betrekking op het jaar 2021 en is ook inbegrepen in de data. De data over autobezit is exclusief bezoekers en exclusief grijze/buitenlandse kentekens. Onder grijze kentekens vallen voornamelijk bedrijfsauto’s en -busjes die mee naar huis worden genomen. Denk hierbij aan busjes van schilders en timmerlui die de bedrijfsbussen na afloop mee naar huis nemen en voor de deur parkeren. Het aandeel van grijze/buitenlandse kentekens verschilt per buurt. Hiervoor wordt de data opgehoogd met een percentage. Tevens is de data op één decimaal naar boven afgerond om rekening te houden met verschillen tussen individuele woningen en toekomstige ontwikkelingen.

A1.3 Grijze en buitenlandse kentekens Er zijn auto’s die niet staan geregistreerd bij het CBS. Dit zijn voornamelijk auto’s met een buitenlands kenteken en bedrijfswagens. Voor laatstgenoemde geldt dat deze kentekens meestal beginnen met een B of V. Uit ervaringscijfers van Goudappel blijkt dat het aandeel grijze en buitenlandse kentekens circa 8% is. Deze 8% dient daarom opgeteld te worden bij het autobezit van bewoners zoals blijkt uit de data.

30 van 42

A2. Passende parkeernormen in Putten A2.1 Bewonersdeel Wanneer naar de data wordt gekeken, blijkt dat het autobezit tussen buurten verschilt. Om recht te doen aan deze verschillen is op buurtniveau onderscheid gemaakt naar centrum, overig bebouwde kom en buitengebied. De parkeernormen voor bewoners passend bij het autobezit zijn opgenomen in tabel A1. wonen

Centrum

Overig

Buitengebied

Putten

Putten

Putten

bewoner

bewoner

bewoner

Eenheid

grondgebonden woningen (m.u.v. sociale huur) < 75 m2 gbo

1,2

1,4

1,5

woning

75 - 100 m2 gbo

1,3

1,5

1,6

woning

100 - 125 m2 gbo

1,5

1,7

1,8

woning

125 - 150 m2 gbo

1,6

1,8

1,9

woning

> 150 m2 gbo

1,7

1,9

2,0

woning

< 75 m2 gbo

0,8

1,0

1,1

woning

- 75 - 100 m2 gbo

0,9

1,1

1,2

woning

> 100 m2 gbo

1,1

1,3

1,4

woning

< 50 m2 gbo

0,8

1,0

1,1

woning

50 tot 75

m2 gbo

1,0

1,2

1,3

woning

75 tot 100

m2 gbo

1,0

1,2

1,3

woning

100 tot 125

m2 gbo

1,1

1,3

1,4

woning

> 125 m2 gbo

1,2

1,4

1,5

woning

< 50 m2 gbo

0,5

0,7

0,8

woning

50 tot 75

m2 gbo

0,7

0,9

1,0

woning

> 75

m2 gbo

0,7

0,9

1,0

woning

sociale huurwoningen (*)

appartementen (m.u.v. sociale huur)

sociale huurappartementen (*)

Tabel A1: Passende parkeernormen op basis van autobezit

A2.2 Bezoekersdeel Waar bij parkeernormen voor het bewonersdeel binnen CROW onderscheid wordt gemaakt in stedelijkheid, locatie binnen een stad en woningtype is dat bij bezoekersparkeren niet het geval. Voor nagenoeg ieder type woning op iedere locatie in Nederland hanteert CROW 0,3 parkeerplaats per woning. Uit onderzoek blijkt dat het toepassen van 0,3 per woning leidt tot een onderbezetting van de parkeercapaciteit in het algemeen.

31 van 42

In gebieden zonder betaald parkeren, zoals in gemeente Putten wordt binnen de literatuur 17 een norm van 0,15 aangehouden. Binnen de parkeernormen voor de gemeente Putten is dit veiligheidshalve naar boven afgerond tot een bezoekersnorm van 0,2 parkeerplaatsen per woning. De parkeernorm voor woningen is daarbij een opstelling van het bewonersdeel en dit bezoekersdeel.

17

Parkeerkencijfers voor bezoek aan bewoners: de grote onbekende, bijdrage aan CVS-congres (november 2021) en A new perspective on residential parking policy, TU Delft (augustus 2021).

32 van 42

Bijlage B. Lijst met parkeernormen auto De parkeernormen voor niet-woonfuncties zijn gebaseerd op CROW-kencijfers voor een ‘matig stedelijke’ gemeente. Daarnaast kiest de gemeente ervoor om de gemiddelde CROW-parkeerkencijfers als minimumwaarde te hanteren. De lijst met parkeernormen voor woonfuncties zijn opgenomen in tabel 3.1, ontleend uit publicatie 381. Als er een opvolger van de CROW-publicatie uitkomt, neemt de gemeente die parkeerkencijfers over als parkeernorm. De parkeernormen zijn uitgedrukt in aantal parkeerplaatsen per eenheid functie. Bij iedere functie is de eenheid weergegeven. De afkorting ‘bvo’ staat voor het Bruto-vloeroppervlak. Het Bruto-vloeroppervlakte is het vloeroppervlak van de buitenomtrek van een ruimte of gebouw incl. gevels, bouwmuren, ramen etc. Inpandig gebouwde parkeervoorzieningen maken geen deel uit van het bvo. Zie NEN 2580 voor verdere informatie. functie winkelen en boodschappen

centrum

overig

buitengebied

aandeel bezoekers (parkeren)

eenheid

bouwmarkt

1,85

2,35

2,45

87%

pp per 100 m² bvo

tuincentrum

2,25

2,55

2,85

89%

pp per 100 m² bvo

groencentrum (1)

2,25

2,55

2,85

89%

pp per 100 m² bvo

bruin- en witgoedzaken

5,85

7,85

9,25

92%

pp per 100 m² bvo

woonwarenhuis (zeer groot)

nvt

5,05

5,15

95%

pp per 100 m² bvo

kringloopwinkel

1,25

1,85

2,25

89%

pp per 100 m² bvo

woonwarenhuis/woonwinkel

1,65

1,85

1,95

91%

pp per 100 m² bvo

meubelboulevard/woonbou-

2,05

2,35

nvt

93%

pp per 100 m² bvo

winkelboulevard

3,75

4,15

nvt

94%

pp per 100 m² bvo

outletcentrum

9,2

10,1

10,4

94%

pp per 100 m² bvo

buurt- en dorpscentrum

3,1

3,7

nvt

72%

pp per 100 m² bvo

buurtsupermarkt

2,7

3,5

nvt

89%

pp per 100 m² bvo

fullservice supermarkt (2)

4,4

5,2

nvt

93%

pp per 100 m² bvo

groothandel specialist (bij-

5,65

5,9

nvt

80%

pp per 100 m² bvo

grote supermarkt (XL)

6,9

7,7

nvt

84%

pp per 100 m² bvo

groothandel algemeen

6,4

6,25

nvt

80%

pp per 100 m² bvo

weekmarkt (3)

0,195

0,195

nvt

85%

pp per 100 m² bvo

levard

voorbeeld levensmiddelen, kantoorartikelen)

33 van 42

functie Werken

centrum

overig

buitengebied

aandeel bezoekers (parkeren)

eenheid

kantoren (zonder baliefunc-

1,95

2,05

2,55

5%

pp per 100 m² bvo

2,35

2,85

3,55

20%

pp per 100 m² bvo

1,95

2,35

2,35

5%

pp per 100 m² bvo

0,85

1,05

1,05

5%

pp per 100 m² bvo

bedrijfsverzamelgebouw (7)

1,55

1,85

1,95

5%

pp per 100 m² bvo

Functie cultuur en ontspanning

centrum

overig

buitengebied

aandeel bezoekers (parkeren)

eenheid

bowlingcentrum

2,3

2,8

2,8

89%

pp per baan

biljart-/snookercentrum

1,15

1,35

1,75

87%

pp per tafel

fitnessstudio/sportschool

3,4

4,8

6,5

87%

pp per 100 m² bvo

fitnesscentrum

4,5

6,3

7,4

90%

pp per 100 m² bvo

dansstudio

3,9

5,5

7,4

93%

pp per 100 m² bvo

golfbaan (18 holes) (8)

nvt

96

118,3

98%

pp per 18 holes

golfoefencentrum (pitch and

nvt

51,1

56,2

93%

pp per centrum

sporthal

2,15

2,85

3,45

96%

pp per 100 m² bvo

sportzaal (10)

1,95

2,75

3,55

94%

pp per 100 m² bvo

sportveld (11)

20

20

nvt

95%

pp per ha netto terrein

stadion

0,12

0,12

nvt

99%

pp per zitplaats

kunstijsbaan (kleiner dan

1,55

1,85

2,05

98%

pp per 100 m² bvo

kunstijsbaan (400 meter)

2,25

2,55

2,75

98%

pp per 100 m² bvo

ski- en snowboardhal

nvt

2,55

nvt

98%

pp per 100 m² bvo

indoorspeeltuin (kinder-

3,9

4,7

5,1

97%

pp per 100 m² bvo

4,6

5,6

6,1

98%

pp per 100 m² bvo

4,9

5,8

6,4

98%

pp per 100 m² bvo

tennishal

0,4

0,5

0,5

87%

pp per 100 m² bvo

squashhal

2,4

2,7

3,2

84%

pp per 100 m² bvo

tie) commerciële dienstverlening (kantoren met baliefunctie) (4) bedrijf arbeidsintensief/bezoekersextensief (industrie, laboratorium, werkplaats) (5) bedrijf arbeidsextensief/bezoekersextensief (loods, opslag, transportbedrijf) (6)

putt) (9)

400 meter)

speelhal), gemiddeld en kleiner indoorspeeltuin (kinderspeelhal), groot indoorspeeltuin (kinderspeelhal), zeer groot

34 van 42

Functie cultuur en ontspanning

centrum

overig

buitengebied

aandeel bezoekers (parkeren)

eenheid

zwembad overdekt (12)

10,7

11,5

13,3

97%

pp per 100 m² bassin

zwembad openlucht (12)

10,1

12,9

15,8

99%

pp per 100 m² bassin

zwemparadijs (13)

nvt

4

nvt

99%

pp per 100 m² bvo

wellnesscentrum (thermen,

nvt

9,3

10,3

99%

pp per 100 m² bvo

sauna, hammam

4,6

6,7

7,3

99%

pp per 100 m² bvo

bibliotheek

0,75

1,15

1,35

97%

pp per 100 m² bvo

museum

0,8

1,1

nvt

95%

pp per 100 m² bvo

bioscoop (14)

8

11,2

13,7

94%

pp per 100 m² bvo

filmtheater/filmhuis

5,3

7,9

9,9

97%

pp per 100 m² bvo

theater/schouwburg

8

9,8

12

87%

pp per 100 m² bvo

musicaltheater

3,4

4

5,1

86%

pp per 100 m² bvo

casino

6,1

6,5

8

86%

pp per 100 m² bvo

volkstuin

1,25

1,35

1,45

100%

pp per 10 tuinen

attractie- en pretpark

8

8

8

99%

pp per ha netto terrein

dierenpark

8

8

8

99%

pp per ha netto terrein

jachthaven

0,6

0,6

0,6

nb

pp per ligplaats

manege (paardenhouderij)

nvt

nvt

0,4

90%

pp per box

kinderboerderij (stadsboer-

3,9

4,7

5,1

97%

pp per boederij

plantentuin (botanische tuin)

7,5

10,5

13,5

99%

pp per tuin

Functie horeca en (verblijfs)recreatie

centrum

overig

buitengebied

aandeel bezoekers (parkeren)

eenheid

bungalowpark (huisjescom-

nvt

1,7

2,1

91%

pp per bungalow

nvt

nvt

1,2

90%

pp per standplaats

1* hotel (16)

0,8

2,4

4,5

77%

pp per 10 kamers

2* hotel (16)

2,25

4,05

6,25

80%

pp per 10 kamers

3* hotel (16)

3,3

5

6,8

77%

pp per 10 kamers

4* hotel (16)

5,1

7,2

9

73%

pp per 10 kamers

5* hotel (16)

7,9

10,6

12,6

65%

pp per 10 kamers

discotheek

13,9

20,8

20,8

99%

pp per 100 m² bvo

café/bar/cafetaria (16)

5

6

nvt

90%

pp per 100 m² bvo

restaurant (inclusief fast-

9

13

nvt

80%

pp per 100 m² bvo

6,5

8,5

nvt

99%

pp per 100 m² bvo

kuurcentrum, beautycentrum)

derij)

plex) camping (kampeerterrein) (15)

foodrestaurant) (16) evenementenhal/beursgebouw/congresgebouw

35 van 42

Functie gezondheidszorg en (sociale) voorzieningen

centrum

overig

buitengebied

aandeel bezoekers (parkeren)

eenheid

huisartsenpraktijk (-centrum)

2,45

2,95

3,25

57%

pp per behandelkamer

fysiotherapiepraktijk (-cen-

1,45

1,75

1,95

57%

pp per behandelkamer

consultatiebureau

1,55

1,85

2,15

50%

pp per behandelkamer

gezondheidscentrum

1,85

2,15

2,45

55

pp per behandelkamer

consultatiebureau voor ou-

1,6

1,9

2,2

38%

pp per behandelkamer

tandartsenpraktijk (-centrum)

1,95

2,35

2,65

47%

pp per behandelkamer

apotheek

2,75

3,15

nvt

45%

pp per apotheek

ziekenhuis

1,6

1,7

2

29%

pp per 100 m² bvo

crematorium

nvt

30,1

30,1

99%

pp per gelijktijdige plechtigheid

begraafplaats

nvt

31,6

31,6

97%

pp per gelijktijdige plechtigheid

penitentiaire inrichting

2,15

3,25

3,65

37%

pp per 10 cellen

religiegebouw

0,15

0,15

nvt

nb

pp per zitplaats

verpleeg/verzorgingstehuis

0,6

0,6

nvt

60%

pp per wooneenheid

Functie onderwijs

centrum

overig

buitengebied

aandeel bezoekers (parkeren)

eenheid

kinderdagverblijf (crèche)

1,2

1,4

1,5

0%

pp per 100 m² bvo

basisonderwijs (19)

0,75

0,75

0,75

nb

pp per lokaal

middelbare school

4,5

4,9

4,9

11%

pp per 100 leerlingen

ROC

5,4

5,8

5,9

7%

pp per 100 leerlingen

hogeschool

10

10,7

10,9

72%

pp per 100 studenten

universiteit

15,2

16,5

16,8

48%

pp per 100 studenten

avondonderwijs (20)

5,6

6,8

10,5

95%

pp per 10 studenten

trum)

deren

(17)

(18)

1)

tuin- en groencentrum: wanneer in de buitenruimte producten worden verkocht (verkoopruimte) dient deze ruimte te worden meegenomen bij de omvang van de functie. 2) fullservice-supermarkt: vloeroppervlakte is meestal tussen de 1.000 en 2.000 m2 wvo. 3) weekmarkt (bij klein wijk-, buurt- en dorpscentrum: Van deze functie kunnen alleen globale parkeernormen gegeven worden. Bij het toepassen van deze cijfers moet een forse marge in acht worden genomen. 1 m1 kraam = 6 m2 bvo (indien geen parkeren achter kraam dan + 1,0 pp per standhouder). 4) commerciële dienstverlening (kantoor met baliefunctie): hier worden ook functies als een makelaar, hypotheekverstrekker, kapper of zonnebankstudie onder beschouwd. 5) bedrijf arbeidsintensief/bezoekersextensief: bedrijven zoals een loods, opslag of transportbedrijf. Bij deze bedrijven geldt globaal 1 arbeidsplaats per 30-50 m2 bvo. De parkeernorm is exclusief vrachtwagen parkeren. 6) bedrijf arbeidsextensief/bezoekersextensief: zijn bijvoorbeeld industrie, garagebedrijf, laboratorium of werkplaatsen. Bij deze bedrijven geldt globaal 1 arbeidsplaats per 25-35 m2 bvo. De parkeernorm is exclusief vrachtwagen parkeren. 7) bedrijfsverzamelgebouw: gelijkwaardige mix van kantoren (zonder baliefunctie), arbeidsextensieve en arbeidsintensieve bedrijven. 8) golfbaan (18 holes): een 18-holes golfbaan is gemiddeld 60 – 70 ha groot.

9) golfoefencentrum (pitch and putt): uitgaande van een omvang van circa 6 ha. 10) sporthal en sportzaal: let op bij grotere aantallen bezoekers zijn de kencijfers te laag. 11) sportveld: normen zijn exclusief kantine, kleedruimte, oefenveldje en toiletten. Van deze functie kunnen alleen globale normen worden opgenomen. Bij het toepassen van deze cijfers moet een forse marge in acht worden genomen.

36 van 42

12) zwembad overdekt & openlucht: bij combinatie zwembad overdekt en openlucht berekenen via verhouding bassin overdekt en openlucht aan de hand van normen overdekt per 100 m2 bassin en normen openlucht per 100 m2 bassin. 13) zwemparadijs: een zwemparadijs is vaak onderdeel van een andere voorziening, zoals een vakantiepark. Van deze functie kunnen alleen globale normen worden opgenomen. Bij het toepassen van deze cijfers moet een forse marge in acht worden genomen. 14) bioscoop: 1 zitplaats is circa 3 m bvo. Bij bioscopen moet voor parkeren rekening worden gehouden met een eventuele overlap tussen twee voorstellingen (+ 40%). Gegeven kengetallen betreffen de drukste voorstelling op de drukste dag van de drukste maand. 15) camping: exclusief 10% voor gasten van bezoekers. 16) hotel, café/bar/cafetaria en restaurant: terrasruimte dient te worden meegenomen bij de omvang van de functie. De parkeerbehoefte van deze functie is namelijk in sterke mate afhankelijk van het aantal zitplaatsen en van het autogebruik van de bezoekers. 17) verpleeg- en verzorgingstehuis: normen zijn inclusief parkeren voor personeel. 18) K&R kinderdagverblijven: exclusief Kiss & Ride. Berekening Kiss & Ride parkeerplaatsen = aantal kinderen x % kinderen dat met de auto wordt gebracht x 0,2. (indicatief: 50% - 80% wordt met de auto gebracht) 19) K&R basisschool: exclusief Kiss & Ride.

Berekening Kiss & Ride parkeerplaatsen = aantal kinderen x % kinderen dat met de auto wordt gebracht x 0,3 (indicatief: 20% – 60% wordt met de auto gebracht). 20) avondonderwijs: bezoekers zijn studenten en overig is personeel.

Tabel B1: Parkeernormen niet-woonfuncties

37 van 42

Bijlage C. Lijst met parkeernormen fiets De parkeernormen zijn gebaseerd op het gemiddelde van de bandbreedte in de CROW- fietsparkeerkencijfers uit de Leidraad fietsparkeren 2023. Indien CROW nieuwe fietsparkeerkencijfers publiceert, gelden deze kencijfers als basis voor de parkeernormen. Waar mogelijk, en gewenst, is het realiseren van meer of minder fietsparkeerplaatsen mogelijk. Per functie en ontwikkeling kan de behoefte namelijk variëren. Een beargumenteerde afwijking van de berekende behoefte is dus mogelijk. Informatie uit CROW-publicatie 741 - Leidraad fietsparkeren 2023 of diens opvolger kan hierbij worden gebruikt. De onderbouwing hiervan ligt bij de initiatiefnemer en wordt ter toetsing voorgelegd aan de gemeente. Functies met een verwijzing hebben onder aan de tabel een aanvullende toelichting staan. Bij eenheid staat de afkorting ‘pp’ voor een fietsparkeerplaats / stallingsplaats. De norm geeft bijvoorbeeld het aantal te realiseren fietsparkeerplaatsen per woning weer. De afkorting ‘bvo’ staat voor het Bruto-vloeroppervlak. Het Bruto-vloeroppervlakte is het vloeroppervlak van de buitenomtrek van een ruimte of gebouw incl. gevels, bouwmuren, ramen etc. Inpandig gebouwde parkeervoorzieningen maken geel deel uit van het bvo. Voor winkels is het bruto-vloeroppervlak gemiddeld 1,25 maal het winkelvloeroppervlak. Zie NEN 2580 voor verdere informatie. Functie

Centrum

Rest be-

Buitengebied

eenheid

bouwde kom kantoor (personeel)

2,4

1,7

0,95

pp per 100 m² bvo

(1)

kantoor (bezoekers)

5,5

5,5

5,5

pp per balie

(2)

winkelcentrum

2,75

2,75

pp per 100 m² bvo

supermarkt

2,95

2,95

pp per 100 m² bvo

bouwmarkt

0,25

0,25

pp per 100 m² bvo

tuincentrum

0,25

0,25

pp per 100 m² bvo

(3)

basisschool (leerlingen) < 250 leer-

10

10

pp per leslokaal

(4)

11,65

11,65

pp per leslokaal

(4)

14,4

14,4

pp per leslokaal

(4)

basisschool (medewerkers)

0,45

0,45

pp per 10 leerlingen

middelbare school (leerlingen)

11

11

pp per 100 m² bvo

middelbare school (medewerkers)

0,6

0,45

pp per 100 m² bvo

ROC (leerlingen)

11

11

pp per 100 m² bvo

ROC (medewerkers)

0,8

0,8

pp per 100 m² bvo

fastfood restaurant

21,5

6,5

lingen basisschool (leerlingen) 250-500 leerlingen basisschool (leerlingen) > 500 leerlingen

38 van 42

3,5

pp per 100 m² bvo

(5)

(6)

(7)

Functie

Centrum

Rest be-

Buitengebied

eenheid

bouwde kom restaurant (eenvoudig)

11,5

11,5

pp per 100 m² bvo

(7), (8)

restaurant (luxe)

2,5

2,5

pp per 100 m² bvo

café

6,5

6,5

pp per 100 m² bvo

apotheek (bezoekers)

7

7

pp per locatie

(9)

apotheek (medewerkers)

4,5

4,5

pp per locatie

(9)

begraafplaats/crematorium

5,5

5,5

pp per 100 zitplaatsen

(9)

gezondheidscentrum (bezoekers)

2

2

pp per 100 m² bvo

gezondheidscentrum (medewerkers)

0,5

0,5

pp per 100 m² bvo

religiegebouw

41

41

pp per 100 zitplaatsen

(10)

ziekenhuis (bezoekers)

0,4

0,4

pp per 100 m² bvo

(5)

ziekenhuis (medewerkers)

0,55

0,55

pp per 100 m² bvo

(5)

busstation

42

pp per halterende buslijn

carpoolplaats

0,9

0,9

pp per autoparkeerplaats

bibliotheek

3,5

3,5

pp per 100 m² bvo

bioscoop

4,5

1,5

pp per 100 m² bvo

fitness

3,9

2

pp per 100 m² bvo

museum

0,95

0,95

pp per 100 m² bvo

sporthal (met tribune, wedstrijden)

2,65

2,65

pp per 100 m² bvo

sportveld

57,5

57,5

pp per ha. netto ter-

(5)

rein sportzaal (gymzaal)

4,2

4,2

pp per 100 m² bvo

stadion

9,5

9,5

pp per 100 zitplaatsen

(5)

stedelijke evenement

34

34

pp per 100 bezoekers

(5)

theater

22

19

pp per 100 zitplaatsen

(5)

zwembad (openlucht)

29

29

pp per 100 m2 bassin

(5)

zwembad (overdekt)

21,5

21,5

pp per 100 m2 bassin

(5)

1) 2) 3) 4) 5) 6) 7) 8) 9) 10)

Hoe meer gespecialiseerde functies, hoe lager het fietsgebruik. Ook de cultuur van de branche heeft invloed. Minimaal 6 fietsparkeerplaatsen Vaak voldoende ruimte voor fietsparkeerplekken en eventueel uitbreidingen Bij een groter verzorgingsgebied meer fietsen en ook auto's Grote aantallen Op ov-locaties lager Terras meetellen Bijvoorbeeld pannenkoekenhuis. Kleine aantallen Fietsgebruik kan per geloofsgemeenschap verschillen

Tabel C1: Parkeernormen fiets

39 van 42

Bijlage D. Aanwezigheidspercentages Dubbelgebruik wordt berekend volgens de CROW-methodiek. In onderstaande tabel zijn de te gebruiken aanwezigheidspercentages opgenomen. Deze percentages zijn afkomstig van CROW. Wanneer CROW haar aanwezigheidspercentages wijzigt, worden de meest actuele aanwezigheidspercentages overgenomen. Voor de functies waarvoor geen aanwezigheidspercentages zijn opgenomen, dient te worden aangesloten bij een passende alternatieve functie of dient een specifieke onderbouwing voor de gebruikte aanwezigheidspercentages te worden gegeven. werkdagochtend

werkdagmiddag

werkdagavond

werkdagnacht

zaterdagmiddag

zaterdagavond

woningen bewoners

50%

50%

90%

80%

100%

60%

80%

70%

woningen bezoekers

10%

20%

80%

70%

0%

60%

100%

70%

kantoor/bedrijven

100%

100%

5%

5%

0%

0%

0%

0%

commerciële

100%

100%

5%

75%

0%

0%1)

0%

0%

detailhandel

30%

60%

10%

75%

0%

100%

0%2)

0%3)

supermarkt

30%

60%

40%

80%

0%

100%

40%

0%2)

sportfuncties binnen

50%

50%

100%

100%

0%

100%

100%

75%

sportfunctie buiten

25%

25%

50%

50%

0%

100%

25%

100%

bioscoop/theater/podium

5%

25%

90%

90%

0%

40%

100%

40%

café

30%

40%

90%

85%

0%

75%

100%

45%

restaurant

30%

40%

90%

95%

0%

70%

100%

40%

sociaal medisch

100%

75%

10%

10%

0%

10%

10%

10%

verpleeghuis/serviceflat

50%

50%

100%

100%

25%

100%

100%

100%

ziekenhuis patiënten/be-

60%

100%

60%

60%

5%

60%

60%

60%

ziekenhuis medewerkers

75%

100%

40%

40%

25%

40%

40%

40%

dagonderwijs

100%

100%

0%

0%

0%

0%

0%

0%

avondonderwijs

0%

0%

100%

100%

0%

0%

0%

0%

parkeervoorziening

koopavond

zondagmiddag

dienstverlening

zoekers

1) 2) 3)

Indien zaterdag open: 100% Indien zaterdag open: 70% Indien koopzondag 100%

Tabel D1: Aanwezigheidspercentages

40 van 42

Bijlage E. Kwaliteitseisen stallingen fiets en scooter Het gebruik van een stalling hangt sterk af van de kwaliteit, de bruikbaarheid en het comfort. Ook de routing binnen de stalling, de sociale veiligheid en de afmeting van de fietsparkeerplaatsen en de stabiliteit van de fiets in de aangeboden voorzieningen beïnvloeden het gebruik, evenals de (on)mogelijkheid om fietsen met bijzondere afmetingen te stallen. 18 De Leidraad Fietsparkeren (CROW-publicatie 741), het Besluit Bouwwerken Leefomgeving (artikel 4.171 – 4.173) en Fietsparkeur gaan uitgebreid in op de kwaliteitsrichtlijnen voor fietsenstallingen. Hierna zijn de belangrijkste kwaliteitseisen voor het ontwerpen van een stalling opgenomen voor toegankelijkheid, inrichting en bruikbaarheid.

E1 Toegankelijkheid De belangrijkste kwaliteitseisen voor een goed toegankelijke en bruikbare fietsenstalling zijn: 1.

Vanuit de openbare ruimte is de toegang van de stalling duidelijk zichtbaar en herkenbaar, gezien vanaf de aanrijroute richting bestemming(en).

2.

De stalling heeft bij voorkeur een voetgangersuitgang in de richting van de eindbestemming.

3.

De afstand mag maximaal ca. 75 meter zijn van de stalling tot de hoofd-/ neven-/personeelsingang van de bestemmingen en/of functies waarvoor de stalling is bestemd.

4.

De toegang vanaf de weg naar een stalling op lager of hoger niveau is goed en comfortabel te gebruiken voor alle fietsen en scooters; dus ook voor zware fietsen, elektrische fietsen en fietsen met afwijkende maten (kratten, brede sturen, brede banden, lange fietsen, etc.).

5.

Het hellingspercentage van een hellingbaan is maximaal 22%; een trap heeft ideaal een hellingspercentage van 18%, met een aantrede van 500 mm en een optrede van 90 mm of met een aantrede van 600 mm en een optrede van 100 mm. Naast een trap horen fietsgoten, bij voorkeur aan beide zijden.

6.

Voor een stalling waar ook scooters, bakfietsen en andere zware fietsen in gestald worden kan geen trap worden toegepast. Het hellingpercentage moet zodanig zijn dat het hoogteverschil door bakfietsen, elektrische fietsen en scooters zonder ondersteuning overbrugd kan worden. Voor de hellingspercentages wordt verwezen naar CROW Leidraad fietsparkeren 2023.

7.

Een gebruiker moet de toegang van een stalling gemakkelijk kunnen openen: automatisch, met een eenvoudig te bedienen drukknop of chipkaartlezer.

E2 Inrichting en bruikbaarheid De belangrijkste kwaliteitseisen voor een goede inrichting en goed bruikbare fietsenstalling zijn: 1.

De stalling moet logisch en overzichtelijk zijn ingedeeld.

2.

Binnen en vanuit de fietsenstalling naar de bijbehorende bestemming is een logische, snelle en eenvoudige routing. Bij voorkeur kan men vanuit de stalling rechtstreeks (liefst

18

Leidraad Fietsparkeren, CROW publicatie 741.

41 van 42

binnendoor) doorlopen naar de bestemming, zonder terug te hoeven lopen door de stalling. 3.

De sociale veiligheid wordt gewaarborgd door een overzichtelijke inrichting, goede verlichting en bij voorkeur daglichttoetreding. Als een stalling openbaar toegankelijk is kan (camera)toezicht of bewaking overwogen worden.

• Gebruikers moeten elkaar in de verkeersruimtes van de stalling kunnen passeren. • Stallingssystemen voor fietsen moeten voldoen aan de eisen van Fietsparkeur 19 of zijn gelijkwaardig daaraan, met een hart op hart afstand van minimaal 400 mm. • De minimale vrije hoogte in een gebouwde stalling is 2900 mm om dubbellaags rekken te kunnen plaatsen. Bij gebouwen voor kinderen kan dit 2300 mm zijn, want dubbellaags rekken zijn ongeschikt voor kinderen. • De hart-op-hart afstand tussen twee fietsparkeerplaatsen bij een stallingssysteem op gelijk niveau is minimaal 800 mm breed; • De hart-op-hart-afstand tussen twee fietsparkeerplaatsen bij een hoog/laag fietsparkeersysteem is minimaal 400 mm breed voor zowel onder- als bovenlaag; De gangpaden in de stalling zijn minimaal 2100 mm breed en een hoofdgang is minimaal 3000 mm breed, zowel voor fiets als scooter; • De stalling moet voldoende parkeermogelijkheden bieden voor fietsen die afwijken van de standaard maten: o minimaal 5% van de plaatsen is geschikt voor bakfietsen of andere fietsen met sterk afwijkende maten (vakken minimaal 100 mm breed); o minimaal 15% van de plaatsen is geschikt voor fietsen die niet in een standaard fietsenrek passen (hart-op-hart afstand minimaal 500 mm); • Een parkeersysteem waarin naast standaardfietsen ook fietsen passen met veel voorkomende afwijkende maten, heeft de voorkeur.

Dan passen nagenoeg alle fietsen probleemloos op elke stallingsplek, ook die met een krat, bagagedrager vóór, breed stuur, brede banden, etc. Een andere mogelijkheid is een apart parkeervak, waarin afwijkende maten fietsen op hun standaard kunnen worden gestald. • De stalling biedt oplaadmogelijkheden voor elektrische tweewielers. • De netto-afmetingen van een scooterparkeerplek in een gebouwde stalling zijn minimaal 750 mm breed x 1800 mm lang.

19

Zie www.fietsparkeur.nl; Fietsparkeur is het keurmerk voor fietsparkeervoorzieningen.

42 van 42

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16780279/1