CConstaterende datPutten
Koppel je AI →
Document · PDF

Memo: participatiemogelijkheden gemeente in energeiprojecten

Commissie Economie, Bestuur en Openbare Ruimte 13 september 2021, gemeente PuttenBij agendapunt: Evaluatie GEO3.608 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Memo: Participatiemogelijkheden voor de gemeente Putten bij grootschalige duurzame energieprojecten Februari 2020

1. Inleiding De gemeente Putten heeft als doelstelling om in 2050 klimaatneutraal te zijn en als tussendoelstelling om in 2020 tenminste 14% van het energieverbruik duurzaam op te wekken. Om inzichtelijk te krijgen wat haalbaar is en wat de mogelijkheden zijn is in 2018 een verkenning uitgevoerd1. Aan de hand van deze verkenning is vervolgens het beleidskader Grootschalige Energieopwekking2 opgesteld, waarin de lokale maatschappij wordt opgeroepen om met initiatieven te komen middels een zogenaamde Pilot3. Hierop hebben diverse partijen gereageerd. Tijdens de behandeling van deze initiatieven is gebleken dat voor de uitvoering in sommige gevallen participatie door de gemeente Putten gewenst is om een project haalbaar te maken. Tijdens het schrijven van de memo heeft de gemeente Putten nog geen of zeer beperkte ervaring op dit gebied. Daarom wil de gemeente meer inzicht krijgen in de verschillende mogelijkheden waardoor beleid hierop geformuleerd kan worden en afgewogen besluitvorming mogelijk wordt. De voorliggende memo geeft een overzicht van waarom en hoe de gemeente Putten zou kunnen participeren in projecten waarin op grootschalige wijze duurzame energieopwek plaatsvindt en wat de bijkomende vooren nadelen zijn.

2. Context van de opdracht Om aan de klimaatdoelen te voldoen worden steeds meer duurzame energieprojecten opgestart. Deze projecten kennen vaak een hoge mate van complexiteit, mede doordat nieuwe factoren zoals landschappelijke inpassing en lokaal eigendom een belangrijke rol zijn in gaan nemen binnen deze projecten. 1 Verkenning grootschalige duurzame energieproductie 2 Beleidskader Grootschalige Energieopwekking 3 Persbericht grootschalige energie opwekking

1/12

Hierdoor krijgt de gemeente een steeds prominentere rol, doordat besluitvorming en lokale deelneming decentraal plaats vindt bij dergelijke projecten. De gemeente heeft daarbij verschillende instrumenten tot zijn beschikking om richting te geven aan deze projecten tijdens zowel de verkenningsfase, realisatiefase en exploitatiefase. De gemeente kan bijvoorbeeld criteria en voorwaarden opstellen in een aanbesteding, en eisen stellen voor het verlenen van de benodigde vergunningen. Tot slot kan de gemeente in financiële zin de realisatie van projecten stimuleren. Op welke wijze dat mogelijk is, wordt later verder op ingegaan. Uit bovenstaande blijkt dat de gemeente meerdere instrumenten tot zijn beschikking heeft om invloed uit te oefenen op duurzame energieprojecten. Deze memo richt zich op manieren waarop de gemeente kan participeren in energieprojecten.

3. Leeswijzer Hoofdstuk 5 behandelt de context en aanleiding voor een gemeente om te participeren. Vervolgens komen in hoofdstuk 6 de diverse middelen aan bod die de gemeente heeft om te participeren in energieprojecten. Deze zijn vervolgens in hoofdstuk 7 gebundeld tot specifieke rollen die de gemeente kan aannemen ten aanzien van energieprojecten, met bijbehorende afwegingen. Tot slot is in hoofdstuk 8 een korte en bondige de conclusie weergegeven.

4. Vragen Deze notitie is opgesteld aan de hand een aantal vragen. Deze zijn hieronder weergegeven. - Waarom zou een gemeente participeren in Grootschalige Energie Opwek initiatieven? - Wat zijn de (on-)mogelijkheden om zelf (als gemeente) in bepaalde energieinitiatieven te participeren (vanuit oogpunt van algemeen belang)? - Wat zijn de voor- en nadelen van deze mogelijkheden?

5. Participatie door de gemeente Putten Grootschalige duurzame energieprojecten kennen vaak een relatief lange aanlooptijd van meerdere maanden (zonneparken) tot enkele jaren (windturbines). Om projecten daadwerkelijk tot realisatie te brengen vormt dit een potentieel risico voor marktpartijen. Alhoewel er steeds meer projecten in productie zijn genomen, vormen grootschalige duurzame energieprojecten een relatief nieuw fenomeen. Hierdoor lopen projecten vertraging op door bijvoorbeeld bodemonderzoeken, participatiemogelijkheden, juridische stappen die zijn gezet en/of verkenning van alternatieven. Daarnaast komt de focus ook steeds meer te liggen op de

2/12

maatschappelijke waarde van een duurzaam energieproject. Voor marktpartijen vormt dit echter niet altijd het uitgangspunt, omdat zij juist gebaat zijn bij het tijdig benutten en maximaliseren van de exploitatiewaarde. Zonder ingrijpen van de gemeente wordt er logischerwijs niet altijd door commerciële partijen naar de maximale maatschappelijke meerwaarde voor het GEO project gestreefd. Dit kan komen doordat extra kosten moeten worden gemaakt voor bijvoorbeeld landschappelijke inpassing, aansluitingen en/of verwijderen van objecten. Als blijkt dat dergelijke barrières zich voordoen, kan de gemeente ervoor kiezen om in te grijpen bij een energieproject. De gemeente kan er dan voor kiezen om actief te participeren in dergelijke projecten. Het doel hierbij is dichterbij de projecten te staan en daardoor beter grip houden op de uitvoering van de projecten. Hierdoor creëert de gemeente de mogelijkheid om tussentijds bij te sturen op bijvoorbeeld draagvlak, inpassing en/of ontwerp. Dit is bijvoorbeeld een optie als een project zich in de inventarisatiefase bevindt waardoor de mogelijkheden met betrekking tot type project, locatie en financiering nog moeten worden afgewogen. Politieke afwegingen Naast bovenbeschreven redenen zijn er ook politieke afwegingen om actief te participeren in projecten.

Politiek kan daarbij een afweging worden gemaakt over, maar niet uitsluitend, het maatschappelijk belang van duurzame energieopwekking, het traject om gestelde doelen te behalen het en behouden van lokale geldstromen. Met betrekking tot het maatschappelijk belang kan de gemeenteraad de afweging maken in hoeverre lokale duurzame energievoorziening een publieke taak is. Duurzame energieprojecten hebben o.a. een landschappelijke- en milieutechnische impact in de lokale omgeving. De vraag kan gesteld worden in welke mate de gemeente daarom sturend wil zijn in de invulling hiervan. Een voorbeeld hierbij is het clusteren van wind- en zonne-energie op één locatie waardoor de maatschappelijke kosten laag zijn. Echter kan dit op kwalitatief hoogwaardige grond zijn of raakt het veel omwonenden in hun woongenot. De gemeente kan er daarom voor kiezen het publiekelijk belang mee te laten wegen in de overweging om een project te starten op een locatie die om technische of financiële redenen commercieel minder interessant is. Hierin is dan een politieke afweging gewenst. Ook de snelheid van het te doorlopen traject richting de doelstelling om in 2050 energieneutraal te zijn, kan een afweging vormen in de mate van participatie door de gemeente.

Gezien het lange termijn doel bestaat het risico dat, gezien de grote transitie die doorgemaakt moet worden, wanneer de gemeente niet ingrijpt doelen niet worden behaald of dat een ‘eindsprint’ wordt ingezet richting het jaar 2050. Met alle eventuele gevolgen op het gebied van onder andere draagvlak en inpassing. Door

3/12

zelf te participeren in projecten kan de gemeente beter grip houden op de snelheid van de energietransitie. Tot slot biedt de energietransitie de kans om geldstromen lokaal te houden doordat opwek en afname decentraal plaats vindt bij duurzame energieprojecten. Door eigenaar te worden van een project komen opbrengsten ten goede van de lokale omgeving en ontstaat hiermee een gesloten financiële stroom binnen de gemeenschap. Naast dat dit ervoor zorgt er geen geld de samenleving uitvloeit, behoudt de gemeente tevens de controle over het eigenaarschap richting de toekomst. Overige partijen die een park ontwikkelen kunnen namelijk deze altijd in een later stadium weer verkopen aan (buitenlandse) investeerders, wat er tevens voor zorgt dat winsten naar buiten de gemeenschap (buitenland) vloeien.

6. Instrumenten voor de gemeente Om deze invloed aan te wenden onderscheiden wij een aantal financiële instrumenten die een gemeente tot zijn beschikking heeft. Hieronder vallen subsidies, leningen, garanties, aandelen, overeenkomsten, leaseconstructies, concessieverlening, en diensten van algemeen economisch belang. Niet alle instrumenten zijn voor deze notitie relevant omdat deze in de praktijk niet passend zijn voor energieprojecten. Daarom is ervoor gekozen alleen subsidies, leningen, garanties en aandelen verder toe toelichten. Daarbij zijn voor elk middel aandachtsgebieden meegegeven. Deze worden onder de tabel verder toegelicht.

Middel

Staatssteun

Aanbestedingsrecht Risicoanalyse

Subsidies

Ja

Nee

Lening

Ja

Nee

Garanties

Ja

Nee

Ja: Worden de beoogde activiteiten uitgevoerd? Ja: Kunnen de middelen worden terugbetaald? Ja: Welk risico wordt afgedekt op welke wijze en hoe groot is de kans?

4/12

Aandelen

Ja

Ja

Ja: Wat is de kredietwaardigheid, wat zijn de risico’s en hoe zijn deze afgedekt?

Middel Subsidies zijn een manier om gericht te sturen op projecten. Dit is een klassieke wijze om overheidsbeleid te stimuleren. In het geval van duurzame energie zijn deze zowel landelijk (o.a. SDE, ISDE) als op lokaal niveau (bijv. voor isolatie) beschikbaar gesteld. Het doel is om uitvoering van projecten te stimuleren. Hieraan kan de gemeente voorwaarden verbinden met echter beperkte invloed tijdens de uitvoering. Leningen kan de gemeente verstrekken om projecten financieel haalbaar te maken. Als de gemeente leningen verstrekt is het vaak zo dat dergelijke projecten anders niet financierbaar zijn via de bank omdat bijvoorbeeld het risico te hoog is, de energietechniek onbekend, de omvang van het project te klein, of de terugverdientijd te lang. De gemeente kan daarnaast leningen beschikbaar stellen tegen een lagere rente dan de banken. Hiermee kan het zo zijn dat er wel voldoende kasstromen ontstaan en het project rendabel is. De middelen worden altijd tijdelijk beschikbaar gesteld en dienen te worden terugbetaald, inclusief rente. Garanties kan de gemeente afgeven om garant te staan voor (financiële) onzekerheden binnen projecten. Sommige projecten zijn namelijk langlopende projecten waarbij daardoor grote onzekerheden zijn in de exploitatie door bijvoorbeeld wisselende rentestanden.

De gemeente kan op verschillende manieren garant staan, bijvoorbeeld: - Borgtocht: Hiermee staat de gemeente garant voor het overnemen van de aflossings- en renteverplichtingen. - Renterisico: Bij herfinanciering van langlopende projecten kan het zijn dat de rente is gestegen, waardoor projecten niet rendabel zijn. De gemeente neemt in dat geval het risico op zich. - Cashflowgarantie: De gemeente vult de kasstromen aan wanneer deze onvoldoende blijken. Deze kunnen in de toekomst worden terugbetaald. - Misboring: Specifiek risico dat speelt bij geothermie. Indien dit het geval is, gaat de overheid over tot betaling. Omdat het risico’s betreft kan het zo zijn dat de gemeente niet hoeft in te grijpen en dus geen uitgaven hoeft te doen. Aandelen

5/12

Tot slot heeft de gemeente de mogelijkheid risicodragend te investeren in projecten. Dit betekent dat de gemeente aandelen aankoopt in een (project-)bv. Grofweg kan de gemeente op twee manieren aandelen aankopen in energieprojecten. Ten eerste kan dit middels het opzetten van een (revolverend) fonds4, eventueel in samenwerking met commerciële partijen. De gemeente kan middels specifieke voorwaarden en criteria gericht projecten wel mogelijk maken (bijv. kleinere projecten die anders niet gefinancierd worden). Ten tweede kan de gemeente direct een eigen rechtspersoon oprichten (een B.V.) waarvan de gemeente eigenaar wordt. Hiermee heeft de gemeente het volledige eigenaarschap, draagt de gemeente het volledige risico, maar profiteert de gemeente ook van alle eventuele winsten. Ook bij deze vorm is het mogelijk dat commerciële partijen, onder bepaalde voorwaarden en na een aanbestedingsprocedure, aandeelhouder worden van het bedrijf. Staatssteun Van staatssteun is sprake bij elk voordeel dat een overheidsorgaan aan een onderneming wil geven. Hierbij moet worden voldaan aan een aantal criteria5: - De steun wordt door de overheid verleend of met overheidsmiddelen bekostigd. - De steun geeft een economisch voordeel die via commerciële wegen niet zou zijn verkregen.

- Het voordeel is selectief - Het voordeel moet mededinging vervalsen of dreigen te vervalsen en een (potentiële) invloed op de tussenstaatse handel hebben. Indien er sprak is van staatssteun moet de Europese Commissie de maatregel goedkeuren. Hierop is een aantal uitzonderingen, zoals: - De-minimis: Het totale voordeel mag niet meer dan €200.000 bedragen per onderneming in een periode van drie jaar6. - DAEB (Diensten van algemeen economisch belang): Gemeenten en overheden hebben een zekere mate van vrijheid om diensten die het openbaar belang dienen (bijv. het openbaar vervoer) te ondersteunen. Op basis van DAEB kunnen ondernemingen gedurende 3 jaar tot €500.000 aan de-minimissteun ontvangen. - Crisssteunmaatregelen: De Europese Commissie heeft ten tijde van de economische crisis tijdelijke staatssteunregels opgesteld. Naar verwachting zijn de toen geldende regels niet meer relevant. Op het moment van schrijven heeft de Europese Commissie een tijdelijk staatssteunkader opgesteld in verband met de coronacrisis. 4 Hiervan zijn diverse voorbeelden te noemen op zowel gemeentelijk (b.v. Energiefonds Den

Haag) als provinciaal niveau (b.v. Innovatie- en Energiefonds Gelderland) 5 art. 107 lid 1 VWEU 6 Europadecentraal.nl

6/12

-

Groepsvrijstellingverordening (AGVV): Onder deze noemer is voor veel projecten bepaald dat aanmelding bij de Europese Commissie niet benodigd is. Ook duurzame energie en energiebesparing vallen onder deze categorie. Wel is de maximale staatssteun afhankelijk van de totale investeringskosten.

Aanbestedingsrecht Het aanbestedingsrecht is van toepassing als een overheid een overheidsopdracht wil verlenen aan een commerciële partij. Hiervan is sprake bij een schriftelijke overeenkomst onder bezwarende titel. Het gaat hier om bijvoorbeeld het kopen van goederen of het inhuren van diensten. Ook een samenwerking kan hieronder vallen. Tot slot zijn hier ook weer uitzonderingen op zoals B-diensten, arbeidsovereenkomsten, diensten voor onderzoek en ontwikkeling en concessies. Een aanbesteding kan middels diverse procedures worden gegund. Hieronder zijn de meest bekende vermeld7: - Europees niveau: Openbare procedure - Europees niveau: Niet-openbare procedure - Europees niveau: Procedure van gunning door onderhandelen - Europees niveau: Concurrentiegerichte dialoog - Landelijk niveau: enkelvoudige onderhandse procedure - Landelijk niveau: meervoudige onderhandse procedure - Landelijk niveau: openbare procedure - Landelijk niveau: niet-openbare procedure

7. Inzet van instrumenten middels rollen De beschreven instrumenten in hoofdstuk 6 hebben ieder zijn eigen implicaties voor de gemeente. Zo betekenen met name garanties, leningen en aandelen dat een gemeente langdurig betrokken is bij een project. Daarnaast heeft het ook gevolgen voor de geldstromen van en naar de gemeente. Afhankelijk van het doel, gewenste invloed, belang en betrokkenheid kan de gemeente een strategische keuze maken over de inzet van (een combinatie van) de verschillende instrumenten. Deze strategische keuze bepaalt hoe de gemeente zich opstelt richting een project. InEnergie onderscheidt hierbij drie rollen die de gemeenten in kan nemen, te weten de gemeente als projectmanager, financier en ondernemer. In de paragrafen zijn deze rollen verder uitgewerkt.

7.1 Referentie rol gemeente Om het verschil tussen de drie hierboven genoemde rollen en de huidige beter te kunnen duiden beschrijven we allereerst de huidige rol van de gemeente. Binnen de 7 Pianoo.nl (expertise centrum aanbesteden)

7/12

huidige pilot heeft de gemeente tot nu toe vooral als facilitator opgetreden en het initiatief voor nieuwe projecten aan andere organisaties gelaten (b.v. burgers, commerciële ontwikkelaars). Hiermee plaats de gemeente zich in een re-actieve(re) rol en heeft het vooral invloed via het stellen van kaders, voorwaarden en criteria. Daarmee heeft de gemeente indirecte invloed op b.v. de locatie, stakeholders, opbrengstenverdeling, ontwerp en overige zaken die komen kijken bij de ontwikkeling van een project. Via de volgende rollen kan de gemeente haar invloed uitbreiden.

7.2 Gemeente als projectmanager In deze rol faciliteert de gemeente de ontwikkeling van een energieproject. Deze rol is vooral van toepassing indien er initiatieven vanuit de samenleving worden aangedragen. De gemeente kan dan de benodigde ondersteuning aan bieden door expertise beschikbaar te stellen. Dit kan betrekking hebben op financiële of technische zaken, maar kan ook betekenen dat initiatiefnemers in overleg met de gemeente nagaan wat bijvoorbeeld voorkeurslocaties zijn. Dit kan intern door de gemeente worden georganiseerd. Extern kan ook inhoudelijke expertise ingehuurd worden om het project te ondersteunen. Wat betreft financiële instrumenten maakt de gemeente dan gebruik van overeenkomsten als financieel instrument. Naar verwachting zal de vraag naar dergelijke ondersteuning vooral stijgen doordat lokale energie coöperaties steeds vaker grotere projecten op zich gaan nemen. Omdat deze initiatieven vaak met vrijwilligers werken hebben deze vaak een beperkt werkkapitaal, kennis en uren beschikbaar om het project te ontwikkelen. Met de groter wordende projecten nemen de benodigde voorinvesteringen (haalbaarheidsonderzoeken, vergunningen) en complexiteit (b.v. afstemming met netbeheerder, omwonenden, ontwikkelaar) toe. Gemiddeld bedragen de voorinvestering ongeveer €50.000 - €100.000 bij grotere energieprojecten.

Over de afrekening van de gemaakte kosten kan de gemeente naar alternatieve oplossingen zoeken. Zoals, dat gedane investeringen alleen terugbetaald hoeven te worden indien een project gerealiseerd is. Het dan bijvoorbeeld zo zijn dat de gemeente de eerder gemaakte projectkosten alleen factureert aan de exploitant van een zonnepark nadat het gerealiseerd is Doel

Invloed

Winstuitkering

Faciliteren

Beperkt (hoe, wat, Geen wanneer, waar ligt bij initiatiefnemers)

Betrokkenheid Beperkt

7.3 Gemeente als financier De gemeente kan er voor kiezen om de benodigde financiering ter beschikking te stellen aan de onderneming. Doel hiervan is om projecten die door via de markt niet

8/12

worden mogelijk zijn, door de gemeente toch mogelijk worden. Dit kan komen doordat het project niet voldoet aan de gestelde voorwaarden van de bank (bijv. een te kleine DSCR-ratio) of omdat de projecten te klein zijn waardoor banken de financiering niet op zich nemen. Inmiddels hebben meerdere gemeenten8 besloten tot financiering omwille van de invulling van hun klimaatbeleid. Vanwege staatsteun-wetgeving zal hiervoor een marktconform9 tarief moeten worden gehanteerd (zie ook hoofdstuk 6 voor meer toelichting). Het voordeel van het beschikbaar stellen van financiering is dat de gemeente hierdoor een additionele inkomstenbron verkrijgt omdat er een rente wordt verkregen op leningen. Wel neemt de gemeente bij een financieel risico omdat projecten kunnen mislukken. Door dit risico te spreiden over meerdere projecten is dit risico te beheersen. Daarnaast kan door het verstrekken van de financiering het eenvoudiger worden gemaakt voor energiecoöperaties10 om te participeren in het duurzaamheidsproject. Als middel om de leningen uit te geven kan de gemeente revolverende fondsen opstellen. Door specifieke criteria op te stellen behoudt de gemeente enige controle op welke projecten gerealiseerd worden.

Doel

Invloed

Winstuitkering

Betrokkenheid

Marktfalen oplossen

Enigszins (gemeente kan criteria en voorwaarden op proces en inhoud bepalen)

Ja, rente en/of Langdurig garantie fee

7.4 Gemeente als ondernemer Indien de gemeente besluit risicokapitaal ter beschikking te stellen wordt de gemeente (mede)-eigenaar11 van het project middels een eigen onderneming. Hiermee verschaft de gemeente zichzelf maximale controle over een project. De onderneming is een zelfstandige juridische entiteit die in principe los staat van de 8 O.a. gemeente Breda, Twenterand, Hof van Twente, Wierden, Groningen, Assen,

Ameland, Voerendaal, Alphen a/d Rijn etc. 9 De Europese Commissie heeft vastgelegd op welke manier het renteverschil moet worden berekend, zie mededeling van commissie 19 januari 2008 (PbEU C14/6) 10 Binnen de regio Noord-Veluwe is in de gemeente Oldebroek is o.a. de energie coöperatie Veluwe-Duurzaam actief. 11 Als de gemeente besluit om private partijen en/of energie coöperaties mede aandeelhouder te laten worden zal op een transparante en niet-discriminerend wijze moeten plaatsvinden. Bij voorkeur moet de selectie plaatsvinden via een aanbestedingsprocedure.

9/12

overheid en zelfstandig zijn activiteiten uitvoert en valt omwille hiervan binnen de mededingingsregime. De aandelen kunnen, indien dit gewenst is, altijd worden verkocht aan een derde partij. Indien de gemeente besluit tot het houden van aandelen in de onderneming kan ze een directievoeringvergoeding vragen. Naast het contractbeheer zal de onderneming een financiële administratie moeten voeren. Hier wordt een financiële vergoeding in rekening gebracht die de kosten moet kunnen dekken van de werkzaamheden. Als aandeelhouder van de onderneming kan de gemeente op termijn dividend ontvangen. Dividend kan uitgekeerd worden aan de aandeelhouders indien er sprake is van een positief netto resultaat. Hiervoor dienen wel de financieringsvoorwaarden in acht genomen te worden12. Nadeel van deze oplossing is de gemeente risicovol belegt in de markt. Er vanuit gaande dat de gemeente vooral zal deelnemen bij projecten waar extra complexiteit komt kijken, is het dus goed denkbaar dat er weinig tot geen rendement behaald zal worden. Ook kan het betekenen dat de aanloopkosten zich niet terugverdienen wanneer een project niet tot realisatie komt. Na realisatie kan de gemeente als aandeelhouder besluiten om haar aandelen te verkopen aan een derde partij / exploitant. Indien dit het geval zal zijn zullen de aandelen gewaardeerd worden.

De waarde van de aandelen hangen af van de kasstroom die het Zonnepark genereert. De koper van de aandelen zal o.b.v. zijn eigen waarderingseis een berekening maken. Doel

Invloed

Winstuitkering

Betrokkenheid

Volledige grip houden op het project

Enigszins (gemeente kan criteria en voorwaarden op proces inhoud bepalen)

Ja, winstuitkering Langdurig

7.5 Combinatie van rollen Tot slot kan de gemeente ervoor kiezen om, naar gelang de status van het project, zich op verschillende manieren te verbinden en bovenstaande rollen te combineren. Door hier bewust mee om te gaan kan de gemeente impasses doorbreken en middelen zo efficiënt mogelijk benutten teneinde energieprojecten te realiseren.

12 Bij bancaire financiering zal een DSCR-eis worden gesteld. De eis geeft aan dat het bruto

financieel resultaat groter is de verplichte aflossing en rente alvorens over gegaan kan worden tot uitkering van dividend. Als richtlijn kan worden gehanteerd een DSCR-eis van 1,25.

10/12

Een voorbeeld hierbij is dat in de verkenningsfase de gemeente een project ondersteunt met het inhuren van externe expertise en/of interne kennis van ruimtelijke ordening ter beschikking stelt. Als blijkt dat een project vervolgens financieel niet haalbaar blijkt, doordat bijvoorbeeld een te grote investering benodigd is, kan de gemeente vervolgens als ondernemer de ontwikkeling van een project op zich nemen. Hiermee krijgt de gemeente ook te maken verschillende geldstromen van en naar de gemeente. Hieronder is daarvan een overzicht gegeven.

Geldstromen/rol gemeente

Projectmanager

Financier

Ondernemer

Projectmanagementkosten X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

OZB

Pachtinkomsten Renteopslag leenovereenkomsten

Garantiefee t.b.v. lening Directievoering Zonnepark X Dividend

X

8. Conclusie In deze memo zijn de participatiemogelijkheden voor de gemeente Putten in grootschalige duurzame energieprojecten behandeld. Veelal is de aanleiding voor de

11/12

gemeente om deze stap te zetten om meer grip te houden op projecten, eventuele barrières te beslechten en versnelling van de energietransitie mogelijk te maken waardoor aan de gestelde klimaatdoelen kan worden voldaan. De gemeente kan middels verschillende instrumenten invulling geven aan de deelneming in energieprojecten. Afhankelijk van het doel kan in meer (oprichten BV) of mindere (beschikbaar stellen expertise) mate geparticipeerd worden in projecten. Tot slot zijn een aantal rollen geformuleerd waarmee de gemeente met de beschreven instrumenten invulling kan geven aan energieprojecten. De gemeente kan er ook voor kiezen om gedurende de ontwikkeling van een project te wisselen van rol. Zo kan blijken dat een project door omstandigheden niet haalbaar is voor de markt, waarna de gemeente kan besluiten om zelf risicokapitaal in te brengen om toch een project mogelijk te maken.

12/12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10501066/1