Bijlage 2a- KBG omwonenden -VKA en lokale normen
Tekst van het document
Reactie omwonenden in de Klankbordgroep op concept VKA en lokale normen Windpark Horst &Telgt
1. Voorkeursalternatief Prowind en Provincie Als omwonenden in de Klankbordgroep hebben we kennis genomen van het op 13 december 2022 door Prowind en de Provincie gepresenteerde voorstel voor het VKA van het windpark Horst & Telgt en de daarbij behorende lokale normen. Samengevat komt dat voorstel neer op: • Hoofdalternatief 1: 7 windturbines van 250 meter tiphoogte • 47 Lden geluidsbelasting (41 Lnight) • 6 uur slagschaduwbelasting De te behalen voordelen worden als volgt verwoord: • •
De RES doelstelling wordt gehaald. Meer opbrengst is meer financieel voordeel voor het gebiedsfonds.
2. Voorkeursalternatief omwonenden in de Klankbordgroep De omwonenden in de Klankbordgroep zijn van mening dat deze voorstellen niet alleen onaanvaardbaar zijn, maar ook onvoldoende onderbouwd vanuit de uitkomsten van de MER onderzoeken om tot deze keuze te kunnen komen. De omwonenden moeten constateren dat een maatschappelijke afweging geheel ontbreekt terwijl de maatschappelijke gevolgen van de keuze stevig zijn. Om de doelstelling te behalen wordt een economische afweging gemaakt gebaseerd op een politiek wenselijk doel. Op basis van alle beschikbare gegevens kunnen de omwonenden in de Klankbordgroep niet anders dan concluderen dat Windpark Horst & Telgt geen realistisch haalbaar project is. Op basis van een overmaat aan overlast voor omwonenden en invloed op natuur en landschap dienen in elk geval de meest noordelijke (WT 11/21) en de twee oostelijke windturbines (WT 15 en 16/26 en 27) te vervallen, en vanwege de sterk negatieve invloed op de daar aanwezige natuur is ook de meest zuidelijke windturbine (WT 17/18) zeer ongewenst.
1 van 15
3. Lokale normen voor geluid Ten aanzien van de lokale normering blijkt dat het bevoegd gezag niet meegaat in het WHO advies van een maximale geluidsbelasting van 45 Lden dat hierin gegeven wordt. Met dit WHO advies als grondslag vinden de omwonenden in de klankbordgroep dat het besluit om hiervan af te wijken onvoldoende gemotiveerd en onderbouwd wordt. Gezien de inhoud en strekking van het rapport van Arcadis dat er nu ligt als antwoord op de motie Erkens/Leijten lijkt het niet in de lijn der verwachting te liggen dat de “oude” 47 Lden normering integraal de te verwachten keuze voor de nieuwe landelijke normen zal gaan worden. Een afstandsnorm (zoals in Denemarken) en een norm conform het WHO advies (45 Lden) ligt meer in de lijn. Tevens blijkt uit de analyse dat de stap tussen 45 Lden en 47 Lden een significant verschil maakt in de hinderbeleving voor de bewoners van het gebied, namelijk een toename van 125% (zie bijlage 1). De combinatie van ook de meest noordelijke en de twee oostelijke windturbines met een 47 Lden normering geeft in het gebied echt veel overlast. De noordelijke en twee oostelijke windturbines komen dichter bij de woningen, de cumulatieve geluidsbelasting op woningen die, soms op een afstand van minder dan 400 meter, tussen meerdere windturbines liggen met de A28 moet goed inzichtelijk gemaakt én onderbouwd worden.
Daarnaast moet, conform de NRD MER, ook de norm van 44 Lden meegenomen worden in de MER samen met alle verdere onderzoeken en normeringen. In de NRD MER is aangegeven dat de normen van zowel de 44, 45 als 47 Lden onderzocht zouden worden. In het geval van de 44 Lden is dit niet gebeurd en in het geval van de 45 en 47 Lden mist, zoals hierboven al aangegeven, onderbouwing. De overlast zone langs de snelweg wordt met de realisatie van dit windpark verbreed richting de woningen nabij de oostelijke windturbines. De geluidsproductie van de windturbines zal voor deze woningen een extra belasting geven boven op het snelweg geluid waarbij het karakter van het geluid zal zorgen voor relatief meer overlast dan die van het snelweg verkeer. Verder is de mate waarin er gemitigeerd moet worden om binnen de geluidsnormen te blijven een grote zorg van de omwonenden in de Klankbordgroep. Immers wanneer stevig gemitigeerd moet worden gaat dit samen met het optreden van een hogere piek geluidsbelasting. Stevige mitigatie om binnen de norm te kunnen blijven vereist derhalve ook een uit oogpunt van hinder aanvullende aanvaardbare norm voor piek geluidsbelasting. Immers een norm uitgedrukt in Lden heeft geen relatie met de op enig moment door omwonenden ondervonden hinder en kan niet goed gehandhaafd worden.
De Stichting Advisering Bestuursrechtspraak (STAB) heeft dat in een zaak in Delfzijl vorig jaar opgemerkt. Er is dus alle reden om er voor te pleiten naast of in plaats van de Lden tevens de Laeq als een norm voor geluidsbelasting te hanteren. STAB heeft in die zaak bovendien geschreven dat er nieuw onderzoek naar de hinderlijkheid van de steeds hoger wordende windturbines nodig is en dat dergelijk onderzoek vele maanden, zo niet jaren, vergt en bij voorkeur op landelijke schaal uitgevoerd zou moeten worden. Dit pleit ervoor dat de provincie nu geen eigen normen ontwikkelt, maar de nieuwe landelijke normen afwacht.
2 van 15
4. Lokale normen voor slagschaduw Gezien de marginale productiederving bij het instellen van een 0-uren (verwaarloosbare) slagschaduw normering in plaats van de nu voorgestelde norm van 6-uur, lijkt het de omwonenden in de Klankbordgroep niet meer dan logisch om dit als norm voor dit windpark vast te stellen. Het voorkomen van slagschaduw hinder terwijl dit (nagenoeg) geen derving geeft in opbrengst betekent dat het echt niet nodig is om omwonenden hinder te laten ondervinden van slagschaduw. Zowel de twee noordelijke als de twee oostelijke windturbines geven relatief erg veel slagschaduw overlast voor de omgeving. Verder roepen de omwonenden in de Klankbordgroep de provincie en de ontwikkelaar op om zich te committeren, door het verplicht stellen in de vergunning, voor het toepassen van radar technieken voor het uitzetten van de verlichting op de windturbines indien er geen vliegverkeer in de buurt is. Wettelijk bestaat deze mogelijkheid al, de handhaving is nu nog wel een belemmerende factor maar deze zal naar verwachting opgelost zijn voordat de bouw van dit park eventueel zal aanvangen.
In de aangeleverde informatie voor de onderbouwing van de keuze voor het VKA door de ontwikkelaar wordt gerefereerd aan het aantal (ernstig) gehinderden door geluid en slagschaduw indien er niet gemitigeerd zou gaan worden, m.a.w. als de windturbines op vol vermogen draaien en daarbij een maximale opbrengst en maximaal geluid zouden produceren. Vervolgens wordt er gekeken naar de situatie indien er gemitigeerd wordt naar 47 Lden of naar 45 Lden. Hierdoor lijkt ogenschijnlijk het aantal (ernstig) gehinderden mee te vallen t.o.v. de niet gemitigeerde situatie en lijkt ogenschijnlijk de extra vermindering van overlast naar 45 Lden ten opzichte van 47 Lden dusdanig marginaal dat dit de 47 Lden lijkt te rechtvaardigen gezien de extra opbrengst. Echter de vergelijking maken met als referentie een situatie die absoluut niet is toegestaan is misleidend. Deze opstelling van windturbines voldoet de niet gemitigeerd situatie aan geen enkele toelaatbare norm waar ook ter wereld! Hiermee vergelijken is misleidend. Het vergelijk moet worden gemaakt tussen realistisch geachte opties (zie bijlage 1). Wij hebben dit vergelijk gemaakt en verzoeken om de onderbouwing van de keuze van VKA en de lokale normen te baseren op deze vergelijking.
3 van 15
In het vervolg van dit document behandelen we de diverse onderdelen aan de hand van de opgestelde concept MER. A. B. C. D. E.
Geluid Slagschaduw Natuur Landschap Overig
Bijlage 1 Bijlage 2
Alternatief plan De omwonenden uit de klankbordgroep hebben een alternatief plan opgesteld wat wij in een apart document aan u presenteren. Een alternatieven onderzoek als dit had meegenomen moeten worden bij de afweging op welke manier de energietransitie opgave in te vullen (RES) en vervolgens bij de MER beoordeling van de alternatieven. Nadrukkelijk presenteren wij dit plan als alternatief: in plaats van het windpark en zeer beslist niet aanvullend op het windpark!
4 van 15
A. Geluid Op pagina 62 van de concept MER wordt aangegeven: Met de positionering van de windturbines in de alternatieven is rekening gehouden met een afstand van minimaal 400 meter tot woningen. Windturbines op minder grote afstand zijn minder realistisch, vanwege de geluid- en slagschaduwhinder. Uit de tabel op pagina 7 van de bijlage Akoestisch onderzoek en onderzoek slagschaduwhinder blijkt dat de afstand tussen de meest noordelijke windturbine (WT 11/21) en twee woningen (Zeeweg 162 en Zeeweg 164) minder is dan 400 meter, deze windturbine voldoet hiermee niet aan de in de concept MER genoemde minimale afstand. Daarnaast scoort deze maar ook de twee oostelijke windturbines het slechtste als het gaat om geluidoverlast. De voorgestelde opstelling heeft tot gevolg dat deze woningen, evenals een aantal andere referentiewoningen, op korte afstand liggen van meerdere windturbines. Deze turbines zullen een geluidsbelasting op deze woningen veroorzaken vanuit meerdere verschillende richtingen. Indien niet op voorhand al wordt geconstateerd dat dit, ook met sterke mitigaties, tot onaanvaardbare en ontoelaatbare overlast leidt, dienen de gevolgen voor deze woningen en de andere referentiewoningen expliciet inzichtelijk gemaakt te worden.
Dat de geluidsbelasting zeer hoog is voor de woningen in de buurt van de twee noordelijke en de twee oostelijke windturbines wordt ook beschreven op pagina 143 van de concept MER: De meeste geluidmitigatie vindt plaats ter plaatse van de windturbines in de buurt van de Zeeweg en de Riebroekersteeg. Voor alternatief 1 zijn dat de windturbines 11, 12, 15 en 16. Voor alternatief 2 zijn dat de windturbines 21, 22, 26 en 27. Door meer ruimte tussen windturbines en woningen te creëren door middel van herpositionering of het laten vervallen van één of meer (voorgenoemde) windturbinelocaties kan relatief makkelijke milieuwinst op het gebied van geluid worden behaald.
5 van 15
De gevolgen hiervan zijn ook te zien in de tabel die de geluidsbelasting van de beide hoofdalternatieven zonder mitigatie weergeeft voor deze woningen. 6 van 15
B. Slagschaduw In de concept MER is te lezen: 7 van 15
De meeste slagschaduw wordt veroorzaakt door de 2 windturbines in het noorden (turbines 11 respectievelijk 21 en 12 respectievelijk 22) en de 2 windturbines in de oostelijke lijn (windturbines 15 en 16 voor alternatief 1 en windturbines 26 en 27 voor alternatief 2). Zowel de twee noordelijke als de twee oostelijke windturbines geven relatief veel slagschaduw overlast voor de omgeving. In de bijlage Akoestisch onderzoek en onderzoek slagschaduwhinder is te lezen dat de meest noordelijke windturbine (WT11/WT21) verantwoordelijk is voor verreweg de allermeeste slagschaduw: Di geldt voor hoofdalternatief 1, zowel algemeen als voor de campings:
8 van 15
En in iets mindere mate voor hoofdalternatief 2, algemeen en voor de campings:
9 van 15
De tabel Beoordeling slagschaduw en toekenning scores op pagina 154 van de concept MER laat zien dat voor alle niveaus van reductie van slagschaduw: verwaarloosbaar, 6 uur en 10 uur, er voor alternatief 1 1,8-1,9% verlies van opbrengst is en bij alternatief 2 1,2-1,3% verlies van opbrengst. Hiermee scoort alternatief 1 sterk negatief en alternatief 2 negatief.
10 van 15
11 van 15
C. Natuur De provincie Gelderland vermeldt op haar website het volgende: Het windpark Horst & Telgt in de gemeenten Ermelo en Putten is een van de twee windparken dat mogelijk door kan gaan met stilstandsvoorziening overdag in juli en augustus en Stilstand leidt tot minder financiële -en energieopbrengsten. Dat maakt het lastiger om initiatieven van de grond te krijgen. Daarom dringt de provincie bij het Rijk aan op ruimte binnen de bestaande subsidieregeling voor duurzame energie (SDE++) Het Rijk gaf het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) opdracht om te onderzoeken of opties ter bescherming van natuur (stilstand, cameradetectie, één zwarte wiek) aan de SDE++ toegevoegd kunnen worden. Het definitief advies van PBL komt begin 2023. Alleen al vanwege de Wespendief is Windpark Horst & Telgt een zeer ongewenste ontwikkeling. Dit heeft invloed op de natuur en het rondom gelegen Natura 2000 gebied: de Veluwe. Gezien het beleid van de provincie om tot het kantelpunt te gaan t.a.v. de mortaliteit van de wespendief, ontstaat er nu een situatie waarbij er nog maar een gelimiteerd aantal windturbines rond (en in) de Veluwe gerealiseerd kunnen worden. Dit betekent dat het logisch zou zijn om over de gehele Veluwe te bekijken wat de opstellocaties zijn die de minste impact hebben.
Er zal dus een provincie breed onderzoek gedaan moeten worden om te kunnen constateren dat dit windpark "de minst slechte" is voor de gehele provincie t.a.v. impact op de natuur (incl. de Rosse vleermuis) en specifiek voor de Wespendief. Ook de norm van maximaal 1% voor het aanvaringsrisico van de rosse vleermuis wordt overschreden. Dit wordt met name veroorzaakt door de meest noordelijke (WT11/WT21) en de meest zuidelijke (WT17/WT18) windturbine, die gepositioneerd zijn op de aanvliegroute van deze rosse vleermuis. Dit is ook te zien in de tabel in de bijlage Ecologisch Onderzoek, waarin op alle aspecten die betrekking hebben op de natuur beide hoofdalternatieven negatief (oranje) of sterk negatief (rood) scoren. De wespendief wordt in deze tabel niet met name genoemd omdat het onderzoek hiernaar op dat moment nog niet was afgerond. Gezien het recent verschenen bericht van de provincie over de Wespendief kunnen we niet anders dan concluderen dat deze beschermde vogel ook een sterk negatieve invloed op het Windpark heeft. Naast aandacht voor de vogels en vleermuizen dient ook oog te zijn voor de gevolgen voor velddieren zoals onder andere de das, die zijn leef- en fourageergebied heeft in de buurt van onder andere de meest zuidelijke windturbine ( WT17/WT18). Sowieso is een dubbele rij windturbines tussen de Veluwe en het Randmeer al een enorm obstakel voor o.a.
de vogels, daar de koppeling tussen randmeer en Veluwe verbroken wordt door deze dubbele rij
12 van 15
windturbines. De bezwaren tegen het concept VKA en lokale normen vanuit het oogpunt van de natuur, ingebracht door de vertegenwoordigers in de klankbordgroep van de afdelingen Natuur & Milieu van de gemeenten Putten en Ermelo zijn bij de omwonenden in de klankbordgroep bekend en worden door ons volledig gesteund. D. Landschap Voor wat betreft het aspect landschap is het hele Windpark Horst & Telgt buitengewoon ontsierend in dit open landschap, waarbij in de concept MER terecht wordt opgemerkt dat de visuele impact tot wel 10 km afstand kan reiken! In de concept MER wordt er met name op gewezen dat het voor de landschappelijke inpassing gewenst is de twee oostelijke windturbines te laten vervallen.
E. Overig Aspecten die wij als omwonenden in de Klankbordgroep op dit moment niet kunnen beoordelen zijn mogelijke beperkingen ten gevolge van overdraai van geplande windturbines over percelen die niet gecontracteerd zijn door Prowind, of mogelijk indertijd gecontracteerd zijn door RWE. Uit alle gegevens blijkt wel dat de opbrengst van Windpark Horst & Telgt aan alle kanten sterk gereduceerd zal worden als gevolg van de beperkingen van deze locatie: • • • • •
Derving van opbrengst ten gevolge van noodzakelijke forse mitigatie vanwege geluid Derving van opbrengst ten gevolge van noodzakelijke mitigatie vanwege slagschaduw Derving van opbrengst ten gevolge van noodzakelijke stilstand vanwege wespendief Derving van opbrengst ten gevolge van noodzakelijke stilstand vanwege de rosse vleermuis Derving van opbrengst ten gevolge van hinder van het nieuwe hotel (bij Strand Horst) van 60 meter hoog Dit is plm 0,3% maar met name de meest noordelijke windturbine (WT11/WT21) heeft door het hotel een opbrengstderving van ongeveer 1,2%
13 van 15
Bijlage 1 Referentie 45Lden
geluid
Ernstig gehinderden Gehinderden
4 9,6
Slagschaduw
6 uur - derving 0 uur - derving
1,7% 1,7%
Energie productie (GWh)
87
hfd alt. 2 mutatie 47Lden 0% 0%
9 19,1
mutatie
45Lden
125% 99%
5 12
1,7% 1,7%
0%
97,5
hfd alt. 1 mutatie 47Lden 25% 25%
1,7% 1,7%
12%
119,2
10 21,3
mutatie 150% 121%
1,7% 1,7%
37%
134,5
55%
Nemen we variant 2 met 45 Lden als uitgangspunt dan betekent dit dat er een toename van ernstig gehinderden is van 150%. Toename van gehinderden is 121% (beiden binnenshuis), dit met het door de ontwikkelaar voorgestelde VKA. Hier staat een productie toename tegenover van 55%. We zien in deze tabel dat er tussen de norm van 45 Lden en 47 Lden niet een significante toename is van productie, de toename van de opbrengst is slechts 12%. Wel is er een groot verschil in opbrengst tussen de lagere (200 m) of hogere (250 m) windturbines. Deze tabel geeft dus een volledig ander inzicht dan de manier waarop de huidige onderbouwing van het beoogde VKA is opgesteld. Ook bij de berekening van de invloed van de verschillende normeringen voor slagschaduw wordt uitgegaan van de niet gemitigeerde situatie als referentiekader. Voor slagschaduw is de niet gemitigeerde situatie wettelijk niet toegestaan en mag dus niet worden gebruikt als referentie voor een eerlijke vergelijking van normen. In de concept MER is te zien dat mitigeren naar 10, 6 of 0 uur slagschaduw altijd 1,8 – 1,9 % verlies van opbrengst geeft. Voor de hinderbeleving van omwonenden tot op grote afstand is de slagschaduwnorm echter wel enorm relevant. Een slagschaduwnorm van 0 uren geeft niet of nauwelijks extra verlies van opbrengst ten opzichte van de norm van 6 uren slagschaduw.
Er is daarom geen enkel goed argument om niet terwille van de beperking van hinder voor omwonenden lokale slagschaduwnorm tot 0 (verwaarloosbaar) uren te reduceren.
14 van 15
Bijlage 2
WT11 WT12 WT13 WT14 WT15 WT16 WT17
slagschaduw -------
geluid ------------
natuur -------
landschap ----------
opbrengst -----/--/---/----/----
WT21 ----------WT22 -----WT23 ---/-WT24 ---/-WT25 ---/-WT26 --------/--WT27 --------/--WT28 ------0 = neutraal - = negatief -- = sterk negatief ---= zeer sterk negatief ---- onaanvaardbaar sterk negatief opbrengst = te verwachten opbrengst na mitigaties voor geluid en slagschaduw, stilstand voor natuur, opbrengstverlies door hotel, etc. Gezien de analyse zoals hier aangehaald, zijn de omwonenden in de Klankbordgroep van mening dat het voorgestelde VKA een (onnodig) zware wissel trekt op het gebied en dat de voorgestelde opstelling de randen opzoekt van wat wettelijk nog toegestaan is en in ernstige mate voorbijgaat aan de maatschappelijke afwegingen de hierbij gemaakt kunnen worden. De omwonenden in de Klankbordgroep verzoeken de ontwikkelaar de belasting voor geluid, slagschaduw, natuur, en de invloed van mitigaties, stilstand en andere factoren op de opbrengst per windturbine goed inzichtelijk te maken. Op voorhand is daar door de omwonenden in de Klankbordgroep al wel een inschatting van gemaakt, weergegeven in bovenstaande tabel.
15 van 15