Bijlage 2 - Regionale uitvoering Jeugdhulpregio Noord-Veluwe
Tekst van het document
Regionale uitvoering Jeugdhulpregio Noord-Veluwe
Inhoud 1.
Inleiding
4.
2.
Norm voor Opdrachtgeverschap
5.
3.
Het proces
6. 7. 7. 8.
4.
3.1. 3.2. 3.3.
Jeugdpanel Netwerkpartners Advies -en gemeenteraden
4.1.
Het zorglandschap
9. 9.
5.
Vraag & aanbod
5.1. 5.2. 5.3. 5.4. 5.5.
12. 12. 12. 12. 13. 15.
6.
Lokale toegang
17. 18. 18. 20. 21. 21.
7.
6.1. 6.2. 6.3. 6.4. 6.5.
Transformatie en inhoudelijke ontwikkeling
De basis Voorliggende voorzieningen Niet vrij toegankelijke jeugdhulp Samenwerking aanpalende domeinen Lokaal en regionaal aanbod
Toegangsmanagement Huidige taken en werkwijze toegang Basisfuncties Toegang en het regionaal Expertteam Toegang en de veiligheidspartners
7.1. 7.2. 7.3. 7.4.
Governance
23. 23. 23. 23. 23.
8.
Sturing & bekostiging
25. 25. 25. 26. 26.
Regionaal en bovenregionaal
27. 27. 27. 28.
9.
8.1. 8.2. 8.3. 8.4.
9.1. 9.2. 9.3.
Gemeenteraad en College B&W Huidige taken en werkwijze toegang Netwerkorganisatie Inkoop, contractmanagement en monitoring
Parapluteam Inkoop Bekostigingsmodel Contractmanagement en wachtlijsten
Verhouding regionaal – bovenregionaal Accounthoudende regio Bovenregionale samenwerking
Regionale uitvoering Jeugdhulpregio Noord-Veluwe
3
2. Norm voor Opdrachtgeverschap
1. Inleiding
De Regionale uitvoering Jeugdhulp van de jeugdhulpregio NoordVeluwe beschrijft de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan de visie, missie en doelstelling zoals beschreven in het document ‘Visie op Jeugdhulp’. De gemeenten Elburg, Ermelo, Harderwijk, Nunspeet, Oldebroek, Putten en Zeewolde werken samen in de realisatie en doorontwikkeling van de jeugdhulp aan kinderen en jeugdigen in de leeftijd – 9 maanden tot 18 jaar (met uitloop tot 23 jaar). Dat doen de gemeenten op basis van de wettelijke taak zoals in de Jeugdwet staat beschreven. Een visie op jeugdhulp en daarin met elkaar samenwerken is voor de jeugdhulpregio Noord-Veluwe niet nieuw. Sinds de transitie in 2015 werken de zeven gemeenten met de netwerkpartners samen met als doel om passende jeugdhulp te realiseren. Dat doen we vanuit een duidelijk beschreven visie waar in de praktijk uitvoering aan wordt gegeven en waarop de inkoop van jeugdhulp is gebaseerd. De concrete aanleiding van het opstellen van een beschreven visie en regionale uitvoering is de Norm voor Opdrachtgeverschap.
In de Regionale uitvoering Jeugdhulp beschrijven we als gemeenten de organisatie van de jeugdhulp aan kinderen en jeugdigen, de onderlinge afspraken en samenwerking tussen de gemeenten en de uitvoering van de opdracht gevende rol naar netwerkpartners. De indeling van het document is gebaseerd op de handreiking die de VNG biedt bij het opstellen van een visie op jeugdhulp en de regionale uitvoering.
Het opstellen van visie op jeugdhulp en een concrete beschrijving van de uitvoering is onderdeel van de Norm voor Opdrachtgeverschap (NvO). De NvO is op 10 juni 2020 in een resolutie vastgesteld door gemeenten in VNG-verband, zowel voor jeugd als voor beschermd wonen en maatschappelijke opvang. Gemeenten erkennen hiermee dat op onderdelen regionale en bovenregionale samenwerking essentieel is voor; de beschikbaarheid van de benodigde zorgfuncties, een zorgvuldige transformatie van het zorglandschap en verminderde bureaucratie. Met de NvO kunnen gemeenten in de regio samen met regionale partners vorm geven aan deze ambitie. Met de NvO maken gemeenten afspraken binnen de jeugdregio en leggen deze samenwerking duurzaam vast. De afspraken in het kader van de NvO geven daarmee op langere termijn richting aan wat je als jeugdhulpregio samen doet en hoe dit lokaal en bovenregionaal is verbonden. Daarmee is de NvO meteen een aanleiding om verschillende onderdelen van samenwerking en goed opdrachtgeverschap tegen het licht te houden en de dialoog aan te gaan: waar kun je als regio nog op verbeteren? Dit is niet een eenmalige actie die stopt als een jeugdregio aan de norm voldoet. De ambitie is om samen met het jeugdveld een duurzame beweging in gang te zetten om kwalitatief goede, beschikbare en betaalbare hulp voor jeugdigen, ouders en gezin te borgen.
Niet alleen nu, maar ook in de toekomst, elke dag opnieuw (tekst VNG).
4
Regionale uitvoering Jeugdhulpregio Noord-Veluwe
5
3. Het proces Tussen de gemeenten in de jeugdhulpregio Noord-Veluwe vindt een samenwerking plaats en de jeugdhulp wordt vormgegeven en uitgevoerd in samenwerking met partners. Met die reden is de bestaande visie op jeugdhulp en de uitvoering daarvan het uitgangspunt voor dit document. De verschillende portefeuillehouders zijn tot het gezamenlijke standpunt gekomen dat de visie een gedragen visie moet zijn bij zowel de inwoners, netwerkpartners als de gemeenten. Hierdoor is de participatie van inwoners en netwerkpartners van groot belang.
3.1.
bevestigt dat er in de regio sprake is van een gezamenlijke en actuele visie op jeugdhulp en dat deze zichtbaar en merkbaar wordt uitgevoerd. De GAP analyse laat ook zien dat deze door de jaren heen op verschillende onderwerpen en in verschillende documenten is beschreven maar nog niet is samengevoegd in een gezamenlijk document. Met de uitkomst van de analyse is besloten om de documenten ‘Visie op Jeugdhulp’ en de ‘Regionale uitvoering Jeugdhulp’ op te stellen.
Bij het samenstellen van de visie en de uitvoering is door de gemeenten allereerst gekeken naar wat passend is voor de inwoners. Daarnaast is getoetst wat de Norm voor Opdrachtgeverschap van ons vraagt. Hiervoor is een GAP analyse opgesteld. De GAP analyse
‘Het gaat over mij, mijn familie, vrienden en mijn toekomst. Daarom wil ik kunnen zeggen wat belangrijk is’.
Jeugdpanel
Voor de jeugdhulpregio Noord-Veluwe is het duidelijk dat je een visie op jeugdhulp niet kunt beschrijven zonder de inbreng van jeugdigen. Zij weten wat er speelt, wat nodig is en wat als prettig wordt ervaren. Inzet van ervaringsdeskundigen maakt het opstellen van een visie op jeugdhulp mogelijk. In de jeugdhulpregio Noord-Veluwe kennen we verschillende vormen waarop jeugdigen participeren in de (door) ontwikkeling van jeugdhulp. Zo zijn jeugdigen in het voorliggende veld actief in de deelname van activiteiten of het ondersteunen van andere jeugdigen. Ook zijn er vormen waarop jeugdigen onderzoek verrichten of feedback geven op jeugdhulp. Een voorbeeld hiervan is dat jeugdigen (en opvoeder(s)) elkaar interviewen over de ontvangen jeugdhulp. Dat jeugdigen bereid zijn om te delen wat zij ervaren is bekend en zichtbaar. Voor de jeugdhulpregio is het belangrijk om die bereidheid te gebruiken en in te zetten. Zowel in het ontwikkelen van beleid als (nog belangrijker) bij de ondersteuning van jeugdigen aan andere jongeren. Met die reden is er een structureel jeugdpanel in ontwikkeling. Stichting Het Jongerennetwerk en het Centrum voor Jeugd en Gezin slaan hiertoe de handen ineen. Samen met welzijnsorganisaties in de regio zijn zij in gesprek met jeugdigen om een jeugdpanel op te zetten. De gemeenten stimuleren en faciliteren deze ontwikkeling.
Voor de visie op jeugdhulp en de uitvoering is gebruik gemaakt van een voorloper op het jeugdpanel. Aan jeugdigen uit Noord-Veluwe die zelf of via hun netwerk in het heden of verleden ervaring hebben opgedaan met jeugdhulp, zijn een aantal onderwerpen voorgelegd. Er is met jeugdigen gesproken over de woonomgeving, actuele ontwikkelingen, sociale vraagstukken en de organisatie van jeugdhulp.
3.2.
Netwerkpartners
Niet alleen jeugdigen zijn van grote waarde bij het opstellen van een visie op jeugdhulp. Dat zijn ook de partners die werkzaam zijn in zowel het voorliggende veld als de niet vrij toegankelijk zorg. Al vanaf 2015, en in voorbereiding op de transitie, staan netwerkpartners en de gemeenten voortdurend met elkaar in contact over de jeugdhulp. Met partners die de voorliggende voorzieningen faciliteren en de partners die de toegang naar jeugdhulp vormen, is door de jaren heen gewerkt vanuit een gezamenlijke visie. De gezamenlijke Transformatieagenda 2015 en het Transformatieplan Samenwerking Noord Veluwe 2018-2021 zijn daar voorbeelden van. De samenwerking met de partners in de niet vrij toegankelijke jeugdhulp heeft op basis van de inkoopvoorwaarden een andere vorm maar is daardoor niet minder intensief. De regionale inkoopstrategie 2021 die uitvoerig in de marktconsultaties met de partners is besproken en getoetst, is gebaseerd op de regionale visie op jeugdhulp.
- Tim, 17 jaar
6
Regionale uitvoering Jeugdhulpregio Noord-Veluwe
7
De ontwikkeling en uitvoering van jeugdhulp is een gezamenlijke opgave. Met die reden is partnerschap het uitgangspunt. Daarbij is zowel goed opdrachtgeverschap als passende uitvoering van de opdrachtnemer van belang.
4. Het zorglandschap
3.3. Advies -en gemeenteraden De Visie op jeugdhulp is in overeenstemming met de NvO door de gemeenteraden van de zeven gemeenten vastgesteld. De gemeenten hebben daarmee instemming van de volksvertegenwoordigers. De besluitvorming is tot stand gekomen in een gezamenlijk proces met zowel de adviesraden als de gemeenteraden.
Het zorglandschap in de regio Noord-Veluwe begint demografisch bij de bovenste grens van Gelderland en loopt door de Veluwe langs het Veluwemeer naar zuidelijke richting tot aan de gemeente Putten. De gemeente Zeewolde valt onder de jeugdregio Flevoland maar vanwege de demografische ligging is er een samenwerking met de NoordVeluwse gemeenten voor een deel van de jeugdhulp. Om passende ondersteuning te realiseren is het zorglandschap dusdanig ingericht dat jeugdigen en opvoeder(s) de ondersteuning op een laagdrempelige wijze kunnen vinden en ontvangen. Daarbij willen we dat eigenaarschap prioriteit krijgt en de ondersteuning in de gezins- of vergelijkbare situatie plaatsvindt. Om dat te realiseren ligt er een maatschappelijk opgave in het versterken van de eigen mogelijkheden en het sociale netwerk. Aanvullend op de eigen mogelijkheden en het netwerk is het mogelijk om een beroep te doen op het voorliggende veld en de niet vrij toegankelijke jeugdhulp.
8
4.1. Transformatie en inhoudelijke ontwikkeling In de afgelopen jaren is hard aan de ambitie gewerkt om het zorglandschap zo in te richten dat de passende ondersteuning voor jeugdigen beschikbaar is. Met een aantal transformatiedoelen wil de jeugdhulpregio Noord-Veluwe de doorontwikkeling realiseren. • Verminderen van residentieel verblijf. Vanuit het principe dat kinderen thuis horen op te groeien willen we voorkomen dat jeugdigen geplaatst worden in residentiele verblijfsvoorzieningen.
Regionale uitvoering Jeugdhulpregio Noord-Veluwe
9
Onder residentieel verstaan we het wonen, verblijven van kinderen en jeugdigen in de niet thuissituatie. Dit kan zijn op het terrein van de zorgaanbieder, maar ook in de wijk of buurt. Verminderen van residentieel verblijf wordt enerzijds gerealiseerd door de instroom te beperken. Belangrijk hierbij is om vroegtijdig en om op de juiste wijze in gesprek te gaan met kind en gezin zodat er meer alternatieve ondersteuningsvormen gevonden worden. Anderzijds kan de uitstroom worden versneld door in een aantal situaties te onderzoeken of vervroegde uitstroom met lokale ondersteuning van het gezin haalbaar is. Daar waar thuis wonen even niet haalbaar is, wordt er gestreefd naar een situatie in de buurt van de thuissituatie zodat leef factoren, zoals relatie met gezin, familie, vrienden, schoolvrienden, sporten, etc. niet onderbroken hoeft te worden. Anders gezegd, we willen de instroom in pleegzorg verhogen en die van residentieel beperken. Echter nogmaals, prevaleert ondersteuning van de thuissituatie altijd boven buiten het gezin het ‘wonen’ te realiseren. • In één keer goed Daar waar de ondersteuning geboden wordt is het streven om het ‘in één keer goed’ te regelen. Er moeten zo min mogelijk stappen voorafgaan aan de passende ondersteuning. Door een goede analyse van de toegangspartners moet worden bepaald wat er precies nodig is.
Dit is in eerste instantie de inzet van de eigen kracht en het sociale netwerk. Is dat niet toereikend dan is het van belang om de passende voorliggende voorziening in te zetten of het aanbod vanuit de niet vrij toegankelijke jeugdhulp.
10
• Samenwerking met huisartsen In de regio Noord-Veluwe werken we intensief samen met de huisartsen. De huisartspraktijken zijn onderdeel van de toegang tot jeugdhulp. Om tot passende ondersteuning te komen is de samenwerking met huisartsen van belang. In de huisartspraktijken wordt de inzet van jeugdhulp-professionals gestimuleerd. In afstemming met de huisartsen wordt de kennis van het zorglandschap, GGZ-expertise en/of lichte ambulante ondersteuning toegevoegd aan de huisartspraktijken. • Normaliseren en demedicaliseren Het leven kent geluk maar ook tegenslagen. Door de basis te versterken streven we ernaar dat kinderen, jeugdigen en opvoeder(s) vanuit de eigen mogelijkheden omgaan met tegenslagen of knelpunten. • Versterken van de toegang In het kader van ‘licht en kort als kan, langdurig en intensief als moet’ wordt de expertise van de niet vrij toegankelijke jeugdhulp ingezet bij voorliggende voorzieningen en de toegangsteams. Zo kunnen de toegangsteams een belangrijk rol spelen in zowel de kortdurende als de specialistische ondersteuning. Hiermee willen we kinderen en jeugdigen tijdig ondersteunen en opschalen van jeugdhulp voorkomen. We kiezen voor een brede toegang waar zowel begeleiding als verwijzingen plaats vinden.
‘De hulpverlening moet plaatsvinden op de plek die ik ken en helpt mij omgaan met de dingen die ik moeilijk vind’. - Anne, 16 jaar
• Onderwijs zorg arrangementen In en naast het onderwijs ontvangen jeugdigen vormen van ondersteuning door verschillende aanbieders. Door met een selectie van aanbieders de ondersteuning te integreren in het onderwijs kan de ondersteuning op school worden geboden. Het onderwijs zorg arrangement is daarvan een voorbeeld waarbij jeugdigen de ondersteuning krijgen die verbonden is met de school en het niveau van onderwijs.
Regionale uitvoering Jeugdhulpregio Noord-Veluwe
11
5. Vraag & aanbod Het is de ambitie van de gemeenten in de jeugdhulpregio Noord-Veluwe om een continuüm van ‘Ondersteuning van Jeugd’ te creëren, dat zich uitstrekt van basisvoorzieningen voor iedereen tot zware specialistische hulpverlening voor een kleine groep met ernstige problematiek of intensieve zorgbehoefte. De gemeenten leggen daarbij prioriteit bij de inhoudelijk zorg voor kinderen en jeugdigen maar sturen ook op de eigen mogelijkheden van de inwoners. In eerste plaats vanuit de overtuiging dat regie en eigenaarschap op het eigen leven de groei naar zelfstandigheid versterkt. In de tweede plaats kent de opdracht van de gemeenten ook juridische (de Jeugdwet) en financiële kaders en mogelijkheden.
5.1.
De basis
In de jeugdhulpregio Noord-Veluwe zien de gemeenten de uitvoering van de jeugdwet als een gezamenlijke opgave. Daarbij verwachten we van inwoners dat zij elkaar ondersteunen bij het opgroeien en opvoeden. Er is sprake van een rijk (kerkelijk) verenigingsleven dat daarbij ingezet kan worden. De gemeenten stimuleren de inwoners om naar elkaar om te zien en om knelpunten en zorgen met elkaar te durven delen.
5.2. Voorliggende voorzieningen Daar waar de ondersteuning vanuit de basis niet voldoende toereikend is, zijn er lokale voorzieningen in het voorliggende veld. Deze voorzieningen zijn beschikbaar en toegankelijk zonder een verwijzing of beschikking. De gemeenten investeren in deze partners met een subsidie. De toegangsteams en huisartsen hebben als verwijzer en behandelaar een belangrijke positie in het voorliggende veld.
5.3. Niet vrij toegankelijke jeugdhulp Vanuit het voorliggende veld kan er vanuit verschillende instanties verwezen worden naar de niet vrij toegankelijke jeugdhulp. In de regio Noord-Veluwe zijn al deze zorgvormen ingedeeld in vijf segmenten. 1. Hoog specialistisch/weinig voorkomend Jeugdigen met zeer zware (multiproblem) problematiek die op meerdere domeinen van hun leven problemen ervaren (gezin, school, welzijn, etc.). Het gaat hier vaak om dure en langdurige trajecten zoals intramurale behandelingen en intensieve ambulante substituten voor verblijf.
‘Er zijn voldoende plekken en organisaties waar ik naar binnen kan lopen en een vraag kan stellen’.
2. Wonen Wanneer de thuissituatie geen veilige of passende woonomgeving voor een jeugdige vormt moet er een alternatieve passende woonvorm gevonden worden die zo lang als nodig als thuis fungeert. 3. Dagbesteding/dagbehandeling Jeugdigen die gebruik maken van dagbesteding of dagbehandeling kunnen niet mee in het gewone of bijzondere onderwijssysteem, of kunnen gedurende de dag niet thuisblijven. Ze worden overdag of tijdens dagdelen opgevangen in gespecialiseerde voorzieningen. 4. Specialistisch/veel voorkomend Veel voorkomende/specialistische ondersteuning voor jeugdigen met enkelvoudige of kortdurende problematiek. Het gaat om ambulante en/of poliklinische hulp. Vaak ligt de focus op het verbeteren van de problematische situaties. 5. Crisis Alle jeugdigen die te maken krijgen met een urgente/crisissituatie. Crisis is per definitie kortdurend.
5.4. Samenwerking aanpalende domeinen Een kind staat onlosmakelijk in verbinding met de omgeving. Dit kan het gezin zijn maar ook factoren daarbuiten zoals het sociale netwerk, onderwijs en het verenigingsleven. Daarom wordt de ondersteuningsvraag van de jeugdige gezien in een breder kader. De samenwerking met andere domeinen is daarom van belang. • Onderwijs Kinderen en jeugdigen volgen een groot deel van de week onderwijs. Het onderwijs heeft daarmee een belangrijke positie bij het signaleren en begeleiden van jeugdigen. In samenwerking
met de partners uit het voorliggende veld stimuleren wij het onderwijs om jeugdigen meer dan alleen in de lesstof te begeleiden. Daar waar er zorgen zijn over het gezond en veilig opgroeien zijn de toegangsteams beschikbaar voor het bijstaan van leerkrachten of het begeleiden van jeugdigen. Hierbij is het uitgangspunt dat er met ouders wordt gesproken en niet over ouders. De jeugdhulpregio Noord-Veluwe heeft de ambitie om de samenwerking met het onderwijs te intensiveren zodat de integraliteit tussen jeugdhulp en onderwijs wordt vergroot. In de regio is het Onderwijszorgarrangement in ontwikkeling. Met het onderwijs en zorgaanbieders zijn afspraken gemaakt om ondersteuning in de school aan te bieden. Op die wijze kan de jeugdhulp geïntegreerd worden bij het aanreiken van de lesstof. • Volwassenzorg Bij jeugdigen die de meerderjarige leeftijd bereiken moet sprake zijn van een goede afronding van de jeugdhulp of van een soepele overgang naar de volwassenzorg. Daarom wordt er gericht gewerkt aan een soepele overgang 18-18+. In het zeventiende levensjaar wordt met de jeugdige een plan gemaakt met als doel een duidelijk toekomstperspectief bij het bereiken van de meerjarige leeftijd. In zowel de contracten met jeugdhulpaanbieders als de Wmo aanbieders zijn hierover afspraken vastgelegd.
Naast de ondersteuning aan het kind of de jeugdige is de verbinding met de ondersteuning aan opvoeder(s) van groot belang. Door de inzet van een verklarende analyse wordt niet alleen naar zichtbare symptomen gekeken maar ook de achterliggende problematiek. Daarbij komt de context en omgeving in beeld en niet alleen het individu.
- Emma, 17 jaar
12
Regionale uitvoering Jeugdhulpregio Noord-Veluwe
13
• Gezondheidszorg De jeugdhulpregio Noord-Veluwe slaat gericht op gezondheid de handen in één door de inzet van ‘Gezond-Veluwe’. Gemeenten, huisartsen en partners uit de (geestelijke)gezondheidszorg werken domein overstijgend samen. Hierdoor streven we een beter aanbod na voor vraagtukken op het gebied van lichamelijk, geestelijke en pedagogische vraagstukken. Doelstelling is om de passende ondersteuning te bieden en zwaardere problematiek te voorkomen. De GGD NOG en de Icare JGZ zijn belangrijke partners in de jeugdhulpregio Noord-Veluwe. Zij zijn onderdeel van de lokale toegangsteams en zijn voor kinderen, jeugdigen en opvoeder(s) beschikbaar voor vragen over gezond en veilig opgroeien. Positieve gezondheid is de visie die hierbij wordt omarmd, waaruit wordt gewerkt en kansen geeft om de verschillende domeinen aan elkaar te verbinden. In de toegang zijn de huisartsen uit de regio van groot belang. De gemeenten en de huisartsen werken intensief met elkaar samen. Dit is zichtbaar in de vorm van jeugdhulp-professionals die aanwezig zijn in de huisartspraktijken voor vragen en problematiek die breder spelen dan de fysieke gezondheid. • Veiligheid De meerderheid van de kinderen groeit op vanuit een stabiele en veilige basis. Deze kinderen groeien op en ontwikkelen zich zonder in aanraking te komen met mishandeling, verwaarlozing of misbruik.
Daar waar er een onveilige situatie is of dreigt, willen we die signaleren. Vanuit de aanpak huiselijk geweld, de aanpak complexe scheidingen en de samenwerking met de veiligheidsketen (zorg- en veiligheidshuis) wordt allereerst ingezet op het stoppen van geweld en het bieden van passende ondersteuning. Daarbij werken we vanuit één visie op
14
veiligheid: gefaseerde ketenzorg (eerst samenwerken voor veiligheid, dan samenwerken voor risico-gestuurde zorg, dan samenwerken voor herstelgerichte zorg). Deze visie, ook wel visie gefaseerde ketenzorg genoemd, is gelijk aan de visie die is geformuleerd in de Gelderse Verbeteragenda Jeugdbescherming en die door de gemeenten, gecertificeerde instellingen, Raad voor de Kinderbescherming en Veilig Thuis is omarmd. De visie en aanpak wordt primair uitgerold bij netwerkpartners zoals de lokale toegangsteams en de jeugdhulpaanbieders. • Maatschappelijke opvang en Beschermd wonen. Op het domein Maatschappelijke opvang en Beschermd wonen (MO/BW) werken de Noord-Veluwse gemeente samen waarbij Harderwijk de functie van regievoerder heeft. Omdat er nog geen sprake is van decentralisatie ligt de centrumfunctie bij de gemeente Zwolle maar ligt de praktische uitvoering bij de Noord-Veluwse gemeenten. De samenwerking tussen de gemeenten verloopt goed en is het mogelijk om met andere domeinen af te stemmen. Zo wordt er met jeugd voornamelijk samengewerkt op de overgang 18-18+. De inzet op de minderjarige leeftijd is van belang voor de overgang en instroom naar ondersteuning op de meerderjarige leeftijd. • Wet langdurige zorg (WLZ) Wanneer langdurige zorg de passende vorm van ondersteuning is wordt er samen met opvoeder(s) en professionals onderzocht wat realiseerbaar is.
Hierbij vindt de grondige afweging plaats welke impact een overdracht naar de WLZ heeft voor het kind en opvoeder(s). Hierbij staat de kwaliteit van zorg boven het financiële aspect. Opvoeder(s) zijn eigenaar en nemen het besluit. De professional informeert en adviseert.
5.5.
Lokaal en regionaal aanbod
De ondersteuning in de niet vrij toegankelijk zorg wordt door zeven gemeenten regionaal ingekocht. Hierbij worden de vijf segmenten gehanteerd zoals beschreven onder 4.3. Het uitgangspunt van de jeugdhulpregio bij de inkoop is: lokaal wat kan, regionaal wat moet. Belangrijk bij de keuze voor een lokaal of regionaal organisatieniveau is de vraag, op welk niveau kan de transformatie ambitie het best worden gerealiseerd en kunnen eventuele risico’s het best worden beheerst? Wat dit betekent, is dat we op alle segmenten een forse invloed zien van aanbieders die regionaal of bovenregionaal opereren. Het lokale aanbod komt alleen tot uiting bij segmenten 3 en 4. Dit is passend gezien de aard van de producten: de producten in segmenten 1, 2 en 5 zijn zeer specialistisch en vereisen vaak forse investeringen om goed te kunnen uitvoeren. De aanbieders die producten in deze segmenten aanbieden zijn dan ook vrijwel zonder uitzondering regionaal opererend. Een onderscheid aanbrengen tussen regionale en lokale aanbieders op deze segmenten zou daarom ineffectief zijn. Bij segmenten 3 en 4 zien we een duidelijke tweedeling in het aanbod: enerzijds de grote aantallen cliënten bij een beperkt aantal regionale aanbieders, anderzijds een groot aantal lokale aanbieders met lage aantallen cliënten per aanbieder.
In de aanbestedingsdocumenten is beschreven om dit lokale aanbod te handhaven waar mogelijk, maar tegelijkertijd ook het totale aantal gecontracteerde aanbieders te reduceren, om gerichter op kwaliteit
‘Organisaties moeten goed samenwerken om mij goed te kunnen helpen’. - Fleur, 17 jaar
Regionale uitvoering Jeugdhulpregio Noord-Veluwe
15
te kunnen sturen. De voorgestelde oplossing hiertoe is om bij segmenten 3 en 4 te werken met een regionaal perceel en een lokaal perceel. Het regionale perceel selecteert een beperkt aantal aanbieders die hele regio bedienen, en zal strengere eisen kennen dan het lokale perceel, waaronder een minimum aantal cliënten wat in 2020 behandeld dient te zijn. Het lokale perceel wordt dan qua bepalingen ingericht zodat datgene wat het lokale aanbod van meerwaarde maakt voor de regiogemeenten expliciet naar voren komt.
Tot slot wordt er voor jeugdbescherming en jeugdreclassering bovenregionaal samengewerkt. De Gelderse verbeteragenda Jeugdbescherming is daarvan een actueel voorbeeld. Bovenregionale samenwerking vindt plaats met de andere Gelderse jeugdhulpregio’s (G7). Dit gaat om de hoog specialistische zorgvormen, die weinig voorkomen, zeer duur zijn en/of altijd beschikbaar moeten zijn. Denk aan de crisishulpverlening en de jeugdbescherming en –reclassering. Deze bovenregionale samenwerking heeft de vorm van onderlinge afstemming ten aanzien van beleid, beschikbaarheid en continuïteit.
6. Lokale toegang
In de jeugdhulpregio Noord-Veluwe is de lokale toegang een belangrijk onderdeel. We willen dat de toegang zichtbaar en toegankelijk is. Kinderen, jeugdigen, opvoeder(s) en netwerkpartners moeten de toegang kunnen vinden voor consultatie en advies. Ook is het de plek waar de verwijzing naar het voorliggende veld of de niet vrij toegankelijke jeugdhulp plaats vindt. In de regio bestaat de toegang uit de lokale toegangsteams en de huisartsen. In de gemeente Elburg, Ermelo, Harderwijk, Nunspeet en Oldebroek zijn dat de Centra voor Jeugd en Gezin. De gemeente Putten en Zeewolde kennen een eigen (gemeentelijk) toegangsteam. Vanuit de toegang is de inzet van de eigen mogelijkheden en het sociale netwerk het uitgangspunt. Vanuit een gelijkwaardige positie wordt gekeken wat jeugdigen, opvoeder(s) en het netwerk zelf kunnen doen. Daar waar nodig wordt de inzet van eigen mogelijkheden door de toegang gestimuleerd. Om te komen tot een passend aanbod van hulp, waarbij de insteek is “in een keer goed”, is het belangrijk om te begrijpen waarom de jeugdige en zijn opvoeders een hulpvraag op dit moment stellen. De toegang brengt met de jeugdige en opvoeders in beeld wat de oorzaak van de vraag of het probleem is, welke factoren van invloed zijn op het ontstaan én het voortbestaan van de klachten of het probleem.
Zo voorkomen we dat we alleen naar de symptomen, het gedrag, kijken zonder te begrijpen waarom dit gedrag er nu is. Jeugdprofessionals, jeugdige en opvoeders komen vervolgens tot een samenhangende redenatie die inzichtelijk en begrijpelijk maakt waarom de vraag en de problemen er op dit moment zijn. Op grond van de redenatie formuleren
16
toegang, jeugdige en opvoeders samen doelen. Deze doelen zijn de basis voor de begeleiding of behandeling. Vervolgens maken zij samen, op grond van de richtlijnen voor de regionale jeugdhulp, een keuze voor de meest passende interventie. Dit is de inzet van de expertise van de toegang of een verwijzing voor een aanbieder. Daar waar dat kan ligt de regie bij de jeugdige en opvoeders. Als het nodig is ondersteunt de toegang de jeugdige en opvoeders bij het maken van een keus voor de meest passende aanbieder uit het aanbod van gecontracteerde aanbieders. De aanbieder vult de zorg inhoudelijk in binnen de kwaliteitskaders en op basis van de opgestelde doelen in de beschikking of het verleningsbesluit. De toegang houdt regie op het proces. Eigen kracht, gezamenlijke verantwoordelijkheid van jeugdige en opvoeders, toegang en aanbieder, veiligheid voorop, normaliseren van opgroeien en opvoeden en een familiegroepsplan/ Toekomstof Perspectiefplan (met in geval van onveiligheid daaraan verbonden een veiligheidsplan) staan als uitgangspunten centraal.
Regionale uitvoering Jeugdhulpregio Noord-Veluwe
17
6.1.
‘Verdoven met medicatie lost het probleem niet op, ga opzoek naar de oorzaak’. - Joyce, 18 jaar
Toegangsmanagement
Het uitgangspunt is dat de jeugdige en opvoeder(s) de regie hebben. In het geval dat er sprake is van een gerechtelijke machtiging kan dit ook een medewerker van een gecertificeerde instelling zijn. De toegang denkt en kijkt nadrukkelijk mee of jeugdhulp binnen het segment nog passend en noodzakelijk is. Wanneer het afschalen naar zorg uit een ander segment of een voorliggende voorziening mogelijk is wordt dat toegepast. Eveneens als het mogelijk is de jeugdhulp te beëindigen. Het zoveel mogelijk in de thuissituatie invullen van de zorg staat daarbij centraal. Regionaal streven we naar een stevige rol van de lokale toegang vanuit de wens om meer handen en voeten te geven aan het normaliseren van opgroeien en opvoeden, direct passende en goede jeugdhulp inzetten en centrale regie op de hulp aan jeugdigen en opvoeders. Ook wanneer we hulp inzetten op basis van een van de andere wettelijke verwijzers. Aan de hand van een verklarende analyse en het familie groepsplan formuleren jeugdigen en opvoeder(s) de doelstellingen van de ondersteuning. De toegang kan daarbij ondersteunen. De toegang geeft een beschikking of verleningsbesluit voor de passende jeugdhulp af. De aanbieder vult de zorg op basis van een hulp- of ondersteuningsplan, binnen de kaders van de beschikking of het verleningsbesluit, uit binnen de kwaliteitskaders van het segment en toegewezen zorgproduct.
De aanbieder betrekt alle belanghebbenden, na afstemming met jeugdige en opvoeders, bij het voortgangsoverleg en de evaluatie.
6.2. Huidige taken en werkwijze toegang
In het schema Verwijzers staat hoe de toegang tot jeugdhulp per verwijzer verloopt. Daarnaast geven we aan welke andere rollen de toegang heeft per
18
gemeente heeft. De naam en positie van de lokale toegang verschilt. De werkwijze per gemeente is op hoofdlijnen gelijk. Bij een aantal gemeenten heeft of krijgt de toegang ook een rol bij het bieden
van bepaalde ambulante vormen van jeugdhulp. In de inkoopdocumenten geven we aan welke gemeenten bepaalde zorgproducten wel of niet inkopen.
Schema 1: Verwijzers Route bij verwijzer Gecertificeerde Instelling (GI)
Route bij verwijzer Huisarts
Route bij verwijzer medisch specialist (MS)
Route bij verwijzer toegang
1. GI geeft bepaling jeugdhulp af
1. Huisarts verwijst jeugdige en opvoeders naar lokale toegang a. Lokale toegang beslist met jeugdige/ opvoeders over inzet zorg b. Meerinzicht/ backoffice geeft beschikking af c. Berichtenverkeer start
1. MS geeft indicatie af
1. Toegang stelt inzet hulp af
2. Opvoeders/ jeugdige gaan naar aanbieder
2. Opvoeders ontvangen verleningsbesluit/ beschikking
2. Bepaling naar Meerinzicht/ backoffice 3. Berichtenverkeer start
2. Huisarts geeft verwijzing af a. Opvoeders/ jeugdige gaan naar een aanbieder b. Aanbieder stuurt bericht naar Meerinzicht/ backoffice c. Berichtenverkeer start
Schema 2: Organisatie toegang
3. Aanbieder stuurt bericht naar Meerinzicht/ backoffice 4. Berichtenverkeer start
3. Zorgaanbieder ontvangt beschikking 4. Berichtenverkeer start
Wat is de rol van de toegang
Hoe is de toegang georganiseerd Welke taken zijn bij de toegang belegd Centrum voor Jeugd en Gezien Toegang Jeugd bij MIZ (Zeewolde) Jeugdconsulenten bij de gemeente (Putten)
• • • • • • •
Vraag verhelderen/verklarende analyse maken (in sommige gemeenten nog in ontwikkeling) Veiligheidsbeoordeling (en indien nodig veiligheidsplan) Besluit over inzet hulp Preventie Versterken eigen regie/ eigen netwerk Regie op hulp Lichte ambulante ondersteuning (basis GGZ en ambulante jeugd en opvoedhulp, invulling verschilt per gemeente)
Regionale uitvoering Jeugdhulpregio Noord-Veluwe
19
6.3.
Basisfuncties
In de organisatie van de lokale toegang bij de gemeenten in de jeugdhulpregio Noord-Veluwe zijn de Basisfuncties belangrijke uitgangspunten waaruit wordt gewerkt. • Veilige leefomgeving De lokale toegang maakt gebruik van een signaleringsinstrument of methodiek om de veiligheid van een jeugdige te checken. Essentieel daarbij is dat zij bij vermoedens van onveiligheid altijd het gesprek met de jeugdige en opvoeders voeren. Ook wordt het netwerk ingezet waar dat mogelijk en wenselijk is om de risico’s op onveiligheid te verkleinen. Eventueel door het organiseren van een ‘eigen kracht conferentie’. Ook worden de stappen van de meldcode huiselijk geweld gevolgd en vindt er afstemming plaats met Veilig Thuis. In geval van onveiligheid wordt een veiligheidsplan opgesteld, als onderdeel van het familiegroepsplan. Op basis van observatie en gesprekken bepalen toegangsteams in hoeverre een gebrek aan veiligheid stappen richting een interventie of melding nodig maken. Ook dit bespreekt de toegang met de jeugdige en opvoeders. Een vaste toegangsmedewerker blijft bij de jeugdige en opvoeders betrokken en monitort wanneer de situatie weer terug naar normaal kan en zorgt voor de noodzakelijke ondersteuning wanneer dit een voorwaarde voor het herstel is.
Als er twijfels over de veiligheid blijven zet de toegang (vaak in samenwerking met Veilig Thuis), met betrokkenheid van jeugdige en opvoeders de Jeugdbeschermingstafel in. • Tijdig signaleren van de vraag & Vindbare en toegankelijke hulp De toegang opereert vanuit laagdrempelige voorzieningen in de gemeente. Laagdrempelig wil zeggen: Toegankelijk, goed bereikbaar en beschikbaar voor jeugdigen en
20
opvoeders. Zij werken samen met het lokale veld zoals het onderwijs, de kinderopvang, het welzijnswerk en andere partijen. Ook nemen zij deel aan het lokaal netwerkoverleg over jeugd en opvoeders. Hierdoor kan de toegang snel reageren op vragen op individueel niveau en signalen op lokaal niveau. De netwerksamenwerking is ook belangrijk omdat het regionale uitgangspunt is dat opvoeders zelf een vraag aan de toegang stelt. Netwerkpartijen die de jeugdige en opvoeders goed kennen zijn een belangrijke signalerende partij en intermediair tussen opvoeders en toegang. • Handelen met een brede blik De toegang werkt met een ‘verklarende analyse’ waardoor er met de jeugdige en opvoeders besproken wordt waarom zij een bepaalde vraag op dit moment stellen. Via de verklarende analyse wordt de oorzaak van de vraag in beeld gebracht. Evenals de factoren die van invloed zijn op het ontstaan én op het voortbestaan van de klachten of het probleem. Op grond hiervan formuleert de toegang samen met jeugdige en opvoeders doelen. Deze doelen zijn de basis voor de begeleiding of behandeling. Vervolgens maken zij samen, op grond van de richtlijnen voor de regionale jeugdhulp, een keuze voor de meest passende interventie. De jeugdige en ouder(s) houden regie. De toegang blijft meekijken, ook als een zorgaanbieder hulp verleent.
Als het nodig is, stuurt de toegang op het aanpassen van de hulp aan de situatie en vraag van jeugdige en opvoeders. Deze ‘actieve regie’ is een speerpunt in het regionale beleid. • Leren en verbeteren In 2021 stellen we een ontwikkelagenda op voor het leren en verbeteren in regioverband. Mede aan de hand van de aanbesteding jeugdhulp 2022 is het van belang om als lokale
toegangsteams in verbinding met de partners uit het voorliggende veld en de niet vrij toegankelijke jeugdhulp tot een goede afstemming te komen over passende jeugdhulp. Inzet van de ‘verklarende analyse’ is daarbij één van de uitgangspunten.
6.4. Toegang en het regionaal Expertteam In de jeugdhulpregio Noord-Veluw is per 1 september 2020 de Regionale Kenniswerkplaats Jeugd-Noord Veluwe van start gegaan. Binnen de regionale kenniswerkplaats Jeugd werken ouders, jeugdigen, gemeenten, de samenwerkingsverbanden onderwijs, Wageningen Universiteit, Viaa Hogeschool en de lokale toegangsteams samen op het gebied van gezond en veilig opgroeien. Kennis en ervaringen vanuit de praktijk worden door de organisaties met elkaar gedeeld. Hierdoor is het mogelijk om van elkaar te leren en te transformeren.
6.5. Toegang en de veiligheidspartners De lokale toegangsteams en de huisartsen zijn in de jeugdhulpregio Noord-Veluwe onderdeel van een breed veiligheidsnetwerk. De regio wil in samenwerking met alle partners ervoor zorgen dat kinderen en jeugdigen op een gezonde en veilige manier kunnen opgroeien. Veiligheid voorop is één van de leidende principes en een voortdurend aandachtspunt in de keten. Zo ook bij de toegangsteam en de netwerkpartners. Naast de overlegstructuren, het gebruik van de meldcode, samenwerkingsafspraken tussen Veilig Thuis en lokale teams en andere instrumenten is de samenwerking ook duidelijke zichtbaar in het project ‘Versterken Lokale Teams’. Het project wordt uitgevoerd vanuit de aanpak huiselijk geweld èn vanuit de Gelderse Verbeteragenda jeugdbescherming en
kent een drietal doelen: •
•
•
Lokale teams voldoen aan het Kwaliteitskader werken aan veiligheid voor lokale (wijk)teams en gemeenten. Uitwerking bouwsteen 2 Gelderse verbeteragenda: elkaar kennen en gezamenlijke leerbijeenkomsten. Uitrol van de visie ‘gefaseerde ketenzorg’ die primair gericht is op Lokale teams (18-/18+), de gecertificeerde instellingen, Raad voor de Kinderbescherming en Veilig Thuis.
Bij dit project zit ook de fase van deskundigheidsbevordering en training. Coaching on the job en via lokale/ regionale themabijeenkomsten zijn daar concrete voorbeelden van. Het project is tevens een opmaat naar de uitwerking van het landelijk Toekomstscenario jeugd en gezinsbescherming, waarbij zal worden toegewerkt naar een regionale veiligheidsteam 0-100 (bestaande uit medewerkers van in elk geval GI’s, Raad voor de Kinderbescherming en Veilig Thuis) dat nauw aansluit op de lokale toegangen.
Regionale uitvoering Jeugdhulpregio Noord-Veluwe
21
7. Governance Op zowel bestuurlijk, beleidsmatig als op het niveau van uitvoering is er in de jeugdhulpregio een intensieve samenwerking. De gemeenten erkennen dat zij op lokale schaal niet zelf effectief kunnen voorzien in alle vormen van jeugdhulp die gevraagd wordt door de inwoners. Daarbij wordt de samenwerking gezien als het versterken en verbeteren van het aanbod. De gemeenten in de jeugdhulpregio Noord-Veluwe willen elkaar vasthouden en werken vanuit een regionale netwerkorganisatie. De visie op jeugdhulp en de uitvoering krijgen vorm onder verantwoordelijkheid van de deelnemende gemeenten. In de onderstaande paragrafen leggen we de verantwoordelijkheden uit van de verschillende organen en hoe zij zich tot elkaar verhouden.
7.1. Gemeenteraad en College B&W De gemeenteraad is het hoogste orgaan. De gemeenteraad stelt de kaders en bewaakt zowel de menselijke maat als de democratische kwaliteit. Voor onderwerpen of doelen die lokaal niet gerealiseerd kunnen worden, wordt in het bestuurlijk netwerk van de jeugdhulpregio de krachten gebundeld. Daar krijgt regionale samenwerking glans. Besluitvorming blijft een lokale aangelegenheid van de zeven colleges.
7.2. Jeugdhulpregio en bestuurlijk aanspreekpunt De bestuurlijke afstemming vindt plaats tussen de portefeuillehouders jeugd van de verschillende gemeenten. Met één keer in de zes weken is er een vaste frequentie waarop de bestuurders bij elkaar komen en actuele onderwerpen op regionaal niveau bespreken. De besluitvorming vindt in de lokale colleges en gemeenteraden plaats.
7.3.
Netwerkorganisatie
Het bewaken van de doelrealisatie en de menselijke maat doen we met
22
zeven bestuurders samen. Binnen het netwerk van zeven gemeenten zijn onderling samenwerkafspraken gemaakt hoe om te gaan met het mandaat. In de jeugdhulpregio NoordVeluwe werken we met de constructie van gastheergemeenten. Voor de doelrealisatie jeugdhulp zijn dat de gemeenten Harderwijk en Oldebroek. Binnen de regio zijn zij het aanspreekpunt. Buiten de regio werken we per 1 januari 2022 met één bestuurlijk aanspreekpunt. Dat is tot de nieuwe colleges gevormd zijn. Elke deelnemende gemeente levert denkkracht, kennis en vaardigheden die nodig zijn voor het opstellen, evalueren en bijsturen van beleidskeuzes. Op die manier zijn we minder kwetsbaar voor personele wisselingen of uitval. Managers van de zeven gemeenten stellen daartoe eens per jaar een programmacontract op. Er zijn ambtelijk duidelijke afspraken voor tijdige escalatie om vertraging te voorkomen. Zo worden er regionaal projecten uitgevoerd, zijn er regionale werkgroepen en kent de jeugdhulpregio een regionaal beleidsoverleg. De regionale samenwerking wordt gecoördineerd door een gezamenlijk aangestelde programmamanager.
7.4. Inkoop, contractmanagement en monitoring De gemeenten hebben in de afgelopen jaren gezamenlijk de jeugdhulp ingekocht. Het betreft de jeugdhulp in de niet vrij toegankelijke jeugdhulp. De
Regionale uitvoering Jeugdhulpregio Noord-Veluwe
23
gemeente Zeewolde participeert daarin voor de ambulante jeugdhulp. Ook voor de komende jaren wordt de jeugdhulp door de jeugdhulpregio gezamenlijk ingekocht. De contracten worden ondertekend door gemeente Oldebroek.
de gemeenten Ermelo, Harderwijk en Zeewolde. Hierdoor is er voor de aanbieders één aanspreekpunt georganiseerd en worden verschillende wijze van facturatie en een verhoogde administratielast voorkomen.
Het contractmanagement wordt namens zes gemeenten uitgevoerd door één organisatie; ‘Meerinzicht’ en is er een nauwe samenwerking met het contractmanagement van de gemeente Putten. Meerinzicht is een Gemeenschappelijke Regeling van
Op basis van het ingekochte aanbod is een dashboard ingericht. Hierdoor is het monitoren van gegevens (aantallen en financiën) op zowel lokaal als regionaal niveau mogelijk.
8. Sturing & bekostiging
De gemeenten in de regio staan, zes jaar na decentralisatie, nog dagelijks voor de uitdaging om passende zorg binnen financiële kaders te realiseren. Een netwerk van gezamenlijke doelen en inspanningen geeft inzicht in waar we samen op inzetten.
8.1.
Parapluteam
Een team met deskundigen en mandaat vanuit uitvoering, bedrijfsvoering en beleid (gelijkwaardige driehoek) monitort deze doelen, zowel op inhoud als financieel. Zij rapporteert aan gemeenten over het behalen of moeten bijsturen van deze doelen. Op die manier houden we vinger aan de pols en signaleren we tijdig risico’s die doelrealisatie kunnen belemmeren. Dit team werkt in opdracht van het bestuurlijk aanspreekpunt binnen de regio, Harderwijk en Oldebroek. Mogelijke fricties in samenwerking kunnen worden gemeld in dit team. Zij zoekt samen naar een oplossing. Komt zij daar niet uit, dan wordt de escalatieladder bewandeld: procesregisseur, manager, bestuurder. Op die manier sturen we op kwaliteit, toegankelijkheid en geld.
8.2.
Inkoop
De gemeenten kopen de niet vrij toegankelijk zorg gezamenlijk in. De gemeente Zeewolde participeert bij de inkoop van de ambulante jeugdhulp. Ruim voorafgaand aan de aanbesteding communiceert de regio via de bekende aanbestedingskanalen de start van een inkooptraject de beoogde planning daarvan, inclusief start (publicatie) en afronding (gunning) van de contractering. Hierbij houdt de regio de volgende richtlijnen aan:
24
•
•
Start contractering: Uiterlijk 9 maanden voor ingangsdatum nieuwe overeenkomst Afronding contractering: Uiterlijk 3 maanden voor ingangsdatum nieuwe overeenkomst
Alleen bij zwaarwegende redenen kan hiervan worden afgeweken, in welk geval dit zo vroeg mogelijk met aanbieders gecommuniceerd wordt. Ook bij afwijking dienen alle termijnen ruim afdoende te zijn voor een gezonde contractering. De regio sluit contracten af met een looptijd van tenminste drie jaren, zodat aanbieders zekerheid krijgen, partnerschap in samenwerking met de regio kunnen vormgeven en voldoende tijd hebben om investeringen terug te verdienen. Bij aflopende contracten wordt de continuïteit van zorg geborgd door geen onnodige overdracht van hulpverlening te vragen. Lopende indicaties vanuit een voorgaande overeenkomst worden niet voortijdig beëindigd, en lopen door tot de natuurlijke afloop van de indicatie. Pas bij afloop van de indicatie vindt eventuele overdracht plaats naar andere aanbieders waar nodig.
Regionale uitvoering Jeugdhulpregio Noord-Veluwe
25
8.3.
9. Regionaal en bovenregionaal
Bekostigingsmodel
De regio beschrijft per in te kopen product op heldere wijze welke uitvoeringsvariant toegepast wordt en op welke wijze dit verrekend wordt, zoals middels een uurtarief, trajectfinanciering, etc. Binnen de contractering is er zoveel mogelijk samenhang tussen de uitvoering van de verschillende producten. Toepassing van afwijkende uitvoeringsvarianten gebeurt alleen als dat uitlegbaar leidt tot meer kwaliteit en/of efficiëntere afspraken, lagere lasten.
Naast de regionale samenwerking werkt de jeugdhulpregio Noord-Veluwe op bovenregionaal niveau samen met de Gelderse gemeenten. In Gelders verband werken we aan duurzame en veilige oplossingen voor zeer kwetsbare kinderen en gezinnen, dit is aanvullend op de lokale- en regionale oplossingen. Dit doen we bijvoorbeeld door regiooverstijgend uitvoering te geven aan de Gelderse Verbeteragenda, Jeugdzorg Plus, en de actieprogramma’s Scheiden zonder Schade en Geweld hoort nergens thuis. We bieden de juiste hulp, op tijd en op de juiste plek. Zo lang als nodig. We streven naar het voorkomen gedwongen afzonderingen, suïcides, gesloten plaatsingen en doorplaatsingen. Het vertrekpunt ligt bij de inhoud, wat is er nodig om veilig en zo thuis mogelijk op te kunnen groeien.
De regio onderschrijft het belang van het hanteren van reële tarieven voor de in te kopen jeugdhulp. Bij wijziging van een productdefinitie of formulering van nieuwe productdefinities voert de regio gedegen kostprijsonderzoek uit om tot reële tarieven te komen, waarbij aanbieders uit de regio geconsulteerd worden. De regiogemeenten werken samen voor de contractering en hanteren daarbij gezamenlijke voorwaarden voor de contractering, waaronder minimumeisen en algemene voorwaarden. Het contractbeheer wordt centraal uitgevoerd zodat administratieve lasten voor o.a. het berichtenverkeer en de jaarlijkse verantwoording zoveel mogelijk beperkt worden.
9.1. Verhouding regionaal – bovenregionaal De Gelders Jeugdhulpregio’s hebben in 2017 afgesproken dat de regio het belangrijkste geografische niveau is voor de inkoop van jeugdhulp en dat de regio’s elkaar bestuurlijk opzoeken waar het noodzakelijk is en het meerwaarde heeft. De volgende uitgangspunten worden gehanteerd in de werkwijze van de G7:
8.4. Contractmanagement en wachtlijsten
Voor het contractbeheer en -management wordt zoveel mogelijk samengewerkt en gehandeld vanuit een centraal aanspreekpunt, zodat de hieraan gerelateerde lasten voor aanbieders beperkt worden. Afstemming met aanbieders over wachtlijstbeheer vindt op regionaal niveau plaats. Daarbij stelt de regio in de inkoopvoorwaarden algemene criteria op voor de reductie van wachttijden. Daarbij heeft het contractmanagement een belangrijk positie in de stimulans van aanbieders om de transformatie van de jeugdhulp te realiseren.
26
‘Bij het organiseren van hulpverlening is de hulpverlener belangrijk. Contact en vertrouwen werken het best’. - Sophie, 18 jaar
A. We werken inhoudelijk samen als we een gezamenlijk belang hebben dat niet afzonderlijk te organiseren is (noodzakelijk) en we samen sterker staan (meerwaarde). Concreet gaat het om het borgen van de beschikbaarheid, kwaliteit, betaalbaarheid (schaalvoordelen) en transformatie van hoog specialistische zorg. Het gaat om maatwerkoplossingen en nieuwe vormen van jeugdhulp waar de regio’s zelf te weinig volume hebben om krachtig te sturen op de noodzakelijke vernieuwing.
B. De bovenregionale jeugdhulp wordt in de regio gecontracteerd. Regio’s in Gelderland kunnen wel uniforme contractafspraken maken zodat er voor aanbieders minder overhead nodig is voor inkoop en administratie. Daarnaast kunnen tariefafspraken gemaakt worden om te zorgen dat iedereen een fair tarief betaalt en free-riding wordt voorkomen. Het inkopen van hoog specialistische voorzieningen vergt (schaarse) expertise bij de gemeenten, er zijn schaalvoordelen en kennisvoordelen als we dit gezamenlijk op pakken. C. We werken modulair samen dus per vraagstuk vragen we commitment en vormen we een passende organisatie (project of netwerk of set afspraken). Regiovertegenwoordigers halen mandaat op in de regio voor de inhoud en de kosten. D. We komen bestuurlijk bijeen als de situatie daarom vraagt. De procesbewaking is belegd bij het G7 ambtelijk overleg. E. We delen in de kosten van de benodigde extra capaciteit om projecten te realiseren. Daarnaast leveren regio’s en gemeenten in natura vertegenwoordigers en projectdeelnemers die met een actiegerichte en verbindende aanpak hun bijdrage leveren. We vormen een bovenregionale netwerkorganisatie met een lichte basisorganisatie in de vorm van een parttime coördinator.
9.2.
Accounthoudende regio
Bijzonder aan Gelderland is de grote aanwezigheid van voorzieningen met een landelijke functie. Dit schept een grotere verantwoordelijkheid dan de eigen Gelderse populatie. De gemeenten waar de voorzieningen gehuisvest zijn hebben ook meerdere belangen dan alleen jeugdhulpbelangen. Het vergt zorgvuldige afstemming om deze voorzieningen te
Regionale uitvoering Jeugdhulpregio Noord-Veluwe
27
transformeren. De gemeente Ermelo is accounthouder voor de jeugdhulpregio Noord-Veluwe.
9.3. Bovenregionale samenwerking De resultaten van de bovenregionale inspanningen borgen we zoveel mogelijk bij de zeven jeugdregio’s in de netwerkorganisatie. Echter we zetten ook resultaten neer die op bovenregionaal niveau geborgd moeten worden. • Beschikbaarheid High Intensive Care plekken: dit is een klinische Jeugd-GGZ voorziening met bedden. De Gelderse jeugdregio’s hebben afspraken gemaakt over de solidaire bekostiging van deze bedden zodat de beschikbaarheid gegarandeerd is voor de kinderen. • Spoed Eisende Zorg: Er is een team Spoedeisende Zorg (SEZ) van Jeugdbescherming Gelderland die direct (binnen 3 uur) intervenieert in een crisissituatie bij een jeugdige (en zijn of haar gezin). Ook hier is de beschikbaarheid nu gegarandeerd. Trekker is de jeugdregio Achterhoek. • Gelderse Verbeteragenda Jeugdbescherming: onder jeugdbescherming wordt formeel verstaan het uitvoeren van kinderbeschermingsmaatregelen zoals toezicht, voogdij of uithuisplaatsing en jeugdreclassering. De verbeteragenda is een gezamenlijk project waar afspraken gemaakt gaan worden over uniformering in de inkoop van de functies jeugdbescherming /jeugdreclassering. De ambitie van de regio’s is dan om te komen tot uniforme contractering bij de vier Gelderse gecertificeerde instellingen: eenduidige productcodes, eenduidige tarieven en eenduidig contractmanagement.
Er is een directe relatie met de uitwerking van het landelijk Toekomstscenario jeugd en gezinsbescherming. Trekker van de
28
verbeteragenda is de regio Centraal Gelderland als accounthoudende regio voor de Jeugdbescherming Gelderland. • BOEG (Bovenregionaal Expertisenetwerk Jeugdhulp in Gelderland) is een netwerkorganisatie die aangestuurd wordt door een stuurgroep namens de 7 Gelderse Jeugdhulpregio’s. Formeel valt BOEG onder de gemeente Nijmegen, die als coördinerende gemeente in Gelderland door VWS is aangewezen om een bovenregionaal netwerk voor jeugdhulp te ontwikkelen en vorm te geven. BOEG heeft een netwerk van superspecialisten om de regionale expertteams te ondersteunen, organiseert hulp bij vastgelopen casussen, en voorzieningen die de hiaten in het zorglandschap oplossen. Daarnaast faciliteert ze de kennisontwikkeling. • Afbouw JeugdzorgPlus: Jeugdzorgplus is een vorm van gesloten jeugdhulp die wordt geboden aan kinderen en jeugdigen die niet bereikbaar zijn voor lichtere vormen van hulpverlening. Zonder behandeling vormen zij een risico voor zichzelf of hun omgeving. Een verzoek tot Jeugdzorgplus kan worden ingediend door een gemeente, de Raad voor de Kinderbescherming, een gecertificeerde instelling of de Officier van Justitie. De kinderrechter beslist of een jeugdige Jeugdzorgplus nodig heeft.
De Gelderse regio’s willen in gezamenlijkheid kijken naar hoe JeugdzorgPlus anders kan worden georganiseerd: kleinschaliger (geen leefgroepen maar gezinshuizen) en dichterbij (meer nabij in de regio). De vastgoedtransitie is een verdere aanleiding om tot een bovenregionaal afgestemd inhoudelijke visie op JeugdzorgPlus te komen, met een bijpassend plan. We willen voorkomen dat de afbouw per JeugdzorgPlus instelling op zichzelf staande projectjes worden en er te scherp
wordt afgebouwd, onder een telkens verschillend regime. Trekker is regio Midden-IJssel/ Oost-Veluwe, die nauw samenwerkt met Ermelo en Arnhem als accounthoudende gemeenten van respectievelijk ’S Heeren Loo en VIGO. 1 oktober 2021 moet er een strategisch vastgoedplan liggen dat is afgestemd tussen aanbieders en gemeente. • Scheiden zonder schade/ uniforme verwijzing rechtbank naar hulpaanbod gemeenten: Er is een pilot gestart Uniforme verwijzing van de Rechtbank naar hulpaanbod scheidingsinterventies in Gelderland (UHA Gelderland). Doel is een jeugdige
zo snel mogelijk de meest passende hulp te bieden, als zijn opvoeder(s) scheiden en hij daardoor in zijn ontwikkeling wordt bedreigd. • Nog te starten project: Inventarisatie essentiële voorzieningen (o.a. maatwerk drie-milieus voorzieningen, laagdrempelige consultatie in het voorveld, goede aansluiting met veiligheidsketen) om te kijken wat nodig is om de beschikbaarheid en transformatie van deze jeugdhulp te kunnen garanderen voor de Gelderse jeugd in navolging van het Project Afbouw JeugdzorgPlus.
Regionale uitvoering Jeugdhulpregio Noord-Veluwe
29
Regionale uitvoering Jeugdhulpregio Noord-Veluwe