Bijlage 2: Rapportage terug en vooruitblik BWMO Noord-Veluwe 2022
Tekst van het document
TUSSENRAPPORTAGE
Samen thuis op de Noord-Veluwe
Terug- en vooruitblik naar aanleiding van het regio- en beleidsplan - Beschermd wonen en maatschappelijke opvang - Noord-Veluwe 2020-2023 Datum: 29 september 2022
1/17
Inhoudsopgave 1
Inleiding
3
1.1
Aanleiding
3
1.2
Leeswijzer
3
2
Terugblik 2020 - 2022
4
2.1
Ambitie 1 - Nieuwe verhouding aanbod- en vraaggerichte antwoorden
4
2.2
Ambitie 2 - Meer preventie en vroegsignalering
5
2.3
Ambitie 3 - Passende woonplekken creëren
5
2.4
Ambitie 4 - Kwaliteit en continuiteit van de ondersteuning garanderen
6
2.5
Ambitie 5 - Transformatie van het aanbod tot stand brengen
7
2.6
Ambitie 6 - Inzet van ervaringsdeskundigen stimuleren
8
2.7
Ambitie 7 - Samenwerking en verbinding verankeren
8
3
Lopende en nieuwe ontwikkelingen
10
3.1
Inleiding
10
3.2
Zorg en veiligheid
10
3.3
Beschermd Thuis
10
3.4
Zo gewoon mogelijk
10
3.5
Middelengebruik en verslaving
10
3.6
Herstelgericht werken
10
3.7
Krapte op de arbeidsmarkt
11
3.8
Doordecentralisatie Beschermd Wonen
11
4
Conclusies en vervolg
12
4.1
Inleiding
12
4.2
Continuering van beleid
12
4.3
Continuering van samenwerking gemeenten Noord-Veluwe
12
Bijlage 1 – Documentatie- en begrippenlijst
13
Bijlage 2 – De keten-veranderagenda
17
2/17
1 Inleiding Voor u ligt een rapport met een tussentijdse stand van zaken van het regio- en beleidsplan ‘Samen thuis op de Noord-Veluwe 2020-2023’. Deze rapportage is een uiteenzetting waarin wordt terug- en vooruitgeblikt op de gestelde ambities binnen het beleidsterrein beschermd wonen (BW) en maatschappelijke opvang (MO). 1.1 Aanleiding In het voorjaar van 2020 is in alle Noord-Veluwse gemeenten (Elburg, Ermelo, Harderwijk, Nunspeet, Oldebroek en Putten het regio- en beleidsplan beschermd wonen en maatschappelijke opvang ‘Samen thuis op de Noord-Veluwe 2020-2023’ vastgesteld. Een plan dat tot stand is gekomen met onze maatschappelijke- en ketenpartners. Twee jaar na deze vaststelling brengen we de stand van zaken van de gestelde ambities in het plan in beeld. Dit doen we door zelf in kaart te brengen wat de resultaten en aandachtspunten tot nu toe zijn en via een enquête onze partners te bevragen hoe zij vinden dat het met de ambities staat. Ook staan we stil bij nieuwe ontwikkelingen in de afgelopen twee jaren. Deze periode heeft doen inzien hoe moeilijk het is om meerjarig vooruit te kijken. De coronacrisis is bijvoorbeeld een gebeurtenis die ook gevolgen heeft gehad voor onze BW/MO-regio. Het heeft een aantal ontwikkelingen vertraagd, maar ook versneld.
Bovenal heeft het veel gevraagd van alle cliënten, medewerkers en organisaties die zich dagelijks inzetten voor onze inwoners. Het doel van deze korte rapportage is om in samenhang met alle betrokkenen verder te gaan op de ingeslagen weg en de koers bij te stellen waar nodig. Deze rapportage geeft overzicht en richting en is bovenal een document dat het gezamenlijke gesprek voedt. Tevens biedt het informatie aan gemeenteraden over ambities, ontwikkelingen, successen en knelpunten. 1.2 Leeswijzer We beginnen dit rapport met een terugblik vanaf 2020 tot nu. Dit leest u in hoofdstuk 2. Vervolgens besteden we in hoofdstuk 3 aandacht aan lopende en nieuwe ontwikkelingen binnen het beleidsterrein BW/MO. In het laatste hoofdstuk schrijven we onze conclusies en het vervolg op. In bijlage 1 vindt u een lijst met beschikbare documentatie en een begrippenlijst.
3/17
2 Terugblik 2020 - 2022 In dit hoofdstuk beschrijven we beknopt welke ambities zijn opgenomen in het regio- en beleidsplan ‘Samen thuis op de Noord-Veluwe 2020-2023’. En schetsen we een huidige stand van zaken. Daarbij maken we gebruik van de resultaten uit de enquête welke door 62 betrokkenen uit onze regio (onder andere uitvoerende medewerkers, managers, beleidsadviseurs van verschillende zorgaanbieders, woningcorporatie en gemeenten) is ingevuld. Het doel van dit overzicht is niet om compleet te zijn, maar om een beeld te geven van wat er in de afgelopen jaren gebeurd is. 2.1 Ambitie 1 - Nieuwe verhouding aanbod- en vraaggerichte antwoorden Met deze ambitie wilden we: Dat wonen en financiën direct opgepakt dienen te worden, naast het bieden van ondersteuning; Dat we gemakkelijker tijdelijke of complexe ondersteuning kunnen inzetten, afhankelijk van wat er nodig is; Dat de cliënt zelf zoveel mogelijk aan tafel zit en regie heeft. Stand van zaken Met de openstelling van de Wet langdurige zorg (Wlz) voor GGZ zijn 130 mensen die vóór 2021 nog gebruik maakten van beschermd wonen GGZ naar de Wlz doorgestroomd. Dit betekent een grote verandering in de groep mensen die in onze regio beschermd wonen. Niet alleen is het aantal met ruim 30% afgenomen, we zien ook een verandering in aard van de problematiek.
De mensen die nu instromen hebben meer ontwikkelingsmogelijkheden om uit te kunnen stromen en hoeven daarom naar verwachting minder lang gebruik te maken van beschermd wonen. De ondersteuningsvragen zijn voor een deel veranderd en daardoor zijn andere antwoorden nodig. We proberen hier invulling aan te geven door meer trainingsgerichte ondersteuning mogelijk te maken, zoals bij de proeftuin Julianalaan. 72% van de partners ervaart het zorg- en ondersteuningsaanbod op gestelde hulpvragen als voldoende tot goed. Het inzetten van tijdelijke of complexe ondersteuning wordt onder andere via de veldtafels BW en MO gemakkelijker tot stand gebracht. Het is ons uitgangspunt om altijd met de cliënt aan tafel te zitten over wat er nodig is. 56% van de respondenten geeft aan dat dit voldoende tot goed gebeurt en 28% geeft aan dat dit soms of zelden gebeurt. Dit betekent dat we hier aandacht voor moeten blijven houden. Naast het ondersteunings-/begeleidsplan is het streven om financiële vragen, schuldenproblematiek en ook woonvragen gelijk op te pakken. Volgens de partners gebeurt dit vaak. Echter benoemen veel van de respondenten dit ook als aandachtspunt. Een van de respondenten noemt hierover het volgende: “Specifieke kennis op het gebied van bijv. woonvragen, financiële vraagstukken en verslaving ontbreekt vaak bij de professionals binnen organisaties.
Het is belangrijk dat zij goed de weg leren vinden naar professionals in het voorliggende veld die ze kunnen laten aanhaken om de cliënt hierin te ondersteunen.” We merken dat een goede match tussen enerzijds de ondersteuningsvragen en de antwoorden die we in onze regio beschikbaar hebben continue aandacht behoeft. We zien vooral dat bij verslaving, autisme of dubbel diagnose het zoeken is naar de juiste inzet of juiste volume. We zien in de afgelopen twee jaren in de regio andere antwoorden ontstaan, in de vorm van herstelgericht werken. Hierbij staan herstel, zelfregie, bewegen, antistigma en werken vanuit ervaringen centraal. Dit is niet gericht op behandeling en beter worden, maar gericht op hoe mensen meer vanuit eigen regie met een psychische kwetsbaarheid leren leven. Dit alles valt samen te vatten in de GEMbeweging (GEM: Ecosysteem Mentaal Gezondheid). Het betreft een landelijke en regionale beweging om te komen van behandelgerichte GGZ naar herstelgerichte GGZ.
4/17
2.2 Ambitie 2 - Meer preventie en vroegsignalering Met deze ambitie stelden we centraal: Extra inzet op netwerkversterking zinvolle daginvulling en sport. Om daarmee ook instroom voor jeugd/jongvolwassenen te beperken; Laagdrempelige inloopcentra in de wijk voor ontmoeting, activiteiten en steun bij dagelijkse vragen; Aandacht voor financiën bij uitstromers BW/MO om een terugval te voorkomen; Schulddienstverlening en beschermingsbewind, in samenwerking met de woningcorporaties om huisuitzettingen te voorkomen. Stand van zaken In verschillende gemeenten zijn er lokale plannen opgesteld om lokaal de sociale infrastructuur te versterken, zodat instroom in BW/MO kan worden voorkomen. Preventie en vroegsignalering zijn in deze plannen meegenomen. We zien dat er meer activiteiten ontstaan rondom de thema’s netwerkversterking, verslaving en werk/scholing. Hierbij wordt de verbinding gelegd met Ixta Noa (voorheen Praktijkhuis) Harderwijk. Een groot deel van de deelnemers van de enquête geven regiobreed de netwerkversterking (50%), zinvolle daginvulling of -besteding (56%) sport en bewegen (44%), laagdrempelige inloopcentra (41%) een voldoende tot goed. Hier is geen rekening gehouden met lokale verschillen. Op de vraag hoe men vindt dat de inzet op laagdrempelige inloopcentra in de wijk voor ontmoeting, activiteiten en steun bij dagelijkse vragen gaat, komen diverse antwoorden:
Goed 18%
19%
Matig
10% 22%
2% 7%
Voldoende Onvoldoende N.v.t.
22%
Anders Weet ik niet
Figuur 1: Ervaren inzet op laagdrempelige inloopcentra in de wijk Op dit terrein lijkt een opdracht te liggen om het preventieve veld te versterken of meer aan te laten sluiten bij de mensen met psychsociale of psychische kwetsbaarheden. Uit de antwoorden blijkt ook dat de wereld van de BW/MO en lokale preventie soms nog ver uit elkaar liggen. Op het gebied van het voorkomen van huisuitzettingen is de basis op orde en zien we dat de aanpak in veel situaties succes heeft. Tegelijkertijd zien we dat mensen die instromen in BW/MO vaak te maken hebben met financiële problemen en dat het belangrijk blijft om daar bij de instroom aandacht voor te hebben. 2.3 Ambitie 3 - Passende woonplekken creëren Met deze ambitie stelden we centraal: Voldoende zelfstandige woonruimten realiseren waar mensen met ambulante begeleiding kunnen wonen; Samenwerken met particuliere ontwikkelaars om op korte termijn woningen te bouwen; Ontkoppeling van wonen en zorg; Inzet op maatwerkwoningen; Toewerken naar beschermd thuis. Stand van zaken We zien in de afgelopen jaren dat de krapte op de woningmarkt toeneemt. Het aantal mutaties bij de woningcorporaties in onze regio is erg laag. Daarnaast zien we dat er veel aanvragen bij de urgentiecommissie in onze regio binnenkomen. Dit heeft ook gevolgen voor de inwoners die gebruik moeten maken van BW/MO.
Of voor inwoners die door de woonsituatie nog verder in de problemen
5/17
komen en daardoor dreigen uit te vallen in de samenleving. Dit komt overeen met het beeld dat de partners hebben: Veel zien allerlei opgaves die we rondom wonen hebben, maar zien ook dat door de huidige woningmarkt dat extra bemoeilijkt wordt: “De zorg organiseren we er wel om heen, maar het vinden van een woonplek is de uitdaging”. Toch zien we in de afgelopen twee jaar meerdere ontwikkelingen op dit gebied: • In elke gemeente zijn we bezig om zelfstandige woonruimte te creëren. Voorbeelden hiervan zijn de Julianalaan in Ermelo, de Drielandendreef en de Hanze in Harderwijk en de Buitenhof in Nunspeet. Op langere termijn hopen we hier meer effecten van te zien. Er wordt lokaal steeds meer samengewerkt met particuliere ontwikkelaars om toch op korte termijn woningen te realiseren. • Het product ‘Tijdelijk Wonen’ is in de afgelopen jaren verder in de regio verspreid en lijkt een oplossing te zijn om tijdelijk huisvesting te creëren voor mensen die met spoed een woning nodig hebben, met daarnaast een lichte ondersteuningsvraag. Op dit moment zien we dat deze mensen tussen een half jaar en een jaar vaak ook weer naar een andere woonplek kunnen uitstromen. • We zetten steeds meer in op ontkoppeling van wonen en zorg en de ontwikkeling naar beschermd thuis.
Met behulp van de inzet van Volledig Pakket Thuis (VPT) binnen beschermd wonen, kunnen cliënten de benodigde ondersteuning krijgen in hun eigen woning. Daarnaast wordt in 2022 geëxperimenteerd met het aanbieden van GGZ 1C indicaties. Hierbij hebben inwoners de beschikking van 24/7 bereikbaarheid tot zorg en ondersteuning en krijgen ze daarnaast nog vier uur per week ondersteuning. • Corona heeft ervoor gezorgd dat we op een andere manier zijn gaan kijken naar de beschikbare nachtopvang in Harderwijk. In 2021 is de nachtopvang omgezet naar een 24-uur opvang; de Thorbecke. • Met behulp van de transformatieversneller Wonen komen er meerdere woonprojecten tot uitvoering. Daarnaast biedt de transformatieversneller ook op individueel niveau mogelijkheden voor wonen. In de regio wordt bovendien onderzocht of we kunnen starten met een verhuurstichting. • In Harderwijk en Oldebroek is op dit moment een project gaande om maatwerkwoningen te realiseren. Het is een langdurig traject, omdat zorgvuldig inhoudelijk en ruimtelijk proces moet worden doorlopen met de samenwerkingspartijen en de buurt. 2.4 Ambitie 4 - Kwaliteit en continuiteit van de ondersteuning garanderen Met deze ambitie stelden we centraal: De gemeentelijke kaders voor de inzet van persoonsgebonden budgetten (pgb’s) op te stellen; Op- en afschalen tussen reguliere Wmo en BW/MO gemakkelijker te maken.
Stand van zaken In 2021 zijn door alle gemeenten nieuwe beleidsregels en -kaders persoonsgebonden budgetten (pgb’s) vastgesteld. Het persoonlijk budgetplan GGZ is hiervan de uitwerking. Dit plan is bedoeld voor het aanvragen, uitbreiden of verlengen van een pgb BW in de regio Noord-Veluwe. Met de nieuwe kaders blijft de inzet van pgb mogelijk voor wie dat wil, maar wel onder goede voorwaarden. Dit om de kwaliteit te borgen voor de kwetsbare inwoners die gebruik moeten maken van beschermd wonen. We zien dat de maatregelen effect hebben op het aantal pgb-plekken dat we nu nog inkopen. Het percentage pgb-plekken in onze regio is gedaald van 37% in 2019 naar 18% in 2022. Aangezien we regelmatig met de ZiN (zorg in natura)-aanbieders aan tafel zitten, hebben we beter inzicht in de kwaliteit van de geboden ondersteuning. Met behulp van kwaliteitstoetsing en trajectbewaking hebben we in beeld hoe de kwaliteit van de organisatie en van de geleverde ondersteuning op cliëntniveau is. Uit de resultaten van de enquête blijkt dat de meerderheid van de partners de kwaliteit van ondersteuning goed (48%) of voldoende (26%) vindt. Het op- en afschalen tussen reguliere Wmo en BW/MO blijft een aandachtspunt voor zowel gemeenten als de zorgorganisaties. We zien dat de beweging om zoveel mogelijk lokaal binnen de reguliere Wmo op te pakken soms nog moeilijk is.
Ook het afschalen vanuit BW/MO geeft knelpunten, zoals een overgang van aanbieder en een verminderd vangnet in de vorm van 24/7 bereikbaarheid. Het experiment met de beschikbaarheid van GGZ 1C moet helpen om deze overgang meer te gaan maken.
6/17
Uit de resultaten van de enquête blijkt dat de partners dit ook als een groot aandachtspunt (blijven) zien. Zo is er geschreven: “Het ambulante werk en BW/MO meer aan elkaar verbinden. 24-uurs diensten meer flexibel inzetten en waar mogelijk tijdig weer afschalen. Het ambulante werk versterken met flexibele logeervoorzieningen en inloop/ontmoetingsplekken voor kwetsbare mensen die in de wijk wonen. Uiteraard blijven inzetten op normalisering dus kwetsbare mensen zoveel mogelijk gebruik laten maken van bestaande voorzieningen in de wijk.” 2.5 Ambitie 5 - Transformatie van het aanbod tot stand brengen Met deze ambitie stelden we centraal: Gebruik maken van de Noord-Veluwse nachtdienst; Transformatie naar lokale preventie; Innoveren, experimenteren en nieuwe arrangementen ontwikkelen; Gebruik maken van het verander- en innovatiebudget; Extra prioriteit op de leeftijdsgroep 16-27 via het project Doorbraak en Kansrijk Wonen. Stand van zaken Een mooi voorbeeld van transformatie van het aanbod is de Noord-Veluwse nachtdienst. Deze dienst is tot stand gekomen door de nachtdiensten van meerdere organisaties samen te organiseren. De dienst is beschikbaar voor locaties voor beschermd wonen en sinds 2020 ook lokaal inzetbaar binnen de Wmo. Ook binnen het project Tijdelijk Wonen is de Noord-Veluwse nachtdienst beschikbaar gesteld.
Met behulp van de Noord-Veluwse nachtdienst is het gemakkelijker geworden om de juiste ondersteuning via lokale Wmo mogelijk te maken. Dit voorkomt instroom in beschermd wonen. Met behulp van de verschillende lokale plannen BW/MO wordt lokaal steeds meer ingezet op preventie. Preventie gericht op tijdelijk wonen, werk/scholing en lokale GGZ-expertise. Ook zien we dat er lokaal meer deskundigheid ontstaat om om te gaan met complexe problematiek. Een innovatiesubsidie is ingezet om de organisaties te ondersteunen bij verandering en innovatie. Ehealth, proeftuin Julianalaan en een pilot voor de in- en uitstroom van mensen met een autisme spectrum stoornis, zijn projecten geweest die met behulp van de innovatiesubsidie tot stand zijn gekomen. Door een verjonging van de groep mensen met beschermd wonen, zien we dat de leeftijdsgroep 16-27 jaar steeds meer prioriteit krijgt. Enerzijds om betere antwoorden te creëren voor een jongere groep mensen (meer trainingsgericht) en anderzijds door een betere afstemming te krijgen met diverse beleidsterreinen, zoals de jeugdhulp, lokale Wmo en participatie. Gezien het percentage instroom van jongvolwassenen tot 35 jaar (in BW: 73% en MO: 55% in 2021) ligt hier een grote uitdaging.
Uit de resultaten van de enquête blijkt dat sommige partners vinden dat er sprake is van transformatie binnen de maatschappelijke opvang en beschermd wonen, maar dat er tegelijkertijd nog echt een opgave ligt.
Goed 21% 31%
Voldoende Onvoldoende
3% 1% 5% 8%
26%
24%
Matig
31%
N.v.t. Anders
3% 1% 5% 10%
31%
Weet ik niet
Figuur 2 en 3: Ervaren transformatie binnen de maatschappelijke opvang (links) en binnen beschermd wonen(rechts)
7/17
Uit meerdere antwoorden van respondenten blijkt wel dat het transformeren aandacht behoeft. Zo schrijft iemand: “Ik zie wel goede wil in het hele veld t.a.v. transformatie. Maar die wil is nog niet vertaald in concrete acties en resultaten. Hebben we voldoende in beeld hoe we die transformatie willen/kunnen bewerkstelligen?” 2.6 Ambitie 6 - Inzet van ervaringsdeskundigen stimuleren Met deze ambitie stelden we centraal: De lokale inzet van ervaringsdeskundigen te stimuleren (eventueel gekoppeld aan het Praktijkhuis Harderwijk/Ixta Noa Harderwijk). Stand van zaken Regionaal is ervaringsdeskundigheid organisatieoverstijgend in te zetten via Ixta Noa Harderwijk. Dit heeft zich in de afgelopen jaren verder ontwikkeld. De doorontwikkeling naar de lokale gemeenten is op dit moment aan de gang. De inzet van ervaringsdeskundigen is lokaal nog verschillend. Waar de een het structureel heeft geborgd, zijn andere gemeenten nog zoekende naar een goede inzet. De coronacrisis heeft bijvoorbeeld in de gemeenten Elburg en Oldebroek gezorgd voor het tijdelijk stopzetten van de inzet van een ervaringsdeskundige. Uit de resultaten van de enquête blijkt dat de inzet van ervaringsdeskundigen verder gestimuleerd mag worden. Zo wordt er aangegeven dat de inzet die er is goed (23%) of voldoende (23%) is, maar het aan (zicht op) inzet ontbreekt. Ook is scholing een belangrijk aandachtspunt.
Een van de respondenten noemt het volgende: “Met de komst van o.a. Praktijkhuis heeft het thema ervaringsdeskundigheid echt een positie gekregen op de Noord-Veluwe. Het is nu zaak deze positie te versterken en uit te breiden.” 2.7 Ambitie 7 - Samenwerking en verbinding verankeren Met deze ambitie stelden we centraal: Lokaal waar mogelijk, regionaal waar nodig; Samenwerking tussen gemeenten en het bewaken daarvan; Lokale inzet op het vergroten van welzijn; Verbinding maken met beleidsterreinen wonen, jeugd, veiligheid, schulden en financiën; Samenwerken met het zorgkantoor. Stand van zaken In de Noord-Veluwe hebben we de afgelopen jaren vanuit stabiliteit (verder) kunnen werken aan de gestelde ambities. Dit komt door een duidelijke rolverdeling tussen de gemeenten en een goede samenwerkingsrelatie tussen de gemeenten en de uitvoeringsorganisaties. Met behulp van de Norm voor Opdrachtgeverschap BW/MO hebben we in de komende jaren helder wie welke taken uit gaan voeren. Met de regiegroep en stuurgroep Maatschappelijke Zorg maken we samen stappen om ons voor te bereiden op de doorontwikkeling van beschermd wonen. Het uitgangspunt ‘lokaal waar mogelijk, regionaal waar nodig’ blijft van kracht. We zien dat in verschillende gemeenten bewegingen ontstaan die zich richten op lokale versterking van de sociale infrastructuur.
Het blijft echter een uitdaging om lokaal niet te snel naar woonoplossingen in de vorm van beschermd wonen te zoeken. De verbinding met andere beleidsterreinen als wonen, jeugd, veiligheid, schulden en financiën blijft belangrijk. Op bijvoorbeeld het beleidsterrein van wonen zien we dat deze verbinding steeds automatischer tot stand komt. De verbinding met het beleidsterrein veiligheid is nadrukkelijker op de agenda gekomen, door bijvoorbeeld de start van de Stamtafel Zorg en Veiligheid, maar vergt nog veel stappen om in de praktijk hier meer van te merken. De noodzaak om de verbinding met jeugd te maken, zien we ook steeds nadrukkelijker door de grote instroom van jongeren in BW/MO. Het stopzetten van de verlengde jeugdzorg heeft een nadelig gevolg voor de instroom BW/MO.
8/17
De samenwerking met het zorgkantoor heeft continue aandacht. Wel blijft het moeilijk om tot praktische samenwerking te komen waar onze inwoners in de Noord-Veluwe iets van gaan merken of iets aan hebben. Uit de enquête blijkt dat een kleine meerderheid (47%) vindt dat de samenwerking binnen BW/MO in zijn algemeenheid goed loopt. “In vergelijking met andere regio’s is er opvallend veel samenwerking” schrijft iemand. Ook de samenwerking met gemeenten wordt goed (45%) en voldoende (18%) beoordeeld. Over de samenwerking met collega-organisaties in de keten is men helemaal te spreken: 7% noemt dit uitstekend en 53% goed. 74% van de respondenten geeft aan positief gestemd te zijn tegenover (het voortzetten van) de samenwerking BW/MO tussen centrumgemeente Harderwijk en de andere regiogemeenten.
9/17
3 Lopende en nieuwe ontwikkelingen In dit hoofdstuk besteden we aandacht aan lopende en nieuwe ontwikkelingen binnen het beleidsterrein BW/MO in de regio Noord-Veluwe. Daarbij maken we gebruik van de keten-veranderagenda (zie bijlage 2) die naar aanleiding van de heisessie met de regiegroep maatschappelijke zorg (ketenpartners) tot stand is gekomen. 3.1 Inleiding De regio Noord-Veluwe kenmerkt zich door een goede samenwerking. Dit geldt voor zowel alle ketenpartners als ook de gemeenten. Het altijd met elkaar in gesprek zijn en blijven is hiervoor een belangrijke basis en levert steeds weer verbeteringen en ontwikkelingen op. Nu en in de toekomst blijven we daar de vruchten van plukken. Het gesprek met de bijna twintig organisaties waarmee wordt samengewerkt levert meerdere ambities op voor de toekomst. Wat ook bijdraagt is de verbinding tussen lokaal, regionaal en landelijk beleid. Dit stelt ons in staat om voortdurend proactief en kansengericht met elkaar antwoorden te creëren op maatschappelijke (vangnet)vragen. We zien in de regio Noord-Veluwe ontwikkelingen die elders in het land ook gaande zijn, en kennen ook specifieke Noord-Veluwe bewegingen.
Heel kort onderstaand een overzicht: 3.2 Zorg en veiligheid Het is overduidelijk dat een goede afstemming van deze twee beleidsterreinen van wezenlijk belang is om kwetsbare inwoners te kunnen ondersteunen, begeleiden en perspectief te bieden. Een goede samenhang is ook noodzakelijk voor andere betrokkenen. Er is een pril begin gemaakt met de stamtafel Zorg & Veiligheid en lokale bijeenkomsten, om de opgebouwde systeemwereld in beweging te krijgen. Met name lokaal vraagt dit nog veel aandacht om tot voor inwoners merkbare stappen te komen. In dit kader is wonen ook een beleidsterrein dat hierbij aangesloten zou moeten zijn. 3.3 Beschermd Thuis Voor iedereen een eigen plek op de Noord-Veluwe is de kern van ons regioplan. Er is een duidelijke beweging zichtbaar van intramuraal wonen naar zelf wonen met ondersteuning. Deze ondersteuning kan in intensiteit heel verschillend zijn. Een (klein) deel van de inwoners heeft baat bij 24/7 bereikbaarheid/beschikbaarheid van ondersteuning. Dit noemen we Beschermd Thuis. Een nieuw, ander antwoord dat minder makkelijk is dan het lijkt. Immers, het vraagt een hele andere inrichting van de zorgorganisatie. Door het onderlinge gesprek, de experimenten, de ruimte die geboden wordt en de wil om het anders te doen worden resultaten zichtbaar.
3.4 Zo gewoon mogelijk De ketenpartners in de maatschappelijke zorg willen in de komende jaren zich voor normaliseren blijven inzetten. Dit richt zich op verschillende onderdelen: • Van behandelgericht denken/werken naar herstelgericht denken/werken, met daarbij de juiste, ondersteunende inzet van behandeling(en). • Van systeemgericht denken/werken naar mensgericht denken/werken. • Niet de financieringsstroom is leidend in het antwoord, maar de oplossingsrichting is leidend en wordt passend betaald. 3.5 Middelengebruik en verslaving Dit thema heeft op veel extra aandacht mogen rekenen het afgelopen jaar. Een (praktijk)werkgroep neemt de regie om kennis en ervaring dichter bij de BW/MO praktijk te brengen. Ook zijn we gaan inzien dat dit thema binnen gemeenten erg versnipperd georganiseerd is. Ook daar is nog het nodige te doen. 3.6 Herstelgericht werken Er zijn diverse initiatieven gestart die gericht zijn op eigen regie en herstel van mensen. Dit is een omslag van behandelgericht denken naar herstelgericht denken. Deze initiatieven zijn onderling met elkaar in verbinding gebracht. Het betreft Ixta Noa Harderwijk, Proeftuin GOAL!, de waarde van bewegen, OZO-verbindzorg en anti-stigma. Ieder initiatief kent een eigen verhaal en inbedding. Zeker Ixta Noa Harderwijk is, met inzet van vele ervaringsdeskundigen, een nadrukkelijk en groeiend
10/17
onderdeel van de samenwerking in de maatschappelijke zorg. Het verspreidt zich nu langzaam over alle gemeenten. 3.7 Krapte op de arbeidsmarkt Het is duidelijk dat goed personeel vinden en (langer) vasthouden een steeds belangrijker onderwerp is geworden en zal blijven. Dit geldt ook voor de organisaties in de maatschappelijke zorg. De organisaties willen samen uitstralen dat het de leukste regio van Nederland is. Dit doen ze door samen hiermee aan de slag te gaan. 3.8 Doordecentralisatie Beschermd Wonen In juni 2022 is een besluit genomen om de doordecentralisatie van beschermd wonen te verplaatsen naar 1 januari 2024. Er zijn landelijk echter nog een aantal stappen te nemen voordat deze decentralisatie daadwerkelijk kan gaan plaatsvinden. De bedoeling is om met een ingroeipad van vijf jaren naar een objectief verdeelmodel te komen. Enkele zaken verdienen bij de uitwerking hiervan nog aandacht, zoals het voornemen om regionale samenwerkingen in de wet te verankeren. Op dit moment heeft de regio Noord-Veluwe, in voorbereiding op de doordecentralisatie, het beleid en afspraken over samenwerking en financiën in de Norm voor Opdrachtgeverschap vastgelegd tot en met 2023. Met een verlenging van het beleid en de afspraken zijn we klaar voor de doordecentralisatie per 2024. De basis voor deze samenwerking is gericht op continuïteit, stabiliteit en transparantie.
Op het moment dat het moment van de doordecentralisatie definitief is, blijven we in gesprek over mogelijke aanpassingen op het gebied van bijvoorbeeld samenwerking en financiën.
11/17
4 Conclusies en vervolg In dit laatste hoofdstuk gaan we in op de conclusies en het vervolg. 4.1 Inleiding Dit rapport is tot stand gekomen op basis van gezamenlijke ervaringen en de enquête. We zien dat vanuit continuïteit en rust we met alle betrokkenen werken aan de gestelde ambities. En dat vanuit samenwerking, vertrouwen en transparantie nieuwe bewegingen tot stand blijven komen. We zien ook dat de gestelde ambities in de komende jaren nog steeds aandacht nodig blijven en de opgaven nog steeds actueel zijn. We zullen in de komende periode nog verder werken aan de doorontwikkeling van beschermd wonen en maatschappelijke opvang, door ons onder andere nog steeds te richten op: • De lokale versterking van de sociale infrastructuur; • Beschermd Thuis; • Zorg en veiligheid; • Middelengebruik en verslaving; • De transformatie van zorgantwoorden; • Passende woonplekken en scheiden wonen en zorg; • Aanpak voor 16-27-jarigen; • Herstelgericht werken; • De doordecentralisatie van beschermd wonen. De Noord-Veluwe ziet komende ontwikkelingen en veranderingen met vertrouwen tegemoet. Om vanuit stabiliteit dit te kunnen blijven doen, is continuering van het huidig beleid en samenwerking na 2023 van belang. 4.2 Continuering van beleid Het regio- en beleidsplan BW/MO ‘Samen thuis op de Noord-Veluwe 2020-2023’ is op dit moment leidend.
Het plan is grotendeels gestoeld op de landelijke doorontwikkeling van beschermd wonen en maatschappelijke opvang, waarbij ambulantisering en inclusie de belangrijkste bewegingen zijn. De regionale visie blijft overeind staan: lokaal zo veel mogelijk versterken, waardoor regionale antwoorden zo weinig mogelijk nodig zijn. Aangezien we nog steeds in deze beweging zitten, is het plan voor de komende drie jaren (tot en met 2025) nog steeds passend. 4.3 Continuering van samenwerking gemeenten Noord-Veluwe De doordecentralisatie van beschermd wonen wordt al jarenlang landelijk en regionaal voorbereid. De Noord-Veluwse gemeenten hebben sinds 2018 samenwerkingsafspraken aangaande de uitvoering van BW/MO. In 2021 is de Norm voor Opdrachtgeverschap voor BW/MO in onze regio vastgesteld, waarmee we klaar zijn voor de doordecentralisatie van beschermd wonen. In de verwachting dat de doordecentralisatie inmiddels al zou zijn doorgevoerd, zijn de huidige afspraken tot en met het jaar 2023 gemaakt. Aangezien de planning is dat dit in 2024 gaat plaatsvinden, is het van belang om de samenwerkingsafspraken te verlengen. Als we stabiliteit in beleid en samenwerking weten te creëren, dan geeft dat de gemeenten en de organisaties de ruimte om samen verder te veranderen en te transformeren.
12/17
Bijlage 1 – Documentatie- en begrippenlijst Documentatie BW/MO 1. Regio- en beleidsplan BW/MO ‘Samen thuis op de Noord-Veluwe 2020-2023’ 2. Norm voor Opdrachtgeverschap BW/MO Noord-Veluwe 3. Factsheet Beschermd wonen op de Noord-Veluwe 2022 4. Jaarverslag 2021 BW/MO Noord-Veluwe van centrumgemeente Harderwijk 5. Jaarverslag 2021 Meldpunt Maatschappelijke Zorg GGD NOG 6. Heidag regiegroep april 2022 (bijlage 2) Begrippenlijst (A tot Z) Anti-stigma Mensen met een psychische kwetsbaarheid moeten als gelijkwaardige burgers deel kunnen nemen aan de maatschappij. Het tegengaan van vooroordelen over deze mensen wordt anti-stigma of destigmatisering genoemd. Beschermd Thuis De commissie Toekomst beschermd wonen (commissie Dannenberg) schetste in 2015 een toekomstbeeld van een inclusieve samenleving voor kwetsbare mensen. Deze transformatie leidt tot minder instellingen voor beschermd wonen en tot meer zorg en ondersteuning in de eigen woonomgeving van inwoners. De essentie van het advies is door de commissie samengevat als: “Beschermd wonen is niet meer een gebouw dat in de grote stad staat, maar een huis in elke wijk, waar we ter plekke zijn voordat het misgaat.” Beschermd wonen Beschermd wonen (BW) is een woonvorm met dag en nacht (beschikbare) begeleiding voor mensen van 18 jaar of ouder met psychische of psychosociale problemen.
Deze mensen hebben (meestal tijdelijk) een beschermde woonomgeving nodig om zich te kunnen ontwikkelen. Dit kan in een instelling, maar kan ook in de vorm van zelfstandig wonen als de ondersteuning 24 uur per dag beschikbaar en bereikbaar is. Beschermd wonen valt onder de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo 2015). Centrale Toegang De GGD NOG organiseert de Centrale Toegang (CT) beschermd wonen en maatschappelijke opvang voor de regio Noord-Veluwe. Hier kan een aanvraag worden gedaan voor een plek om beschermd te wonen. Naast schriftelijke informatie is een gesprek onderdeel van de beoordeling. Een veldtafeloverleg, waar diverse zorgorganisaties aan tafel zitten, zorgt voor de beste match tussen vraag en beschikbare antwoorden. Centrale Uitgang Uitstroom voor een deel van de mensen van beschermd wonen in de regio Noord-Veluwe loopt via de Centrale Uitgang. De GGD NOG coördineert de Centrale Uitgang. BW-mensen die via de reguliere weg geen kans maken dienen een aanvraag voor een woning in bij de uitstroomcommissie. Zij kunnen ook een gemeente of een subregio van voorkeur voor uitstroom doorgeven. De commissie bestaat uit de GGD (voorzitterschap), iemand namens de corporaties en iemand namens de zorgorganisaties.
Doordecentralisatie BW/MO De verantwoordelijkheid voor beschermd wonen wordt mogelijk/waarschijnlijk per 1 januari 2024 door gedecentraliseerd van regio’s (centrumgemeenten) naar gemeenten. Daarnaast wordt gewerkt aan een nieuw financieel verdeelmodel voor BW. Deze doordecentralisatie zou oorspronkelijk 2018 plaatsvinden maar is nu meerdere malen uitgesteld. De middelen voor voorzieningen voor nieuwe cliënten worden met ingang van 2024 gefaseerd aan elke gemeenten verstrekt; dit gebeurt aan de hand van een nieuw, objectief verdeelmodel. Daarnaast zal er een woonplaatsbeginsel gaan gelden en worden gemeenten
verplicht om voor BW een regionale samenwerking aan te gaan. Dit is nog afhankelijk van wettelijke besluitvorming in Den Haag. De maatschappelijke opvang wordt niet voor 2026 door gedecentraliseerd. De financiële middelen voor maatschappelijke opvang blijven voorlopig verdeeld over de centrumgemeenten. Ecosysteem Mentale Gezondheid (GEM) GEM is de Engelse afkorting voor Ecosysteem Mentale Gezondheid. Een beweging die landelijk in gang gezet wordt om de GGZ te helpen veranderen van een behandel-ingerichte GGZ-keten naar een herstelingerichte GGZ-keten. In de Noord-Veluwe zijn al diverse bewegingen in deze richting geweest en gaande. Er wordt ingezet op een blijvende samenwerking tussen de landelijke beweging en de NoordVeluwe onder de vlag van Gezond Veluwe (netwerkorganisatie in de Noord-Veluwe). eHealth eHealth gaat over digitale toepassingen in de zorg. Het betreft het gebruik van informatie- en communicatietechnologie ter ondersteuning of verbetering van de gezondheid en de gezondheidszorg. In de Noord-Veluwe hebben Eleos, Iris Zorg en Profila Zorggroep een project eHealth vorm en inhoud gegeven. Zij delen ervaringen met het gebruik van een digitale omgeving en sociale robotica. eHealth in de BW/MO-keten keten lijkt bruikbaar voor (24/7) bereik- en beschikbaarheid en voor trainingsdoeleinden.
Ervaringsdeskundigheid/ervaringsdeskundigen Het vermogen op grond van eigen herstelervaring voor anderen ruimte te maken voor herstel. Hiervoor is een opleiding is gevolgd. Praktijkhuis Harderwijk/Ixta Noa Harderwijk Ixta Noa Harderwijk is voor en door mensen die ervaring hebben met een (psychische) onbalans. Zij leveren een bijdrage aan positieve gezondheid en herstel bij mensen. Dit doen ze door een veilige omgeving te creëren waarin mensen elkaar inspireren tot verandering. Bij Ixta Noa Harderwijk werken mensen die de onbalans bij anderen herkennen en erkennen, omdat ze daar zelf ook last van hebben gehad. Vanuit deze ervaring helpen ze mensen bij hun welbevinden en herstel. GGZ 1C Sinds 2022 is binnen beschermd wonen het pakket GGZ 1C geïntroduceerd. Dit pakket biedt 24/7 bereikbaarheid en vier uur begeleiding per week. Een product dat een soort tussenvorm is tussen de lokale Wmo-begeleiding (zonder 24/7 bereikbaarheid) en beschermd woonvorm met hogere indicatie. 2022 zien we hiervoor als pilotjaar. Kansrijk Wonen Kansrijk Wonen is een voorziening waar jongvolwassenen tijdelijk wonen. Dit zijn mensen tussen de 17 en 25 jaar die moeite hebben om mee te doen en/of een eigen weg te vinden in de samenleving.
Meestal gaat het bij deze jongeren om een combinatie van zaken als schulden, problemen op het gebied van relaties, middelengebruik of een gebrek aan structuur in hun leven. Stichting Kansrijk Wonen biedt deze jongeren - die dreigen uit te vallen - ondersteuning in de vorm van woonruimte, coaching en netwerkondersteuning. Het doel is om de jongeren binnen 12 tot 18 maanden te laten uitstromen naar een zelfstandige woning. Maatschappelijke opvang De maatschappelijke opvang (MO) biedt een tijdelijk verblijf aan mensen zonder dak boven hun hoofd, gekoppeld aan zorg en begeleiding en/of het verhelpen van een crisis. Maatwerkwoningen Het betreft woningen voor een specifieke groep mensen die niet een gewone woning en/of een gewone woonomgeving kunnen wonen. De woningen staan op een plek waar de bewoners de rust en ruimte krijgen die zij nodig hebben om als zichzelf te kunnen wonen. In de Noord-Veluwe is de afspraak dat elke gemeente twee, en Harderwijk 4, van dit type woningen realiseert.
14/17
Noord-Veluwse Nachtdienst De Noord-Veluwe nachtdienst wordt vormgegeven door Ambulant Hulpverlening Midden Nederland (AHMN). De Noord-Veluwe nachtdienst biedt individuele begeleiding aan buiten de kantoortijden wanneer het nodig is (in de avonden en nachten). En is sinds 2020 ook lokaal inzetbaar binnen de Wmo. Verder wordt de Noord-Veluwe nachtdienst ook binnen Tijdelijk Wonen beschikbaar gesteld. De inzet van de Noord-Veluwe nachtdienst biedt (een gevoel van) veiligheid in de avonden en nachten. OZO-verbindzorg OZO is een communicatie- en samenwerkingsmogelijkheid dat mensen (zorgvragers) kunnen gebruiken om het netwerk van betrokkenen rondom zichzelf te verbinden met elkaar. Positieve gezondheid Gezondheid als het vermogen van mensen om met de fysieke, emotionele en sociale levensuitdagingen om te gaan en zoveel mogelijk eigen regie te voeren, in plaats van de aan- of afwezigheid van ziekte. In deze visie is gezondheid niet langer meer strikt het domein van de zorgprofessionals, maar van ons allemaal. Het gaat immers om het vermogen om met veranderende omstandigheden om te kunnen gaan. De Buitenhof (Proeftuin Eperweg) Nunspeet De Buitenhof voorziet in de behoefte van mensen om middels een tussenstap te kunnen uitstromen uit een voorziening voor beschermd wonen of de maatschappelijke opvang.
In sommige gevallen wordt de instroom in die voorzieningen overgeslagen en kunnen cliënten direct gaan wonen in een eigen woning waarin dagelijks begeleiding mogelijk is. Proeftuin GOAL! GOAL! staat voor: Gecombineerde Ondersteuning voor Ambulante Leefstijlinterventies. GOAL! is toegespitst op mensen met een ernstige psychiatrische aandoening (EPA) die ambulant behandeld worden en thuis of in beschermde woonvormen wonen. Met GOAL! kan een betere begeleiding en ondersteuning worden geboden bij een gezonde leefstijl, om zowel de kwaliteit van leven als de lichamelijk en psychische gezondheid te verbeteren. Het bieden van een integrale ondersteuning, gericht op een combinatie van leefstijlfactoren, draagt bij aan een duurzame leefstijlverbetering waarbij, in tegenstelling tot de reguliere GLI's, de focus niet enkel op het gewichtsverlies ligt. De proeftuin start op 1 september 2022 met 50 deelnemers. Proeftuin Julianalaan Ermelo De proeftuin aan de Julianalaan 116 in Ermelo is een tijdelijk woonproject voor de duur van vijftien jaar. Het is een samenwerking van particulier, woningcorporatie, zorgorganisaties en gemeente. Het is bestemd voor jongeren tussen de 18 en 27 jaar die te maken hebben met psychiatrische kwetsbaarheid. Deze woningen zijn bedoeld als trainings- doorstroomlocatie voor de jongvolwassenen.
Tijdens het verblijf staan training, ondersteuning en begeleiding voor het opdoen van woonvaardigheden en het participeren in de maatschappij centraal. Op de locatie is 24/7 beschik- en bereikbaarheid van zorg en ondersteuning. Stamtafel Zorg en Veiligheid In 2022 experimenteren we met de opzet van een bestuurlijke stamtafel Zorg en Veiligheid Noord en Oost-Gelderland (NOG). Met de stamtafel werken we stapsgewijs toe naar een integrale sturingsvisie en een herijking van de regionale governance structuur. Tansformatieversneller De transformatieversneller is beschikbaar voor de werkers en organisaties in de praktijk om samen veranderkansen op te pakken. Daarnaast stimuleert de transformatieversneller de doorontwikkeling van bijvoorbeeld woonantwoorden. Hij opereert zonder een organisatiebelang en is een belangrijke (verander)schakel tussen praktijk (de keten van organisaties) en beleid (gemeenten). Tijdelijk Wonen In 2019 zijn de eerste contouren voor Tijdelijk Wonen gelegd. Woonpark Hierden was de startlocatie van de woonplekken voor Tijdelijk Wonen met vier woonplekken. Binnenkort komen in Oldebroek 10 wooneenheden beschikbaar en zijn er 20-25 plekken in de Noord-Veluwe. Tijdelijk Wonen is gericht op mensen met een woonvraag en lichte ondersteuningsvraag. Er is sprake van een
15/17
woonzorgovereenkomst. De tijdsduur van het wonen betreft maximaal een half jaar met een eenmalige verlenging van een half jaar. Er is blijvende betrokkenheid van de verwijzer tijdens het traject. Tijdelijk Wonen heeft over de afgelopen jaren inwoners geholpen door rust te creëren in een wooncrisissituaties en draagt bij aan het zetten van eerste/meerdere stappen van (opnieuw) opbouwen van bestaanszekerheid. Veldtafel BW en MO Wij zijn begin 2021 gestart met de veldtafel beschermd wonen. In de loop van 2021 is gestart met de veldtafel maatschappelijke opvang. De veldtafel is de plek waar aanmeldingen, na onderzoek van de Centrale Toegang van de GGD NOG, samen met een groep zorgaanbieders wordt besproken om tot een beste match van vraag en antwoord te komen. Naast een beste match geeft het veldtafel overleg een overzicht in de beschikbare plekken, de wachtlijsten en de inzet van elkaars kennis en vaardigheden. Verhuurstichting Noord-Veluwe Verschillende partijen werken samen om een verhuurstichting op te richten die de huur en verhuur van woonruimte in de Noord-Veluwe gaat faciliteren. Het lijkt een passend antwoord in combinatie met zorg/ondersteuning voor deze tijd met al haar woonproblematieken. Een uitgewerkt idee/voorstel is ontwikkeld.
Volledig Pakket Thuis (VPT) Met behulp van de inzet van Volledig Pakket Thuis (VPT) binnen beschermd wonen kunnen mensen de nodigde ondersteuning krijgen in hun eigen woning.
16/17
Bijlage 2 – De keten-veranderagenda Een gezamenlijke agenda voor de keten BW/MO op de Noord-Veluwe. Voor 2022 en 2023 is onderstaande een ‘praktijk-spoorboekje’ voor alle ketenpartners. Hierbij aangemerkt dat niet ieder veranderthema voor elke organisatie zal gelden, het momentum er niet is of een andere, interne keuze leidend is. Binnen de regiegroep wordt van alle organisaties betrokkenheid verwacht op alle veranderthema’s. 1. Zo gewoon mogelijk Uitgangspunten: • Van behandelgericht denken/werken naar herstelgericht denken/werken met daarbij de juiste, ondersteunende inzet van behandeling(en). • Van systeemgericht denken/werken naar mensgericht denken/werken: ‘Woon ik waar jij werkt of werk jij waar ik woon?’. • Niet de financieringsstroom is leidend in het antwoord, maar de oplossingsrichting is leidend en wordt passend betaald. • Het is een beweging die al in gang is gezet, maar waar ook nog veel te doen staat. Gebruik maken van (de ervaring) wat er is en dit verder laten groeien. Meegroeien en veranderen van het bestaande is een stap die gezet moet gaan worden. 2. De leukste regio van Nederland! Het wordt vaak gezegd dat het zo fijn werken is in de Noord-Veluwe.
Laten we dat omzetten naar een ambitie die we met elkaar willen en gaan uitstralen: de leukste regio van Nederland! Het is duidelijk dat goed personeel vinden en (langer) vasthouden een steeds belangrijker onderwerp is geworden en zal blijven. Verder denken en doen dan de (organisatie) neus lang is kan mogelijk een bijdrage leveren. Ook hier geldt dat er al een en ander gebeurt maar weten we dat van elkaar? 3. 1+1=3 ‘Het geheel is meer dan de optelsom der delen’ Uitgangspunten: • Jouw cliënt is mijn cliënt/jouw probleem is mijn uitdaging: organisatie-overstijgende verantwoordelijkheid. • Van vastgoed naar ‘losgoed’. • Samenwerken wat betreft 24 uurstoezicht, respijtfunctie, beschermd thuis en eventuele verhuurstichting. 4. Het juiste middel Dit geldt vooral voor alle organisaties die werkzaam zijn binnen het sociaal domein. Wat weten we van middelen? Verantwoord middelengebruik? Weten middelengebruikers voldoende van de gevaren/risico’s? En ouders dan? Hoe gaan we om met middelengebruik in BW en in MO? Moeten we droge plekken gaan organiseren? En ook plekken waar verantwoord gebruik wordt toegestaan? Bestaat er een visie op verslavingszorg in de Noord-Veluwe? Een terrein waar nog veel kan en moet gebeuren. Zowel beleidsmatig (gemeenten en organisaties) als ook in de praktijk. Welk middel kan je inzetten bij middelengebruik?