CConstaterende datPutten
Koppel je AI →
Document · PDF

Bedrijventerrein Henslare_Toelichting

Commissie Ruimte 18 januari 2024, gemeente PuttenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare28.829 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Bedrijventerrein Henslare

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

Inhoudsopgave

Toelichting

5

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Introductie 1.2 Ligging plangebied 1.3 Geldende bestemmingsplannen en beheersverordening 1.4 Bestemmingsplantoets 1.5 Andere procedure(s) en gerelateerde projecten 1.6 Leeswijzer

5 5 6 6 8 10 10

Hoofdstuk 2 Beschrijving plangebied 2.1 Huidige situatie 2.2 Toekomstige situatie (fase 1) 2.3 Doorkijk naar fase 2 2.4 Beeldkwaliteit 2.5 Klimaatadaptatie

11 11 13 15 17 17

Hoofdstuk 3 Beleidskader 3.1 Rijksbeleid 3.2 Provinciaal beleid 3.3 Regionaal beleid 3.4 Gemeentelijk beleid

18 18 22 24 26

Hoofdstuk 4 Milieu- en omgevingsaspecten 4.1 Bedrijven en milieuzonering 4.2 Verkeer en parkeren 4.3 Luchtkwaliteit 4.4 Geluid 4.5 Natuur 4.6 Water 4.7 Bodem 4.8 Externe veiligheid 4.9 Niet-gesprongen explosieven 4.10 Archeologie 4.11 Cultuurhistorie en landschap 4.12 Kabels en leidingen 4.13 Klimaatadaptatie 4.14 Vormvrije m.e.r.-beoordeling

32 32 35 38 42 46 55 57 60 69 72 73 75 77 78

Hoofdstuk 5 Juridische planbeschrijving 5.1 Algemeen 5.2 Dit bestemmingsplan 5.3 Toelichting op de regels

80 80 81 81

Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid 6.1 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 6.2 Economische uitvoerbaarheid 6.3 Handhaafbaarheid

85 85 87 88

Hoofdstuk 7 Procedure 7.1 Voorontwerpfase 7.2 Ontwerpfase 7.3 Vaststellingsfase

89 89 89 89

2

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

3

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

4

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

Toelichting Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Introductie

De gemeente Putten wil een bedrijventerrein, dat 'Henslare' gaat heten, ontwikkelen ten westen van de bebouwde kom van Putten. Het terrein sluit aan op een aantal bestaande bedrijfsbestemmingen in de omgeving van de Stenenkamerseweg/ Henslare. Het bedrijventerrein wordt met name voor de Puttense ondernemers. Het biedt ruimte voor uit te plaatsen bedrijven en nieuwe bedrijven. Op dit moment is de uitplaatsing van bedrijven die hinder veroorzaken voor de nabijgelegen woonbestemmingen op binnenstedelijke locaties een belangrijk speerpunt van de gemeente Putten. Deze hinder bestaat onder andere uit geluid, trillingen, geur en verkeer. Het bedrijventerrein Henslare biedt ruimte aan dergelijke ondernemingen zodat zij hun bedrijfsvoering door kunnen zetten. De behoefte aan de uitbreiding van het bedrijvenareaal in Putten en de nabije omgeving blijkt uit een behoefteonderzoek van de gemeente Putten (juli 2019 en 2021).

Hectares Bedrijventerrein Henslare omvat circa 11 ha (bruto) nieuw bedrijventerrein. Hiervan is 7,2 ha netto uitgeefbare grond en de overige hectares is voor de (toegangs)wegen voor het bedrijventerrein en zaken als groenvoorzieningen of waterpartijen.

Twee fasen Bedrijventerrein Henslare wordt in twee fasen ontwikkeld. Dit bestemmingsplan maakt de eerste fase van het bedrijventerrein Henslare mogelijk. De eerste fase omvat netto 5,8 ha uitgeefbare grond. De tweede fase betreft de resterende 1,4 ha netto uitgeefbare grond. De tweede fase wordt niet in dit bestemmingsplan meegenomen omdat op dit moment nog niet duidelijk is op welke plek dit wordt ontwikkeld.

Gebiedsvisie Henslare en dit bestemmingsplan In december 2021 is de Gebiedsvisie Henslare opgesteld voor de ontwikkeling van het bedrijventerrein Henslare. Deze Gebiedsvisie Henslare biedt de gemeente een instrument om bij de verdere planvorming de regie over ruimtelijke ontwikkelingen te voeren. In maart 2022 heeft de gemeenteraad van Putten de Gebiedsvisie Henslare vastgesteld. De volgende stap is het opstellen van het bestemmingsplan. De voorgenomen ontwikkeling is op dit moment planologisch strijdig met de geldende bestemmingsplannen en de geldende beheersverordening. Paragraaf 1.3 gaat in op deze strijdigheid. Om de ontwikkeling van het bedrijventerrein Henslare planologisch mogelijk te maken is dit bestemmingsplan opgesteld. De Gebiedsvisie Henslare is hiervan de basis en het vertrekpunt.

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

5

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

1.2

Ligging plangebied

Het plangebied van Henslare ligt ten westen van de bebouwde kom van Putten, tussen de Stationsstraat, de spoorlijn Amersfoort-Zwolle, de Nijkerkerstraat en de Henslare/woonwijken Bijsteren en Rimpeler. Op afbeelding 1.1 is het plangebied globaal weergeven. Nabij de oostelijke randen van de deelgebieden liggen de woonwijken Bijsteren en Rimpeler. Deze woonwijken hebben een gelaagde opbouw met verschillende (typen) randen. Het gebied ten westen van het plangebied heeft een landschappelijk karakter. Het Natura 2000-gebied 'de Veluwe' grenst aan de oostelijke rand van Putten en ligt op een afstand van circa 4 km van het bedrijventerrein Henslare. Bedrijventerrein Henslare kan bereikt worden via onder andere de provinciale weg de N798 (Nijkerkerstraat) en de gemeentelijke wegen de Zuiderzeestraatweg, de Stenenkamerseweg en de Henslare. De diverse wegen naar het gebied zijn in meer of mindere mate geschikt als ontsluitingsweg.

Afbeelding 1.1 Globaal plangebied bedrijventerrein Henslare

1.3

Geldende bestemmingsplannen en beheersverordening

Ter plaatse van het plangebied gelden verschillende bestemmingsplannen en beheersverordeningen. In onderstaande tabel wordt de relevantie van het bestemmingsplan of beheersverordening gegeven voor het nieuwe bedrijventerrein Henslare.

Tabel 1.1 Toelichting bestemmingsplannen en beheersverordening plangebied Naam

Toelichting relevantie plan voor voorgenomen ontwikkeling

beheersverordening Henslare 2 en stationscomplex 2013 (onherroepelijk vastgesteld d.d. 4 juli 2013)

deze beheersverordening is van toepassing op percelen waar in de toekomst ruimte wordt gecreëerd voor bedrijven van bedrijventerrein Henslare. Om deze reden wordt getoetst aan deze beheersverordening (zie paragraaf 1.4)

6

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

bestemmingsplan Veegplan Westelijk Buitengebied (vastgesteld d.d. 4 oktober 2018)

dit bestemmingsplan vormt een herziening op het moederplan Westelijk Buitengebied, waarbij in de vorm van een 'veegplan' de verschillende aanpassingen gebundeld zijn meegenomen. Dit bestemmingsplan is van toepassing op percelen waar in de toekomst ruimte wordt gecreëerd voor bedrijven van bedrijventerrein Henslare. Omdat de regels uit het moederplan zijn meegenomen in de verbeelding en regels van het veegplan wordt getoetst aan dit bestemmingsplan (zie paragraaf 1.4)

bestemmingsplan Westelijk Buitengebied (onherroepelijk vastgesteld d.d. 4 juli 2014)

dit bestemmingsplan is van toepassing op percelen waar in de toekomst ruimte wordt gecreëerd voor bedrijven van bedrijventerrein Henslare. Omdat de regels van dit bestemmingsplan zijn opgenomen in de regels van het Veegplan Westelijk Buitengebied vindt geen separate toetsing plaats aan dit bestemmingsplan

bestemmingsplan Stenenkamerseweg 21 en Broeksteegje (onherroepelijk vastgesteld d.d. 7 december 2017)

dit bestemmingsplan maakt het herinrichten en uitbreiden van het bouwbedrijf J. Timmer BV aan de Stenenkamerseweg 21 mogelijk. Daarnaast wordt het verleggen van Het Broeksteegje planologisch mogelijk gemaakt. In de toekomstige situatie blijft de bedrijvigheid van bouwbedrijf J. Timmer BV bestaan. Een klein gedeelte van bedrijventerrein Henslare valt binnen de plangrenzen van dit bestemmingsplan. Om deze reden wordt getoetst aan de bestemming ter plaatse van het Broeksteegje

Afbeelding 1.2 Bestemmingsplannen plangebied bedrijventerrein Henslare (behorend bij tabel 1.1)

Enkelbestemming Agrarisch

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

7

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

Bestemmingsaanwijzing Agrarisch gebied

Bestemmingsaanwijzing Houtopstanden

Dubbelbestemmingen Waarde - Archeologie 2, 3 en 4 Dubbelbestemming Leiding - Gas Gebiedsaanduiding vrijwaringszone - spoor

1.4

Bestemmingsplantoets

Uit tabel 1.1 komt naar voren dat wordt getoetst aan ondergenoemde bestemmingsplan en beheersverordening: beheersverordening Henslare 2 en stationscomplex 2013 (onherroepelijk vastgesteld d.d. 4 juli 2013); bestemmingsplan Veegplan Westelijk Buitengebied (vastgesteld d.d. 4 oktober 2018); bestemmingsplan Stenenkamerseweg 21 en Broeksteegje (onherroepelijk vastgesteld d.d. 7 december 2017).

Beheersverordening Henslare 2 en stationscomplex 2013 De voorgenomen ontwikkeling valt binnen de enkelbestemming Agrarisch, de enkelbestemming Houtopstanden en de aanduiding Boom van beheersverordening Henslare 2 en stationscomplex 2013 (zie afbeelding 1.2). De voor Agrarisch gebied (artikel 12) aangewezen gronden zijn bestemd voor de uitoefening van een agrarisch bedrijf. Op deze gronden zijn toegelaten: gebouwen, waaronder een bedrijfswoning; bijgebouwen; bouwwerken, geen gebouwen zijnde; tuinen en erven; werkzaamheden, waaronder verhardingen; water, waaronder bergingsvijvers. De voor Houtopstanden (artikel 14) aangewezen gronden zijn bestemd voor de aanleg, het behoud en het herstel van opgaande beplanting met de daaraan verbonden landschappelijke en natuurwetenschappelijke waarden, welke beplanting tevens een afschermende functie heeft. Op deze gronden zijn toegelaten: groenvoorzieningen; werkzaamheden, mits deze geen afbreuk doen aan de in lid 1 genoemde doeleinden. De voor Boom (artikel 12) aangewezen gronden zijn bestemd voor het in stand houden van bomen. Deze bomen moeten behouden blijven.

Bestemmingsplan Veegplan Westelijk Buitengebied De voorgenomen ontwikkeling valt binnen de enkelbestemming Agrarisch, de dubbelbestemming

8

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare Leiding-Gas, de dubbelbestemmingen Waarde-Archeologie 2, 3 en 4 en de gebiedsaanduiding vrijwaringszone-spoor van bestemmingsplan Veegplan Westelijk Buitengebied (zie afbeelding 1.2). De voor Agrarisch (artikel 3) aangewezen gronden zijn o.a. bestemd voor de uitoefening van het agrarisch bedrijf, niet-agrarische nevenactiviteiten, bedrijfswoningen, (kleine) plattelandswoningen, de uitoefening van aan huis verbonden beroepen en aan huis verbonden bedrijven (…) met de daarbij behorende gebouwen, bouwwerken geen gebouwen zijnde, tuinen en erven en parkeer- en groenvoorzieningen. De voor Leiding-Gas (artikel 21) aangewezen gronden zijn bestemd voor een ondergrondse aardgasleiding ter plaatse van de 'hartlijn leiding-gas', de bescherming, het beheer en het onderhoud van de aardgasleiding en de bescherming van het woon- en leefklimaat in verband met de leiding met de daarbij behorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde. De regels van deze dubbelbestemming gelden primair ten opzichte van de regels van iedere andere bestemming, waarmee deze dubbelbestemming samenvalt. De voor Waarde-Archeologie (artikel 25 tot en met 27) aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud en de bescherming van archeologische waarden.

De voor vrijwaringszone-spoor (artikel 32.14) aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor bestemd voor het spoor.

Bestemmingsplan Stenenkamerseweg 21 en Broeksteegje De voorgenomen ontwikkeling valt binnen de enkelbestemming Agrarisch, de dubbelbestemming Leiding-Gas en de dubbelbestemming Waarde-Archeologie 4 van bestemmingsplan Stenenkamerseweg 21 en Broeksteegje (zie afbeelding 1.2). De voor Agrarisch (artikel 3) aangewezen gronden zijn bestemd voor de uitoefening van het agrarisch bedrijf, het behoud en herstel van beplantingselementen, zoals houtwallen, kleine bosperceeltjes, hakhoutbosjes, erfbeplanting, oude laanbeplanting en solitaire bomen, extensieve dagrecreatie en hobbymatig medegebruik, de bestaande wandel-, fiets- en ruiterpaden, erftoegangswegen en wegen met het bestaande aantal rijstroken, de aanleg van wandelpaden, fietspaden, erftoegangswegen en wegen met maximaal één rijstrook, water, waterberging en voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding. Met de daarbij behorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde, tuinen en erven en parkeer- en groenvoorzieningen. De voor Leiding-Gas (artikel 5) aangewezen gronden zijn bestemd voor een ondergrondse aardgasleiding ter plaatse van de 'hartlijn leiding-gas', de bescherming, het beheer en het onderhoud van de aardgasleiding en de bescherming van het woon- en leefklimaat in verband met de leiding met de daarbij behorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

De regels van deze dubbelbestemming gelden primair ten opzichte van de regels van iedere andere bestemming, waarmee deze dubbelbestemming samenvalt. De voor Waarde-Archeologie 4 (artikel 7) aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud en de bescherming van archeologische waarden.

Conclusie Het plangebied heeft in alle drie hierboven beschreven ruimtelijke plannen, naast de bestaande bedrijfsbestemmingen, grotendeels de bestemming Agrarisch (zie afbeelding 1.2). Een bedrijventerrein is op dit moment niet toegestaan op deze (laatstgenoemde) gronden. Dit bestemmingsplan is opgesteld om het bedrijventerrein Henslare mogelijk te maken. De consequenties van dit bestemmingsplan worden

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

9

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare uiteengezet in Hoofdstuk 4 Milieu- en omgevingsaspecten.

1.5

Andere procedure(s) en gerelateerde projecten

Op grond van onderdeel D11.3 van het Besluit Milieueffectrapportage geldt een m.e.r.-beoordelingsplicht voor de aanleg, wijziging of uitbreiding van een industrieterrein. De m.e.r.-beoordelingsplicht geldt voor gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op een oppervlakte van 75 ha of meer. De voorgenomen ontwikkeling blijft onder deze drempelwaarde. Omdat sprake is van het vaststellen van een plan, bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onderdelen a en b, van de Wet ruimtelijke ordening is een vormvrije m.e.r.-beoordeling noodzakelijk. De vormvrije m.e.r.-beoordeling is opgenomen in paragraaf 4.14 van deze toelichting.

1.6

Leeswijzer

Deze toelichting van voorliggend bestemmingsplan bestaat uit 7 hoofdstukken. Na dit eerste inleidende hoofdstuk wordt in hoofdstuk 2 een beschrijving gegeven van het plangebied. In hoofdstuk 3 wordt het beleidskader beschreven dat van toepassing is op de planlocatie. Hoofdstuk 4 onderbouwt de effecten van de voorgenomen ontwikkeling op de omgevingsaspecten. In hoofdstuk 5 worden de planregels nader toegelicht. Vervolgens worden in hoofdstuk 6 en 7 respectievelijk de uitvoerbaarheid en de bestemmingsplanprocedure beschreven.

10

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

Hoofdstuk 2 2.1

Beschrijving plangebied

Huidige situatie

Het plangebied van Henslare is gelegen in de gemeente Putten, de provincie Gelderland en het beheersgebied van Vallei en Veluwe. Het plangebied ligt aan de westkant van Putten en is gericht op agrarisch, recreatief en incidenteel industrieel gebruik. Het ligt tegen de rand van de bebouwde kom en is te karakteriseren als een jonge heideontginning, welke herkenbaar is aan de rechtlijnige structuren in het landschap. Dit jonge heide ontginningsgebied wordt door een ruimtelijke 'band' aan de oost, noorden westzijde van bebouwing en een kampenlandschap ingesloten. Afbeelding 2.1 weergeeft de luchtfoto van het gebied.

Afbeelding 2.1 Luchtfoto plangebied Henslare

Bedrijvigheid nabij het plangebied Nabij de deelgebieden komt zowel agrarische bedrijfsvoering als ook reguliere bedrijvigheid voor. Ten noorden van het plangebied ligt het bestaande bedrijventerrein Keizerswoert.

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

11

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

Ten noordwesten van het meest noordelijk gelegen deelgebied ligt het bedrijf Benegas (nabij het station) aan de Zuiderzeestraatweg 1. Dit is een propaangasleverancier. De locatie bevat een kantoor en een productie- en opslagterrein. Aan de Stenenkamerseweg is een clustering van bedrijvigheid. Aan de noordkant van de Stenenkamerseweg 20-22 zijn gevestigd: Van de Mheen Grondwerken B.V., een grond- en afvalwerkingsbedrijf met een afvalbrengstation; Van de Mheen Rail B.V., dat zich richt zich op machine- en materieelverhuur voor spoorwegvernieuwingen onderhoud, in- en verkoop van spoormaterialen. Aan de zuidkant van de Stenenkamerseweg bevindt zich bouwbedrijf J. Timmer B.V. en het gelijknamige kalverenbedrijf.

Aan de Bijsterenseweg 18 bevindt zich het gas- en oliehandelsbedrijf R. Guliker Beheer Putten B.V.

Aan Nijkerkerstraat 32a bevindt zich groothandel in bouwmaterialen Van den Hoek. Ten zuiden van het plangebied bevindt zich aan de Vikarienweg een paardenfokkerij en -pension en aan de Nijkerkerstraat een biologische varkenshouderij. Overige functies nabij het plangebied Ten noordwesten van het meest noordelijk gelegen deelgebied staat het uit de jaren '30 daterende NS-station. De spoorlijn Amersfoort-Zwolle fungeert als harde begrenzing van delen van het plangebied. Nabij de deelgebieden zijn gelijkvloerse spoorwegovergangen. Van noord naar zuid: ter hoogte van het station bij de Stationsstraat/Zuiderzeestraatweg, de Stenenkamerseweg, de Bijsterenseweg en de Arkemheenseweg. In de nabijheid van de deelgebieden loopt een hoogspanningsverbinding (ter plaatse van de bedrijvigheid van Van de Mheen). Deze hoogspanningsverbinding bestaat uit staande masten met daartussen de geleiders. Het betreft een 150 kV bovengrondse hoogspanningsleiding. Door het plangebied lopen tevens twee gasleidingen van de Gasunie. De noord-zuid gelegen gasleiding heeft een diameter van 914 mm en druk van 66,2 bar en de oost-west gelegen gasleiding een diameter van 108 mm en een druk van 40 bar.

12

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

2.2

Toekomstige situatie (fase 1)

In de toekomstige situatie wordt een bedrijventerrein ontwikkelt van bruto 11 ha. Hiervan is 7,2 ha netto uitgeefbare grond en de overige hectares zijn nodig voor de (toegangs)wegen voor het bedrijventerrein en zaken als groenvoorzieningen of waterpartijen. In fase 1, waarvoor dit bestemmingsplan is gemaakt, wordt er netto 5,8 ha uitgeefbare grond mogelijk gemaakt. In het plangebied worden bedrijven met een lichte milieucategorisering toegestaan. Het bedrijventerrein is voornamelijk voor bedrijven van milieucategorie 1, 2 en 3.1. Afhankelijk van de afstand tot andere functies is categorie 3.2 toegestaan. De kavelgroottes liggen nog niet vast, maar mogen conform provinciale regels maximaal 5000 m2 groot zijn. Zo kan op basis van de daadwerkelijke inschrijving een indeling gemaakt worden, variërend van een grote kavel voor één bedrijf tot een bedrijfsverzamelgebouw. Op het bedrijventerrein Henslare worden geen nieuwe bedrijfswoningen toestaan. Bij de ontwikkeling van het nieuwe bedrijventerrein wordt volledig ingezet op een verkeerskundige ontsluiting voor zwaar verkeer via de Henslare. Een deel van de gronden binnen bedrijventerrein Henslare wordt door de gemeente Putten uitgegeven. Een ander deel van het plangebied wordt uitgegeven door ontwikkelende partij(en), die reeds grondpositie hebben binnen het aangewezen gebied voor bedrijventerrein Henslare.

Zij beroepen zich op zelfrealisatie. Voor de gronden van de ontwikkelende partij(en) wordt in de anterieure overeenkomst(en) tussen de gemeente en de ontwikkelende partij(en) vastgelegd dat de ontwikkelende partij(en) ook het uitgiftebeleid Henslare toepassen. Om een indicatie te geven hoe bedrijventerrein Henslare eruit kan gaan zien, is in het Beeldkwaliteitsplan een hoofdopzet van het bedrijventerrein gemaakt (afbeelding 2.2). De verkaveling staat op dit moment nog niet vast. Op basis van de definitieve inschrijving is exact bekend aan welke grootte kavels behoefte is en wordt op basis daarvan een definitief stedenbouwkundig plan gemaakt.

Afbeelding 2.2 Hoofdopzet bedrijventerrein Henslare (bron: Beeldkwaliteitsplan)

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

13

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

14

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

2.3

Doorkijk naar fase 2

Voor de tweede fase van bedrijventerrein Henslare zijn twee varianten uitgewerkt. Twee varianten betekent dat óf de ene variant, óf de andere variant wordt gerealiseerd, niet beide varianten. In de eerste variant worden de gronden dichtbij het station tussen de Henslare en het spoor benut, ten zuiden van het meest noordelijke deelgebied van dit bestemmingsplan. De gronden zijn op afbeelding 2.3 aangeduid met een rode onderbroken lijn. Voor het noordelijk deel is meer tijd nodig om de mogelijkheden te onderzoeken. Vooralsnog blijkt uit onderzoek dat er nauwelijks ontwikkelmogelijkheden zijn op deze plek. Externe veiligheid vormt een te grote belemmering voor het realiseren van bedrijfspanden. De grondeigenaren/ontwikkelcombinatie heeft een globaal voorstel ingediend met maatregelen op het gebied van externe veiligheid. De Omgevingsdienst heeft op basis van het globale voorstel geconcludeerd dat meer tijd nodig is om tot een plan te komen dat voldoet aan alle externe veiligheidseisen. Daarom is het op dit moment niet mogelijk om in dit bestemmingsplan een 'wetgevingszone - wijzigingsgebied' op te nemen voor het noordelijk deel. Hiervoor zal ter zijner tijd een afzondelijke ruimtelijke procedure moeten worden doorlopen. Het alternatief van fase 2 is het ontwikkelen van de zuidelijke variant, de gronden ten oosten van de Brijstroetweg en ten zuiden van de gronden van fase 1.

Voor deze gronden is wel een wijzigingsbevoegdheid opgenomen, omdat deze gronden onderdeel waren van de milieuonderzoeken die ten grondslag liggen aan dit bestemmingsplan. De betreffende gronden zijn op afbeelding 2.3 aangeduid met een rode onderbroken lijn. Op de verbeelding van dit bestemmingsplan zijn deze gronden aangeduid als 'wetgevingszone - wijzigingsgebied'. De regels voor dit wijzigingsgebied staan in Artikel 16 van de regels. Fase 2, in welke variant dan ook, is geen onderdeel van deze bestemmingsplanprocedure. Op het moment dat duidelijk is welke variant van fase 2 uitgevoerd gaat worden (noord of zuid), dan worden voor dit deel de plannen verder uitgewerkt en de bijbehorende ruimtelijke procedure doorlopen.

Afbeelding 2.3 Gronden voor fase 2 bedrijventerrein Henslare (aangegeven met rode onderbroken lijn)

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

15

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

16

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

2.4

Beeldkwaliteit

Parallel aan het opstellen van voorliggend bestemmingsplan is een beeldkwaliteitsplan opgesteld. Het doel van het beeldkwaliteitsplan is het vastleggen van de gewenste beeldkwaliteit van het bedrijventerrein. In het beeldkwaliteitsplan is uitgegaan van een planopzet gelijk aan het bestemmingsplan. Dit beeldkwaliteitsplan is onderdeel van voorliggend bestemmingsplan (opgenomen in Bijlage 2 bij de regels).

2.5

Klimaatadaptatie

Eén van de randvoorwaarden voor het bedrijventerrein Henslare die is opgenomen in de Gebiedsvisie Henslare is dat klimaatadaptatie een aantoonbaar onderdeel van de bouw- en ondernemingsplannen wordt. De maatregelen dienen aan te sluiten bij de gemeentelijke ambities. In de regels van het bestemmingsplan zijn regels opgenomen in het kader van klimaatadaptatie. Bij de inrichting van het plangebied worden maatregelen getroffen om hittestress en wateroverlast te voorkomen. Dit wordt verder toegelicht in paragraaf 4.13. Verder is het bedrijventerrein aardgasvrij en het is de bedoeling dat bedrijven bijvoorbeeld zonnepanelen op hun daken leggen.

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

17

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

Hoofdstuk 3

Beleidskader

In dit hoofdstuk worden voor onderhavig plan relevante ruimtelijk beleid en wet- en regelgeving beschreven. Aangegeven wordt wat de relatie is tussen het plan en het beleid en wordt getoetst of het plan in overeenstemming is met het geldende beleid.

3.1

Rijksbeleid

3.1.1

Omgevingswet

De Omgevingswet (Ow) treedt op 1 januari 2024 in werking. De Omgevingswet betreft een wet die een verregaande vereenvoudiging van het stelsel van wetgeving voor de ontwikkeling en het beheer van de leefomgeving (Omgevingsrecht) beoogt, door tientallen op dit moment vigerende wetten en honderden regels te bundelen in één nieuwe wet. De wet betekent een aanzienlijke inhoudelijke reductie van regels op het terrein van water, lucht, bodem, natuur, infrastructuur, gebouwen en cultureel erfgoed. Het overgangsrecht in de Invoeringswet Omgevingswet (IOw) en het Invoeringsbesluit Omgevingswet regelt de verhouding tussen nieuwe en bestaande regelgeving. Paragraaf 11.2 van de IOw bevat het overgangsrecht voor de kerninstrumenten van de Ow: de Omgevingsvisie, programma's, het omgevingsplan, de omgevingsverordening en waterschapsverordening, algemene rijksregels, de omgevingsvergunning, het projectbesluit en instructieregels. De uitwerking van het overgangsrecht kan overigens nog wijzigen in de parlementaire behandeling van het wetsvoorstel voor de Invoeringswet Omgevingswet. Relatie bestemmingsplan met de Omgevingswet Op het moment van inwerkingtreding van de Omgevingswet, gaat dit bestemmingsplan op in het omgevingsplan van de gemeente. Bij inwerkingtreding van de Omgevingswet heeft namelijk iedere gemeente van rechtswege één omgevingsplan (artikel 22.1 Ow).

Het overgangsrecht, beschreven in de Invoeringswet Omgevingswet (IOw), regelt dat de gemeente in 2024 in ieder geval een omgevingsplan heeft dat gevuld is met (1) de regels die van rijksniveau naar gemeenteniveau gaan en (2) de bestaande ruimtelijke plannen en een aantal verordeningen (artikel 1.1, onderdeel JI IOw). Deze twee onderdelen vormen samen het tijdelijk deel van het omgevingsplan. Procedure en wijzigen bestemmingsplan op onderdelen Het oude recht is van toepassing op procedures die voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet zijn gestart. Op dit bestemmingsplan is daarom de Omgevingswet nog niet van toepassing, omdat de officiële procedure van dit bestemmingsplan gestart is voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Ook is het overgangsrecht nu zo ingestoken dat alles wat in bestemmingsplannen, beheersverordeningen en omgevingsvergunningen is geregeld in feite gewoon geldig blijft na inwerkingtreding, als onderdeel van het omgevingsplan. Daarbij dient opgemerkt te worden dat deze 'oude situatie' vanaf de invoering van de Omgevingswet wordt bevroren. Het is na invoering bijvoorbeeld niet meer mogelijk om het bestemmingsplan te wijzigen, ook niet op ondergeschikte punten. Daarvoor zal voor de gehele locatie een nieuw omgevingsplan moeten worden vastgesteld waarin het 'oude' bestemmingsplan in zijn geheel zal worden vervangen (artikel 2.26 Ow).

Hiervoor hoeft niet het hele omgevingsplan al te zijn opgesteld, het kan ook een deelvaststelling zijn van het omgevingsplan. De bevoegheid van burgemeester en wethouders om gebruik te maken van een wijzigingsbevoegdheid in een bestemmingsplan, komt te vervallen. De gemeenteraad heeft hierop geanticipeerd en op 3 februari 2022 een raadsbesluit genomen waarin de raad voor bepaalde ontwikkelingen de bevoegheid voor het op onderdelen wijzigen van het Omgevingsplan bij het college neerlegt. In het besluit staat dat de raad 'het college van burgemeester en wethouders de bevoegheid geeft om, na inwerkingtreding van de Omgevingswet, het omgevingsplan te wijzigen, met dien verstande dat dit alleen wijzigingen betreffen die voorheen waren vastgelegd in binnenplanse wijzigingsbevoegheden of uit te werken bestemmingen in de door gemeenteraad vastgestelde bestemmmingsplannen'. De datum van inwerkingtreding van dit 18

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare besluit is gelijk aan de datum waarop de Omgevingswet in werking treedt. Bovendien kan een college met een Buitenplanse Omgevingsactiviteit (BOPA) afwijken van het Omgevingsplan. De in het bestemmingsplan opgenomen wijzigingsbevoegdheid kan daarbij als onderdeel van de motivatie worden gebruikt.

3.1.2

Nationale omgevingsvisie

Op 11 september 2020 is de Nationale omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld. De NOVI vervangt de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR). De NOVI stelt een nieuwe aanpak voor: integraal, samen met andere overheden en maatschappelijke organisaties, en met meer regie vanuit het Rijk. De NOVI beschrijft een toekomstperspectief met ambities. Daarnaast beschrijft de NOVI nationale belangen in de fysieke leefomgeving en de daaruit voortkomende opgaven. Die opgaven zijn in feite het verschil tussen de ambitie en de huidige situatie en verwachte ontwikkelingen. Waar de opgaven vragen om een geïntegreerde benadering, komen deze samen in vier prioriteiten: ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; een duurzaam en (circulair) economisch groeipotentieel; sterke en gezonde steden en regio's; een toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. De NOVI beschrijft 21 nationale belangen. De volgende belangen zijn van toepassing op de voorgenomen ontwikkeling: realiseren van een goede leefomgevingskwaliteit; waarborgen en versterken van een aantrekkelijk ruimtelijk-economisch vestigingsklimaat; beperken van klimaatverandering. Realiseren van een goede omgevingskwaliteit Een goede omgevingskwaliteit is onderdeel van de centrale doelstelling van de Omgevingswet en als zodanig van nationaal belang.

Dit gaat om het belang van cultureel erfgoed, architectonische kwaliteit van bouwwerken, stedenbouwkundige kwaliteit en kwaliteit van natuur en landschap. Het gaat daarnaast ook om de menselijke beleving van de fysieke leefomgeving, de effecten die de omgeving heeft op mensen, en om de intrinsieke waarden die de maatschappij toekent aan de identiteit van gebieden en aan dier- en plantsoorten. De in de NOVI gehanteerde term leefomgevingskwaliteit omvat zowel de ruimtelijke kwaliteit als de milieukwaliteit van de fysieke leefomgeving. Onder ruimtelijke kwaliteit komen de gebruiks-, belevings- en toekomstwaarde samen. Milieukwaliteit heeft betrekking op waarden die wij toekennen aan een gezonde en veilige woon-, werk- en leefomgeving. Waarborgen en versterken van een aantrekkelijk ruimtelijk-economisch vestigingsklimaat De NOVI beschrijft dat een concurrerende, duurzame en circulaire economie in heel Nederland de basis is van de welvaart van Nederland, nu en in de toekomst. Nederland behoort tot de wereldwijde top van de meest concurrerende en dynamische kenniseconomieën. Nederland wil voorop lopen in de ontwikkeling, toepassing en export van slimme en duurzame producten, diensten en technologieën.

De opgave die bij dit nationaal belang hoort betreft het zorgen voor en excellent vestigingsklimaat met optimale (internationale) bereikbaarheid, een aantrekkelijke, groene, veilige en gezonde leefomgeving en een op de vraag afgestemd aanbod van ruimte voor bedrijvigheid, waarbij overschotten en tekorten voorkomen worden. Beperken klimaatverandering In het akkoord van Parijs is afgesproken de mondiale klimaatverandering te beperken tot ruim onder de twee graden temperatuurstijging ten opzichte van pre-industrieel niveau en te streven naar 1,5 graad, om de risico's en gevolgen van klimaatverandering significant te beperken. Ook is afgesproken om zo snel mogelijk een mondiale piek in de emissies te bereiken en daarna afname van emissies. Het doel is in

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

19

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare de tweede helft van de eeuw een balans tussen antropogene emissies en vastlegging van broeikasgassen te realiseren. Nederland heeft zich hieraan gecommitteerd. Het is van nationaal belang om de internationaal afgesproken doelen te halen en de in de Klimaatwet vastgelegde bijdragen aan het tegengaan van klimaatverandering te leveren. Relatie bestemmingsplan met de NOVI Met de voorgenomen ontwikkeling wordt invulling gegeven aan bovengenoemde nationale belangen. Allereerst biedt het bedrijventerrein Henslare ruimte voor bedrijven die momenteel gevestigd zijn op binnenstedelijke locaties in Putten. Dit gaat om bedrijven die hinder veroorzaken voor de nabijgelegen woonbestemmingen. Deze hinder bestaat onder andere uit geluid, trillingen, geur en verkeer. Door het verplaatsen van de bedrijvigheid naar het bedrijventerrein Henslare wordt een goede omgevingskwaliteit gerealiseerd voor de inwoners in binnenstedelijke locaties in Putten. Daarnaast bevordert de ontwikkeling van het bedrijventerrein Henslare de mogelijkheden voor kennisontwikkeling, innovaties en nieuwe producten door ondernemers te centreren op één locatie. Het bedrijventerrein Henslare is ontsloten door de provinciale weg de N798 (Nijkerkerstraat) en het NS-treinstation gelegen ten noordwesten van het meest noordelijk gelegen deelgebied.

Hierdoor zijn zowel de randstad als de provincie Gelderland goed te bereiken. Daarmee sluit de voorgenomen ontwikkeling aan bij het waarborgen en versterken van een aantrekkelijk ruimtelijk-economisch vestigingsklimaat. Tot slot is het thema duurzaamheid als één van de randvoorwaarden voor het bedrijventerrein Henslare. In de Gebiedsvisie Henslare is opgenomen dat duurzaamheid een aantoonbaar onderdeel wordt bij de bouw- en ondernemingsplannen. De energietransitie is een grote pijler in de ontwikkeling van het bedrijventerrein Henslare. Het bedrijventerrein wordt aardgasvrij gemaakt en bedrijven en inwoners worden gestimuleerd om zonnepanelen aan te leggen op de daken. Naast het beperken van klimaatverandering staat ook klimaatadaptatie hoog in het vaandel. Bij de inrichting van het plangebied worden maatregelen getroffen om wateroverlast, droogte en hitte te vermijden. Conclusie Het bestemmingsplan past binnen de nationale belangen beschreven in de NOVI.

3.1.3

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening

Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) bevestigt in juridische zin de kaderstellende uitspraken uit de NOVI ten aanzien van de daarin genoemde nationale belangen. Door de nationale belangen vooraf in bestemmingsplannen te borgen, wordt met het Barro bijgedragen aan de versnelling van de besluitvorming bij ruimtelijke ontwikkelingen en vermindering van de bestuurlijke drukte. Relatie bestemmingsplan met het Barro Dit plan raakt geen Rijksbelangen zoals deze zijn genoemd in het Barro. Conclusie Het bestemmingsplan staat de Rijksbelangen van het Barro niet in de weg.

20

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

3.1.4

Ladder voor duurzame verstedelijking

De ladder voor duurzame verstedelijking is een instrument voor efficiënt ruimtegebruik. Op 1 juli 2017 is het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) gewijzigd, waarbij een nieuwe laddersystematiek geldt. Deze regeling staat beschreven in artikel 3.1.6 Bro. Het bevoegd gezag moet voldoen aan een motiveringsvereiste als nieuwe stedelijke ontwikkelingen planologisch mogelijk worden gemaakt via een bestemmingsplan, uitwerkings- of wijzigingsplan, of een omgevingsvergunning. Zo bevat een dergelijk plan een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het plan een ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in de behoefte kan worden voorzien. De laddertoets moet worden uitgevoerd wanneer sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Een stedelijke ontwikkeling is in het Bro gedefinieerd als een 'ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen'. Of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van de ontwikkeling in relatie tot de omgeving. Mede aan de hand van jurisprudentie is duidelijk welke ontwikkelingen al dan niet worden aangemerkt als (nieuwe) stedelijke ontwikkeling.

Traptrede 1: is er een (regionale) behoefte? De eerste trede van de 'ladder' richt zich op het in beeld brengen van de actuele regionale behoefte aan (in dit geval) ruimte voor bedrijvigheid. Traptrede 2: kan het binnenstedelijk? De tweede trede van de 'ladder' richt zich op het in beeld brengen van de noodzaak voor het bouwen buiten het stedelijk gebied. Traptrede 3: kan het multimodaal? De Ladder voor duurzame verstedelijking vraagt, na het aflopen van trede 1 en 2, om een analyse van het aanbod van multimodaal ontsloten locaties buiten stedelijk gebied (trede 3). Laddertoets ontwikkeling van dit bestemmingsplan Uit behoefteonderzoek van de gemeente Putten (juli 2019) blijkt dat in Putten en de nabije omgeving behoefte is aan een uitbreiding van het bedrijvenareaal. Daarnaast is verplaatsing van bestaande bedrijvigheid op binnenstedelijke locaties noodzakelijk om een goede omgevingskwaliteit te waarborgen voor bewoners op deze locaties. Dit uit zich in de behoefte voor bedrijventerrein Henslare (traptrede 1). Eén van de redenen om het bedrijventerrein Henslare te ontwikkelen is vanwege de hinder die bedrijven op binnenstedelijke locaties op dit moment veroorzaken voor de nabijgelegen woonbestemmingen. Deze hinder bestaat onder andere uit geluid, trillingen, geur en verkeer.

Het bedrijventerrein Henslare biedt uitplaatsingsmogelijkheden voor dergelijke ondernemingen zodat ze hun bedrijfsvoering door kunnen zetten. De vrijgekomen locaties worden waar mogelijk ontwikkelt ten behoeve van de woningbouw (stedelijke inbreiding). De voorgenomen ontwikkeling is niet wenselijk binnenstedelijk (traptrede 2). Het plangebied is gelegen aan de westrand van Putten. Aan de westkant heeft de dorpsrand de meeste dynamiek, waarbij de spoorlijn als de harde begrenzing van Putten fungeert. Het bedrijventerrein Henslare kan zich ontwikkelen als een overgangsgebied tussen dorp en het landelijk gebied. Ten slotte is het plangebied multimodaal ontsloten (traptrede 3). Het bedrijventerrein Henslare is ontsloten door de provinciale weg de N798 (Nijkerkerstraat) en het NS-treinstation gelegen ten noordwesten van het meest noordelijk gelegen deelgebied.

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

21

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare Conclusie Op basis van de traptreden van de Ladder voor duurzame ontwikkeling is de locatiekeuze voor het bedrijventerrein Henslare beargumenteerd. Het bestemmingsplan is in overeenstemming met artikel 3.1.6 van het Bro.

3.2

Provinciaal beleid

3.2.1

Omgevingsvisie Gaaf Gelderland 2018

Provinciale Staten van Gelderland hebben op 19 december 2018 de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland 2018 vastgesteld. De omgevingsvisie is het strategisch kader voor de ruimtelijke en economische ontwikkeling van Gelderland tot 2030, met in sommige gevallen een doorkijk naar de periode daarna. De omgevingsvisie geeft met behulp van zeven onderwerpen richting aan het realiseren van een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland: energietransitie; klimaatadaptatie; circulaire economie; biodiversiteit; bereikbaarheid; economisch vestigingsklimaat; woon- en leefomgeving. De provincie Gelderland wenst op basis van deze zeven onderwerpen de ruimtelijk en economische ontwikkeling van Gelderland te bevorderen. De thema's energietransitie, klimaatadaptatie, bereikbaarheid en economisch vestigingsklimaat zijn voor de voorgenomen ontwikkeling het meest relevant. Energietransitie De provincie Gelderland heeft het streven om in 2050 volledig klimaatneutraal te zijn. Om dit doel te bereiken zet de provincie Gelderland in op duurzame opwekking. Wind, zon, biomassa, waterstof, geoen aquathermie en waterkracht; ze zijn allemaal van belang en nodig. Daarnaast wordt ingezet op energiebesparing en het terugdringen van het energieverbruik door isolatie en efficiëntere toepassingen: in huizen en gebouwen, bij verkeer en vervoer, in de industrie, in de landbouw.

Klimaatadaptatie De provincie Gelderland wil zich voorbereiden op het veranderende klimaat. Allereerst wordt in gezet op het tegengaan van de risico's en gevaren van de klimaatverandering. De provincie Gelderland streeft ernaar om in 2050 optimaal beschermd te zijn en te kunnen meebewegen met het veranderende klimaat. Bij de aanleg, inrichting, veiligheid en leefbaarheid van de gebouwde omgeving - steden, dorpen, bedrijventerreinen - moeten de gevolgen van het veranderende klimaat mee worden genomen. De provincie heeft het voornemen om dit in samenspraak met de belanghebbende partners te doen. Bereikbaarheid Bereikbaarheid wordt door de provincie Gelderland als een kritische succesfactor voor een verbonden samenleving en een krachtige, duurzame Gelderse economie beschouwd. In de Omgevingsvisie worden meerder speerpunten genoemd om de bereikbaarheid van de provincie te bevorderen. Eén daarvan is het voorkomen en oplossen van knelpunten door te bekijken hoe bedrijventerreinen kunnen worden geclusterd. Economisch vestigingsklimaat Gelderland heeft een unieke ligging op de oostwest-as en de noord-zuid-as van ons land: een strategische en aantrekkelijke positie te midden van andere sterke regio's - Amsterdam (Randstad), Brussel (Vlaamse Ruit), Keulen (Rheinland). Juist door de bijzondere kwaliteiten en veelzijdigheid van

22

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare Gelderland - haar natuur, groene steden op menselijke schaal, kennisinfrastructuur, cultuur, recreatie en toerisme en sport - kan zij zich verder ontwikkelen als ideale vestigingsplek en uitval locatie om te werken en te wonen. De provincie Gelderland wil dan ook een krachtige impuls aan de regionale economie en arbeidsmarkt geven. Gelderland wil de aantrekkingskracht van de Gelderse regio's vergroten, zodat mensen hier willen (blijven) wonen en zich willen binden aan Gelderland. Gelderland heeft sterke troeven: Health, Energy, Tech, Food, Logistiek, een sterk midden- en kleinbedrijf. Deze bedrijven wil Gelderland volop de ruimte geven, maar wel op voorwaarde dat ook bijgedragen wordt aan het duurzaamheidsvraagstuk. Want schoon en groen is het uitgangspunt. Verplichte planfiguren Naast deze onderwerpen zijn een vijftal wettelijk verplichte beleidssectoren, door de provincie Gelderland be-schreven als planfiguren, voor het provinciaal beleid voor de leefomgeving opgesteld. Dit zijn de volgende planfiguren: ruimtelijk beleid; waterbeleid; verkeers- en vervoersbeleid; milieubeleid; natuur- en landschapsbeleid. Per beleidsthema (behalve verkeer en vervoer) is een themakaart in de Omgevingsvisie beschikbaar. Deze kaarten bevatten aanduidingen die voor het plangebied van belang zijn.

Het plangebied is weergegeven op de themakaarten 'Ruimtelijk beleid' en 'Waterbeleid'. Ruimtelijk beleid Dit beleid is gericht op het versterken van een toekomstbestendige en duurzame economische structuur in de provincie en regio's. Met het ruimtelijk beleid wordt richting gegeven aan de vestigingsmogelijkheden en milieugebruiksruimte voor bedrijven. Het provinciaal belang is gelegen in het vergroten van de ruimtelijke kwaliteit. De klimaatbestendigheid dient te worden vergroot, de mogelijkheden om zonne- en windenergie op te wekken zijn in kaart gebracht en de natuur- en landschappelijke kwaliteit dienen te blijven behouden. Waterbeleid De hoofdzaken van het provinciaal beleid voor water zijn gericht op een veerkrachtig en duurzaam wateren bodemsysteem. Dit systeem bestaat uit bodem en ondergrond, grondwater en oppervlaktewater en is duurzaam als het ook in de toekomst kan blijven functioneren en in stand kan worden gehouden tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten. De provincie onderschrijft de ambitie van de Europese Kaderrichtlijn Water dat uiterlijk in 2027 het grond- en oppervlaktewater in Europa schoon en ecologisch gezond moet zijn en dat er voldoende water is voor duurzaam gebruik en voert deze uit.

De beschermde gebieden voor grondwater, waterberging, de Kaderrichtlijn Water en Natura 2000 zijn leidend bij de uitwerking van dit beleid in programma's of in kaders in de verordening. Relatie bestemmingsplan met Omgevingsvisie Gaaf Gelderland 2018 Met onderhavig bestemmingsplan wordt invulling gegeven aan de verschillende thema's die worden besproken in de Omgevingsvisie. Allereerst wordt met de ontwikkeling van bedrijventerrein Henslare ruimte geboden aan bedrijven die momenteel gevestigd zijn op binnenstedelijke locaties in Putten. Bedrijventerrein Henslare biedt hiermee vestigingsmogelijkheden en milieugebruiksruimte voor lokale ondernemers. Dit gaat om bedrijven die in de huidige situatie hinder veroorzaken voor de nabijgelegen woonbestemmingen. Door het verplaatsen van de bedrijvigheid naar het bedrijventerrein Henslare wordt een goede omgevingskwaliteit gerealiseerd voor de inwoners in binnenstedelijke locaties in Putten. Het plangebied is multimodaal ontsloten en geeft daarmee invulling aan het speerpunt om de bereikbaarheid van de provincie te bevorderen. Onder dit speerpunt valt ook het voorkomen en oplossen van knelpunten door te bekijken hoe bedrijventerreinen kunnen worden geclusterd. Met het bedrijventerrein Henslare

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

23

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare wordt bestaande bedrijvigheid samengevoegd met nieuwe bedrijvigheid binnen het plangebied. Daarnaast is het thema duurzaamheid één van de randvoorwaarden voor bedrijventerrein Henslare. In de Gebiedsvisie Henslare is opgenomen dat duurzaamheid een aantoonbaar onderdeel wordt bij de bouwen ondernemingsplannen. Wateroverlast, droogte en hitte worden zoveel mogelijk vermeden bij de inrichting van het plangebied. Het plangebied is niet aangemerkt als grondwaterbeschermingsgebied, waterbergingsgebied of Natura 2000-gebied. En vormt daarmee geen belemmering voor het plangebied. Conclusie Het bestemmingsplan is in overeenstemming met de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland 2018. 3.2.2

Omgevingsverordening Gelderland

Het moederplan van de Omgevingsverordening Gelderland is vastgesteld op 24 september 2014. De laatste wijzigingen zijn doorgevoerd op 31 maart 2021. De omgevingsverordening geeft regels voor de fysieke leefomgeving. Regels water en milieu Het plangebied is opgenomen in de thema kaart van de verordening met regels voor water en milieu. In gevolge artikel 3.33 van de verordening is het verboden in de aangegeven gebieden werken tot stand te brengen of handelingen te verrichten ten behoeve van de winning van fossiele energie. Dit gebied wordt het intrekgebied genoemd. Het Intrekgebied ligt als een nog veel grotere cirkel om het Waterwingebied. Regenwater dat hier in de bodem zakt, kan 'binnen duizend jaar bij een Waterwingebied zijn. De winning van fossiele energie, zoals aardgas, aardolie, schaliegas en steenkoolgas is in deze gebieden niet toegestaan. Relatie bestemmingsplan met Omgevingsverordening Met onderhavig bestemmingsplan wordt de winning van fossiele energie niet mogelijk gemaakt. Conclusie Het bestemmingsplan is in overeenstemming met de regels van de Omgevingsverordening Gelderland (maart 2021).

3.3

Regionaal beleid

3.3.1

Regionaal Programma Werklocaties Noord-Veluwe

Op 12 november 2019 is het Regionaal Programma Werklocaties Noord-Veluwe (RPW) vastgesteld door acht betrokken Noord-Veluwse gemeenten (waaronder de gemeente Putten) en Gedeputeerde Staten provincie Gelderland. Met het bedrijventerreinenbeleid willen de betrokken gemeenten een bijdrage leveren aan het verhogen van de (ruimtelijke) kwaliteit. Bedrijventerrein hebben bijvoorbeeld ook een rol in relatie tot energietransitie, klimaatadaptie en biodiversiteit. De Ladder voor duurzame verstedelijking wordt in de RPW als uitgangspunt voor de regionale programmering gehanteerd: er wordt gestreefd naar een goede balans tussen vraag en aanbod. Niet alleen in kwantiteit (de hectares) maar vooral ook in kwaliteit (ieder bedrijf op de juiste plek en een goede ruimtelijke ordening). Het RPW heeft als doel zorgvuldig met de ruimtebehoefte om te gaan en de kwaliteit van het vraag en aanbod zo goed mogelijk bij elkaar te brengen. Toekomstige plannen voor nieuwe bedrijventerreinen of uitbreidingen van bestaande bedrijventerreinen kunnen enkel worden ontwikkeld wanneer een concrete behoefte is onderbouwd volgens de systematiek van de Ladder voor duurzame verstedelijking.

24

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

Relatie bestemmingsplan met het Regionaal Programma Werklocaties Noord-Veluwe In het RPW hebben de provincie Gelderland en de omliggende gemeenten akkoord gegeven op de ontwikkeling van het bedrijventerreinen Henslare. Het bedrijventerrein Henslare wordt in de RPW aangehaald als een voorbeeld waar de concrete behoefte is onderbouwd volgens de systematiek van de Ladder voor duurzame verstedelijking. De gemeente Putten heeft de ambitie binnenstedelijke locaties te transformeren naar woningbouw zodat elders ruimte voor een nieuw bedrijventerrein ontstaat dat aansluit bij de kwalitatieve behoefte. Conclusie Het bestemmingsplan is in overeenstemming met het Regionaal Programma Werklocaties Noord-Veluwe.

3.3.2

Regionaal waterbeleid

Regionaal beleid voor water wordt opgesteld door het waterschap Vallei en Veluwe en de provincie Gelderland. Hierbij draagt de provincie de verantwoordelijkheid voor het diepe grondwater en het waterschap is verantwoordelijk voor het ondiepe grondwater, het watersysteem en het zuiveren van afvalwater. Waterschap Vallei en Veluwe Het waterschap Vallei en Veluwe heeft een waterbeheerprogramma 'Blauw omgevingsprogramma 2022-2027' en is een kerninstrument onder de Omgevingswet en bevat naast de verplichte onderdelen van het programma (zoals Kader Richtlijn Water (KRW), Richtlijn Overstromings Risico's (ROR), zwemwaterrichtlijn) ook een niet verplicht deel. Paragraaf 2.3.1 van de Waterparagraaf gaat hier verder op in. Daarnaast heeft het waterschap toegespitst beleid en beleidsregels op de verschillende thema's en speerpunten uit het waterbeheerprogramma: de Keur en de Legger. Ook heeft het waterschap een eigen verordening: de Keur met bijbehorende uitvoeringsregels. Paragraaf 2.3.1 van de Waterparagraaf gaat hier verder op in. Provincie Gelderland De visie op verschillende waterthema's zoals beschreven in de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland 2018 worden verder uitgewerkt in het Regionaal Waterprogramma Gelderland. Paragraaf 2.3.1 van de Waterparagraaf gaat hier verder op in.

Relatie bestemmingsplan met het regionaal waterbeleid Zie paragraaf 4.6 Water.

Conclusie Het waterbeleid vormt geen belemmering voor de realisatie van het bedrijventerrein Henslare. Het waterschap wordt betrokken bij de verdere uitwerking van het bestemmingsplan t.a.v. de waterhuishouding in het gebied.

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

25

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

3.4

Gemeentelijk beleid

3.4.1

Structuurvisie Putten 2030

De gemeenteraad van Putten heeft op 5 maart 2015 de Structuurvisie Putten 2030 vastgesteld. Op 4 februari 2021 is de Structuurvisie deels gewijzigd (juridische borging doelgroepenbeleid en vereveningsfonds voor goedkope woningen). De Structuurvisie geeft op hoofdlijnen een toekomstbeeld van de gewenste ruimtelijke inrichting van de gemeente. Ten aanzien van de bedrijvigheid aan de Ambachtstraat wordt ingezet op transformatie waarbij het terrein zal verkleuren naar een woongebied. Bestaande bedrijven moeten een plek krijgen op de andere bedrijventerreinen binnen Putten. Op termijn is de verwachting dat de bedrijventerreinen vol zitten en dat er behoefte ontstaat aan uitbreidingsruimte. In het gebied tussen station, Keizerswoert en de woonwijk Bijsteren wordt ingezet op de ontwikkeling van een woon-werkgebied met ruimte voor niet hinderlijke bedrijvigheid, kantoren en dienstverlening. De Henslare wordt doorgetrokken naar de Stationsstraat. Voor het gebied rond de Henslare zijn woon-werkkavels beoogd.

Afbeelding 3.1 Uitsnede kaart Structuurvisie Putten 2030

Relatie bestemmingsplan met Structuurvisie Putten 2030 De ontwikkeling van het gebied Henslare als bedrijventerrein sluit aan op de ontwikkelingsrichtingen zoals die in de Structuurvisie Putten 2030 zijn aangegeven. De doortrekking van de Henslare is inmiddels gerealiseerd. Aan de oostkant van de Henslare is de woonwijk Rimpeler in ontwikkeling. Aan de westzijde van de Henslare is ontwikkelingsruimte. In het bestemmingsplan wordt hier o.a. ruimte geboden voor de verplaatsing van bedrijven van de Ambachtsstraat en bedrijven die elders binnen de

26

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare gemeente hinder veroorzaken, en voor nieuwe bedrijvigheid, waarmee invulling wordt gegeven aan de geconstateerde uitbreidingsbehoefte. Conclusie Het bestemmingsplan is in overeenstemming met de Structuurvisie Putten 2030.

3.4.2

Gebiedsvisie Henslare

De gemeenteraad heeft op 10 maart 2022 de gebiedsvisie voor bedrijventerrein Henslare vast-gesteld. Daarnaast heeft de gemeenteraad een amendement "Ruimte voor ondernemers" aanvaard, waarmee is besloten tot een nader onderzoek naar de ontwikkelmogelijkheden voor het noordelijk deel van het bedrijventerrein binnen de risicocontour van het bedrijf Benegas. In afwijking van de eerder vastgestelde Structuurvisie is bij de vaststelling van de Gebiedsvisie besloten om in Henslare geen woon-werklocaties te ontwikkelen, maar om in te zetten op een monofunctioneel bedrijventerrein waar geen (nieuwe) bedrijfswoningen zijn toegestaan. De gebiedsvisie geeft de ruimtelijke onderbouwing voor de ontwikkeling van het bedrijventer-rein Henslare. De gebiedsvisie moet beschouwd worden als een integraal onderdeel van deze bestemmingsplantoelichting. Afbeelding 3.2 Kaart gebiedvisie Henslare

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

27

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

De gebiedsvisie is gestoeld op vijf visiepijlers: 1. 2. 3. 4. 5.

Borg en ontwikkel de groene dorpsentrees; Borg de bebouwingslintkwaliteit van de Stenenkamerseweg; Henslare als hoofdontsluiting voor het bedrijventerrein; Verweven van de landschappelijke onderlegger in het ontwerp; Een brinkdorp van bedrijvigheid.

Relatie bestemmingsplan met Gebiedsvisie Henslare De gebiedsvisie biedt de basis voor de vaststelling van het bestemmingsplan Henslare. In het ontwerp is rekening gehouden met de aangegeven pijlers: Visiepijler 1. Aan de randen van het bedrijventerrein zijn groenbestemmingen opgenomen; In het bestemmingsplan en het beeldkwaliteitsplan zijn regels opgenomen voor de ontwikkeling van een duurzaam en natuurinclusief bedrijventerrein. Visiepijler 2. In het beeldkwaliteitsplan wordt speciale aandacht besteed aan de na te streven beeldkwaliteit aan de Steenenkamerseweg; aan de zuidkant van de Steenenkamerseweg is een strook met een groenbestemming opgenomen. Visiepijler 3. De hoofdaansluitingen van het bedrijventerrein zijn gelegen aan de Henslare. Visiepijler 4. De historische landwegen Steenenkamerseweg, Bijsterenseweg, Brijstroetweg worden gehandhaafd en opgenomen in de structuur en opzet van het nieuwe bedrijventerrein. Deze krijgen een functie voor recreatie of lokaal bestemmingsverkeer. In samenhang wordt de omvorming van de spoorwegovergangen onderzocht. Dit om de veiligheid te garanderen en tegelijkertijd sluipverkeer te ontmoedigen. Visiepijler 5. Het idee van een brinkdorp of boerenerf wordt gebruikt als ordeningsprincipe voor het nieuwe bedrijventerrein. Het geheel krijgt een groene zoom.

In het beeldkwaliteitsplan wordt aansluiting gezocht bij bestaande omgevingsstructuren en een dorpse uitstraling. De milieuzonering houdt rekening met de bestaande woonbestemmingen in de directe omgeving van het plangebied. De bestaande bedrijfsbestemmingen en bedrijfswoningen zijn meegenomen in het ontwerp.

28

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

Conclusie Het bestemmingsplan is in overeenstemming met de Gebiedsvisie Henslare.

3.4.3

Omgevingsvisie Putten 2040

Op 2 november 2023 heeft de gemeente Putten de Omgevingsvisie Putten 2040 vastgesteld. In de samenvatting van de Omgevingsvisie is aangegeven dat een van de belangrijke opgaven/ ambities/ keuzes is, dat de gemeente blijft werken aan een vitale en gastvrije economie, waarin ruimte is voor werken. "In 2040 beschikken lokale ondernemers binnen de Puttense speerpuntensectoren over voldoende en kwalitatief geschikte ruimte voor werken, zowel op bedrijventerreinen als op andere plekken in de gemeente. Ieder bedrijf op de juiste plek is daarbij het uitgangspunt." In de Omgevingsvisie is aangegeven dat van de vier bedrijventerreinen het bedrijventerrein Ambachtsstraat (6 ha.) en het voormalige Sligro-/Emtéterrein worden getransformeerd. "Om het verlies aan ruimte voor bedrijven te compenseren wordt een nieuw en duurzaam bedrijventerrein genaamd Henslare (7,2 ha.) nabij het NS-station Putten ontwikkeld. De behoefte aan bedrijventerreinen ligt op ruim 14 ha. Hoe hier invulling aan wordt gegeven komt naar voren in de Eco-nomische Visie (vaststelling 2023)." In de Omgevingsvisie is Henslare opgenomen als "Bedrijventerrein in ontwikkeling".

Afbeelding 3.3 Kaart omgevingsvisie Putten 2040

Op de “Integrale visiekaart” is dit als volgt verwerkt:

Afbeelding 3.4 Integrale visiekaart Omgevingsvisie Putten 2040

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

29

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

Over de inhoudelijke ambities zegt de omgevingsvisie: "Binnengemeentelijke verplaatsing geeft ruimte voor slimmer en flexibeler gebruik van de bestaande bedrijven en gebouwen. Bij lichte bedrijvigheid en kantoren wordt zoveel mogelijk ingezet op (her)gebruik van bestaande gebouwen binnen de bebouwde kom. Op de bedrijventerreinen in Putten is geen ruimte voor detailhandel en zelfstandige kantoren. Nieuwe bedrijventerreinen behoren wel duurzaam te zijn en voorzien van parkmanagement. Vitale bedrijventerreinen zijn namelijk ook voorbereid op de toekomst." Relatie bestemmingsplan met de Omgevingsvisie Putten 2040 In de Omgevingsvisie is Bedrijventerrein Henslare als "bedrijventerrein in ontwikkeling" opgenomen. Met het bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare wordt invulling gegeven aan de in de Omgevingsvisie opgenomen opgaven en ambities. In de regels, in combinatie met het beeldkwaliteitsplan en de uitgiftecriteria, worden de inhoudelijke ambities juridisch verankerd. Conclusie Het bestemmingsplan is in overeenstemming met de Omgevingsvisie Putten 2040.

30

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

3.4.4

Economische visie Putten 2040

Op 25 mei 2023 heeft de gemeenteraad de Economische Visie Putten 2040 vastgesteld. De analyse zoals die is opgenomen in de Economische Visie bevestigt de behoefte aan uitbreiding van bedrijfsruimte. Geconcludeerd wordt dat er een tekort is aan bedrijventerreinen, waarbij al rekening is gehouden met de transformatie van de Ambachtstraat en de ontwikkeling van bedrijventerrein Henslare. Spoor 3 van de Economische visie zet daarom in op “Voldoende ruimte voor werken” met een uitwerking volgens de volgende lijnen: I. Intensievere benutting van bestaande ruimte op bedrijventerreinen; II. Selectief uitgiftebeleid: niet elk bedrijf past in Putten; III. Benutting Henslare voor lokaal MKB; IV. Ontwikkeling van bedrijventerreinen ná Henslare onderzoeken. Het opstellen van een bestemmingsplan voor Henslare is in de uitvoeringsagenda opgenomen.

Afbeelding 3.5 Bedrijventerreinen en werklocaties gemeente Putten (bron: Economische visie Putten)

Relatie bestemmingsplan met de Economische Visie Putten 2040 Het bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare maakt onderdeel uit van de uitvoeringsagenda zoals die In de Economische Visie Putten 2040 is opgenomen. Conclusie Het bestemmingsplan is in overeenstemming met de Economische Visie Putten 2040.

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

31

bestemmingsplan Bedrijventerrein Henslare

Hoofdstuk 4

M ilieu- en omgevingsaspecten

In het kader van gemeentelijke besluitvorming dient bij een bestemmingsplan door middel van een integrale ruimtelijke benadering nadrukkelijk rekening te worden gehouden met de consequenties van het plan voor de omgeving en omwonenden. Het bevoegd gezag is namelijk verantwoordelijk voor een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Dit gebeurt in het kader van een 'goede ruimtelijke ordening'. Het beginsel van een goede ruimtelijke ordening is van toepassing voor alle ruimtelijke ontwikkelingen. De effecten op de leefomgeving worden in dit hoofdstuk door middel van de bespreking van diverse omgevingsaspecten in beeld gebracht en afgewogen, en hiermee wordt de uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan aangetoond.

4.1

Bedrijven en milieuzonering

Zowel de ruimtelijke ordening als het milieubeleid stellen zich ten doel een goede kwaliteit van het leefmilieu te handhaven en te bevorderen. Dit gebeurt onder andere door milieuzonering. Milieuzonering betekent het aanbrengen van voldoende ruimtelijke scheiding tussen milieubelastende bedrijven of inrichtingen enerzijds en milieugevoelige functies (zoals wonen en recreëren) anderzijds. De ruimtelijke scheiding bestaat doorgaans uit het aanhouden van een bepaalde afstand tussen milieubelastende en milieugevoelige functies. De onderlinge afstand moet groter zijn naarmate de milieubelastende functie het milieu sterker belast. Milieuzonering heeft twee doelen: het zoveel mogelijk beperken of voorkomen van hinder en gevaar bij woningen en andere gevoelige functies; het bieden van voldoende zekerheid aan bedrijven zodat zij hun activiteiten duurzaam onder aanvaardbare voorwaarden kunnen verrichten. 4.1.1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13650404/1