2. Programmabegroting VNOG 2022-2025
Tekst van het document
Concept Programmabegroting 2022-2025
8 april 2021
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
Inhoudsopgave Voorwoord
3
1. Inleiding
5
2. Missie, visie, opgaven
6
3. Programma’s
9
Programma 1. Risico- en Crisisbeheersing Programma 2. Brandweerzorg Programma 3. GHOR Programma 4. Meldkamer Oost Nederland Programma 5. Bedrijfsvoering Programma 6. Directie en Control Programma 7. Algemene dekkingsmiddelen Programma 8. Kazernes in eigendom / overgangsrecht
4. Overzicht baten & lasten en uitgangspunten
26
5. Paragrafen
29
5.1. Beleidsregels en uitgangspunten reserves 5.2. Weerstandsvermogen en risicomanagement 5.3. Onderhoud kapitaalgoederen 5.4. Financiering / treasury 5.5. Bedrijfsvoering 5.6. Verbonden partijen
Bijlagen
47
Bijlage 1. Kerngegevens Bijlage 2. Gemeentelijke bijdrage 2022 Bijlage 3. Overzicht programma 8 Bijlage 4. Overzicht reserves en voorzieningen Bijlage 5. Overzicht taakvelden Bijlage 6. Beleidsindicatoren Bijlage 7. Geprognotiseerde meerjarenbalans Bijlage 8. Kredieten 2022-2025 Bijlage 9. Overzicht van de gekwantificeerde- en niet-gekwantificeerde risico’s Bijlage 10. Specificatie autonome ontwikkelingen
2
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
Voorwoord Voor u ligt de meerjaren programmabegroting 2022-2025 van de Veiligheidsregio Noorden Oost-Gelderland (VNOG). In deze begroting kijken we vooruit naar welke resultaten we in het komende jaar willen realiseren om ervoor te zorgen dat inwoners van en bezoekers aan onze regio veilig kunnen wonen, werken en recreëren. Net als de begroting 2021 is de begroting 2022 gebaseerd op de Toekomstvisie van de VNOG die door het Algemeen Bestuur op 15 januari 2020 is vastgesteld. Hierin is vastgelegd welke type veiligheidsregio nodig is in Noord- en Oost-Gelderland. Met de begroting 2022 bouwen we hieraan verder. Daarnaast heeft het Algemeen Bestuur het Regionaal beleidsplan 2021-2024, het Regionaal risicoprofiel en het Regionaal crisisplan vastgesteld (10 december 2020). Deze plannen zijn leidend bij de wijze waarop de organisatie hieraan invulling geeft. Bij het uitvoeren van de taken en het inrichten van de organisatie hanteert de VNOG de leidende principes, die in het kader van de Toekomstvisie zijn geformuleerd: • Zelf- en samenredzaamheid & preventie • Vakbekwame, goed getrainde medewerkers • Sterke informatiepositie • Fundament: gezonde financiële basis, betrokken medewerkers Ondanks de coronacrisis is het de VNOG in 2020 grotendeels gelukt vertragingen ten aanzien van de uitvoering van de opdrachten uit de Toekomstvisie te beperken.
Mede hierdoor blijft de verwachting dat de opdrachten in 2026 zijn afgerond. Via de reguliere periodieke verkenningen volgen we de voortgang van de realisatie van de opdrachten. De nieuwe afdeling Risico- en crisisbeheersing (RCB) staat midden in de samenleving en legt zich op basis van de risico’s uit het Regionaal Risicoprofiel toe op het verbeteren en doorontwikkelen van de (brand)veiligheid, externe veiligheid, risicobewustwording en zelfredzaamheid. De preventiekant dus. Door een goede voorbereiding, intensieve samenwerking en het nadenken over mogelijke scenario’s bereidt de crisisorganisatie zich voor op verschillende typen incidenten en crisissen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een Veilige Energie Transitie. De brandweer NOG is compact en slagvaardig georganiseerd, gericht op de veel voorkomende risico’s in de regio. Met goed en passend materieel met bijbehorend goed opgeleide en getrainde medewerkers staat de brandweer altijd paraat. Ook wordt de komende jaren doorgewerkt aan ontwikkelingen zoals de kazerne met Duitsland en het inzetten van drones bij natuurbrandbestrijding. Tevens wordt het realistisch oefenen weer opgestart zodra dat mogelijk is binnen de coronamaatregelen. Het stimuleren van samenhang in beleid leidt tot op elkaar afgestemde uitvoeringsprocessen van de verschillende afdelingen.
Zo zorgen we ervoor dat we alert, flexibel en slagvaardig kunnen optreden als dit nodig is. Op die momenten vertrouwen we ook op ons zorgvuldig opgebouwde netwerk; gemeenten, politie, OM, defensie, waterschappen, omgevingsdiensten, zorgpartijen, Duitse overheden. We werken met veel verschillende partijen samen en bouwen aan partnerships; regionaal, interregionaal, nationaal en internationaal. Zo weten we wat we aan elkaar hebben wanneer er geen tijd is om uitgebreid te overleggen. Naast de opgavegerichte insteek wordt ook verder ingezet op de organisatieontwikkeling. Door het goed organiseren van ondersteunende diensten als financiën, inkoop, communicatie en huisvesting kunnen onze professionals in het veld zich maximaal bezighouden met hun kernkwaliteit.
3
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
In 2020 hebben we van de hack geleerd dat om onze systemen te beschermen een verhoogde dijkbewaking nodig is. En dat ook onze medewerkers continue bewust en alert moeten blijven ten aanzien van cybersecurity. Hierop blijven we investeren. Met de kwaliteit van onze medewerkers, de kracht van de samenwerking met onze partners binnen en buiten de VNOG, zijn de voorwaarden ingevuld om ook in 2022 samen te werken aan veiligheid. Wat de toekomst ook mag brengen. Namens het dagelijks bestuur VNOG, H.J. van Schaik portefeuillehouder Middelen
4
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
1. Inleiding Op het moment, begin 2021, dat deze begroting werd opgesteld, was de coronacrisis nog volop in gang. Sinds het begin van deze crisis in 2020 zijn er grote gevolgen geweest voor de VNOG. Enerzijds heeft de VNOG veel extra inspanningen moeten leveren en soms andere werkzaamheden moeten oppakken. Anderzijds moesten veel reguliere activiteiten vanwege de maatregelen worden uitgesteld of op een alternatieve manier worden ingevuld. De gevolgen hiervan uit 2020 hebben effect op 2021. En, al naar gelang de ontwikkeling van de crisis in de loop van 2021, is er ook weer een effect op 2022. Dat kan een extra uitdaging vormen voor het realiseren van de doelstellingen en de uitvoering van de activiteiten, die in de begroting 2022 zijn opgenomen. De begroting 2022 is opgesteld in de verwachting dat we in 2022 geen last zullen hebben van externe verstoringen. Hoe dan ook zal de VNOG in samenwerking met vele stakeholders, conform haar missie, ook in 2022 haar wettelijke taken uitvoeren: rampenbestrijding, brandweerzorg, risicoen crisisbeheersing, bevolkingszorg en geneeskundige hulpverlening. Het brandweerpersoneel en de crisisorganisatie zullen paraat staan. En de VNOG zal, binnen de grenzen van de corona-maatregelen, ervoor zorgen dat medewerkers worden opgeleid, geoefend en getraind en dat materieel en materiaal worden gekocht en onderhouden.
De VNOG zal risicogerichte adviezen vertrekken, voorlichting geven (waar nodig op alternatieve manieren), beleidsadvisering en communicatie verzorgen en haar administratie uitvoeren. De VNOG gaat in 2022 ook verder met de uitvoering van de Toekomstvisie die op 15 januari 2020 door het algemeen bestuur is vastgesteld en in het Regionaal Beleidsplan nader is uitgewerkt. In de Toekomstvisie heeft het bestuur de accenten gekozen waarop de VNOG zich richt: − Zelf- en samenredzaamheid en preventie (o.a. impuls op risicocommunicatie, risicoanalyse) − Compacte en slagvaardige posten met goed getrainde vrijwilligers (mutaties in voertuigenbestand, impuls op vakbekwaamheid) − Versterkte informatiepositie (impuls op informatievoorziening, business intelligence) − Een goede transitie naar de Omgevingswet (o.a. bijscholing) − Innovatie − Efficiencyslagen en besparingen (o.a. automatisering bepaalde administratieve processen, doorvoeren overige besparingen) − Cultuuromslag en ontwikkeling personeel (o.a. versterking leiderschap, vakvolwassen medewerkers, strategische personeelsplanning, duurzame inzetbaarheid) − Een gezonde financiële basis en betrokken medewerkers, opdat er een solide veiligheidsregio is voor de lange termijn. De bij de Toekomstvisie horende Opdrachten worden in de periode 2020-2026 uitgevoerd. De implementatie van de Toekomstvisie-Opdrachten is in 2020 gestart.
De coronacrisis heeft effect gehad op de uitvoering van de Toekomstvisie; het is, ondanks corona, toch gelukt om, soms op alternatieve manieren, opdrachten ofwel af te ronden of conform planning te starten. Er zijn echter ook vertragingen ontstaan. De verwachting is dat de meeste vertragingen kunnen worden ingehaald. In deze begroting wordt verder ingegaan op de implementatie van de Toekomstvisie en inhaalacties. De activiteiten voor het jaar 2022 zijn (op hoofdlijnen) opgenomen bij de betreffende programma’s in deze begroting. De financiële effecten van de Toekomstvisie zijn in deze begroting verwerkt. Verder is de meerjarige financiële doorrekening van de Toekomstvisie in het meerjarenbeeld opgenomen. Het betreft de financiële gevolgen van de zogenaamde bouwstenen uit de Toekomstvisie, bijvoorbeeld over aard en aantallen van het groot materieel en specialismen, conform dekkings- en spreidingsplan – en de doorwerking daarvan op de aantallen vrijwilligers en de exploitatiekosten. Over de voortgang van
5
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
de uitvoering van de Toekomstvisie-Opdrachten wordt periodiek via de reguliere P&C cyclus gerapporteerd. De directeur heeft een bestuursopdracht gekregen om - op basis van kwaliteit en efficiency - een toekomstbestendige organisatie te vormen. Een onderdeel van de bestuursopdracht betreft de inrichting, cultuur en aansturing van de VNOG-organisatie. Hiervoor is in 2020 een organische veranderaanpak opgestart. Bij deze aanpak worden - in nauwe samenwerking met de medewerkers en met actieve betrokkenheid van de OR - stapsgewijs veranderingen in de organisatie aangebracht. De VNOG ziet dit proces als een reis, de ‘Expeditie’, waarin we met elkaar proberen onze organisatievisie vorm en inhoud te geven. De VNOG verwacht aan het einde van de ‘Expeditie’, in de loop van 2022 (anders begin 2023, afhankelijk van de (gevolgen van de) corona-maatregelen), de geconstateerde knelpunten op het gebied van aansturing, werkprocessen, eenheid en integraal denken & doen te hebben verholpen. In deze begroting wordt ook nader ingegaan op deze ‘Expeditie’; de hiervoor gereserveerde financiën zijn erin opgenomen. Leeswijzer Hoofdstuk 2 beschrijft de koers van de VNOG, vertaald in de missie, (Toekomst)visie en opgaven.
In hoofdstuk 3 staan de programma’s en welke activiteiten in 2022 worden uitgevoerd tegen welke inzet van middelen, alsook de indicatoren waarmee de voortgang op de opgaven periodiek wordt gemeten. Hoofdstuk 4 bevat het overzicht van baten en lasten. Hierin is ook de Kadernota 2022 e.v. verwerkt. Vervolgens wordt in hoofdstuk 5 ingegaan op de verplichte paragrafen. Daarna volgen bijlagen met diverse (onder andere financiële) overzichten.
6
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
2. Missie, visie, opgaven Inleiding De basis voor de veiligheidsregio is haar wettelijke taak. De VNOG heeft haar missie, visie en opgaven hiervan afgeleid. De wettelijke kerntaken zijn in het kort: − het inventariseren van risico’s; − het adviseren van het bevoegd gezag hierover; − het adviseren van het college van burgemeester en wethouders; − het voorbereiden op de bestrijding van branden en het organiseren van de rampenbestrijding en de crisisbeheersing; − het instellen en in stand houden van een brandweer; − het instellen en in stand houden van een GHOR; − het aanschaffen en beheren van materieel; − het inrichten en in stand houden van de informatievoorziening (intern en met andere organisaties die betrokken zijn bij de genoemde taken). Missie, visie en Toekomstvisie De missie van de VNOG is: “Samen werken aan veiligheid”. De visie van de VNOG luidt: “Veilig en gezond, wonen, werken en recreëren”. Op 15 januari 2020 heeft het bestuur van de VNOG een Toekomstvisie vastgesteld, bestaande uit 20 punten, met als kern de punten 1 t/m 3: 1. De Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG) is dé organisatie in de regio voor samenwerking aan veiligheid. Het is een operationele organisatie, die bij een crisissituatie of ramp nu en in de toekomst garant staat voor professionele hulpverlening aan de inwoners en bezoekers van de regio. 2.
De VNOG is een regio waar veilig en gezond gewoond, gewerkt en gerecreëerd kan worden. De VNOG speelt in op demografische en maatschappelijke ontwikkelingen die van invloed zijn op hedendaagse en toekomstige veiligheidsrisico’s. De VNOG is een toekomstbestendige veiligheidsregio. 3. Daarbij is het, gelet op het beperkte budget van de VNOG, duidelijk waar de VNOG zich op richt, namelijk: zelf- en samenredzaamheid en preventie (risicocommunicatie), compacte en slagvaardige posten met goed getrainde vrijwilligers vanuit een versterkte informatiepositie. Er is een gezonde financiële basis. Dit alles moet leiden tot een solide veiligheidsregio voor de lange termijn. Op 10 december 2020 heeft het Algemeen bestuur het regionaal Beleidsplan 2021-2024 vastgesteld dat op deze Toekomstvisie is gebaseerd. Opgaven In de Toekomstvisie zijn de volgende opgaven voor de VNOG bepaald: 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises (maatschappelijke opdracht) 1. Zelfredzaam en risicobewust 2. Vakbekwaam en deskundig 3. Sterke informatiepositie 4. Een gezonde financiële basis en betrokken medewerkers (randvoorwaarde)
7
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
In het regionaal Beleidsplan 2021-2024 is de ambitie per opgave nader uitgewerkt. In de nu voorliggende programmabegroting staat wat de VNOG in 2022 doet om deze ambities te realiseren en welke middelen hiervoor beschikbaar zijn. De opgaven komen als rode draad telkens weer in deze programmabegroting terug. Opgavegericht Het dagelijks bestuur heeft de opdracht gegeven om de begroting vanaf 2020 meer opgavegericht in te richten. Door opgavegericht te werken, wordt beoogd doelgerichter keuzes te kunnen maken en (bij) te kunnen sturen. De organisatiestructuur (de programma’s en afdelingen) blijft leidend bij het opstellen van de begroting. Dit wordt aangevuld met een benadering vanuit de opgaven, opdat ook hierover informatie wordt gegenereerd en hierop sturing kan plaatsvinden. In de begroting 2020 zijn de eerste stappen voor de opgavegerichte insteek gezet. De afdelingsprogramma’s zijn meer vanuit de opgaven bezien. Er is in 2020 een verband gelegd tussen opgaven – beleidsdoelen – activiteiten - middelen, als eerste stap naar een meer opgavegerichte begroting. Per 2021 zijn de programma’s passend gemaakt aan de Toekomstvisie en de middelen per bouwsteen uit de Toekomstvisie; en zijn bovendien per opgave indicatoren opgenomen. Met de indicatoren wordt de voortgang periodiek gemeten, zie hiervoor hoofdstuk 3 (bij elk programma).
Deze indicatoren meten: het aantal voorlichtingsbijeenkomsten, aantal en tijdigheid van advisering, aanbod oefeningen crisisteams, de paraatheid van materieel en personeel, de opkomstprestaties volgens dekkingsplan, de vakbekwaamheid, het aantal inzetten en advisering GHOR, de informatievoorziening, prognose financieel jaarresultaat en betrokkenheid medewerkers. Bij elk programma in hoofdstuk 3 is aangegeven aan welke opgave(n) dit programma bijdraagt. Vervolgens is per programma per opgave beschreven welke beleidsdoelen binnen dat programma worden nagestreefd (de vraag: “wat willen we bereiken”). En daarna zijn per beleidsdoel de concrete activiteiten voor 2022 beschreven (vraag: “wat gaan we ervoor doen”). Op die manier wordt helder wat er binnen een programma voor een bepaalde opgave aan activiteiten wordt uitgevoerd. Vervolgens zijn per opgave de indicatoren vermeld (vraag: “hoe gaan we dat meten”). Tenslotte zijn per programma de beschikbare middelen weergegeven (vraag: “welke middelen hebben we daarvoor beschikbaar”). Daarnaast zijn in de diverse paragrafen van deze begroting ook kengetallen, ratio’s, berekeningsmethoden en (ramings)grondslagen opgenomen: − paragraaf 5.2. ‘Weerstandvermogen en risicomanagement’: ratio weerstandsvermogen, netto schuldquote, solvabiliteitsratio, structurele exploitatieruimte; − paragraaf 5.4.
‘Financiering / treasury’: kasgeldlimiet, renterisiconorm; − paragraaf 5.5. ‘Bedrijfsvoering’: diverse kengetallen en ramingsgrondslagen. Tenslotte zijn, als gebruikelijk, ook de verplichte beleidsindicatoren vanuit het BBV opgenomen: − Bijlage 6 ‘Beleidsindicatoren’: formatie en bezetting (in aantal fte per 1.000 inwoners), apparaatskosten per 1.000 inwoners, externe inhuur en overhead als percentage van de totale lasten. Met behulp van de indicatoren, kengetallen, ratio’s en grondslagen kan doelgerichter worden gerapporteerd en gestuurd.
8
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
3. Programma’s Programma:
1. Risico- en Crisisbeheersing
Programmahouder: mevr. A.H. Bronsvoort Opgaven: welke opgaven voert Risico- en Crisisbeheersing (RCB) uit? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises 1. Zelfredzaam en risicobewust 2. Vakbekwaam en deskundig 3. Sterke informatiepositie Beleidsdoelen: wat willen we bereiken per opgave? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises Bij incidenten, rampen en crises is de crisisorganisatie in staat om flexibel, slagvaardig en outputgericht op te treden. 1. Zelfredzaam en risicobewust a. Vergroting van de zelfredzaamheid en het zelforganiserend vermogen van de inwoners, bedrijven/instellingen en crisispartners in de regio, zodat zij goed zijn voorbereid op incidenten, rampen en crises. b. De ontvangers van onze risicogerichte adviezen zijn meer genegen om daadwerkelijk maatregelen te treffen, omdat zij risicobewuster zijn en vanuit een integraal risicobeeld handelen, vanuit de eigen verantwoordelijkheid. 2. Vakbekwaam en deskundig a. De VNOG is toegerust om integrale veiligheidsadvisering conform de Omgevingswet te verlenen aan de gemeenten, zodat zij vroegtijdig ondersteund worden bij ontwikkelingen in het fysieke domein. b. De multidisciplinaire operationele functionarissen zijn adequaat opgeleid, getraind en geoefend, waarbij de risico’s uit het regionaal risicoprofiel leidend zijn. c.
De lessen uit de opgedane Corona-ervaring zijn geïmplementeerd in de afdeling. 3. Sterke informatiepositie a. Inzicht te krijgen in daar waar de meeste veiligheidswinst te behalen valt door gegevens te verzamelen, te koppelen en te analyseren. b. De VNOG adviseert en acteert op basis van een actueel informatiebeeld, zowel bij risicoadvisering, voorbereiding op inzetten als gedurende inzetten. Activiteiten: wat gaan we daarvoor doen? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises. RCB: − geeft uitvoering aan het regionaal crisisplan, beleidsplan en risicoprofiel welke in 2019/2020 zijn vastgesteld; − beheert de afsprakenlijsten bij de convenanten en organiseert netwerkbijeenkomsten met de crisispartners; − ondersteunt gemeenten door middel van het bureau Bevolkingszorg in hun activiteiten als Oranje kolom 1. Zelfredzaam en risicobewust a. Vergroten van de zelfredzaamheid en het zelf-organiserend vermogen. RCB: − werkt volgens een programmaplan Risicobewust en Zelfredzaam samen met VNOGafdelingen, gemeenten en netwerkpartners; − analyseert risico- en doelgroepen en organiseert (publieks) campagnes o.b.v.
gedragsstrategieën; − faciliteert en regisseert een breed platform waar kennis vanuit de samenleving op specifieke terreinen wordt samengebracht en crisispartners bijeenkomen ter bevordering van het zelf-organiserend vermogen; − ondersteunt en bevordert innovatieve projecten in het kader van veilig wonen. Bij gelegenheid van het voorstel Bestemming Resultaat Jaarrekening 2020 kan worden besloten tot het instellen van een reserve voor het programma Zelfredzaam en Risi9
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
cobewust (o.a. uitrol pilot “dashboard brandweer” uit Harderwijk en innovatieproject “Leefsamen Achterhoek”) over alle gemeenten in onze regio (2021 en 2022). b. Risicogericht adviseren. RCB: − werkt vanuit een activiteitenjaarplan; − brengt gevraagd en ongevraagd advies uit op basis van de risico’s uit de periodiek herijkte risicoprofielen; − gebruikt de Risico Analyse Monitor (RAM) en scenario’s als hulpmiddel bij de advisering en het risicogesprek met burgers, instellingen en bedrijven; − brengt per natuurgebied een gebiedsgericht advies uit; − stelt een eenduidig regionaal uitvoeringsplan op met bijbehorende regionale procesbeschrijving in het kader van het terugdringen van onnodige en onechte meldingen; − bouwt verder aan goede samenwerkingsrelaties met onze 22 gemeenten, de omgevingsdiensten, GGD en Oost-5 en werkt aan nieuwe allianties om daarmee een basis te leggen voor integrale veiligheidsadvisering (o.a. gezondheid-, water-, milieu-, evenementen- en brandveiligheid) aan gemeenten; − zet in op samenwerking en maakt belangen zichtbaar tussen beheersen en bestrijden, door ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving (o.a. klimaatverandering en energietransitie) te vertalen naar de (on)mogelijkheden in het tactisch operationeel optreden. 2. Vakbekwaam en deskundig a. Voorbereiding Omgevingswet.
RCB: − geeft uitvoering aan het strategisch opleidingsplan ‘vakbekwaam worden en blijven’. − Implementatie Toekomstvisie: RCB zoekt naar middelen waardoor het werk efficiënter, effectiever en klantvriendelijker kan worden uitgevoerd. b. Vakbekwaamheid multi. RCB: − onderhoudt de netcentrische werkwijze in de crisisorganisatie door middel van multidisciplinaire opleidingen, trainingen en oefeningen; − geeft uitvoering aan het jaarprogramma multidisciplinair opleiden, trainen, oefenen; − leert van oefeningen en inzetten; − voert onderzoek uit naar de kwaliteitscriteria voor vakbekwaam worden en blijven van de Oranje kolom en zorgt voor bijbehorende doorontwikkeling. 3. Sterke informatiepositie a. Inzicht in regionaal risicobeeld. RCB: − verzamelt, koppelt, analyseert en gebruikt gegevens t.b.v.
het brandweer- en regionaal risicoprofiel, werkt aan (en met) een dynamisch, periodiek herijkt brandweer- en regionaal risicoprofiel dat gekoppeld is aan de operationele prestaties; − werkt de risico’s uit de risicoprofielen verder uit in scenario’s die input zijn voor de operationele crisisorganisatie; − werkt met het nieuwe procesbeheersysteem, Squit 20/20; − faciliteert een kennisplatform gericht op trends en ontwikkelingen (Veiligheidsinformatieknooppunt); − draagt informatie uit brandonderzoek aan voor risicobewustwording, ter bevordering van het lerend vermogen en verdere data-analyse. b. Informatiegestuurd werken. RCB: − realiseert dat object- en omgevingsinformatie vanuit verschillende databronnen eenduidig en tijdig bij operationele eenheden gebruikt wordt en gebruikt dit ook in de advisering; − zorgt ervoor dat de dienstdoende informatiemanagers de risico’s en dreigingen continu monitoren en dynamisch beschikbaar stellen aan de operationele organisatie (inclusief de netwerkpartners); − onderhoudt regionale poules voor operationele informatievoorziening (informatiemanagers, informatie coördinatoren en plotters) en de faciliteiten die hiervoor nodig zijn; − stelt de vastgestelde operationele informatie voor alle crisisfunctionarissen digitaal beschikbaar.
10
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
Indicatoren: hoe gaan we dit meten? Via de prestatiekaart wordt twee keer per jaar de voortgang gemeten via een aantal indicatoren. 1. Zelfredzaam en risicobewust Indicator Aantal voorlichtingsbijeenkomsten na een (woning)brand met (grote) maatschappelijke impact (doel RCB 1a, 2e activiteit). Idealiter wil de VNOG in samenwerking met de gemeente na elke (woning)brand met een dergelijke impact een voorlichtingsbijeenkomst geven (norm: geen, weergave: de aantallen). Indicator Aantal en tijdigheid analyses/advies (doel RCB 1b, 2e activiteit). Het aantal verstrekte adviezen. Risicoanalyses en adviezen zijn uitgevoerd binnen de gestelde termijn (weergave: aantal, norm: ≥ 90%: groen, < 90% en ≥ 75%: oranje, < 75%: rood). 2. Vakbekwaam en deskundig Indicator Percentage aanbod oefeningen crisisteams (doel RCB 2b, 1e activiteit). Aan elk van de leidinggevenden van een crisisteam is de mogelijkheid geboden om een oefening te draaien (norm: ≥ 90%: groen, < 90% en ≥ 75%: oranje, < 75%: rood). Middelen: welke middelen hebben wij daarvoor beschikbaar?
Realisatie 2020
Raming 2021
Raming 2022
Raming 2023
Raming 2024
Raming 2025
Product
L/B
Personele kosten
Baten
107.380
Lasten
5.346.828
5.957.000
6.033.000
5.961.000
5.977.000
5.857.000
Saldo
-5.239.448
-5.957.000
-6.033.000
-5.961.000
-5.977.000
-5.857.000
Baten
176.322
0
0
0
0
0
Lasten
500.055
877.500
639.200
638.200
606.200
520.200
Saldo
-323.732
-877.500
-639.200
-638.200
-606.200
-520.200
Overig
Rente en afschrijving
Baten Lasten
53.000
48.000
47.000
32.000
32.000
Saldo
-53.000
-48.000
-47.000
-32.000
-32.000
-6.887.500
-6.720.200
-6.646.200
-6.615.200
-6.409.200
302.500
153.000
152.000
120.000
Totaal saldo baten en lasten
-5.563.180
Mutaties reserves 1.0 Risico- en crisisbeheersing
Saldo reserves
Resultaat
Baten Lasten
618.326
Saldo
-618.326
302.500
153.000
152.000
120.000
-618.326
302.500
153.000
152.000
120.000
-6.181.507
-6.585.000
-6.567.200
-6.494.200
-6.495.200
11
-6.409.200
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
Programma:
2. Brandweerzorg
Programmahouder: dhr. M. Boumans Opgaven: welke opgaven voert Brandweerzorg uit? 0. Het beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises 2. Vakbekwaam en deskundig 3. Sterke informatiepositie De afdeling Brandweerzorg (BWZ) staat 24 uur per dag, 7 dagen in de week paraat om incidenten in het verzorgingsgebied van de VNOG af te handelen. Deze taak wordt op een doeltreffende en veilige wijze voorbereid en ondersteund door aandacht te hebben voor Materieel & Logistiek, Vakbekwaamheid en Nazorg. Tevens heeft BWZ de beschikbare en juiste informatie op de juiste wijze en het juiste moment beschikbaar, zodat voorafgaand en ten tijde van een incident adequaat kan worden opgetreden. Beleidsdoelen: wat willen we bereiken per opgave? 0. Het beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises Het zo snel mogelijk bieden van hulp aan burgers, dieren, bedrijven en instellingen door het leveren van effectieve en kwalitatieve brandweerzorg, die is afgestemd op de risico’s in het gebied van de VNOG. 2. Vakbekwaam en deskundig a. Materieel is 24/7 beschikbaar voor uitruk en vakbekwaam worden en blijven conform het dekkings- en spreidingsplan; b. Personeel is vakbekwaam om operationeel op te treden; c. Processen en procedures zijn afgestemd op de aanwezige risico’s in het gebied; d. Adequate nazorg wordt geleverd aan de repressieve medewerkers. 3. Sterke informatiepositie a.
Inzicht in gegevens door te verzamelen, te koppelen en te analyseren; b. Verbinding in gegevens; c. Achteraf het functioneren beoordelen, zodat afwegingen gemaakt kunnen worden voor de toekomst. Activiteiten: wat gaan we daarvoor doen? 0. Het beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises − De afdeling levert brandweerzorg vanuit een compact, slagvaardig en fijnmazig netwerk van brandweerposten met repressieve medewerkers die veilig en doeltreffend (bekwaam) optreden, waarbij het optimum wordt gevonden aan de hand van het slagkrachtmodel en de spreiding (risicogericht werken); − Grootschalig optreden van de brandweer is mogelijk vanuit de basis van de brandweer en de Regeling Operationeel Functionarissen (ROF); − De brandweereenheid die als eerste op de incidentlocatie aanwezig kan zijn, wordt gealarmeerd en begint met de bestrijding van het incident, met aandacht voor arbeidsveiligheid tijdens én na het repressief optreden. 2. Vakbekwaam en deskundig a. Materieel. De afdeling BWZ: − zorgt dat het materieel om incidenten te bestrijden – en om op te leiden en te oefenen – beschikbaar is, en dat daarmee doeltreffend en veilig kan worden gewerkt. b. Opgeleid en geoefend personeel.
De afdeling BWZ: − voert een oefenprogramma uit conform het beleidsplan Vakbekwaamheid waarbij, in overleg met de posten en vakbekwaamheid, aandacht en ruimte is voor specifieke oefenthema’s per post (maatwerk) op basis van risico’s; − voert een 0-meting uit m.b.t. huidige kwaliteit repressieve medewerkers; − traint (hoofd) officieren en bevelvoerders onder realistische omstandigheden.
12
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
c. Processen en procedures. De afdeling BWZ zorgt ervoor dat: − processen en procedures aansluiten aan op het risicoprofiel, actueel zijn en op elkaar aansluiten; − procedures zodanig zijn ingericht dat zij informatie verstrekken tijdens het bestrijden van incidenten en zorgen voor verbinding met externe partners. d. Nazorg. De afdeling BWZ: − ondersteunt eigen personeel bij o.a. traumatische ervaringen die zijn opgedaan tijdens het bestrijden van incidenten; − voert, in het kader van leren van incidenten, evaluaties van incidenten uit. 3. Sterke informatiepositie. De afdeling BWZ: − verzamelt, koppelt en analyseert gegevens; − maakt beschikbare data zichtbaar in dashboards; − brengt verbinding van de gegevens en combineert deze met relevante gegevens uit de eigen organisatie en netwerkpartners; − ontwikkelt data-analyse verder en borgt dit structureel binnen de afdeling; − participeert in diverse landelijke- en regionale werkgroepen, onder andere op actuele thema’s, zoals energietransitie; − volgt best practices binnen brandweer Nederland. Indicatoren: hoe gaan we dit meten? Via de prestatiekaart wordt twee keer per jaar de voortgang gemeten via een aantal indicatoren. 0. Het beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises. Indicator Paraatheid materieel.
Alle eerstelijns voertuigen (=1e TS van een post) zijn minimaal 95% van de tijd inzetbaar (norm: alle betreffende voertuigen voldoen hieraan, weergave: percentage op het totaal aantal betreffende voertuigen). Indicator Paraatheid personeel. Alle vrijwillige posten zijn minimaal 98% van de tijd paraat (norm: alle vrijwillige posten voldoen hieraan, weergave: het aantal posten dat hieraan voldoet). Indicator Prio 1 dekkings- en spreidingsplan. Aantal prio 1 brand bij objecten en mate waarin we binnen de verwachte tijden van het dekkingsplan ter plaatse waren (norm: bij ≥ 75% op tijd of minder dan 1 minuut te laat: groen, bij ≥ 75% meer dan 2 minuten later: rood; bij andere waarde: oranje). 2. Vakbekwaam en deskundig Indicator Vakbekwaam blijven. Percentage aanwezigheid bij oefenprogramma basisbrandweerzorg en/of specialismen (norm: geen, weergave: percentage).
13
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
Middelen: welke middelen hebben wij daarvoor beschikbaar? Realisatie 2020
Raming 2021
Raming 2022
Raming 2023
Raming 2024
Raming 2025
Product
L/B
Personele kosten
Baten
517.977
Lasten
10.578.885
10.861.000
10.503.700
10.503.700
10.397.700
10.397.700
Saldo
-10.060.908
-10.861.000
-10.503.700
-10.503.700
-10.397.700
-10.397.700
Vrijwilligers vergoedingen
Vrijwilligers overig
Operationele voorbereiding
Materieel en logistiek
Vakbekwaam worden en blijven
Regionaal Brandmeldsysteem
Overig
Rente en afschrijving
Baten
79.292
Lasten
6.188.855
7.955.000
7.891.000
7.822.000
7.735.000
7.733.000
Saldo
-6.109.563
-7.955.000
-7.891.000
-7.822.000
-7.735.000
-7.733.000
Baten
73.493
Lasten
168.019
192.560
192.560
192.560
192.560
192.560
Saldo
-94.526
-192.560
-192.560
-192.560
-192.560
-192.560
Baten Lasten
9.073
50.000
50.000
50.000
50.000
50.000
Saldo
-9.073
-50.000
-50.000
-50.000
-50.000
-50.000
Baten
1.761
Lasten
2.230.610
2.820.220
2.820.220
2.804.220
2.804.220
2.804.220
Saldo
-2.228.849
-2.820.220
-2.820.220
-2.804.220
-2.804.220
-2.804.220
Baten Lasten
1.746.395
3.371.530
3.213.530
3.246.530
3.273.730
3.289.730
Saldo
-1.746.395
-3.371.530
-3.213.530
-3.246.530
-3.273.730
-3.289.730
Baten
1.404.802
1.218.000
333.000
333.000
333.000
333.000
Lasten
946.853
810.000
333.000
333.000
333.000
333.000
Saldo
457.949
408.000
0
0
0
0
Baten
595.688
14.000
14.000
14.000
14.000
14.000
Lasten
5.202.181
188.800
105.000
105.000
105.000
105.000
Saldo
-4.606.493
-174.800
-91.000
-91.000
-91.000
-91.000
Baten Lasten
4.192.750
4.797.000
5.142.000
6.003.000
6.090.000
Saldo
-4.192.750
-4.797.000
-5.142.000
-6.003.000
-6.090.000
-24.397.857
-29.209.860
-29.559.010
-29.852.010
-30.547.210
-30.648.210
Baten
340.995
655.700
Lasten
2.010.790
50.000
Saldo
-1.669.795
605.700
-1.669.795
605.700
-26.067.652
-28.604.160
-29.559.010
-29.852.010
-30.547.210
-30.648.210
Totaal saldo baten en lasten Mutaties reserves 2.0 Incidentbestrijding
Saldo reserves
Resultaat
14
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
Programma:
3. Geneeskundige Hulpverlenings-Organisatie, GHOR
Programmahouder: mevr. M. Besselink Opgaven: welke opgaven voert de GHOR uit? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises 1. Zelfredzaam en risicobewust 2. Vakbekwaam en deskundig 3. Sterke informatiepositie De Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR) coördineert - op basis van de Wet publieke gezondheid en de Wet veiligheidsregio’s - de geneeskundige zorg bij incidenten, crises en rampen. Het doel is om zoveel mogelijk slachtoffers te voorkomen en indien er toch slachtoffers zijn, hen de best beschikbare zorg te bieden. Dit gebeurt door de hulpverlening tijdens incidenten te laten functioneren als één (witte) keten. De GHOR draagt bij aan de voorbereiding van deze geneeskundige hulpverleningsorganisatie. Dit vereist veel afstemming met ketenpartners uit de zorgsector, zoals ambulancedienst, de GGD, ziekenhuizen en huisartsen. Onder regie van het openbaar bestuur werkt de GHOR ook nauw samen met gemeenten en andere diensten en zorginstellingen. Beleidsdoelen: wat willen we bereiken per opgave? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises a. Het zoveel mogelijk voorkomen van slachtoffers en indien er toch slachtoffers zijn, hen de best beschikbare geneeskundige en psychosociale zorg te (laten) bieden; b. Voorzien in (structurele) advisering over veiligheid en gezondheid. 1.
Zelfredzaam en risicobewust a. Volgen van ontwikkelingen en bij elkaar brengen van diverse organisaties en actoren (binnen en buiten veiligheid en zorg) rondom zelfredzaamheid, met als doel gezamenlijk voorbereid te zijn op dit maatschappelijke thema. b. Starten met invulling geven aan burgerhulpverlening bij crises, rampen en incidentbestrijding, ter versterking van de slagkracht van de geneeskundige crisisorganisatie, samen met keten-, kolom- en zorgpartners. c. Starten met het ontwikkelen en opstellen van een regionaal zorgrisicoprofiel. 2. Vakbekwaam en deskundig De GHOR heeft een beperkte groep, goed opgeleide en geoefende, operationele functionarissen beschikbaar die samenwerken met de netwerkpartners. 3. Sterke informatiepositie a. Invullen van het informatiegestuurd werken in de witte kolom; b. Starten met de opbouw en inrichting van een voorziening waarmee permanente monitoring van het geneeskundig beeld en van de actuele beschikbaarheid van acute zorg mogelijk wordt. Activiteiten: wat gaan we daarvoor doen? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises a. Voorkomen slachtoffers/bieden van zorg. De GHOR: − voorziet in een flexibele operationele organisatie (24/7); − werkt samen met zorgorganisaties en multidisciplinaire partners; − voorziet, samen met GGD/netwerkpartners, in psychosociale hulp na incidenten. b. Advisering.
De GHOR: − adviseert onder andere bij (grote) evenementen, omgevingsveiligheid, zorgcontinuïteit, ingrijpende gebeurtenissen en sociale veiligheid; − geeft uitvoering aan het in 2019 vastgestelde beleidsplan advisering GHOR. 1. Zelfredzaam en risicobewust a. Volgen ontwikkelingen en bij elkaar brengen actoren.
15
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
−
Implementatie Toekomstvisie: de GHOR geeft uitvoering aan het beleidsplan (‘help uzelf en anderen’) over zelfredzaamheid en burgerparticipatie. b. Starten met invulling geven aan burgerhulpverlening. − Implementatie Toekomstvisie: de GHOR inventariseert bestaande initiatieven en ontwikkelt met partners competenties, handelingsperspectieven en inzetscenario’s t.b.v. burgerhulpverleners. c. Starten met regionaal zorgrisicoprofiel. De GHOR: − richt een interne projectgroep in, organiseert aansluiting vanuit de witte keten en brengt in beeld wat de belangrijkste regionale risico’s zijn voor de witte kolom. 2. Vakbekwaam en deskundig − De GHOR investeert samen met de regionale ambulancevoorziening (RAV) en het Nederlandse Rode Kruis in het opleiden, trainen en oefenen van alle functionarissen in hun rol binnen de GGB (Grootschalige Geneeskundige Bijstand); − In 2022 wordt door het aanbieden van individuele leertrajecten de vakbekwaamheid van operationele functionarissen en teams bevorderd en geborgd. 3. Sterke informatiepositie a. Informatiegestuurd werken witte kolom.
− De GHOR volgt de positionering en inrichting van de witte meldkamer(s) in de Landelijke Meldkamer (LMS) op de voet, vanwege de invloed daarvan op de aansturing, opschaling en informatievoorziening binnen de witte kolom; − Implementatie Toekomstvisie: De GHOR geeft een vervolg aan het op incidentlocatie beschikbaar hebben van informatie uit de witte kolom. b. Starten met inrichting voorziening. − Implementatie Toekomstvisie: de GHOR neemt deel aan implementatietrajecten binnen drie ROAZ-regio’s op het gebied van capaciteitsmonitoring. Indicatoren: hoe gaan we dit meten? Via de prestatiekaart wordt twee keer per jaar de voortgang gemeten via een aantal indicatoren. 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises Indicator Aantal inzetten OVD-G (Officier van Dienst Geneeskundig) + HIN (Hoofd Informatie) + ACGZ (Algemeen Commandant Geneeskundige Zorg) + alle consultaties (norm: geen, weergave: de aantallen). Indicator Aantal adviezen categorie B + C + gebouwde omgeving (norm: geen, weergave: de aantallen). Indicator Aantal uren bijzondere projecten/ activiteiten (bijv. corona) (norm: geen, weergave: aantal uren). Middelen: welke middelen hebben wij daarvoor beschikbaar? Product
L/B
Personele kosten
Baten
Overig
Rente en afschrijving
Lasten
Realisatie 2020
Raming 2021
Raming 2022
Raming 2023
Raming 2024
Raming 2025
746.567
1.207.630
1.195.000
1.195.000
1.195.000
1.195.000
Saldo
-746.567
-1.207.630
-1.195.000
-1.195.000
-1.195.000
-1.195.000
Baten
42.734
48.000
48.000
48.000
48.000
48.000
Lasten
741.443
670.000
619.000
675.000
720.000
720.000
Saldo
-698.709
-622.000
-571.000
-672.000
-627.000
-672.000
Lasten
14.000
14.000
20.000
Saldo
-14.000
-14.000
-20.000
-1.766.000
-1.836.000
-1.881.000
-1.887.000
-1.766.000
-1.836.000
-1.881.000
-1.887.000
Baten
Totaal saldo baten en lasten
-1.445.276
-1.829.630
Mutaties reserves 3.0 GHOR
Saldo reserves
Resultaat
Baten
33.630
Lasten
33.630
Saldo
-33.630
33.630
-33.630
33.630
-1.478.906
-1.796.000
16
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
Programma:
4. Meldkamer Oost-Nederland, kolom brandweer
Programmahouder: dhr. J.N. Rozendaal Opgaven: welke opgaven voert de MON uit? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises 2. Vakbekwaam en deskundig 3. Sterke informatiepositie De Meldkamer Oost-Nederland (MON) is dé betrouwbare verbinding tussen de hulpverlening en de bevolking in de veiligheidsregio’s VNOG en IJsselland en werkt als fysiek meld-, regel- en coördinatiecentrum, waar alle meldingen van brandweer (politie en geneeskundige zorg) binnen komen. De MON alarmeert de hulpverleningsdiensten en stuurt deze aan. Beleidsdoelen: wat willen we bereiken per opgave? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises a. Ontvangen van meldingen: Efficiënt uitvragen van de melder en zo snel mogelijk voorzien van een adequaat optreden van de brandweer; b. Begeleiden van incidenten: Alarmering van de juiste personen en eenheden; zorgen voor adequate informatievoorziening aan de eenheden; zorgen voor juiste opschaling in samenspraak met de veldeenheden, regie voeren over de verbindingen; registratie (in aanvang) van de (multidisciplinaire) opschaling (GRIP); c. Automatisch alarm: Verwerken automatisch alarm en terugdringing van het aantal nodeloze automatische alarmeringen. d. Aandeel leveren in het vervullen van de rol van Calamiteiten coördinator (Caco) in de meldkamer. 2.
Vakbekwaam en deskundig Vergroting van de kennis en vaardigheden van de centralisten. 3. Sterke informatiepositie De MON fungeert als knooppunt van operationele informatiestromen. De MON levert daarnaast een actieve bijdrage aan de totstandkoming van de nieuwe meldkamer in Oost Nederland. Activiteiten: wat gaan we daarvoor doen? 0. Het voorkomen, beperken en bestrijden van incidenten, rampen en crises a. Ontvangen van meldingen. De MON: − neemt alle (acute) hulpvragen van burgers aan (brandweerzorg en grootschalige incidenten) en behandelt en coördineert de hulpvragen; − classificeert op basis van uitvraag een hulpvraag effectief en zorgt voor een vakkundige, snelle en juiste alarmering van brandweereenheden; b. Begeleiden van incidenten. De MON: − begeleidt de brandweereenheden bij de inzet; − oefent een faciliterende functie uit voor de hulpverleners op straat en voert de regie in de communicatielijnen; − heeft daarbij tevens een lifeline- en vraagbaakfunctie voor de hulpverleners, daarom is de MON altijd bereikbaar voor de eenheden en denkt mee en vooruit; − zorgt bij opschaling voor het alarmeren van grootschalig optreden, de hoofdstructuur en andere instanties. c. Automatisch alarm. De MON: − verifieert bij een automatisch alarm eerst (bij daarvoor van te voren bepaalde abonnees) de melding door middel van contrabellen; − voert nevenwerkzaamheden uit (o.a.
acteert de MON op storingen en behandelt verzoeken tot testen van een installatie).
17
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
d. Leveren Calamiteiten coördinator. De MON: − heeft een aantal vakbekwame mensen in dienst die de rol vervullen van Calamiteiten coördinator ten behoeve van de multidisciplinaire coördinatie bij incidenten. Deze functie wordt bij toerbeurt als rol ingevuld vanuit de centralisten van zowel brandweer als politie en ambulancedienst. 2. Vakbekwaam en deskundig. De MON: − oefent haar centralisten in hun vaardigheden als centralist; − oefent samen met de ketenpartners, waarbij de samenwerking tussen de meldkamer en het veld wordt beoefend. 3. Sterke informatiepositie. De MON: − zorgt in de eerste aanvang en gedurende het verdere verloop van een incident voor beeldvorming op basis van de beschikbare informatie. − Een aantal centralisten van de MON heeft een extra taak als calamiteitencoördinator op de meldkamer. Bij grotere (GRIP) incidenten coördineren deze tussen de drie disciplines en zorgen voor het eerste meldkamerbeeld. Dit wordt aangeboden aan de sleutelfunctionarissen in de hoofdstructuur van crisisbeheersing en rampenbestrijding. Extra: Goede totstandkoming Landelijke Meldkamer Er wordt gewerkt aan de opbouw en inrichting van de nieuw te vormen meldkamer in Oost-Nederland, onderdeel van de Landelijke Meldkamer Samenwerking. Als één van de partners neemt de MON deel aan dit proces en brengt arbeidscapaciteit in.
In de nieuwe meldkamer worden de huidige drie meldkamers in de provincies Gelderland en Overijssel samengevoegd tot één. Deze wordt gevestigd in Apeldoorn. Indicatoren: hoe gaan we dit meten? Voor een aantal indicatoren op de prestatiekaart van de VNOG wordt vanuit de MON informatie aangeleverd. Middelen: welke middelen hebben wij daarvoor beschikbaar? Realisatie 2020
Raming 2021
Raming 2022
Raming 2023
Raming 2024
Raming 2025
Product
L/B
Personele kosten
Baten
716.171
580.000
580.000
580.000
580.000
580.000
Lasten
1.793.288
1.478.350
1.478.350
1.478.350
1.478.350
1.478.350 -898.350
Overig
Saldo
-1.077.117
-898.350
-898.350
-898.350
-898.350
Baten
35.643
0
0
0
0
0
Lasten
92.001
156.650
156.650
156.650
156.650
156.650
Saldo
-56.358
-156.650
-156.650
-156.650
-156.650
-156.650
-1.133.475
-1.055.000
-1.055.000
-1.055.000
-1.055.000
-1.055.000
-1.133.475
-1.055.000
-1.055.000
-1.055.000
-1.055.000
-1.055.000
Totaal saldo baten en lasten Mutaties reserves 4.0 MON
Baten Lasten Saldo
Saldo reserves
Resultaat
De begroting 2022 (en 2021) is lager dan de realisatie 2020. Dit wordt veroorzaakt doordat er in 2020 een incidentele overschrijding was (zie jaarstukken 2020). Daarnaast waren er een aantal kleinere voornamelijk technische begrotingsaanpassingen.
18
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
Programma:
5. Bedrijfsvoering
Programmahouder:
dhr. H.J. van Schaik
Opgaven: welke opgaven voert Bedrijfsvoering uit? 3. Sterke informatiepositie 4. Een gezonde financiële basis en betrokken medewerkers De afdeling Bedrijfsvoering (BV) doet dit door: ondersteuning primaire en overige processen voor bestuur, directie, management en andere afdelingen. Dit betreft informatisering en archief (DIV) / beleids- en juridisch advies, interne en externe communicatie / financiën, inkoop, verzekeringen en secretariële en administratieve ondersteuning / vastgoed, services en projecten / HRM / privacy. Beleidsdoelen: wat willen we bereiken per opgave? 3. Sterke informatiepositie Een goede informatiepositie van alle stakeholders (intern, bestuur, samenleving). De informatievoorziening is betrouwbaar, weerbaar en ‘bij de tijd’ ingericht. 4. Een gezonde financiële basis en betrokken medewerkers a. Een solide financiële positie en een rechtmatige en transparante financiële huishouding. b. Optimale facilitering van organisatie en medewerkers op gebied van huisvesting, services en projecten. c. Onze mensen richting, ruimte, vertrouwen geven om zich te ontwikkelen en resultaten te behalen, die burgers, bestuur en partners van de VNOG vragen. Activiteiten: wat gaan we daarvoor doen? 3. Sterke informatiepositie.
De afdeling BV: − zorgt voor een betrouwbare, integrale informatievoorziening en richt deze in conform de Veiligheidsregio’s Referentie Architectuur, en voert ICT-beheersprocessen in conform BISL (Business Information Services Library); − zorgt voor een weerbare informatievoorziening door in te zetten op informatiebeveiliging en continuïteit; − richt de informatiebeveiliging in conform de landelijke standaard van de BIO (Baseline Informatiebeveiliging Overheid); − richt een Twin-Datacenter in, waar data op twee plaatsen staat zodat bij uitval bedrijfscontinuïteit gegarandeerd is; − implementeert een zgn.
dark-fiber ring, waarmee een provider onafhankelijke verbinding mogelijk is, zodat bij uitval van de provider de ring in tact blijft; − implementeert IAM tooling (Identity Acces Management) en RBAC tooling (Role-based access control, waarmee individuen uitsluitend rechten krijgen op basis van hun rol); − zorgt voor een goede archivering van stukken; − Implementatie Toekomstvisie: BV past bij de informatievoorziening Business Intelligence toe en zorgt voor monitoring van ontwikkelingen; − draagt bij aan de integraliteit en kwaliteit van beleids- en bestuursvoorstellen; − bouwt verder aan de versterking van de raadsbetrokkenheid door de initiatieven hieromtrent uit 2021, naar aanleiding van raadsverzoeken, verder te implementeren, zoals vroegtijdige aanlevering planningen, deling basisgegevens via gemakkelijk leesbare overzichten (‘dashboard’), etc. − zorgt voor (juridische) advisering; − coördineert en verzorgt 24/7 de in- en externe communicatie (ten aanzien van de reguliere activiteiten van de VNOG en bij incidenten, rampen, crises); − ontwikkelt en beheert content en communicatiemiddelen en waakt over uitstraling, huisstijl en relevantie van boodschappen voor de diverse stakeholders en doelgroepen; − ontwikkelt een nieuwe website en nieuwe (digitale) communicatiemiddelen, zoals een digitaal magazine dat voor meerdere doeleinden ingezet kan worden; 19
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
− −
neemt deel aan regionale en landelijke netwerken om te investeren in kennis en contacten; houdt toezicht op-, adviseert over- en verzorgt de privacy- en gegevensbescherming.
4. Een gezonde financiële basis en betrokken medewerkers. a. Een solide financiële positie & control. De afdeling BV: − zorgt voor de financiële-, contracten- en polis-administratie en adviseert over financien, verzekeringen, inkoop & aanbesteden en coördineert het risicomanagement; − zorgt voor bestuurlijke informatievoorziening hierover die transparant en tijdig is. − organiseert en coördineert de P&C cyclus en de totstandkoming van kadernota, meerjarenbegroting, financiële verkenningen en jaarstukken (-verslag en -rekening); − stelt een IB plan op en versterkt de uitvoering van verbijzonderde interne controle, onder meer in het kader van de komst van rechtmatigheidsverklaring die het DB vanaf boekjaar 2021 zelf moet afgeven; onderhoudt contact met de accountant; b. Optimale facilitering van de organisatie en de medewerkers. De afdeling BV: − beheert de locaties vanuit de gebruikersrol; − doet een voorstel voor invoering van een uniform toegangsbeheer; − optimaliseert de werklocaties passend bij het nieuwe werken; − optimaliseert training- en oefenlocaties in afstemming met Brandweerzorg; − voert de aanbesteding en implementatie uit van een nieuw facilitair management systeem; − levert input (t.b.v. PVE’s, etc.) aan de gemeenten en adviseert ten aanzien van nieuw- en verbouwprojecten van brandweerkazernes. c.
Onze mensen richting, ruimte en vertrouwen geven om zich te ontwikkelen. BV: − verzorgt de ondersteunende werkzaamheden voor personeelszorg, en -administratie. − Implementatie Toekomstvisie. BV: o investeert in de professionele (door)ontwikkeling van HRM; o zorgt voor doorontwikkeling van e-HRM dat bijdraagt aan meer efficiency en kwaliteit in de interne werkprocessen HRM, het gebruiksgemak en de registratie en rapportage van/over personele gegevens/data en de formatie; o faciliteert het eigen regie voeren door medewerkers zelf op vitaliteit, loopbaan en mobiliteit in het kader van ‘werken aan duurzame inzetbaarheid’; o ontwikkelt het instrumentarium voor de verdere inrichting van de HR-werkplaats; o faciliteert, adviseert en ondersteunt het (lijn)management bij het organisch veranderproces “De Expeditie” (organisatieontwikkeling). − faciliteert programma’s voor vrijwilligers, samen met Brandweerzorg; − faciliteert het Arbo beleid, mede op basis van de RI&E. Indicatoren: hoe gaan we dit meten? Via de prestatiekaart wordt twee keer per jaar de voortgang gemeten via een aantal indicatoren. 3. Sterke informatiepositie Indicator Informatievoorziening. De doelen van het programma informatievoorziening worden gerealiseerd (norm: gerealiseerd : groen; bijsturing nodig: oranje; onvoldoende gerealiseerd: rood). 4.
Een gezonde financiële positie en betrokken medewerkers Indicator Prognose geschoond jaarresultaat (norm: ≤ € 2 miljoen afwijking t.o.v. begroting: groen, > € 2 miljoen negatief en ≤ € 3 miljoen negatief: oranje, > 3 miljoen negatief: rood, > € 2 miljoen positief en ≤ € 3 miljoen positief: lichtblauw, > 3 miljoen positief: blauw). Indicator Ziekteverzuim (frequent kortdurend) (norm: geen, betreft verloop, weergave: aantal)
20
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
Middelen: welke middelen hebben wij daarvoor beschikbaar? Realisatie 2020
Raming 2021
Raming 2022
Raming 2023
Raming 2024
Raming 2025
Product
L/B
Personele kosten
Baten
6.037
5.000
5.000
5.000
5.000
5.000
Lasten
6.167.464
6.880.500
6.487.000
6.463.000
6.446.000
6.446.000
Saldo
-6.161.427
-6.875.500
-6.482.000
-6.458.000
-6.441.000
-6.441.000
Facilitair
Huisvesting
Communicatie
Middelen
Verzekeringen
Personeelszaken
Informatie
Arbo
Overig
Rente en afschrijving
Baten Lasten
164.493
266.500
266.500
266.500
266.500
266.500
Saldo
-164.493
-266.500
-266.500
-266.500
-266.500
-266.500
Baten Lasten
1.505.181
1.745.625
1.294.500
1.294.500
1.099.500
1.099.500
Saldo
-1.505.181
-1.745.625
-1.294.500
-1.294.500
-1.099.500
-1.099.500
Baten Lasten
22.663
67.000
67.000
67.000
67.000
67.000
Saldo
-22.663
-67.000
-67.000
-67.000
-67.000
-67.000
Baten Lasten
42.985
50.000
50.000
50.000
50.000
50.000
Saldo
-42.985
-50.000
-50.000
-50.000
-50.000
-50.000
Baten Lasten
681.910
737.500
735.500
734.500
734.500
734.500
Saldo
-681.910
-737.500
-735.500
-734.500
-734.500
-734.500
Baten
705
Lasten
611.764
870.200
697.000
697.000
697.000
783.000
Saldo
-611.058
-870.200
-697.000
-697.000
-697.000
-783.000
Baten Lasten
2.160.304
1.975.700
1.951.870
2.034.370
2.034.370
2.034.370
Saldo
-2.160.304
-1.975.700
-1.951.870
-2.034.370
-2.034.370
-2.034.370
Baten Lasten
75.250
218.500
154.500
154.500
154.500
154.500
Saldo
-75.250
-218.500
-154.500
-154.500
-154.500
-154.500
Baten
36.845
0
Lasten
2.642.934
728.700
659.000
649.000
649.000
639.000
Saldo
-2.606.089
-728.700
-659.000
-649.000
-649.000
-639.000
Baten Lasten
1.002.700
1.020.000
891.000
732.000
779.000
Saldo
-1.002.700
-1.020.000
-891.000
-732.000
-779.000
-14.031.361
-14.537.925
-13.377.870
-13.296.370
-12.925.370
-13.048.370
Baten
327.300
735.400
245.000
235.000
40.000
30.000
Lasten
145.876
Saldo
181.424
735.400
245.000
235.000
40.000
30.000
181.424
735.400
245.000
235.000
40.000
30.000
-13.849.937
-13.802.525
-13.132.870
-13.061.370
-12.885.370
-13.018.370
Totaal saldo baten en lasten Mutaties reserves 6.0 Bedrijfsvoering
Saldo reserves
Resultaat
21
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
Programma:
6. Directie en Control
Programmahouder: dhr. A.J.M. Heerts Opgaven: welke opgaven voert Directie en Control uit? Directie en Control is verantwoordelijk voor alle opgaven van de VNOG en draagt zorg voor de ondersteuning van bestuur, directie en management. Dit betreft met name strategisch beleidsadvies, controle op het proces van planning en control, kwaliteit van besluitvorming en advisering over interne en externe communicatie. Beleidsdoelen: wat willen we bereiken per opgave? Opgaven 0. t/m 4. (alle opgaven) a. Het behalen, behouden en monitoren van het in de Toekomstvisie-Opdrachten vastgestelde dienstverleningsniveau binnen de daarvoor beschikbaar gestelde middelen. b. Het informeren van het bestuur, de directeur en het management over de mate van besturing en beheersing in de organisatie. c. In control blijven stimuleren door middel van visitaties, het uitvoeren van audits, het toetsen van voorstellen resp. besluiten op uitvoerbaarheid resp. uitvoering en het adviseren van directie en bestuur.
Activiteiten: wat gaan we daarvoor doen? Directie: − stuurt op de realisatie van de Toekomstvisie-Opdrachten; − stuurt op de ontwikkeling van de organisatie door middel van een organische veranderaanpak, genaamd De Expeditie; o investeert binnen De Expeditie onder andere op het leiderschapstraject voor leidinggevenden; − behoudt vertrouwen en stemt verwachtingen tussen de medewerkers, posten, het managementteam en het bestuur af, door: o zichtbaarheid van de directeur en het management; o tijdig informeren over ontwikkelingen; o een transparant besluitvormingsproces; o het inrichten van heldere werkprocessen. − monitort de beheersing en (bij)sturing hierop: o inhoudelijke beheersing door bewaking van het dienstverleningsniveau; o financiële beheersing door monitoring van de planning en control cyclus; o personele beheersing door het nemen van uitvoeringsbesluiten over de formatie en door monitoring van het personeelsbestand. − bouwt en behoudt sterke relaties met de multidisciplinaire partners, buurregio’s en internationale samenwerkingsverbanden van de Veiligheidsregio.
Control: − coördineert visitaties aan de VNOG in het kader van de wet op de veiligheidsregio's; − verricht onderzoeken en audits conform een door het Dagelijks Bestuur vast te stellen auditplan, naar onderdelen of aspecten van de VNOG-organisatie over de doeltreffendheid en doelmatigheid van het gevoerde beleid; − adviseert over de uitvoerbaarheid van voorstellen aan het MT en bestuursorganen en ziet toe op de uitvoering van de genomen besluiten. Adviseert hieromtrent de directie en het bestuur gevraagd en ongevraagd; − stimuleert de vastlegging van relevante processen en de beoordeling van de geleverde kwaliteit van de organisatie door het lijnmanagement. Indicatoren: hoe gaan we dit meten? Via de prestatiekaart wordt twee keer per jaar de voortgang gemeten via een aantal indicatoren.
22
Programmabegroting 2022-2025 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
3. Sterke informatiepositie Indicator Rapportages personeel/materieel. De standen, stromen en mutaties ten aanzien van al het personeel en materieel zijn continue zichtbaar en eenvoudig in managementinformatie opgenomen (norm: overzichten eenvoudig beschikbaar: groen, overzichten niet eenvoudig beschikbaar: oranje, niet beschikbaar: rood). Middelen: welke middelen hebben wij daarvoor beschikbaar? Product
L/B
Personele kosten
Baten
Bestuur
Directie overig
Control
Realisatie 2020
Raming 2021
Raming 2022
Raming 2023
Raming 2024
Raming 2025
0
0
0
0
0
Lasten
406.007
280.000
277.000
277.000
277.000
277.000
Saldo
-406.007
-280.000
-277.000
-277.000
-277.000
-277.000
Baten Lasten
58.364
30.000
10.000
30.000
10.000
30.000
Saldo
-58.364
-30.000
-10.000
-30.000
-10.000
-30.000
Baten Lasten
77.264
429.000
429.000
404.000
404.000
404.000
Saldo
-77.264
-429.000
-429.000
-404.000
-404.000
-404.000
Baten Lasten
94.640
82.000
82.000
82.000
82.000
82.000
Saldo
-94.640
-82.000
-82.000
-82.000
-82.000
-82.000
-636.275
-821.000
-798.000
-793.000
-773.000
-793.000
-636.275
-821.000
-798.000
-793.000
-773.000
-793.000
Totaal saldo baten en lasten Mutaties reserves 5.0 Directie en control
Baten Lasten Saldo
Saldo reserves
Resultaat
23
Programmabegroting 2022-2025, Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
Programma:
7. Algemene dekkingsmiddelen & Onvoorzien
Programmahouder: dhr. H.J. van Schaik Op het programma 7 ‘Algemene dekkingsmiddelen’ staan de middelen die betrekking hebben op de gemeentelijke bijdragen en de Brede Doeluituitkering Rampenbestrijding vanuit het Rijk. De gemeentelijke bijdrage voor 2022 is conform de Kadernota 20222025. Voor de hoogte van de bijdrage wordt verwezen naar bijlage 2. De middelen in dit programma worden ingezet om via de andere programma’s de opgaven van de organisatie uit te voeren. Verder is in dit programma een post opgenomen voor onvoorziene uitgaven en staat hier de nog over de andere programma’s te verdelen post loon- en prijscompensatie. De mutatie in de reserves betreft de toevoegingen en onttrekkingen aan de egalisatiereserve afschrijvingen. Zie voor een toelichting hierop bijlage 4. Middelen: welke middelen hebben wij daarvoor beschikbaar? Product
L/B
Personele kosten
Baten
Treasury
Loon- en prijscompensatie
Bijdragen rijk en gemeenten
Realisatie 2020
Raming 2021
Raming 2022
Raming 2023
Raming 2024
Raming 2025
Lasten
600.000
600.000
600.000
600.000
600.000
Saldo
-600.000
-600.000
-600.000
-600.000
-600.000
Baten
533.334
585.320
586.000
626.000
653.000
659.000
Lasten
365.541
585.320
586.000
626.000
653.000
659.000
Saldo
167.793
0
0
0
0
0
Baten Lasten
1.360.068
1.700.068
1.700.068
1.700.068
1.700.068
Saldo
-1.360.068
-1.700.068
-1.700.068
-1.700.068
-1.700.068
53.640.684
55.086.246
55.764.000
55.764.000
55.764.000
55.764.000
Saldo
53.640.684
55.086.246
55.764.000
55.764.000
55.764.000
55.764.000
Baten
202.611
Baten Lasten
Algemeen
Lasten
46.956
212.595
530.852
539.352
488.152
488.152
Saldo
155.656
-212.595
-530.852
-539.352
-488.152
-488.152
53.964.132
52.913.583
52.933.080
52.924.580
52.975.780
52.975.780
167.000
661.000
835.000
249.898
55.000
313.000
-249.898
-55.000
167.000
661.000
835.000
313.000
-249.898
-55.000
167.000
661.000
835.000
54.277.132
52.663.685
52.878.080
53.091.580
53.636.780
53.810.780
Totaal saldo baten en lasten Mutaties reserves 7.0 Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien
Baten
313.000
Lasten Saldo Saldo reserves
Resultaat
24
Programmabegroting 2022-2025, Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
Programma:
8. Brandweerkazernes in eigendom en overgangsrecht
Programmahouder: dhr. H.J. van Schaik Het programma 8 betreft de drie kazernes in eigendom van de VNOG (Apeldoorn-Saba, Doetinchem en Harderwijk) en de specifieke verrekeningen ten aanzien van de exploitatie van kazernes met Apeldoorn, Zutphen en Epe. Daarnaast is ook de afwikkeling van de financiële gevolgen van het FLO overgangsrecht met de gemeenten Apeldoorn en Doetinchem in dit programma opgenomen. Dit programma wordt één op één met alleen de desbetreffende gemeenten verrekend. Beleidsdoelen: wat willen we bereiken? − Goed uitgeruste en onderhouden kazernes, zodat de uitruk kan plaatsvinden en er werkzaamheden kunnen worden verricht. − Een juiste uitvoering van het FLO overgangsrecht. Activiteiten: wat gaan we daarvoor doen? Kazernes − De afdeling Bedrijfsvoering (team VSP) zorgt voor / coördineert het onderhoud en de facilitaire diensten. Tevens zorgt deze afdeling voor de verrekening van de kosten met de desbetreffende gemeenten. − De afdeling BV bereidt het proces voor van de terug overdracht van de kazernes Harderwijk en Doetinchem naar de respectievelijke gemeente. Overgangsrecht − De VNOG zorgt voor een juiste uitvoering van het FLO / overgangsrecht en voor verrekening van de kosten met de betreffende gemeenten. Middelen: welke middelen hebben wij daarvoor beschikbaar? De kazernes en het overgangsrecht worden een op een met de betreffende gemeenten verrekend. Product