100424 VBB Krachtighuizen klein
Tekst van het document
BUURTBOS KRACHTIGHUIZEN ontwerpt voedselbos, tuin en landschap
*HAALBAARHEIDSSCAN
Diverse voedselbosoogsten. Linksboven en rechtsonder (Wouter van Eck)
INHOUD
1
INLEIDING
2
ANALYSE PLANGEBIED
2.1
Ligging in omgeving
2.2
Historie
5
7
.....................................................
7
.............................................................................
7
2.3
Grondgebruik en bodem ..............................................
9
2.4
Overige factoren van belang voor bosontwikkeling 10
3.
DE OPGAVE
3.1
Doelstellingen opdrachtgever ...................................... 11
3.2
Conclusie ................................................................................. 13
4
VOORSTEL ORGANISATIE
4.1
Stappenplan voedselbos .................................................. 15
5
RUIMTELIJKE STRUCTUUR
5.1
Schetsontwerp........................... ........................................... 19
6
KOSTEN EN RISICO’S......................................................... 21
7
BEHEER EN ONDERHOUD ............................................. 23
11
15
19
COLOFON 25 ontwerpt voedselbos, tuin en landschap
3
Totale projectgebied in Krachtighuizen
1. INLEIDING Door een samenloop van omstandigheden ontstaat er in Krachtighuizen een kans voor een mooi buurtinitiatief naast de voetbalvereniging Rood-Wit. Buurtbewoner Harald Lek heeft de gemeente benaderd met de vraag of er een voedselbos mogelijk zou zijn op de vrijgekomen terreinen, daar waar een parkeerplaats verdwijnt en een caravanpark is afgebroken, om deels terug te geven aan de natuur. De gemeente staat open voor nieuwe initiatieven en heeft aan mij gevraagd een basisplan te maken voor het vrijgekomen terrein. Vooraf aan deze opgave wil ik het gebied en de kansen die er liggen voor een voedselbos wat preciezer bekijken en beoordelen. Het terrein lijkt in eerste instantie minder geschikt voor een zelfregulerend voedselbos. Haalbaarheid en fasering zullen belangrijke uitgangspunten zijn voor verdere ontwikkeling. De intentie is dat dit vrijgekomen terrein voor een groot deel wordt ‘teruggegeven aan de natuur’ en dat er weinig kosten nodig zullen zijn voor toekomstig beheer. Graag wil ik onderzoeken op welke manier buurtbewoners samen groene initiatieven kunnen ontplooien die voor sociale samenhang en natuurbeleving zorgen. Ik denk aan een buurtbos met een divers scala aan vruchtdragende houtige gewassen, aanplant die de biodiversiteit doet toenemen en op termijn veel eetbaars biedt voor mens en dier.
De omgeving moet er vooral blij van worden, deels bij betrokken zijn en ook eigenaarschap gaan voelen. Met de eerste schets als basis kan de initiatiefnemer het plan met de buurt organisatorisch verder brengen om in een later stadium weer bij mij aan te kloppen om dit plan verder uit te werken. Om nader kennis te maken met het fenomeen voedselbossen behoort een inspirerende lezing over voedselbossen en -tuinen tot de mogelijkheden.
5 Overzicht noordkant terrein
Huidige doorgang naar de voetbal en groenrand
Verbinding tussen twee terreindelen
De westelijke terreinrand en solitaire spar
Startpunt Huinerpad op de bestaande p-plaats
Het voormalige parkeerterrein
De zuidelijke terreinrand
Overzicht richting de nieuwe parkeerplaats foto’s: Evelyn Derksen
2. ANALYSE PLANGEBIED 2.1 Ligging in omgeving
2.2 Historie
Een goede voorbereiding vraagt een gedegen analyse van de plek en haar omgeving en een kaartenonderzoek van historie, geomorfologie, hoogteligging, bodem en water. Voor een voedselbos is waarneming van de situatie zoals deze zich voordoet nog belangrijker.
Historisch kaartonderzoek laat zien dat dit gebied maar heel langzaam veranderd is van Kampenontginning naar het huidige agrarische buitengebied van Putten. De verzameling buurtschappen zijn allen nog te herleiden naar 100 jaar gelden en feitelijk is het gebied ten zuiden van Putten en ten westen van de N303 intact gebleven als het om kleinschaligheid gaat. Vanaf 1850 zijn met de vestiging van landgoederen de ruige heidegebieden van het Huinerveld ontgonnen en bebost en aansluitend is er recreatie gekomen. Vanaf 1960 is er bebouwing geweest op het westelijk deel van het plangebied, vanaf ca. 1974 heeft er een (boeren)bedrijf gestaan meer naar het midden van het plangebied. Dit verklaart (waarschijnlijk) de asbestvondsten op het terrein op die locatie. De voetbalvereniging dateert van 1958, een gebouw lijkt er pas vanaf de jaren 70 te staan. In 2009 is er een kunstgrasveld bij gekomen ten westen van de eerste velden. Een driehoek aan de Kolthoornseweg functioneerde lange tijd als parkeerplaats.
Het inmiddels geruimde terrein van het caravanparkje ligt er op dit moment verlaten bij. De gehele omvang van het terrein ligt open en is geheel te overzien. De rafelige randen van dit ontruimde terrein, deels groen en deels met hekken dateren van de jaren 90, toen hier een sportvereniging gevestigd werd. In de beplanting zijn meerdere tijdlagen zichtbaar. Oude bomen op het erfdeel uit de tijd dat hier een boerderij heeft gestaan (jaren 70), Daarvoor was er al recreatie (De instuif, jaren 50), daar dateren sommige grote dennen vermoedelijk van. Kleinere bosschages van het park zijn al verdwenen. De grenzen van het terrein worden bepaald door parkeerterreinen (oud en nieuw), vakantieparken en de voetbalvereniging. Het kan hier heel stil en rustig zijn maar steeds tijdelijk enorm druk, vooral op de tijden dat de voetbalvereniging actief is. Overlast van recreanten is relatief klein. Verder staan er verspreide huizen en boerderijen in dit deel van het oude kampenlandschap dat zich kenmerkt door kleinschaligheid, een dicht net van kleine wegen en paden en veel hagen en oude houtwallen. Het schuurt tegen het Sprielderbos aan, de Veluwe. Hier overwegend dennenbos op hooggelegen gronden. plangebied 1950, topotijdreis.nl
7
D-2200
Ontwerp nieuwe parkeerterrein op locatie. Bron : Gemeente Putten
2. ANALYSE PLANGEBIED SUMMARY 2.3 Grondgebruik en bodem De aanleiding voor dit plan is een wijziging in het grondgebruik m.b.t. het parkeren van de voetbal. De vereniging krijgt een nieuw parkeerterrein direct aan het clubgebouw gelegen op het voormalig recreatieterrein. Dit bestrijkt ongeveer een kwart van het vrijgekomen terrein. Er is sprake van 72 parkeerplaatsen dichtbij de club. In tweede instantie behoudt de club ook het grootste deel van de plekken op het huidige terrein aan de Kolthoornseweg, nogmaals 72 plekken, inclusieve een flexibele busopstelplaats. Het gebied dat nu voorgesteld wordt voor buurtboslocatie is 0,8 ha en beslaat ook kleine driehoek van kadastraal perceel D-2200. Globaal ligt het terrein op +17.50 meter NAP. Verloop van +17.00 NAP in de zuidwest hoek tot 18.20 NAP op de bestaande parkeerplaats. Dit betekent (zeker in de huidige klimatologische omstandigheden) een terrein met lage grondwaterstanden en zeer droge zomers. De watervoorraden zijn vanaf november 2023 wel behoorlijk aangevuld maar de zomers laten al jaren achtereen een te droog beeld zien. De waterstanden op de kaart zijn: GHG 190-200, GLG>250, GVG 238 De bodem is van origine dekzand met als bodem kenmerk y21, leemarm en zwak lemig fijn zand. Op dit moment zegt dat niet alles omdat het terrein in zijn geheel gesaneerd gaat worden.
Er zal grond aangevoerd worden van elders en die aangevulde bodem zal in de eerste jaren de omstandigheden bepalen voor wat er gaat groeien en bloeien. In een zwaar verstoorde grond als deze zal het enige tijd duren voordat het bodemleven zich gaat herstellen. De bodem is de basis van alles.
9 Huidige parkeerterrein op bestaande locatie.
2. ANALYSE PLANGEBIED SUMMARY 2.4 Overige factoren van belang voor bosontwikkeling Overige factoren voor de aanleg van een voedselbos zijn wind, zon en water. De eerste opgave bij een voedselbos is het creëeren van een windluwe omgeving. Deze is hier al voor een groot deel op orde door de bestaande randen rondom het terrein. Deze randen worden aangevuld met hagen en struwelen zodat er geen trekgaten ontstaan. Langs de Kolthoornseweg is al veel struweel dat in de zomer mooi dichtgroeit. Die beschutting is vooral van belang in het groeiseizoen. Harde wind zorgt voor snelle verdamping. Uit oostelijke richting is hier al helemaal geen harde wind te verwachten. Zon is natuurlijk nodig om een jong bos te laten opgroeien. De uitgangspositie is hier een nagenoeg leeg terrein en dat is gunstig. In het ontwerp kan goed gebruik worden gemaakt van de zogenaamde oplopende zoom, waardoor zonlicht optimaal kan toetreden (zie afbeelding blz. 19) Voldoende water is een andere voorwaarde die gezien de ervaring van de afgelopen 5 jaar geen vanzelfsprekendheid meer is in de zomer. Aangezien er op het terrein een waterleiding aanwezig is moet het mogelijk zijn om de eerste twee jaar jonge aanplant te helpen aanslaan. In de voedselbosbouw zijn we zeer terughoudend met water geven, hoe minder hulp, hoe sterker planten en bomen worden. Het is wel zaak om ze in de eerste jaren in leven te houden.
De schaal en ligging van een voedselbos zijn ook van belang. Voldoende schaal is nodig omdat het voedselbos zijn eigen plaagbestrijding moet kunnen organiseren. Soorten moeten zich
er kunnen vestigen. Een zijn bijvoorbeeld vogels nodig om de eerste rupsenplagen te beheersen. Er zijn kleine zoogdieren nodig die muizen eten, egels en padden die een overdaad aan slakken opeten. Deze soorten moeten zich kunnen vestigen en voortplanten in het voedselbos om deze taken te kunnen vervullen. Natuur in de omgeving (mits goed bereikbaar) telt mee in die schaal. Dieren komen eerst foerageren in het bos maar wonen er (nog) niet. In dit geval is het gunstig dat het bos dichtbij is en dat er een mooie corridor aanwezig is via het terrein van Landal. Zo niet dan verdient het aanbeveling om deze buren mee te nemen in de nieuwe natuurontwikkeling. Hopelijk is dit terrein niet hermetisch afgesloten met hekken of zijn er passeermogelijkheden voor kleine doorgangen. De voorgestelde 0,8 ha lijkt in deze omgeving voldoende. Dan is er nog de factor verstoring. Een jong opgroeiend voedselbos is een kwestbaar gebied. Teveel verstoring kan ertoe leiden dat soorten die nodig zijn er wegblijven. De omgeving brengt de nodige onrust mee op verschillende momenten. Het is erg rustig in het gebied behalve wanneer de voetbalclub actief is. Er is dan een grote toestroom van auto’s er komt geluid van de velden en er is enige lichtverstoring in de avonden. De effecten die dit heeft op het voedselbos zijn lastig te voorspellen.
Mogelijk is het nadelig voor bepaalde soorten, het kan ook een voordeel zijn dat juist zwijnen en reeën zich niet in deze buurt vertonen. In de zomer is er meer menselijke activiteit in het gebied maar dat zal op het voedselbos zelf minder invloed hebben.
3. DE OPGAVE 3.1 Doelstellingen opdrachtgever Definitie uit Green deal Voedselbossen Een voedselbos is een door mensen ontworpen productief ecosysteem naar het voorbeeld van een natuurlijk bos, met een hoge diversiteit aan meerjarige en/of houtige soorten, waarvan delen (vruchten, zaden, bladeren, stengels ed.) voor de mens als voedsel dienen. Met aanwezigheid van: • een kruinlaag van hogere bomen; • minimaal drie van de andere niches of vegetatielagen van respectievelijk lagere bomen, struiken, kruiden, bodembedekkers,
Het accent van de opdracht voor dit gebied ‘teruggeven aan de natuur’ is verlegd naar het initiatief van een buurtbewoner om meerwaarde te creëren voor natuur en omgeving. Niet slechts aanvullend groen aanplanten op het vrijgekomen terrein maar spelen met de gedachte aan een voedselbos. De gemeente Putten is hier nog niet mee bekend, is er wel nieuwsgierig naar en wil het een kans geven. Dat is alvast een geweldig uitgangspunt.
ondergrondse gewassen en klimplanten; • een rijk bosbodemleven. Bij een voedselbosontwerp wordt dus gestreefd naar een zichzelf voedend en instandhoudend bosecosysteem, gebaseerd op de structuur en dynamiek van natuurlijke bossen. De soortensamenstelling is een combinatie van bewust aangeplante productieve en ecosysteem-ondersteunende kruinboomsoorten en ondergroei, waarbij volop ruimte is voor een eveneens grote diversiteit aan wilde flora en fauna. Denk bijvoorbeeld aan kruinlaagbomen als walnoot,
Er zijn op dit moment nog weinig randvoorwaarden voor de opgave anders dan dat het niet te duur mag zijn in aanleg en onderhoud. Op dit moment wordt het terrein volledig gesaneerd, daarna worden er eerst twee parkeerterreinen aangelegd waarvoor ook de aanrijroute wordt verbreed. Het huidige bomenbestand nog aanwezig op het terrein is niet bijzonder waardevol en hoeft niet (mag wel) behouden te blijven. Er is feitelijk een blanco uitgangspunt.
kastanje, pecan of suikeresdoorn, samen met linde, kers, en/of pioniers als els, berk, met ondergroei van hazelaar, vlier, kornoelje, krent en/of allerlei andere fruitbomen, kleinfruit en soorten met eetbaar blad, knoppen of twijgen. Veel van deze soorten horen van oorsprong thuis in bossen en bosranden.
Vanuit de buurt zijn nog geen specifieke doelstellingen geformuleerd. Dit document zal daarin enkele aanbevelingen doen om het initiatief op gang te brengen. Er worden vaak factsheets of stappenplannen gebruikt (zie blz. 14 en 15).
Uit: Voedselbossen, kansen en aandachtspunten voor de bossenstrategie Beleidsadvies door de Green Deal voedselbossen, September 2020 Werkgroep bossenstrategie van de Green Deal Voedselbossen
De doelstellingen die ieder voedselbos met zich meebrengt zijn te vinden in de groene kaderteksten hiernaast en op pagina 13.
11 * Voedselbossen van belang voor biodiversiteit. J.Breidenbach, E.Dijkgraaf, B.Rooduijn, R.Nijpels-Cieremans, A.Strijkstra | De Levende Natuur | mei 2017
Voorbeeld voedselbos met rationele indeling - productie voedselbos (E.Derken)
Voorbeeld soortenrijk voedselbos - romantisch voedselbos (E. Derksen)
windkering
Aanzicht opbouw beplantingsvak in een rationeel voedselbos (E. Derksen)
windkering
Doorsnede opbouw beplantingsvak in een voedselbos (E. Derksen)
3. DE OPGAVE 3.2 Conclusie Ondanks de uitdagingen die dit gebied kent is er zeker een mooi buurtbos van te maken. Het blijft een feit dat op elke plek in Nederland waar men ‘niets doet’ , vanzelf bos ontstaat. Dat duurt jaren als alle successiestadia moeten worden doorlopen. Op deze plek gaan we niet wachten op bos maar bos aanplanten en het proces aanjagen en begeleiden. Dan nog duurt het enkele jaren voordat er wat te oogsten valt. Er is geen productiedoelstelling als bij de landbouwmethode voedselbos, waardoor het de tijd krijgt om in eigen tempo productief te worden, dat is een groot voordeel. De voorbeelden hiernaast laten de verschillen zien tussen grootschalige productievoedselbossen en de zogenaamde romantische voedselbossen. Dit project valt door zijn omvang en doelstelling in de categorie romantisch voedselbos. De uitdaging voor dit terrein is om goed om te gaan met de soms drukke omgeving. Het verdient aanbeveling om een stevige groene zoom aan te leggen met systeemplanten, de planten die de wegbereiders zijn voor het aanjagen van de biodiversiteit en het voedselbos. Daarbinnen is er ‘cart-blanche’ en kan het feitelijk niet mislukken. Daarmee bedoel ik dat als na aanleg iedereen zijn handen ervan af zou trekken er alsnog een bijzonder rijk stukje nieuwe natuur zou ontstaan. Een goede opzet en organisatie zijn wel een voorwaarde om er veel plezier uit te halen.
Dit is natuurlijk niet het wensbeeld en bovendien wil niemand het lekkers en gezonds wat er over een paar jaar te halen valt missen. Het gaat even duren maar het gaat ook leveren. Belangrijk is de zorg voor de (nieuwe) bodem. Een beetje hulp om het bodemleven op gang te brengen is noodzakelijk.
Een goed functionerend voedselbos: •
•
•
•
•
•
• •
heeft een halfopen karakter, waarbij zonlicht goed kan toetreden. De beplanting wordt gerangschikt van laag naar hoog, vergelijkbaar met de opbouw van een boszoom. Ideaal gezien ligt deze oplopende zoom zuid-noord maar dit is met voldoende afstand tussen rijen niet noodzakelijk. gebruikt windkeringen (hagen, singels, houtwallen of bosstroken) om een windluw microklimaat te creëren en een bloesemboog te organiseren, zoveel mogelijk jaarrond. is verrijkt met passende uitheemse soorten ter vergroting van het menu aan eetbare soorten en ter bevordering van de vitaliteit en veerkracht van het ecosysteem als geheel. Hierbij mag géén gebruik worden gemaakt van soorten die als ‘invasief’ te boek staan en ook niet van soorten die lokaal als invasief worden beschouwd. met een rationele indeling ofwel productievoedselbos is een nieuwe landbouwmethode. Het heeft een ruime opzet, beplanting staat grotendeels in rijen om oogst te vergemakkelijken en herbergt een beperkt aantal soorten die goed produceren. als zogenaamd ‘romantisch’ of soortenrijk voedselbos is meestal kleiner. Het ontwerp kent meer verfijning en een groter aantal soorten. Naast produceren van gezond lokaal voedsel soms ook gericht op educatie.
heeft een robuuste omvang, dat wil zeggen een oppervlakte van minimaal 0,5 hectare in een ecologisch rijke omgeving; in een ernstig verarmde omgeving is een minimale oppervlakte tot 20 ha. vereist om tot de ontwikkeling van een bossysteem te komen. heeft als landbouwmethode een eigen gewascode 1940. Is een goede schakel tussen bijvoorbeeld bos en open landschap, stads- en dorpsranden en landbouwgebieden.
13
Een voedselbos voor en door [woonplaats]
Definitie Voedselbossen zijn rijke ecosystemen die door mensen zijn ontworpen naar het voorbeeld van een natuurlijk bos voor de productie van voedsel en andere bruikbare natuurproducten voor mens en dier
Doelen
Activiteiten aanleg
Verbinding
[woonplaats] groen verbinden
Vakantie activiteit
Omwonenden
Natuur- en voedseleducatie
Boomdonatie organiseren
.............
Wildplukwandelingen
.............
Boomplantdag
.............
Startmaaltijd
.............
Aantrekkelijk landschap Biodiversiteit & variatie
....................
.............
Realisatie Initiatieffase Onderzoek haalbaarheid, eerste afspraken Procesfase Organisatie en ontwerp Planning en begroting Aanlegfase Voorbereiden en planten
.................... ....................
Juist dicht bij een dorp kun je iedereen laten zien en ervaren wat een voedselbos kan brengen in termen van rijke natuur, aantrekkelijk landschap waar iedereen kan ontspannen en genieten van biodiversiteit en variatie. Het beoogt een kleinschalig en project te worden waarin verbinding gemaakt kan worden met nieuwe natuur in de vorm van een voedselbos.
Locatie bepaald? Voor en door alle Buurtgenoten die zin hebben om de handen uit de mou-
Samenwerking met voedselbank.
Het is belangrijk dat de keuze voor een locatie gemaakt wordt op basis van factoren die bijdragen aan het succes van het voedselbos. Hieronder volgen belangrijke
Natuurorganisaties
factoren om mee te wegen.
Monitoringsonderzoek
Makkelijk bereikbaar
Activiteiten later Arrangementen Vakantiepluk’.
wen te steken in de
Lokale markten bezoeken
Langdurige gebruik
natuur!
Contacten met scholen!
Luwe, rustige ligging Aansluiten bestaande natuur Ca. 1 hectare Sociale controle
Voorbeeld factsheet voor het starten met een projectgroep
Ontwikkelfase Volgt in de rustperiode de jaren na de aanleg Organisatie qua mensen: Initiatiefgroep (3-4) Kerngroep (4-8) Vrijwilligers (10+) Aangeboden hulp
4. VOORSTEL ORGANISATIE
4.1 Stappenplan voedselbos De droom is het realiseren van een klein voedselbospark en ongemerkt zijn hier al heel wat stappen gezet. Het onderstaande stappenplan beschrijft de stappen voor een voedselbosproject ‘bottom up’. Uiteraard lopen deze stappen niet altijd in de geschreven volgorde. Ook hier loopt het anders en is stap 4 feitelijk het uitgangspunt. Neemt niet weg dat het houvast geeft in een te lopen proces. 1. Mensen samen brengen. Praat met verschillende mensen over je droom. Misschien heb je al iemand op het oog die ook enthousiast is over voedselbossen. Vertel het verhaal. Twee gelijkgestemden zijn genoeg om te beginnen. Ga sparren in het café met een opschrijfboekje. Als jullie een globaal idee hebben, zorg dan dat je dat kunt formuleren in een paar heldere zinnen. (dus niet; we willen iets met eetbare natuur want dat lijkt ons zo leuk. Beter; Wij gaan een voedselbos realiseren omdat de tijd rijp is voor groene initiatieven –groot doel- en –lokaal doel-) Weet de droom te vertalen in heldere doelen en blijf dat doen bij iedere stap in het proces. Er is een klein groepje mensen en jullie weten wat je wilt. Dan is het tijd te…. 2. Verbinden met een sterke partij. ✔ Stap voor een oriënterend gesprek naar de gemeente, een plaatselijke natuurclub, een milieufederatie, een particulier met grond of bijvoorbeeld Staatsbosbeheer. Vertel het verhaal in
een open gesprek en hoor elkaar uit over de mogelijkheden. Er is altijd meer mogelijk dat je denkt en zo niet dan willen organisaties graag meedenken over alternatieven. Als je ergens beet hebt kun je samen optrekken om het plan verder te brengen. Gemeentes willen graag meerdere belangen dienen. Wie hebben er iets aan het voedselbos? Welke sociale doelen kun je koppelen? Past het bij een bestaande organisatie in je woonplaats? Als je daar een beeld bij hebt dan kun je…. 3. Rumoer maken. Het is van belang om ruchtbaarheid te geven aan de prille ideeën. Deel het initiatief op sociale media, maak een facebook pagina aan of een kleine website. Bel de plaatselijke krant. Schrijf mensen aan waarvan je verwacht dat ze dit idee omarmen maar schuw ook onbekende routes niet. Wees vooral niet bang om mensen te vragen je idee te delen. Hoe meer mensen of groepen interesse tonen hoe makkelijker de sterke partij een handreiking wil doen. Neem deze mensen mee in jullie droom, het is een aaibaar verhaal. Afhankelijk van de partijen die je aan je initiatief gebonden hebt kun je… 4. Een locatie zoeken. ✔ Neem zelf initiatief als het gaat om geschikte locaties. Kijk rond, doe voorstellen en ga voor de hoofdprijs. Als je 1 hectare in gedachten hebt, begin dan met het dubbele. Denk niet alleen in vierkanten of rechthoeken.
Ook stroken (van 20 meter breed) kunnen een mooi stukje voedselnatuur opleveren. Ieder terrein dat aansluit bij bestaand groen of natuur is een pré. Als je al iets te kiezen
15
4. VOORSTEL ORGANISATIE hebt, let er dan op dat het niet vervuild is of langs een drukke verkeersweg ligt. Hoe aantrekkelijker de plek, hoe liever mensen er willen zijn en eruit willen eten. In de praktijk lijkt er vaak niets te kiezen in Nederland maar ga uit van de meevallers. Laat je goed informeren over de bestemming van de grond. Is dit allemaal gelukt dan mag je jezelf feliciteren met de eerste ronde. Ook al ben je organisatorisch nog maar met een paar mensen, informeer de groep. Oké, een grondeigenaar wil meewerken, er is draagvlak, er is een stappenplan. Nu verder met de projectfase! 5. Verbinden met een professional. ✔ Waar heb je expertise nodig in jullie ondernemende groep? Een voedselbosprofessional kan uitkomst bieden. Laat een lezing of een informatieavond geven voor alle betrokkenen en geïnteresseerden, een excursie faciliteren naar een bestaand voedselbos, een ontwerp maken, inzicht geven in de kosten. Een professional kan ook moeilijke barrières slechten bij overheden of een bestaand plan aanvullen. Ze kunnen vrijwilligers begeleiden bij de uitvoering, cursussen verzorgen van aanleg tot beheer. Ook adviseren over subsidies is mogelijk. Het is sowieso handig om er iemand bij te betrekken die goed is in sponsoring, subsidies of crowdfunding. Want ja, het moet er toch van komen. Geld bij elkaar harken. 6. Op zoek naar geld.
Voor een hectare voedselbos heb je grofweg 20.000 tot 40.000 euro nodig. Dit is natuurlijk sterk afhankelijk van de
uitgangssituatie. Moet er grondwerk gebeuren, iets gerooid worden of is het perceel plantklaar? Hoeveel werk kunnen vrijwilligers bijdragen? Kun je gereedschap lenen of moet je veel aanschaffen? In dit stappenplan gaan we uit van beschikbaar gestelde grond. Alle instanties bij wie je aanklopt om een bijdrage willen een goed onderbouwd plan inclusief kostenraming zien. In Nederland zijn er tal van fondsen waar je kunt aankloppen met een goed plan. Begin deze zoektocht op internet met ‘Provinciale groene fondsen’ of ‘Gemeentelijke groene fondsen’. Er is een checklist voor een voedselbosraming die je naast je plan kunt leggen om te kijken of je aan de meeste kosten gedacht hebt. Voor dergelijke bedragen is het niet gek om wel zes subsidienten te hebben. Wees alert op wat ze terugverlangen. Natuurlijk moet je aantonen dat je dit plan echt gaat uitvoeren maar let goed op welke verplichtingen opgelegd worden. Soms kun je daar niet aan voldoen, of gaat het ten koste van tijd die je liever in het plan wilt steken. Als het plan eenmaal goed in elkaar zit en er is zicht op financiering dan wordt het tijd om te gaan… 7. Ontwerpen. Een ontwerp begint altijd met een programma van wensen en eisen, dat voortvloeit uit het idee en de regels die opgelegd worden door derden.
Regels van de partij waarmee je samenwerkt, wettelijke bepalingen en ook voorwaarden die een financier stelt moet je allemaal meenemen. Een aantrekkelijk schetsontwerp zet de stip op de horizon en is belangrijk om alle betrokkenen mee te nemen in het verhaal. Het is in deze fase wederom belangrijk om te delen en te informeren.
4. VOORSTEL ORGANISATIE Denk goed na of je wilt ontwerpen met een professional, een groep mensen, buren of de uiteindelijke gebruikers. Hoe meer mensen betrokken, hoe beter de inbedding maar ook hoe meer organisatie en regie het vraagt. Na het ontwerpen is ook een ronde langs gemeente weer aan de orde als er vergunningen nodig zijn. 8. Organiseren. Als het plan haalbaar is geworden dan wordt het tijd om een groep mensen bij elkaar te brengen die het voedselbos gaan dragen. Vrijwilligers werven dus! Een oproep kan op vele manieren maar hoe persoonlijker hoe beter. Wie zijn er bij een lezing geweest? Wie ken je uit het groen? De plaatselijke krant doet wonderen. Maak een lijst van werkzaamheden en zorg dat er wat te kiezen valt. Denk aan aanplant, organisatie, communicatie, beheren, schouwen, rondleiden en natuurlijk oogsten. Beleg een feestelijke startbijeenkomst met een goed verhaal waar mensen blij van worden en zich kunnen inschrijven voor verschillende activiteiten. In deze fase is het bestellen van de beplanting en de logistiek rond de aanplant het meeste werk. 9. Uitzetten en aanplanten. Plan de plantdagen ruim van tevoren in (Het weer kan altijd roet in het eten gooien). Het plantseizoen loopt van eind september tot begin maart. Bedenk of je het plantgoed nog moet opslaan of inkuilen of dat het bezorgd kan worden op de dag van aanplant.
Bedenk hoe het plan van papier op het terrein komt. Uitzetten met bamboestokken en sisaltouw werkt prima voor kleine projecten. Als je een organisch plan hebt kan uitzetten met een grid van piketpaaltjes ook makkelijk werken.
Een voedselbosprofessional weet hier de juiste methode. Reken voor het aanplanten van 1 ha. bos aan 3 weekenden (ca. 6dagen) met 10 tot 20 mensen. Meer mensen is niet handig met aansturen. 1 begeleider op 10 planters is ideaal. 10. Beheren en Oogsten En dan begint het grote wachten. Slaat alles aan? Groeit het goed, gaat iedereen er netjes mee om. Blijven honden eruit? Wat is er te doen in de eerste zomer? Als de omstandigheden normaal zijn, niet zoveel. Afhankelijk van de grondsoort kan het nodig zijn om in extreem droge zomers water te kunnen geven. Is er tijdelijk bescherming nodig, tegen wild bijvoorbeeld? Natuurlijk is er niet direct oogst maar het zal je verbazen hoe leuk een eerste jaar al kan zijn. Zelfs in het eerste jaar is er een minimale oogst van snelle struiken. Bijv. Frambozen, honingbessen, rozebottels, enkele mispels, appels, peperkorrels en sumac. Vervolgstappen… Als het dan gelukt is, wees dan eerst trots op wat je volbracht hebt. Duurde het een jaar? Drie jaar? Wat een volharding en enthousiasme. Vanaf nu krijgen jullie meer tijd voor het vervolg.
Is het openbaar? Wie mogen er oogsten? Is alles gratis? Zijn er openingstijden? Is er controle? Is er begeleiding bij het oogsten? Ga je zelf oogst verwerken? Ga je op de markt staan? Wat gaan de vrijwilligers nog meer doen? Maak je een jaarkalender voor terugkerende activiteiten? Ga je rondleidingen geven? Hoe blijf je in beeld? Zijn er serieuze afzetmarkten nodig? Hou je nog een beetje inkomsten over na de aanleg?
17
N
Herinrichting bestaand Entree Buurtbos
Bestaand groen
parkeren (72)
flexibele busopstelplaats
Ingang
Startpunt klompenpad meenemen
Deels openwerken
Bosrand hoog
Rijen op zuid
Rondfruit
plangrens Kruinlaag voedselbos (laag 1)
Waterpunt
hoofdroute
Dichte lage randbeplanting 2-3m
Zonnewijzer
Wi
ndk
e r in g
e n b lo e s e m b o o g
Lagere randbeplanting tot 3-4m
Lagere randbe pla
nting tot 3-4m
hoofdr oute
LEGENDA
Kruiden tuin
Struiklaag middelhoog en randen (laag 2) Mixlaag, bijzondere soorten (laag 2 en 3) Kleinfruitlaag met enkele bomen (laag 3) Open ruimte, veldjes
Nieuwe parkeerplaats (72)
Windkerende struiklaag (lagen 2 en 3) Hoofdroute
hoofdroute
Secundaire paadjes
Dichte lage windkerin g
Bestaande bomen
Markante bomen nieuw (eindbeeld)
N
100424 Buurtbos voor Krachtighuizen - Schetsontwerp
project
Buurtbos Putten 2401
onderdeel/versie
Schetsontwerp (V2)
opdrachtgever
Gemeente Putten
datum/schaal/formaat
10-04-24 schaal 1:200 op A0
ontwerpt beplanting, tuin en landschap
5. VOORSTEL RUIMTELIJKE STRUCTUUR 5.1 Schetsontwerp De ruimtelijke structuur voor dit voedselbos staat op zichzelf, er zijn geen dwingende vormen in terrein of omgeving anders dan de contouren. In ieder voedselbos valt gebruik te maken van een verlengde oplopende zoom, zoals de afbeelding hieronder laat zien. De uitdaging bij dit voedselbos is een zo lang mogelijke zuidgerichte bosrand te maken, tegen de bestaande beplanting aan, waar elke rij een eigen ‘balkon op het zuiden’ krijgt en ook kan profiteren van de koele bosrand aan de noordkant. Bosrandplanten, het woord zegt het al, voelen zich thuis is zo’n systeem. Elke zoom begint met een windkerende haag van soorten die snel groeien, liefst ook stikstof binden en indien gemengd, zo lang mogelijk bloesem geven. Een klein oppervlak aan voedselbos als dit is gebaat bij een hoge diversteit aan soorten. Het valt daarmee in de categorie ‘Romantische voedselbossen’. Kenmerkend is een lage productiedoelstelling maar een hoge biodiversiteitsdoelstelling. Uit het oogpunt van bezonning vraagt zo’n soortenbos een vrij losse beplanting met veel
onderbegroeiing. Omgeven door parkeerterreinen worden de boszomen rondom het hele terrein lekker breed. Het zijn zowel windkeren (vooral op het zuidwesten) als bloesembogen en geluidsdempers. Hierin worden soorten verwerkt die opeenvolgend zo lang mogelijk bloeien en of vrucht dragen om voedsel en huisvesting te bieden aan insecten, vogels kleine en zoogdieren. Het entreegebied van dit bosje kan als picknickplek de startplaats voor het Huinerpad versterken. In de uitwerking van dit schetsontwerp is het de kunst om meerdere gunstige dwarsverbanden te vinden of te leggen die kunnen bijdragen aan het succes voor de omgeving.
19 Voorbeeld ruimtelijke opbouw voedselbos met oplopende zomen aan een bestaande bosrand.
Buiten koken,www.1001kookworkshops.nl
6. KOSTEN EN RISICO’S Kosten
Risico’s project
De kosten en opbrengsten van een voedselbos zijn goed in te schatten als we kijken naar praktijkvoorbeelden. In indicatieve zin kan het volgende gezegd worden over de te verwachten kosten en baten rond de ontwikkeling van een klein voedselbos. De meeste kosten worden gemaakt in de eerste drie jaar. Ontwerp, voorbereiding en beplanting zijn de grootste posten. Als een voedselbos eenmaal tot wasdom is gekomen (na 5 tot 7 jaar) neemt het oogsten het meeste tijd en zijn er nog sumiere beheerskosten. Er zijn inmiddels veel praktijkvoorbeelden om van te leren.
- Te weinig budget beschikbaar. Naast een voldoende startbedrag voor het initiatief is het belangrijk dat er wat geld blijft binnenkomen voor vervolginitiatieven of extra aanplant. Ervaring leert inmiddels dat er veel animo is voor ondersteuning van vergroenende en duurzame initiatieven door (maatschappelijke) organisaties. Kleine bedragen kunnen opgehaald worden door crowdfunding, sponsoring of vrijwillige bijdrage bij rondleidingen. Wellicht zijn er bij de gemeente andere potjes beschikbaar dan alleen voor groen.
In 2018 is voedselbos Zeewolde met een omvang van 1 hectare gerealiseerd met een investering van 3 euro per vierkante meter. Hierbij zijn enkel de kosten van grondverzet niet inbegrepen. Voor dit project is de inschatting ca. 4 euro omdat met name plantgoed duurder is geworden. Wanneer deze kosten lineair worden doorgerekend, kan rekening worden gehouden met een indicatieve investering van 36.000 euro, geheel aangelegd door vrijwilligers.
- Te weinig animo om het op touw te zetten. Vinden van voldoende mensen voor voorbereiden en aanleggen blijkt in de praktijk geen probleem. Voedselbossen worden breed omarmd en aanplanten is een leuke sociale activiteit met veel mensen. Daarna zijn er niet persé veel mensen nodig maar belangrijk is dat er continuiteit is en dat er eigenaarschap ontstaat. Om dit te bewerkstelligen is het goed om heel gericht partijen en mensen met bepaalde expertise uit te nodigen om mee te doen en hun talenten in te zetten.
Er zijn voedselbossen aangelegd voor minder en ook voor veel meer. Alles is afhankelijk van de omvang van het plan, de gewenste voorzieningen (grondwerk, poel, bouwwerken), ondersteuning van organisaties en werk in natura. Grondwerk moet hier zonder meer gebeuren en valt buiten de opgave. Bij de aanschaf van het plantmateriaal moet gekozen worden voor die specifieke variëteiten die, onder de specifieke omstandigheden op en rond het terrein, een optimale ziekteresistentie kennen en een substantiële, smakelijke oogsten geven. Na de investeringen die een goede aanleg vergt moet rekening gehouden worden met een ronde inboet van ten minste 10%. Externe inputs (bestrijdingsmiddelen, mest, grondbewerking) worden immers niet toegepast. Het onderhoud is minimaal en kan door vrijwilligers worden gedaan. De mogelijkheid om water te kunnen geven is belangrijk in de eerste 2 jaar na aanplant. Er is een waterleiding aanwezig op het terrein, het zou fijn zijn als deze behouden kan blijven voor het voedselbos.
- Te weinig animo bij het vervolg. Er moet vooral een goed plan zijn voor de werkzaamheden in eerste 5 jaar, met een duidelijke rolverdeling van de betrokkenen. Het uitwerken hiervan is onderdeel van het ontwerp en kan ingevuld worden in samenwerking met de kerngroep. - Goed omgaan met risico’s van eetbaar en niet eetbaar in het bos. Algemene waarschuwingsbordjes zijn voldoende om mensen er op te wijzen dat niet alles eetbaar is in een voedselbos. Dat is ook zo in andere bossen, parken en plantsoenen.
21
Foto Marieke Odekerken
gezellig samenwerken, lekker bewegen en iets moois maken
7. BEHEER EN ONDERHOUD Beheer en onderhoud In de eerste vijf tot zeven jaar is beheer terughoudend en zijn ingrepen cosmetisch van aard, om mensen toegang te verschaffen en jonge aanplant vrij te zetten. De jonge aanplant is nog kwetsbaar en moet vooral de kans krijgen om te groeien. De mogelijkheid organiseren om in de eerste 2 jaar na aanleg water te kunnen geven is van groot belang gezien de ervaring met de recente droge zomers. Bloemenmengsels zaaien om te laten zien dat er iets gebeurd is een mooi middel voor betrokkenheid. Omdat er na de aanplant zo weinig werk is, is het belangrijk om met een groep activiteiten te organiseren om binding te houden. Een website maken of een insectenhotel, recepten verzamelen, samen andere voedselbossen bezoeken. Ook is het een goed idee dat betrokkenen een cursus gaan volgen om het systeem te begrijpen. Het onderhoud komt neer op maaien van paden en het vrijhouden van een open plek om bezoekers te ontvangen. Ook het verwijderen van hinderlijke opslag als braam en teveel aan zaailingen van bomen. Waar nodig het beschermen van jonge bomen tegen vraat. Dit alles kan net als het aanplanten gebeuren door de actieve kerngroep en vrijwilligers. Bij een ontwerp hoort ook een advies voor beheer per seizoen. Een klein aandachtspunt is het betrekken van jonge mensen die langdurig betrokken kunnen raken.
In de landelijke projecten laten op dit moment een grote toename van
20-ers en studenten zien die zeer begaan zijn met de planeet en die zich ook actief bezig willen houden met groene en lokale initiatieven. Het is belangrijk ook deze groep actief te betrekken en de kinderen van deze generatie. Globale werkzaamheden in het voedselbos: •
Aanplanten
•
Water geven indien nodig (jaar 1 en 2)
•
Verwijderen van labels, plakband, boomband en elastiek (op monitoringsronde)
•
Nestkastjes schoonmaken (jaarlijks)
•
Opslag verwijderen (jaarlijks)
•
Jong fruit dunnen (indien noodzakelijk)
•
Wegknippen wortelopslag onderstammen (jaarlijks, bijv. bij pruimen)
•
Zeer beperkt snoeien
•
Onderhoud paden (door gebruik)
•
Beheer ruigtekruiden (Enkel bij overwoekeren jonge struiken)
•
Maatregelen nemen tegen vraat (indien nodig)
•
Oogsten (Eerste jaren geen bladgroen of jonge scheuten oogsten)
•
En heel belangrijk... Het verhaal blijven vertellen, ogen richten op de toekomst, door de moeilijke eerste jaren heenkijken.
23
Diverse beelden van eetbaar landschap waarin alle lagen vertegenwoordigd zijn. Altijd een combinatie van systeemplanten zoals smeerwortel en ander inheemse kruiden en houtige gewassen.
COLOFON
Titel:
Buurtbos Krachtighuizen, *Haalbaarheidsscan
Opdrachtgever:
Gemeente Putten
Auteurs:
Evelyn Derksen
Ontwerp:
Evelyn Derksen
Datum:
Versie 1 / april 2024
Uitgave:
Plantschap
Contactadres:
Veenweg 62, Bovenveen (Oldebroek)
Mail: evelynderksen@plantschap.nl Internet:
www.plantschap.nl
Foto’s:
Stichting VBNL, Evelyn Derksen
Marieke Odekerken, Rebke klokke, Internet
Tekeningen:
Stad Land Water, Gemeente Putten, Plantschap
ontwerpt voedselbos, tuin en landschap
25