09.1 Uitvoeringsplan Klimaatadaptatie
Tekst van het document
Uitvoeringsplan Klimaatadaptatie Op weg naar een klimaatbestendig en waterrobuust Putten in 2050 Concept 30-11-2020
Inhoudsopgave Hoofdstuk 1. Inleiding
3
1.1 Aanleiding
3
1.2 Context
4
1.3 Doel uitvoeringsplan
4
1.4 Relatie met ander beleid
5
1.5 Werkwijze / Leeswijzer
5
Hoofdstuk 2. Klimaatthema’s Verdiepende Stresstest
7
2.1 Inleiding
7
2.2 Inhoud en aanpak Stresstest
7
2.3 Wateroverlast
7
2.4 Hittestress
9
2.5 Droogte
10
2.6 Vervolgtraject: klimaatatelier en klimaatdialoog
10
Hoofdstuk 3. Klimaatthema’s Werkplan Noord-Veluwe
11
3.1 Inleiding
11
3.2 Werkplan 2019-2020
11
3.3 Meerwaarde Werkregio Noord-Veluwe
12
3.4 Speerpunt Communicatie
12
Hoofdstuk 4. Klimaatthema’s Regionaal Adaptatieplan
13
4.1 Inleiding
13
4.2 Inhoud en aanpak RAP
14
4.3 Meerwaarde van het RAP
15
4.4 Bestuurlijke besluitvorming RAP
15
Hoofdstuk 5. Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie
16
5.1 Inleiding
16
5.2 Operatie Steenbreek
16
5.3 Subsidieregeling Klimaatadaptieve maatregelen
17
5.4 Subsidieregeling Groene schoolpleinen
17
5.5. Klimaatatelier en klimaatdialoog
17
Bijlagen
18
1. Uitvoeringsprogramma Werkregio Noord-Veluwe 2. Ambities Regionaal Adaptatieplan (RAP) 3. Projectplan Operatie Steenbreek Gemeente Putten 4. Subsidieregeling Klimaatadaptieve maatregelen (tuinen en terreinen) 5. Subsidieregeling Groene Schoolpleinen
2 van 18
Hoofdstuk 1. Inleiding 1.1 Aanleiding Het klimaat verandert. Nederland krijgt steeds vaker en heviger te maken met wateroverlast, hitte, droogte en overstromingen1. Dat levert risico´s op voor onze veiligheid, gezondheid en economie. Daarom zijn er landelijk ambities geformuleerd om de gevolgen van de klimaatverandering zo veel mogelijk te beperken. Twee programma´s vormen de basis:
Nationale Klimaatadaptatiestrategie 2016 (NAS) 2 In beeld brengen van klimaateffecten, verbinden van partijen en gezamenlijke aanpak.
Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) 3 Gezamenlijk plan van gemeenten, waterschappen, provincies en het Rijk met het doel om Nederland uiterlijk in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust te hebben ingericht. Binnen het DPRA is de regio Noord-Veluwe als werkregio aangewezen.
Binnen het DPRA zijn 7 ambities geformuleerd die inhoud en richting geven aan het proces:
Afbeelding 1 – ambities DPRA Op basis van het DPRA moeten alle overheden uiterlijk eind 2020 de kwetsbaarheden in beeld hebben gebracht en een strategie hebben opgesteld inclusief een uitvoeringsprogramma. Om richting te geven aan het bereiken van de ambities is dit Uitvoeringsplan Klimaatadaptatie opgesteld.
1 KNMI ’14 klimaatscenario’s (o.b.v. dezelfde bronnen als van het IPCC, het klimaatpanel van de VN) 2 Zie https://ruimtelijkeadaptatie.nl/overheden/nas/ 3 Zie https://www.deltacommissaris.nl/deltaprogramma/gebieden-en-generieke-themas/ruimtelijke-adaptatie
3 van 18
1.2 Context Om aan deze landelijke verplichtingen te voldoen, werkt de gemeente Putten ten aanzien van de thema’s water en klimaatadaptatie op een aantal niveaus samen:
Manifestregio Deze regio beslaat het werkgebied van het waterschap Vallei en Veluwe waarin de 28 gemeenten en de provincies Utrecht en Gelderland samenwerken op basis van het Regionaal Manifest Ruimtelijke Adaptatie dat eind 2017 bestuurlijk is ondertekend.
Werkregio Noord-Veluwe Binnen deze regio werken 7 gemeenten samen met het waterschap Vallei en Veluwe. Dit gebeurt op basis van de Bestuursovereenkomst Water en Klimaatadaptatie die in mei 2019 bestuurlijk is ondertekend, inclusief het Uitvoeringsprogramma 2019-20204.
Zuiveringskring WHEP In de zuiveringskring werken het Waterschap en de gemeenten Harderwijk, Ermelo en Putten (WHEP) samen op het gebied van water- en rioolbeheer. In 2015 is gezamenlijk beleid geformuleerd en vastgesteld in het Zuiveringskringafvalwaterketenplan (ZAP). Eind 2020 wordt dit beleid met een verlengingsnotitie geactualiseerd. Uiteindelijk zal de planverplichting voor het opstellen van een separaat gemeentelijk rioleringsplan (GRP) verdwijnen. Het beleid ten aanzien van water en klimaatadaptatie mag dan onderdeel gaan uitmaken van het omgevingsbeleid: omgevings-visie, -plan en -programma. Binnen deze samenwerking is in 2019-2020 ook een verdiepende stresstest uitgevoerd. Hierin zijn de gevolgen van klimaatverandering ten aanzien van wateroverlast en hittestress in kaart gebracht voor de gemeente Putten.
Op al deze (werk)niveaus wordt samengewerkt om de gestelde ambities te behalen. In dit Uitvoeringsplan Klimaatadaptatie geven wij u een integraal beeld van de wijze waarop dit zal gaan gebeuren. 1.3 Doel uitvoeringsplan Met dit uitvoeringsplan bieden we u een routekaart richting een klimaatbestendig en waterrobuust Putten in 2050. Daarmee wordt op een integrale wijze aangegeven hoe we uiteindelijk willen bereiken dat de fysieke leefomgeving in Putten op een toekomstbestendige wijze wordt ingericht. Zowel de openbare ruimte als ook de particuliere ruimte moet worden voorbereid op de gevolgen van klimaatverandering. Het uitvoeringsplan geeft een beeld hoe we dit willen gaan doen: wat zijn de uitdagingen, welke ambities hebben we en op welke wijze willen we de gestelde doelen bereiken? Uiteraard is dit “werk in uitvoering”; dit plan zal periodiek (moeten) worden aangepast. In 2021 zal er een Visie Klimaatadaptatie worden opgesteld op basis van de uitgewerkte resultaten van de verdiepende stresstest. Indien nodig zal dit uitvoeringsplan daarop worden aangepast.
4 Zie bijlage 1 – Samenwerking Noord-Veluwe Uitvoeringsprogramma 2019-2020
4 van 18
1.4 Relatie met ander beleid Het Coalitieakkoord “Bouwen aan Putten” 2018-2022 geeft aan dat de verduurzaming van onze samenleving één van de grootste uitdagingen is voor de komende 30 jaar. De gemeente wil daarmee concreet aan de slag, niet alleen zelf maar ook samen met bewoners en bedrijven. Daarbij worden drie opgaven beschreven: 1. Energietransitie (= klimaatmitigatie: beperken van klimaatverandering, minder CO 2). 2. Klimaatadaptatie (= toekomstbestendig maken van de fysieke leefomgeving). 3. Circulariteit (= voorkomen dat grondstof afval wordt). Deze opgaven vragen om een integrale aanpak, waarbij voortdurend wordt gekeken naar zogenaamde “meekoppelkansen” zodat er synergie ontstaat tussen de beleidsvelden en er waar mogelijk “werk met werk” wordt gemaakt. Voorbeelden van beleidsthema’s waarmee moet en zal worden samengewerkt:
Integraal beheer openbare ruimte: rioolbeheer, groenbeheer, wegenbeheer, projecten.
Implementatie Omgevingswet.
Beleid Duurzaamheid.
Beleid Gezondheid.
Deze integrale samenwerking moet niet alleen vorm en inhoud krijgen binnen de gemeentelijke organisatie maar ook (en misschien wel vooral) buiten het gemeentehuis. Dit vraagt om een open, extern gerichte houding die ook een belangrijk onderdeel uitmaakt van de implementatie van de Omgevingswet. Een goede communicatie is daarbij de basis: bedrijven en bewoners moeten door ons worden geïnformeerd en gefaciliteerd om zelf actief aan de slag te gaan. Binnen de ambtelijke organisatie van de gemeente Putten is een Werkgroep Duurzaamheid & Klimaatadaptatie opgericht om de interne samenwerking (verder) te activeren. 1.5 Werkwijze / Leeswijzer In onze werkwijze staan de stappen WETEN – WILLEN – WERKEN centraal: eerst moet de problematiek in beeld worden gebracht, vervolgens moeten (bestuurlijke) keuzes worden gemaakt welke doelen we willen bereiken en vervolgens gaan we aan de slag.
Afbeelding 2 – werkwijze uitvoeringsplan klimaatadaptatie
5 van 18
Deze stappen worden ook gevolgd in dit Uitvoeringsplan Klimaatadaptatie. In hoofdstuk 2 wordt aan de hand van de eerste resultaten van de verdiepende stresstest een beeld gegeven van de gevolgen van klimaatverandering ten aanzien van wateroverlast en hittestress in de gemeente Putten. Op basis hiervan worden de voorgestelde vervolgstappen aangegeven. In hoofdstuk 3 geven we een beeld van de samenwerking binnen de werkregio Noord-Veluwe. De uitdagingen die vooral gemeentegrens-overschrijdend zijn, worden toegelicht in hoofdstuk 4 aan de hand van het opgestelde Regionale Adaptatieplan (RAP), dat een koersdocument biedt waarmee de gestelde ambities en speerpunten kunnen worden ingevuld. In hoofdstuk 5 geven we tot slot een beeld van de concrete projecten die we op korte termijn willen gaan beginnen. Het zijn zogenaamde “geen spijt” maatregelen die vooral focussen op vergroening van (semi)openbare en particuliere ruimten in Putten. Daarmee wordt – vooruitlopend op de inhoudelijke discussie die gevoerd gaat worden na oplevering van het eindrapport van de verdiepende stresstest (voorjaar 2021) – voortvarend begonnen aan een klimaatbestendig en waterrobuust Putten. Eind 2021 wordt dit Uitvoeringsplan Klimaatadaptatie geactualiseerd, mede op basis van de uitkomsten van de klimaatgesprekken.
6 van 18
Hoofdstuk 2. Klimaatthema’s Verdiepende Stresstest 2.1 Inleiding Binnen de Nationale Adaptatiestrategie (NAS) en het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) worden de volgende klimaatthema’s benoemd: 1. Wateroverlast (bij extreme regenbuien); 2. Hittestress (bij langdurige hittegolven); 3. Droogte (bij langdurig neerslagtekort); 4. Waterveiligheid / Overstromingsrisico. Voor de gemeente Putten zijn de eerste drie thema’s relevant. Het risico op overstromingen binnen het Rijnstroomgebied is in 2019 in opdracht van Rijkswaterstaat door onderzoeksbureau HKV onderzocht. Dit heeft voor Putten geen significante knel- of actiepunten opgeleverd en daarom wordt dit onderwerp hier verder niet meer benoemd. 2.2 Inhoud en aanpak Stresstest De onderwerpen wateroverlast, hittestress en droogte zijn in 2017 voor de Manifestregio Vallei en Veluwe in kaart gebracht door het uitvoeren van een regionale (algemene, lichte) stresstest. De resultaten hiervan zijn gepresenteerd in de Klimaateffectatlas Vallei en Veluwe 5. In 2019 en 2020 heeft adviesbureau Royal Haskoning DHV in opdracht van de Zuiveringskring WHEP (= Waterschap Vallei en Veluwe, Harderwijk, Ermelo en Putten) een verdiepende stresstest uitgevoerd voor de thema’s wateroverlast en hittestress. Extra (modelmatige) berekeningen en analyses zijn uitgevoerd. Daarmee zijn de lokale data betrouwbaarder en beter te gebruiken.
Dit heeft onder andere twee type kaarten van de gemeente Putten opgeleverd: kaarten met blauwe vlekken voor de mate van wateroverlast en kaarten met rode vlekken voor de mate van hittestress. Door de data en de kaarten te koppelen aan vitale en kwetsbare functies, objecten en groepen wordt duidelijk waar de grote problemen en prioriteiten liggen. Dit is de basis voor de vervolggesprekken, zowel intern (ambtelijk/bestuurlijk) als extern (met bewoners en bedrijven). De verdiepende stresstest heeft ook wateroverlast- en hittestress-modellen opgeleverd. Hiermee kunnen maatregelen worden doorgerekend. Het definitieve eindrapport van de verdiepende stresstest is in het voorjaar 2021 beschikbaar. Vooruitlopend op de eindrapportage lichten we de relevante klimaatthema’s nader toe op basis van de reeds beschikbare informatie. 2.3 Wateroverlast Door klimaatverandering stijgt niet alleen de temperatuur wereldwijd, ook het aantal extreme regenbuien neemt toe. Ook in Putten zijn er in de afgelopen jaren (bijvoorbeeld in het jaar 2011) momenten geweest dat het hemelwater onvoldoende kon worden afgevoerd. Als gevolg daarvan kwamen straten blank te staan en ondervonden bewoners en bedrijven hiervan hinder.
5 https://klimaatvalleienveluwe.nl/atlas/
7 van 18
Omdat het aantal extreme buien en de intensiteit ervan in de toekomst naar verwachting alleen nog maar toeneemt, moeten we ons hierop voorbereiden. Maar op welke buien wil je zijn voorbereid? En welke mate van overlast is te dulden? Om antwoord te kunnen geven op deze vragen, moet eerst inzichtelijk worden gemaakt wat de gevolgen zijn van de verschillende typen buien. Hiervoor zijn (modelmatig) de volgende buien doorgerekend:
Regenbuien die gemiddeld eens in de 2, 5 en 10 jaar voorkomen (= bui 08 / 09 / 10)
70 mm in één uur, gelijkmatig verdeeld (= gemiddeld 1x per 100 jaar, klimaatbui 2050)
90 mm in één uur, gelijkmatig verdeeld (= gemiddeld 1x per 250 jaar, klimaatbui 2050)
160 mm in twee uur, gelijkmatig (= gemiddeld 1x per 1.000 jaar, klimaatbui 2050)
Historische bui 2011(= 3 uur, totaal 34 mm – 1e 90 min. 8 mm / 2e 90 min. 26 mm)
Bij al deze buien is gekeken naar gevolgen ten aanzien van:
Water op maaiveld
Water tegen gevels (risico op water in woningen en gebouwen)
Water op ontsluitingswegen (risico op onbegaanbare wegen voor hulpdiensten)
De eerste resultaten laten zien dat er een aantal plekken zijn aan te wijzen met wateroverlast. De mate van overlast valt relatief gezien mee, mede als gevolg van het grootschalige afkoppelproject waarbij circa 25 hectare openbaar oppervlak aan de oostzijde van Putten is afgekoppeld van het riool. Door de toepassing van verticale infiltratie wordt het meeste hemelwater hier nu teruggebracht in de bodem. Hierdoor is de wateroverlast in Putten afgenomen.
Afbeelding 3 - referentiebeeld wateroverlastkaart In het voorjaar van 2021 worden op basis van de definitieve uitkomsten van de verdiepende stresstest gesprekken gevoerd over de aanpak van de overgebleven problemen. Na intern overleg (zowel ambtelijk als bestuurlijk) zullen de uitkomsten ook met bewoners en bedrijven worden besproken. Op basis daarvan wordt het voorlopige uitvoeringsprogramma (zoals in hoofdstuk 5 wordt beschreven) indien nodig aangepast.
8 van 18
2.4 Hittestress Door de opwarming van de aarde, neemt ook het aantal hittegolven toe: langdurige perioden met extreme hitte. Vooral in stedelijk gebied kunnen de temperaturen gevaarlijk oplopen, omdat de versteende omgeving de warmte opneemt en verkoelend groen vaak in onvoldoende mate aanwezig is. Hierdoor ontstaat “hittestress”: lichamelijke klachten doordat mensen (en dieren) de warmte niet meer kwijt kunnen. Dit leidt tot slaapproblemen, verlaagde arbeidsproductiviteit, ziekenhuisopnames en zelfs tot sterfgevallen. Maar hitte kan ook problemen veroorzaken voor infrastructuur: asfalt kan smelten en door meer energieverbruik (airco’s) kan het energienetwerk uitvallen. Om de mate van hittestress aan te geven wordt gebruik gemaakt van het zogenaamde “hitte-eiland-effect”. Dit is het temperatuurverschil tussen het bebouwde gebied en het omliggende landelijke gebied. De eerste resultaten laten zien dat ook Putten (zelfs als groene gemeente) te maken heeft met dit fenomeen. Met name het centrum en de bedrijventerreinen zijn hete plekken. Maar ook de woonwijken zijn hittegevoelig en met name de kwetsbare groepen (jonge kinderen, ouderen en zieken) vragen hierbij de aandacht. Omdat hittestress vooral ook ’s nachts wordt ervaren, is het noodzakelijk dat bij de aanpak ook de bewoners zelf worden betrokken.
Afbeelding 4 - referentiebeeld hittestresskaart (gevoelstemperatuur) Daarom worden in het voorjaar van 2021 ook rond dit thema gesprekken gevoerd. Eén van de mogelijke oplossingen van hittestress is het vergroenen van openbare en particuliere terreinen. Om deze transitie voortvarend op te pakken, is in de Begroting 2021-2024 hiervoor een eerste bedrag beschikbaar gesteld. In hoofdstuk 5 leest u waaraan dit geld de komende jaren wordt besteed. Uiteraard hangt de definitieve verdeling af van de gesprekken met alle belanghebbenden. Daarnaast wordt ons naar aanleiding van de uitkomsten van de stresstest geadviseerd om aanvullende (kwalitatief) onderzoek te doen, bijvoorbeeld door het uitvoeren van een enquête onder bewoners en maatschappelijke organisaties die zich inzetten voor de kwetsbare groepen.
9 van 18
Ook wordt er een Gemeentelijk Hitteplan opgesteld in samenwerking met het sociaal domein. In dit plan wordt het Nationaal Hitteplan praktisch ingevuld. Dit hoeft niet veel te kosten. Het gaat vooral om de inzet van het netwerk van maatschappelijke organisaties rond kwetsbare groepen. Bijvoorbeeld door aandacht voor eenzame ouderen en te zorgen voor extra stoelen bij de koffieautomaat in de koele supermarkten. 2.5 Droogte Ondanks het feit dat droogte geen onderdeel heeft uitgemaakt van de verdiepende stresstest, is het onderwerp wel onder onze aandacht. De afgelopen (extreem droge) jaren geven hier ook alle aanleiding toe. De gevolgen zijn in toenemende mate waar te nemen:
Schade door verdroging van natuur, landbouwgewassen en (openbaar) groen.
Mogelijk structurele daling van grondwaterstanden.
Bodemdaling.
Toenemende risico’s op natuurbranden.
Verslechtering kwaliteit oppervlaktewater (blauwalg, vissterfte, botulisme).
Tijdens de stresstest is bovendien gebleken dat hittestress wordt versterkt door de toenemende droogte: verdroogd groen (bijvoorbeeld grasvelden) verdampt nauwelijks nog water en daardoor verdwijnt het verkoelende effect. Bij de aanpak van hittestress moet hier in toenemende mate rekening mee worden gehouden. De problematiek rond de toenemende droogte, wordt vooral regionaal opgepakt. Zowel binnen de werkregio Noord-Veluwe (werkplan 2020-2021, zie hoofdstuk 3) als ook binnen de Manifestregio (Regionaal Adaptatieplan, zie hoofdstuk 4). 2.6 Vervolgtraject: klimaatatelier en klimaatdialoog Op basis van de uitkomsten van de verdiepende stresstest worden vanaf het voorjaar van 2021 gesprekken gevoerd met alle betrokkenen om samen te komen tot het uitvoeren van de noodzakelijke en gewenste maatregelen. Kaarten met daarop de geconstateerde knelpunten en de vitale functies en kwetsbare groepen worden samen beoordeeld. Centrale vraag hierbij: welke overlast is te dulden en welke knelpunten vragen om actie? De gesprekken voeren we eerst intern (binnen het gemeentehuis met collega’s en partners, zoals het waterschap, GGD, Woningstichting Putten, etc.) met een klimaatatelier en daarna ook met bewoners en bedrijven in een klimaatdialoog.
De uitkomsten van de gesprekken vormen de basis voor nadere besluitvorming ten aanzien van de “wateroverlastcriteria” (= welke overlast dulden we en welke niet), de noodzakelijke acties en maatregelen en de bijbehorende kosten en dekking.
10 van 18
Hoofdstuk 3. Klimaatthema’s Werkplan Noord-Veluwe 3.1 Inleiding Sinds 2006 werken de gemeenten van de Noord-Veluwe en het Waterschap Vallei en Veluwe samen op het gebied van Water en Riolering. Het doel van deze samenwerking is de afvalwaterketen in de regio verder te optimaliseren ten aanzien van kwaliteit, kwetsbaar heid en kosten (Nationaal Bestuursakkoord Water 2011). Het nieuwe Bestuursakkoord Water (oktober 2018) is gebouwd op een viertal pijlers: de informatiesamenleving, de risico’s van digitale dreigingen, het regionaal waterbeheer en de implementatie van de Omgevingswet in 2021. Daarnaast is de Noord-Veluwe aangemerkt als werkregio voor ruimtelijke adaptatie (Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie, DPRA). In mei 2019 is de vernieuwde Bestuursovereenkomst Noord-Veluwe ondertekend. In deze vernieuwde samenwerking is nog prominenter aandacht voor klimaatverandering, de afname van biodiversiteit, de energietransitie en de komst van de Omgevingswet. De afvalwaterketen speelt zich nog steeds grotendeels ondergronds af, maar de ontwikkelingen en oplossingen manifesteren zich steeds meer bovengronds en raken de gehele leefomgeving (natuur, landbouw, recreatie, veiligheid, economie, leefbaarheid, etc.). Deze verbreding van de wateropgave maakte nieuwe afspraken noodzakelijk.
Bij de ondertekening van de bestuursovereenkomst is afgesproken dat in de periode 2019-2022 in kaart wordt gebracht wat er allemaal op ons afkomt. Op basis daarvan maken we verdere afspraken over wat ons concreet te doen staat in de periode tot 2050. Dit doen we in samenwerking met elkaar en met de partners uit het Regionaal Manifest Ruimtelijke Adaptatie (2017). 3.2 Werkplan 2019-2020 In het Werkplan dat voor de jaren 2019-2020 is opgesteld, is dus met name aandacht voor onderzoek en (product)ontwikkeling. Het gaat om de volgende onderwerpen/projecten 6:
Communicatie - informatie- en bewustwordingscampagne richting bewoners en bedrijven - informatiebijeenkomsten t.b.v. het (gemeente)bestuur
Financiële Prikkels - ontwikkelen van een Bijdrageregeling Klimaatadaptatie t.b.v. bewoners en bedrijven
Klimaatadaptief aanbesteden
Gevolgen hoogwater (bedijkte gebieden)
Grondwater - overlast en onderlast (droogte) - Zoetwatervoorziening Oost-Nederland (ZON): onderzoek naar droogteproblematiek - Aanvullende Strategische Voorraden (ASV): onderzoek naar extra drinkwater
Ruimtelijke Ordening - bouwstenen t.b.v. implementatie Omgevingswet - Regionaal Adaptatieplan (RAP) – zie hoofdstuk 4
6 Binnen elk onderwerp/project is sprake van een ambtelijk kennis-duo en een bestuurlijk trekker (zie bijlage 1)
11 van 18
3.3. Meerwaarde Werkregio Noord-Veluwe De meerwaarde van de samenwerking binnen de werkregio Noord-Veluwe wordt breed onderschreven door alle deelnemers en ligt met name op het gebied van:
Kennisontwikkeling en onderzoek op kennishiaten.
Binnenhalen van subsidiegelden, zoals de DPRA-impulsgelden.
Voortgangsmonitoring richting rijk (onze werkregio is aangemerkt als “koploper”).
Best practices in kaart brengen en delen (van elkaar leren en laten zien wat we doen).
3.4 Speerpunt Communicatie Sinds 2019 is communicatie een speerpunt. Uiteraard wordt getracht de raadsleden op de hoogte te houden van de ontwikkelingen. Hiervoor worden bijeenkomsten georganiseerd. Daarnaast richten we ons vooral op het bereiken van bewoners en bedrijven. Met inzet van gerichte communicatie en het aanbieden van financiële prikkels proberen we ze te overtuigen van hun eigen rol en verantwoordelijkheid en aan te zetten tot het nemen van klimaatadaptieve maatregelen. Vanaf begin 2020 is er binnen het Loket Veluwe Duurzaam (sinds jaren actief op het gebied van energieadvies) ook aandacht voor gericht advies ten aanzien van water en klimaatadaptatie. Met een Subsidieregeling Klimaatadaptieve maatregelen (beoogde startdatum 01-01-2021) worden bewoners en bedrijven ook financieel gestimuleerd om hun eigen rol en verantwoordelijkheid te nemen.
12 van 18
Hoofdstuk 4. Klimaatthema’s Regionaal Adaptatieplan 4.1 Inleiding Onder het motto “Regionaal delen, lokaal doen” is het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) in 2017 vertaald naar onze eigen regio, het werkgebied van het waterschap Vallei en Veluwe. In december van dat jaar is het Regionaal Manifest Ruimtelijke Adaptatie ondertekend door 28 gemeenten, het waterschap, de provincies Gelderland en Utrecht, Vitens, Veiligheidsregio’s en Rijkswaterstaat. In het manifest is een gezamenlijke ambitie uitgesproken om in 2050 een klimaat-robuuste regio te willen zijn waar we veilig, gezond en welvarend samenleven. We werken inmiddels 3 jaar samen als manifestpartners en hebben al veel resultaten behaald.
De kwetsbaarheden op het gebied van wateroverlast, hitte en droogte zijn in beeld gebracht in een klimaateffectatlas (www.klimaatvalleienveluwe.nl).
We hebben risicodialogen gevoerd, op regionale en lokale schaal.
We hebben onderling veel kennis uitgewisseld, trainingen verzorgd en een regionaal netwerk ontwikkeld.
Het Regionaal Manifest dient als voorbeeld voor de andere regio’s.
In 2020 is een Regionaal Adaptatie Plan (RAP) opgesteld. Het RAP is bedoeld als regionale agenda met een dynamische gereedschapskist om samen te werken aan klimaatverandering. In het RAP zijn thematische ambities en doelen beschreven. Het gaat om de volgende thema’s: 1. Prettig wonen en werken. 2. Aangenaam recreëren. 3. Basisfuncties veiligstellen. 4. Natuurlijk bodem- en watersysteem. De vier thema’s zijn bepaald op basis van de beschikbare informatie (o.a. de klimaateffectatlas en de Nationale Adaptatie Strategie) en samen met alle partners van de Manifestregio en met maatschappelijke partijen besproken door middel van workshops en rondetafelgesprekken. De vier ruimtelijk-functioneel gekozen thema’s worden centraal gesteld in het RAP. Binnen elk thema moet rekening worden gehouden met de vier klimaattrends: het wordt natter, droger, warmer en de zeespiegel stijgt. Deze ruimtelijke en integrale insteek helpt ons om andere samenwerkingspartners en inwoners en bedrijven te vinden én te betrekken. Het RAP kan daarmee een bijdrage leveren aan het borgen van klimaatadaptatie, ook bij de implementatie van de Omgevingswet. Het Waterschap Vallei en Veluwe heeft al eerder haar ideeën hiervoor geformuleerd in de visie Natuurlijk Ontwikkelen (2015) en de Blauwe Omgevingsvisie (2019).
Het Regionaal Adaptatie Plan (RAP) is gemaakt in een “digitale tijd”, met digitale workshops en digitale bijeenkomsten. Er is daarom ook gekozen voor alleen een digitale versie van het plan. Zo is het dynamisch en altijd up-to-date. Voor de inhoud verwijzen wij u daarom naar: https://klimaatvalleienveluwe.nl/professional/ruimtelijke-adaptatie-strategie/ Hieronder leest u een korte samenvatting van de inhoud.
13 van 18
4.2 Inhoud en aanpak RAP Per thema is een gezamenlijke ambitie geformuleerd (zie bijlage 2), de urgentie en het belang om aan de slag te gaan en welke mogelijke maatregelen partners alleen of samen kunnen nemen. Er zijn vele maatregelen mogelijk. Het is echter niet realistisch om alles tegelijk op te pakken. Er is daarom voor gekozen om te focussen op de belangrijkste gezamenlijke opgaves. Er is een concept-werkplan 2021-2022 opgesteld met daarin de gezamenlijk speerpunten en projecten. In het najaar van 2020 wordt het werkplan verder uitgewerkt en wordt bepaald wie wat gaat doen en hoe de activiteiten worden gefinancierd. De volgende speerpunten (incl. projecten) worden in het Werkplan 2021-2022 uitgewerkt: Thema #1 Prettig Wonen en Werken
Prettig Leefklimaat in en om de woning 1e project = Ketenafspraken klimaatbestendig bouwen 2e project = Ontwikkelafspraken met woningcoöperaties 3e project = Instrumentenmix voor bestaand stedelijk gebied 4e project = Stimuleringsregeling klimaatbestendige maatregelen
Aandacht voor hittestress tijdens extreem warme dagen 5e project = Hitteplan
Thema #2 Aangenaam Recreëren
Koele en bereikbare (dag)recreatiegebieden 6e project = Groenblauwe recreatie
Thema #3 Basisfuncties Veiligstellen
Ondanks toenemende kans op natuurbranden, nemen de gevolgen niet toe door preventie en bestrijding 7e project = Natuurbrandpreventieplan
Gevolgen van overstroming van dijken zijn bekend en het risico op slachtoffers en schade is zoveel als mogelijk beperkt 8e project = Overstromingsbestendige gebieden en gebouwen
De (hoofd)verdeelstations zijn hittebestendig en beschermd tegen overstroming 9e project = Beoordelen (hoofd)verdeelstations
Het hoofwegennet en spoor zijn snel (weer) begaanbaar na piekbuien en overstromingen 10e project = Doorgaande wegen klimaat-robuust
14 van 18
Thema #4 Natuurlijk Bodem- en Watersysteem
Vergroten biodiversiteit, beperken ziektes en plagen en verbeteren luchtkwaliteit 11e project = Klimaatbestendig groen / Loofbomenadvies
Voldoende water in droge periodes 12e project = Waterbeschikbaarheidsstrategie 13e project = Duurzaam grondwatersysteem
Klimaatbestendige ruimtelijke inrichting en gebruik van het natuurlijk systeem 14e project = Verkenning Regio Vallei en Veluwe 2120
4.3 Meerwaarde van het RAP Door gezamenlijk op te trekken, daar waar mogelijk, kan tegen geringe kosten invulling worden gegeven aan de afspraken uit het Deltaplan. Daarmee kunnen we aanspraak maken op de beschikbare rijksgelden en ook de middelen benutten van provincie, waterschap en anderen. Bovendien creëren we een basis van uniformiteit en maken we het mogelijk om onderling gegevens, kennis en ervaring uit te wisselen. Door de omvang van de samenwerking wordt het ook voor andere partijen (zoals de GGD’s, woningcoöperaties, bouwers, landschap-beherende organisaties, etc.) interessant om aan te haken. In een groeiend en breder wordend netwerk kunnen (meer en beter) kansen samen worden opgepakt. 4.4 Bestuurlijke besluitvorming RAP Het Regionaal Adaptatieplan (RAP) is feitelijk een strategische uitwerking van de ambities uit het Regionaal Manifest Ruimtelijke Adaptatie dat in december 2017 is ondertekend. Door in te stemmen met het RAP (als koersdocument) geven we gezamenlijk invulling aan een strategie en aanpak die moet leiden tot een klimaat-robuuste regio in 2050. In september 2020 is het RAP door het dagelijks bestuur van de verschillende partners vastgesteld (i.c. het college van B&W). Vervolgens is de inhoud van het RAP aangeboden (ter kennisname) aan de algemene besturen7.
Ter ondersteuning van de behandeling van het RAP in de algemene besturen/gemeenteraden is op dinsdagavond 10 november 2020 een informatieve Webinar georganiseerd. Hierin is een presentatie gegeven over het RAP en de achtergronden. Er is ook volop gelegenheid geweest tot het stellen van vragen en het maken van opmerkingen. Omdat het Webinar is opgenomen, kan er ook later nog kennis van worden genomen. Op basis van alle reacties is het RAP (waar nodig) nog wat aangepast. In december 2020 is het RAP bestuurlijk bekrachtigd tijdens de jaarlijkse klimaattop van de Manifestregio Vallei en Veluwe.
7 De gemeente Putten heeft ervoor gekozen om het RAP met een Raadsinformatiebrief (nr. 1195715) aan te bieden
aan de gemeenteraad. 15 van 18
Hoofdstuk 5. Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie 5.1 Inleiding Zoals in de voorgaande hoofdstukken beschreven, gebeurt er van alles op (boven)regionaal niveau. Dat gaat vooral om beleidsontwikkeling, kennisdeling en gezamenlijke communicatie. Uiteraard willen we ook concreet aan de slag met klimaatadaptatie binnen de gemeente Putten. In de Begroting 2021-2024 is voor het thema Klimaatadaptatie rekening gehouden met een bedrag van € 700.000,-. Dit totaalbedrag voor 4 jaar bestaat uit de volgende componenten: Nr.
Onderwerp
Bedrag voor de jaren 2021-2024
1
Groene schoolpleinen (16 pleinen x € 12.500,-)
€ 200.000,-
2
Ontstenen en vergroenen particuliere tuinen en terreinen (incl. subsidies voor groene daken, regentonnen, e.d.)
€ 155.000,-
3
Afkoppelbijdrage voor particulieren (oppervlakte <75 m2)
€ 90.000,-
4
Adoptieplan Bomen
€ 50.000,-
5
Realisatie Tiny Woods
€ 92.500,-
6
Ecologisch bermbeheer
€ 62.500,-
7
Kleine waterpartijen t.b.v. waterbuffering en hittebestrijding
€ 50.000,TOTAAL
€ 700.000,-
Vanaf 2021 wordt eerst ingezet op projecten om de (semi)openbare en particuliere ruimten in Putten (verder) te vergroenen. De eerste vier onderwerpen worden als “Operatie Steenbreek” onder de aandacht gebracht van bewoners, bedrijven en scholen. Ter ondersteuning van dit project worden twee subsidieregelingen aangeboden voor “groene schoolpleinen” en voor “groene tuinen en terreinen”. De onderwerpen 5 t/m 7 vragen nog nadere uitwerking, waarmee in 2021 wordt begonnen. De resultaten van de verdiepende stresstest worden hierbij betrokken. 5.2 Operatie Steenbreek Operatie Steenbreek is een landelijke campagne, waarin het vergroenen van voor- en achtertuinen wordt gestimuleerd. Het doel is vooral om de “mind-set” te veranderen en (kleine) acties te ondersteunen. Elke steen of tegel die wordt vervangen door groen draagt bij aan de doelen. In het projectplan (zie bijlage 3) wordt beschreven op welke wijze Operatie Steenbreek in de jaren 2021-2022 bij kan dragen aan een klimaatbestendige en gezonde leefomgeving in de gemeente Putten. Kort samengevat:
We werken volgens drie sporen - Spoor 1 = stimuleren bewoners / bedrijven / scholen (via communicatie + subsidie) - Spoor 2 = benutten van koppelkansen bij gemeentelijke (infra)projecten - Spoor 3 = opbouwen (groene) netwerken, inzet van ambassadeurs
Start Operatie Steenbreek Gemeente Putten 2021-2022 vanaf 1 maart 2021
Evaluatie elke 6 maanden met eindevaluatie in najaar 2022
16 van 18
5.3 Subsidieverordening Klimaatadaptieve maatregelen Om de vergroening van private tuinen en terreinen te stimuleren, wordt een Subsidieregeling aangeboden aan bewoners en bedrijven (zie bijlage 4). Kort samengevat:
Bijdrage mogelijk voor - vergroenen (tegel eruit, plantje/boompje erin) - nuttig gebruik hemelwater (regenton/-schutting, tuindruppelinstallatie, toiletspoelen) - afkoppelen particuliere daken - groene daken
Subsidieplafond per jaar = € 50.000,-
Subsidie Klimaatadaptieve maatregelen start vanaf 1 maart 2021 en loopt tot en met 31 december 2024
Evaluatie elke 6 maanden met eindevaluatie in najaar 2022
Actieve samenwerking met Loket Veluwe Duurzaam (regionaal)
5.4 Subsidieverordening Groene schoolpleinen Om de vergroening van schoolpleinen te stimuleren, wordt een Subsidieregeling aangeboden aan alle scholen in Putten (zie bijlage 5). Kort samengevat:
Bijdrage mogelijk voor - aanbrengen beplanting (tegel eruit, plantje/boompje erin) - aanbrengen faunavoorzieningen - aandacht voor ondergrond (i.c.m. natuurlijk spelen) - afkoppelen dakoppervlak
Subsidieplafond = € 200.000,-
Maximale subsidie, éénmalig per school = € 12.500,-
Subsidie Groene Schoolpleinen start (met terugwerkende kracht) vanaf 1 januari 2021 en loopt tot en met 31 december 2024
Evaluatie elke 6 maanden met eindevaluatie in najaar 2022
Actieve samenwerking met waterschap, provincie en Jantje Beton
5.5 Klimaatatelier en klimaatdialoog Zoals in hoofdstuk 2 beschreven, worden vanaf het voorjaar 2021 klimaatgesprekken gevoerd. De resultaten uit de verdiepende stresstest worden eerst intern besproken (ambtelijk/bestuurlijk incl. partners zoals waterschap, GGD en Woningstichting) en daarna ook extern besproken (met bewoners en bedrijven). Mede op basis van deze gesprekken wordt nadere besluitvorming voorbereid ten aanzien van het aanscherpen en/of uitbreiden van maatregelen.
17 van 18
Bijlagen 1. Uitvoeringsprogramma Werkregio Noord-Veluwe 2. Ambities Regionaal Adaptatieplan (RAP) 3. Projectplan Operatie Steenbreek Gemeente Putten 4. Subsidieregeling Klimaatadaptieve maatregelen (tuinen en terreinen) 5. Subsidieregeling Groene Schoolpleinen
18 van 18