07.1 Uitvoeringsnotitie Vroegsignalering 2021
Tekst van het document
Uitvoeringsnotitie Vroegsignalering 2021
Inhoud 1.
Aanleiding ................................................................................................................................. 3
2.
Wijziging Wet gemeentelijke schuldhulpverlening 2021 .......................................................... 4
3.
Vroegsignalering ....................................................................................................................... 6 3.1
Huidige werkwijze ............................................................................................................. 6
3.2
Vroegsignalering vanaf 2021 ............................................................................................ 6
3.3
Signalen betalingsachterstanden ..................................................................................... 8
4.
De voorgestelde werkwijze in Putten ..................................................................................... 10
5.
Implementatie vroegsignalering ............................................................................................. 12
6.
Communicatie ......................................................................................................................... 12
7.
Financiën ................................................................................................................................ 13
8
7.1
Inzet van een extern adviseur ........................................................................................ 13
7.2
Inzet van de medewerkers die de werkzaamheden gaan uitvoeren .............................. 13
7.3
Automatisering ................................................................................................................ 13
Evaluatie en monitoring .......................................................................................................... 15 8.1
Monitoring ....................................................................................................................... 15
Bijlage 1 Gegevensverstrekking van inkomsten en vermogen en van openstaande vorderingen 17 Bijlage 2 Stappenplan en planning ................................................................................................. 18
2
1. Inleiding Op dit moment heeft 1 op de 5 huishoudens risicovolle schulden1. Daarnaast is het aanvragen van inkomensondersteuning ingewikkeld en 1,2 miljoen huishoudens met schulden krijgt geen formele schuldhulpverlening. Deze mensen ervaren stress, krijgen sneller gezondheidsproblemen en raken sneller in een sociaal isolement. Ook voor kinderen die leven in een gezin met schulden zijn de gevolgen groot. Wanneer kinderen van jongs af aan geconfronteerd worden met armoede en schulden, is de kans groot dat er een negatief effect optreedt op de ontwikkeling van het brein. Dit kan later problemen geven als het gaat om financiële zelfredzaamheid. De maatschappelijke bewustwording rondom risicovolle en problematische schulden is de afgelopen jaren enorm toegenomen. Het aanpakken en voorkomen van armoede en schuldenproblematiek zijn dan ook de speerpunten van de brede schuldenaanpak van het kabinet, rijksuitvoerders en gemeenten. In die brede aanpak staan als belangrijkste doelen gedefinieerd: 1. Preventie en vroegsignalering: het voorkomen van problematische schulden en het treffen van maatregelen om problematische schulden terug te dringen. 2. Effectieve schuldhulpverlening: afspraken om inwoners met schulden effectiever te helpen. 3. Sociale incasso: bevorderen van een zorgvuldige en maatschappelijk verantwoorde incasso.
Om deze doelstellingen te bereiken is er naast voorlichting, stimulering en het opschalen van slimme combinaties van effectieve methodieken ook handelingsperspectief en grondslag nodig bij de betrokken instanties. Daarom werkt het ministerie van SZW aan een viertal wetgevingstrajecten ter ondersteuning van het voorkomen en het daadwerkelijk oplossen van de schuldenproblematiek. Waaronder de wijziging Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. In deze notitie informeren we u over hoe de gemeente Putten verder invulling gaat geven aan de wijziging van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening en vroegsignalering.
1 Ledenbrief VNG 20/026 Verbinden met Schulden, wetswijzigingen in het schuldendomein
3
2. Wijziging Wet gemeentelijke schuldhulpverlening 2021 De Eerste Kamer heeft op 23 juni 2020 ingestemd met een wijziging in de Wet gemeentelijke Schuldhulpverlening (Wgs). De wijziging maakt de uitwisseling van persoonsgegevens bij twee onderdelen van schuldhulpverlening mogelijk, namelijk bij: 1. De gegevensuitwisseling met als doel vroegsignalering van schulden; 2. De gegevensuitwisseling voor het besluit over toegang tot en het plan van aanpak voor schuldhulpverlening. De wetswijziging gaat op 1 januari 2021 in. Grondslag voor gegevensuitwisseling en inwoners ongevraagd een aanbod tot schuldhulp geven. In de Wgs staat tot nu toe niet expliciet vermeld dat vroegsignalering van schulden een taak van gemeenten is. Hierdoor ontstaat er spanning met de AVG wanneer schuldhulpverleners persoonsgegevens willen gebruiken die zij van schuldeisers (derden) ontvangen. Er is sprake van signalering door derden als de gemeente afspraken heeft met bedrijven en instellingen dat deze zelf signalen afgeven aan de gemeente wanneer zij vermoeden of weten dat er sprake is van (dreigende) problematische schulden bij hun klanten. Het kan gaan om feitelijke gegevens als betalingsachterstanden, maar ook om andere signalen. De signalen worden afgegeven nadat de bedrijven en instellingen eerst zelf hebben geprobeerd om de betalingsachterstand te innen.
Wanneer dat niet lukt wordt de klant gemeld dat hun gegevens gedeeld worden. Deze wetswijziging geeft een kader over wat wel en niet mag bij gegevensuitwisseling voor vroegsignalering van schulden. Verder regelt de wijziging dat gemeenten op basis van signalen over betalingsachterstanden die zij van schuldeisers ontvangen uit eigen beweging hulp aanbieden. De wijziging in de Wgs verplicht gemeenten om binnen vier weken na ontvangst van een signaal een aanbod voor een gesprek te doen. Zowel een enkelvoudig signaal als combinaties van signalen op een adres kunnen hiervoor aanleiding zijn. Er zijn geen concrete afspraken over hoe dit aanbod gedaan moet worden. Het doen van dit aanbod kan bijvoorbeeld via een folder/flyer brief, telefoon of huisbezoek gedaan worden. De huidige wetstekst van de Wgs legt niets in de weg aan brede toegang, maar duidelijke bepalingen over de inhoud en de persoonsgegevens waarvan raadpleging noodzakelijk is om tijdig en gemotiveerd een besluit te nemen ontbreken. Dit punt is nu verduidelijkt. Daarbij wordt expliciet geregeld dat de hulpvraag ook mondeling kan en wordt schuldhulpverlening onderverdeeld in besluitvorming en uitvoering: 1. besluitvorming bestaat uit een besluit of iemand wel of niet toegang tot schuldhulp krijgt en over welke hulp iemand krijgt, het plan van aanpak. 2. uitvoering houdt in, de uitvoering van de onder 1.
genoemde besluiten, inclusief nazorg. Gebruikelijk is dat hulpverlener en klant voor specifieke vormen van hulpverlening zoals een schuldregeling of budgetbeheer, een overeenkomst sluiten, waarin afspraken over gegevensuitwisseling worden opgenomen. Voor besluitvorming over welke hulp iemand krijgt, is het voldoende een plan van aanpak op hoofdlijnen te maken dat laat zien dat schuldhulpverlening zoals gedefinieerd in artikel 1 Wgs, wordt gegeven. Gegevensuitwisseling voor besluit toegang Voor een correcte besluitvorming rondom de toegang tot schuldhulpverlening is relevante informatie nodig. Gemeenten zijn nu vaak afhankelijk van de informatieverstrekking van burgers, wat geregeld vertragend werkt. Dit proces wordt vereenvoudigd, doordat gemeenten zelf bepaalde informatie kunnen opvragen. De aanpassing in de Wgs regelt de gegevensuitwisseling die noodzakelijk is voor het besluit tot toegang en het opstellen van het plan van aanpak. Om het recht op toegang te bepalen, is informatie nodig. Gemeenten zijn zelf de belangrijkste informatiebron voor de eigen schuldhulpverleners of die van andere gemeenten. Daarom regelt de algemene maatregel van bestuur (AMvB) zowel het ontvangen als het verstrekken van gegevens door gemeenten om te bepalen of een burger al eerder gebruik heeft gemaakt van schuldhulpverlening.
De identiteit en het verblijfsrecht kan worden geraadpleegd in de BRP om vast te stellen of iemand in aanmerking komt voor schuldhulpverlening. 4
Plan van aanpak schuldhulpverlening In de huidige Wgs (artikel 4) is geregeld dat er binnen vier weken, nadat een persoon zich gemeld heeft, een eerste gesprek plaatsvindt. In dit gesprek wordt de hulpvraag vastgesteld. Door de wijziging in de wet, wordt in artikel 4a de beschikking tot schuldhulpverlening dan wel afwijzing of beëindiging ervan geregeld. In de beschikking moet ook het plan van aanpak worden verwerkt, met daarbij de berekening van de hoogte van de beslagvrije voet. De Algemene wet bestuursrecht (Awb) is hier van toepassing. Dit houdt in dat er binnen 8 weken, na het eerste gesprek, een beschikking afgegeven moet worden. Er hoeft geen beschikking afgegeven te worden op het moment dat een inwoner tijdens het eerste gesprek aangeeft af te zien van verdere schuldhulpverlening. Wanneer de schuldhulpverlening tussentijds beëindigd wordt, zal er een beschikking tot beëindiging afgegeven moeten worden. De klant heeft hierdoor de mogelijkheid om bezwaar in te dienen tegen het besluit. Hoewel de termijn (8 weken) voor het afgeven van een beschikking al is geregeld in de Awb is de gemeente vanaf 1 januari 2021 volgens de wet gemeentelijke schuldhulpverlening 2021 (ook) verplicht dit per verordening vast te leggen.
Gegevensverstrekking van inkomsten en vermogen en van openstaande vorderingen voor vaststelling plan van aanpak2 Door de wetswijziging wordt mogelijk dat het college informatie over de inkomsten- en vermogenspositie van de inwoner kan vragen bij diverse bestuursorganen. Met deze informatie wordt het vaststellen van het plan van aanpak vereenvoudigd. Daarnaast kunnen er gegevens van openstaande vorderingen worden opgevraagd, voordat de schuldregelingsovereenkomst ondertekend is.
2 Zie bijlage 1 welke gegevens het betreft.
5
3. Vroegsignalering 3.1
Huidige werkwijze
De OPEN-gemeenten geven op verschillende manieren invulling aan vroegsignalering. Vroegsignalering binnen schulddienstverlening is het in een zo vroeg mogelijk stadium in beeld brengen van mensen met financiële problemen om vroegtijdige hulpverlening mogelijk te maken door gebruik te maken van daadwerkelijke signalen en outreachende hulpverlening. Afspraken met Woningstichting ter voorkoming van huurschulden en huisuitzetting. De gemeente Putten heeft met woningcorporatie Woningstichting Putten, Westerbeek/Plangroep en Stimenz afspraken gemaakt om problematische schuldsituaties in een zo vroeg mogelijk stadium te signaleren. Signalen van overige partners Door de gemeenten worden nu al beperkt signalen ontvangen van betalingsachterstanden. Over het algemeen krijgt de betreffende inwoner dan een brief waarin de dienstverlening van Stimenz/schulddienstverlening wordt aangeboden. Meervoudige signalen zijn tot op heden niet goed te filteren omdat de signalen in verschillende documenten worden aangeleverd. Mede doordat er onvoldoende wettelijke grondslag is voor het ontvangen en verwerken van deze gegevens, zijn we als gemeente terughoudend geweest op dit gebied.
Vanaf 1 januari 2021 is er een wettelijke grondslag voor het ontvangen en verwerken en mogen de ontvangen signalen verrijkt worden met gegevens die de gemeente heeft ontvangen in het kader van de Jeugdwet, de Participatiewet en de Wet maatschappelijke ondersteuning.
3.2
Vroegsignalering vanaf 2021
Gemeenten moeten straks alle meldingen van betalingsachterstanden van woningcorporaties, zorgverzekeraars, water- en energieleveranciers opvolgen. Voor al deze wettelijke meldingen geldt dat er geen toestemming van de klant nodig is. Door het steeds vroeger en preciezer ingrijpen in de brede aanpak schulddienstverlening beogen we dat er steeds minder mensen met (hoge) schulden komen, dat schuldeisers binnen reguliere termijnen hun geld ontvangen en er lichtere maatregelen mogelijk zijn om de schulden hanteerbaar te maken en/of te houden. De termen vroegsignalering en preventie worden vaak in één adem genoemd. Vroegsignalering kan tussen preventie en curatie worden gepositioneerd.3 Bij preventie richten de activiteiten zich op risicogroepen waarvan verwacht kan worden dat ze mogelijk in de problemen komen.
3 Leidraad Vroegsignalering Schulden; Jacomijn Kuiper en Mariëlle Fleuren; september 2018
6
Bij vroegsignalering zijn er signalen dat er problemen zijn. Deze zijn nog niet zo geëscaleerd dat klanten zelf besloten hebben om hulp te zoeken. Bij curatie heeft de klant zelf een hulpvraag geformuleerd en is op zoek gegaan naar hulp.
3.2.1 Matchen van externe in interne meldingen Ondersteuning van het proces van vroegsignalering door het automatiseringssysteem is een belangrijke voorwaarde voor succes. Voor de keuze van een systeem is een aantal punten van belang. Kunnen de signaalpartners gemakkelijk melden en kunnen zij ook monitoren hoe het proces rond hun melding verder verloopt? Kan het systeem verschillende signalen met elkaar combineren? Kunnen de uitvoerders eenvoudig toegang krijgen tot hetzelfde systeem? Kan het systeem managementinformatie generen die gebruikt kan worden voor de monitoring, verantwoording en evaluatie? Voldoet het systeem aan de technische eisen die gesteld worden vanuit de AVG? Kan het systeem de verplichte terugkoppeling aan de organisaties die het signaal hebben afgegeven een (verplichte) terugkoppeling sturen? Er zijn twee systemen die voldoen aan de criteria die hierboven zijn omschreven: 1. Vindplaats van Schulden (VPS) van Stichting BKR 2. RIS Matching in combinatie met RIS Vroeg Eropaf van Inforing. De keuze voor één van beide systemen is in afstemming met de uitvoerders en ict gemaakt.
3.2.2 Opvolgen van de meldingen Bij het opzetten van vroegsignalering zal gekeken moeten worden op basis van welk signaal de klant benaderd wordt en welke keuzes er gemaakt worden. Er is landelijk nog geen uitsluitsel welk signaal het beste signaal voor vroegsignalering is. Dit is afhankelijk van een aantal factoren: 1. De grootte van de te benaderen groep. Een grote potentiële groep voor vroegsignalering brengt ook risico’s met zich mee. De kans dat mensen benaderd worden die zelf in staat zijn om de betalingsachterstand in te lopen neemt toe. 2. De risico’s van de achterstand. Een achterstand bij huur kan leiden tot flinke problemen, zoals huisontruiming. Een bestuursrechtelijke boete bij een zorgverzekeraar kan leiden tot het niet meer aanvullend verzekerd zijn. Ook overstappen naar een betere passende/goedkopere zorgverzekering is niet mogelijk wanneer er een premieachterstand is. 3. Het juiste moment. Wanneer is een signaal het meest bruikbaar. Een achterstand van één maand bij een energieleverancier is vaak te vroeg. Als gekeken wordt naar inwoners die een achterstand hebben van minimaal € 100 dan wordt de groep kleiner en de kans dat in de groep mensen met beginnende problematische schulden zitten groter. 4. De kwetsbaarheid van de groep.
Hierbij kan gedacht worden aan achterstanden bij de zorgverzekeraar, omdat daarmee jongeren worden meegenomen of achterstanden bij inwoners met kinderen onder de 18 jaar. Het kenmerk van vroegsignalering is outreachend werken. Dat houdt in dat contact gezocht wordt met inwoners zonder dat zij zelf een hulpvraag hebben geformuleerd. Outreachend werken kan op verschillende manieren plaatsvinden. Van huisbezoek, bellen, brief, folder/flyer tot het versturen van een SMS/Whatsapp. De meest effectieve, maar ook duurste, manier van outreachend werken, is het afleggen van een huisbezoek. In de meeste pilots in het land wordt hiermee een bereik van 50-70% gehaald. Verder is van belang wie outreachend gaat werken en welke competenties hierbij benodigd zijn.
7
3.3
Signalen betalingsachterstanden
Vanaf 2021 gaat de gemeente signalen van betalingsachterstanden ontvangen. Deze zijn op te delen in enkelvoudige signalen en gecombineerde of meervoudige signalen.
3.3.1 Enkelvoudige signaal Vanuit verschillende gemeenten die al meer doen aan Vroegsignalering is gebleken dat het niet effectief is om zwaar in te zetten op enkelvoudige signalen. In de meeste gevallen lost de inwoner dit zelf op met de betreffende leverancier. Om toch te voldoen aan de wet kan, net als in de huidige situatie, een brief of folder/flyer worden gestuurd waarin wordt vermeld dat er een signaal van betalingsachterstand is ontvangen. Daarbij kan worden uitgenodigd gebruik te maken van de dienstverlening van de gemeente voor een bepaalde datum zodat er de mogelijkheid is om een terugkoppeling te doen. De brief of folder/flyer moet te begrijpen zijn voor mensen die laaggeletterd zijn. Geschatte tijd: 1,5 uur P.W.
3.3.2 Gecombineerde of meervoudige signalen Vroegsignalering is effectief wanneer er meerdere signalen van betalingsachterstanden binnenkomen van één adres. Het is dan zeer aannemelijk dat er een situatie is of gaat ontstaan waarin schulden zich opbouwen. Ook kan er gekeken worden naar opeenvolgende signalen. Er wordt dan niet alleen gekeken naar de maand dat er achterstanden zijn, maar ook tot 3 maanden terug. Om dit verder te voorkomen kan er op verschillende wijze dienstverlening worden aangeboden: a. Een brief of flyer/folder sturen net als bij enkelvoudige signalen b. Telefonisch contact leggen en direct helpen of een afspraak in plannen c. Onaangekondigd op huisbezoek gaan d. Aangekondigd op huisbezoek gaan Deze werkwijzen zijn verder uitgewerkt waarin aandacht is besteed aan de effectiviteit, geschatte inzet en de inbreuk op de privacy. Werkwijze A Een brief/folder/flyer sturen net als bij enkelvoudige signalen Voordelen: administratieve handeling. De meest goedkope variant en een minimale inbreuk op de privacy. Ook vergt deze variant het minst capaciteit van de gemeenten. Het verzenden van een brief kan grotendeels geautomatiseerd worden. Nadelen: Niet effectief. Mensen met betalingsachterstanden maken vaak de post niet open of reageren daar niet op. Op deze wijze wordt voldaan aan de wet.
Het instrument Vroegsignalering wat bedoeld is als bemoeizorg wordt echter minimaal gebruikt. Daar zal het ‘effect’ dan ook naar zijn. Geschatte tijd: 1,5 uur P.W. Werkwijze B Telefonisch contact leggen, direct helpen of een afspraak inplannen Voordelen: telefonisch contact leggen is efficiënt en persoonlijk. Er kunnen vervolgafspraken gemaakt worden met mensen die direct overtuigd zijn dat ze hulp nodig hebben. Nadelen: inwoners die niet op nemen, of die geen afspraak wensen worden niet geholpen. Het is daardoor relatief vrijblijvend terwijl het instrument Vroegsignalering bedoeld is als bemoeizorg, juist voor mensen die hun post niet open maken en de telefoon niet meer opnemen. Inwoners die een afspraak maken preparen hun verhaal uit schaamte zo dat het lijkt alsof het wel meevalt, dit is moeilijker te achterhalen omdat je geen lichaamstaal ziet en elkaar daardoor verkeerd kan interpreteren. Dit bemoeilijkt een traject om een oplossing te zoeken. Daarbij is het nog onduidelijk of we bij elk signaal een (werkend telefoonnummer) krijgen. Geschatte tijd: 4 uur P.W.
8
Werkwijze C Onaangekondigd op huisbezoek gaan Voordelen: Het ‘er op af’ gaan ligt in de lijn van de wet en is bij andere gemeenten het effectief gebleken als het gaat om aanvaarden van hulp- en dienstverlening. De professionals komen onverwachts waardoor de inwoner geen geprepareerd verhaal klaar heeft. Dit kan het gesprek vergemakkelijkt om direct tot de kern te komen. Daarbij kan na een eerste aarzeling een bezoek aan huis vaak zeer gewaardeerd. Omwille van de beschikbare capaciteit kan ook een gelimiteerd aantal huisbezoeken worden afgesproken waarbij dit scenario alleen wordt gevolgd in de meest urgente casussen. Daarnaast is een voordeel dat gesprekken niet ingepland hoeven te worden. Als een klant niet thuis is, kan een volgende klant benaderd worden. Nadelen: grote tijdinvestering. Als een inwoner niet thuis is zal het later opnieuw moeten worden geprobeerd. Ook kan het plotseling voor de deur staan met signalen die van andere partijen komt gezien worden als bedreigend of inbreuk op de privacy. Een inwoner kan schrikken, boos worden of overrompeld zijn waarmee een eerste reactie niet zal leiden tot de gewenste actie om de problemen op te lossen. Geschatte tijd: minimaal 8 uur P.W.
(er van uitgaande dat onaangekondigd huisbezoek alleen bij de meest urgente gevallen plaatsvindt) Werkwijze D Aangekondigd (door telefoontje of brief) op huisbezoek gaan Voordelen: Zoals bij werkwijze C aangegeven ligt het ‘er op af’ gaan in de lijn van de wet en is bij andere gemeenten dit effectief gebleken. Het voordeel van een huisbezoek dat vooraf aangekondigd wordt, is dat het rendement vergroot kan worden. Als inwoners steeds niet thuis zijn, kan veel tijd verloren gaan. Ook kan men zich voorbereiden op het gesprek, waardoor het gesprek mogelijk makkelijker kan verlopen en men eerder geneigd is hulp te aanvaarden. Nadelen: grote tijdinvestering. Ook hier is de mogelijkheid dat iemand alsnog niet thuis is of weet dat iemand langskomt en daarom niet open doet. Mocht een inwoner het niet op prijs stellen dat iemand langs komt dan moet de inwoner daar zelf actie op ondernemen. Geschatte tijd: minimaal 8 uur P.W. (er van uitgaande dat huisbezoek alleen plaatsvindt bij de meest urgente gevallen)
9
4. Werkwijze vanaf 2021 in Putten Matching Wanneer alle signaalpartners gegevens van betalingsachterstanden hebben gemeld worden ze gematcht in het automatiseringssysteem. Daarbij zullen we de urgentie bepalen, Hierbij valt te denken aan: Hoogte van de schuld (dit kan ook een enkelvoudig signaal zijn) Schulden over meerdere maanden Schulden bij meerdere signaalpartners Schulden bij woningstichting, zodat huisuitzetting kan worden voorkomen Maar ook bijvoorbeeld meerdere malen signalen op hetzelfde adres van verschillende energieleveranciers. Dit is ook een belangrijk signaal, omdat dit duidt op het ontwijken van betalingsproblemen. Dit is maatwerk. Wanneer we hier een volgorde in bepalen en vastleggen, bestaat het risico dat we situaties over het hoofd gaan zien. Naar verwachting komen er 80-100 signalen per maand binnen. Het automatiseringssysteem kan (nog) geen link leggen met ons klantvolgsysteem en hierdoor niet automatisch controleren of inwoners bekend zijn bij andere trajecten of domeinen. Vanwege de grote hoeveelheid signalen wordt alleen bij de meest urgente gevallen gecontroleerd of de inwoner al bekend is bij de gemeente. Hierbij hanteren we de volgende werkwijze: 1. Zit de inwoner al bij schulddienstverlening? Dan nemen wij zelf geen contact op met deze inwoner en wordt Westerbeek geïnformeerd. 2. Controleren of een inwoner onder bewindvoering valt. 3.
Controleren of een inwoner bekend is bij de gemeente. Als tijdens het gesprek geconstateerd wordt dat een inwoner op andere domeinen een ondersteuningsbehoefte heeft zal toestemming worden gevraagd om dit signaal te delen met de best passende functionaris van de gemeente. Op deze manier kan de hulpvraag zo goed mogelijk opgepakt worden. Enkelvoudige signalen In Putten kiezen we er voor om bij enkelvoudige signalen een brief/folder/flyer te gaan versturen. Deze brief moet zo uitnodigend mogelijk zijn en makkelijk leesbaar. We houden in de gaten of de schriftelijke reactie van ons goed gelezen wordt. Meervoudige signalen Bij meervoudige signalen wordt een combinatie van de voorgestelde werkwijze A, B en D gedaan op basis van urgentie. 1. Bij de meest urgente casussen zal na telefonisch contact een afspraak worden gemaakt voor een huisbezoek. 2. Wanneer er geen tijd meer beschikbaar is of bij minder urgente signalen zal telefonisch of schriftelijk contact opgenomen worden. Inzet Uitgangspunt is dat het werk binnen de tijd en capaciteit uitgevoerd gaan worden. Omdat deze werkzaamheden nieuw zijn voor de gemeente Putten is het moeilijk om in te schatten wat het meest effectief is en hoeveel tijd de werkwijze in beslag gaat nemen. Dat in Amsterdam onaangekondigde huisbezoeken veel oplevert zegt niet dat dit op de Veluwe ook zo werkt.
We willen daarom in 2021 al doende leren en zo tot een werkwijze komen die aansluit bij het aantal signalen en bij de inwoners en de collega’s die het gaan uitvoeren. Er zal in het begin regelmatig een evaluatie plaatsvinden met de uitvoerders over de werkbaarheid van de werkwijze. Het gehele proces van vroegsignalering is uitgewerkt in onderstaand schema van adviesbureau PBLQ.
10
Proces vroegsignalering
11
5. Implementatie vroegsignalering Om vroegsignalering ingebed te krijgen is het van belang om samen met de betrokken partners een stappenplan te doorlopen. Dit stappenplan omhelst: Een startbijeenkomst met de organisaties in de eerste lijn om een projectplan op te stellen; Inrichten van werkprocessen, formuleren van doelstellingen en te realiseren resultaten, keuze en inrichten automatisering; Organiseren werkconferentie ‘Vroegsignalering’, waarbij de organisaties (breed) worden uitgenodigd. Opstellen en ondertekenen van het convenant met de signaalpartners, waarin de afspraken die zijn gemaakt en de doelstellingen en resultaten die zijn geformuleerd worden vastgelegd; Inwoners informeren; Startbijeenkomst met alle uitvoerenden; Start uitvoering. De doelstelling is om vanaf eind januari 2021 de eerste signalen te kunnen ontvangen. De te nemen stappen en het tijdspad is nader uitgewerkt in bijlage 2.
6. Communicatie De gemeente zal via de bestaande kanalen communiceren over het uitbreiden van vroegsignalering. Dit zal gebeuren via artikelen in de Puttenaer, via social media, de nieuwsbrief en de website.
12
7. Financiën Vanaf 2021 is vroegsignalering een wettelijke taak die gemeenten moeten gaan uitvoeren. Bij de invoering heeft het rijk gemeend dat dit budgetneutraal kan. De gedachte hierachter is dat door de vroegsignalering schulden vroeg in kaart worden gebracht, er vroegtijdig ondersteuning kan worden geboden waardoor schulden minder oplopen en er minder beroep gedaan hoeft te worden op de reguliere schuldhulpverlening. Het is aannemelijk dat dit beeld na een aantal jaren werkelijkheid wordt. Tot zolang vraagt het een extra investering van de gemeente, voornamelijk in capaciteit, voor de uitvoering van de vroegsignalering. Er zijn verschillende kosten waar rekening mee moet worden gehouden bij de voorbereiding, implementatie en uitvoering van vroegsignalering. Deze hebben we onderverdeeld in de volgende kosten:
7.1
Inzet van een extern adviseur
Om het stappenplan goed uit te kunnen voeren is een externe adviseur nodig die in staat is de OPEN-gemeenten te ondersteunen, het proces goed te monitoren en ervaring heeft in het werken met lokale, regionale en landelijke crediteuren. Ook is het van belang dat de adviseur goed op de hoogte is van landelijke ontwikkelingen en voorwaarden die landelijke crediteuren stellen om mee te kunnen en willen doen. De OPEN-gemeenten kiezen gezamenlijk voor een extern adviseur vanuit PLANgroep. Zij hebben ervaring om gemeenten te ondersteunen, met name in de contacten met de landelijke en lokale crediteuren, het voorbereiden en afsluiten van convenanten, het adviseren over privacy-aspecten en het opstellen van een DPIA (Data Privacy Impact Assessment). De kosten van de extern adviseur bedragen maximaal €4.156,- per gemeente en past binnen het budget Schuldhulpverlening 2020.
7.2
Inzet van de medewerkers die de werkzaamheden gaan uitvoeren
De brief die wordt verstuurd bij de enkelvoudige signalen kan worden uitgevoerd door een back-office medewerkers van de gemeente. Dit vanzelfsprekend in nauwe afstemming met de professional die de vroegsignalering bij gecombineerde signalen gaat uitvoeren. Door de uitvoering door een consulent uit te laten voeren kan er een integraal beeld gevormd worden en daarbij inzicht krijgen in de financiële problematiek en inkomens verruimende maatregelen. Ook kan er dan makkelijk een beschikking worden afgegeven voor schulddienstverlening. Het is moeilijk om een inschatting te maken van het aantal signalen wat we als gemeente gaan ontvangen. Een schatting van een adviesbureau ligt op 80/100 signalen per maand. Wanneer begin 2021 daadwerkelijk alle signalen gaan binnenkomen zal er prioritering aangebracht moeten worden in welke signalen actief benaderd gaan worden.
7.3
Automatisering
Er zijn op dit moment twee systemen op de markt; VPS van stichting BKR en RIS van het bedrijf Inforing. Beide systemen voldoen aan de wettelijke vereisten die de AVG stelt en worden gebruikt door verschillende gemeenten. Vooralsnog zijn er weinig verschillen tussen de systemen, zijn beide systemen nog in ontwikkeling en zijn ook de jaarlijkse kosten navenant gelijk. De keuze is uiteindelijk gevallen op RIS. De overweging daarbij liggen met name op het gebruiksgemak en de mogelijkheid om managementrapportages in te zien. De maximalen structurele kosten voor een systeem liggen op ongeveer €4.200,- per jaar en is meegenomen in het financieel kader van het beleidsplan schulddienstverlening. Overzicht kosten vroegsignalering
Inzet
Bedrag
Incidenteel/structureel 13
Gedekt uit:
Projectleider/adviseur Inzet medewerkers Automatisering Folder materiaal
€ 4.156,Binnen eigen capaciteit € 4.200 € 750,-
Incidenteel Structureel
Budget Schuldhulpverlening
Structureel Structureel
Budget Schuldhulpverlening Budget Schuldhulpverlening
De inzet van personeel vullen wij vooralsnog in binnen onze huidige capaciteit. In omringende gemeenten wordt 4 tot 8 uur extra capaciteit vrijgemaakt. Deze capaciteit maken wij ook vrij voor vroegsignalering, maar dan binnen de eigen capaciteit. Wanneer echter blijkt dat meer inzet nodig is om aan alle wettelijke verplichte taken te kunnen voldoen, zal mogelijk budget vrijgemaakt moeten worden.
14
8 Evaluatie en monitoring Om gedurende het eerste jaar van de nieuwe werkwijze goed te monitoren welke voortgang wordt geboekt, zijn er landelijke Kritieke Prestatie Indicatoren (KPI’s) opgesteld. Door de KPI’s te monitoren wordt inzicht in de werkwijze gegenereerd, kan tussentijds worden bijgestuurd en kan de informatie worden gebruikt voor het informeren van de raad. Per resultaatgebied zijn KPI’s opgesteld.
8.1
Monitoring
Voor de monitoring van de KPI’s wordt het volgende voorgesteld: Resultaatgebied Inwoners worden vroeg bereikt
Inwoners worden adequaat geholpen
Er wordt een duurzame oplossing gerealiseerd
KPI In 100% van de gevallen worden binnen 5 werkdagen de matches verdeeld In 100% van de gevallen die nog niet bij de gemeente bekend zijn, wordt binnen 14 kalenderdagen na het binnenkomen van de match een eerste actie uitgevoerd In 100% van de gevallen worden maximaal 2 pogingen ondernomen om tot een geslaagde actie te komen
Monitoring Registratie in VPS/RIS systeem
Deze 2 pogingen worden uitgevoerd binnen 28 dagen na binnenkomst van de match, tenzij met de inwoners iets anders wordt afgesproken 80% van de opgevolgde matches worden gevolgd door een plan van aanpak/quickfix 80% van de plannen van aanpak worden binnen 2 weken na het geslaagde huisbezoek opgesteld In 95% van de plannen van aanpak/quickfix wordt na 6 maanden contact opgenomen (heropaf) Minimaal 50% van de inwoners met een plan van aanpak/quickfix geeft aan dat het voor structurele veranderingen heeft gezorgd
Registratie in ICT-systeem NB: er wordt nog onderzocht of dit via het VPS/RIS systeem wordt bijgehouden
15
Registratie in VPS/RIS systeem
Registratie in VPS/RIS systeem
Registratie in VPS/RIS-systeem
Registratie in VPS/RIS-systeem
Registratie in VPS/RIS-systeem
Dit wordt na 6 maanden gemonitord door een nieuwe afspraak met de inwoners te maken. De uitkomst van dit gesprek wordt vastgelegd in VPS/RIS.
Overige monitoring De nieuwe werkwijze vroegsignalering heeft naast de inhoudelijke doelstelling ook een procesmatige doelstelling. Dit betreft het opdoen van ervaringen in de vroegsignalering van schulden om zo tot een effectieve en passende werkwijze te komen. Naast inhoudelijke uitgangspunten zijn hier ook procesmatige uitgangspunten van belang.
Resultaatgebied Ervaring opdoen voor nieuwe reguliere werkwijze
KPI Zicht krijgen op het aantal meldingen dat per maand binnenkomt Zicht krijgen op het aantal gezinnen met kinderen waarover een melding wordt gedaan Zicht krijgen op de hoogte van de schulden Zicht krijgen op welke andere organisaties betrokken worden
Zicht krijgen in hoeveel procent van de gevallen problematiek op andere leefgebieden speelt
16
Monitoring Gegevens kunnen uit het VPS/RIS-systeem worden gehaald Gegevens kunnen uit het VPS/RIS-systeem worden gehaald Gegevens kunnen uit het VPS/RIS-systeem worden gehaald Gegevens kunnen uit het VPS/RIS-systeem en/of uit de plannen van aanpak worden gehaald. NB: er wordt nog onderzocht of dit via het VPS systeem wordt bijgehouden Gegevens kunnen uit het VPS/RIS-systeem worden gehaald NB: er wordt nog onderzocht of dit via het VPS/RIS systeem wordt bijgehouden
Bijlage 1 Gegevensverstrekking van inkomsten en vermogen en van openstaande vorderingen Gegevensverstrekking van inkomsten en vermogen voor vaststelling plan van aanpak de Belastingdienst: de gegevens over inkomen en vermogen die verkregen zijn bij de heffing van belastingen en de premies volksverzekeringen; de Belastingdienst/Toeslagen: de gegevens over de toekenning van tegemoetkomingen; de Dienst voor het Kadaster en de openbare registers: de gegevens die worden verwerkt in de basisregistratie kadaster; de Dienst wegverkeer: de gegevens die worden verwerkt in de basisregistratie voertuigen; de Kamer van Koophandel: de naam of de handelsnaam waaronder een inwoner handelt en de ondernemingen en rechtspersonen waarbij een inwoner volgens het handelsregister betrokken is; het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen: de gegevens over de onderhoudsbijdragen voor kinderen en de ouderbijdragen jeugdhulpverlening; DUO: de gegevens over de toepassing van de Wet Studiefinanciering 2000 en de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten; de Sociale Verzekeringsbank: de inkomensgegevens uit de Algemene Kinderbijslagwet, Algemene Nabestaandenwet en de Algemene Ouderdomswet; het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen: de inkomensgegevens uit de polisadministratie.
Gegevensverstrekking van openstaande vorderingen voor vaststelling plan van aanpak de Belastingdienst: gegevens over belastingvorderingen en terugvordering van huurtoeslag, zorgtoeslag, kinderopvangtoeslag of kindgebonden budget en verplichtingen tot het betalen van de opgelegde bestuurlijke boete; kredietregistratie (CKI van BKR): gegevens over de inning van kredieten en hypotheken met betalingsachterstand; het CAK: de gegevens over de inning van de eigen bijdragen Wlz en Wmo en de gegevens over de heffing en inning van de bestuursrechtelijke zorgpremie; het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB): de gegevens over de openstaande vorderingen en bestuurlijke boetes, voor zover het CJIB met de inning is belast; de gerechtsdeurwaarders: gegevens over openstaande vorderingen en beslagen; DUO: de gegevens over een schuld uit een lening van studiefinanciering en de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten; het UWV, de SVB: de gegevens over de terugvordering van uitkeringen, toeslagen, tegemoetkomingen of bijstand en over verplichtingen tot het betalen van de door deze bestuursorganen opgelegde bestuurlijke boetes.
17
Bijlage 2 Stappenplan en planning Stap 1: Op basis van gesprekken met alle gemeenten en betrokken netwerkpartners (startbijeenkomst) een startnotitie schrijven. Startnotitie maken en aanbieden aan het college. Persbericht versturen en ruchtbaarheid geven aan de plannen. Deze startnotitie bevat: · uitgangspunten en doelstellingen; · gewenste situatie; · stappenplan naar de gewenste situatie; · doelgroepen en reële aantallen; · (mogelijke) crediteuren die aansluiten; · automatisering; · werkprocessen; · planning; · financiering; · instellen stuurgroep. Stap 2: Inrichten werkprotocol, formuleren doelstellingen en te realiseren resultaten (voortgangsrapportages), keuze en inrichten automatisering. Deze stap in het proces is de praktische uitwerking van de startnotitie en de uitkomsten van de startbijeenkomst. Met de beoogde uitvoerenden worden afspraken gemaakt over doelstellingen, producten, te realiseren en resultaten. In het werkprotocol wordt de werkwijze concreet beschreven, ingericht en geïmplementeerd en bepaald wordt wie verantwoordelijk wordt voor de uitvoering. Met de crediteuren worden heldere afspraken gemaakt over wanneer inwoners met betaalachterstanden worden aangemeld en hoe, het opschorten van invorderingsmaatregelen tijdens de aanpak en binnen welke termijn zij rapportage kunnen verwachten. De afspraken worden vastgelegd en geïmplementeerd.
In deze fase zal ook een definitieve keuze moeten worden gemaakt voor het automatiseringsprogramma. Nieuwsbrief, informeren ketenpartners. Stap 3: Opstellen en ondertekenen convenant De werkafspraken die zijn gemaakt en de doelstellingen en resultaten die zijn geformuleerd worden vastgelegd in een convenant. Het convenant wordt tijdens een bijzondere bijeenkomst door alle betrokkenen ondertekend. Indien in het najaar 2020 gebruik gemaakt kan worden van een landelijk convenant, zal daarbij aangesloten worden. Stap 4: Startbijeenkomst met alle uitvoerenden Na de ondertekening van het convenant kan een bijeenkomst worden georganiseerd met alle uitvoerende medewerkers. De gemaakte afspraken en de werkprocessen worden toegelicht. Na deze bijeenkomst weten alle betrokken medewerkers wat er van hen wordt verwacht vanaf de start.
18
Stap 5: Implementatie en start van de werkzaamheden Voor een succesvolle aanpak van vroegsignalering is het van belang dat medewerkers weten wat er van hen wordt verwacht en dat ze op hun (nieuwe) taken toegerust zijn. Dit betekent dat er aandacht moet zijn hoe het werkproces wordt vormgegeven en hoe invulling wordt gegeven aan het outreachend werken. Als de eerste matches en enkele signalen binnenkomen moet een route worden bepaald en een planning gemaakt voor de huisbezoeken en andere acties om contact te zoeken. Belangrijk is dat alle meldingen ook binnen 28 dagen kunnen worden opgevolgd. Om dit goed te doen hebben de uitvoerende medewerkers bij de start ondersteuning nodig. Stap 6: Start uitvoering & nazorg Als de stappen 1 tot en met 5 zorgvuldig doorlopen zijn, dan kan succesvol worden gestart met vroegsignalering.
Indien nodig en/of gewenst kan vanaf dit moment een keuze worden gemaakt om het project volledig binnen de gemeente over te dragen, dan wel nog enige tijd een externe projectleider in te zetten voor de nazorg.
19