CConstaterende datPutten
Koppel je AI →
Document · PDF

01.2 Routekaart vervolgstappen stikstof Noord-Veluwe

Gemeenteraad 8 juli 2021, gemeente PuttenBij agendapunt: Ingekomen stukken - Raadsinformatiebrieven2.547 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Kleine Koppel 26 3812 PH Amersfoort +31 (0)33 3036800 info@overmorgen.nl overmorgen.nl IBAN NL48RABO0145534111 BIC RABONL2U BTW 8145.82.035.B01 KVK 27243218

Routekaart aanpak stikstof Noord-Veluwe

AAN

:

Rik Swieringa

VAN

:

Gerard van Santen, Coen Bernoster

DATUM

:

17-3-2021

ONDERWERP

:

Routekaart voor vervolg

1.1 Inleiding en kader Op 17 maart 2021 heeft Over Morgen een adviesrapport opgesteld over de gebiedsgerichte aanpak stikstof Noord-Veluwe. Aanleiding was dat de Noord-Veluwse gemeenten willen inzetten op een gezamenlijke, gebiedsgerichte aanpak stikstof. Ze hebben Over Morgen gevraagd hierin te adviseren: “Kan Over Morgen de regio Noord-Veluwe ondersteunen bij het opstellen en (coördineren van het) uitvoeren van de gebiedsgerichte aanpak stikstof?” De uitvraag naar een gebiedsgerichte aanpak stikstof Noord-Veluwe bestond uit drie fases:   

Voorbereiding (fase 1): het verkennen van en adviseren over hoe een gebiedsgerichte aanpak stikstof van de grond kan komen. Uitwerking (fase 2): het inrichten en verankeren van de gebiedsgerichte aanpak voor een succesvolle uitvoering. Uitvoering (fase 3): het uitvoeren van de gebiedsgerichte aanpak.

Het opgeleverde adviesrapport richt zich op de resultaten van de voorbereidingsfase (fase 1) met aanbevelingen voor de verdere uitwerking (fase 2 en 3) van een gebiedsgerichte aanpak stikstof NoordVeluwe. Daarnaast heeft de regio gevraagd om een concrete uitwerking van het vervolg in fase 2 en 3. Deze uitwerking hebben beschreven in deze ‘Routekaart voor vervolg’. Uit het adviesrapport blijkt dat er momentum, draagvlak en urgentie is. De provincie Gelderland is enthousiast over de gekozen aanpak in Noord-Veluwe en ziet dit als een voorbeeld voor andere regio’s. Provincie Gelderland wil voor de zomer van 2021 een uitvoeringsprogramma GMS opstellen waarin de Noord-Veluwe een plek moet krijgen. De deelnemers aan de gebiedstafels zien de aanpak, de visiekaart en de programmalijnen als een kans om door te pakken. En ook de wethouders van de gemeenten zelf zien met deze resultaten mogelijkheden voor de gezamenlijke uitvoering. Naast de inhoudelijke visiekaart en de programmalijnen is ook de overtuiging gegroeid dat onderling samenwerken op dit dossier loont. Het is nodig zodat de regio zelf sturing kan blijven geven aan de toekomst van de Noord-Veluwe. De gemeenten, provincie en partners zien allemaal de urgentie om voortvarend met het stikstofvraagstuk aan de slag te gaan. De gemeenten om ontwikkelingen in het gebied mogelijk te (blijven) maken, de provincie om

stikstofwinst te boeken (o.a. door het aankopen van bedrijven) en de partners in het gebied om perspectief te krijgen voor te maken keuzes op bedrijfsniveau (innoveren, huidige koers bijstellen of beëindigen). Om aan dit alles een robuust vervolg te geven, lichten wij in deze routekaart voor het vervolg onze visie toe op hoe de regio Noord-Veluwe de behaalde resultaten kan operationaliseren. De kern van onze visie is: “zet een regionale taskforce op met de taak om individuele vragen en nieuwe gebiedsontwikkelingen op te pakken en zorg te dragen voor uitvoering van de projecten van het uitvoeringsprogramma”. Zet daarbij het gebied centraal en laat de visiekaart richting geven om de juiste ontwikkeling op de juiste plek tot stand te brengen. De weg hiernaar toe valt uiteen in twee onderdelen: een vervolg op het huidige traject (fase 1) om te komen tot definitieve afspraken (fase 2; zgn. kwartier maken). En vervolgens een uitvoeringsfase (fase 3) waarin de regionale taskforce actief invulling gaat geven aan haar taken.

1.2 Kwartier maken (fase 2, mei 2021 – oktober 2021) Als vervolg op het huidige traject is het van belang om tot een uitwerking en verankering te komen van inhoud, organisatie en financiële middelen. Daarmee ontstaat een stevig fundament voor de toekomstige uitvoering. Start met een verankering voor het kwartier maken zelf, gevolgd door het optuigen van de aanpak en eindig met verankering ten behoeve van de verdere uitvoering. Advies voor de verankering bij aanvang:   

Kom als regio Noord-Veluwe tot overeenstemming met provincie Gelderland over de aanpak; Organiseer financiële middelen zodat een kwartiermaker aan de slag kan gaan; Bekrachtig opdracht en mandaat voor de kwartiermaker om de verdere uitwerking van de regionale taskforce en het uitvoeringsprogramma voor zijn/haar rekening te nemen.

TOELICHTING De provincie heeft in het bestuurlijk overleg op 14 januari 2021 aangegeven dat zij nadere afspraken wil maken met de regio Noord-Veluwe in het kader van de Gelderse Maatregelen Stikstof. Dit betekent dat de onderlinge samenwerking verder uitgewerkt moet worden naar rollen, taken en instrumentarium. Voordat gestart wordt met deze uitwerking is belangrijk dat de regio Noord-Veluwe en de provincie aan elkaar bevestigen dat deze fase samen ingezet wordt en ook onderling afspraken maken over de financiering van deze fase. Voor de regio Noord-Veluwe geldt dat de individuele gemeenten groen licht moeten geven voor deze uitwerking zodat er voldoende middelen beschikbaar zijn om een kwartiermaker aan te stellen, maar ook dat de kwartiermaker een gedragen opdracht en mandaat heeft om de uitwerking ter hand te nemen.

Advies voor de uitwerking:   

2

Richt de regionale taskforce in: opdracht, mandaat, positionering, hoeveelheid fte en bemensing; Uitwerken van een uitvoeringsprogramma met concrete projecten en een rollende agenda; Financiering van de regionale taskforce en het uitvoeringsprogramma, met daarin een verdeelsleutel en verdeling van de geraamde kosten voor 2021 en 2022.

TOELICHTING In deze fase zal de kwartiermaker de taskforce, het uitvoeringsprogramma en de financiën (kosten en baten) verder uitwerken. De bemensing van de regionale taskforce zal in nauw overleg met de gemeenten plaatsvinden met de vraag welke capaciteit vanuit de gemeenten beschikbaar is. Daarnaast zal externe deskundigheid aangetrokken moeten worden. Het uitvoeringsprogramma beschrijft de projecten waarmee de Regio Noord-Veluwe start. Het betreft gemeentelijke projecten, initiatieven van gebiedspartijen en nieuwe gebiedsontwikkelingen die ontstaan door de aankoop van bedrijven door provincie en/of Rijk. Naast deze concrete projecten beschrijft het uitvoeringsprogramma de onderdelen waar de komende jaren aan gewerkt gaat worden en die gedurende het traject met nieuwe projecten ingevuld kunnen worden. Voor de financiering van de regionale taskforce en de projecten wordt een verdeelsleutel opgesteld voor de vaste bijdragen van de gemeenten en provincie. Voor projecten zullen projectgerelateerde afspraken worden gemaakt.

Advies voor de afronding:    

Veranker de gebiedsgerichte aanpak stikstof in gemeentelijk beleid; Stel een samenwerkingsafspraak met provincie Gelderland in het kader van GMS op; Leg financiering van regionale taskforce en uitvoeringsprogramma 2021/2022 vast, plus verdeelsleutel voor periode daarna; Leg de opdracht en het mandaat voor boegbeeld/programmamanager van de uitvoering vast.

TOELICHTING De afronding van het kwartier maken gebeurt door de aanpak, inhoud, organisatie en financiële middelen formeel te verankeren. De regionale taskforce en het uitvoeringsprogramma zal onderdeel moeten worden van gemeentelijk beleid. De gemeenten verankeren daarmee dat zij ten aanzien van de stikstofaanpak gezamenlijk optrekken en gebiedsgericht te werk gaan. Ons advies is om de aanpak formeel door de gemeenten vast te laten stellen door een raadsbesluit van de deelnemende gemeenten. Ook de provincie Gelderland zal hierover een besluit moeten nemen zodat er een basis ligt om tot een samenwerkingsafspraak te komen. Door de afspraken tussen de provincie en de Regio Noord-Veluwe vast te leggen in een samenwerkingsovereenkomst worden de verwachtingen wederzijds expliciet gemaakt en ligt er een stevig fundament voor verdere uitvoering. In deze samenwerkingsovereenkomst worden ook de financiële afspraken tussen regio en provincie vastgelegd.

1.2.1 Opdracht en mandaat voor uitvoering in fase 3 Als vervolg op het opnemen van de regionale aanpak stikstof in gemeentelijk beleid en afspraken over de onderlinge samenwerking tussen de gemeenten en tussen de regio Noord-Veluwe en de provincie, dient een opdracht en mandaat voor de regionale taskforce te worden opgesteld die de basis vormt voor de verdere uitvoering in fase 3.

3

1.3 Regionale taskforce actief en uitvoering projecten (fase 3, oktober 2021 – 2025) Na de fase van kwartier maken kan de regionale taskforce daadwerkelijk aan de slag. Op basis van de opgestelde programmalijnen (proeftuinen en organisatorisch) adviseren wij de regionale taskforce in elk geval de volgende vijf kerntaken te geven. Deze zullen in de volgende paragrafen verder worden toegelicht:      

Regisseren; Basis op orde brengen; Loketfunctie voor (complexe) vragen; Naar buiten gaan met erfcoaches voor boeren, bedrijven en buitenlui; Uitvoeren en actualiseren van gebiedsprogramma met projecten; Communiceren.

1.3.1 Regisseren Doel van het regisseren is de samenwerking, samenhang en integraliteit van de aanpak te bewaken en uitbouwen. De eindverantwoordelijke van de taskforce vormt het cement, de saté-prikker tussen alle onderdelen van de taskforce. Hij/zij is het boegbeeld en het gezicht van de taskforce, en zorgt voor de verbinding met de belangrijkste stakeholders in het gebied, de provincie Gelderland en de individuele gemeenten in de Regio Noord-Veluwe. 1.3.2 Basis op orde brengen Herhaaldelijk is de afgelopen maanden naar voren gebracht dat de 0-situatie niet goed in beeld is. Bedrijven zonder (actuele) vergunning of met ongebruikte ruimte (wel vergunning maar bijv. geen of minder dieren op het bedrijf) vervuilen het huidige beeld van de 0-situatie voor de emissie van bestaande bedrijven. Goede registratie en, waar wenselijk, het legaliseren van de individuele bedrijfssituatie vraagt een inspanning van de taskforce in samenwerking met de individuele gemeenten, provincie, RUD, gebiedspartners etc. Ook in de Kop van de Veluwe (economie) wordt gesproken over vergunningen van bedrijven en bedrijfsbezoeken. Ook hierin is samenwerking wenselijk om te voorkomen dat bedrijven twee keer benaderd worden. Databeheer is van belang om goed grip te krijgen op de 0-situatie. Wij adviseren vooraf al goed na te denken over het hoe, waarom, wat, wie, wanneer en toegang van dit databeheer.

Belangrijke succesfactor is dat de regionale taskforce medewerkers (om zich heen) heeft die inhoudelijk deskundig zijn en zich goed voelen bij een rol als ‘dossiervreter’: zij weten door te zetten om die goede 0-situatie vast te leggen en op peil te houden. 1.3.3 Loketfunctie voor (complexe) vragen De loketfunctie van de regionale taskforce is tweeledig:  

Voor individuele vergunningsvragen, ontwikkelvragen en het toetsen aan/bewaken van het ontwikkelperspectief uit de visiekaart. Voor nieuwe gebiedsontwikkelingen en het toetsen aan/bewaken van het ontwikkelperspectief uit de visiekaart.

Door regionaal samen te werken kunnen de gemeenten kennis en capaciteit bundelen voor nieuwe aanvragen of ontwikkelingen die stikstofruimte opleveren of vragen. Daarnaast kan door deze samenwerking vanuit het ontwikkelperspectief van de visiekaart worden gestuurd zodat de juiste ontwikkeling op de juiste plek plaatsvindt. De wijze waarop deze samenwerking wordt ingevuld zal in de fase van kwartier maken uitgewerkt moeten worden. Het kan bijvoorbeeld ingevuld worden door de capaciteit van individuele gemeenten over te hevelen naar de taskforce. Een even goed alternatief is de aanvragen en nieuwe ontwikkelingen te coördineren door een projectgroep te formeren waarin alle gemeenten deelnemen en hun casuïstiek inbrengen om die gezamenlijk te bespreken en van advies te voorzien. Met deze laatste werkwijze wordt bijvoorbeeld in de Regio Food Valley succesvol samengewerkt op het terrein van functieverandering in het buitengebied. Ten aanzien van nieuwe gebiedsontwikkelingen kan de regionale taskforce ook adviseren welk traject gekozen moet worden. Een recente uitspraak van de Raad van State over een vergunningsaanvraag voor

4

Moerdijk1 geeft aan dat niet te allen tijde een Natuurbeschermingswet vergunning van de provincie nodig is, maar dat de gemeente hierin ook een eigen afweging kan maken. Deze uitspraak lijkt het juridische instrumentarium te verrijken en een oplossing te bieden voor lokale problemen/ontwikkelingen, bijvoorbeeld het uitbreiden van een supermarkt in het dorpscentrum. Voor een regionale gebiedsgerichte aanpak lijkt het minder soelaas te bieden. De gemeenten hebben in het portefeuillehouderoverleg van 10 februari 2021 aangegeven dat zij deze mogelijkheid nader willen verkennen en inventariseren welke quickwins hiervoor in aanmerking komen. 1.3.4 Naar buiten gaan met erfcoaches voor boeren, bedrijven en buitenlui In de gesprekken met de gemeenten, maar zeker bij de gebiedstafels, is met nadruk onder de aandacht gebracht het belang om proactief met bedrijven en ondernemers in contact te staan. Veel (agrarische) bedrijven zijn op zoek naar een juiste toekomstinvulling voor hun bedrijf en/of bedrijfslocatie. Zij vinden het lastig keuzes te maken door alle ontwikkelingen op gebied van beleid en regels. Ondersteuning bij deze zoektocht is wenselijk. Een erfcoach die als vertrouwenspersoon en sparringpartner meedenkt blijkt hiervoor een goede hulp te zijn. Vanuit het Rijk en de provincie Gelderland wordt dit onderkent.

Het Rijk heeft hiervoor een subsidieregeling die naar verwachting binnenkort weer opengesteld wordt. De provincie is bezig, mede gelet op de grote belangstelling voor de Rijksregeling, een aanvullende subsidiemogelijkheid op te stellen. Belangrijk is dat deze contactpersonen (erfcoaches) vertrouwen genieten van de ondernemers en ook continuïteit kunnen bieden zodat voor de betreffende ondernemer er een gezicht en vast persoon is waar hij/zij de ontwikkeling van het bedrijf mee kan bespreken. Door proactief naar buiten te gaan en boeren, bedrijven, landgoederen en anderen op te zoeken, zal als gevolg van de keuzes die de ondernemers gaan maken meer dynamiek komen en ontwikkelstappen worden gezet. De erfcoaches kruipen als het ware in de haarvaten van het gebied. Geredeneerd vanuit de visiekaart en de realisatie daarvan zullen door de erfcoaches nieuwe mogelijkheden worden ontdekt om tot juiste ontwikkeling op de juiste plek te komen. Dit kan zijn in de vorm van een zelfstandige oplossing voor het betreffende bedrijf maar evengoed input voor een gebiedsontwikkelingsproject waarin meerdere initiatieven aan elkaar worden verbonden. Zorgvuldige omgang met (vertrouwelijke) informatie vormt hierin de sleutel.

1.3.5 Uitvoeren en actualiseren van gebiedsprogramma met projecten De onderwerpen uit de hiervoor beschreven paragrafen zijn invullingen van de in het adviesrapport genoemde organisatorische programmalijnen. Vanuit de visiekaart zijn, zoals in het adviesrapport beschreven, ook een vijftal inhoudelijke programmalijnen (zgn. proeftuinen) opgesteld. Hierbinnen zullen naar verwachting allerlei projecten ontstaan (of al lopen). De inventarisatie die voor de totstandkoming van dit advies is uitgevoerd via de verkennende gesprekken en gebiedstafels kan een goed startpunt zijn voor verdere uitwerking van deze projecten. Deze projecten worden opgenomen in een gebiedsprogramma. Nieuwe projecten worden hieraan toegevoegd. Op deze wijze ontstaat overzicht over en samenhang in de uitvoering van de gebiedsgerichte aanpak. Ook kan actie worden ondernomen om nieuwe projecten te ontwikkelen waar dit wenselijk is. Financiering zal op projectniveau plaatsvinden en gemeenten zullen op projectniveau een besluit nemen over een eventuele financiële bijdrage aan het project. 1.3.6 Communiceren Om betrokkenheid rond deze gebiedsgerichte aanpak stikstof op te bouwen, is communicatie over de ontwikkelingen, leerervaringen en resultaten belangrijk. Vanuit de regionale taskforce zal deze communicatie worden verzorgd. Aandachtspunt is onderscheid te maken tussen de diverse doelgroepen: betrokken

1 Uitspraak in geding tussen Stichting Behoud Buitengebied Moerdijk, gemeente Moerdijk en Vereniging Milieuwerkgroep Moerdijk tegen

Provinciale Staten van Noord-Brabant, Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, datum 30-09-2020, zaaknummer 201606653/2/R2

5

wethouders, ambtenaren, gemeenteraadsleden, projectdeelnemers en gebiedspartijen. Eén en ander zal uitgewerkt moeten worden in een communicatieplan met adequate begroting en bemensing.

1.4 Raming kwartier maken (fase 2, april 2021 – oktober 2021) Voor het uitvoeren van fase 2, zoals beschreven in paragraaf 1.2, ramen wij de volgende kosten: Onderdeel

Toelichting

Duur

Kwartiermaker

Ca. 1,5 dag per week

6 maanden

€ 50.000,- excl. BTW

Ondersteuning

Ca. 1 - 1,5 dag per week

6 maanden

€ 30.000,- excl. BTW

TOTAAL

Investering

€ 80.000,- excl. BTW

Het betreft hier een voorlopige raming. Mochten jullie hierop willen doorpakken met ons dan maken wij eerst in goed overleg met jullie een offerte met een nader uitgewerkte aanpak, planning en raming. Wij willen jullie bedanken voor de samenwerking afgelopen maanden en hopen op een mooi vervolg.

Met vriendelijke groet, Over Morgen B.V.

Gerard van Santen Adviseur

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10354975/1