CConstaterende datPurmerend
Koppel je AI →
Document · PDF

Memo Gemeenteraad - 'Ontstane situatie SVP' 6-6-2023 Geredigeerd

Gecombineerde commissievergadering 15 juni 2023, gemeente PurmerendBij agendapunt: Ontwikkelingen Stadsverwarming Purmerend6.657 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MEMO

Aan Van Datum Onderwerp Registratienummer Bijlage(n)

: Gemeenteraad : College B&W : 6 juni 2023 : Ontstane situatie SVP : 1585724 : 1: Brief technische problemen SVP (d.d. 20 april) 2: Brief update en voorstel technische problemen SVP (d.d. 1 juni 2023) 3: Advies RvC aan aandeelhouder (d.d. 2 juni 2023) 4. Brief SVP en RvC (d.d. 6 juni 2023)

Inleiding De ontstane situatie bij Stadsverwarming Purmerend (SVP) heeft het college en de raad de afgelopen maanden beziggehouden. Hierover bent u op 20 april door het college geïnformeerd met een raadsbrief (bijlage 1). Wij hebben aan de SVP gevraagd ons op de hoogte te stellen over de oorzaken, de financiële gevolgen en te adviseren over mogelijke oplossingsrichtingen. Op 1 juni heeft SVP hierover aan de aandeelhouder een brief verstuurd (bijlage 2). De directie SVP heeft daarin de aandeelhouder met instemming van de Raad van Commissarissen (RvC) geïnformeerd over mogelijke oplossingen waarbij drie scenario’s worden voorgelegd. Daarnaast heeft de RvC op 2 juni vanwege de uitzonderlijke situatie zelf ook nog een brief over de ontstane situatie aan de aandeelhouder verzonden (bijlage 3). Het college van B&W heeft vervolgens op 6 juni gesproken over de situatie en de door SVP voorgestelde oplossingsrichtingen. Aansluitend is het voorgenomen collegebesluit met SVP besproken. Hierop heeft de directie en RvC van SVP een reactie gegeven (zie bijlage 4). Vanwege de ernst van de lekkageproblemen, het maatschappelijk belang, het belang van het bedrijf voor de gemeente en de financiële effecten, vindt het college het belangrijk de mening van de gemeenteraad te horen alvorens een aandeelhouderstandpunt te bepalen.

Wij bieden u de door SVP verstuurde brieven en dit memo aan ter bespreking in uw raadscommissie van 15 juni aanstaande. De gedachte is, dat u tijdens de raadscommissie van gedachten wisselt en reflecteert op het voorgenomen aandeelhoudersstandpunt van het college. In het gesprek verwachten wij van u voldoende richting mee te krijgen om met onderlinge overeenstemming op de koers het aandeelhoudersgesprek te kunnen voeren.

Rolverdeling Raad-College-SVP Wij verwijzen naar het gesprek dat wij met uw raad hebben gehad over de rolverdeling van de raad, ons college, de aandeelhouder (eveneens ons college) en de SVP. Het gesprek richtte zich op de onderlinge posities en welk bestuursorgaan welke beslissingsbevoegdheid heeft, en hoe daar het gesprek met elkaar over is te voeren op een wijze die recht doet aan de verbijzonderde rechtsvorm van de Stadsverwarming Purmerend. Zo vinden wij de balans tussen het uitvoeren van onze verantwoordelijkheid als gemeenschap, naast de belangen van een commercieel bedrijf om over zijn eigen bedrijfsvoering te blijven gaan.

1

Uit het gesprek met u bleek naast onze uiteenzetting van de formeel juridische bevoegdheden, ook uw behoefte om uw input te geven over onze inzet als aandeelhouder. Wij hebben dat gesprek met u afgerond. Daarnaast hebben wij uw uitspraken ook opgevat als wens om bij belangrijke ontwikkelingen tijdig in de gelegenheid te worden gesteld uw zienswijze te geven. Om die reden lijkt het ons verstandig om met u dit gesprek, over deze uitzonderlijke situatie op 15 juni te voeren. Daarbij komt, dat de oplossingsrichtingen de financiële positie en begroting van de gemeente in materiële zin kunnen beïnvloeden. Vanzelfsprekend is dat eveneens een raadsaangelegenheid. Ook hebben wij na het gesprek over de rollen afgesproken dat u periodiek bij de behandeling van de Voorjaarsnota in de gelegenheid wordt gesteld uw aandachtspunten (inhoudelijk, maatschappelijk of politiek) mee te geven aan de aandeelhouder en dat daartoe gelegenheid wordt geboden in een raadsvergadering. Een eerste gelegenheid daartoe is eerder al gepland tijdens de raadsvergadering aankomende 29 juni.

Technische problemen SVP In de brief die op 20 april door de SVP aan de aandeelhouder is verstuurd staat een toelichting over de geconstateerde lekkage en de problemen met de technische installatie van de BioWarmteCentrale (BWC). Na metingen door SVP is gebleken dat de buizen van de Economizer (ECO buizen) van twee van de vier ketels een degeneratie lieten zien van 60% in een periode van ca. 5 tot 6 maanden waar dat normaliter rond de 10% is. Er zijn in deze periode door SVP geen wijzigingen in de bedrijfsvoering doorgevoerd, zodat vooralsnog geen aanwijsbare oorzaak te vinden was voor de versnelde degeneratie. SVP heeft een onderzoek ingesteld naar aanleiding van de geconstateerde problemen. De levering van warmte is op geen moment in gevaar geweest.

Huidige stand van zaken onderzoek SVP maakt gebruik van externe expertise om een root-cause analyse (RCA) onderzoek uit te voeren. Het doel van dit onderzoek is om de oorzaak van de lekkage te achterhalen inclusief passende maatregelen om het probleem in de toekomst te voorkomen en de gevolgen te beperken. In bijlage 2 is de brief opgenomen die door SVP op 1 juni aan de aandeelhouder is verstuurd. In deze brief staat meer informatie over de huidige stand van het onderzoek naar de technische problemen en mogelijke maatregelen om de problemen te verhelpen. Zoals SVP in haar brief aangeeft lijkt een belangrijke oorzaak van het probleem te zitten in de droogte van de in 2022 aangeleverde houtsnippers. Uit dit onderzoek volgt een aantal mitigerende maatregelen voor de korte en lange termijn.

Verwachte financiële gevolgen SVP geeft aan dat de onverwachte uitval en problemen als gevolg hebben gehad dat substantieel meer inzet van aardgas voor de HulpWarmteCentrales (HWC) nodig is geweest. De HWC’s hebben meer dan normaal geproduceerd om de bewoners in de gevraagde warmte te kunnen blijven voorzien. De zeer hoge gasprijzen van de afgelopen periode hebben een negatief gevolg voor het bedrijfsresultaat van SVP over 2023. Naast de toegenomen inzet van aardgas is er sprake van extra onderzoeks- en reparatiekosten. Ook zullen aanvullende maatregelen moeten worden getroffen om herhaling te voorkomen. De wethouder financiën heeft – als vertegenwoordiger van de aandeelhouder, de gemeente Purmerend – aan SVP om onderzoek gevraagd naar de verwachte financiële gevolgen. In de brief van SVP in bijlage 2 zijn de resultaten hiervan opgenomen. SVP geeft de verwachte financiële gevolgen voor het begrote jaarresultaat weer, waaronder de gevolgen voor de bedrijfsvoering van SVP en de begroting van de

2

gemeente. De omvang van de kosten wordt begroot op ca. € 7,5 mln. Oorzaak voor verreweg het grootste deel van deze kosten zijn de hoge gasprijzen in combinatie met de verhoogde inzet van de gasgestookte hulpketels in de afgelopen periode. Het overige deel van deze kosten zijn de uitgaven voor onderzoek naar de problemen, reparatie van de installaties en voor te nemen maatregelen om herhaling te voorkomen.

Oplossingsrichtingen De wethouder financiën heeft, als vertegenwoordiger van de aandeelhouder, aan SVP gevraagd hoe de directeur denkt om te gaan met de financiële gevolgen. SVP geeft aan dat er in een lopend begrotingsjaar weinig ruimte is om te besparen op geplande werkzaamheden of kosten van personeel, afschrijving of onderhoud. Veel van deze zaken staan reeds vast omdat door SVP verplichtingen zijn aangegaan. SVP heeft zich ingespannen om kostenbesparingen te realiseren zoals aangegeven in bijlage 2. Naar verwachting wordt over 2023 zo’n € 600.000 aan bedrijfskosten en inkoopkosten bespaard. Onder aftrek van deze in de bedrijfsvoering te realiseren besparingen, komen de negatieve financiële gevolgen voor het jaarresultaat van SVP daarom uit op € 6,9 mln. 3 scenario’s Ten aanzien van de dekking van het begrote verlies zijn door SVP drie scenario’s voorgelegd (bijlage 2 kopje scenario’s): 1) Onveranderd scenario zonder tariefsverhoging 2) Een verliesbeperkend scenario 3) Een maximumtarief scenario Scenario 2 en 3 betekenen beide een tariefsverhoging. Hieronder vatten wij de gevolgen van scenario 1 en 2 samen vanuit 3 perspectieven; de klanten van SVP, het bedrijf SVP en de gemeente. Gevolgen scenario 1 “onveranderd scenario”: - De klanten van SVP krijgen niet te maken met een tussentijdse aanpassing van de tarieven.

Bij dit scenario kan er in tegenstelling tot bij het verliesbeperkende scenario geen aanspraak worden gedaan op de door het Rijk voor 2023 van toepassing zijnde prijsplafond compensatieregeling wat naar verwachting een bijdrage zou opleveren. De bijdrage bedraagt naar verwachting bij toepassing van het verliesbeperkende scenario ca. € 4,2 mln. - SVP zal als gevolg van de verwachte kosten een negatief resultaat behalen dat naar verwachting €3,7 mln. zal bedragen, waardoor het eigen vermogen en solvabiliteit niet groeien volgens begroting; het herstel van de financiën na de langjarige verliezen laat hiermee langer op zich wachten. - De gemeente Purmerend zal in 2024 geen dividend ontvangen van € 700.000,- . Gevolgen scenario 2 “verliesbeperkende scenario”: Binnen dit scenario wordt het verlies over belanghebbenden verdeeld met de volgende gevolgen: - Klanten van SVP krijgen te maken met een verhoging van de tarieven in de periode aug-dec van dit jaar. Deze verhoging heeft impact voor de 11% klanten die meer verbruiken dan het prijsplafond. De mate waarin verschilt en is onder meer afhankelijk van de hoeveelheid gebruikte warmte boven het prijsplafond. In het geval van kleinzakelijke verbruikers zijn er mogelijk stichtingen of verenigingen die de kosten niet meer kunnen dragen en meer subsidie nodig hebben.

3

-

-

Van de Rijksoverheid wordt voor het verbruik dat onder het prijsplafond valt een extra subsidie van ca. € 4,2 mln. verwacht; SVP haalt een veel lager resultaat (€0,-) dan begroot (+€ 3,2 mln.) waardoor het eigen vermogen en solvabiliteit niet groeien volgens begroting; het herstel van de financiën na de langjarige verliezen laat hiermee langer op zich wachten. Zonder mitigerende maatregelen zou deze tegenvaller resulteren in een solvabiliteit van 18,6% eind 2023 waarmee we terugvallen naar het niveau van 2020. Deze daling zal in de komende jaren goed gemaakt moeten gaan worden teneinde een gezonde financiële basis te realiseren; De gemeente Purmerend zal in 2024 geen dividend ontvangen van € 700.000,-

Het grootste verschil met scenario 1 en 2 is dat de rekening in scenario 1 in zijn geheel niet voor rekening komt bij de bewoner. Het niet kiezen voor een tariefsverhoging betekent dat de volledige lasten gedekt moeten worden door SVP en dat er geen extra subsidie wordt gekregen (ca. € 4,2 mln). Het nadeel heeft impact op het jaarresultaat, eigen vermogen en (daarmee) solvabiliteit. Het afgesproken gewenste niveau van solvabiliteit (40%) wordt later gehaald. Er vanuit gaande dat deze ontstane problematiek bij SVP eenmalig is betekent dit dat het herstel van de verliezen uit het verleden langer gaat duren dan verwacht. Voor de gevolgen van scenario 3 “maximumtarief scenario” verwijzen wij naar bijlage 2. Standpunt directie SVP en RvC Aan ieder scenario kleven voor- en nadelen; zowel vanuit financieel- als maatschappelijk perspectief. De directie van SVP stelt, met instemming van de RvC, alles overwegende aan de gemeente voor om in te stemmen met het ‘verliesbeperkend’ scenario 2. De RvC heeft, in zijn rol van adviseur van de aandeelhouder, de aandeelhouder geadviseerd het door de directeur voorgestelde scenario te volgen. Kortheidshalve verwijzen wij u voor de onderbouwing van die keuzes naar de bijlagen. SVP heeft met dit scenario ingezet op een middenweg ten opzichte van het 0nveranderd scenario en het maximum tarief scenario.

Maatschappelijke impact Het college begrijpt de overwegingen vanuit de directie van SVP en de RvC ten aanzien van het aangeleverde voorkeursscenario. We leven echter in een tijd waarin verhoogde energieprijzen en inflatie invloed hebben op de portemonnee van veel inwoners. We zijn ons ervan bewust welke problemen dit kan opleveren. Als gemeente hebben we zorg voor deze inwoners. Armoede is een belangrijk thema in deze tijd en daar besteden we vanuit het college de nodige aandacht aan. Het college zet actief in op aanbod en regelingen voor inwoners, ondernemers en stichtingen of verenigingen die het financieel zwaar hebben. Er zijn allerlei regelingen die daarbij kunnen helpen. Daarnaast heeft SVP een actief beleid ten aanzien van vroegsignalering en werkt daarvoor nauw samen met het team preventie van de gemeente. Ook is SVP coulant als inwoners in de problemen komen. Echter, ondanks deze maatregelen kunnen wij niet overzien wat de gevolgen zijn van een tariefstijging voor bewoners, ondernemers en stichtingen die meer verbruiken dan het prijsplafond. De tarieven van SVP zijn dit jaar, maar ook de afgelopen jaren in verhouding tot andere warmteleveranciers relatief beperkt gestegen en zijn de laagste warmtetarieven van Nederland (2022 en 2023).

Dat is een bewuste inzet geweest van de directie van SVP om te sturen op verbetering van de financiële positie en tegelijkertijd de tarieven laag te houden. Ondanks deze ontstane situatie blijft ook

4

voor de komende jaren de intentie om te blijven sturen op zowel een gezonde onderneming als beperkte tariefsverhogingen en daarmee op het maatschappelijke belang van deze voorziening.

Perspectief van het college van B&W Door de hoge gasprijs, de onvoorziene problemen en de financiële gevolgen daarvan, is een bijzondere situatie ontstaan. De omvang van de problemen bij SVP en de daaruit voortvloeiende financiële gevolgen zijn een forse onverwachte tegenvaller. Ook is het een aanzienlijke tegenslag in de ingeslagen koers die SVP heeft om de financiële positie van het bedrijf te verbeteren. Na jaren van aanloopverliezen worden vanaf 2019 operationele winsten gemaakt en ook de meerjarenprognoses geven een positief vooruitzicht. En dat is nodig, want er is de komende jaren nog veel te investeren. De ongunstige timing van de geconstateerde problemen in combinatie met de hoge gasprijzen van de afgelopen twee jaar leiden ertoe dat de kosten onverwachts hoog uitvallen en dat SVP het gewenste solvabiliteitpercentage ongeveer drie jaar later bereikt zonder verdere maatregelen. Het bedrijfsbelang van SVP is -vanwege de taak van het bedrijf en door de verbondenheid met de gemeente- ook een maatschappelijk belang. De huidige situatie voelt dan ook wrang, maar er moeten keuzes gemaakt worden. Zowel het financiële belang van SVP en het maatschappelijke belang van onze inwoners liggen in de weegschaal. Het college is van mening dat de maatschappelijke impact te groot zal zijn om nu te kiezen voor een tussentijds tariefverhoging (scenario’s 2 en 3).

Daar speelt de ongunstige timing ook een grote rol in. Hoewel er compensatiemogelijkheden zijn, zijn die niet voor iedereen toegankelijk. Om bovenstaande redenen geeft het college de voorkeur aan scenario 1. Het college beseft zich dat dit een grote financiële tegenvaller is. Enerzijds ontvangt de gemeente incidenteel geen dividend in 2024 ter hoogte van € 700.000, dat al is opgenomen in de meerjarenbegroting. Het niet ontvangen van het dividend zal incidenteel worden verwerkt in de begroting 2024. Anderzijds heeft SVP langer nodig om het eigen vermogen op een zodanig niveau te krijgen dat er sprake is van een onderneming die in staat is in de toekomstige investeringen te voorzien. Desondanks denken wij dat dit een moeilijk maar aanvaardbaar scenario is. Zoals aan het begin van deze memo is aangegeven, bestaat ook de optie dat u de aandeelhouder meegeeft om wel te sturen op scenario 2 of 3. In dat geval, zal de SVP nog voor de raadsvergadering van 29 juni tot een tariefswijziging moeten besluiten en de klanten daar een maand voorafgaand van de daadwerkelijke effectuering daarvan moeten informeren.

Vervolg Met dit memo verzoekt het college u uw mening hierover kenbaar te maken, zodat zij deze kan meenemen in haar afweging. Na standpuntbepaling in het college bespreekt de vertegenwoordiger van de aandeelhouder dit met de directie en de RvC van SVP tijdens een ingelaste aandeelhouders vergadering. Het college zal haar definitieve standpunt ook ter informatie aan de raad sturen.

.

5

Aan College B&W Gemeente Purmerend t.a.v. wethouder Rotgans

ons kenmerk SV-18326

datum 14 april 2023

Betreft: Onvoorziene uitval deel BioWarmteCentrale Geachte heer Rotgans, Via deze brief willen wij u – in uw hoedanigheid als Aandeelhouder van SVP - op de hoogte stellen dat we de afgelopen periode onvoorziene problemen hebben gehad met de operatie van de BioWarmteCentrale (BWC). Na wat eerdere kleinere lekkages in januari, werden we medio februari geconfronteerd met een grote lekkage in de één van de vier ketels van de BWC. Deze ketel is op dat moment noodgedwongen uit operatie gehaald. Uit veiligheidsoverwegingen, ter bescherming van onze medewerkers en aannemers, hebben we besloten ook de naastgelegen ketel in hetzelfde ketelhuis uit te schakelen. Na metingen is gebleken dat de buizen van de Economizer (ECO buizen) van beide ketels een degeneratie laten zien van 60% in een periode van ca. 5/6 maanden waar dat normaliter een degeneratie van 10% in een jaar is. Dit is opmerkelijk gezien het feit dat er geen wijzigingen in de bedrijfsvoering zijn doorgevoerd ten opzichte van eerdere jaren. Inmiddels zijn ook de andere twee ketels doorgemeten en alhoewel de ECO buizen van deze ketels ook versnelde degeneratie laten zien zijn ze in betere staat dan de twee eerder genoemde ketels.

Naast de veiligheid voor onze medewerkers en medewerkers van onze aannemers heeft onze aandacht in de periode eind februari en maart vooral gelegen op het borgen van de leveringszekerheid van de warmtelevering aan onze klanten. Ondanks het relatief koude weer eind februari en begin maart hebben we steeds ruim voldoende warmtevermogen beschikbaar gehad om betrouwbaar warmte te kunnen leveren aan de klanten. Wel is daardoor veel meer inzet van de gasgestookte hulpwarmtecentrales nodig geweest dan in normale bedrijfsvoering. Er wordt momenteel hard gewerkt aan het weer operationeel krijgen van de twee ketels die de afgelopen periode hebben uitgestaan. Tegelijkertijd wordt onderzoek gedaan naar de bronoorzaak van de opgetreden problemen door middel van een systemische Bron-Oorzaak Analyse (Root-Cause-Analysis, RCA) waarbij we worden ondersteund door partijen met chemische en procestechnologische expertise .

Postbus 470 1440 AL, PURMEREND Bezoekadres: Nieuwe Gouw 20, 1442 LE PURMEREND Telefoon: 0900 – 9807 E-mail: info@svpbv.nl

Rekeningnummer:NL67INGB0005102469 K.v.K. nummer:59966505 BTW-nummer:NL8537.13.455.B01 Website: www.svpbv.nl

Aan College B&W Gemeente Purmerend t.a.v. wethouder Rotgans

ons kenmerk SV-18351

datum 1 juni 2023

Betreft: Update en voorstel rondom onvoorziene uitval deel BioWarmteCentrale Geachte heer Rotgans, Op uw verzoek en zoals door ons toegezegd in onze brief van 14 april jl. willen wij u via deze brief graag nader inzicht geven in de situatie rondom de onvoorziene uitval van (een deel van) de Biowarmtecentrale (BWC), onze inschatting van de financiële implicaties en een voorstel doen voor het nemen van mitigerende maatregelen om de impact op het financiële resultaat (enigszins) te beperken. Status BWC: Na de grote lekkage in ketel 23 medio februari heeft de focus eerst vooral gelegen op het waarborgen van de veiligheid van onze medewerkers en aannemers op de BWC en het zekerstellen van de warmtelevering aan onze klanten. Na het uitvoeren van inspecties aan alle vier de ketels van de BWC om de technische omvang van het probleem te bepalen, zijn we aan de slag gegaan met zowel de noodzakelijke reparaties van de ketels als het uitvoeren van een Root-Cause-Analysis (RCA) onderzoek om de bronoorzaak van de versnelde degeneratie te achterhalen. Reparatiewerkzaamheden en beschikbaarheid BWC: De tweede en derde trek van de ECO in ketels 23 en 24 zijn inmiddels volledig vervangen. Bij het persen (op druk brengen) van de ketels (medio mei) is echter ook een aantal lekkages in de ketelwand geconstateerd die momenteel verholpen worden.

Ketels 11 en 12 gaan in het weekend van 3 juni uit bedrijf om ook daar de tweede en derde trek ECO buizen te vervangen. Naar verwachting zijn de ketels eind juni gereed en kunnen ze weer in bedrijf. RCA-onderzoek: Inmiddels is de RCA-onderzoek in een vergevorderd stadium. De door ons ingehuurde experts van BilfingerTebodin, Chemin en (in eerdere fase) ECN hebben hun onderzoeken grotendeels uitgevoerd. Uit deze analyses blijkt een aantal factoren mee te spelen die het versneld optreden van een aantal tegelijk

Postbus 470 1440 AL, PURMEREND Bezoekadres: Nieuwe Gouw 20, 1442 LE PURMEREND Telefoon: 0900 – 9807 E-mail: info@svpbv.nl

Rekeningnummer:NL67INGB0005102469 K.v.K. nummer:59966505 BTW-nummer:NL8537.13.455.B01 Website: www.svpbv.nl

optredende vormen van corrosie (chloridecorrosie, zwavelcorrosie en mogelijk ammoniumzoutcorrosie) veroorzaken. Een belangrijke oorzaak lijkt te liggen in de droogte van de in 2022 aangeleverde houtsnippers wat diverse processen heeft geïnitieerd die de versnelde corrosie in gang hebben gezet. Uit het RCA-onderzoek volgt ook een aantal mitigerende maatregelen voor de korte en de lange(re) termijn. We zijn nu volop bezig om de korte termijn mitigerende maatregelen te implementeren die ervoor moeten zorgen dat we bij opstart van de ketels met vernieuwde ECO buizen niet wederom in hetzelfde versnelde corrosieproces terecht komen. De lange termijn maatregelen vergen een langere voorbereidingstijd en zullen op basis van een afweging op kosteneffectiviteit worden ingezet. In de bijlage bij deze brief wordt nader ingegaan op de technische achtergrond van de situatie op de BWC. Financiële implicaties: De financiële implicaties van de onvoorziene uitval van de BWC-ketels zijn grofweg uit te splitsen in (a) de benodigde kosten voor reparatie van de getroffen onderdelen van de ketels, (b) de kosten van mitigerende maatregelen om herhaling te voorkomen en (c) de meerkosten door verhoogde inzet van aardgas in de hulpwarmtecentrales. In totaal verwachten wij – met de kennis van vandaag - een negatieve financiële implicatie van ca. € 7,5 miljoen.

Het overgrote deel hiervan wordt veroorzaakt door de verhoogde inzet van (zeer duur) aardgas via de hulpwarmtecentrales. Eventuele verdere tegenvallers zijn hierin níet begrepen. De hieronder geschetste resultaten zijn dan ook een indicatie op basis van de huidige kennis en kunnen in de loop van het jaar veranderen. SVP zal u als aandeelhouder – als te doen gebruikelijk – informeren over de ontwikkelingen via de kwartaalrapportages alsook bij voorkomende incidenten tussentijds. Rekening houdend met deze negatieve impact van € 7,5 miljoen zal het begrote resultaat voor belasting van SVP dalen van € 3,2 miljoen positief naar € 4,3 miljoen negatief. Alhoewel SVP robuust genoeg is om deze financiële tegenvaller op te vangen heeft dit een aantal effecten. Voor de aandeelhouder (gemeente Purmerend) betekent dit dat de dividenduitkering over 2023 (begroot op € 700.000, uit te keren begin 2024) zal vervallen. Voor SVP betekent dit een flinke daling van het eigen vermogen en daarmee ook van de solvabiliteit van het bedrijf. Conform begroting zou de solvabiliteit eind 2023 uitkomen op 23,5 %. Zonder mitigerende maatregelen zou deze tegenvaller resulteren in een solvabiliteit van 18,6% eind 2023 waarmee we terugvallen naar het niveau van 2020. Deze daling zal in de komende jaren goed gemaakt moeten gaan worden teneinde een gezonde financiële basis te realiseren.

Het financiële nadeel betekent ook dat de liquiditeitspositie met € 7,5 mln. verslechterd. Ongeacht het gekozen mitigerende scenario (zie onderstaand) zal conform begroting en planning in oktober een nieuwe lening moeten worden aangetrokken, enerzijds ter financiering van aflossingen op bestaande leningen, anderzijds om benodigde investeringen mogelijk te blijven maken. Mitigatie financieel effect: Er is slechts een beperkt aantal mogelijkheden de financiële impact (deels) te mitigeren via enerzijds kostenbesparingen en anderzijds aanpassing van de warmtetarieven. Kostenbesparingen: Het overgrote deel van de bedrijfskosten van SVP liggen gedurende het jaar vast en zijn daarom kosten die niet of zeer beperkt zijn te beïnvloeden (zoals afschrijvingen, contracten voor onderhoud aan installaties, leidingen en afleversets, personeelskosten, e.d.). Een belangrijke andere grote kostenpost zijn de kosten voor inkoop van aardgas, houtsnippers en elektriciteit. Met zowel de leverancier van aardgas als de Postbus 470 1440 AL, PURMEREND Bezoekadres: Nieuwe Gouw 20, 1442 LE PURMEREND Telefoon: 0900 – 9807 E-mail: info@svpbv.nl

Rekeningnummer:NL67INGB0005102469 K.v.K. nummer:59966505 BTW-nummer:NL8537.13.455.B01 Website: www.svpbv.nl

leverancier van houtsnippers zijn hier gesprekken over gevoerd. De leverancier van aardgas is niet bereid de contractueel overeengekomen prijzen aan te passen. Met de leverancier van houtsnippers zijn we een (beperkte) verlaging van de inkoopprijs van houtsnippers voor het tweede halfjaar 2023 overeengekomen. In totaal verwachten we op bedrijfskosten en inkoopkosten voor houtsnippers gezamenlijk ca. € 600.000 te kunnen besparen. In onderstaande scenario’s worden deze kostenbesparingen steeds meegenomen. Warmtetarieven: Het verlies kan verder worden beperkt met een aanpassing van de warmte verkooptarieven van SVP. Het huidige warmteleveringstarief van SVP (€ 65,21/GJ) en het vastrecht (€ 591,54 per jaar) liggen flink onder het maximumtarief voor Warmte dat wordt vastgesteld door de toezichthouder ACM (€ 90,91/GJ en € 721,21 vastrecht). Daarmee zijn de tarieven van SVP in het eerste halfjaar van 2023 bovendien ruimschoots lager dan de tarieven van de andere warmtebedrijven in Nederland. Als SVP hebben we bij vaststelling van de tarieven eind vorig jaar – in overleg met u als Aandeelhouder –besloten de tarieven niet hoger vast te stellen dan noodzakelijk voor een gelijkmatige doorgroei naar het gewenste niveau van financiële robuustheid van SVP, alhoewel dat binnen de wettelijke kaders wel mogelijk was.

Op dat moment hadden we nog geen weet van de technische problemen die begin dit jaar (2023) aan het licht kwamen.

Alhoewel ongebruikelijk, is het toegestaan gedurende het jaar een tariefsaanpassing door te voeren mits de tarieven daarmee niet boven het maximumtarief uitkomen. Een eventuele tariefswijziging zou mogelijk in kunnen gaan op 1 augustus waarbij – rekening houdend met een aankondigingstermijn van 1 maand – de tariefbrieven voor 1 juli bij onze klanten moeten zijn bezorgd (per mail of post).

Postbus 470 1440 AL, PURMEREND Bezoekadres: Nieuwe Gouw 20, 1442 LE PURMEREND Telefoon: 0900 – 9807 E-mail: info@svpbv.nl

Rekeningnummer:NL67INGB0005102469 K.v.K. nummer:59966505 BTW-nummer:NL8537.13.455.B01 Website: www.svpbv.nl

In 2023 geldt een prijsplafondregeling voor het (variabele) leveringstarief die tot en met een verbruik van 37 GJ per klant de kosten voor warmteklanten maximeert op € 47,38 per geleverde GJ. Ongeveer 89% van de klanten van SVP valt onder dit prijsplafond en ondervindt daarom geen gevolgen van een eventuele verhoging van het variabele leveringstarief. Voor de overige 11% van de klanten - die meer verbruiken dan de verbruiksgrens van het prijsplafond - geldt dat zij wél een hogere rekening voor warmte zullen krijgen. Dit geldt echter alleen voor het verbruik boven 37 GJ. NB: Het vastrecht valt níet onder de prijsplafondregeling. Scenario’s: Onderstaand is een drietal scenario’s uitgewerkt voor het leveringstarief. Hierin zijn de kostenbesparingen van €600.000 die hierboven zijn beschreven reeds meegenomen. 1. Onveranderd: SVP verandert het tarief niet. Het verwachte resultaat voor belastingen zou op basis van onze huidige inschatting € 3,7 mln. negatief worden. Ten opzichte van de begroting is dit een nadelig verschil van € 6,9 mln. Het nadeel wordt opgevangen binnen SVP en heeft impact op het jaarresultaat, eigen vermogen en (daarmee) solvabiliteit. Het afgesproken gewenste niveau van solvabiliteit (40%) wordt later gehaald. Er wordt geen dividend uitgekeerd aan de aandeelhouder (gemeente Purmerend). 2.

Verliesbeperking: het leveringstarief wordt met € 21,22 per GJ verhoogd tot € 86,43/GJ. Met deze maatregel wordt koers gezet op een verwacht jaarresultaat van € 0. 3. Maximumtarief: het leveringstarief wordt verhoogd met €25,70 per GJ en gaat naar het maximumtarief van ACM (€ 90,91/GJ) en het maandelijkse vastrecht wordt verhoogd van € 49,30 naar € 60,10 per maand. Met deze maatregel wordt koers gezet op een verwacht jaarresultaat van € 2,1 mln. positief. De begrote dividenduitkering van € 700.000 zou hierdoor wel mogelijk kunnen worden.

NB: zoals onder het kopje ‘Financiële implicaties” toegelicht zijn de uitkomsten van bovenstaande scenario’s op basis van de huidige kennis en stand van zaken, eventuele verdere tegenvallers (of meevallers) zijn hierin níet begrepen en de uitkomsten kunnen dus in de loop van het jaar veranderen. Postbus 470 1440 AL, PURMEREND Bezoekadres: Nieuwe Gouw 20, 1442 LE PURMEREND Telefoon: 0900 – 9807 E-mail: info@svpbv.nl

Rekeningnummer:NL67INGB0005102469 K.v.K. nummer:59966505 BTW-nummer:NL8537.13.455.B01 Website: www.svpbv.nl

Effect op klanten: In scenario 1 “Onveranderd” is er logischerwijs geen effect (in het lopende jaar) op de tarieven voor de klanten van SVP. Dat is wel het geval in scenario’s 2 en 3. De effecten zijn weergegeven in onderstaande tabel.

Toelichting op de tabel: In de linkerkolom is de klantgroep naar verbruik ingedeeld in een groep onder de verbruiksgrens van het prijsplafond van 37 GJ en daarna in stapjes daarboven en een verzamelgroep groter dan 55 GJ. In de tweede kolom is het aantal particuliere (part.) en kleinzakelijke (Kl. Zkl.) klanten opgenomen dat op basis van hun verwachte verbruik in deze verbruikscategorie valt. In de scenario’s is de procentuele stijging van de jaarlast 2023 van een klant met het betreffende verbruik opgenomen en daarnaast de stijging van de kosten per maand voor de laatste vijf maanden van 2023 (vanaf 1 augustus derhalve). NB: hierbij is (tenzij anders vermeld met *) steeds uitgegaan van de bovengrens van de betreffende verbruikscategorie (bijv. in de groep 40-45 GJ is uitgegaan van 45 GJ). *) verhoging in Euro’s voor de laatste 5 maanden van 2023 berekend op basis van een jaarverbruik van 70GJ **) % jaarlaststijging berekend bij een jaarverbruik van 20GJ. De absolute stijging is voor de gehele klantengroep < 37 GJ gelijk, omdat het alleen de maandelijkse vastrechtstijging betreft die voor alle klanten even hoog is.

Uit de tabel is het volgende af te leiden: • In scenario 2 heeft de tariefstijging voor het overgrote deel (89%) van de klanten van SVP geen impact. Het voor 2023 door de Rijksoverheid ingestelde prijsplafond zorgt ervoor dat tot een verbruik van 37 GJ niet meer dan € 47,38 per GJ wordt betaald. Voor de klantengroep die onder deze verbruiksgrens vallen (als eerder genoemd ca. 89% van de klanten) heeft een verhoging van het leveringstarief in 2023 daarom geen impact. De kosten van de stijging van het tarief worden, tot en met een verbruik van 37 GJ per klant, gedragen door de Rijksoverheid via de prijsplafond compensatieregeling (in totaal is dit een verwachte extra subsidie van ca. € 4,2 mln.). Voor de klanten die meer verbruiken dan het prijsplafond leidt dit wél tot meerkosten voor de afgenomen GJ’s boven de verbruiksgrens. Afhankelijk van het verbruik schommelt dit tussen 2,5% en 12% meerkosten op jaarbasis. • In scenario 3 is de financiële impact voor de klanten groter vanwege de hogere stijging van het GJtarief én de stijging van het vastrecht. Bovendien zorgt de stijging van het vastrecht voor alle klantgroepen tot een stijging van de lasten van € 10,80 per maand. Het vastrecht valt namelijk níet onder de compensatie door het prijsplafond. Daardoor hebben ook klanten met een lager verbruik dan de verbruiksgrens van het prijsplafond hogere kosten.

Postbus 470 1440 AL, PURMEREND Bezoekadres: Nieuwe Gouw 20, 1442 LE PURMEREND Telefoon: 0900 – 9807 E-mail: info@svpbv.nl

Rekeningnummer:NL67INGB0005102469 K.v.K. nummer:59966505 BTW-nummer:NL8537.13.455.B01 Website: www.svpbv.nl

Bijlage: Technische achtergrond onvoorziene uitval BioWarmteCentrale (BWC) Warmtebronnen Purmerend: Het warmtenet in Purmerend wordt van warmte voorzien door middel van een in 2014 gerealiseerde BioWarmteCentrale (BWC) in combinatie met twee HulpWarmteCentrales (HWC’s) die bijspringen bij kouder weer en die dienen als backup bij uitval van andere bronnen. De BWC bestaat uit vier lijnen in twee ketelhuizen (hallen). In configuratietermen hebben we het over Ketel 11 en 12 (K11 en K12) in ketelhuis 10 en ketel 23 en 24 (K23 en K24) in ketelhuis 20. Elke lijn bestaat uit een ketel waarin de verbranding van houtsnippers plaatsvindt en waar via de ketelwand én via de zogeheten Economizer - waarin per ketel ca. 900 buizen zitten – de warmte uitwisseling van de rookgassen naar het stadsverwarmingswater plaatsvindt. Daarna passeren de rookgassen uit de ketel een doekenfilter en een scrubber om de rookgassen te reinigen en extra warmteopbrengst te realiseren.

Onverwachte uitval ketels BWC: Jaarlijks worden tijdens de zomerstop de ketellijnen geïnspecteerd en worden onderhoud en reparaties aan de ketels uitgevoerd. Hierbij worden onder meer de wanddiktes van de ECO-buizen geïnspecteerd en worden de buizen vervangen waarvan de wanddikte onder een bepaalde grens komt. Gedurende het stookseizoen zijn de ketels in bedrijf. Om de buizen te inspecteren moet de ketel uit staan, afkoelen en leeggemaakt worden, waarna de buizen kunnen worden doorgemeten door een gecertificeerde partij. De ketellijnen zijn in de zomer van 2022 onderhouden, goed bevonden en weer in bedrijf gegaan.

Postbus 470 1440 AL, PURMEREND Bezoekadres: Nieuwe Gouw 20, 1442 LE PURMEREND Telefoon: 0900 – 9807 E-mail: info@svpbv.nl

Rekeningnummer:NL67INGB0005102469 K.v.K. nummer:59966505 BTW-nummer:NL8537.13.455.B01 Website: www.svpbv.nl

Gedurende het stookseizoen 2022/2023 werden we, na wat kleinere lekkages in januari, medio februari geconfronteerd met een grote lekkage in Ketel 23 (K23) van de BWC die daarop is uitgezet. Omdat de naastgelegen ketel (K24) in hetzelfde ketelhuis ook eerdere kleine lekkages vertoonde die veel leken op de uitgevallen ketel, is besloten deze naastgelegen ketel preventief uit bedrijf te halen. Dit om te voorkomen dat, tijdens opruimwerkzaamheden bij en inspectie van de uitgevallen ketel, er een (grote) lekkage in deze ketel zou kunnen ontstaan en dit tot veiligheidsrisico’s voor de medewerkers van SVP en van aannemers zou leiden. Met behulp van de twee andere ketels (K11 en K12) in de BWC en de HWC’s is gedurende de afgelopen Dwarsdoorsnede ECO: De rookgassen gaan in drie keer door de ECO via een 1e, 2e en 3e trek maanden warmte geleverd aan de stad onder continue monitoring door de medewerkers van SVP. De leveringszekerheid is niet in het geding geweest, ondanks het relatief koude weer eind februari en begin maart. Degeneratie ECO-buizen: Na metingen door een gecertificeerde partij is gebleken dat de buizen van de Economizer (ECO buizen) van K23 en K24 laten in de tweede en derde trek een degeneratie door corrosie laten zien van 60% in een periode van ca. 5/6 maanden waar dat normaliter een degeneratie van 10% in een jaar is.

Dit is opmerkelijk gezien het feit dat er geen wijzigingen in de bedrijfsvoering zijn doorgevoerd ten opzichte van eerdere jaren. Daarna zijn ook de ECO buizen van K11 en K12 doorgemeten en alhoewel de ECO buizen van deze ketels ook versnelde degeneratie laten zien zijn ze in betere staat dan de twee eerder genoemde ketels. Bovenaanzicht ECO, wanddiktemeting ECO K23 (24 feb). Van boven naar onder 1e, 2e en 3e trek.

Lekkage ketelwand: Naast de degeneratie in de ECO buizen is er ook corrosie geconstateerd in de ketelwand boven de toog (waar de houtsnippers de ketel in komen). Wanddiktemetingen in de eerste twee ketels wijzen uit dat delen van de wanden vervangen dienen te worden. Status ketelreparaties: Van de twee ketels die als eerste zijn uitgegaan (K23 en K24) zijn inmiddels de ECO buizen in de tweede en derde trek volledig vervangen. Bij het op druk brengen van deze ketels de afgelopen weken kwamen een aantal lekkages aan het licht in de ketelwand boven de toog. In de komende weken wordt een deel van deze ketelwand van beide ketels vervangen. De beide andere ketels gaan de komende dagen uit bedrijf. Ook bij deze twee ketels zullen de volledige tweede en derde trek van de ECO worden vervangen. Tijdens deze stilstand zullen ook metingen worden verricht aan de ketelwand van deze beide ketels om de status te bepalen en eventuele reparaties te verrichten. Tot op heden hebben we in het afgelopen stookseizoen geen lekkages aan de ketelwand van deze ketels gehad. Onze verwachting is dan ook dat deze in betere staat zijn dan in de andere ketels. De verwachting is dat eind juni K23 en K24 gereed zijn en weer in bedrijf kunnen gaan. K11 en K12 volgen half juli. Postbus 470 1440 AL, PURMEREND Bezoekadres: Nieuwe Gouw 20, 1442 LE PURMEREND Telefoon: 0900 – 9807 E-mail: info@svpbv.nl

Rekeningnummer:NL67INGB0005102469 K.v.K. nummer:59966505 BTW-nummer:NL8537.13.455.B01 Website: www.svpbv.nl

RCA-Onderzoek naar de bronoorza(a)k(en) van de versnelde corrosie Teneinde de bronoorza(a)k(en) van de versnelde corrosie te achterhalen heeft SVP een aantal expertpartijen ingeschakeld, namelijk Tebodin-Bilfinger voor de Root-Cause-Analysis en ECN (in eerder stadium) en Chemin voor onderzoek naar de vorm van corrosie in de ECO-buizen. Deze onderzoeken naderen hun afronding. Uit deze onderzoeken blijkt dat er sprake is van in ieder geval twee en mogelijk drie vormen van corrosie: 1. Zwavel corrosie 2. Chloor corrosie 3. Ammoniumzout corrosie Zwavel en chloor zijn afkomstig uit de houtsnippers. De ammoniumzouten komen uit ammonia, een stof die we toevoegen aan het verbrandingsproces om de emissies van de BWC te minimaliseren (DeNOx). Een belangrijke bronoorzaak zou kunnen zijn een zeer lage gemiddelde vochtigheid van de aangeleverde houtsnippers sinds begin van de zomer 2022. Dit kan via diverse processen leiden tot effecten die de versnelde degeneratie kunnen verklaren, via een paar hoofdlijnen: Droger hout leidt tot een hogere verbrandingstemperatuur met meer NOx productie tot gevolg. Dat leidt tot meer ammonia inspuit (DeNOx) en een verhoging van ammoniaslip (ongereageerde ammonia) dat reageert met Chloride-ionen (zouten) uit het hout dat een zoutaanslag geeft op de ECO buizen en corrosie veroorzaakt (ammoniumchloride corrosie).

Daarnaast komt het overige deel van de ammoniaslip in het scrubberwater, wat leidt tot meer sulfaat in het scrubberwater dat weer wordt gebruikt in de luchtbevochtiger van de ketel. Dit wordt versterkt doordat er minder vocht (uit het hout) in het systeem komt wat tot indikking van het scrubberwater leidt. Dit extra sulfaat kan corrosie veroorzaken in de ECO's (zwavelcorrosie). Op basis van de bronoorzaak analyse is een aantal mitigerende maatregelen voor de korte en lange termijn opgesteld. Op dit moment zijn we bezig met het doorvoeren van de korte termijn – relatief snel te implementeren – maatregelen teneinde ervoor te zorgen dat bij hernieuwde ingebruikname van de BWCketels niet wederom versnelde corrosie gaat plaatsvinden. De lange termijn maatregelen vergen een langere voorbereidingstijd en zullen op basis van een afweging op kosteneffectiviteit worden ingezet.

Postbus 470 1440 AL, PURMEREND Bezoekadres: Nieuwe Gouw 20, 1442 LE PURMEREND Telefoon: 0900 – 9807 E-mail: info@svpbv.nl

Rekeningnummer:NL67INGB0005102469 K.v.K. nummer:59966505 BTW-nummer:NL8537.13.455.B01 Website: www.svpbv.nl

Aan: Van: Datum: Betre :

College van B&W Purmerend T.a.v. Wethouder H. Rotgans RVC Stadsverwarming Purmerend 2 juni 2023 Schade BioWarmteCentrale

Geacht College, geachte heer Rotgans, In de Algemene vergadering van Aandeelhouders (AvA) van 20 April hebben wij met u en de direc e van SVP gesproken over de onverwachte en forse technische problemen met de BioWarmteCentrale (BWC). Op dat moment was er nog onvoldoende inzicht in de oorzaken, de mogelijke oplossingen en dus ook niet in de financiële consequen es. Inmiddels lijkt er wel meer duidelijkheid en hee de direc e dit intensief met ons besproken. Tot onze opluch ng is er een combina e van factoren gevonden die hoogstwaarschijnlijk samen de oorzaak van het probleem vormen en dat er dus ook een oplossingsrich ng is gevonden die er waarschijnlijk voor zal zorgen dat de BWC nog vele jaren goed kan draaien. Maar, zoals al eerder aangekondigd, dit levert wel een forse financiële tegenvaller op. De direc e hee dit nu op basis van alle externe rapporten en verzamelde informa e geraamd op € 7,5 miljoen. Dit wordt voor het overgrote deel veroorzaakt door het veel meer verstoken van gas i.p.v. biomassa (bij de huidige hoge gasinkoopprijzen). Een enorme tegenvaller, terwijl het bedrijf net een paar jaar mooie posi eve cijfers kon laten zien. De direc e hee ons en u een aantal scenario’s geschetst hoe het bedrijf op deze tegenvaller zou kunnen reageren. Wij hebben die scenario’s uitvoerig met hen besproken.

Daarbij zijn de belangen van het bedrijf, maar ook die van de bewoners en van de gemeente als aandeelhouder meegenomen. Alles afwegende adviseren wij het College om het tweede scenario (‘verliesbeperking’) over te nemen en daarmee steunen we dus ook het voorstel van de direc e. Wij denken dat dit scenario zo goed mogelijk tegemoetkomt aan de belangen van het bedrijf (con nuïteit en solvabiliteit) met een zo min mogelijke belas ng voor de klanten. Daarbij helpt de prijsplafond-regeling van de Rijksoverheid om een groot deel van de meerkosten van de meesten van de klanten op te vangen. Wél willen wij u er op wijzen dat ook de andere scenario’s mogelijk zijn en niet direct tot discon nuïteit zullen lijden. Echter bij het scenario ‘onveranderd’ komen alle kosten volledig bij SVP (en indirect dus bij haar aandeelhouder). Het volledige verlies moet dan in de komende jaren goed gemaakt moeten worden om de gewenste financiële robuustheid van het bedrijf niet in gevaar te brengen. En bij het scenario ‘maximumtarieven’ komt een veel groter deel van de kosten bij de klanten terecht. Vandaar dat wij denken dat het scenario ‘verliesbeperking’ de beste keuze is om deze tegenvaller op te vangen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12838653/2