l-bestemmingsplan-koggenland-luitje-broekemastraat-2024-bijlagen
Tekst van het document
Bestemmingsplan
Koggenland - Luitje Broekemastraat 2024 Vastgesteld
Inhoudsopgave Bijlagen bij toelichting
4
Bijlage 1
Boom Effect Analyse 2020
5
Bijlage 2
Boom Effect Analyse 2023
33
Bijlage 3
Archeologisch bureauonderzoek
62
Bijlage 4
Bezonningsstudie Koggenland
96
Bijlage 5
Bezonningsstudie Luitje Broekemastraat
103
Bijlage 6
Verkennend bodemonderzoek
110
Bijlage 7
Akoestisch onderzoek
187
Bijlage 8
Notitie natuurwetgeving
235
Bijlage 9
Onderzoek stikstofdepositie
247
Bijlage 10 Aeriusberekening gebruiksfase
279
Bijlage 11 Aeriusberekening realisatiefase
287
Bijlage 12 Parkeerdrukonderzoek
297
Bijlage 13 Basisveiligheidsniveau klimaatbestendige nieuwbouw 3.0
317
Bijlage 14 Intentieovereenkomst klimaatbestendige nieuwbouw MRA en Noord-Holland
353
Bestemmingsplan "Koggenland - Luitje Broekemastraat 2024" (vastgesteld)
Bijlagen bij toelichting
4
Bijlage 1 Boom Effect Analyse 2020
Boom Effect Analyse ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
In opdracht van Gemeente Purmerend
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
In opdracht van: Naam Contactpersoon Postadres Postcode + plaats Projectstatus
: Gemeente Purmerend : : Postbus 15 : 1440 AA Purmerend : Voorlopig ontwerp (VO)
Datum rapport Onderzoeker Opgesteld door Gecontroleerd door Opnamedatum BEA Status Versie
: 6 maart 2020 : : : : 5 maart 2020 : Definitief : 1.0
Smit Groenadvies BV Adres Telefoonnummer E-mail Internet
: Zijperweg 5 1742 NE Schagen 06 22 39 29 50 : ben@smitgroenadvies.nl : www.smitgroenadvies.nl
2|3
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
Inhoud 1
INLEIDING
4
1.1 1.2
5 6
De onderzoeksvraag Leeswijzer
2
CONCLUSIE
7
3
ADVIES
9
4
DE WERKZAAMHEDEN
10
4.1 4.2
10 10
5
6
7
De geplande werkzaamheden Invloed van de werkzaamheden op de boom
DE TOEGEPASTE ONDERZOEKSMETHODE
11
5.1 5.2 5.3 5.4
11 12 12 13
Inventarisatie en conditiebepaling van de boom Visuele controle op gebreken Beoordeling van de groeiplaats boven- en ondergronds Toekomstverwachting
ONDERZOEKSRESULTATEN
14
6.1 6.2
14 15
Inventarisatie van de bomen en visuele controle Groeiplaatsonderzoek
ANALYSE
20
BIJLAGE 1 FOTO’S
22
BIJLAGE 2 SITUATIESCHETSEN
24
BIJLAGE 3 WERKEN ROND BOMEN
27
3|3
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
1
Inleiding
De Gemeente Purmerend heeft Smit Groenadvies verzocht een Boom Effect Analyse (BEA) te maken voor de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat. Op deze twee locaties staan nu panden die gesloopt gaan worden en waar nieuwbouw plaats zal vinden inclusief nieuwe inrichting van het terrein. Bij de locatie Luitje Broekemastraat zijn twee varianten uitgewerkt, waarbij variant 1 de voorkeur heeft van de gemeente. De locatie Koggenland en de twee varianten van locatie Luitje Broekemastraat zijn te zien in afbeelding 1, 2 en 3.
Afbeelding 1; locatie Koggenland
Afbeelding 2; locatie Luitje Broekemastraat variant 1
4|4
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
Afbeelding 3; locatie Luitje Broekemastraat variant 2
1.1
De onderzoeksvraag
Op de locaties staan bomen, nr 1 t/m 21 en 26 t/m 30 zijn allen Ulmus ‘Plantijn’ die horen tot de gemeentelijke bomenstructuur. Boomnummers 22, 23, 24 en 25 horen niet tot de bomenstructuur en dit zijn verschillende soorten die in hoofdstuk 6.1 worden behandeld en benoemd. Ter illustratie is hieronder een afbeelding toegevoegd met de bij behorende boomnummers in de huidige situatie.
Afbeelding 4; beide locaties met de boomnummers 5|5
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
Onderzoeksvragen: • • •
Wat is de minimale afstand van de werkzaamheden tot de bomen zodat er geen schade ontstaat. Wat is het effect van de twee varianten op de bomen. Een algemene waardering van de bomen/groenstrook ter hoogte van locatie 22, 23, 24 en 25.
Deelvragen locatie Luitje Broekemastraat, variant 1 en 2 • • •
Wat is de minimale afstand tot boom 6 en 7 , boom 5 wordt gekapt. Kan het gebouw zuidelijker geplaatst worden richting boom 6, 7 en 8? Kan het gebouw westelijker geplaatst worden richting boom 1, 2, 3 en 4?
Deelvragen locatie Koggenland • • •
Wat is de minimale afstand tot boom 9, 10 en 11? Wat zijn de effecten van de parkeerplaatsen tussen boom 13, 14, 15, 16 en 17? Wat is de minimale afstand tot boom 19, 20 en 21?
Bij deze onderzoeksvragen worden de bomen beoordeeld of deze duurzaam te handhaven zijn. Ook wordt het effect van bouwwerkzaamheden ten opzichte van huidige toekomstverwachting hierin meegenomen. De huidige toekomstverwachting mag niet verminderen met de bouwwerkzaamheden. 1.2
Leeswijzer
In hoofdstuk 2 is de conclusie te vinden met in hoofdstuk 3 een advies. Hoofdstuk 4 beschrijft de werkzaamheden en de invloed daarvan op de boom. De onderzoeksmethodes zijn beschreven in hoofdstuk 5 met de resultaten in hoofdstuk 6. Tenslotte leest u in hoofdstuk 7 de analyse van de onderzoeksresultaten.
6|6
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
2
Conclusie
Uit de resultaten van het onderzoek is de volgende conclusie te trekken. De minimale afstanden zijn weergegeven in de afbeelding 5 hieronder. boomnummer minimale afstand cm 1 325 2 325 3 325 4 325 5 wordt gekapt 6 325 7 340 8 340 9 340 10 340 11 340 12 wordt gekapt 13 250 14 250 15 230
boomnummer minimale afstand cm 16 230 17 230 18 niet aanwezig 19 340 20 340 21 340 22 nvt 23 nvt 24 nvt 25 nvt 26 340 27 340 28 340 29 340 30 340
Afbeelding 5; de minimale afstanden van hart boom tot aan bebouwing/bestrating
Dan blijven de volgende vragen nog over: Locatie Luitje Broekemastraat • • •
Kan het gebouw zuidelijker geplaatst worden richting bomen 6, 7 en 8? Kan het gebouw westelijker geplaatst worden richting bomen 1, 2, 3 en 4? Wat is het effect van de twee varianten op de bomen.
De bovenstaande vragen worden beantwoord per variant. Variant 1; Het gebouw en het terrein kan hier 30 cm zuidelijker worden geplaatst. Naar het westen toe is het niet mogelijk. Bij Variant 1 is het zelfs nodig om het gebouw en de terreininrichting op te schuiven naar het oosten toe. Er is aangegeven door de gemeente dat opschuiven naar het oosten niet de voorkeur heeft. Variant 2; Het gebouw en het terrein is 150 cm op te schuiven in zuidelijke richting. Hierdoor zal er genoeg ruimte ontstaan voor een voetpad aan de noordzijde van het gebouw. Ook is het mogelijk om het terrein naar het westen op te schuiven. Wel moet men hier het ‘langs’ parkeren zodanig situeren dat wel de minimale afstand tot de bomen wordt gehandhaafd. Locatie Koggenland • • •
Wat is de minimale afstand tot boom 9, 10 en 11? Wat zijn de effecten van de parkeerplaatsen tussen boom 13, 14, 15, 16 en 17? Wat is de minimale afstand tot boom 19, 20 en 21?
De minimale afstanden zijn weergegeven in afbeelding 5, hierboven. De effecten van de parkeerplaatsen tussen bomen 13 en 14 is als volgt. Bij deze bomen hebben niet alleen de parkeerplaatsen invloed maar ook de aanleg van de toegangsweg aan de zuidzijde van de bomen 13 en 14. Hierdoor is er meer wortelverlies dan wenselijk. Bij boom 13, 14 zijn de parkeerplaatsen niet uit te voeren; er zal teveel wortelverlies optreden en er is geen mogelijkheid voor compensatiemogelijkheden (groeiruimte). Het wortelverlies zal hier rond de 15-25% zijn. Bij de parkeerplaatsen tussen bomen 15 en 16 heeft ook de toegangsweg aan de zuidzijde van de bomen 15 en 16 invloed. Hierdoor zal er ook meer wortelverlies zijn. De bomen 15 en 16 staan geheel in het zand. Doordat het zand 7|7
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
weinig tot geen voeding bevat en vocht slecht kan vasthouden, wortelen de bomen hier erg oppervlakkig. Bij boom 15 wordt de parkeerplaats op 150 cm vanaf de boom gesitueerd. Hierdoor zal er teveel wortelverlies optreden. Om het wortelverlies te minimaliseren is de minimale afstand 230 cm bij bomen 15 en 16. De parkeerplaatsen kunnen gerealiseerd worden, alleen moeten deze opschuiven richting boom 16. Boom 17 heeft alleen wortelverlies bij de aanleg van de toegangsweg. Hierdoor is het wortelverlies minimaal, wel een enkele dikkere wortel (max 5 cm doorsnede) zal worden verwijderd. Minimale afstand is hier 230 cm. Bij bomen 19, 20, 21, 29 en 30 is minimale afstand 340 cm. Hierdoor zal het wortelverlies maximaal 10% zijn. Als deze afstand kleiner wordt zal er teveel wortelverlies zijn: >15%. Hier zal de keuze gemaakt moeten worden om (3) parkeerplaatsen te laten vervallen bij boom 29. Eventueel is het mogelijk om de parkeerplaatsen op te schuiven. Algemene waardering groenstrook bij bomen 22, 23, 24 en 25. Aangezien de bomen hier op einde levensduur komen, er flink gesnoeid moet worden en er meerdere risico bomen staan, is het advies om deze allemaal de kappen en op te rooien. De bomen hebben een achterstallig of verwaarloosd boombeeld. Er zijn dode bomen, bomen met rotting, bastbeschadiging en dood hout. Meerdere bomen hebben door de meerstammigheid aanhechtingsproblemen.
Deze zijn kwetsbaar waardoor stammen kunnen uitbreken.
8|8
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
3
Advies
Locatie Luitje Broekemastraat Het advies is om de minimale afstanden aan te houden zoals is weergegeven in afbeelding 5. Hierbij zal de stabiliteit van de boom worden behouden en is het wortelverlies minimaal. De gemeente heeft aangegeven dat variant 1 de voorkeur heeft. Het advies is te kiezen voor variant 2 vanwege de minimale afstanden en het nog kunnen schuiven met het terrein in zuidelijke richting, rekening houdend met de resultaten uit deze Boom Effect Analyse. Locatie Koggenland Zoals ook bij locatie Luitje Broekemastraat is aangegeven, is het advies om de minimale afstanden van afbeelding 5 aan te houden. De parkeerplaatsen tussen bomen 13 en 14 kunnen niet worden aangelegd. Er is bij deze bomen teveel wortelverlies. Doordat bomen 15, 16 en 17 in een stoep staan, zijn ze aangeplant in het zand. Er is bij deze bomen weinig tot geen voeding en geen grond met een goede organische stof gehalte van ongeveer 8%. Door dit tekort blijven de bomen achter in ontwikkeling. Dit is goed te zien in vergelijking met de andere iepen op deze locatie. Het advies is om te kijken of deze bomen gekapt kunnen worden. Door de slechte groeiplaatsen zullen de bomen nooit volledig volgroeide volwassen bomen worden. Daarnaast zullen de bomen qua gezondheid eerder problemen krijgen.
Als deze bomen gekapt worden, is er de mogelijkheid om deze groeiplaatsen goed aan te pakken met een goede bomengrond in plaats van zand. Dan is het mogelijk de parkeerplaatsen tussen bomen 15 en 16 goed te verdelen, en eventueel is er de mogelijkheid om tussen bomen 16 en 17 parkeerplaatsen te realiseren. Bij bomen 29 en 30 is het niet mogelijk om de parkeerplaatsen aan te leggen. Hiervoor zal deze rij parkeerplaatsen moeten opschuiven of er zullen drie parkeerplaatsen komen te vervallen. Algemene waardering groenstrook bij bomen 22, 23, 24 en 25. Aangezien de bomen hier op einde levensduur komen, er flink gesnoeid moet worden en er meerdere risico bomen staan, is het advies om deze allemaal de kappen en op te rooien. Wel is het advies om een herplant doen, waarbij de lijn van de boomstructuur boom 19, 20 en 21 richting het noorden wordt verlengt. Wel moet er gekeken worden of aanplant van iepen gewenst is, en anders een andere cultivar dan die er nu staat in verband met aantasting door ziektes te beperken en eventueel de diversiteit te verhogen. Ook is er het advies om vooraf aan de werkzaamheden aan de locatie Luitje Broekemastraat en Koggenland de bomen te snoeien. Hierdoor zal de kroon kleiner worden, waardoor er minder verdamping zal optreden, waardoor de bomen de wortelschade beter overleven.
Ook zal er rekening mee gehouden moeten worden dat er niks mag worden opgeslagen van materiaal en materieel in de kroonprojectie van de bomen om onder andere verdichting tegen te gaan. Dit is ook nog eens aangegeven in bijlage 3, werken rond bomen.
9|9
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
4
De werkzaamheden
4.1
De geplande werkzaamheden
Op twee locaties staan nu panden die gesloopt gaan worden en daarna zal nieuwbouw plaatsvinden inclusief nieuwe inrichting van het terrein. Daarbij worden er toegangswegen en parkeerplaatsen aangelegd. Ook zal er op het werkterrein opslag zijn van materialen. De geplande werkzaamheden, bouw en terreininrichting, zijn te zien in afbeelding 1, 2 en 3. 4.2
Invloed van de werkzaamheden op de boom
De toekomstverwachting van de bomen kan ernstig verstoord worden door de werkzaamheden die uitgevoerd gaan worden. Hieronder vindt u een opsomming wat de gevolgen kunnen zijn. Schade bovengronds Door de inzet van zwaar materieel en het werken in korte nabijheid van de bomen is er een verhoogde kans op stam- en/of kroonbeschadiging. Schade ondergronds Tijdens de uitvoering van de werkzaamheden ontstaat er wortelverlies als gevolg van de graafwerkzaamheden. Tevens bestaat er een groot risico op bodemverdichting van de groeiplaats door inzet van zwaar materieel. Daarnaast kan er indirect wortelschade/sterfte ontstaan door een verstoorde uitwisseling van bodemgassen met de buitenlucht als gevolg van opslag van materiaal en materieel. Onder het begrip wortelschade wordt zowel schade aan de opnamewortels verstaan alsmede schade aan de stabiliteitswortels. De opnamewortels zorgen, zoals de naam al zegt, voor de opname van de voedingsstoffen en vocht vanuit de bodem. Met stabiliteitswortels worden de wortels bedoelt die zorgen voor de stabiliteit van de boom, oftewel dat de boom stevig staat. Bij vermelding van schade gaan we uit van percentages. Deze worden weergegeven ten opzichte van het geheel. Voor de opname- en stabiliteitswortels zal dit apart benoemd worden.
Voor het percentage schade aan de beworteling zijn onderstaande richtlijnen opgesteld: • Tot 10% verlies is acceptabel bij een goede groeiontwikkeling; • Bij 10-20% wortelschade is compensatie gewenst; • Bij 20-40% wortelverlies is individuele afweging noodzakelijk; • Bij meer dan 40% wortelverlies van de stabiliteitswortels (>5cm diameter) is er sprake van acute instabiliteit. In de regel heeft een boom 3 jaar nodig om het wortelverlies te compenseren als de doorwortelbare ruimte hiervoor toereikend zijn.
10 | 10
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
5
De toegepaste onderzoeksmethode
Er zijn verschillende stappen ondernomen voor deze Boom Effect Analyse: • Inventarisatie en conditiebepaling van de bomen. • Visuele controle op symptomen van verzwakking. • Toekomstverwachting. • Beoordeling van de groeiplaats. In hoofdstuk 5.1 t/m 5.4 worden de verschillende onderzoeksmethoden toegelicht. 5.1
Inventarisatie en conditiebepaling van de boom
Bij de inventarisatie en conditiebepaling is bepaald welke boom aanwezig is en wordt bepaald wat de conditie hiervan is. Inventarisatie Het gaat hierbij bijvoorbeeld om soort, grootte en locatie. Naast deze vaste gegevens worden ook variabele gegevens opgenomen, als stamomtrek en kroon afmeting. Conditiebepaling De conditiebepaling is een momentopname van de verschijningsvorm van de boom. Bij de conditiebepaling wordt er gebruik gemaakt van de conditiebepaling van Roloff. Roloff beschrijft met name de verandering van het vertakkingspatroon bij afname van de conditie. Bij de conditiebepaling van de bomen is gebruik gemaakt van 4 classificaties, te weten; goed(0), redelijk(1), matig(2) en slecht(3). In afbeelding 6 is de conditiebepaling volgens de methodiek van Prof. Dr A. Roloff toegelicht.
Afbeelding 6; conditiebepaling volgens Prof. Dr A. Roloff
11 | 11
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
5.2
Visuele controle op gebreken
VTA methode De boomveiligheidscontrole is uitgevoerd met behulp van de VTA methode. De afkorting VTA staat voor Visual Tree Assessment. Bij deze visuele beoordeling van de bomen, wordt gericht gekeken naar de bouw en het groeigedrag van de boom. Het breukrisico wordt beoordeeld door te kijken naar de stam, stamvoet, takaanzetten, kroonopbouw en aanwezigheid van zwammen. Bij de conclusie wordt de boom ingedeeld in één van de volgende categorieën: Zonder gebrek
Een boom wordt goedgekeurd als er geen symptomen bij een boom worden aangetroffen die op een defect wijzen.
Attentieboom
Bomen waarbij wel een symptoom gevonden wordt, maar waarvan duidelijk is dat deze op het moment van controle geen verhoogd risico veroorzaakt, worden als attentieboom aangeduid.
Risicoboom
Bomen waarbij een symptoom gevonden wordt die een verhoogd risico veroorzaakt en bomen waarbij een symptoom gevonden wordt waarvan op het moment van controle niet kan worden aangegeven of het een verhoogd risico veroorzaakt, worden aangemerkt als zijnde risicoboom.
Afgekeurd
Bomen waarvan op het moment van de controle duidelijk is dat zij een verhoogd risico veroorzaken, worden aangemerkt als afgekeurd. Vanuit het oogpunt van veiligheid dienen deze bomen verwijderd te worden.
5.3
Beoordeling van de groeiplaats boven- en ondergronds
De groeiplaats is visueel beoordeeld waarbij is opgelet op de bovengrondse ruimte. Verder zijn er proefsleuven gemaakt en grondboringen gedaan. Dit om de ondergrondse groeiplaats te beoordelen. Hierbij wordt ook de beworteling van de bomen bekeken en beoordeeld. De locatie van de proefsleuven en de grondboringen zijn weergegeven bij de resultaten van het groeiplaats onderzoek in hoofdstuk 6.2. Hieronder in afbeelding 7 staan de verhouding van de stamdiameter(in cm) tot de diameterwortelkluit(in meters). Deze verhoudingen houdt men aan om zodoende te kunnen garanderen dat de boom niet instabiel wordt. Wel is de kluitdiameter ook afhankelijk van hoe groot de kroon is ten opzichte van de stamdiameter van de stam.
Afbeelding 7; verhouding stamdiameter ten opzichte van de wortelkluit om een stabiele boom te houden 12 | 12
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
5.4
Toekomstverwachting
De toekomstverwachting wordt bepaald door de leeftijd, conditie, mechanische gebreken, groeiplaatsomstandigheden en in dit geval door de herinrichtingsplannen. Bij de uitslag wordt de boom ingedeeld in één van de volgende categorieën: Goed
Toekomstverwachting van minimaal 15 jaar en meer actieve groei.
Redelijk
Toekomstverwachting van 10 tot 15 jaar actieve groei.
Matig
Toekomstverwachting van 5 tot 10 jaar actieve groei.
Slecht
Toekomstverwachting van 0 tot 5 jaar actieve groei.
13 | 13
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
6
Onderzoeksresultaten
Zoals beschreven in hoofdstuk 5 zijn de onderzoeken uitgevoerd. Deze zijn opgedeeld in het bovengrondse- en ondergrondse gedeelte. De resultaten hiervan zijn hieronder te vinden. 6.1
Inventarisatie van de bomen en visuele controle
Voor het onderzoek heb ik gebruik gemaakt van de nummering die aangegeven is door de opdrachtgever. Deze is overgenomen op een nieuwe kaart zoals hieronder te zien is in afbeelding 8. De opdrachtgever had in eerste instantie genummerd tot boom 25. In overleg zijn boomnummers 26, 27, 28, 29 en 30 extra toegevoegd.
Afbeelding 8; de twee locaties met de boomnummers
In afbeelding 9, op de volgende pagina, zijn de gegevens van de bomen te vinden. Het gaat hier om boomnummers 1 t/m 21 en 26 t/m 30. Boomnummers 22 t/m 25 worden hieronder apart behandeld. Algemene waardebepaling van de beplanting aangeduid met nummer 22, 23, 24 en 25. De boomvormers zijn hier rond de 30 jaar oud. Ze hebben een hoogte tussen de 6 en 12 meter, met een diameter van 30-50 centimeter. De bomen bestaan voornamelijk uit Acer campestre (veldesdoorn) en een enkele Alnus glutinosa (els). Hier tussen staat een onderbeplanting van Crataegus monogyna (éénstijlige meidoorn), Sambucus nigra (gewone vlier) en Cornus (kornoelje). De meeste bomen zijn meerstammig. Door deze meerstammigheid kan de aanhechting kwetsbaar zijn en een probleem veroorzaken voor een duurzame levensduur. De aanwezig bomen worden gekwalificeerd als risicoboom. Er zijn afgestorven bomen aanwezig, bomen met dood hout en bomen met rotte plekken, inrotting en beschadiging van de bast. Ook is er een veelal achterstallige of zelfs verwaarloosd boombeeld doordat er nauwelijks gesnoeid is.
14 | 14
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend Boomnummer Conditie Toekomstverwachting Stamdiameter cm Hoogte Opkroonhoogte cm Kroonbreedte N-Z m Kroonbreedte O-W m Gebreken
1 Goed > 15 jaar 55 12-18 meter 400 12,50 14,50 wortel opdruk attentie boom
2 Goed > 15 jaar 55 12-18 meter 420 13,00 14,00 wortel opdruk attentie boom
3 Goed > 15 jaar 53 12-18 meter 420 12,30 13,00 wortel opdruk attentie boom
4 Goed > 15 jaar 52 12-18 meter 430 13,30 12,50 wortel opdruk attentie boom
Boomnummer Conditie Toekomstverwachting Stamdiameter cm Hoogte Opkroonhoogte cm Kroonbreedte N-Z m Kroonbreedte O-W m Gebreken
8 Goed > 15 jaar 60 12-18 meter 430 13,60 11,90
9 Goed > 15 jaar 55 12-18 meter 3,9 12,30 13,60
10 Goed > 15 jaar 42 12-18 meter 420 9,20 10,90
11 Goed > 15 jaar 55 12-18 meter 400 11,70 13,60
Conclusie
zonder gebrek
zonder gebrek
zonder gebrek
zonder gebrek
Boomnummer Conditie Toekomstverwachting Stamdiameter cm Hoogte Opkroonhoogte cm Kroonbreedte N-Z m Kroonbreedte O-W m Gebreken
15 Goed > 15 jaar 26 6-12 meter 310 6,40 6,00 wortel opdruk attentie boom
16 Goed 5-15 jaar 28 6-12 meter 400 6,50 6,20
18 niet aanwezig
zonder gebrek
17 Goed > 15 jaar 36 6-12 meter 400 6,90 6,60 wortel opdruk attentie boom
Boomnummer Conditie Toekomstverwachting Stamdiameter cm Hoogte Opkroonhoogte cm Kroonbreedte N-Z m Kroonbreedte O-W m Gebreken
26 Goed > 15 jaar 50 12-18 meter 400 12,40 14,70
27 Goed > 15 jaar 50 12-18 meter 420 10,40 12,10
Conclusie
zonder gebrek
zonder gebrek
Conclusie
Conclusie
6 Goed > 15 jaar 39 12-18 meter 420 11,50 7,60
7 Goed > 15 jaar 56 12-18 meter 450 13,20 10,80
zonder gebrek
zonder gebrek
13 Goed > 15 jaar 43 12-18 meter 340 9,30 9,60
14 Goed 5-15 jaar 47 6-12 meter 400 11,60 8,60
zonder gebrek
zonder gebrek
19 Goed > 15 jaar 47 12-18 meter 400 10,00 9,50
20 Goed > 15 jaar 48 12-18 meter 420 9,40 9,80
zonder gebrek
zonder gebrek
zonder gebrek
21 Goed > 15 jaar 46 12-18 meter 400 10,20 8,80 beschadiging stamvoet attentie boom
28 Goed > 15 jaar 53 12-18 meter 390 12,50 13,20
29 Goed > 15 jaar 46 12-18 meter 380 10,30 10,40
30 Goed > 15 jaar 46 12-18 meter 360 10,10 13,30
zonder gebrek
zonder gebrek
zonder gebrek
Kap
Kap
5
12
Afbeelding 9; onderzoeksresultaten bovengronds onderzoek
6.2
Groeiplaatsonderzoek
De opdrachtgever heeft tekeningen aangeleverd met de afstanden van hart boom tot aan de toegangsweg of parkeerplaatsen. Middels deze tekeningen zijn tijdens het veldwerk de bestratingslijnen uitgezet en deze lijnen zijn gebruikt om te beoordelen of de bestrating schadelijk zou zijn voor de boom. Indien dit het geval is, is beoordeeld hoever de bestrating opgeschoven moeten worden. Op afbeelding 10 en 11 zijn de locaties aangegeven waar grondboringen zijn gedaan. Veelal is op de zelfde locatie ook een proefsleuf gegraven. In afbeelding 12, 13 en 14 zijn de resultaten van de grondboringen en proefsleuven weergegeven. 15 | 15
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
Afbeelding 10; grondboringen en proefsleuven locatie Koggenland (A t/m N), inclusief boomnummers
Afbeelding 11; grondboringen locatie Luitje Broekemastraat (O t/m T), inclusief boomnummers
Op de volgende pagina zijn te zien de bijbehorende resultaten van de grondboringen. Dit zijn afbeelding 12, 13 en 14.
16 | 16
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
Gemeente:
Locatie:
Boring A
0 - 10
10 - 20
20 - 30
30 - 40 40 - 50 50 - 60 60 - 70 70 - 80
Groeiplaatsonderzoek
Purmerend
Grondwaterstand op 90 cm
Luitje Broekemastraat en Koggenland
overig
lichte zavel
goede
veldvochtig
5-8%
reductie
0 - 10
zien op 40
20 - 30
lichte klei
zware klei
beworteling,
wortels 0,1-2
2,5-5%
cm
lichte
beworteling, wortels 0,1-
vochtig-nat
2,5-5%
tegel en
straatzand
30 - 40
lichte klei
70 - 80
zware klei
lichte klei
40 - 50
zware klei
50 - 60 60 - 70
beworteling,
80 - 90
30 - 40 40 - 50 50 - 60 60 - 70
80 - 90
zien op 40
20 - 30
cm onder
10 - 20
30 - 40
vocht
org. stof
overig
veldvochtig
0-2,5%
reductie
0 - 10
zien op 30
20 - 30
80 - 90
90 - 100
100 - 110 110 - 120
reductie
10 - 20
2,5-5%
vochtig-nat
2,5-5%
50 - 60 60 - 70 70 - 80
80 - 90
90 - 100
100 - 110 110 - 120
cm onder
maaiveld. Na 90 cm
boring niet
naar boven
te halen
beworteling
vocht
org. stof
goede
veldvochtig
0-2,5%
beworteling,
wortels 0,1-5 cm goede
8-12%
wortels 0,1-1 cm
2,5-5%
beworteling,
overig
onbekend
hoe dik de beton/puin laag is
Grondwaterstand op 70 cm profiel
beworteling
vocht
org. stof
overig
tegel en
goede
veldvochtig
0-2,5%
reductie
straatzand
30 - 40 40 - 50
kleuren te
zien op 40
cm
110 - 120
beworteling
maaiveld
5-8%
100 - 110
goede
70 - 80
zware zavel
beton/puin
90 - 100
tegel en
vochtig-nat
straatzand
80 - 90
profiel
geen
tegel en
te halen
cm onder
veldvochtig
Grondwaterstand niet gevonden i.v.m. beton/puinlaag
zware klei
70 - 80
Boring H
cm
overig
nattigheid
60 - 70
kleuren te
org. stof
door de
boring niet
Grondwaterstand op 70 cm
vocht
wortels 0,1-2
profiel
maaiveld. Na 40 - 50 50 - 60 80 cm naar boven
wortels 0,1-5
maaiveld. Na
naar boven
110 - 120
5-8%
kleuren te
nattigheid
beworteling,
cm onder
boring niet
100 - 110
overig
door de
straatzand
zien op 30
90 cm
90 - 100
reductie
110 - 120
20 - 30
te halen
naar boven
0 - 10
2,5-5%
beworteling,
zware klei
60 - 70
beworteling
lichte zavel goede
70 - 80
boring niet
5-8%
beworteling,
2,5-5%
cm
kleuren te
Grondwaterstand op 100 cm (geschat)
lichte klei
org. stof
100 - 110
10 - 20
30 - 40
veldvochtig
90 - 100
0 - 10
10 - 20
vocht
goede
wortels 0,1-2
door de
profiel
Boring F
wortels 0,1-2 cm
reductie
vochtig-nat
maaiveld. Na 40 - 50 50 - 60 110 cm
door de
wortels 0,1-1 vochtig-nat cm
70 - 80
Boring G
cm onder
Grondwaterstand op 70 cm
20 - 30
30 - 40
kleuren te
nattigheid
beworteling
5-8%
nattigheid
20 - 30
zware zavel goede
veldvochtig
beworteling,
110 - 120
zien op 30
0 - 10
goede
100 - 110
0 - 10
110 - 120
overig
90 - 100
reductie
100 - 110
org. stof
te halen
0-2,5%
0-2,5%
vocht
80 - 90
veldvochtig
cm
beworteling
70 - 80
geen
wortels 0,1-2
zware klei
B. Bankras
te halen
naar boven
overig
beworteling,
lichte klei
Onderzoeker:
60 - 70
org. stof
2,5-5%
Grondwaterstand op 90 cm
boring niet
vocht
90 - 100
10 - 20
30 - 40
Boring D
vochtig-nat
profiel
10 - 20
maaiveld. Na 40 - 50 50 - 60 90 cm
door de
goede
5-3-2020 profiel
beworteling
80 - 90
Boring E
cm onder
Grondwaterstand op 100 cm
10 - 20
60 - 70
kleuren te
nattigheid
profiel
50 - 60
Boring B
org. stof
110 - 120
40 - 50
Goed
vocht
100 - 110
20 - 30
Datum:
beworteling
90 - 100
0 - 10
Ulmus 'Plantijn'
Conditie:
profiel
80 - 90
Boring C
Boomsoort:
beworteling,
wortels 0,1-2
zien op 30
cm
lichte klei
goede
beworteling,
wortels 0,1-1 cm
kleuren te cm onder
vochtig-nat
2,5-5%
maaiveld. Na 100 cm
boring niet
naar boven
te halen door de
nattigheid
Afbeelding 12; resultaten grondboring-proefsleuven A t/m H
17 | 17
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend Boring I
Grondwaterstand op 70 cm profiel
0 - 10
10 - 20
20 - 30
tegel en
straatzand
30 - 40 40 - 50 50 - 60 60 - 70
beworteling goede
beworteling,
Boring J vocht veldvochtig
org. stof 0-2,5%
wortels 0,1-2 cm
lichte klei
70 - 80
goede
beworteling,
90 - 100
vochtig-nat
2,5-5%
10 - 20
te halen
80 - 90
vocht
org. stof
overig
veldvochtig
5-8%
reductie
0 - 10
zien op 40
20 - 30
cm
zand
cm onder maaiveld
geen
10 - 20
30 - 40 40 - 50 50 - 60
80 - 90
90 - 100
100 - 110
110 - 120
Grondwaterstand op 80 cm
Boring N
profiel
beworteling
vocht
org. stof
overig
zware zavel
goede
veldvochtig
5-8%
reductie
0 - 10
20 - 30
lichte klei
wortels 0,1-2
2,5-5%
zien op 40
20 - 30
40 - 50
zware klei
50 - 60 60 - 70
beworteling, cm
kleuren te cm onder maaiveld
geen
70 - 80
50 - 60 60 - 70 70 - 80
80 - 90
90 - 100
100 - 110
wortels 0,1-2
zien op 30
cm
lichte klei
goede
kleuren te cm onder
vochtig-nat
beworteling,
maaiveld. Na 2,5-5%
100 cm
boring niet
naar boven
te halen
wortels 0,1-1 cm
door de
nattigheid
Grondwaterstand op 90 cm profiel
beworteling
vocht
org. stof
overig
zware zavel
goede
veldvochtig
5-8%
reductie
beworteling,
wortels 0,1-2 lichte klei
kleuren te
zien op 40
cm
2,5-5%
cm onder maaiveld
zware klei
geen
Grondwaterstand op 70 cm profiel
beworteling
vocht
org. stof
overig
zware zavel
goede
veldvochtig
5-8%
reductie
30 - 40
lichte klei
50 - 60
zware klei
40 - 50
vochtig-nat
beworteling,
wortels 0,1-2
2,5-5%
cm
geen
kleuren te
zien op 40 cm onder maaiveld
vochtig-nat
100 - 110 110 - 120 Grondwaterstand op 90 cm
Boring P
profiel
beworteling
vocht
org. stof
overig
zware zavel
goede
veldvochtig
5-8%
reductie
0 - 10
zien op 50
20 - 30
20 - 30 40 - 50
reductie
90 - 100
110 - 120
30 - 40
0-2,5%
beworteling,
80 - 90
100 - 110
10 - 20
veldvochtig
70 - 80
90 - 100
0 - 10
10 - 20
60 - 70
vochtig-nat
80 - 90
Boring O
goede
straatzand
110 - 120
0 - 10
30 - 40
tegel en
70 - 80
100 - 110
10 - 20
overig
60 - 70
0-2,5% vochtig-nat
90 - 100
org. stof
110 - 120
beworteling
wortels 0,1-2
vocht
100 - 110
Boring L
kleuren te
beworteling
90 - 100
goede
80 - 90
Boring M
70 - 80
zware zavel
40 - 50
70 - 80
60 - 70
profiel
beworteling,
profiel
30 - 40
boring niet
Grondwaterstand op 80 cm
30 - 40
60 - 70
10 - 20
maaiveld. Na 40 - 50 50 - 60 90 cm
nattigheid
20 - 30
50 - 60
20 - 30
door de
110 - 120
0 - 10
zien op 30
kleuren te
naar boven
100 - 110
Boring K
reductie
0 - 10
cm onder
wortels 0,1-1 cm
80 - 90
overig
Grondwaterstand op 70 cm
beworteling,
wortels 0,1-2 lichte klei
cm
2,5-5%
kleuren te cm onder maaiveld
10 - 20
30 - 40 40 - 50 50 - 60
Grondwaterstand op 90 cm profiel
beworteling
vocht
org. stof
overig
lichte zavel
goede
veldvochtig
5-8%
reductie
wortels 0,1-3 lichte klei
60 - 70
zware klei
vochtig-nat geen
110 - 120
90 - 100
100 - 110
kleuren te
zien op 50
cm. Hoe
2,5-5%
dieper, hoe fijner de
cm onder maaiveld
beworteling
70 - 80
80 - 90
beworteling,
zware klei
vochtig-nat
110 - 120
Afbeelding 13; resultaten grondboring-proefsleuven I t/m P
18 | 18
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend Boring Q
Grondwaterstand op 90 cm profiel
0 - 10
10 - 20
lichte zavel
40 - 50 50 - 60 60 - 70 70 - 80
goede
vocht veldvochtig
org. stof 5-8%
beworteling,
20 - 30
30 - 40
beworteling
Boring R
lichte klei zware klei
wortels 0,1-3 cm. Hoe
2,5-5%
overig reductie
0 - 10
zien op 50
20 - 30
kleuren te cm onder maaiveld
vochtig-nat
30 - 40
beworteling
110 - 120
Boring S
Grondwaterstand op 70 cm
70 - 80
goede
veldvochtig
5-8%
reductie
beworteling,
wortels 0,1-2
kleuren te
zien op 50
cm
vochtig-nat
2,5-5%
cm onder maaiveld
geen
100 - 110
Boring T
Grondwaterstand op 70 cm
beworteling
vocht
org. stof
overig
profiel
beworteling
vocht
org. stof
overig
zware zavel
goede
veldvochtig
5-8%
reductie
0 - 10
zware zavel
goede
veldvochtig
5-8%
reductie
zien op 50
20 - 30
lichte klei
wortels 0,1-3
2,5-5%
zien op 40
dieper, hoe
5-8%
beworteling,
wortels 0,1-3
30 - 40
60 - 70
zware zavel
profiel
20 - 30
50 - 60
overig
80 - 90
110 - 120
40 - 50
org. stof
zware klei
90 - 100
10 - 20
vocht
60 - 70
fijner de
0 - 10
beworteling
lichte klei
50 - 60
90 - 100
100 - 110
profiel
40 - 50
70 - 80
dieper, hoe
80 - 90
10 - 20
Grondwaterstand op 60 cm
cm. Hoe
zware klei
cm onder
dieper, hoe fijner de
beworteling
kleuren te
vochtig-nat
2,5-5%
80 - 90
90 - 100
100 - 110 110 - 120
10 - 20
30 - 40
maaiveld. Na 40 - 50 50 - 60 80 cm boring niet
60 - 70
te halen
80 - 90
nattigheid
100 - 110
naar boven
door de
70 - 80
90 - 100
110 - 120
zware zavel zware klei
beworteling, cm. Hoe
fijner de beworteling
vochtig-nat
2,5-5%
kleuren te cm onder
maaiveld. Na 90 cm
boring niet
naar boven
te halen door de
nattigheid
Afbeelding 14; resultaten grondboring-proefsleuven Q t/m T
19 | 19
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
7
Analyse
De bomen hebben over het algemeen een goede beworteling. Een aantal wortels komen in conflict met de geplande parkeerplaatsen en toegangswegen. Er is genoeg groeiruimte voor de bomen, de grond van een goede kwaliteit en zit de grondwaterstand rond de 80 cm. Ook is de kwaliteit van de bomen goed te noemen. De bomen zijn goed ontwikkeld en hebben grote forse kronen. De analyse is gedaan per locatie. Locatie Koggenland Volgens het ondergronds onderzoek zal bij bomen 9, 10, 11, 26, 27 en 28 zal er wel wortelverlies optreden maar dit zal minimaal zijn, minder dan 10%. Boom 12 wordt gekapt in de plannen. Bij boom 13 is het onmogelijk om te graven en boringen te doen door de aanwezigheid van wortels van de bomen en beplating. Wel is te zien dat er wortelverlies zal optreden bij de aanleg van de parkeerplaatsen en de toegangsweg. Dit wortelverlies wordt geschat op 10-15%. Boom 14, graven en boren is hier onmogelijk met de wortelgroei van de boom en de beplanting. Er is geen wortelopdruk te zien, dus aangenomen kan worden dat de boom in het plantvak wortelt. Met de plaatsing van de parkeervakken tussen bomen 13 en 14 en de toegangsweg zal er teveel wortelverlies optreden, ongeveer 15-20%. Bij bomen 15, 16 en 17 is er wortelopdruk vanaf de boom richting de huidige bebouwing.
Tijdens de grondboringen F, G, H en I blijkt dat er veel zand aanwezig is en daardoor (te) weinig voedsel voor de bomen. Daardoor zal de boom oppervlakkig en vlak onder de bestratingslaag wortelen. Wel zijn er maar enkele wortels dikker dan 5 cm aanwezig. De rest van de wortels is 0,1-2 cm, is minder oppervlakkig en zit dichter bij de stam. Bij boom 16 is de parkeerplaats op 150 cm vanaf hart boom getekend. Hierdoor zal er teveel wortelverlies de consequentie zijn. Het wortelverlies geldt voornamelijk voor de opnamewortels. Ook zal er wortelverlies optreden bij de aanleg van de toegangsweg ten zuiden van de bomen. Het lijkt er op dat bomen 15, 16 en 17 in het zand is geplant in het verleden. Ook is er bij bomen 15, 16 en 17 duidelijk te zien dat ze in groei achter blijven. Aangenomen mag worden dat ze tegelijk zijn geplant als de andere iepen. Alleen de stamdikte en boomhoogte blijft in groei achter in vergelijking met de andere iepen. Boom 18 is niet meer aanwezig. Bomen 19, 20, 21, 29 en 30 hebben een goede wortelontwikkeling. Wel komen de parkeerplaatsen bij bomen 29 en 30 dichtbij in de buurt. Gezien de stamdiameter, 46 cm, zou de parkeerplaats op die locatie wel uitgevoerd moeten kunnen worden. Er zou een wortelkluit van 460 cm (10 x stamdiameter) minimaal aanwezig moeten zijn om een stabiele boom over te houden.
Alleen aangezien de sloot aan de westzijde van de bomen op minder dan 230 cm (helft van 460 cm) zit, zal de kluitgrootte gecompenseerd moeten worden aan de oostzijde. Ook vanwege de vrij forse kronen is het wenselijk dat er een grotere afstand dan 230 cm tussen boom en parkeerplaats. Er is nu aan de oostzijde van de boom een grasveld en kan de boom aan deze zijde vrij wortelen en zal er door de uitvoering van de parkeerplaatsen volgens tekening ongeveer een wortelverlies optreden van 20%. Volgens de bewortelings richtlijnen is er compensatie gewenst. Als men de minimale afstand van 350 cm aanhoudt, zal er minder wortelverlies zijn en meer compensatie mogelijkheid. Bij bomen 19, 20 en 21 is het wortelverlies minder dan 10% waardoor uitvoering hier mogelijk is.
20 | 20
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
Locatie Luitje Broekemastraat Bij bomen 1, 2, 3 en 4 is het uitvoerbaar als variant 2. Echter de voorkeur van de gemeente is variant 1. Bij variant 1 (voorkeur) zijn er geen consequenties bij bomen 1, 3 en 4. Hier is het wortel verlies minder dan 10%. Bij boom 2 geeft dit wel problemen. De parkeerplaatsen zijn getekend op 254 cm uit hart boom. Bij plaatsing van de bestrating en betonbanden zal men altijd over deze lijn heen gaan omdat men hier ook moet graven en werkruimte nodig heeft. De boom heeft een stamdiameter van 55 cm. De kluit zal 550 cm moeten zijn voor een stabiele boom. Dit betekent dat de straal van de kluit dus minimaal 275 cm is en dat er op minimaal 275 cm uit hart boom gewerkt kan worden. Door deze gegevens en de aanwezigheid van stabiliteitswortels zal er teveel wortelverlies optreden; 15-20%. Boom 5 wordt gekapt in de plannen. Boom 6, 7 en 8, hierbij is het wortelverlies minder dan 10% op een afstand van 340 cm vanuit hart boom. Dit geldt bij beide varianten.
21 | 21
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
BIJLAGE 1 Foto’s
foto 1; locatie boom 19, 20, 21, 29 en 30
foto 3; locatie boom 14, 15, 16 en 17
foto 6; parkeerplaats boom 13
foto 2; locatie boom 19, 20, 21, 29 en 30
foto 4; wortelopdruk boom 16
foto 5; parkeerplaats boom 14
foto 7; locatie boom 9, 10, 11 en 26
22 | 22
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
foto 8; locatie boom 7
foto 9; locatie boom 1, 2, 3 en 4
foto 11; locatie boom 22, 23, 24 en 25
foto 12; locatie boom 22, 23, 24 en 25
foto 14; locatie boom 22, 23, 24 en 25
foto 15; locatie boom 22, 23, 24 en 25
foto 10; locatie boom 22, 23, 24 en 25
foto 13; locatie boom 22, 23, 24 en 25
23 | 23
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
BIJLAGE 2 Situatieschetsen
Afbeelding 15; nieuwbouwplannen Koggenland
24 | 24
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
Afbeelding 16; nieuwbouwplannen Luitje Broekemastraat variant 1
25 | 25
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
Afbeelding 17; nieuwbouwplannen Luitje Broekemastraat variant 2
26 | 26
Boom Effect Analyse Ten behoeve van de nieuwbouw bij de locaties Koggenland en Luitje Broekemastraat te Purmerend
BIJLAGE 3 Werken rond bomen
Afbeelding 18; werken rond bomen Handboek Bomen 2018
27 | 27
Bijlage 2 Boom Effect Analyse 2023
BOMEN EFFECT ANALYSE KOGGENLAND & LUITJE BROEKEMASTRAAT
BOMEN EFFECT ANALYSE KOGGENLAND & LUITJE BROEKEMASTRAAT
Opdrachtgever: Gemeente Purmerend
Projectnummer : Datum :
Projectleider Controle Paraaf
P23362 16 november 2023
: : :
Postbus 36233 1020 ME AMSTERDAM Telefoon: 06-50523935 E-mail: info@groenadviesamsterdam.nl
Groenadvies Amsterdam bv
Boomonderzoek Koggenland & Luitje Broekemastraat
INHOUDSOPGAVE
SAMENVATTING ...........................................................................................................................3 1
INLEIDING ..............................................................................................................................4
2
ONDERZOEKSRESULTATEN ...............................................................................................5 2.1 De bomen .......................................................................................................................5 2.2 De bodem en beworteling ...............................................................................................9 2.3 Kwaliteit van de bestrating ........................................................................................... 10
3
KWALITEIT VAN DE BOMEN ............................................................................................. 11 3.1 Conditie........................................................................................................................ 11 3.2 Levensverwachting ...................................................................................................... 11 3.3 Beschermde bomen en waardevol groen .................................................................... 11
4
WET NATUURBESCHERMING .......................................................................................... 12
5
EFFECT OP DE BOMEN..................................................................................................... 13 5.1 Het ontwerp ................................................................................................................. 13 5.2 Geplande werkzaamheden .......................................................................................... 14 5.3 Knelpunten en randvoorwaarden ................................................................................. 16
6
ALGEMENE BESCHERMENDE MAATREGELEN ............................................................. 20
BIJLAGEN: 1 2
Overzichtstekening Inventarisatielijst
Dit product van Groenadvies Amsterdam BV mag alleen geheel of gedeeltelijk worden vermenigvuldigd, openbaar gemaakt of ter beschikking van derden worden gesteld, na toestemming van Groenadvies Amsterdam BV en met bronvermelding. 16 november 2023
Pagina 2 van 20
Groenadvies Amsterdam bv
Boomonderzoek Koggenland & Luitje Broekemastraat
SAMENVATTING Aan de Luitje Broekemastraat en Koggenland in Purmerend staan werkzaamheden gepland. Het betreft de sloop van de bestaande bebouwing én de realisatie van nieuwbouw. In deze rapportage wordt het meest recente ontwerp getoetst aan de bestaande bomen, en worden gegevens uit de oude bomen effect analyse geactualiseerd en aangepast. Er zijn 31 bomen aanwezig binnen de projectgrenzen. Eén boom ontbrak in het veld (boom 18). Kwaliteit van de bomen: Onder de huidige omstandigheden: − verkeren 27 bomen in een redelijke conditie − verkeren 4 bomen in een matige conditie De levensverwachting bedraagt voor: − 29 bomen méér dan 25 jaar − 2 bomen 10-25 jaar De bomen zijn geïnspecteerd op planten (varens), nesten, spleten, spechtengaten of andere mogelijke verblijfsplaatsen van dieren. Hierbij zijn geen vaste rust- of verblijfsplaatsen van beschermde soorten in het kader van de wet Natuurbescherming gevonden. Beschermde bomen: Een aantal bomen is door de Gemeente Purmerend opgenomen in het register van ‘beschermde bomen’. Het gaat dan om de volgende bomen: Boom 1 t/m 8
9, 10, 11, 13 t/m 17 17, 19 t/m 21, 29, 30
Soort Iep cv. (Ulmus ‘Plantijn’)
Locatie Luitje Broekemastraat
Koggenland Iep cv. (Ulmus ‘Plantijn’)
Als de nieuwbouw er komt, dan dienen de bomen 1, 2, 20, 21 en 29 gesnoeid te worden. Er is een inschatting gemaakt van het percentage kroonverlies wat hierbij optreed: tussen 10 en 30%. Dit staat beschreven in paragraaf 5.3 Knelpunten en randvoorwaarden. Het uitgangspunt dat de bomen in hun huidige verschijningsvorm behouden blijven is met de benodigde snoei niet haalbaar. Daarnaast verwachten wij dat de frequentie van het onderhoud aan deze bomen zal toenemen, doordat takken van de bomen tegen de gevel aan groeien. Bewoners van dit nieuwe pand kunnen hierover gaan klagen. Er moet een afweging gemaakt worden om ofwel af te zien van het uitgangspunt dat de bomen in hun huidige verschijningsvorm behouden blijven, of de bebouwing bij de bomen 1 en 2 minimaal vier meter naar het oosten, en bij de bomen 20, 21 en 29 minimaal drie meter naar het oosten te verplaatsen. 16 november 2023
Pagina 3 van 20
Groenadvies Amsterdam bv
1
Boomonderzoek Koggenland & Luitje Broekemastraat
INLEIDING
Aan de Luitje Broekemastraat en Koggenland in Purmerend staan werkzaamheden gepland. Het betreft de sloop van de bestaande bebouwing én de realisatie van nieuwbouw. Deze bomen effect analyse is een vervolg op een eerder uitgevoerd onderzoek (Boom effect analyse, Smit Groenadvies, 6 maart 2020). Er zijn sindsdien wijzigingen in het ontwerp doorgevoerd, waardoor het rapport mogelijk verouderd is. In deze rapportage wordt het meest recente ontwerp getoetst aan de bestaande bomen, en worden gegevens uit de oude bomen effect analyse geactualiseerd en aangepast. Uitgevoerd onderzoek Om de in de vorige alinea beschreven vragen te beantwoorden, zijn zowel de bomen als hun groeiplaats onderzocht. Het veldwerk startte met een bovengrondse beoordeling van de 31 bomen binnen het aangegeven projectgebied. De beoordeling werd uitgevoerd volgens de VTA+ methodiek. Het verschil met de reguliere, alleen visuele methode is dat hierbij ook eenvoudig handgereedschap zoals prikpen en klophamer is ingezet om verborgen holten en rottingen op te sporen. Bij de bovengrondse keuring zijn gegevens verzameld over de soort (Nederlandse en wetenschappelijke naam), stamomtrek, kroondiameter, groei- en vitaliteitskenmerken, kwaliteit van stam en takken, mate van opdruk van de verharding, aanwezigheid van ziekten en plagen en de van belang zijnde omgevingsfactoren.
Aan de hand van deze informatie werden de conditie en levensverwachting bepaald. Het volgende onderdeel van het veldwerk was het bodem- en bewortelingsonderzoek. Op één locatie is een profielkuil gegraven. Op deze wijze is er inzicht verkregen in de bodemopbouw, het grondwaterregime en de verspreiding en kwaliteit van de beworteling.
Leeswijzer In de volgende hoofdstukken worden de volgende onderdelen beschreven: -
de onderzoeksresultaten; de kwaliteit van de bomen - conditie en levensverwachting; kwaliteit en verspreiding van beworteling; aanwezigheid in de bomen van planten (varens), nesten, spleten, spechtengaten of andere mogelijke verblijfsplaatsen van dieren; de (on-)mogelijkheden de bomen te behouden in relatie tot de plannen; eventuele maatregelen om negatieve gevolgen te beperken; algemene beschermende maatregelen voor het werken rondom bomen;
16 november 2023
Pagina 4 van 20
Groenadvies Amsterdam bv
Boomonderzoek Koggenland & Luitje Broekemastraat
2
ONDERZOEKSRESULTATEN
2.1
De bomen
De geïnventariseerde bomen zijn weergegeven op bijlage 1, de overzichtstekening. Op de inventarisatielijst in bijlage 2 zijn de gegevens per boom genoteerd. Voor het nummeren van de bomen is gebruik gemaakt van de eerder toegepaste nummering uit de bomen effect analyse uit 2020 (Boom effect analyse, Smit Groenadvies, 6 maart 2020). Binnen de projectgrenzen zijn 32 boompunten geïnventariseerd. Eén boom die op de kaart stond, ontbrak in het veld (boom nummer 18). Twee bomen stonden op de aangeleverde kaart, maar zijn niet meegenomen in het vorige onderzoek. Wij hebben geconstateerd dat de maaiveldinrichting rondom de bomen aanzienlijk veranderd, en daarom is besloten deze bomen toe te voegen. De bomen hebben een volgnummer gekregen op de kaart en zijn vervolgens meegenomen in de inventarisatie (boom nummer 31 en 32). De bomen zijn verdeeld over zes soorten/variëteiten, namelijk; Nederlandse naam Veldesdoorn Zwarte els Californische cipres Kornoelje Eenstijlige meidoorn Iep cv.
Wetenschappelijke naam Acer campestre Alnus glutinosa Chamaecyparis lawsoniana Cornus spec. Crataegus monogyna Ulmus ‘Plantijn’
Aantal 3 2 1 2 1 22
De groei van de bomen is voor dertien als redelijk beoordeeld en voor achttien als matig.
Enkele noemenswaardigheden over de bomen: •
•
•
Boom 3 heeft een afwijkende stamvoet: aan één zijde zijn geen wortelaanzetten te zien. De stamvoet loopt hier ’recht’ de grond in. Aan de zijde van het voetpad zien wij juist dat het asfalt omhoog wordt gedrukt. De boom staat licht scheef. Dit beeld kan duiden op uitgestelde onverenigbaarheid, een regelmatig voorkomend probleem bij geënte iepen. De stam en stamvoet vergroeien niet goed met elkaar, waardoor zich een onvoldoende sterke aanhechting vormt. Wij adviseren omwille van de veiligheid bij deze boom een trekproef uit te voeren. De uitkomst van deze trekproef heeft geen directe consequenties voor het realiseren van het aangeleverde ontwerp omdat deze boom op voldoende afstand van de nieuwbouw staat. De soort Ulmus ‘Plantijn’ is een boomsoort die in eerste instantie een opgaande takstructuur heeft. Naarmate de bomen ouder worden zakken de takken uit waardoor de boomkronen breder worden. De iepen in het projectgebied zijn volwassen exemplaren. Wij schatten in dat de hoogte- en breedtegroei zich beperken tot één à twee meter. De bomen worden dus niet veel groter dan zij nu zijn. Verder zijn bij de bomen geen aantastingen of beschadigingen aangetroffen die de conditie of levensverwachting negatief beïnvloeden.
Op de volgende pagina staan enkele gebiedsfoto’s weergegeven.
16 november 2023
Pagina 5 van 20
Groenadvies Amsterdam bv
Boomonderzoek Koggenland & Luitje Broekemastraat
Boven: de bomen 1 tot en met 4. Onder: de bomen 4 tot en met 7.
16 november 2023
Pagina 6 van 20
Groenadvies Amsterdam bv
Boomonderzoek Koggenland & Luitje Broekemastraat
Boven: rechts op de foto de bomen 9, 10 en 11. Links van de straatlantaarn staan een paar lage struiken. Volgens de BEA uit 2020 staan hier drie grote bomen, maar deze zijn niet meer aanwezig. Onder: de bomen 20, 21, 29 en 30.
16 november 2023
Pagina 7 van 20
Groenadvies Amsterdam bv
Boomonderzoek Koggenland & Luitje Broekemastraat
Boven: de bosschage met daarin de bomen 22 tot en met 25. Onder: de bomen 31 en 32 stonden wel op de aangeleverde kaart maar zijn in 2020 niet meegenomen in de BEA. Vanwege de verandering in de inrichting van het maaiveld hebben wij de gegevens van de bomen opgenomen.
16 november 2023
Pagina 8 van 20
Groenadvies Amsterdam bv
2.2
Boomonderzoek Koggenland & Luitje Broekemastraat
De bodem en beworteling
Bij boom 29 is een proefsleuf gegraven, met als doel inzicht te verkrijgen in de bodemopbouw en de kwaliteit van de beworteling. Volgens het ontwerp komt hier, op zes meter uit het hart van de boom, de nieuwe bebouwing te liggen. Op circa vijf meter uit de boom is de proefsleuf gegraven. Vanwege de hevige regenval de afgelopen dagen liep de proefsleuf vol met water. Er is om deze reden besloten te stoppen met graven. Enkele genoemde termen verklaard: -
cm-mv = centimeter beneden maaiveld. de grondwaterstand is een momentopname en staat in grote delen van laag Nederland onder invloed van bemaling op een vastgesteld polderpeil.
Beschrijving van de bodem: De bovenste tien cm-mv bestaat uit humeuze, lichte zavel. Hieronder wordt de grond steeds kleiiger. De klei is sterk verdicht en matig humeus.
Beschrijving van de beworteling: In de bovenste 15 cm-mv is de bewortelingmatig extensief en fijn. Vanaf circa 30 cm-mv wordt deze intensief, met een maximale diameter van 3,0 cm.
Links: de locatie van de proefsleuf ten opzichte van de boom. Rechts: de aangetroffen beworteling.
16 november 2023
Pagina 9 van 20
Groenadvies Amsterdam bv
2.3
Boomonderzoek Koggenland & Luitje Broekemastraat
Kwaliteit van de bestrating
De standplaats van bomen is in de stedelijke omgeving vaak niet optimaal en soms ronduit ontoereikend. Een gevolg van ontoereikende groeiplaatsen is, dat sommige bomen hun behoeften (voeding en water) in de directe omgeving zoeken. Daarvoor vormen ze rondom veel fijne wortels. Daar waar die wortels op voedsel of water stuiten, worden deze wortels belangrijker en groeien in omvang. Vaak zijn dit de oppervlakkige wortels onder de verharding omdat door de voegen hemelwater en voedingstoffen inzijgen. Bovendien slaat op de onderkant van tegels en klinkers condens neer, waarvan de wortels profiteren. Dit veroorzaakt opdruk van de bestrating. De mate van opdruk is meegenomen in de bovengrondse inventarisatie: -
Bij 2 bomen is de bestratingsopdruk zwaar; Bij 3 bomen is de bestratingsopdruk matig; Bij 5 bomen is de bestratingsopdruk licht; Bij 21 bomen is er geen bestratingsopdruk.
De zwaar opgedrukte bestrating bij de bomen 1 en 3 (zoals op de foto hieronder) wordt mogelijk veroorzaakt doordat de kleilaag sterk verdicht is (paragraaf 2.2 De bodem en beworteling). De boom maakt daardoor meer oppervlakkige beworteling aan.
Voorbeeld van zwaar opgedrukte bestrating. Dit is de situatie bij boom 1.
16 november 2023
Pagina 10 van 20
Groenadvies Amsterdam bv
3
Boomonderzoek Koggenland & Luitje Broekemastraat
KWALITEIT VAN DE BOMEN
De kwaliteit van bomen wordt over het algemeen uitgedrukt in de conditie en de levensverwachting.
3.1
Conditie
De conditie is bepaald aan de hand van de groei, de aan- dan wel afwezigheid van scheut- en taksterfte, de knopzetting en de mate van overgroeiing van snoei- en andere wonden. Onder de huidige omstandigheden: − −
verkeren 27 bomen in een redelijke conditie verkeren 4 bomen in een matige conditie
3.2
Levensverwachting
De levensverwachting is bepaald aan de hand van de conditie in samenhang met de aangetroffen gebreken en de lokale groeiplaatsomstandigheden. Uitgangspunt daarbij is dat de groeiplaatsomstandigheden niet wijzigen. De levensverwachting bedraagt voor: − −
29 bomen méér dan 25 jaar 2 bomen 10-25 jaar (boom 24 en 25. Beide bomen zijn elzen, Alnus glutinosa)
3.3
Beschermde bomen en waardevol groen
Een aantal bomen binnen het onderzoeksgebied is opgenomen in de lijst met beschermwaardige houtopstanden van de gemeente Purmerend (bron: https://purmerend.nl/afval-groen-en-dieren/groen/bomenkaart-purmerend-en-beemster, geraadpleegd op 3 november 2023). Het gaat om de volgende bomen: Boom 1 t/m 8
Soort Iep cv. (Ulmus ‘Plantijn’)
Locatie Luitje Broekemastraat
9, 10, 11, 13 t/m 17 17, 19 t/m 21, 29, 30
Iep cv. (Ulmus ‘Plantijn’)
Koggenland
16 november 2023
Pagina 11 van 20
Groenadvies Amsterdam bv
4
Boomonderzoek Koggenland & Luitje Broekemastraat
WET NATUURBESCHERMING
De bomen zijn geïnspecteerd op planten (varens), nesten, spleten, spechtengaten of andere mogelijke verblijfsplaatsen van dieren. Hierbij zijn geen vaste rust- of verblijfsplaatsen van beschermde soorten in het kader van de wet Natuurbescherming gevonden. De inspectie is uitgevoerd door de boominspecteur en niet door een ecoloog. Onder andere hierdoor heeft deze inspectie dan ook geen status als quickscan in het kader van de Wet natuurbescherming. Als er ingrepen plaatsvinden waarbij deze rustplaatsen verdwijnen of worden verstoord, is een dergelijke quickscan overigens aan te bevelen om te voorkomen dat de Wet natuurbescherming per abuis overtreden wordt.
16 november 2023
Pagina 12 van 20
Groenadvies Amsterdam bv
Boomonderzoek Koggenland & Luitje Broekemastraat
5
EFFECT OP DE BOMEN
5.1
Het ontwerp
Deze bomen effect analyse toetst het volgende aangeleverde ontwerp:
Naam/onderwerp: Status ontwerp: Datum:
Binnenwijkse ontwikkellocaties: Koggenland en Luitje Broekemastraat waterbergende ruimte Schetsontwerp 6 oktober 2023
Omdat er verschillende ontwerpen zijn aangedragen, met elk ook een andere werkafstand tot de bomen, is op basis van het meest recente ontwerp de begrenzing van de nieuwe bebouwing uitgezet door de landmeters van de Gemeente Purmerend. Deze lijnen zijn tijdens het veldwerk gebruikt om te bepalen welke invloed de bebouwing op de bomen heeft. De bevindingen staan beschreven in paragraaf 5.3 Knelpunten en randvoorwaarden.
16 november 2023
Pagina 13 van 20
Groenadvies Amsterdam bv
5.2
Boomonderzoek Koggenland & Luitje Broekemastraat
Geplande werkzaamheden
Luitje Broekemastraat Aan de Luitje Broekemastraat wordt het bestaande gebouw gesloopt. Deze staat ter hoogte van bomen 3 en 4. De nieuwe bebouwing komt meer naar het noorden, namelijk ter hoogte van de bomen 1 en 2. De nieuwbouw is ook een stuk hoger: de huidige is één verdieping hoog, maar dit worden drie à vier verdiepingen. Op de plek waar nu het gebouw staat, worden parkeerplaatsen aangelegd. Deze komen op circa 4,5 meter van de bomen 3, 4, 6, 7 en 8. Boom 5 wordt gekapt. Hier komt de toegangsweg naar de nieuwbouw en de parkeerplaatsen.
Uitsnede ontwerp Luitje Broekemastraat
16 november 2023
Pagina 14 van 20
Groenadvies Amsterdam bv
Boomonderzoek Koggenland & Luitje Broekemastraat
Koggenland De bebouwing ten westen van de bomen 9, 10 en 11 wordt gesloopt. Hier komt geen nieuwbouw terug, maar worden parkeerplaatsen aangelegd. Rondom de bomen 13, 14, 15 en 16 wordt het maaiveld aangepast: aan de zuidzijde van de bomen worden parkeerplaatsen aangelegd. Tussen de bomen staan nu verschillende struiken en heesters. Het is niet duidelijk wat hiermee gaat gebeuren. De bomen 12, 17, 31 en 32 worden gekapt. Hier komen toegangswegen naar de nieuwbouw. De bestaande bebouwing ten oosten van de bomen 20, 21 en 29 wordt gesloopt. Hier wordt nieuwbouw gerealiseerd. De nieuwbouw komt verder van de bomen af te liggen, namelijk op 6 à 7 meter, gemeten vanuit het hart van de stam.
Uitsnede ontwerp Koggenland
16 november 2023
Pagina 15 van 20
Groenadvies Amsterdam bv
5.3
Boomonderzoek Koggenland & Luitje Broekemastraat
Knelpunten en randvoorwaarden
Planvorming nieuwbouw: Luitje Broekemastraat: In het nieuwe ontwerp komt de bebouwing bij boom 1 op 7,7 meter en bij boom 2 op 6,7 meter uit de boom (afstand gemeten vanuit het hart van de stam). De kroon van de bomen groeit op dit moment ín de lijn van de nieuwbouw. Het zal dus, alleen al om deze lijn vrij te maken, noodzakelijk zijn om de bomen te snoeien. Daarnaast moet er circa anderhalve meter werkruimte gerealiseerd worden (bijvoorbeeld voor het plaatsen van steigers). Dit betekent dat er nog meer van de kroon moet worden ingenomen. Tijdens het veldwerk is de lijn van de nieuwe bebouwing uitgezet, om vervolgens een inschatting te kunnen maken van het percentage kroonverlies dat noodzakelijk is voor het realiseren van het ontwerp. Deze percentages staan hieronder weergegeven. Boomnummer 1 2
Kroonverlies ten opzichte van het huidige kroonvolume (%) 20 à 25 25 à 30
Lengte in te nemen takken (in meter) 4 meter 4,5 à 5 meter
Onderstaande afbeelding geeft een indicatie van de nieuwe gevellijn (de gele lijn), en de extra werkruimte die nodig is tijdens de uitvoering (de oranje lijnen).
16 november 2023
Pagina 16 van 20
Groenadvies Amsterdam bv
Boomonderzoek Koggenland & Luitje Broekemastraat
Koggenland: De nieuwe bebouwing komt bij de bomen 20, 21 en 29 op de volgende afstand: Boomnummer 20 21 29
Afstand (vanuit het hart van de stam) 6,7 meter 7,0 meter 6,0 meter
Op deze afstand raken de kronen van deze bomen de gevellijn (bijna). Vervolgens moet er nog ongeveer anderhalve meter werkruimte gerealiseerd worden (voor bijvoorbeeld steigers). Het is dan noodzakelijk om de bomen te snoeien. Het percentage kroonverlies staat hieronder per boom weergegeven. Boomnummer 20 21 29
Kroonverlies ten opzichte van het huidige kroonvolume (%) 10 à 15 10 à 15 15 à 25
Op onderstaande afbeelding is met geel de lijn van de nieuwe bebouwing aangegeven. De oranje lijnen geven de extra werkruime weer, en wat dit per boom betekent voor het percentage kroonverlies.
16 november 2023
Pagina 17 van 20
Groenadvies Amsterdam bv
Boomonderzoek Koggenland & Luitje Broekemastraat
Conclusie ‘Planvorming nieuwbouw’; Luitje Broekemastraat en Koggenland: Het uitgangspunt bij de uitvraag van de BEA uit 2020 was dat bomen in hun huidige verschijningsvorm behouden blijven, en geen schade ondervinden aan de werkzaamheden. Als het ontwerp wordt gerealiseerd zoals dat nu is, dan zullen de bomen gesnoeid moeten worden. De kroonvorm wordt daarbij flink aangetast. Het gestelde uitgangspunt dat de bomen in hun huidige verschijningsvorm behouden blijven is dan niet haalbaar. Houdt er overigens rekening mee dat als de bomen worden gesnoeid tot vlak buiten de erfgrens, de bomen de jaren daarna weer richting de bebouwing gaan groeien. Bewoners van dit pand kunnen hierover klagen. Het ligt in de lijn der verwachting dat de frequentie van onderhoud aan deze bomen gaat stijgen. Iepen verdragen snoei redelijk goed. Het is dus niet zo dat snoei direct tot een lagere toekomstverwachting leidt. Het kan echter wel leiden tot een tijdelijke afname in conditie, omdat de boom een verminderde opnamecapaciteit heeft (een kleinere kroon) en snoeiwonden moet afdichten. Er zal een afweging gemaakt moeten worden om ofwel (1) af te zien van het gestelde uitgangspunt dat de bomen behouden blijven in de huidige verschijningsvorm, of (2) in de planvorming rekening houden met de bomen door de nieuwbouw te verplaatsen.
Wij verwachten dat de hoogte- en breedtegroei zich beperken tot één à twee meter. Het volstaat dan om de nieuwe bebouwing bij de bomen 1 en 2 minimaal vier meter naar het oosten te verplaatsen. Bij de bomen 20, 21 en 29 dient de nieuwbouw minimaal drie meter van de bomen af verplaatst worden. De benodigde snoeimaatregelen komen daarmee zo goed als te vervallen. De bomen staan dan wel vlak tegen de gevellijn aan, dus het knelpunt van het toenemende onderhoud in de toekomst blijft wel bestaan. Besloten moet worden of deze situatie gewenst is. Sloop bestaande- en realisatie nieuwe bebouwing: De bestaande groeiplaats van de bomen dient zoveel mogelijk intact te blijven. Dit zijn gazons en heestervakken. Wij adviseren om deze groeiplaatsen af te zetten met behulp van een hekwerk. Het hek dient te worden geplaatst op de rand van de kroonprojectie. Zo wordt voorkomen dat de groeiplaats verslechtert. Als het toch noodzakelijk is om binnen de kroonprojectie van de bomen te werken of te rijden, dan adviseren wij de volgende randvoorwaarden te hanteren: - Binnen de kroonprojectie, waar geen verharding ligt, is het alleen toegestaan om over rijplaten te rijden. Dit voorkomt dat de bodem (ernstig) verdicht raakt. - Binnen de kroonprojectie verhardingen handmatig opnemen. - Binnen de kroonprojectie handmatig voorsteken.