H Concept oud Jaarstukken 2020 (7)
Tekst van het document
In 2020 zien we onder andere de volgende ontwikkelingen: • eerste jaar met een tarief onder het NMDA-tarief en met een pilot variabel tarief; • vaststellen business case 2e biowarmtecentrale en uitstel investering in verband met rechtszaak Raad van State; • vaststellen leningplafond van € 65 miljoen voor periode 2020-2024 voor het aantrekken van nieuwe leningen; • ontwikkeling naar een date en content gedreven organisatie; • opnieuw positief resultaat maar wel onder druk door lage gasprijzen. Ontwikkeling resultaat 2020: In 2020 heeft de Stadsverwarming een resultaat na belastingen behaald van € 6,676 miljoen positief (2019: € 5,7 miljoen positief, inclusief een actieve belastinglatentie van € 0,55 miljoen). Dit bestaat uit een resultaat uit normale bedrijfsvoering van € 3,4 miljoen. Dit is € 1,1 miljoen beter dan de prognose uit november 2020. Dit komt door een wat hogere afzet aan het einde van het jaar (het beeld is dat dit komt door de lockdown) en diverse kleinere onderschrijdingen op kosten. Op de balans staat een na te betalen bedrag over 2015 aan EB/ODE van € 3,3 miljoen. Deze valt vrij. Tezamen vormt dit het resultaat. Conform afspraak met de Stadsverwarming zal na vaststelling van de jaarrekening 2020 van de winst over 2020 € 700.000, onder inhouding van de verschuldigde dividendbelasting, aan dividend worden uitgekeerd.
Het overige deel van de winst na belasting, € 5,976 miljoen zal worden toegevoegd aan het eigen vermogen van de Stadsverwarming. Het groepsvermogen stijgt hierdoor onverdeeld naar € 24,9 miljoen (2019: € 18,9 miljoen) Met de aandeelhouder is tevens afgesproken dat van de verwachte winsten in 2020 en 2021 maximaal jaarlijks € 700.000 aan dividend zal worden uitgekeerd. Het meerdere zal worden toegevoegd aan het eigen vermogen van Stadsverwarming om de solvabiliteit verder te verbeteren en een verlaging van de tarieven door te voeren.
PGR11
Realisatie 2019
Begroting 2020 primitief
Begroting 2020 bijgesteld
Realisatie 2020
Afwijking
Lasten
727
-1.074
732
951
219
Baten
152.350
154.284
161.270
161.718
448
Saldo
153.077
153.211
162.002
162.669
667
FINANCIËLE TOELICHTING De algemene dekkingsmiddelen laten per saldo een voordelige afwijking zien van € 667.000. Dit komt door € 219.000 lagere lasten en € 448.000 hogere baten. De afwijkingen worden hierna per onderdeel toegelicht .
68
Jaarstukken 2020 | Financiële Overzichten
Realisatie 2019
Begroting 2020 primitief
Begroting 2020 bijgesteld
Realisatie 2020
Afwijking
1 Lokale heffingen Lasten
-75
-43
-43
-43
-
Baten
13.783
14.600
14.368
14.313
-55
13.708
14.558
14.326
14.271
-55
Lasten
-
-1.919
-
-
-
Baten
-
-
-
-
-
-
-1.919
-
-
-
Lasten
-25
-
-13
-13
-
Baten
136.045
136.953
143.951
144.539
587
136.020
136.953
143.939
144.526
587
Lasten
1.932
1.891
1.791
2.092
302
Baten
995
577
849
819
-30
2.927
2.468
2.640
2.911
272
Lasten
-1.086
-1.003
-1.003
-993
10
Baten
1.527
2.154
2.101
2.110
9
441
1.151
1.097
1.117
19
Lasten
-19
-
-
-93
-93
Baten
-
-
-
-64
-64
-19
-
-
-156
-156
2 Nog te bestemmen middelen
3 Gemeentefonds
4 Eigen financieringsmiddelen
5 Deelnemingen
6 Incidentele baten en lasten
TOELICHTING PER PRODUCT 1. Lokale heffingen De baten zijn € 55.000 lager dan begroot. Als gevolg van corona heeft het college gedurende 2020 verschillende stimuleringsmaatregelen genomen om de crisis draaglijker te maken. De lagere baten die hier worden gepresenteerd zijn inclusief de effecten van corona. In 2020 zijn de budgetten verminderd voor de onderdelen precariorechten (€ 150.000), reclamebelasting (€ 32.000) en toeristenbelasting (€ 50.000). Voor deze effecten wordt verwezen naar de corona bijlage. 3. Gemeentefonds De uitkering uit het gemeentefonds is in 2019 verantwoord voor € 144,5 miljoen. Dit is incidenteel bijna € 0,6 miljoen meer baten dan begroot. Uitkeringsjaar
Bijgestelde Begroting
Realisatie
Afwijking
2018
-
18.250
2019
-
88.879
18.250 88.879
2020
143.951.365
144.431.688
480.322
Totaal gemeentefonds
143.951.265
144.538.817
587.452
Uitkeringsjaar 2020 Het resultaat van de algemene uitkering 2020 is op basis van de laatste specificatie Binnenlandse Zaken (BZK) € 144.431.688. Dit is € 480.322 hoger dan geraamd in de tweede tussenrapportage 2020. De hogere uitkering is veroorzaakt door een voordeel van € 361.445 uitdeling 3e tranche corona compensatie, een nadeel van € 139.496
69
Jaarstukken 2020 | Financiële Overzichten
voor uitname van diverse landelijke bijdragen (o.a. MijnOverheid en Digid, GDI, BRP en GBA) en een voordeel van € 258.373 op integratie/decentralisatie uitkeringen en de uitkeringsfactor (+2 punten) door bijstellingen in de maatstaven. Nabetalingen over vorige jaren (2018 en 2019) • De nabetaling over 2018 is € 18.250 hoger dan begroot door de vaststelling van de inkomstenmaatstaf OZB en een (hogere) vaststelling van de uitkeringsfactor. • De hogere nabetaling van bijna € 88.879 over 2019 betreft nadere vaststellingen van de maatstaven woonruimten, medicijngebruik, loonkostensubsidie en studenten. Alle afwijkingen zijn incidenteel van aard. Compensatie gevolgen coronacrisis Het kabinet heeft na de 2e Tussenrapportage 2020 een derde tranche van ruim € 1,1 miljard voor compensatie van de gevolgen van de coronacrisis beschikbaar gesteld. Deze compensatie is voor 2020 en deels 2021. Hieronder is de financiële vertaling en verdeling van de Rijkscompensatie 2020 voor Purmerend uiteengezet.
Onderwerp/uitdeling via
Circulaire
Periode
Coronaproof verkiezingen (via DU)
September
2020
Lokale culturele instellingen (via AU)
September
Maart - december
€ 548.560
Inhaal/uitstel zorg jeugdzorg (via AU)
September
Maart - december
€ 182.102
Inhaal/uitstel zorg Wmo 2015 (via AU)
September
Maart - december
€ 62.577
Continuïteit van zorg (via AU en IU)
December
Maart - december
€ 128.771
Meerkosten jeugdwet en wmo (via DU)
September
Maart - december
€ 393.895
Eigen bijdrage Wmo (via DU)
September
April en mei
€ 119.128
Voorschoolse voorziening peuters (via DU)
September
Tem 8 juni
€ 32.664
SW-bedrijven (via IU)
September
Maart - december
€ 497.807
Noodopvang ouders cruciaal beroep (via DU)
September
Maart - juni
€ 93.768
Buurt- en dorpshuizen (via AU)
September
Maart - december
€ 81.882
Vrijwillgersorganisaties Jeugd (via AU)
September
Maart - december
€ 32.034
Re-integratie van bijstandsgerechtigden (via AU)
December
Maart - december
€ 122.677
Gemeentelijk schuldenbeleid en bijzondere bijstand (via AU)
December
Maart - december
€ 90.628
Qurantaine ondersteuning (via AU)
December
Maart - december
€ 19.369
September
Periode tot 1 juni
Subtotaal 01 Publiekdiensten
€ 2.405.861
Subtotaal 05 Bereikbaarheid Toezicht en handhaving (via AU)
€ 115.603 € 115.603
Subtotaal 02 Samenleving Parkeerbelasting (via DU)
2020
€ 436.000 € 436.000
September
Maart - december
Subtotaal 08 Veiligheid
€ 215.059 € 215.059
Toeristenbelasting (via DU)
September
Periode tot 1 juni
Precariobelastingen markt- en evenementenleges (via DU)
September
Periode tot 1 juni
€ 72.439
Opschalingskorting (via AU)
September
2020
€ 321.195
Subtotaal algemene dekkingsmiddelen Totaal aan compensatie vanuit gemeentefonds voor 2020
€ 12.000
€ 405.634 € 3.578.157
Uit bovenstaande tabel blijkt dat in de decembercirculaire 2020 extra compensatie is verstrekt van € 361.445 ten opzichte van de 2e Tussenrapportage (stand t/m 2e tranche € 3.216.711). Hierbij volgen we de algemene lijn: corona maatregelen dekken uit algemene reserve en bij compensatie weer terug laten vloeien.
70
Jaarstukken 2020 | Financiële Overzichten
Voor een aantal compensatiemaatregelen is de exacte verdeling en daarmee het bedrag per gemeente nog niet bekend c.q. opgenomen, omdat bijvoorbeeld voor het bepalen van de definitieve compensatie van de inkomstenderving over 2020 de afspraak geldt dat dit in 2021 gebeurt op basis van de vastgestelde jaarrekeningcijfers 2020. Het gaat om de volgende compensatiemaatregelen: • compensatie inkomstenderving na 1 juni • extra beschikbaar voor Inkomstenderving • afvalinzameling • zwembaden en ijsbanen • verlenging steun sportverenigingen (1 okt t/m 31 dec) De financiële compensatie voor bovengenoemde maatregelen voor 2020 uit het nieuwe aanvullende pakket zal worden verwerkt in 2021, nadat het ministerie BZK de bedragen per gemeente heeft bepaald en beschikt. Inmiddels is er uit de 3e tranche voor 2021 al voor € 1,4 miljoen aan corona 2021 bevoorschot voor de onderdelen cultuurmiddelen, verkiezingen, re-integratie bijstandsgerechtigenden, gemeentelijk schuldenbeleid en bijzondere bijstand. 4. Eigen financieringsmiddelen Het renteresultaat geeft een batig saldo van € 272.000. Dit structurele rentevoordeel wordt grotendeels veroorzaakt door: • leningen die tegen een lager rentepercentage zijn aangetrokken; • het tijdspad waarover wordt gerekend: in de raming is gerekend vanaf juni, terwijl de lening is aangetrokken in december.
Dit geeft een voordeel op de transitorische rente; • een lagere herfinanciering van € 18 miljoen t.o.v. de bijgestelde begroting 2020 (verwachting € 68 miljoen, aangetrokken € 40 miljoen). Het structurele rentevoordeel zal worden verwerkt in de Kaderbrief 2022. 5. Deelnemingen De dividenduitkering BNG over 2019 is volledig verantwoord in 2020. De betaling heeft nog niet plaatsgevonden omdat banken dividenden onder strikte voorwaarden uitkeren. Na aanleiding daarvan heeft de BNG besloten de ruimte die de Europese Centrale Bank (ECB) biedt een beperkt deel in maart 2021 uit te keren (en het restant later). Voor het jaar 2020 zal de BNG het dividend niet voor eind september 2021 uitkeren. Daarnaast is de BNG onderworpen aan eventuele toekomstige aanbevelingen van de ECB. 6. Incidentele baten en lasten Het saldo van incidentele baten en lasten geeft per saldo een nadeel van € 156.000. Dit nadeel wordt grotendeels veroorzaakt door: • een extra dotatie oninbaarheid van € 91.000 om de toereikendheid van de voorziening dubieuze debiteuren op het gewenste niveau te brengen; • het geschil met de belastingdienst en de houdstermaatschappij Energiebedrijf Zaanstreek Waterland (EZW) in liquidatie is beëindigd. De verwachting was dat Purmerend een bedrag van € 172.277 aan dvidend zou ontvangen.
De ontvangst blijkt nu lager te zijn (€ 108.760) en is direct het gevolg van het sluiten van een compromis met de belastingdienst (door toepassing verlies-compensatie, geen beroep op de vrijstelling en de belastingrente). Het ontstane nadeel van afgerond € 64.000 is nu als incidentele last verwerkt. De gehele afwikkeling van de vennootschap in liquidatie zal plaatsvinden in 2021 en onderdeel uitmaken van de tussenrapportage. RESERVES Er zijn binnen het overzicht algemene dekkingsmiddelen geen reserves.
71
Jaarstukken 2020 | Financiële Overzichten
STRUCTURELE EFFECTEN Onderwerp (-/- is lagere baten / lasten x € 1.000)
Lasten
Baten
-
320
Hoger rentevoordeel op aangetrokken langlopende leningen
INCIDENTELE BATEN EN LASTEN Onderwerp (-/- is lagere baten/lasten x € 1.000) Afwikkelingsverschil dividenduitkering EZW Coronacompensatie Rijk Totaal
72
Jaarstukken 2020 | Financiële Overzichten
Lasten
Baten 64
-
-
361
64
361
Het financieel resultaat 2020
2
ALGEMEEN In het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) is bepaald dat alle toevoegingen en onttrekkingen aan reserves plaatsvinden in het kader van de resultaatbestemming. Het resultaat vóór bestemming bestaat uit de resultante van het totaal van baten en lasten. Dit volgens de diverse programma’s, de overhead en de algemene dekkingsmiddelen. We verwerken hierop als resultaatbestemming de toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves. Tot slot geven we het resterende resultaat een bestemming. De resultaatbestemming is een bevoegdheid van de raad. Alle stortingen in en onttrekkingen aan de reserves vereisen dus goedkeuring van uw raad. Dit kan expliciet bij de resultaatbestemming van de rekening of vooraf bij de vaststelling van de begroting en/of tussentijds door vaststelling van de tussenrapportages of afzonderlijke raadsbesluiten. RESULTAAT VÓÓR BESTEMMING Het resultaat vóór bestemming vloeit voort uit de afzonderlijke programma's (1 t/m 10) en de onderdelen overhead en algemene dekkingsmiddelen (inkomsten van de gemeente zonder een vooraf bepaald bestedingsdoel). Daarbij bestaat een verband tussen de mutaties op de reserves en de uitgaven en ontvangsten in de programma's. Voor sommige uitgaven is immers in het verleden een bestemmingsreserve gevormd.
Het resultaat vóór bestemming vindt u toegelicht in de hoofdstukken per programma en bij de algemene dekkingsmiddelen. Tabel: Totaaloverzicht lasten en baten per programma (bedragen x € 1.000)
Bedragen (x € 1.000)
01 Publieksdiensten 02 Samenleving
Primitieve begroting 2020
Begroot primitief bijgesteld 2020
Geboekt 2020
Lasten
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Saldo
-5.792
3.132
-2.660
-6.018
3.419
-2.599
-5.949
3.884
-2.064
-132.260
30.984 -101.276 -149.197 -569
42.312 -106.885 -151.703
03 Wonen
-743
174
-398
174
04 Milieu
-12.257
13.012
755 -12.486
13.352
05 Bereikbaarheid
-3.639
3.564
-74
2.145
06 Beheer openbare ruimte
-23.122
8.614 -14.507 -23.746
8.423 -15.323 -22.994
8.492 -14.503
07 Ruimtelijke ordening
-31.158
30.151
24.916
19.926
-3.859
08 Veiligheid
-7.667
5
-7.662
-7.856
1
-7.855
-7.680
1
-7.679
09 Economie
-1.317
639
-678
-1.248
414
-835
-1.164
281
-883
10 Bestuur en Concern
-9.909
5.206
-4.703 -10.103
5.148
-4.955 -10.288
5.354
-4.933
Overzicht algemene dekkingsmiddelen
-1.074 154.284 153.211
Overzichten overhead/heffing Vpb en onvoorzien
-21.066
Gerealiseerde/geraamde baten en lasten programma's/ overzichten voor resultaatbepaling/bestemming
-250.004 250.020
-3.774
-1.007 -26.662
-224
46.130 -105.573
-230
116
-114
866 -12.540
13.319
779
2.586
-1.067
-1.630
-1.746 -23.785
732 161.270 162.002
254 -20.812 -22.074
-3.652
951 161.718 162.669
288 -21.786 -22.322
16 -262.830 261.860
897 -21.426
-970 -261.358 262.705
1.347
Resultaatbepaling/bestemming: (onttrekking/toevoegingen reserves) - Egalisatiereserves - Bestemmingsreserves - Algemene reserve (incidenteel) Gerealiseerd/geraamd resultaat 2020
73
Jaarstukken 2020 | Financiële Overzichten
-82
161
78
-82
161
78
-134
161
26
-3.039
459
-2.580
-3.606
2.375
-1.232
-4.165
5.352
1.187
-714
4.146
3.432
-1.084
6.106
5.022
-2.284
3.122
839
2.898 -267.941 271.340
3.399
-253.840 254.786
946 -267.603 270.501
RESULTAAT NÁ BESTEMMING Toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves veroorzaken het verschil tussen het resultaat vóór bestemming en het resultaat ná bestemming. In de tabellen is weergegeven hoe het rekeningresultaat 2020 na bestemming tot stand kwam. In tabel 1 staat een overzicht van de mutaties op de bestemmings-, egalisatie- en algemene reserve(s). Tabel 1: Bestemmings-, egalisatie- en algemene reserve(s) (bedragen x € 1.000)
(-/- = nadeel exploitatie en +/+ = voordeel exploitatie)
Programmanummer en omschrijving
Begroting bijgesteld 2020
Rekening 2020
Resultaat programma's 1 t/m 10 (saldo van de baten en lasten)
-141.186
-139.897
Saldo algemene dekkingsmiddelen
162.002
162.669
Overzicht Overhead
-21.736
-21.426
Heffing Vennootschapsbelasting
-0
-
Onvoorzien
-50
-
Gerealiseerde/geraamde baten en lasten programma's/overzichten voor resultaatbepaling/bestemming
-970
1.347
78
26
78
26
Resultaatbepaling/bestemming 2020 via egalisatiereserves: Reserve Begraafrechten
06. Beheer openbare ruimte
Subtotaal mutaties egalisatiereserves Resultaatbepaling/bestemming 2020 via bestemmingsreserves: Reserve Sociaal domein
02. Samenleving
389
389
Reserve Woningbuwprogrammering
03. Wonen
-1.867
-1.867
Reserve Woonvisie
03. Wonen
77
23
Reserve Duurzaamheid
04. Milieu
-440
-310
Reserve Parkeren
05. Bereikbaarheid
-353
-358
Reserve Gronden
07. Ruimtelijke ordening
963
3.155
Reserve Regionale Samenwerkingsverband Zaanstreek/Waterland
09. Economie
Subtotaal mutaties bestemmingsreserves
-
155
-1.232
1.187
Resultaatbepaling/bestemming 2020 via algemene reserve: Sloopkosten obs de Wheermolen
besluit 1491534
270
-
Woningbouwprogrammering
besluit 1514611
2.000
2.000
Pilot aardgasvrij
besluit 1480149/1514611
481
156
Onderhoud bomen
besluit 1514611
102
-
Exploitatiebudget openbare ruimte
besluit 1514611
392
287
Herinrichting openbare ruimte wagenweggebied
besluit 1410634
100
100
Herinrichting Overwhere en Wheermolen
besluit 1491534
733
-
Uitgifte Slotplein
besluit 1511624
-370
-370
Exploitatiebudget ruimtelijk Spinnekop en Purmerweg
besluit 1514611
107
102
Stimuleren groene daken en gevels
besluit 1514611
50
26
Fusie Purmerend en Beemster
besluit 1480149
886
452
Financieel resultaat 2019 cf. begroting 2020
besluit 1452589
635
-
Maatregelen Coronavirus
besluit 1511624
350
-
-
-1.199
-714
-714
Subtotaal mutaties algemene reserve
5.022
839
Gerealiseerd/geraamd resultaat 2020
2.898
3.399
Tussentijdse winstneming grondexploitaties (cf MPG) Versterking algemene reserve (rente, cf. begroting 2016)
besluit 1222898
De afzonderlijke reserves en mutaties zijn toegelicht in de toelichting per programma en in de bijlage 'overzicht reserves'. In het programma worden bestedingen toegelicht en in de bijlage het doel en de voeding van de reserve.
74
Jaarstukken 2020 | Financiële Overzichten
Het resultaat van de baten en lasten op de programma's en overzichten vóór bestemming bedraagt € 1.347.076 voordelig (begroot na wijzigingen: € 970.361 nadelig). Na de mutaties op de bestemmings-, egalisatie- en algemene reserve bedraagt het rekeningresultaat € 3.399.243 voordelig (begroot na wijzigingen € 2.898.046 voordelig). In 2020 is € 6.105.754 aan onttrekkingen en € 1.084.057 aan toevoegingen aan de algemene reserve begroot. In de jaarrekening is € 3.122.136 onttrokken en € 2.283.514 toegevoegd aan de algemene reserve. De onttrekkingen aan de algemene reserve zijn lager dan begroot omdat op de specifieke onderdelen waar deze onttrekkingen voor bedoeld waren minder is uitgegeven dan begroot. Daarnaast zijn de toevoegingen hoger dan begroot door de winstnemingen op de grondexploitaties die gebaseerd zijn op de nieuwe regel: 50% naar de algemene reserve en 50% naar de reserve gronden. Tabel: Voorstel resultaatbestemming (bedragen x € 1.000)
Voorgestelde bestemming resultaat:
Programmanummer en omschrijving
Gerealiseerd/geraamd resultaat 2020
Begroting bijgesteld 2020
Rekening 2020
2.898
3.399
Invoeringskosten Wet inburgering
02. Samenleving
-
159
Vrouwenopvang (gelden Duvo)
02. Samenleving
-
66
Onderzoekskosten milieubeheer
04. Milieu
-
34
Doorschuiven projecten beheer groen, kunstwerken en wegen
06. Beheer openbare ruimte
-
534
Stadspromotie
09. Economie
-
38
Fusie Purmerend en Beemster
10. Bestuur en concern
-
59
Saldo voorgestelde resultaatbestemming rekening 2020
-
890
Toevoeging algemene reserve na resultaat bestemming
2.898
2.509
VOORGESTELD BESTEMMINGSRESULTAAT Invoeringskosten Wet inburgering (programma 2 Samenleving) In 2020 zijn de invoeringskosten voor de nieuwe Wet inburgering beschikbaar gesteld vanuit het gemeentefonds. Deze wet treedt in op 1 juli 2021. Voorgesteld wordt om € 159.495 beschikbaar te houden voor de invoering in het eerste halfjaar van 2021 en toe te voegen aan het exploitatiebudget participatie maatschappelijke begeleiding. Vrouwenopvang (programma 2 Samenleving) In 2020 zijn gelden ontvangen vanuit de gemeente Zaanstad m.b.t. de decentralisatie uitkering vrouwenopvang (zgn. DUVO gelden). Gemeente Zaanstad is hierin een centrumgemeente om gelden zelf of met omliggende regiogemeenten te besteden. De gelden die in 2020 zijn ontvangen, worden in 2021 uitgevoerd. Voorgesteld wordt om € 65.649 beschikbaar te houden voor de uitvoering in 2021en toe te voegen aan het exploitatiebudget maatschappelijke ondersteuning voorliggende voorzieningen. Onderzoekskosten (asbestfonds) milieubeheer (programma 4 Milieu) Het zakelijke asbestfonds is nog niet opgericht om hier geld in te storten. Het particuliere asbestfonds is inmiddels opgericht, maar het blijkt dat de informatie nog niet voorhanden is hoe Purmerend hieraan kan deelnemen. Voorgesteld wordt om dit budget van € 34.000 over te hevelen naar 2021 en toe te voegen aan het exploitatiebudget algemeen milieubeheer.
Doorschuiven projecten beheer groen, kunstwerken en wegen (programma 6 Beheer openbare ruimte) In 2020 zijn de middelen voor groen, kunstwerken en wegen voor planmatige onderhoudswerkzaamheden niet geheel tot besteding gekomen (€ 533.687). Dit betreft nog uit te voeren: • Groen: projecten Persijnlaan en Dunning Eilanden € 90.000
75
Jaarstukken 2020 | Financiële Overzichten
• Kunstwerken: projecten Beweegbare bruggen en inventarisatie en inspectie KW Areaal voor respectievelijk € 96.639 en € 57.170 • Wegen: projectmatige asfalterings- en wegwerkzaamheden en project Overwhere Zuid voor respectievelijk € 189.387 en € 100.492 Voorgesteld wordt om deze bedragen in 2021 toe te voegen aan het exploitatiebudget openbare ruimte (groen, kunstwerken en wegen). Stadspromotie (programma 9 Economie) Er is minder geïnvesteerd in het merk Purmerend Waterlandsgoed in lijn met de evaluatie waarin Purmerenders kenbaar maakten zich onvoldoende te herkennen in het merk. De geplande campagnes zijn geannuleerd en activiteiten en evenementen en de daaraan gekoppelde campagnes zijn niet doorgegaan. In plaats daarvan is met stadspromotie ingezet op het ondersteunen van lokale ondernemers in tijden van corona (koop lokaal en Purmerend winkelstad) en het tot stand brengen en etaleren van de prachtige sociale verbindingen in de stad in tijden van corona (aandacht voor elkaar). Gevraagd wordt om her restantbudget 2020 van € 38.000 beschikbaar te houden voor 2021 en toe te voegen aan het exploitatiebudget binnen economische zaken. Fusie Purmerend en Beemster (programma 10 Bestuur en concern) De verwachting bij de 2e Tussenrapportage 2020 was dat van het budget van € 511.000 in 2020 voor € 375.000 niet uitgegeven zou worden.
De harmonisatiewerkzaamheden zijn grotendeels met inzet van eigen mensen gedaan. In 2021 was dit extra budget nodig omdat met name het plan van aanpak ICT laat zien dat er meer geld benodigd is. Naar nu blijkt is het over te hevelen bedrag hoger geworden in 2020 en wordt voorgesteld een extra bedrag van € 59.000 beschikbaar te houden voor 2021 en toe te voegen aan het exploitatiebudget bestuurlijke fusie Beemster 2021. NA BALANSDATUM GEBLEKEN GEBEURTENISSEN Eind februari 2020 is Nederland getroffen door het COVID-19 (corona) virus. Het coronavirus heeft behoorlijke impact gehad op de financiële gevolgen op veel beleidsterreinen voor de jaarrekening 2020. We monitoren onze risico’s en die van onze partners voortdurend. De gemeente loopt geen risico ten aanzien van de continuïteit. We bewaken onze liquiditeitspositie goed en nemen zo nodig maatregelen om onze taken gedurende deze crisis zo goed mogelijk te blijven uitvoeren. Verder blijkt dat de financiële compensatie voor diverse maatregelen voor 2020 uit het nieuwe aanvullende pakket zal worden verwerkt in 2021, nadat het ministerie BZK de bedragen per gemeente heeft bepaald en beschikt. Ook zal een eindafrekening over 2020 in 2021 afgerekend worden m.b.t. de rijkscompensatie. INCIDENTELE BATEN EN LASTEN AAN DE RESERVES
Onderwerp (-/- is lagere baten/lasten x € 1.000) Besteding jeugdmiddelen Toevoeging aan reserve woningbouwprogrammering t.l.v. algemene reserve
Lasten
Baten
-
389
2.000
Bijdrage Wagenweg 10 (particulier initiatief) i.v.m. sociale woningbouw
133
Bijdrage Wmo aan tijdelijke woningen
21
Bijdrage duurzaamheidsinitiatieven
480
-
-
170
Bijdrage nieuwe parkeergarage
358
-
Winstneming grondexploitaties
2.464
-
-
177
Aardgasvrij maken 104 corporatiewoningen Merwedestraat
Bijdrage BOL-locaties algemeen (onderzoeksbudget) Bijdrage particuliere initiatieven
44
24
370
Opnemen verliesvoorziening Wheermolen Oost
-
3.171
Bijdrage Project Purmerend 2040
-
140
76
Jaarstukken 2020 | Financiële Overzichten
Onderwerp (-/- is lagere baten/lasten x € 1.000)
Lasten
Baten
Bijdrage visie Stationsgebied
-
469
Bijdrage wettelijke onderzoek flora en fauna
-
180
-
16
Besteding De Koog-locaties algemeen (kaart milieusonering) Verkoop grond verbeteren dijk
25
-
Besteding omgevingswet
13
Besteding regiomiddelen
-
155
Herinrichting openbare ruimte Wagenweggebied
-
100
Projectuitvoering wegen en kunstwerken
-
287
Bijdrage in de kosten Spinnekop 2/Segesta
-
102
Bijdrage groene daken en gevels
-
26
Bijdrage pilot aardgasvrije wijken
-
156
Onttrekking aan de algemene reserve t.b.v. de reserve woningbouwprogrammering
-
2.000
Uitvoering verkoop Slotplein
370
-
Versterking algemene reserve (rente)
714
-
-
452
6.457
8.549
Besteding projectbudget fusie Purmerend-Beemster Totaal
STRUCTUREEL RESULTAAT/EVENWICHT Toelichting De gemeente moet volgens de Gemeentewet een overzicht van van structureel en reëel evenwicht opnemen in de jaarrekening. In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) zijn hier nadere regels over vastgelegd. De raad en de financieel toezichthouder zijn daardoor in staat om vast te stellen of er sprake is van een structureel en reëel evenwicht. Van structureel evenwicht is sprake als de structurele (meerjarige) lasten worden gedekt door structurele baten. De uitgewerkte tabel voor de bepaling van het structureel resultaat is hierna opgenomen. Die tabel bevat het voorgeschreven: • Overzicht van de incidentele baten en lasten per programma (zie de hoofdstukken in de programma's, onderdeel wat heeft het gekost); • Overzicht van de structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves (zie hoofdstuk financieel resultaat). De mutaties in 2020 zijn beoordeeld op het incidentele karakter (met uitzondering van de coronakosten en opbrengsten). Voor 2020 is het structureel resultaat € 4,226 miljoen aangezien de structurele lasten (€ 255,1 miljoen) worden gedekt door (hogere) structurele baten (259,4 miljoen).
Bedragen x € 1.000
Realisatie 2019
Prim.begr. 2020
Realisatie 2020
Baten en lasten Lasten
237.971 250.003
261.358
Baten
250.495 250.019
262.705
Saldo van baten en lasten
12.524
16
1.347
Toevoegingen aan reserves
15.109
3.836
6.583
Onttrekkingen aan reserves
5.777
4.766
8.635
Mutatie reserves
-9.332
930
2.052
Resultaat 2020
3.192
946
3.399
Incidentele lasten
19.949
2.961
6.354
Incidentele baten
30.144
1.382
3.435
Incidenteel saldo van baten en lasten
10.195
-1.579
-2.919
Incidentele toevoegingen aan de reserves
14.544
2.714
6.457
Incidentele baten en lasten
77
Jaarstukken 2020 | Financiële Overzichten
Bedragen x € 1.000
Realisatie 2019
Prim.begr. 2020
Realisatie 2020
Incidentele onttrekkingen aan de reserves
5.171
4.464
8.549
Incidentele mutatie reserves
-9.373
1.750
2.092
Incidenteel resultaat
822
171
-827
Structureel resultaat
2.370
776
4.226
78
Jaarstukken 2020 | Financiële Overzichten
Overzicht overhead, VPB en onvoorzien
3 OVERHEAD
Inleiding De indirecte kosten (overhead) worden begroot en verantwoord in het overzicht overhead. Indirecte kosten zijn kosten die niet rechtstreeks samenhangen met een product. Voorbeelden van overheadkosten zijn managementkosten, huisvestingskosten, automatiseringskosten, personeelsgebonden kosten. WAT HEBBEN WE DAARVOOR GEDAAN • Het project kwaliteitsverbetering BAG/WOZ administratie is in 2020 afgerond. De omzetting naar taxeren op gebruiksoppervlakte (GBO) zal in 2021 plaatvinden. Er zal met name gecontroleerd worden of er grote waardeverschillen ontstaan ten opzichte van het taxeren op inhoud. • De Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG), de Basisregistratie Grootschalige Topografie • (BGT) en de Basisregistratie Ondergrond (BRO) worden jaarlijks aan een zelfevaluatie onderworpen (ENSIA) en behalen alle drie een hoge score (>78%) op de diverse wettelijke kwaliteitseisen voor betreffende basisregistraties. • Het Datalab en het onderzoeksteam B&I in 2020 hebben samen een grote sprong voorwaarts gemaakt in het aanleveren van data, rapportages en monitors die nodig zijn voor de bestuurlijke verantwoording voor o.a wonen, schuldhulpverlening, jeugd en WMO. Het lukt steeds beter om data om te zetten naar informatie door nieuwe technieken en regie op data. Voor het komende DSO zijn inmiddels 200 informatieve kaarten over de stad in Atlas gezet.
De wijze waarop Atlas is ontwikkeld (open source) is eind 2020 beloond met een VNG stimulering subsidie van € 30.000 om Purmerend in staat te stellen om samen met andere gemeenten het product Atlas verder te ontwikkelen. • Onder regie van het Waterlands Archief is in 2020 een start gemaakt met het digitaliseren van de bouwdossiers. Dit project strekt zich uit over meerdere jaren tot en met 2024. Het digitaliseren van de dossiers is van belang voor het toekomstige Omgevingsloket. Financieel overzicht overhead PGR12
Realisatie 2019
Begroting 2020 primitief
Begroting 2020 bijgesteld
Realisatie 2020
Afwijking
Lasten
-21.641
-21.016
-22.024
-22.322
-299
Baten
997
254
288
897
609
Saldo
-20.644
-20.762
-21.736
-21.426
310
Het overzicht heeft per saldo een voordelige afwijking van € 310.000. Dit komt door € 299.000 hogere lasten en € 609.000 hogere baten. De afwijkingen zijn incidenteel tenzij anders vermeld. Afwijkingen overzicht overhead BV121 OVERHEAD
Lasten
Baten
Frictiekosten domeinen De afwijking op frictiekosten wordt veroorzaakt door kosten in verband met bovenformatief personeel en afgesloten vaststellingsovereenkomsten..
-367
Dit betreft ontvangen vergoedingen en opbrengsten detacheringsovereenkomsten van bovenformatief personeel.
234
Huisvesting / Facilitair De nadelige afwijking wordt grotendeels veroorzaakt door een extra storting van € 259.000 in de voorziening onderhoud gemeentelijke gebouwen. Bij de actualisatie van het meerjarenonderhoudsplan gebouwen is een extra storting in de voorziening noodzakelijk
79
Jaarstukken 2020 | Financiële Overzichten
-124
BV121 OVERHEAD
Lasten
Baten
gebleken. Daarnaast zijn er hogere kosten voor schoonmaak en lagere kosten voor dagelijks onderhoud stadhuis, kantoorartikelen, repro, catering etc. Informatievoorziening Bij informatievoorziening zijn een aantal afwijkingen te zien. Hogere kosten voor licenties, software, het zaaksysteem en lagere kosten voor mobiele telefonie resulteren in totaal in een nadelige afwijking van € 167.000
-167
Overige verrekeningen / doorbelastingen Ten laste van investeringen, grexen, anterieure overeenkomsten / particuliere initiatieven worden overheadkosten doorbelast. Deze doorbelasting is gekoppeld aan / gebaseerd op de urenbesteding ten laste van deze onderdelen. In 2020 zijn aanmerkelijk meer uren doorbelast op de genoemde onderdelen zodat dit leidt tot een hogere doorbelasting van overheadkosten, een voordelige afwijking.
654
Personeel De afwijking wordt voornamelijk veroorzaakt door hogere / niet begrote inhuurkosten van personeel.
-289
Dit betreft doorbelastingen van personeelskosten en opbrengsten van detacheringsinkomsten met betrekking tot vast personeel.
310
Totaal
-293
544
VENNOOTSCHAPSBELASTING PGR13
Realisatie 2019
Begroting 2020 primitief
Begroting 2020 bijgesteld
Realisatie 2020
Afwijking
Lasten
-
-0
-0
-
0
Saldo
-
-0
-0
-
0
In 2018 is de aangifte vennootschapsbelasting 2017 ingediend. In 2020 zijn inmiddels ook de aangiften 2018 en 2019 gedaan en een correctie op de voorlopige, ambtshalve, aanslag 2020 van de Belastingdienst. In de aangifte 2017, 2018 en 2019 is een fiscaal verlies opgenomen, die verrekend is met de voorlopige (tussentijdse) winst 2020. De aanslag c.q. vooruitbetaling 2020 zal verrekend worden met de verliezen in de periode 2021 tot en met 2027 en de winsten vanaf 2028. De uitgangspunten van de aangifte 2017 worden momenteel afgestemd met de Belastingdienst. Naar verwachting zal dit in het 1e halfjaar 2021 zijn. ONVOORZIEN PGR14
Realisatie 2019
Begroting 2020 primitief
Begroting 2020 bijgesteld
Realisatie 2020
Afwijking
Lasten
-
-50
-50
-
50
Saldo
-
-50
-50
-
50
Het saldo van incidentele baten en lasten geeft per saldo een voordeel van € 50.000. Dit is inclusief een bedrag van onvoorziene uitgaven, die voldoen aan de volgende criteria: • op het moment van totstandkoming van de begroting waren de kosten nog niet te voorzien; • het is niet mogelijk om deze kosten te vermijden; • de kosten zijn niet uit te stellen naar de toekomst voor afweging bij de volgende Kadernota. In 2020 is de post onvoorzien van € 50.000 niet aangesproken door de raad.
80
Jaarstukken 2020 | Financiële Overzichten
D E �
P A R A G R A F E N
Lokale heffingen
1
ALGEMEEN Overeenkomstig artikel 26 BBV verantwoorden we in deze paragraaf wat we in de paragraaf Lokale heffingen bij de begroting hebben opgenomen. KOSTENDEKKENDHEID VAN DE HEFFINGEN In onderstaande tabellen staat inzichtelijk welk percentage kostendekkendheid in de bijgestelde begroting was geraamd en in de rekening is gerealiseerd. Tabel kostendekkendheid product afvalverwijdering
Bedrag in €
Prinitieve begroting 2020
Bijgestelde begroting 2020
Rekening 2020
Lasten
10.707.153
10.480.306
10.602.900
Btw
1.151.101
1.151.101
1.151.101
Overhead
1.319.353
1.668.634
1.668.634
Totaal lasten
13.177.607
13.300.041
13.422.635
Baten
13.009.697
12.786.444
12.977.923
Saldo
167.910
513.597
444.712
Corona effect (dekking algemene reserve)
-
-345.687
-345.687
Onttrekking voorziening afvalstoffenheffing
-167.910
-167.910
-99.025
-
-
-
Dotatie voorziening afvalstoffenheffing Kostendekkendheid Kostendekkendheid in %
-
-
-
100%
100%
100%
In de berekening van het tarief afvalstoffenheffing hielden we rekening met € 1,2 miljoen extra dekking door btw die we aan inwoners doorrekenen. De mutatie van de overhead is toegelicht in de eerste bestuursrapportage. In 2019 was € 250.324 beschikbaar in de voorziening afvalstoffenheffing. Hiervan is in 2020 € 167.910 onttrokken voor het tarief afvalstoffenheffing 2020. Door een positief resultaat over 2020 van € 68.885 is de onttrekking aan de voorziening per saldo € 99.025. Van het saldo van de voorziening ultimo 2020 (€ 151.299) is € 82.414 betrokken bij de tariefstelling van de afvalstoffenheffing 2021 en € 68.885 wordt in de voorziening aangehouden om mogelijke tegenvallers binnen afvalbeheer, zoals de marktwerking op de tarieven van de diverse afvalstromen, op te kunnen vangen. Het tarief van de afvalstoffenheffing 2020 is volledig kostendekkend. Tabel kostendekkendheid product riolering
Bedrag in €
Primitieve begroting 2020
Bijgestelde begroting 2020
Rekening 2020
Lasten
6.049.058
5.648.062
Btw
720.104
720.104
5.465.413 720.104
Overhead
751.374
1.152.370
1.152.370
Totaal lasten
7.520.536
7.520.536
7.337.887
Baten
7.408.155
7.408.155
7.339.294 -1.407
Saldo
112.381
112.381
Onttrekking voorziening gemeentelijke watertaken
-112.381
-112.381
-
-
-
1.407
Dotatie voorziening gemeentelijke watertaken
81
Jaarstukken 2020 | De Paragrafen
Primitieve begroting 2020
Bedrag in € Kostendekkendheid Kostendekkendheid in %
Bijgestelde begroting 2020
Rekening 2020
-
-
-
100%
100%
100%
In de berekening van het tarief rioolheffing hielden we rekening met € 0,7 miljoen extra dekking door btw die we aan inwoners doorrekenen. De mutatie van de overhead is toegelicht in de eerste bestuursrapportage. In 2019 was € 2.191.318 beschikbaar in de voorziening gemeentelijke watertaken. Als gevolg van doorgeschoven werkzaamheden is in 2020 per saldo € 1.407 gedoteerd aan de voorziening gemeentelijke watertaken. Het saldo van de voorziening bedraagt ultimo 2020 € 2.192.726. Het tarief van de rioolheffing 2020 is volledig kostendekkend. Tabel overige producten inzake kostendekkendheid Bedrag in € 1.000
Primitieve begroting 2020
Bijgestelde begroting 2020
Rekening 2020
Leges Omgevingsvergunningen Lasten
2.060
2.120
2.053
Baten
2.095
2.464
2.705
Saldo
-35
-344
-651
Kostendekkendheid in %
101
116
131
Lasten
2.901
3.015
2.929
Baten
864
887
1.014
Saldo
2.037
2.128
1.915
30
29
35
Lasten
589
684
658
Baten
618
500
486
Saldo
-29
185
171
Kostendekkendheid in %
105
73
74
Lasten
165
182
170
Baten
126
75
62
Saldo
39
108
108
Kostendekkendheid in %
76
41
37
Leges Burgerzaken
Kostendekkendheid in % Leges Begraafplaatsen
Leges Markten
Gerealiseerde aantallen beïnvloeden voor de meeste legessoorten het percentage kostendekkendheid. Die zijn variabel en niet altijd goed vooraf in te schatten. De lasten betreffen voornamelijk personeel en zijn minder variabel. DE GERAAMDE INKOMSTEN Tabel baten met betrekking tot de lokale heffingen Raming 2020 na wijziging
Werkelijk 2020
- gebruikers (alleen bedrijven) 2.046.959
2.046.959
2.026.837
- eigenaren
11.725.775
11.777.149
Soort
Raming 2020 voor wijziging
Onroerende zaakbelasting (OZB):
82
11.725.775
Jaarstukken 2020 | De Paragrafen
Raming 2020 na wijziging
Werkelijk 2020
Belasting op roerende woon- 11.658 en verblijfsruimten (RWB)
11.658
14.183
Afvalstoffenheffing
11.775.754
11.775.754
11.806.609
Reinigingsrecht
80.000
80.000
82.190
Rioolheffing
7.253.079
7.253.079
7.286.845
Parkeerbelastingen
3.410.488
2.033.655
2.418.986
Precariobelasting
204.294
54.294
0
Hondenbelasting
411.784
411.784
414.937
Reclamebelasting
150.000
118.000
89.800
Toeristenbelasting
50.000
50.000
55.195*
Bedrijveninvesteringszones (BIZ)
83.425
83.425
52.528
Totaal lokale heffingen
37.203.216
35.644.383
Soort
Raming 2020 voor wijziging
36.115.059
*De vermelde gerealiseerde opbrengst heeft betrekking op het jaar 2019. Bij toeristenbelasting is de hoogte van de verschuldigde toeristenbelasting altijd pas bekend na afloop van het kalenderjaar. De heffing en de invordering van de toeristenbelasting 2020 vindt daarom plaats in 2021. BELEID TEN AANZIEN VAN LOKALE HEFFINGEN De heffing en inning hebben plaatsgevonden overeenkomstig het vastgestelde beleid. Parkeerbelastingen In 2020 zijn er 6694 naheffingsaanslagen opgelegd omdat op het moment van de controle er geen of onvoldoende parkeergeld betaald was. Er zijn 1068 bezwaarschriften ingediend waarvan in 72% van de gevallen het bezwaar gegrond is verklaard. Met name de bezwaren waarbij parkeergeld betaald is met behulp van de smartphone leidt in de meeste gevallen tot toekenning van de bezwaarschriften. Achteraf blijkt dan parkeergeld te zijn betaald, maar heeft de parkeerder een vergissing gemaakt bij het aanmelden van het juiste kenteken met de smartphone bij één van de belproviders. Jurisprudentie van de belastingrechter wijst uit dat in die situaties het bezwaar moet worden toegekend omdat parkeerbelasting betaald is. Precariobelasting Over 2020 zijn er in verband met COVID-19 geen aanslagen precariobelasting opgelegd. Hondenbelasting In juli 2020 is de jaarlijkse huis-aan-huis controle uitgevoerd voor de hondenbelasting.
Deze jaarlijkse controle wordt over 1/3 deel van de gemeente uitgevoerd. De hercontrole heeft in totaal 369 nieuwe aanmeldingen voor de hondenbelasting opgeleverd. Bedrijveninvesteringszones (BIZ) Eind 2019 heeft er een draagvlakonderzoek plaatsgevonden onder de ondernemers in de binnenstad voor het invoeren van een BIZ Binnenstad met ingang van 2020. Na het tellen van de stemmen bleek er onvoldoende draagvlak te zijn onder de ondernemers. Als gevolg hiervan bleef de reclamebelasting voor de ondernemers van de binnenstad van kracht. De opbrengst reclamebelasting wordt na aftrek van de door de gemeente gemaakte perceptiekosten overgemaakt naar de Stichting Binnenstad Ondernemersfonds Purmerend (BOF). BOF organiseert activiteiten in het centrumgebied met als doel klanten te verleiden, het verblijf in de historische binnenstad te
83
Jaarstukken 2020 | De Paragrafen
verlengen en te intensiveren. Het college heeft op verzoek van het bestuur van de Stichting BOF in verband met COVID-19 het eerste kwartaal 2020 niet in rekening gebracht bij de ondernemers. Bezwaarschriften tegen de hoogte van de WOZ waarden In 2020 zijn in totaal 1014 bezwaarschriften (dossiers) ingediend naar aanleiding van de jaarlijkse herwaardering van de woningen en de niet woningen. In 2019 waren er 1039 bezwaarschriften ingediend. In 2019 is in 33% van de gevallen de WOZ waarde verlaagd. In 2020 is in 32% van de gevallen de WOZ waarde verlaagd. Tabel kwijtscheldingen
Omschrijving
Afvalstoffenheffing
Rioolrecht (gebruik)
Totaal
aantal
bedrag
aantal
bedrag
verleend
Automatische kwijtschelding 2019
1.728
556.398
1.728
110.335
666.733
Automatische kwijtschelding 2020
1.758
572.827
1.758
121.452
694.279
kwijtschelding op verzoek 2019
666
199.039
666
39.533
238.572
Kwijtschelding op verzoek 2020
476
146.838
476
31.146
177.984
Totaal 2019
2.394
739.864
2.394
146.775
886.639
Totaal 2020
2.234
719.665
2.234
152.598
872.263
Oninbare posten Jaarlijks vindt er een onderzoek plaats van alle openstaande vorderingen. De mate van verhaalbaarheid is onderzocht. De redenen dat opgelegde aanslagen oninbaar worden verklaard zijn bijvoorbeeld dat burgers verhuizen zonder een nieuw adres door te geven. Ook maken burgers gebruik van de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WNSP). Bij bedrijven gaat het vaak om faillissementen. De controle heeft geleid tot een voorstel om € 172.503 af te boeken als oninbaar van nog openstaande belastingbedragen. Het percentage oninbaar bedraagt hierdoor 0,53% .
84
Jaarstukken 2020 | De Paragrafen
2
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
DOELSTELLING De paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is om niet begrote kosten te dekken. Door de beschikbaarheid van weerstandsvermogen hoeven we bij een financiële tegenvaller in de begrotingsuitvoering niet direct tot een bezuiniging over te gaan. We maken onderscheid tussen incidenteel en structureel weerstandsvermogen. Het eerste is bedoeld voor éénmalige tegenvallers en het tweede voor structurele tegenvallers. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen: A. De weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. B. Alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. OMVANG WEERSTANDSCAPACITEIT Tot de weerstandscapaciteit rekenen we de algemene reserve, stille reserves en de onbenutte belastingcapaciteit. In onderstaand overzicht worden de afzonderlijke onderdelen beschreven. Hierbij staat aangegeven of en voor hoeveel deze onderdelen bijdragen aan de beschikbare weerstandscapaciteit. Overzicht beschikbare weerstandscapaciteit (bedragen maal € 1.000) Onderdeel/Omvang/Duiding
Telt mee voor
Onderdeel: Stille reserves Omvang: Maximaal € 2.000 Duiding: De te verkopen panden en gronden waar bij de verkoop een netto boekwinst kan worden gerealiseerd. Omdat de boekwinst al is verwerkt in de begroting is hier geen bijdrage aan de beschikbare weerstandscapaciteit. Daarnaast is de werkelijke waarde van ons aandelenbezit vele malen hoger dan de nominale waarde zoals deze, conform het BBV, in de balans is opgenomen. Het gaat om de aandelen BNG en HVC. Deze aandelen zijn echter niet vrij verhandelbaar. Het is dan ook niet mogelijk om deze waarde daadwerkelijk te cashen, althans niet op dit moment. Wij tellen de berekende waarde dan ook niet mee voor de bepaling van onze weerstandscapaciteit. Bovendien ontvangen wij voor deze aandelen dividend. Het verkopen van de aandelen leidt dan ook tot structureel lagere inkomsten.
€0
Onderdeel: Onbenutte belastingcapaciteit Omvang: Circa € 7.661 Duiding: Het verschil tussen het belasting OZB in Purmerend en 120% van het landelijk gemiddelde.Tot het niveau van 120% zal hoe dan ook geen sprake zijn van toelating tot artikel 12. Het zijn extra (structurele) middelen die gegenereerd kunnen worden door de gemeentelijke belastingen en rechten te verhogen.De onbenutte belastingcapaciteit is niet meegeteld als beschikbare weerstandscapaciteit. De tarieven voor de overige heffingen zoals de afvalstoffenheffing en de rioolheffing zijn volledig kostendekkend.
€0
Onderdeel: Bestemmingsreserves Omvang: Circa € 18.214 Duiding: Bestemmingsreserves zijn in principe niet vrij inzetbaar in geval van tegenvallers, tenzij er wordt bepaald dat de oorspronkelijke bestemming kan komen te vervallen. Aangezien de Raad de bestemming van het bestemmingsreserve kan veranderen, kunnen ook deze reserves behoren tot de weerstandscapaciteit. Bij de berekening van het weerstandsvermogen wordt de bestemmingsreserve niet meegenomen.
€0
Onderdeel: Algemene reserve Omvang: € 27.917 (incl. resultaat 2020 en excl. resultaatbestemming) Duiding: Bij de omvang is geen rekening gehouden met de voorgestelde resultaatbestemming 2020.
€ 27.917
Beschikbare weerstandscapaciteit eind 2020
€ 27.917
MEEGEWOGEN FINANCIËLE RISICO’S Wat valt er onder risico's en wat niet? Kortingen op algemene en specifieke uitkeringen
85
Jaarstukken 2020 | De Paragrafen
Kortingen op algemene (het gemeentefonds) en specifieke uitkeringen worden ingeschat en verwerkt in de begroting. Het weerstandsvermogen is nadrukkelijk niet bedoeld als buffer hiervoor. De begroting moet hier dus op inspelen. Dat geldt ook voor risico's van het onvolledig kunnen declareren van uitgaven op specifieke uitkeringsregelingen. Deze risico's kunnen we vooraf inschatten en hierop de administratieve organisatie aanpassen. Kosten Voor gebeurtenissen waarvan het zeker is dat ze ontstaan en waarvan de omvang ook bekend is, stellen we voorzieningen in. Bij het weerstandsvermogen kunnen we kosten derhalve buiten beschouwing laten. De voorzieningen zijn ook daadwerkelijk op orde. Rampen en crisis Voor rampen en crisissituaties is een scala aan beheersmaatregelen getroffen. We hebben een rampenplan waarin staat hoe te acteren bij een (dreigende) ramp of crisis.Voor dit risico is de gemeente verzekerd. Als dit niet het geval is dan vallen we terug op de Rijksoverheid. Uiteraard kan er sprake zijn van een financieel nadeel voor de gemeente. Hoeveel kunnen we vooraf niet inschatten. Onze inspanningen zijn er hoe dan ook op gericht om een dergelijke schade te voorkomen, dan wel te minimaliseren. Voor zover binnen onze beïnvloedingssfeer, zorgen we via vergunningen en periodieke toetsing voor het minimaliseren van risico's.
Voor bepaling van de wenselijke omvang van het weerstandsvermogen hebben we de financiële risico's in kaart gebracht. Bij deze risico's hanteren we een ondergrens van € 100.000. Risico's daaronder lichten we hier verder niet toe, omdat het een lange reeks van kleine risico's betreft. Daadwerkelijk opgetreden risico's komen terug als afwijking in de programmarekening ter verklaring van het resultaat. De risico’s die we bij deze paragraaf meenemen zijn de niet reguliere, strategische, niet kwantificeerbare risico’s. De reguliere risico's staan immers in de begroting. Veelal kunnen we deze via een verzekering afdekken. Bij deze risico’s geldt dat we kunnen inschatten of het risico zich daadwerkelijk zal manifesteren en de omvang van het risico. Om de risico’s op te vangen, zijn verschillende maatregelen mogelijk: • Bijstelling van de geldende beleidskaders, hierdoor kunnen we de uitvoeringskosten beperken. Dit kan bijvoorbeeld door de grenzen te verhogen waarboven de gemeente een bijdrage verleent. • Inkomstenverhogende maatregelen nemen wanneer risico’s zich manifesteren op onderdelen met kostendekkende dienstverlening. • Frequent(er) toetsen of het risico zich al voordoet en zo goed mogelijk maatregelen treffen ter beheersing van onzekerheden.
Deze maatregel kunnen we inzetten op die onderdelen waarvan de gemeente de uitkomst niet kan sturen, maar waarvan we de uitkomsten wel kunnen volgen. Doel van de maatregel is dan om te voorkomen dat 'ongemerkt' de begroting en de werkelijkheid uiteen groeien en er nadelen optreden. In de weging van het nodige weerstandsvermogen wordt er vanuit gegaan dat het drie jaar duurt voordat we een structureel effect van de risico’s kunnen compenseren met lagere uitgaven. In de opstelling is niet afgewogen of alle risico's zich gelijktijdig kunnen en zullen voordoen. De risico's zijn daarom opgeteld. Zodra risico's zich daadwerkelijk manifesteren wegen we af of we structurele maatregelen moeten nemen. BENODIGD WEERSTANDSVERMOGEN Het totaal aan benodigd weerstandsvermogen schatten we eind 2020 in op ruim € 18,8 miljoen. In onderstaande tabel staan de actuele onderwerpen en is aangegeven of we voor dit onderwerp rekening houden met benodigd weerstandsvermogen. Ook staat hier welke beheersmaatregel we kunnen inzetten om het risico zoveel mogelijk te verkleinen of uit te schakelen. In de omschrijving is het toegelicht als de huidige inschatting afwijkt van inschatting in de begroting.
86
Jaarstukken 2020 | De Paragrafen
Overzicht meegewogen financiële risico's
Onderwerp/omschrijving/beheersmaatregel
Huidige opname (x € 1.000)
Onderwerp: Participatiewet-inkomensdeel Omschrijving: Gemeenten ontvangen een budget van het Rijk via een specifieke rijksuitkering (BUIG). Hiervan worden de bijstandsuitkeringen betaald. In 2018 en 2019 was er sprake van een overschot (resp. 5% en 7%) en ook 2020 zal waarschijnlijk nog positief kunnen worden afgesloten (1%). In de berekening is al rekening gehouden met de coronacrisis. De ontwikkelingen voor 2021 e.v. zijn op dit moment zeer onzeker, maar dat geldt voor alle gemeenten in Nederland. In het meest negatieve scenario loopt Purmerend voor 2021 een risico van € 3,7 mln. Verwacht wordt dat het Rijk inspeelt op de huidige ontwikkelingen. Voor het risico wordt uitgegaan van een bedrag van € 1,0 miljoen. Beheersmaatregel: Dit risico is ongewijzigd ten opzichte van de begroting 2021.
€ 1.000
Onderwerp: Koepelvrijstelling Werkom Omschrijving: Op dit moment loopt er een discussie tussen Werkom en de belastingdienst met betrekking tot de aangevraagde koepelvrijstelling. Indien de aanvraag niet (volledig) wordt toegewezen bestaat er het risico dat een deel van de btw voor Werkom niet wordt gecompenseerd en dat zij dit in rekening moeten brengen (als kostenverhoging) bij de gemeente Zaanstad en Purmerend. Voor Purmerend bedraagt dit risico € 150.000 per jaar. Beheersmaatregel: Er worden geen aparte beheersmaatregelen ingezet. Dit risico is ongewijzigd ten opzichte van de begroting 2021.
€ 150
Onderwerp: Wmo, Jeugdwet en Participatiewet Omschrijving: : De taken die de gemeente hebben gekregen op het gebied van Wmo, de Jeugdwet en de Participatiewet zijn in de kern open-einde regelingen. Binnen de beleidskaders kunnen zich -zeker bij de jeugdzorg- sprongen in de uitgaven voordoen doordat voor specifieke jongeren plotseling dure voorzieningen moeten worden getroffen. Dit geldt in zekere mate ook voor de Wmo. Specifieke risico's die zich voordoen zijn een stijging van het aantal aanvragen door de (her)invoering van het abonnementstarief, de verplichte tariefsverhogingen in het kader van de loonstijgingen in de zorg en het opnemen van jeugdigen in inrichtingen van verblijf. Hiervoor is in de begroting weliswaar ruimte opgenomen, maar de afgelopen jaren is gebleken dat dit tot onverwachte schommelingen en structurele stijgingen kan leiden. Waar het gaat om de coronacrisis is de ontwikkeling van de uitkeringen ook een risico. Een deel wordt vergoed door het Rijk, maar een deel komt ook voor rekening van de gemeente. Hoe zich dit ontwikkelt is ongewis. Beheersmaatregel: Voor de risico’s was in eerste instantie een bestemmingsreserve ingesteld. Deze is echter inmiddels beklemd door onttrekkingen en de bijramingen in de begroting zijn een veelvoud van de reserve. De VNG praat met het Rijk over mogelijk in te voeren wettelijke beheersmaatregelen bij de Jeugdwet.
De huidige beschikbare beheersmaatregelen zijn minimaal. Bij de Wmo wordt gedacht aan eigen bijdrage dagbesteding, scherper indiceren en monitoren op gebruik. Bij de Participatiewet is vooral de toegang en de actieve geleiding naar werk de belangrijkste beheersmaatregel. Van de meest geëigende maatregel, een budgetplafond, wordt in Purmerend geen gebruik gemaakt omdat dit zorgt voor wachtlijsten. Als risico houden we 2,5% aan van het (netto) begrotingstotaal van Jeugd/Wmo/W&I. Dit risico is gewijzigd ten opzichte van de begroting 2021.
€ 2.025
Onderwerp: Asbestsaneringen Omschrijving: In een aantal gemeentelijke panden, waaronder onderwijsgebouwen, is asbest toegepast. Naar de aanwezigheid van asbest en de mogelijkheden tot sanering is meerdere malen onderzoek gedaan. In een aantal gebouwen is de aanwezige asbest niet verwijderd en kan dit alleen gebeuren als bouwkundige werkzaamheden plaatsvinden. Zolang deze werkzaamheden niet plaatsvinden is er een risico. Als een situatie zich voordoet, worden de werkzaamheden opgepakt en de begroting aangepast. De omvang laat zich niet goed wegen. Als stelpost wordt daarom rekening gehouden met € 0,5 miljoen. Beheersmaatregel: Er worden geen aparte beheersmaatregelen ingezet. Dit risico is ongewijzigd ten opzichte van de begroting 2021.
€ 500
Onderwerp: Proeftuin aardgasvrije wijken Omschrijving: De particuliere woningen zijn zeer verschillend qua inrichting en installatie en daarmee ook de te verrichten werkzaamheden en de te ramen kosten. Een volledig inzicht in de consequenties voor de uitvoeringskosten ontbreekt. De kosten kunnen hierdoor hoger uitvallen. Omdat er ook woningen zijn waarvan de kosten iets lager uitvallen is de kans op overschrijding van de totale kosten beperkt. Er is een kleine kans dat schadeclaims over de uitvoeringswerkzaamheden voor rekening van de gemeente komen. Om inwoners te ontzorgen treedt de gemeente desgevraagd op als opdrachtgever. Dit kan een klein risico geven indien hierdoor schade ontstaat die niet verhaald kan worden op het uitvoerende bedrijf. In vrijwel alle woningen is nog asbest aanwezig. Naar verwachting kan contact met asbest worden vermeden, maar dit is niet in alle gevallen zeker. Als vooraf blijkt dat uitvoering niet mogelijk is, zal uitvoering van de werkzaamheden pas mogelijk zijn als de eigenaar voor sanering heeft zorg gedragen. Als de werkzaamheden zijn aangevangen en er blijkt sprake te zijn van onvermijdelijk asbestcontact, zal dit de uitvoeringskosten aanzienlijk kunnen doen stijgen. Beheersmaatregel: Binnen de ramingen van de werkzaamheden is vanwege de onzekerheden rekening gehouden met een post onvoorzien van 20%.
Mocht dit niet afdoende blijken te zijn, kan het college er voor
€ 50
87
Jaarstukken 2020 | De Paragrafen
Onderwerp/omschrijving/beheersmaatregel
Huidige opname (x € 1.000)
kiezen om minder woningen dan gepland aardgasvrij te maken ten einde binnen de raming te blijven. Dit risico is ongewijzigd ten opzichte van de begroting 2021. Onderwerp: Grondexploitaties Omschrijving: Binnen de grondexploitaties zijn een tweetal risico's berekend: portefeuille en projectrisico's. Voor de portefeuillerisico's wordt een tweetal effecten doorgerekend: het effect van 5% kostenstijging en over de nog geraamde uitgave en het effect van een 1% hogere rentepercentage. Beide macro-economische effecten zijn opgeteld € 5,4 miljoen. Daarnaast zijn per grondexploitatie projectspecifieke risico's berekend, totaal € 2,3 miljoen. Per aparte grondexploitatie wordt dit n ader toegelicht in het Meerjaren Programma Grondexploitaties (MPG). Beheersmaatregel: Per grondexploitatie zijn specifieke maatregelen genomen om het beslag op het weerstandsvermogen te beperken. De omvang van dit risico is gewijzigd ten opzichte van de begroting 2021.
€ 7.737
Onderwerp: Lokaal referendum Omschrijving: De omvang van dit risico is ongewijzigd ten opzichte van de begroting 2021. Beheersmaatregel: Niet van toepassing.
€ 240
Onderwerp: AVG Omschrijving: Sinds de Algemene Verordening Persoonsgegevens (AVG) op 25 mei 2018 in werking is getreden, is er veel gebeurd op privacygebied. De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) controleert en deelt dwangsommen en boetes uit. Burgers dienen klachten in (bij de AP en bij de Functionaris Gegegevensbecherming,VG) en stellen gemeenten bij de rechter aansprakelijk voor door het verkeerd verwerken van hun persoonsgegevens ontstane schade. Tot nu toe zijn de toegekende schadevergoedingen beperkt tot € 500. De dwangsommen en boetes lopen inmiddels voor bedrijven maximaal in de tientallen miljoenen; voor overheden blijven ze op dit moment nog beperkt tot tienduizenden euro’s. Systemen met soortgelijke manco’s draaien ook bij de gemeente Purmerend. Beheersmaatregelen: De gemeente heeft in de afgelopen 1,5 jaar stappen gemaakt in het meer AVGproof werken. Zo is de compliance structuur (inclusief de werkgroepen privacy) grotendeels ingericht. Verwerkersovereenkomsten komen steeds vaker bij het sluiten van een contract tot stand in plaats van naderhand. Aan de soort vragen van medewerkers valt af te leiden dat de bewustwording in de organisatie gegroeid is. Er zijn echter nog genoeg punten waarop risico’s gelopen wordt.
Denk bijvoorbeeld aan het feit dat er nog maar 1 DPIA is afgerond, terwijl er inmiddels veel meer verwerkingen aan een DPIA onderworpen hadden moeten worden; klachten van burgers, het ontstaan van datalekken. Het risico is moeilijk in geld uit te drukken, doordat de bedragen behoorlijk uiteen lopen. Het risico wordt gesteld op p.m. en is t.o.v. de begroting 2021 ongewijzigd.
p.m.
Onderwerp: Wpg Omschrijving: Op 9 maart 2019 is de Wet politiegegevens van toepassing geworden op gemeentelijke BOA’s. Pas in de loop van 2020 is de implementatie van deze wet opgepakt. Aan veel (inrichtings)eisen die deze wet aan de gemeente stelt is daarom nog niet voldaan. Begin maart 2021 levert de externe auditor de eerste externe audit op. Hierin wordt duidelijk op welke punten Purmerend niet voldoet en dus moet verbeteren. De externe audit gaat in kopie naar de AP; nog onbekend is hoe die zal reageren op de naar verwachting negatieve uitkomst van de audit. Beheersmaatregelen: Purmerend staat nog aan het begin van het Wpg-proof worden en loopt dus een risico hiervoor door de AP “op de vingers getikt” te worden. Uit de regio blijkt echter dat Purmerend één van de implementatie-koplopers is. De verwachting is daarom dat dit risico niet onevenredig groot is. In dat opzicht is het risico op reputatieschade veel groter als bekend wordt hoe het met de implementatie van de Wpg gesteld staat. Op basis van deze wet verwerkt Purmerend immers zeer gevoelige – strafrechtelijke – gegevens van burgers. Het risico wordt gesteld op p.m. en is t.o.v. de begroting 2021 gewijzigd.
p.m.
Onderwerp: Loon/prijsstijgingen Omschrijving: In de begroting is rekening gehouden met de laatst afgesloten cao met een looptijd tot 1 januari 2021. Voor de jaren na 2021 is rekening gehouden met een stijging voor lonen inclusief werkgeverslasten van 3 procent per jaar. De stijging van de loonkosten is afhankelijk van de landelijke cao afspraken en de wijzigingen in de werkgeverslasten zoals de werkgeversbijdrage in de pensioenpremie. Vooralsnog gaan wij er vanuit dat de indexering van 3% per jaar voor loon en premies voldoende is hetgeen betekent dat voor de financiële gevolgen van een nieuwe cao per 1-1-2021(na aftrek van de premieverhogingen per 1-1-2021) nog circa 1,9% beschikbaar is voor loonstijgingen en eventuele thuiswerkvergoedingen in de begroting 2021. Een afwijking van 1% geeft een extra last van bijna € 0,6 miljoen. Voor prijsstijgingen op de begrote materiële budgetten is het uitgangspunt dat deze binnen de bestaande budgetten worden opgevangen. Dit betekent dat de (meerjaren) budgetten niet automatisch worden aangepast aan het inflatiepercentage. Alleen waar dit noodzakelijk is verhogen wij het budget met de verwachte prijsstijging. Gezien ons gekozen uitgangspunt kunnen wij in 2021 en volgende jaren geconfronteerd worden met prijsstijgingen, waarmee niet of onvoldoende rekening is gehouden om de hieruit voortvloeiende hogere lasten op te kunnen vangen.
De tarieven voor het lopende jaar zijn vastgesteld en pas per januari van het volgende jaar kunnen deze worden verhoogd. Voor de algemene prijsstijgingen
€ 1.600
88
Jaarstukken 2020 | De Paragrafen
Onderwerp/omschrijving/beheersmaatregel
Huidige opname (x € 1.000)
blijft de inflatie naar de actuele situatie 1,5% meerjarig. Het risico wordt ingeschat op een extra stijging van 0,5% per jaar (uitgaande van een materieel budget van gemiddeld € 50 miljoen), waarvoor een bedrag aan prijsstijgingen van € 1,0 miljoen wordt aangehouden. De omvang van dit risico is niet gewijzigd ten opzichte van de begroting 2021. Beheersmaatregel: Het hogere loon- en prijsniveau wordt in de begroting verwerkt. Hierdoor blijft er minder ruimte over voor nieuwe beleidskeuzes of zal er zelfs moeten worden bezuinigd als er geen sluitende meerjarenbegroting kan worden opgesteld. Onderwerp: Pensioenpremies bestuurders Omschrijving: De pensioenvoorziening voor (ex-)bestuurders is bij een externe partij ondergebracht. Voor de pensioenen van (ex-)bestuurders worden jaarlijks premies gestort. Als gevolg van de dalende rentestanden kunnen eerdere afkoopsommen en betaalde premies ontoereikend blijken voor de dekking van de pensioenverplichting. Omdat de rekenrentes uitgaan van een voortschrijdend gemiddelde, kan deze rente nog verder dalen. De kans op een verdere daling is voor de korte termijn (de komende jaren) nog steeds substantieel. In 2020 is een extra storting benodigd van circa € 384.000 zodat het opgebouwde tegoed conform het benodigde tegoed is. In het benodigde weerstandsvermogen wordt rekening gehouden met een verdere daling van de rekenrente.
De omvang van dit risico is gewijzigd ten opzichte van de begroting 2021. Beheersmaatregel: Er is geen beheersmaatregel tegen de ontwikkelingen op de geldmarkt.
€ 250
Onderwerp: Wachtgeld wethouders Omschrijving: Na het aftreden van wethouders, voor het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd is er een recht op wachtgeld. Voor ex-wethouders die momenteel recht hebben op wachtgeld heeft de gemeente een voorziening gevormd en zijn de lasten afgedekt. Indien een lid van het huidige college zijn/ haar functie neerlegt dan ontstaat er een nieuwe verplichting. De maximale wachtgeldverplichting voor de vijf wethouders van de gemeente bedraagt circa € 1,1 miljoen. Eind 2021 zijn er i.v.m. de fusie met Beemster nieuwe gemeenteraadsverkiezingen. Het is onwaarschijnlijk dat het volledige college tegelijkertijd aftreedt, niet wordt herbenoemd en volledig gebruik maakt van het recht op wachtgeld. De omvang van dit risico is niet gewijzigd ten opzichte van de begroting 2021. Beheersmaatregel: Er is geen aparte beheersmaatregel getroffen. Indien een bestuurder gebruik maakt van wachtgeld wordt de maximale wachtgeldverplichting in de loop van het jaar van aftreden gestort in een wachtgeldvoorziening. Indien sprake is van een terugkeerrecht in een betaalde functie voor het aanvaarden van het ambt, kan de wachtgeldverplichting lager worden ingeschat dan het maximum.