g.-oplegnotitie-8-februari-2024-werkom-exploitatiebijdrage-aan-werkom-diensten-bv
Tekst van het document
Notitie exploitatiebijdrage BV 2023 Datum: Versie: Van:
8 februari 2024 1.0
Inleiding Het participatiebedrijf Zaanstad Purmerend (Werkom) voert voor de 2 deelnemende gemeenten de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW) uit en deeltaken van de ParticipatieWet (PW). De gemeenten hebben hiervoor samen een bedrijfsvoeringsorganisatie (BVO) opgericht genaamd “Participatiebedrijf Zaanstad Purmerend” en een besloten vennootschap (“Werkom diensten BV”) Via de jaarstukken legt Werkom verantwoording af. In de jaarrekening over 2023 van Werkom is een bijzondere post opgenomen (een exploitatiebijdrage van € 477.585). In deze notitie worden de achtergronden toegelicht.
Samenvatting 1. Werkom bestaat t/m 2023 uit 2 entiteiten, (de BVO genaamd Participatiebedrijf Zaanstad Purmerend en Werkom diensten BV). 2. De BVO en de BV zijn fiscaal en organisatorisch één geheel. De splitsing van de geldstromen in beide entiteiten is niet gebaseerd op economische, maar op juridische afwegingen (van aanbestedingstechnische aard). De redenen voor deze splitsing zijn overigens achterhaald: er is daarom een ontbindingsbesluit genomen; de BV wordt in 2024 geliquideerd en opgeheven. De activiteiten en de balansposten worden samengevoegd met die van de BVO. 3. Naast in- door- en uitstroom van personen uit de doelgroepen, is het bieden van passend werk aan personen voor wie uitstroom (nog) geen optie is, een deel van de publieke taak die Werkom voor de gemeenten uitvoert. Dit betreft ‘Beschut werk’ en dit deel is het minst rendabel. 4. De omzetten (uit leveringen en diensten aan derden) tussen de 2 entiteiten zijn niet evenwichtig verdeeld. In de BV staat de volledige omzet Beschut Werk (via het bedrijfsonderdeel Industrie en Diensten, I&D). Bij I&D werken personen met een laag arbeidsvermogen. De netto toegevoegde waarde is laag en de bedrijfskosten zijn hoog. Het tekort loopt elk jaar verder op. In de BV komt onvoldoende omzet uit financieel beter presterende bedrijfsonderdelen om het tekort bij I&D te compenseren.
Het bedrijfsresultaat bij de BV is structureel ongunstig. Voor 2023 werd (zonder maatregelen) een tekort van € 478.210 verwacht. De BV had ultimo 2022 een Algemene reserve van € 695. Per saldo betreft het derhalve € 477.585. 5. In de BVO staan alleen omzetten aan de 2 deelnemende gemeenten, voornamelijk van Groen&Schoon en Business Post&Printing. Deze kennen financieel een gunstiger beeld. De BVO wordt daarmee financieel bevoordeeld t.o.v. de BV. 6. In de jaren 2020 en 2021 waren er externe bronnen om aan te wenden waarmee het tekort in de BV kon worden teruggebracht tot een min-of-meer acceptabel bedrag. Voor 2022 en 2023 is deze optie weggevallen. Voor 2022 is het tekort in de BV ook al gecompenseerd via een extra bijdrage vanuit de BVO. 7. De BVO moet de BV ook voor 2023 via een bijdrage financieel zodanig compenseren dat er in de BV geen tekorten ontstaan. Voor 2023 kan tegelijkertijd het eigen vermogen in de BV worden gelijkgesteld aan het aandelenkapitaal. Dat zal de samenvoeging van de balansposten in 2024 vereenvoudigen: het aandelenkapitaal (€ 50.000) in de BV zal wegvallen tegen de financiële vaste activa in de BVO.
Achtergronden Werkom bestaat uit 2 entiteiten, (Participatiebedrijf Zaanstad Purmerend, de BVO en Werkom diensten BV). De BVO is 100% aandeelhouder van de BV. Op de balans van de BVO staat deze deelname tegen de nominale waarde van het aandelenkapitaal (€ 50.000) opgenomen. Deze keuze is ooit gemaakt o.b.v. een rapport van Proof adviseurs. Het belangrijkste argument hiervoor was dat, via een vrijstelling, de deelnemende gemeenten passend werk direct aan de BVO kunnen gunnen, dus zonder openbare aanbestedingen. Daarvoor is het nodig dat bij de BVO van Werkom alle baten van de 2 deelnemende gemeenten worden geboekt, omzetten en bekostigingen (overdrachten van de 2 gemeenten). Alle omzetten van leveringen en diensten aan alle andere partijen moeten in de BV komen. De BVO en de BV zijn fiscaal en organisatorisch een eenheid. De splitsing van de geldstromen in beide entiteiten is niet gebaseerd op financiële, fiscale of economische afwegingen, maar op juridische gronden (van aanbestedingstechnische aard). Het construct veroorzaakt veel extra administratieve lasten en een onduidelijk financieel beeld omdat consolidatie volgens het BBV niet is toegestaan. De argumenten voor de splitsing zijn achterhaald. Er is daarom door het bestuur een ontbindingsbesluit genomen; de BV wordt in 2024 geliquideerd en opgeheven.
De activiteiten en de balansposten van de BV worden samengevoegd met die van de BVO.
Verdieping In de BVO staat, naast de bekostiging van de PW en de WSW, alleen omzet aan de 2 gemeenten. Deze omzet bestaat vrijwel geheel uit omzet van de bedrijfsonderdelen “Groen en Schoon” (G&S) en “Business Printing en Post” (BPP). De daarin werkzame personen uit de doelgroepen hebben een relatief hoog arbeidsvermogen. Bij deze 2 werksoorten is de Netto Toegevoegde Waarde (NTW) uit de omzet dus ook relatief hoog. In de BV zijn de omzetverhoudingen heel anders, omdat daar de volledige omzet van het bedrijfsonderdeel “Industrie en Diensten” (I&D) in zit. De gemeenten hebben vrijwel geen passende opdrachten voor I&D. Onderstaande grafieken maken de verhoudingen inzichtelijk. Omzetten uit leveringen en diensten 2023 per bedrijfsonderdeel resp. de BVO en de BV:
Bij I&D werken de mensen met lagere loonwaarden; daarom kent I&D een lage NTW. Door de krimp in de personele bezetting, dalen de omzetten terwijl de kosten (bijv. leiding/begeleiding en infrastructuur) vooral vast van aard zijn. De afnemers van de producten en diensten zijn zelden bereid een hogere prijs te betalen.
In 2023 is een eenmalige actie uitgevoerd om de NTW van I&D te verbeteren: door een aantal maanden geen of beperkt inkopen van grondstoffen en halffabricaten te doen, is de voorraad daarvan sterk geslonken. Daarnaast is de omzet verhoogd. Er blijft evenwel sprake van een structureel tekort. Het primaire doel van de omzet uit leveringen en diensten aan klanten is overigens niet financieel rendement. De omzet aan derden bij I&D (dus via de BV) vormt een belangrijke invulling van de publieke taak: passend werk aanbieden aan de personen uit de doelgroep die om redenen niet geplaatst kunnen worden bij reguliere werkgevers of bij andere interne bedrijfsonderdelen. Daarnaast is de inzet van personen uit nieuwe doelgroepen financieel ongunstiger t.o.v. de inzet van WSW-ers. Met name bij Nieuw Beschut is dit duidelijk; hun loonwaarde is geringer dan die van de WSW-ers, terwijl de bekostiging ongunstiger is. Ook hierdoor ontwikkelt het resultaat van de activiteit I&D (en dus de BV) zich in negatieve zin. Deze achtergronden vormen de redenen waardoor het resultaat bij de huidige werkwijze in de BV leidt tot oplopende tekorten.
Conclusie Zonder nadere maatregelen leidde het construct tot steeds hogere tekorten en een oplopend negatief eigen vermogen in de BV. Het financiële beeld in de BVO zou dan juist té positief zijn, hetgeen onjuist is. In overleg met de accountant is besloten aan de BV nogmaals (en voor de laatste maal) een ‘exploitatiebijdrage’ te verstrekken. In woorden luidt deze als volgt: ondersteun vanuit de BVO de activiteiten van de BV zodanig dat er bij de BV een nihilresultaat ontstaat. Voor het boekjaar 2023 compenseert de BVO de tekorten in de BV door een bijdrage van € 477.585 aan de BV te doen. Hiermee wordt tevens het bestaande eigen vermogen op € 50.000 gebracht. Dit voorkomt ook een herwaardering van de kapitaalverstrekking op de balans van de BVO ultimo 2023. Voor 2023 wordt zo het eigen vermogen in de BV gelijkgesteld aan het aandelenkapitaal. Dat zal de samenvoeging van de balansposten in 2024 vereenvoudigen: het aandelenkapitaal (€ 50.000) in de BV zal wegvallen tegen de financiële vaste activa in de BVO. Genoemde exploitatiebijdrage is gebaseerd op een bestuursbesluit, waardoor de primaire belanghebbenden al op de hoogte zijn. Vanaf het boekjaar 2024 zijn de activiteiten van de BV geïntegreerd in die van de BVO en daarmee ook alle geldstromen. Het financiële beeld in de BVO zal dan een completere weergave vormen.