F Jaarstukken 2020 GGD ZW
Tekst van het document
516.644 440.315 229.683 959.319
1.186.642
53.398
39.879
-
-
2.450.000
2.566.667
3.462.717
3.793.188
4.149.502
1.364.763
VLOTTENDE PASSIVA Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd van korter dan één jaar Overige schulden Overlopende passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren Overige vooruitontvangen bedragen die ten bate van van volgende begrotingsjaren komen
3.198.979
2.370.181
696.320
344.034
236.871
345.460
Totaal vlottende passiva
4.132.170 8.281.673
3.059.676 4.424.439
Totaal generaal
11.744.390
8.217.627
47 Jaarstukken 2020 2021.1.0
2.2 Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening __________ GEREALISEERDE BATEN EN LASTEN PER PROGRAMMA Regulier en projecten Baten: Programma 1: Monitoren, signaleren en adviseren Reguliere baten Bijdrage gemeenten Programma 2: Algemene gezondheidszorg Reguliere baten Bijdrage gemeenten Programma 2: Coronabestrijding Reguliere baten Bijdrage gemeenten
Realisatie
1e begrotingswijziging
Begroting
121.033 967.381 1.088.414
967.381 967.381
958.430 958.430
769.638 1.095.420 1.865.058
673.052 1.095.420 1.768.472
673.052 1.077.550 1.750.602
5.983.789 5.983.789
Programma 2: Maatschappelijke gezondheidszorg Reguliere baten Bijdrage gemeenten Programma 2: Jeugd gezondheidszorg Reguliere baten Bijdrage gemeenten Programma 3: Publieke gezondheid bij ongevallen en rampen Reguliere baten Bijdrage gemeenten Programma 4: Toezicht houden Reguliere baten Bijdrage gemeenten Programma 5: Contracttaken Baten contracttaken
Totaal van de baten
48 Jaarstukken 2020 2021.1.0
-
-
10.972 1.103.470 1.114.442
1.103.470 1.103.470
1.091.905 1.091.905
1.373.451 9.082.066 10.455.517
363.715 9.082.066 9.445.781
363.715 8.966.422 9.330.137
147.180 1.475 148.655
274.006 1.475 275.481
274.006 274.006
558.675 8.018 566.693
571.256 8.018 579.274
571.256 571.256
12.832.504 12.832.504
13.333.630 13.333.630
12.064.352 12.064.352
34.055.072
27.473.489
26.040.688
Realisatie
1e begrotingswijziging
Begroting
959.440
610.203
603.772
Programma 2: Algemene gezondheidszorg Reguliere lasten
1.346.363
1.263.276
1.249.155
Programma 2: Coronabestrijding Reguliere lasten
5.957.399
-
-
629.628
717.618
709.282
6.739.690
6.776.326
6.685.256
Programma 3: Publieke gezondheid bij ongevallen en rampen Reguliere lasten
135.240
239.102
238.027
Programma 4: Toezicht houden Reguliere lasten
376.264
396.135
389.832
10.237.890
11.722.887
10.453.609
2.649.818 4.997.661 7.647.479
1.194.771 4.490.171 5.684.942
1.192.062 4.456.693 5.648.755
34.029.393
27.410.489
25.977.688
50.000
50.000
113.000 113.000 -
113.000 113.000 -
Regulier en projecten Lasten: Programma 1: Monitoren, signaleren en adviseren Reguliere lasten
Programma 2: Maatschappelijke gezondheidszorg Reguliere lasten Programma 2: Jeugd gezondheidszorg Reguliere lasten
Programma 5: Contracttaken Lasten contracttaken Overhead
Overhead primaire taak Overhead bedrijfsvoering
Totaal van de lasten Resultaat bedrijfsvoering
-
Resultaat voor mutaties in reserves Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Resultaat voor bestemming en na mutaties in reserves
49 Jaarstukken 2020 2021.1.0
25.679 63.000 177.635 140.314
2.3 Toelichting __________
2.3.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Algemeen De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het BBV daarvoor geeft. Het boekjaar is gelijk aan het kalenderjaar.
Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening
De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van betaalrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen dan wel schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals verlofaanspraken en dergelijke. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar.
Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (reorganisaties) wordt wel een verplichting gevormd. Balans Materiële vaste activa De materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de inkoopprijs en de bijkomende kosten verminderd met de daarop toegepaste afschrijvingen. Afgeschreven wordt over de verwachte economische levensduur vanaf het jaar van investering waarbij gesteld wordt dat het aangeschafte halverwege het investeringsjaar in gebruik wordt genomen. De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren: Pand Vurehout 30 jaar Inventarissen 10 jaar Vervoermiddelen 5 jaar Automatisering 5 jaar Automatisering laptops en tablets 4 jaar Mobiele telefoons 3 jaar Financiële vaste activa De overige uitzettingen met een rente typische looptijd van meer dan één jaar worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voorraden De voorraden zijn gewaardeerd tegen verkrijgingprijs, dan wel lagere marktwaarde.
50 Jaarstukken 2020 2021.1.0
Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar De uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. Liquide middelen De liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Vaste passiva Onder de vaste passiva wordt verstaan het eigen vermogen, de voorzieningen en de vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer. Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit de reserves en het resultaat voor bestemming en na mutaties in reserves volgend uit de jaarrekening. De reserves zijn te onderscheiden in algemene en bestemmingsreserves. In de toelichting op de balans wordt elke reserve afzonderlijk vermeld en afzonderlijk toegelicht. Er wordt geen jaarlijkse rente toegevoegd aan de reserves. Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de desbetreffende verplichting dan wel het voorzienbare verlies. Van een voorziening is sprake als het gaat om te kwantificeren financiële verplichtingen of risico’s. Mutaties in de voorziening vloeien uitsluitend voort uit het aanpassen van de omvang van een voorziening aan een nieuw noodzakelijk niveau. Overige mutaties bestaan alleen uit verminderingen wegens aanwending voor het doel waarvan de voorziening is ingesteld.
In de toelichting op de balans wordt elke voorziening afzonderlijk vermeld en toegelicht. Vlottende passiva Onder de vlottende passiva wordt verstaan de netto-vlottende schuld met een rente typische looptijd korter dan één jaar en de overlopende passiva. De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Niet in de balans opgenomen belangrijke financiële verplichtingen In de toelichting op de balans wordt een zo getrouw mogelijk beeld geschetst van verplichtingen die de gemeenschappelijke regeling is aangegaan, maar die niet uit de balans blijken. Voorbeelden hiervan zijn: langlopende leasecontracten en huurovereenkomsten. Grondslagen resultaat Toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves geschieden op basis van bestuursbesluiten. Het jaarresultaat wordt na vaststelling van de rekening verdeeld conform het door het bestuur genomen besluit.
2.3.2 Toelichting op de balans per 31 december 2020 ACTIVA VASTE ACTIVA Materiële vaste activa In 2020 heeft er voor een bedrag van € 620.717 investeringen plaatsgevonden met betrekking tot nieuw kantoormeubilair, automatisering en implementatie Afas.
Overige investeringen met een economisch nut
51 Jaarstukken 2020 2021.1.0
Boekwaarde 31-12-2020 4.711.780
Boekwaarde 31-12-2019 4.488.255
4.711.780
4.488.255
Het onderstaande overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de overige investeringen met economisch nut weer. Boekwaarde 31-12-2019
Investeringen
1.000.000 2.559.471 1.062 927.722
-
4.488.255
Overige investeringen met economisch nut Gronden en terreinen Bedrijfsgebouwen Vervoermiddelen Overige materiële vaste activa
Afschrij- Buitengebruik vingen gesteld
Boekwaarde 31-12-2020
-
620.717
179.883 1.062 216.247
1.000.000 2.379.588 1.332.192
620.717
397.192
-
4.711.780
Afschrijvingen vinden plaats conform hetgeen is opgenomen in de financiële verordening GGD. Voor transportmiddelen wordt een afschrijvingstermijn van 5 jaar gehanteerd. Voor het pand Vurehout wordt een afschrijvingstermijn van 30 jaar gehanteerd. Voor de aanschaf van nieuwe hardware, niet zijnde laptops en tablets, wordt een afschrijvingstermijn gehanteerd van 5 jaar. Laptops en andere mobiele computerapparatuur worden binnen 4 jaar afgeschreven en mobiele telefoons binnen 3 jaar. Financiële vaste activa Dit betreft de waarborgsom die is betaald aan de verhuurder van het pand Straathoekwerk aan de Vinkestraat te Zaandam met bijbehorende de garagebox, het pand aan de Bristelroodstraat en voor de teststraat in Zaandam.
Uitzettingen met een rentetypische looptijd van meer dan één jaar
Boekwaarde 31-12-2020 50.250
Boekwaarde 31-12-2019 16.464
50.250
16.464
VLOTTENDE ACTIVA Voorraden De voorraad gereed product en handelsgoederen bestaat uit de waarde van de voorraad vaccins ten behoeve van de reizigersadvisering.
Gereedproduct en handelsgoederen
Boekwaarde 31-12-2020 15.438
Boekwaarde 31-12-2019 12.662
15.438
12.662
Uitzettingen met een rente typische looptijd van korter dan één jaar Het onderstaande overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de uitzettingen met een rente typische looptijd van één jaar of minder weer. Schatkistbankieren Op 10 december 2013 heeft de Eerste Kamer ingestemd met een aanpassing van de wet Fido. De wetswijziging stelt het zogenaamde schatkistbankieren verplicht voor decentrale overheden. Met ingang van maandag 16 december 2013, na publicatie in de Staatscourant, is de wetswijziging van kracht geworden. De wetswijziging houdt in dat de decentrale overheden, zoals de GGD, verplicht worden gesteld om alle overtollige middelen aan te houden in de schatkist. Concreet betekent dit dat de GGD een rekeningcourantverhouding heeft met de Staat. Alle liquide middelen die de GGD niet direct nodig heeft voor het uitvoeren van haar taak, moeten worden gestort op de rekeningcourant bij 52 Jaarstukken 2020 2021.1.0
de Staat. Hierbij geldt voor de GGD een ondergrens van € 250.000. De GGD houdt te allen tijde de beschikking over de bij de Staat uitgezette gelden. De ondergrens van € 250.000 houdt in dat de GGD € 250.000 aan liquide middelen op haar bankrekeningen mag aanhouden. Dit betekent echter niet dat het bedrag van € 250.000 niet mag worden overschreden. De wetswijziging geeft de decentrale overheid daarin wat ruimte. Zo lang het gemiddelde saldo van de bankrekeningen over een kwartaal de ondergrens niet overschrijdt, voldoet de decentrale overheid aan de wet Fido. De gemiddelde bankstanden per kwartaal zijn als volgt: Gemiddelde bankstand 2020 1e kwartaal € 209.304 2e kwartaal € 162.871 3e kwartaal € 218.020 4e kwartaal € 224.523
Vorderingen op openbare lichamen Overige vorderingen Voorziening (dubieuze debiteuren) Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar: Uitzettingen in 's Rijks schatkist
Boekwaarde 31-12-2020 576.925 234.933 17.096-
Boekwaarde 31-12-2019 606.214 255.648 25.905-
2.765.660
1.918.001
3.560.422
2.753.958
Liquide middelen Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten.
Kassaldi Banksaldi Girosaldi
Boekwaarde 31-12-2020 857 226.091 1.540
Boekwaarde 31-12-2019 5.219 6.192 10.802
228.488
22.213
De GGD heeft de beschikking over een kredietfaciliteit op de rekening courant bij de Bank Nederlandse Gemeenten van € 300.000. De liquide middelen staan ter vrije beschikking. Overlopende activa De overlopende activa wordt als volgt onderscheiden.
Overige nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel
Boekwaarde 31-12-2020 658.021
Boekwaarde 31-12-2019 447.839
2.519.991
476.236
3.178.012
924.075
De nog van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen op specifieke uitkeringen kan als volgt worden gespecificeerd:
53 Jaarstukken 2020 2021.1.0
Stand 01-01-2020 266.934 209.302 476.236
Omschrijving Ministerie van VWS Coronadeclaratie dec. Veiligheidshuis Bijdrage GR (begrotingswijziging 2019)
Toevoegingen 2.519.991
Ontvangen bedragen 266.934 209.302 476.236
2.519.991
Stand 31-12-2020 2.519.991 2.519.991
PASSIVA VASTE PASSIVA Eigen vermogen Het in de balans opgenomen eigen vermogen bestaat uit de volgende posten.
Algemene reserve Bestemmingsreserves
Boekwaarde 31-12-2020 593.718 225.287 819.005
Boekwaarde 31-12-2019 516.644 440.315 956.959
140.314
229.683
959.319
1.186.642
Resultaat na onttrekkingen en toevoegingen aan reserves, voor bestemming
Het onderstaand overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van het eigen vermogen weer.
1.0 1.1 2.1 2.2 2.3 2.4
Resultaat 2019 Algemene reserve wettelijke taken
Reserve gezondheidsonderzoek Reserve groot onderhoud Reserve markttaken Reserve afwikkeling integratie JGZ 0-4 2.5 Reserve GHOR OTO 2.9 Reserve ouderenportaal 2.10 Reserve organisatieontwikkeling 2.12 Reserve Veiligheidshuis
Uitbetaling aan Stand 31-12-2019 gemeenten 229.683 152.609 516.644 153.642 2.980 124.397 18.278 39.004 233 1.387 100.393 1.186.642
152.609
Toevoe- Onttrekgingen kingen 77.074 77.074 63.000 177.635 -
Stand 31-12-2020 593.718 39.007 2.980 124.397 18.278
-
100.393
39.004 233 1.387 -
140.074
355.102
819.005
1. Algemene reserves 1.1 Algemene reserve wettelijke taken De algemene reserve is te beschouwen als het algemene weerstandvermogen van de GGD. Er rust geen specifieke bestemming op deze reserve. Het bestuur heeft bij de vaststelling van de jaarrekening 2009 besloten om de algemene reserve op maximaal 5% van de gemeentelijke bijdrage vast te stellen. De algemene reserve wettelijke taken heeft eind 2020 een omvang van € 593.718. De gemeentelijke bijdragen bedragen voor 2020 € 12.257.830. 5% hierover bedraagt € 612.892. De omvang van de Algemene Reserve is € 19.173 lager dan de gewenste omvang. De Algemene Reserve Markttaken heeft eind 2020 een omvang van € 124.397 en is daarmee gelijk aan de omvang van eind 2019. Door corona heeft de reizigersadvisering nagenoeg stil gelegen. De gederfde omzet van reizigersadvisering is gecompenseerd door het ministerie van VWS. Door deze compensatie is het resultaat van reizigersadvisering nihil. Er heeft derhalve noch een onttrekking noch een toevoeging aan deze reserve plaatsgevonden. 54 Jaarstukken 2020 2021.1.0
2. Bestemmingsreserves 2.1 Reserve gezondheidsenquête De reserve gezondheidsenquête wordt gevormd om de kosten voor de gezondheidsenquêtes uit te dekken. Er vindt jaarlijks een toevoeging aan de reserve plaats van ruim € 63.000. Ten behoeve van bevolkingsonderzoeken is een bedrag van € 181.144 aan de reserve onttrokken. 2.2 Reserve groot onderhoud Deze reserve is gevormd conform het besluit van het Algemeen Bestuur van 14 april 2011. De reserve is bedoeld om toekomstige onderhoudskosten aan het pand aan het Vurehout te dekken. In 2020 heeft er geen toevoeging plaatsgevonden. In plaats daarvan is het vrijgekomen budget ingezet ten behoeve van de dekking van de kapitaallasten die voortkomen uit de renovatie van 2019. 2.3 Reserve reizigersvaccinatie Deze reserve is gevormd om schommelingen in de resultaten van de markttaken op te vangen. Jaarlijks wordt het exploitatieresultaat op het product reizigersadvisering toegevoegd dan wel onttrokken. De omvang van de reserve markttaken heeft eind 2020 een omvang van € 124.397. Er heeft in 2020 noch een onttrekking noch een toevoeging plaatsgevonden. 2.4 Reserve afwikkeling integratie Jeugdgezondheidszorg 0-4 Deze reserve is, conform het besluit van het Algemeen Bestuur van 18 november 2010, gevormd ten behoeve van de financiële afwikkeling inzake de overname van Jeugdgezondheidszorg 0-4 van Evean door de GGD.
2.5 Reserve GHOR OTO Deze reserve is gevormd conform de voorstellen met betrekking tot de resultaatbestemming 2012. Deze reserve is gevormd om de kosten voor het opleiden trainen en oefenen van medewerkers in het kader van het GGD rampen opvangplan te dekken. 2.11 Reserve organisatieontwikkeling Deze reserve is gevormd uit het vrijvallen van de voorziening Individueel Loopbaan Budget en is bedoeld als budget voor de organisatieontwikkeling in brede zin. Voorzieningen Het onderstaand overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de voorzieningen weer.
1.1 1.2
Voorziening huiselijk geweld Voorziening reparatie-uitkering
Stand 31-12-2019 15.367 24.512 39.879
Toevoegingen Aanwending 13.519 13.519 -
Vrijval -
Stand 31-12-2020 15.367 38.031 53.398
1.1 Voorziening huiselijk geweld Deze voorziening is gevormd met middelen uit het voormalige project Huiselijk Geweld. Het doel van deze voorziening is om een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van het project Ontwikkeling Online Hulpverlening ASHG’s Noord-Holland in samenwerking met de Blijfgroep. 1.2 Voorziening reparatie-uitkering De duur van de wettelijke WW uitkering is geleidelijk teruggebracht naar maximaal 24 maanden. Door de reparatie-uitkering wordt de duur van de WW uitkering maximaal 38 maanden. De voorziening van wordt gevoed door een inhouding op het loon van de medewerkers. De werkgever draagt hier niet in bij. Vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer Het onderstaande overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer weer.
55 Jaarstukken 2020 2021.1.0
Onderhandse lening binnenlandse banken en overige financiële instellingen
looptijd 30 jaar
Stand rente % 31-12-2019 3,91 2.566.667
Stand 31-12-2020 2.450.000
2.566.667
2.450.000
Ten behoeve van de aankoop van de hoofdlocatie van de GGD in Zaandam is een lening aangegaan van € 3.500.000. Op deze lening is in 2020 voor een bedrag van € 116.666,68 afgelost. De rentelasten voor deze lening in 2020 bedragen € 97.704.
VLOTTENDE PASSIVA Netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar Onder de netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar zijn opgenomen.
Overige schulden
Boekwaarde 31-12-2020 4.149.502
Boekwaarde 31-12-2019 1.364.763
4.149.502
1.364.763
De overige schulden laten een sterke afwijking zien ten opzichte van 2019. Dit wordt geheel veroorzaakt door het feit dat de GGD de kosten voor de coronabestrijding eerst voorschiet alvorens deze te declareren. Daardoor is het saldo van de crediteuren per balansdatum met een stand van € 1.962.586 veel hoger in vergelijking met 2019. Tevens heeft de GGD een kasgeldlening moeten afsluiten, ter hoogte van € 2.000.000, om de kosten te kunnen voorfinancieren. Deze invloeden leiden tot een hogere netto vlottende schuld. Overlopende passiva De in de balans opgenomen overlopende passiva worden als volgt gespecificeerd.
Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn op gebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen. De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren. Overige vooruitontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen
Boekwaarde 31-12-2020 3.198.979
Boekwaarde 31-12-2019 2.370.181
696.320
344.034
236.871
345.460
4.132.170
3.059.675
De in de balans opgenomen van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotten op specifieke uitkeringen kunnen als volgt worden gespecificeerd:
56 Jaarstukken 2020 2021.1.0
Stand 31-12-2019 Gezonde school Oostzaan 4.850 Gezonde school Wormerland 2.000 Dak- en thuislozentelling jan. 2020 Purmerend 3.015 Dak- en thuislozentelling jan. 2020 Zaanstad 4.550 Veilig Thuis 42.800 SuÏcidepreventieproject (proeftuin) alle gemeenten 41.219 Rookvrije schoolterreinen Oostzaan 534 Rookvrije schoolterreinen Wormerland 318 Jeugdteam Noorderhoofdstraat Zaanstad 61.108 Jeugdteam Weerpad Zaanstad 49.887 ZaansFit! Zaanstad 133.753 Relaties & seksualiteit GGD GHOR Wvggz gemeenten SPARK GGD Zeeland Veilig Thuis Veiligheidshuis 344.034
Toevoe- Vrijgevallen gingen bedragen 4.850 2.000 3.015 4.550 42.800 41.190 41.219 534 318 278.443 61.108 118.603 49.887 20.509 12.847 38.744 15.561 36.670 562.567 210.281
Stand 31-12-2020 41.190 278.443 118.603 133.753 20.509 12.847 38.744 15.561 36.670 696.320
Niet in de balans opgenomen belangrijke financiële verplichtingen De GGD is voor een aantal toekomstige jaren verbonden aan verschillende huur- en leasecontracten. Hieronder volgt een opsomming van de belangrijkste van deze verplichtingen. Het betreft huurcontracten die namens de gemeenten zijn afgesloten voor de huisvesting van het CJ(G). Het genoemde jaarbedrag zijn huur- en servicekosten. Contracten
Jaarbedrag
Meerjarige contracten tussentijds opzegbaar: Huurcontract Geuzenpad 5 Zaandam Huurcontract A. Schweitzerstraat 2-4 Krommenie Huurcontract Bristolroodstraat Zaandam Huurcontract Guishuis Zaandijk Onderhuurcontract Zaanstad Vurehout Huurcontract Triton Huurcontract Vinkenstraat Zaandam Huurcontract Zeemansstraat Zaandam Huurcontract Landauerstraat Huurcontract Heel Europa Purmerend Huurcontract Kerkbuurt Oostzaan Huurcontract Beschuittoren Wormer Huurcontract De Bolder Monnickendam Leasecontract Bus Faza
€ € € € € € € € € € € € € €
27.845 66.168 35.560 52.433 77.000 43.365 37.945 2.670 41.430 36.229 33.360 43.138 40.914 6.895
2.3.3 Toelichting op het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening 2020 In dit hoofdstuk worden de baten en lasten per programma gepresenteerd. Per programma wordt een tabel gepresenteerd. Deze tabel is een weergave van de van de baten en lasten die verband houden met de uitvoering van de activiteiten binnen de Gemeenschappelijke Regeling. Over- en onderschrijdingen binnen de Gemeenschappelijke Regeling worden nader toegelicht. Toegelicht wordt (in principe) het verschil tussen realisatie en begroting, indien er sprake is van een afwijking van meer dan € 10.000. Afwijkingen op de projectmatige werkzaamheden worden nader verantwoord bij de afrekening met de opdracht gevende gemeenten. 57 Jaarstukken 2020 2021.1.0
Overhead Op grond van artikel 8, eerste lid, onderdeel c van het Besluit begroten en verantwoorden provincies en gemeenten is een apart overzicht opgenomen van de kosten van de overhead. In de tabel op pagina 49 wordt per programma een splitsing gemaakt tussen de directe lasten van het primair proces, de lasten voor overhead uit het programma zelf en de overhead bedrijfsvoering. Het totaalbedrag aan overhead in de gemeenschappelijke regeling bedraagt € 5.841.262. Dit is zowel overhead uit bedrijfsvoering als overheadkosten van het programma zelf. Vanuit de gemeentelijke bijdragen aan de GR gaat 27,5% naar de overhead. Dit betreft zowel de overhead binnen het primaire proces, als binnen bedrijfsvoering. Van deze 27,5% gaat 15% naar bedrijfsvoering. Daar zijn de lasten ondergebracht die niet specifiek aan één product zijn toe te wijzen en in brede zin ten bate komen van de hele organisatie. Hieronder valt huisvesting, directie en bestuurskosten, P&O, facilitair, financiën, ICT en bedrijfsvoering algemeen. Begin 2020 is door Berenschot een benchmarkonderzoek naar de overhead bedrijfsvoering bij de GGD uitgevoerd. De omvang van de overhead bedrijfsvoering is daarbij vergeleken met een groep van 41 organisaties. Dit betreffen onder meer andere GGD ‘en, veiligheidsregio’s, agentschappen en waterschappen.
Uit deze benchmark blijkt dat de overhead bedrijfsvoering van de GGD op dat moment 13,3% bedroeg. Dit ligt 43% onder het gemiddelde van de referentiegroep waar het gemiddelde percentage overhead bedrijfsvoering ongeveer 23,3% bedraagt. Omgerekend naar fte’s is het verschil ongeveer 28,5 fte. Inmiddels is de overhead bedrijfsvoering de Gemeenschappelijke Regeling iets gestegen naar 15%. Door de lage overhead bedrijfsvoering zijn diverse knelpunten ontstaan in het uitvoeren van een minimale dienstverlening en het voldoen aan wet- en regelgeving. Een overheadpercentage van 21,5% is een reëel doorbelastingspercentage en voldoende om alle knelpunten op te lossen. Overzicht overhead 2020
P1 P2
overhead directe lasten uit primair proces programma
Programma Monitor, Signaleren en Adviseren Uitvoerende taken gezondheidsbescherming Algemene gezondheidszorg
overhead bedrijfsvoeri ng
lasten per programma
959.440
68.911
211.155
1.239.506
324.310
1.832.085
1.346.363
161.412
Coronabestrijding
5.957.399
26.390
Jeugdgezondheidszorg
6.739.690
1.345.173
2.242.122
10.326.985
Maatschappelijke gezondheidszorg
629.628
194.483
249.420
1.073.531
P3
Publieke gezondheidszorg bij rampen en crises
135.240
39.061
174.301
P4
Toezichthouden
376.264
65.053
125.376
566.693
P5
Contracttaken
10.237.890
788.396
1.806.217
12.832.503
Totaal
26.381.914
2.649.818
4.997.661
58 Jaarstukken 2020 2021.1.0
5.983.789
Het resultaat van de Gemeenschappelijke Regeling
Resultaat 2020 36.457202.417 25.646140.314 -
Per programma Programma 1 Monitor, signaleren en adviseren Programma 2 Uitvoerende taken gezondheidsbescherming Programma 3 Publieke gezondheidszorg bij rampen en crises Programma 4 Toezicht houden Bedrijfsvoering Markttaak Reizigers
Het totale resultaat van de gemeenschappelijke regeling in 2020 bedraagt € 140.314 positief.
Programma 1: Monitoren, signaleren en adviseren Onderstaand wordt een tabel gepresenteerd van alle baten en lasten binnen het programma. Dit is een totaaloverzicht van de baten en lasten in de gemeenschappelijke regeling en voor de projectmatige werkzaamheden.
Baten gemeenschappeljke regeling Baten projecten
1e begrotingswijziging Realisatie Begroting € 1.088.414 € 967.381 € 958.430 € 750.324 € 743.138 € 202.656
Lasten gemeenschappelijke regeling Lasten projecten
€ 1.239.506 € € 750.324 €
904.381 € 743.138 €
895.430 202.656
Tussenresultaat Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat na bestemming
€ -151.092 € € 63.000 € € 177.635 € € -36.457 €
63.000 63.000 -
63.000 63.000 -
€ € € €
Onderstaand worden de baten en lasten binnen de gemeenschappelijke regeling gepresenteerd:
Baten regulier Baten bijdragen gemeenten Incidentele baten
1e begrotingswijziging Realisatie Begroting € 120.461 € € € 967.381 € 967.381 € 958.430 € 572
Lasten primaire taak Overhead primaire taak Overhead bedrijfsvoering
€ € €
959.440 € 68.911 € 211.155 €
610.203 € 101.920 € 192.258 €
Tussenresultaat € -151.092 € 63.000 Toevoeging aan reserves € 63.000 € 63.000 Onttrekking aan reserves € 177.635 € Resultaat na bestemming € -36.457 € Analyse realisatie versus begroting binnen de gemeenschappelijke regeling Dit programma kent een negatief resultaat van € 32.949. Dit wordt als volgt toegelicht.
De baten 59 Jaarstukken 2020 2021.1.0
€ € € €
603.772 190.142 101.516 63.000 63.000 -
De medewerkers van Epidemiologie, Beleid en Gezondheidsbevordering dragen bij aan projecten als Bruggen naar gezond gewicht, onderzoeksprojecten en projecten binnen het sociaal domein. In 2020 is extra personele inzet getroffen voor de aanpak van de coronacrisis of de aanpak van aanpalende gevolgen ervan. Bovendien is een van de epidemiologen geheel 2020 deels gedetacheerd bij het RIVM. Deze extra baten verklaren de overschrijding bij de lasten.
De lasten
In 2020 was gepland 3 grote monitor-bevolkingsonderzoeken uit te voeren, waarbij rekening is gehouden met extra uitgaven uit de reservering voor onderzoeksbureaus en extra personele inzet. De reguliere periodieke kosten waren daardoor geconcentreerd in 2020. In het voorjaar is besloten de doorbelasting vanuit bedrijfsvoering te verhogen. Dit is in het lopende jaar verwerkt. In verband met de coronacrisis zijn medewerkers uit de sector S&O ingezet en vervangen door nieuwe medewerkers. Het inwerken van nieuwe medewerkers heeft extra inzet van vaste medewerkers gevraagd. Dit heeft tot hogere personele lasten geleid. Tot slot hebben frictiekosten door boventallige medewerkers als gevolg van het stoppen van projecten door gemeenten, tot extra lasten geleid.
Programma 2: Uitvoerende taken gezondheidsbescherming Programma 2 bestaat uit een drietal onderdelen, te weten:
Algemene gezondheidszorg Jeugdgezondheidszorg Maatschappelijke gezondheidszorg
Analyse realisatie versus begroting Dit programma kent een positief resultaat van € 202.418. Per onderdeel wordt het resultaat geanalyseerd. Per programmaonderdeel worden de baten en lasten gepresenteerd.
Programma 2: Algemene gezondheidszorg Onderstaand wordt een tabel gepresenteerd van alle baten en lasten binnen het programma. Dit is een totaaloverzicht van de baten en lasten in de gemeenschappelijke regeling, reizigersadvisering en projecten.
Baten regulier Baten projecten Incidentele baten
1e begrotingswijziging Realisatie Begroting € 1.864.361 € 1.768.472 € 1.750.602 € 74.059 € 71.834 € € 697 € € -
Lasten gemeenschappelijke regeling Lasten projecten
€ 1.832.085 € 1.263.276 € 1.249.155 € 74.059 € 71.834
Tussenresultaat Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat na bestemming
€ € € €
32.973 32.973
€ € € €
505.196 505.196
Onderstaand worden de baten en lasten binnen de gemeenschappelijke regeling gepresenteerd:
60 Jaarstukken 2020 2021.1.0
€ € € €
501.447 501.447
Baten regulier Baten bijdragen gemeenten Incidentele baten
1e begrotingswijziging Realisatie Begroting € 768.941 € 673.052 € 673.052 € 1.095.420 € 1.095.420 € 1.077.550 € 697 € € -
Lasten primaire taak Overhead primaire taak Overhead bedrijfsvoering
€ 1.346.363 € 1.263.276 € 1.249.155 € 161.412 € 206.322 € 206.122 € 324.310 € 298.874 € 295.325
Tussenresultaat Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat na bestemming
€ € € €
32.973 32.973
€ € € €
-
€ € € €
-
Dit sub-programma kent een positief resultaat van € 32.973. Dit wordt als volgt toegelicht.
De baten
Infectieziektebestrijding heeft een centrale rol gespeeld tijdens de coronacrisis. Er is veel extra inzet gepleegd. Deze extra kosten zijn gecompenseerd door het Rijk. Tijdens de coronacrisis zijn vanwege de beperkingen in reizen en verre vakanties de reisvaccinaties enorm afgenomen. De gederfde inkomsten worden gecompenseerd door het Rijk. De materiële kosten voor de aanschaf van vaccins zijn daardoor verminderd, deze lagere kosten zijn in mindering gebracht op de gederfde omzet van reizigersvaccinatie. Er worden baten ontvangen voor de detachering van een administratief secretarieel medewerker in een regionaal platform.
De lasten
Bij medische milieukunde is sprake van onderbesteding als gevolg van de inzet van een junior medisch milieukundige en door het niet direct vullen van vrijgekomen formatie. Er zijn hogere personele lasten bij team Infectieziektebestrijding die deels te verklaren zijn door extra inzet ten behoeve van de coronabestrijding en extra inzet van algemene infectieziektebestrijding. Daarnaast lukte het vanwege een lagere loonschaal dan landelijk gehanteerd wordt niet om de openstaande vacature arts M&G profiel infectieziektebestrijding op te vullen, met als gevolg externe, dure inhuur voor achterwacht. De doorbelasting vanuit bedrijfsvoering was iets hoger dan begroot. Infectieziektebestrijding is een onderdeel van algemene gezondheidszorg, dientengevolge valt hier ook de coronabestrijding onder. Hieronder volgt een overzicht van de in het kader van de coronabestrijding. Alle kosten in het kader van de coronabestrijding worden gedeclareerd bij het ministerie van VWS. 1e begrotingswijziging
Baten regulier Baten bijdragen gemeenten Incidentele baten
Realisatie € 5.983.392 € € € 397
Lasten primaire taak Overhead primaire taak
€ 5.957.399 € 26.390
Tussenresultaat Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat na bestemming
€ € € €
Hieronder wordt de totaaldeclaratie coronakosten weergegeven. 61 Jaarstukken 2020 2021.1.0
-
€ € € €
Begroting
-
€
-
-
€ € € €
-
Kostensoort Bron- en contactonderzoek Bemonstering Vaccinatie campagne Overige Meerkosten Infectieziektebestrijding (IZB) Tuberculosebestrijding (TBC) Medische Milieukunde (MMK) Technische Hygiënezorg (THZ) / Toezicht Seksuele Gezondheid (inclusief SOA poli) Reizigerszorg Gezondheidsbevordering (GB) Algemene Gezondheidszorg (AGZ) Jeugdgezondheidszorg (JGZ), incl. Rijksvaccinatie Openbare GGZ / Sociaal medische advisering Veilig Thuis Forensische Zorg (For) Regionale Ambulance Voorziening (RAV) Overig Ondersteuning Subtotaal Minder inkomsten (verrekend met minder uitgaven) Infectieziektebestrijding (IZB) Tuberculosebestrijding (TBC) Medische Milieukunde (MMK) Technische Hygiënezorg (THZ) / Toezicht Seksuele Gezondheid (inclusief SOA poli) Reizigerszorg Gezondheidsbevordering (GB) Algemene Gezondheidszorg (AGZ) Jeugdgezondheidszorg (JGZ), incl. Rijksvaccinatie Openbare GGZ / Sociaal medische advisering Veilig Thuis Forensische Zorg (For) Regionale Ambulance Voorziening (RAV) Overig Ondersteuning Subtotaal Laboratoriumkosten Totale uitgaven december 2020
Totaal € 2.557.995 € 2.955.575 € 50.969 € 48.604 € 38 € 434 € 11.735 € 20.338 € 17.595 € € € 268.415 € 8.322 € 1.533 € € € 44.937 € 685.299 € 1.107.250 € € € € 225.205 € € 313.407 € € € € € € € € € € 538.612 € 131.536 € 7.341.937
De opgave van de GGD bestaat uit een opgave van de gerealiseerde kosten en de gederfde inkomsten conform de definities als in het rapport van onderzoeksbureau AEF.
Programma 2: Jeugdgezondheidszorg Onderstaand wordt een tabel gepresenteerd van alle baten en lasten binnen het programma. Dit is een totaaloverzicht van de baten en lasten in de gemeenschappelijke regeling en voor de projectmatige werkzaamheden.
62 Jaarstukken 2020 2021.1.0
Baten regulier Baten projecten
1e begrotingswijziging Realisatie Begroting € 10.455.517 € 9.445.781 € 9.330.137 € 7.881.122 € 7.994.070 € 7.848.755
Lasten gemeenschappelijke regeling Lasten projecten
€ 10.326.985 € 9.445.781 € 9.330.137 € 7.881.122 € 7.994.070 € 7.848.755
Tussenresultaat Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat na bestemming
€ € € €
128.532 128.532
€ € € €
-
€ € € €
-
Onderstaand worden de baten en lasten binnen de gemeenschappelijke regeling gepresenteerd:
Baten regulier Baten bijdragen gemeenten Incidentele baten
1e begrotingswijziging Realisatie Begroting € 1.334.068 € 363.715 € 363.715 € 9.082.066 € 9.082.066 € 8.966.422 € 39.383
Lasten primaire taak Incidentele lasten Overhead primaire taak Overhead bedrijfsvoering
€ € € €
Tussenresultaat Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat na bestemming
€ € € €
6.733.982 € 6.776.326 € 6.685.256 5.708 1.345.173 € 663.716 € 662.403 2.242.122 € 2.005.738 € 1.982.477 128.532 128.532
€ € € €
-
€ € € €
-
Dit sub-programma kent een positief resultaat van € 128.532. Dit wordt als volgt toegelicht.
De baten:
Vanuit de Jeugdgezondheidszorg hebben medewerkers gewerkt in de teststraten en bij het bron- en contactonderzoek. De extra kosten zijn gedeclareerd bij het ministerie van VWS; dit zijn niet begrote baten. Aan het einde van het jaar heeft een aantal medewerkers een zorgbonus gekregen voor hun grote inspanningen, flexibiliteit en hoge kwaliteit van werken in de corona-bestrijding. Tegenover deze lasten staan de baten vanuit het ministerie van VWS ter compensatie hiervan. Dit jaar zijn, ondanks de corona-crisis, in het voor- en najaar groepsvaccinaties uitgevoerd en ook de kinkhoestvaccinatie bij zwangere vrouwen is gestart. Voor verschillende gemeenten zijn extra werkzaamheden uitgevoerd, waarvoor baten ontvangen zijn. Er zijn daarnaast baten ontvangen uit: Uitkeringen voor zwangerschap en ziekte van medewerkers; Detachering van medewerkers in jeugdteams.
De lasten
De personeelslasten zijn hoog door externe inhuur bij vervanging bij ziekte en door openstaande vacatures. Vooral bij de jeugdartsen is het door een lagere salarisschaal dan in de rest van het land het niet mogelijk om deze vacatures structureel in te vullen. Daardoor is er de noodzaak van duurdere inhuur. De uitkering van de zorgbonus drukt op de personeelslasten, daar staan baten vanuit het ministerie van VWS tegenover. De extra inzet voor corona en groepsvaccinaties leiden tot hogere personeelslasten. Hier staan baten tegenover. 63 Jaarstukken 2020 2021.1.0
Bij de JGZ wordt KD+ als digitaal dossier gebruikt. De kosten van onderhoud en doorontwikkeling zijn hoger dan begroot. Verschillende medewerkers hebben ziekteverzuim begeleiding en/of coaching ontvangen om reintegratie te bevorderen en vitaliteit te verhogen. De doorbelasting bedrijfsvoering is hoger dan begroot. Gedurende het jaar is kritisch omgegaan met het vullen van vacatures, op artsen en verpleegkundigen na, om overschrijding van de loonkosten te beperken. Dit heeft bijgedragen aan het positieve resultaat.
Programma 2: Maatschappelijke gezondheidszorg Onderstaand wordt een tabel gepresenteerd van alle baten en lasten binnen het programma. Dit is een totaaloverzicht van de baten en lasten in de gemeenschappelijke regeling en voor de projectmatige werkzaamheden.
Baten regulier Baten projecten
1e begrotingswijziging Realisatie Begroting € 1.114.442 € 1.103.470 € 1.091.905 € 4.126.999 € 4.524.588 € 4.012.941
Lasten gemeenschappelijke regeling Lasten projecten
€ 1.073.531 € 1.103.470 € 1.091.905 € 4.126.999 € 4.524.588 € 4.012.941
Tussenresultaat Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat na bestemming
€ € € €
40.911 40.911
€ € € €
-
€ € € €
-
Onderstaand worden de baten en lasten binnen de gemeenschappelijke regeling gepresenteerd:
Baten regulier Baten bijdragen gemeenten Incidentele baten
1e begrotingswijziging Realisatie Begroting € 10.256 € € € 1.103.470 € 1.103.470 € 1.091.905 € 716
Lasten primaire taak Overhead primaire taak Overhead bedrijfsvoering
€ € €
629.628 € 194.483 € 249.420 €
717.618 € 156.396 € 229.456 €
709.282 155.879 226.744
Tussenresultaat Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat na bestemming
€ € € €
40.911 40.911
-
-
€ € € €
€ € € €
Dit sub-programma kent een positief resultaat van € 40.911. Dit wordt als volgt toegelicht.
De baten
Vanaf de uitbraak van de corona-pandemie zijn medewerkers de rest van het 2020 bij de bestrijding van de coronacrisis ingezet.
De lasten
64 Jaarstukken 2020 2021.1.0
Wegens het niet volledig kunnen vullen van de geneeskundige formatieruimte zijn er minder personele lasten gerealiseerd dan begroot. De vervanging van medewerkers ingezet in de bestrijding van de coronacrisis heeft tot extra begeleidingsuren van nieuwe medewerkers geleid. Daarbij is in het voorjaar van 2020 besloten de doorbelasting vanuit bedrijfsvoering te verhogen. Dit is in het lopende jaar verwerkt. Bij het MABZ wordt met verschillende subsidie projecten gewerkt, waarbij een percentage cofinanciering is vereist. Dat wordt geleverd in de vorm van formatie. Dat stelt het MABZ in staat efficiënte werkwijzen te ontwikkelen met gebruikmaking van deels eigen formatie. De inzet in projecten wordt daarom deels uit eigen middelen gefinancierd. De formatie die als cofinanciering is geoormerkt moet echter niet als een min post gezien worden.
Programma 3: Publieke gezondheid bij ongevallen en rampen Onderstaand wordt een tabel gepresenteerd van alle baten en lasten binnen het programma. Dit is een totaaloverzicht van de baten en lasten in de gemeenschappelijke regeling en voor de projectmatige werkzaamheden.
Baten regulier Baten bijdragen gemeenten
1e begrotingswijziging Realisatie Begroting € 147.180 € 274.006 € 274.006 € 1.475 € 1.475 € -
Lasten primaire taak Overhead bedrijfsvoering
€ €
135.240 € 39.061 €
239.102 € 36.379 €
238.027 35.979
Tussenresultaat Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat na bestemming
€ € € €
-25.646 -25.646
-
-
€ € € €
€ € € €
Dit programma kent een negatief resultaat van € 25.646. Dit wordt als volgt toegelicht. De uitvoering van verplichte activiteiten wordt niet geheel gedekt door doorbelasting naar de Veiligheidsregio, zoals bij: De piketvergoeding van de PSH voor maar 50% wordt vergoed Op de begroting staat 0,3 fte DPG 0,2 fte wordt doorbelast.
Programma 4: Toezicht houden Onderstaand wordt een tabel gepresenteerd van alle baten en lasten binnen het programma. Onderstaand worden de baten en lasten binnen de gemeenschappelijke regeling gepresenteerd:
65 Jaarstukken 2020 2021.1.0
Baten regulier Baten bijdragen gemeenten Incidentele baten
1e begrotingswijziging Realisatie Begroting € 558.419 € 571.256 € 571.256 € 8.018 € 8.018 € 256
Lasten primaire taak Overhead primaire taak Overhead bedrijfsvoering
€ € €
376.264 € 65.053 € 125.376 €
396.135 € 66.417 € 116.722 €
389.832 66.142 115.282
Tussenresultaat Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat na bestemming
€ € € €
-
-
-
€ € € €
€ € € €
Dit programma kent geen resultaat. Dit wordt als volgt toegelicht. Door de coronapandemie is landelijk afgesproken in bepaalde periode beperkt inspectiebezoek op locatie uit te voeren, dan wel risico gestuurd toezicht uit te voeren. Dit landelijk besluit heeft ertoe geleid dat niet 100% van de afgesproken inspecties in overleg met gemeenten kon worden uitgevoerd, maar slechts 60%. De gederfde inkomsten van toezicht zijn gedeclareerd bij VWS. Hierdoor is het resultaat nihil
Paragraaf Bedrijfsvoering In de paragraaf bedrijfsvoering worden de kosten voor de interne organisatie verantwoord. Het is een administratieve paragraaf. Deze kosten worden naar rato van de begrote bijdrage bedrijfsvoering, volledig doorbelast aan de programma’s 1 tot en met 4. De paragraaf heeft daardoor geen resultaat. Onderstaand wordt een tabel gepresenteerd van alle baten en lasten binnen de paragraaf.
Baten Incidentele baten
1e begrotingswijziging Realisatie Begroting € 5.746.928 € 4.727.155 € 4.693.678 € 1.975 € -
Lasten Incidentele lasten
€ 5.748.903 € 4.677.155 € 4.643.678 € € -
Tussenresultaat Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat na bestemming
€ € € €
-
€ € € €
50.000 50.000 -
€ € € €
50.000 50.000 -
Alle baten en lasten van deze paragraaf worden gedekt uit bijdragen uit projecten en de gemeenschappelijke regeling en heeft in principe geen resultaat. De baten zijn hoger dan begroot. Dit komt voort uit hogere baten uit projecten dan begroot, niet begrote baten vanwege de coronabestrijding en het niet volledig uitgeven van het budget voor GDD brede opleidingen. Bovendien was er sprake van een hogere dekking uit primaire taak Gemeenschappelijke Regeling ter dekking van extra gemaakte kosten, vooral op het gebied van de ICT. De lasten zijn hoger dan begroot door extra inhuur in het kader van de bestrijding van het coronavirus. Er was sprake van frictiekosten. Tevens zijn er hogere lasten vanwege uitgekeerde bonussen aan medewerkers die wel een extra inzet op de bestrijding van de coronapandemie hebben 66 Jaarstukken 2020 2021.1.0
geleverd, maar net buiten de criteria van de landelijke zorgbonus vielen. Daarnaast waren er hogere kapitaallasten vanwege ICT investeringen (onder andere voor thuiswerken), hogere huisvestingskosten vanwege het coronaproof maken van alle locaties en hogere lasten dan begroot voor de inzet van de accountant.
Overzicht van incidentele baten en lasten Op grond van de financiële voorschriften (besluit begroten en verantwoorden) wordt dit hoofdstuk afgesloten met een overzicht van de incidentele baten en lasten die in de verschillende programma’s en de paragraaf Bedrijfsvoering in 2020 zijn verantwoord. Het betreft hier nagekomen lasten en baten over het voorgaande boekjaar dan wel baten of lasten die niet konden worden voorzien. Dit betreft de volgende bedragen: incidentele baten € 572 € 1.094 € 716 € 39.383 € 256 € 1.975 € 43.996
Programma Monitor, signaleren en adviseren Algemene gezondheidszorg Maatschappelijke gezondheidszorg Jeugdgezondheidszorg Toezicht houden Bedrijfsvoering
incidentele lasten € € € € 5.708 € € € 5.708
2.3.4 Resultaatbestemming Het resultaat over 2020 bedraagt € 140.314 positief. De algemene reserve kent een tekort van € 19.173. Voorgesteld wordt om dit tekort te dekken uit het positieve resultaat over 2020. Daarnaast is het voorstel om het na deze onttrekking overgebleven positieve resultaat van € 121.141 in te zetten voor de dekking van het in 2020 starten met de vervanging van de verouderde, door de leverancier niet langer ondersteunde kantoorautomatisering. De voorgestelde resultaatbestemming is niet verwerkt in deze jaarrekening.
2.3.5 Wet Normering Topinkomens Met ingang van 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector (hierna: WNT) van kracht. De WNT stelt een maximum aan de bezoldiging van topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector. De WNT kent een openbaarmakingregime en een maximale bezoldigingsnorm. De maximale bezoldigingsnorm is van toepassing op topfunctionarissen die in dienstbetrekking werkzaam zijn en topfunctionarissen die niet in dienstbetrekking werkzaam zijn (maar worden ingehuurd op basis van een overeenkomst van opdracht), indien zij binnen een periode van 18 maanden meer dan 6 maanden werkzaam zijn voor de (semi-)publieke instelling. Als topfunctionarissen binnen de GGD worden aangemerkt, de leden van het Algemeen Bestuur van de GGD en de directie. Het Algemeen Bestuur wordt gevormd door acht wethouders van de deelnemende gemeenten. Tevens is (verplicht op grond van de voorschriften) ter vergelijk het jaar 2019 vermeld. De functie van de leden van het Dagelijks Bestuur en Algemeen Bestuur is onbezoldigd.
67 Jaarstukken 2020 2021.1.0
Situatie 2020 Toezichthoudende functionarissen met een bezoldiging van minder dan € 1.700 J.R.P.L. Dings lid algemeen bestuur Beemster V. Tuijp lid dagelijks en algemeen bestuur Edam Volendam mevr. M. Elfferich lid algemeen bestuur Landsmeer N. Bonenkamp lid algemeen bestuur Oostzaan H.M.M. Rotgans lid dagelijks en algemeen bestuur Purmerend T. van Nieuwkerk lid algemeen bestuur Waterland K. van Waaijen lid algemeen bestuur Wormerland mevr. S. Mutluer lid dagelijks en algemeen bestuur Zaanstad
In 2020 werd de directie van de GGD Zaanstreek-Waterland gevormd door een directeur (de heer mr. F.H.J. Strijthagen). De WNT stelt een maximum aan de bezoldiging van topfunctionarissen in de publieke en semi publieke sector. De algemene bezoldigingsnorm van de WNT bedraagt voor 2020: € 201.000. In onderstaande tabel wordt de bezoldiging vermeld. Tevens is (verplicht op grond van de voorschriften) ter vergelijking het jaar 2019 vermeld. Situatie 2019 Naam Functie In dienst vanaf (datum begin functievervulling) In dienst tot en met (datum einde functievervulling) (Fictieve) dienstbetrekking Deeltijdfactor
FHJ Strijthagen Directeur 17-aug-15 heden Ja 100%
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn
€ €
133.082 23.889
Totaal bezoldiging Individueel toepasselijk bezoldigingsmaximum
€ €
156.971 194.000
68 Jaarstukken 2020 2021.1.0
Situatie 2020
Naam Functie In dienst vanaf (datum begin functievervulling) In dienst tot en met (datum einde functievervulling) (Fictieve) dienstbetrekking Deeltijdfactor
FHJ Strijthagen Directeur 17-aug-15 heden Ja 100%
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn
€ €
138.068 20.979
Totaal bezoldiging Individueel toepasselijk bezoldigingsmaximum
€ €
159.047 201.000
Het bezoldigingsmaximum voor de directeur bedraagt € 201.000. Dit maximum wordt niet overschreden door de directeur. Het bijbehorende bezoldigingsmaximum voor de voorzitter van het Algemeen Bestuur bedraagt € 30.150 en voor de overige leden van het Algemeen Bestuur € 20.100. Deze maxima worden niet overschreden. De leden van het Dagelijks en Algemeen Bestuur werken onbezoldigd.
2.3.6 Gebeurtenissen na balansdatum Naar aanleiding van de recente datadiefstal in de GGD-systemen, waarover veel publiciteit is geweest, is de Autoriteit Persoonsgegevens begin februari 2021 een onderzoek gestart naar de naleving door de GGD van de Algemene Verordening Gegevensbescherming. Daarbij heeft de Autoriteit Persoonsgegevens aangegeven het toezicht op de GGD te zullen intensiveren. Het is nog niet duidelijk wanneer de uitkomst van het onderzoek van de Autoriteit Persoonsgegevens te verwachten is en wat de uiteindelijke bevindingen zullen zijn. Onderzoeken en besluiten van de Autoriteit Persoonsgegevens worden doorgaans openbaar gemaakt. Ten tijde van instemming met de jaarrekening 2020 door het Dagelijks Bestuur loopt het onderzoek van politie en justitie nog. De kans op een claim en de potentiële financiële impact voor de GGD zijn moeilijk in te schatten. Er zijn een viertal claims naar aanleiding van de datadiefstal bij GGD Zaanstreek-Waterland ingediend. De personen die deze claims hebben ingediend komen niet voor op de lijst van mensen waarvan de gegevens gestolen zijn. Vooralsnog lijken deze claims daarom ongegrond te zijn.
2.3.7 Rechtmatigheid Meerkosten, minderkosten en minderopbrengsten De meerkosten en minderinkomsten als gevolg van de bestrijding van Covid-19 zijn bepaald en gedocumenteerd, uitgaande onder meer van de Verantwoordingsinstructie 2020 Meerkosten COVID19 GGD – VWS van 11 december 2020 en het AEF (Andersson Elffers Felix) rapport ‘Meerkosten voor GGD’en ten gevolge van Corona’ d.d. 5 augustus 2020. De richtlijnen voor corona-compensatie zijn een-op-een in acht genomen en zo goed mogelijk geïnterpreteerd. Voor de minderopbrengsten en de minderkosten is op basis van diepgaande analyses van de baten en lasten over 2019, de begroting 2020 en de gewijzigde begroting 2020 in kaart gebracht in hoeverre er sprake is van aantoonbare minder opbrengsten en kosten als gevolg van Covid-19. De GGD heeft de minderopbrengsten en minderkosten gesaldeerd verantwoord bij de VWS-declaratie. Het ministerie heeft de ingediende voorschotdeclaraties betaald. Desondanks bestaat een risico dat het ministerie achteraf niet volledig vergoedt en mogelijk terugvordert. Het in de jaarstukken opgenomen overzicht van de kosten van de bestrijding van Covid-19 wordt als einddeclaratie ingediend. Bij deze einddeclaratie wordt de goedgekeurde jaarrekening inclusief de controleverklaring toegevoegd waarna de voorschotten door het ministerie worden afgerekend.
Het ministerie stelt de definitieve compensatie vast in boekjaar 2021. 69 Jaarstukken 2020 2021.1.0
Aanbesteding volgens (zeer) dingende spoed De GGD’en in Nederland hebben van het ministerie van VWS onder meer de opdracht gekregen om de hoogste prioriteit te geven aan het uitbreiden van de testafnamecapaciteit en het bron- en contactonderzoek. Hiervoor heeft ook GGD Zaanstreek-Waterland onder grote urgentie en binnen zeer korte termijnen leveranciers gecontracteerd om de gevraagde taken adequaat en snel uit te voeren. Daarnaast is tijdens de eerste fase van de crisis een landelijk tekort ontstaan voor persoonlijke beschermingsmiddelen en medische hulpmiddelen, waarvoor het Landelijk Consortium Hulpmiddelen (LCH) is opgericht om de beschikbare beschermingsmiddelen en medische hulpmiddelen te verdelen. Na oprichting van het LCH hebben de inkopen van de GGD’en plaatsgevonden via dit LCH. Omdat een reguliere of verkorte (Europese) aanbesteding niet in acht kon worden genomen is, in lijn met de brief van de Europese Commissie van 1 april 2020 en de brief van het ministerie van VWS van 27 oktober 2020, een beroep gedaan op de regeling (zeer) dwingende spoed binnen de Europese aanbestedingsregels. Voor de rechtmatige toepassing van (zeer) dwingende spoed hebben wij aanvullend juridisch advies ingewonnen, dat ons ingenomen standpunt onderschrijft.
Op grond van het hiervoor gestelde is de accountant van mening dat de GGD terecht een beroep heeft gedaan op (zeer) dwingende spoed en dat wij de opdrachten in het kader van het bestrijden van het coronavirus in 2020 rechtmatig hebben aanbesteed. Rechtmatigheid van inkopen In 2020 is een aantal uitgaven onrechtmatig, omdat niet de geldende Europese aanbestedingsregels zijn gevolgd. De onrechtmatigheden betreffen voornamelijk kosten die voortvloeien uit een onrechtmatige aanbestedingen in het verleden, die meetellen als onrechtmatig in het jaar waarin de kosten worden gemaakt, in 2020 dus. Voor een aantal uitgaven die wij hebben moeten doen voor onze rol in de coronacrisis geldt dat wij aanspraak kunnen maken op een Europese richtsnoer van dwingende spoed. Daarmee worden deze uitgaven niet als onrechtmatig aangemerkt. Zie hiervoor de vorige paragraaf “Aanbesteding volgens (zeer) dingende spoed”. Begrotingsonrechtmatigheid Omdat de overschrijding op de lasten ten aanzien van de begroting evenredig oploopt met de hogere baten ten aanzien van de begroting is er geen sprake van begrotingsonrechtmatigheid.
70 Jaarstukken 2020 2021.1.0
BIJLAGEN __________
Afkortingenlijst AA ABR AGZ BBV BCO BHV BNG BZK CAO CBS CJG COA COPI CoronIT CPB DPG DSI EBG GAGS GGD GHOR GM GRIP GROP GZT HPV IB-er ICT IKB JGZ JOGG KD+ LGB MABZ M@ZL MBZ MGZ MOB MSA MSM MT NZKG OGGZ OMT OTO P&O PG PGO PSH PR
Amsterdam-Amstelland Antibioticaresistentie Algemene gezondheidszorg Besluit begroting en verantwoording Bron – en Contact Onderzoek Bedrijfshulpverlening Bank Nederlandse Gemeenten Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties Collectieve arbeidsovereenkomst Centraal Bureau voor de Statistiek Centra jeugd en gezin Centraal Orgaan Asielzoekers Commando Plaats Incident Automatiseringssysteem voor het testen en BCO Corona Centraal Planbureau Directeur Publieke Gezondheid Dienst Speciale Interventie Epidemiologie, beleid en gezondheidsvoorlichting Geneeskundig adviseur gevaarlijke stoffen Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Geneeskundige hulpverleningsorganisatie in de regio Gezondheidsmonitor Gecoördineerde Regionale Incidentbestrijdings Procedure GGD rampen opvangplan Groot Zorg Team Humaan Papilloma Virus Intern begeleider Informatie- en communicatietechnologie Individueel keuze budget Jeugdgezondheidszorg Jongeren op gezond gewicht Kind dossier Lokaal gezondheidsbeleid Meldpunt en Advies Bijzondere Zorg Medische Advisering Ziekgemelde Leerling Meldpunt Bijzondere Zorg Maatschappelijke gezondheidszorg Meldpunt Overlast en Bemoeizorg Monitoren, signaleren en adviseren Mannen seks met mannen Management Team Noordzeekanaal gebied Openbare geestelijke gezondheidszorg Outbreak Management team Opleiden, Trainen, oefenen Personeel & Organisatie Publieke Gezondheid Periodiek
Gezondheidskundig Onderzoek Psychosociale hulpverlening na ongevallen en rampen Public Relations 71 Jaarstukken 2020 2021.1.0
R&S (R)BT RIVM ROAZ ROT rVTV RZV SOA SZV TBC UMC VHT VO VrZW VWS VVE WIEG WMO Wvggz WW
Relaties & Seksualiteit Regionaal beleidsteam Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu Regionaal Overleg Acute Zorg Regionaal Operationeel Team regionale Volksgezondheid Toekomst Verkenning Reizigersvaccinatie Seksueel overdraagbare aandoening School ziekteverzuim Tuberculose Universitair Medische Centrum Video Home Training Voortgezet onderwijs Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland Volksgezondheid, Welzijn en Sport Voorschoolse en Vroegschoolse Educatie Wet invoering extra geboorteverlof Wet Maatschappelijke Ondersteuning Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg Werkloosheidswet
72 Jaarstukken 2020 2021.1.0
Taakvelden Om baten en lasten van taken en activiteiten te kunnen aggregeren en met die van andere GGD-en te kunnen vergelijken, moeten ze in vergelijkbare eenheden worden ingedeeld. De kwaliteit van de informatie kan het beste worden gewaarborgd, als hiervoor een indeling wordt gebruikt die gemeenten ook zelf gebruiken. Voor de GGD zijn slechts een beperkt aantal taakvelden van toepassing. Hieronder wordt een tabel weergegeven waarin de gerealiseerde baten en lasten 2020 per taakveld worden weergegeven. TaakveldTaakveld
nummer
lasten
0.4
5.052.866
1.1
135.240
147.180
7.1
16.071.784
8.995.193
baten
0. Bestuur ondersteuning Overhead 1. Veiligheid Crisibeheersing en brandweer 7. Volksgezondheid en milieu Volksgezondheid Totaal (lasten-baten)
12.117.517
De projectbaten en -lasten zoals opgenomen in de staat van baten en lasten in de jaarrekening zijn niet opgenomen in de tabel taakvelden. De projectbaten en -lasten behoren niet tot de reguliere kernactiviteiten van de GGD en zijn uit dien hoofde ook niet opgenomen in deze tabel taakvelden. Deze projectlasten worden volledig gedekt door de projectbaten. De baten en lasten bedrijfsvoering betreffen de doorbelastingen van de afdeling bedrijfsvoering naar de programma’s. Deze baten en lasten zijn wel apart zichtbaar gemaakt op de staat van baten en lasten, maar zijn gesaldeerd opgenomen in de bovenstaande taakvelden. Dit heeft geen effect voor baten, lasten en vermogen van de GGD. Bovenstaand overzicht taakvelden sluit met een bedrag van € 12.117.517 negatief. Dit bestaat zoals hierboven beschreven uit de reguliere baten en lasten inclusief reservemutaties maar exclusief de bijdragen vanuit de deelnemende gemeenten.
73 Jaarstukken 2020 2021.1.0
Verantwoording uitgekeerde zorgbonussen
VWS
H11
Definitief SiSa bijlage verantwoordingsinformatie 2020 op grond van artikel 3 van de Regeling informatieverstrekking sisa - d.d. 4 maart 2021 Corona Bonusregeling Zorg Kenmerk/nummer aanvraag Totaal in (2020) ontvangen Totaal in (2020) ontvangen Totaal in (2020) ontvangen De totale besteding (t/m jaar T) specifieke uitkeringen voor specifieke uitkeringen voor specifieke uitkeringen aan medewerkers netto bonus belastingcomponent uitgekeerde bonus van € 1.000
Aard controle n.v.t. Indicator: H11/01 COBONUS2009064 € 50.000 Relatienummer: 2079583
Aard controle n.v.t. Indicator: H11/02
Aard controle n.v.t Indicator: H11/03 € 40.000
Zijn de zorgprofessionals die een Voldoen de betalingen (t/m jaar bonus van aanvrager hebben T) aan de inkomenstoets zoals ontvangen werkzaam geweest in omschreven in de regeling de periode 1 maart tot 1 (Ja/Nee) september 2020 bij de organisatie waarvoor een aanvraag is gedaan (Ja/Nee)
€ 90.000
Aard controle D1 Indicator: H11/08
Ja Ja Eventuele toelichting Eindverantwoording (Ja/Nee) Verplicht als alle of een deel van de bonussen wordt uitgekeerd in het volgende jaar (05 of 06) of als bij 07 of 08 Nee is ingevuld.
Aard controle n.v.t. Indicator: H11/13 nvt
Aard controle R Indicator: H11/05 € 50.000
Aard controle R Indicator: H11/06 €0
Afgedragen of aangegeven Afgedragen verschuldigde Overig saldo voor bonus in (jaar Overig saldo voor verschuldigde eindheffing over de belasting (t/m jaar) over de aan T) belastingcomponent in (jaar T) aan medewerkers netto derden netto uitgekeerde bonus uitgekeerde bonus
(max € 800 per medewerker) Aard controle D1 Indicator: H11/07
Aard controle n.v.t. Indicator: H11/04
De totale besteding (t/m jaar T) aan derden netto uitgekeerde bonus van € 1.000
(€ 750 per persoon)
Aard controle n.v.t. Indicator: H11/09 € 40.000
Aard controle n.v.t. Indicator: H11/14 Nee
74 Jaarstukken 2020 2021.1.0
Aard controle R Indicator: H11/10 €0
Aard controle R Indicator: H11/11 €0
Aard controle R Indicator: H11/12 €0
Controleverklaring van de onafhankelijke accountant __________
75 Jaarstukken 2020 2021.1.0
76 Jaarstukken 2020 2021.1.0
77 Jaarstukken 2020 2021.1.0
78 Jaarstukken 2020 2021.1.0
79 Jaarstukken 2020 2021.1.0