E -was-wordt-lijst-wijziging-GR-Waterlands-Archief
Tekst van het document
Bijlage was-wordt lijst bij wijzigingsvoorstel van de Gemeenschappelijke regeling Waterlands Archief
Leter 1 Was A -
B
C
D
1
Ar�kel 17, vierde lid: Het bestuur zendt de ontwerpbegro�ng ten minste acht weken voordat deze wordt vastgesteld toe aan de raden. Ar�kel 17, zevende lid: 7. Het bestuur zendt de begro�ng bedoeld in het vijfde lid vóór 1 augustus van het jaar ter kennisneming aan gedeputeerde staten van de provincie. Ar�kel 26, tweede lid:
De leter correspondeert met de leter in het wijzigingsvoorstel.
Wordt Ar�kel 9a: Zienswijze op voorgenomen besluiten Door het bestuur worden geen andere besluiten ter zienswijze aan de raden voorgelegd dan de besluiten van groot maatschappelijk belang, de besluiten met belangrijke beleidswijzigingen en/of van groot financieel belang, de wetelijk verplichte besluiten, de besluiten die in deze regeling worden genoemd en andere besluiten waarvan door het bestuur is bepaald dat die zich hiervoor lenen. Ar�kel 17, vierde lid: Het bestuur zendt de ontwerpbegro�ng ten minste twaalf weken voordat deze wordt vastgesteld toe aan de raden. Ar�kel 17, zevende lid: 7. Het bestuur zendt de begro�ng bedoeld in het vijfde lid vóór 15 september van het jaar ter kennisneming aan gedeputeerde staten van de provincie. Ar�kel 17, tweede en derde lid:
Toelich�ng Na ar�kel 9 wordt een nieuw ar�kel 9a toegevoegd, waarin de zienswijze op voorgenomen besluiten is opgenomen.
Sinds de wijziging van de Wgr is de wetelijke termijn voor toezending van de ontwerpbegro�ng voor een zienswijze 12 weken. Sinds de wijziging van de Wgr is de termijn voor toezending van de begro�ng aan gedeputeerde staten uiterlijk voor 15 september. Er gold al een passieve informa�eplicht en daar is een ac�eve informa�eplicht
2. Het Waterlands Archief stelt de gemeenten te allen �jde in de gelegenheid toezicht te houden op het bepaalde bij of krachtens de Archiefwet 1995 ten aanzien van de archie�escheiden die berusten in de archie�ewaarplaatsen van de gemeenten.
2. Een keer per kwartaal informeert het bestuur de raden over belangrijke ontwikkelingen (terugblik en naar de toekomst toe). 3. Het Waterlands Archief stelt de gemeenten te allen �jde in de gelegenheid toezicht te houden op het bepaalde bij of krachtens de Archiefwet 1995 ten aanzien van de archie�escheiden die berusten in de archie�ewaarplaatsen van de gemeenten.
E
Hoofdstuk 9 TOETREDING, UITTREDING, WIJZIGING EN OPHEFFING REGELING
HOOFDSTUK 9 EVALUATIE, PARTICIPATIE, TOETREDING, UITTREDING, WIJZIGING EN OPHEFFING REGELING
F
-
Ar�kel 31a Evalua�e 1. Een evalua�e vindt minimaal 1 keer per 4 jaar plaats en hee� pas doorgang als de evalua�e en het betreffende onderwerp met een meerderheid van stemmen, uitgebracht door de deelnemers, wordt aangenomen. 2. Het uitgangspunt bij een evalua�e is dat deze plaats vindt voor de gemeenteraadsverkiezingen.
bijgekomen op grond van de wijziging van de Wgr. Passief = op verzoek van een of meer leden van de raden informa�e verstrekken. Ac�ef = uit eigen beweging de raden alle inlich�ngen geven die de raden nodig hebben voor de uitoefening van hun taken. Het nieuwe tweede lid van ar�kel 26 bevat nu een bepaling over de ac�eve informa�eplicht. Het huidige tweede lid wordt vernummerd naar derde lid. De �tel van hoofdstuk 9 is aangevuld, aangezien er in dit hoofdstuk bepalingen over evalua�e en par�cipa�e worden toegevoegd. De Wgr schrij� in ar�kel 11a voor dat een regeling bepalen moet inhouden over evalua�e van de regeling. Om die reden wordt na ar�kel 31 een nieuw ar�kel 31a Evalua�e toegevoegd.
3. De frequen�e van de ac�eve informa�eplicht en de zienswijzen over aangewezen besluiten maken in ieder geval onderdeel uit van een evalua�e. 4. Het bestuur van de regeling zorgt er voor dat 1 jaar vóór het �jds�p waarop een evalua�e zal plaatsvinden een signaal uit gaat naar de deelnemers van de regeling, met daarbij een procesbeschrijving over het aandragen van de onderwerpen en, wanneer een stemverhouding ontbreekt, het stemmen daarover. 5. Wanneer met een evalua�e wordt ingestemd draagt het bestuur zorg voor de uitvoering van de evalua�e. 6. De uitvoering van de evalua�e begint met een procesbeschrijving met daarin een beschrijving van het onderwerp, de manier waarop de evalua�e wordt uitgevoerd en binnen welke termijn. De procesbeschrijving vermeldt ook of de evalua�e extra kosten voor de deelnemers tot gevolg hee�. 7. Als de evalua�e conclusies en aanbevelingen bevat, dan verwerkt het bestuur deze in een voorstel hoe hieraan gevolg wordt gegeven. 8. De gevolgen als bedoeld in het vorige lid, kunnen aanleiding zijn om te
Sinds de wijziging van de Wgr dient in de GR aangegeven te worden op welke wijze ingezetenen en belanghebbenden kunnen par�ciperen bij beleid. Hierbij is aangegeven dat de inspraak niet via het bestuur van de GR hoe� te lopen, maar kan via de gemeenteraden. Zeker bij meer uitvoeringsgerichte GR-en ligt dat voor de hand, omdat de beleidskeuzes bij de colleges en raden liggen.
betrekken in de daarop volgende evalua�eperiode.
G
Ar�kel 31b Par�cipa�e Par�cipa�e vindt plaats via de reguliere inspraakmogelijkheden van de deelnemende gemeenten. Artikel 33 Uittreding: Ar�kel 33 Uitreding 1. Uittreding uit de regeling kan geschieden 1. Een deelnemer kan besluiten uit de door toezending van een daartoe strekkend regeling te treden. besluit van de colleges. De colleges 2. De procedure van uitreding begint overleggen daarbij ook het besluit tot zodra het bestuur het uitredingsbesluit toestemming van de raad van de gemeente. van de deelnemer hee� ontvangen. 3. De uitredingstermijn is drie jaar na het 2. Het bestuur regelt de gevolgen van de uitredingsbesluit. De feitelijke uitreding uittreding. De uittreding gaat in op de gaat in op 1 januari, nadat de eerste dag van het jaar volgend op dat uitredingstermijn van drie jaar is waarin het in lid 1 bedoelde besluit is verstreken. Het bestuur kan van deze ontvangen. termijn afwijken. 4. Uitgangspunt bij uitreding is dat de 3. De kosten van uittreding komen voor gevolgen voor rekening komen van de rekening van de uittredende partij. Tot de uitredende deelnemer. De gevolgen voor kosten van uittreding behoren de kosten in het vermogen bestaan in ieder geval uit verband met wijziging van de personeelslasten en overige financiële Gemeenschappelijke Regeling Waterlands lasten. Archief en de dequisitie van de betreffende 5.
Uitgangspunt is dat het personeel, dat toe te rekenen is aan de werkzaamheden archiefbescheiden. voor de uitredende deelnemer, in dienst treedt van de uitredende deelnemer. Als dit niet mogelijk is dan komen de
Na ar�kel 31a wordt een nieuw ar�kel 31b toegevoegd waarin burgerpar�cipa�e is opgenomen. Er is voor gekozen dat par�cipa�e via de deelnemende gemeenten loopt, omdat de GR een uitvoerende organisa�e is en geen beleid maakt. Een regeling moest al�jd bepalingen over uitreding bevaten, maar sinds de wijziging van de Wgr is deze verplich�ng specifieker gemaakt. In de GR moeten uitredingsafspraken worden gemaakt over de gevolgen voor het vermogen van de bedrijfsvoeringsorganisa�e en de deelnemende gemeenten, waarbij moet worden gedacht aan afspraken over personeel, contracten, huisves�ng en investeringen. Er is daarom een nieuw ar�kel over uitreding opgesteld. Er is aanslui�ng gezocht bij het uitredingsar�kel uit de GR Omgevingsdienst IJmond.
afvloeiingskosten voor rekening van de uitredende deelnemer. 6. Onder overige financiële lasten als bedoeld in het vierde lid, wordt onder meer verstaan financiële, juridische, en organisatorische consequen�es die het directe gevolg zijn van de uitreding. 7. Het bestuur gee� aan een ona�ankelijke derde de opdracht om een impactanalyse op te stellen. Over deze opdracht hee� het bestuur overleg met de uitredende deelnemer. 8. De kosten voor de impactanalyse zijn voor de uitredende deelnemer. 9. Na de impactanalyse wordt een projectgroep samengesteld die het bestuur en de uitredende deelnemer op basis van de impactanalyse adviseert. 10. De projectgroep bestaat in ieder geval uit: - de financiële controllers van de uitredende deelnemer; - de financiële controller van de dienst; - een afgevaardigde van het bestuur; - een afgevaardigde van de uitredende deelnemer. 11. De uitreedsom is gelijk aan de afvloeiingskosten als bedoeld in lid vijf en de overige financiële lasten als bedoeld in lid zes.
12. Het bestuur stelt de uitreedsom vast met in achtneming van het advies van de projectgroep. 13. De uitreedsom kan door de uitredende deelnemer gespreid betaald worden gedurende een periode van drie jaar na vaststelling van de uitreedsom.