e.-verslag-informatiebijeenkomsten-oktober-2024-locatieonderzoek-woon-zorgvoorziening
Tekst van het document
Informatiebijeenkomsten locatieonderzoek woonzorgvoorziening Een verslag over de thema’s, vragen en zorgen over de voorkeurslocatie Jaagweg 15-16 in Purmerend Locatie: Stadhuis Purmerend Data informatieavonden: 8, 9, 14, 22 en 23 oktober 2024 Publicatie datum: 8 november 2024
Inhoud 3.
Aanleiding Achtergrondinformatie en aanleiding van de informatiebijeenkomsten
6.
Sfeerbeeld De sfeer tijdens de informatieavonden
9.
Thema 1 Noodzaak voor de realisatie van een woon-zorgvoorziening
14.
Thema 2 Locatieonderzoek en voorkeurslocatie Jaagweg 15-16
19.
Thema 3 Doelgroep en ervaringen bij soortgelijke locaties
23.
Vervolgproces
Voor de meest gestelde vragen en antwoorden over de woonzorgvoorziening, scan de QR code of ga naar: purmerend.nl/vragen-en-antwoorden-woon-zorgvoorziening.
Aanleiding Achtergrondinformatie en aanleiding van de informatiebijeenkomsten
Voor volwassenen met multi-complexe problemen zijn er geen geschikte opvang- en woonplekken in de gemeente Purmerend. Deze groep heeft baat bij dag en nacht zorg. Daarom heeft de gemeenteraad van Purmerend in 2020 bepaald dat er een woonzorgvoorziening nodig is voor deze inwoners. Het college van burgemeester en wethouders heeft een locatieonderzoek uitgevoerd in opdracht van de gemeenteraad om te zoeken naar de meest passende plek in Purmerend. Op 30 september 2024 informeerde de gemeente Purmerend gelijktijdig haar inwoners en de gemeenteraad over de uitkomsten van dit locatieonderzoek voor een nieuwe woon-zorgvoorziening. In de informatiebrief aan omwonenden werd de locatie Jaagweg 15 en 16 in Purmerend voorgesteld als voorkeurslocatie. Informatiebijeenkomsten Om omwonenden en geïnteresseerden te informeren over de betekenis van deze uitkomst en hen de gelegenheid te geven hun vragen en mogelijke zorgen te delen, organiseerde de gemeente tussen 8 en 23 oktober 2024 vijf[1] informatiebijeenkomsten, die allemaal volgens eenzelfde opzet verliepen.
De dagvoorzitter opende elke bijeenkomst plenair en lichtte het doel en de opzet van de avond toe: “Het doel van deze bijeenkomsten is om omwonenden en geïnteresseerden te informeren en hen de ruimte te geven om vragen te stellen en zorgen te delen.” Na de opening werd de groep aanwezigen verdeeld over drie zalen, elk met een eigen thema (zie kader). Na een half uur wisselden de aanwezigen van zaal en thema, zodat iedereen over alle thema’s geïnformeerd werd. Elk thema begon met een korte toelichting of presentatie, waarna bewoners de mogelijkheid kregen om te reageren met vragen, opmerkingen of zorgen. Op de avonden met een lagere opkomst werden de aanwezigen over twee zalen verdeeld of in één zaal gehouden, waarbij de thema’s na elkaar aan bod kwamen.
4.
Wanneer er aan het einde van de bijeenkomst toch vragen onbeantwoord bleven, dan konden bezoekers hun vragen op een kaartje invullen en inleveren of deze opsturen naar een speciaal ingericht mailadres: woonzorg@purmerend.nl. Alle vragen werden verzameld en – voorzien van antwoorden – toegevoegd aan de Q&A op de website van de gemeente Purmerend (link naar Q&A). Waar inwoners een persoonlijk antwoord terugverwachtten en hun mailadres vermeldden, zijn vragen ook persoonlijk beantwoord. De vragen en antwoorden op de website worden regelmatig bijgewerkt. Voetnoot [1] Oorspronkelijk waren zes bijeenkomsten gepland. De informatiebijeenkomst op 16 oktober werd geannuleerd vanwege een beperkt aantal aanmeldingen. Met de mensen die zich wel hadden aangemeld is contact opgenomen. Zij kregen de mogelijkheid aangeboden om persoonlijk in gesprek te gaan of aan te sluiten bij een van de andere geplande bijeenkomsten.
Thema’s per zaal Thema 1 Noodzaak voor de realisatie van een woon-zorgvoorziening Thema 2 Locatieonderzoek en voorkeurslocatie Jaagweg 15-16 Thema 3 Toelichting op de doelgroep en ervaringen met de doelgroep
Besluitvorming en vervolg Met de informatiebijeenkomsten wilde de gemeente Purmerend omwonenden informeren over de uitkomsten van het locatieonderzoek en hen de kans geven hun vragen en eventuele zorgen te delen. De feedback van bewoners wordt in dit verslag teruggekoppeld aan de gemeenteraad. Op woensdag 13 november 2024 bespreekt de raadscommissie het locatieonderzoek (link naar het locatieonderzoek). Op donderdag 28 november 2024 wordt het raadsvoorstel behandeld, waarover de gemeenteraad een besluit neemt.
Impressie van de hoofdlijnen Dit verslag geeft een beeld van het verloop van de informatiebijeenkomsten, met aandacht voor de besproken onderwerpen en de belangrijkste vragen, zorgen en opmerkingen van de aanwezigen. Zo krijgen zowel bewoners, betrokkenen en de gemeenteraad inzicht in de belangrijkste thema’s van de bijeenkomsten.
Als de gemeenteraad een besluit neemt over de voorkeurslocatie, dan wordt begin 2025 een planning voor het vervolgtraject gemaakt. Hierover communiceert het college met de gemeenteraad, de buurt, de betrokken zorgpartijen en andere instanties.
Aanwezigen in beeld 11 7%
Aantal aanwezigen per bijeenkomst 50
13 8.3%
40
30
30 19.1%
20 103 65.6%
10
ok to be r 23
ok to be r 22
ok to be r
ok to be r 9
14
ok to be r
0
8
103 buurtbewoners die een brief hebben ontvangen 30 andere buurtbewoners uit De Gors 13 geïnteresseerden inwoners uit andere wijken 11 raadsleden
5.
Sfeerbeeld De sfeer tijdens de informatieavonden
Op de informatieavonden komt een groot deel van de mensen in groepjes binnen – buren, vrienden en familie – en sommigen komen om mensen uit de omgeving te vertegenwoordigen.
Onzekerheid en geruchten De aanwezigen komen binnen met duidelijke zorgen en vragen. De verschillende verhalen die in de buurt rondgaan, roepen onzekerheid op over wat er precies te gebeuren staat. Eén van de aanwezigen vertelt dat hij heeft gehoord dat er “twee groepen mensen worden geplaatst die het echt niet met elkaar kunnen vinden. Vrij agressieve mensen zelfs.” Een ander legt uit dat ze hier juist is gekomen om te horen wat de werkelijke plannen zijn: “Op dit moment is er nog zo weinig naar buiten gekomen vanuit de gemeente, en op de media wordt al een heel negatief beeld geschetst.” De aanwezigen hopen vooral op meer helderheid: waar en wanneer kunnen ze inspraak hebben, wanneer wordt er besloten, en (hoe) wordt er naar hun stem geluisterd?
Zorgen over leefbaarheid en veiligheid Hoewel enkele aanwezigen tijdens de bijeenkomsten het belang van de voorziening erkennen en benadrukken dat ook deze groep mensen een passende plek verdient, overheerst een kritische houding. Veel mensen maken zich zorgen over de mogelijke impact op de veiligheid en leefbaarheid van hun wijk. Ze zijn niet tegen een woonzorgvoorziening, maar wel in deze buurt. Een aanwezige vertelt: “Mijn angst is wat dit doet met mijn veiligheid. Daar heb ik ook veel vragen over. Gaan deze mensen door de wijk heen? Is er altijd begeleiding? Ik voel me nu al onveilig op het pad naar de bushalte. Daar durf ik straks echt niet meer langs.”
Sommigen spreken zich nu al fel uit tegen de komst van de woon-zorgvoorziening in hun buurt. “Deze buurt is zo fijn en kindvriendelijk. We willen niet dat er daar iets in verandert. Dit is voor ons een onaanvaardbaar risico. Het gaat om onze veiligheid, en nog belangrijker: die van onze kinderen. Ik wil echt niet dat er iets kan gebeuren dat ze in gevaar brengt.”
Gemengde reacties en blijvende zorgen Aan het einde van de avonden klinken er gemengde reacties. Aanwezigen waarderen de gelegenheid om hun zorgen te uiten en vragen te stellen: "Fijn dat we in gesprek kunnen met de gemeente en dat niet alles zomaar over ons heen wordt beslist," zegt een bewoner. Toch bestaan er bij omwonenden nog steeds vragen en zorgen. "Het verhaal is duidelijk, maar mijn zorgen zijn niet weggenomen," zegt een buurtbewoner. Een ander vult aan: “Ik begrijp de uitleg wel, maar ik ben het er gewoon niet mee eens.” Ook geven aanwezigen aan dat ze twijfels hebben over of hun inbreng daadwerkelijk verschil zal maken. Een aanwezige vertelt dat hij zich niet meer serieus genomen voelt. “We hebben al een asielzoekerscentrum, er was sprake van de bouw van een discotheek en nu weer dit. Telkens komt de gemeente weer bij ons terug met vragen. Ik wil gewoon rustig wonen.” Anderen benoemen de behoefte aan verdere informatie: “Fijn dat veel vragen zijn beantwoord, maar er zijn ook weer nieuwe vragen bijgekomen." De omwonenden hopen dat de gemeenteraad hun vragen en zorgen meeneemt in hun overwegingen.
De meeste aanwezigen staan open voor een gesprek en meer informatie. 7.
“Ik ben hier om te luisteren en om te delen wat mijn zorgen zijn. Misschien worden die vanavond weggenomen, dat zou mooi zijn. Ik wil niet te snel oordelen.”
Deze foto heeft geen direct verband met de quote.
8.
Thema 1 Noodzaak voor de realisatie van een woon-zorgvoorziening
Gesprek met Chris Boer[2], wethouder zorg, en de directeur-bestuurder van het Algemeen Opvangcentrum Purmerend (AOP), die ervaring heeft met de beoogde doelgroep in Purmerend. Er wordt gesproken over de problemen in de gemeente Purmerend en de dringende noodzaak van een woonzorgvoorziening. Wethouder Boer licht toe: “Purmerend heeft te maken met een groep inwoners die is vastgelopen in de samenleving. Mensen met verslavings- of psychische problemen die niet goed voor zichzelf kunnen zorgen. Dit zijn bijvoorbeeld dakloze mensen zonder stabiele verblijfplaats, maar ook mensen die wel een woning hebben, maar zonder een goede begeleiding de omgeving tot last kunnen zijn. Dit probleem raakt niet alleen deze mensen zelf, maar ook de andere stadsbewoners. Deze groep veroorzaakt overlast in de vorm van winkeldiefstal, door te bedelen, door veel geluid te maken of bijvoorbeeld door een vuurtje te maken om eten op te warmen. Op dit moment is hiervoor geen oplossing: in Purmerend is nog geen passend woonof zorgaanbod voor deze doelgroep.”
Belang van een woon-zorgvoorziening Al in 2020 heeft de gemeenteraad van Purmerend besloten dat een woonzorgvoorziening noodzakelijk is voor deze doelgroep. In de eerste instantie had de gemeente daar het Oudelandsdijkje voor op het oog. Deze locatie bleek na nader onderzoek ongeschikt[3]. In 2021 werd door de gemeenteraad vastgesteld aan welke criteria een locatie moet voldoen. Op basis daarvan is verder gezocht naar geschikte plek (zie Thema 2: Locatieonderzoek). De deskundige vanuit het AOP geeft een inkijk in de doelgroep: “Het gaat hier om kwetsbare Purmerenders die vaak door moeilijke omstandigheden, zoals een scheiding, verlies van werk of een
10.
problematische jeugd, steeds verder zijn afgegleden. Deze mensen zwerven nu door de stad, wat zonder begeleiding kan leiden tot overlast en verergering van hun situatie. Een vaste plek, waar ze dag en nacht begeleiding en structuur krijgen, zou deze neerwaartse spiraal kunnen doorbreken. Voorbeelden van vergelijkbare voorzieningen in andere gemeenten laten zien dat zodra mensen een (t)huis hebben, hun probleemgedrag afneemt en er rust ontstaat in hun leven.”
Volgende stappen De gemeenteraad vindt het daarom noodzakelijk dat deze groep een vaste plek krijgt in Purmerend. De vraag die nu voor ligt is: waar kan deze voorziening het best worden gerealiseerd. Op basis van de door de gemeenteraad gedefinieerde locatiecriteria is Jaagweg 15 en 16 als voorkeurslocatie naar voren gekomen. Als deze locatie door de gemeenteraad wordt vastgesteld, zal de gemeente de omwonenden betrekken in het vervolgproces. Samen met hen en andere belanghebbenden – zoals zorgpartners, andere hulpinstanties, politie, ondernemers en scholen – wil de gemeente bepalen wat er nodig is om de woon-zorgvoorziening in te richten. Dit participatieproces helpt om alle betrokkenen te horen en de locatie zo goed mogelijk af te stemmen op de behoeften van de doelgroep en de buurt. Wethouder Boer legt uit: “Dat betekent ook dat er op dit moment nog veel onbeantwoorde vragen zijn. We weten nog niet welke zorgpartij de begeleiding op zich zal nemen, wat de specifieke selectiecriteria zijn en hoe de inrichting van de locatie eruitziet. Dit zijn zaken die na de besluitvorming samen verder uitgewerkt zullen worden.”
Gevolgen voor veiligheid en leefbaarheid Na en tijdens de introductie reageren de aanwezigen met vragen en zorgen. “Dat
deze mensen geholpen moeten worden begrijp ik”, legt een inwoner uit. “Daar ben ik het zelfs helemaal mee eens. Maar niet op deze plek en niet op deze manier.” De aanwezigen maken zich vooral zorgen over de gevolgen van de voorziening op de wijk. “Dit is een rustige en kindvriendelijke woonwijk”, legt een bewoner uit. “Dat willen we graag zo houden.” Vanuit de verschillende groepen komen vragen over de veiligheid: “Kunnen mijn kinderen of mijn vrouw straks nog wel veilig over straat?”, “Wie kan me garanderen dat we hier nog veilig kunnen rondlopen?” en “Hoe wordt ervoor gezorgd dat wij geen overlast krijgen van de doelgroep?” Ook vragen bewoners zich af hoe het verslaafde deel van de doelgroep aan drugs komt. Ze zijn bang voor inbraak en diefstal: “Kan ik mijn achterdeur nog wel openlaten?”. Bovendien schatten ze de kans groot dat deze nieuwe inwoners in de wijk gaan hangen, dat ze dealers aantrekken en dat daarmee de kinderen uit de wijk in aanraking komen met criminaliteit.
Vertekend beeld van de doelgroep De deskundige vanuit het AOP legt uit: “Zoals er momenteel over hen gesproken wordt, lijken de bewoners van zo’n woonzorgvoorziening heel gevaarlijk. Er wordt op social media vaak een beeld geschetst van mensen die om het minste of geringste agressief kunnen reageren. Maar dat beeld herkennen we in de praktijk niet. Het zijn mensen zoals wij, die op een bepaald moment van het pad af zijn geraakt. Bovendien is het prettige van een dergelijke voorziening dat de zorgmedewerkers de mensen goed kennen. Ze zijn erop getraind om te signaleren wanneer mensen afglijden en dan kunnen ze daar preventief naar handelen.” “Daarbij willen de bewoners van een woon-zorgvoorziening hun plek niet kwijt. Ze zullen dus wel twee keer nadenken voordat ze overlast veroorzaken én ze spreken elkaar daar ook op aan.’
“Ik vind het mijn plicht om hier vanavond te komen, want de zorgen die we hier nu horen is niet de stemming in de hele wijk. Zelf heb ik jarenlange ervaring met de beoogde doelgroep en ik heb geen problemen met zo’n voorziening op deze plek. En ja, ik woon ook dichtbij. Ik heb meer overlast van jongeren op fatbikes.”
11.
“Toen ik las wat er hier zou komen schrok ik. Om meerdere redenen. Ik vind het angstig dat die mensen ontoerekeningsvatbaar kunnen zijn en wat het doet met de buurt. Straks zitten er allemaal dealers bij het speeltuintje.”
12.
Groepsgrootte en personele bezetting Tijdens de informatieavonden uiten verschillende omwonenden hun zorgen over het aantal bewoners in de woonzorgvoorziening en de continuïteit van de personele bezetting. De groep van 25 tot 35 bewoners van de voorziening wordt door de aanwezigen als vrij groot ervaren. Sommigen vragen zich af of deze groep in de toekomst nog verder zou groeien. Zij zien ook dat steeds meer mensen in de problemen komen en hulp nodig hebben. De wethouder stelde de aanwezigen gerust door te bevestigen dat de locatie een maximum heeft van 35 bewoners. “Meer dan dat kan deze locatie niet huisvesten.”
Immers, in de huidige arbeidsmarkt wordt het steeds lastiger om gekwalificeerd personeel te vinden: “Hoe zorgt u ervoor dat er genoeg geschoolde mensen beschikbaar zijn voor deze bewoners?”
De deskundige vanuit het AOP vult aan: “Dergelijke voorzieningen in andere gemeenten hebben vaak een grootte van tussen de 25 en 45 mensen. Een omvang van 25 tot 35 bewoners zorgt voor de nodige ‘schaalgrootte’ om kwalitatief goede, 24-uurs zorg te kunnen bieden, zowel in aantallen als in kwaliteit.”
Voetnoten [2] Op dinsdag 22 en woensdag 23 oktober verving wethouder Mario Hegger wethouder Chris Boer op de informatiebijeenkomsten.
Naast zorgen over het aantal bewoners, hebben omwonenden ook vragen over de zorgmedewerkers en de kwaliteit van de begeleiding. Een belangrijke vraag is of er werkelijk 24/7 voldoende en goed opgeleid personeel aanwezig kan zijn.
De wethouder benadrukt dat dit een belangrijk criterium is bij de keuze voor de zorgaanbieder: “Als we de woonzorgvoorziening niet goed kunnen bemensen, gaan we het niet doen.” Zowel de deskundige vanuit het AOP als van het Leger des Heils (zie thema 3) bevestigen dat zij tot nu toe altijd voldoende personeel weten te vinden voor andere locaties en hebben vertrouwen dat dit hier ook zal lukken.
[3]Voor deze locatie is al eerder een onderzoek geweest en door de regelgeving is gebleken dat hier beperkte ruimtelijke ontwikkelingsmogelijkheden zijn. Daarnaast is de locatie inmiddels te klein om aan de huidige vraag te voldoen. De raad heeft in 2021 al aangegeven dat deze locatie niet geschikt is en daarom is hij niet meegenomen.
13.
Thema 2 Locatieonderzoek en voorkeurslocatie Jaagweg 15-16
Tijdens deze sessie geven de projectleider van de gemeente Purmerend, en een onderzoeker van CTMH een toelichting op het uitgevoerde locatieonderzoek en de daarbij opgestelde criteria voor de woonzorgvoorziening.
Opstellen van locatiecriteria Aanvankelijk waren er geen criteria waaraan een locatie voor de woonzorgvoorziening moest voldoen. Om hierin duidelijkheid te scheppen, is in 2021 gewerkt aan het opstellen van deze locatiecriteria. De gemeenteraad bezocht (digitaal) een aantal vergelijkbare voorzieningen in Amsterdam, Rotterdam en Hoorn. Op basis van die bezoeken en in samenwerking met zorginstellingen, zijn in 2021 door de gemeenteraad locatiecriteria vastgesteld, bestaande uit drie randvoorwaardelijke en vijf aanvullende criteria. Vervolgens heeft de gemeenteraad aan het college van burgemeester en wethouders de opdracht gegeven om een locatie te vinden die aan deze criteria voldoet.
“We willen niet weten waarom de locatie is gekozen. We willen het gewoon niet.”
Van zestien naar drie locaties Het onderzoek begon met het inventariseren van kansrijke plekken in Purmerend. Alle zestien voorgestelde locaties werden getoetst aan de randvoorwaarden (zie kader), omdat deze als uitgangspunt dienden voor de opdracht van de raad. Dit bracht het aantal mogelijke locaties terug van zestien naar drie.
Randvoorwaarden Goede bereikbaarheid: binnen 15 minuten loopafstand van openbaar vervoer. Dichtbij voorzieningen: binnen 15 minuten lopen van voorziening, zoals een winkelcentrum en binnen 20 minuten fietsen van het centrum. Niet afgelegen en niet midden in een woonwijk: minimaal 100 meter afstand van de dichtstbijzijnde woning of voorziening, tenzij er een natuurlijke afscheiding (zoals een weg of sloot) is. De maximale afstand tot woningen bedraagt 800 meter.
15.
Aanvullende criteria voor locatiekeuze Naast de randvoorwaarden zijn er vijf aanvullende criteria opgesteld (zie kader). Deze werden niet verplicht gesteld, maar droegen wel bij aan de geschiktheid van een locatie. Uit het onderzoek bleek echter dat geen van de voorgestelde plekken aan alle aanvullende criteria voldeed. Op basis van het locatieonderzoek bleven er drie geschikte locaties over: Jaagweg 15 en 16, Bamestraweg (Breidablick) en het parkeerterrein aan de Stationsweg. Van deze drie werd Jaagweg 15 en 16 als de beste optie beoordeeld. Hoewel deze locatie niet aan alle voorwaarden voldoet (vanwege de verkeersdrukte op de Jaagweg), ziet het college deze plek als de meest geschikte keuze voor de woonzorgvoorziening. Frustratie over de criteria De aanwezigen begrijpen het proces van het locatieonderzoek, maar struikelen over de locatiecriteria. Ze hebben vragen over hoe de criteria (in 2021) tot stand zijn
Aanvullende criteria Een prikkelarme omgeving op de locatie zelf, zoals een moestuin of een plek met dieren. Mogelijkheid om op of nabij de locatie dagbesteding te organiseren. Natuurlijke afscheidingen zoals een doodlopende weg of een weg die tussen de locatie en omliggende woningen ligt. Geen drukke loop- of fietsroutes direct langs de locatie. Gemeentelijk eigendom van de locatie.
16.
gekomen. Ze zijn het er niet mee eens dat (mogelijke) omwonenden geen rol hadden in de totstandkoming van de criteria. Daarnaast vinden de aanwezigen dat er in de criteria vooral de nadruk wordt gelegd op wat nodig is voor de mensen in de woon-zorgvoorziening. Er mist aandacht is voor de wensen en behoeften van de mensen die al in de wijk wonen. “Worden onze zorgen ook meegenomen door de gemeente?”, vraagt een buurtbewoner. “Dit is gunstig voor de bewoners die hier komen wonen, maar wat zijn de voorwaarden vanuit ons?”
“De gemeenteraad moet onze zorgen kennen. Ik zie hier wel een mooi onderzoeksrapport, maar waar worden onze zorgen dan vermeld?” Bovendien begrijpen de aanwezigen niet wat de relevantie is van sommige van de criteria én zijn ze het er niet mee eens. “Waarom is de afstand tot voorzieningen zo belangrijk?”, “Waarom mag de locatie niet te afgelegen zijn?” En, “Wat hebben ze nodig om in de polder te blijven?” De projectleider legt uit: “Voor bewoners van een woon-zorgvoorziening is het belangrijk dat de afstand naar voorzieningen niet te groot is. Ervaring leert dat zij dan niet meer terugkeren naar de voorziening en weer op straat blijven slapen.” De toelichting op deze vragen geeft meer inzicht, maar er blijft ook frustratie bestaan bij bewoners. Ze hebben het gevoel dat er ‘gepamperd’ wordt en vinden dat de behoeften van de mensen uit de doelgroep boven die van de huidige buurtbewoners worden geplaatst. Een bewoners zegt: “Wat zijn zij meer dan wij? Wij knokken voor ons huis, school, kinderen, belastingen. En dan krijgen we dit door de strot gedrukt.”
Niet prikkelarm én wel een drukke route Ook over de beoordeling van de criteria zijn omwonenden het niet eens. Ze vinden dat de onderzoekers niet moeten onderschatten hoe gevaarlijk de provinciale weg is. ‘Eén van de aanwezigen vertelt: “Het is een gevaarlijke plek met het verkeer. Mensen rijden zó hard op de provinciale weg. Het is daar al gevaarlijk om de weg over te steken en helemaal onder invloed van alcohol en andere middelen.” Een ander is het daarmee eens, maar ziet ook kansen: ”De weg is gevaarlijk en ik vind ook dat er weinig verlichting in de buurt is. Maar we kunnen ook juist meegeven dat daar iets aan gedaan moet worden.” De onderzoekers erkennen dat de verkeerssituatie bij de Jaagweg een aandachtspunt is. Het (aanvullende) criterium ’Geen drukke loop- of fietsroutes direct langs de locatie’ is ook het enige punt waarop de locatie niet voldoet. Daarnaast is er tijdens de informatieavonden veel discussie over de mate waarin de locatie ‘prikkelarm’ is. Aanwezigen die de buurt goed kennen beargumenteren dat er juist heel veel prikkels zijn en dat het geen geschikte plek is voor mensen die baat hebben bij een ‘rustige thuisomgeving’. De onderzoekers leggen uit dat de locatie geschikt moet zijn om een prikkelarme plek (binnen of buiten) te creëren. Door
de gemeenteraad is meegegeven dat er een prikkelarme omgeving gerealiseerd kan worden door aanwezigheid van een moestuin of het houden van dieren. Het perceel is omringt door de afscheiding en bomen. De weggeluiden zijn wel aanwezig, maar niet storend. Daarom wordt deze locatie als prikkelarm aangemerkt. Ontwerp van de woon-zorgvoorziening Vanuit de aanwezigen komen er veel vragen over hoe de woonzorgvoorziening eruit komt te zien, waar de ingang komt en of er hoogbouw of nieuwbouw geplaatst wordt. De projectleider benadrukt dat dit vragen zijn voor een volgende fase van het proces. “In een vroeg stadium betrekken we de buurt en de gemeenteraad, waardoor we wel iets kunnen zeggen over de locatie en de redenen voor de keuze van Jaagweg 15 en 16, maar nog niet over het uiterlijk van de voorziening.” Hij licht ook toe dat de gemeente Purmerend de omwonenden, zorginstanties en andere relevante partijen wil betrekken bij de verdere uitwerking. Een bewoner benadrukt tot slot dat het belangrijk is dat de gemeenteraad rekening houdt met de kosten voor aanvullende maatregelen: “Wordt er geld gereserveerd voor alle aanpassingen die wij nodig hebben om ons veilig te voelen?”
“Wat me het meeste raakt is dat de doelgroep niet te ver van de voorzieningen mag verblijven. Er wordt zo veel met ze meegedacht. En wij dan?”
17.
“Ik snap wel dat deze mensen ergens een plek moeten hebben, maar dit is voor hen geen veilige plek. Ik maak me daar zorgen over.”
18.
Thema 3 Doelgroep en ervaringen bij soortgelijke locaties
Een deskundige van het Leger des Heils (LdH) vertelt over zijn ervaringen met de beoogde doelgroep op soortgelijke woon-zorglocaties in andere gemeenten. Hij werkt als regiomanager bij het LdH.
! Belangrijk om te vermelden is dat deze voorbeelden betrekking hebben op bestaande locaties in andere gemeenten. Voor de beoogde locatie in Purmerend is nog geen zorgpartij gekozen. Ook is de doelgroep nog niet specifiek geselecteerd.
Bewoners woon-zorgvoorziening De deskundige van LdH vertelt: “Over het algemeen bestaat de doelgroep van een woon-zorgvoorziening uit mensen die teleurgesteld zijn in de maatschappij, zorg mijden en kampen met verslavingsof psychiatrische problemen. Deze groep kan soms overlast veroorzaken door intimidatie, dronkenschap en geluidshinder. Een belangrijk criterium voor beoogde bewoners is dat ze geschikt zijn om in een groep te wonen, zodat iedereen in staat zijn om in een gemeenschappelijke setting te leven.”
“Er komen steeds meer mensen bij die hulp nodig hebben, met de toename van de wachtlijsten in de zorg. Het is belangrijk dat deze mensen een plek hebben, zij zijn ook onderdeel van onze stad.” De groepen aanwezigen luisteren aandachtig naar het verhaal van de deskundige van LdH, maar onderbreken hem ook voor vragen. Ze willen weten of er ook mensen met een strafblad kunnen komen, of mensen die een zedendelict hebben begaan. Omwonenden zijn bang voor het contact tussen de bewoners en de kinderen in de buurt. De deskundige
20.
licht toe dat zedendelinquenten doorgaans niet tot de doelgroep behoren, maar dat er wel regelmatig bewoners zijn die een strafblad hebben – vaak voor vergrijpen zoals diefstal en openbaar dronkenschap. Daarnaast benadrukt hij nogmaals dat er nog geen zorgaanbieder is gekozen en dat er ook nog geen specifieke selectiecriteria zijn vastgesteld, maar dat de doelgroep wel in beeld is. Op dit moment ligt de het locatieonderzoek voor aan de gemeenteraad. Wanneer hier in de raadsvergadering een besluit over wordt gemaakt, is de vervolgstap om een plan uit te werken. Onderdeel daarvan is het opstellen van de selectiecriteria.
Huiselijke sfeer en huisregels In de meeste woon-zorgvoorzieningen blijven bewoners voor langere tijd. De aanpak is doorgaans niet gericht op uitstroom of abstinentie. Bewoners mogen onder bepaalde voorwaarden drugs gebruiken op hun eigen kamer – de ervaring leert dat ze het anders juist op straat doen en daarmee overlast veroorzaken. Binnen de voorzieningen wordt een avondklok gehanteerd: na middernacht zijn bewoners binnen, tenzij werk specifieke afspraken vereist. Ook is bezoek toegestaan, mits aan voorwaarden wordt voldaan en bij twijfels kan het team bezoek altijd weigeren. “We weten altijd wie er binnenkomt en wie eruit gaat”, vertelt de medewerker van het Leger des Heils. In de woon-zorgvoorzieningen wordt een huiselijke sfeer gecreëerd met gezamenlijke ruimtes, zoals een huiskamer, waar bewoners zelf of gezamenlijk kunnen koken. Soms is er zelfs een huiskat. De bewoners maken samen met de begeleiding afspraken over huisregels. Vaak hanteren zij onderling strengere regels dan de begeleiders. De bewoners krijgen hulp bij het structuren van hun dag- en nachtritme:
ze gaan op tijd uit bed en naar bed. Ook wordt aandacht besteed aan dagbesteding, op of buiten de locatie. In de ideale situatie hebben bewoners zelfs een baan. Daarnaast is er aandacht voor het aanleren van gewenst sociaal gedrag. Een deel van de bewoners van de voorzieningen heeft lang op straat geleefd en is het gewend geraakt om door te zeuren en dreigen hun zin krijgen. Door consequent begeleiding te bieden, ontstaat er geleidelijk gedragsverandering. Verder leren bewoners praktische vaardigheden, zoals op tijd douchen en hun kamer schoonhouden. De bestaande woon-zorgvoorzieningen werken samen met de verslavingszorg, GGZ, en ervaringsdeskundigen. Vrijwilligers, soms ook uit de buurt, ondersteunen bewoners bij verschillende activiteiten.
Vragen en zorgen over overlast door drugsgebruik Bij omwonenden zijn er veel vragen en zorgen over het drugsgebruik van de doelgroep: ‘Hoe komen ze aan de drugs? En aan het geld voor drugs?’ en ‘Straks komen er allemaal dealers naar onze wijk’. Er heerst angst voor inbraken en diefstallen omdat bewoners hun verslaving moeten bekostigen. De deskundige van LdH legt uit dat de woonzorgvoorziening geen drugs mag verstrekken. Dit is bij wet verboden. De bewoners die drugs gebruiken komen daar op dezelfde manier aan als toen ze op straat leefden. Verder krijgt de doelgroep een uitkering en hebben sommigen inkomsten uit werk of dagbesteding. Tot slot hebben de bewoners van de woon-zorgvoorziening er alle belang bij om goed om te gaan met de plek waar ze wonen en de omwonenden. Wanneer er toch drugsdealers worden gesignaleerd door buurtbewoners, kunnen ze dit gelijk melden bij de voorziening en/of de politie en handhaving. Dergelijke meldingen worden ook besproken met de bewoners.
Contact met de buurt Woon-zorgvoorzieningen maken een beheersplan waarin onder andere staat dat ze 24 uur per dag bereikbaar zijn voor vragen en klachten. Daarin worden ook wensen van omwonenden meegenomen. “We zouden hier bijvoorbeeld kunnen afspreken dat bewoners van de voorziening niet in speeltuintjes rondhangen,” legt de deskundige uit. Als iemand uit de omgeving belt met een klacht, krijgen ze altijd een terugkoppeling over wat er met hun klacht gebeurt. “We horen alleen maar positieve verhalen”, zegt een aanwezige. “Maar ik neem aan dat er ook negatieve verhalen zijn.” Ook anderen vragen of er vaak wordt gebeld voor overlast. “De precieze cijfers ken ik niet”, zegt de deskundige van LdH, “maar er wordt niet vaak gebeld voor overlast.” Hij benadrukt dat de inwoners van een woon-zorgvoorziening het belangrijk vinden om hun buurt niet tot overlast te zijn: “Ze willen hun plek in de voorziening niet kwijt. Natuurlijk zijn ze weleens boos, maar op ons of op elkaar. Dat is dan vaak intern.”
“Wat moet ik doen als er ineens iemand van de voorziening in mijn tuin staat?” Een woon-zorgvoorziening wil graag deel uitmaken van de buurt. Goede communicatie en samenwerking met omwonenden zijn daarom essentieel – de kans is aanwezig dat je elkaar tegenkomt. Eventuele zorgen en klachten worden serieus genomen en er wordt vaak een klankbordgroep ingericht om met elkaar in gesprek te blijven over wat er speelt. In de praktijk blijkt echter vaak dat de klankbordgroep na verloop van tijd minder actief wordt. De aanvankelijke zorgen zijn meestal groter dan de uiteindelijke overlast in de praktijk.
21.
“De reden dat wij hier zitten is omdat we willen dat onze wijk veilig blijft. Je haalt iets binnen dat de kans vergroot dat je je onveiliger voelt dan nu. Mensen kunnen bijvoorbeeld gaan bedelen, of bij ons springen ze over de schutting. Als dit doorgaat, doe ik de deur op slot en hang ik een camera op. Hoe stom dat ook klinkt.”
Deze foto heeft geen direct verband met de quote.
22.
Vervolgproces oktober 2024 informatiebijeenkomsten voorkeurslocatie
13 november 2024 raadscommissie bespreekt het locatieonderzoek
28 november 2024 het raadsvoorstel over de woon-zorgvoorziening wordt behandeld, waarover de gemeenteraad een besluit neemt Als de gemeenteraad besluit om de voorkeurslocatie over te nemen dan start het vervolgtraject.
begin 2025 gemeente Purmerend maakt een planning voor het vervolgtraject. Hierover communiceert het college met de gemeenteraad, de buurt, de betrokken zorgpartijen en andere instanties.
23.
Dit is het verslag opgesteld door bureau Van Vieren over de informatiebijeenkomsten met betrekking tot de woonzorgvoorziening in Purmerend. Kijk voor meer informatie en vragen op: purmerend.nl/woonzorg