e.-nota-van-beantwoording-zienswijzen-bp-a-jacobslaan-7-2024
Tekst van het document
Nota van beantwoording zienswijzen inzake de coördinatieprocedure als bedoeld in artikel 3.8 en 3.30 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) ten behoeve van het bestemmingsplan 'A. Jacobslaan 7 2024’ en de omgevingsvergunning voor de realisatie van een gebouw met 18 sociale huurwoningen en een gebouw met 32 zorgwoningen inclusief ruimte voor dagbesteding voor cliënten van Odion ************************************************************************ Formele aspecten Op 20 november 2023 is een aanvraag omgevingsvergunning ingediend voor de realisatie van een gebouw met 18 sociale huurwoningen en een gebouw met 32 zorgwoningen inclusief ruimte voor dagbesteding op het perceel Aletta Jacobslaan 7-111 (oneven). Tegelijk hiermee is een verzoek tot herziening van het ter plaatse geldende bestemmingsplan ingediend en een concept-bestemmingsplan aangeleverd. Met dit bestemmingsplan wordt de betreffende ontwikkeling planologisch mogelijk gemaakt. Bij de indiening van de aanvraag omgevingsvergunning en het verzoek om bestemmingsplanherziening is verzocht om de coördinatieregeling op grond van artikel 3.30 Wro toe te passen. Daarmee wordt de omgevingsvergunning gecoördineerd met het bestemmingsplan in procedure gebracht. Het ontwerpbestemmingsplan ‘A.
Jacobslaan 7 2024’ en de ontwerpomgevingsvergunning zijn beoordeeld en daarna met ingang van maandag 18 december 2023 tot en met maandag 29 januari 2024 ter inzage gelegd. Het ontwerpbestemmingsplan is tevens digitaal beschikbaar gesteld via de landelijke voorziening op www.ruimtelijkeplannen.nl. Gedurende de terinzagelegging kon iedereen (schriftelijk of mondeling) zienswijzen over de ontwerpbesluiten indienen. Dit stond in een voorafgaande publicatie in het Gemeenteblad, het Nieuwsblad van Purmerend en op de gemeentelijke website. Hiermee is aan de wettelijke kennisgevings- en terinzageleggingsvereisten voldaan. Daarnaast heeft de gemeente ervoor gekozen om de omwonenden ook met een bewonersbrief en een bewonersavond te informeren over de terinzagelegging en de mogelijkheden om op de stukken te reageren of vragen te stellen (zie bijlage A bij deze nota). Tijdens de terinzagelegging is op 1 januari 2024 de Omgevingswet in werking getreden. In de Omgevingswet zijn 26 bestaande wetten gebundeld. Zo zijn de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), de Wet ruimtelijke ordening, de Wet natuurbescherming en de Waterwet vervangen door de Omgevingswet. Ook het Activiteitenbesluit en het Bouwbesluit zijn vervangen.
Omdat het ontwerpbestemmingsplan en het ontwerpbesluit omgevingsvergunning voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet ter inzage zijn gelegd, geldt voor de verdere procedure van het bestemmingsplan en de omgevingsvergunning het oude recht. In de voorliggende Nota van beantwoording wordt daarom de oude wet- en regelgeving en de hierbij behorende vaktermen gebruikt. Van diverse personen zijn reacties met zienswijzen ontvangen. De persoonsgegevens zijn in bijlage B bij deze nota opgenomen. De zienswijzen zijn binnen de daarvoor openstaande termijn ontvangen. Ze zijn ontvankelijk en worden in behandeling genomen. De ontvangen zienswijzen worden hierna verkort weergegeven. Daarna volgt een gemeentelijke reactie. De reacties zijn overigens volledig in de overwegingen betrokken. Voor een opsomming van de ambtshalve op te nemen wijzigingen in het bestemmingsplan en de omgevingsvergunning wordt verwezen naar bijlage C bij deze nota. 1
Zienswijze indiener 1 Schade door werkzaamheden De indiener vreest schade door het verwijderen van de (wortels van) boomstronken die voorbij de erfgrens onder de grond doorlopen. Indiener vreest ook risico’s door asbest en de bodemgesteldheid. Zij verneemt graag hoe de gemeente deze risico’s gaat voorkomen en welke voorwaarden de gemeente aan de aannemer gaat meegeven. De indiener maakt zich tevens zorgen over het slaan of boren van palen nabij haar erfgrens en merkt op dat beloofd is om trillingsvrij te funderen om schade aan panden te voorkomen. Zij is bang dat de heistelling door de onstabiele grond omvalt. Gemeentelijke reactie De gemeente is opdrachtgever voor de sloop en het bouwrijp maken van het terrein. Naar aanleiding van de zorgen uit de buurt over deze werkzaamheden zijn de vertegenwoordigers van de indieners van zienswijzen uitgenodigd voor een schouw op locatie op 11 maart 2024. Bij de schouw waren ook vertegenwoordigers van de gemeente en de sloopaannemer aanwezig. Tijdens de schouw is aangegeven dat er maatregelen worden getroffen om verzakkingen te voorkomen. Zo worden de bestaande boomwortels van gekapte bomen niet voorbij de erfgrens verwijderd, maar nabij de erfgrens doorgezaagd. Verder is toegelicht dat voorafgaand aan de sloop van de bebouwing een asbestsanering in het gebouw zal plaatsvinden door een daartoe gecertificeerd bureau.
De sanering wordt door een ander daartoe gecertificeerd bureau gecontroleerd. Pas als de asbest conform wet- en regelgeving verwijderd is, wordt het pand vrijgegeven voor sloop. Een aannemer is altijd zelf verantwoordelijk voor de eventuele ontstane schade door de door hem uitgevoerde werkzaamheden. Desalniettemin heeft de gemeente naar aanleiding van zorgen van omwonenden voorafgaand aan de sloop- en bouwwerkzaamheden bouwkundige vooropnames bij omliggende panden laten maken. Daarmee is de bestaande situatie vastgelegd. Mocht er onverhoopt toch schade ontstaan aan omliggende panden, dan kan door middel van deze bouwkundige vooropnames worden aangetoond dat de schade nog niet aanwezig was voor de werkzaamheden. De eventuele schade kan dan bij de aannemer worden geclaimd. De gemeente heeft daarnaast trillingsmeters geplaatst, zodat de trillingen goed gemonitord kunnen worden tijdens de werkzaamheden. Wooncompagnie is opdrachtgever voor de bouw. Haar bouwaannemer zal voorafgaand aan de bouw grondonderzoek uitvoeren om te bepalen welk heisysteem het beste is. Mede aan de hand van de grondsamenstelling zal de bouwaannemer voorzieningen treffen om op een veilige manier de activiteiten te kunnen verrichten.
Door een technische storing in het gemeentelijk zaaksysteem konden ten tijde van de tervisielegging van de ontwerpomgevingsvergunning nog geen voorschriften aan de ontwerpomgevingsvergunning worden verbonden. Dat zal bij de te verlenen omgevingsvergunning alsnog gebeuren. Zo wordt daarin onder meer opgenomen dat bij het uitvoeren van bouwwerkzaamheden maatregelen getroffen moeten worden ter voorkoming van letsel van personen en beschadiging van zaken op een aangrenzend perceel en dat er een maximale toegestane trillingssterkte voor het uitvoeren van bouwwerkzaamheden geldt.
2
Aanvullende maatregelen en afspraken naar aanleiding van de zienswijze: - uitvoering van bouwkundige vooropnames; - plaatsing van trillingsmeters. Zienswijze indieners 2 De indieners geven aan dat zij niet zozeer problemen hebben met het bouwvoornemen op de Aletta Jacobslaan. Zij zien wel verschillende risico’s met betrekking tot de bouw en de eindsituatie die zij graag vooraf beperkt zien in de omgevingsvergunning. Zo maken zij zich zorgen over de hieronder weergegeven aspecten. a.
schade door werkzaamheden De indieners vragen zich af of er - zoals afgesproken - een vorm van trillingsvrij funderen wordt toegepast. Vanwege de bodemgesteldheid vrezen zij schade als er anders dan met trillingsvrije schroefpalen wordt gefundeerd. Zij merken op dat het onduidelijk is wat het gebruik van (grondverdringende) palen op zo’n korte afstand van bestaande palen aan risico’s oplevert voor die bestaande palen. Zij stellen dat vanwege de bijzondere opbouw van lagen in de bodem er grote kans bestaat op schade aan de bestaande woningen als er horizontale bewegingen met zwaar materieel plaatsvinden. Dat is eerder ook het geval geweest bij de sloop van het belastingkantoor, terwijl die werkzaamheden op een twee keer zo’n grote afstand plaatsvonden. De instabiliteit van de ondergrond kan voor gevaar zorgen. Men noemt in dat kader de heistelling die bij de bouw van het Clusius college (tegenwoordig Vonk genoemd) is omgevallen. De bewoners wensen een onafhankelijke opname voorafgaand aan de sloopwerkzaamheden om discussies achteraf te voorkomen. Daarnaast stellen zij voor trillingsmeters op te hangen.
b.
wateroverlast De indieners vragen zich af hoe het grondwaterpeil beïnvloed gaat worden tijdens de bouw en in de eindsituatie, of het peil gemonitord gaat worden tijdens de werkzaamheden, waar de waterberging gaat plaatsvinden en waar die op loost.
c.
verlichting parkeerterrein De indieners geven aan dat er in de stukken niets over de verlichting van het parkeerterrein te vinden is.
d.
sociale veiligheid De indieners geven aan overlast te ondervinden van het drugsdealen en het drugsgebruik op het terrein (o.m. spuiten, bedreigingen en vernielingen) en vragen hier aandacht voor.
e.
bergingen De indieners geven aan dat er in de stukken niets te vinden is over het gevaar van brandoverslag vanuit de (houten) bergingen ten opzichte van de bestaande bebouwing. Zij stellen dat de brandwerendheid ten opzichte van de bestaande bebouwing gewaarborgd moet worden. Zij wijzen erop dat de achterwand van de bergingen op de erfgrens met het naastgelegen perceel staan, terwijl er afgesproken is 3
dat er voldoende ruimte tussen het bestaande hek en de bergingen gehouden zou worden om adequaat onderhoud te kunnen plegen. f.
ontbrekende adviezen en onderzoeken? De indieners kregen naar aanleiding van opmerkingen van de projectleider van Wooncompagnie de indruk dat er nog andere adviezen en onderzoeken in de aanvraag gevoegd moeten worden. Zij vragen zich af welke dat zijn en wat de mogelijke invloed daarvan op het plan is.
Gemeentelijke reactie Ad a. In dit verband wordt verwezen naar de gemeentelijke reactie op de zienswijze van indiener 1. Ad b. De vragen van indieners zijn in dit stadium nog niet te beantwoorden. Wooncompagnie heeft namelijk nog geen bouwaannemer gecontracteerd en daardoor is er ook nog geen nader onderzoek uitgevoerd naar de wijze van beïnvloeding van het grondwaterpeil. Dat is ook sterk afhankelijk van het toe te passen bouwsysteem. Ad c. Op het terrein worden lantaarnpalen geplaatst waarvan het licht naar beneden wordt gericht en niet naar de zijkant. Ad d. Ons gemeentebestuur begrijpt de zorgen van omwonenden. Het voormalig schoolterrein is al geruime tijd niet meer in gebruik en dat kan een uitnodigende werking hebben op bepaalde mensen. Met de voorliggende herontwikkeling zal het aantal mensen dat in het gebied aanwezig is en zicht op het gebied heeft echter toenemen. Ook de verlichting op het toekomstige parkeerterrein van Wooncompagnie zal naar verwachting bijdragen aan de sociale veiligheid ter plaatse. Na oplevering van de woningen gaan de gemeente en Woningcompagnie de situatie ter plaatse monitoren in overleg met omwonenden. Indien noodzakelijk worden er maatregelen genomen. Ad e. Met omwonenden was inderdaad afgesproken dat de bergingen op 30 à 40 centimeter van de erfgrens zouden worden geplaatst voor het plegen van onderhoud aan de erfafscheiding.
Op de situatieschets bij de ontwerpstukken waren de nieuwe bergingen abusievelijk toch op de erfgrens geplaatst. Dit wordt hersteld door de aanvrager (zie gewijzigde situatietekening bij de aanvraag omgevingsvergunning). De aanvraag omgevingsvergunning voldoet aan de regelgeving op het gebied van brandveiligheid en is positief beoordeeld door de brandweer. Ad f. Ons gemeentebestuur vermoedt dat er sprake is van een misverstand. Sommige stukken mogen namelijk - zoals te doen gebruikelijk - vlak voor de bouw aangeleverd worden. In dit kader wordt verwezen naar de voorschriften bij de omgevingsvergunning). Wijzigingen naar aanleiding van de zienswijze: - aanpassing situering bergingen ten opzichte van de erfgrens in omgevingsvergunning
4
Aanvullende maatregelen en afspraken naar aanleiding van de zienswijze: - uitvoering van bouwkundige vooropnames; - plaatsing van trillingsmeters; - monitoring eventuele overlast na oplevering woningen. Zienswijze indieners 3 a.
verkeerde namen Indieners merken op dat in de toelichting op het ontwerpbestemmingsplan verschillende malen verkeerde namen voorkomen. Aan de noordzijde wordt het gebied niet begrensd door de Overweerse Polderdijk, maar door de Marga Klompéstraat. Het Clusiuscollege heet inmiddels Vonk. Verder komt regelmatig de naam Overheerse Polderdijk voor in plaats van Overweerse Polderdijk.
b.
beleeftuin Indieners vragen zich met betrekking tot de beleeftuin een aantal zaken af: wat houdt de beleeftuin in? komt het (financieel) wel echt van de grond en zo niet, wat gaat er dan met het groengebied gebeuren? Wie gaat het terrein dan beheren? leveren de in de bodem aangetroffen stoffen nog (consumptie)beperkingen op? wordt er vanuit de beleeftuin veel geluidsuitstraling verwacht naar de aangrenzende bestaande woningen? waarom is het gebied van de beleeftuin in het bestemmingsplan niet als blijvend groen zonder bebouwingsmogelijkheden opgenomen?
c.
privacy In de toelichting op het ontwerpbestemmingsplan staat dat de bergingen en de bestaande bomen voor zoveel mogelijk waarborging van de privacy zorgen voor de naastgelegen twee-onder-een-kapwoningen. Indieners wijzen erop dat de betreffende bomen zullen verdwijnen en de bergingen maar één laag hoog zijn.
d.
seniorendoelgroep Indieners zien graag vastgelegd in het bestemmingsplan dat de achttien sociale huurwoningen bestemd worden voor senioren. Deze doelgroep is immers met de buurt afgesproken.
e.
verkeersaantrekkende werking, verkeersveiligheid en parkeerterrein Indieners geven aan dat bij de onderbouwing van de verkeersaantrekkende werking van de ontwikkeling voorbij wordt gegaan aan een aantal feiten. Zo kunnen de externe gebruikers van de dagbesteding met busjes naar de dagbesteding worden gebracht en gehaald of zelfstandig met een (aangepaste) auto naar de dagbesteding komen, kunnen de bewoners van Odion een auto hebben, kan het personeel van Odion met de auto komen, kan de halve binnenstad op het openbaar toegankelijke parkeerterrein van Wooncompagnie parkeren, had de vroegere basisschool maar een beperkt aantal leerlingen die voornamelijk met een paar busjes naar school werden gebracht en gehaald, was de voorganger van Vonk er toen nog niet, is er van een verkeerde soort instelling uitgegaan (verpleeghuis) en is de Aletta Jacobslaan nu al een overbelaste 5
straat door de verplaatsingsbewegingen van honderden scholieren (die als het regent of waait voor een groot deel met de auto worden gebracht en gehaald). Indieners wijzen erop dat het ontbreken van een voetpad aan de waterkantzijde van de Aletta Jacobslaan voor verkeersonveilige situaties zorgt. Veel mensen gaan daardoor namelijk op straat lopen. Zij vragen zich af of er geen eenrichtingsverkeer kan worden ingesteld in de straat. Indieners vrezen een grote aanzuigende werking van het openbaar toegankelijke parkeerterrein van Wooncompagnie op bezoekers en werknemers van de binnenstad. f.
overlast Indieners geven aan dat zij in het gebied van de voormalige school en het speelterreintje overlast ervaren door o.m. vernielingen, het dealen en gebruiken van soft- en harddrugs, intimidatie en bedreiging. Zij vragen zich af wie in de toekomstige situatie de sociale veiligheid op het parkeerterrein en in de beleeftuin gaat handhaven. M.n. het openbaar toegankelijke karakter van de beleeftuin baart hun zorgen vanwege het gebrek aan toezicht vanuit de openbare verkeersruimte.
g.
bereikbaarheid erfafscheidingen Indieners vragen aandacht voor het bereikbaar blijven van de erfafscheidingen van de tuinen van de Marga Klompéstraat voor het benodigde onderhoud. Wordt er daadwerkelijk een schelpenpad langs de erfafscheidingen aan de achterzijde aangelegd?
Gemeentelijke reactie Ad a. De namen worden aangepast. Ad b. Achter de nieuwbouw wilde de VMBO-school Vonk een beleeftuin realiseren. Een openbaar toegankelijke en aantrekkelijke groene omgeving voor haar leerlingen, maar ook voor de omgeving. Het zou een ruimte worden om te leren en te ontmoeten. Vonk zou de beleeftuin aanleggen en onderhouden. De gronden zou zij huren van de gemeente. Lopende de procedure heeft Vonk echter te kennen gegeven dat zij niet langer (financieel) zorg wil dragen voor de aanleg en het onderhoud van deze beleeftuin. Ons gemeentebestuur betreurt dit, maar wil nu ter plaatse zelf (financieel) zorgdragen voor de aanleg en het beheer van een (ecologische) beleeftuin. Dit mede in verband met de Purmerendse ecologische ambities. Separaat van de voorliggende gecoördineerde procedure zal dit idee nader worden uitgewerkt en besproken met de omgeving. De bodem ter plaatse van de beleeftuin is reeds onderzocht als onderdeel van een grootschaliger verkennend bodemonderzoek. Dat onderzoek is als bijlage bij de toelichting op het bestemmingsplan gevoegd. In de bovengrond werden enkel licht verhoogde concentraties PFAS aangetoond. Daarbij werd bodemsanering niet noodzakelijk geacht, gelet op de beoogde woonfunctie. Er zijn in de bovengrond geen andere verontreinigende stoffen aangetoond.
Gelet op het beoogde gebruik als beleeftuin achter de nieuwbouwwoningen (met mogelijk ook moestuingebruik) is een aanvullend bodemonderzoek verricht naar PFAS. Uit dat onderzoek blijkt dat er ter plaatse van de beleeftuin geen verhoogde 6
concentraties PFAS zijn aangetoond en de bodem wordt ingedeeld in de bodemkwaliteitsklasse landbouw en natuur. Er gelden vanuit de bodem dan ook geen beperkingen voor het gebruik als beleeftuin. Er mag bijvoorbeeld een moestuin worden gerealiseerd t.b.v. consumptie. Dit onderzoek wordt toegevoegd aan het bestemmingsplan. De geluidsuitstraling ter plaatse van de beleeftuin zal passen binnen een normale woonomgeving. Een bestemming ‘Groen’ zonder bebouwingsmogelijkheden ter plaatse van de beoogde beleeftuin biedt naar de mening van ons gemeentebestuur te weinig flexibiliteit. Op basis van het nu nog geldende bestemmingsplan ‘Overwhere-Zuid 2012’ hebben de betreffende gronden de ruime bestemming ‘Maatschappelijk’. Binnen die bestemming is een grote verscheidenheid aan maatschappelijke functies toegestaan (waaronder religieuze doeleinden, gezondheidszorg, onderwijs, maar ook groenvoorzieningen). Met het voorliggende bestemmingsplan worden de toegestane functies ter plaatse van de beleeftuin al ingeperkt tot wonen en wooncomplexen, al dan niet in samenhang met centrale voorzieningen ten behoeve van verzorging en verpleging en bijbehorende voorzieningen zoals parkeervoorzieningen en groen. De bouwmogelijkheden in de beleeftuin zijn beperkt: alleen bijbehorende bouwwerken en gebouwen voor nutsvoorzieningen tot maximaal drie meter hoog en bouwwerken geen gebouwen zijnde. Ad c.
De betreffende passage zal worden aangepast. Ons gemeentebestuur blijft overigens wel van mening dat de inperking van de privacy niet onevenredig is. De verblijfsruimte in het toekomstig woongebouw komt op minimaal 10 meter van het dichtstbijzijnde perceel van de twee-onder-een-kapwoningen. Dit is geen ongebruikelijke afstand binnen een verstedelijkt gebied, waar ruimte een schaars goed is. Overigens kan op basis van het nu nog geldende bestemmingsplan een gebouw op de erfgrens worden gerealiseerd met een maximale goothoogte van tien meter. Ad d. Wooncompagnie is inderdaad voornemens om deze woningen aan senioren te verhuren (met uitzondering van urgente woningzoekenden met een mobiliteitsprobleem). Gelet op het bepaalde in artikel 3.1 van de Wro mag een leeftijdsbepaling echter niet in het bestemmingsplan worden opgenomen. De leeftijd van bewoners is immers geen ruimtelijk relevant aspect. Ad e. Zoals in de toelichting op het bestemmingsplan is verwoord is voor het maken van een inschatting van de hoeveelheid autoverkeer dat wordt gegenereerd als gevolg van de nieuwe ontwikkeling gebruikgemaakt van de CROW publicatie 381 'Kencijfers Verkeersgeneratie en Parkeren'. Daarbij is aansluiting gezocht bij de functie die het meest overeenkomt met de voorliggende ontwikkeling. Voor de woonzorgvoorziening van Odion is daarbij aangesloten bij de categorie 'verpleeg- en verzorgingshuis'.
In dat kengetal is rekening gehouden met de verkeersgeneratie van het personeel. Vanwege hun beperking is het niet aannemelijk dat de bewoners van de woonzorginstelling van Odion en de bezoekers van de dagbesteding van Odion over een auto beschikken. Naar verwachting bezoeken dagelijks ongeveer 50 cliënten het dagactiviteitencentrum. Een deel hiervan woont boven het dagactiviteitencentrum. De rest komt met een busje, per fiets of lopend naar de dagbesteding. De busjes zullen hun cliënten op het eigen (parkeer)terrein afzetten en ophalen. De berekende verkeersgeneratie voor de gehele ontwikkeling is beperkt: circa 84 verkeersbewegingen per dag. Daar komt bij dat op basis van de nu nog geldende 7
maatschappelijke bestemming ook verkeersbewegingen gegenereerd kunnen worden. Dat de voormalige basisschool niet veel leerlingen gehad zou hebben en dat die leerlingen veelal met busjes werden gebracht en gehaald, doet niets af aan de maximale planologische mogelijkheden die het nu nog geldende bestemmingsplan op die locatie biedt. Indien in de praktijk blijkt dat het private parkeerterrein veel wordt gebruikt door bezoekers en werknemers van de binnenstad kan Wooncompagnie het private terrein afsluiten met een slagboom. De Aletta Jacobslaan is een erftoegangsweg met een maximum snelheid van 30 km/uur. Conform het Verkeers- en Vervoersbeleidsplan Purmerend 2016 bedraagt de maximum intensiteit op een dergelijke weg 5.000 motorvoertuigen per dag. Uit onze verkeersmodellen blijkt dat de verkeersintensiteit in de Aletta Jacobslaan ruim onder die norm van 5.000 motorvoertuigen per dag blijft, ook met de extra verkeersgeneratie als gevolg van het onderhavige plan. In dit verband wordt verwezen naar de afbeeldingen in bijlage D. Het instellen van éénrichtingsverkeer in de straat is op dit moment niet mogelijk. De straat is momenteel te breed voor het instellen van éénrichtingsverkeer. Zodra de straat in aanmerking komt voor groot onderhoud kan er gekeken worden naar een eventueel gewijzigde inrichting.
Aan de waterkantzijde van de Aletta Jacobslaan wordt wel een waterdoorlatend wandelpad aangelegd, waardoor mensen naar verwachting minder geneigd zullen zijn op de straat te lopen. Daarnaast is - mede naar aanleiding van de ontvangen zienswijzen over hinderlijke en gevaarlijke verkeerssituaties op de A. Poelmanstraat en A. Jacobslaan inmiddels een parkeerverbodzone ingesteld in deze straten. Hierdoor kan er gehandhaafd worden op voertuigen die niet in de parkeervakken geparkeerd staan. Ad f. In dit verband wordt verwezen naar het gestelde bij de zienswijze van indieners 2 onder d. Ad g. De erfafscheidingen blijven goed bereikbaar voor onderhoud. Langs het parkeerterrein/de beleeftuin wordt een waterdoorlatend pad aangelegd. (zie situatietekening behorende bij de omgevingsvergunning). Wijzigingen naar aanleiding van de zienswijze: - aanpassing namen in toelichting bestemmingsplan; - toevoeging aanvullend bodemonderzoek naar PFAS aan toelichting bestemmingsplan; - aanpassing onderbouwing privacy in toelichting bestemmingsplan; - aanvulling onderbouwing verkeersaantrekkende werking in toelichting bestemmingsplan. Aanvullende maatregelen en afspraken naar aanleiding van de zienswijze: - aanleg waterdoorlatend pad aan de waterkantzijde van de A. Jacobslaan en langs de beleeftuin; - instelling parkeerverbodszone A. Poelmanstraat en A.
Jacobslaan; - monitoring eventuele overlast na oplevering woningen.
8
Bijlagen: A. B. C. D.
Bewonersbrief Persoonsgegevens indieners zienswijzen Ambtshalve wijzigingen Verkeersmodellen
9