E-concept-Accountantsrapport-2021-gemeente-Purmerend
Tekst van het document
De belastingdienst komt in het najaar langs om een toets uit te voeren op de interne fiscale controles (kwaliteit). Om de fiscale kwaliteit intern te borgen is de Notitie Fiscale Visie 2022 d.d. 21 januari 2022 opgesteld. Hieraan zal in 2022 uitwerking worden gegeven. 6.4.2
Stadsverwarming
Zoals ook al in voorgaande jaren is verwoord, vormt de deelneming in de Stadsverwarming (boekwaarde € 38 miljoen) en de daarmee samenhangende verstrekte lening van € 8 miljoen een materiele post in de jaarrekening van de gemeente Purmerend. De accountant van de Stadsverwarming Holding BV heeft bij de jaarrekening 2021 op 24 maart 2022 een goedkeurende controleverklaring verstrekt. De financiële administratie over 2021 van de SVP sluit dit boekjaar af met een positief resultaat van € 7,2 miljoen na belastingen (2020: € 6,6 miljoen positief). Van belang is dat de Stadsverwarming in 2022 voor de energievoorziening afhankelijk is van de ontwikkeling van de grondstofprijzen. Mede als gevolg van de oorlog in Oekraïne vanaf februari 2022 is er sprake van een forse stijging van de grondstofprijzen. De prijzen voor energie zijn gekoppeld aan de gasprijs en kunnen dus worden ‘doorgegeven’ aan de afnemers. In de risicoparagraaf bij de jaarrekening van de Stadsverwarming is dit risico benoemd, maar tevens is vermeld dat door jaarcontracten in 2022 er nog geen impact is te verwachten op de jaarcijfers 2022. Waardering deelneming Voor de deelneming Stadsverwarming geldt volgens het BBV als waarderingsgrondslag de boekwaarde dan wel de duurzaam lagere marktwaarde. Gezien de ontwikkelingen en het resultaat over het boekjaar 2021 is een eventuele afwaardering niet aan de orde.
20
CONCEPT 6.5
Opmerkingen jaarverslaggeving
De jaarstukken (jaarrekening en het jaarverslag) dienen te worden opgemaakt in overeenstemming met het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Het BBV geeft voor de opzet en de inrichting begroting en de jaarstukken van gemeenten de wettelijke kaders aan. Bij onze controle toetsen wij of de jaarrekening (het financiële verantwoordingsdocument) voldoet aan de formele aspecten van het BBV. Conform de verslaggevingsvoorschriften zijn wij nagegaan of het jaarverslag tenminste de (minimale) wettelijk voorgeschreven informatie bevat en of de inhoud van het jaarverslag geen tegenstrijdigheden bevat met de jaarrekening. Op basis van ons onderzoek hebben wij vastgesteld dat het jaarverslag niet in strijd is met de jaarrekening. 6.6
Programmarekening van baten en lasten
Het positieve gerealiseerde resultaat over 2021 bedraagt afgerond € 12,6 miljoen ten opzichte van een bijgesteld begroot resultaat van € 4,3 miljoen. Het gerealiseerd saldo van baten en lasten na begrotingswijziging (voor mutaties in de reserves) is € 47.000 nadelig geraamd; het saldo van de baten en lasten (voor mutaties in de reserves) over 2021 komt uit op een bedrag van € 11 miljoen voordelig. Dit resultaat laat zich als volgt nader verklaren:
(in € 1.000,-)
Begroting na wijziging -47 4.384 4.337
Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten Saldo mutatie reserves Gerealiseerd resultaat
Realisatie
Afwijking
11.070 1.515 12.585
11.117 -2.869 8.248
In de programmarekening wordt een nadere toelichting gegeven op de verschillen tussen de (bijgesteld) ramingen en de realisatie over 2021. Ook is een overzicht in de jaarrekening opgenomen van de baten en lasten per programma, per beleidsveld en per taakveld. Kortheidshalve verwijzen wij u naar de betreffende toelichtingen in de programmarekening.
21
CONCEPT 7.
BALANS EN FINANCIELE POSITIE
7.1
Ontwikkeling eigen vermogen
Het eigen vermogen van de gemeente bedraagt ultimo 2021, inclusief het resultaat na bestemming, in totaal € 58,5 miljoen. Hiervan heeft € 18 miljoen betrekking op de bestemmingsreserves. In de onderstaande tabel is de financiële positie gespecificeerd. (in € 1.000)
begin 2021
eind 2021
toe/afname
24.518 19.494 3.399 47.411
27.900 17.996 12.585 58.481
3.382 -1.498 9.186 11.770
Algemene reserve Bestemmingsreserve Saldo rekening Totaal eigen vermogen
De bestemmingsreserves zijn per saldo afgenomen met € 1,5 miljoen (hierin is de resultaatbestemming 2021 nog niet verwerkt). Uit paragraaf 5 behorende bij de jaarstukken ‘Overzicht reserves en voorzieningen’ blijkt dat de grootste mutaties zijn: • de vrijval van de bestemmingsreserve begraafrechten ad € 1,5 miljoen en de vorming van een nieuwe voorziening onderhoud begraafrechten door een (initiële) storting van € 1,3 miljoen. Hiermee is ook geharmoniseerd, aangezien Beemster al jaren een voorziening heeft gevormd. Overigens zijn deze gelden ontvangsten van burgers voor de afkoop van grafonderhoud en kwalificeert deze ‘schuld’ voor het BBV als een voorziening en hiermee wordt het BBV nageleefd; • de toevoeging van per saldo € 3,4 miljoen aan de bestemmingsreserve Gronden. Dit betreft grotendeels de winst-uitnames uit de lopende grondexploitaties (50% zijnde € 1,7 miljoen), ontvangen bijdragen uit de winstdelingsregeling van € 1,3 miljoen en vrijval van een deel van de verliesvoorziening Wheermolen Oost (€ 0,48 miljoen). De onttrekkingen van € 2,2 miljoen betreffen 50% van de verwachte aanslagen vennootschapsbelasting (€ 0,7 miljoen), de gevormde verliesvoorziening voor de grondexploitatie BOL (€ 0,13 miljoen) en verder gerealiseerde kosten voor het ontwikkelen van visies onderzoeken met betrekking tot gebiedsontwikkelingen in Purmerend (€ 1,2 miljoen).
Wij hebben bij onze controle vastgesteld dat de mutaties in de reserves rechtmatig zijn, alsmede dat geen rechtstreekse vermogensmutaties in 2021 hebben plaatsgevonden. 7.2
Grondexploitaties
In de gemeente Purmerend hebben de grondexploitaties behoorlijke financiële omvang en een divers karakter. Met een boekwaarde per 31 december 2021 in de balans van € 36,4 miljoen (2020: € 31,6 miljoen) inclusief vermindering van de verliesvoorziening, zijn de bouwgronden in exploitatie in de balans nog steeds fors. Wij constateren voor 2021 positieve ontwikkelingen inzake de grondverkopen vooral bij het bedrijventerrein; en ook voor 2022 en verder zijn de verwachte vooruitzichten, mede op basis van de uitgangspunten in de Meerjaren Programma Grondexploitaties 2022 (MPG), nog steeds positief te noemen. Wel zijn er voor sommige projecten vertragingen opgetreden.
22
CONCEPT 7.2.1 Actualisatie grondexploitaties 2022 Bij de gemeente Purmerend wordt in aanvulling op de begroting en de jaarstukken jaarlijks een Meerjaren Programma Grondexploitaties (MPG) aan de raad aangeboden 3. We hebben hiervan kennis genomen en de gehanteerde uitgangspunten en parameters die zo goed mogelijk worden ingeschat, beoordeeld. De verwachte berekende eindwaarde resp. contante waarde per grondexploitatie wordt hierop gebaseerd. De uitgangspunten in de MPG 2022 en de verwachte cijfers inclusief de bepaling van de hoogte van de (geactualiseerde) gevormde verliesvoorziening van € 3,32 miljoen zijn – vooruitlopend op uw besluitvorming van de MPG 2022 – in de voorliggende jaarrekening verwerkt. De verliesvoorziening Wheermolen-Oost is in 2021 afgenomen, mede vanwege de verwerking van de toegekende rijks subsidie van € 3,4 miljoen. Voor de nieuwe, vastgestelde grondexploitatie BOL in 2021 is een verliesvoorziening gevormd. De Grondexploitatie Klein Where wordt met het raadsbesluit tot het vaststellen van de MPG 2022 per 31 december 2021 formeel afgesloten. Het perspectief dat uit de MPG 2022 volgt is dat de overige grondexploitaties bij de einddatum worden afgesloten met een verwacht positief resultaat. 7.2.2
Stand van zaken faciliterend grondbeleid
Wij hebben kennisgenomen van de paragraaf Faciliterend grondbeleid van de gemeente Purmerend zoals verwoord in de MPG 2022. Voor de genoemde projecten in de MPG 2022 is aangegeven of een intentie- of anterieure overeenkomst is getekend als grondslag om in de balans kosten de activeren (passiveren). Wij wijzen er op dat in de BBV Nota Faciliterend Grondbeleid diverse voorwaarden genoemd voor het opnemen als immateriële vaste activa dan wel als kortlopende vordering of overig kortlopend actief (m.n. een geldig raadsbesluit, termijn van maximaal 5 jaar, kosten passend in de zogenaamde lijst van het Besluit Ruimtelijke ordening). Wij hebben vastgesteld dat voor genoemde projecten in de MPG 2022 intentieovereenkomsten dan wel anterieure overeenkomsten zijn afgesloten. Voor een deel van de geactiveerde en nog te verhalen kosten per 31 december 2021 dient de bijdrage voor de gemeentelijke plankosten nog te worden gefactureerd. In de MPG 2022 is aangegeven dat een bedrag van € 5,78 miljoen nog gefactureerd kan worden. Het risico dat de gemeente een deel van de plankosten niet kan verhalen wordt vooralsnog als laag ingeschat. In het uiterste geval dat het toch niet lukt om alle kosten te verhalen zal dekking plaats vinden uit de bestemmingsreserve gronden.
3 De planning is, zo is ons medegedeeld, dat de MPG 2022 op 30 juni 2022 aan de raad ter vaststelling wordt aangeboden.
Formeel dient uw college de MPG 2022 voor de vaststelling van de jaarrekening 2021 en voor afgifte van onze controleverklaring aan de raad te hebben aangeboden. De verwachting is dat de concept cijfers niet meer wijzigen.
23
CONCEPT 7.2.3 Voortgang Baanstee Noord In de actualisatie is de fasering van de uitgifte van bedrijfskavels aangehouden tot 2030 (einddatum). De gefaseerde grondverkopen tot 2025 is gedaan op basis van concrete interesse, via een optie tot aankoop of een reservering. Uit de cijfers blijkt dat de uitgifte van de kavels zeer voorspoedig verloopt. Er is in 2021 voor € 6 miljoen aan gronden verkocht (in lijn met de verwachtingen). Vanwege de vraag uit de markt zijn er in 2021 opnieuw gronden ingebracht (84.000m2) vanuit de materiële vaste activa. Het effect op de ingebrachte gronden en overige ontwikkelingen in de gronduitgifte is € 16,4 miljoen voordelig (o.b.v. nominale waarde). De netto contante waarde verbetert per 1 januari 2022 13,5 miljoen met inbegrip van de actualisatie van de kosten. De verwachtingen voor 2022 zijn positief; er is al een reservering voor een grote kavel. De einddatum van Baanstee blijft staan op 2030 (9 jaar) en ook de inschatting ten aanzien van de verwachte grondverkopen voor de periode 2026-2030 van 4,4 Ha per jaar blijft gehandhaafd. Gezien de vraag uit de markt lijkt dit scenario ons op dit moment realistisch. 7.2.4 Grondexploitaties woningbouw Kop West De verwachting voor de grondexploitatie Kop west was vorig jaar dat de laatste groep van grondverkopen in 2021 zouden plaatsvinden, waarna voor 2022 alleen nog enkele losse kavels beschikbaar zijn.
Deze opbrengst is niet gerealiseerd in 2021, maar inmiddels zijn er wel afspraken gemaakt over de grondverkoop. De verwachting is dat in mei-juni 2022 een grote levering zal plaatsvinden (waarde van ca. € 4,3 miljoen). En dat verschillende overige kavels ook in 2022 en 2023 worden getransporteerd. Wheermolen-Oost Grondexploitatie Wheermolen-Oost is in augustus 2020 door de raad vastgesteld. De verwachte looptijd is tot en met 2034. Per 31 december 2021 is een bedrag van € 0,9 miljoen aan kosten gerealiseerd. Wheermolen-Oost betreft een groot project aangezien de verwachte kosten € 63 miljoen zullen bedragen. In 2021 heeft het rijk aan de gemeente een subsidie verleend van € 3,4 miljoen uit de regeling Woningimpuls. De verantwoording van de subsidie verloopt via de SiSa-systematiek en is thans verwerkt in de MPG 2022. Overigens ook de verhuiskostenvergoeding van € 1,8 miljoen opnieuw in de raming opgenomen (dit was gekoppeld aan de subsidieverlening). Samenvattend heeft een en ander geleid tot een lager negatief verwacht resultaat waardoor een deel van de verliesvoorziening is vrijgevallen. We geven in overweging om volgend jaar, gezien het risicoprofiel, de lange looptijd van het project en de doorwerking van parameters in het model, een ‘second opinion’ door een deskundig onafhankelijk bureau uit te laten voeren. Hiermee kan de robuustheid van de actualisatie worden getoetst.
Desgevraagd is ons medegedeeld dat in de loop van 2022 een aantal essentiële zaken duidelijk worden waardoor ook de betrouwbaarheid van de ramingen en de robuustheid van de actualisatie per 1 januari 2023 zal worden geborgd.
24
CONCEPT 7.3
Voorzieningen
Blijkens de jaarrekening 2021 bedraagt de stand van de voorzieningen per einde 2021 € 11,2 miljoen (2020: € 7,6 miljoen). Uitgaven ten laste van voorzieningen dienen, conform het BBV, rechtstreeks via de balans te worden geboekt. De door de raad geaccordeerde dotaties aan deze voorzieningen lopen via de rekening van baten en lasten. In 2021 is er 1 nieuwe voorziening gevormd namelijk de voorziening afkoopsommen onderhoud begraafrechten (zie ook opmerking par. 7.1). We plaatsen de volgende kanttekeningen: • de voorziening wachtgeldverplichtingen bestuurders is ultimo december 2021 nihil. Navraag levert op dat 1 wethouder van Purmerend na de verkiezingen met wachtgeld is gegaan. De verplichting geldt voor 2022 en medegedeeld is dat in 2022 een dotatie aan de voorziening wordt gedaan waarmee de maximale verplichting is afgedekt; • gemeente Purmerend heeft de pensioenvoorziening ondergebracht bij verzekeraar ASR maar dit contract is opgezegd. Purmerend gaat deze voorziening per 2022 zelf beheren. ASR heeft de waarde van de pensioenvoorziening bepaald op € 3,7 miljoen en heeft dit bedrag overgemaakt aan de gemeente. De overdracht betekent wel dat de gemeente feitelijk actuariële berekeningen moet gaan uitvoeren. We hebben geadviseerd om dit door een deskundige te laten begeleiden.
Waardering claims Wij hebben op basis van de beschikbare informatie beoordeeld voor welk concreet aanwezige claims (nog) een voorziening gevormd dient te worden in de jaarrekening. Ingevolge ons verzoek hebben wij van de gemeente een reactie hierover ontvangen. Aangegeven is dat er geen claims of andere zaken aanhangig zijn waarvoor thans een (nieuwe) voorziening gevormd dient te worden. We hebben tijdens de interim-controle geen signalen ontvangen of bijzonderheden geconstateerd. Om deze reden is dit jaar geen brief opgevraagd bij de advocaat respectievelijk advocaten waarmee de gemeente samenwerkt. Voor de bekende en lopend claims/juridische geschillen en hiermee samenhangende financiële risico’s heeft de gemeente in voldoende mate rekening mee gehouden in de risicoberekeningen, zie hiervoor de paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing. We zijn onlangs ingelicht door uw medewerkers dat de bouw van de parkeergarage (tijdelijk) is stil gelegd vanwege verzakkingen bij nabij gelegen woningen. Op dit moment is onduidelijk of een en ander nog een financieel risico voor de gemeente oplevert.
25
CONCEPT 8.
SINGLE INFORMATION EN SINGLE AUDIT (SISA)
8.1
Algemeen
De verantwoording van ontvangen specifieke uitkeringen is als bijlage opgenomen in de jaarrekening. Hiervoor is een specifiek verantwoordingsmodel voorgeschreven. De bijlage is door ons conform de gegeven aanwijzingen van het Rijk gecontroleerd. Voor de hierbij eventueel geconstateerde bevindingen gelden op grond van artikel 5, lid 4 van het Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden (BADO) zwaardere rapporteringstoleranties dan de tolerantie, welke wij met uw raad zijn overeengekomen voor de controle van de jaarrekening. De controle van de SiSa-verantwoording 2021 heeft dit jaar aanzienlijk meer tijd gekost vanwege de grote toename van het aantal regelingen. De administratieve lastendruk, ook voor uw gemeente, neemt toe en dit is ook in de nieuwe Notitie van de Commissie BADO ‘Specifieke uitkeringen: uitvoerbaarheid en controleleerbaarheid d.d. 20 april 2022 onderkend. 8.2
Toenemend aantal regelingen
Er zijn dit jaar enkele wezenlijke veranderingen, die er mede toe leiden dat het aantal subsidieregelingen waarover Purmerend zich moet verantwoorden flink groeit; van 9 naar 19 regelingen. Ad-hoc regelingen De Corona-crisis en de Toeslagen-affaire bij de kinderopvang zorgden in 2020 al voor 3 extra regelingen, dit jaar komen daar nog 5 rijksuitkeringen aan gemeenten bij: de regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen, de kwijtschelding publieke schulden SZW-domein hersteloperatie kinderopvangaffaire, de regeling inhalen Covid-19 gerelateerde onderwijsvertragingen, de specifiek uitkering ijsbanen en zwembaden en de ondersteuning naleving controle coronatoegangsbewijzen (de laatste is via de Veiligheidsregio toegekend). Ook dit jaar geldt dat een aantal van deze regelingen snel is ingevoerd, en deze snelheid gaat deels ten koste van zorgvuldigheid. De wijze van verantwoorden is bij de opzet van de regelingen nog niet uitgewerkt en leidt deels tot nadere toelichting of interpretatie achteraf. Minder decentralisatie-uitkeringen De Algemene Rekenkamer heeft op rijksniveau kritiek geuit op de wijze waarop het rijk decentralisatie-uitkeringen beschikbaar stelt aan onder meer gemeenten. Aan decentralisatie-uitkeringen horen door het Rijk, zeer beperkt of geen voorwaarden gesteld te worden, want ze zijn deel van de algemene uitkering.
Nu het Rijk toch vaak aanvullende eisen stelt aan besteding van deze gelden, krijgen ze het karakter van subsidies en worden ze ondergebracht in de Sisa-systematiek. Onder meer door deze ontwikkeling moet de gemeente zich dit jaar specifiek verantwoorden over de Regeling huisvesting aandachtsgroepen en de specifieke uitkering lokale preventieakkoorden of preventieaanpakken. Niet voor alle regelingen die nu onder de SiSa-systematiek geplaatst zijn nu al bestedingsgegevens in de SiSa-bijlage opgenomen. Het omzetten van rijksregelingen in gemeentelijk beleid vergt tijd, daarom zijn niet voor alle nieuwe regelingen al prestaties en/of bestedingen verantwoord. De betreffende regelingen lopen door naar 2022.
26
CONCEPT 8.3
Projectverantwoordelijkheid in relatie met SiSa
Met de invoering van de SiSa-systematiek beoogde de rijksoverheid een uniformering en – in die gedachtegang – ook versimpeling van het verantwoordingstraject en controletraject voor rijkssubsidies (en bij enkele regelingen ook provinciale subsidies). Deze voordelen zijn er zeker; de werkwijze heeft echter ook enkele nadelen. Een ervan is het technische karakter van de verantwoording (de SiSa-bijlage in de jaarrekening is lastig om te begrijpen voor een gemiddelde gebruiker van een jaarrekening). De ander is het feit dat verantwoording van veel subsidieregelingen op één moment komt, en juist in de (drukke) jaarrekeningtijd. Deze aspecten zorgen ervoor dat voor de verantwoording de (beleids)afdelingen sterk leunen op de deskundigheid van Financiën en/of de interne controle en hoewel begrijpelijk moet wat ons betreft de eindverantwoordelijkheid voor de verantwoording van de verschillende regelingen c.q. projecten nadrukkelijk neergelegd worden bij de vak-afdelingen. 8.4
Tabel van fouten en onzekerheden
Wij hebben tijdens de controle afstemming gehad en onze bevindingen uitvoering gesproken. De concept SiSa-verantwoording is ten aanzien van enkele indicatoren nog aangepast. Verder zijn er geen fouten of onzekerheden geconstateerd die de rapporteringtoleranties overschrijden. De hiervoor genoemde aspecten hebben geen effect op de juistheid van de gepresenteerde SiSa-gegevens voor die regelingen. Ook zijn wij van mening dat de in de SiSa bijlage opgenomen gegevens deugdelijk tot stand zijn gekomen. De door het CBS voorgeschreven model tabel van bevindingen, dit jaar aanzienlijk uitgebreid door de nieuwe regelingen en de uitgebreidere meldingen rondom de Tozo, hebben wij als bijlage bij dit rapport toegevoegd. Dit format dient door uw gemeente samen met een aantal andere verplicht voorgeschreven verantwoordingsstukken voor 15 juli a.s. elektronisch bij het CBS te worden aangeleverd.
27
CONCEPT 9.
OVERIGE BEVINDINGEN
9.1
Onderzoek IT auditor kern applicaties
De controle van de jaarrekening is niet primair gericht op de betrouwbaarheid en continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking en behoeft derhalve niet te leiden tot bevindingen die bij een speciaal gericht onderzoek wel naar voren zouden kunnen komen. Wij hebben afstemming gehad met de IT-auditor van de gemeente Purmerend over de aanpak en uitvoering van de controles op de belangrijkste IT beheersmaatregelen ten aanzien van de kernapplicaties (Decade, Gouw IT en Suites 4SociaalDomein). Hierbij zijn in 2021 geen materiële tekortkomingen vastgesteld. 9.2
ENSIA 2021
ENSIA (“eenduidige normatiek single information audit”) is een gezamenlijk project van enkele ministeries en de VNG/gemeenten. Het project heeft tot doel het ontwikkelen en implementeren van een zo effectief en efficiënt mogelijk ingericht verantwoordingsstelsel voor informatieveiligheid. Hiervoor geldt sinds 1 januari 2020 de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) als norm (tot eind 2019 was dit de BIG). De ENSIA-vragenlijsten over 2021 (BIO, Suwinet, BRP/PUN, BRO, BAG, BGT en DigiD) zijn inmiddels ingevuld en waar nodig beschikbaar voor toezichthouders, de collegeverklaring en het vervolg (de controle door de RE, zijn oordeel en de raadsinformatiebrief ENSIA 2021) waren bij afronding van deze brief nog niet beschikbaar. We zullen de rapportages bij de interim-controle 2022 beoordelen. 9.3
Wet Normering Topinkomens (Wnt)
De Wet Normering Topinkomens (WNT) publieke en semipublieke sector en de hierin opgenomen publicatieplicht in de jaarrekening is van toepassing op topfunctionarissen, maar ook op de leden van het hoogst uitvoerende orgaan en het toezichthoudende orgaan. Op basis van de wet- en regelgeving valt de gemeente onder deze wettelijke regeling en dienen de WNT gegevens te worden gepubliceerd. Deze publicatieplicht geldt niet alleen voor de jaarrekening, daarvoor worden gedetailleerde gegevens gevraagd; wij moeten er in onze controleverklaring een apart oordeel over geven. Door de gemeente wordt, zowel qua bezoldiging als publicatie, voldaan aan de specifieke regels. 9.4
Rechtmatigheidsverantwoording
Met ingang van 2022 dient het college een rechtmatigheidsverantwoording af te geven. Althans, dat is de intentie van het rijk; maar omdat de besluitvorming door het rijk nog niet is afgerond, is er een gerede kans dat de invoering nog eens een jaar wordt uitgesteld. Door concept-publicaties is de door het rijk beoogde uitwerking al grotendeels duidelijk. Op rijksniveau worden inmiddels ook hulpmiddelen ontwikkeld. Van belang in dit kader is de in het najaar 2021 verschenen Kadernota rechtmatigheid 2022 van de commissie BBV. Deze nota, die voorheen gericht was op accountants, is nu duidelijk gericht op de gemeenten. Hoofdzakelijk voor de vakspecialisten, maar er is ook een hoofdstuk dat ze specifiek richt op bestuur en raadsleden. Een nuttige nota om ook bestuur en raad, wellicht via de auditcommissie, meer concreet te betrekken bij de verschillende aspecten van de rechtmatigheidscontrole en -verantwoording.
28
CONCEPT Nu de beleidsmatige kaders neergezet zijn, is het verstandig om te bezien hoe een aantal meer praktische aspecten vorm te geven. Want momenteel is de (verbijzonderde) interne controle geëquipeerd voor het doen van basiscontrole en detailwaarnemingen en het daarover, in verbale zin intern rapporteren. Nu er bij de afsluiting van het jaar ook moet worden gewogen en getoetst aan een norm in euro’s moeten er ook structuren voor deze toetsing worden ontwikkeld. Het ontwikkelen van praktische hulpmiddelen hiervoor is nodig om uiteindelijk op jaarrekening-niveau een totaaloordeel te hebben; en dus het college onderbouwd een uitspraak te kunnen laten doen. 9.5
Fraude en continuïteit onderwerp in de verklaring
Onze beroepsorganisatie NBA heeft vorig jaar aan de tweede kamer toegezegd dat accountants expliciet toelichting gaan geven over hun werkzaamheden voor en bevindingen over de onderwerpen fraude en continuïteit. Achtergrond bij deze ontwikkeling is dat de rijksoverheid, en breder het maatschappelijk verkeer, verwacht dat de accountant – naast zijn controle van de jaarrekening en het oordeel daarover – bij zijn controlewerkzaamheden ook altijd deze onderwerpen in zijn controle betrekt en daarbij bevindingen heeft die nuttig/nodig zijn voor de gebruiker van de controleverklaring. De toezegging is afgelopen tijd uitgewerkt en leidt ertoe dat accountants verplicht gaan rapporteren over fraude en continuïteit in de controleverklaring. Het streven is dat deze verplichting bij gemeentelijke controles wordt ingevoerd voor het boekjaar 2022. Voor zover nu bekend krijgen beide onderwerpen een alinea in de verklaring. Voor elk onderwerp dient de accountant (kort) uiteen te zetten hoe hij bij de controle-aanpak inspeelt op risico’s rondom respectievelijk fraude en continuïteit en welke werkzaamheden hij daarvoor heeft verricht. De uitkomsten van de werkzaamheden en belangrijke waarnemingen rapporteert hij zonder specifieke (fraude)zaken te melden. Nadere uitwerking van de wijze van rapporteren moet nog plaatsvinden. Bij overheden is continuïteit minder een issue.
Het effect van rapporteren hierover zal beperkt zijn. Fraude daarentegen is wel een belangrijk onderwerp. Zeker ook omdat fraude breed geïnterpreteerd kan worden: van misbruik en oneigenlijk gebruik van regeling, via financiële fraude tot corruptie. Dus zowel met financiële als niet-financiële aspecten; en zowel door handelen van burgers, maar ook van medewerkers en bestuur. Beide onderwerpen zijn trouwens niet nieuw in de controle: ze hadden al een prominente plaats in onze controle en we besteedden al jaarlijks aandacht aan fraude in het accountantsrapport. Nieuw is dat er nu over gerapporteerd moet worden in de controleverklaring. We hebben begrepen dat de gemeente Purmerend is gestart met het uitwerken van een frauderisicoanalyse en is gestart met het risico van ’zorgfraude’. De frauderisicoanalyse is opgesteld voor het maatschappelijk domein. Overwogen wordt om dit uit te breiden naar elk domein. Gedurende 2021 heeft de gemeente Purmerend geïnvesteerd om fraude in de gemeente tegen te gaan. Team ondermijning richt zich specifiek op plekken waar de onderwereld de samenleving infiltreert, zoals in de vastgoed- , agrarische- en bedrijven sector.
29
CONCEPT 10.
CONCLUSIE
10.1 Geconstateerde fouten en onzekerheden De controle heeft primair tot doel een oordeel te geven over getrouwheid en rechtmatigheid. Uit onze werkzaamheden zijn geen andere controleverschillen gebleken dan hierna genoemd. In deze rapportage hebben wij de resterende fouten en onzekerheden rondom het sociaal domein alsmede ten aanzien van de aanbestedingen, benoemd. De belangrijkste controleverschillen ten aanzien van de getrouwheid en rechtmatigheid zijn als volgt. Rechtmatigheid • (rest)onzekerheid over de rechtmatige besteding van zorggelden door zorgaanbieders Jeugdzorg en Wmo (aanbieders van leveringen met een waarde minder dan € 125.000,-) van in totaal maximaal € 400.000; • ten aanzien van de aanbestedingen bedraagt de rechtmatigheidsfout voor de externe inhuur afgerond € 616.000. Voor de overige aanbestedingen bedraagt de rechtmatigheidsfout afgerond € 267.000 en voor onzekerheden € 496.000. Getrouwheid • geen fouten of onzekerheden. Gemeten aan deze met u afgesproken normen voor onze controle (€ 2,7 miljoen voor fouten getrouwheid en rechtmatigheid en € 8,1 miljoen voor onzekerheden), komen de totale fouten en onzekerheden inzake de getrouwheid en de rechtmatigheid niet uit boven de afgesproken toleranties.
30
CONCEPT 10.2 Controleverklaring Wij hebben het college van burgemeester en wethouders van uw gemeente gemachtigd onze controleverklaring (de was getekend versie) bij de jaarrekening 2021 van uw gemeente op te nemen. Onze oordelen zoals opgenomen in deze controleverklaring zijn als volgt: Oordeel De getrouwheid De rechtmatigheid
Strekking Goedkeurend Goedkeurend
Hierbij zijn wij ervan uitgegaan dat de raad de nu overgelegde jaarrekening 2021 ongewijzigd vaststelt. Indien er nog wijzigingen worden aangebracht in de definitieve vorm van de jaarrekening dienen wij deze te beoordelen alvorens onze controleverklaring hierbij mag worden opgenomen. Uit hoofde van onze controletaak hebben wij de financiële gegevens in de jaarrekening gecontroleerd. Naast de jaarrekening wordt er een jaarverslag, zijnde de verantwoording over de beleidsbegroting en financiële begroting, ter vaststelling aan uw raad aangeboden. Wij hebben niet gecontroleerd op de in het jaarverslag opgenomen kerngetallen en toelichtingen. Wij melden wel dat op grond van de wettelijke verplichting ingevolge artikel 213 lid 3 onder d Gemeentewet het jaarverslag, voor zover wij dat kunnen beoordelen, verenigbaar is met de jaarrekening. Wij hopen u met vorenstaande van dienst te zijn geweest en zijn graag tot een nadere toelichting bereid.
Hoogachtend, Ipa-Acon Assurance B.V.
mr. drs. J.C. Olij RA
Bijlage : Tabel bevindingen SiSa 2021
31
CONCEPT Bijlage : Tabel bevindingen SiSa 2021
CONCEPT Vervolg:
2